CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Jaarstukken 2020 (ontwerp)

Raadsvergadering 30 juni 2021, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Jaarstukken 202033.839 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Ontwikkelingen?

6.2 Huisvestingsplan scholen Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Adequaat aanbod van onderwijs zo dicht mogelijk bij onze kinderen • Opstellen uitvoeringsplan Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) inclusief een meerjarenraming. • Uitwerken duurzaamheids- en gezondheidsmaatregelen schoolgebouwen inclusief mogelijkheden voor financiering en subsidie. • Mogelijkheden verkennen voor (integrale) kindcentra.

Resultaat/tijd Middelen

Toelichting Er is sprake van financiele afwijkingen, die nader worden verklaard onder 'Wat heeft het gekost?'.

Ontwikkelingen? Jaarstukken

77

6.3 Subsidies Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Kernactiviteiten van verenigingen en maatschappelijke organisaties moeten zelfvoorzienend zijn • Flexibiliteit bij het subsidie-instrument: uitvoering van bestaand beleid met meer inzet op resultaten. Gebruik van de nieuwe subsidieregeling voor vrijwilligersactiviteiten • De nieuwe subsidieregeling geeft ruimte voor nieuwe aanvragen, die onze inwoners wensen voor activiteiten die bijdragen aan de doelen van het sociaal domein. • Deze nieuwe subsidieregeling is voor het eerst toegepast voor het subsidiejaar 2020. Dit jaar kan een evaluatie worden gemaakt over ervaringen van gebruikers op het vlak van gebruikersgemak en transparantie, het totale aantal aanvragen en de afhandeling door het subsidiebureau.

Resultaat/tijd Middelen

Toelichting

Ontwikkelingen?

6.4 Sport en beweeg voorzieningen

Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Afname Sociaal-economische Gezondheidsverschillen en bevorderen sociale omgang • Uitrollen pilot Vitaal sportpark Dodewaard conform startnotitie. Langetermijnvisie ontwikkelen over sport en bewegen • Opstellen plan van aanpak langetermijnvisie sport- en beweegvoorzieningen, dat inzicht geeft in de grenzen aan de verantwoordelijkheid van de gemeente op het gebied van bewegen en sport (accommodaties). Daarbij worden het landelijke sportakkoord en de harmonisatie van de huurtarieven/onderhoudsbijdrage (nieuwe subsidiesystematiek) betrokken. • Voortzetten en uitbreiden van de inzet van buurtsportcoaches. • Begeleiding sportclubs bij subsidieaanvragen uit bovenregionale fondsen in samenwerking met de sportkoepel in het kader van Open Sportclub of Vitaal Sportpark. • Ondersteuning aan accommodaties van sportclubs door garant te staan voor leningen en door het verstrekken van SVn duurzaamheidsleningen. • De rijksoverheid wil sport en bewegen stimuleren door de samenwerking van alle betrokken partijen (lokaal en regionaal) te bevorderen. Ook Neder-Betuwe heeft daartoe een intentieverklaring (voor een lokaal Sportakkoord) getekend.

Sportverenigingen beschikken over voldoende velden, zodat leden kunnen trainen en bewegen en kunnen deelnemen aan de voetbal- en/of korfbalcompetitie • Er ligt een uitdaging om op de (middel-)lange termijn te voorzien in de ruimtebehoefte van sportpark De Leede in Kesteren met een of meer extra sportvelden. Een positief element is de betrokkenheid en deelname van de voetbal- en korfbalverenigingen. Planning besluitvorming tweede kwartaal 2020. Jaarstukken

78

Resultaat/tijd Middelen

Toelichting Pilot Vitaal sportpark: door corona en bijbehorende maatregelen heeft de pilot het grootste gedeelte van het jaar stilgelegen, waardoor de uitvoering niet is verlopen conform startnotitie. Eind 2020 is er vervolg gegeven aan de uitvoering van de pilot. De contracten van de sportparkbegeleider en verenigingsondersteuner zijn verlengd om de pilot te kunnen voortzetten. Opstellen van een plan van aanpak langetermijnvisie: corona heeft hierin voor vertraging gezorgd. Vanwege de invloed van de coronamaatregelen lag de prioriteit in 2020 op ondersteuning en uitvoering op de korte termijn. Voortzetten en uitbreiden inzet buurtsportcoaches: met de inzet van de buurtsportcoaches is doorgegaan volgens de huidige opdrachtomschrijving. Uitbreiding was daarbij niet aan de orde. Begeleiding van sportclubs bij subsidieaanvragen: dit is niet aan de orde geweest in 2020. Duurzaamheidsleningen: in 2020 is geen gebruik gemaakt van het gemeentelijk aanbod om garant te staan voor of het verstrekken van leningen. Planning besluitvorming herinrichting sportpark De Leede is verplaatst naar medio 2021. Vanaf 2022 is er in de begroting dekking voor de uitvoering. De financiele afwijkingen worden nader verklaard onder 'Wat heeft het gekost?'.

Ontwikkelingen?

6.5 Laaggeletterdheid Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Terugdringen laaggeletterdheid • Bespreekbaar maken van laaggeletterdheid door voorlichting te geven en er aandacht aan te besteden via bijvoorbeeld de gemeentelijke communicatiekanalen. • Deelnemen aan de week van de alfabetisering en de grote DigiTaalStrijd. • Promoten van de locaties waar mensen terecht kunnen om hun taal-, reken- en/of computervaardigheid te verbeteren. Meer samenhang creëren en wellicht meer locaties/activiteiten realiseren. • De dienstverlening van de Bibliotheek Rivierenland gebruiken om kinderen en volwassenen te bereiken en zo de kans op laaggeletterdheid te verkleinen. Resultaat/tijd Middelen

Toelichting Week van de Alfabetisering en grote DigiTaalStrijd: aan de Week van de Alfabetisering, die sinds 2020 de Week van Lezen en Schrijven heet, is vanwege het coronavirus beperkte aandacht besteed. De grote DigiTaalStrijd is niet georganiseerd in 2020. Promoten van locaties: vanwege het coronavirus zijn de locaties waar mensen terecht kunnen om hun taal-, reken- en/of computervaardigheid te verbeteren gedurende meerdere maanden gesloten geweest of in elk geval niet open voor (groeps)activiteiten. Daarom is hier geen of slechts beperkte promotie aan gegeven.

Ontwikkelingen?

Jaarstukken

79

6.6 Onderwijs Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Vormgeven aan lokaal onderwijs- en jeugdbeleid via de Lokale Educatieve Agenda (LEA) • Met het onderwijs en de kinderopvang in het LEA samenwerken aan gezamenlijke thema’s. Denk aan het bestrijden van onderwijsachterstanden, passend onderwijs, leerplicht en voortijdig schoolverlaten, voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en aansluiting van jeugdhulp op het onderwijs.

Resultaat/tijd Middelen

Toelichting Ten opzichte van de begroting is er sprake van een financiele afwijking die nader wordt verklaard onder 'Wat heeft het gekost?'.

Ontwikkelingen?

