2021-205 Verslag raadsvergadering 01-04-21 met voortzetting op 06-04-21.pdf
Tekst van het document
2021-205
Notulen Verslag van de raadsvergadering gehouden op
1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Aan De leden van de raad Onderwerp Verslag van de gemeenteraadsvergadering van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021 Afdeling Griffie Aanwezig: Voorzitter: Raadsleden:
Datum Portefeuillehouder F.T.J.M. Backhuijs Bijlagen
Raadsgriffier:
de heer F.T.J.M. Backhuijs mevrouw B.Z. Bakhtali, mevrouw M.A.M. de Beer, de heer H. Beeuwkes, mevrouw M.P. Bijvoet, de heer M.E. Diekstra, de heer S.A. Elias, de heer V.F. van Esch, mevrouw A.M. Feenstra, de heer M.W. Hack, de heer J.A.N. Gadella, mevrouw A. van den Heuvel, de heer F.T.H.M. van den Heuvel, de heer E.F. Holtermann, de heer G. Horst, de heer M.J. Monrooij, mevrouw H.M.G. Peters, mevrouw A.M. van Schaik, de heer H.J. Schat, mevrouw M.C.G. Schenkhuizen-van Keulen, mevrouw J.C. Schiltkamp-van Dixhoorn, de heer P. van de Siepkamp, mevrouw C.C.J.J. van der Sluiszen, de heer M.A.J. Snoeren, de heer P.W.M. Snoeren, mevrouw M. Spalburg, de heer M.C. Stekelenburg mevrouw J. Verbeek-Beverwijk, de heer F.T.J. Verdam, de heer V. Verhaar, de heer T.A.C. Verhoeve, mevrouw K.M.K. Vizee, de heer G. Zondag de heer A.J. Adriani, mevrouw W. Eggengoor, de heer J.R.J. van Engelen, de heer J. Kuiper, mevrouw M. Schouten de heer J. Karens
Afwezig: Verslaglegging:
mevrouw J. de Wolf mevrouw M.H.M. de Ridder-van Beek (Notuleerbureau De Ridder)
College:
1.
Opening en mededelingen De voorzitter: dames en heren, ik open de vergadering van de gemeenteraad van Nieuwegein van 1 april 2021. Het is een werkelijk bestaande raadsvergadering, dit heeft niets met de datum 1 april te maken, dat voor alle duidelijkheid. Iedereen hartelijk welkom. Op dit moment zijn 25 raadsleden aangemeld in de vergadering, ik denk dat er nog een aantal zullen komen. Ik heb bericht van verhindering ontvangen van mevrouw De Wolf. Dat betekent dat we vanavond in principe met 32 raadsleden zijn. Ik begin zoals gebruikelijk met een moment van stilte voor gebed of bezinning. Dank u wel. Dan wijs ik u erop dat vanaf agendapunt 2 de spreektijdregeling van toepassing is en voor de vergadering geldt het volgende. Als u een interruptie wilt plaatsen, dan gebruikt u het handje. De griffier kan van hieruit bedienen om op het moment als u het woord heeft 1/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
gekregen dat het handje verdwijnt, daar hoeft u zelf dan niet op te letten en als u een korte doorvraag gelijk hebt, dan kunt u het handje gelijk opnieuw opsteken, dan weet ik dat u een korte doorvraag heeft. Lijkt dat een lange doorvraag te zijn, dan maak ik daar denk ik weer een interruptie van. Verder weet u dat u de chat kunt gebruiken voor een punt van orde (PVO), eerste termijn (ET), tweede termijn (TT) of een stemverklaring (SV). Ik vraag u er ook op te letten om uw camera en microfoon alleen aan te zetten als u gaat spreken en uw camera kunt u aan laten staan bij een interruptie, totdat op de vraag die gesteld is of de interruptie die u heeft gepleegd gereageerd is. Kijk ook goed in de camera zodat u goed in beeld komt, dat is voor de mensen die de livestream meekijken wel zo plezierig. Tussen de beraadslagingen en de stemming zal ik zoals gebruikelijk kort schorsen zodat u even kunt overleggen of ontspannen of een kopje koffie kunt halen en zoals al gezegd, de spreektijdregeling geldt vanaf agendapunt 2. Mevrouw Verbeek, u heeft een handje omhoog staan? Mevrouw Verbeek (iB): ja voorzitter, ik wil graag een motie vreemd aankondigen, twee. De voorzitter: ja, bij het vaststellen van de agenda komt dat mevrouw Verbeek, dus u bent een beetje te vroeg, en dan zal ik ze melden. 2.
Vragenhalfuurtje De voorzitter: er zijn vragen van de fractie van ieders Belang en de SP aangekondigd over het onderwerp stand van zaken RES naar aanleiding van een item wat RTV Utrecht daarover gepubliceerd heeft. Omdat ze over hetzelfde onderwerp gaan, stel ik voor dat u eerst de vragen allebei stelt en dat de wethouder dan in 1 keer de vragen die u gesteld heeft kan beantwoorden. Dan is het eerste aan het woord mevrouw Verbeek. Fractie ieders Belang, mevrouw Verbeek: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, hebben wij het juist begrepen dat de werkverhoudingen in de U10-gemeenten voor wat betreft de RES op scherp zijn gezet? Kan het college aangeven wat hiervan de oorzaken zijn? Welke gevolgen heeft dit voor Nieuwegein? Kan het college aangeven hoe naar haar oordeel de verhoudingen weer genormaliseerd kunnen worden? Kunt u bevestigen dat er een oud-bestuurder is gevraagd om het een en ander te begeleiden? Waarom moeten wij dit van anderen horen en niet van ons eigen college? Is het college het met ieders Belang eens dat wij zo niet aan een fatsoenlijk participatietraject toekomen? Tot zover, voorzitter. Fractie Socialistische Partij, de heer Van den Heuvel: Dank u wel, voorzitter. Nou ja, wij hebben een hele lijst vragen ingediend.
Wanneer is de raad van Nieuwegein ingelicht over het bestuurlijk conflict rondom de RES of wanneer was u van plan om dat te doen? Wanneer zijn de andere gemeenteraden hierover ingelicht? Kunnen we uit de toespraak van onze burgemeester op de laatste U16-regio achteraf opmaken dat deze problemen al een tijdje speelden en dat hij een poging deed tot bemiddeling? Zo nee, hoe moeten wij zijn woorden dan wegen? Zo ja, had onze gemeenteraad niet veel eerder geïnformeerd kunnen worden in het meningsverschil in het bestuurlijk overleg? Had het Nieuwegeinse college niet eerder naar meer draagvlak moeten zoeken bij raad en inwoners? Welke rol speelt Nieuwegein in de in de media geschetste bestuurlijke onenigheid? Wat is het uitgangsbod van Nieuwegein geweest in het overleg? Welke kansen biedt deze bestuurlijke ruzie in de U16 voor Nieuwegein? Wat zijn de mogelijke consequenties voor Nieuwegein als de U16 niet met een gezamenlijk bod kunnen komen? Wanneer gaat u dit met onze gemeenteraad bespreken en om welk mandaat gaat u de raad vragen om in het verdere RES-proces voort te
2/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
gaan? Waarom sorteert het college voor op grootschalige zonnevelden, terwijl in andere delen van de provincie er veel meer aan zon op dak wordt gedaan? Dank u wel. Beantwoording wethouder Schouten: Dank u wel, voorzitter. Ik zou willen beginnen met de vragen van ieders Belang. Voorzitter, in 2020 hebben alle raden in onze U10-gemeente van de RES-regio het concept bod vastgesteld. Dat is ¾ jaar geleden, dus ook uw raad heeft dat gedaan en daarna is het proces begonnen om dat bod te gaan concretiseren. Dat betekent zoekgebieden voor zon en wind vaststellen, afhankelijk van de gemeente. Daarvoor vinden in al die gemeenten gesprekken plaats met inwoners en dat is vaak ook spannend. Dat zijn geen gemakkelijke gesprekken, maar die gesprekken vinden plaats. Dat is ook de reden dat we als RES-regio besloten hebben om meer tijd te nemen om dat proces zorgvuldig te doen, omdat dit spannende gesprekken zijn over een complex onderwerp. Mevrouw Verbeek vraagt: welke gevolgen heeft dit voor Nieuwegein? Geen. Ook wij zijn als gemeente intensief betrokken bij die gesprekken. Wij zijn in gesprek met de andere RESdeelnemers en allemaal over dat concept bod dat door de raden is vastgesteld om te komen tot de volgende stap om in gesprek met de raden te komen tot die definitieve RES.
