Beantwoording technische vragen begroting 2025
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen - Begroting 2025 Nr.
Fractie: Blz:
1 VVD
2 VVD
3 GB
4 SGP
Vraag:
Pijler
Blz. 2 Het college stelt dat de begroting BV raadsvoorstel voldoet aan de Gemeentewet artikel 189. Volgens de VVD voldoet de begroting hier niet aan. In het derde lid staat: Evenwichtige begroting, het jaar 2025 is in evenwicht maar 20262028 niet. Stelt het college met het bovenstaande nog steeds dat de begroting in evenwicht is en daarmee voldoet aan artikel 189 van de Gemeentewet? 11 Neder-Betuwe heeft een stevige BV positie in de regio. Waaruit blijkt dat? Kunt u voorbeelden noemen?
12 We investeren in het verbeteren van de afhandeling van klachten. Dit is afgerond. Wordt de afhandeling van klachten blijvend geëvalueerd en zo ja, hoe wordt dat gedaan? 14 We leren iedere keer weer nieuwe woorden. De participatieadviseur. Gedragsverandering is een kwestie van training geven en je eigen maken. Als dit na 1, 2 misschien 3 keer niet landt, hebben we de verkeerde mensen in dienst. En nieuwe medewerkers leren dit als het goed is al op hun opleiding. Er staat dat deze adviseur ‘in dienst treedt’. Voor hoeveel uur is deze functie ingedeeld en voor welke periode? Mede in het licht van de noodzakelijke ombuigingen.
Antwoord:
Het college stelt nog steeds dat de begroting 2025 structureel in evenwicht is. Volgens artikel 189 van de Gemeentewet moet de gemeenteraad er op toezien dat de begroting 2025 in evenwicht is (structureel sluitend is). Het college biedt jaarlijks een begroting aan en een meerjarenraming. De gemeenteraad stelt de begroting vast en neemt kennis van de meerjarenraming.
We zijn actief in allerlei regionale samenwerkinsgverbanden en hebben daarin regelmatig ook een voortrekkersrol. Denk aan de Energyboard Gelderland, het Portefeuillehouderoverleg Arbeidsmigranten, en de besparingsmaatregelen door verbonden partijen.
BV
Omdat er in 2023 geen klachten in de zin van de Awb zijn behandeld, is hier geen evaluatie voor gemaakt. Voor het jaar 2024 zal een jaarverslag gemaakt worden dat aan de Raad wordt aangeboden.
BV
De functie participatieadviseur is voor 28 uur en wordt betaald uit projectgelden. Het gaat daarbij om zowel adviserende als uitvoerende taken. De functie is niet nieuw en werd al eerder vervuld. Het laatste jaar was dat niet het geval en werd het werk uitbesteed aan externen. Doordat de vacature nu weer is vervuld hoeven we veel minder werk uit te besteden, besparen we daarmee kosten, en is de ontwikkeling van de participatie en bijbehorende kennis en ervaring weer binnen onze eigen organisatie ingebed.
1
5 VVD
U spreekt over het participatiebeleid. Hoe zorgen we ervoor niet over te participeren? En daarmee dus onnodige kosten te maken. U spreekt tevens over de nieuwe inspraakwetgeving. U vindt het uitdaagrecht een extra taak. Voor welke voorzieningen in NederBetuwe zouden inwoners dit kunnen dien en hoe realistisch acht u dit? Welke formatie uitbereiding acht u dan nodig? 15 Online Participatieplatvorm. In 2025 wordt dit platform digitaal ingericht. Wat zijn de kosten die hiermee gemoeid zijn?
BV
Participatie is geen doel op zich en daarmee zal er ook geen sprake zijn van over participeren. We zijn van mening dat dit een taakverzwaring is. We zullen in 2025 inventariseren wat dit concreet betekent. We kunnen nu nog niet aangeven om welke voorzieningen dit gaat en of er veel gebruik van gemaakt zal worden. In hoeverre dit een formatieuitbreiding betekent is evenmin aan te geven.
BV
Voor 2024 is een incidenteel bedrag van 40.000 euro gereserveerd voor de aanschaf van een online participatieplatform. We werken er op dit moment aan dit platform nog dit jaar aan te schaffen en zijn daarover met aanbieders in gesprek.
7 GB
16 Een goede samenwerking met buurgemeenten. Op welke wijze wil de gemeente samenwerken met andere gemeenten om zo samen naar 2026 te gaan en met elkaar te bekijken of de tekorten samen opgevangen kunnen worden?
BV
De samenwerking wordt vooral gezocht in een gezamenlijke aanpak richting de verbonden partijen. Door gezamenlijk op te trekken als gemeenten kunnen we een uniforme boodschap uitdragen naar de verbonden partijen. Dit komt krachtiger over dan wanneer we als afzonderlijke gemeenten aandringen op besparingsmaatregelen. Als kleine gemeente zijn we altijd op zoek samenwerking om zo minder kwetsbaar te zijn. Op dit moment loopt er het onderzoek toekomstbestendigheid ambtelijke organsiatie. Een onderdeel van dit onderzoek is ook om te kijken naar de mate van het in- en uitbesteden van taken, ook in regionaal verband. Begin 2025 verwachten we een advies hierover.
8 GB
16 Hier wordt aangegeven dat wet- en regelgeving wordt uitgevoerd op een manier die past binnen onze gemeente. Wordt hierbij de inhoud van deze wet- of regelgeving gerespecteerd? 22 ‘’ missie komt overeen met de vastgestelde visie in de Integrale Beleidsnota Sociaal Domein’’. Bij mijn beste weten stond deze zin er vorig jaar ook al in, bedoelt u niet Integrale kadernota Veiligheid ipv sociaal domein?
BV
Uiteraard wordt de inhoud van wet- of regelgeving gerespecteerd. Bij het opstellen van beleid handelen we binnen de gestelde kaders van wet- en regelgeving.
SP
Deze zin laat de samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein zien. Het onderdeel veiligheid komt namelijk ook terug in de huidige (en toekomstige) nota sociaal domein en de bijbehorende uitvoeringsplannen.
6 CU
9 VVD
14/15
2
10 VVD
23 ‘’We werken samen met bedrijven om mensenhandel en arbeidsuitbuiting actief tegen te gaan’’. Welke activiteiten heeft het college afgelopen jaar gedaan om mensenhandel tegen te gaan in Neder-Betuwe?
SP
Het afgelopen jaar heeft er één controle plaatsgevonden gericht op de huisvesting van arbeidsmigranten. Dit soort controles zijn niet per definitie gericht op het aantreffen van mensenhandel, maar de doelgroep arbeidsmigranten is in dit kader een kwetsbare doelgroep; arbeidsmigranten zijn vaak slecht op de hoogte van hun rechten als werknemer. Naast deze controle is een melding opgepakt waarbij sprake was van vermoedens van illegale prostitutie. Hierbij bleek dat er sprake was van grootschalige handel in verdovende middelen. Ook heeft de aandachtsfunctionaris mensenhandel een signaleringstraining gevolgd. Tenslotte is er een beeld gevormd van het aanbod seksadvertenties in OostNederland. Uit dit beeld, dat in 2024 is opgeleverd, blijkt dat er in 2023 130 seksadvertenties actief zijn geweest in Neder-Betuwe.
11
GB
24 Wat is het verschil tussen project Feniks en Ariadne?
SP
Het project Feniks ondersteunt ons om goed uitvoering te kunnen geven aan ons Bibob beleid. Door deze ondersteuning kunnen we onder andere meer Bibob onderzoeken uitvoeren (zie verder RIB-64). Project Ariadne betreft ondersteuning op het gebied van vitale vakantieparken door ondermijning en criminaliteit aan te pakken en te ondersteunen bij toezicht en handhaving.
12
GB
25 U neemt aan dat de meldingsbereidheid achterblijft omdat inwoners en ondernemers niet weten waar zij kunnen melden, vraag is dit echt de enige reden?
SP
Andere redenen voor het niet melden van ondermijningsignalen (kunnen) zijn: men neemt geen verantwoordelijkheid en kijkt (soms letterlijk) weg, ondanks dat men misstanden vermoedt. Daarnaast kan de angst voor repressailles meespelen. Deze angst is onterecht want anonieme meldingen via Meld Misdaad Anoniem zijn niet te herleiden. Wat ook nog mee kan spelen is dat men denkt dat het wel meevalt of men niet zeker weet dat er iets mis is. In ieder geval is de eerste stap vanuit de gemeente Neder-Betuwe gericht op het onzichtbare zichtbaar maken, door inwoners bewust te maken van wat men ziet en of men dat herkent als zijnde ondermijning.