6.7 Voor- en vroegschoolse Educatie Wat wilden we bereiken en wat zouden we daarvoor doen? Alle peuters hebben toegang tot voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en zijn voorbereid op het basisonderwijs • Ouders stimuleren om gebruik te maken van het aanbod van voorschoolse educatie voor hun kind door informatieverstrekking en advisering vanuit het consultatiebureau en door het organiseren van themagerichte voorlichtingsbijeenkomsten door de kinderopvangaanbieders. • Met voorschoolse educatie de ontwikkeling van peuters stimuleren op meerdere gebieden zoals taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. • Afspraken maken met de kindercentra en de basisscholen over de resultaten van VVE, overdracht van peuteropvang naar basisschool, doorgaande leerlijnen en ouderbetrokkenheid.

Resultaat/tijd Middelen

Toelichting Gedurende het jaar heeft de gemeente extra middelen ontvangen van het Rijk voor compensatie van ouderbijdragen in coronatijd en voor voorschoolse voorzieningen. Er is minder gebruik gemaakt van peuteropvang en de compensatiekosten vielen lager uit. Van het financiële voordeel wordt het restant vanuit de doeluitkering onderwijsachterstanden (OAB) gereserveerd, omdat het rijk deze aan het einde van de OAB periode in 2023 terug kan vorderen. Zie ook 'Wat heeft het gekost?'.

Ontwikkelingen?

Overige ontwikkelingen

Tijdens de coronacrisis heeft de gemeente steun geboden aan onderwijsinstellingen, dorpshuizen, verenigingen en maatschappelijke organisaties in de vorm van coördinatie, advies en steun. Per 1 augustus 2020 is het leerlingenvervoer ondergebracht bij Versis. Er is na afronding van een Europese aanbesteding een nieuw vervoerscontract afgesloten. Dit heeft geleid tot een stijging van de vervoerskosten ten opzichte van vorige jaren. Jaarstukken

80

Beleidsindicatoren Naam Indicator:

Eenheid:

Absoluut verzuim (leerlingen 5 - 18 jaar) Relatief verzuim (leerlingen 5 - 18 jaar) Voortijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)

Bron:

2014

2015

2016

2017

aantal per Ingrado NB 1.000 inwoners L

5,66

0,45

4,06

2,49

2,30

3,00

2,82

2,34

1,81

1,82

1,90

2,40

aantal per Ingrado NB 1.000 inwoners L

26,25

23,16

19,86

11,75

11,00

7,00

31,32

28,65

26,55

26,58

23,00

26,00

percentage

NB

2,30

1,70

1,20

1,40

1,20

1,50

L

2,10

1,70

1,70

1,80

1,90

2,00

Niet sporters (vanaf percentage RIVM 19 jaar)

NB

63,00

L

48,70

2018

2019

2020

NB = Neder-Betuwe L = Landelijk

Jaarstukken

81

Wat heeft het gekost? Programma: P6 Onderwijs, Sport en Welzijn Begroting 2020 Bedragen x € 1.000,-

Rekening

Verschil

Voor wijziging

Na wijziging

2020

Lasten

5.367

5.868

Begr. na wijz. / Rekening 5.113 -754

Baten

-1.382

-1.529

-1.409

121

Exploitatieresultaat

3.985

4.338

3.704

-634

+= nadeel - = voordeel Analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening (verschillen groter dan € 25.000 en afgerond op € 1.000) Bij programma 6 Onderwijs, Sport en Welzijn is aan de lastenkant € 754.000 minder uitgegeven dan geraamd en aan de batenkant is € 121.000 minder ontvangen dan geraamd. Er is op dit programma een voordelig resultaat van € 634.000. Openbaar basisonderwijs (€ 27.000 structureel nadeel) Op dit taakveld is de bijdrage van de gemeente voor het gebruik van de binnensportaccommodatie door de scholen niet geïndexeerd. Omdat de gemeente zelf de bijdrage betaalt èn ontvangt, betreft het een budgettair neutrale afwijking. De opbrengsten uit bewegingsonderwijs worden geboekt op het taakveld Sportaccommodaties. Bij de eerste bestuursrapportage 2021 zullen de structurele lasten en baten voor bewegingsonderwijs vanaf 2021 worden herzien. Onderwijshuisvesting (€ 78.000 incidenteel voordeel) Op dit taakveld is een incidenteel voordeel van € 17.000 op rente- en kapitaallasten. Een groot deel van dit voordeel zijn de rentelasten die indicatief zijn geraamd voor de uitvoering van het IHP (Kadernota 2019). In 2020 is er nog geen uitvoering geweest. Het IHP uitvoeringsprogramma is begin 2021 vastgesteld. Daarmee is voortgang bij realisatie vanaf 2021 mogelijk.

Een ander incidenteel voordeel van € 22.000 op onderhoud/schoonmaak gebouwen en terreinen is ontstaan doordat investeringen en onderhoudswerkzaamheden aan het voormalig gebouw Pantarijn zullen plaatsvinden in 2021 en 2022. Vanaf schooljaar 2021-2022 biedt het gebouw onderdak aan drie scholen. Daarnaast is sprake van een incidenteel voordeel van € 26.000 op gemeentelijke belastingen en waterschapslasten. Deze lasten lagen ruim 18,5% lager dan begroot. Het voordeel wordt vooral verklaard door de investeringen die nog niet zijn gerealiseerd. Daarnaast is sprake van kleine structurele verschillen (door fluctuatie in WOZ-waarde). In de eerste bestuursrapportage 2021 zal de raming worden gecorrigeerd. Onderwijsbeleid en leerlingzaken (€ 326.000 incidenteel voordeel) Wegens corona zijn er minder inspecties uitgevoerd bij kinderopvangorganisaties en gastouders. Dit resulteert in een incidenteel voordeel van € 27.000. Tevens is er sprake van een incidenteel voordeel op het budget voor Peuteropvang en VVE van € 144.000. Gedeeltelijk wordt dit budget bekostigd vanuit rijksmiddelen voor onderwijsachterstandenbeleid. De resterende middelen vanuit die doeluitkering worden op de Jaarstukken

82

balans gereserveerd in derdengelden en hebben daarom een budgettair neutrale doorwerking op dit taakveld. Daarnaast zijn er gedurende het jaar extra middelen van het Rijk ontvangen voor compensatie ouderbijdragen in coronatijd en voor voorschoolse voorzieningen. Maar er is minder gebruik gemaakt van peuteropvang (€ 74.000) en de compensatiekosten (€ 70.000) vielen lager uit. Het landelijk beleid en daarmee de specifieke uitkering onderwijsachterstanden kent een periode van vier jaar. De looptijd van het huidige tijdvak van vier kalenderjaren eindigt per 31 december 2022. Niet bestede bedragen mogen jaarlijks ongelimiteerd gereserveerd worden binnen het genoemde tijdvak. De per 31 december 2022 opgebouwde reservering uit de tijdens de looptijd ontvangen uitkeringen, wordt door het rijk teruggevorderd met uitzondering van een bedrag ter hoogte van de helft van de uitkering ontvangen in het vierde jaar. Bedoeld bedrag kan binnen de wettelijke doelstellingen worden besteed in het volgende tijdvak van vier kalenderjaren. Inmiddels is de vaststelling beschikking over 2019 ontvangen en hieruit is gebleken dat het totaal gereserveerde bedrag in de derden gelden VVE hoger is dan de terugbetalingsverplichting. Om die reden is er een bedrag van € 137.000 vrij gevallen tgv de exploitatie.

