Bijlage - Kadernota 2025-2028
Tekst van het document
INHOUDSOPGAVE Voorwoord van het college ............................................................................................................... 3 Leeswijzer ..................................................................................................................................... 7 Financiële positie en verwacht toekomstperspectief ............................................................................ 9 Financiële positie tot heden .................................................................................................. 9 Verwacht toekomstig perspectief ......................................................................................... 10 Conclusie: het financieel perspectief van deze Kadernota ....................................................... 12 Uitgangspunten en kaders die gehanteerd worden bij samenstellen begroting 2025 -2028 ......... 14 Overzicht nieuw beleid, ontwikkelingen en ambities ............................................................... 17 Nieuw beleid en nieuwe ontwikkelingen in de begrotingsprogramma’s ................................................. 18 Programma 1 Bestuur en dienstverlening ............................................................................. 19 Programma 2 Openbare orde en veiligheid ...........................................................................
20 Programma 3 Fysieke leefomgeving ..................................................................................... 21 Programma 4 Economie ..................................................................................................... 30 Programma 5 Wmo, jeugdzorg en participatiewet .................................................................. 31 Programma 6 Onderwijs, sport en welzijn ............................................................................. 36 Algemene dekkingsmiddelen, overhead, VPB, onvoorzien ....................................................... 40 Bijlage 1: Opdracht voor het vervolg ............................................................................................... 48 Bijlage 2: Afwegingskader ............................................................................................................. 52
Kadernota 2025-2028
2
VOORWOORD VAN HET COLLEGE Aan de raad van de gemeente Neder-Betuwe, Hierbij bieden wij u de Kadernota 2025-2028 aan. Dit is het startdocument voor de planning en controlcyclus van 2025 en een belangrijk strategisch kaderstellend document voor uw raad. De keuzes en kaders die u in deze kadernota vaststelt, werken we uit in de Begroting 2025 en de meerjarenraming voor 2026-2028. Die begroting en meerjarenraming leggen wij u in november 2024 ter vaststelling voor. De behandeling van de kadernota is in Neder-Betuwe het moment om met een financiële blik vooruit te kijken naar het komende begrotingsjaar en de jaren daarna. Daarvoor kijken we vooruit naar de belangrijkste ontwikkelingen die van invloed zijn op onze koers. Deze koers hebben we helder opgeschreven in het coalitieakkoord “Zorgzaam - Duurzaam – Koersvast!”. We zijn op dit moment volop aan de slag met het realiseren van de doelen en ambities en we boeken mooie resultaten voor de inwoners en bedrijven in onze gemeente. Maar kijken we verder vooruit dan zijn de vooruitzichten niet erg positief. Net als andere gemeenten ontvangen we vanaf 2026 (het ‘ravijnjaar’) fors minder middelen uit het gemeentefonds. Het Rijk en de VNG zijn hierover al lange tijd met elkaar in gesprek, maar de gesprekken verlopen moeizaam.
Het is dan ook nog onduidelijk of de door het Rijk opgelegde korting wordt gehandhaafd of dat Rijk en gemeenten alsnog tot goede afspraken komen over de taken en opgaven van gemeenten en de benodigde financiële middelen om hier uitvoering aan te geven. Ook op andere terreinen weten gemeenten op dit moment niet goed met welke koers vanuit de rijksoverheid rekening te houden. De manier waarop een nieuw kabinet invulling zal geven aan belangrijke opgaven op bijvoorbeeld het gebied van zorg, woningbouw, asielopvang, ruimtegebruik, energievoorziening, de vergrijzing en het klimaat is op dit moment nog niet bekend. Dat dit impact gaat hebben op gemeenten is wel duidelijk, maar hoe dit ons exact beïnvloedt laat zich op dit moment nog niet voorspellen. De grote onzekerheid waarin wij - net als andere gemeenten - op dit moment verkeren vormt de achtergrond van deze kadernota. In deze kadernota schetsen we dan ook niet alleen een financieel perspectief maar gaan we nadrukkelijk ook in op de periode na vaststelling van deze kadernota en de manier waarop we uw raad voorstellen om hiermee om te gaan.
Wat is het financieel effect van deze kadernota? In deze kadernota zien we de effecten van het begrotingsbeleid van het (demissionaire) kabinet. De korting op het gemeentefonds die het Rijk vanaf 2026 aan gemeenten oplegt was al enigszins zichtbaar in de meerjarenraming van de begroting 2024 die wij in november vorig jaar aan u voorlegden. Het tekort wordt in deze kadernota vergroot. Als gevolg van het afschaffen van de ‘trap-op-trap-af’ systematiek in het gemeentefonds en ontoereikende compensatie van het Rijk voor de ontwikkeling van lonen en prijzen zien we vanaf 2026 verder oplopende tekorten ontstaan in onze meerjarenraming. We zijn daarin niet uniek. Vrijwel alle gemeenten worden hiermee geconfronteerd. Daarnaast zijn er in deze kadernota met name ontwikkelingen opgenomen die samenhangen met een toekomstbestendige uitvoering van onze taken en ambities. Het gaat daarbij om ramingen van lasten die op grond van het huidige beleid in de komende jaren naar verwachting nodig zijn voor bijvoorbeeld het beheer van de openbare ruimte en de uitvoering van de Participatiewet. Ook brengen we met deze kadernota onze formatie meer in balans met de taken en opgaven waar we als gemeente voor staan. Niet omdat er sprake is van nieuwe ambities, maar omdat het wenselijk is om taken en werkzaamheden die op
dit moment al door de organisatie worden uitgevoerd structureel en op een meer solide wijze te dekken binnen onze begroting. We volgen hiermee het eerder door de VNG uitgebrachte advies om een zo realistisch mogelijke begroting en meerjarenraming op te stellen, ook wanneer dit in eerste instantie tot zichtbare tekorten in de meerjarenraming leidt. Dit betekent zoals de VNG aangeeft ramingen die zijn gebaseerd op het huidige takenpakket, noodzakelijke investeringen, de effecten van inflatie en rente, de ambities uit het coalitieakkoord en geschatte mee- en tegenvallers.
Kadernota 2025-2028
3
Financiële Positie 2024-2028 (- = overschot + = tekort)
Begroting
Begroting
2024
2025
Meerjarenraming 2026
2027
2028
Financiële positie 2024 - 2028 Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2027
-416.000
-1.209.000
500.000
-110.000
-110.000
Doorwerking financiële effecten vastgestelde begrotingswijzigingen, Verbonden Partijen en Eerste bestuursrapportage 2024
2.252.000
809.000
966.000
191.000
191.000
Financiële positie 2024 - 2028 Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2027
1.836.000
-400.000
1.466.000
81.000
81.000
Structurele en Incidentele financiele ruimte die nodig is voor Nieuw Beleid, Nieuwe ontwikkelingen, Ambities en ombuigingen
1.674.913
3.141.948
3.243.401
3.632.970
Totaal aan Dekkingsmiddelen
-1.587.000
-1.156.000
-332.000
-240.000
-312.087
3.451.948
2.992.401
3.473.970
Nieuw Beleid, Nieuwe Ontwikkelingen, Ambities en Ombuigingen
Financiële positie 2024 - 2028 Per heden Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2027 en inclusief vastgestelde begrotingswijzigingen en de eerste bestuursrapportage 2024
1.836.000
In het hoofdstuk met het financieel perspectief werken we dit overzicht verder uit. De details zijn opgenomen in het hoofdstuk met het nieuwe beleid en de nieuwe ontwikkelingen per begrotingsprogramma. In deze kadernota is de meicirculaire van het gemeentefonds nog niet verwerkt. Op grond van de voorjaarsnota van het Rijk verwachten wij dat het effect van de meicirculaire voor 2025 fors negatief is en worden vanaf 2026 kleine plusjes verwacht. Maar net zoals in eerdere jaren verschijnt de circulaire op een te laat moment om die nog in de kadernota mee te kunnen rekenen. Daarom analyseren we de effecten van de meicirculaire zo snel mogelijk na de bekendmaking en verwerken we die informatie in een raadsinformatiebrief. Daarmee kunt u bij de raadsbehandeling van de kadernota beschikken over alle informatie die nodig is om een afgewogen besluit te nemen. Financiële strategie Omdat het nog niet zeker is of Rijk en gemeenten tot een oplossing met betrekking tot het gemeentefonds zullen komen vinden we het niet verstandig om nu al maatregelen te nemen om het tekort in onze meerjarenraming in te dammen. We willen voorkomen dat we ingrijpende maatregelen nemen die achteraf niet nodig blijken te zijn. Aan de andere kant kunnen we als gemeente ook niet wachten tot een nieuw kabinet met duidelijkheid komt.
