CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

1-12 Bijlage 1 Kwartaalrapportage WIL Q1-2023.pdf

Raadsvergadering 1 juni 2023, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken18.022 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

1-12 Bijlage 1

Rapportage 1e kwartaal 2023 Peildatum: 1 april 2023

Vaststelling Dagelijks Bestuur: 11 mei 2023

Inhoudsopgave Blz. 4

1 | Voorwoord 2 | De 11 doelstellingen

4

3 | Bijzonderheden van dit kwartaal Algemeen Enkele opvallende indicatoren per gemeente

5 5

4 | Strategische indicatoren Doelstelling 1 - Noodzakelijke uitkeringen worden tijdig, kostenbewust en doelmatig verstrekt KPI 1.1 | Percentage volledige uitstroom uit de participatie-uitkering naar zelfstandig beroep, bedrijf, regulier of gesubsidieerd werk KPI 1.2 | Reden van uitstroom KPI 1.3 | Aantal personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners KPI 1.4 | Gemiddelde prijs van uitkeringen KPI 1.5 | Efficiëntieratio BUIG KPI 1.6 | Gemiddelde doorlooptijd aanvragen uitkering levensonderhoud (trend) KPI 1.7 | Percentage afgehandelde aanvragen uitkeringen levensonderhoud met doorlooptijd < 4 weken en < 8 weken

6 6 6 7 7 8 8

Doelstelling 2 - Onrechtmatige uitkeringen worden niet verstrekt en indien verstrekt teruggevorderd KPI 2.1 | Vorderingenratio KPI 2.2 | Aantal gegrond opgelegde boetes KPI 2.3 | Aantal (gegrond) opgelegde maatregelen

8 9 9

Doelstelling 3 - Klanten worden eerlijk, duidelijk en positief benaderd KPI 3.1 | Waardering van klanten voor duidelijkheid van communicatie KPI 3.2 | Waardering van klanten voor rekening houden met wat zij kunnen en willen KPI 3.3 | Waardering van de dienstverlening overall door klanten (bijstand, schuldhulpverlening, minima) KPI 3.4 | Inzet op deskundigheidsbevordering van het personeel

9 9 10 10

Doelstelling 4 - Er wordt waar nodig maatwerk geleverd in dienstverlening en uitvoering van sanctionering KPI 4.1 | Waardering van klanten voor (maatwerk in) de dienstverlening KPI 4.2 | Inzet op deskundigheidsbevordering van het personeel

10 10

Doelstelling 5 - Zo veel mogelijk klanten participeren zo snel mogelijk via betaald of onbetaald werk KPI 5.1 | Percentage volledige uitstroom uit de participatie-uitkering naar zelfstandig beroep, bedrijf, regulier of gesubsidieerd werk KPI 5.2 | Rendement van re-integratie-inspanningen (bespaarde uitkeringslast door volledige uitstroom naar werk of zelfstandig beroep of bedrijf) KPI 5.3 | Gemiddeld percentage klanten dat parttime werkt KPI 5.4 | Gemiddelde inkomsten uit parttime werk KPI 5.5 | Cumulatieve uitstroom afgelopen 12 maanden KPI 5.6 | Uitkeringsduur van degenen die uitstromen naar werk of zelfstandig beroep

11 11 12 12 12 13

Doelstelling 6 - Middelen van WIL worden doelmatig en rechtmatig ingezet KPI 6.1 | Instroom en herinstroom KPI 6.2 | Verrekende inkomsten BUIG

14 15

Doelstelling 7 - De prioriteit ligt bij jongeren en kansrijke klanten KPI 7.1 | Aantal klanten Participatiewet met specifieke weergave jongeren KPI 7.2 | Instroompercentage jongeren KPI 7.3 | Percentage werkloze jongeren (16-22 jaar)

15 15 16

Doelstelling 8 - Relaties met werkgevers worden uitgebreid en bestaand relaties worden versterkt KPI 8.1 | Waardering door werkgevers KPI 8.2 | Aantal plaatsingen via werkgeversbenadering

16 16

Doelstelling 9 - WIL draagt bij aan het zoveel mogelijk terugdringen van de financiële aspecten van armoede die zelfstandige participatie in de weg staan en de maatschappelijke kosten die dit oplevert KPI 9.1 | Percentage succesvolle schuldregelingen van het totale aantal

17

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 2 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

Doelstelling 10 - Samen met partners werkt WIL volgens een integrale aanpak KPI 10.1 | Waardering inzet WIL binnen lokale werkteams KPI 10.2 | Inzet van generalisten KPI 10.3 | Inzet vanuit WIL binnen sociale teams KPI 10.4 | Inzet vanuit WIL binnen lokale werkteams

17 18 18 18

Doelstelling 11 - WIL hanteert een verantwoorde, medewerkersvriendelijke bedrijfsvoering KPI 11.1 | Begrotingsresultaat KPI 11.2 | Waardering door medewerkers KPI 11.3 | Aantal klanten (inclusief schuldhulpverlening) KPI 11.4 | Ziekteverzuim

18 18 19 19

De operationele indicatoren die aandacht vragen

20

Bijlage 1 | Operationele indicatoren Doelstelling 1 - Noodzakelijke uitkeringen worden tijdig, kostenbewust en doelmatig verstrekt KPI 1.8 | Aantal openstaande aanvragen uitkering levensonderhoud

22

Doelstelling 2 - Onrechtmatige uitkeringen worden niet verstrekt en indien verstrekt teruggevorderd KPI 2.4 | Openstaande vorderingen KPI 2.5 | Handhaving op fraude, waaronder aantal gestarte werkprocessen handhaving en strekking genomen besluiten

22 22

Doelstelling 3 - Klanten worden eerlijk, duidelijk en positief benaderd KPI 3.5 | Bekendheid van klanten met beschikbare regelingen KPI 3.6 | Percentage gegronde klachten ten opzichte van het totaal aantal klachten KPI 3.7 | Aantal (gegronde) bezwaarschriften per 100 klanten BUIG KPI 3.8 | Doorlooptijden schuldhulpverlening tot intake en beschikking KPI 3.9 | Doorlooptijden aanvragen bijzondere regelingen KPI 3.10 | Openstaande aanvragen bijzondere regelingen KPI 3.11 | Bereikbaarheid van de dienstverlening door WIL (specifiek bereikbaarheid via telefoon)

23 23 23 24 24 26 26

Doelstelling 5 - Zo veel mogelijk klanten participeren zo snel mogelijk via betaald of onbetaald werk KPI 5.7 | Aantal banen per 1.000 inwoners van 15-74 jaar KPI 5.8 | Lopende re-integratievoorzieningen (eind peilperiode) per 1.000 inwoners van 15-74 jaar KPI 5.9 | Gemiddelde verblijfsduur huishoudens

27 27 27

Doelstelling 6 - Middelen van WIL worden doelmatig en rechtmatig ingezet KPI 6.3 | Meldingen aan de poort (met en zonder start werkproces) KPI 6.4 | Preventie- of uitvalquotes poort en inkomen (gestarte werkprocessen die niet hebben geleid tot toekenning) KPI 6.5 | Maatregelquote rechtmatigheid

28 29 30

Doelstelling 8 - Relaties met werkgevers worden uitgebreid en bestaand relaties worden versterkt KPI 8.3 | Aantal werkgevers waarmee WIL zaken doet (aantal warme contacten)

30

Doelstelling 9 - WIL draagt bij aan het zoveel mogelijk terugdringen van de financiële aspecten van armoede die zelfstandige participatie in de weg staan en de maatschappelijke kosten die dit oplevert KPI 9.2 | Gemiddelde doorlooptijd aanvragen van een aantal bijzondere regelingen KPI 9.3 | Percentage afgehandelde aanvragen bijzondere regelingen met doorlooptijd < 8 weken KPI 9.4 | Gebruik van collectieve zorgverzekering minima (aan de hand van percentage bereik) KPI 9.5 | Inzet schuldhulpverlening KPI 9.6 | Ondernemers met schulden

31 32 32 32 33

Bijlage 2 | Aanvullende indicatoren KPI A.1 | Netto arbeidsparticipatie (% werkzame beroepsbevolking) KPI A.2 | Vestigingen van bedrijven (per 1.000 inwoners 15-65 jaar) KPI A.3 | Woningvoorraad naar eigendom KPI A.4 | Woningen naar waarde KPI A.5 | Werkloosheidspercentage KPI A.6 | Kinderen (tot 18 jaar) in een uitkeringsgezin

34 34 34 34 35 35

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 3 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

1 | Voorwoord Ook in het 1e kwartaal van 2023 kampen we met lastige economische omstandigheden. De situatie in Oekraïne verbetert niet en de prijzen van energie en grondstoffen hebben grote invloed op ons dagelijks leven. De inflatie lijkt iets af te zwakken, maar inmiddels zijn de prijzen al op een veel hoger niveau terecht gekomen. Voor de grote problemen en uitdagingen op het wereldtoneel is nog geen oplossing voorhanden. Het is somberheid troef waarbij de aangebroken lente hopelijk voor meer licht en lucht gaat zorgen. Het landelijke ziekteverzuim is hoog en dat is lastig gezien de toch al krappe arbeidsmarkt. Werkgevers kunnen hun bedrijf soms niet draaiende houden. Veel bedrijven zijn niet in staat de ontvangen overheidssteun terug te betalen. Ook het alsnog betalen van belastingen waarvoor tijdens de crisis uitstel is verleend, is voor veel ondernemers onhaalbaar. Dat gaat in het verloop van 2023 ongetwijfeld tot meer faillissementen en bedrijfsbeëindigingen leiden. In het 1e kwartaal van 2023 nam het bijstandsvolume van WIL met 32 bijstandshuishoudens toe. Volumegroei treedt vaak op in de herfst- en wintermaanden. Voor de Divosa benchmarkgegevens in deze kwartaalrapportage geldt dat die zijn bijgewerkt tot en met februari 2023. Een aantal indicatoren in deze rapportage is afkomstig van de website www.waarstaatjegemeente.nl. Dat zijn veelal bewerkte CBS-gegevens.

