Zienswijzennota
Tekst van het document
ZIENSWIJZENNOTA Ontwerpbestemmingsplan ‘Bonegraaf-Oost te Dodewaard’
maart 2023
1
Zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Bonegraaf-Oost te Dodewaard’ 1. Inleiding Het bestemmingsplan ‘Bonegraaf-Oost te Dodewaard’ is voorbereid om de uitbreiding van bedrijventerrein De Bonegraaf in Dodewaard in oostelijke richting mogelijk te maken.
2. Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan ‘Bonegraaf-Oost te Dodewaard’ heeft ingevolge het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) van 27 oktober 2022 t/m 9 december 2022 ter inzage gelegen bij de receptie in het gemeentehuis en was tegelijkertijd raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. De terinzagelegging is bekend gemaakt in Hét Gemeentenieuws en op officielebekendmakingen.nl op woensdag 26 oktober 2022, waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld mondeling of schriftelijk zijn/haar zienswijze omtrent het ontwerpplan kenbaar te maken.
3. Zienswijzen Van de mogelijkheid tot het kenbaar maken van een schriftelijke zienswijze is gebruik gemaakt door: 1. Indiener zienswijze 1, Willem de Zwijgerlaan 30, 6669 AT Dodewaard 2. ARAG SE Nederland, Postbus 230 3830 AE Leusden (namens bewoners Brederode 52 6669 GL Dodewaard) 3. Indiener zienswijze 3, Brederode 54, 6669GL Dodewaard 4. Indiener zienswijze 4, Gieser Wildeman 21, 6669GP Dodewaard 5. Indiener zienswijze 5, Brederode 41, 6669GK Dodewaard 6. Indiener zienswijze 6, Brederode 39, 6669GK Dodewaard Er zijn geen mondelinge zienswijzen naar voren gebracht.
4. Ontvankelijkheid van de zienswijzen De schriftelijke zienswijzen zijn allen binnen de wettelijke termijn ingediend en dienen derhalve ontvankelijk te worden verklaard.
5. Algemene beantwoording
Alvorens de individuele zienswijzen van een beantwoording te voorzien, zijn er enkele onderwerpen die in de zienswijzen meermaals terugkomen. Deze zullen eerst worden beantwoord, zodat hier in de individuele zienswijzen naar kan worden verwezen. Het betreft de onderwerpen: locatie bedrijventerrein, categorisering milieuzonering, geluid(soverlast), bosperceel, ontsluiting Bonegraaf-Oost via Bonegraafseweg en behoefte aan bedrijventerrein. A. Locatie Bedrijventerrein Bonegraaf-Oost In enkele zienswijzen wordt de locatie Bonegraaf-Oost ter discussie gesteld. Het ontwikkelen naar bedrijventerrein zou zonde zijn van het mooie groene gebied en er zouden betere alternatieven zijn (locatie schaatsbaan wordt met name genoemd). Hierover merken wij het volgende op. De locatie Bonegraaf-Oost is niet nu of onlangs als te ontwikkelen bedrijventerrein door de gemeente bedacht. Al in 1997 heeft de voormalige gemeente Dodewaard deze opgenomen, als “overige uitbreidingsmogelijkheid” (van bedrijventerrein) in de “Ruimtelijke structuurvisie Kom Dodewaard” (vastgesteld door de gemeenteraad op 24 juni 1997). Na de herindeling heeft de gemeente Neder-Betuwe op 30 oktober 2003 de “Structuurvisie Kernen” vastgesteld. Hierin is de locatie Bonegraaf-Oost opgenomen als “potentiële bedrijfslocatie”. Er wordt van uitgegaan dat deze op korte termijn kan worden ontwikkeld, nog voor de locatie Bonegraaf-West.
In de praktijk is echter deze laatste (veel) eerder gerealiseerd. In 2010 heeft de gemeente een nieuwe Structuurvisie vastgesteld. Ook hierin was Bonegraaf-Oost weer opgenomen, ditmaal met de omschrijving “Ontwikkelingsrichting werken tot 2020”. In de opvolgende structuurvisies uit 2015 en 2018 is dit beleid gecontinueerd. Tot slot heeft de gemeenteraad op 24 februari 2022 de Omgevingsvisie Neder-Betuwe vastgesteld. Daarin is de locatie Bonegraaf-Oost op de richtinggevende kaart weergegeven als “Gepland bedrijven”. 2
In de genoemde beleidsdocumenten wordt nergens uitgegaan van behoud van het bestaande productiebosperceel. De duurzame instandhouding van een gedeelte van dit bos maakt echter wel onderdeel uit van de ontwikkeling (zie ook hierna en onder D. Bosperceel). In onze optiek is de locatie Bonegraaf-Oost ook zeer geschikt als toekomstig bedrijventerrein. Het sluit aan op het bestaande bedrijventerrein, waardoor gebruikmaking van bestaande infrastructuur mogelijk is. Zo kan het gebied ontsloten worden via Bonegraafseweg/Einsteinstraat, kan gebruik worden gemaakt van kabels, leidingen en riolering die aanwezig zijn en kan ook het bestaande watersysteem en -berging als aanknopingspunt dienen. Het dorp blijft compact en de invulling van het terrein is zodanig dat een verdere uitbreiding in oostelijke richting niet voor de hand ligt. Bijkomend voordeel van de gekozen locatie is dat het aanwezige populierenbos kan worden benut om de uitbreiding bij aanvang een stevig groen casco mee te geven. Het omvormen van dit populierenbestand naar een duurzaam bosbestand, dat binnen afzienbare tijd toch zou moeten gebeuren, is onderdeel van de plannen. Bij de inrichting borduren we op het bestaande groene karakter voort. De huidige ‘harde rand’ van bedrijventerrein de Bonegraaf kan hiermee aanzienlijk worden verzacht en verbeterd.
De locatie schaatsbaan is ons inziens niet geschikt als toekomstig bedrijventerrein. Nog los van het feit dat de omvang van dit terrein (3 ha) ruimschoots onvoldoende is voor de nu geplande bedrijven, is dit ook vanuit stedenbouwkundig/landschappelijk oogpunt ongewenst. De Dodewaardsestraat is een heldere en duidelijke begrenzing van het stedelijk gebied van Dodewaard. Een ‘sprong’ over deze straat zal een opmaat zijn voor verdere verstedelijking van het landelijk gebied in algemene zin en de openheid van het landschap in het bijzonder. De gemeente kiest er bovendien voor om het aanzicht en landelijk karakter van het dorp Dodewaard bij de entree langs de Rijksweg A15 tot uiting te laten komen. Een toegang tot het dorp met zowel oostelijk als westelijk ervan bedrijfsterreinen past naar het idee van de gemeente niet bij dit karakter. De locatie “ijsbaan” kent verder nauwelijks beplanting die als groen casco kan dienen. Uitbreiding van de Bonegraaf in deze richting zou de eerste jaren dan ook onherroepelijk leiden tot een nieuwe, harde rand in het landschap. Het aanbrengen van een stevige, groene kern zoals we dat in Bonegraaf-Oost kunnen doen omdat daar al een bos aanwezig is, zal op deze maagdelijke gronden bijna niet mogelijk zijn. Tot slot zijn er naar onze overtuiging geen andere reële alternatieven voor nieuw bedrijventerreinen in Dodewaard voorhanden.
Overigens is er elders in de gemeente ook geen uitbreidingsruimte, terwijl de behoefte aan bedrijfsgrond groot is. Bovendien is er ook in het Regionale Programma Werklocaties niet voorzien in andere geschikte uitbreidingslocaties in de gemeente Neder-Betuwe. B. Categorisering milieuzonering Voor het vaststellen van minimale richtafstanden tussen inrichtingen en milieugevoelige functies worden in de regel de lijsten zoals deze zijn opgenomen in de handreiking 'Bedrijven en milieuzonering' gebruikt. Bedrijven zijn in de VNG-handreiking ingedeeld in een aantal categorieën met bijbehorende gewenste richtafstanden tot milieugevoelige functies. De categorieën geven de zwaarte van bedrijvigheid en mogelijke milieuhinder weer, voor Bonegraaf-Oost geldt een maximale categorie van 3.2. Voor een rustige woonomgeving gelden andere afstanden (strengere eisen) dan voor bijvoorbeeld drukke woonwijken of een gemengd gebied. De richtafstanden kunnen, zonder dat dit ten koste gaat van het woonen leefklimaat, met één afstandstap worden verlaagd indien sprake is van omgevingstype gemengd gebied. In het geval van de ontwikkeling Bonegraaf-Oost zijn wij van mening, dat er sprake is van gemengd gebied. In hoofdstuk 2 van de VNG brochure zijn twee omgevingstypen gedefinieerd. Dit zijn het omgevingstype ‘rustige woonwijk’ en het omgevingstype ‘gemengd gebied’.