Het tekort is van een dusdanige omvang dat er mogelijk fundamentele keuzes nodig zullen zijn. Keuzes die gevolgen kunnen hebben voor onze inwoners, bedrijven en samenwerkingspartners en die samenhangen met de toekomst van onze gemeente. Het is daarom van belang om op een zorgvuldige wijze focus aan te brengen in de zaken die we als gemeente oppakken en om keuzes te maken vanuit de vraag: ‘Welke gemeente willen we zijn?’. Een dergelijke strategische afweging vraagt om voldoende voorbereidingstijd. In onze raadsinformatiebrief van 26 maart jl. kondigden we dan ook al aan om uw raad in deze kadernota een strategie voor te stellen waarbij het voorbereiden van mogelijke keuzes en besparingsmaatregelen (‘het huiswerk’) wordt gecombineerd met het continu monitoren van de ontwikkelingen en het hierop kunnen inspelen. Concreet stelt het college uw raad voor om: -
-
Voor de begroting 2025 in te zetten op een reëel en structureel sluitende jaarschijf 2025. In de begroting 2025 willen we in het kader van het provinciaal toezicht een structureel sluitende begroting voor de jaarschijf 2025 presenteren. Er kunnen zich in de komende maanden nog ontwikkelingen voordoen die verwerkt moeten worden en die maatregelen vanaf 2025 noodzakelijk maken, maar uitgangspunt blijft dat we een structureel sluitende begroting aanbieden. In deze kadernota 2025-2028 en de begroting 2025 een niet sluitende meerjarenraming 20262028 te accepteren. We nemen op korte termijn geen ingrijpende maatregelen om de meerjarenraming bij de kadernota 2025-2028 al sluitend te krijgen. We volgen hiermee feitelijk het eerder door de VNG uitgebrachte begrotingsadvies. De VNG heeft gemeenten in juli 2023 geadviseerd om in 2024 en 2025 een sluitende begroting te presenteren en vanaf 2026 een eventueel structureel tekort te laten zien in de meerjarenraming. Hoewel de VNG dit advies vooralsnog voor de begroting 2025 niet heeft herhaald, en hiervoor eerst de effecten van de meicirculaire afwacht, verwachten wij op korte termijn geen duidelijkheid van het Rijk en zien wij dit vanuit het belang om te komen tot een zorgvuldige weging van maatregelen en alternatieven als de beste oplossing.
Kadernota 2025-2028
4
-
We uw raad vragen opdracht te geven om te starten met een proces om een maatregelenpakket voor te bereiden waarover raad en college bij de kadernota 2026-2028, met de informatie die op dat moment beschikbaar is, een besluit kunnen nemen. De discussie kan dan worden gevoerd met inzicht en overzicht van het huidige beleid, eventuele mogelijke en noodzakelijke heroverwegingen en de hiermee gepaard gaande financiële middeleninzet. Een voorstel voor de opdracht die uw raad aan ons college meegeeft voor het vervolgtraject is opgenomen in bijlage 1 van deze kadernota.
Door pas bij de kadernota 2026-2029 of (uiterlijk) de begroting 2026 een definitief besluit te nemen over het eventueel daadwerkelijk doorvoeren van de geïnventariseerde maatregelen creëren we tijd en ruimte om keuzes en besparingen in perspectief te plaatsen en af te wegen in het licht van de langere termijn ontwikkeling van de gemeente Neder-Betuwe. En we voorkomen dat we niet terugdraaibare besluiten nemen die later niet nodig blijken te zijn geweest. We sluiten daarmee aan bij het recente begrotingsadvies van de VNG, dat erop neerkomt om nu nog geen maatregelen in gang te zetten, maar keuzes en besparingen voor te gaan bereiden waartoe besloten kan worden indien de korting op het gemeentefonds vanaf 2026 niet wordt teruggedraaid. Of zoals de VNG het advies zelf kernachtig samenvat: ‘prepare for the worst, hope for the best’. Wat betekent dat voor deze kadernota? We gaan in 2025 door met de uitvoering van het coalitieakkoord en andere vastgestelde plannen. Gelet op de financieel onzekere situatie vanaf 2026 zijn wij in deze kadernota terughoudend geweest met het uittrekken van structurele middelen voor nieuwe ambities. De ambities die in deze kadernota gekwantificeerd zijn vinden hun oorsprong in ons coalitieakkoord. Het is noodzakelijk hier geld voor uit te trekken. Wanneer we hiervoor geen middelen beschikbaar stellen, zouden diverse activiteiten stoppen.
Dat vinden wij gezien het belang voor de opgaven van Neder-Betuwe niet wenselijk. U treft in deze kadernota dan ook vooral veel autonome ontwikkelingen, noodzakelijke (vervangings-)investeringen en zoals gezegd voorstellen die samenhangen met een toekomstbestendige uitvoering van onze taken en ambities. En ook daarin zijn we terughoudend geweest. We hebben alleen oplossingen gezocht voor de meest dringende en noodzakelijke knelpunten in de organisatie. Dit betekent dat een aantal voorstellen voor formatieuitbreiding vooralsnog niet zijn gehonoreerd, in afwachting van een interne oriëntatie op de toekomstige opgaven waar we als gemeente voor staan en de hiervoor best passende sturingsfilosofie en bijbehorende managementconcept. Ook zien we dat we als gemeente nog steeds groeien, maar hebben we in het licht van de financiële positie nu geen raming opgenomen voor een toekomstige groei van de organisatie die naar verwachting nodig is om deze groei als organisatie te kunnen bijbenen. Al met al is dit een kadernota die zich laat kenschetsen in de adagia ‘realistisch ramen’ en ‘doen wat nodig is’. Wat betekent dat voor de periode daarna? De keuzes in deze kadernota werken we verder uit in de begroting 2025 die wij u ter vaststelling in de raad van november aanbieden.
Als de ontwikkelingen daartoe aanleiding geven zullen wij in de begroting 2025 zo nodig maatregelen voorstellen om de jaarschijf 2025 in ieder geval structureel en reëel sluitend te kunnen presenteren. Parallel start na vaststelling van de kadernota formeel een ombuigingstraject. Inmiddels zijn hiervoor ambtelijk de voorbereidingen al getroffen en lopen de eerste inventarisaties. Het proces zal richting de kadernota van het volgende jaar (2026-2029) zicht moet bieden op een pakket aan keuze- en besparingsmogelijkheden om de financiële positie van de gemeente structureel in evenwicht te houden. We zoeken vanzelfsprekend naar besparingen of extra inkomsten, maar kijken nadrukkelijk ook naar (strategische) inhoudelijke keuzes en werken hiervoor zo nodig scenario’s uit. Zowel de financiële gevolgen als de gevolgen voor inwoners, bedrijven en organisaties brengen we daarbij in beeld. Vanzelfsprekend kijken we daarbij ook kritisch naar onze eigen organisatie, de manier waarop we zaken geregeld hebben en de omvang van onze formatie. Niet omdat we verwachten dat het eenvoudig is om hierop te besparen, wél omdat we vinden dat we kritisch moeten blijven op onze manier van werken en onze formatie afgestemd moet zijn op de taken en opgaven die er liggen.
Omdat we zien dat er steeds meer op onze gemeente afkomt, mede door de grote uitdagingen waar we landelijk voor staan en waar Rijk en decentrale overheden samen in moeten optrekken, zullen we in 2024 een onderzoek naar de toekomstbestendigheid van onze ambtelijke organisatie uitvoeren. Uw raad nemen we gaandeweg het proces mee in de inventarisatie van ombuigingsmaatregelen en we positioneren uw raad tijdig bij belangrijke keuzemomenten.