De gepubliceerde gegevens zijn zonder aanpassing of toetsing overgenomen van die website. We baseren de dienstverlening aan onze klanten op 8 leidende principes. We rusten onze klanten zo goed mogelijk toe om stappen te zetten. Dat doen we door de juiste instrumenten aan te reiken en een afgestemde route uit te stippelen naar (duurzame) participatie. We bieden maatwerk waar nodig en volstaan met de standaard als dat mogelijk is. We hebben veel oprechte aandacht voor de leefwereld van de klant. Verwachtingen over en weer stemmen we duidelijk af. Klanten moeten ook zélf gericht aan de slag. We investeren in onze organisatie, middelen en onze klanten. Daarbij rekenen we op rendement en verwachten we resultaat. Onze inspanningen zijn niet vrijblijvend. We houden steeds zicht op de financiële ruimte van WIL, zodat we er kunnen zijn voor de mensen die dat écht nodig hebben. Daar werken we elke dag aan met oprechte, toegewijde en gedreven medewerkers die samen het verschil willen maken. Daar zijn we trots op. Ook nu we door de economische omstandigheden zwaar op de proef worden gesteld, doen we ons uiterste best om die principes zo goed mogelijk overeind te houden.

2 | De 11 doelstellingen Op basis van de leidende principes en de structuur van de begroting zijn met adviesbureau Berenschot 11 concrete doelstellingen geformuleerd. Daaraan zijn strategische indicatoren gekoppeld waarop we elk kwartaal rapporteren. Doelstelling 1 - Noodzakelijke uitkeringen worden tijdig, kostenbewust en doelmatig verstrekt Doelstelling 2 - Onrechtmatige uitkeringen worden niet verstrekt en indien verstrekt teruggevorderd Doelstelling 3 - Klanten worden eerlijk, duidelijk en positief benaderd Doelstelling 4 - Er wordt waar nodig maatwerk geleverd in dienstverlening en uitvoering van sanctionering Doelstelling 5 - Zo veel mogelijk klanten participeren zo snel mogelijk via betaald of onbetaald werk Doelstelling 6 - Middelen van WIL worden doelmatig en rechtmatig ingezet Doelstelling 7 - De prioriteit ligt bij jongeren en kansrijke klanten Doelstelling 8 - Relaties met werkgevers worden uitgebreid en bestaand relaties worden versterkt Doelstelling 9 - WIL draagt bij aan het zoveel mogelijk terugdringen van de financiële aspecten van armoede die zelfstandige participatie in de weg staan en de maatschappelijke kosten die dit oplevert Doelstelling 10 - Samen met partners werkt WIL volgens een integrale aanpak Doelstelling 11 - WIL hanteert een verantwoorde, medewerkersvriendelijke bedrijfsvoering De strategische indicatoren in hoofdstuk 4 van deze rapportage zijn

bedoeld voor het eventuele raadsdebat binnen de gemeente. In bijlage 1 van de rapportage is een aantal operationele indicatoren opgenomen. Die vergroten het inzicht, maar zijn geen onderwerp voor het raadsdebat. In bijlage 2 staan enkele aanvullende indicatoren die een relatie hebben met de jaarverslaggeving van de gemeenten. De opgenomen benchmarkwaarden zijn de meest recente die op het moment van opstellen van deze rapportage beschikbaar waren in de Benchmark Werk en Inkomen van Divosa. Voor de maandcijfers is dat de maand vóór de afgelopen maand. Enkele indicatoren uit de benchmark worden slechts 1 keer per jaar geactualiseerd. De strategische indicatoren gaan over de input en de uitkomsten. De operationele indicatoren gaan over de implementatie en de output. Bij elke indicator in de rapportage is het type vermeld. Schematisch ziet de structuur van Berenschot er als volgt uit:

Bron: Berenschot

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 4 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

3 | Bijzonderheden van dit kwartaal Algemeen In het 1e kwartaal van 2023 is het bijstandsvolume met 1,36 procent (32 huishoudens) toegenomen (KPI 7.1). Zowel de instroom (KPI 6.1) als de uitstroom (KPI 1.2) blijven relatief achter bij voorgaande jaren. Op de peildatum waren zoals altijd nog tientallen aanvragen voor een uitkering en beëindigingen van uitkeringen in behandeling. Als die zijn verwerkt veranderen de nu gepresenteerde cijfers nog met terugwerkende kracht. Van de uitstroom was op de peildatum ruim 20 procent het gevolg van het aanvaarden van werk of het starten als zelfstandige (KPI 1.2). Wij verwachten dat dit percentage in de loop van het jaar toeneemt. Het 12-maands trendpercentage (benchmark) voor die indicator is uitgekomen op 38,6 procent. Dat is 3,6 procentpunt boven onze doelstelling en 0,3 procentpunt boven het benchmarkgemiddelde (KPI 1.1). Door de lagere uitstroom (absolute aantallen naar werk) tot op heden, blijft het rendement op de re-integratieactiviteiten achter bij de doelstelling. Na verwerking van openstaande beëindigingen loopt het percentage met terugwerkende kracht nog wel op (KPI 5.2). De geopolitieke en economische omstandigheden bemoeilijken volledige uitstroom van huishoudens naar werk. Er is landelijk gezien sprake van veel vacatures en een zeer krappe arbeidsmarkt.

Veel van die vacatures zijn echter niet passend voor de klanten die wij aan werk willen en kunnen helpen. In de afgelopen 3 (crisis)jaren was binnen WIL een matchingsteam actief. Mensen met recente werkervaring werden zo mogelijk snel naar een nieuwe baan geleid. Daardoor konden we uitkeringsafhankelijkheid (en dus instroom en uitstroom) voorkomen. Per 1 januari 2023 is de inzet van het matchingsteam als aparte entiteit beëindigd. De bijlage matchingsteam wordt daarom niet meer samengesteld. De specifieke en snelle aanpak voor deze klanten hebben we echter niet losgelaten. Hij is onderdeel geworden van de reguliere dienstverlening van de poort. Het 12-maandstrendcijfer van de herinstroom staat onder druk. De verbeteringen van het 2e halfjaar 2022 kregen geen gevolg. De herinstroom binnen 12 maanden steekt nog wel gunstig af bij de benchmark, maar de voorsprong slinkt. Ten opzichte van de grootteklasse zijn de cijfers van WIL gunstig, ook voor de herinstroom binnen 6 maanden. De herinstroom geeft een indicatie van de duurzaamheid van de uitstroom (KPI 6.1). De uitkeringsbedragen zijn per 1 januari 2023 met 10,15 procent verhoogd, op grond van de koppeling aan het wettelijk minimumloon. De verrekende inkomsten kwamen uit op 1,77 procent van de uitgaven voor WIL als geheel (KPI 6.2).

Van de 115 huishoudens die in het 1e kwartaal van 2023 instroomden was 36,5 procent van een jongere. De doelstelling van 25 procent ligt door een aantal omstandigheden (stoppen instroom Wajong, Covid-19, economische crises, huisvesting jonge statushouders) al lange tijd buiten bereik (KPI 7.2). De hoge instroom van jongeren zorgt er ook voor dat hun aandeel in het bestand toeneemt. Van elke 100 huishoudens zijn er 13,76 van een jongere (<27 jr). Het percentage nam in het 1e kwartaal licht toe (KPI 7.1). De trendwaarde van het aantal parttime werkenden is niet veranderd, terwijl in de benchmark dalingen optreden. De waarde van WIL blijft in absolute zin nog steeds achter bij de benchmark (KPI 5.3). De parttime inkomsten liggen bij WIL ook deze keer boven het benchmarkniveau. Het gemiddelde bedrag is ruim 7 procent hoger dan het benchmarkgemiddelde (KPI 5.4). In het 1e kwartaal zijn 62 plaatsingen op een garantiebaan gerealiseerd (KPI 8.2). De gemiddelde doorlooptijd van een aanvraag uitkering levensonderhoud kwam in het 1e kwartaal uit op 23 dagen (KPI 1.6). De aanvraagprocedure bij WIL is zorgvuldig en uitgebreid, om zo veel mogelijk aspecten bij het beeld te betrekken. Met die aanpak is meer tijd gemoeid dan gemiddeld in het land. Dat blijkt ook uit vergelijking met de referenties in de benchmark.

