CConstaterende datMook en Middelaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2021 (versie raad 2022-06-16).PDF

Raadsvergadering 16 juni 2022, gemeente Mook en MiddelaarBij agendapunt: Jaarstukken 202130.930 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

De opbrengst is bestemd voor onderhoud en vervanging van de bestaande riolering; e) De afvalstoffenheffing is geheven ter dekking van de kosten voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval; f) De tarieven Landtoeristenbelasting en watertoeristenbelasting zijn in 2021 geïndexeerd met 2,05%; g) De gemeentelijke leges zijn berekend voor de door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. De leges zijn voor 2021 geïndexeerd met 2,05%.

Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen

De mogelijkheid tot belastingheffing is verankerd in de Gemeentewet (Gw). Hieronder vindt u een opsomming van alle belastingen die geheven mogen worden, onderverdeeld in belastingen die in 2021 daadwerkelijk geheven zijn en belastingen die niet door Mook en Middelaar opgelegd worden. Van belastingen die geheven worden, is door de raad een belastingverordening vastgesteld. Een meer uitgebreide toelichting op de diverse belastingen vindt u terug in de Programmabegroting 2021. Belastingen/heffingen in Mook en Middelaar  Onroerende-zaakbelastingen (art. 220 Gw);  ozb eigenaren woningen;  ozb eigenaren niet-woningen;  ozb gebruikers niet-woningen;  Baatbelasting (t/m 2023) (art. 222 Gw);  Forensenbelasting (art. 223 Gw);  Toeristenbelasting (art. 224 Gw);  Landtoeristenbelasting;  Watertoeristenbelasting;  Hondenbelasting (art. 226 Gw);  Precariobelasting (art. 228 Gw);  Rioolheffing (art. 228a Gw);  Leges (art. 229 Gw).  Reinigingsrecht bedrijven (art. 229 Gw);  Afvalstoffenheffing (art. 15.33 Wet Milieubeheer)

65

2.1. Jaarverslag Belastingen/heffingen die niet geheven worden  Belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten (zoals woonboten) (art. 221 Gw)  Parkeerbelasting (art. 225 Gw)  Reclamebelasting (art. 227 Gw) Benchmark lokale lasten Tot en met 2019 gold een landelijke macronorm. Deze was bedoeld om een onevenredige stijging van de collectieve lastendruk te beperken dan wel te voorkomen. De macronorm was al langer onderwerp van discussie omdat deze weinig effectief bleek. Vanaf 2020 is de macronorm vervangen door de benchmark lokale lasten. Deze benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning. De woonlasten zijn de som van de gemiddeld betaalde ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing minus een eventuele heffingskorting. Volgens de Coelo Atlas van de lokale gemeenten 2021 bedragen de gemiddelde woonlasten in Limburg voor een meerpersoonshuishouden en eigen woning € 849. De woonlasten voor Mook en Middelaar zitten boven het gemiddelde met een bedrag van € 923. Voor huurders zitten we echter onder het gemiddelde (zie verder hieronder).

Aanduiding van de lokale belastingdruk

a. Tarieven In onderstaand overzicht treft u de tarieven aan inzake de belastingen over de jaren 2019 t/m 2021. De tarieven over 2021 zijn op 16 december 2020 door de raad vastgesteld. De tarieven voor de ozb zijn op 28 januari 2021 gewijzigd vastgesteld. Belastingtarieven

2019

2020

2021

Algemene inflatiecorrectie

2,55%

1,53%

2,05%

- tarief woningen eigenaren

0,1264%

0,1409%

0,1500%

- tarief niet-woningen eigenaren

0,2145%

0,2476%

0,3140%

- tarief niet-woningen gebruikers

0,1715%

0,1980%

0,2511%

-

-

0,2727%

- klasse I (van € 0 tot € 50k)

141,00

143,00

-

- klasse II (van € 50k tot € 150k)

265,00

269,00

-

- klasse III (van € 150k tot € 250k)

531,00

539,00

-

- klasse IV (van € 250k tot € 350k)

799,00

811,00

-

- klasse V (van € 350k tot € 450k)

1.066,00

1.082,00

-

- klasse VI (vanaf € 450k)

1.333,00

1.353,00

-

1,05

1,05

1,07

- 1e hond

54,72

55,56

56,64

- extra honden per hond

78,72

79,92

81,48

Onroerende zaakbelastingen:

Forensenbelasting: - tarief van de woz-waarde (vanaf 2021)

Toeristenbelasting

Hondenbelasting:

66

Jaarstukken 2021 Belastingtarieven

2019

2020

2021

- tarief kennel

381,72

387,60

395,04

Rioolheffing

237,07

162,00

164,68

- afvalstoffenheffing (vastrecht woningen)