U vroeg: hoe kunnen verhoudingen weer genormaliseerd worden en de gesprekken die nu plaatsvinden inderdaad samen met de heer De Jong, die gaan erover hoe wij met elkaar die afspraken die we gemaakt hebben via uw raden in het concept bod kunnen waarmaken en hoe we die gaan invullen en zoals ik al eerder zei: ja, dat zijn stevige gesprekken over een lastig onderwerp. Mevrouw Verbeek vroeg vervolgens hoe het komt of vindt u dat wij als raad erbuiten moeten blijven staan en waarom u dat van anderen heeft moeten horen. En opnieuw, ik herhaal nog even wat ik net gezegd heb; de gesprekken die de heer De Jong voert met alle gemeenten gaan erover hoe wij gezamenlijk kunnen toewerken naar die RES 1.0 en daarbij moeten wij als individuele bestuurders goed rekening houden met wat de belangen zijn van onze eigen gemeente, maar altijd ook vanuit het perspectief van de regio om te komen tot het bod wat we gezamenlijk hebben afgesproken met elkaar. Dat wordt vervolgens ook in de individuele gemeenteraden, dus ook in uw raad, besproken. Wij zijn zeker niet van mening dat er geen fatsoenlijk participatietraject kan plaatsvinden. Dat participatietraject vindt in onze gemeente plaats op dit moment, opnieuw volgend uit het besluit dat u vorig jaar genomen heeft, ik zou bijna zeggen: zelfs nu op deze avond is er een gesprek met veel mensen in de stad dat gaat over de zoekgebieden zon.
Voorzitter, dan zou ik over willen gaan naar de vragen die gesteld zijn door de heer Van den Heuvel van de SP en er zit wat herhaling en wat overlap met de vorige vragen die gesteld zijn. U vroeg: wanneer zijn wij hierover ingelicht? U heeft in februari een brief gekregen net zoals alle raden van de U16 RES-gemeenten waarin uitgelegd is dat we om uitstel hebben gevraagd bij het nationale RES-programma om zo een zorgvuldig proces te volgen na de definitieve RES. Vervolgens vroeg de heer Van den Heuvel en verwees hij naar de toespraak van de burgemeester in het laatste regio-overleg van de U16 en of dat te maken heeft met de gesprekken die we nu in de regio hebben met elkaar. Nee, de burgemeester sprak toen in algemene termen over als je als U16-gemeenten met elkaar in gesprek bent over een ingewikkeld vraagstuk, dan zal dat per definitie tot discussie leiden. U vraagt vervolgens ook: had het Nieuwegeinse college niet naar meer draagvlak moeten zoeken bij de raad en inwoners? Voorzitter, daar zijn we nu precies volop mee bezig, met dat draagvlak, opnieuw volgend uit het besluit dat u als raad heeft genomen vorig jaar juli om te komen tot dat definitieve RES-bod en de gesprekken met de stad vinden daarover vanavond plaats, gisterenavond en in eerdere bijeenkomsten.
U vraagt vervolgens: wat is het uitgangsbod van Nieuwegein geweest in het overleg? Opnieuw, wij hebben vorig jaar gesproken met elkaar over een bod dat we toe willen werken in de regio 3/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
naar 1.8. Er ligt nog geen bod voor Nieuwegein, dat is nu precies waar we aan het werk voor zijn en daarvoor zullen we ook met u in gesprek gaan in de komende maanden. U vraagt dan: wat zijn kansen die op dit moment geboden worden via de bestuurlijke spanningen die er zijn? Ja en opnieuw voorzitter, ik val een beetje in herhaling, maar ik ga het toch nog een keer zeggen. De gesprekken die we op dit moment voeren en zoals gezegd, dat zijn inderdaad soms stevige gesprekken, het gaat over een complex onderwerp, die zijn echt nodig voor ons als individuele gemeente om te komen tot een goed en realistisch bod om te komen tot die RES 1.0 en dat zullen we ook allemaal in onze individuele gemeenteraden voor gaan leggen en bespreken. U vraagt wat de mogelijke consequenties zijn voor Nieuwegein als de U16 er niet uit zou komen. Voorzitter, daar is nu geen sprake van. Uw laatste vraag is, bijna laatste vraag, welk mandaat wij u vragen in het verdere RES-proces. Voorzitter, de raad heeft een besluit genomen vorig jaar juli en dat is het mandaat van waaruit wij werken, dus dat is een genomen besluit door uw raad en we werken nu toe naar een uitvoering daarvan. Daarom hebben we dit participatieproject met de stad ook dat we nu lopen, zodat we de uitkomsten van de gesprekken met inwoners ook kunnen meenemen wanneer we teruggaan naar uw raad.
Uw laatste vraag is waarom we voorsorteren op grootschalige zonnevelden en niet meer zon op dak gaan doen. Voorzitter, we voeren op dit moment een raadbesluit uit, dat zegt expliciet: ga kijken naar zoekgebieden zon en we doen beiden, grootschalig zon op dak in Nieuwegein en het is ook wel aardig om te weten dat Nieuwegein daar op dit moment zelfs vrij goed scoort in de regio en daarnaast zullen we ook echt zon op land nodig hebben. Voorzitter, dat is wat mij betreft de beantwoording van de vragen. De voorzitter: dank u wel, wethouder Schouten. Dan is het mogelijk om korte aanvullende vragen te stellen door de vragenstellers en eventueel andere leden van de raad. Mevrouw Verbeek, u heeft nog een aanvullende vraag, denk ik? Mevrouw Verbeek (iB): nee voorzitter, ik wil graag nog antwoord hebben op vragen die ik gesteld heb. De voorzitter: volgens mij heeft u op alle vragen antwoord gehad. Mevrouw Verbeek: nee voorzitter, ik kan precies de nummers zeggen. De voorzitter: dan vraag ik u om uw vragen dan nu even te herhalen en als u nog aanvullende vragen heeft, dat ook te doen. Fractie ieders Belang, mevrouw Verbeek: Vraag 2, kan het college aangeven wat de oorzaken hiervan zijn? En de gevolgen heeft u aangegeven, u geeft antwoord op een vraag die ik nu niet gesteld heb, wel ingediend maar niet gesteld heb, en de werkverhoudingen, of die op scherp staan ja of nee.
En dan krijg je het volgende wat ik me afvroeg. Dat is het feit voorzitter, de wethouder zegt ‘ja, we zijn druk bezig en participatie’, maar dat is de vraag niet. Het is: nu staat het op springen, er worden nu duidelijke gesprekken gevoerd heb ik begrepen; wat is er cruciaal waarom het dan niet bij elkaar komt? Wat is de oorzaak? Er moet iets zijn waardoor ze met elkaar klappen, want anders zou het probleem er niet zij en dat wil ik boven water hebben. De voorzitter: volgens mij heb ik de wethouder nu horen zeggen dat er geen spanningen zijn, maar de wethouder zal zometeen het antwoord nog wel geven. Dank u wel voor uw vragen. Mevrouw Schiltkamp, een aanvullende vraag? 4/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Mevrouw Schiltkamp (CU): ja dank u wel, voorzitter. Ja, ik vind het toch een beetje vreemd, nu worden deze vragen gesteld hier in de rondvraag maar wij hebben daar ook vragen over gesteld in de Avond van de Raad 25 maart, ook in de rondvraag. De wethouder is daar eigenlijk nauwelijks op ingegaan, behalve dat zij heeft verwezen naar die brief. Ik vind het eigenlijk wel vreemd dat zij niets over deze ontwikkelingen heeft verteld terwijl wij het hadden over regionale ontwikkelingen, dat had ik zeker wel verwacht en mijn vraag daarover is a) waarom is dat toen niet gebeurd en b) de U16 is bij mijn weten de enige regio van 30 RES’en die de termijn niet haalt en ik vind dat wel heel zorgelijk. Waarom lukt het die anderen nou wel en lukt het de U16 niet, dus dat sluit heel nauw aan bij wat mevrouw Verbeek eigenlijk vraagt. De voorzitter: zijn er nog andere aanvullende vragen? Fractie Socialistische Partij, de heer Van den Heuvel: Jazeker, voorzitter. Dank voor de antwoorden van de wethouder, maar zij geeft niet echt antwoord. Toch stel ik maar even 2 aanvullende vragen: bent u het met ons eens dat het bericht aan de raad van februari of 2 maart, daar kunnen we over verschillen, dat dat gezien de uitkomst die er nu ligt toch wel een hele cryptische omschrijving was.