Het resterende incidentele voordeel van € 17.000 wordt veroorzaakt door overige kleine verschillen binnen dit taakveld. Sportbeleid en activering (circa € 97.000 incidenteel voordeel) Op dit taakveld is een incidenteel voordeel van € 90.000 ontstaan op ‘Bevordering sportdeelname’. In de decemberbrief is al toegelicht dat het in verband met corona niet is gelukt om de structurele beschikbare middelen voor de uitvoering van de Sport- en Beweegvisie, de structurele projectsubsidie maatschappelijk rendement, het incidenteel budget voor de projectsubsidie Sportstimulering en het activiteitenbudget optimaal te benutten. Sport- en beweegactiviteiten hebben gedeeltelijk stilgelegen en het organiseren van bestaande én extra activiteiten in de wijk of bij/door de sportclubs is sterk verminderd. Tevens is sprake van een incidenteel voordeel van afgerond € 26.000 op ‘Combinatiefuncties’. Het voordeel komt onder andere voort uit het wegvallen van fysiek scholings- en cursusaanbod voor buurtsportcoaches en het niet benutten van binnensportvoorzieningen (huur) voor activiteiten en evenementen door de buurtsportcoaches. Het incidentele nadeel van € 19.000 wordt verklaard door overige kleine verschillen. Sportaccommodaties (€ 37.000 incidenteel voordeel, waarvan € 27.000 structureel voordeel) Op dit taakveld geldt een incidenteel voordeel van € 30.000 op kapitaallasten.

Het voordeel is ontstaan doordat diverse geplande werkzaamheden niet zijn doorgegaan (onder meer herinrichting sportpark De Leede). Tegenover het structurele nadeel op taakveld ‘Openbaar onderwijs’ staat op dit taakveld het structurele voordeel van € 27.000 op onderwijsbijdragen. Daarnaast is er sprake van een incidenteel voordeel van € 16.000 op de subsidieregeling Specifieke uitkering stimulering sport (SPUK). Op deze subsidieregeling is een incidenteel voordeel van € 31.000 op de definitieve afrekening SPUK 2019 (definitief een compensatie ontvangen van 100% ten opzichte van een voorlopige compensatie van 79,97%) en een nadeel van € 15.000 op basis van de voorlopige beschikking 2020 (voorlopig een compensatie van 79,97% in plaats van de aanvraag van 100%).

Jaarstukken

83

Op dit taakveld is sprake van een incidenteel nadeel van circa € 27.000 op het verbruik van gas/elektriciteit. Het nadeel wordt verklaard door een toename van de prijzen voor gas/elektra ten opzichte van 2019, die in de begroting 2020 niet is geïndexeerd. Daarnaast is er voor gymnastieklokaal Echteld sprake van meerverbruik van elektra door de installatie van een warmtepomp. Er wordt onderzocht op welke wijze verbeteringen kunnen worden aangebracht om dit meerverbruik te verminderen. Daarnaast is op diverse sportaccommodaties sprake van te hoge voorschotnota’s die maandelijks in rekening zijn gebracht. Dit gaat om circa € 13.000. Met de eindafrekening van gas/elektriciteit wordt dit gecorrigeerd. Mogelijk kan een deel van dit minderverbruik worden verklaard door minder gebruik van de accommodaties in verband met coronamaatregelen. Daarnaast is sprake van een incidenteel nadeel van afgerond € 35.000 op ‘Verhuur binnensportvoorzieningen’. Dit nadeel gaat hoofdzakelijk over de structurele verhuur en is het gevolg van verminderd gebruik van de binnensportvoorzieningen vanwege coronamaatregelen. Hier tegenover staat een incidenteel voordeel van afgerond € 7.000 op ‘Verhuur buitensportvoorzieningen’. Daarom is bij verhuur van sportvoorzieningen sprake van een incidenteel nadeel van afgerond € 28.000.

Van deze misgelopen huurinkomsten hebben wij via de Beleidsregel Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties COVID-19 (TVS) een compensatie ontvangen van afgerond € 20.000. Deze compensatie is alleen van toepassing op het tweede kwartaal 2020. Voor de misgelopen huurinkomsten in het vierde kwartaal zal nog compensatie worden aangevraagd via TVS 2, aan te vragen in het tweede kwartaal 2021. Het resterende incidentele voordeel van € 19.000 wordt veroorzaakt door overige kleine verschillen. Culturele presentatie, productie en participatie (€ 131.000 incidenteel voordeel) Het incidentele voordeel op dit taakveld bestaat hoofdzakelijk uit afgerond € 123.000 aan extra middelen compensatie corona die wij in de septembercirculaire van het rijk hebben ontvangen en die in de decemberbrief zijn verwerkt. De extra middelen zijn bedoeld voor het in stand houden van de lokale culturele infrastructuur. Dat middelen hiervoor nodig zijn, blijkt uit aanvragen voor ondersteuning die wij ontvangen. Er is vaak sprake van geen/misgelopen inkomsten tijdens de coronasluiting. Voorgesteld wordt om deze middelen van € 123.451 te bestemmen voor 2021 in een nog te vormen budget voor coronagerelateerde kosten. Het college zal een regeling opstellen, die als grondslag nodig is om deze middelen te besteden (zoals voorwaarden en subsidieplafond).

Vanuit het Rijk hebben wij € 15.693 als extra middelen compensatie corona ontvangen voor buurten dorpshuizen. Deze middelen zijn via een subsidieaanvraag volledig aan onze vijf dorpshuizen uitgekeerd. Er is een incidenteel voordeel van € 24.000 op overige subsidies sociaal domein, dat hoofdzakelijk wordt verklaard door een subsidieregeling voor bevordering muziekonderwijs, waarop geen aanvragen worden gedaan en die met ingang van 2021 is komen te vervallen. Door verminderd gebruik in verband met coronamaatregelen is op ‘Verhuur gemeentelijke gebouwen’ een incidenteel nadeel ontstaan van afgerond € 23.000. Het resterende incidentele voordeel van € 7.000 wordt veroorzaakt door overige kleine verschillen. Overige taakvelden kleine verschillen € 8.000 nadeel

Jaarstukken

84

Investeringen Programma: 6 Onderwijs, Sport en Welzijn Startjaar

Investerings

Uitgaven tot Restant per

Voortgang

bedrag x € Beleidsmatig Financieel 1000 31-12-2020 31-12-2020 Inv zonnepaneel de Eng

2018

17

17

Inv zonnepaneel Echteld

2018

10

11

-1

afsluiten

Inv zonnepaneel Gymzaal Kesteren

2018

22

14

8

afsluiten

De zonnepanelen zijn niet in 2018, maar in 2020 geplaatst. Inv zonnepaneel sportzaal de Linie