143,00

143,00

148,80

- reinigingsrecht (vastrecht niet-woningen)

71,50

71,50

74,40

- variabel tarief pmd

0,00

0,00

0,00

- variabel tarief gft

0,09

0,09

0,11

- variabel tarief restafval

0,27

0,28

0,31

Reinigingsheffingen:

Belastingdruk Mook en Middelaar Lastendruk De belastingaanslagen voor onroerende-zaakbelastingen (ozb), rioolrechten en afvalstoffenheffing, vormen de lastendruk vanwege gemeentelijke heffingen. De gehanteerde kengetallen zijn:   

Een gemiddelde woningwaarde van € 324k ten behoeve van de ozb (bron CBS); Een gemiddeld voorlopig ingezameld/gestort gewicht van 147 kg GFT en 231 kg restafval per huishouding per jaar (totaal 378 kg) (bron CBS); Eén rioolaansluiting.

De gemiddelde lastendruk over de jaren 2018-2021 bedroeg (bedragen in euro’s). Bedragen in € Lastendruk Gemiddelde woningwaarde

2018

2019

2020

2021

277.000

291.000

308.000

324.000

388 kg (144 kg gft en 244 kg rest)

374 kg (142 kg gft en 232 kg rest)

379 kg (147 kg gft en 232 kg rest)

378 kg (147 kg gft en 231 kg rest)

- Ozb

368

368

434

462

- Rioolheffing

235

237

162

165

- Afvalstoffenheffing

209

218

221

236

Totaal

811

823

817

863

113%

114%

113%

120%

Afvalstoffenheffing

209

218

221

236

Totaal

209

218

221

236

106%

111%

112%

119%

Afval per huishouden

Eigenaar woning:

Index (2011 = € 720 = 100%)

Huurder:

Index (2011 = € 198 = 100%)

Gemiddelde stijging per jaar tussen 2011 en 2020: 1,4% per jaar voor eigenaren en 1,3% voor huurders.

67

2.1. Jaarverslag Belastingdruk andere gemeenten COELO onderzoekt jaarlijks de woonlasten per huishouden. Naast de drie belastingen ozb, afvalstoffenheffing en rioolheffing houdt Coelo ook rekening met een eventuele heffingskorting. In onderstaande tabel zijn van een aantal buurgemeenten de woonlasten 2021 per gemeente weergegeven.

Bedragen x € 1 Mook en Middelaar

Gennep

Heumen

Cuijk

Gemidd. Limburg

Eenpersoonshuishouden

869

729

800

720

772

Meerpersoonshuishouden

923

791

866

728

832

Rangnummer *)

310e

130e

235e

49e

Eenpersoonshuishouden

203

257

152

243

314

Meerpersoonshuishouden

258

319

217

251

371

Rangnummer *)

32e

95e

11e

28e

Lastendruk 2021 Eigenaar-bewoner

Huurder

*) voor huurders alleen afvalstoffenheffing

Bron: Coelo (www.coelo.nl)

Kwijtscheldingsbeleid

Voor mensen met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van een gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de geheven belasting. Kwijtschelding is alleen mogelijk voor afvalstoffenheffing. Kwijtschelding beïnvloedt de opbrengst van de afvalstoffenheffing in negatieve zin. Het is toegestaan om deze inkomstenderving als kostenpost op te nemen in de tariefberekening van de afvalstoffenheffing. Sedert 2010 gebeurt dat. De gemeente Mook en Middelaar hanteert een 100% kwijtscheldingsnorm. Voor de hondenbelasting kan geen kwijtschelding worden aangevraagd. In 2021 is voor € 21k kwijtschelding verleend, waarvan € 9k betrekking had op de afvalstoffenheffing 2e halfjaar 2020 dat in 2021 is opgelegd. Stand van zaken inzake de Wet waardering onroerende zaken Algemeen De werkzaamheden rondom de woz (Wet waardering onroerende zaken) maken blijvend een wezenlijk onderdeel uit van de uitvoering van de belastingheffing, met name voor de ozb. Daarom zijn de activiteiten in dit kader opgenomen in deze paragraaf. BsGW Vanaf belastingjaar 2021 neemt de BsGW (Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen) de werkzaamheden met betrekking tot waarderen, heffen en invorderen van de gemeentelijke belastingen over van de gemeente Nijmegen. De voorbereidingen hiervoor waren in 2020 al gestart.

68

Jaarstukken 2021

2.1.15. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Portefeuillehouder Wethouder Herings Wettelijk kader Begroting Deze paragraaf bevat op grond van artikel 11 BBV ten minste:  een inventarisatie van de weerstandscapaciteit;  een inventarisatie van de risico's;  het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's;  een kengetal voor de: - netto schuldquote; - netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; - solvabiliteitsratio; - grondexploitatie; - structurele exploitatieruimte; - belastingcapaciteit. Op grond van artikel 18 ‘Financiële verordening gemeente Mook en Middelaar 2019’ hoeven er, naast de wettelijk verplichte onderdelen, geen aanvullende gegevens vermeld te worden in deze paragraaf. Jaarverslag Op grond van artikel 26 BBV bevat deze paragraaf in het jaarverslag de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragraaf in de begroting is opgenomen.

Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is de hoeveelheid aan middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om onvoorziene kosten te dekken. In de gemeente Mook en Middelaar wordt de weerstandscapaciteit bepaald door de hoogte van de 'geblokkeerde' algemene reserve. De onvoorziene uitgaven, de onbenutte belastingcapaciteit en de stille reserves worden buiten beschouwing gelaten. Algemene reserve De algemene reserve, zoals bedoeld in artikel 43, lid 1, letter a BBV, is onderverdeeld in twee afzonderlijke reserves: de (geblokkeerde) Algemene reserve en de Vrij Besteedbare Reserve. De (geblokkeerde) Algemene reserve wordt volledig aangemerkt voor het opvangen van financiële risico's; daarom wordt het volledig tot het weerstandsvermogen gerekend. De (geblokkeerde) Algemene reserve bedraagt sinds 2017 € 2 miljoen.

Risico's

Tegenover de weerstandscapaciteit staan risico’s, die niet of niet geheel gedekt zijn en van substantieel belang (kunnen) zijn. De risico's betreffen risico's waarvoor geen (andere) maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Als een risico zich voordoet komen de financiële gevolgen niet ten laste van het rekeningresultaat, maar worden ze gecompenseerd door de Algemene reserve. De waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet wordt onderverdeeld in een van vijf categorieën:  Zeer laag (10%),  Laag (25%),  Midden (50%),

69

2.1. Jaarverslag  

Hoog (75%), Zeer hoog (90%).

De risico's worden op chronologische volgorde weergegeven. De Jaarstukken 2020 worden behandeld ná de Programmabegroting 2021. De risico's in de Jaarstukken 2020 worden afgeleid van de meest recente risico's zoals vermeld in de Programmabegroting 2021 en daar waar nodig aangepast aan de stand per eind 2020. De maatregelen kunnen zijn: accepteren, reduceren, elimineren of overdragen/verzekeren. (tabel met risico’s vanaf de volgende pagina)

70

Jaarstukken 2021 Nr STR/INC

Categorie Toelichting risico Soort maatregel Kwantificering risico

1

Verbonden partijen

INC 2

Accepteren Verbonden partijen

INC 3

Accepteren Juridische zaken

INC 4

Accepteren Archief

INC

Accepteren

Toelichting maatregel RisicoKans% inschatting

Berekende omvang risico

MGR MGR Uitgangspunt is dat de MGR zelf geen Het ingeschatte weerstandsvermogen van weerstandsvermogen opbouwt, maar dat de MGR wordt 'doorgeschoven' naar de deelnemende gemeenten hiermee deelnemende gemeenten. rekening houden. Voor de MGR bedraagt ons aandeel voor 2021 € 65k. € 65k Midden 50% € 32,5k Aandelenkapitaal NV's en BV's Periodiek wordt beoordeeld of we blijven Het risico en daarmee de deelnemen in het aandelenkapitaal van de aansprakelijkheid voor de aandeelhouders diverse vennootschappen. is beperkt tot de hoogte van het nominale aandelenkapitaal in de vennootschappen (art. 2:81 BW). € 439k Laag 25% € 109,75k Proceskosten Proceskosten komen incidenteel voor, maar kunnen leiden tot forse bedragen. € 200k

Door intern de juiste procedures te doorlopen, wordt de kans op processen verminderd, maar nooit helemaal weggenomen. Zeer laag 10% € 20k

Archief / Informatiebeheer Archief / Informatiebeheer Het te bewaren (papieren) archief is op De ontwikkelingen worden blijvend huurbasis ondergebracht bij het Regionaal gemonitord en daar waar nodig financieel Archief Nijmegen. vertaald. De archieffunctie krijgt een nieuwe plaats in de digitale samenleving. Centraal staat wat er nodig is om digitale overheidsinformatie beter duurzaam toegankelijk te houden voor de samenleving en de overheden zelf. Ook raken de doelen en ambities van de archiefsector steeds meer verbonden met die van de I- en ICT-ontwikkelingen. We zijn bijvoorbeeld verplicht aan te sluiten op het e-depot (digitaal te bewaren archieven). Het koppelen van systemen en centraal beheren van informatie is de basis om informatie op een juiste manier te kunnen ontsluiten. Voor onze inwoners komt dit bijvoorbeeld tot uiting in de digitale dienstverlening via de website. De toekomst vraagt dat we ons informatielandschap weloverwogen inrichten mede in relatie tot informatiebeveiliging. Deze ontwikkelingen hebben budgettaire consequenties. € 150k Zeer hoog 90% € 135k