Hoe hadden wij in godsnaam de ernst van dat bericht moeten kunnen interpreteren? De tweede gaat over het Nieuwegeinse bod, dat er geen Nieuwegeins bod ligt. Maar als er geen invulling is van het Nieuwegeinse bod, hoe heeft dan dit conflict kunnen ontstaan? Dank u wel. Beantwoording wethouder Schouten: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de vraag van mevrouw Verbeek naar de oorzaak. We hebben hier te maken met echt wel een complexe opgave. De opgave is de U16 gemeenten die met elkaar afgesproken hebben: wij gaan komen tot een bod van 1,8 Terawatt vorig jaar. Dat betekent dat er in de afgelopen periode echt gesprekken zijn gevoerd in ieder gemeente: hoe gaan wij dat doen. De 1,8 was gebaseerd op een inschatting van: wat kunnen we, wat ligt er al aan projecten, wat zit er in de pijplijn en wat is er nog mogelijk. In veel gemeenten zie je veel discussie ontstaan met name rond windturbines en windtrajecten, dus dat zijn best lastige gesprekken die daar plaatsvinden en wil je dan met elkaar komen tot die 1,8, dan heb je het daar met elkaar over en hoe doe je dat dan? Dat zijn, ik gebruik zoals u merkt het woord ‘complex’ met enige regelmaat, maar dat zijn natuurlijk best wel complexe gesprekken. Dat betekent dat je als bestuurders onderling daar stevige gesprekken over voert. Ik zou niet de term ‘de verhoudingen staan op scherp’ in de mond nemen.
Ik zeg bewust, dat zijn stevige gesprekken omdat je daar met elkaar, natuurlijk wil je graag komen tot een doelstelling die je hebt afgesproken met elkaar. U vraagt zich af en dat vraagt de heer Van den Heuvel en dat vraagt ook mevrouw Schiltkamp, de brief. Ik heb daar inderdaad in een eerdere commissievergadering, een Avond van de Raad, naar verwezen toen mevrouw Schiltkamp daar een vraag over stelde en dat ging wel degelijk over: we zitten in dat gesprek met elkaar en dat vraagt echt zorgvuldigheid. Wat betreft de vraag van mevrouw Schiltkamp: we zijn niet de enige regio die gezegd heeft ‘wij hebben meer tijd nodig’. Er zijn zelfs meerdere regio’s die dat ook aangegeven hebben bij het nationale programma en de reactie die we daar terug gehoord hebben is ‘daar hebben we ook begrip voor, wetend dat er allemaal maatschappelijke discussie spelen’, dus wij zijn niet de enige regio. De heer Van den Heuvel gaat nog even terug naar het bod en natuurlijk zijn we bezig met dat bod uit te werken. Het zou niet best zijn zelfs als we dat niet zouden doen en dat bod, er zijn een aantal dingen die we allemaal al weten met elkaar. We hebben een windpark in Nieuwegein en een drietal grote zonnevelden in Nieuwegein.
We hebben in onze routekaart Nieuwegein Energieneutraal afspraken gemaakt of er nog wat op te wekken is aan zon op dak, dat gaan we 5/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
waarschijnlijk naar voren halen, en dan hebben we nog wat we proberen extra te doen aan zon op land. Daar wordt dus nu aan gewerkt, dus het is een deel wat we al weten en een deel waarvan we hopen dat we nog extra kunnen doen en met dat totaal zullen we terugkomen naar uw raad. Voorzitter, ik meen dat ik hiermee ook de tweede ronde van vragen heb beantwoord. De voorzitter: en het reglement van orde schrijft voor dat daarmee het agendapunt vragenhalfuurtje is beëindigd. Als er op een op andere manier doorvragen zijn, dan kunt u als leden van de raad zo nodig artikel 42-vragen stellen of bij de rondvraag in de Avond van de Raad daarover ook weer met elkaar in gesprek, als u dat wilt. 3.
Vaststellen agenda De voorzitter: er zijn een viertal moties vreemd aangekondigd, 2 over huisvesting van Scouting, die zijn van D66 en ChristenUnie, 1 van ieders Belang over het Nieuwegeinse gemeentemuseum en 1 over windmolens op zee van ieders Belang. Ik stel voor om de moties aan het eind van de agenda zoals gebruikelijk ze in de volgorde zoals ze hier ook staan te behandelen. Kunt u daarmee instemmen en daarmee de agenda vaststellen? Ik concludeer dat de agenda daarmee is vastgesteld.
4.
Voorstel tot vaststelling van de besluitenlijst van de vergadering van 4 maart 2021 (2021122) De voorzitter: er is 1 opmerking vooraf binnengekomen over een toezegging die gedaan is en die opmerking is van mevrouw Spalburg. Het gaat over de toezegging op basis waarvan motie 241 ingetrokken is en het gaat over de problemen die mensen zouden kunnen hebben bij de afhandeling van eventueel ontstane schulden en als ik het me goed herinner, ging dat over in tijd van corona, over de brutering daarvan. Die toezegging zullen we in het verslag opnemen. Is dat akkoord? Dan nemen we die op en dan is de besluitenlijst conform vastgesteld.
5.
Lijst van ingekomen stukken en mededelingen (2021-147) De voorzitter: het voorstel is gedaan om de stukken 1.1 tot en met 1.13 voor kennisgeving aan te nemen. Mevrouw Schiltkamp heeft gevraagd om brief 1.7 en 1.9 te verplaatsen naar categorie 5. Dat betekent dat bij 1.7 gevraagd is aan het college om aan te geven hoe de bewoners betrokken worden bij de RES. Ik heb een beetje gevoel dat u dat antwoord inmiddels bij het vragenhalfuurtje gehad heeft, maar ik denk dat het wel nog goed is om hem naar die categorie te zetten. En daar is een brief over aardwarmte, 1.9; die kan meegenomen worden bij de behandeling op 22 april, maar vooraf wilt u daar een reactie van het college en ik denk dat het goed is dat u dat aangeeft, dat die reactie voor die tijd er kan zijn. Kunt u daar mee instemmen op die manier? Mevrouw Schiltkamp (CU): ja voorzitter, daar kan ik mee instemmen. Fractie Groep Stekelenburg, de heer Stekelenburg: Ja, dank u. Er is brief 8 zeg ik uit mijn hoofd, de brief van de Cliëntenraad van WIL en ik zou een toezegging willen dat zo gauw als het DB van WIL daarop reageert, dat de raad zo snel mogelijk een afschrift krijgt daarvan. De voorzitter: dat was de volgende regel op mijn papiertje, meneer Stekelenburg, dat komt omdat ik eerst de brieven van mevrouw Schiltkamp samen behandelde en nu uw verzoek.
Ik denk dat het college dat wel toe kan zeggen dat als de DB-reactie van WIL richting Cliëntenraad gaat, dat die ook via het college bij de raad terecht kan komen of dat de WIL die rechtstreeks naar de raad stuurt, we zullen hem noteren. 6/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Dan kom ik bij de stukken 4.1 en 4.2 en het voorstel is om die voor preadvies in handen te stellen van het college. Daar zijn geen wijzigingsvoorstellen op, dus ik neem aan dat dat akkoord is. Daarmee is de lijst van ingekomen stukken behandeld. 6.
Voorstel over vaststelling Omgevingsvisie Nieuwegein (2021-066) De voorzitter: dan kom ik bij een groot en belangrijk onderwerp, het voorstel over de vaststelling van de Omgevingsvisie Nieuwegein, daar wordt al lang aan gewerkt met z’n allen en u bent er heel erg bij betrokken als raad. Er is ook al heel veel over gezegd en er zijn nog een paar punten over na het debat in de Avond van de Raad en die gaan over wonen op het gebied van sociale en middeldure huur en koop, woningbouw op de locatie Liesbosch in relatie tot gezondheid, verduurzaming van de leefomgeving en participatie, dat zijn de onderwerpen die opgehaald zijn op de Avond van de Raad. Ik zou u willen vragen om te kijken of het lukt vanavond om vooral op die onderwerpen het debat met elkaar te voeren. Er zijn ook amendementen ingediend en een motie over deze onderwerpen en dan kunnen we met elkaar waarschijnlijk een goed debat hebben over die delen die nog openstaan, voordat we vaststellen de Omgevingsvisie Nieuwegein. Fractie CDA, de heer Hack: Ja voorzitter, goedenavond. Dank u wel. Meneer de voorzitter, op hoofdlijnen kan de CDAfractie zich vinden in de strekking en reikwijdte van de Omgevingsvisie waarin gezondheid, veiligheid en duurzaamheid de rode draad zullen vormen voor de komende periode waarin deze visie verder uitgewerkt zal worden.
