Bijlage 1 - Energievisie
Tekst van het document
EEN LEEFBARE EN GEZONDE TOEKOMST VOOR IEDEREEN!
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE 5 SEPTEMBER 2025 DEFINITIEF, REVISIE 2.0
Inhoudsopgave
Opdrachtgever Gemeente Neder-Betuwe Opstellers Antea Group: Gijsbert Schuur, Jelco Hamstra, Marleen Peeters Datum 20 november 2025 Definitief
2
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Inleiding
3
Leeswijzer
5
Deel 1: Energiesysteem en toekomstbeelden
6
Deel 2: Ontwikkelrichting toekomstig energiesysteem
26
Deel 3: Speerpunten voor programma
33
Bijlagen
39
Inleiding In 2018 zijn in het Klimaatakkoord afspraken gemaakt over de verduurzaming
Dit jaar loopt de Klimaatnota af en ook moet de gemeente voor eind 2026 een
van het Nederlandse energiesysteem en de uitstoot van broeikasgassen. Een
Warmteprogramma opstellen. Het Warmteprogramma is de opvolger van de
groot deel van de verdere uitwerking en uitvoering van het Klimaatakkoord
Transitievisie Warmte uit 2022. De gemeente heeft dit moment aangegrepen om
is bij de gemeenten neergelegd. De gemeente Neder-Betuwe heeft in 2021 een Klimaatnota opgesteld en daarin vastgelegd dat de gemeente aansluit bij de landelijke ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. De volledige energiebehoefte van de gemeente wordt dan geleverd door hernieuwbare
de voorliggende Energievisie op te stellen. Hiermee kan de eerder uitgezette koers worden herijkt, rekening houdend met de actuele omstandigheden. Het meest concrete voorbeeld hiervan is netcongestie. Het stroomnet zit vol waardoor bedrijven en burgers vaak geen stroomaansluiting meer kunnen krijgen
energie met als tussendoelen 40% in 2025 en 55% in 2030. In 2022 heeft de
of hun stroom niet meer kunnen terugleveren. Dit zet de verduurzamingsambities
gemeente een Transitievisie Warmte opgesteld waarin is vastgelegd hoe de
onder druk, zowel voor de opwek van duurzame energie als de elektrificatie van
woningen en panden stap voor stap aardgasvrij worden gemaakt. Het accent
bijvoorbeeld bedrijfsprocessen.
ligt hierin op besparen van energie door middel van isoleren. De gemeente is hiermee voortvarend aan de slag gegaan en heeft met subsidieregelingen ca. 400 woningeigenaren gestimuleerd om hun woning te isoleren. Ook zijn er in lijn met de afspraken in de RES-regio flinke vorderingen gemaakt met de opwek van duurzame zonne- en windenergie.
Deze energievisie sluit aan bij de gemeentelijke Toekomstvisie 2050 en de uitgangspunten daarvan vormen de basis voor deze visie. De gemeente wil zowel nu als in de toekomst een gemeente zijn waar het goed toeven is voor de inwoners, een bereikbare gemeente met een goed vestigingsklimaat voor bedrijven en landbouw, en waar energie voor iedereen beschikbaar en betaalbaar is. Om al deze (en toekomstige) ambities te bereiken is een robuust duurzaam energiesysteem een randvoorwaarde. Neder-Betuwe wil met deze energievisie in regie blijven. Zonder regie van de overheid wordt het lastig om tot een duurzaam en robuust energiesysteem te komen. Onderdeel hiervan is een goede startpositie in de gesprekken die in de regio en de provincie plaatsvinden over de inrichting van het toekomstige energiesysteem en de verdeling van de opwek.
3
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Betrokken partijen en rollen Met deze energievisie wordt richting gegeven en worden randvoorwaarden en
Deze energievisie is tot stand gekomen in samenwerking met een groot aantal
kaders geschapen voor het toekomstig energiesysteem. Dit geeft handvatten voor
interne en externe partijen. In bijlage A is dit nader toegelicht. Om de opgave aan
de ontwikkeling van het toekomstige energiesysteem én de ontwikkeling (integraal
te gaan is samenwerking met anderen essentieel. Niet alleen met de collega-
ontwerpen en programmeren) van de gemeente. De visie en ontwikkelstrategie
overheden, netbeheerders en de woningcorporatie, ook met bedrijven en lokale
vormen mede input voor het (verplichte) Energie- en Warmteprogramma en andere
energiecoöperaties. Door de samenwerking met de partners, en inwoners ontstaat
relevantie visies/beleidsdocumenten die raakvlakken hebben met en beïnvloed
draagvlak, denkkracht en uitvoeringskracht voor de maatregelen die uitgevoerd
worden door het toekomstige energiesysteem. Doel van de energievisie is:
moeten worden.
•
Richting geven aan, en inzicht geven in het toekomstige
Daarnaast bouwt deze Energievisie voort op de participatieprocessen die de
energiesysteem (2050);
afgelopen jaren binnen de gemeente zijn doorlopen. Bij het opstellen van de
Handelingsperspectief bieden voor uitvoering en input
Klimaatnota 2021–2025, de Transitievisie Warmte (2022), en gebiedsgerichte
leveren voor beleid; Belangrijke randvoorwaarden en keuzemomenten in
energieprojecten zijn inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties,
beeld brengen;
energiecoöperaties, netbeheerders en andere belanghebbenden betrokken. De
•
Draagvlak voor en betrokkenheid bij de energietransitie vergroten;
waarden, zorgen en aandachtspunten die in deze trajecten naar voren kwamen,
•
Basis om vervolggesprek te voeren met interne en externe
vormen een belangrijk fundament voor de uitgangspunten van deze Energievisie.
•
stakeholders. Daarnaast sluit deze Energievisie aan op de Toekomstvisie Neder-Betuwe 2050. In In deze energievisie kijken we naar 2050. Eén ding weten we zeker: wat hierin
deze strategische visie is mede op basis van brede participatie vastgelegd hoe de
beschreven staat zal nooit op deze manier gebeuren. Wel weten we dat we vanuit
gemeente zich ruimtelijk, economisch en maatschappelijk wil ontwikkelen richting
onze blik op het verleden en heden moeten focussen op de horizon.
2050. De toekomstbeelden, scenario’s en uitgangspunten uit de Toekomstvisie
Een visie helpt daarbij, om een gezamenlijke focus te hebben. Dan hebben we iets
vormen daarom het richtinggevende kader voor deze Energievisie. Hiermee wordt
om koers te houden en iets om aan vast te houden.
geborgd dat de keuzes in de energietransitie passen binnen de lange termijn koers van de gemeente. Door zowel de eerdere participatieprocessen als de Toekomstvisie te combineren, vormt de Energievisie een logisch en samenhangend vervolg op wat in de afgelopen jaren is opgehaald.
4
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Vervolg: Energie- en Warmteprogramma Als vervolg op deze energievisie werken we een Energie- en Warmteprogramma uit. Hierin vertalen we de strategische doelen en ambitie uit deze energievisie naar operationele doelen, maatregelen en activiteiten waar we de komende 10 jaar mee aan de slag gaan.
Leeswijzer Deze energievisie bestaat uit drie delen: •
Deel I: het energiesysteem met hierin de toekomstbeelden voor het energiesysteem in 2050;
•
Deel II: de ontwikkelrichting toekomstig energiesysteem met leidende principes en scenario’s;
•
Deel III: de speerpunten voor het programma om de visie in uitvoering te krijgen.
In de bijlagen zijn de methodologie, met de onderbouwing van de cijfers, de bronnen en de gekozen uitgangspunten opgenomen.
5
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
DEEL 1: ENERGIESYSTEEM EN TOEKOMSTBEELDEN
6
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
1. HUIDIG ENERGIESYSTEEM 1.1 Wat is een energiesysteem? Voor een visie van het toekomstig energiesysteem is het van belang om eerst een
Het grootste deel van de energie die de sectoren momenteel verbruiken, is fossiel
goed beeld te hebben van hoe het huidige energiesysteem in elkaar zit.
opgewekt. Deze fossiele brandstoffen worden stap voor stap vervangen door duurzame
Een energiesysteem omvat de volgende elementen c.q. bouwstenen:
energiedragers: •
Energieketen De basis van het energiesysteem wordt gevormd door de energieketen van:
oppervlaktewater, zonthermie, geothermie of restwarmte. •
Energieproductie (opwek)…. … via transport (energie-infrastructuur) …
Duurzaam opgewekte elektriciteit: via zonnepanelen, windmolens en kernenergie.