Als definitie van het omgevingstype ‘gemengd gebied’ wordt de volgende omschrijving gehanteerd: “Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. (…) Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend.” In dit geval is sprake van een gebied met woningen direct gelegen naast een sportpark, op korte afstand van een bestaand bedrijventerrein en de snelweg A15, en ook direct gelegen aan agrarische gronden. We hebben dit overigens nog getoetst bij onze huisadvocaat en die bevestigt onze lezing. Dit is ook als zodanig gebruikt en vertaald in het ontwerpbestemmingsplan. Overigens is voor de afstandseis i.c. met name het aspect geluid van belang. Dat aspect is uitgebreid onderzocht.
3
Inderdaad hanteert het voorontwerpbestemmingsplan “Dalwagen ong. Dodewaard” de kwalificatie “rustige woonwijk” voor deze woningen; dit zal nog worden aangepast. Dat het daarnaast in andere plannen anders beoordeelt is, doet niets af aan de juistheid van de in Bonegraaf Oost gekozen kwalificatie. De opmerking in het bestemmingsplan Dalwagen en Einsteinstraat dat het vooruitlopend is op de ontwikkeling van Bonegraaf-Oost wil overigens niet zeggen dat perse precies dezelfde regeling zal worden overgenomen. Het betekent slechts dat hiervoor in de tijd gezien alvast een bestemmingsplan wordt vastgesteld. Het bestemmingsplan Bedrijventerrein, vastgesteld door de gemeenteraad op 27 juni 2013, is in eerste instantie als onderlegger gebruikt voor het voorliggende bestemmingsplan Bonegraaf-Oost. In de structuurschets Bonegraaf-Oost wordt overigens ook gesteld dat sprake is van “gemengd gebied”. Benadrukt wordt bovendien dat ook in het geval uitgegaan zou worden van de kwalificatie als rustige woonwijk, voor het grootste deel van het bedrijventerrein, gelet op de zonering, ook nog wordt voldaan aan de geldende richtafstanden. C. Geluid(soverlast) In meerdere zienswijzen wordt kenbaar gemaakt dat wordt gevreesd voor geluidsoverlast. De gemeente wil op het bedrijventerrein de vestiging mogelijk maken van bedrijven uit de bedrijfscategorieën 3.1 respectievelijk 3.2.
Voor de wijziging van het bestemmingsplan is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Het doel van dit akoestisch onderzoek is het ‘worst case’ bepalen van de te verwachten geluidemissie van het bedrijventerrein op de omliggende woningen. Naar aanleiding van zienswijzen is besloten om aan de gehele zuidzijde van het bedrijventerrein een geluidswal met een hoogte van 5 meter te realiseren.. Verder is naar aanleiding van zienswijzen besloten om de planologische mogelijkheden ter plaatse van deelgebied 3 te beperken. Ter plaatse zijn niet langer (alle) bedrijven in categorie 3.2 toegestaan. Er wordt een maatwerkbestemming voor GMB vastgelegd. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat uitgaande van deze planologische mogelijkheden ter plaatse van alle woningen wordt voldaan aan de richtwaarden (zowel voor de langtijdgemiddelde als de maximale geluidniveaus) uit de VNG-publicatie. Met andere woorden bij de betreffende woningen is sprake van een goed woon- en leefklimaat. Indirecte hinder Uit de berekeningen van indirecte hinder blijkt, dat de etmaalwaarde van de equivalente geluidbelasting die wordt veroorzaakt door het verkeer op de ontsluitingsweg van het plan bij de woningen maximaal 41/41/37 dB(A) bedraagt. Dit is lager dan de richtwaarde uit de VNG-publicatie en de Circulaire uit 1996. Met andere woorden bij de betreffende woningen is sprake van een goed woon- en leefklimaat.
Cumulatie geluid Naar aanleiding van zienswijzen gericht op cumulatie van geluid, is besloten om ook de cumulatie van geluid afkomstig van het nieuwe bedrijventerrein, de rijksweg en de Betuweroute te cumuleren. Uit deze berekening volgt dat de gecumuleerde geluidbelasting ter plaatse van de woningen, indien rekening wordt gehouden met de afschermende werking als gevolg van de realisatie van het bedrijventerrein en de geluidswal, juist verbetert. D. Bosperceel De oproep tot het zorgvuldig onderzoeken van de consequenties van de gedeeltelijke kap en de omvorming van het bos door enkele indieners van zienswijzen wordt gedeeld. Om die reden zijn diverse onderzoeken naar het bosperceel uitgevoerd. Dit betreft enerzijds onderzoek naar de kwaliteit van bomen (wortelgesteldheid, stabiliteit, leeftijd) en anderzijds een onderzoek naar de ecologische waarden van het bos perceel. De gemeente heeft in de Structuurschets Bonegraaf- Oost ook aangegeven, dat het van belang is om het bos in ieder geval deels intact te laten, in combinatie met een wandelpad. Van belang is het echter wel om hierbij op te merken, dat de toekomstverwachting van het bos, ook wanneer het bos als gesloten geheel behouden blijft, sowieso maximaal 10-15 jaar is (zie de in 2021 uitgevoerde Boom Effect Analyse, bijlage 20 van het bestemmingsplan zoals dat als ontwerp ter inzage lag).
Dat betekent dat ook zonder herontwikkeling van het terrein het bos niet lang kan blijven bestaan in de huidige vorm. Bovendien is de ecologische kwaliteit (biodiversiteit) op dit moment niet bijzonder hoog, vanwege de eenzijdigheid van bomen. Om het (gedeeltelijke) behoud van het bos mogelijk te maken is een plan opgesteld voor duurzame instandhouding ervan. Omvorming van een monotoon bomenbestand naar een soortenrijk bos maakt hier onderdeel van uit. Dit zal gefaseerd gebeuren en beslaat 3 fasen over een tijdspad van ca. 8 jaar vanaf de start van de aanleg van het bedrijventerrein.
4
Het huidige bosperceel is circa 60 meter breed en bestaat uit 10 rijen populieren met in het oostelijk deel een wandelpad. Het is de bedoeling om het westelijk deel van het bos als bos te behouden en daar het wandelpad naartoe te verplaatsen. Het oostelijk deel is bedoeld als ‘parkeren in het groen’: parkeren onder bomen. Het oostelijk deel is ook het oudste deel, bovendien zijn deze bomen instabiel (slecht geworteld) en dat kan op korte termijn gevaarlijke situaties opleveren. De oudste bomen zullen daarom direct bij de start van de bouwwerkzaamheden worden verwijderd (of eerder indien dat noodzakelijk is). Ook voor de nieuwe functie ‘parkeren in het groen’ worden hier echter nieuwe en andere (meer soorten) bomen teruggeplaatst. Dit is ook noodzakelijk i.v.m. de herplantplicht die voor het bosperceel geldt. Hiermee kan ook de biodiversiteit in het te behouden bosgebied verhoogd worden en is er sprake van een toekomstig bestendig bosperceel. Het is juist de omvorming tot een duurzaam bosperceel die op termijn ook de beste condities schept voor aspecten als klimaatadaptatie, hittestress, opname stikstof e.d. Het ophogen van gronden op het geplande bedrijventerrein gebeurt niet met 1.60 meter maar zal maximaal 1 meter bedragen. De gronden in het bosperceel worden niet opgehoogd en deze gronden zijn gescheiden door watergangen in het perceel.