2018

17

17

In 2021 worden in het kader van veilig werken op hoge daken wettelijk verplichte Arbo maatregelen getroffen wat duidelijkheid schept over de ruimte voor het bijplaatsen van zonnepanelen op het dak. Verder worden na af te zien van plaatsen warmtepompen in binnensportaccommodaties nog verkenningen uitgevoerd naar alternatieve warmte- en koeloplossingen wat mogelijk effect kan hebben op de ruimte voor bijplaatsen van zonnepanelen. Derhalve krediet aanhouden. INV Lucht/water warmtepomp De Leede

2019

53

50

2

INV Lucht/water warmtepomp Sportzaal De Linie

2019

37

35

2

Renovatie de Snellenburg 2018-2020

20182020

151

108

42

groot onderhoud de Dijkkwetters PV/WP

20182020

88

Afsluiten

88

In accommodatie is tot 2020 langdurig sprake geweest van leegstand wat met de tijdelijke huisvesting van de bibliotheek totdat MFA Dodewaard gerealiseerd is niet langer het geval is. In het kader van de heroverwegingsoperatie staat de accommodatie ter discussie om aan te houden, af te stoten of wellicht te herbestemmen. Daardoor is het onduidelijk of investeringen voor de toekomst noodzakelijk zijn (samenhangend met de ontwikkelingen rondom de realisatie van het MFA). In afwachting van bestuurlijke besluitvorming over het aanhouden, afstoten of herbestemmen van de accommodatie het krediet op deze accommodatie vooralsnog in 2021 aanhouden. Accommodatiebeleid Dodewaard / Herontwikkeling De Eng

2019

500

Vernieuwbouw/uitbreiding Hervormde school Opheusden

2019

900

18

882

Integraal huisvestingsplan met betrekking tot scholen (IHP)

2019

1.500

39

1.461

Stimulering maatschappelijk rendement

2019

500

500

500

Er is in 2020 door (sport)verenigingen geen gebruik gemaakt van het gemeentelijk aanbod voor een duurzaamheidslening voor investeringen. De voorziening moet worden meegenomen naar 2021. INV Eerste inrichting Onderwijsleerpakke

2020

42

41

afsluiten

Toekomstige investeringen: Renovatie sportvelden SVK 2021

2021

60

60

Renovatie sportvelden SVK 2022

2022

175

175

Renovatie sportvelden Dodewaard

2024

60

60

Renovatie sportvelden Echteld

2024

60

60

Renovatie sportvelden SVK 2025

2025

10

10

Extra veld Voetbalvereniging Kesteren

2022

350

350

Totaal investeringsbedragen

Jaarstukken

4.550

317

4.233

85

Mutaties in reserves Programma: Onderwijs, Sport en Welzijn Begroting 2020 Bedragen x € 1.000,-

Reserve:

Voor wijziging

Rekening

Verschil

2020

Begr. na wijz. / Rekening

Na wijziging

Huisvesting van Lod. Coll.

Toevoegingen

0

0

0

Onttrekkingen

-196

-196

-196

Totaal

-196

-196

-196

0

+= nadeel - = voordeel Analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening (verschillen groter dan € 25.000 en afgerond op € 1.000) Er zijn geen verschillen die toegelicht moeten worden.

Jaarstukken

86

Algemene dekkingsmiddelen, overhead, VPB en onvoorzien Algemeen

Van het onderdeel algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting (VPB) en onvoorzien wijkt de opbouw af van die van de beleidsprogramma’s. Dit onderdeel telt financieel wel mee voor de begroting en jaarrekening.

Algemene dekkingsmiddelen

Van het onderdeel algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting (VPB) en onvoorzien wijkt de opbouw af van die van de beleidsprogramma’s. Het onderdeel Algemene dekkingsmiddelen, Overhead, VPB en onvoorzien is wel onderdeel van het totale Programmaplan. De omvang van de algemene dekkingsmiddelen en de toelichting daarop worden in dit hoofdstuk gepresenteerd. Algemene dekkingsmiddelen zijn middelen, die geen vooraf bepaald bestedingsdoel hebben. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld specifieke uitkeringen vanuit de rijksoverheid of de rioolheffing, waar ontvangsten en uitgaven direct aan elkaar zijn gekoppeld. De volgende algemene dekkingsmiddelen zijn te onderscheiden: • de algemene uitkering uit het Gemeentefonds; • de lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is; • beleggingen, deelnemingen en financieringsfunctie; • verhuur en diensten van derden (het beheer van activa, die voor de openbare dienst bestemd zijn). Deze inkomsten zijn vrij besteedbaar en derhalve niet rechtstreeks aan een programma toe te rekenen. Hieronder ziet u het overzicht van de geraamde en uiteindelijk gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen voor het jaar 2020.

Jaarstukken

87

Het overzicht van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen Overzicht van Algemene Dekkingsmiddelen 2020

Bedragen x 1.000

Begroot voor wijziging

Begroot na Werkelijk wijziging

Lasten

0.5 0.61 0.62 0.64 0.8

Treasury

99

-90

34

OZB woningen

291

297

259

OZB niet-woningen

52

53

53

Belastingen overige

71

71

165

Overige baten en lasten (stelposten indexeringen)

273

-1

786

329

510

Totaal Lasten Baten Lokale heffingen (waarvan besteding niet gebonden is)

0.61

OZB woningen

-3.330

-3.400

-3.391

0.62 0.64

OZB niet-woningen

-1.484

-1.498

-1.507

Belasting overige

-1.697

-1.707

-1.702

-6.511

-6.605

-6.599

-32.222

-33.345

-33.403

-32.222

-33.345

-33.403

-91

-38

-39

-559

-559

-91

-597

-598

Totaal Baten

-38.824

-40.547

-40.601

Totaal

-38.038

-40.218

-40.091

Algemene Uitkering

0.7

Algemene uitkering gemeentefonds

Overige baten algemene dekkingsmiddelen

0.5 0.8

Treasury Overige baten en lasten (resultaatbestemming 2019)

Het bedrag van de gerealiseerde kosten van de overhead

Veel van onze werkzaamheden zijn gericht op onze inwoners, bedrijven en maatschappelijke partners. Maar om dat adequaat en efficiënt te kunnen blijven doen moet de interne dienstverlening en bedrijfsvoering binnen onze ambtelijke organisatie goed op orde zijn. Daar waar nodig nemen we ook maatregelen om de interne dienstverlening te verbeteren. Een belangrijk kenmerk voor het onderdeel bedrijfsvoering binnen de gemeentelijke organisatie is het feit dat het ondersteunend van aard is. In juli 2016 is de nieuwe Notitie overhead gepubliceerd, als onderdeel van diverse wijzigingen van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De wijzigingen die hierin zijn aangegeven zijn bedoeld om een beter inzicht in de overhead te bieden en daarmee de interne sturing alsmede de vergelijkbaarheid tussen provincies en tussen gemeenten te bevorderen. De definitie van overhead formuleren we als volgt: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. De kosten van de overhead zijn conform de Notitie Overhead verdeeld in elf categorieën. Voor elk van deze categorieën is in het Jaarstukken

88

onderstaande schema de raming en realisatie weergegeven. Vervolgens geven we aan waar we de kosten voor de overhead aan toegerekend zijn.