Kadernota 2025-2028
5
Ondertussen houden we de landelijke ontwikkelingen goed in de gaten en actualiseren we onze financiële positie voortdurend. In het voorjaar van 2025 maken we opnieuw de balans op en zal het college, afhankelijk van de noodzaak, maatregelen kiezen die wij in de kadernota 2026-2029 ter besluitvorming aan uw raad zullen voorleggen. Daarbij willen we strategische keuzes faciliteren door ons de vraag te stellen hoe onze gemeente er in de toekomst uit moet komen te zien. Parallel aan het ombuigingstraject stellen we daarom voor een ‘Masterplan Neder-Betuwe 2035’ op te stellen. Dit document schetst een strategisch perspectief op de toekomst van onze gemeente en dient als referentiekader voor de te maken keuzes door uw raad. Deze keuzes maakt uw raad uiteindelijk bij de behandeling van de kadernota 20262029 in de zomer van 2025 en worden na besluitvorming door uw raad verwerkt in de begroting 2026.
Tot slot
De omstandigheden om onze ambities uit het coalitieakkoord te realiseren zijn nu en in de nabije toekomst minder gunstig dan toen we startten als coalitie. Het financiële beeld ontwikkelt zich negatief en er is sprake van grote onzekerheden in de meerjarenraming. Koersvast zijn is in het licht van deze ontwikkelingen en de huidige onzekerheden een hele opgave. Eigenlijk zien we ons geplaatst voor een dilemma: “Koers houden en doorgaan op de ingeslagen weg of de koers verleggen door maatregelen te nemen en ambities bij te stellen?”. Met deze kadernota verleggen we op dit moment nadrukkelijk niet de koers. Ook gooien we onze ambities niet zomaar overboord. We zijn namelijk van mening dat we hiermee het goede doen voor onze gemeente en voor onze inwoners en ondernemers. Maar we hebben wel oog voor de onzekere toekomst en we bekijken wat er nodig is om, wanneer de omstandigheden dat nodig maken, tijdig keuzes te maken en zo nodig de koers bij te stellen. Het proces tot aan de kadernota van volgend jaar wordt dan ook een interessante. Een proces waarin we niet alleen in kaart brengen welke keuzes we kunnen maken om onze financiën gezond te houden, maar ons ook gezamenlijke opnieuw oriënteren op de vraag welke gemeente we willen zijn en welke doelen en ontwikkelingen we nu echt het belangrijkste vinden in tijden van financiële krapte.
Wij vertrouwen erop hierover met uw raad op het juiste moment het goede gesprek te kunnen voeren en zullen uw raad tijdig positioneren wanneer zich relevante ontwikkelingen en keuzemomenten voordoen. Wij zien met belangstelling uw besluitvorming over de kadernota 2025-2028 tegemoet zodat wij deze kunnen betrekken bij het samenstellen van de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. Uw raad mag zich in het werk gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met ons bidden om kracht en Gods zegen voor u. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Neder-Betuwe, De secretaris,
De burgemeester,
Nicolien de Geus
Jan Kottelenberg
Kadernota 2025-2028
6
LEESWIJZER De kadernota is voor de gemeenteraad een belangrijk instrument om zijn kaderstellende rol in te vullen. In de kadernota geeft de raad aan wat hij het komend jaar wil doen om bepaalde doelen te bereiken en wat dat mag kosten. Het college werkt die kaders vervolgens uit tot een begroting, waarin gedetailleerder opgenomen is waaraan het gemeentebestuur en de organisatie het komend jaar werken. Deze kadernota is niet alleen bedoeld voor financieel specialisten, maar voor iedereen. Het gaat immers om de uitgangspunten voor het gemeentelijk huishoudboekje, die iedereen moet kunnen volgen. Deze leeswijzer geeft aan hoe de kadernota is opgebouwd, wat waar te vinden is en welke relaties er liggen met andere documenten uit de planning en control cyclus.
De planning en controlcyclus
De planning en controlcyclus bevat ieder jaar een aantal documenten die elkaar opvolgen. • •
• •
De kadernota vormt een uitwerking van de bestuurlijke agenda. Deze is koersbepalend met financiële en inhoudelijke kaders voor de daarop volgende begrotingsjaren. In de begroting worden de voornemens van de kadernota concreet gemaakt. De begroting is een wettelijk voorgeschreven product, waarmee de gemeenteraad het college toestemming geeft om uitgaven voor bepaalde doelen te doen. Na het vaststellen van de begroting geven bestuursrapportages een tussentijds overzicht van de stand van zaken van de financiën en de uitvoering van beleid. De jaarstukken bieden tot slot verantwoording over het gevoerde beleid en het financiële beheer.
Schematisch ziet dit er als volgt uit.
De kadernota
De raad geeft het college in de kadernota financiële en inhoudelijke kaders mee voor de programmabegroting en de meerjarenraming. Het uitgangspunt voor deze kadernota is het Coalitieakkoord Zorgzaam - Duurzaam – Koersvast! en het beleid dat de raad sindsdien heeft vastgesteld.
Indeling en opbouw van de kadernota Voor de indeling en opbouw van de kadernota zijn er geen wettelijke voorschriften. We sluiten voor de overzichtelijkheid aan bij de opzet van de begroting. Financieel perspectief Deze kadernota start met een uitgebreide uiteenzetting van het financiële perspectief, met allereerst een overzicht van de financiële uitgangssituatie van de begroting 2024 en vervolgens een samenvatting van de ontwikkelingen sindsdien. Dat telt op tot een financiële positie ‘per heden’. Vervolgens is in datzelfde hoofdstuk het verwacht toekomstig perspectief weergegeven op basis van een samenvatting van het nieuw beleid, de nieuwe ontwikkelingen en ambities die worden voorgesteld in deze kadernota. Het hoofdstuk sluit af met de conclusie: het financieel perspectief van deze kadernota.
Kadernota 2025-2028
7
Nieuw beleid en nieuwe ontwikkelingen in de begrotingsprogramma’s Na het financieel perspectief van deze kadernota volgt een gedetailleerde uiteenzetting van de nieuwe beleidsvoorstellen in deze kadernota en de nieuwe ontwikkelingen waarmee we te maken hebben. Deze zijn per begrotingsprogramma gerubriceerd. Bij ieder voorstel is cursief gedrukt opgenomen wat daarvoor de aanleiding is. Daarvoor zijn er drie opties: 1. Wettelijk: noodzakelijk vanwege van wettelijke bepalingen; 2. Onontkoombaar: noodzakelijk om het bestaande beleid te kunnen uitvoeren en/of noodzakelijk voor de toerusting van de organisatie om als zelfstandige gemeente adequaat te kunnen functioneren; 3. Ambities: om uitvoering te kunnen geven aan ambities. In de kadernota zijn geen paragrafen opgenomen. Over de ontwikkelingen in de paragrafen wordt volgens afspraak met u - alleen in de begroting en in de jaarstukken gerapporteerd.
Kadernota 2025-2028
8
FINANCIËLE POSITIE EN VERWACHT TOEKOMSTPERSPECTIEF In dit hoofdstuk geven wij inzicht in de financiële positie van de gemeente Neder-Betuwe: Waar beginnen wij, waar staan we nu en wat wordt het toekomstig perspectief?
Financiële positie tot heden
Hieronder ziet u de bijgestelde financiële positie tot en met heden op basis van bestaand beleid.
Financiële Positie 2024-2028 op basis van bestaand beleid
Financiële positie 2024 - 2028 Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2027
Begroting
Begroting
2024
2025
Meerjarenraming 2026
2027
2028
-416.000
-1.209.000
500.000
-110.000
-110.000
Doorwerking financiële effecten vastgestelde begrotingswijzigingen na vaststelling begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027
945.000
422.000
608.000
-155.000
-155.000
Financiële positie 2024 - 2028 Per heden Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2028 en inclusief vastgestelde begrotingswijzigingen
529.000
-787.000
1.108.000
-265.000
-265.000
0
0
0
0
0
Doorwerking financiële effecten eerste bestuursrapportage 2024
1.307.000
387.000
358.000
346.000
346.000
Totaal doorwerking financiële effecten Verbonden Partijen en Eerste Bestuursrpportage 2024
1.307.000
387.000
358.000
346.000
346.000
Financiële positie 2024 - 2028 Per heden Op basis Begroting 2024 en mjr 2025-2027 en inclusief vastgestelde begrotingswijzigingen en de Eerste Bestuursrapportage 2024
1.836.000
-400.000
1.466.000
81.000
81.000
Doorwerking financiële effecten Verbonden Partijen
Financiële positie op basis van bestaand beleid
De financiële positie bij deze Kadernota start waar de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 in november vorig jaar geëindigd is. De geprognosticeerde jaarlijkse resultaten van deze begroting zijn het uitgangspunt en vertrekpunt voor onze financiële positie. De financiële positie start dus met een overschot van € 416.000 voor 2024, een overschot van € 1.209.000 voor 2025, een overschot van € 500.000 voor 2026 en voor de jaren 2027 en 2028 een overschot van € 110.000. Bij de behandeling van de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 zijn door u geen amendementen vastgesteld.