Zoals wij ook al tijdens de behandeling in de Avond van de Raad hebben aangegeven, heeft het CDA wel problemen met de manier waarop een woningbouwbestemming na 2030 wordt gelegd op de Liesbosch. De Liesbosch bevat momenteel de enige haven binnen Nieuwegein waarop ondernemers zich al jaren hebben gevestigd vanwege de strategische positie hiervan. Het CDA is van mening dat bedrijven moeten kunnen ondernemen in Nieuwegein op een bedrijventerrein zonder hinder van omwonenden. Als deze locatie tot onderzoekslocatie wordt aangewezen na 2030, geeft dat grote onzekerheid voor de diverse bedrijven en ondernemers. Met de plannen die ondernemers op die plek in de Liesbosch hebben, hebben wij onder andere als raad kennis kunnen maken tijdens de informatiesessie over de Omgevingsvisie en recent nog tijdens het intermezzo inzake City Board. Naar de mening van het CDA zou de gemeente Nieuwegein een betrouwbare en ook ondernemersgezinde stad moeten willen zijn waar ondernemers op de Liesbosch kunnen ondernemen, ook na 2030. Het is nu onduidelijk wat er met de bedrijven moet gebeuren die zich nu in de onderzoekslocatie voor woningbouw na 2030 bevinden. Daarnaast werd door het college tijdens de Avond van de Raad aangegeven dat vanaf aankomende zomer een MIRT-onderzoek in de A12-zone zal worden gestart waar ook de Liesbosch in ligt.
Niet in het minst zou een haven als de Liesbosch kunnen bijdragen aan de bereikbaarheid van de regio en de duurzaamheid van transport vergroten, wat past binnen de ambitie van Nieuwegein over vervoer via water. Derhalve zijn wij van mening dat woningbouw realiseren in een logistieke hotspot vragen is om problemen voor Nieuwegein. Om deze redenen dient het CDA mede ondersteund door de ChristenUnie dan ook motie 247 in ‘Geen woningbouw op de Liesbosch’, waarbij we in elk geval vragen eerst de uitkomsten van het MIRT-onderzoek voor de A12 zone af te wachten en het college vragen deze eerst aan de raad eind 2022 voor te leggen, waarna de raad bij voorkeur in het eerste kwartaal van 2023 een definitief besluit neemt over een mogelijke woningbouw op deze locatie na 2030. Dank u wel, voorzitter. Fractie ieders Belang, mevrouw Verbeek:
7/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Ja dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wij hebben duidelijk aangegeven tijdens de commissie dat wij vonden dat de bomen heel belangrijk zijn voor onze gezondheid. We zien er steeds meer gekapt en tot onze verbazing hebben wij gelezen dat het college zich eigen maakt dat gewoon alle bomen gekapt kunnen worden als ze in de weg staan. Voorzitter, dat vinden wij een zorgelijk iets, dat je dat op die manier schrijft. Wij merken het al in de wijken dat bomen ook allemaal gekapt worden en dan komen er hele kleine boompjes terug. Wij vinden dat als het zieke bomen zijn, dan kun je ze weghalen en anders kan dat niet zomaar en moet daar een vergunning voor aangevraagd worden. Voorzitter, wij weten dat er een ander beleid is, maar wij willen dat herzien en komen daarom met dit amendement. Dank u wel. Fractie D66, mevrouw Van Schaik: Dank, voorzitter. Voor ons ligt een mooie uitgewerkte visie op onze Nieuwegeinse leefomgeving. Een visie die ambities beschrijft op het gebied van duurzaamheid, veiligheid en gezondheid, waarin beschreven staat hoe belangrijk groen wonen is en als speerpunt is aangemerkt. Zo ook hoe verbinding kan zorgen voor een initiatiefrijke stad waar de openbare ruimte in gezamenlijkheid wordt aangepakt en waarbij jong en oud kunnen wonen in een toekomstbestendige stad, bijna tijdloos te noemen. D66 kan zich hier goed in vinden.
Complimenten aan het college en de ambtenaren die hier zo hard aan hebben gewerkt en ook complimenten voor de wijze waarop we de afgelopen jaren zijn meegenomen in de soms ingewikkelde materie van de Omgevingswet. D66 kijkt uit naar de laatste stappen richting de invoering van de Omgevingswet. Als laatste willen wij toch nog een kritische noot plaatsen. De positieve energie die op de totstandkoming van de Omgevingsvisie zit, missen wij bij de gestelde normen voor nieuwbouw want wat D66 betreft mag de ambitie voor de energieprestatie van nieuwbouw iets ambitieuzer naar energiepositief bouwen, wat weer een stapje extra zet naar de duurzame, veilige, gezonde en groene stad die we willen zijn en zoals uit de technische beantwoording blijkt is dit ook mogelijk. De eisen die voor Rijnhuizen gelden zijn ook toepasbaar elders in Nieuwegein. Daarom dienen wij met Núwegein amendement 102 ‘Energiepositief wonen in Nieuwegein 2.0’ in. Tot zover, voorzitter. Bedankt. Fractie Verenigde Seniorenpartij, de heer Beeuwkes: Dank u wel, voorzitter. In de eerste plaats zijn wij blij dat er een mooie Omgevingsvisie voor ons ligt die wij ook in grote lijnen kunnen ondersteunen. Verder heb ik toch een kleine, korte vraag als die straks beantwoord kan worden door de wethouder, want in de Omgevingsvisie staat dat er nieuwe woonvormen worden gestimuleerd zoals groepswonen en gemengd wonen.
Ik heb daar een vraag over, want wij missen daarin de knarrenhofjes, maar misschien dat de wethouder daar nog wat uitgebreid een antwoord op kan geven. Verder zijn er een aantal amendementen en moties ingediend. Kan ik die nu meteen bespreken? De voorzitter: als u dat wilt, kunt u in de eerste termijn al zeggen wat uw reactie is. U mag dat ook in de tweede termijn doen, maar niks staat in de weg om dat nu te doen, meneer Beeuwkes. De heer Beeuwkes: dank u wel. De motie van het CDA over de Liesbosch steunen wij, want wij vinden dat een goede zaak dat er eerst nog even onderzocht wordt en we op een rapport wachten voordat we definitief eventueel een besluit gaan nemen van wel of niet bouwen in de Liesbosch. De heer Van Esch (PvdA): ja voorzitter, ik ben benieuwd hoe de heer Beeuwkes deze motie ziet, terwijl ook in de Omgevingsvisie deze locatie als onderzoekslocatie wordt benoemd, dus
8/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
juist wat u nu zegt van: kijken of dit een potentiële woningbouwlocatie is, is volgens mij precies wat in de Omgevingsvisie staat, dus waar helpt deze motie volgens u bij? De heer Beeuwkes (VSP): dank u wel, voorzitter. Ik denk dat deze motie juist nog iets extra’s onderstreept dat wij ook op een bepaald moment zeggen van dat daar nog extra goed naar gekeken gaat worden en dat dat later weer bij de raad terugkomt voordat we verder een beslissing kunnen nemen en ons standpunt kunnen gaan bepalen omdat op een bepaald moment ook eventueel de andere zaken die voor ons liggen, het vervoer op water, wat ook een belangrijk element is in dit gehele gebeuren, wij dat ook graag mee willen nemen. De voorzitter: nog een korte doorvraag van de heer Van Esch. De heer Van Esch (PvdA): ja voorzitter, want ik snap nog het steeds niet, want volgens mij is dat precies wat in de Omgevingsvisie staat, namelijk onderzoeken de komende tijd wat betekent deze potentiële woningbouwlocatie dan wel doorgaan met ondernemen op die locatie, dus volgens mij is precies wat in die Omgevingsvisie wordt beoogd uw tekst nu, dus ik zou toch u willen verzoeken om nog even te wachten met conclusies trekken, want volgens mij is dit precies de wens van de Omgevingsvisie.