71

2.1. Jaarverslag Nr STR/INC

Categorie Toelichting risico Soort maatregel Kwantificering risico

5

Onderwijs

INC 6

Reductie Dividend

INC 7

Accepteren Dividend

INC 8

Accepteren Haven

INC

Accepteren

Toelichting maatregel RisicoKans% inschatting

Berekende omvang risico

Het Kandinsky-college in Molenhoek is een permanente nevenvestiging onder bestuur van de Scholengroep Nijmegen. De gemeente is op grond van de Wet Voortgezet Onderwijs verantwoordelijk voor (vervangende) nieuwbouw, herstel van constructiefouten, herstel van schade. Voor dit laatste is zij verzekerd.

€ 120k

De huisvesting van onderwijsgebouwen behoort tot de gemeentelijke zorgplicht. Er is nieuwe regelgeving op komst die gemeenten daarin een nog bredere verantwoordelijkheid zal geven. Uit kwalitatieve onderzoeken is gebleken dat het Kandinsky-college slecht scoort. De komende jaren zal een besluit genomen moeten worden over renovatie of vervangende nieuwbouw. Het daarvoor In het investeringsplan 20202023 opgenomen krediet is in de zomerrapportage 2021 opgeschoven naar 2025. Naar verwachting zal in de tussenliggende tijd een wetswijziging van kracht worden die nadere inzichten gaat geven in de verantwoordelijkheden van schoolbesturen en gemeenten en de financiële middelen hiervoor. Midden 50% € 60k

BNG Van de BNG ontvangen wij o.b.v. ons aandelenbezit jaarlijks dividend over het afgelopen jaar. Het beleid van de BNG is om 25% van de nettowinst uit te keren aan de aandeelhouders. De verwachte dividenduitkering à € 157k (conform begrotingsbrief provincie) is structureel opgenomen in de begroting, echter het is een risico of het geraamde bedrag aan inkomsten ook daadwerkelijk wordt ontvangen. € 157k

Het te ramen bedrag voor de dividendopbrengst van de BNG wordt bepaald op hetgeen de Provincie in haar jaarlijkse begrotingsbrief vermeldt. Als hiervan wordt afgeweken, moet hiervoor een goede verklaring zijn. Het is altijd mogelijk dat (een deel van) de geraamde dividendbaten niet gerealiseerd worden. Dit risico wordt laag ingeschat en acceptabel bevonden.

Laag

25%

€ 39,25k

Wij zijn aandeelhouder van Enexis, dat de infrastructuur van de energievoorziening in bezit heeft. Daarnaast zijn wij aandeelhouder in enkele kleinere vennootschappen die zijn opgericht bij de verkoop van Essent. In de begroting is rekening gehouden met een dividendopbrengst van € 90k. € 90k

Het te ramen bedrag voor de dividendopbrengst van Enexis wordt bepaald op hetgeen de Provincie in haar jaarlijkse begrotingsbrief vermeldt. Als hiervan wordt afgeweken, moet hiervoor een goede verklaring zijn. Het is altijd mogelijk dat (een deel van) de geraamde dividendbaten niet gerealiseerd worden. Dit risico wordt laag ingeschat en acceptabel bevonden. Laag 25% € 22,5k

Dichtslibben haven mede als gevolg van Wij hebben geen invloed op externe extreme hoogwaterstanden. Geschatte factoren, zoals waterstanden, kosten herstel €125k. De exacte kosten stroomsnelheden en mate van eventueel voor het opslaan van het slib worden dichtslibben. Dit risico valt hierdoor onder bepaald door het tijdstip van baggeren en de categorie ‘Accepteren’. de opslagcapaciteit. € 125k Midden 50% € 62,5k

72

Jaarstukken 2021 Nr STR/INC

Categorie Toelichting risico Soort maatregel Kwantificering risico

9

Haven (bouwkundig)