3
13 SGP
26 Capaciteit gebrek bij de politie. Er wordt door het gebrek bij de politie vaker een beroep gedaan op de boa’s Zijn de boa’s wel bevoegd om taken waar te nemen van de politie? En hoe wordt hier met de kosten omgegaan? De politie wordt betaald door het Rijk en de boa’s door de gemeenten.
SP
Er wordt vaker een beroep gedaan op de boa's, maar dat is niet altijd direct gerelateerd aan hun bevoegdheid. Dit volgt ook uit bijvoorbeeld de aanwezige kennis van het gebied of de verbinding met de inwoners. Het simpelweg observeren van situaties naar aanleiding van meldingen (bijv. woonoverlast, burenruzies, verkeersituaties) is al een voorbeeld waaraan gemerkt wordt dat boa's worden ingeschakeld. Omdat onze boa's ook zijn aangesloten op C2000 (communicatiesysteem hulpdiensten) krijgen zij ook regelmatig direct verzoeken van de meldkamer om ter plaatse te gaan bij bijvoorbeeld jeugdoverlast of om hulp te verlenen. Onze boa's zijn bijzonder opsporingsambtenaren en enkel bevoegd voor een selectie van strafbare feiten gerelateerd aan leefbaarheid en veiligheid (opgenomen in een zogenaamde domeinlijst). Een politieagent is een algemene opsporingsambtenaar en is daarom breed bevoegd om de rechtsorde te handhaven en hulp te verlenen. Kosten voor toezicht & handhaving zijn inderdaad opgenomen in de gemeentelijke begroting. We waken ervoor dat onze boa's het capaciteitsgebrek bij de politie opvangen onder andere door een duidelijke prioriteitstelling.
14 GB
26 Er wordt gesproken over de inzet van wijkagenten, hierbij missen we de inzet van de toegezegde jeugdagent. Wordt deze specifieke taak reeds vervuld? en voor hoeveel fte’s?
SP
Allereerst dient opgemerkt te worden dat een wijkagent een officiële functie is die daarnaast ook wettelijk is vastgelegd (1:5000 inwoners). Een jeugdagent is geen officiële functie of wettelijke functie waarvoor een fte wordt vrijgemaakt. Daarom staat deze ook niet in het overzicht. Een jeugdagent betreft een (hoofd)agent met het taakaccent jeugd. In de praktijk komt het er op neer dat deze (hoofd)agent naast zijn reguliere werk zich richt op jeugd(problematiek). In Neder-Betuwe zijn er twee agenten met het taakaccent jeugd toegezegd. Deze wordt momenteel door één persoon vervuld. Het is niet aan te geven in fte's, omdat deze taak als neventaak erbij wordt gedaan. De hoeveelheid tijd die aan deze neventaak besteed kan worden is namelijk afhankelijk van het werk dat de reguliere functie vraagt.
15 GB
26 Kunt u wat recente voorbeelden geven van de integrale samenwerking bij de politie?
SP
Wij werken veel en intensief met de politie samen. Voorbeelden zijn: preventieacties organiseren, integrale controles gericht op ondermijning, samenwerking tussen handhaving en politie, ondermijningsonderzoeken (RIEC casus), woonoverlast casussen, bestuurlijke aanpak drugsdealers, sluiten van drugspanden, Meld Misdaad Anoniem Meldingen, project oud en nieuw, luilakken, veilig buitengebied, project bondgenoten en jeugdoverlast.
4
16 VVD
17 SGP
18 SGP
19 GB 20 VNB
27 Het aantal winkeldiefstallen lijkt stabiel. Van diverse ondernemers krijgen wij te horen dat men geen aangifte meer doet. Herkent het college dit beeld? 27 Het aantal verwijzingen naar bureau Halt is behoorlijk toegenomen. Wat is hier de oorzaak van?
SP
Ja, dit signaal hebben wij ook ontvangen. Wij blijven altijd adviseren om aangifte te doen, ook al is er geen zicht op of prioriteit voor een strafzaak.
SP
Daar is geen duidelijke oorzaak voor. Halt informeert de verwijzende instanties regelmatig over de mogelijkheden om te verwijzen. Maar dit levert niet per definitie een grotere hoeveelheid verwijzingen op. Het valt vooral op dat gedurende de afgelopen jaren de cijfers vooral erg verschillend zijn. Het ene jaar zijn er meer dan 20 (2023 21) en het andere jaar nog geen 10 (5 in 2022), in 2021 waren het er 12. Er lijkt dus sprake van een golfbeweging. Ook daarvoor is geen eenduidige oorzaak te benoemen. De verwijzende partijen zijn vooral de politie, BOA's en leerplicht.
28 Er wordt onderzoek gedaan naar het SP actualiseren of aanpassen van het kostenverdeelsystematiek. Wat gaat dit betekenen voor de gemeentelijke bijdrage aan de VRGZ voor onze gemeente? 29 Is er een overheidssubsidie voor de SP digitale weerbaarheid?
Dat is op dit moment nog niet bekend, omdat het onderzoek nog lopende is.
31 Bij 3.1.1. in de tabel op blz. 31 worden een aantal zaken benoemd over “betaalbaar wonen voor iedereen”. Wij zijn benieuwd in hoeverre deze doelen aansluiten bij de wensen van de doelgroep waarover dit gaat. Jonge starters, inwoners van Neder-Betuwe die op dit moment, die vanwege de hoge huizenprijzen en rente geen doorontwikkeling kunnen maken in hun leven. Wij zijn daarom benieuwd:
FP
Wij zijn daar niet van op de hoogte. Als dit zo is, dan zullen wij daar, indien mogelijk, zeker gebruik van willen maken. Inleidende hoofdvraag, zie onderstaande beantwoording van de deelvragen.
5
21 VNB
31 1. Hoeveel kleinere en FP goedkopere woningen worden er op dit moment gebouwd/gaan gebouwd worden en wat is de gemiddelde prijs van deze woningen?
In 2024 worden volgens de huidige planning 10 middenhuur woningen en 44 betaalbare koopwoningen opgeleverd. De komende jaren werken we verder aan het realiseren van de woondeal waarbij we in totaal 347 sociale huurwoningen, 76 middenhuurwoningen (max € 1.160,- huur per maand) en 454 betaalbare koopwoningen (max. tot NHG grens van € 435.000,-) willen realiseren.
22 VNB
31 2. “We borgen 30% sociale huurwoningen”, waar is dit percentage op gebaseerd en sluit dit percentage nog wel aan bij onze bevolkingsopbouw (en behoefte)? Wordt hierbij rekening gehouden met veranderende behoefte van inwoners en verandering van bevolkingsopbouw en in hoeverre wordt hier onderzoek naar gedaan? 31 3. Wordt er ook nagedacht over de mogelijkheden voor het vestigen van “tiny houses”? Of in ieder geval plaatsen waar “tiny houses” gevestigd kunnen worden binnen onze gemeente? 32 U gaat in op goedkopere en kleinere woningen. Hoewel wij inspanning zien van het college, zien wij nog geen realisatie van Tiny houses. Is het realistisch in de komende twee jaar hier concrete plannen voor te ontwikkelen. . 32 U noemt een gering aantal spoedzoekers, is dit uit te drukken in cijfers? 32 Wat zijn de criteria om deze status te verkrijgen, en zijn hier uitzonderingen op?
FP
30% sociale huur is landelijk beleid van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. Gezien de wachttijd voor een sociale huurwoning die nog steeds oploopt sluit dit percentage zeker aan bij onze behoefte. Jaarlijks leveren wij cijfers aan provincie en Rijk voor onderzoek.
FP
Er loopt op dit moment een project voor de bouw van Tiny Houses in Dodewaard. Vanuit de intaketafel is er een positief advies gegeven en het is nu aan de initatiefnemer het plan verder uit te werken.
FP
Zie het antwoord hierboven. Er is één initiatief dat richting realisatie gaat. Of er de komenden twee jaar meer plannen voor ontwikkeld worden is onbekend. Als er een initiatief ingediend wordt is de gemeente faciliterend en zal zij hier, als het past binnen beleid en regels, zo goed mogelijk aan meewerken.
FP
Er zijn in 2024 tot nu toe 9 urgentie aanvragen geweest. 5 zijn er toegekend; 2 zijn afgewezen en 2 nog in behandeling
FP
Er zijn hiervoor verschillende criteria, zoals ernstige ziekte, acute mantelzorg of de sloop van je woning. Per indicatie gelden andere voorwaarden. Deze voorwaarden zijn voor de hele regio Rivierenland hetzelfde en elke aanvraag wordt door een onafhankelijke urgentiecommissie via Woongaard getoetst. Het verkrijgen van een urgentie is altijd een uitzondering.