Wij vinden kwaliteit en een integrale blik minstens zo belangrijk als snelheid van afhandeling. Onze ervaring leert dat zorgvuldigheid bij de aanvraag in het vervolg vruchten afwerpt. Met de afhandeling van aanvragen levensonderhoud binnen 4 en 8 weken presteert WIL opnieuw goed. In het 1e kwartaal nam de afhandeling van 3 aanvragen meer dan 8 weken in beslag. Dat is een prima prestatie (KPI 1.7). De druk op de gemiddelde doorlooptijden van de aanvragen bijzondere regelingen is onverminderd groot. We ondervonden nog hinder van de bezettingsproblemen in het 3e kwartaal van 2022. We spannen ons doorlopend in om kortere doorlooptijden (KPI 3.9) en minder openstaande aanvragen (KPI 3.10) te realiseren. Omdat aanvragen bijzondere regelingen niet gelijkmatig verdeeld over het jaar worden ingediend, ontstaan vaak piekbelastingen. Om de druk te verminderen hebben we voor de maand april van 2023 keuzes gemaakt die zorgen voor maximale beschikbaarheid van consulenten. Dit is toegelicht bij KPI 9.2. Door druk op de telefonische bereikbaarheid in februari kwam de gemiddelde wachttijd 2 seconden boven onze doelstelling uit. Er werd vaak gebeld over de uitvoering en betaling van de energietoeslag, de betaling van uitkeringen en de stadspassen voor 2023. Wij passen de bezetting zo veel mogelijk aan op de toestroom die we verwachten.

Het uitvalpercentage kwam ondanks de drukte uit op 5,3 procent. Onze bereikbaarheid is nog steeds goed op orde (KPI 3.11). In het 4e kwartaal bedroeg het ziekteverzuim 7,0 procent. Dat is gelijk aan het bijgestelde percentage van het 4e kwartaal van 2022 (KPI 11.4). De dynamiek binnen het sociale domein is groot en het beroep dat van diverse kanten op WIL wordt gedaan neemt alleen maar toe. Dat vraagt om een flexibele instelling en adequate inzet van toegeruste medewerkers. Aan die uitdaging werken we hard, zo nodig met inzet van (tijdelijk) extra personeel.

Enkele opvallende indicatoren per gemeente Gunstig of voordelig De netto jaarprijs van een uitkering is in Houten het laagst; 1,1% lager dan de benchmark (KPI 1.4) Het aandeel huishoudens met een verblijfsduur langer dan 3 jaar is in Houten het kleinst (KPI 5.9) Het aandeel jongeren in Houten daalde dit kwartaal van 21,8% naar 20,7% (KPI 7.1)

Ongunstig of onvoordelig De 12-maands trend van de uitstroom is gedaald en niet meer de hoogste binnen WIL (KPI 5.5) Van de 56 klanten die zich aan de poort meldden, was meer dan de helft (30) jonger dan 27 jaar (KPI 6.3)

IJsselstein

De 12-maands trend van de uitstroom is sterk verbeterd. Er kwam 3,9 procentpunt bij (KPI 5.5) 4 van de 6 naar werk uitgestroomde huishoudens ontvingen langer dan 2 jaar een uitkering (KPI 5.6) Van de 53 klanten die zich aan de poort meldden, waren er 20 jonger dan 27 jaar. Dat is 37,7% (KPI 6.3)

Bijna 56 procent van de huishoudens met een uitkering is daar langer dan 3 jaar van afhankelijk (KPI 5.9)

Lopik

De bijstandsdichtheid in Lopik is (veel) lager dan in de andere 3 gemeenten en Nederland (KPI 1.3) Het aandeel jongeren in het bestand is binnen de Lekstroom het kleinst in Lopik met 9,0% (KPI 7.1)

De netto jaarprijs van een uitkering is in Lopik sterk opgelopen tot 7,4 procent boven de benchmark (KPI 1.4) De cumulatieve uitstroom in is Lopik met 3,7 procentpunt gedaald (KPI 5.5)

Nieuwegein

De cumulatieve uitstroom is met 1,8 procentpunt toegenomen en nu het hoogste binnen WIL (KPI 5.5) De met uitkeringen verrekende inkomsten kwamen uit op 2,12%, bij een doelstelling van 1,5% (KPI 6.2) Van de 137 klanten die zich aan de poort meldden, waren er 55 jonger dan 27 jaar. Dat is 40,1% (KPI 6.3)

58,5 procent van de huishoudens met een uitkering is daar langer dan 3 jaar van afhankelijk (KPI 5.9) Bij 53,3% van de meldingen aan de poort ging het om een inwoner van Nieuwegein (KPI 6.3) Het bijstandsvolume groeide met 18 huishoudens, na een afname met 20 in het vorige kwartaal (KPI 7.1)

Houten

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 5 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

4 | Strategische indicatoren Doelstelling 1 - Noodzakelijke uitkeringen worden tijdig, kostenbewust en doelmatig verstrekt KPI 1.1 | Percentage volledige uitstroom uit de participatie-uitkering naar zelfstandig beroep, bedrijf, regulier of gesubsidieerd werk

[Uitkomst]

Gemiddeld percentage beëindigde uitkeringen vanwege werk of zelfstandig beroep of bedrijf (12-maands trendpercentage) Referentiegroep benchmark Doelstelling WIL Benchmarkwaarde WIL Benchmarkwaarde grootteklasse Benchmarkwaarde regio deelnemers Benchmarkwaarde alle deelnemers

2020 35,0% 33,4% 34,8% 34,9% 34,4%

2021 35,0% 33,4% 34,8% 34,9% 34,4%

Trendpercentages gerealiseerd 2022 2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 35,0% 35,0% 39,9% 38,6% 38,6% 37,2% 39,9% 40,7% 39,0% 38,3%

Realisatie doelstelling De trend bij WIL ligt nu op 38,6%. Dat is 0,3 procentpunt boven het benchmarkgemiddelde en 3,3 procentpunt boven de doelstelling.

2023-Q4

Het trendpercentage wijzigt met kleine stappen. Het wordt over een periode van 12 voorliggende maanden berekend. De waarde van 2023-Q1 betreft de periode 12-2022 tot en met 02-2023.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

N.B. vanaf de zomer van 2020 tot eind 2022 was bij WIL een matchingsteam aan de slag. Dat team hielp inwoners met recente werkervaring, die slachtoffer werden van de crises. Doel was voor hen een snelle match met werkgevers te realiseren, vaak nog voor er sprake was van instroom in de uitkering. Zonder instroom is er later ook geen uitstroom. Het succes van het matchingsteam komt niet naar voren in de uitstroomcijfers en blijft ook buiten het zicht van de benchmark. Met ingang van 2023 is het aanbod van het matchingsteam onderdeel van de reguliere dienstverlening geworden. Het effect daarvan op het trendpercentage wordt in de loop van 2023 steeds groter (12-maands trend).

KPI 1.2 | Reden van uitstroom Uitstroomreden Aantal uitgestroomde huishoudens Waarvan naar Werk of zelfstandig beroep/bedrijf Wijziging gezinssituatie/leefvorm Andere inkomsten Verhuizingen Geen inlichtingen verstrekt Vrijwillige beëindiging van uitkering Bereiken leeftijdsgrens (21 jaar) Bereiken leeftijdsgrens (65 jaar) Overdracht dossiers VHL naar Avres Overige redenen (overlijden, detentie) Totaal

[Uitkomst] 2020 690

2021 693

2022 600

% 20,8% 20,8% 9,1% 22,1%

Specificatie uitstroom naar werk of zelfstandig beroep: Werk Zelfstandig Totaal Gemeente Houten 3 3 IJsselstein 5 1 6 Lopik 1 1 Nieuwegein 6 6 15 1 Totaal 16

6 2 7

7,8% 2,6% 9,1% 0,0%

De uitstroom naar werk is vooral het resultaat van de inspanningen van de Lokale Werkteams. In maart was er tot nu toe geen uitstroom naar werk.

6 77

7,8% 100,0%

2023 77

Aantal 236 88 68 145

% 34,2% 12,8% 9,9% 21,0%

Aantal 257 74 64 128

% 37,1% 10,7% 9,2% 18,5%

Aantal 227 62 58 99

% 37,8% 10,3% 9,7% 16,5%

26 11 22 64

3,8% 1,6% 3,2% 9,3%

27 14 33 63

3,9% 2,0% 4,8% 9,1%

32 14 29 40

5,3% 2,3% 4,8% 6,7%

30 690

4,3% 100,0%

33 693

4,8% 100,0%

39 600

6,5% 100,0%

Aantal 16 16 7 17

Aantallen in recente periodes nemen nog wel toe na verwerking van mutaties die op de peildatum open stonden. Bij volgende rapportages komt dat tot uiting.

Bron: Suite voor Sociaal Domein

KPI 1.3 | Aantal personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners

Gemeente Nederland Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein

Rapportage 1e kwartaal 2023

2020 459,7 234,6 305,6 201,5 385,8

2021 431,2 205,8 272,2 183,1 368,9

2022 -

Aantal 2023 -

[Uitkomst]

Deze informatie komt niet rechtstreeks van WIL, maar is voor gemeenten beschikbaar via het onderdeel Besluit Begroting en Verantwoording op In de tabel staan de actuele gegevens die op de peildatum beschikbaar waren. Door de tegemoetkoming zelfstandigen (TOZO) zijn de waarden van 2020 en 2021 extra hoog. Informatie over 2022 was op de peildatum nog niet beschikbaar.