•
… naar energieverbruik, met energieopslag en -conversie als mogelijke tussenstations.
Duurzaam opgewekte warmte: uit bijvoorbeeld de bodem,
Groene waterstof: conversie van energie door middel van duurzaam opgewekte elektriciteit.
•
Groengas: uit bijvoorbeeld groenafval of mest.
Iedere energiedrager heeft zijn eigen energieketen van opwek tot afname. De energieketens staan met elkaar in verbinding via conversie en opslag. Zo kan elektriciteit worden gebruikt om warmte of waterstof te produceren. Conversie en opslag zijn belangrijk als de opwek en vraag van bepaalde energiedragers niet met elkaar in balans zijn. Door de opgewekte energie om te zetten in een andere drager en tijdelijk op te slaan, gaat de energie niet verloren en kan de stabiliteit van het energiesysteem worden geborgd. Deze energieketen is traditioneel lineair met een centrale energieproductie. In de
Sectoren
toekomst wordt energie steeds vaker decentraal opgewekt en afnemers van energie
De energieverbruikers worden in vier landelijk bepaalde sectoren ingedeeld:
kunnen ook producent zijn. Denk bijvoorbeeld aan eigenaren van zonnepanelen die
•
hun eigen stroom verbruiken of verkopen via de Energiedragers. Traditioneel vormen
(kantoren, horeca, vervoer en opslag) en publieke dienstverlening
fossiele brandstoffen – olie, aardgas, transportbrandstoffen – en fossiel opgewekte elektriciteit de basis van het energiesysteem.
7
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Gebouwde omgeving: woningen, commerciële dienstverlening (overheid, onderwijs, cultuur)
•
Industrie: alle industriële processen
•
Mobiliteit: zowel personen- als vrachtvervoer (via weg, water, spoor)
•
Landbouw: alle sectoren, van laanbomenteelt tot veeteelt
1.2 Huidige energievraag Om een beeld te krijgen van het totale energieverbruik van de gemeente, is in de
De volgende grafiek toont de huidige energievraag in Neder-Betuwe per energiedrager.
onderstaande figuur het totale energieverbruik per sector weergegeven1 .
De huidige dragers zijn voornamelijk olie, aardgas en elektriciteit.
Figuur 1-1: Huidige energieverbruik gemeente Neder-Betuwe incl. autosnelwegen
Figuur 1-2: Huidige energieverbruik per energiedrager
Het hoogste energieverbruik in de gemeente Neder-Betuwe wordt veroorzaakt
We gaan van een centraal naar een decentraal systeem, aardgas wordt uitgefaseerd en
door mobiliteit, voornamelijk door wegverkeer op de A15. Zonder de A15 is het
er komt meer lokale opwek van elektriciteit. We moeten onze infrastructuur aanpassen,
energieverbruik van de sector mobiliteit ca. 60% lager (603 TJ/jaar). Na mobiliteit is
want we zullen bijvoorbeeld veel meer elektriciteit nodig hebben en ons huidige
het energieverbruik in de gebouwde omgeving het grootst. Dit wordt veroorzaakt
elektriciteitsnetwerk is hier nog niet op toegerust.
door woningen en gebouwen in de kernen en de buitengebieden. Industrie volgt daarop waarin bedrijventerreinen en de verbruikers met name (steenfabrieken) langs
In de volgende hoofdstukken zijn achtereenvolgens de ontwikkeling in de sectoren, de
de rivieren een belangrijke rol spelen. Het minste energieverbruik vindt plaats in de
energie-infrastructuur en de opwek van energie beschreven. Vervolgens zijn een aantal
landbouw. In de volgende paragrafen zijn de cijfers per sector verder uitgewerkt.
scenario’s voor de ontwikkeling van de toekomstige vraag en opwek van duurzame energie uitgewerkt.
1Bron: klimaatmonitor jaar 2022 Neder-Betuwe
8
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
DEEL 2: ENERGIEVRAAG EN ONTWIKKELING PER SECTOR
9
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
2. ENERGIEVRAAG EN ONTWIKKELING PER SECTOR 2.1 Algemeen
2.2 Gebouwde omgeving
Dit hoofdstuk beschrijft per sector welke ruimtelijk-economische
De gebouwde omgeving van Neder-Betuwe bestaat uit een diverse mix van woonwijken,
ontwikkelingen worden verwacht en hoe het energiesysteem zich
commerciële gebouwen en openbare voorzieningen.
in deze sectoren ontwikkelt. Daarbij is ook oog voor cross-sectorale ontwikkelmogelijkheden zoals bedrijven die warmte aan woningen leveren.
De huidige energievraag van de gebouwde omgeving in Neder-Betuwe (peiljaar 2022) wordt grotendeels ingevuld door aardgas (61%) en 39% door elektriciteit. Momenteel is er geen warmtenet aanwezig in Neder-Betuwe, wat betekent dat de meeste gebouwen individueel worden verwarmd, voornamelijk door middel van aardgasgestookte installaties.
Netcongestie Het elektriciteitsnet in Nederland zit vol. Er is te weinig capaciteit om de
De energievraag in de gebouwde omgeving is de afgelopen vier jaar fors gedaald (met
gevraagde en opgewekte stroom te transporteren. Deze netcongestie
ruim 20%). Dit is ingezet door de energiecrisis na de Coronapandemie en heeft zich
wordt in alle sectoren gevoeld maar vooral bij de bedrijven, ook bij die
daarna voortgezet. Veel particuliere woningeigenaren, de woningcorporatie en andere
in Neder-Betuwe. Diverse grote Nederbetuwse bedrijven geven aan dat
pandeigenaren hebben isolerende maatregelen getroffen om de energievraag van hun pand
uitbreiding of verduurzaming van hun bedrijf moeilijk is vanwege de
te verlagen. Het stimuleringsprogramma van de gemeente en de inzet van het Energieloket
beperkte stroomcapaciteit. Bij verduurzaming van de bedrijfsprocessen
hebben daar een extra versnelling aan gegeven. Woningcorporatie Thius gaat de komende
vervangen de bedrijven aardgas aangedreven processen vaak door
tijd een flinke slag maken met de verdere verduurzaming van de huurwoningen (isoleren tot
elektrische alternatieven. Ook wordt het elektrificeren van het wagenpark
de Standaard voor woningisolatie).
door netcongestie bemoeilijkt. Welk deel van de bedrijven momenteel last heeft van netcongestie is onbekend maar de verwachting is dat dit aantal de komende tijd flink zal toenemen. Ook belemmert netcongestie de vestiging
Ontwikkelingen
van nieuwe bedrijven omdat deze geen stroomaansluiting kunnen krijgen.
Uit de Omgevingsvisie (2021), de Ontwerpvisie Neder-Betuwe 2050 (2024) en de
Ondanks alle inspanningen van de netbeheerders TenneT en Liander is
Toekomstvisie Neder-Betuwe 2050 (2025, concept), enkele andere bronnen en de
de verwachting dat de netcongestieproblematiek nog minstens 10 jaar
gesprekken met stakeholders kan de verwachte ontwikkeling in de gebouwde omgeving
voortduurt en ook daarna moet rekening worden gehouden met schaarste
worden afgeleid.
aan stroom, met name tijdens de piekuren.
10
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Kernelementen zijn: •
Groei: de verwachting is dat in 2050 het aantal inwoners in Neder-Betuwe met ruim 4.000 is toegenomen tot maximaal 30.000. Daarvoor zijn ca. 2.000 extra woningen nodig maar ook ruimte voor bedrijven, winkels, scholen en parken.
•
De groei van woningen en utiliteit zal voor een deel binnen de bestaande gebouwde omgeving plaatsvinden (inbreiding) maar de kernen zijn al vrij compact gebouwd en het bestaande groen moet worden behouden. Uitbreiding van de kernen zal dan ook onvermijdelijk zijn, mits dit gepaard gaat met een goede landschappelijke inpassing en ontsluiting. In alle kernen is behoefte aan extra woningen. De groei van woningen gaat samen met de groei van mobiliteit.