23 VNB
24 VVD
25 GB
26 GB
6
27 GB
32 Wat is de gemiddelde termijn waarin een huis wordt toegewezen?
FP
Waarschijnlijk doelt u hier op de wachttijd van de woningzoekende. Een vrijgekomen woning wordt immers altijd zo snel mogelijk toegewezen om leegstand te voorkomen. De gemiddelde wachttijd voor een woningzoekende in Neder-Betuwe bedraagt 6,8 jaar. (voor de regio als geheel is dit 8.1 jaar). De gemiddelde actieve zoektijd bedraagt op dit moment 3 jaar.
28 GB
32 Hier wordt aangegeven dat er gestreefd wordt naar 50% toewijzing van woningen aan lokale behoefte. Betreft dit dan alleen inwoners die ook daadwerkelijk in onze gemeente staan ingeschreven, dus bijvoorbeeld niet Oekraïense vluchtelingen? 32 We gaan voorlichting geven over levensbestendig wonen aan senioren. Dat is in 2025 gericht op communicatie/afstemming met Thius. Er zijn ook nog senioren die in koopwoningen wonen. Waarom geen activiteiten om ook deze groep senioren voorlichting te geven? 32 Wat zijn de geplande activiteiten in 2025 m.b.t. de Woonzorgvisie na de gepresenteerde 1e analyse tijdens de College informatieavond 3 oktober jl.? 33 Zijn deze nieuwe verblijfplaatsen met name bedoeld voor immigranten die in onze gemeente werken?
FP
Dit betreft de inwoners die daadwerkelijk in onze gemeente ingeschreven staan. En niet Oekraïense vluchtelingen. Het percentage van 50% wordt elk jaar ruim gehaald.
FP
Er is in eerste instantie samenwerking gezocht met Thius omdat zij gerichter acties kunnen inzetten. Bijvoorbeeld verhuizen met behoud van de huidige huur. De gemeente is meer gebonden aan algemene voorlichting. Maar dit kan overwogen worden.
FP
In Q4 van 2024 maken we procesafspraken (incl tijdsplanning) over het opstellen van de woonzorgvisie. We gaan ervanuit dat de woonzorgvisie in de loop van 2025 bestuurlijk kan worden vastgesteld.
FP
Conform het regionale convenant huisvestig internationale werknemers zal tenminste 80% in de gemeente dienen te werken, maximaal 10% elders in de regio Rivierenland en maximaal 10% buiten de regio.
33 Heeft huisvesting bij de ondernemer hierbij de voorkeur?
FP
Onze voorkeur is niet relevant, het gaat erom dat de huisvesting legaal is. Wanneer huisvesting bij de ondernemer plaatsvindt, dan is op grond van de Wet goed verhuurderschap een afzonderlijk huurcontract naast het arbeidscontract verplicht.
29 CU
30 CU
31 GB
32 GB
7
33 GB
33 Wat is de maximale termijn van short FP stay? Mogen deze migranten ook bij derden werkzaamheden uitvoeren?
De short stay is voor maximaal 4 maanden in het kader van basisregistratie personen. Als arbeidsmigranten voor deze periode bij een agrariër zijn gehuisvest mogen ze volgens het beleidsplan ook voor een naastliggend agrarisch bedrijf werkzaamheden uitvoeren.
34 GB
33 Is er een wachtlijst voor de nieuwe FP standplaatsenwoonwagenbewoners? Wat zijn de aantallen?
Er is een wachtlijst en hier staan op dit moment 15 personen/gezinnen op. 2 inschrijvingen hiervan zijn dit jaar gedaan door kinderen die de leeftijd van 18 jaar bereikt hebben en in de toekomst ook een eigen woonwagen willen.
35 GB
33 Heeft de wet betaalbare huur betrekking op sociale huur, of wordt de particulier verhuur hier ook in meegenomen?
De wet betaalbare huur heeft betrekking op alle huurwoningen in het middensegment tot en met 186 punten volgens het Woningwaardelingstelsel*. De wet maakt geen onderscheid in de eigenaar van de woning en geldt dus zowel voor corporaties als voor particulieren die in het middensegment verhuren. * Het puntensysteem is ingevoerd zodat de prijs van een huurwoning past bij de kwaliteit van de woning. In het middensegment vallen woningen die tussen de 143 en 186 punten krijgen. Bij 186 hoort een maximale huur van € 1.158,- per maand.
36 VNB
34 Op pag. 34 wordt gesproken over FP een “veilig en goed onderhouden wegennet”. Momenteel worden er voorbereidingen getroffen voor de bouw van de gereformeerde gemeenten en de bouw van huizen in Kesteren. De rotonde richting de Rijnbrug (Rhenen) is op dit moment al een infarct ’s morgens vroeg. In de toekomst zal er meer verkeer aansluiting moeten vinden rondom deze wegen. Hoe gaat het college daar mee om. Wordt daar over nagedacht? Deze plannen worden namelijk niet benoemd in paragraaf 3.2. 35 De Spoorstraat in Kesteren wordt FP duurzaam veilig(er) ingericht. Worden de buurtbewoners daar ook bij betrokken?
37 CU
FP
Dit is aan de orde geweest bij het vaststellen van het bestemmingsplan Betuwestraat Noord op 28 september 2023, zie link https://nederbetuwe.notubiz.nl/vergadering/1021046#ai_7854732
Bij een participatietraject zullen bewoners, maar ook bedrijven betrokken worden. De wijze waarop is nog niet bepaald.
8
38 GB
36 Wat is de frequentie per uur voor de trein per uur in het eisenpakket TielArnhem vice versa?
FP
Voor de bedieningstijden en frequenties per uur, per richting gelden de volgende minimumeisen; Op werkdagen tijdens de spits 2 per uur, in daluren 1 per uur. Voor de zaterdag en zondag geldt een minimumeis van 1 per uur, voor ieder dagdeel. Bij de aanbesteding zijn bieders uitgedaagd om de bedieningstijden en frequenties op de vervoerbehoeften van reizigers af te stemmen en zo veel mogelijk extra’s aan te bieden boven op de minimumeisen.
39 GB
36 Wat is de frequentie per uur voor de bus per uur in het eisenpakket voor alle bestaande verbindingen binnen onze gemeente? Wordt er ook gekeken naar de inrichting en met name voldoende parkeerplaatsen nabij de trein stations?
FP
Deze lijn wordt beschouwd als een zgn. categorie B-lijn. Voor de bedieningstijden en frequenties per uur, per richting gelden de volgende minimumeisen; Op werkdagen tijdens de spits 2 per uur, in daluren 1 per uur. Voor de zaterdag en zondag geldt geen minimumeis. Bij de aanbesteding zijn bieders uitgedaagd om de bedieningstijden en frequenties op de vervoerbehoeften van reizigers af te stemmen en zo veel mogelijk extra’s aan te bieden boven op de minimumeisen.
40 GB
36 Hoe staat het met de elektrificatieplannen van de veerpont? 37 Wordt met deze brug de verbinding met de Betuwe Singel en de Batouwe singel bedoeld? 40 Hier staat dat er gestreefd wordt om windmolens op land minimaal 50% ten goede te laten komen voor de lokale gemeenschap. Hoe staat de financiële participatie in relatie met dit te behalen doel?
FP
Op dit moment zijn bij ons nog geen plannen bekend.
FP
Nee, de brug verbindt de Betuwe Singel en de Echteldse Singel. Deze brug ligt op grondgebied van Neder-Betuwe.
FP
De 50% heeft betrekking op de financiele participatie. In onze klimaatnota staat dat we ernaar streven om inwoners en bedrijven voor minimaal 50% eigenaar te laten worden van een zonne- of windpark. De financiele participatie wordt per project bekeken. Bij het Energriepark Echteld-Lienden wordt bijvoorbeeld samengewerkt met de Energiecoorperatie EchteldLienden om zonder eigenaarschap toch ca. 45% van de winst af te romen en uit te keren aan de leden van de cooperatie. Dit kan een alternatief zijn voor lokaal eigenaarschap omdat je daarmee ook mensen zonder spaargeld direct mee kunt laten profiteren van de winst.
41 GB
42 GB
9
43 CU
40 Samen met verenigingen het FP recyclen en hergebruiken van materialen d.m.v. de ‘geef-hetdoortassen. Zijn daar over in 2024 initiatieven richting verenigingen geweest en wat zijn de concrete plannen voor verdere uitrol van dit initiatief in 2025? 41 Betreft het hier 1 of meerdere 380 kV FP stations binnen onze gemeentegrenzen?