Pagina 6 van 35

www.waarstaatjegemeente.nl

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 1.4 | Gemiddelde prijs van uitkeringen

[Uitkomst]

12-maands voortschrijdend gemiddelde van de jaarprijs van de netto uitkering per huishouden Gemeente / Referentie Doelstelling WIL Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein WIL gemiddeld Grootteklasse 150-250k Deelnemers regio Alle deelnemers

2020

2021

Q2 Q4 Lager dan benchmark 14.282 14.575 14.095 14.410 15.551 15.357 14.277 14.555 14.308 14.584 14.307 14.456 14.237 14.392 14.225 14.366

Q2 Q4 Lager dan benchmark 14.716 14.695 14.745 14.788 14.957 14.829 14.724 14.729 14.740 14.739 14.651 14.689 14.869 14.674 14.452 14.626

2022 Q1 Q2 Q3 Q4 Lager dan het gemiddelde van de benchmark 14.634 14.603 14.650 14.686 14.878 14.760 14.880 15.027 14.951 15.096 15.536 15.799 14.776 14.788 14.989 15.131 14.775 14.760 14.925 15.051 14.784 14.809 14.940 15.048 14.755 14.777 14.726 14.921 14.628 14.682 14.817 14.945

Bedrag x € 1 2023 Q1 Q2 Q3 Q4 Lager dan het gemiddelde van de benchmark 15.005 15.248 16.291 15.473 15.377 15.407 15.599 15.169

Realisatie doelstelling Door aanpassing van de uitkeringsnormen per 1 januari en 1 juli stijgt de trend 2 x per jaar. Het gemiddelde van WIL ligt 1,4 procent boven het benchmarkgemiddelde.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

De gemiddelde prijs is onder andere afhankelijk van de samenstelling van het bestand. Voor gehuwden geldt een hogere uitkeringsnorm dan voor alleenstaanden. Dat is een van de redenen dat de nettoprijs in Lopik hoger is dan elders in de Lekstroom. Daarnaast heeft de verrekening van inkomsten effect op de nettoprijs. En dat gemiddelde bedarg blijft in Lopik achter bij de andere 3 gemeenten.

KPI 1.5 | Efficiëntieratio BUIG

[Input]

Deze KPI was net als KPI 3.7 (verderop) gebaseerd op het onderdeel bedrijfsvoering van de Divosa benchmark Werk en Inkomen. In de loop van de tijd nam de voor dit onderdeel onder benchmarkdeelnemers sterk af. Over 2019 waren nog beperkte gegevens beschikbaar en daarna is dit onderdeel van de benchmark gestopt. De geringe deelname en grote onderlinge verschillen in organisatiestructuur boden onvoldoende houvast. Het onderdeel bedrijfsvoering is door Divosa uit de benchmark verwijderd. WIL heeft zich ingespannen voor bruikbare alternatieven, in samenspraak en afstemming met BDO en ook Divosa. Dat heeft helaas onvoldoende resultaat opgeleverd om mee verder te gaan. Met ingang van 2023 vervalt deze KPI, omdat er geen alternatief voor actuele informatie beschikbaar is.

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 7 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 1.6 | Gemiddelde doorlooptijd aanvragen uitkering levensonderhoud (trend)

Regeling / Referentiegroep Doelstelling WIL Aanvr. Levensonderhoud Participatiewet Aanvraag IOAW/IOAZ Benchmarkwaarde grootteklasse Benchmarkwaarde regio deelnemers Benchmarkwaarde alle deelnemers

2020 1 dag < bm 27 14 12,6 12,6 15,0

2021 24 n.v.t. 12,9 11,0 15,5

[Output]

Aantal dagen 2023-Q1 2023-Q2 Niet gedefinieerd 21 23 n.v.t. 42 10,9 13,9 10,9 11,5 14,8 15,6

2022

2023-Q3

Van meerdere deelnemers (ook WIL) zijn geen benchmarkwaarden beschikbaar. Door een afwijkende inrichting van de Centric-software verschillen de bepalende meetmomenten.

2023-Q4

De waarden van WIL zijn eigen (kwartaal)metingen vanuit de Suite voor Sociaal Domein van Centric. De doorlooptijd IOAW/IOAZ betreft 2 aanvragen IOAW.

Bron: Suite voor Sociaal Domein en Divosa Benchmark Werk & Inkomen

De wettelijke beslistermijn is 56 dagen. De manier waarop aanvragen worden beoordeeld en afgehandeld is bepalend voor de doorlooptijden. WIL kiest voor een brede en zorgvuldige aanpak, met oog voor de leefwereld van de klant. Dat kost meer tijd dan het zonder uitgebreide beoordeling afhandelen van een aanvraag levensonderhoud. Als een gemeente voor daarvoor kiest, met een intensieve controle achteraf, is de doorlooptijd tot het besluit veel korter. Het herstel achteraf kost echter veel meer tijd dan bij WIL.

KPI 1.7 | Percentage afgehandelde aanvragen uitkeringen levensonderhoud met doorlooptijd < 4 weken en < 8 weken

[Output]

Afhandelingspercentages Selectie / Regeling Doelstelling WIL Realisatie WIL Divosa benchmark WIL Grootteklasse Regio deelnemers Alle deelnemers

Dec 2022 Jan 2023 Feb 2023 < 4 weken < 8 weken < 4 weken < 8 weken < 4 weken < 8 weken 85,0% 100,0% 85,0% 100,0% 85,0% 100,0% 89,8% 100,0% 81,8% 96,4% 96,7% 98,4% n.b. 83,8% 88,1% 83,1%

n.b. 97,4% 98,7% 97,6%

n.b. 83,4% 88,6% 82,9%

n.b. 97,3% 98,9% 97,6%

n.b. 85,7% 89,3% 83,4%

n.b. 97,7% 99,3% 97,7%

Realisatie doelstelling De resultaten waren in deze periode goed. 3 aanvragen meer dan 8 weken in beslag. In januari ontstond er druk op de doorlooptijden. In feburari was dat weer voorbij.

Benchmarkwaarden van WIL (en andere gemeenten) zijn niet beschikbaar door een andere inrichting van de Centricsoftware (Suite/GWS4All). De waarden van WIL zijn berekend vanuit de Suite voor Sociaal Domein (Centric).

Bron: Suite voor Sociaal Domein en Divosa Benchmark Werk & Inkomen

Doelstelling 2 - Onrechtmatige uitkeringen worden niet verstrekt en indien verstrekt teruggevorderd KPI 2.1 | Vorderingenratio

[Uitkomst]

Percentage van de openstaande vorderingen BUIG (met invloed op budgetresultaat) waarop wordt afgelost (gemiddelde van de voorafgaande 3 maanden) Percentage 2020 2021 2022 2023 Referentie benchmark Jun Dec Jun Dec Mrt Jun Sep Dec Q1 Q2 Q4 Q3 Doelstelling WIL Gelijk aan gemiddelde van de benchmark Gelijk aan gemiddelde van de benchmark Gelijk aan gemiddelde van de benchmark Realisatie WIL 21,1 21,2 21,9 28,8 29,2 31,5 34,5 34,1 37,7 Benchmark grootteklasse 24,2 25,4 27,3 27,0 25,9 28,0 27,8 24,9 26,4 Benchmark regio 21,8 23,6 25,2 25,1 23,9 22,8 25,4 24,1 25,5 Benchmark alle deelnem. 24,5 25,6 26,5 26,7 24,8 26,0 26,7 26,5 25,2

Realisatie doelstelling De prestatie van WIL is verder verbeterd en ligt opnieuw ruim boven de benchmark. N.B. Dit zijn kwartaalgemiddelden, geen trendwaarden.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

Gemiddelde debiteurenontvangsten in relatie tot de uitgaven BUIG (trend laatste 12 maanden) 2020 2021 Referentie benchmark Jun Dec Jun Dec Mrt Doelstelling WIL 2,0% v.d. uitgaven BUIG 2,0% v.d. uitgaven BUIG Realisatie WIL 1,9 1,6 1,8 2,0 Benchmark grootteklasse 1,9 2,8 3,3 2,8 Benchmark regio 1,8 2,3 2,4 2,5 Benchmark alle deelnem. 1,7 2,4 2,7 2,5

Percentage 2022

2,0 2,4 2,2 2,3

Jun Sep 1,5% v.d. uitgaven BUIG 1,7 2,3 2,2 2,1 1,9 2,2 2,2 2,1

2023 Dec

Q1 2,2 2,0 2,1 2,0

Q2 Q3 1,5% v.d. uitgaven BUIG 2,4 2,0 1,9 1,8

Q4

Realisatie doelstelling De 12-maands trendwaarde is gestegen en ligt ruim boven de doelstelling. In de benchmark worden lagere percentages gerealiseerd.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 8 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 2.2 | Aantal gegrond opgelegde boetes

[Uitkomst]

Opgelegde boeten Gemeente

Aantal boeten 2020

Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal WIL

2021 17 12 5 53 87

2022 16 17 5 50 88

2023 6 10 3 27 46

2

Naast de 5 opgelegde boeten werd in 2023 tot nu toe 12 keer een waarschuwing gegeven. In 2022 gebeurde dat 51 keer. Er is 9 keer besloten van een boete af te zien. In het jaar 2022 gebeurde dat 18 keer.

1 2 5

Bron: Suite voor Sociaal Domein

KPI 2.3 | Aantal (gegrond) opgelegde maatregelen

[Uitkomst]

Een maatregel kan aan de klant worden opgedragen als deze tekortschietend besef van verantwoordelijkheid toont. Het is een tijdelijke verlaging van de uitkering, afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de specifieke omstandigheden. WIL vindt een goed (stevig) gesprek effectiever dan een sanctie, zoals bijvoorbeeld een maatregel. Dit komt voort uit de leidende principes van WIL en onze wijze van klantbenadering. Toch zijn er situaties waarin een maatregel passend is en dan wordt die wel opgelegd. Gegrond opgelegde maatregelen Gemeente Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal WIL

2020 Aantal

2021

Bedrag 5 € 2.150 5 € 2.521 11 € 21 €

Aantal

8 € 16 €

5.186 9.857

2022

Bedrag 4 € 1.246 4 € 1.186 2.088 4.520

Aantal

2023 Aantal

Bedrag

2 € 2 €

769 769

Bedrag 2 €

370

2 € 4 €

478 848

WIL probeert de klant in beweging te krijgen door een goed gesprek. Met de leefwereld als leidraad, is een maatregel minder passend dan wanneer het systeem leidend is. Als een klant niet komt opdagen is daar vaak een plausibele reden voor. Bovendien nodigen klanten steeds vaker een begeleider uit voor het gesprek. Regelovertredingen komen daardoor nu minder vaak voor dan in het verleden.