•
De focus ligt op klimaatneutraal en duurzaam bouwen. De bestaande bebouwing wordt verder geïsoleerd en aardgasvrij gemaakt. In de Transitievisie Warmte van de gemeente Neder-Betuwe (2022) is aangenomen dat nagenoeg alle woningen en gebouwen in de gemeente stap voor stap worden voorzien van individuele (volelektrische) warmtepompen, ook de nieuwbouw. Een heel klein deel, met name monumentale panden, zal met groengas verwarmd worden. Grootschalige inzet van groengas is, gelet op de beperkte beschikbaarheid en kostprijs, niet waarschijnlijk. Alleen in IJzendoorn is potentie voor een warmtenet, gevoed door aquathermie (TEO). Dit wordt verder onderzocht. De inzet op elektrische warmtepompen leidt tot een forse toename van de elektriciteitsvraag in de gebouwde omgeving. In deel 3 presenteren we enkele alternatieven, zoals collectieve warmte, waarmee de afhankelijkheid van elektriciteit kan worden verkleind. Figuur 1-3: Bevolkingsgroei en groei woningvoorraad Neder-Betuwe
11
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
2.3 Industrie Neder-Betuwe beschikt over zeven bedrijventerreinen (in totaal 130 ha) die een
Van de totale energievraag van de industrie komt 95% voor rekening van tien
diverse mix van kleine en middelgrote ondernemingen uit verschillende sectoren,
bedrijven, de top 10 van de grootverbruikers:
waaronder productie, handel en dienstverlening. In totaal zijn er 18 grootverbruikers.
•
48% wordt door de twee steenfabrieken verbruikt;
De energievraag van de bedrijventerreinen wordt momenteel ingevuld door aardgas
•
47% wordt door de rest van de top 10 grootverbruikers verbruikt;
en elektriciteit, waarbij ongeveer 70% door aardgasverbruik wordt ingevuld.
•
Ongeveer 5%, wordt door de rest van de industrie verbruikt.
Sommige grootverbruikers beschikken over restwarmte. Deze kan mogelijk benut worden voor andere toepassingen zoals het verwarmen van de gebouwde omgeving mits de afstand niet te groot is. Er zijn grote verschillen tussen ondernemers. Sommige hebben plannen voor verduurzaming of hebben daar al flinke stappen in gezet en anderen hebben weinig tot geen interesse. Ook proberen ondernemers, zoals op het bedrijventerrein Panhuis, samen tot oplossingen voor netcongestie te komen door het vormen van een energiehub. De organisatiegraad onder de ondernemers op de bedrijventerreinen is wisselend. Het verhogen van de organisatiegraad vergroot het organiseren van gezamenlijke oplossingen.
Figuur 1-4: De huidige totale energievraag van de industrie in Neder-Betuwe (Klimaatmonitor, peiljaar 2022)
Naast bedrijventerreinen is er ook industrie aanwezig langs de Waal en Nederrijn die niet onder bedrijventerreinen vallen. Het gaat hier specifiek om steenfabrieken en zandwinning.
12
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Ontwikkelingen De gemeente Neder-Betuwe heeft de ambitie om bedrijventerreinen verder uit te
Vanuit de overheid en klanten worden de bedrijven gedwongen om hun
breiden. Verwacht wordt een groei van de bedrijventerreinen met 20 ha in 2040.
bedrijfsvoering te verduurzamen. Dit begint met het zoveel mogelijk besparen
De periode daarna is nog onzeker. De uitbreidingen vinden met name plaats op
van energie. Zo zijn bedrijven verplicht om energiebesparende maatregelen uit te
de bedrijventerreinen langs de A15 die getransformeerd zijn naar bedrijvenparken.
voeren die binnen 5 jaar kunnen worden terugverdiend. Om hun CO2-footprint te
Verwacht wordt dat het type bedrijvigheid en de milieucategorieën in Neder-
verminderen willen bedrijven fossiele energie door duurzaam opgewekte energie
Betuwe in 2050 niet wezenlijk afwijken van wat er nu is. De focus ligt op gemengde
vervangen. Omdat hierdoor de processen van de bedrijven steeds efficiënter
bedrijventerreinen zonder intensieve industrie.
worden, zal de beschikbaarheid van restwarmte dalen. Restwarmte zal in de eerste plaats binnen het bedrijf worden hergebruikt voor processen of ruimteverwarming.
Omdat het hier gaat om gemengde bedrijventerreinen zonder intensieve industrie, is
Slechts een kleine hoeveelheid is beschikbaar voor uitkoppeling naar de omgeving.
de verwachting dat de meeste bedrijven elektrificeren en niet overgaan op duurzame
Uitzondering zijn bedrijven met grote koel- of vriesinstallaties, zoals Champi’mer in
gassen zoals waterstof. Zelfs de steenfabrieken zetten, ondanks hun proces met hoge
Kesteren. Deze zullen ook in de toekomst over restwarmte beschikken.
temperaturen, stappen met elektrificatie maar hier kan niet worden uitgesloten dat zij uiteindelijk toch voor (een deel van) hun proces duurzame gassen inzetten. Er zijn
Verschillende bedrijven geven aan dat de beschikbaarheid van energie steeds
geen plannen voor warmtenetten op bedrijventerreinen.
meer een vestigingsfactor wordt. Door het gebrek aan aansluitcapaciteit zullen sommige bedrijven hun productie (deels) naar elders gaan verplaatsen, is de verwachting.
13
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
2.4 Mobiliteit De huidige energievraag (peiljaar 2022) voor personen- en vrachtververvoer wordt
Motorbrandstoffen worden stap voor stap vervangen door duurzame alternatieven.
nagenoeg volledig ingevuld door fossiele brandstoffen. Voor personenvervoer is er al
Europese afspraken zijn hier de belangrijkste drijver voor. De transitie van fossiele
wel een gedeelte elektrisch, voor vrachtvervoer nog niet. Voor binnenvaart, mobiele
brandstoffen naar elektrisch vervoer is al in gang gezet. In 2022 waren er in totaal
werktuigen en railverkeer worden ook alleen nog fossiele brandstoffen gebruikt.
93 publieke laadpunten in de gemeente aanwezig, waarvan 20 snellaadpunten. Daarnaast zijn er steeds meer semipublieke en private laadpunten.
Ontwikkelingen Omdat het aantal inwoners en de bedrijvigheid groeien, zal ook het aantal personen- en vrachtauto’s toenemen, naar verwachting met respectievelijk 1,3% en 0,6% per jaar. De verwachting is dat in 2050 personenauto’s en vrachtauto’s voor het overgrote deel elektrisch zullen zijn. Circa de helft van het zwaar transport zal op waterstof rijden. De verwachting is vooralsnog dat de binnenvaart volledig zal elektrificeren.
Figuur 1-5: De huidige totale energievraag van mobiliteit in Neder-Betuwe incl. autosnelwegen (Klimaatmonitor, peiljaar 2022)
14
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
2.5 Landbouw
innovatieve technieken te gebruiken die het energieverbruik verminderen. Dit kan
De landbouwsector in Neder-Betuwe wordt gekenmerkt door een diversiteit aan
variëren van geavanceerde irrigatiesystemen die water en energie besparen tot het
agrarische activiteiten, met een sterke nadruk op fruitteelt en laanboomteelt.
gebruik van LED-verlichting.
Het energieverbruik in de landbouwsector betreft voor ruim 52% aardgas en 48% elektriciteit. Elektriciteit wordt veelal gebruikt voor koeling, aardgas voor
Volgens de Toekomstvisie Neder-Betuwe 2050 (2024) zal in de toekomst in de
verwarming en drogen van gewassen. Energie uit brandstoffen wordt met name voor
laanboom- en fruitteelt verregaande robotisering hebben plaatsgevonden. Hierdoor
landbouwmachines en transportvoertuigen gebruikt. Dit is onderdeel van de sector
zal het elektriciteitsverbruik naar verwachting enigszins stijgen.
mobiliteit. Ontwikkelingen In de gemeente Neder-Betuwe spelen de laanboom- en fruitteelt een cruciale rol in zowel de lokale economie als het landschap. De laanboomsector vertegenwoordigt ongeveer een derde van alle laanboomteelt in Nederland. De ambitie van de gemeente is om de laanboomteelt verder te ontwikkelen met een sterke focus op energie-efficiëntie en duurzaamheid. Een van de belangrijkste initiatieven is het stimuleren van duurzame energieopwekking binnen de sector. Dit omvat het installeren van zonnepanelen op de daken van kwekerijen, mits de constructie hiervoor geschikt is, en het gebruik van windenergie om de energiebehoeften van de bedrijven te dekken.