In 2024 zijn wij bezig geweest met de opzet van dit initiatief. De verenigingen zijn hier op een bijeenkomst over bijgepraat; eind 2024/begin 2025 starten we met een pilot in twee kernen. Hierna zullen we met de opgedane ervaring vanuit de pilot dit project gemeentebreed voortzetten.
45
41 Zijn hier al geen duidelijke voorkeurslocaties uitgesproken door Tennet?
FP
Het grondgebied van Neder-Betuwe maakt deel uit van de zoeklocatie, maar Tennet heeft nog geen voorkeurslocatie uitgesproken.
46 GB
43 Wat verstaat u onder een flitsvergunning? Vervalt hierbij de huidige vrij aan te vragen stookvergunning?
FP
Een flitsvergunning is een versnelde procedure voor eenvoudige aanvragen, zoals stookvergunningen voor "ziekhout". Deze flitsvergunning betreft de nieuwe stookvergunning. De ontheffing voor het stoken van regulier hout vervalt, aangezien het stoken daarvan sinds 1 januari verboden is. Bestaande ontheffingen vervallen uiterlijk in 2026 en kunnen niet meer worden verlengd.
47 CU
45 Wat wordt concreet bedoeld met ‘machine-leesbare’ regels?
FP
Toepasbare regels zijn eenvoudige versies van juridische regels uit het omgevingsplan, opgesteld door de gemeente en zichtbaar in het digitale omgevingsloket. Juridische regels uit het omgevingsplan worden voorzien van ‘kenmerken’ om ze machineleesbaar te maken en aan de juiste toepasbare regels en onderwerpen te koppelen. Dit werkt als een schoenenwebshop: uit duizenden schoenen krijg je alleen die te zien, die aan je zoekcriteria voldoen, bijvoorbeeld maat 43 in het zwart. Zo moet het omgevingsloket op termijn ook gaan werken; alleen de relevante regels, bijvoorbeeld voor het kappen van een boom in een bepaald gebied, moeten getoond worden.
44 GB
Het gaat in Rivierenland om 4x een 150/20kV en 1x een 380/150kV station, waarbij er waarschijnlijk een 150/20kV station in gemeente Neder-Betuwe bij zal komen. Daarnaast wordt het bestaande 380/150kV station Dodewaard uitgebreid.
10
48 GB
45 Is er een impactanalyse voor de te verwachten capaciteit voor het verhuizen van de gemeentelijke regels naar het omgevingsplan?
FP
Voor het opstellen van het definitieve omgevingsplan is een transitieplan door uw raad vastgesteld. Hierin zijn de verschillende sporen tot 2032 benoemd en welke capaciteit en middelen hiervoor nodig zijn. Vooralsnog kunnen wij binnen deze kaders het transitieplan uitvoeren.
49 GB
45 Kunt u dit toekomstperspectief bieden nader toelichten? Zijn wij hierbij niet afhankelijk van de landelijke regel & wetgeving?
FP
We zijn inderdaad afhankelijk van landelijk en provinciaal beleid. Maar binnen de kaders van dit beleid willen we de agrarische sector ruimte bieden voor bedrijfsontwikkeling en innovatie, zodat de agrariers hun bedrijfsvoering voort kunnen zetten.
50 VVD
47 Gaat het college samen met AVRI ook de mogelijkheid van nascheiden onderzoeken? De VVD denkt dat hier milieuwinst te behalen is
FP
Het college is, net als Avri, op dit moment niet van plan om de mogelijkheden van nascheiding te onderzoeken. Avri heeft dit eerder op verzoek van gemeente Tiel onderzocht en toen bleek dat er op dat moment geen voordelen te behalen waren. De ontwikkelingen rondom nascheiding worden echter nauwlettend door Avri gevolgd. Vooralsnog lijkt nascheiding voornamelijk voordelen te bieden in grotere stedelijke gebieden vanwege de hogere vervuilingsgraad. De kosten van nascheiding wegen voor Rivierenland niet op tegen de mogelijke voordelen.
Hier wordt een structureel nadeel via FP de AVRI benoemd op onderhoud openbare ruimte. Is dit met het genomen besluit nog actueel? Of behoeft dit nu enige bezinning?
Op 21 maart jl. heeft de raad de aangepaste werkbegroting van de AVRIIBOR 2024 vastgesteld. Via de Kadernota 2025-2028 is deze meerjarig t/m 2028 verwerkt in de begroting 2025. Het structurele nadeel wat u ziet voor onderhoud in de openbare ruimte blijft bestaan. Het staat los van het raadsbesluit van 26 september jl. waarin besloten is het beheer weer in eigen regie uit te laten voeren. NB: de extra kosten (€293.000) als gevolg van de rekenfout van Avri zullen via de tweede bestuursrapportage worden verwerkt en hebben door uw raadsbesluit van 26 september geen structureel effect na 2025.
51 SGP
49/50
11
52 SGP
50 Kan er specifieker uitgelegd worden FP waarom er extra gelden naar Klimaat Actief Rivierenland moeten. M.a.w. wat krijgen wij hiervoor terug?
Door intensiever samen te werken kunnen wij - in lijn met onze lokale adaptatie strategie - kostenefficient stappen maken op het gebied van klimaatadaptatie (o.a. door gebruik te maken van regionale kennis en ervaring) en kunnen we regionaal subsidies aantrekken. In het verleden hebben wij bij diverse wijkrenovaties regionaal subsidies verkregen, recentelijk is ook subsidie voor de herinrichting van het van Drielplein in Ochten toegekend (Rijksbijdrage €222.817,-).
53 GB
52 Wij zien in het investering overzicht riolering diverse projecten echter de bewoners van de Smachtkamp in Opheusden ervaren nog steeds klachten. Wat kunnen wij hier verwachten aan acties? 56 In subparagraaf 4.1.1. “Goed ondernemersklimaat” wordt benoemd “we bevorderen een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt”. Waarom wordt vervolgens op pagina 57 hierbij geen link gelegd met het wetsvoorstel van school naar duurzaam werk en de Arbeidsmarktregio? 57 We nemen deel aan het Laanboompact. Is er naast de financiering van evt. projecten ook nog sprake van jaarlijkse deelnamekosten? 57 Denkt het college ook al na over een ‘nieuw’ Medel terrein?
FP
Geen; in het meldingssysteem van AVRI en de gemeente, en bij navraag over de afgelopen jaren, zijn geen meldingen geregistreerd over wateroverlast anders dan de “gebruikelijke’ klachten gerelateerd aan verstopping van bijvoorbeeld een kolk of huisaansluiting.
FP
De aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt bevorderen wij samen met de vo-scholen. Er wordt geen link gelegd met dit wetsvoorstel omdat dit geen relatie heeft met de vo-scholen en zij hier ook niet om hebben gevraagd.
FP
De gemeente levert een bijdrage aan de projectorganisatie van € 10.000 per jaar. Er zijn verder geen kosten voorzien.De innovatieprojecten worden gefinancierd door de provincie en de boomkwekers.
FP
De gemeente zoekt continu naar geschikte locaties om het benodigde aanbod voor lokale bedrijven te realiseren. Daarbij oriënteren wij ons ook op de toekomst van Medel.
54 VNB
55 CU
56 VVD
12
58 Kunt u de ontwikkelen die u ziet
57 VVD
FP
De detailhandelstructuurvisie (DSV) dateert uit 2016. De realisatie van het centrumplan Ochten is het laatste plan uit de visie dat wordt gerealiseerd. Er is geen toekomstvisie voor verdere ontwikkeling van de dorpscentra. Voorbeelden van veranderingen zijn; méér woningen bouwen dan destijds voorzien en naast detailhandel meer behoefte aan andere centrumfuncties. Voor het onderzoek en de herijking is een post opgenomen van € 35.000.
FP
Netcongestie vraagt om samenwerking tussen overheidslagen onderling en met netbeheerders. Op beleidsmatig en strategisch niveau werken wij vooral vanuit de RES regio rivierenland samen met de provincie en netbeheerders om maatregelen uit te werken. Op gemeentelijk niveau verzamelen wij alle informatie die van belang is voor de verzwaring van het elektriciteitsnet en hebben hierover afstemming met de netbeheerders. Denk aan woningbouw, uitbereiding bedrijventerreinen, scholen, ect. Netneutraal bouwen zal op gemeentelijk niveau zijn uitwerking moeten krijgen in concrete bouwplannen. In 2025 wordt de Energievisie Neder-Betuwe opgesteld, waarin we onze rol en maatregelen verder uitwerken.