Bron: Suite voor Sociaal Domein

Doelstelling 3 - Klanten worden eerlijk, duidelijk en positief benaderd KPI 3.1 | Waardering van klanten voor duidelijkheid van communicatie Score op waardering duidelijkheid communicatie Regeling / afdeling Participatiewet Bijzondere regelingen Schuldhulpverlening

2020 Geen meting

2021

2022 7,4 7,3 Geen meting 7,5

[Uitkomst]

2023 Nog uit te voeren onderzoek

Vanwege de coronacrisis werd het voor 2020 geplande onderzoek verplaatst naar de zomer van 2021. Het volgende onderzoek wordt in 2023 uitgevoerd.

Bron: Klantbelevingsonderzoek

KPI 3.2 | Waardering van klanten voor rekening houden met wat zij kunnen en willen Score op rekening houden met mogelijkheden klant Regeling / afdeling Participatiewet Bijzondere regelingen Schuldhulpverlening

2020 Geen meting

2021 2022 76% 75% Geen meting 86%

[Uitkomst]

Procent 2023 Nog uit te voeren onderzoek

De waarde geeft het deel van de klanten weer dat hier positief over is. Het voor 2020 geplande onderzoek werd vanwege de coronacrisis verplaatst naar de zomer van 2021. In 2023 wordt hier opnieuw onderzoek naar gedaan.

Bron: Klantbelevingsonderzoek

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 9 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 3.3 | Waardering van de dienstverlening overall door klanten (bijstand, schuldhulpverlening, minima) Score op waardering dienstverlening overall Regeling / afdeling Participatiewet Bijzondere regelingen Schuldhulpverlening

2020

2021

Geen meting

2022 7,6 7,9 Geen meting 8,0

2023 Nog uit te voeren onderzoek

[Uitkomst]

De waarde geeft een waardering weer op de schaal van 1 tot 10. Het voor 2020 geplande onderzoek werd verplaatst naar de zomer van 2021. In 2023 wordt weer onderzoek gedaan naar de klantbeleving.

Bron: Klantbelevingsonderzoek

KPI 3.4 | Inzet op deskundigheidsbevordering van het personeel

[Input] Bedrag x € 1

Kosten van opleiding, vorming en training Component Opleidingskosten

Q1+Q2 61.779

2020 Q3+Q4 47.651

Totaal 109.430

Q1+Q2 72.642

2021 Q3+Q4 56.492

Totaal 129.134

Q1+Q2 76.652

2022 Q3+Q4 90.380

Totaal 167.032

Q1+Q2 61.797

2023 Q3+Q4

Totaal 61.797

Bron: Key2Financiën

Doelstelling 4 - Er wordt waar nodig maatwerk geleverd in dienstverlening en uitvoering van sanctionering KPI 4.1 | Waardering van klanten voor (maatwerk in) de dienstverlening Score op waardering van de dienstverlening 2020 Regeling / afdeling Participatiewet (inkomen en werk) Geen meting Minimaregelingen Schuldhulpverlening

2021

2022 7,6 7,3 Geen meting 8,2

[Uitkomst]

2023 Nog uit te voeren onderzoek

In het verleden was er geen uniforme vraagstelling op dit onderdeel. Uit het klantbelevingsonderzoek 2021 is geen specifieke informatie over maatwerk beschikbaar. Daarom is de algemene tevredenheid over de dienstverlening opgenomen, mede bepaald door maatwerk of een passend aanbod. In 2023 laten we opnieuw onderzoek doen naar de klantbeleving.

Bron: Klantbelevingsonderzoek

KPI 4.2 | Inzet op deskundigheidsbevordering van het personeel

[Input]

Aan doelstelling 4 is evenals aan doelstelling 3 de inzet op deskundigheidsbevordering van het personeel gekoppeld. De gegevens komen overeen met die van KPI 3.4. Bedrag x € 1

Kosten van opleiding, vorming en training Component Opleidingskosten

Q1+Q2 61.779

2020 Q3+Q4 47.651

Totaal 109.430

Q1+Q2 72.642

2021 Q3+Q4 56.492

Totaal 129.134

Q1+Q2 76.652

2022 Q3+Q4 90.380

Totaal 167.032

Q1+Q2 61.797

2023 Q3+Q4

Totaal 61.797

Bron: Key2Financiën

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 10 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

Doelstelling 5 - Zo veel mogelijk klanten participeren zo snel mogelijk via betaald of onbetaald werk KPI 5.1 | Percentage volledige uitstroom uit de participatie-uitkering naar zelfstandig beroep, bedrijf, regulier of gesubsidieerd werk

[Uitkomst]

Gemiddeld percentage beëindigde uitkeringen vanwege werk of zelfstandig beroep of bedrijf (12-maands trendpercentage) Referentiegroep benchmark Doelstelling WIL Benchmarkwaarde WIL Benchmarkwaarde grootteklasse Benchmarkwaarde regio deelnemers Benchmarkwaarde alle deelnemers

2020 35,0% 33,4% 34,8% 34,9% 34,4%

2021 35,0% 33,4% 34,8% 34,9% 34,4%

Trendpercentages gerealiseerd 2022 2023-Q1 2023-Q2 2023-Q3 35,0% 35,0% 39,9% 38,6% 38,6% 37,2% 39,9% 40,7% 39,0% 38,3%

2023-Q4

Realisatie doelstelling De trend bij WIL ligt nu op 38,6%. Dat is 0,3 procentpunt boven het benchmarkgemiddelde en 3,3 procentpunt boven de doelstelling.

Het trendpercentage wijzigt met kleine stappen. Het wordt over een periode van 12 voorliggende maanden berekend. De waarde van 2023-Q1 betreft de periode 12-2022 tot en met 02-2023.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

N.B. vanaf de zomer van 2020 tot eind 2022 was bij WIL een matchingsteam aan de slag. Dat team hielp inwoners met recente werkervaring, die slachtoffer werden van de crises. Doel was voor hen een snelle match met werkgevers te realiseren, vaak nog voor er sprake was van instroom in de uitkering. Zonder instroom is er later ook geen uitstroom. Het succes van het matchingsteam komt niet naar voren in de uitstroomcijfers en blijft ook buiten het zicht van de benchmark. Met ingang van 2023 is het aanbod van het matchingsteam onderdeel van de reguliere dienstverlening geworden. Het effect daarvan op het trendpercentage wordt in de loop van 2023 steeds groter (12-maands trend).

KPI 5.2 | Rendement van re-integratie-inspanningen (bespaarde uitkeringslast door volledige uitstroom naar werk of zelfstandig beroep of bedrijf)

[Uitkomst]

De bespaarde uitkeringslast geeft een indicatie van het rendement van de re-integratieactiviteiten. Definitie: de bespaarde uitkeringslast betreft de niet betaalde uitkeringslasten gedurende een bepaalde periode, doordat de klant via de inzet van (re-integratie)instrumenten op een andere wijze in zijn inkomsten kan voorzien. De netto prijs van een uitkering komt uit de benchmark (12-maands trend). Zie KPI 1.4. Rendement re-integratiemiddelen Component Doelstelling WIL rendement t.o.v. budget Beschikbaar budget (jaarbasis) Aantal uitstroom naar werk, niet gesubsidieerd Netto prijs uitkering gedurende 12 maanden Bespaarde uitkeringslast (uitstroom x prijs) Werkelijk rendement in procent

2020 € € €

2021 125% 2.818.290 € 236 14.584 € 3.441.824 € 122%

2022 125% 2.804.964 € 257 14.739 € 3.787.923 € 135%

2023 125% 2.791.369 € 258 15.051 € 3.883.158 € 139%

125% 3.052.403 16 15.377 246.032 8%

Realisatie doelstelling De jaardoelstelling beoordelen we aan het eind van 2023. In maart werd geen uitstroom naar werk gerealiseerd. Achteraf stijgen percentages vaak nog wel, door mutaties met terugwerkende kracht.

Bron: Suite voor Sociaal Domein en Key2Financiën

Na afloop van een kwartaal worden altijd nog uitkeringen met terugwerkende kracht beëindigd. Dat na-ijleffect komt in latere kwartaalrapportages naar voren. Door de crisisomstandigheden (corona, inflatie, energie) is het merkbaar lastiger geworden om volledige uitstroom naar werk te realiseren. Uit onderzoek (gemeente Den Haag) blijkt dat maar 10 procent van de bijstandsgerechtigden die al langer bijstand krijgen, direct perspectief op werk heeft. Vacatures en opleidingsniveau van bijstandsgerechtigden sluiten slecht op elkaar aan.

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 11 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 5.3 | Gemiddeld percentage klanten dat parttime werkt Trendpercentage parttime werkenden (trend afgelopen 12 maanden) 2020 2021 Referentie benchmark Jun Dec Jun Doelstelling WIL 7,5% 7,5% 6,8% 6,2% 5,9% Realisatie WIL 8,7% 8,2% 7,9% Benchmark grootteklasse 8,3% 7,8% 7,0% Benchmark regio 9,7% 9,3% 9,1% Benchmark alle deelnem.

