CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Onderzoeksrapport

Raadsvergadering 7 december 2023, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Onderzoek 'Over (de gemeentelijke aanpak van) ondermijning in Neder-Betuwe’19.575 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Over de (gemeentelijke) aanpak van ondermijning in Neder-Betuwe 6 november 2023

Onderzoek uitgevoerd in opdracht van de rekenkamercommissie gemeente Neder-Betuwe

Voorwoord Ondermijning, speelt dat in Neder-Betuwe? Als rekenkamercommissie waren we nieuwsgierig geworden toen dit onderwerp werd genoemd als potentieel onderzoeksonderwerp vanuit de gemeenteraad. Dat was in oktober 2022. Ondermijning is een onderwerp dat steeds meer aan de orde komt in de landelijke maar zeker ook in de lokale politiek. Dus ook in Neder-Betuwe. Maar hoe dan, in welke vorm, en wat kan de gemeente daarin doen? Vragen genoeg om het onderwerp ondermijning in Neder-Betuwe onder de loep te nemen! Ondermijning heeft grote invloed op de samenleving, bedreigt de veiligheid en de leefbaarheid. Het voorkomen dat de overheid meewerkt aan het mogelijk maken van criminele activiteiten is dan ook een van de belangrijkste redenen om ondermijning aan te pakken. Met het bestrijden van ondermijning moet voorkomen worden dat er een parallelle samenleving ontstaat met zeer schadelijke effecten die draait op een illegale economie. Hennepplantages of drugslabs op industrieterreinen, dumpingen van drugsafval in de natuur en het frauderen met adresgegevens zijn enkele activiteiten die het gevolg zijn of bijdragen aan ondermijning.

Burgemeester Kottelenberg onderstreept het belang van aandacht voor ondermijning in de gemeente Neder Betuwe: ,,Maar we liggen wel halverwege de route Brabant-Amsterdam’’ en (…) ,,En dat betekent dat we het op het gebied van de productie van synthetische drugs en wietkwekerijen alert moeten zijn.’’. Dit onderzoek geeft weer: 1. wat de stand van zaken is in Neder-Betuwe ten aanzien van ondermijning, 2. op welke manier de gemeente daar mee aan de slag is gegaan en, 3. richting de toekomst verdere stappen kan zetten. Dit onderzoek is uitgevoerd door Lokale Zaken, een deskundig onderzoeksbureau op het gebied van vraagstukken in het veiligheidsdomein, waaronder ondermijning. De inhoudelijke expertise van de onderzoekers Edward van der Torre en Menno van Duin op het gebied van ondermijning komt voort uit verschillende onderzoeken en projecten voor onder meer gemeenten rond dit thema. Voor dit onderzoek werden vele documenten geraadpleegd en veel betrokkenen gesproken, zowel politiemensen, ambtenaren, de portefeuillehouder en andere professionals (b.v. jongerenwerk). Daarmee is een beeld verkregen van ondermijning in Neder-Betuwe. De verkregen informatie is gebaseerd op criminaliteitscijfers, deels gebaseerd op strafrechtelijke of bestuurlijke dossiers en/of op ervaringen uit de praktijk.

Dit onderzoek is ook gebaseerd op het expertoordeel van Edward van der Torre en Menno van Duin en subjectieve aanwijzingen, vermoedens of verdenkingen. De rekenkamercommissie bedankt iedereen voor zijn/haar openhartige bijdrage aan dit onderzoek. Iroy Konings Opheusden, 6 november 2023

2

Inhoudsopgave 1. 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

Inleiding Een bestuurskundig-criminologische analyse Over ondermijning Onderzoeksvragen Onderzoeksactiviteiten Normenkader Leeswijzer

4 4 4 5 5 6 6

2. 2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.2 2.2.1 2.2.2 2.2.3 2.2.4 2.2.5 2.3

Ondermijning: gelegenheidsstructuren en praktijken Criminele kansen Situationele factoren Sociaaleconomische factoren Culturele factoren Ondermijnende praktijken Drugs Vastgoed Arbeidsmigranten: misstanden en mogelijke uitbuiting Risicolocaties Overige fenomenen Afsluiting

7 7 7 8 9 11 11 16 17 18 20 20

3. 3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.3 3.4

De (gemeentelijke) aanpak van ondermijning Kaders en visie Ondermijningsaanpak: uitvoeringsorganisatie en integraliteit De OOV-organisatie (een duo) De Boa-organisatie (een duo) Integraliteit: interne en externe kwetsbaarheden Informatie: een vicieuze cirkel Politieke kaders: ambivalentie

21 21 26 26 27 28 30 31

4. 4.1 4.1.1 4.1.2 4.2

Conclusies en aanbevelingen Conclusies Criminologische vragen Bestuurskundige vragen Aanbevelingen

33 33 33 34 35

Literatuur

36

Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Colofon

38 40 41 42

Bestuurlijke reactie

43

Nawoord

48 3

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Een bestuurskundig-criminologische analyse

Dit onderzoek, in opdracht van de Rekenkamercommissie Neder-Betuwe (verder: RKC), gaat over de ondermijnende criminaliteit én de (gemeentelijke) aanpak daarvan. Ondermijning betreft de schadelijke effecten van georganiseerde criminaliteit. Bij de preventieve en repressieve aanpak daarvan hebben gemeenten een belangrijke taak, in aanvulling op misdaadbestrijding door opsporingsinstanties. Dit onderzoek combineert bestuurskunde en criminologie: empirisch onderzoek naar criminele kansen en praktijken en naar het functioneren van de gemeente (en partners). Het onderzoek stoelt op systeem-informatie, interviews waarin wordt ingegaan op lastige materie, gesprekken met burgers en observaties. Het was een uitdaging om de ondermijnende criminaliteit in de gemeente Neder-Betuwe te bestuderen. Het is een (groei)gemeente met circa 25.00 inwoners, verdeeld over verschillende dorpen. Het is een welvarende gemeente, met orde en rust en toch ook de nodige criminaliteit, al wordt daar niet graag over gesproken 1.2

Over ondermijning

De term ‘ondermijning’ plaatst het vraagstuk van de georganiseerde criminaliteit op de agenda van het lokaal bestuur. Dit begrip spreekt aan en leidt tot onduidelijkheid. Begripsverheldering is nodig. Ondermijning wordt, in het kort, door ons opgevat als de schadelijke (lokale) effecten van georganiseerde criminaliteit.1 Ondermijning gaat over de schadelijke effecten van de georganiseerde criminaliteit op de samenleving. Zij tast de beoogde en legale werking van het samenlevingssysteem aan. Ondermijning is georganiseerde criminaliteit die op een nare en schadelijke manier dichtbij komt. Een belangrijk ondermijnend effect is dat georganiseerde criminaliteit te vaak loont en dat met (witgewassen) crimineel geld wordt geïnvesteerd in vastgoed en bedrijven (LIEC, 2019). Dit kan resulteren in bewegingen van de ‘onderwereld’ naar de ‘bovenwereld’. De kern van het begrip ondermijning is dus dat het niet alleen gaat om georganiseerde criminaliteit an sich, maar om de maatschappelijke schade daarvan. Deze criminaliteit is bedreigend vanwege onder meer het risico op verslaving, geweld, slachtofferschap (bijvoorbeeld uitbuiting) of oneerlijke concurrentie. Tegelijkertijd gaat er aantrekkingskracht uit van de criminele wereld (Tops en Tromp, 2017). Met drugshandel, drugsproductie, arbeidsuitbuiting en fraude kan veel geld worden verdiend.

Criminelen investeren in bedrijven, zorgen voor illegale en semilegale werkgelegenheid of leveren (te) goedkope arbeidskrachten. Ondermijnende criminaliteit is georganiseerde criminaliteit die dichtbij komt voor burgers, lokale bestuurders en gemeenteambtenaren (Tops en Van der Torre, 2015). Criminelen schermen praktijken af, maar georganiseerde criminelen hebben de legale wereld hard nodig, waaronder het lokaal bestuur. Bijvoorbeeld voor vergunningen (zoals een horeca- of een bouwvergunning), voor een wijziging van een bestemmingsplan, om arbeidsmigranten in te schrijven, om BSN-nummers aan te vragen, voor een subsidieaanvraag, om vastgoedprojecten te ontwikkelen of om zorgcontracten af 1

Omschrijvingen van het begrip georganiseerde criminaliteit bevatten doorgaans de volgende elementen: het gaat om groepen die gericht zijn op illegaal gewin, die stelselmatig delicten plegen met ernstige gevolgen voor de samenleving en die in staat zijn deze delicten af te schermen met geweld of corruptie (Fijnaut e.a., 1996). Inmiddels is de communis opinio dat de georganiseerdheid het best kan worden opgevat als een netwerk van groepen en groepjes, die allemaal hun specifieke positie of functie hebben in een soort los-vast netwerk.