59 We vergroten de bekendheid van het FP merk De Betuwe. Mede in het licht van de noodzakelijke ombuigingen lijkt het ons goed om dit traject na de verkenning te bespreken als raad. Ontvangen wij in 2025 een RIB of CIA over de verkenning, alvorens de keuze wordt gemaakt om hier mee verder te gaan? 60 In de tabel bij 4.2.3.3 wordt benoemd FP dat er meer bomen worden geplant. Op dit moment staan er bomen in onze gemeenten die niet ideaal zijn als laanboom. Als voorbeeld de Magnolia (Beverboom). Wordt bij het planten van bomen advies ingewonnen bij de lokale boomkwekers welke bomen het
De toeristische promotie en ontwikkeling van de merknaam ‘Betuwe' gebeurt nu in twee regio's:Rivierenland (vijf gemeenten) en het Rijk van Nijmegen (twee gemeenten. Door het uitvoeren van een verkenning verwachten we de juiste keuzes te maken in toekomstige samenwerking. Dit kan via bestaand budget. De resultaten en consequenties zullen we met u delen via een RIB.
nader duiden? Wat is er in NederBetuwe veranderd waardoor een nieuwe visie echt benodigd is? Welke kosten zijn gemoeid met herijking en dit onderzoek?
58 CU
59 SGP
60 VNB
58/59
Er is een ‘Actieplan Netcongestie Gld’. Wat is de rol van de Gemeente m.b.t.de uitvoering van dit plan?
De gemeente Neder-Betuwe maakt gebruik van verschillende soorten bomen en beplantingen. Vanuit beheer wordt (lokale) expertise ingebracht om het assortiment op de juiste plek onder de juiste plantcondities in te passen.
13
beste geplant kunnen worden?
61 SGP
62 SGP
66 e.v.
We hebben de eerste monitor Sociaal Domein gehad in mei 2024. Zijn er veranderingen in ambities of uitvoering aan de hand van de eerste resultaten van de monitor opgenomen in deze begroting?
SP
De resultaten van de monitor hebben geen aanleiding gegeven tot een wijziging in ambities. De monitor heeft ook niet geleid tot het opnemen van extra middelen in de begroting. De cijfers uit de monitor helpen bij het inzicht waarop de inzet binnen onze gemeente het hoogst nodig is en de afspraken die we daarover met partners maken
69 Bij 5.1.1.1 staat dat contracten eind SP 2025 aflopen en dat we deze dienst op nieuw gaan inkopen. In 2024 stond in de begroting dat er hiervoor in 2023 een pilot was gestart, waarvan halverwege 2024 een evaluatie zou zijn. Kunt u de resultaten van deze evaluatie delen en aangeven waarom deze dienst nu volwaardig is doorgezet?
In 2023 en 2024 is er gewerkt met een pilot van informele cliëntondersteuning. Dit is een vorm van cliëntondersteuning waarbij ervaringsdeskundigen (vrijwilligers) met een inwoner mee kan denken over de de aanpak van hun hulpvraag. Deze pilot wordt in 2024 geëvalueerd. De resultaten hiervan worden in de jaarstukken 2024 meegenomen. De aflopende contracten betreffen de contracten met de professionele cliëntondersteuners. Het aanbieden van deze vorm van cliëntondersteuning is iedere gemeente vanuit de Wmo 2015 verplicht te organiseren. Omdat de contracten aflopen eind 2025, zal er gedurende 2025 gewerkt worden aan een nieuwe inkoop van deze ondersteuning. Hierin worden de ervaringen van de afgelopen jaren met cliëntondersteuning meegenomen.
14
63 SGP
70 5.1.1.4 In hoeverre overlappen de taken van de welzijnscoach en de onafhankelijke cliëntondersteuner elkaar? Ze lijken namelijk beiden mensen de weg te wijzen naar de juiste/passende hulp.
SP
De welzijnscoach is bedoeld voor inwoners die met psychosociale klachten naar de huisarts gaan. De huisarts kan vervolgens constateren dat een oplossing voor de klachten niet in het medisch domein ligt, maar juist in het sociaal domein en verwijst door naar de welzijnscoach. Deze welzijnscoach begeleidt de inwoner verder naar passend welzijnsaanbod. Bij onafhankelijke cliëntondersteuning kan iedereen met een hulpvraag zich rechtstreeks melden. De cliëntondersteuner helpt de inwoner bij het formuleren van de hulpvraag en wijst de weg naar welke hulp/voorzieningen beschikbaar zijn. Daarbij is de cliëntondersteuner op de hoogte van de geldende wet- en regelgeving en helpt de inwoner op weg naar passende ondersteuning, bijv. binnen de Wmo, Jeugd- of Participatiewet. Hiermee verschillen deze functies in doelgroep, toegang en inhoudelijke aandachtsgebieden.
64 GB
70 Hoe verhoudt de hoogte van de bijstandsuitkering in NB zich met de omliggende gemeenten zoals Tiel, Buren en Overbetuwe?
SP
De hoogte van de bijstandsuitkering wordt landelijk bepaald en is dus in iedere gemeente gelijk. De bijstandsnormen worden ieder half jaar bijgesteld en zijn hier te vinden: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2024/06/05/normenbrief1-juli-2024-informatie-voor-gemeenten.
15
65 VNB
66 VNB
70 In paragraaf 5.1.2.1. wordt met geen SP woord gerept over het nieuwe wetsvoorstel van school naar duurzaam werk die per 1 januari 2026 (onder voorbehoud van politieke besluitvorming door de Rijksoverheid) inwerking treed. Met name omdat in deze paragraaf ook het vso-pro wordt benoemd. Juist deze doelgroep is kwetsbaar zo blijkt uit de landelijke cijfers over voortijdig schoolverlaten. Met het nieuwe wetsvoorstel wordt deze doelgroep extra begeleidt bij instroom, doorstroom en uitstroom naar Entree of mbo-2. In dit nieuwe wetsvoorstel wordt ook de uitstroom naar werk en de verbinding met de arbeidsmarktregio verstevigd. Juist een doelstelling die kansen biedt voor onze gemeente. Ik ben benieuwd in hoeverre u bezig bent met de voorbereidingen op deze nieuwe wetgeving. Kunt u daar wat meer over vertellen? 70 Daarnaast is er als het goed is een SP programma voortijdig schoolverlaten die verlengd is tot 31 december 2025. Ook hier wordt niets over benoemd. Is daar een reden voor? Welke middelen vanuit het huidige programma voortijdig schoolverlaten zetten wij in voor deze doelgroepen (pro-vso, Entree en mbo-2). M.a.w. hoe worden deze middelen momenteel ingezet en hoeveel voor welke activiteiten? Dit bovenstaande geldt ook voor paragraaf 6.1. Ook hier wordt niets over deze ontwikkelingen gezegd.
Inderdaad is deze wetswijziging per 1 januari 2026 van invloed op de genoemde doelgroep schoolverlaters VSO/PRO. De taak van de uitvoerder van de Paticipatiewet om deze doelgroep naar passend werk te begeleiden, wordt verruimd. In onze arbeidsmarktregio wordt reeds samengewerkt tussen UWV, gemeenten, Werkgevers- en werknemersorganisaties en onderwijsinstellingen. Deze samenwerkingspartners bereiden zich gezamenlijk voor op de wetswijziging. Dit wordt (zoals de wet ook voorschrijft) regionaal opgepakt en gecoördineerd. In dit kader is onlangs een procesbegeleider van start gegaan die de samenwerkingspartners daarbij ondersteund.
De reden dat de aanpak Voortijdig Schoolverlaten hier niet specifiek benoemd is, is omdat het lopend beleid betreft en de huidige aanpak en financiering nog doorloopt tot en met 31 december 2025. De middelen vanuit het huidige programma vsv zetten we o.a. in voor plusvoorzieningen zoals time out- en reboundtrajecten op de VO en MBO scholen, voor het MBO jeugdteam en voor projecten gericht op het koppelen van onderwijs en arbeidsmarkt voor leerlingen van Entree en MBO2. Wat betreft Entree/mbo2 werken we samen met ROC Rivor en Yuverta. Alle vso/pro-scholen in de regio zijn ook betrokken in de aanpak.
16
67 GB
70 Kunt u de beweegredenen toelichten SP om deze taken van gemeente Buren over te hevelen naar Werkzaak Rivierenland? En heeft dit nadelige invloed op inwoners die hier nu in huidige vorm aanspraak op maken?