Het effect van ophoging zal dan ook minimaal zijn voor de bomen. Zoals gesteld zal dus een deel van het bosperceel worden behouden en op termijn duurzaam worden omgevormd. Het verplaatsen van het bos naar de zuidzijde past niet in de structuurschets van de gemeente en is ook niet doelmatig. Juist het behoud van een deel van het bosperceel op de huidige positie biedt mogelijkheden voor een duurzame omvorming van het bos. E. Ontsluiting Bonegraaf-Oost via Bonegraafseweg In enkele zienswijzen wordt getwijfeld aan de geschiktheid / capaciteit van de Bonegraafseweg als ontsluiting van het bedrijventerrein Bonegraaf-Oost. Hierover het volgende. De Bonegraafseweg, komend vanaf de Einsteinstraat naar de A15 (en vice versa) is in het Neder-Betuws Verkeer- en Vervoerplan gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom. Dit soort wegen zijn prima geschikt om bedrijven te ontsluiten. De capaciteit van dergelijke wegen is daarbij ook voldoende. Voor de verkeersveiligheid is het van belang dat gebruik, functie en inrichting met elkaar in overeenstemming zijn. De toename van het verkeer is niet zodanig dat er verkeerskundig gezien er nu een disbalans ontstaat tussen functie, inrichting en gebruik. Er zijn de afgelopen jaren bij de gemeente ook niet of nauwelijks klachten binnen gekomen over dit deel van de Bonegraafseweg.
De eventuele wenselijkheid van aanvullende (fiets)voorzieningen staat los van de ontwikkeling van Bonegraaf-Oost en vestiging van GMB. In het huidige Verkeer- en Vervoerplan (2018) is geen sprake van de aanleg van fiets- of voetgangersvoorzieningen. Een geschikt alternatief is immers de route via de Matensestraat/Dodewaardsestraat. Ook is de Bonegraafseweg niet als knelpunt opgenomen. Opgemerkt wordt voorts dat de Dalwagen geen functie heeft in de ontsluiting van Bonegraaf-Oost. F. Regionale afstemming over behoefte aan uitbreiding Bonegraaf Oost Een aantal keer wordt in de zienswijzen ingegaan op de procedure m.b.t. advisering door Regio (Regionaal Acquisitie Punt, RAP) en Provincie. Die afstemming zou niet goed of niet op de juiste wijze hebben plaatsgevonden. Van belang is hierover in zijn algemeenheid te melden dat er veelvuldig afstemming is gezocht met Regio en Provincie, zowel over de uitbreiding van Bonegraaf in het algemeen, als over de (beoogde) vestiging van GMB. Afstemming met de Regio was m.n. nodig, omdat in de Provinciale Omgevingsverordening is opgenomen (art. 2.10) dat in een bestemmingsplan alleen nieuwe bedrijventerreinen of uitbreiding van bestaande mogelijk kan worden gemaakt indien “deze ontwikkeling past binnen het vigerende Regionaal programma werklocaties” (RPW).
Ten tijde van het starten van de planvorming stond Bonegraaf Oost in het RPW nog “op oranje”. Dat betekent dat met de uitbreiding wel rekening werd gehouden, maar dat er nog geen definitieve toestemming voor was gegeven. Vooruitlopend op die toestemming kan echter onder voorwaarden gestart worden met de planvorming. Aan die voorwaarden1 is ook voldaan (de Ladder is een bijlage van het bestemmingsplan, het RAP heeft (positief) geadviseerd en de provincie heeft ingestemd met het plan), zodat geconcludeerd kon worden dat de bestemmingsplanprocedure kon starten, vooruitlopend op de formele statuswijziging in het RPW.
1 De voorwaarden betreffen: voldoen aan de Ladder voor Ladder voor duurzame verstedelijking, regionaal
afstemmen en instemming door de provincie
5
Recent is echter het RPW herzien. In die herziening is de uitbreiding van Bonegraaf Oost rechtstreeks toegestaan (“statuswijziging naar groen”). Daarmee is een discussie over juistheid van de afstemming achterhaald. In aanvulling daarop wordt bovendien gewezen op de formulering in het RPW (in tabel 7): “Plan is bestuurlijk geaccordeerd. Bestemmingsplan is in voorbereiding (…). Eigenaren ontwikkelen voor eigen vestiging”. Met name dat laatste is weer van belang inzake de discussie of GMB (en Pauw) zich nu wel of niet zouden mogen vestigen omdat ze groter zouden zijn dan op een lokaal bedrijventerrein zou zijn toegestaan. Uit de formulering blijkt dat de ontwikkelaars/eigenaren bekend zijn en dat de bestuurlijke accordering zich daarmee ook uitstrekt over de komst van deze bedrijven. Wat de grootte van bedrijven/afmeting van bedrijfspercelen betreft tenslotte2, merken wij op dat het provinciale beleid (visie en verordening) geen bepalingen over de omvang van bedrijven (meer) bevat. Hoewel het RAP in de (inmiddels dus achterhaalde) advisering naar verwees, is dat evenmin als eis opgenomen in het RPW.
6. Inhoudelijke behandeling van de zienswijzen
De inhoud van de zienswijzen worden per zienswijze in samengevatte vorm weergegeven. Daarna zal er per zienswijze een inhoudelijke beantwoording worden gegeven en vervolgens volgt het voorstel of en op welke wijze dit eventueel leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. Voor zover er discussie zou bestaan over de samenvatting is van belang te vermelden, dat bij de beoordeling uiteraard de hele zienswijze is meegewogen, niet alleen de samenvatting. 1. a. b.
Indiener zienswijze 1, Willem de Zwijgerlaan 30, 6669 AT Dodewaard Vrees voor toename van de geluidsbelasting die als gevolg van verkeer A15/Betuweroute al hoog is; geluidsberekening op de woningen gaat abusievelijk niet uit van cumulatie. Verbreding van de A-watergang langs de Gieser Wildeman zou het watersysteem van Dodewaard veel robuuster en minder kwetsbaar maken.
Beantwoording a. Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder C. b. Binnen het plangebied, aan de zuidzijde langs de Brederode, is wel degelijk sprake van een verbreding van de watergang voor waterberging. Het zou de voorkeur van de gemeente hebben om die verbreding door te trekken langs de Gieser Wildeman in het bestemmingsplan Dalwagen ong. Dodewaard, maar dat is een discussie die in het kader van dat bestemmingsplan dient te worden gevoerd. 2. a. b. c. d. e.
ARAG SE Nederland, Postbus 230 3830 AE Leusden (namens bewoners Brederode 52 6669 GL Dodewaard) Bonegraaf-Oost zal zorgen voor aantasting woon- en leefklimaat, waaronder forse geluidshinder en verslechtering van de luchtkwaliteit. Dit is weliswaar onderzocht, maar de praktijk kan anders zijn. Het is onwenselijk om op die plek bedrijventerreinen te realiseren, omdat dit nog een groene buffer is tussen woonbebouwing/bestaand bedrijventerrein/snelweg A15. Het gebied waar nu de ijsbaan is gelegen is een beter alternatief, wellicht zijn er nog andere alternatieven. Zonde dat bomenrij zeker voor de helft wordt gereduceerd, betekent ook aantasting ecologische en recreatieve waarden. Deze ontwikkeling zal zeker leiden tot een planschadeverzoek vanwege een forse waardedaling van de woning.
Beantwoording a. Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder B en C. b. Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder A. c. Verwezen wordt hiervoor naar de algemene beantwoording onder A. d. Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder D. e. Indien iemand meent als gevolg van de bepalingen in een nieuw ruimtelijk plan schade te lijden, kan hiervoor (zodra het bestemmingsplan onherroepelijk is) een verzoek tot een tegemoetkoming in planschade worden ingediend. Zie hiervoor artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening en de Planschadeverordening van de gemeente Neder-Betuwe.
2 De veronderstelde norm dat lokale bedrijven in beginsel maximaal 5.000m2 groot zouden mogen zijn
6
3. a. b. c.
Indiener zienswijze 3, Brederode 54, 6669GL Dodewaard Plan leidt tot horizonvervuiling. Plan leidt tot geluidsoverlast. Er is sprake van waardevermindering van de woning, compensatie hiervoor moet een optie zijn.