4

te sluiten. Het is daarom belangrijk dat zaken niet alleen juridisch of economisch worden ingeschat door ambtenaren en bestuurders, maar ook op ondermijningsrisico’s. Het betekent ook dat ‘ondermijning’ niet een kwestie is van alleen de burgemeester of van ambtenaren op het terrein van openbare orde en veiligheid en van toezicht, handhaving en vergunningverlening. Ondermijning raakt veel afdelingen of teams. Naast klassieke veiligheidsafdelingen gaat het in bijzonder om de ‘harde sector’ (vastgoed, projectontwikkeling, economische zaken), het sociaal domein, burgerzaken en allerhande ambtenaren of (ingehuurde) professionals die vanwege hun taak op straat komen. De consequentie is dat behoefte bestaat aan ‘gemeentelijke integraliteit’: ambtelijke afdelingen die samenwerken en informatie delen. 1.3

Onderzoeksvragen

Criminologische vragen 1. Wat zijn belangrijke criminele gelegenheidsstructuren in Neder-Betuwe? 2. Welke vormen van ondermijnende criminele praktijken doen zich voor in Neder-Betuwe? Wat kan worden gezegd over de maatschappelijke effecten en over de locaties en branches die het betreft? Bestuurskundige vragen 3. Wat is beleidstheorie bij de integrale en gemeentelijke aanpak van ondermijning? 4. Hoe (doelmatig) wordt door gemeente, politie en partners invulling gegeven aan de uitvoering bij de aanpak van ondermijning? 5. Welke problemen, knelpunten, kansen en effecten zien professionals en burgers? 6. Hoe is de gemeenteraad betrokken bij de ondermijningsaanpak (kaders stellen en controle)? In hoeverre is de raad zich bewust van zijn eigen rol bij (het voorkomen van) ondermijning? 1.4

Onderzoeksactiviteiten

Om de onderzoeksvragen te beantwoorden, zijn verschillende onderzoeksactiviteiten uitgevoerd, namelijk: ▪ Een startbijeenkomst met ambtenaren en met de burgemeester ▪ Een (start)bijeenkomst met de gemeenteraad. Raadsleden vroegen om aandacht (in het onderzoek) voor de lokale drugsproblematiek. ▪ Interviews en (groeps-)interviews met twaalf ambtenaren, inclusief een leerplichtambtenaar en een jongerenwerker ▪ Een interview met de burgemeester ▪ Een interview met twee RIEC-medewerkers ▪ We hebben drie politiefunctionarissen gesproken ▪ Op een avondbijeenkomst spraken we met drie ondernemers, waaronder twee vertegenwoordigers van de stichting achter de app-groep ▪ We hebben documenten opgevraagd en mediaberichten opgezocht en gelezen ▪ Van de politie ontvingen we registraties van drugsincidenten en van vermogensdelicten ▪ We hebben data gebruikt in het kader van het zogenoemde project ‘Zicht op Ondermijning’

5

▪ We hebben observaties verricht in de gemeente.

Door de opzet van deze studie worden open bronnen, registraties (van de politie en in het kader van ‘Zicht op Ondermijning’) gecombineerd met de kennis en inzichten van (ook uitvoerende) professionals.2 Straatinformatie en vakkennis van politiemensen, ambtenaren en andere professionals (b.v. jongerenwerk) zijn onmisbaar om het lokale gezicht van de georganiseerde misdaad levensecht in kaart te brengen (Tops en Van der Torre, te verschijnen). Voor de beschrijvingen van ondermijning in de gemeente Neder-Betuwe in deze studie zijn de informatie en inschattingen van respondenten dus een belangrijke bron. De aldus verstrekte informatie is deels gebaseerd op strafrechtelijke of bestuurlijke dossiers en/of op ervaringen, onder meer bij controles of bij sociaal-preventieve inspanningen, al hebben we zelf geen dossiers bestudeerd. Daarnaast baseren onze respondenten zich op subjectieve aanwijzingen, vermoedens of verdenkingen. Hoewel het gaat om professionals met veel materie- en locatiekennis, verstrekten ze ook informatie over mogelijke criminaliteit en overtredingen die niet zijn bewezen. Zo dient de tekst dus steeds te worden gelezen, namelijk als een weergave van professionele ervaringen, inzichten en inschattingen wat betreft georganiseerde criminaliteit en ondermijning. Ook vertelden respondenten over criminele kansen.

Respondenten zijn uiteraard bevraagd over de beleidsmatige en organisatorische gang van zaken. 1.5

Normenkader

Ten behoeve van onderzoek naar de gemeentelijke aanpak van ondermijning hanteren we een normenkader dat we door de jaren heen hebben ontwikkeld. Het gaat daarbij om de kwalitatieve en kwantitatieve slagkracht van de gemeentelijke (veiligheids-)organisatie bij het voorkomen en bestrijden van ondermijning, afgezet tegen lokale criminele kansen en praktijken. Er gelden dus geen absolute normen, al is kaderstelling mogelijk. Het is bedoeld als houvast bij de (beoordeling van de) ontwikkeling van maatwerk bij de ondermijningsaanpak. Het helpt bij het onderkennen van verbeteren ontwikkelpunten. Het normenkader is opgenomen in bijlage 1 en bestaat uit zes onderdelen, namelijk: 1.) Beleidstheorie; 2.) Informatie: inzicht, signalen, overzicht en analyse; 3.) De (kern van de) ambtelijke uitvoeringsorganisatie; 4.) Gemeentelijke integraliteit; 5.) Externe netwerkvorming: publiek en privaat; en 6.) Politieke verantwoording en sturing. 1.6

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 beschrijft de criminele kansen en praktijken. Hoofdstuk 3 heeft een bestuurskundig perspectief en gaat in op de kaders, uitvoeringsorganisatie en interne en externe samenwerking. Hoofdstuk 4 beantwoordt de onderzoekvragen, formuleert aanbevelingen en kan worden gelezen als samenvatting.

2

De werkwijze stemt, op hoofdlijnen, overeen met de manier waarop ondermijningsbeelden worden uitgevoerd in RIEC-verband (we stelden tientallen van dergelijke ondermijningsbeelden op) en met de methodologische gang van zaken bij de zogenoemde Gebiedsscan Criminaliteit en Overlast (Beke e.a., 2009). Met die scans werden in het politieveld een tijd lang misdaadpatronen in kaart gebracht en verklaard. Bij een studie naar de criminaliteit in de grootste Brabantse gemeenten is deze scan-methodiek, enigszins aangepast, benut. Dat hielp om de aandacht – bij politie, justitie en gemeenten – deels te verleggen van aangiftedelicten naar (ook) georganiseerde misdaad (zie Beke, Van der Torre en Van Duin, 2011).

6

Hoofdstuk 2 Ondermijning: gelegenheidsstructuren en praktijken Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft eerst de criminele gelegenheidsstructuren (paragraaf 2.1) en gaat daarna in op ondermijnende praktijken (paragraaf 2.2). 2.1 Criminele kansen Voor de bestudering van criminele kansen in een bepaald gebied kan onderscheid worden gemaakt tussen vier factoren, namelijk: situationeel; sociaaleconomisch; cultureel en de beleidsmatige en organisatorische slagkracht van de veiligheidsorganisatie. Dit laatste komt in hoofdstuk 3 aan bod. De overige factoren worden in deze paragraaf gerelateerd aan de gemeente Neder-Betuwe. 2.1.1 Situationele factoren Door het aanzienlijke oppervlakte van Neder-Betuwe (68 km2) en van het gehele basisteam De Waarden van de politie - met daarbinnen zeven gemeenten - geldt dat de pakkans bescheiden is. Naast Neder-Betuwe gaat het om de gemeenten Tiel, Culemborg, West Betuwe, Buren, Maasdriel en Zaltbommel. De beschikbare formatie van politie en gemeenten is in de kern gebaseerd op inwonertallen. Neder-Betuwe telt ruim 25.000 inwoners, verdeeld over zes dorpen: Dodewaard, Echteld, IJzerdoorn, Kesteren, Ochten en Opheusden. Het (centrale) politiebureau staat in Tiel; het basisteam beschikt over zogenoemde steunpunten, onder meer in Ochten.