Het is juist onze overtuiging dat de dienstverlening aan onze inwoners op deze wijze structureel verbetert, die tot dit besluit heeft geleid. Daarvoor zijn diverse argumenten aan te voeren, die ook kort benoemd werden in de raadsinformatiebrief van afgelopen juni (RIB-46). Na het verzoek van gemeente Buren tot aanpassing van de huidige vergoeding, valt het verschil in uitvoeringskosten in de mogelijke scenario's grotendeels weg. Daarom is een afweging op inhoudelijke grnden gemaakt. Een groot verschil tussen de uitvoeringsorganisaties Werkzaak en gemeente Buren, is de schaalgrootte. Dit vertaalt zich niet alleen in de verminderde kwetsbaarheid van de organisatie, maar ook in de grotere mogelijkheden om inwoners (met of zonder arbeidsbeperking) te begeleiden.naar werk. Omdat Werkzaak van oudsher ook mensen met een arbeidsbeperking begeleidt, zijn er bij Werkzaak meer expertise en voorzieningen in huis om dit te doen. Doordat Werkzaak een regionale organisatie is met een groter klantenbestand, kan er vaker een gespecialiseerd project opgestart worden voor specifieke doelgroepen binnen de participatiewet, zoals laaggeletterden, psychisch kwetsbaren, jeugdige werklozen en statushouders. Ze kunnen voldoen aan voorwaarden om (co-) financiering te ontvangen voor dergelijke projecten via rijk, provincie of Europese Unie.
Doordat Buren een kleiner klantenbestand heeft, zijn er over het algemeen niet voldoende geschikte kandidaten om gebruik te kunnen maken van dergelijke (financierings)mogelijkheden. In zowel hun Meerjarenbeleidsplan als de jaarlijks begroting laat Werkzaak zien, hoe zij jaarlijks hun re-integratie instrumentarium bijstellen en focussen op de voornaamste uitdagingen van onze doelgroep en onze arbeidsmarktregio. Daarnaast hebben wij in de afgelopen jaren bemerkt, dat de visie van Werkzaak op klantbenadering en dienstverlening aan kwetsbare inwoners meebeweegt met landelijke ontwikkelingen en beter aansluit bij onze wensen, dan de klantbenadering in Buren. Bovendien is het mogelijk om (als één van de acht deelnemers) in gesprek te treden met Werkzaak hierover. In de huidige constructie met een Dienstverleningsovereenkomst is deze mogelijkheid beperkt: we nemen een dienst af zoals de aanbieder deze uitvoert.Deze ervaring maakt eveneens dat de voorkeur uitgaat naar Werkzaak als uitvoerder. Eind oktober/begin november ontvangt u een volgende raadsinformatiebrief.
17
68 GB
70 Wat doen we eigenlijk echt om een SP dementievriendelijke gemeente te zijn en hoe ziet de inwoner dit terug?
In de raadsinformatiebrief van 10 juni 2024 bent u geïnformeerd over het plan van aanpak dementievriendelijk Neder-Betuwe. Hierin is terug te lezen welke doelstellingen we hebben en welke activiteiten hier voor uitgevoerd gaan worden in de periode 2024-2026.
69 GB
71 Wordt bij deze ondersteuning ook specifiek rekening gehouden met kinderen van deze statushouders?
SP
Bij de ondersteuning van statushouders wordt rekening gehouden met hun persoonlijke situatie en specifieke hulpvragen. Dit betekent dat er maatwerk wordt geleverd om hen zo goed mogelijk te helpen integreren. Voor statushouders met kinderen wordt de inschrijving voor kinderopvang, vooren vroegschoolse educatie (VVE), en scholen geregeld zodat hun kinderen een goede start kunnen maken in de nieuwe omgeving.
70
71 Wordt er voldoende rekening gehouden met de cultuurverschillen en achterstanden die men ondervindt bij het plaatsen in het reguliere basis onderwijs?
SP
Voor statushouders met kinderen wordt ondersteuning geboden bij de inschrijving voor kinderopvang, voor- en vroegschoolse educatie (VVE) en scholen in het eerste jaar na hun verhuizing naar onze gemeente. Wat betreft het omgaan met achterstanden en cultuurverschillen in het onderwijs, hebben scholen de vrijheid om hun eigen beleid te voeren. Dit betekent dat elke school zelf bepaalt hoe zij deze uitdagingen aanpakken en welke methoden zij gebruiken om kinderen te ondersteunen.
71 VVD
72 Welke kosten zijn er gemoeid met het punt 5.2.1.1 en wat is hier concreet het effect van geweest? Zijn we kritisch op de uitgaven op dergelijke preventie en coaches?
SP
De kosten voor dit doeleinde zijn niet in een getal uit te drukken omdat ze versnipperd zijn over verschillende taakvelden binnen de eigen begroting en externe financieringsstromen (specifieke uitkeringen). We zijn kritisch op al onze uitgaven en de effectiviteit daarvan. We sluiten waar mogelijk aan bij landelijke thema’s (bv. valpreventie) en programma’s (bv. JOGG). Het effect van preventie en investeringen in een gezonde leefstijl is echter moeilijk te meten. Het gaat veelal om gewenste gedragsveranderingen op de lange termijn, binnen een complex speelveld. Landelijke onderzoeken laten zien dat het behalen van concrete resultaten weerbarstig is, maar dat er wel degelijk goede stappen worden gezet om een gezondere leefomgeving te creëren.
18
72 VNB
73 VNB
74 VNB
73 In subparagraaf 5.2.1.2. staat dat SP “we inzetten op het versterken van de mentale gezondheid (…)”. Uit landelijke cijfers blijkt dat het aantal jongeren met mentale problemen erg is toegenomen. Geldt dat ook voor onze gemeente? Zijn daar cijfers van? 73 Voor wat betreft OKO. In hoeverre SP worden scholen en ouders hierin meegenomen? OKO is afgeleid van het IJslandse model. In IJsland was deze aanpak zeer effectief, omdat het collectief werd benut bij het maken van afspraken. Hierbij worden onderzoeksresultaten op scholen besproken (m.b.t. allerlei thema’s) met ouders en sluiten partijen een overeenkomst af. Dus uitgaan van collectieve preventie, doordat alle ouders daar ook mee instemmen. Wordt dit ook meegenomen bij de OKO-aanpak in onze gemeente? 73 In subparagraaf 5.2.3.1. wordt SP gesproken over versterking van relaties en bieden van ondersteuning bij scheiding. Hoeveel inwoners maken hier gebruik van (relatieloket)?
Voor de meest recente cijfers over de mentale gezondheid van jongeren in onze gemeente verwijzen wij u naar de GGD Gezondheidsmonitor Jeugd waarover wij u eerder informeerden in RIB-53 in relatie tot de aanpak alcoholgebruik onder jongeren.
Ook in Neder-Betuwe gaan we uit van collectieve preventie. De middelbare scholen hebben onder andere een rol bij het afnemen van de enquete. We bespreken de onderzoeksresultaten met iedereen die daar belangstelling voor heeft. Ook met ouders en scholen. Zo proberen we tot enkele speerpunten te komen waar iedereen zich in kan vinden en waar we met elkaar aan kunnen werken.
Op dit moment zien we dat vooral de complexe casussen de gemeente bereiken. De wens is uiteraard om meer preventief te gaan werken. De afgelopen tijd hebben we onderzocht hoe we dit in onze gemeente kunnen vormgeven. Dit zullen we onder andere gaan doen door in te zetten op het verbeteren van het pedagogisch gezinsklimaat en door het bieden van (vroege) ondersteuning aan gezinnen waarin er sprake is van aan partnerrelatie gerelateerde problematiek. Binnenkort zal de raad een update ontvangen over dit proces middels een RIB jeugd die naar verwachting eind oktober/begin november zal verschijnen.
19
75 SGP
73 / 86
5.2.1.1. / 6.2.1.1. Hoe lang loopt “Gezond op eigen wijze” al. Zijn er resultaten zichtbaar? Zo ja, welke?
SP
Gezond op eigen wijze is gelanceerd in juli 2023. In deze periode is een coalitie opgezet met ruim veertig partners en daaromheen meerdere samenwerkingen. Daarnaast zijn er campagnes geweest over gezonde voeding (Trommel zonder rommel) en bewegen (Route 66). Er is een jaarplan met een activiteitenkaleder om samen met partners Gezond op eigen wijze onder de aandacht te brengen, zoals bijvoorbeeld tijdens de Nationale ouderendag, verschillende jaarmarkten of tijdens de Kinderboekenweek. Gezond op eigen wijze is een herkenbaar merk voor inwoners en helpt partners de boodschap van gezonde leefstijl over te brengen en de leefomgeving gezonder te maken.