In totaliteit bedroeg de overhead in 2020 € 6.823.667, dit is € 381.007 minder dan begroot voor 2020. Voor de verantwoording van dit verschil verwijzen wij u naar de analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening onder Programma Algemene Dekkingsmiddelen (523.000 voordeel) en Programma 3 (143.000 nadeel taakveld 8.1 en 8.2), opgenomen onder de 3W-vraag “wat heeft het gekost”.

Het bedrag voor heffing van de vennootschapsbelasting In Nederland zijn overheidsondernemingen sinds 2016 belastingplichtig voor de Nederlandse vennootschapsbelasting. Uit jaarlijkse inventarisaties van de activiteiten binnen de reguliere exploitatie blijken geen Vpb-plichtige (clusters van) activiteiten aanwezig te zijn. De inventarisatie is gebaseerd op de jaarrekeningen 2014 t/m 2016 en de (concept)begroting. Daar waar binnen bepaalde clusters van activiteiten overschotten worden behaald, wordt niet voldaan aan de criteria voor toetreding tot Vpb-ondernemerschap. De criteria om als ondernemer te kwalificeren, zijn: • • •

een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid; en deelname aan het economisch verkeer; en een winstoogmerk/structurele overschotten.

Met name vanwege de laatste twee criteria vallen de meeste activiteiten binnen de gemeentelijke exploitatie buiten de Vpb-plicht. Uitzondering hierop zijn de bouwgronden in exploitatie (BIE GREXEN). Bij de VPB-vraag of sprake is van door de gemeente te verrichten ondernemersactiviteiten is het antwoord voor de BIE GREXEN positief. Over de voordelige resultaten van BIE GREXEN is per 1-12020, afhankelijk van de hoogte van de jaarlijkse cashflow, een percentage van 16,5% tot een bedrag van € 200.000 verschuldigd als VPB. Daarboven bedraagt dit percentage 25% en wordt berekend over het jaarlijks winstsaldo van de mutaties in dat jaar. De jaarlijkse cashflow is het verschil tussen gerealiseerde inkomsten en gerealiseerde uitgaven. Hiertoe wordt een fiscale exploitatiebegroting opgesteld, die volledig voldoet aan de wet- en regelgeving van de Wro- en Bro-uitgangspunten, de BBV voorschriften en de VPB-wetgeving. Financiële effecten van de door de Belastingdienst in rekening gebrachte Vpb komen vanaf 1-1Jaarstukken

89

2016 ten laste van het gerealiseerde resultaat van de grondexploitatiebegroting van de betreffende BIE GREX projecten. In de laatste actualisatie per 1-1-2020 is rekening gehouden met de te verwachten af te dragen VPB voor zover van toepassing. Er is dit jaar een voorlopige aanslag voor de vennootschapsbelasting ontvangen van € 30.000. Aan de hand van de definitieve cijfers van 2020 wordt, na vaststelling van de jaarstukken 2020, een definitieve aanslag opgelegd door de belastingdienst.

Het bedrag voor onvoorzien

De raming voor onvoorziene uitgaven is een wettelijk verplichte uitgavenpost. Voor 2020 en verder is voor onvoorziene uitgaven een bedrag opgenomen van € 50.000. Zie onderstaande tabel. Bestedingen en verloop van het budget onvoorziene uitgaven:

Budget onvoorzien 2020

Begroting 2020

Besteed budget

Restant budget

50.000

50.000

0

Begrotingsw. in raadsvergadering Programma: d.d.

3 6 AD

1e bestuursrapportage 2020 1e bestuursrapportage 2020 Budgetrapportage december 2020

15-10-2020 15-10-2020 10-12-2020 Totaal:

Bedrag:

Onderwerp: Incidenteel bomenonderhoud sportpark Aanvullende inspecties tijdelijk 25.000 gebruik voormalig schoolgebouw Pantarijn 15.000

10.000 ICT onderzoek beveiliging 50.000

Overige ontwikkelingen

Jaarstukken

90

Beleidsindicatoren Naam Indicator:

Eenheid:

Bron:

Gemiddelde WOZ waarde

cijfer

CBS/COELO

2014

percentage CBS

Gemeentelijke Euro woonlasten eenpersoonhuishouden

Formatie

COELO

aantal per Eigen 1.000 gegevens inwoners

2016

2017

2018

2019

2020

NB 220,00 215,00 213,00 224,00 232,00 246,00 260,00 L

Demografische druk

2015

211,00 206,00 209,00 217,00 230,00 248,00 270,00

NB 79,20

79,80

80,80

81,40

82,50

82,20

81,90

L

67,90

68,50

69,00

69,60

69,80

70,00

67,20

NB 755,00 766,00 780,00 796,00 800,00 818,00 867,00

L

627,00 637,00 651,00 644,00 649,00 669,00 700,00

NB

5,17

5,01

5,76

5,97

4,49

4,43

4,96

5,14

L Bezetting

aantal per Eigen 1.000 gegevens inwoners

NB

L Apparaatskosten

cijfer

Eigen gegevens

NB

498,00 495,00 576,00 557,00

L Externe inhuur

cijfer

Eigen gegevens

NB

14,50

L Overhead

percentage Eigen gegevens

18,06

18,90

0,00

NB

11,20

12,00

11,00

L Nieuw gebouwde woningen

aantal

Basisregistratie NB 21,20 Adressen en Gebouwen (BAG)

L NB = L =

6,00

17,20

12,50

13,50

12,80

11,50

5,20

6,40

7,20

8,20

8,60

9,20

8,90

Neder-Betuwe Landelijk

Jaarstukken

91

Verbonden partijen N.V. Bank Nederlandse Gemeenten

Welke beleidsdoelstellingen wilde de verbonden partij voor ons bereiken en wat zou de verbonden partij daarvoor doen? Zorgen dat wij tegen zo min mogelijke kosten voor korte of lange periode financieringen kunnen krijgen. • De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijke belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Daarmee is de bank essentieel voor de publieke taak. Resultaat/tijd Middelen

Toelichting

Ontwikkelingen? Er zijn geen actuele ontwikkelingen.