Over dit steunpunt in de gemeente Neder-Betuwe vermeldt de politie-website: “Dit steunpunt is uitsluitend geopend na afspraak met de (wijk)agent. Bel hiervoor het algemene nummer 0900-8844.” De landelijke norm van een wijkagent op 5.000 inwoners is beter geschikt voor een dichtbebouwde wijk dan voor dorpen met enkele duizenden inwoners (Van der Torre e.a., 2023). Neder-Betuwe, met ruim 25.000 inwoners, telt overigens vier wijkagenten en dus geen vijf, zoals valt te verwachten op basis van de landelijke norm. In dorpen en uitgestrekte gebieden zijn politiemensen, inclusief wijkagenten of boa’s (daarvan zijn er twee in Neder-Betuwe), niet snel een invloedrijke factor (Van der Torre e.a., 2023). Temeer omdat, zo wordt in de interviewronde benadrukt, de dorpen in Neder-Betuwe een gesloten karakter hebben. Neder-Betuwe ligt op een soort eiland, ingeklemd tussen water (de Neder-Rijn en de Waal) en de A50. De A15 verdeelt de gemeenten in tweeën; aan de ene kant Kesteren en Opheusden en aan de andere kant Ochten en Dodewaard. Neder-Betuwe ligt in de “uithoek” van het werkgebied van basisteam De Waarden. In gesprekken die we hebben gevoerd valt op dat er kritiek is op de (geringe) aanwezigheid en (lange) aanrijtijden van de politie. Het thema wordt ook ongevraagd aan de orde gesteld door respondenten.

Hoewel deze probleemsignalering krachtiger is dan we gewend zijn, sluit het aan op bevindingen bij empirisch onderzoek naar ondermijning op het Groningse platteland (Van der Torre, Tops en Jongepier, 2023) en in de politieliteratuur. In 2017 werd in twee onderzoeken geconstateerd dat de politiesterkte op het platteland problematisch is. Van der Torre en Van Valkenhoef (2017) constateren dat de politie - ook volgens politiemensen zelf - op twee (voor dit rapport relevante) punten onder elke reële ondergrens is beland. Het betreft de politieaanwezigheid in het buitengebied en de lokale opsporing. Het rapport ‘Vanaf de Zijlijn Bekeken’ constateert in 2017 dat de Nationale Politie te veel is gericht op de Randstad (Wiegant, 2017). Er dreigt “politieloosheid” op het platteland, waar de geüniformeerde politie (‘blauw’) te vaak ontbreekt, net als voldoende recherchecapaciteit. Dit resulteert in criminele kansen: “Als je als crimineel carrière wil maken, doe je er verstandig aan naar landelijke gebieden te gaan, daar is nauwelijks politie” (citaat in: Wiegant,

7

2017, p. 17).3 In 2015 ontstaat in Neder-Betuwe, onder ondernemers en bewoners, bezorgdheid en verontwaardiging over de geringe beschikbaarheid van de politie. Er is in het bijzonder kritiek op trage politiereacties op enkele heterdaadmeldingen, onder meer over diefstal van diesel. Het mondt uit in de oprichting van de stichting Veilig Neder-Betuwe die de zogenoemde app-groep in het leven roept. De appgroep is een georganiseerde groep die reageert op meldingen van burgers en die ook surveilleert en toezicht houdt. Burgers kunnen de app-groep vragen om assistentie via het particuliere Alarmnummer 0488-70027 (zie: https://st-vnb.nl/).4 Dit wordt betaald door ondernemers/burgers en er is een eenmalige subsidie door de gemeente verstrekt. Als de appgroep reageert op meldingen waarvoor anders een politie-eenheid naar Neder-Betuwe was gekomen, is dat een rem op lokale politieaanwezigheid.5 De politie reageerde – aldus informatie die is verstrekt voor het basisteam - in 2022 gemiddeld op 5,6 meldingen per dag in de hele gemeente Neder-Betuwe, met zes dorpen en buitengebied. Neder-Betuwe ligt te midden van gemeenten met een aanzienlijk, stevig en soms hoog niveau van drugscriminaliteit. Het gaat om criminele netwerken die bovenlokaal en lokaal actief zijn, zowel met drugsproductie als drugshandel. Bijvoorbeeld afkomstig uit Tiel, Maasdriel, Culemborg of Nijmegen.

Ook Noord-Brabant is hemelsbreed niet ver weg, al is de bereikbaarheid over de weg niet goed.6 Neder-Betuwe wordt geconfronteerd met ongunstige verplaatsingseffecten. In het kader van twee bovenlokale projecten7 worden door heel Gelderland heen vakantieparken aangepakt. Deels via controle en handhaving en deels door ‘upgrading’ van parken, zodat ze in economische zin weer levensvatbaar worden. Dit heeft gunstige effecten, al resulteert het ook in verplaatsingsrisico’s, onder meer naar vakantiepark Rivieren-dal (Ochten) en in mindere mate naar Rijk van Batouwe (Kesteren). Arbeidsmigranten (gehuisvest door uitzendbureaus) en personen die geen reguliere woning kunnen vinden, strijken hier neer. 2.1.2 Sociaaleconomische factoren De lokale economie in Neder-Betuwe is vitaal en draagt bij aan de welvaart. Dit komt onder meer tot uitdrukking in de goede staat van onderhoud van straten en panden. Het is voor vastgoedeigenaren tamelijk gemakkelijk om winkel- en bedrijfspanden te verhuren aan ondernemers die een goede omzet kunnen realiseren. Door de goed draaiende economie zijn tal van ‘gewone’ en bonafide bedrijven geïnteresseerd in bedrijfspanden. Deze economische welvaart en het sterk ontwikkelde arbeidsethos verminderen de investeringsruimte voor louche of criminele bedrijven.

Er resteren wel twee criminele kansen: 1.) er wordt door gemeenteambtenaren snel uitgegaan van de goede bedoelingen van lokale investeerders of bedrijven; en 2.) eventuele misstanden - de vuile was -

3

Ook aan de vooravond van de nationalisering van de politie, in 2010, waren raadsleden al kritisch op de lokale politiesterkte. In een survey (ingevuld door 647 raadsleden; respons van 36 procent) is 68 procent het (zeer) oneens met de stelling ‘De politie heeft in mijn gemeente voldoende menskracht’. Bron: Van der Torre-Eilert e.a., 2010. 4 In de communicatie naar buiten toe vanuit de Appgroep (over acties, inzetten, meldingen etc.) nadrukkelijk(er) vermelden dat men altijd eerst het algemene alarmnummer moet bellen, namelijk 1-1-2 of geen spoed wel politie, namelijk 0900-8844 5 Er zijn afspraken over de werkwijze van de app-groep; zie bijlage 3. 6 Dit baseren we op de gespreksronde, op mediaberichten (met name over Maasdriel en Tiel), op een reeks publicaties over de misdaad in Noord-Brabant en op onderzoeksactiviteiten die we in het (recente) verleden hebben verricht in onder meer ’s-Hertogenbosch, het Land van Altena en Nijmegen. Zie bijvoorbeeld Beke, van der Torre en Van Duin, 2011 en zie ook Tops en Tromp, 2017. 7 Het betreft het project Ariadne (aanpak ondermijning) en het project veilige vakantieparken (optreden bij parken met economische malaise).

8

worden bepaald niet snel gemeld bij de overheid. Criminele kansen schuilen in de volgende omstandigheden: ▪ Veel vraag naar goedkope arbeid. De agrarische sector (teelt van fruit en bomen) is groot in Neder-Betuwe en heeft behoefte aan goedkope arbeidskrachten. Dat geldt ook voor enkele grote en gerenommeerde bedrijven. Een inventarisatie uit 2019 (uitgevoerd door bureau Legitiem) laat zien dat in het eerste kwartaal ongeveer vijfhonderd arbeidsmigranten in Neder-Betuwe werken en verblijven. Dit is een structureel gegeven. Er zijn daarnaast in het hoogseizoen, van augustus tot en met oktober, tijdelijk ongeveer duizend extra seizoenwerkers in Neder-Betuwe. Deze toestroom van arbeidsmigranten resulteert in de opdracht om arbeidsmigranten te huisvesten. Dit is noodzakelijk voor de lokale economie. Het leidt ook tot een risico op overtredingen of strafbare feiten bij de arbeidsomstandigheden en/of bij huisvesting (zie daarover LIEC, 2019). Voorts wordt het verdienmodel bedreigd door de hoge energieprijzen en door het lage loonniveau van concurrenten in het buitenland. Het risico bestaat dat dit, via (onrechtmatige) kostenbesparing, wordt ‘afgewenteld’ op de arbeidsmigranten (zie Boerman e.a., 2017). ▪ Risicobranches. Het project ‘Zicht op ondermijning’ wijst op vier risicobranches die bovengemiddeld vaak zijn gevestigd in Neder-Betuwe.