Daarnaast wordt er veel aandacht besteed aan het implementeren van energieefficiënte technologieën en processen. Kwekers worden aangemoedigd om
15
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
DEEL 3: OPWEK HERNIEUWBARE ENERGIE
16
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
3. OPWEK HERNIEUWBARE ENERGIE 3.1 Opwek hernieuwbare elektriciteit
Opwek in 2030
Het aandeel hernieuwbare elektriciteit in het totale elektriciteitsverbruik (excl.
In het kader van het RES-bod 1.0 heeft de gemeente Neder-Betuwe de
personenvervoer) bedraagt circa 20%. De hernieuwbare elektriciteit wordt deels
afspraak met de regiogemeenten gemaakt dat de grootschalige opwek
lokaal opgewekt door de vier windmolens die langs de A15 bij Echteld staan.
door wind en zon in 2030 met 972 TJ/jaar is uitgebreid. Zoekgebieden
Daarnaast is er een aantal zonnevelden (met name langs de A15) en liggen er zon-
voor grootschalige opwek zijn in de RES 1.0 van Rivierenland en
PV-panelen op woningen en gebouwen. Verder is er nog een aantal projecten die
de Omgevingsvisie bepaald. Ondertussen heeft de gemeente het
sinds 2022 in voorbereiding zijn. Deze zijn niet meegenomen in de berekening van de
zoekgebied ten noorden van de A15 bij Dodewaard in lijn gebracht
huidige opwek.
met de gemeente Overbetuwe. De actuele kaart met zoekgebieden is
De onderstaande figuur presenteert de opwek van hernieuwbare energie in het
weergegeven in onderstaande figuur.
peiljaar 2023.
17
Figuur 1-6: De huidige opwek van hernieuwbare energie in Neder-Betuwe (RES-monitor 2025 en
Figuur 1-7: richtinggevende kaart huidige zoekgebieden Neder-Betuwe (versie 16-
Klimaatmonitor)
07-2025)
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Argumenten om het zoekgebied ten noorden van de A15 bij Dodewaard in lijn te
De zoekgebieden van grootschalige opwek worden in de gemeente Neder-
brengen met de gemeente Overbetuwe, zijn:
Betuwe al ontwikkeld tot projecten. Zo zijn er verschillende zonneparken
•
De gemeente Overbetuwe heeft de molens ten noorden van A15 al
langs de A15 en langs de Waal ontwikkeld. Langs de Waal wordt nog
geschrapt, Neder-Betuwe volgt dit voorbeeld;
een tweede zonnepark op water gerealiseerd. Ook staan er een tweetal
Aan de noordzijde van de A15 geldt een hoogtebeperking wegens
windparken op de planning, waarvan nog niet zeker is of deze er komen. Het
380kV verbinding Dodewaard-Doetinchem. Dit veroorzaakt
gaat om de vervanging van windturbines van Windpark Echteld Lienden en
verschillende tiphoogtes met zuidzijde A15. Dit is
een nieuw Windpark Midden-Betuwe.
•
landschappelijk ongewenst; •
•
Aan noordzijde A15 zijn maximaal 2 windmolens inpasbaar
Ondanks de verkleining van het zoekgebied voor windmolens, is de
Vergeleken met de 4 tot 5 windmolens ten zuiden van de A15
verwachting dat in 2030 de grootschalige opwek van hernieuwbare
geeft dit een rommelig landschappelijk beeld;
elektriciteit in Neder-Betuwe voldoet aan het RES-bod. Daar bovenop komt
Inwoners ten noorden van de A15 nabij de Kerkstraat worden belast
de kleinschalige opwek van zon-PV op woningen die momenteel (2023) ca.
met reeds vergunde zonneparken, zowel westelijk als oostelijk. Met
65 TJ/jaar bedraagt en, vanwege het wegvallen van de salderingsregeling,
nog een windmolen in/naast het zonnepark Hemmen II wordt deze
waarschijnlijk maar beperkt toeneemt in 2030.
belasting onevenredig zwaar. •
Zonder windmolens ten noorden van de A15, kunnen de windmolens
Opwek na 2030
aan zuidzijde maximaal opschuiven tot de perceelsgrens met de A15,
De gemeenteraad heeft zich uitgesproken tegen de verdere uitbreiding
waarmee de afstand tot het dorp Wely wordt gemaximaliseerd
van zonnevelden op land en grote windmolens. Er komen geen extra zoekgebieden voor windmolens en zonnevelden maar wel blijft er ruimte voor lokaal maatwerk in de buurt van nieuwbouwprojecten en bedrijven. Verder resteren nog de volgende opties: •
Meer zon op dak, zowel op de daken van bedrijven/instellingen
•
Kleine windmolens (erfmolens) met een tiphoogte van maximaal 25
als woningen; meter. Met een vermogen van 80 kW produceren deze molens echter weinig elektriciteit.
Verkenning SMR-inpassing provincie Gelderland 2025, NRG Pallas
18
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Small Modular Reactors (SMR) Een andere mogelijkheid om lokaal elektriciteit op te wekken is de installatie van
In deel 2 zijn enkele scenario’s uitgewerkt voor de ontwikkeling van de lokale
een Small Modular Reactor (SMR), kleine kernreactors die bijvoorbeeld op een
opwek van elektriciteit na 2030.
bedrijventerrein kunnen staan. De locatie van de oude kerncentrale in Dodewaard is mogelijk geschikte voor een SMR. De provincie Gelderland ziet kansen voor SMR’s
3.2 Opwek warmte
en heeft onlangs een verkenning laten uitvoeren. Hierin komt ook de gemeente
De afhankelijkheid van elektriciteit als voornaamste energiedrager, kan
Neder-Betuwe als kansrijk naar voren voor de bouw van een SMR. Naast elektriciteit
worden verkleind door de inzet van duurzame warmte. Dit past in de trend
produceren SMR’s ook restwarmte wat weer interessant kan zijn voor andere
van netbewust bouwen waarbij het elektriciteitsnet zoveel mogelijk wordt
toepassingen zoals de verwarming van de gebouwde omgeving. De vraag is echter
ontzien. In Neder-Betuwe zijn echter weinig duurzame warmtebronnen
hoe lang het nog duurt voordat de eerste werkende SMR kan worden gerealiseerd.
beschikbaar. De meest kansrijke warmtebronnen zijn hieronder benoemd.
Ondanks de hoopvolle signalen van de provincie achten wij de kans klein dat dit voor 2040 het geval zal zijn.
Aquathermie (TEO/TEA): Aquathermie is een duurzame techniek waarbij warmte wordt gewonnen uit water. Er zijn verschillende vormen van aquathermie, waaronder Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) en Thermische Energie uit Afvalwater (TEA). Kansen in Neder-Betuwe zijn: TEA: de rioolwaterzuiveringsinstal-
TEO: de Waal, de Nederrijn en de
latie (RWZI) in Dodewaard. Hier kan
Linge bieden een aanzienlijke hoe-
de warmte uit het afvalwater worden
veelheid thermische energie, vooral
benut om nabijgelegen woningen en
in de zomermaanden. Deze warmte
bedrijven te verwarmen.
zou via een warmtenet naar woningen en bedrijven in de omgeving kunnen worden gebracht. Daarnaast zijn er nog overige plassen die mogelijk een rol kunnen spelen.
19
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Als zonthermie als enige warmtebron wordt ingezet, is seizoensopslag in de bodem of in bovengrondse opslag nodig. Op dit moment is zonthermie als enige warmtebron economisch meestal niet rendabel maar wel als aanvullende bron in een bronnenmix of om bodemenergiesystemen in balans te brengen. De grootschalige inzet van zonthermie vraagt om veel ruimte, op daken of op velden in het buitengebied. Met name zonnevelden concurreren nu al met andere functies in het buitengebied. Om juist deze andere functies ruimte te geven, heeft de gemeente de verdere uitbreiding van het areaal zonnevelden verboden. Dat betekent dat de grootschalige inzet van zonthermie momenteel de facto niet mogelijk is. Figuur 1-8: potentiële aquathermiebronnen Neder-Betuwe
In de bovenstaande figuur zijn de mogelijkheden voor TEO (in blauw) en
Overige bronnen
TEA (in geel) weergegeven.