[Uitkomst] Procent 2022 Dec

Mrt

6,0% 7,8% 7,6% 9,0%

Jun 6,1% 7,7% 7,8% 9,0%

2023 Sep

7,5% 6,2% 7,9% 7,9% 9,0%

Dec

Mrt

Jun

Sep

Realisatie doelstelling Het percentage voor WIL ligt 1,2 procentpunt onder de doelstelling. De benchmarkwaarden van de referenties liggen op een hoger niveau.

Dec

7,5% 6,3% 7,8% 8,3% 9,0%

6,3% 7,8% 7,9% 9,1%

6,3% 7,8% 7,4% 8,9%

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

In de Lekstroom is de gemiddelde bijstandsdichtheid laag. De taakstelling voor de huisvesting van statushouders is gebaseerd op het inwonertal, niet op bijstandshuishoudens. Zij blijven in de Lekstroom een belangrijk deel van het bestand uitmaken. Het aantal parttime werkenden binnen die groep is echter beperkt (Bron: CBS 15-04-2021). Daardoor valt het percentage parttime werkenden binnen het gehele bestand lager uit. Ondanks dat is er nog wel winst te boeken: meer participatie en voldoening voor de klant en lagere uitkeringslasten voor de gemeenten.

KPI 5.4 | Gemiddelde inkomsten uit parttime werk

[Uitkomst]

Gemiddelde inkomsten parttime werkenden (trend afgelopen 12 maanden) 2020 2021 Referentie benchmark Jun Dec Jun Doelstelling WIL 713 705 722 Realisatie WIL 598 608 612 Benchmark grootteklasse 663 671 682 Benchmark regio 590 605 612 Benchmark alle deelnem.

Bedrag x € 1 2022 Dec

Mrt 750 638 691 625

2023

Jun Sep Gemiddelde benchmark + 10% 730 730 733 640 642 653 703 710 716 635 642 661

Dec

Mrt 721 672 731 667

Jun

Sep

Dec

723 668 758 674

Realisatie doelstelling Het gemiddelde binnen WIL ligt nu 7,3 procent boven de benchmark. Onze doelstelling staat op 10 procent boven benchmarkniveau.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

KPI 5.5 | Cumulatieve uitstroom afgelopen 12 maanden 12-maands trendpercentages cumulatieve uitstroom (totaal) 2020 Gemeente Dec Jun 31,0% 33,1% Houten 23,8% 29,4% IJsselstein 22,3% 27,8% Lopik 26,3% 28,0% Nieuwegein

[Uitkomst] Procent 2021

Jun 31,7% 30,1% 30,3% 28,0%

2022 Dec 32,4% 27,5% 29,6% 27,8%

Mrt 32,3% 25,0% 26,1% 30,1%

Jun 29,7% 26,1% 27,3% 28,3%

2023 Sep 29,6% 23,8% 27,5% 26,6%

Dec 29,7% 22,8% 28,3% 25,6%

Mrt 26,1% 26,7% 24,6% 27,4%

Jun

Sep

Dec

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

Het cumulatieve percentage wordt uitgedrukt als een percentage van het volume algemene bijstand van 12 maanden geleden. De trend vertoont een wisselend beeld voor de Lekstroomgemeenten. Voor de benchmark wordt een afwijkende definitie van het volume gebruikt, namelijk de betaalde uitkeringen. Voor WIL is het recht op een uitkering op de peildatum bepalend, onafhankelijk van de betaling.

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 12 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 5.6 | Uitkeringsduur van degenen die uitstromen naar werk of zelfstandig beroep

[Uitkomst]

Uitkeringsduur tot aan moment van uitstroom in 2020 naar werk e.d. Aantal uitkeringen Uitkeringsduur van degenen die in 2020 zijn uitgestroomd naar (ongesubsidieerd) werk of zelfstandig beroep of bedrijf Gemeente < 0,5 jaar 0,5-1 jaar 1-1,5 jaar 1,5-2 jaar 2-3 jaar 3-5 jaar 5-10 jaar > 10 jaar Totaal 19 6 2 3 8 9 4 2 53 Houten 15 9 6 4 4 8 4 1 51 IJsselstein 6 1 2 1 10 Lopik 59 9 10 6 9 15 13 1 122 Nieuwegein Totaal 99 25 18 13 21 34 22 4 236 Verhouding

41,9%

10,6%

7,6%

5,5%

8,9%

14,4%

9,3%

1,7%

Uitkeringsduur tot aan moment van uitstroom in 2021 naar werk e.d. Aantal uitkeringen Uitkeringsduur van degenen die in 2021 zijn uitgestroomd naar (ongesubsidieerd) werk of zelfstandig beroep of bedrijf Gemeente < 0,5 jaar 0,5-1 jaar 1-1,5 jaar 1,5-2 jaar 2-3 jaar 3-5 jaar 5-10 jaar > 10 jaar Totaal 16 7 9 7 6 12 10 2 69 Houten 14 8 4 3 4 5 9 2 49 IJsselstein 9 1 1 2 2 2 17 Lopik 36 16 14 10 11 9 23 3 122 Nieuwegein Totaal 75 32 28 22 23 28 42 7 257 Verhouding

29,2%

12,5%

10,9%

8,6%

8,9%

10,9%

16,3%

2,7%

Uitkeringsduur tot aan moment van uitstroom in 2022 naar werk e.d. Aantal uitkeringen Uitkeringsduur van degenen die in 2022 zijn uitgestroomd naar (ongesubsidieerd) werk of zelfstandig beroep of bedrijf Gemeente < 0,5 jaar 0,5-1 jaar 1-1,5 jaar 1,5-2 jaar 2-3 jaar 3-5 jaar 5-10 jaar > 10 jaar Totaal 18 10 7 2 5 6 7 2 57 Houten 14 1 3 2 6 10 8 2 46 IJsselstein 3 2 1 1 1 2 2 12 Lopik 30 12 10 15 9 11 16 9 112 Nieuwegein Totaal 65 25 21 20 21 29 33 13 227 Verhouding

28,6%

11,0%

9,3%

8,8%

9,3%

12,8%

14,5%

5,7%

Uitkeringsduur tot aan moment van uitstroom in 2023 naar werk e.d. Aantal uitkeringen Uitkeringsduur van degenen die in 2023 zijn uitgestroomd naar (ongesubsidieerd) werk of zelfstandig beroep of bedrijf Gemeente < 0,5 jaar 0,5-1 jaar 1-1,5 jaar 1,5-2 jaar 2-3 jaar 3-5 jaar 5-10 jaar > 10 jaar Totaal 1 1 1 3 Houten 1 1 1 1 1 1 6 IJsselstein 1 1 Lopik 1 1 1 1 1 1 6 Nieuwegein Totaal 3 1 2 2 2 2 2 2 16 Verhouding

18,8%

6,3%

12,5%

12,5%

12,5%

12,5%

12,5%

Hier geldt hetzelfde als bij KPI 5.2. Door beëindiging van uitkeringen met terugwerkende kracht, volgt nog bijstelling in de komende maanden. Het aantal van 2022 nam na het opstellen van de 4e kwartaalrapportage van dat jaar nog toe van 193 naar 227.

12,5%

Bron: Suite voor Sociaal Domein

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 13 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

Doelstelling 6 - Middelen van WIL worden doelmatig en rechtmatig ingezet KPI 6.1 | Instroom en herinstroom Instroomreden Aantal ingestroomde huishoudens Waarvan naar Wegvallen inkomsten werk of uitkering Beëindiging huwelijk of relatie Oorzaak bij partner Beëindiging studie Verhuizingen Einde detentieperiode Statushouders/nieuwkomers Normwijziging Bereiken leeftijdgrens (21 jaar) Niet kunner Overige redenen Totaal

[Uitkomst] 2020 737 Aantal 248 26 8 39 148 16 67 33 22 4 126 737

2021 632 % 33,6% 3,5% 1,1% 5,3% 20,1% 2,2% 9,1% 4,5% 3,0% 0,5% 17,1% 100,0%

2022 610

2023 115

Aantal 160 35 12 32 125 15 97 20 36

% 25,3% 5,5% 1,9% 5,1% 19,8% 2,4% 15,3% 3,2% 5,7%

Aantal 138 30 8 39 122 16 120 14 32

% 22,6% 4,9% 1,3% 6,4% 20,0% 2,6% 19,7% 2,3% 5,2%

100 632

15,8% 100,0%

91 610

14,9% 100,0%

Aantal 28 4 2 5 18 2 24 3 10

% 24,3% 3,5% 1,7% 4,3% 15,7% 1,7% 20,9% 2,6% 8,7%

19 115

16,5% 100,0%

Bron: Suite voor Sociaal Domein

Naast de instroom is het belangrijk om vast te stellen of een huishouden na eerdere uitstroom weer afhankelijk wordt van een uitkering. Dat is de herinstroom. Die geeft een indicatie van de duurzaamheid van de gerealiseerde uitstroom. In de volgende tabellen is dat weergegeven voor herinstroom binnen 6 resp. 12 maanden. Gemiddeld percentage herinstroom binnen 6 maanden (12-maands trend) 2020 2021 Periode Jun Dec Jun Doelstelling WIL 6,5% 6,0% 6,4% Realisatie WIL 9,6% 7,8% 7,7% Benchmark grootteklasse 8,4% 5,7% 3,7% Benchmark regio 8,4% 7,0% 6,6% Benchmark alle deelnem.