Ten eerste ‘goederenvervoer’ over de weg, met 26,8 vestigingen per 10.000 inwoners in de gemeente, met een piek (33,6 vestigingen) in Dodewaard. Het Gelderse gemiddelde is 10,4 en voor heel Nederland ligt dit op 10. Ten tweede de categorie ‘groothandel in bloemen en planten’: 5,3 vestigingen per 10.000 in Neder-Betuwe (en 7,8 in Kesteren), tegenover gemiddeld 1 in Gelderland en 1,7 als Nederlands gemiddelde. Ten derde de branche ‘bouwnijverheid’. Per 10.000 inwoners zijn er 180,7 vestigingen in Neder-Betuwe. Dat is veel meer dan gemiddeld in Gelderland (116) en Nederland (124,4). Ten vierde ‘handel in en verhuur van onroerend goed’. Het aantal vestigingen in Neder-Betuwe per 10.000 inwoners (28,4) ligt dichtbij de gemiddeldes in Gelderland en Nederland, maar ligt op een hoger niveau in Dodewaard: 42,6 (in totaal zijn dat twintig vestigingen). ▪ Recreatieparken. Er bestaat in Nederland, ook Gelderland, een overschot aan recreatieparken of campings.8 Een categorie is economisch kwetsbaar en daarmee vatbaar voor criminele investeringen of voor illegale (permanente) bewoning (zie Van der Torre en Spoorendonk, 2020). Door de schaarste aan (goedkope of betaalbare en snel beschikbare) woningen kunnen kwetsbare parken fungeren als een soort vluchtheuvel: een plek om kwetsbare personen te huisvesten en een locatie waar naartoe criminelen kunnen uitwijken.

De gemeente Neder-Betuwe staat geen permanente bewoning toe op de parken, al gebeurt dat wel. Vooral Rivieren-dal (Ochten) komt in beeld vanwege aanzienlijke veiligheidsproblemen, inclusief criminaliteit. Zie verder paragraaf 2.2.

2.1.3 Culturele factoren Het arbeidsethos is sterk ontwikkeld. Voor velen is het vanzelfsprekend om hard te werken. Als een soort deugd en als motor van de lokale economie. Dit draagt bij aan de vitale lokale economie (in de

8

Dit vraagstuk staat al lang op de agenda van de provincie Geldeland en van Gelderse gemeenten. Een citaat uit een Gelderse expertmeeting uit 2014: “Gedeputeerde van Dijk van de provincie Gelderland ging onder meer in op zowel het kwantitatief overschot als het kwaliteitstekort van de recreatieparken. Daarnaast stipte Van Dijk het lastige vraagstuk van de schrijnende sociale gevallen aan.” Bron: https://flexwonen.nl/impressieexpertmeeting-recreatieparken/

9

bovenwereld). Vanuit de invalshoek van ons onderzoek komen culturele patronen in beeld die criminele kansen opleveren: ▪ Geslotenheid en zelfredzaamheid. De dorpen in Neder-Betuwe hebben met elkaar gemeen dat ze gesloten zijn, waardoor politie en gemeente weinig te horen krijgt over overlast of criminaliteit. Hetzelfde geldt in veel opzichten bij sociale problematiek. Geslotenheid gaat gelijk op met een hoge mate van zelfredzaamheid. Dat is in de lokale gemeenschappen een norm: je hoort jezelf te redden, zonder de overheid. Er is krachtige private preventie: ook als jongeren problemen hebben ondervonden of veroorzaakt, blijven er kansen op de lokale arbeidsmarkt. Dit patroon is herkenbaar in min of meer vergelijkbare gemeenten, aldus een onderzoek naar politie, bestuur en handhaving in de zogenoemde Bible Belt (Van Duin e.a., 2010). ▪ Vier kernen en buitengebied: anonimiteit. Dodewaard neemt een bijzondere plaats in: het wordt getypeerd als gesloten en “eigenzinnig”. Dodewaard is op Overbetuwe gericht. De afstand tot de andere dorpen blijkt uit het feit dat de app-groep hier volgens respondenten minder actief is. In Ochten wordt een nieuwe wijk gebouwd. Kesteren en Opheusden zijn (net als delen van Ochten) het meest beeldbepalend voor de gemeente: christelijk, trouw aan de woonplaats (ook hoogopgeleiden blijven hier wonen) en met een sterk ontwikkelde ondernemerscultuur.

Naast deze kernen is er buitengebied. De consequentie is dat de dun bezette politie en gemeente voet aan de grond moeten zien te krijgen in vijf fysieke omgevingen. Dat lukt mondjesmaat en resulteert in anonimiteit. ▪ Lokale status: hard werken en (succesvol) ondernemerschap. Wie hard werkt, heeft status. Wie met hard werk veel geld verdiend, heeft nog (veel) meer status. Deze statustoekenning heeft consequenties, want het resulteert in verhoudingen waarbij (grote) bedrijven minimaal gelijkwaardig zijn aan de lokale overheid. Bedrijven dienen geen ‘last’ te hebben van de overheid, zo typeren respondenten een gangbare opvatting. Het lokaal bestuur dient het bedrijfsleven - als een soort politiek verlengstuk - te faciliteren, zo wordt gedacht.9 Dit is een rem op controle en handhaving. Dit betekent dat normen van lokale ondernemers in hoge mate bepalen wat er gebeurt. Bijvoorbeeld bij de behandeling van arbeidsmigranten. De meeste gemeenterespondenten hebben een groot vertrouwen in de moraliteit van het bedrijfsleven. ▪ Een lokale drugsmarkt. Voor drugsdealers is Neder-Betuwe een aantrekkelijke gemeente: een lage pakkans (zie 2.1.1), klanten met voldoende of veel contant geld en culturele taboes op drugsgebruik hebben aan betekenis verloren. ▪ Een kleine (volkse) onderklasse.

Er is in de gemeente een kleine volkse onderklasse die laag is opgeleid, met daaronder drugsgebruikers of -verslaafden. Bijvoorbeeld in kwetsbare delen van Kesteren en Dodewaard. ▪ Sociale media: veranderingen in het jeugdleven. Het kenmerkt Neder-Betuwe dat het zowel een plattelandsgemeente is als een groeigemeente. Dit heeft culturele gevolgen, zeker in combinatie met de invloed van sociale media. Het christelijke jeugdleven breekt als het ware open en sluit langzaamaan meer aan op patronen in het moderne of stedelijke stadsleven.

9

We zijn vaker op dit cultuurpatroon gestuit bij veldwerk. Zie bijvoorbeeld Van Duin e.a., 2010; Van der TorreEilert e.a., 2011.

10

Dit komt onder meer tot uitdrukking in het aanbod (en gebruik) van drugs, zowel via sociale media als in directe contacten, zoals in het onderwijssysteem. Drugsgebruik wordt getypeerd als taboe en als een lokaal verschijnsel onder jongeren en twintigers. ▪ Gemengde gevoelens over handhaving. In de lokale gemeenschap(pen) zou men graag zien dat maatschappelijk krediet meeweegt bij controle en handhaving. In die zin dat mensen die lokaal hard werken en ondernemen coulanter worden behandeld bij een overtreding dan mensen die hun sporen niet hebben verdiend. Dit is een lokale realiteit al botst het met het gelijkheidsbeginsel dat geldt bij handhavingsbeleid.

2.2

Ondermijnende praktijken

Inleiding We zoomen in op ondermijnende praktijken. Hierbij dient te worden bedacht dat een kleine groep of categorie verantwoordelijk is voor het overgrote deel van de problematiek. 2.2.1 Drugs Deze sub-paragraaf gaat eerst in op (lokale) drugshandel en beschrijft vervolgens de drugsproductie. Drugshandel Het drugsgebruik wordt zichtbaar en geagendeerd in de coronaperiode, als jongeren meer tijd op straat doorbrengen en hanggroepen drugs gebruiken en kopen bij dealers die het bezorgen. In augustus 2020 waarschuwt de wijkagent van Opheusden en Dodewaard voor drugsgebruik en drugshandel, onder meer (en dat is niet voor het eerst) op de Biezenwei en omgeving in Opheusden. Hij noemt geld verdienen (door drugshandelaren) ten koste van de verslaving van dorpsgenoten “ontzettend fout”. Hij waarschuwt inwoners van Neder-Betuwe dat drugsgebruik “ook aan de orde is in die gemeente”. De wijkagent wil optreden op hotspots "(…) al realiseer ik me dat dit tot gevolg heeft dat het probleem zich verplaatst. Waterbedeffect noemen ze dat. Vraag en aanbod. Waar de vraag naar drugs en drank blijft, volgt het aanbod”.10 De geschiedenis herhaalt zich. De signalen over drugsgebruik zijn niet alleen recent geuit (tijdens de coronaperiode in 2020), want ruim tien jaar geleden werd dit vraagstuk ook al geagendeerd.