Beantwoording a. Inderdaad leidt het plan tot een gewijzigd uitzicht. Nu zijn er aan de west- en oostzijde van het bosperceel agrarische gronden, na realisering is dat bedrijventerrein. Wel wordt opgemerkt dat ook in de huidige situatie al een wal aanwezig is die vanaf de begane grond (van de woningen aan de Brederode en Gieser Wildeman) een direct zicht op de betreffende gronden grotendeels ontneemt. Voorts is er een nieuwe geluidswal voorzien, die niet alleen geluid maar ook het directe zicht op het bedrijventerrein voor een groot deel zal wegnemen. Tevens is voorzien in een landschappelijke inpassing. In onze optiek is er derhalve geen sprake van een onaanvaardbare verslechtering van het uitzicht. Overigens dient hierbij opgemerkt te worden, dat niemand een blijvend recht op vrij uitzicht heeft en dat al meer dan 25 jaar duidelijk is dat op die locatie mogelijk een uitbreiding van het bedrijventerrein wordt gerealiseerd. b. Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder C. c. Indien iemand meent als gevolg van de bepalingen in een nieuw ruimtelijk plan schade te lijden, kan hiervoor (zodra het bestemmingsplan onherroepelijk is) een verzoek tot een tegemoetkoming in planschade worden ingediend. Zie hiervoor artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening en de Planschadeverordening van de gemeente Neder-Betuwe. 4.
Indiener zienswijze 4, Gieser Wildeman 21, 6669GP Dodewaard Bij de samenvatting en beantwoording van deze zienswijze is gebruik gemaakt van de nummering uit de zienswijze zelf, dit om het zo goed mogelijk leesbaar te houden. Voorts is hier, in tegenstelling tot de overige zienswijzen, per nummer eerst een samenvatting gegeven en direct daarna de beantwoording. Dit om het overzichtelijk en leesbaar te houden. 1.1 De toelichting van het bestemmingsplan gaat uit van de omvang van het plangebied van 6,3 hectare en een netto uitgeefbaar gebied van 5,1 hectare. Onduidelijk is hoe deze oppervlakten zijn bepaald. Beantwoording Het totale plangebied van het ontwerpbestemmingsplan heeft een oppervlakte van circa 8 hectare. Aan de randen van het plangebied zijn de nodige groenvoorzieningen opgenomen, ook wordt een bestaand bedrijfsperceel meegenomen in het nu voorliggende bestemmingsplan. Het plangebied kent na aftrek van deze beiden een oppervlakte van circa 6,3 hectare. De totale oppervlakte van de bestemming ‘Bedrijventerrein’ betreft circa 5,1 hectare en daarmee de netto oppervlakte aan (uitgeefbare) bedrijfsbestemmingen.
Wij begrijpen dat dit enige verwarring met zich meebrengt en om die reden passen wij de tekst aan naar: ‘Het totale plangebied heeft een omvang van circa 8 hectare, het netto uitgeefbaar gebied heeft een oppervlakte van circa 5,1 hectare’ Aanpassing: zienswijze leidt tot verduidelijking in de toelichting, paragraaf 1.1. De uitbreiding de BonegraafOost heeft een totale omvang van circa 8 hectare, waarvan circa 5,1 hectare netto uitgeefbaar. 1.2 De GMB Groep is nu al een erg groot bedrijf wat niet past op een lokaal bedrijventerrein wat bedoeld is voor de kleine tot middelgrote bedrijven. Daarbij geeft indiener aan dat een verdere groei van de GMB Groep wordt verwacht. Beantwoording De GMB Groep is een lokaal bedrijf dat altijd gevestigd is geweest in de kern Opheusden. De GMB Groep kent inderdaad een nodige omvang, maar het merendeel van de bedrijfsonderdelen is elders in Nederland gevestigd en dat blijft ook zo. Het bestemmingsplan voorziet in de verplaatsing van het hoofdkantoor en de bijbehorende bedrijfsonderdelen zoals deze nu gevestigd zijn in de kern Opheusden en enige samenvoeging van opslag in de omgeving van Opheusden. Van een verdere vergroting van de huidige Opheusdense activiteiten in Dodewaard is dus, anders dan indiener vermoedt (ook in 1.3) geen sprake.
7
Wat betreft de invulling van dit lokale bedrijventerrein (waarbij dus ook de vestiging van GMB behoort) is voorts dus afstemming gezocht met de Regio Rivierenland (zie verder wat hierover is opgemerkt in het algemene deel onder F.). In de zienswijze wordt de aanvaardbaarheid van een bepaald bedrijf, met name GMB en in mindere mate Pauw, puur beoordeeld op de kavelomvang c.q. het ruimtebeslag in m2. Dit is echter een wat te simpele voorstelling van zaken. Vooropgesteld, ook wij zijn van mening dat een bedrijf passend/inpasbaar moet zijn op het bedrijventerrein waar het wordt gevestigd. Echter, daarbij zijn naast het ruimtebeslag ook factoren als soort bedrijf, inrichting, milieucategorie en lokale verbondenheid van belang. GMB neemt weliswaar in z’n totaliteit behoorlijk wat ruimte in op de Bonegraaf-Oost, maar het is qua milieucategorie passend. Het is zelfs zo dat het totale bedrijf dient te worden beschouwd als categorie 3.2, maar dat als je kijkt naar de diverse onderdelen, er veel gedeelten eigenlijk niet meer milieu impact hebben dan een milieucategorie 2. Ook qua inrichting van het terrein past GMB op een lokaal bedrijventerrein, met bebouwing passend op bedrijventerrein en die qua vorm en uitstraling vergelijkbaar zijn als wanneer zich meerdere bedrijven op hetzelfde perceel zouden hebben gevestigd, en relatief veel buitenopslag.
Vergelijk dit bijvoorbeeld met de megagebouwen op Medel en Park15 die een geheel andere uitstraling hebben. Voorts is er sprake van een bedrijf met een lokale verbondenheid, met veel werknemers die in Neder-Betuwe wonen. Specifiek voor Bonegraaf-Oost is het voordeel van GMB dat er een kantoor van het bedrijf wordt gevestigd, dat weer kan voldoen aan de specifieke beeldkwaliteitseisen langs de snelweg A15 als zichtlocatie. Ook speelt mee dat bij verplaatsing van het bedrijf vanuit de kern Opheusden de locatie daar kan worden ingevuld met beter bij het dorp passende functies. Resumerend gaf het concrete plan van GMB voor vestiging op Bonegraaf-Oost ons aanleiding om daar positief in te staan. Het bestemmingsplan zal worden gewijzigd, in die zin dat voor GMB een ‘maatwerkbestemming’ wordt opgenomen. Aanpassing: maatbestemming opnemen voor GMB 1.3 Indiener geeft aan dat de vestiging van GMB Groep op De Bonegraaf niet alleen de verhuizing van de huidige locatie uit Opheusden betreft. Volgens indiener beoogt de GMB Groep een veelvoud van activiteiten op het terrein en wil men centraliseren op De Bonegraaf. Beantwoording Zoals aangegeven onder 1.2 voorziet het ontwerp bestemmingsplan in de verplaatsing van de bedrijfsonderdelen zoals deze nu gevestigd is in de kern Opheusden en enige samenvoeging van opslag in de omgeving van Opheusden. Van centralisatie is geen sprake.
Bovendien wordt voor GMB dus een meer op maat gemaakte bestemming opgenomen in het bestemmingsplan. 1.4 GMB levert dezelfde verkeer-/parkeerproblemen als nu in Opheusden? Beantwoording De situatie in Opheusden is niet te vergelijken met de situatie in Dodewaard. De situatie in Opheusden is historisch gegroeid. Op dit moment zijn er in Opheusden onvoldoende en verspreide parkeerplaatsen aanwezig. Dit genereert ook onnodige voetgangersbewegingen. Tevens ligt het bedrijf aan een belangrijke invalsweg naar het dorpscentrum van Opheusden. Het verkeer dat GMB hier genereert, gaat dus via woonwijken naar het bedrijf, hetgeen in de toekomstige situatie in Bonegraaf-Oost niet het geval zal zijn. Er ligt nu een goede berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen, gebaseerd op hedendaagse normen, op Bonegraaf-Oost is genoeg ruimte om voldoende parkeerplaatsen te realiseren. 1.5 Onduidelijk of terrein voor Pauw bij het nu reeds in gebruik zijnde terrein komt. Beantwoording Het tijdelijk door Pauw in gebruik zijnde perceel maakt geen onderdeel uit van de definitieve vestigingslocatie van Pauw. Deze ontwikkelt circa 0,6 ha aan de noordwestzijde van het plangebied.