Ontwikkelingen sindsdien
Vanaf november vorig jaar tot heden hebben zich ontwikkelingen voorgedaan die effect hebben op de financiële positie van de gemeente Neder-Betuwe. De volgende ontwikkelingen hebben zich voorgedaan. Financiële effecten vastgestelde begrotingswijzigingen U heeft tot heden over het jaar 2024 begrotingswijzigingen vastgesteld met financiële impact. De financiële effecten hiervan bedragen voor het jaar 2024 een nadelig effect van € 945.000, voor 2025 een nadelig effect van € 422.000, voor 2026 een nadelig effect van € 608.000 en voor de jaren 2027 en 2028 een voordelig effect van € 155.000. De grootste oorzaken voor deze bijstellingen zijn de doorwerkende financiële effecten van de Tweede Bestuursrapportage 2023. De structurele effecten uit de Tweede Bestuursrapportage 2023 waren met name de gestegen energielasten voor openbare verlichting, schoolgebouwen, welzijnsgebouwen en gemeentehuis. Daarnaast zijn de personeelslasten toegenomen. Financiële effecten Eerste Bestuursrapportage 2024 De Eerste Bestuursrapportage 2024 is u aangeboden. De voortgang en uitvoering van het beleid zorgen dat bestaande budgetten bijstelling behoeven. Er zijn verschillende oorzaken voor het nadelige effect van de eerste bestuursrapportage. Het qua omvang belangrijkste nadeel wordt veroorzaakt door hogere lasten in verband met de vervanging van personeel bij ziekte.
Andere mutaties houden in belangrijke mate verband met autonome ontwikkelingen of noodzakelijke eenmalige uitgaven ten behoeve van de continuïteit en effectiviteit van onze bedrijfsvoering. Zo zijn er extra lasten opgenomen voor de implementatie van het nieuwe financiële systeem, voor de instandhouding en verbetering van de IT-omgeving (o.a. apparatuur raadzaal) en kleine noodzakelijke aanpassingen van gemeentelijke gebouwen (waaronder onderwijs). Voor een aantal zaken wordt in 2024 bewust extra geld uitgegeven. Zo wordt er budget gevraagd voor Herdenken van 80 jaar vrijheid, kunnen we baggerwerkzaamheden die voor 2025 waren gepland een jaar eerder uitvoeren en wordt er voorgesteld een budget beschikbaar te stellen voor het opstellen van een Visie op dienstverlening. Kadernota 2025-2028
9
De structurele doorwerking van de eerste bestuursrapportage is wat omvang betreft eveneens negatief, maar wel minder groot. Tegenover de nadelen die structureel zijn verwerkt, staan ook enkele voordelen. Zoals met name een hogere OZB-opbrengsten voor woningen als gevolg van areaaluitbreiding en de vrijval van het restant van de stelpost prijsstijgingen in 2024. De financiële effecten van de Eerste Bestuursrapportage 2024 bedragen voor het jaar 2024 een nadelig effect van € 1.307.000, voor 2025 een nadelig effect van € 387.000, voor 2026 een nadelig effect van € 358.000 en voor de jaren 2027 en 2028 een nadelig effect van € 346.000.
De financiële positie per heden
De bijgestelde financiële positie, het vertrekpunt van de kadernota 2025-2028 laat voor het jaar 2024 een tekort zien van € 1.836.000, voor 2025 een overschot van € 400.000, voor 2026 een tekort van € 1.466.000 en voor de jaren 2027 en 2028 een tekort van € 81.000.
Verwacht toekomstig perspectief
In deze kadernota 2025-2027 zijn we gestart met het verder aanvullen van de financiële positie met de financiële gevolgen van nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en (in beperkte mate) ambities. Daarna hebben wij mogelijke dekkingsmogelijkheden in beeld gebracht.
Nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities Allereerst hebben wij de financiële positie ‘per heden’ aangevuld met de financiële effecten van het nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen die zich aftekenen en ambities die wij voor de komende jaren hebben. Dat zijn deels ontwikkelingen die structureel beslag leggen op financiële middelen en deels ontwikkelingen die een incidenteel effect hebben op onze financiële middelen. De structurele en incidentele financiële ruimte die nodig is voor nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities bedraagt voor het jaar 2025 € 1.675.000, voor het jaar 2026 € 3.142.000 voor het jaar 2027 € 3.244.000 en voor het jaar 2028 € 3.633.000. De structurele financiële effecten daarvan tellen voor 2025 op tot een bedrag van € 992.000, voor 2026 een bedrag van € 2.623.000, voor 2027 een bedrag van € 3.152.000 en voor 2028 een bedrag van € 3.633.000. De incidentele financiële effecten voor de jaren 2025 tot en met 2027 vormen een totaalbedrag van € 1.294.000. Voor 2025 een bedrag van € 683.000 en voor 2026 een bedrag van € 519.000 en voor 2027 een bedrag van € 92.000. Het gaat hier over incidentele middelen die nodig zijn voor het Informatiebeleidsplan. Het nieuwe beleid, de nieuwe ontwikkelingen en ambities worden uitgebreid toegelicht in het volgende hoofdstuk van deze kadernota.
Voorgestelde inzet van dekkingsmiddelen
Om het voorgestelde nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities te kunnen uitvoeren zal er financiële dekking nodig zijn. In deze kadernota maken wij gebruik van drie vormen van dekkingsvoorstellen: Dekking uit de algemene reserve die nodig is voor nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities met een incidenteel karakter. In deze kadernota 2025-2028 doen wij u voorstellen om incidenteel de algemene reserve als dekkingsmiddel in te zetten. Wij stellen aan u voor om voor de komende drie jaar een bedrag van in totaal € 1.294.000 te onttrekken aan de algemene reserve ter dekking van nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities met een incidenteel karakter, het informatiebeleidsplan. Dekking uit de Stelpost Beleidsvoornemens. Bij de begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2027 heeft u een stelpost “beleidsvoornemens” als dekkingsmiddel gevormd voor toekomstige nieuwe beleidsvoornemens. Bij deze kadernota stellen wij u voor vanuit deze stelpost voor het jaar 2025 € 744.000 in te zetten, voor het jaar 2026 € 397.000. Met deze inzet als dekking is deze stelpost volledig benut. Dekking uit de stelpost groeiformatie n.a.v. groei gemeente
Kadernota 2025-2028
10
Bij de begroting 2023 heeft uw raad in de meerjarenbegroting een raming opgenomen voor het meegroeien van de ambtelijke organisatie met de groei van de gemeente. Bij de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 is de groei van deze stelpost per 2026 teruggebracht naar 1 fte per jaar en vanaf 2027 is geen groei formatie meer opgenomen. Bij deze kadernota stellen wij u voor om deze stelpost te gebruiken ter gedeeltelijke dekking van de voorgestelde formatie-uitbreidingen. De dekking bedraagt voor 2025 € 160.000 en voor de jaren daarna € 240.000. Met deze inzet als dekking is deze stelpost volledig benut. Hieronder een totaaloverzicht van dekkingsmiddelen die wij voorstellen in te zetten.
Overzicht inzet uit aanwezige dekkingsmiddelen Inzet uit Algemene reserve voor Incidenteel nieuw beleid
Begroting
Meerjarenraming
2025
2026
2027
2028
-1.294.000
-683.000
-519.000
-92.000
Inzet uit stelpost Beleidsvoornemens
0
-744.000
-397.000
0
0
Inzet uit Stelpost groeiformatie n.a.v. groeigemeente
0
-160.000
-240.000
-240.000
-240.000
-1.587.000 -1.156.000
-332.000
-240.000
Totaal inzet uit aanwezige dekkingsmiddelen
Kadernota 2025-2028
0
11
Conclusie: het financieel perspectief van deze Kadernota Wanneer wij het nieuwe beleid, de nieuwe ontwikkelingen en ambities in één overzicht zetten met de voorgestelde dekkingsvoorstellen, komen wij uit op de volgende financiële positie voor de Kadernota 2025-2028.