In mei 2011 besteedt het Reformatorisch Dagblad, in een lang artikel, aandacht aan overlast en drugsgebruik bij sporthal de Biezenwei in Opheusden.11 Op een ontmoetingsplaats van “tientallen jongeren” wordt drugshandel “vermoed” en drugsgebruik geconstateerd. De SGPfractievoorzitter toonde zich bezorgd over het drugsgebruik en over het tekort aan politie (“blauw”) op straat. In datzelfde jaar (2011) agenderen bewoners van Dodewaard de drugshandel “aan de rand van het dorp”. Ze zijn bezorgd over het cocaïnegebruik en spreken over “het witte dorp”.12 Het aantal politieregistraties inzake drugshandel ligt, tussen 2018 en 2022, op een laag niveau: vijf vanwege harddrugshandel en vier voor softdrugshandel. Zie tabel 2.1. Dit zegt op zich (heel) weinig over de (omvang van de) lokale drugshandel, omdat de registraties ook het product zijn van de inzet, strafrechtelijke actie en aanwezigheid van de politie in Neder-Betuwe. Respondenten leveren kritiek op de strafrechtelijke aanpak van drugshandel; volgens hen is de pakkans voor drugsdealers laag in Neder-Betuwe. Een respondent benadrukt dat drugscriminelen uit Tiel dit inmiddels goed weten en misbruiken. 10

De Gelderlander, Wijkagent waarschuwt voor drugsgebruik in Neder-Betuwe: ‘Niet echt reclame wat ik nu vertel’, 20 augustus 2020. 11 Reformatorisch Dagblad, Tijd voor actie tegen drugsoverlast Opheusden, 26 mei 2011. 12 De Gelderlander, Zorgen over drugshandel Dodewaard, 31 maart 2011; Omroep Gelderland, Dodewaard is ‘Colombia aan de Waal’, 26 augustus 2011.

11

Er zijn in dezelfde periode (2018-2022) wat meer registraties voor drugsbezit: 28 keer harddrugs en tien keer softdrugs. Het komt voor dat personen die feitelijk in drugs handelen louter worden aangepakt voor drugsbezit, omdat ze een kleine hoeveelheid drugs bij zich hebben. Het drugsgebruik in Neder-Betuwe gaat hand in hand met drugshandel. Dealers profiteren van de lage pakkans. Respondenten met relevante straatkennis schetsen de hoofdlijnen. Uit diverse gemeenten komen drugsdealers (per auto) naar Neder-Betuwe om, vaak op bestelling, drugs te verkopen. Genoemd worden Rhenen, Tiel, Maasdriel en Veenendaal. De lokaal actieve dealers komen deels ook uit dorpen in Neder-Betuwe. De dealers die in Neder-Betuwe verkopen zijn voornamelijk van autochtone komaf. Volgens een respondent hebben allochtone dealers van buitenaf wel de nodige ‘vaste klanten’ in Neder-Betuwe. Het drugsaanbod komt fysiek dichtbij voor gebruikers. Dat geldt ook voor het aanbod via sociale media, zoals snapchat. Via sociale media worden niet alleen verschillende soorten drugs (softdrugs en harddrugs) aangeboden, maar ook sterke drank, illegale sigaretten, e-sigaretten en snus.13 Daarnaast wordt langs deze kanalen illegaal vuurwerk verkocht. In de interviewronde worden de sociale media-adressen opgesomd waar dit kan worden besteld.

Het is allemaal ongezond of gevaarlijk, te koop en wordt afgeleverd bij de klant. De drugslocaties op het publieke domein zijn slecht in beeld bij de meeste respondenten. In algemene zin gaat het om parkeerplaatsen en om locaties bij afritten (van de A15 of van een N-weg). Op hangplekken van jongeren en jongvolwassenen worden drugs gebruikt, onderling verkocht of bezorgd door dealers. Drankketen zijn vandaag de dag locaties waar ook drugs worden gebruikt, al is dit afgeschermd en niet goed in beeld. Drugsgebruik (met name coke) kan helpen om het drinken en/of werken vol te houden. In de interviewronde wordt gewezen op bedrijven waar (jonge autochtone) medewerkers coke gebruiken. Drugsgebruik komt ook voor onder zwaar belaste arbeidsmigranten. Een kleine categorie arbeidsmigranten wordt als drugsklant gesignaleerd op deallocaties op straat. Neder-Betuwe telt veel vervoerders. Dit biedt de mogelijkheid om illegale goederen in te voeren die goedkoop zijn in het buitenland, maar een hoge prijs hebben in Gelderland. Bijvoorbeeld sigaretten of vuurwerk. Ook kunnen illegale goederen worden uitgevoerd, zoals drugs. Voor respondenten is internationale (drugs)smokkel een blinde vlek. Er wordt wel gewezen op ‘bij-smokkel’ door chauffeurs. Hiermee wordt bedoeld dat in het buitenland bijvoorbeeld goedkope sigaretten worden ingekocht om deze vervolgens lokaal te verkopen.

Het resulteert in kleine partijen illegale sigaretten die lokaal worden verkocht. Tabel 2.1: Politieregistraties voor bezit en handel van softdrugs en harddrugs in de periode van 2018 tot en met 2022 en tot en met medio april 2023 (Bron: BVH-systeem van de politie).14 ‘18

‘19

‘20

‘21

‘22

Tot.

‘23

Bezit harddrugs

7

4

7

3

7

28

1

Bezit softdrugs

3

1

4

0

2

10

0

13

Snus is een soort theezakje dat onder de bovenlip wordt gestopt. Het is een methode waarbij je nicotine binnenkrijgt zonder te roken en is van oorsprong afkomstig uit Zweden. Via bloedvaatjes in de bovenlip en mond komt de nicotine in het bloed terecht. Het gebruik van snus kan een verslavende werking hebben. 14 Na afronding van de dataverzameling (medio april 2023) verrichtte de politie later in april drie aanhoudingen voor “handel/bezit harddrugs”: twee in Ochten en één in Echteld.

11

Handel e.d. harddrugs

1

1

2

0

1

5

0

Handel e.d. softdrugs

2

2

0

0

0

4

0

Drugsproductie Er zijn (begin 2023) sinds 2018 twee drugslabs aangetroffen in Neder-Betuwe. Voor de zeven gemeenten in De Waarden liggen de registraties voor ‘vervaardigen harddrugs’ op 24. Zie tabel 2.2. Dat is voor het gehele gebied een aanzienlijk aantal, al gaat het bij deze aantallen te ver om te spreken over verplaatsing vanuit Noord-Brabant naar de ‘hoek’ van Gelderland. Zeker voor NederBetuwe kan die conclusie niet worden getrokken, al geldt dat inspanningen om beter zicht te krijgen op hennepteelt bijna als vanzelf ook geschikt zijn om de informatie over eventuele drugslabs een impuls te geven. In Neder-Betuwe worden tussen 2018 en 2022 in totaal 43 registraties geteld voor ‘vervaardigen softdrugs’. In 2018 en 2019 waren het er bij elkaar 23 en in 2021 en 2022 in totaal vijftien. Zie tabel 2.2. Deze afname is in lijn met de landelijke trend en met die in het gehele basisteam. In basisteam De Waarden worden in 2018 nog 170 registraties geteld tegenover veertig in 2022. Dat is een afname van 76 procent. De politie kent nog wel een hennepteam, terwijl dit op veel plaatsen in het land afschaft. De afname van de registraties inzake ‘vervaardigen softdrugs’ in De Waarden en in NederBetuwe betekent niet dat de hennepteelt15 daadwerkelijk afneemt, laat staan met dit soort percentages.

Op landelijk niveau daalt de geregistreerde hennepteelt ook, al blijft de stroomdiefstal ongeveer op hetzelfde niveau. Dit wordt gezien als een indicatie voor een stabiele trend wat betreft hennepproductie.16 Experts (van de politie) geven drie algemene (landelijke) verklaringen voor de afname van het aantal hennepkwekerijen, terwijl er waarschijnlijk niet minder wordt geteeld.17 Ten eerste schermen criminelen de plantages beter af, waardoor ze bijvoorbeeld niet zijn te detecteren met warmtemetingen en er ook minder stank is. Voorts wordt gewerkt met klimaatcontrolesystemen, waardoor productielocaties minder vaak hoeven te worden bezocht. Er is dan minder (verdachte of opvallende) aanloop bij een pand met een hennepkwekerij. Tevens wordt de aanleg van hennepplantages vaker goed ingebed in legale activiteiten, zoals bouwwerkzaamheden, regulier onderhoud of regulier werkverkeer, dus passend bij een bedrijfspand, woning of agrarisch bedrijf. Ten tweede is bij de politie de prioriteit voor hennepteelt afgenomen. Andere (drugs)delicten, zoals cocaïnehandel of grof geweld, krijgen bijvoorbeeld voorrang. Basisteam De Waarden telt wel een hennepteam. Ten derde maken burgers (onder meer bij Meld Misdaad Anoniem) minder vaak melding van hennepteelt. Dit kan deels worden verklaard door de betere afscherming van kwekerijen; burgers zien of ruiken het dan immers minder snel.