8
Met aftrek van GMB en Pauw resteert er ongeveer 1,4netto bedrijfsterrein voor overige bedrijven. Hier kunnen naar verwachting nog 4 a 5 bedrijven gevestigd worden. 1.6 In het bestemmingsplan is aangegeven dat Pauw een gespecialiseerd bedrijf in weg- en waterbouw betreft, dat daarnaast ook transport verzorgt. Indiener geeft aan dat de verhuur- en transportactiviteiten de laatste jaren sterk zijn gegroeid. Een deel van deze activiteiten vindt plaats in het buitengebied en een deel op De Bonegraaf. Het is voor indiener onduidelijk welke activiteiten Pauw daadwerkelijk beoogt voor De Bonegraaf. Beantwoording De activiteiten van Pauw betreffen weg- en waterbouwwerkzaamheden en de laatste jaren ook het transport. Deze activiteiten, die zijn toegestaan binnen de op grond van het bestemmingsplan toegelaten bedrijfscategorieën, zullen dan ook gevestigd worden op het nieuwe bedrijventerrein. 1.7-1.8 Bonegraaf-Oost is aantrekkelijke locatie voor lokale ondernemers, maar door vestiging van GMB gaat groot deel van het terrein al verloren. Beantwoording Inderdaad is Bonegraaf-Oost een aantrekkelijke vestigingslocatie, waarvoor veel belangstelling is. Door het nu in procedure gebrachte bestemmingsplan kunnen straks daadwerkelijk bedrijven zich vestigen, aangezien er nog percelen zullen worden doorverkocht aan naar verwachting 4 a 5 andere (en bij voorkeur lokale) ondernemers.
Dit was overigens waarschijnlijk (nog) niet aan de orde was geweest zonder het initiatief van GMB/Pauw/Veens: in 2019 ontving de gemeente een verzoek van Pauw om zich op deze locatie te mogen vestigen. Dit was de directe aanleiding voor het opstellen van de Structuurschets Bonegraaf Oost om uitgangspunten voor de herontwikkeling van dit gebied te kunnen meegeven aan initiatiefnemers. Later voegden in eerste instantie de gebroeders Veens (2019) en daarna GMB (2020) zich bij Pauw als initiatiefnemers voor wat uiteindelijk de totaalontwikkeling van het gebied is geworden (waarbij Veens later hun positie weer verkochten aan Burgland Bouw). 1.9-1.10 Op het terrein waar het bestemmingsplan “Einsteinstraat & Dalwagen” geldt, loopt een handhavingsprocedure vanwege geluidsoverlast. In dat bestemmingsplan is tevens terecht gebruik gemaakt van de typologie “rustige woonwijk” volgens de VNG-brochure in plaats van “gemengd gebied” in het BP Bonegraaf-Oost. Beantwoording Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder B en C en naar de beantwoording onder 2.2-2.3. 1.11 Door gebruikmaking van de typologie “gemengd gebied” heeft ook de geluidzoneverkleining verstrekkende gevolgen. Beantwoording De zoneverkleining van het bedrijventerrein De Bonegraaf is niet doorgevoerd vanwege de ontwikkeling van Bonegraaf-Oost.
De zone regelt de maximale geluidsbelasting van de betreffende bedrijven op het gezoneerde industrieterrein, in dit geval Romeijn Beton. Wel geeft de opgenomen zone beperkingen m.b.t. het realiseren van zogenaamde gevoelige functies. Dit betekent dat het nu wel mogelijk is (niet-zelfstandige) kantoren te realiseren. Bedrijfswoningen zijn toch al nooit de bedoeling geweest alhier. De woningen in woonwijk De Heuvel zijn zowel in de oude als nieuwe situatie buiten de zone gelegen. 2.1 De bestaande situatie wordt onvolledig beschreven, het perceel in gebruik door Pauw wordt niet benoemd. Beantwoording De huidige situatie, inclusief het perceel waar Pauw tijdelijk gevestigd is, is wel opgenomen op de luchtfoto in paragraaf 1.2. 9
2.2-2.3 Er is sprake van geluidsoverlast op het terrein van Pauw, er loopt een handhavingsprocedure. Dit moet eerst worden opgelost voordat er nieuwe plannen ter inzage worden gelegd. Beantwoording De handhavingsprocedure betreft een andere procedure. Van belang is dat ten behoeve van dit bestemmingsplan uitgebreid (akoestisch) onderzoek is uitgevoerd. Daarbij is ook uitgegaan van de geluidmuur die op dit moment nog niet aanwezig is maar wel zal worden gerealiseerd. Uit dit onderzoek volgt dat ter plaatse van de woningen sprake blijft van een goed woon- en leefklimaat. Kortheidshalve wordt verder verwezen naar de algemene beantwoording onder C. 2.4-2.6 In het bestemmingsplan is aangegeven dat de omgeving van het plangebied een noord-zuid gerichte structuur kent. Indiener bestrijdt deze noord-zuid gericht structuur en geeft aan dat er ook sprake is van een oost-west richting. Beantwoording De beschreven noord- zuidstructuur is de heersende landschappelijke structuur die sinds jaar en dag in het omliggende landschap valt af te lezen. De historie laat een typische slagenverkaveling in noord-zuid richting zien, onderbroken door een watergang (leigraaf-wetering) in oost-westrichting. Dit betreft dus zowel de ontwaterings-, kavel- en bosstructuur.
2.5 Indiener geeft een andere indeling van het bedrijventerrein in overweging, waarbij wordt voorgesteld om het bosperceel aan de zuidzijde te realiseren en de bedrijfsfuncties op 100 meter afstand van de woningen aan de Gieser Wildeman. Hierdoor kan het goede woon- en leefklimaat eenvoudiger en beter behouden worden. Beantwoording Ten behoeve van de ontwikkeling is door de gemeente de structuurschets Bonegraaf – Oost opgesteld. De structuurschets gaat uit van een oriëntatie van bedrijven richting Rijksweg en een groene omzoming van het bedrijventerrein. Ten behoeve van de ontwikkeling wordt het bedrijventerrein door middel van groene visuele wallen en geluidswallen omzoomd. Een deel van het bosperceel zal worden behouden en op termijn duurzaam worden omgevormd, zie ook hiervoor in de algemene beantwoording onder D. Het verplaatsen van het bos naar de zuidzijde past niet in de structuurschets van de gemeente en is ook niet doelmatig. Juist het behoud van een deel van het bosperceel op de huidige positie biedt mogelijkheden voor een duurzame omvorming van het bos. Met de indeling van het perceel is wel rekening gehouden met een goed woon- en leefklimaat. Dit door middel van de indeling van het perceel met de minst belastende activiteiten aan de zuidzijde, de aanleg van een (geluids)wal en de afstand tot de woonwijk.
Bovendien bestaat de (geluids)wal niet alleen uit een geluidscherm, maar ook uit een groenstructuur met bomen en struiken. Dit is ook als voorwaardelijke verplichting opgenomen in het bestemmingsplan. Aanpassing: voorwaardelijke verplichting uitbreiden met een concreet beplantingsplan voor de volledige zuidzijde en oostzijde 2.6 Indiener geeft aan dat een noord-zuid inrichting van het bedrijventerrein voor de zuidelijk gelegen woningen de meest nadelige is, omdat achterkanten van bedrijven richting de woningen liggen met zicht op opslag en verlichting en overlast van geluid en stof, enz.. Beantwoording Zie beantwoording onder 2.5. Aanvullend wordt opgemerkt dat er niet of nauwelijks sprake zal zijn van zicht op opslag of andere bedrijfsactiviteiten door de aanleg van een groen begroeide geluidswal, in ieder geval niet vanaf de begane grond. 2.7-2.8 Milieutechnische inpassing op basis van “gemengd gebied” doet geen recht aan omliggende woningbezitters. Op basis van de Structuurschets is abusievelijk deze typologie gekozen. In het bestemmingsplan Einsteinstraat & Dalwagen is wel correct uitgegaan van “rustige woonwijk”. 10
Beantwoording Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder B. 2.9 In het bestemmingsplan wordt niet gesproken over het doortrekken van een geluidwal aan de zuidzijde van deelgebied 1 ter bescherming van de rustige woonwijk, die nu al geluidhinder ondervindt van het door Pauw reeds in gebruik genomen terrein. In het huidige bestemmingsplan is een hogere geluideis opgenomen, die met de vaststelling van dit nieuwe bestemmingsplan komt te vervallen. Indiener pleit voor het doortrekken van de geluidwal tot en met het zuidelijke deel van deelgebied 1. Beantwoording In het ontwerp bestemmingsplan is de bedrijfscategorie aan de zuidzijde van deelgebied 1 beperkt tot maximaal categorie 3.1. Indien een hogere categorie wenselijk is, is er een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor het college voor maximaal categorie 3.2. Hiervoor dient wel een geluidswal te worden gerealiseerd. Wij begrijpen dat dit de nodige onzekerheid met zich meebrengt. Om die reden zal de geluidswal (conform specificaties geluidswal GMB) direct worden opgenomen in het bestemmingsplan. Hiermee wordt de realisatie van de geluidswal juridisch verplicht gesteld in de planregels. Aanpassing: Zienswijze leidt tot aanpassing verbeelding en realisatie van de geluidswal door middel van een voorwaardelijke verplichting direct vastleggen in de planregels.