INC 10

Reductie Sociale woningbouw

INC 11

Accepteren Starterslening

INC

Accepteren

Toelichting maatregel RisicoKans% inschatting

Berekende omvang risico

Er is momenteel geen onderhoudsplan Het op te stellen onderhoudsplan aan de voor de bouwkundige staat van de haven. passantenhaven kan worden gekoppeld Er zijn ook geen middelen beschikbaar om aan de integrale visie voor de ontwikkeling eventueel onderhoud te plegen aan de en inrichting van het gebied Maasbouwkundige staat van de haven. Zie ook oever(zone), die naar verwachting de de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. komende jaren op het programma zal De kosten worden als stelpost geraamd op staan. Hierna kan het risico afgebouwd of € 500k. Nadat er een onderhoudsplan is verwijderd worden. opgesteld en de dotatie aan de voorziening voor groot onderhoud structureel in de begroting is opgenomen, kan dit risico verwijderd worden. € 500k Laag 25% € 125k Woningbouwcorporaties sluiten voor het Per 31 december 2019 staat er voor de uitvoeren van hun taak veelal leningen af sociale woningbouw een bedrag aan waarbij de gemeente gevraagd wordt om leningen uit van ongeveer € 9,6 miljoen als achtervang te dienen. Hiermede wordt (restant schuld) op een hoofdsom van bereikt dat de geldgever met een lagere € 15,8 miljoen. Wij kwantificeren het risico rentevergoeding genoegen neemt omdat op 10% van de omvang van de leningen. de gemeente als achtervang een zekere Het risico dat er daadwerkelijk een beroep debiteur is.

Sinds een aantal jaren is het gedaan wordt op de gemeente is Waarborgfonds Sociale Woningbouw minimaal. (WSW) in het leven geroepen, dat de functie van de gemeente overneemt en waardoor de woningbouwcorporaties met slechts één instituut te maken hebben en de zekerheid voor de gemeenten groter is. Bestaande leningen blijven tot aan het einde van de looptijd nog gewoon bij de gemeenten als achtervang-instituut. Door het WSW is de veiligheid nu nog beter geborgd. € 960k Zeer laag 10% € 96k In de raad van april 2010 is de De gemeente dient in dit fonds maximaal Verordening starterslening vastgesteld. € 130.000 te storten. De provincie Limburg Hierbij is tevens een fonds in het leven stort vervolgens maximaal een drievoudig geroepen waarop starters op de bedrag in het fonds (dus aandeel woningmarkt een beroep kunnen doen gemeente 25%, aandeel provincie 75%). voor het aantrekken van een lening. Deze De lener dient vervolgens de lening lening wordt verstrekt onder bepaalde volgens de bepalingen uit de verordening voorwaarden en tot een maximum bedrag af te lossen aan de kredietverstrekkers. tegen gunstige condities. Bij het Startersleningen lopen via de SVn. vaststellen van de Jaarstukken 2014 is door de raad besloten om het plafond van de starterslening te verhogen naar € 130k. € 130k Laag 25% € 32,5k

73

2.1. Jaarverslag Nr STR/INC

Categorie Toelichting risico Soort maatregel Kwantificering risico

12

UPW

INC 13

Accepteren Uitkering gemeentefonds

INC

Preventief

Toelichting maatregel RisicoKans% inschatting

Berekende omvang risico

De gemeente heeft een zogenaamd Uitgangspunt is 100% kosten t.o.v. de getrapt eigen risico bij een tekort op de ontvangen bijdragen van het Rijk. Het uitvoering van de UPW. De eerste schijf is eigen risico onder de vangnetuitkering 7,5% van het rijksbudget ad € 1,4 miljoen. wordt geaccepteerd als risico. Jaarlijks Het eigen risico bedraagt dan 100%. Bij wordt de stand van zaken m.b.t. het eigen een groter tekort ontvangt de gemeente risico / mogelijke aanvraag voor de 50% van het tekort tot 12,5% van het vangnetuitkering, voorgelegd aan de raad. rijksbudget als vangnetuitkering. Boven de 12,5% tekort krijgt de gemeente 100% vergoed. Het totale eigen risico komt hiermee uit op maximaal € 140k. Door corona gerelateerde ontwikkelingen is de verwachting dat over 2020 de gemeente niet uitkomt met het Rijksbudget. Dit is ook de verwachting voor 2021. € 140k Midden 50% € 70k Als gevolg van herijking van het We blijven de ontwikkelingen kritisch gemeentefonds treedt waarschijnlijk een volgen. Een mogelijkheid is om de nadeel op voor kleinere gemeenten. Op dit uitkeringen gemeentefonds voorzichtig te moment is het nadeel geraamd op € 50 ramen dan wel te egaliseren tot maximaal per inwoner. € 10,1 miljoen. € 400k Hoog 75% € 300k

Bedragen x € 1.000 Incidenteel

Risico

Kwantificering

Structureel

Berekend bedrag

Kwantificering

Berekend bedrag

Zeer laag

(10%)

1.160

116

0

0

Laag

(25%)

1.316

329

0

0

Midden

(50%)

450

225

0

0

Hoog

(75%)

400

300

0

0

Zeer hoog

(90%)

150

135

0

0

3.476

1.105

0

0

Totaal

Het totaal van het berekende risicobedrag komt daarmee uit op € 1.105k.