Als in het politiesysteem een registratie wordt aangemaakt voor ‘vervaardigen softdrugs’, wil dit niet zeggen dat er daadwerkelijk een hennepkwekerij zat of is aangetroffen. In die zin dat het mogelijk 15

Een registratie voor ‘vervaardigen softdrugs’ is niet een synoniem van een hennepkwekerij. Zie de bijlage 2 voor een toelichting op politieregistraties 16 Bron: Nationale Politie, Nationaal Overzicht Drugslocaties 2022, 2023; Platform Veilig Ondernemen BrabantZeeland, Weer meer drugslabs in 2022, 26 april 2023, geraadpleegd via: https://pvo-brabant-zeeland.nl/weermeer-drugslabs-in-2022-vooral-in-brabant/ 17 Zie voor een korte toelichting (onder meer door een politiefunctionaris) op deze drie verklaringen bijvoorbeeld deze video (“In 2022 werden fors minder wietplantages ontdekt. Toch werd er waarschijnlijk niet minder gekweekt. Hoe dat kan leggen we uit in deze video”): https://www.ad.nl/video/productie/steedsminder-wietplantages-ontdekt-zo-komt-het-391463

12

gaat om een melding, terwijl er geen kwekerij is aangetroffen. Bijvoorbeeld omdat deze al weg was of er nooit heeft gezeten. De gemeente Neder-Betuwe meldt dat er in 2019 zeven hennepkwekerijen zijn aangetroffen (tegenover elf registraties) en in 2020 en 2021 in totaal zes kwekerijen (versus twaalf registraties). In 2022 meldt de gemeente Neder-Betuwe dat er geen enkele hennepkwekerij is aangetroffen, terwijl er acht registraties zijn inzake ‘vervaardigen softdrugs’.18 Tabel 2.2: Politieregistraties voor het vervaardigen van softdrugs en harddrugs in de periode van 2018 tot en met 2022 en tot en met medio april 2023. (Bron: BVH-systeem van de politie).19 ‘18

‘19

‘20

‘21

‘22

Tot.

‘23

Vervaardigen harddrugs

1

0

1

0

0

2

0

Vervaardigen softdrugs

12

11

5

7

8

43

0

Vervaardigen harddrugs

5

5

6

3

5

24

0

Vervaardigen softdrugs

170

65

39

39

40

353

12

Gemeente Neder-Betuwe

Basisteam De Waarden

Tabel 2.3: Registraties inzake ‘vervaardigen softdrugs’ van 2018 tot en met 2022 in zeven gemeenten in absolute zin en per 10.000 inwoners. (Bron: BVH-systeem van de politie). Buren

Culemborg

Maasdriel

NederBetuwe

Tiel

West Betuwe

Zaltbommel

Aantal inwoners

27.719

29.732

26.041

25.457

42.672

52.742

30.315

Vervaardigen softdrugs

32

46

58

43

92

52

30

Per 10.000 inwoners

11,5

15,5

22,3

16,9

21,6

9,9

9,9

Als in de zeven gemeenten in basisteam De Waarden wordt gekeken naar de registraties ‘vervaardigen softdrugs’ in de periode van 2018 tot en met 2022, dan staat Neder-Betuwe op plaats 4: met 43 registraties. De top-3 bestaat uit de ‘geijkte’ gemeenten, namelijk Tiel (92), Maasdriel (58) en Culemborg (46). Als wordt gecorrigeerd naar inwonertal, staat Neder-Betuwe op plaats 3, met 16,9 registraties voor ‘vervaardigen softdrugs’ per 10.000 inwoners. Dat is (duidelijk) minder dan in Maasdriel (22,3) en Tiel (21,6), maar meer dan in Culemborg (15,5). In het kader van het project ‘Zicht op ondermijning’ is - mede op basis van daadwerkelijk aangetroffen hennepkwekerijen - een modelmatige schatting gemaakt van de mate waarin er een (verhoogd) risico is dat woningen worden gebruikt voor een hennepkwekerij.20 Daarbij wordt onder meer rekening gehouden met het woonoppervlakte en met de WOZ-waarde van een woning. De gemiddelde score voor Nederland komt uit op 9,3 en voor de provincie Gelderland op 7,2. De score

18

De politie zoekt uit hoeveel hennepkwekerijen volgens haar bronnen precies zijn aangetroffen in de gemeente Neder-Betuwe. 19 Na afronding van de dataverzameling (medio april 2023) werden in juli 2023 twee hennepkwekerijen aangetroffen: één in Opheusden en één in Echteld. In augustus 2023 werd drugsafval gevonden in Echteld. 20 Zie voor uitleg: https://www.zichtopondermijning.nl/

13

van Neder-Betuwe is 6,4 en ligt dus onder het Gelders gemiddelde.21 Dat geldt niet voor Dodewaard (7,8) en Echteld (7,4). Al met al is onzeker wat de lokale situatie is wat betreft hennepteelt. Dit komt mede door het dubbele karakter van de gelegenheidsstructuren. Aan de ene kant veel legale kansen en inkomsten, sociale controle en schaarste aan bedrijfspanden en woningen. Dit is een rem op hennepteelt. Aan de andere kant fysieke afscherming van bedrijfsactiviteiten, sociale afstand tot de overheid (een lage meldingsbereidheid), bedrijven die kunnen dienen als dekmantel, beschikbare know how (uit reguliere branches) om hennepkwekerijen op te zetten en een laag niveau van publiek toezicht. De balans valt moeilijk op te maken, al staat vast dat hennepteelt veel geld oplevert. Een doorsnee-kwekerij met 200 planten levert in de tussenhandel bijvoorbeeld ongeveer € 23.000,- op (Functioneel Parket Afpakken, 2016), met de mogelijkheid om vijf keer per jaar te oogsten. Dit hoge bedrag komt doordat Nederlandse criminelen handelen op de internationale markt, waar hoge prijzen worden betaald voor de kwalitatief goede Hollandse hennep (Noordanus, Tops en Van der Torre e.a., 2020).

Voor zover hennepkwekerijen zijn aangetroffen in Neder-Betuwe, verschaffen concrete casus de nodige informatie over de lokale kenmerken van deze drugscriminaliteit:22 ▪ Eenvoudige kwekerijen of een partij hennep in een doorsnee-woning. In Opheusden werd bijvoorbeeld een 65-jarige man aangehouden omdat de “stank” van een partij henneptakken in zijn huis opviel. Tegelijk werd een dertiger aangehouden: een man uit Meteren (gemeente West Betuwe).23 In Dodewaard werd in de Fruitstraat op de vliering een hennepkwekerij met 166 planten aangetroffen. ▪ Professionele kwekerijen, (ook) met of door bovenlokale criminele netwerken. Er worden meer omvangrijke en professionele kwekerijen aangetroffen. Dit kan een lokale aangelegenheid zijn, al komen daarnaast bovenlokale criminele netwerken in beeld. Zo werd aan de Nobelweg in Dodewaard een hennepkwekerij aangetroffen met ongeveer 22.000 stekjes en circa 280 moederplanten. De straatwaarde werd geschat op een miljoen euro.24 Hiervoor worden drie mannen (een vader en twee zonen) veroordeeld uit Nijmegen. Bij de politie-inval werd een doorgeladen vuurwapen gevonden. De mannen maken deel uit van een omvangrijker netwerk, met onder meer een andere kwekerij in Weurt, met 10.000 planten (met een opbrengst per oogst van ongeveer een miljoen). De aanhoudingen in Dodewaard mondden uit in geweld en ontvoering van een familielid van een verdachte.

Onderzoek naar dit geweld en naar de kwekerij resulteerde in drie arrestaties: een 29-jarige

21

De gemeentescores van Tiel (6,9), Culemborg (6,7) en Maasdriel (6,6) liggen ook onder het Gelderse gemiddelde. 22 Doordat er in de afgelopen vijf jaren weinig hennepkwekerijen zijn aangetroffen, gebruiken we (ook) ‘oudere’ voorbeelden. Criminele structuren en werkwijzen zijn duurzaam, zeker bij hennepteelt: het verdienmodel is riant; de know how is aanwezig in veel criminele en sociale kringen en het is daarom een toegankelijke misdaadmarkt; de pakkans is klein voor de organisatoren en de strafmaat is gering voor uitvoerders of katvangers; en er is in stedelijke gebied en in het buitengebied een grote voorraad met panden die (kunnen) worden gebruikt bij hennepteelt. Zie voor een meer uitgebreide uitleg van het duurzame karakter van hennepteelt in Nederland: Noordanus, Tops en Van der Torre, 2020. 23 Gelderlander, Duo vast voor hennep in woning Opheusden, 21 september 2012; 112Rivierenlad, Regiopolitie ruimt hennep op, 11 oktober 2010. 24 Gelderlander, Jaren cel geëist tegen vader en zoons voor hennepstekkerij Dodewaard, 3 februari 2015; Omroep Gelderland, Tot 1,5 jaar cel voor wietkwekerij Dodewaard, 17 februari 2015.