76 SGP
73 5.2.1.3. We gaan verder met project SP preventieve huisbezoeken. Dit was een pilot vanuit 2023 die in 2024 zou worden geëvalueerd. Kunt u de resultaten van deze evaluatie delen en aangeven waarom deze dienst nu volwaardig wordt doorgezet?
De pilot heeft in 2024 enkele maanden nagenoeg stil gelegen als gevolg van personele wisselingen bij Welzijn Rivierstroom. Hierdoor is er nu nog onvoldoende zicht op het resultaat. Daarom is in overleg met Welzijn Rivierstroom besloten om de looptijd van pilot te verlengen tot 1 juni 2025, binnen de daarin afgesproken kaders en financiele middelen.
77 SGP
73 5.2.3.1 Relatieloket. In 2024 stond er SP in de begroting dat het relatieloket gerealiseerd zou worden. Nu is het plan om het loket invulling te geven. Wat is nu eigenlijk de status?
We vinden het erg belangrijk dat de gekozen vorm goed aansluit bij de behoeften van onze inwoners. Daarom is de afgelopen tijd gewerkt aan een plan dat moet bijdragen aan het voorkomen van schade bij kinderen ten gevolge van de scheiding/relatiebreuk van ouders. We starten met de implementatie begin 2025. Binnenkort zal de raad een update ontvangen over dit proces middels een RIB jeugd die naar verwachting eind oktober/begin november zal verschijnen.
78 CU
73 Er wordt ingezet om op regionaal niveau complexe jeugdzorg te verbeteren. Regelmatig horen we berichten over wachtlijsten in de jeugdzorg. Zijn er in Neder-Betuwe jongeren die lange of kortere tijd wachten op toegang tot jeugdzorg?
In verband met de hoeveelheid gecontracteerde jeugdzorg aanbieders en de verschillen in wachttijden per aanbieder, kan er geen eenduidig antwoord worden gegeven op deze vraag. Wanneer we een hulpvraag voor een jeugdigde ontvangen, maken we gebruik van de beschikbaarheidswijzer. In deze applicatie staan alle gecontracteerde zorgaanbieders mét de actuele wachttijden. Dit kunnen we gebruiken om een jeugdige zo snel mogelijk passende zorg te bieden.
SP
20
79 SGP
74 5.2.3.5. ‘een laagdrempelige SP toegang voor opvoed- en opgroeivragen’. Wat is dit? Is dat niet hetzelfde als een relatie- / gezinsloket?
Met een laagdrempelige toegang bedoelen we dat opvoeders weinig tot geen drempels ervaren om hulp of advies te vragen. Een voorbeeld hiervan is de pilot jeugd 0-4 jaar waarbij opvoeders (ouders en pedagogisch medewerkers) van jonge kinderen een directe lijn kunnen leggen naar een sociaal werker die specialist is op dit thema. Daarnaast vinden we het ook belangrijk dat opvoeders toegang hebben tot laagdrempelige ondersteuning om zoveel mogelijk op eigen kracht te kunnen doen. De term relatie- / gezinsloket is afkomstig vanuit het plan dat richt op preventie van complexe scheidingen en dit impliceert een fysiek loket, wat in onze gemeente niet passend blijkt te zijn. Meer informatie hierover vindt u in de RIB die, naar verwachting medio november verschijnt.
80 SGP
74 5.2.4.1. “We gaan aan de gang met SP nieuwe initiatieven”. Welk gat dekken deze nieuwe initiatieven / wat vervangen deze initiatieven?
De nieuwe initiatieven zijn gericht op ondersteuning voor kwetsbare (aanstaande) ouders tijdens de eerste 1000 dagen met hun kind. We willen dat (aanstaande) ouders die ondersteuning nodig hebben sneller in beeld komen en sneller en laagdrempeliger worden geholpen. We willen dat deze ouders weten waar zij met hun vragen, laagdrempelig, terecht kunnen. Dit doen we bijvoorbeeld door het verbinden van het sociaal domein en de geboortezorg, en door te starten met de pilot jeugd 0-4. Andere initiatieven die we inzetten zijn bijvoorbeeld het Babystartpakket en voorlichtingsbijeenkomsten voor ouders door verloskundigen en partners uit het sociaal domein samen. Nieuwe initiatieven zijn aanvullend en vervangen geen andere initiatieven. Ze ondersteunen en versterken bestaande inititatieven.
81 SGP
74 5.2.4.2. “We gaan in 2025 aan de slag met een kwaliteitsslag van het schoolmaatschappelijk werk …”.
SP
21
82 SGP
74 A: Hoe moeten we dit zien in het licht SP van de zojuist gelopen aanbestedingsprocedure en (voor het identiteitsgebonden deel) een wisseling van aanbieder?
Dit hangt met elkaar samen. Het schoolmaatschappelijk werk heeft de komende jaren nog meer dan nu al het geval is nadrukkelijk een preventieve en collectieve functie in ons gemeentelijk jeugdbeleid. Dit vraagt om verandering van de opdracht en gevraagde kwaliteitseisen van het schoolmaatschappelijk werk. Om hier aan te voldoen is de huidige opdracht tegen het licht gehouden en zijn de kwaliteitseisen aangepast in samenspraak met de scholen. Deze nieuwe opdracht is via een Europees openbaar proces aanbesteed. De aanbieders zijn gegund op basis van kwaliteit van de inschrijving. Vanaf 1 januari 2025 treedt de nieuwe opdracht in werking.
83 SGP
74 B: We hebben in 2023/2024 het SMW juist uitgebreid omdat het SMW zoveel positieve resultaten had. Waar komt de wens van een kwaliteitsslag vandaan?
SP
Het schoolmaatschappelijk werk is uitgebreid omdat het een duidelijke meerwaarde heeft voor onze jeugdigen. De wens voor een kwaliteitsslag komt voort uit de veranderende aard van de opdracht, waarbij de nadruk nog meer komt te liggen op de collectieve, preventieve functie. Het gaat dan om bijvoorbeeld aandacht voor normaliseren, een meer groepsgerichte aanpak en vanuit een bredere context naar het kind kijken. Zie verder ook antwoord 74A
84 VNB
74 In subparagraaf 5.2.4 wordt SP ingegaan op “kansrijke start”. Wordt hierbij ook nog steeds aandacht gegeven om een eventuele kinderwens te bespreken bij (aanstaande) ouders? Dit uit het principe van de werking van “nu niet zwanger”. 74 In subparagraaf 5.2.4.2. wordt SP gesproken om het aantal pilots “jeugdhulp op school” te vervolgen op een aantal scholen. Hoe wordt hierbij een selectie gemaakt tussen de scholen waar deze pilots plaatsvinden? Is hierbij ook aandacht voor het jeugdhulpverbruik op desbetreffende school? Wordt er ook gewerkt aan onderwijszorgarrangementen?
Nu Niet Zwanger biedt hulpverleners praktische en concrete tips om open en eerlijke gesprekken te voeren met kwetsbare (aanstaande) ouders over zowel kinderwens als seksualiteit en anticonceptie.
85 VNB
Bij de selectie van de pilots kijken we inderdaad naar jeugdhulpgebruik, schoolweging en naar de eventueel door school zelf ontvangen middelen van het Rijk vanuit de regeling 'Brugfunctionaris'. Een aantal scholen in onze gemeente heeft deze rijkssubsidie namelijk ontvangen en ingezet voor continuering van de pilotwerkwijzen, zoals het Palet in Kesteren. Daarnaast werken we indien nodig ook aan onderwijs-zorg constructies. Dat doen we in 2025 bijvoorbeeld voor een aantal leerlingen op de Rehobothschool in Opheusden in samenwerking met Entrea.
22
86 VNB
87 VNB
88 VNB
74 Subparagraaf 5.2.4.2. hoe hoog is SP het aantal vsv’ers in onze gemeente? 75 Bij de beleidsindicator “jongeren met SP jeugdhulp” zie we een redelijke toename van het jeugdhulpverbruik. Deels zal dit nog te wijten zijn aan de coronaperiode. Ziet u ook een toename van het aantal jongeren met een zwaardere indicatie? Bijvoorbeeld meer jongeren met behandeling in plaats van begeleiding?
In schooljaar 2022-2023 waren er in onze gemeente 38 voortijdig schoolverlaters van in totaal 2207 leerlingen.