Restwarmtebronnen zoals de steenfabrieken, voedingsmiddelenindustrie of supermarkten lijken nu nog potentie te hebben voor de levering van
Zonthermie
restwarmte. Door de verduurzaming van de bedrijfsprocessen worden
Door CE Delft is onderzocht wat de totale potentie van zonthermie is in de RES-regio
deze steeds efficiënter waardoor er in de toekomst veel minder restwarmte
Rivierenland c.q. de gemeente Neder-Betuwe. De studie laat zien dat zonthermie ca.
overblijft. Deze restwarmte wordt dan in de meeste gevallen weer terug
de helft van de ruimtewarmtevraag van woningen en gebouwen kan leveren door de
in het eigen proces gebracht waardoor er geen restwarmte overblijft voor
aanleg van PVT-panelen op daken en velden. Met deze panelen kan naast warmte
de gebouwde omgeving. Ook liggen de bedrijven met restwarmte vaak
ook stroom worden opgewekt, zij het minder dan met een traditioneel PV-paneel.
te ver bij de gebouwde omgeving vandaan. De meeste van deze bronnen zien we daarom niet als kansrijk voor de energievoorziening richting 2050. Uitzonderingen zijn mogelijk Champi’mer in Kesteren en een toekomstige SMR.
20
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
3.3 Opwek duurzame gassen (groengas en waterstof) In Neder-Betuwe is slechts beperkt potentie voor de opwek van groengas en waterstof. De hoeveelheid mest en overige agrarische reststromen als bron voor groengas is zeer beperkt. Waterstof zou met behulp van lokaal opgewekte elektriciteit kunnen worden geproduceerd met elektrolysers. Dit kost echter veel elektriciteit en is dus lastig zolang de vraag naar duurzame elektriciteit groter is dan de opwekcapaciteit. Daarnaast is in NederBetuwe de lokale vraag naar waterstof beperkt, ook in de toekomst.
21
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
4.
ENERGIE-INFRASTRUCTUUR De energie-infrastructuur binnen Neder-Betuwe omvat een aardgasnetwerk
Dit project omvat het vervangen van stroomkabels door nieuwe kabels met hogere
en elektriciteitsnetwerk. Binnen de gemeente zijn geen warmtenetten
capaciteit op de trajecten Doetinchem-Dodewaard en Dodewaard-Wijchen-
aanwezig. De netbeheerder in de gemeente Neder-Betuwe is Liander.
Maasbracht. Ook zijn drie verouderde 1-fase transformatoren vervangen door één
Elektriciteitsnet
nog twee 3-fasen transformatoren bijgeplaatst. Deze maatregelen maken onderdeel
Het grootste deel van het elektriciteitsnet binnen de gemeente wordt gevoed
uit van een project om in het gebied van Flevopolder, Gelderland en Utrecht (FGU) de
vanuit onderstation Dodewaard. Dit betreft onder andere de kernen Dodewaard,
huidige netcongestie op het hoogspanningsnet op te lossen.
nieuwe 3-fasen transformator met meer capaciteit en worden er de komende jaren
Opheusden, Kesteren en Ochten. Een kleiner gedeelte van de gemeente, waaronder de dorpen Echteld en IJzendoorn, ontvangt stroom via onderstation
De oorspronkelijke opleverdatum van dit project was 2029. Op 12 juni 2025 maakte
Tiel. Beide onderstations worden gevoed vanuit het TenneT hoogspannings-
TenneT echter bekend dat de uitvoering met vier tot zes jaar wordt vertraagd. De
station Dodewaard.
nieuwe verwachte opleverdatum ligt nu tussen 2033 en 2035. De vertraging is grotendeels het gevolg van problemen bij het vinden van een geschikte locatie voor een nieuw hoogspanningsstation in Utrecht-Noord, dat essentieel is voor de opsplitsing van het huidige net in meerdere deelnetten. De nieuwe situatie op het elektriciteitsnet wordt verder onderzocht. Daarbij worden onder andere de laatste inzichten, scenario’s, congestie op onderliggende middenspanningsnetten en de verwachte nieuwe opleverdata van de hoogspanningsstations meegenomen. Naar verwachting kunnen de netbeheerders in het najaar van 2025 klanten en andere belanghebbenden nader informeren over de precieze gevolgen van de vertraging.
Het elektriciteitsnet in de regio kampt met netcongestie. TenneT werkt aan een oplossing voor het knelpunt bij het hoogspanningsstation Dodewaard.
22
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Energiehubs en andere oplossingen voor netcongestie Parallel hieraan werkt Liander aan de uitbreiding en verzwaring van het
Ter voorkoming van netcongestie is het belangrijk dat het aanbod en de vraag van
laagspannings- en middenspanningsnet. Voor de verzwaring van het
opgewekte energie ruimtelijk zo dicht mogelijk bij elkaar zit zodat de transportafstand
laagspanningsnet volgt Liander de buurtaanpak waarmee een complete buurt in
minimaal is. Daarbij kunnen energiehubs op bijvoorbeeld bedrijventerreinen soelaas bieden.
één keer toekomstgereed wordt gemaakt. Voor het middenspanningsnet wordt een
Hier worden vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar afgestemd en is ruimte voor de
meer vraaggestuurde aanpak gevolgd. Hierbij wordt het net alleen verzwaard op de
(tijdelijke) opslag en conversie van energie. Een voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van
plaatsen waar daadwerkelijk een grotere vraag naar middenspanning is.
een energiehub nabij de overnachtingshaven IJzendoorn. Hier wordt gebruik gemaakt van zonnevelden, laadpleinen, batterijen en waterstof om de energievraag lokaal op te wekken
Ondanks alle inspanningen van de netbeheerders is de verwachting dat de
en te gebruiken. Een ander voorbeeld is de ontwikkeling van een energiehub met een
netcongestieproblematiek op het hoogspanningsnet nog minstens 10 jaar voortduurt
groepscontract op het bedrijventerrein Medel. Andere oplossingen zijn onder andere:
en ook daarna moet rekening worden gehouden met schaarste aan stroom, omdat de
23
middenspannings- en laagspanningsnetten ook nog
•
Energiemanagement systemen
uitgebreid moeten worden.
•
Netbewuste nieuwbouw
•
Netefficiënte installaties
•
Netbewust laden elektrische voertuigen
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Warmtenet De uitbreiding van het elektriciteitsnet bestaat niet alleen uit verzwaring van de
Momenteel liggen er geen warmtenetten in de gemeente. Er zijn verschillende
kabels maar ook het aantal trafostations, laadpunten en batterijopslagen neemt fors
warmtebronnen beschikbaar waarmee woningen en gebouwen van duurzame
toe. Dit heeft een grote ruimtelijke impact.
warmte zouden kunnen worden voorzien, zoals aquathermie uit de rivieren,
Voor de elektrificatie in de gebouwde omgeving neemt het aantal trafohuisjes flink
restwarmte van bedrijven of zonthermie. Technisch gezien kunnen de genoemde
toe, in veel buurten kan dit aantal verdubbelen. Daarmee samenhangend moet ook
warmtebronnen worden gebruikt voor collectieve warmtenetten. In IJzendoorn zijn er
het aantal middenspanningsstations worden vergroot.
kansen voor een warmtenet, gevoed door aquathermie (TEO).
De elektrificatie van mobiliteit vraagt om een forse toename van het aantal EV-
In de meeste kernen staan de woningen echter te ver uit elkaar (lage
laadpunten, zowel voor AC-(standaard)laden als DC-(snel)laden. Het aantal standaard
warmtedichtheid) om momenteel op grootschalige wijze een economisch
laadpunten zal naar verwachting stijgen van 170 naar 6.764 punten en het aantal
rendabel warmtenet te realiseren. Kleinschalige warmtenetten voor bijvoorbeeld
snellaadpunten stijgt naar verwachting van 25 naar 191 punten6 .
nieuwbouwlocaties of micro-warmtenetten (10-50 woningen) voor de bestaande bouw zijn mogelijk wel haalbaar. Dit past in de trend van netbewust bouwen waarin
Voor de elektrificatie van de binnenvaart zijn walstroomlocaties langs de rivieren nodig. Met name in de overnachtingshaven IJzendoorn zal hier een toename worden verwacht in het elektriciteitsverbruik . Met Rijkswaterstaat wordt momenteel al gesproken over het realiseren van walstroom. Voor de elektrificatie van de industrie zal met name het aantal middenspanningsstations moeten worden vergroot. Ook kunnen grootschalige batterijopslagen nodig zijn voor de tijdelijke opslag van lokaal opgewekte energie. 6 Outlook dashboard Elaad, Gemeente Neder-Betuwe, geraadpleegd: 05-03-2025
24
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
warmte wordt ingezet om het elektriciteitsnet zo min mogelijk te belasten.