Regionaal Archief Rivierenland

Welke beleidsdoelstellingen wilde de verbonden partij voor ons bereiken en wat zou de verbonden partij daarvoor doen? Beheer van de overgebrachte archiefbescheiden van de deelnemers. • Adequaat archiefbeheer: zorgen voor voldoende financiële middelen en faciliteiten om het archiefbeheer conform de wettelijke regels uit te voeren. • Opleiding en faciliteiten medewerkers en vrijwilligers: medewerkers en vrijwilligers van het Regionaal Archief Rivierenland voldoende toerusten om het beheer op juiste wijze te doen. • Toezicht en advisering: via periodiek overleg en het jaarlijkse inspectieverslag aan de raad verantwoording afleggen aan de deelnemende gemeenten. • Dienstverlening: door het organiseren van tentoonstellingen, lezingen en andere geschiedkundige bijeenkomsten een breed publiek voorzien van een goede, klantvriendelijke dienstverlening. De ingebruikname van de applicatie MijnStudiezaal en de persoonlijke omgeving voor eigen historisch onderzoek bevorderen het gemak van zoeken en bewaren van gegevens. • Openbaarheid van archieven: het digitaal ontsluiten van documenten en gegevens bevordert de openbaarheid. Publicatie van archiefstukken is een vorm actieve openbaarheid van het weergeven van oude documenten. Resultaat/tijd Middelen

Toelichting

Ontwikkelingen? Het Regionaal Archief Rivierenland continueert verdergaande digitalisering van bepaalde archief gedeelten. Men is gestart met de formalisering van de dienstverlening op archiefgebied en opvraag dossiers voor de aangesloten gemeenten. De overgang van de nieuwe gemeente West Betuwe is soepel verlopen. De overbrenging van gedigitaliseerde archiefbescheiden van de gemeente Bommelerwaard en Maasdriel naar het E-depot staat in 2021 in de planning. Jaarstukken

92

Wat heeft het gekost? Programma: P7 Alg.Dekk.Midd, Overhead, VPB, ONV. Begroting 2020 Bedragen x € 1.000,-

Rekening

Verschil

Voor wijziging

Na wijziging

2020

Begr. na wijz. / Rekening 7.412 -286

Lasten

7.825

7.698

Baten

-38.898

-40.885

-40.965

-80

Exploitatieresultaat

-31.073

-33.187

-33.554

-366

+= nadeel - = voordeel Analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening (verschillen groter dan € 25.000 en afgerond op € 1.000) Bij Algemene dekkingsmiddelen, Overhead, VPB en Onvoorzien is aan de lastenkant € 286.000 minder uitgegeven dan geraamd en aan de batenkant is € 80.000 meer ontvangen dan geraamd. Er is een voordelig resultaat van € 366.000. Overhead (€ 523.000 incidenteel voordeel) Het taakveld Overhead heeft een voordelig saldo van afgerond € 523.000. Het verschil wordt veroorzaakt door verschillende onderwerpen. Hieronder een toelichting per onderwerp. Personeelslasten Hieronder wordt een deel van het voordelig saldo (afgerond € 280.000) toegelicht wat betrekking heeft op de personeelslasten. Binnen de totale personeelslasten is een voordeel ontstaan van € 1.662.000. Dit heeft betrekking op niet ingevulde vacatures binnen de organisatie. Deze middelen, de vrijval van vacaturegelden, worden ingezet voor de inhuur van derden. Overige personeelslasten Bij dit onderdeel is een voordeel ontstaan van € 154.000. Dit voordeel is voornamelijk ontstaan op de toerekening van overhead omdat er in 2020 op basis van de werkelijk bestede uren meer overheadskosten konden worden toegerekend aan de grondexploitaties (€ 60.000) en aan de uitvoering van initiatieven van derden (€ 82.000).

Inhuur derden In totaal is er binnen het taakveld Overhead een nadeel van € 1.521.000 wat betrekking heeft op inhuur van derden. Dit komt door diverse soorten van inhuur: op basis van detacheringen vanuit een andere gemeente, via detacheringbureaus, op basis van Payroll, via uitzendbureaus, enz. Voor de initiatieven van derden (overeenkomsten) is voor een bedrag van € 232.000 niet aan overeenkomsten opgesteld en ontvangen (zie taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening). Hiervoor is dus geen inhuur nodig geweest. Tegenover de minder ontvangsten van initiatieven van derden (overeenkomsten) staan minder uitgaven voor inhuur van derden. Zodoende dient u het voordeel van € 141.000 (zie paragraaf Bedrijfsvoering) in relatie te zien met het nadeel van € 232.000 (zie programma 3). Ontvangsten van derden Er is een voordeel ontstaan van € 37.000 binnen het budget ontvangsten van derden. Dit heeft voornamelijk betrekking op ontvangen uitkeringen vanuit het UWV en ontvangen detacheringinkomsten van eigen personeel. Jaarstukken

93

Bijdrage Regio Rivierenland In 2018 is het project gestart professionalisering Inkoop. Dit project liep ook in 2020 door. Er is geïnvesteerd in opleidingen, advisering en procesoptimalisatie. De extra kosten die hiermee gepaard gaan zijn € 44.000 incidenteel. Kleine overige verschillen De resterende afwijking van € 8.000 incidenteel nadeel op personeelslasten valt onder overige kleine verschillen en behoeft zodoende formeel geen toelichting. ICT-exploitatie De ICT-gerelateerde exploitaties resulteren in 2020 in een eenmalig voordeel van € 213.000. Dit voordeel kent verschillende oorzaken. Vertraagde uitvoering wegens corona (voordeel van € 64.000 incidenteel) In 2020 hebben we diverse projecten opgestart rondom het toekomstbestendig maken van onze ICT-organisatie, het stroomlijnen en optimaliseren van de informatievoorziening, het beveiligen van onze data, de digitalisering en borging van onze werkprocessen en de inrichting op de nieuwe manier van werken. De geplande uitvoering van een aantal projecten is door ontwikkelingen rondom corona vertraagd, waaronder Geovisie, Tim Enterprise en Cyclomedia. Zodoende is sprake van een incidenteel voordeel van € 64.000 voor het jaar 2020. De begroting van 2021 voorziet niet in dekking voor de uitloop van deze activiteiten.

Wij stellen daarom voor om in aanvulling op de doorgeschoven middelen via de decemberbrief 2020 een bedrag van € 64.000 door te schuiven naar 2021 middels een bestemming op het jaarrekeningresultaat 2020. Niet-gerealiseerde kosten van rente en afschrijving (€ 38.000) Door vertraging en uitstel van de geplande ICT-investeringen is in 2020 een eenmalig voordeel op de begrote kapitaallasten ontstaan van € 38.000. Bijstelling verplichtingenadministratie (€ 111.000) Een grondige analyse op de openstaande verplichtingen op ICT-gebied heeft ten slotte geresulteerd in een positieve bijstelling van de verplichtingenadministratie. Dit leidt in 2020 tot een eenmalig voordeel van € 111.000. Dit voordeel is met name ontstaan doordat onze grootste ICT-leverancier in 2020 op een andere wijze is gaan factureren. Daarnaast hebben we de kosten van verschillende activiteiten aan de juiste begrotingsjaren toegerekend en is een aantal verplichtingen vervallen. Overige kleine verschillen De resterende afwijking van € 30.000 incidenteel voordeel op dit taakveld bestaat uit meerdere kleine verschillen en behoeft zodoende formeel geen van toelichting. Dit betreft diverse kleine overige verschillen (gemeentehuis , facilitair, etc). Treasury (€ 122.000 incidenteel nadeel) Als gevolg van vertraging in de uitvoering van de investeringen zijn de kapitaallasten ( rente en afschrijving) lager dan begroot.