De heer Beeuwkes (VSP): dan verschillen we daarin misschien wat van mening, maar ik zal anders weer moeten gaan herhalen wat ik net jullie verteld heb. Dan is er een amendement van ieders Belang omtrent extra bomen of het verplaatsen van bomen. Mijn constatering is/de VSP-constatering is dat er echt wel druk nieuwe bomen geplant gaan worden. Ja, die zijn kleiner, dat is zo. Ik denk dat dat ook een goede zaak is, maar ik geloof niet dat er op een bepaald moment minder bomen geplaatst gaan worden. Vandaar dat wij het amendement van ieders Belang niet zullen steunen. Dank u wel. Mevrouw Verbeek (iB): ja dank u wel, voorzitter. Voorzitter, als de heer Beeuwkes de visie goed leest, dan geven wij hiermee de vrijwaring dat elke boom weggehaald mag worden als die in de weg staat om te bouwen. Vindt u dat een goed voornemen? De heer Beeuwkes (VSP): nee, ik vind dat geen goed voornemen zoals u het schetst, maar ik heb wel het volste vertrouwen dat het college, zeker nu wij toch met groen in de stad erg druk bezig zijn, dat ze niet zullen nalaten om daar echt extra aandacht aan te schenken en dat er echt voldoende nieuwe bomen ook in de toekomst geplant zullen gaan worden. Fractie Socialistische Partij, de heer Van den Heuvel: Dank u wel, voorzitter. De SP ziet fundamentele problemen met de Omgevingswet, dat is geen geheim.
We hebben het daar al eerder over gehad, maar nu met de Omgevingsvisie doemen de fundamentele problemen ook feitelijk op. We gaan beleidsarm over, maar de onderliggende wetten en jurisprudentie gaan op de schop. Het gevolg is dat we helemaal geen enkel idee hebben waar we eigenlijk mee akkoord gaan. Gezien eerdere decentralisaties van de landelijke overheid, schept dit bij de SP de nodige zorgen. Wij als gemeenteraad hebben geen idee wat het feitelijke besluit is wat we nu gaan nemen. Daarnaast gaat deze visie een lijdensweg op. De keuze is voor groen en bouwen, maar we weten werkelijk niet of dat kan. Meer woningen schept ook een probleem voor een eerder besluit voor Energieneutraal 2040. Nu horen we al dat dat niet meer haalbaar zal zijn door meerdere oorzaken, maar zeker ook het uitdijen van Nieuwegein zonder dat we daar meer grondgebied voor hebben en de meest duurzame stad van Midden-Nederland is ook al niets meer dan een marketingverhaal, want het blijkt niet te kunnen
9/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
binnen de ruimte die we hebben. Deze visie leidt tot een verslechtering van de leefomgeving en het ondermijnen van de rechtpositie van onze inwoners. Dank u wel, voorzitter. Fractie GroenLinks, mevrouw Feenstra: Dank u wel, voorzitter. Ja, er ligt iets groots en omvangrijks voor ons, de Omgevingsvisie. Tegelijkertijd past daar ook wel een klein beetje een nuancering bij, omdat het natuurlijk geen compleet nieuw beleid is. We hebben al kaderstellende besluiten genomen en richtinggevende uitspraken zijn gedaan. Er is zelfs een heus ganzenbordspel op dit dossier gemaakt en ik wil ook graag vanaf deze plek de complimenten uitspreken aan alle betrokken medewerkers voor de manier waarop het proces verlopen is en ook iedereen erbij betrokken is geraakt. Uiteindelijk ligt er nu een aansprekende visie die veel van onze idealen omvat maar precies daar ligt ook wel een beetje zorg voor de toekomst, want zoals de Engelsen zo mooi zeggen: ‘the proof of the pudding is in the eating’.
De vraag is dan ook wel een beetje van hoe gaan dadelijk deze uitgangspunten ook uitwerken als waarden gaan botsen op concrete projecten? Hoe borgen we de samenhang en hoe voorkomen we dat de uitwerking niet steeds een minimale optie wordt? Hoe voorkomen we dat bijvoorbeeld langzaam verkeer, biodiversiteit of sociaal zwakkeren steeds het onderspit gaan delven? En voor antwoorden op dergelijke vragen is het nog te vroeg en het college, ook in de technische vragen die we gesteld hebben in een Avond van de Raad, verwijst dan ook naar de uitvoeringsprogramma’s die nog gaan komen en dat snappen we ook, maar laat wel gezegd zijn dat wij daar heel scherp op zullen toezien en een eerste stap daarvoor zal ook de Participatienota zijn want die stap, dat is eigenlijk de concretisering. Om maar even bij het vergelijk te blijven van de taart, eigenlijk is dat het stukje opdienen van de taart. Dat zal gebeuren per maatwerk via wijk zoals ook beschreven staat en daarbij is hele heldere participatie met oog voor minderheidsstandpunten en het meewegen van het soms wel een hele grote groep zwijgers dan van extra groot belang. Wij zullen dat komend raadsdebat in de Participatienota dan ook zeker inbrengen. Voor nu wil ik het daar even bij laten. Dank u wel. Fractie ChristenUnie, mevrouw Schiltkamp: Dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, voor ons ligt de Omgevingsvisie en ik wil beginnen net als anderen met complimenten voor het vele werk dat is verzet om dit voor elkaar te krijgen. Was het onze eerste inzet om volgend te zijn in de landelijke invoering van de Omgevingswet, nu is het zover dat we als Nieuwegein een van de voorlopers en voorbeelden zijn en dat is knap werk en er ligt een hele mooie visie voor. Maar natuurlijk zijn wij niet helemaal kritiekloos. Er zijn ook nog dingen die ons zorgen baren en waar we liever andere keuzes zouden zien. Zo maken wij ons nog steeds zorgen over de participatie van inwoners en de informatie naar inwoners bij omvormingen en initiatieven in de openbare ruimte en dat geldt zowel voor initiatieven van de gemeente als voor initiatieven van andere partijen. We zullen daarom de processen rondom de Participatienota kritisch volgen en ons best doen om een goede en tijdige inbreng van inwoners te borgen. Verder maken we ons zorgen over de zoeklocatie woningen in Laagraven. Wat ons betreft blijft het daar industriegebied en zorgen wij voor duidelijkheid voor de ondernemers die daar hun brood verdienen. In hoeverre is Nieuwegein hierbij afhankelijk van keuzes van de provincie of het Rijk? Wat is er nodig om de ondernemers die duidelijkheid te geven en wanneer kunnen zij die duidelijkheid verwachten? Ik hoor het graag van de wethouder.
Verder hebben wij in de Avond van de Raad aandacht gevraagd voor de middeldure huur die er in Nieuwegein echt veel te weinig aanwezig is in verhouding met de rest van de woningvoorraad. Voorzitter, hoe moeten we nu omgaan met deze Omgevingsvisie die volgens de wethouder beleidsarm is, maar waar als een van de weinige beleidstoevoegingen wel wordt gesproken over een percentage betaalbare woningen en waarbij in het stuk wordt gesteld dat dit mooi zou aansluiten bij de doelen van de provincie, namelijk 30% sociale huur en 12% midden10/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
huur, maar dat geldt alleen voor nieuwe woningen en dat gaat onze woningvoorraad niet in evenwicht brengen. Voorzitter, er volgt in het najaar een debat naar aanleiding van ons amendement A94 en ik wil het debat over het aantal middeldure woningen graag daar voeren, net zoals trouwens het debat over de mate van duurzaamheid en de haalbaarheid van mobiliteitsoplossingen en andere vraagstukken die er spelen in het geheel van de stad. Zo kunnen die onderwerpen in het bredere kader van alle knelpunten in de stad worden geplaatst maar voorzitter, hoe verhoudt het vaststellen van die percentages en streefcijfers in de Omgevingsvisie zich tot het debat wat wij in het najaar gaan hebben en waarin we gaan onderzoeken of de keuzes die we tot nu toe hebben gemaakt wel de beste zijn voor de stad? Is het mogelijk dat we dan tot andere conclusies komen en dat als gevolg daarvan de cijfers in de Omgevingsvisie worden gewijzigd? Of staan die cijfers na het vaststellen van dit voorstel in beton gegoten? Ik hoor graag van de wethouder of wijzigingen na het vaststellen van deze Omgevingsvisie in het najaar nog mogelijk zijn en ik krijg daar graag een toezegging op dat dat ook daadwerkelijk zo is. Voorzitter, complimenten dus en een drietal zorgpunten die voor ons zwaar wegen. Ik hoor graag wat de wethouder hierover te zeggen heeft. Fractie Groep Verdam, de heer Verdam: Dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, op papier ziet deze visie er allemaal wel goed uit. Echter, in de praktijk is het een ophoping van standpunten hoe het allemaal zou moeten worden. Ik constateer dat er nog teveel haken en ogen aan zitten om dit raadsvoorstel als visie aan te nemen en sluit me dus grotendeels bij het betoog van de heer Van den Heuvel van de SP aan. Drie jaar geleden spraken we als raad over een strategische agenda en hoe wij onze inwoners beter gingen betrekken in het participatietraject. Hoe gingen we ervoor zorgen dat zij beter en objectiever betrokken zouden raken bij de besluitvorming over hun leefomgeving en aan wie geven wij de noodzakelijke informatie om mee te praten? Dit wordt voortgezet in een Participatievisie/nota, maar daar is nog niets in vastgelegd of besloten. Voorzitter, zolang initiatiefnemers van grotere bouwprojecten niet de verplichting hebben om de plannen objectief, tijdig en breed verspreid kenbaar te maken in of om het plangebied, blijft alles zoals het is. Adequate controle hierop is er niet of is onvoldoende.