Financiële Positie 2024-2028 en verwacht toekomstig perspectief (-/- = overschot +/= = tekort)
Financiële positie 2024 - 2028 Per heden
Begroting
Begroting
2024
2025
Meerjarenraming 2026
2027
2028
1.836.000
-400.000
1.466.000
81.000
81.000
Structurele en Incidentele financiële ruimte die nodig is voor Nieuw beleid, Nieuwe ontwikkelingen en Ambities
0
1.674.913
3.141.948
3.243.401
3.632.970
Totaal doorwerking financiële effecten Nieuw Beleid, nieuwe ontwikkelingen en Ambities
0
1.674.913
3.141.948
3.243.401
3.632.970
1.836.000
1.274.913
4.607.948
3.324.401
3.713.970
Dekking uit reserves voor incidentele financiele ruimte die nodig is voor Nieuw beleid, Nieuwe ontwikkelingen en Ambities
0
-683.000
-519.000
-92.000
0
Inzet Stelpost Beleidsvoornemens
0
-744.000
-397.000
0
0
Inzet Stelpost groei formatie n.a.v. groei gemeente (2 Fte)
0
-160.000
-240.000
-240.000
-240.000
Totaal aan dekkingmiddelen
0
-1.587.000
-1.156.000
-332.000
-240.000
1.836.000
-312.087
3.451.948
2.992.401
3.473.970
Nieuw beleid, Nieuwe ontwikkelingen en Ambities
Financiële positie 2023 - 2027 Inclusief Nieuw beleid, Nieuwe ontwikkelingen en Ambities Voorgestelde Dekkingsmiddelen
Financiele positie 2024 - 2028 Inclusief Nieuw beleid, Nieuwe ontwikkelingen en Ambities en Inclusief dekkingsmiddelen
Uit dit overzicht blijkt dat wij in de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 voor het jaar 2025 nog een sluitende financiële positie hebben. Vanaf 2026 is er sprake van forse tekorten in onze meerjarenraming. Zoals aangegeven nemen we in deze kadernota nog geen maatregelen om deze tekorten in te dammen. Het spreekt echter vanzelf dat de tekorten vanaf 2026 niet kunnen blijven bestaan. We bereiden in het kader van het ombuigingstraject maatregelen voor en nemen uiterlijk bij de Kadernota 2026 eventuele noodzakelijke besluiten om het financiële evenwicht in onze meerjarenraming te herstellen. De financiële positie van deze kadernota 2025-2028 sluit met een overschot voor het jaar 2025 van € 312.000, 2026 sluit met een tekort van € 3.452.000, 2027 sluit met een tekort van € 2.993.000 en 2028 sluit met een tekort van € 3.474.000.
Inzet algemene reserve
De algemene reserve is een onderdeel van de weerstandscapaciteit van een gemeente en kent daarnaast een algemene dekkings- en financieringsfunctie. De positie van de algemene reserve is de laatste jaren ingezet ter dekking van incidenteel nieuw beleid of ter dekking van kapitaallasten van grote kapitaalinvesteringen. Ook in deze kadernota 2025-2028 doen wij u voorstellen om incidenteel de algemene reserve als dekkingsmiddel in te zetten. In de begrotingjaren 2025, 2026 en 2027 wordt de algemene reserve ingezet als dekking voor nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities met een incidenteel karakter. Hieronder treft u een overzicht van de standen en het verloop van de algemene reserve op basis van alle bekende claims op de reserve inclusief de voorstellen in deze kadernota.
Kadernota 2025-2028
12
Overzicht verloop Algemene Reserve
2024
2025
2026
2027
2028
Stand algemene reseves -/- = verminderingen +/+ = vermeerderingen
-18.851.110 -18.767.956 -16.466.770 -15.595.770
-5.503.770
Doorwerking financiele effecten mutaties Algemene Reserve Toevoeging/onttrekking Erfgoedbeleidnota
27.500
0
0
0
0
Onttrekking i.v.m. dekking uitbreiding formatie
666.086
666.086
0
0
0
Onttrekking tbv uitvoeringskosten verruiming minimabeleid voor 2023 en 2024 (BGW 9-2023)
160.000
0
0
0
0
1.450.850
352.100
352.000
0
0
475.000
600.000
0
0
0
0
0
0
10.000.000
0
2e bestuursrapportage 2023 (Bestemming 2023 naar 2024)
467.500
0
0
0
0
Onttrekking ter dekking van budget voor niet vergunning gebonden toezicht en handhaving
200.000
0
0
0
0
Claims voor incidentele dekking nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en Ambities Aankoop grond Randweg Opheusden Onttrekking voor storting in de reserve toekomstige afschrijvingen investeringen
Voorgestelde toevoeging resultaat jaarstukken 2023
-3.363.782
0
0
0
0
0
683.000
519.000
92.000
0
83.154
2.301.186
871.000
10.092.000
0
-18.767.956 -16.466.770 -15.595.770
-5.503.770
-5.503.770
Onttrekking ter dekking van incidentele uitgaven kadernota 2025-2028 (informatiebeleidsplan) Totaal doorwerking financiele effecten mutaties Algemene Reserve Stand algemene reserve na verwerking financiele effecten -/- = overschot +/+ = tekort
Weerstandscapaciteit en weerstandsratio
Bij de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 was de classificatie van de weerstandsratio op basis van het berekende risicoprofiel in relatie tot de beschikbare weerstandscapaciteit eind 2024 'Uitstekend'. Door de onttrekkingen aan de algemene reserve daalde de weerstandscapaciteit, en daarmee de weerstandsratio maar dit werd geheel goed gemaakt door de gecumuleerde begrotingsresultaten. De op dat moment geprognosticeerde weerstandratio voor eind 2027 was 1,3 en deze kwalificeerde als 'voldoende'. De weerstandcapaciteit is in de periode van begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 tot aan deze kadernota 2025-2028 gewijzigd en beperkt verbeterd. De weerstandscapaciteit neemt toe met € 3.363.000 door toevoeging van het resultaat van de Jaarstukken 2023 en neemt af door het verwachte resultaat van de jaarschijf 2024, een tekort van € 1.836.000. Hieronder heeft u in één oogopslag zicht op de weerstandscapaciteit en de weerstandsratio per heden gebaseerd op het risicoprofiel begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027.
Weerstandscapaciteit/Ratio Algemene reserve per 01-01 Geplande en verwachte mutaties Algemene reserve lopende het jaar Niet vrij te besteden deel Algemene Reserve
2024
2025
2026
2027
-18.851.110
-18.767.956
-16.466.770
-15.595.770
-5.503.770
83.154
2.301.186
871.000
10.092.000
0
10.000.000
10.000.000
10.000.000
0
0
0
1.836.000
1.524.000
4.976.000
7.969.000
Begroot resultaat vorig jaar Onvoorzien
2028
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
Resultaat jaarschijf 2024 per heden of Resultaat Kadernota 2025-2028
1.836.000
-312.000
3.452.000
2.993.000
3.474.000
Totaal beschikbaar weerstandscapaciteit Ingeschatte risico's op basis begroting 2024per en 31-12 meerjarenraming 20252027
-6.981.956
-4.992.770
-669.770
2.415.230
5.889.230
3.951.000
3.951.000
3.951.000
3.951.000
3.951.000
Weerstandsratio
1,8 Ruim voldoende
1,3 Voldoende
0,2 -0,6 -1,5 Ruim Ruim Ruim onvoldoende onvoldoende onvoldoende
Als de gecalculeerde financiële resultaten van deze kadernota werkelijkheid worden en ten bate of ten laste worden gebracht van ons weerstandscapaciteit (algemene reserve) dan is onze weerstandscapaciteit bij lange na niet toereikend. Vanaf 2026 is zal ons weerstandscapaciteit nihil zijn en in 2028 zal er een tekort zijn van € 5.889.000. Rekening houdend met het weerstandscapaciteit die nodig is om risico’s te kunnen opvangen zal er een tekort zijn van afgerond € 9.840.000. We hebben gelukkig enig ‘vet op de botten’, maar dit laat de noodzaak zien om uiterlijk bij de Kadernota 2026-2029 besluiten te nemen om de financiële positie vanaf 2026 in evenwicht te brengen. De actualisatie van de risico’s zal nog plaatsvinden, dat gebeurt bij de Begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicomanagement.