75 Algemene vraag: Bij veel cijfers zien SP we een toename bij de beleidsindicatoren en de uitkomsten. In hoeverre bent u bezig met datagestuurd werken als het gaat om deze cijfers? Is het jeugdhulpgebruik in bepaalde kernen of wijken bijvoorbeeld hoger dan in andere kernen of wijken en past u daar ook het beleid in aan (bijvoorbeeld in bepaalde opgaven voor een specifieke wijk of buurt)? Dit in het kader van “ongelijk investeren voor gelijke kansen, maar geen gelijke uitkomsten”.
Sinds medio 2024 werken wij ambtelijk met een dashboard met kwantitatieve data. Deze gebruiken wij voor duiding en onderbouwing op inhoudelijke en financiële ontwikkelingen. Omdat we pas kort met dit dashboard werken is het voor nu nog te vroeg om beleidsmatig in te kunnen zetten op opgaven voor specifieke kernen/buurten/wijken. Dit is een gewenste ontwikkeling voor de toekomst.
De cijfers die vermeld staan in de beleidsindicator zijn afkomstig van het CBS. Tussen 2020 en 2021 zien we inderdaad een stijging in het percentage jongeren met jeugdhulp. Dit is echter te verklaren door de nieuwe rekenmethode die het CBS in 2021 heeft doorgevoerd. Dit heeft geresulteerd in de stijging van het percentage jongeren met jeugdhulp in Neder-Betuwe én zorgt er tevens voor dat de cijfers van 2021-2023 niet goed meer te vergelijken zijn met de cijfers van 2015-2020. Aan de feitelijke situatie is echter niets veranderd: het aantal jongeren met een indicatie is de afgelopen jaren stabiel gebleven en ligt nog altijd onder het landelijk gemiddelde. Wanneer we kijken naar de verdeling van jongeren over de jeugdzorgproducten, zien we ook geen grote verschuivingen naar de zwaardere zorgvormen.
23
89 VNB
90 GB
91 SGP
Algemene vraag: in de kadernota SP lezen wij niets over de sociale basis en de beweging maken naar de voorkant. Aangezien er veel kortingen plaatsvinden op het jeugdhulpbudget is het versterken van de sociale basis erg belangrijk. Ook in het kader van het creëren van een sterke pedagogische basis. Zijn er wel ontwikkelingen op dit vlak? Zo ja, welke ontwikkelingen zijn dit? Het gaat ons hierbij meer over de collectieve aanpak en geen individuele aanpakken die maar enkele doelgroepen aangaat. 75 In de tabel op deze pagina wordt SP meerdere malen Verwey Jonkers Instituut Kinderen in Tel genoemd. Wordt hier Tiel bedoeld?
Aandacht voor preventie is van groot belang om te voorkomen dat jeugdigen in de jeugdhulp terecht komen. Normaliseren en een stevige leefomgeving zijn de basis van ons jeugdbeleid waarop de laatste jaren flink geïnvesteerd is. Hiervoor lopen al vele initiatieven welke aansluiten bij onze inwoners. Hierbij kun je denken aan de aanbesteding van het schoolmaatschappelijk werk, ons sociaal team, maatwerk JGZ, maar ook activiteiten vanuit het preventieteam en andere maatschappelijke partners. De huidige ontwikkelingen richten zich dus vooral op het versterken en beter laten aansluiten van het huidige aanbod. Aangezien dit geen nieuw beleid is had dit inderdaad geen specifieke plek in de kadernota.
76 Werkzaak Rivierenland: De WSW heeft geen instroom meer. De ‘nieuwe’ mensen in deze doelgroep werken onder de indicatie ‘beschut werk’. Waardoor komt het dat de instroom in deze groep veel lager is dan verwacht? Waar blijft deze groep?
Allereerst is de instroom (landelijk gezien) lager dan de prognoses als gevolg van een strengere wijze van indicatie voor "beschut werk" in vergelijking tot de vroegere SW. Ook demografische ontwikkelingen (een dalend aantal leerlingen dat uitstroomt) kan landelijk gezien meespelen. Daarnaast hebben we het vermoeden dat niet iedereen die aanspraak zou kunnen maken op deze indicatie, bij de gemeente in beeld is. Het kan zijn dat zij thuis zitten of gebruik maken van een andere voorziening (zoals dagbesteding in het kader van de Wmo). We krijgen vanuit de huidige uitvoerder van de Participatiewet onvoldoende zicht op welke initiatieven zij nemen om de doelgroep beter in beeld te krijgen.
SP
Het betreft een rapportage van Verwey Jonker Instituut genaamd Kinderen in Tel met data over welzijn van kinderen en jongeren in Nederland, en is volgens de wettelijke regeling de nog steeds de bron. Helaas bestaat deze bron niet meer en hebben wij de informatie overgenomen van het CBS (waarstaatjegemeente).
24
92 SGP
77 GGD, gezondheid & milieu: Hoe verhoud deze taak van de GGD zich tot de taak van de Omgevingsdienst Rivierenland t.a.v. gezondheid en milieu? In hoeverre overlappen deze elkaar?
SP
Zowel de GGD als de omgevingsdienst kunnen adviseren op inrichting van de leefomgeving en effecten hiervan op gezondheid. De GGD voert echter geen bouwtaken uit en handelt geen vergunningsaanvragen af. De GGD handelt op basis van de Wet Publieke Gezondheid en de omgevingsdienst voornamelijk op basis van de omgevingswet. Zij werken complementair aan elkaar. Contacten tussen deze twee verbonden partijen zijn van belang en hier hebben we oog voor.
93 VVD
78 Is er ook gekeken naar de huidige staat van de bussen en of vervanging noodzakelijk is? Kijken we bij de vervanging ook naar mogelijke duurzame bussen?
SP
Op basis van de vastgestelde nadere regel "subsidie vervanging buurtbus Klaartje en Swobrik 2019" is het jaar 2025 het eerste moment waarop vervanging aan de orde kan komen. We zijn in gesprek met de Stichting Welzijn Ouderen (SWO) over het gebruik en de staat van de bussen. Hieruit blijkt dat de bussen intensief gebruikt worden en door de vele ritten over korte afstanden de kosten voor onderhoud en reparaties stijgen. Er wordt in samenspraak met de SWO een afweging gemaakt wanneer vervanging het beste moment is. Hierbij wordt ook onderzocht of het mogelijk is om over te gaan op elektrisch vervoer.
94 SGP
79 Verhoging subsidiebudget preventief SP (40.000). Om welke succesvolle initiatieven gaat dit?
De afgelopen tijd hebben we ingezet op het tegengaan van eenzaamheid onder jongeren en het versterken van het mentaal welbevinden. In 2025 willen we dit continueren door deze middelen in te zetten voor initiatieven zoals Join Us en BeWell.
25
95 SGP
79 Samenwerkingsovereenkomst SP Sociaal Domein. Waarom leidt een overeenkomst waarmee meer inzicht en grip op de kosten komt, tot een structureel nadeel? Beter niet kunnen doen dan?
De samenwerkingsovereenkomst Sociaal Domein is allereerst vanuit inhoudelijke overwegingen afgesloten. We staan als regiogemeenten gezamenlijk voor complexe maatschappelijke opgaven in het Sociaal Domein. Deze opgaven benaderen binnen een netwerksamenwerking draagt bij aan een meer efficiënte aanpak en het bereiken van een hoger kwaliteitsniveau. Bijkomend voordeel is dat de (personele) kwetsbaarheid van de afzonderlijke gemeenten afneemt. Verder wordt de reeds bestaande samenwerking beter geborgd door duidelijke afspraken te maken over welke opgaven we regionaal aanpakken en welke financiën en capaciteit daarbij horen. Dit leidt tot beter inzicht in de kosten en een betere sturing. Het afsluiten van de overeenkomst past verder bij bovenregionale en landelijke ontwikkelingen. Er wordt, met name vanuit het Rijk, steeds meer van (jeugdhulp)regio's verwacht. Het structurele nadeel zit hem met name in het feit dat er een programmamanager wordt aangesteld om de netwerksamenwerking te coördineren. Gezien de vele opgaven en partijen is dit een onmisbare functie. Vanuit de inkoop Wmo en Jeugd is een dergelijke project-/programmamanager al sinds 2020 werkzaam voor de gemeenten, maar dit was tot nu toe steeds op incidentele basis. Dit heeft tot dezelfde kosten geleid.
Nu is de functie structureel gemaakt, wat tot meer grip op de (regionale) kosten leidt omdat er vooraf meer inzicht is in welke kosten er met de netwerksamenwerking gemoeid gaan.