Beleid omtrent weerstandscapaciteit en risico's

Relatie weerstandsvermogen en risico's De ratio tussen de weerstandscapaciteit en de risico's is het weerstandsvermogen. De weerstandscapaciteit is de hoeveelheid aan middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. De risico's betreffen risico's waarvoor geen (andere) maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om mogelijke tegenvallers op te vangen zonder dat dit onmiddellijk invloed heeft op het beleid. Het weerstandsvermogen is van belang

74

Jaarstukken 2021 voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van de gemeente. In Mook en Middelaar wordt de weerstandscapaciteit bepaald door de hoogte van een 'geblokkeerde' algemene reserve. De onvoorziene uitgaven, de onbenutte belastingcapaciteit en de stille reserves worden buiten beschouwing gelaten. Weerstandsvermogen De weerstandscapaciteit bedraagt eind 2020 (afgerond) € 2 miljoen. Als de risico’s zoals deze hiervoor benoemd zijn, worden afgezet tegen de weerstandscapaciteit, kan worden geconcludeerd dat de gemeente Mook en Middelaar op dit moment meer dan voldoende capaciteit heeft om eventuele risico’s op te vangen. Soort risico

Berekende omvang

Huidige weerstands-

risico's

vermogen

Huidig weerstandsvermogen dekking in %

overdekking

Incidentele risico's

1.105

2.000

181%

895

Structurele risico's

0

5

n.v.t.

5

1.105

2.005

181%

900

Totaal

Beoordelingstabel weerstandsvermogen Categorie

Ratio weerstandsvermogen

Betekenis

vanaf

tot

A

2

∞

Goed / Uitstekend

B

1,4

2

Ruim voldoende

C

1

1,4

Voldoende

D

0,8

1

Matig

E

0,6

0,8

Onvoldoende

F

-∞

0,6

Ruim onvoldoende

Kengetallen

Kengetallen

R2020

B2021 *)

R2021

1a)

netto schuldquote

-13%

15%

-16%

1b)

netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-16%

15%

-19%

2)

solvabiliteitsratio

32%

35%

38%

3)

structurele exploitatieruimte

-7%

-1%

5%

4)

grondexploitatie (n.v.t.)

0%

0%

0%

5)

belastingcapaciteit

104%

110%

114%

*) betreft primitieve begroting 1a Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast (vaste schuld en vlottende passiva) ten opzichte van de eigen middelen (vlottende activa). Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een negatieve schuldquote betekent dat er geen netto-schuld is, maar dat er een overschot is aan liquide middelen en vorderingen.

75

2.1. Jaarverslag 1b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Dit betreft hetzelfde kengetal als de netto schuldquote, maar nu wordt bij de eigen middelen niet alleen de vlottende activa meegenomen, maar ook de uitgezette leningen. Dit kengetal is altijd gelijk of lager dan de netto schuldquote. 2 Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft aan in welke mate wij in staat zijn om op de lange termijn aan de financiële verplichtingen te voldoen. Zoals uit de balans valt op te maken, bedraagt het eigen vermogen € 7,2 miljoen en het totaal vermogen € 18,7 miljoen. Dit betekent dat de verhouding eigen vermogen/totaal vermogen 0,38 is. De gangbare minimumnorm voor deze solvabiliteitsratio ligt bij niet-financiële ondernemingen tussen de 0,25 en 0,40. Hoe hoger de ratio hoe solvabeler de organisatie is. Met een ratio van 0,38 voldoet de gemeente Mook en Middelaar meer dan voldoende aan de gangbare minimumnorm. 3 Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. De structurele exploitatieruimte is gebaseerd op de structurele baten en lasten op grond van de gerealiseerde cijfers in 2021. Op basis hiervan is dit kengetal positief; er is dus sprake van een structureel overschot in de Jaarstukken 2021.

Dit laat echter ook een realisatie zien die ingehaald is of wordt door de meer recente Programmabegroting 2022 en de nieuw op te stellen Programmabegroting 2023. 4 Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De gemeente Mook en Middelaar heeft geen actieve grondexploitaties (aankopen, bouw- en woonrijp maken en weer verkopen). Het kengetal bedraagt 0%. 5 Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit wordt berekend op basis van de woonlasten van een belastingplichtige (meerpersoonshuishouden met eigen woning) in Mook en Middelaar ten opzichte van het landelijk gemiddelde van het laatst bekende begrotingsjaar. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2021 is dat 2020. Bij de Jaarstukken 2021 is dat 2021.

Onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie

De diverse kengetallen zijn onderling redelijk consistent en bevestigen het beeld van een relatief gezonde financiële positie (sec op basis van deze kengetallen). Mook en Middelaar heeft slechts één uitstaande geldlening van € 0,7 miljoen (per 31-12-2021 die jaarlijks met zo’n € 181,5k wordt afgelost. Aan de andere kant is er ruim € 4,7 miljoen aanwezig in ’s Rijks schatkist. Op basis van de categoriale indeling zit de gemeente Mook en Middelaar overwegend in categorie A (minst risicovol) en B. De woonlasten over 2021 zitten boven het landelijk gemiddelde van de woonlasten over 2020; hierdoor valt de belastingcapaciteit in categorie C. Kengetal

Waarde M&M

Categorie A

Categorie B

Categorie C

1a)

Netto schuldquote zonder correctie

-16%

< 90%

90 - 130%

> 130%

1b)

Netto schuldquote met correctie)

-19%

< 90%

90 - 130%

> 130%

2)

Solvabiliteitsratio

38%

> 50%

20 - 50%

< 20%

3)

Structurele exploitatieruimte

5%

positief

neutraal

negatief

4)

Grondexploitatie

0%

< 20%

20-35%

> 35%

5)

Belastingcapaciteit

114%

< 95%

95 - 105%

> 105%

76

Jaarstukken 2021

Overige aandachtspunten

Coronavirus Het Coronavirus heeft ons qua volksgezondheidsaspecten ook in 2021 redelijk bezig (en binnen) gehouden en enkele branches hebben het financieel moeilijk gehad (en nog steeds). Voor de gemeente lijken de financiële effecten echter mee te vallen. Er worden weliswaar extra kosten gemaakt en enkele inkomsten zijn lager; het rijk heeft ook diverse compensatiepakketten verstrekt. Deze hebben plaatsgevonden middels de uitkeringen uit het gemeentefonds, dan wel via specifieke uitkeringen (SiSa). De extra middelen die we van het rijk middels de uitkeringen gemeentefonds hebben ontvangen, hebben we ook als extra budget gereserveerd om hiermee de eventuele extra kosten en gederfde inkomsten te kunnen bekostigen. Middels de mei- en decembercirculaire 2020 en de maartbrief van 2021 hebben we in 2021 voor € 142k compensatie ontvangen. De extra kosten die we gemaakt hebben bedragen minimaal € 58k welke rechtstreeks ten laste van de compensatie zijn gebracht. Versnipperd over alle programma's zijn er vast meerkosten of gederfde opbrengsten. Het is echter nooit met 100% zekerheid te zeggen of verschillen tussen raming en realisatie volledig te wijten zijn aan Corona. Naast de uitkeringen uit het gemeentefonds hebben we een specifieke uitkering ontvangen voor ondersteuning van ondernemers middels de Tozo-regeling. Hiervoor zijn ook kosten gemaakt.

Het restantbedrag van € 219k is als vooruitontvangen bedrag op de balans verantwoord. Hiermee worden nog uitkeringen in 2022 betaald. Een eventueel overschot moet terugbetaald worden aan het rijk. Eind 2020 zijn door het rijk afspraken gemaakt voor een aanvullend compensatiepakket. Een deel was reeds verwerkt in 2020, een groot deel nog niet. Dit betreft compensatie op het gebied van inkomstenderving, afvalinzameling, tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK) en Perspectief Jeugd en jongeren. Deze zijn middels de uitkering gemeentefonds ontvangen in 2021.

77

2.1. Jaarverslag

2.1.16. Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Portefeuillehouder Wethouders Rodoe en Herings Wettelijk kader Begroting Deze paragraaf bevat op grond van artikel 12, lid 1 BBV ten minste de volgende kapitaalgoederen:  wegen;  riolering;  water;  groen;  gebouwen. Van deze kapitaalgoederen wordt op grond van artikel 12, lid 2 BBV aangegeven:  het beleidskader;  de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties;  de vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Daarnaast bevat deze paragraaf op grond van artikel 19 ‘Financiële verordening gemeente Mook en Middelaar 2019’: a) de voortgang van het geplande onderhoud; b) de omvang van het eventueel achterstallige onderhoud. Jaarverslag Op grond van artikel 26 BBV bevat deze paragraaf in het jaarverslag de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragraaf in de begroting is opgenomen. Algemeen De provincie besteedde in haar verdiepingsonderzoek van 2011 uitvoerig aandacht aan dit onderdeel van de begroting. Nu zijn er per voorziening visiedocumenten en afzonderlijke beheers- en onderhoudsplannen. Bij de raadsvoorstellen en -besluiten tot vaststelling van de diverse plannen zijn er uitspraken gedaan over de mate van het gewenste onderhouds- c.q. voorzieningenniveau. Bij de behandeling van de diverse onderdelen in deze paragraaf zullen wij hierop terugkomen.

Wegen

1.