Bewoners kunnen achteraf dan wel hun verhaaltje doen en de gemeenteraad tijdens de Avond van de Raad, maar wat helpt dat dan nog? Oh ja voorzitter, wanneer komt het college met een voorstel om haar beslissende bevoegdheden betreffende de openbare ruimte en ruimtelijke plannen in te perken? Past iets namelijk niet binnen een geschetst plaatje, dan stellen we gewoon de regeltjes in de beheersverordening bij. Voorzitter, ik hoor graag of dit nog te verwachten is voor de definitieve intreding van de Omgevingswet. Tot slot zou ik graag wel een reactie van de wethouder willen vernemen. Ik dank u wel. Fractie Partij van de Arbeid, de heer Van Esch: Ja, dank u wel, voorzitter. De Omgevingswet en dus ook deze Omgevingsvisie brengt met zich mee dat we op een andere manier gaan kijken en gaan werken aan de inrichting van onze fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie en de uitvoeringsplannen zullen meer in beweging zijn dan het beleid zoals we dat de afgelopen jaren kenden. Dat vraagt veel van onze stad, van onze raad en van onze organisatie. Dat zal misschien niet altijd makkelijk zijn, maar het geeft ook kansen om mee te bewegen met trends en ontwikkelingen en de vraag aan de wethouder is: hoe wil hij ons, de stad en de raad, blijven meenemen, waarbij duidelijk blijkt waar we als stad naartoe en wat wij voor onze inwoners kunnen blijven betekenen.
In de Omgevingsvisie wordt terecht stilgestaan bij het thema wonen, voor de meeste mensen een van de belangrijkste onderwerpen van dit moment en ook van ons, zoals u kunt begrijpen. Wij zijn blij met het percentage aan betaalbare woningen, al weten we allemaal dat we moeten blijven kiezen om dit doel te behalen, dan gaat het met name om sociale huur en middenhuur. 11/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Dat is ook een oproep overigens aan mijn collega’s. In januari stonden we nog stil bij dit vraagstuk zoals mevrouw Schiltkamp terecht net opmerkte, maar ik wil het nogmaals aan de orde stellen dus mijn vraag is: hoe gaan we ervoor zorgen dat die betaalbare woningen voor ongelooflijk veel woningzoekenden er daadwerkelijk kunnen komen want voorzitter, in percentages kun je niet wonen. Voorzitter, tot slot. De Partij van de Arbeid zal instemmen met het voorstel. Wij zijn de afgelopen jaren op vele momenten in vele stapjes meegenomen om tot dit besluit te komen en ik hoop en ik ga ervan uit dat we de komende jaren op eenzelfde manier worden meegenomen met alle uitwerkingen. Dank u wel. Fractie VVD, mevrouw Vizee: Dank u wel, voorzitter. De Omgevingswet en de Omgevingsvisie brengen mee dat we met een andere houding naar onze leefomgeving moeten gaan kijken en niet alleen wij als raad, maar ook de administratie in het Stadshuis moet op een andere manier hiermee gaan omgaan, maar ook onze inwoners. Volgens mij hebben we een goede visie neergelegd, maar ik deel echt ook de zorgen zoals deze zojuist door mevrouw Schiltkamp en de heer Van Esch zijn uitgesproken over de betaalbare woningen.
Betaalbare woningen zijn noodzakelijk willen wij de doorstroming in onze stad op orde brengen zodat iedereen een passende woning kan vinden, dus wij sluiten ons aan bij de vragen die mevrouw Schiltkamp en meneer Van Esch zojuist gesteld hebben over de percentages van betaalbare woningen. Volgens mij moeten wij deze discussie later dit jaar nog gaan voeren, dus wat betekent dat voor hetgeen daar nu in de Omgevingsvisie over staat? De reactie op de moties en amendementen bewaar ik even voor straks. Dank u wel, voorzitter. Beantwoording wethouder Adriani: Ja dank u wel voorzitter en dank voor alle inbreng, maar zeker ook voor de complimenten die veel fracties hebben gegeven voor het werk wat door het programmateam de afgelopen jaren verzet is om hier te komen en ik ben blij dat herkend wordt dat hier een stuk ligt wat ook echt bijdraagt aan een mooi toekomstig Nieuwegein. Dan begin ik maar even bij de bijdrage van de SP, die begon met te zeggen ‘wij zijn als SP tegen de Omgevingswet en dus ook tegen deze Omgevingsvisie’. Ik had willen vragen: maar stel nou dat we deze visie geen Omgevingsvisie hadden genoemd maar Toekomstvisie 2040, was u er dan wel voor geweest? Maar dat zei de heer Van den Heuvel helaas al in het vervolg van zijn termijn, dat hij zich daar ook op inhoud niet in kan vinden.
Dat vind ik jammer, want ik denk daadwerkelijk dat we met deze visie iets in handen hebben om en tegemoet te komen aan de druk op de woningmarkt en de druk op de voorzieningen en tegelijkertijd die verstedelijking aan te grijpen om ook die vergroening en verduurzaming in de stad die nodig is, vorm te geven. Dat is ook de reactie richting GroenLinks denk ik, die vraagt naar: hoe ga je nou om met botsende belangen? Wat we met deze Omgevingsvisie nu juist proberen te doen en ook voor het eerst kunnen doen, is zorgen dat je niet of/of moet kiezen, maar dat je door zo integraal te kijken ontwikkelingen mogelijk maakt die én én doen. Ik vind zelf wel een mooi voorbeeld daarvan de Duurzaamheidsvisie City, die vorige week naar uw raad is gestuurd en die we in de volgende raadscyclus behandelen, waarin je inderdaad ziet dat verstedelijking en verduurzaming en vergroening daadwerkelijk samen opgaan en volgens mij is dat de meerwaarde van deze Omgevingsvisie.
Een aantal van u, GroenLinks, ChristenUnie en de heer Verdam, hebben gewezen op het belang van de Participatienota waar in een separaat traject nog aan gewerkt wordt; dat onderschrijf ik en die zal ook aan het eind van dat traject van de Participatienota moeten leiden, meneer Verdam, tot een besluit van uw raad in welke gevallen en bij welke initiatieven participatie door u ook verplicht gesteld wordt, dus dat debat gaan we zeker nog voeren. 12/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Voorzitter, op het thema wonen vraagt de Verenigde Seniorenpartij: kunnen er ook knarrenhofjes? Het antwoord is: ja, er kunnen ook knarrenhofjes, dit is wat mij betreft een voorbeeld van die bijzondere woonvormen. U weet dat we in ons woonbeleid al werken met die zorgcirkels: binnen een straal van 400 meter moeten woningen in principe geschikt zijn voor ouderen en daar zou een knarrenhofje uitstekend in passen en ter uitwerking van deze Omgevingsvisie gaan we ook ons beleid op wonen en zorg nog actualiseren en daar komen we na de zomer ook nog bij u over terug. Dan is er door de ChristenUnie, de Partij de Arbeid en ook de VVD gevraagd naar de betaalbaarheid: hoe zit dat nou met die 50%? Betaalbare woningen bedoelen we mee in de volksmond: sociale woningen, middenhuurwoningen tot € 1.000 en betaalbare koop en daar wordt normaal gesproken tot de NHG-grens mee bedoeld. Die 50%, die sluit een-op-een aan met ons woningbouwprogramma 2019 waarin we 5.000 woningen hebben afgesproken, waarvan 30% sociaal en 20% middenhuur en niet die 12% zoals mevrouw Schiltkamp zei maar 20.