Kadernota 2025-2028
13
Uitgangspunten en kaders die gehanteerd worden bij samenstellen begroting 2025 -2028 Het financieel-economisch perspectief voor de komende jaren vraagt om een strikt begrotingsbeleid. Aanvullend op geldende wet- en regelgeving in onder meer de Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording en onze Financiële verordening art. 212, gaan wij hierbij uit van onderstaande uitgangspunten. Deze zijn leidend voor ons inhoudelijke en financiële beleid en de uitvoering in de komende jaren. 1. Coalitieakkoord 2022-2026: ‘‘Zorgzaam – Duurzaam – Koersvast!’ Als uitvloeisel van de gemeenteraadsverkiezingen is een coalitieakkoord opgesteld. Dit akkoord vormt de leidraad voor het gemeentelijk beleid voor de komende jaren (eerste W-vraag per Ambitie). 2. Integrale afweging De raad weegt nieuw beleid tegen elkaar en tegen de beschikbare financiële beleidsruimte af bij de besluitvorming over de begroting in het najaar. Deze begroting biedt inzicht in de ontwikkeling van de financiële beleidsruimte en in voorgesteld nieuw beleid. 3. Bestaand beleid Bij het opstellen van de begroting gaan we uit van het bestaande beleid. Bestaand beleid gaat over de (financieel) beleidsmatige situatie tot en met uw besluitvorming de raad van juli 2024. 4. Nieuw beleid Een uitzondering op het voorgaande punt betreft nieuwe ontwikkelingen waarover u bij de behandeling van deze kadernota besluit.
Het kan bijvoorbeeld gaan om voorstellen voor nieuw beleid, Ombuigingen en dekkingsvoorstellen. De inpassing van eventueel nieuw beleid / nieuwe ontwikkelingen, Ombuigingen en dekkingsmiddelen vindt plaats in de begroting onder het hoofdstuk 'Nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en Ombuigingen'. Definitieve besluitvorming over het 'Nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en Ombuigingen heroverwegingen' gebeurt bij de begrotingsbehandeling in het najaar. Bij bestuursrapportages en jaarstukken worden geen besluiten genomen over het uitvoeren van nieuw beleid. Nieuw beleid of beleidsintensiveringen na de kadernota kunnen alleen op basis van een afzonderlijk raadsbesluit verwerkt worden in de begroting. Hiermee wordt terughoudend omgegaan. 5. Nieuw beleid na begrotingsbehandeling Als de raad besluit over een voorstel om extra middelen uit te geven op een ander moment dan bij de genoemde integrale afweging dient solide dekking worden gevonden. Tenzij er sprake is van externe dekking moet in het voorstel aangegeven worden welke adequate dekking er is. Een mogelijkheid hierbij is ‘oud voor nieuw’ ofwel oud beleid schrappen voor nieuw beleid. Een beroep op een verwacht positief begrotingsoverschot of een waarschijnlijk rekeningsaldo is in principe geen adequate dekking. 6. Behoedzame en reële ramingen Bij het begroten (budgetteren) gaan we uit van behoedzame en reële ramingen.
De raming van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds voor een begrotingsjaar baseren wij op de meicirculaire van het voorafgaande jaar. Tussentijdse mutaties in de hoogte van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds verrekenen wij incidenteel met het begrotingssaldo. Bijstelling van specifieke, incidentele geldstromen van rijk of provincie verrekenen wij direct met de specifieke, incidentele uitgaven die hiertegenover staan. 7. Structureel en reëel sluitende begroting Voor de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 wordt voorgesteld en volgen wij het advies van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten om af te wijken van het tot op heden gehanteerde uitgangspunt dat zowel de begroting als het laatste jaar van de meerjarenraming structureel en reëel sluitend zijn. Er wordt aangesloten bij de (minimale) norm voor (normaal) repressief toezicht op grond van het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader van de provinciale toezichthouders. Dit betekent dat de begroting structureel en reëel in evenwicht moet zijn. Als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is, dan moet aannemelijk zijn dat dit evenwicht uiterlijk in het laatste jaar van de meerjarenraming tot stand wordt gebracht. 8. Structurele uitgaven worden structureel gedekt Tegenover structurele lasten staan structurele baten.
Tegenover structurele lasten kunnen geen incidentele baten of incidentele meevallers staan. Uit het budget voor onvoorziene uitgaven worden geen structurele uitgaven gedaan.
Kadernota 2025-2028
14
9. Weerstandscapaciteit inzetten ten gunste van realisatie van Ambities. Binnen het financieel beleid bestaat de mogelijkheid om de weerstandscapaciteit in te zetten voor het realiseren van grote ambitieprojecten. Hiervoor gelden de volgende afspraken: • De weerstandsratio mag niet onder de 1,0 komen. • Voor grote ambitieprojecten worden de lasten (exploitatielasten en kapitaallasten in beeld gebracht). • Ter dekking van de jaarlijkse afschrijvingslasten kan een bestemmingsreserve gevormd worden. • Om het risico van het wegvallen van de dekking door op termijn het uitputten van de bestemmingsreserve moet vroegtijdig (bij een kadernota) de nodige vervangingsinvesteringen in beeld gebracht zijn waar dekking vanuit een bestemmingsreserve tegenover staat. • Daarnaast moet ons weerstandscapaciteit goed gemonitord worden zodat de gestelde kaders van het risicomanagement worden nagekomen. 10. Weerstandscapaciteit inzetten ten gunste van een sluitende begroting of meerjarenraming Onttrekkingen aan reserves zijn in beginsel incidenteel van aard. Vanaf 2024 mogen gemeenten hun algemene reserve onder voorwaarden echter (gedeeltelijk) inzetten ter dekking van een structureel tekort in de begroting of meerjarenraming. Omdat hiermee feitelijk een structureel tekort wordt gedekt vanuit incidentele middelen wordt van deze mogelijkheid vooralsnog geen gebruik gemaakt.
Afhankelijk van de ontwikkeling van de financiële positie, de algemene reserve en de risico’s kan hierin op enig moment een andere afweging worden gemaakt. 11. Aantal inwoners Als uitgangspunt bij het samenstellen van de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 wordt het aantal inwoners genomen op peildatum 1 januari 2024. Op die datum telde Neder-Betuwe 25.692 inwoners. Plaatsnaam
Aantal 2016
Aantal 2017
Aantal 2018
Aantal 2019
Aantal 2020
Aantal 2021
Aantal 2022
Aantal 2023
Aantal 2024
Dodewaard
4.379
4.376
4.383
4.441
4.392
4.423
4.462
4.547
4592
Echteld Kesteren
1.056 5.527
1.027 5.671
1.025 5.812
1.037 6.078
1.036 6.411
1.047 6.564
1.056 6.854
1.066 7.143
1041 7344
Opheusden Ochten
6.132 4.860
6.215 4.902
6.309 4.932
6.303 5.005
6.336 4.986
6.353 5.081
6.352 5.144
6.351 5.174
6340 5207
IJzendoorn TOTAAL
1.095 1.112 1.154 23.049 23.303 23.615
1.170 1.178 24.034 24.339
1.180 24.648
1.164 1.167 25.032 25.448
1168 25.692
12. Prijspeil (inflatiepercentage) De budgetten in de begroting worden geraamd op basis van constante prijzen. De uitkeringen uit het gemeentefonds wordt geraamd op basis van lopende prijzen. Om aansluiting te houden met de verwachte prijsontwikkeling wordt centraal een stelpost prijscompensatie geraamd. De meicirculaire 2024 geeft de kaders aan voor de verwachte prijsstijging voor het jaar 2025. De afspraak die wij met u hebben gemaakt, is dat wij voor de prijsstijging jaarlijks een stelpost prijsstijging opnemen met het percentage dat de meicirculaire voor het volgende jaar aangeeft. Bij de begroting 2025 passen we onze stelpost prijsstijgingen voor 2025 aan op basis van het verwachte percentage prijsstijging uit de meicirculaire 2024. In de meerjarenraming 2026-2028 wordt voor de jaren 2026 tot en met 2028 rekening gehouden met verwachte prijsstijgingen uit de meicirculaire 2024. 13. Personeelslasten De formatie 2025 wordt geraamd op basis van de formatie 2024. De huidige, nog geldende CAO heeft een looptijd van 1 januari 2024 tot 1 april 2025. De financiële effecten van deze CAO zijn verwerkt in de eerste bestuursrapportage 2024. Informatie over een nieuwe CAO is nog niet bekend, de onderhandelingen hierover beginnen medio november 2024. De meicirculaire 2024 geeft kaders aan voor de verwachte loonstijgingen voor de komende jaren.