Gassen
Delta Rhine Corridor (DRC)
De transportleiding van Gasunie (ArcGIS - Mijn scene) loopt door de gemeente
Dit is het initiatief om meerdere ondergrondse buisleidingen aan te
langs de A15 en takt af bij de verschillende dorpen. De grootste afnemer van aardgas
leggen tussen Rotterdam en de Duitse grens, via de industrie in Moerdijk
binnen de gemeente zijn de steenfabrieken, nabij Opheusden en Echteld. Er zijn geen
en Geleen. Het gaat vooralsnog om buisleidingen voor het transport van
transportleidingen binnen de gemeente die andere gassen transporteren. Gelet op
waterstof en CO2. De Delta Rhine Corridor is in
de beperkte vraag en opwekpotentie voor waterstof en groengas in de gemeente is
Nederland ongeveer 270 kilometer lang en doorkruist
het niet te verwachten dat er een waterstof- of groengasnetwerk in Neder-Betuwe
29 gemeenten in de provincies Zuid-Holland, Noord-Brabant en Limburg.
wordt aangelegd.
Gasunie is initiatiefnemer van het project, mede namens BASF, OGE en Shell. De verwachting is dat er geen aftakking van de DRC naar de gemeente Neder-Betuwe zal komen.
25
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
DEEL 2: ONTWIKKELRICHTING TOEKOMSTIG ENERGIESYSTEEM
26
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
1.
LEIDENDE PRINCIPES In deel 1 hebben we laten zien hoe het energiesysteem en de verschillende sectoren zich de komende jaren gaan ontwikkelen. Voor een deel is dit een autonoom proces, aangestuurd door nationale en internationale ontwikkelingen, waar de gemeente weinig vat op heeft. Op andere delen heeft de gemeente wel sturingsmogelijkheden of heeft zelfs de regie vanuit het Rijk toebedeeld gekregen. Dit speelt met name in de gebouwde omgeving waar de gemeente de regie over warmtetransitie heeft en ervoor moet zorgen dat alle woningen en gebouwen in 2050 aardgasloos zijn. De gemeente kan hier bijvoorbeeld de keuze maken om collectieve warmtenetten te ontwikkelen. Met de nieuwe instrumenten uit de Wet gemeentelijk instrumentarium warmtetransitie (Wgiw) en Wet collectieve warmte (Wcw) heeft de gemeente meer mogelijkheden om zelf sturing aan de aanleg van collectieve warmtenetten te geven.
Maar ook kan de gemeente richting geven aan de energievoorziening op bedrijventerreinen. Deel 1 laat zien dat de beschikbaarheid van energie een steeds belangrijkere vestigingsfactor voor bedrijven wordt. In deel 2 wordt uiteengezet welke ontwikkelrichtingen mogelijk zijn en welke keuzes daarvoor gemaakt moeten worden. Als basis hiervoor heeft de gemeente leidende principes geformuleerd. Deze kunnen gezien worden als richtsnoeren voor de ontwikkeling van het energiesysteem in 2050. Deze doen recht aan de identiteit van Neder-Betuwe waar mogelijk en bieden handelingsperspectief bij het maken van toekomstige keuzes. De leidende principes zijn in de figuur hiernaast weergegeven.
27
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
2.
TENDENSEN EN DILEMMA’S De toekomstbeelden in deel 1 laten drie duidelijke tendensen zien:
Dit leidt tot de volgende dilemma’s:
1.
•
2.
Elektrificatie: in alle sectoren wordt duurzaam opgewekte elektriciteit de belangrijkste energiedrager. De vraag naar elektriciteit neemt enorm
volledig zelfvoorzienend zijn in de toekomst en alle benodigde
toe, evenals het aanbod.
energie binnen de gemeentegrenzen opwekken of is het toch beter
Netcongestie: door de toenemende vraag naar en aanbod van
om energie van buiten de gemeente te importeren? Wat zijn de
elektriciteit slibt het elektriciteitsnet dicht. Dee verwachting is dat
consequenties van lokale zelfvoorzienendheid en afhankelijkheid
de huidige netcongestieproblematiek nog minstens 10 jaar voortduurt en ook daarna moet rekening worden gehouden met schaarste
van import van buiten de gemeente? •
de ruimte die nodig is voor het toekomstige energiesysteem
energiedragers als duurzame warmte of gassen serieus worden
(opwek, opslag en infrastructuur)? •
zo lokaal mogelijk niveau aan elkaar worden gekoppeld om zo de vraag Van een centrale naar decentrale opwek van energie: in de toekomst wordt het grootste deel van de gevraagde energie lokaal opgewekt, bijvoorbeeld door middel van wind en zon. Met het principe ‘local for local’ hebben de provincie, regio en gemeente aangegeven zoveel mogelijk de vraag en opwek van energie op zo kort mogelijke afstand van elkaar te willen hebben. Hiermee wordt de afhankelijkheid van grootschalige energie-infrastructuur en fossiele brandstoffen verkleind en het transport van energie over langere afstanden beperkt. Dit draagt bij aan het voorkomen van verdere netcongestie. Ook is het een invulling van strategische autonomie.
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Omgaan met netcongestie: welke lokale oplossingen kunnen netcongestie verzachten en hoe kan de gemeente daarin bijdragen?
aan transportcapaciteit zo klein mogelijk te maken en te houden.
28
Hoe combineren we de groeiambitie (bevolking, bedrijvigheid) met
aan stroom. Om het stroomnet minder te belasten, moeten alternatieve bekeken. Daarnaast moeten opwek en gelijktijdig verbruik op een
3.
De invulling van het begrip ‘local for local’: kan en wil de gemeente
Welke bijdrage kan duurzame warmte daaraan leveren? •
Energierechtvaardigheid: hoe verdelen we de lusten en lasten van de energietransitie? Hoe voorkomen we kwetsbare achterblijvers?
3.
ONZE INVULLING VAN ‘LOCAL FOR LOCAL’ De ambitie van de gemeente is om toe te werken naar een decentraal
We ondersteunen het principe dat de benodigde energie op zo kort mogelijke afstand
energiesysteem waarin de vraag en opwek van energie op zo kort mogelijke
wordt opgewekt. Het beperken van het transport van energie kan netcongestie
afstand plaatsvindt. De meest extreme uitwerking hiervan is dat de gemeente
helpen oplossen en het maakt onze inwoners en bedrijven minder afhankelijk van
zelfvoorzienend wordt. We hebben aan de hand van drie scenario’s onderzocht
(inter)nationale ontwikkelingen. De provincie en de gemeente hebben zich echter
hoeveel extra energie de gemeente lokaal moet opwekken om zelfvoorzienend te
tegen het plaatsen van extra windmolens en zonnevelden uitgesproken, bovenop
zijn. Hiermee kan de gemeente keuzes maken of zij daadwerkelijk zelfvoorzienend
het RES-bod 1.0. We houden vast aan deze koers, ook omdat we zien dat verdere
wil zijn, of toch afhankelijk wil zijn van energie van buiten de gemeente. Uitzondering
groei van het aantal windmolens of zonnevelden andere ruimtelijke opgaves kan
is waterstof, het is minder logisch om dat binnen de eigen gemeentegrenzen op te
belemmeren, zoals de bouwopgave voor woningen en het creëren van ruimte voor
wekken omdat hiervoor een lokale elektrolyser nodig is. Dat lijkt weinig opportuun.
natuur en recreatie. Dat betekent niet dat er geen uitzonderingen mogelijk zijn. In het
Verder is onderzocht welke bijdrage duurzame warmte kan leveren. In bijlage B zijn
kader van netcongestie kan het plaatsen van een extra windmolen bij bijvoorbeeld
de scenario’s nader toegelicht met de bijbehorende aannames.
een bedrijventerrein een oplossing bieden om bedrijven van stroom te voorzien.
De drie scenario’s laten zien dat er na het realiseren van het RES-bod 1.0 in 2030 en het maximaal benutten van de daken voor zonnepanelen nog een flinke inspanning nodig is om uiteindelijk in 2050 binnen de gemeente zelfvoorzienend te zijn. Dan moet er een SMR van minimaal 10 MW worden gebouwd, nog 7-8 grote windmolens worden geplaatst of ongeveer 100 ha zonnevelden worden aangelegd. En dan moet er ook nog 3.400 ton waterstof jaarlijks worden geïmporteerd.