Nu we zien dat het woningbouwprogramma potentie heeft voor meer woningen, vonden we het van belang om in ieder geval die 50% betaalbaarheid in dat programma vast te leggen en dan ben ik het met u eens, mevrouw Schiltkamp, dat we in september nog het gesprek met elkaar gaan voeren over: en hoe ziet dat er dan uit? Hoe verdelen we dat en hoe sturen we daarop? Dat is ook de vraag van de heer Van Esch: wat kun je daarin afdwingen en wat niet? Wat dat betreft denk ik dat ook deze toevoeging van 50% betaalbaar niet alleen aansluit bij sociaal beleid maar ook consistent is met de extrapolatie van ons woningbouwprogramma 2019. De heer Van Esch (PvdA): ja voorzitter, de wethouder verwijst terecht naar de POVI, de Omgevingsvisie van de provincie. Dan is mijn vraag, omdat die percentages 1:1 overkomen; wat kunnen wij van de provincie verwachten? Als zij zelf deze ambitie stellen, wat hebben wij daar als Nieuwegein aan? Wethouder Adriani: voorzitter, dat is een terechte vraag van de heer Van Esch en dat is ook precies waar ik Gedeputeerde Van Muilekom op aangesproken heb. Ik heb natuurlijk ook nog uw vraag uit januari in mijn achterhoofd zitten, dus ik heb ook aan de Gedeputeerde gevraagd: ik wil voor september ook met u in gesprek om te kijken wat de provincie kan bijdragen aan die opgaven, zeker in die hele goedkope segmenten.
Ik weet dat de provincie daar ook een programma met een bijbehorend budget voor heeft, dus ik hoop dat de uitkomst daarvan ook onderdeel is van het gesprek wat we in september met elkaar kunnen voeren. De voorzitter: dan zie ik nog een handje en ik denk dat dat van mevrouw Schiltkamp is. Wethouder Adriani: waar ik net een antwoord aan wilde formuleren. De voorzitter: ja, nou is het een beetje gokken, mevrouw Schiltkamp! Mevrouw Schiltkamp: ja, ik heb gevraagd om een toezegging van de wethouder, ik weet niet of dat een antwoord was wat hij wilde gaan geven? Wethouder Adriani: daar was ik precies. De voorzitter: dan zou ik mijn interruptie maar voor me houden, dat helpt. Wethouder Adriani: ja, want mevrouw Schiltkamp vroeg: als nu in september we tot een heel ander inzicht komen met elkaar, kan dan de Omgevingsvisie weer gewijzigd worden? Daarvoor is het antwoord: ja, u kunt de Omgevingsvisie altijd wijzigen, want u bent er de eigenaar van. 13/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
We hebben ook in de Omgevingsvisie omschreven op welke momenten het logisch is om dat te doen en een van de 3 criteria die we daarover opgeschreven hebben is: als de Omgevingsvisie geen antwoord meer geeft op de vragen uit de samenleving en als u in september tot het inzicht komt in meerderheid dat 50% betaalbaar niet meer het goede antwoord is op vragen uit de samenleving, is dat een argument om de Omgevingsvisie daar op aan te passen. Dan kom ik bij de Liesbosch, waar een motie ligt van het CDA en de ChristenUnie, waar de zorg uitspreekt door dat te arceren, door daar onderzoek te doen, organiseer je dan niet onrust onder die ondernemers? Dat vind ik een terechte zorg en dat is ook wel een zorg die het college deelt. Het is juist precies om die reden dat wij hebben gezegd: laten we nu heel transparant zijn over het feit dat die vraag er ligt en dan gaat het echt alleen maar om de westzijde van de Liesbosch, laten we het MIRT-gebiedsonderzoek aangrijpen om daar hom of kuit op te geven zodat die onzekerheid ook zo kort mogelijk duurt. Wij hebben dat bij de Wiers gezien, daar hebben we dat heel lang niet zo concreet opgeschreven, dat heeft misschien wel decennia tot onzekerheid geleid bij ondernemers en toen we het eenmaal opschreven: we gaan het onderzoeken, zijn we het ook gaan doen en hebben we daar ook een heel concreet besluit over kunnen nemen.
Dat is ook wat we beogen met wat we in de Omgevingsvisie hebben opgeschreven en ik interpreteer de motie als volgt, dat u eigenlijk dat onderschrijft, maar als raad wel de vinger aan de pols wil houden en zicht wilt hebben op de termijnen en ook bij die eindbeslissing zelf aan zet wilt zijn en dat lijkt mij een logische uitkomst. Ten aanzien van het dictum zou ik u wel willen vragen om bij dictum 2 toe te voegen dat het om de westrand van de Liesbosch gaat, want voor de rest van de Liesbosch zou ik het heel plezierig vinden als de raad met het college uitstraalt dat dat nu en in de toekomst economisch kerngebied is, anders gaan we veel meer ondernemers dan we bedoelen onrustig maken. Ik neem maar even aan dat het tekeningetje wat onder het dictum nog in de motie staat, een eerste idee is over hoe zo’n besluit in 2023 eruit zou kunnen zien, maar met deze motie verandert de Omgevingsvisie zelf natuurlijk niet. De ChristenUnie vraagt nog: hoe zijn we dan afhankelijk van anderen, van de provincie, van het Rijk? Zo’n MIRT-gebiedsonderzoek is in feite een gezamenlijk proces waar je op basis van wederkerigheid komt tot de beste invulling van zo’n gebied. Je doet dat ook heel bewust over gemeentegrenzen heen, maar het is zonneklaar dat uiteindelijk besluiten over het grondgebied van Nieuwegein primair hier in de raad van Nieuwegein gemaakt worden.
Dan kom ik op het thema duurzaamheid, daar ligt een amendement van D66, consistent, eerder bij de herijking van Rijnhuizen hebben we een soortgelijke motie gehad die uw raad toen ook aangenomen heeft. Wat D66 hier eigenlijk zegt: als we toch die Omgevingsvisie nu vaststellen, laten we datzelfde idee dan voor de hele stad van toepassing verklaren en met de kanttekening dat bovenwettelijk een goede ambitie is maar niet altijd afdwingbaar, kan ik verder met de inhoud van dit amendement goed uit de voeten. Dat ligt wat anders als ik kom bij het amendement van ieders Belang over bomen .Ten eerste deel ik niet met mevrouw Verbeek dat de Omgevingsvisie ertoe zou leiden dat het college alle bomen kan kappen. Wat er staat is dat we gaan voor kwaliteit boven kwantiteit. In de praktijk betekent dat als er bomen te dicht op elkaar staan waardoor ze elkaar in de weg gaan staan, dan moet je er soms misschien een paar weghalen. Ik deel ook niet met mevrouw Verbeek dat als er bomen gekapt worden, dat er dan nooit iets terug geplant wordt. Dat hangt precies van die afwegingen af en ik vind het onverstandig om vast te leggen dat alleen zieke bomen gekapt mogen worden. We hebben als uitwerking van het bomenbeschermingsplan een bomenafwegingskader.