14

man uit Lent, een 39-jarige man uit Nijmegen en een 30-jarige man zonder vaste verblijfplaats. Twee van de drie verdachten zijn lid van de OMG No Surrender.25 ▪ Een hennepkwekerij in een bedrijfspand. Bedrijfspanden kunnen worden gebruikt voor hennepteelt, met name als ze redelijk afgeschermd liggen of als legale activiteiten gebruikt kunnen worden als dekmantel. In de media vinden we hier in Neder-Betuwe weinig voorbeelden van. Een wijkagent twitterde wel dat een kwekerij was gevonden in een bedrijfspand in Kesteren, aan de Boveneindsestraat. De Gelderlander nam dit over.26 Op een bijzondere locatie werd ook hennepteelt vastgesteld, namelijk in het oude stationsgebouw in Kesteren. Twee tieners en een jonge twintiger werden gearresteerd: een 16-jarige uit Kesteren, een 17-jarige uit Tiel en een 21-jarige uit Maurik.27 ▪ Hennepkwekerijen in de buitenlucht. Kwekerijen worden niet alleen opgezet in panden, maar ook in de buitenlucht. In Dodewaard stonden, langs de Linge, in een bosschage bijvoorbeeld tien planten van 1,5 meter hoog en 1 meter doorsnee. Ook vond de Waterpolitie in de uiterwaarden langs de Waal, ter hoogte van Ochten, een hennepplantage.28 Het betrof een goed verstopte plantage met 55 planten tot 3,5 meter hoog. De planten waren oogstrijp met een geschatte opbrengst van circa € 55.000,-.

In 2008 werd in Echteld een uitzonderlijke kwekerij aangetroffen, op een bijzondere plaats, namelijk in een koker onder de Prins Willem-Alexanderbrug. Daar werd een mega-hennepkwekerij in aanbouw ontdekt. De apparatuur (lampen en een bewateringsinstallatie) en potgrond waren al in positie toen deze criminaliteit bij toeval werd ontdekt, namelijk door een elektriciteitsstoring.29 Volgens bronnen had het - als dit tijdens het bouwproces onopgemerkt was gebleven - de grootste (ontdekte) hennepkwekerij ooit kunnen worden in Europa.30 We weten niet of dit juist is, maar op foto’s en beelden valt te zien dat de ruimte enorm groot is. De waarde van één oogst werd geschat op ongeveer 1 miljoen euro.31 Hoewel deze exceptionele kwekerij geen patroon blootlegt, laat het wel zien dat er - ook in Neder-Betuwe - grote criminele belangen zijn gemoeid met hennepteelt. Bovenlokale netwerken Bij drugshandel komen bovenlokale criminele praktijken in beeld. Er rijden drugsdealers op en neer vanuit gemeenten of dorpen in de omgeving naar Neder-Betuwe. Ook blijken criminelen uit Nijmegen (afkomstig uit een netwerk met daarbinnen een Outlaw Motorcycle Gang) hennepteelt te organiseren in Neder-Betuwe. Bij die Nijmeegse casus is de lokale betrokkenheid niet duidelijk, al is in elk geval een pand gehuurd in Neder-Betuwe.

Bij een casus met productie van synthetische drugs wordt duidelijk dat lokale criminelen een sturende rol kunnen hebben in bovenlokale criminele netwerken. Een man uit Opheusden wordt (voor zeven jaar) veroordeeld vanwege het - samen met een man uit Beneden-Leeuwen - organiseren van drugslabs in Haaften, Overasselt, Apeldoorn, Veeningen en Sint Kruis.32 Het betreft een criminele

25

Nieuwsuitnijmegen.nl, Ontvoeringen en hennep: invallen in Nijmegen en regio, 13 januari 2015. Gelderlander, Hennepkwekerij gevonden in bedrijfspand in Kesteren, 15 maart 2016. 27 Gelderlander, Drie jongeren vast na vondst wietkwekerij in oude station Kesteren, 12 maart 2018. 28 112Rivierenlad, Regiopolitie ruimt hennep op, 11 oktober 2010; Omroep Gelderland, Hennepplantage langs Waal opgerold, 26 september 2011. 29 De Gelderlander, Hennepkwekerij in brugkoker ontmanteld, 1 maart 2008. 30 Zie deze video: https://www.youtube.com/watch?v=EUqjLpSLn5k 31 Idem. 32 Gelderlander, Zeven jaar cel voor man (33) uit Opheusden die leiding gaf aan criminele organisatie en meerdere drugslabs onderhield, 16 maart 2022. 26

15

organisatie met een hoge omzet. Het resulteert in een, voor Nederlandse begrippen, hoge gevangenisstraf van zeven jaar. De veroordeling werd mede gebaseerd op door de politie ontsleutelde criminele berichten via EncroChat.33 Een man uit Dodewaard werd, met twee broers uit Tiel, aangehouden vanwege verdenkingen omtrent het invoeren van grote partijen wapens en cocaïne. De vijftiger uit Dodewaard zou verantwoordelijk zijn voor het transport van een onderschepte partij cocaïne. Dit maakt deel uit van een criminele organisatie die wordt verdacht (tussen 2015 en 2018) van handel in tientallen (handvuur)wapens, afkomstig uit Slowakije. Een kopstuk uit Tiel zou betrokken zijn geweest bij de smokkel van grote ladingen cocaïne, namelijk drie partijen van in totaal 2.150 kilo, bestemd voor bedrijven in Zeeland en Amsterdam. Deze partijen werden in oktober en november 2019 in beslag genomen.34 Een omvangrijk landelijk politieonderzoek, met de codenaam Operatie Alfa, wordt gericht op een groot crimineel netwerk rond een criminele familie uit Oss. Nadat er doorzoekingen zijn verricht in Oss, worden de opsporingsactiviteiten verspreid over Nederland en België. In november 2019 doorzoekt de landelijke politie elf woningen en bedrijfspanden en worden vier mensen aangehouden in Tiel, Haarlem en Poppel (België). Ze worden verdacht van internationale handel in vuurwapens en verdovende middelen.

Er wordt ook een pand doorzocht in Dodewaard.35 2.2.2 Vastgoed Voor de gemeente Neder-Betuwe geldt, zo blijkt uit data in het kader van het project ‘Zicht op Ondermijning’, dat 3,4 procent van de vastgoedeigenaren - natuurlijke personen en rechtspersonen in tien jaar tijd (peiljaar: 2020) werd veroordeeld. Dat is minder dan het gemiddelde in Gelderland (4,1 procent) en in Nederland (4,5 procent). Als wordt gekeken naar louter vastgoed in eigendom van rechtspersonen, scoort Neder-Betuwe minder gunstig dan gemiddeld. In Neder-Betuwe is namelijk 20,2 procent veroordeeld in tien jaar tijd, tegenover 17,4 in Gelderland en 15,6 in Nederland. Bij deze score staat Neder-Betuwe in De Waarden in de top-3, achter Buren (44,8 procent) en West Betuwe (21,1 procent). In Neder-Betuwe heeft 5,4 procent van de vastgoedeigenaren (natuurlijke personen) tussen de drie en vijf panden in bezit. Dat is iets meer dan het Gelderse gemiddelde (5,2 procent) en minder dan landelijk (6,1 procent). Meer-bezit (boven de vijf panden) komt in Neder-Betuwe minder vaak voor: 3,7 procent tegenover 6,8 procent landelijk en 5,5 procent in Gelderland. Het is in Nederland een bekend patroon dat (witgewassen) misdaadgeld - bijvoorbeeld verdiend met drugsproductie - wordt geïnvesteerd in vastgoed (LIEC, 2019).

Bij doorverkoop of verbouwingen van vastgoed wordt vervolgens deels contant betaald, waarbij ook geld wordt witgewassen. Dergelijke investeringen helpen bij de oversteek van de onderwereld naar de bovenwereld. Dit patroon treffen we in Neder-Betuwe niet aan. Bronnen wijzen wel op de volgende patronen: ▪ Investeringen in vakantiewoningen. Personen en rechtspersonen investeren, zo wordt geconstateerd in de interviewronde, in chalets op een vakantiepark in de gemeente en verhuren deze (voor long stay, dus meer dan vier maanden) aan arbeidsmigranten. Dit is illegale bewoning. Controle en handhaving van illegale bewoning stuit, zo merken

33

Rechtspraak.nl, Tot 7 jaar gevangenisstraf voor betrokkenheid bij productie synthetische drugs, 16 maart 2022. 34 Gelderlander, Jarenlange celstraffen geëist tegen Tielse broers vanwege drugs- en wapensmokkel, 10 november 2021. 35 Algemeen Dagblad, Huiszoekingen en arrestaties in hele land voor wapenhandel en drugs, 25 november 2019.