29
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
We zien wel kansen voor het plaatsen van een SMR in onze gemeente maar beseffen ook dat dit mogelijk pas op langere termijn, mogelijk pas na 2040, realiteit kan worden. We zullen ons als gemeente inzetten om de bouw van een SMR te versnellen. Dat betekent dat we onze wens om lokaal zelfvoorzienend te zijn, loslaten en we koersen op een energiesysteem waarin een deel van de benodigde energie buiten de gemeente wordt opgewekt. Deze energie kan afkomstig zijn uit de regio of van daarbuiten. We zien sowieso dat een aanzienlijk deel van de energievraag (ca. 40%) samenhangt met de mobiliteit op de A15. De energievraag van deze rijksweg wordt in de klimaatmodellen c.q. de Klimaatmonitor weliswaar aan onze gemeente toebedeeld maar we stellen ons op het standpunt dat de opwek van deze energie niet binnen onze gemeente hoeft plaats te vinden. Dit past meer bij de nationale energieopgave. In de fossiele situatie komt deze energie nu ook van buiten de gemeente. In de toekomstige situatie zullen elektrisch aangedreven (vracht)auto’s vooral thuis en op het werk geladen worden. Daardoor hoeft slechts een relatief klein deel van het elektrisch energieverbruik van passerende voertuigen binnen de gemeentegrenzen van energie te worden voorzien. We zullen ons wel blijven inzetten voor het maximaal benutten van de daken voor zonnepanelen of eventueel zonnecollectoren (voor de opwek van warmte).
Ook hechten we veel waarde aan het stimuleren van dubbel ruimtegebruik voor de opwek van energie. Een voorbeeld hiervan is het opwekken van zonne-energie boven parkeerplaatsen voor auto’s.
30
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
4.
GEKOZEN ONTWIKKELRICHTING 4.1 Besparen van energie Alle ontwikkelscenario’s gaan uit van besparing van energie in alle sectoren. Dat
•
energieoplossingen worden gekozen die het stroomnet zo min mogelijk belasten.
is de eerste en de belangrijkste stap in de energietransitie. Alle energie die je niet
Dit kan door gebruik te maken van lokale warmte en door de lokale
verbruikt, hoef je ook niet op te wekken en ook niet te betalen. De ervaring leert dat het besparen van energie niet vanzelf gaat. Binnen onze cirkel van invloed moeten we dit blijven stimuleren, faciliteren en handhaven. In de Klimaatnota 2021-2025
opwek en opslag van elektriciteit. •
oplossingen die de piekvraag/-aanbod van elektriciteit zoveel mogelijk
in de gebouwde omgeving zien we dat de uitgevoerde maatregelen vruchten
beperken. Dit kan door energie (tijdelijk) op te slaan, onderling uit te
beginnen af te werpen: steeds meer woningen en gebouwen worden geïsoleerd.
wisselen of om te zetten in andere energiedragers. De gemeente wil de ontwikkeling
Bij de bedrijven zien we dat er meer druk is gekomen om energiebesparende
van energiehubs stimuleren en faciliteren. Verder willen we pilots en slimme
maatregelen te treffen. In deze energievisie houden we vast aan de doelen uit de voor de gebouwde omgeving en het stimuleren en handhaven van bedrijven om energiebesparende maatregelen te treffen (zonder kwantitatieve invulling, we volgen landelijke regelgeving). 4.2 Omgaan met netcongestie We zien dat netcongestie een rem zet op ruimtelijke en economische ontwikkelingen in onze gemeente. Dit speelt zowel bij de bouw van extra woningen als de uitbreiding
Bestaande capaciteit stroomnet maximaal gebruiken: niet alleen bedrijven maar ook eigenaren van woningen en gebouwen moeten zoeken naar
hebben we doelen gesteld voor de gebouwde omgeving en bedrijven. Met name
Klimaatnota. Concreet betekent dit een besparingsdoelstelling van 1,5% per jaar
Netbewust bouwen: bij de nieuwbouw van woningen en bedrijven moeten
innovaties (voor en achter de meter) maximale ruimte geven. •
Onderzoek en ontwikkeling van kleine collectieve warmtenetten in de bestaande gebouwde omgeving: we verwachten dat het realiseren van grootschalige warmtenetten in onze woonkernen niet mogelijk is vanwege de geringe bebouwingsdichtheid maar kleinschalige warmtenetten voor 10-50 woningen zijn mogelijk wel realiseerbaar. Dit geeft een lagere netbelasting dan individuele warmtepompen. We willen de ontwikkeling van kleinschalige warmtenetten stimuleren en faciliteren.
en nieuwbouw van bedrijven een steeds grotere rol. We verwachten dat dit probleem minstens tot 2035 zal voortduren en ook daarna zullen we met de beperkingen van
We willen een gemeente blijven waar bedrijven kunnen bloeien en groeien en we
het stroomnet rekening moeten houden. Om netcongestie het hoofd te bieden zien
zien dat netcongestie de vestiging en uitbreiding van bedrijven hindert. Dit vraagt van
we de volgende oplossingsrichtingen:
de bedrijven om tijdig na te denken over de toekomstige energievoorziening en zelf naar oplossingen te zoeken. De gemeente kan de bedrijven bijstaan en samen met de netbeheerders en eventuele andere partijen kijken welke oplossingen mogelijk zijn.
31
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
4.3 Energierechtvaardigheid
Afwegingskader aanwijsbevoegdheid
We vinden het belangrijk dat energie voor iedereen toegankelijk en betaalbaar blijft.
Met de ingang van de Wet gemeentelijk instrumentarium warmtetransitie (Wgiw) krijgt
Binnen onze cirkel van invloed vertaalt zich dat naar:
de gemeente(raad) een aanwijsbevoegdheid. Dit is een mogelijkheid om gebieden aan te
•
Financiële participatie: inwoners moeten de vruchten plukken van
wijzen die voor een bepaalde datum overgaan op een duurzame alternatieve warmtebron
grootschalige projecten van projectontwikkelaars voor de opwek
ter vervanging van aardgas. Dit wordt vastgelegd in het omgevingsplan. Er moet dan wel
van wind- of zonne-energie en batterijopslagen. We realiseren dit
een redelijk alternatief voorzien worden door de gemeente. Dit geeft inwoners, bedrijven,
door de inwoners mede-eigenaar te laten worden of door
maatschappelijke instellingen, huurders en de netbeheerder een duidelijk tijdspad
projectontwikkelaars een periodieke vergoeding te laten betalen
wanneer de transitie van aardgas naar een duurzame alternatieve warmtebron gaat
in een publiek fonds. De Stichting Gebiedsfonds Neder-Betuwe, waarin
plaatsvinden.
mede toezicht wordt gehouden door een afgevaardigde van de Gemeente Neder-Betuwe, is het publieke fonds waarmee inwoners kunnen profiteren
De aanwijsbevoegdheid heeft een versnellend effect op de warmtetransitie en versterkt
van grootschalige energieprojecten van projectontwikkelaars voor
het daadkrachtige vermogen van de gemeente als regisseur van de warmtetransitie. Voor
de opwek van wind- of zonne-energie, kernenergie en batterijopslagen.
de inzet van de aanwijsbevoegdheid hanteren we het volgende afwegingskader:
Een gebiedsfonds beschikt over een onafhankelijk bestuur. Hierop wordt
•
Haalbaarheid: de gekozen warmteoplossing is technisch
•
Betaalbaarheid: de gekozen warmteoplossing is voor de eindgebruiker
toegezien in het participatietraject en de besluitvorming bij zonne- wind- en kernenergieprojecten. •
robuust en uitvoerbaar;
Warmtetransitie: in de keuze van warmteoplossingen zien we erop
qua kosten vergelijkbaar of goedkoper dan realistische alternatieve
toe dat de lusten en lasten eerlijk verdeeld zijn. Met gericht
duurzame warmteoplossingen;
subsidiebeleid ondersteunen we de laagste inkomensgroepen. In de prestatieafspraken met de woningcorporatie borgen we
•
Energierechtvaardig: de warmteoplossing is toegankelijk voor alle bewoners en de lusten en lasten zijn eerlijk verdeeld.
de betaalbaarheid voor sociale huur. In het warmteprogramma wordt aan de hand van dit afwegingskader per buurt bepaald 4.4 Warmtetransitie Het beleid voor de warmtetransitie is erop gericht om alle woningen en gebouwen uiterlijk in 2050 aardgasvrij te hebben. De gemeente stimuleert en monitort deze transitie maar we beseffen ons ook dat netcongestie hier een rem op zet. Daarom zetten we in de periode tot en met 2035 vooral in op energiebesparing en het aardgasvrijgereed maken van de bestaande gebouwde omgeving. Daarnaast gaan we actief op zoek naar warmteoplossingen die het stroomnet zo min mogelijk belasten, zie paragraaf 4.2.