Daarin zijn eigenlijk alle elementen die er rondom bomen zijn, gescoord en gewogen en dan gaat het om ziekte, maar het gaat ook om overlast, het gaat ook om wensen van bewoners, toekomstpotentie en ouderdom. Scores die pleiten voor ‘de boom had hier beter niet kunnen staan’ en scores voor ‘deze boom is de moeite waard om te beschermen’ en dat is waarop we eigenlijk op een heel eenduidige manier kunnen beoordelen: moet een boom blijven 14/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
staan of niet? Ik zou het echt een enorm verlies vinden als we die toch heel afgewogen methodiek weg zouden doen en zouden zeggen: alleen als het ziek is mag het weg, en verder is er geen enkele reden waarop dat kan. De voorzitter: een interruptie van mevrouw Verbeek. Ik heb u even laten uitpraten, want misschien dat een deel van de vraag al beantwoord is daardoor. Wethouder Adriani: en u weet hoe bevlogen ik ben als het over bomen gaat, voorzitter. De voorzitter: ja, het woord is aan mevrouw Verbeek, wethouder. Mevrouw Verbeek (iB): ja dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wij beweren niet dat je alleen maar kunt kappen als ze ziek zijn. Als er een goede reden voor is kan dat. Wij hebben nooit gezegd dat je geen boom mag kappen en wij zeggen wel in ons amendement dat alleen als ze ziek zijn, kun je ze zo kappen en anders moet u terug naar de raad. Ik zal u uitleggen waarom, want zoals het er nu staat, mag u het gewoon kappen. Er staat nergens dat u zich aan de regels moet houden en dan kunt u zeggen ‘ja, we hebben een beleid’, maar dat beleid is zo ruim dat u gewoon alles kan kappen en daar maken we ons zorgen om. Daarom hebben we gezegd: we kunnen het beter op deze manier doen, dan dat we het laten staan en dat is ons argument. Wethouder Adriani: ja, ik las het amendement anders voorzitter.
Ik lees er toch echt: “De gemeente kapt bomen uitsluitend bij aangetoonde ziekte of indien zij op de plek van het tot stand te brengen gebouw staan” en het is beslist niet zo dat het college zomaar alles kan kappen. Niet voor niets heeft uw raad in 2019 het Bomenbeschermingsplan vastgesteld waarin behoorlijk strikt geformuleerd is aan welke regels het college zich moet houden bij het beoordelen of je mag kappen of niet, in welke situaties dat ook gepaard moet gaan van een kapvergunning of niet, hoe we met bewonersparticipatie omgaan als het om grote wijzigingen gaat. Dat hebben we uitgewerkt in een eenduidige systematiek die ook voor bewoners heel transparant is hoe we tot een afweging komen, dus het is beslist niet zo dat het college zomaar alles kapt. Mevrouw Bakhtali (Nú): ja dank u wel, voorzitter. Ja, wij dienen de motie samen met ieders Belang in en ik wil de wethouder vragen: is hij het met ons eens, we hebben ook vastgesteld als raad dat gekapte bomen worden herplant, dus dat er wordt gecompenseerd door elders te planten, maar wat we vaststellen is dat het aantal bomen in Nieuwegein alleen maar afneemt. We zien steeds meer gekapte bomen en minder bomen die opnieuw geplant worden. Ik wil graag een reactie van de wethouder hierop. De voorzitter: mag ik ook gelijk de aanvullende interruptie van mevrouw Verbeek doen, dan kan de wethouder daar in 1 keer op reageren.
Mevrouw Verbeek: voorzitter, ik wil even afwachten wat de wethouder zegt. De voorzitter: dan is het woord aan de wethouder. Wethouder Adriani: voorzitter, vindt u het goed dat collega Schouten hier even het woord over voert, die tot in veel meer detail nog weet hoe dit gaat dan ik?
15/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
De voorzitter: ja, laten we dat op dit moment dan even doen, dat is handiger voor het debat en dan kunnen we kijken of we dit onderwerp kunnen afronden en of er dan nog andere onderwerpen zijn die we kunnen bespreken. Dan ronden we eerst dit in de eerste termijn af. Wethouder Schouten: ja dank u wel, voorzitter. College Adriani verwees er ook al naar, het is zeker niet zo dat er niet herplant moet worden. In het Bomenbeschermingsplan van 2019 worden ook hele heldere voorwaarden uitgelegd wanneer en op welke manier er opnieuw bomen terug geplant moeten worden, dus het is zeker niet zo boom eruit en geen boom erbij. Het kan niet altijd op dezelfde plek, dat is wel waar, maar er is zeker wel een inzet om als bomen gekapt worden ze of in de buurt of op een andere plek, hetzij andere bomen, maar bomen terug te planten. Dat is even een reactie op deze vraag, voorzitter. Mevrouw Verbeek (iB): ja voorzitter, wij gaan ervan uit dat het beleid wat we nu vast gaan stellen, dat wij lezen dat de bomen gewoon weg kunnen en ongeacht of het wel of niet mogelijk is. Als er gebouwd gaat worden wijken die bomen en dat vinden wij een verkeerd uitgangspunt, dus wij blijven bij ons standpunt dat wij vinden: de bomen worden veel teveel gekapt terwijl het superbelangrijk is dat de bomen blijven en niet veel meer gaan wijken.
De voorzitter: ik hoor een statement en niet direct een vraag en dan is er nog een aanvullende interruptie van mevrouw Bakhtali. Mevrouw Bakhtali (Nú): ja, dank u wel. Ik hoor mevrouw Schouten vertellen over ‘het is de intentie zus en het is de intentie zo’. Mijn vraag was veel concreter: we hebben een heleboel mooie intenties, maar de praktijk wijst uit dat er meer bomen gekapt worden dan er herplant worden. Klopt dat, vraag ik aan de wethouder via u, voorzitter? De voorzitter: ja, ik denk dat ik dan wethouder Schouten daar het woord even over moet geven. Wethouder Schouten: voorzitter, soms klopt dat maar dat is zeker niet altijd het geval en misschien, als u mij toestaat, een heel aardig voorbeeld toch is, ik weet niet of u het gezien heeft, maar er stonden bomen langs de Doorslagzone, die zijn het afgelopen weekend verhuisd naar een andere plek in de stad omdat daar in de toekomst gebouwd kan worden en we heel graag die bomen behouden en dat is een mooi voorbeeld van hoe het ook kan. De voorzitter: dank. Dan rond ik dit punt rondom de bomen af en kijk ik of wethouder Adriani nog een bijdrage moet leveren in zijn eerste termijn of dat hij aan de afronding toe was? Ik kreeg de indruk dat hij bijna aan het eind daarvan was. Wethouder Adriani: ja, ik was bij mijn laatste kaartje voorzitter.
Een opmerking nog naar aanleiding van de vraag van de Partij van de Arbeid: hoe worden we nou ook in de toekomst blijvend meegenomen? Hoe graag ik ook zou zeggen dat we met het vaststellen van deze Omgevingsvisie een proces afsluiten, niets is minder waar. Richting de invoering van de Omgevingswet hebben we nog tal van besluiten met elkaar te nemen over de Participatienota die we al noemden, over de mandatering, over wanneer participatie verplicht is, over hoe u met uw bindend adviesrecht omgaat, over hoe we met welstand en monumenten omgaan, dus het komend jaar in ieder geval gaan wij elkaar nog heel veel spreken. Daarnaast is het zo, ik noemde dat net al even, dat er aanleidingen kunnen zijn daarna om de Omgevingsvisie ook weer aan te passen. Daar gaan we ook in het kader van het besluit over de mandatering met elkaar over spreken, maar dit is natuurlijk een levend document, dus ook na 1 januari 2022 gaan we hier elkaar regelmatig over ontmoeten. 16/80 Verslag gemeenteraad Nieuwegein van 1 april 2021 met voortzetting op 6 april 2021
Tweede termijn Fractie CDA, de heer Hack; Ja voorzitter, dank u wel. Wethouder, dank u wel voor de beantwoording en ook voor het meedenken wat u met ons heeft gedaan op de ingediende motie 247. Ik weet niet precies voorzitter hoe dat moet in een digitale setting, maar ik pas graag samen met mijn medeindienster mevrouw Schiltkamp het dictum nummer 2, de toevoeging van het woord “westrand van de Liesbosch”, dat het daarom draait. Verder voorzitter, zullen wij het ingediende amendement 101 van ieders Belang niet steunen, ook zeker om de redenen die vanuit het college zijn gegeven en het amendement 102 van D66, wij vinden dat beste een moeilijke waarbij je op moest passen dat je de transitie daarmee ook niet teveel belast, maar in principe zouden we daar in mee kunnen gaan. Dank u wel. De voorzitter: dank, meneer Hack. Voor de wijziging van het amendement denk ik dat u eigenlijk een mondelinge wijziging doet en die is zo beperkt dat die volgens mij voor iedereen wel duidelijk is, door “westrand” voor het woordje “Liesbosch” toe te voegen in de motie zoals die hier voorligt, is die denk ik voor iedereen duidelijk. Fractie D66, mevrouw Van Schaik: Ja dank, voorzitter. Even een reactie op de ingediende amendementen en de motie. Allereerst amendement 101 van ieders Belang en Núwegein; op zich kunnen wij ons wel vinden in de constateringen.