2022 Dec Mrt Jun Sep Dec Mrt Geen, doelstelling is geformuleerd op herinstroom binnen 12 maanden 7,4% 8,5% 9,1% 8,2% 7,9% 8,1% 8,5% 9,2% 9,6% 9,6% 9,4% 9,3% 5,1% 5,4% 6,5% 7,2% 7,2% 6,9% 7,1% 7,2% 7,4% 7,8% 7,8% 7,0%

2023 Jun

Sep

Dec

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

Gemiddeld percentage herinstroom binnen 12 maanden (12-maands trend) 2020 2020 Periode Jun Dec Jun Dec Doelstelling WIL 3% onder land. gemidd. 3% onder land. gemidd. 12,9% 12,2% 10,8% 11,3% Realisatie WIL 16,3% 14,4% 13,8% 14,5% Benchmark grootteklasse 14,1% 11,8% 8,6% 9,3% Benchmark regio 14,8% 12,9% 12,2% 12,5% Benchmark alle deelnem.

2022 Mrt Jun Sep Dec Score WIL ligt 3% onder het landelijk gemiddelde 12,7% 14,8% 13,4% 12,1% 15,5% 16,3% 16,5% 16,5% 9,3% 10,7% 11,7% 11,9% 12,7% 13,1% 13,6% 13,6%

2023 Mrt Jun Sep Dec Score WIL ligt 3% onder het landelijk gemiddelde 12,3% 16,3% 11,7% 12,7%

Realisatie doelstelling Het lukt niet om 3 procentpunt onder de benchmark te presteren. Doorgaans presteert WIL wel beter dan het gemiddelde van allen.

Bron: Divosa Benchmark Werk & Inkomen

De trend van beide percentages loopt op. Binnen de benchmark zijn de verschillen groot. Voor de herinstroom binnen 12 maanden loopt het uiteen van 0 procent tot 26,8 procent. Bij meerdere deelnemers ligt de trendwaarde ruim boven 20 procent. In de regio varieert het percentage van 9,2 tot 14,0 procent. De benchmark hanteert ongewogen gemiddelden. Met het bijstandsvolume van de deelnemers wordt geen rekening gehouden. Voor kleinere gemeenten als Lopik hebben verschillen van 1 of 2 huishoudens grote invloed op de percentages. En juist in Lopik is de trendwaarde nu hoog (11,6% voor 6 maanden en 16,3% voor 12 maanden).

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 14 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 6.2 | Verrekende inkomsten BUIG

[Uitkomst]

Tot de peildatum werden de onderstaande bedragen verrekend met de uitgaven BUIG (Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ starters levensonderhoud). Ook Loonkostensubsidies ten laste van het BUIG-budget tellen mee. De inkomsten betreffen debiteurenontvangsten. Het saldo van uitgaven en inkomsten komt ten laste van het BUIG-budget dat de gemeenten van het Ministerie van SZW ontvangen. Bij de budgetbepaling houdt SZW rekening met een landelijk macrobedrag aan inkomsten. Onze interne doelstelling is vanwege de gewijzigde berekening van de beslagvrije voet verlaagd. Voor 2023 hanteren we 1,5 procent, net als in 2022. Bedrag x € 1

Uitgaven en inkomsten ten laste van BUIG-budget Component

Houten

Doelstelling WIL Uitgaven BUIG dit jaar t/m deze periode Verrekende ontvangsten debiteuren Saldo uitgaven minus inkomsten Percentage verrekende inkomsten

2.175.982 28.481 2.147.501 1,31%

IJsselstein

Lopik

Nieuwegein

1,5% van de uitgaven 2.001.078 614.259 4.898.460 31.139 8.038 103.832 1.969.939 606.221 4.794.629 1,56% 1,31% 2,12%

Totaal

9.689.779 171.490 9.518.289 1,77%

Realisatie doelstelling De realisatie van het doel beoordelen we op jaarbasis. De hoge ontvangst voor Nieuwegein zorgt voor 1,77% tot nu toe.

N.B. per 1 januari 2023 zijn de uitkeringsbedragen met 10,15 procent verhoogd, door de koppeling aan het wettelijk minimumloon dat is aangepast.

Bron: Key2Financiën

Doelstelling 7 - De prioriteit ligt bij jongeren en kansrijke klanten KPI 7.1 | Aantal klanten Participatiewet met specifieke weergave jongeren

[Input]

Aantal bijstandshuishoudens met een uitkering die ten laste komt van het BUIG-budget (inclusief levensonderhoud BBZ-starters en -gevestigden), per het einde van de genoemde periode 2020 2021 2022 Totaal volume BUIG Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 Q3 Q4 Q1 Q2 517 516 514 506 496 503 508 509 528 536 Houten 481 487 480 461 457 456 462 472 483 486 IJsselstein 135 132 128 127 125 127 128 127 131 134 Lopik 1.262 1.284 1.273 1.254 1.244 1.236 1.221 1.222 1.202 1.220 Nieuwegein Totaal 2.395 2.419 2.395 2.348 2.322 2.322 2.319 2.330 2.344 2.376

Aantal 2023 Q3

0

Q4

0

0

Bron: Suite voor Sociaal Domein en Bureau Zelfstandigen gemeente Utrecht

Samenstelling bestand (exclusief BBZ) per gemeente op de peildatum, verdeeld naar leeftijd en geslacht: Jonger dan 27 jaar 27 jaar en ouder Bestand naar leeftijd en geslacht Man Vrouw % v. totaal Man Vrouw % v. totaal Doelstelling WIL Aantal jongeren afhankelijk van een uitkering is 11,0% van het totaal Houten 60 50 20,7% 198 224 79,3% IJsselstein 29 23 10,7% 209 223 89,3% Lopik 6 6 9,0% 59 63 91,0% Nieuwegein 76 75 12,5% 509 552 87,5% Totaal 171 154 975 1.062

Realisatie doelstelling Het aandeel jongeren was eind van dit kwartaal 13,76%. Vorig kwartaal was het 13,66%. Vooral IJsselstein liet groei zien; van 47 huishoudens eind 2022 naar 52 nu.

Het doel is sinds 2021 verder aangescherpt van 11,5% naar 11,0%. N.B. Dat doel is begin 2020 bepaald, voor het uitbreken van de crises. Sindsdien is 11,0% niet meer reëel haalbaar. Houten heeft in 2022 veel statushouders gehuisvest. De taakstelling was 42 en de realisatie 61. Daarvan waren er 32 jonger dan 27 jaar en vaak alleenstaand, mede vanwege het woningaanbod. Dat heeft grote invloed gehad op de omvang en samenstelling van het bijstandsvolume in Houten.

Bron: Suite voor Sociaal Domein

KPI 7.2 | Instroompercentage jongeren

[Input]

Instroompercentage jongeren Selectie Doelstelling WIL Totale instroom (aantal huishoudens) Waarvan < 27 jaar Instroompercentage jongeren

2020

737 244 33,1%

2021

2022

25% van de instroom 632 610 199 230 31,5% 37,7%

2023

115 42 36,5%

Realisatie doelstelling De totale instroom bleef dit jaar tot nu toe beperkt. Het aandeel jongeren dat instroomt blijft groot (zie KPI 7.1).

Bron: Suite voor Sociaal Domein

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 15 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 7.3 | Percentage werkloze jongeren (16-22 jaar)

Gemeente Nederland Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein

2020

2021 2% 2% 2% 1% 2%

[Uitkomst] Procent 2023 -

2022 2% 1% 1% 1% 2%

Deze informatie verstrekt het CBS. Ze wordt in afgeronde vorm door het CBS gepubliceerd. Het betreft personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer. Gegevens over 2021 zijn in het 4e kwartaal van 2022 gepubliceerd. In die lijn verwachten we de informatie over 2022 pas aan het eind van dit jaar.

Deze informatie komt niet rechtstreeks van WIL, maar is voor gemeenten beschikbaar via

www.waarstaatjegemeente.nl

Doelstelling 8 - Relaties met werkgevers worden uitgebreid en bestaand relaties worden versterkt KPI 8.1 | Waardering door werkgevers Waarderingscijfers werkgevers Jaar Score op waardering door werkgevers

[Uitkomst]

2021

2021

2022

Geen meting

7,7

Geen meting

2023 Meting voorzien

Het cijfer drukt de waardering door de werkgevers uit op een schaal van 1 tot 10. Het voor 2020 geplande onderzoek werd vanwege de coronacrisis verplaatst naar 2021. In 2022 is geen meting uitgevoerd. In 2023 wordt dat wel weer gedaan.

Bron: Klanttevredenheidsonderzoek werkgevers WGSP

KPI 8.2 | Aantal plaatsingen via werkgeversbenadering

[Uitkomst]

Plaatsingen werkgeversbenadering Type plaatsing BBL Arbeidsovereenkomst (on)bepaald Beschut werk Dagbesteding Detachering Garantiebaan Nieuw beschut Proefplaatsing i.r.t. de banenafspraak Social Return On Investment Verlenging loonkostensubsidie Werkervaring met baanintentie WSW Werkervaring zonder baanintentie Van werkervaringsplaats naar hoger Participatieplaats Totaal

Aantal 2020 Totaal

2021 Q3+Q4

Q1+Q2 7 253

Totaal

Q1+Q2

2 103 1

1 91

7 173

5 121 2

4 123 4

3 194 2 2 9 244 6

36

8

23

31

68

41 10 1 1 4 299

28 10 2

69 20 3 1 5 589

11 6 10 571

1 2

1 290

2022 Q3+Q4

Totaal

Q1+Q2

1 95

1 184

113 5 8 25

127 5 2

240 10 8 27

12 8

7 5

19 13

89

260

242

2023 Q3+Q4

502

Totaal

1 22

1 22

1 64 2

1 64 2

12 4 27

12 4 27

15

15 0

148

0

Doelstelling Aantal plaatsingen is 825, waarvan 200 op een garantiebaan

Realisatie doelstelling Het aantal plaatsingen op garantiebanen ligt op koers. Het totaal aantal plaatsingen blijft achter bij de doelstelling. Die dateert van begin 2020 en is niet aangepast aan de nieuwe werkelijkheid, nadat de opeenvolgende crises uitbraken.