32
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
of en wanneer de aanwijsbevoegdheid wordt ingezet.
DEEL 3: SPEERPUNTEN VOOR PROGRAMMA
33
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
1. INLEIDING
2. GEBOUWDE OMGEVING
In deel 2 hebben we de gewenste ontwikkelrichting geschetst. Om deze koers
Energiebesparing en aardgasvrij gereedmaken. In de eerste plaats zetten we ons
in uitvoering te krijgen, wordt door het college van B&W een Energie- en
op de verdere isolatie van woningen en utiliteit. We zeten de huidige aanpak door
Warmteprogramma opgesteld. Hierin wordt voor de komende 10 jaar vastgelegd welke stappen de gemeente en andere partijen moeten gaan zetten om tot een duurzaam en robuust energiesysteem te komen. In deel 3 zijn per sector de speerpunten voor dit programma beschreven.
en blijven woning- en gebouweigenaren stimuleren om hun pand te isoleren. De bestaande subsidieregelingen en duurzaamheidsleningen blijven van kracht. Ook gaan we door met de aanpak van energiearmoede. De gemeente ontvangt rijksmiddelen (SPUK energiearmoede) voor de bestrijding van energiearmoede. We zetten ons in om deze middelen volledig en zo doelmatig te besteden waarbij gestreefd wordt naar een structurele verbetering van de kwaliteit van de woningen. Overgang naar aardgasvrij We verwachten dat de individuele warmteoplossingen met elektrische warmtepompen voor een groot deel van de woningen in de gemeente technisch en financieel het meest aantrekkelijk zullen zijn. Omdat deze oplossingen veel van het stroomnet vragen, willen we waar mogelijk ook inzetten op de ontwikkeling van collectieve warmtenetten. We richten ons daarbij op: •
Netbewuste nieuwbouw: we onderzoeken, eventueel samen met projectontwikkelaars, welke kansen collectieve warmtenetten voor nieuwbouw van woningen en utiliteit bieden.
•
Bestaande gebouwde omgeving: we onderzoeken de kansen voor micro-warmtenetten voor ca. 10-50 woningen. Voor IJzendoorn zijn we reeds gestart met een onderzoeken naar de kansen voor aquathermie.
•
Onderzoek restwarmte: dit speelt met name bij Champi’mer en in de toekomst ook bij een evt. bouw van een SMR. We onderzoeken of de restwarmte effectief ingezet kan worden voor de gebouwde omgeving.
34
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
3. INDUSTRIE Naleven energiebesparing
Grootschalige opwek zon op dak
Om het energieverbruik in de industrie te verlagen en te verduurzamen zetten we
We willen dat daken van bedrijven zoveel mogelijk benut worden voor de opwek
in op de naleving van de bestaande verplichtingen. Het landelijke beleid bevat veel
van zonne-energie. In het kader van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)
verplichtingen met grote verwachte effecten waar de industrie de komende jaren
heeft de gemeente de bevoegdheid om via een zogenoemde maatwerkregel in het
mee aan de slag moet:
Omgevingsplan (raadsbevoegdheid) te eisen dat nieuwe en bestaande gebouwen voor industrie en overige functies (schuren, parkeergarages, etc.) hun dak moeten
• •
Bedrijven voldoen aan de informatieplicht cf. Besluit activiteiten
gebruiken voor duurzame opwek van energie of klimaatadaptatie. De gemeente gaat
leefomgeving: melden energiegebruik en energiemaatregelen.
enerzijds bedrijven stimuleren om meer zonne-energie op daken op te wekken maar
Bedrijven met elektriciteitsgebruik van meer dan 50.000 kWh/jaar of
anderzijds ook onderzoeken op welke wijze van deze bevoegdheid gebruik gemaakt
gasgebruik van meer dan 25.000 m3/jaar implementeren maatregelen
kan worden. De gemeente houdt hierbij rekening met de beperkingen als gevolg van
met een terugverdientijd van minder dan 5 jaar. Daarbij maken ze
netcongestie, het eigen energieverbruik van het gebouw en lokale omstandigheden.
gebruik van de erkende maatregelenlijsten. • • •
•Bedrijven met een kleiner energiegebruik implementeren zoveel
Bij nieuwbouw kan deze bevoegdheid alleen worden ingezet als de daken niet al
mogelijk maatregelen met een terugverdientijd van minder dan 5 jaar.
onder de BENG-eisen (Bijna Energieneutrale Gebouwen) vallen. De BENG-eisen
Bedrijven met geschikte daken benutten deze zoveel mogelijk voor
verplichten nu al tot de opwek van minimaal 30-50% hernieuwbare energie,
duurzame energieopwekking met zonnepanelen.
gerelateerd aan eigen energieverbruik van het gebouw.
Bedrijven verduurzamen hun wagenpark.
De gemeente ziet via de omgevingsdienst Rivierenland toe op het naleven van deze verplichtingen.
35
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
Dempen gevolgen van netcongestie
Onderzoek SMR
De verwachting is dat bedrijven nog tot ten minste 2035 last ondervinden van
De provincie Gelderland voert onderzoek uit naar de kansen voor de plaatsing van
netcongestie. Ook daarna moet rekening worden gehouden met de beperkte
Small Modular Reactors (SMR) in de provincie en de gemeente Neder-Betuwe komt
capaciteit van het stroomnet. Om ervoor te zorgen dat bedrijven toch kunnen
als één van de kansrijke gemeenten uit de bus. We faciliteren de verkenning naar
uitbreiden of nieuwbouwen, richten we ons op het dempen van de gevolgen van
de mogelijkheden en behoefte voor een SMR in de gemeente. Naast de technische
deze problematiek. Binnen onze cirkel van invloed doen we dat door:
en maatschappelijke haalbaarheid, zetten wij ook in op de bredere (economische) meerwaarde voor Dodenwaard, onze gemeente en de regio Rivierenland.
•
Energieloket voor bedrijven: we maken een doorstart met het energieloket in waar bedrijven terecht kunnen met hun vragen over het netcongestie c.q. het opwekken van stroom of het verkrijgen van (extra) aansluitcapaciteit. We stimuleren het eigen initiatief van ondernemers.
•
Lokale energienetwerken en energiehubs: we stimuleren en faciliteren de aanleg van het lokaal delen van energie en energiehubs. We ondersteunen de ondernemers bij het doorlopen van vergunningen en procedures en vereenvoudigen deze waar mogelijk.
•
Ruimte voor lokale opwek zon- en windenergie: we werken mee aan het plaatsen van nieuwe windmolens, zonnepanelen, batterijopslagen en conversie-installaties bij bedrijven(terreinen) als dit nodig is om een bedrijf te laten uitbreiden of nieuw te bouwen.
•
Ruimte voor pilots en experimenten: de technische en organisatorische ontwikkelingen voor het hoofd bieden aan netcongestie volgen elkaar snel op. We geven ruimte aan pilots en experimenten om deze nieuwe ontwikkelingen uit te proberen.
•
Samenwerken met gebiedspartners: we werken op een positieve oplossingsgerichte manier samen met Liander, Tennet, regio en provincie en zoeken gezamenlijk naar uitwegen voor de netcongestieproblematiek.
36
ENERGIEVISIE GEMEENTE NEDER-BETUWE
4. MOBILITEIT
Duurzame inrichting van woonwijken
De energietransitie vraagt om slimme keuzes die mobiliteit en
•
We stimuleren duurzame mobiliteit al in de ontwerpfase van nieuwe woningbouwlocaties. We richten buurten zo in dat het aantrekkelijk en gemakkelijk
energievoorziening met elkaar verbinden. Met de volgende speerpunten
is om de fiets te pakken, bijvoorbeeld door een goede aansluiting op het
geven stimuleren we duurzame mobiliteit en dragen we bij aan een
fietsroutenetwerk en het parkeren van auto’s te organiseren in parkeerkoffers aan
toekomstbestendige energie-infrastructuur.
de rand of op centrale plekken in de wijk. Dit vergroot de leefkwaliteit en maakt het eenvoudiger om voor de fiets te kiezen, zonder beperkend te zijn voor autobezit.
Stimuleren van duurzame mobiliteit •
•
We voorzien in slimme laadinfrastructuur door het integreren van de mogelijkheid