16

respondenten, op discussie. Het idee is dat dit moet kunnen, omdat arbeidsmigranten goed zijn voor de lokale economie en toch ergens moeten wonen. Handhaving wordt - door een categorie burgers -niet ervaren als een vanzelfsprekende zaak. ▪ Woningen om arbeidsmigranten te huisvesten. Er wordt geïnvesteerd in woningen om arbeidsmigranten te huisvesten. Volgens een inventarisatie van bureau Legitiem gaat het om zeker 29 locaties met woonbestemming. Het Beleidsplan Huisvesting Arbeidsmigranten 2020 t/m 2022 (gemeente Neder-Betuwe, september 2019) concludeert: “Het onderzoek van bureau Legitiem laat echter wel zien dat de huisvesting vaak niet voldoet aan de brandveiligheidseisen en een minimale woonkwaliteit. Dit benadrukt de urgentie om wat te doen aan vele van de huidige huisvestingssituaties. Als het gaat om het niet voldoen aan de brandveiligheidseisen gaat het vaak om afwezigheid van (voldoende) brandblussers, rookmelders en vluchtroutes”.

2.2.3 Arbeidsmigranten: misstanden en mogelijke uitbuiting De essentie van het strafrechtelijke begrip mensenhandel is dat dwang wordt uitgeoefend op personen. Sinds 2005 is ook mensenhandel buiten de seksindustrie strafbaar gesteld. Het betreft gedwongen arbeids- of dienstverlening zonder seksuele component, waaronder arbeidsuitbuiting. Dat is uitbuiting op het domein van werk en inkomen. De afhankelijkheidsrelatie van slachtoffers resulteert in een strafrechtelijk dilemma. Juist bij effectieve dwang is het namelijk uitermate lastig om mensenhandel vast te stellen, want slachtoffers leggen dan bepaald niet snel verklaringen af (LIEC, 2019). Dat komt door geweldsdreiging of door risico’s om elementaire zaken kwijt te raken, zoals inkomen en/of huisvesting. De consequentie is dat strafrechtelijke vervolging ingewikkeld is. Als vervolging vanwege arbeidsuitbuiting niet mogelijk is, pakt de Arbeidsinspectie mogelijk wel overtredingen van arbeidswetten aan, zoals slecht werkgeverschap. Echter: “Deze aanpak past (…) niet altijd bij het opzettelijke karakter van de overtreding of bij de maatschappelijke overtuiging dat er sprake is van uitbuiting.”36 Het probleem is dat de Arbeidsinspectie landelijk opereert en een beperkt aantal onderzoeken per jaar kan uitvoeren.

Naast het strafrecht bestaat een eenvoudiger perspectief op uitbuiting: personen staan onder druk en verkeren vanwege misstanden in een penibele situatie. Die misstanden gaan gepaard met signalen of informatie over overtredingen of over slechte leef- of werkomstandigheden. Vanuit die invalshoek wijzen respondenten op verschillende omstandigheden, gedragingen of signalen: ▪ Bij enkele grote bedrijven is het juist goed of redelijk goed geregeld wat betreft het werken en wonen van arbeidsmigranten. Er wordt gewezen op enkele bedrijven en op een groot uitzendbureau. ▪ Respondenten schatten in dat er uitzendbureaus zijn die - tot op zekere hoogte - de ruimte nemen die ze geboden krijgen. Er wordt thans (begin 2023) niet veel gecontroleerd, waardoor respondenten merken dat het weer vaker voorkomt of lijkt voor te komen dat arbeidsmigranten zich niet inschrijven bij de gemeente Neder-Betuwe in de Basisregistratie Personen (BRP), terwijl dat wel zou moeten. Zodat er onder andere geen toeristenbelasting betaald hoeft te worden. ▪ Er zijn arbeidsmigranten die op wisselende plaatsen slapen. Ze wonen niet zozeer ergens, maar bivakkeren. Respondenten kregen van een arbeidsmigrant te horen dat hij zijn spullen

36

Boerman e.a., Nationaal dreigingsbeeld 2017.

17

in de auto laat liggen, omdat uitpakken geen zin heeft vanwege frequente verhuizingen. Onzekerheid over wonen gaat samen met onzekerheid over werk en inkomen. ▪ De woonsituatie van arbeidsmigranten op een vakantiepark is volgens respondenten gemiddeld slechter dan in een woning. Dit komt door de geringe leefruimte en de slechte (gemiddelde) kwaliteit van de huisjes. ▪ Op de parken wordt gewoond, alsof dit wordt getolereerd. Dit motiveert uitzendbureaus en lokale investeerders om hier huisjes (chalets) te kopen en/of te (ver)huren. Er worden ook arbeidsmigranten gehuisvest die buiten Neder-Betuwe werken. Handhaving leidt tot dilemma’s (waar anders huisvesten?) en stuit op weerstand, in die zin dat wordt gemeend dat de situatie als het ware wordt gedoogd en dat dit zo moet blijven. ▪ Er wordt gewezen op schuren of andere verblijven waar arbeidsmigranten, op het terrein van lokale ondernemers, worden gehuisvest. De ene keer lijkt het te gaan om (redelijk) goede omstandigheden en de andere keer juist niet. Respondenten vinden dit in elk geval een reden om ook daar te controleren, wat ze weten thans niet goed hoe het zit op dergelijke locaties. Daarover is weinig informatie beschikbaar en daar wordt niet gecontroleerd. ▪ Het komt volgens respondenten voor dat arbeidsmigranten denken dat ze een arbeidsovereenkomst tekenen, terwijl ze in feite als ZZP-er worden ingehuurd.

Dit levert onzekerheden op, bijvoorbeeld bij ziekte. Het wijst op het belangrijkste patroon dat respondenten aankaarten, namelijk de onzekerheid onder arbeidsmigranten over werk, inkomen en wonen. Voor professionals is het onduidelijk wat nu precies de werk- en leefomstandigheden van de arbeidsmigranten zijn.

2.2.4 Risicolocaties In de interviewronde worden recreatieparken en ‘het buitengebied’ aangewezen als risicolocaties. Recreatieparken De literatuur37 beschrijft op hoofdlijnen vijf vormen van ondermijning op dergelijke parken: 1. Criminele praktijken (onder andere drugshandel, hennepteelt of prostitutie) die buiten beeld blijven vanwege beperkte sociale controle en beperkt overheidstoezicht. Over Neder-Betuwe: Dit wordt geconstateerd door een bron, maar betwist door anderen. Er wordt onvoldoende gecontroleerd om hierover duidelijkheid te kunnen verschaffen. 2. Vrijplaatsen of enclavevorming: criminele families of netwerken zijn dominant. Over NederBetuwe: Deze classificatie gaat volgens respondenten te ver voor de parken in Neder-Betuwe. Op Rivierendal woonden, gedurende enkele maanden in 2020 en 2021, twee (gewapende) verdachten van de moord op Peter R. De Vries. Ze verbleven in een chalet dat op naam stond van een andere huurder. Ook reden ze in wagens op naam van 'katvangers.' Volgens een bron verblijven ook nu criminelen of verdachte personen op Rivierendal, al wordt dat betwist door anderen en dienen wij een slag om de arm te houden. 3. Sobere huisvesting van arbeidsmigranten die - door (rechts)personen en/of omstandigheden – vanuit een afhankelijkheidsrelatie dergelijke huisvesting accepteren, mede omdat dit is gekoppeld aan hun werk en inkomen.

Over Neder-Betuwe: Arbeidsmigranten wonen onder

37

Zie voor een overzichtsartikel: Van der Torre en Spoorendonk, 2020.

18

slechte omstandigheden en illegaal in vakantiewoningen, zo wordt geconstateerd in de interviewronde. Of arbeidsmigranten worden gedwongen om onrechtmatige werkomstandigheden te accepteren, is niet duidelijk. Respondenten melden dat tegen migranten wordt verteld dat ze zich niet moeten schrijven bij de gemeente, dat arbeidsmigranten worden verplaatst (van de ene woonlocatie naar de andere) of dat ze worden ingehuurd als ZZP-per, terwijl ze denken dat ze een arbeidsovereenkomst tekenen of dachten dat dit het geval zou zijn. 4. Recreatieparken als vluchtheuvel: kwetsbare personen wijken vanwege woningnood uit naar een park om er (illegaal) langdurig te wonen. Over Neder-Betuwe: Dit komt voor, al wordt het minder door respondenten genoemd dan het vraagstuk over de (illegale) huisvesting van arbeidsmigranten. 5. Criminele investeringen in een park of in vakantiewoningen op een park. Over Neder-Betuwe: Dit staat niet vast, al worden er - gebaseerd op openbare bronnen (zie voetnoten) - kritische vragen gesteld over de eigenaar van Rivierendal. Hij is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor valsheid in geschrifte en witwassen. Hij maakte bij aankoop van vier recreatieparken waaronder het park in Ochten - gebruik van twee vervalste brieven van banken, waardoor hij een groot geldbedrag kon lenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13441035/1