En omdat de investeringen “achterlopen” op de begroting betekent dat automatisch dat er intern minder rente over de boekwaarde van deze investeringen wordt toegerekend. Dit leidt er toe dat er voor € 186.000 minder rente toegerekend kan worden aan de investeringen. Doordat de geplande investeringen later in de tijd zijn en worden gedaan heeft dit ook consequenties voor het aantrekken van geldmiddelen. In eerste instantie wordt er zoveel mogelijk met kort geld gewerkt omdat dit voordeliger is. Er zijn in het afgelopen jaar geen kasgeldleningen aangetrokken voor de korte financiering en is de ruimte die de kasgeldlimiet hiervoor biedt ingezet. Hierdoor ontstaat er een voordeel van € 64.000 op de rente voor kortlopende leningen. Per saldo een nadeel op dit taakveld van € 122.000. Jaarstukken

94

OZB woningen (€ 28.000 incidenteel voordeel) Op dit taakveld is een incidenteel voordeel ontstaan van € 28.000 voor het jaar 2020. Enerzijds als gevolg van minder opbrengsten door bezwaren van € 9.000. Anderzijds wordt het verschil veroorzaakt door werkzaamheden die niet uitgevoerd zijn rondom herwaardering die per 1 januari 2022 uitgevoerd dienen te zijn. De werkzaamheden vinden in 2021 plaats. Dit gaat om een bedrag van € 37.000. Algemene uitkering (€ 58.000 incidenteel voordeel) Op dit taakveld is een incidenteel voordeel ontstaan van € 58.000 voor het jaar 2020. Enerzijds als gevolg van het positieve effect vanuit de decembercirculaire 2020 zoals gemeld is in de betreffende raadsinformatiebrief. Hieruit blijkt een positief incidenteel effect van € 90.000 voor 2020. Anderzijds is met betrekking tot de voorgaande jaren een incidenteel nadeel te melden van € 32.000. Dit is het gevolg van (definitieve) afrekeningen van de algemene uitkering voorgaande jaren op basis van definitieve maatstaven en hoeveelheden die jaren later pas definitief worden vastgesteld. Vennootschapsbelastingen (€ 30.000 incidenteel nadeel) Er is een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting opgelegd voor jaar 2020 van € 30.000. In de begroting 2020 was hier geen raming voor opgenomen.

Op grond van definitieve cijfers van 2020 moet er een definitieve berekening gemaakt worden om te beoordelen of er fiscale winst is gerealiseerd op ondernemingsactiviteiten. De uitkomst hiervan wordt duidelijk in de exploitatie van jaar 2021. Op dit taakveld melden wij u een nadeel van € 30.000. Belasting overig (€ 99.000 incidenteel nadeel) Het incidentele nadeel dat hier is ontstaan betreft met name de extra storting die noodzakelijk is om de voorziening dubieuze debiteuren op pijl te brengen en dan met name voor de debiteuren vanuit de Participatiewet (€ 92.000). Overige taakvelden kleine verschillen (€ 8.000 incidenteel voordeel)

Jaarstukken

95

Investeringen Algemene dekkingsmiddelen, Overhead, VPB en Onvoorzien Startjaar

Investerings

Uitgaven tot Restant per

Voortgang

bedrag x € Beleidsmatig Financieel 1000 31-12-2020 31-12-2020 Implementatie BGT

2017

112

112

Het project BGT is door omstandigheden nog niet gestart in 2020. De belangrijkste reden is in eerste instantie dat we niet beschikten over voldoende capaciteit op de afdeling. Daar kwam later ook bij het ontbreken van een GEO specialist. Vanaf 2021 beschikken we wel over beide specialisten (BGT en GEO) en we pakken dit zo spoedig mogelijk op. Deze investering moet meegenomen worden naar het volgend jaar. De einddatum van dit project is eind 2023.

Optimalisatie GEO applicaties

2017

45

18

27

I&A Gids 2019 / Windows 10 / Office 2019

2019

40

51

-11

Dit project is grotendeels afgerond. Hier komen geen extra kosten meer bij. De investering kan hiermee afgesloten worden met een lichte overschrijding.

I&A Gids 2020-2021 GEO ontwikkeling

2020

Subtotaal lopende investeringen

82

72

10

279

141

138

Toekomstige investeringen: I&A Gids 2020-2021 GEO ontwikkeling

2021

95

95

I&A Gids GT Connect

2021

33

33

Subtotaal toekomstige investeringen

128

128

Totaal investeringsbedragen

407

141

266

Mutaties in reserves Programma: Alg. Dekk.Midd, Overhead, VPB, Onv.zien Begroting 2020 Bedragen x € 1.000,-

Rekening

Verschil

2020

Begr. na wijz. / Rekening

Voor wijziging

Na wijziging

Toevoegingen

495

2.078

2.078

0

Onttrekkingen

-1.416

-1.955

-1.955

0

Toevoegingen

1.481

1.502

1.502

0

Onttrekkingen

0

-3.040

-3.040

0

560

-1.415

-1.415

Reserve:

Reserve:

Algemene (bedrijfs)

Precariobelasting

Totaal += nadeel - = voordeel

Analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening (verschillen groter dan € 25.000 en afgerond op € 1.000) Er zijn geen verschillen die toegelicht moeten worden. Jaarstukken

96

Paragrafen

Jaarstukken

97

Paragraaf 1 Lokale heffingen Algemeen

Deze paragraaf is als volgt opgebouwd: • Het beleid over de lokale heffingen. • Een totaaloverzicht van lokale heffingen 2020. • Een overzicht op hoofdlijnen van de lokale heffingen. • Een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid. • Overzicht van de belastingdruk en vergelijking met andere gemeenten.

Beleid ten aanzien van de lokale heffingen Het totale pakket van de gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat uit verschillende belastingen/heffingen. De rechtvaardiging hiervoor is beschreven in de belastingverordeningen, die de gemeenteraad heeft vastgesteld. Voor de hoogte van de tarieven en leges gelden de volgende uitgangspunten: - Streven naar een volledige kostendekking bij leges en andere rechten. - De opbrengst van leges en rechten niet meer laten stijgen dan de inflatiecorrectie. In de jaarrekening wordt in de paragraaf lokale heffingen verantwoording afgelegd over de mate van kostendekkendheid van heffingen/leges, waarbij de tarieven niet meer dan kostendekkend mogen zijn. Bij deze heffingen/leges is de gerealiseerde kostendekkendheid in een tabel opgenomen in lijn met het nieuwe Besluit Begroting en Verantwoording.