Daarnaast wordt de voorwaardelijke verplichting (die regelt dat zowel geluidwal als groene inrichting gerealiseerd en in stand gehouden moeten worden) in art. 3.4.2 verduidelijkt. 2.10 Paragraaf 2.2 meldt dat Pauw zich zal vestigen, maar is feitelijk al gevestigd. Beantwoording Het perceel waar Pauw activiteiten ontplooit is een tijdelijke locatie, de definitieve vestigingslocatie van ongeveer 0,6 ha (netto) is gelegen in de noordwesthoek van het plangebied. 2.11 In het bestemmingsplan is opgenomen dat parkeervoorzieningen vanaf het centrale deel bereikbaar zijn. De afzonderlijke bestemming “parkeren in het groen’ lijkt hiermee in strijd. Het omzomen van een parkeerterrein met een haagstructuur komt niet overeen met het deels behouden van het bos. De haagstructuur is goed voor biodiversiteit, maar het behouden van het bos zou nog veel beter zijn. Beantwoording De aangehaalde bestemming ‘Parkeren in het groen’ is geen bestemming, maar een aanduiding binnen de bestemming ‘Bedrijventerrein’. Deze aanduiding is uitsluitend opgenomen om het bijzondere karakter en daarmee de uitstraling van het parkeerterrein planologisch vast te leggen. De bestemming ‘Bedrijventerrein’ is ter plaatse onverminderd van toepassing. Het parkeerterrein wordt ontsloten door de centrale ontsluitingsweg.
2.12 Voor deelgebied 1 is uitgegaan van circa 25 tot 30 parkeerplaatsen per parkeervoorziening met een totaal van circa 100 tot 120 parkeerplaatsen. De parkeerbehoefte is bepaald o.b.v. panden voor arbeidsextensieve bedrijven met één bouwlaag. Niet duidelijk is of het aantal parkeerplaatsen voldoet aan de maximaal mogelijke parkeerbehoefte en dit niet zal leiden tot parkeeroverlast in de omgeving. Beantwoording Ten behoeve van het bestemmingsplan moet inzichtelijk worden gemaakt wat globaal de beoogde parkeerbehoefte zal zijn en of het plangebied voldoende ruimte biedt om deze globale behoefte op te vangen (toets planologische haalbaarheid). Om hier inzicht in te verkrijgen heeft Goudappel Coffeng, datum 17 september 2022, een rapportage opgesteld. De daadwerkelijk toets op parkeren komt pas op het moment van aanvraag omgevingsvergunning, immers in artikel 3.1.1 onder f is een directe koppeling gemaakt met de parkeernota. Hiermee is de parkeernorm juridisch verankerd en dus onderdeel van de omgevingsvergunning aanvraag. Het aantal parkeerplaatsen is op dat moment juridisch afdwingbaar.
11
Er kan, gelet op die regeling, geen (omgevings)vergunning verleend worden indien niet wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein. 2.13 Door indiener wordt opgemerkt dat in het bestemmingsplan is opgenomen dat er een centrale ruimte wordt opgenomen voor het draaien van vrachtverkeer. Onduidelijk is wat dit behelst en wat effecten zijn op de omgeving. Beantwoording Vanaf de centrale ontsluitingsweg kan het verkeer binnen deelgebied 1 zowel in noordelijke als zuidelijke richting rijden. Deze beiden wegen lopen uiteindelijk uit op bedrijfskavels. Ten behoeve van de verkeersveiligheid is het wenselijk dat hier voldoende ruimte is voor het draaien met vrachtverkeer. 2.14 In het bestemmingsplan is opgenomen dat het kantoor van GMB 3 bouwlagen bedraagt, terwijl het exacte ontwerp nog niet bepaald is. In onderzoeken is voor het kantoor gerekend met 4 bouwlagen. De maximale hoogte van 3 bouwlagen dient duidelijk in de planregels vermeld te worden, immers 4 bouwlagen is volgens indiener veel te hoog in deze omgeving. Beantwoording In het bestemmingsplan is de maximale bouwhoogte voor het kantoor vastgelegd, door middel van een aanduiding op de verbeelding. De maximale bouwhoogte bedraagt daarmee 13 meter. Het aantal exacte bouwlagen is echter niet vastgelegd in het bestemmingsplan, maar hoger dan 13 meter mag de bebouwing niet worden.
Ten behoeve van de helderheid, zal een maximum van 3 bouwlagen worden vastgelegd in de planregels, tot een maximale hoogte van 13 meter (exclusief ondergeschikte bouwdelen). Voor wat betreft de 4 bouwlagen in onderzoeken is onduidelijk welk onderzoek hiermee wordt bedoeld. Overigens is een eventuele vierde bouwlaag in onderzoeken in die zin niet relevant en betreft het dan een worst case berekening. Bovendien is inmiddels duidelijk dat er niet meer dan 3 lagen gerealiseerd zullen worden. Aanpassing: Maximaal aantal van 3 bouwlagen vastleggen in artikel 3.2.2 van de planregels. 2.15 Indiener geeft aan dat de toegestane bouwhoogte in de richting van woningen af zal moeten nemen. Hierbij is alleen aan de rand van de snelweg een bouwhoogte van 12 tot 13 meter toegestaan, terwijl de bouwhoogte richting de woonwijk dan verder afneemt. Beantwoording Ten behoeve van de bouwhoogtes, is uitgegaan van de gangbare bouwhoogtes van de andere bedrijven op het bedrijventerrein in de directe omgeving. Hier is een bouwhoogte van 12 meter gangbaar. Voor het kantoor en de werkplaats is gekozen voor een bouwhoogte van 13 meter vanwege het onderscheidende karakter ten opzichte van de overige bebouwing. Verder is door middel van bouwblokken vastgelegd waar bebouwing mag komen.
Hiermee is bebouwing tot 12 meter pas mogelijk op een afstand van overwegend 60 meter en bebouwing met een hoogte van 13 meter op 75 meter van de woonwijk met daartussen een geluidswal en de bestaande groenwal. 2.16 In het bestemmingsplan worden verschillende wijzen van opslag beschreven, waarbij enerzijds sprake is van langdurige opslag (1 maal per jaar gebruiken) en kortdurende opslag (meerder malen per jaar gebruiken). Indiener wil de wijze van opslag vastgelegd zien in de planregels, zodat deze controleerbaar zijn, ter voorkoming van overlast voor de omliggende omgeving. Beantwoording Het voert te ver om de bedrijfsvoering van GMB voor wat betreft opslag vast te leggen in de planregels van het bestemmingsplan. Van belang is dat in het akoestisch onderzoek rekening is gehouden met deze opslag. Voor het overige wordt verwezen naar de algemene beantwoording onder C.
12
2.17 Het mooie bestaande wandelpad en de mooie padenstructuur om en langs de woonwijk gaan bij realisatie van de plannen verloren. Beantwoording Het huidige wandelpad gaat niet verloren, maar wordt verplaatst. In die zin zal de padenstructuur dus inderdaad (beperkt) wijzigen. Voor het overige is er geen sprake van dat de bestaande padenstructuur verloren gaat, deze blijft intact. Zie verder ook de algemene beantwoording onder D. 2.18 Er wordt gebruik gemaakt van de typologie “gemengd gebied” voor de richtafstanden milieuzonering, maar dit moet “rustige woonwijk” zijn. Dit leidt tot onaanvaardbare verslechtering van het woon- en leefklimaat. Beantwoording Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder B en C. 2.19 Indiener gaat uit van een ophoging van het bedrijventerrein met 1,60 meter. Onduidelijk is welk effect dit heeft op de natuur en meer specifiek de bestaande bomen in het bosperceel. Daarnaast geeft indiener aan dat in diverse stukken gesproken wordt over het behoud van het bosperceel, dan wel het duurzaam omvormen van het bosperceel. Onduidelijk is wat nu exact gaat gebeuren. Beantwoording Het bedrijventerrein zal niet met 1,60 meter worden opgehoogd. In de bestaande situatie ligt het plangebied circa 1 meter lager dan de naastgelegen woonwijk. Het plangebied zal om die reden met ongeveer 1 meter worden opgehoogd en niet 1,60 meter.