De huidige CAO is verwerkt via de 1 e bestuursrapportage 2024 in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027. De meicirculaire 2024 geeft de kaders aan voor de verwachte loonstijging voor het jaar 2025. Bij de begroting 2025 passen we onze stelpost loonstijging voor 2025 aan op basis van het verwachte percentage prijsstijging uit de meicirculaire 2024. In de meerjarenraming 2026-2028 wordt voor de jaren 2026 tot en met 2028 rekening gehouden met verwachte loonstijgingen uit de meicirculaire 2024.
Kadernota 2025-2028
15
14. Investeringsbudgetten en vrijval van investeringsbudgetten In de Financiële Verordening Neder-Betuwe 2023 (art. 212) heeft u beleidskaders aangegeven voor de manier van omgaan met investeringsbudgetten en vrijval van investeringsbudgetten. Investeringsbudgetten worden beschikbaar gesteld op basis van een deugdelijke voorbereiding. De ondergrens voor investeringsbudget bedraagt € 35.000. Vrijval in investeringsbudgetten wordt niet in de exploitatiesfeer ingezet. De ruimte die ontstaat door vrijval van afschrijvingslasten wordt benut voor vervanging van investeringsbudgetten. Als vervanging niet nodig is, zal de vrijval van afschrijvingslasten ten gunste komen van de financiële positie. Bij bestuursrapportages wordt bezien of er daadwerkelijk sprake is van vrijval van kapitaallasten. 15. Reserves en voorzieningen De basis hiervoor vormt de nota reserves en voorzieningen 2018. Deze nota is vastgesteld in de raadsvergadering van 8 maart 2018. 16. Reservepositie De algemene reserve dient ter dekking van de risico's en om incidentele exploitatietekorten op te vangen. 17. Doorrekening uren Als ambtelijke capaciteit wordt ingezet voor grondexploitaties, investeringsprojecten en bestuursopdrachten met afzonderlijke dekking (bv. reserves of subsidies) dan kunnen de ambtelijke kosten die hiermee zijn gemoeid worden doorberekend aan deze kostendragers.
Deze kosten komen dan niet ten laste van de exploitatiebegroting. Urentoerekening naar grondexploitaties, investeringen en bestuursopdrachten kan alleen plaatsvinden indien er sprake is van een actuele en reële raming van de verwachte ambtelijke inzet. Op dit moment worden er alleen standaard uren doorberekend aan grondexploitaties en bestuursopdrachten. Van een structurele toerekening van vaste formatie aan investeringen is op dit moment nog geen sprake.
Kadernota 2025-2028
16
Overzicht nieuw beleid, ontwikkelingen en ambities Op de pagina hierna vindt u het totaaloverzicht van alle voorstellen in deze kadernota, voorzien van de financiële consequenties en verdeeld over de begrotingsprogramma’s. Een aantal bedragen daarin is lichtgeel gearceerd, deze zijn voorzien van een incidentele dekking. De overige bedragen zijn met een structurele dekking opgenomen in deze kadernota.
Structureel/Incidenteel Programma 1 Bestuur en Dienstverlening Coördinator Gemeentewinkel
0
0
0
0
0
2
0
8.000
8.000
8.000
8.000
3
Programma 2 Openbare Orde en Veiligheid Digitale weerkbaarheid en weerbaar tegen ondermijning Programma 3 Fysieke Leefomgeving Effectieve en efficiënte inrichting en beheer openbare ruimte
0
429.000
429.000
429.000
429.000
3
Stimuleren van wandelen, Ommetje Casterhoven (Brug)
175.000
0
5.167
5.138
5.108
3
Speelruimteplan 2024-2027
552.000
0
42.336
41.968
41.590
3
Het verhogen van de groene uitstraling van de gemeente
600.000
16.500
33.000
49.500
66.000
3
Klimaatadaptatie
0
25.000
25.000
25.000
25.000
3
Trekker deelopgave circulariteit en klimaatadaptatie
0
0
0
41.600
41.600
2
Regisseur omgevingsplan
0
0
0
0
104.000
2
Actualiseren en herijken programma duurzaamheid
0
0
0
0
0
2
510.000
0
0
590
1.180
2
Rehabilitatie Dodewaard Zuid te Dodewaard (voorbereiding 2027 gereed 2030)
4.915.000
0
0
0
9.830
2
Rehabilitatie Fruitstraat Kesteren (voorbereiding 2026 gereed 2029)
1.180.000
0
0
2.360
4.720
2
Rehabilitatie IJzendoorn Oud IJzendoorn (voorbereiding 2028 gereed 2031)
1.910.000
0
0
0
0
2
Rehabilitatie Molendam Ochten (voorbereiding 2027 gereed 2030)
240.000
0
0
0
480
2
Rehabilitatie Schenkhofstraat Kesteren (voorbereiding 2026 gereed 2029)
800.000
0
0
1.600
3.200
2
Rehabilitatie De Leede Kesteren (voorbereiding 2025 gereed 2028)
967.000
0
1.934
3.868
6.769
2
Rehabilitatie Dichterswijk/Romeinse buurt Kesteren (voorber.2025 gereed 2028)
125.000
0
250
500
875
2
Rehabilitatie Nassaulaan Kesteren (voorbereiding 2025 gereed 2028)
35.000
0
70
140
245
2
Brug Betuwe Singel Echteld
100.000
0
200
700
5.000
2
Rehabilitatie Bagijnestraat Ochten (voorbereiding 2026 gereed 2029)
Programma 4 Economie Geen Programma 5 Wmo, Jeugdzorg en Participatiewet Voldoende opvangplekken voor asielzoekers
0
pm
pm
pm
pm
1
Specialistische jeugdzorg - Mobiele brigade en integrale zorg
0
38.055
38.055
38.055
38.055
2
Preventief jeugdbeleid
0
40.000
40.000
40.000
40.000
3
Toekomstbestendige uitvoering van Participatiewet en Schuldhulpverlening
0
90.358
400.000
400.000
400.000
1
Projectleider sociale pijler
0
0
0
0
0
?
Verduurzamen gemeentelijke gebouwen Sporthal de Leede 2025
770.000
0
59.032
58.519
58.005
3
Verduurzamen gemeentelijke gebouwen Gymzaal Echteld 2025
190.000
0
14.604
14.477
14.350
3
Verduurzamen gemeentelijke gebouwen Kesteren/Hoenderik 2026
190.000
0
0
14.573
14.446
3
Vervanging vervoersbussen (Klaartje en Swobrik)
55.000
0
9.717
9.625
9.534
2
Vervanging vervoersbussen (Klaartje en Swobrik)
55.000
0
0
9.717
9.625
2
13.000.000
0
0
100.000
100.000
1
Realiseren skatevoorzieningen
150.000
15.000
7.833
7.733
7.633
3
Verleggen inrit verkeer
50.000
1.750
1.738
1.725
3
Programma 6 Onderwijs, Sport en Welzijn
IHP Investeringen scholen Kesteren
Algemene dekkingsmiddelen, Overhead, VPB, Onvoorzien Het mogelijke effect van de aanpassing van de financiering systematiek in het gemeentefonds (Zonder verdere Rijksmaatregelen)
0
0
480.000
820.000
1.160.000
1
Stelpost prijsstijgingen Verbonden Partijen
0
0
0
0
0
1
Bestaande structurele formatiebehoefte zonder structurele dekking
0
0
697.000
697.000
697.000
2
Uitvoering informatiebeleidsplan 2025 -2027
0
683.000
519.000
92.000
0
1,2
Versterking ondersteuning primair proces
0
330.000
330.000
330.000
330.000
2
26.569.000
1.674.913
3.141.948
3.243.401
3.632.970
Doorwerking financiële effecten voorliggende nieuwe ontwikkelingen
Kadernota 2025-2028
17
NIEUW BELEID EN NIEUWE ONTWIKKELINGEN IN DE BEGROTINGSPROGRAMMA’S
Kadernota 2025-2028
18
Programma 1 Bestuur en dienstverlening Missie Bestuur en organisatie staan ten dienste van een samenleving die voortdurend in beweging is. We staan voor uitdagingen die we alleen succesvol kunnen aanpakken als hiervoor een breed draagvlak bestaat bij inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. We hebben oog voor de groeiende afstand tussen burger en overheid die in Nederland te zien is. Zorgvuldige communicatie, participatie en een goede dienstverlening zijn daarom belangrijk. Dit verbindt de gemeente met de samenleving en zorgt voor transparantie, vertrouwen en een goede onderlinge relatie. Door de omgeving goed te betrekken zorgen we voor betere plannen en beleid. De opgaven waarvoor wij staan houden niet op bij onze gemeentegrenzen. Daarom werken wij nauw samen met onze buurgemeenten, gemeenschappelijke regelingen en als dat nodig is ook met gemeenten en organisaties op regionaal en provinciaal niveau. Neder-Betuwe heeft een stevige positie in de regio.
Nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities Coördinator gemeentewinkel / projectleider verkiezingen Onontkoombaar
Wat willen we bereiken? De ambtelijke organisatie is berekend op haar taken
Wat gaan we daarvoor doen?
Wanneer speelt het?
We brengen de capaciteit en hoeveelheid werk met elkaar in balans.
Wat mag het kosten?
Coördinator Gemeentewinkel/projectleider verkiezingen (1 fte) Dekking uit leges Totaal
Investering
continu
2025
2026
2027
2028
0
95.000
95.000
95.000
95.000
0
-95.000 0
-95.000 0
-95.000 0
-95.000 0
De hoeveelheid werkzaamheden binnen de gemeentewinkel neemt toe vanwege de gestage groei van het aantal inwoners en daarmee het aantal mensen wat we bedienen vanuit de Gemeentewinkel. Samen met de extra inzet voor de inschrijving van Oekraïners en arbeidsmigranten alsook de toename van werkzaamheden als gevolg van nieuwe en aangepaste wetgeving is coördinatie van de werkzaamheden noodzakelijk. Ook is het noodzakelijk processen te stroomlijnen en in te kunnen spelen op knelpunten. De benodigde capaciteit is in de voorgaande periode tijdelijk ingehuurd, maar is structureel nodig. Bij het niet inzetten van deze extra capaciteit kan dit vertraging opleveren bij het halen van ambities, kunnen we onze klanten niet volgens afspraak van dienst zijn en is door het niet halen van wettelijke termijnen voor het vervaardigen van onder andere reisdocumenten wat ten koste gaat van de voortgang van beleid en de uitvoering daarvan. De kosten worden gedekt door hogere legesopbrengsten, die samenhangen met een combinatie van hogere dan nu in de begroting opgenomen aantallen en een hogere kostendekkendheid (tarieven). Overigens wordt opgemerkt dat bij de begroting 2024 een bedrag van € 0,1 mln. structureel ten gunste van de algemene middelen is gebracht in verband met de legesopbrengsten
Kadernota 2025-2028
19
Programma 2 Openbare orde en veiligheid Missie In Neder-Betuwe is het fijn wonen en leven. Veiligheid is een belangrijke voorwaarde om in vrijheid te kunnen leven. Het gaat hierbij zowel om de harde cijfers als het gevoel van veiligheid. We versterken onze veiligheid door in te zetten op het tegengaan van ondermijning, het versterken van onze politiecapaciteit, het voorkomen en bestrijden van mensenhandel en het tegengaan van uitbuiting van arbeidsmigranten. Deze missie komt overeen met de vastgestelde visie in de Integrale Beleidsnota Sociaal Domein. De ambities en ontwikkelingen binnen dit programma komen deels terug in de nota of de bijbehorende uitvoeringsplannen.
Nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities Digitale weerbaarheid en weerbaar tegen ondermijning Ambitie
Wat willen we bereiken?
Ondermijnende criminaliteit, uitbuiting en mensenhandel wordt voorkomen
Wat gaan we daarvoor doen?
Wanneer speelt het?
We verhogen de (digitale) weerbaarheid van onze samenleving
continu
Preventie en voorlichting van gemeentelijke organisatie op het gebied van ondermijning via opleidingen en informatiebijeenkomsten.
continu
Preventie en voorlichting naar inwoners, ondernemers en overige specifieke doelgroepen op het gebied van ondermijning. Met daarbij speciale aandacht voor het vergroten van bewustwording en meldingsbereidheid en het informeren over de gevolgen van deelname aan criminele netwerken.
continu
Wat mag het kosten?
Digitale weerbaarheid Weerbaar tegen ondermijning Totaal
Investering
2025
2026
2027
2028
4.000 4.000 8.000
4.000 4.000 8.000
4.000 4.000 8.000
4.000 4.000 8.000
Vanuit het Integraal Veiligheidsplan De Waarden 2023-2026 (vastgesteld door de gemeenteraad) is digitale veiligheid één van de prioriteiten. De samenleving digitaliseert. Steeds vaker regelen inwoners, ondernemers en publieke instellingen hun zaken en diensten online. Digitale criminaliteit neemt toe en heeft een behoorlijke impact. Hieronder valt gegevensdiefstal, cyberaanvallen, maar ook strafbare uitingen, verkoop van gestolen of vervalste goederen en identiteitsfraude. Het bevorderen van de digitale weerbaarheid is nodig. Er zijn drie kwetsbare doelgroepen gedefinieerd: jeugd, ouderen en ondernemers. Het is van belang dat de samenleving en de overheid weerbaar gemaakt worden tegen ondermijnende criminaliteit. Criminelen hebben de gemeente nodig om hun criminele activiteiten te kunnen voortzetten. Denk aan het aanvragen van (valse) paspoorten, overtredingen van de BRP aanvragen van vergunningen om die te misbruiken, het beïnvloeden van ambtenaren en bestuurders, misbruiken van subsidies en uitkeringen en het illegaal gebruiken van vastgoed, enz. Ambtenaren en bestuurders dienen hiertegen weerbaar te zijn en hebben instrumenten en kennis nodig om de signalen hiervan te herkennen en hier vervolgens iets mee te doen. Daarnaast is het van belang dat ook onze inwoners weerbaar zijn tegen de invloeden van ondermijnende criminaliteit.
Met name kwetsbare inwoners lopen een extra risico slachtoffer te worden van criminelen die hen misbruiken of uitbuiten voor crimineel gewin. Onze inwoners hebben instrumenten en kennis nodig om de signalen hiervan te herkennen en hier vervolgens iets mee te doen.
Kadernota 2025-2028
20
Programma 3 Fysieke leefomgeving Missie Neder-Betuwe is een veilige, schone, aantrekkelijke en gevarieerde gemeente en staat bekend als hét laanboomcentrum van Nederland en Europa. Wij werken samen met bewoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties aan het behoud en de ontwikkeling van een duurzame, leefbare en vitale gemeente. De woningvoorraad is kwalitatief op orde en stemmen we voortdurend af op de behoefte. We ontwikkelen de mobiliteit in onze gemeente zo, dat deze de bereikbaarheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid versterkt. Klimaatverandering is een urgent wereldwijd probleem. Onder invloed van klimaatverandering ontstaan maatschappelijke vraagstukken. De regierol om deze aan te pakken ligt voor een deel bij gemeenten. We werken daarom integraal aan een duurzame (lokale) leefomgeving en een gezonde leefstijl.
Nieuw beleid, nieuwe ontwikkelingen en ambities Effectieve en efficiënte inrichting en beheer openbare ruimte Ambitie
Wat willen we bereiken?
Effectieve en efficiënte inrichting en beheer openbare ruimte
Wat mag het kosten?
Beheer openbare ruimte Totaal
Kadernota 2025-2028
Wat gaan we daarvoor doen?
Wanneer speelt het?
Neder-Betuwe is voornemens alle beeldbepalende beheertaken weer in eigen regie uit te gaan voeren. Ingangsdatum zal 1 januari 2025 zijn. De raad heeft hier nog geen besluit over genomen. Daarom moet ervan uitgegaan worden dat het beschikbaar gestelde bedrag voor 2024 ook voor 2025 en verder noodzakelijk zal zijn. Op dit moment wordt in beeld gebracht welke contracten, taken en (personele) middelen hiermee zijn gemoeid. Verwachting is dat Neder-Betuwe de beeldbepalende taken na het zomerreces in de markt zal zetten. Investering