Een overzicht op hoofdlijnen van de lokale heffingen Totaaloverzicht lokale heffingen 2020 Opbrengst begroot voor wijziging

Opbrengst begroot na wijziging

Opbrengst Verschil werkelijk begroot na wijziging en werkelijk

3.062.984

3.399.865

3.390.847

-9.018

OZB eigenaar niet-woningen

889.215

897.338

899.163

1.825

OZB gebruikers niet-woningen 2 Forensenbelasting 3 Toeristenbelasting 4 Hondenbelasting 5 Precariobelasting

594.827 13.786 50.525 131.534 1.480.960

600.803 14.006 37.333 133.637 1.502.169

607.375 13.654 40.000 131.620 1.502.169

6.572 -352 2.667 -2.017 0

1.924.109 187.707 2.112.000 276.927 3.753

1.979.894 190.710 2.384.270 274.615 3.445

1.992.308 191.414 2.277.701 347.883 5.254

12.414 704 -106.569 73.268 1.809

393.925

393.038

457.169

64.131

1.226.058

757.578

853.455

95.877

21.218

5.823

18.554

12.731

12.574.524 12.728.566

154.042

ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN: 1 Onroerende-zaakbelastingen: OZB eigenaar woningen

HEFFINGEN MET EEN BESTEMMING: 6 Rioolheffing woningen Rioolheffing niet-woningen 7 Afvalstoffenheffing 8 Lijkbezorgingrechten 9 Staangelden markten en kermissen 10 Leges: Titel 1 Algemene dienstverlening Titel 2 Fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2

12.369.528 Jaarstukken

98

Een overzicht op hoofdlijnen van de lokale heffingen 1. Onroerendezaakbelasting Onder de naam ‘onroerende zaak belasting’ (OZB) heffen we over de binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen. Het gaat hier om een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak al dan niet gebruikt in eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht. Daarnaast geldt een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft dankzij eigendom, bezit of beperkt recht. Op basis van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) stellen we van elke individuele onroerende zaak de waarde vast. Daarna berekenen we het te betalen bedrag aan belasting en leggen we deze middels een aanslag aan de belastingplichtige op. Sinds 2007 taxeren we jaarlijks. Percentage Onroerende-zaakbelasting 2020* Eigenaar woningen Eigenaar niet-woningen Gebruikers niet-woningen

0,1477% 0,2161% 0,1590%

* verordening OZB 2020 2. Forensenbelasting De forensenbelasting is bedoeld om eigenaren van tweede woningen mee te laten betalen aan de gemeentelijke gemeenschapsvoorzieningen, waarvan ze ook gebruik maken. De geraamde opbrengst voor 2020 bedroeg € 14.006,-. In 2020 was één van de COVID 19 steunmaatregelen het nog niet opleggen van de forensenbelasting. De definitieve aanslag forensenbelasting 2020 wordt begin 2021 verlaat opgelegd. 3. Toeristenbelasting Voor 2020 zijn wij uitgegaan van een geraamde opbrengst van € 50.525 voor de toeristenbelasting. In 2020 was één van de COVID 19 steunmaatregelen het nog niet opleggen van de toeristenbelasting. De definitieve aanslag toeristenbelasting 2020 wordt begin 2021 verlaat opgelegd. Het is nog niet duidelijk in hoeverre de corona crisis van invloed zal zijn op de opbrengst toeristenbelasting. De hotels kennen een duidelijke minderopbrengst, de campings daarentegen hebben in 2020 een zeer goede bezetting gekend door de vakanties in eigen land. Vanuit het Rijk is er voor belastingjaar 2020 een compensatie van € 14.000 op de opbrengsten ontvangen. 4. Hondenbelasting Onder de naam ‘hondenbelasting’ heffen we een directe belasting over het houden van honden binnen de gemeente. We heffen de belasting naar het aantal honden dat men binnen de gemeente houdt. Bij de begroting 2020 is rekening gehouden met een opbrengst van € 133.637.

In werkelijkheid is de opbrengst € 131.620. Kleine verschillen tussen ramingen en opbrengsten kunnen voorkomen, omdat niet met zekerheid te voorspellen is hoeveel honden men aan- en afmeldt gedurende een belastingjaar. 5. Precariobelasting We heffen sinds 2013/2014 precariobelasting op kabels en leidingen voor het transport van gas en elektra. Er is in 2020 een bedrag van € 1.502.169 geraamd, hetgeen overeenkomt met de opbrengst. Door vaststelling van de wet, die de heffingsbevoegdheid van precariobelasting voor enige openbare werken van algemeen nut beperkt, kunnen wij vanaf 2022 geen precariobelasting meer heffen over netwerken die nutsbedrijven in, op of boven gemeentegrond exploiteren.

Jaarstukken

99

6. Rioolheffing Onder de naam ‘rioolheffing’ heffen wij een recht van de eigenaar van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Dit gebeurt om de aanleg en het onderhoud van het rioleringsstelsel te bekostigen. We heffen de rioolheffing met een vast bedrag via de eigenaar. Bij de jaarlijkse tariefaanpassing gaan we uit van de lijn die in het Gemeentelijk Rioleringsplan is vastgelegd. Bij de vaststelling van de verordening rioolheffing 2020 is het tarief volgens het vastgestelde GRP bepaald op € 226,50. In 2020 was als opbrengst rioolheffingen € 2.170.603 geraamd en in werkelijkheid is er € 2.183.721 ontvangen. Deze meeropbrengst van € 13.117 is ontstaan door controles op gereedmelding van nieuwbouw en wordt toegevoegd aan de voorziening riolering. Overzicht aantal aansluitingen Tarieven Begroot aantal Werkelijk aantal Verschil aantal aansluitingen aansluitingen aansluitingen Rioolheffing 226,50 9.473 9.648 175 Toename 175 aansluitingen hoofdzakelijk nieuwbouw en enkele mutaties uit controles Het aantal heffingseenheden bedraagt op 31 december 2020 9.648 stuks. Ten opzichte van de raming is er sprake van een toename met 175 aansluitingen. Deze toename komt hoofdzakelijk voort uit het aantal nieuwbouwwoningen dat gereed was op 1-1-2020 en op grond daarvan een aanslag heeft ontvangen.

Berekening van kostendekkendheid van de rioolheffing

Begroting 2020*

Jaarrekening 2020**

Netto kosten taakveld, incl. (omslag)rente

€ 1.483.344

€ 1.334.850

Overhead (al verantwoord op taakveld)

€ 113.330

€ 113.330

BTW

€ 623.252

€ 387.475

Dotatie voorziening riool (verantwoord op taakveld)

€ -76.433

€ 348.067

Totaal opbrengsten

€ 2.143.493

€ 2.183.722

Totaal kosten

€ 2.143.493

€ 2.183.722

100%

100%

Dekkingspercentage * bron ANG format rioolheffing 22-07-2019 ** bron ANG format rioolheffing 15-04-2021

7. Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven aan mensen, die in de gemeente Neder-Betuwe hun huishoudelijke afval moeten inzamelen, omdat hun perceel valt onder de Wet milieubeheer. De heffing geldt per perceel. De inzameling van huishoudelijke afvalstoffen, het vaststellen van de tarieven en het innen van de heffing wordt uitgevoerd op regionaal niveau (Avri/BSR). Het tarief bestaat uit een vast deel plus een bedrag voor elke keer dat een grijze container wordt geleegd. Er zijn in 2020 9146 aanslagen afvalstoffenheffing opgelegd. De geraamde afvalstoffenheffing bedraagt €2.384.270. De daadwerkelijk gerealiseerde opbrengst is € 2.227.395. Voor de verantwoording van de afvalstoffenheffing wordt verwezen naar de Jaarstukken 2020 van Avri.

Jaarstukken

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10299430/1