Ter plaatse van het bosperceel zullen de gronden niet worden opgehoogd. Deze gronden worden gescheiden door een watergang. Zoals eerder aangegeven wordt een deel van het bosperceel behouden en op termijn duurzaam omgevormd. 2.20 In het bestemmingsplan is aangegeven dat binnen deelgebied 2 en 3 sprake is van 160 parkeerplaatsen. Indiener geeft aan dat de GMB Groep op korte termijn zal groeien voor wat betreft het aantal kantoormedewerkers en anderzijds zal centraliseren. Onduidelijk is in hoeverre wordt voldaan aan de totale op kort termijn voorzienbare parkeerbehoefte van GMB. Indiener vreest voor parkeeroverlast in de woonwijk. Beantwoording Zie beantwoording onder punt 2.12. 3.1 Plan is in strijd met nationaal beleid, omdat niet wordt voldaan aan de doelstellingen uit de Nationale Omgevingsvisie. Beantwoording Wij zijn van mening dat het voorliggende bestemmingsplan wel degelijk uitgaat van een scheiding van functies. Bedrijven worden immers geconcentreerd op een (nieuw) bedrijventerrein. Voor wat betreft aan te houden afstanden tussen dit nieuwe bedrijventerrein en de bestaande woonwijk De Heuvel verwijzen wij naar de algemene beantwoording onder B. Met de aan te houden afstanden wordt ook de kwaliteit van het woon- en leefklimaat gewaarborgd.
Over diverse milieuaspecten zijn onderzoeken uitgevoerd die als bijlage bij de toelichting zijn opgenomen, de conclusies uit deze onderzoeken zijn in de toelichting van het bestemmingsplan opgenomen. Resumerend zijn wij van mening dat het plan niet in strijd is met het nationaal beleid. Voor wat betreft de zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming: na een omvangrijke omgevingsdialoog heeft het bestemmingsplan als ontwerp ter inzage gelegen waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld een zienswijze in te dienen. De gemeenteraad dient de zienswijzen te beschouwen en een besluit te nemen over vaststelling van het bestemmingsplan. Deze procedure is door de wet bepaald en biedt waarborgen over een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming. Bovendien kunnen belanghebbenden tegen het raadsbesluit ook nog beroep instellen bij de Raad van State.
13
3.2 Plan wentelt problemen af van buitengebied Dodewaard en dorp Opheusden naar rustige woonwijk De Heuvel. Beantwoording In de zienswijze wordt gesuggereerd dat de bedrijven Pauw en GMB worden verplaatst vanwege (grote) milieuproblemen op de huidige locatie. Dit is niet correct. De huidige locatie van Pauw is gelegen in het buitengebied terwijl dit een bedrijf is dat geen binding heeft met het buitengebied. In Neder-Betuwe is het buitengebied primair bedoeld voor de agrarische sector, in het bijzonder de laanboomteelt. Beleidsmatig heeft Pauw geen uitbreidingsmogelijkheden op de huidige locatie terwijl het wel een flinke groei doormaakt. Een locatie op een bedrijventerrein sluit veel beter aan bij het soort bedrijf en de voorgestane groei. GMB zit in de dorpskern (weliswaar niet in het centrumgebied maar wel in het dorp) van Opheusden aan de doorgaande weg. Doordat op deze locatie ook nog een deel van de opslag e.d. plaatsvindt, is er sprake van vrachtverkeer door het dorp. In onze optiek is de Bonegraafseweg veel geschikter voor de ontsluiting van een bedrijf/bedrijventerrein dan de Dalwagenseweg. Deze laatste heeft immers een veel smaller profiel, kent veel meer obstakels en is ook veel drukker dan de Bonegraafseweg. Niet voor niets is de gemeente druk doende met de realisering van een randweg die de Dalwagenseweg kan ontlasten.
GMB heeft voorts op de huidige locatie geen enkele ontwikkelings-/uitbreidingsmogelijkheid. Ook daarom is een locatie op een bedrijventerrein een veel betere optie. Bijkomend voordeel bij GMB is dat de achtergebleven locatie kan worden ingevuld met een passende functie. De ontsluiting van het bedrijventerrein Bonegraaf-Oost gaat via de Bonegraafseweg, die nu ook al het huidige bedrijventerrein ontsluit en qua functie en capaciteit geschikt is hiervoor. Meer concreet verwijzen we hiervoor naar de beantwoording onder E. 3.3 Er is een passend alternatief op Medel. Beantwoording Voor de beantwoording van dit onderdeel wordt verwezen wordt naar het algemene deel onder F. 3.4 Onduidelijk wat wordt bedoeld met “sterk gemengd karakter”. Beantwoording Bedoeld wordt dat het een goede bedrijfslocatie is voor veel verschillende soorten bedrijven zodat de verwachting is dat veel verschillende soorten bedrijven zich zullen willen vestigen op de Bonegraaf-oost. Inderdaad is het nu agrarisch gebied met productiebos. Voor wat betreft gemengd gebied-rustige woonwijk wordt verwezen naar de algemene beantwoording onder B. 3.5 Er wordt geen rekening gehouden met verbreding A15 en evt. aanleg geluidscherm/-wal. Beantwoording Rijkswaterstaat hanteert bij ontwikkelingen langs snelwegen bepaalde afstanden.
Deze zijn in dit plan uiteraard gerespecteerd, hetgeen ook al als uitgangspunt in de structuurschets Bonegraaf-Oost was opgenomen. Een eventuele verbreding van de A15 wordt niet belemmerd door de ontwikkeling van Bonegraaf-Oost. Overigens merken wij op dat het nu voorliggende plan globaal een doortrekking is van het bestaande bedrijventerrein. Ook in het gedeelte Bonegraaf-Noord zijn de door Rijkswaterstaat gewenste afstanden tot de snelweg A15 aangehouden. Wij zijn niet bekend met evt. plannen voor de aanleg van een geluidsscherm of geluidwal in relatie tot een verbreding van de A15. 3.6-3.7 Qua aard en omvang passen GMB en Pauw niet op een lokaal bedrijventerrein en derhalve niet binnen de uitgangspunten van de laddertoets. Op Medel en Park15 waren beschikbare ha voorhanden. Beantwoording Vooropgesteld, in de laddertoets van augustus 2022 is abusievelijk nog het predicaat “concept” opgenomen in de teksten. Het betreft echter wel degelijk het definitieve rapport.
14
Op basis van genoemde laddertoetsen kan in onze optiek de conclusie worden getrokken dat het plan voldoet aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Voor het overige verwijzen wij naar het algemene deel onder F. 3.8 Laddertoets betreft een concept en gaat uit van onjuistheden uit: kavels moeten 3.000-5.000 m2 zijn, terwijl Pauw en GMB veel groter zijn. Er zou ook melding moeten worden gemaakt van 44 ha die er in Medel is bijgekomen. Beantwoording Wij verwijzen kortheidshalve naar de beantwoording onder 3.6-3.7. en de algemene beantwoording onder F. 3.9 Bij het RAP-advies zit een kanttekening, nl. dat bij vestigen van bedrijven > 5.000 m2 opnieuw advies van het RAP nodig is. Bovendien heeft de provincie geen besluit genomen ten aanzien van Bonegraaf-Oost. Beantwoording Voor de beantwoording van dit onderdeel wordt verwezen wordt naar het algemene deel onder F. 3.10 Neder-Betuwe heeft bedrijfsgronden verkocht aan Medel terwijl ze wist dat GMB en Pauw grond zocht. Beantwoording De verkoop van gronden aan Medel is voor de discussie Bonegraaf-oost niet relevant. De betreffende gronden zijn, na grenscorrectie, al lang geleden overgegaan naar de gemeente Tiel. Dat de opbrengsten pas nu naar de gemeente Neder-Betuwe terugvloeien is een boekhoudkundig aspect. Het is bovendien niet zo dat de gemeente bedrijfsterrein heeft verkocht, destijds waren dit nog agrarische gronden.