148

Bron: Registratie Werkgeversservicepunt

Een plaatsing vanuit het werkgeversservicepunt betekent niet per definitie uitstroom uit de uitkering. De kans daarop wordt wel groter. Of er daadwerkelijk uitstroom volgt, hangt af van het succes van de koppeling. Dat geldt vooral voor plaatsingen op arbeidsovereenkomsten. De werkgever moet tevreden zijn met de kandidaat. En het geldt ook voor plaatsingen op garantiebanen. Daarvan blijkt pas later of die definitief wordt. In de crisistijd waren werkgevers zeer terughoudend met het maken van afspraken, fysieke contacten en personeelswerving. Ze waren vooral bezig met het hoofd boven water te houden. De acute ernst van de crisis lijkt wat afgenomen, maar de problemen van werkgevers zijn niet opgelost. Integendeel, veel bedrijven en werkgevers komen in moeilijkheden nu ze de ontvangen rijkssteun moeten terugbetalen. De torenhoge energieprijzen en inflatie zijn de volgende problemen die ze het hoofd moeten bieden. Het WGSP houdt contact met relaties en ondersteunt werkgevers onder de gegeven omstandigheden zo goed mogelijk. We blijven op zoek naar de mogelijkheden voor werkgevers die personeel nodig hebben. Dat is zeker met de huidige krappe arbeidsmarkt van belang. De samenwerking met private partijen en binnen de arbeidsmarktregio is essentieel voor het bedienen van klanten die een beroep doen op onze dienstverlening en ondersteuning.

Aan die samenwerking in de regio dragen wij vanzelfsprekend ons steentje bij.

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 16 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

Doelstelling 9 - WIL draagt bij aan het zoveel mogelijk terugdringen van de financiële aspecten van armoede die zelfstandige participatie in de weg staan en de maatschappelijke kosten die dit oplevert KPI 9.1 | Percentage succesvolle schuldregelingen van het totale aantal

[Uitkomst]

Beëindigde dossiers schuldhulpverlening

Procent

Mate van succes

2020

Aantal beëindigde dossiers Waarvan: Succesvol Niet succesvol Overig (overleden, verhuisd, eigen verzoek, incompleet)

2021

2022

2023

655

562

496

125

56,6% 23,4% 20,0%

49,6% 17,4% 32,9%

50,8% 10,5% 38,7%

48,8% 8,8% 42,4%

Bron: Key2Schuldhulpverlening

Slagingspercentages schuldhulpverlening Product/dienst Saneringskrediet Schuldbemiddeling en -registratie Wettelijke schuldregeling WSNP

Procent Doelstelling Realisatie 2020 WIL 2021 85,0% 90% 81,5% 85% 83,3% 80%

Doelstelling Realisatie 2021 WIL 2022 80,0% 90% 91,3% 85% 63,6% 80%

Doelstelling Realisatie 2022 WIL 2023 91,4% 90% 77,4% 85% 80,0% 80%

Realisatie 2023 100,0% 63,6% 66,7%

Realisatie doelstelling Door de geringe aantallen in Q1 is de invloed op de percentages groot. In de loop van 2023 wordt die beïnvloeding kleiner.

Bron: Key2Schuldhulpverlening

Onder de kwalificatie 'niet succesvol' vallen meerdere situaties, ook als de oorzaak buiten de invloed van WIL ligt. Voorbeelden zijn het niet voldoen aan de voorwaarden, het niet nakomen van verplichtingen, verhuizing of overlijden. Onderstaande tabel bevat de specificatie voor 2023: Reden beëindiging producten schuldhulpverlening Mate van Reden van beëindiging succes Beoogd resultaat niet behaald Niet Cliënt voldoet niet aan voorwaarden succesvol Cliënt komt verplichtingen niet na Cliënt is overleden Overig Cliënt is verhuisd Op eigen verzoek van cliënt Wel Product is geslaagd succesvol Cliënt heeft zelf oplossing gevonden Cliënt geeft geen reactie Totaal

Saneringskrediet Aantal %

Schuldbemiddeling Aantal % 4 36,4%

2

18,2%

15

100,0%

5

45,5%

15

100,0%

11

100,0%

WSNP Aantal 1

% 33,3%

2

66,7%

3

100,0%

Doelstelling 10 - Samen met partners werkt WIL volgens een integrale aanpak KPI 10.1 | Waardering inzet WIL binnen lokale werkteams

[Uitkomst]

Uit de enquête Evaluatie Innovatieagenda van 2021 kwam naar voren dat de respondenten op 6 onderdelen gemiddeld 61,78% positief oordeelden en 23,56% neutraal. 14,66% oordeelde negatief. Na die enquête is de pilotfase beëindigd en is de werkwijze geïmplementeerd. Daardoor is de KPI nu overbodig geworden en vanaf 2023 vervallen.

Rapportage 1e kwartaal 2023

Pagina 17 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 10.2 | Inzet van generalisten

[Input]

De inzet van de WIL-generalisten heeft al jaren dezelfde omvang. Bij de start van deze inzet is in de kwartaalrapportage een tabel opgenomen met een kwantificering van de ureninzet. Omdat daarin niets wijzigt, achten wij het steeds opnieuw opnemen van dezelfde informatie niet meer opportuun.

KPI 10.3 | Inzet vanuit WIL binnen sociale teams

[Input]

De inzet van de WIL-generalisten komt ten gunste van de sociale teams. De generalist zorgt voor de verbinding met WIL. In elke gemeente is minimaal een WIL-generalist actief voor de genoemde inzet.

KPI 10.4 | Inzet vanuit WIL binnen lokale werkteams

[Input]

Zie de toelichting bij KPI 10.1. Ook deze KPI vervalt nu de werkwijze regulier onderdeel is van de dienstverlening na afronding van de pilotfase.

Doelstelling 11 - WIL hanteert een verantwoorde, medewerkersvriendelijke bedrijfsvoering KPI 11.1 | Begrotingsresultaat Omvang van de begroting Specificaties begroting Omvang van de totale begroting Begrotingsresultaat

[Uitkomst]

2020 55.042.000 0

2021 58.181.777 0

2022 58.974.000 0

Bedrag x € 1 2023 62.079.000 0

De bedragen zijn exclusief de SW-taken.

Bron: Goedgekeurde begrotingen en begrotingswijzigingen Key2Financiën

KPI 11.2 | Waardering door medewerkers Medewerkerstevredenheid Jaar Betrokkenheid Bevlogenheid Sociale veiligheid Herstelbehoefte

Rapportage 1e kwartaal 2023

2020 Geen MO uitgevoerd

[Uitkomst]

Benchmark* 6,6 7,3 7,6 5,7

2021 6,4 7,7 7,9 6,0

2022

2023

Geen MO gepland

Meting voorzien

In de 2e helft van 2021 is opnieuw een medewerkersonderzoek uitgevoerd. Het karakter en als gevolg daarvan de vraagstelling verschilden van voorgaande onderzoeken. In de tabel zijn 4 onderwerpen opgenomen waarop is gemeten. Van 2 daarvan is geen score uit het vorige onderzoek bekend omdat daarop toen niet is gemeten.

Pagina 18 van 35

Werk en Inkomen Lekstroom

KPI 11.3 | Aantal klanten (inclusief schuldhulpverlening)

[Input]

In onderstaande tabel staat per gemeente en voor WIL als totaal aangegeven hoeveel klanten gebruik maken van een enkele regeling (eerste 3 kolommen), of een combinatie van regelingen (laatste 4 kolommen). Aantal klanten per regeling of combinatie daarvan Gemeente

Aantal klanten

Participatiewet Aantal

Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Totaal

49 73 18 25 165

Minimaregelingen

% totaal 2,8% 5,1% 3,3% 0,6% 2,0%

Aantal 1.118 877 400 2.979 5.374

Schuldhulpverlening

% totaal 64,0% 61,1% 72,6% 67,2% 65,8%

Aantal 54 38 10 114 216

% totaal 3,1% 2,6% 1,8% 2,6% 2,6%

Participatiewet + Minimaregelingen Aantal % totaal 476 27,2% 396 27,6% 108 19,6% 1.143 25,8% 26,0% 2.123

Participatiewet + Schuldhulpverlening Aantal % totaal 2 0,1% 2 0,1% 1 0,2% 0,0% 0,1% 5

Minimaregelingen + Particip.wet + MinimaSchuldhulpverlening regelingen + Schuldh.verl. Aantal % totaal Aantal % totaal 28 1,6% 21 1,2% 32 2,2% 18 1,3% 8 1,5% 6 1,1% 105 2,4% 64 1,4% 2,1% 1,3% 173 109

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=5c22590c-8738-4c4a-958b-b617edd3b581