Pas na uitspraak van de Raad van State in augustus 2022 is dit “officieel” bedrijventerrein. Ten tijde van de verkoop waren er nog geen concrete plannen voor Pauw en GMB op Bonegraaf-Oost. 3.11 Conclusie in laddertoets dat geen hard planaanbod beschikbaar is, is niet correct na de Raad van State uitspraak inzake Medel. Beantwoording De uitspraak inzake Medel dateert van net na het gereedkomen van de aangepaste laddertoets. Het klopt dat daarmee officieel er harde plancapaciteit is bijgekomen. Echter, zoals eerder uitgelegd, beschouwen wij Pauw en GMB als passend op Bonegraaf-Oost. Bovendien was na het positieve RAP-advies van januari 2021 Medel geen reëel alternatief meer en hebben we de planontwikkeling gecontinueerd. Het heeft ook meer dan anderhalf jaar geduurd voordat de uitspraak Medel er was. Voor het overige wordt verwezen naar de algemene beantwoording onder F. 3.12 RPW procedure moet nog doorlopen worden. Daarom is dit initiatief in strijd met het provinciaal beleid en had het ontwerp niet alvast in procedure moeten worden gebracht. Beantwoording Voor de beantwoording van dit onderdeel wordt verwezen wordt naar het algemene deel onder F. 3.13 Bestemmingsplan is ook strijdig met het provinciale beleid omdat geen regels over maximale kavelomvang van 5.000 m2 zijn opgenomen. Beantwoording Zie de algemene beantwoording onder F.
3.14 Provincie was in 2009/2010 vanwege de omvang van het bedrijf (25.000 m2) tegen de vestiging van GMB. Kavel is nu zelfs nog veel groter.
15
Beantwoording Het is correct dat in de periode 2009/2010 overleg heeft plaatsgevonden met de provincie over verplaatsing van GMB naar Bonegraaf-Oost. De provincie stond daar destijds negatief in. Er zijn toen geen concrete plannen ontwikkeld of in procedure gebracht. Wij merken op dat de provincie nu anders tegen deze ontwikkeling aankijkt en ook andere toetsingskaders/beleid hanteert dan destijds. De omvang is overigens niet zo veel groter als de indiener van de zienswijze suggereert (3 ha nu tegen 2,5 ha destijds). Netto bedrijfsbestemming GMB is 3,2 ha. 3.15 Herhaling van eerdere standpunten. 3.16 Provincie Gelderland hanteert voorkeur om uit te breiden aan de randen van dorpen/steden als er geen alternatieven zijn, maar die zijn er wel op Medel. Beantwoording In beginsel is Medel geen alternatief voor Bonegraaf-Oost omdat het zich richt op andere doelgroepen. Bonegraaf-Oost is een lokaal bedrijventerrein, Medel een regionaal bedrijventerrein. Overigens is van belang te vermelden, dat ook indien de gemeente geen medewerking zou geven aan de vestiging van Pauw en GMB, de gemeente wel (en al langer) van plan is om het bestaande Bonegraaf uit te breiden op deze locatie (zie ook algemene antwoord onder A). Zonder Pauw en GMB zou er dan bedrijvigheid in dezelfde milieucategorie (t/m 3.2) worden toegestaan.
Er zouden dan waarschijnlijk ook meer bedrijven (kunnen) worden gevestigd. 3.17 Provincie hanteert meer thema’s dan de in het plan genoemde, zoals klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit en bereikbaarheid. Beantwoording Ook de genoemde thema’s, voor zover relevant, komen in het bestemmingsplan aan de orde. Wij gaan hier nader op in bij beantwoording van concrete items in de zienswijze. 3.18 Woonwijk wordt van rustige woonwijk gedegradeerd tot gemengd gebied. Uitbouwmogelijkheden om woningen levensloopbestendig te maken worden onmogelijk gemaakt. Beantwoording Over de kwalificatie “gemengd gebied”: zie de algemene beantwoording onder B. De opmerking over de uitbouwmogelijkheden van bestaande woningen begrijpen wij niet. Het bestemmingsplan Bonegraaf-Oost geeft geen (aanvullende) planologische regelingen voor de naastgelegen woonwijk De Heuvel. Hier is het bestemmingsplan “Kernen Neder-Betuwe” onverkort van toepassing. 3.19 Bestemmingsplan lijkt in strijd met doelstelling voor nieuwe afspraken in de regio. Beantwoording Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder F. 3.20 Indiener geeft aan dat de bedrijven Pauw en GMB te groot zijn voor het lokale bedrijventerrein en dat op korte termijn ook een groei van de bedrijven te verwachten valt waarmee geen rekening is gehouden in het plan. Beantwoording Zie beantwoording onder 1.2.
16
3.21 Het ontwerp bestemmingsplan voorziet in het verplaatsen van activiteiten van Pauw uit het buitengebied van Dodewaard. Indiener geeft aan dat Pauw nog verder zal doorgroeien met veel verkeersbewegingen en dat daarmee het probleem niet wordt opgelost, maar wordt deze verplaatst zeer dichtbij bij een woonwijk en op een terrein dat juist bedoeld wordt voor kleinschalige tot middelgrote bedrijvigheid met ontsluiting over de gevaarlijke Bonegraafseweg. Beantwoording Zie beantwoording onder 1.2 en 1.6. Het aantal verkeersbewegingen is opgenomen in de notitie van Goudappel Coffeng (Bijlage 6 bij de toelichting). Uit de notitie blijkt dat de verkeersgeneratie voldoende kan worden opgevangen door het omliggende verkeersnetwerk bestaande uit de Dalwagen, Einsteinstraat en de Bonegraafseweg. Deze wegen zijn bedoeld voor ontsluiting van het bedrijventerrein, anders dan kleinschalige wegen in het buitengebied. 3.22 In het plan wordt niet vermeld dat Pauw al een terrein in gebruik heeft wat tot problemen leidt en waarvoor een handhavingsprocedure loopt. Beantwoording Het betreffende terrein is te zien op de luchtfoto in paragraaf 1.2. Het betreft een perceel waaraan reeds eerder een bedrijfsbestemming is toegekend. Voor wat betreft de handhavingsprocedure wordt verwezen naar de beantwoording onder 2.2-2.3.
Overigens merken wij op dat Pauw uiteindelijk aan de noordzijde van het plangebied zal worden gevestigd en niet op het perceel waar nu de handhavingsprocedure loopt. 3.23 Zie eerdere punten uit zienswijze en beantwoording. 3.24 GMB weigerde in 2009/2010 te verhuizen naar grotere bedrijventerreinen. Bestemmingsplan bevat geen begrenzing in omvang van de te vestigen bedrijven. Beantwoording Verwezen wordt naar de algemene beantwoording onder F. en naar de beantwoording onder 3.14. 3.25 Indiener heeft bezwaar tegen het afzonderlijk bestemmen van “parkeren in het groen” omdat het bedrijf GMB daarmee niet 50.000 m2 lijkt te beslaan maar slechts 25.000 tot 30.000 m2, terwijl het gaat om een lokaal bedrijventerrein. Beantwoording Zie beantwoording onder 2.11 3.26 De problemen van GMB in Opheusden worden niet opgelost maar verplaatst. Verkeerssituatie in Dodewaard is nog ongunstiger dan die in Opheusden. Beantwoording Zie de algemene beantwoording onder E en de beantwoording onder 3.2. 3.27 Eerdere bezwaren van de provincie (traject 2009-2010) leiden samen met de voorgaande punten tot de conclusie dat dit plan niet bijdraagt aan een goede ruimtelijke ordening. Beantwoording Zie ook onder 3.12. Aanvullend merken wij op dat het vereiste vooroverleg (art. 3.1.1 Bro) wel degelijk al heeft plaatsgevonden.
Dit overleg is gevoerd met het waterschap, zie verder paragraaf 4.9.2 van de toelichting, en de provincie Gelderland. Abusievelijk zijn de resultaten van dit laatste overleg niet verwerkt in paragraaf 7.1. Aanpassing: resultaten van het overleg met Provincie alsnog opnemen in par. 7.1.