Wegen

Beleid In de raadsvergadering van 12 december 2019 is door u het Wegenbeheerplan 2020-2024 vastgesteld. Door de vaststelling is het wegonderhoud voor de komende jaren gewaarborgd. Op basis van dit plan wordt binnen de gemeente het beheer en onderhoud van wegverhardingen structureel en planmatig uitgevoerd. Tevens is het uitvoeren van het niet planmatig ‘klein onderhoud’ als financieel onderdeel opgenomen in het plan. Voor het structurele onderhoud wordt jaarlijks een onderhoudsprogramma opgesteld. De onderhoudsmaatregelen worden vertaald in een bestek of werkbeschrijving en in concurrentie aanbesteed. Voor de bekostiging van het in stand houden en het onderhoud is al sinds jaren de voorziening Rationeel wegbeheer in het leven geroepen. In 2021 is er conform het beheerplan 2020-2024 onderhoud uitgevoerd aan de wegen (verhardingen) binnen de gemeente. Dit in de vorm van plaatselijk herstel en structureel onderhoud. Financiële consequenties De geraamde uitgaven bedroegen € 275k, de werkelijke uitgaven in 2021 bedroegen € 72k. Kosten kunnen gedurende de periode van het beheerplan (2020 t/m 2024) verschuiven in de tijd.

78

Jaarstukken 2021 Voortgang onderhoud In 2021 zijn er plaatselijke herstelwerkzaamheden uitgevoerd en het structurele, planmatige onderhoud aan de verhardingen. Aangezien er niet zo veel onderhoud aan onze gesloten verhardingen nodig was, is besloten dit als meerwerk op het bestek van 2020 uit te laten voeren. In 2021 is het elementenbestek aanbesteed. Firma Weijers gaat de komende 4 jaar voor ons het elementenonderhoud oppakken. De eerste opdrachten zijn in 2021 al uitgevoerd. Omvang achterstallig onderhoud Bij wegen is geen sprake van achterstallig onderhoud. 2. Kunstwerken (bruggen) Beleid In de raadsvergadering van 15 september 2016 is door u het Meerjaren onderhoudsplan bruggen vastgesteld. Hierbij gaat het om de (verkeers)bruggen Witteweg te Plasmolen en Cuijksesteeg te Mook. Het plan is een doorkijk naar de onderhoudsbehoefte van 2017 tot 2067. Dit alles gebaseerd op een 'bundeling' van gedane onderzoeken en inspecties. In navolging van de vaststelling van het plan, is de voorziening Groot onderhoud bruggen ingesteld. Financiële consequenties Er zijn in 2021 geen kosten voor groot onderhoud bruggen geweest. Voortgang onderhoud Het Meerjaren onderhoudsplan bruggen wordt gevolgd, in 2021 geen bijzonderheden. Omvang achterstallig onderhoud Bij kunstwerken (bruggen) is geen sprake van achterstallig onderhoud. 3.

Openbare verlichting Beleid Het dagelijks onderhoud aan de openbare verlichting is ondergebracht in een onderhoudsbestek dat gezamenlijk met de gemeenten Gennep en Bergen is aanbesteed. Doordat in 2021 de toenmalige aannemer dusdanig slecht presteerde, is het contract met de betreffende aannemer verbroken. Dit heeft geresulteerd in een nieuwe aanbesteding in combinatie met de gemeenten Gennep en Bergen. Hierdoor heeft het vervangingsplan in 2021 stil gelegen. In 2022 gaan we verder met het vervangen van openbare verlichting die zijn economische levensduur heeft bereikt. De vervanging wordt gecommuniceerd met de bewoners en men is in de gelegenheid om zelf met voorstellen te komen. Financiële consequenties Het onderhoud voor de openbare verlichting loopt niet via een onderhoudsvoorziening, maar via kredieten voor masten en armaturen. In 2021 is voor € 29k geïnvesteerd. Het restant krediet per 31 december 2021 bedraagt € 57k. Voortgang onderhoud Onderhoud overeenkomstig het onderhoudsbestek wordt uitgevoerd, zoals: ieder jaar groepsremplace van lampen en het verhelpen van storingen. Er is geen achterstallig onderhoud. Er is invulling gegeven aan het Vervangingsplan. Het plaatsen van de lichtmasten en armaturen in het centrum is in 2021 opgepakt. Omvang achterstallig onderhoud Bij openbare verlichting is geen sprake van achterstallig onderhoud.

79

2.1. Jaarverslag

Riolering

Beleid De gemeente heeft watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Deze taken hebben het karakter van zorgplichten. De gemeentelijke watertaken zijn verankerd in de Wet milieubeheer (afvalwater) en de Waterwet (hemelwater en grondwater). Om inzicht en sturing te geven aan deze taken is er een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Naast de technische en beleidsmatige aspecten maakt een financiële paragraaf onderdeel uit van het plan. In de raadsvergadering van 16 december 2021 is door de gemeenteraad een nieuw Gemeentelijk Rioleringsplan vastgesteld, met de planperiode, 2022-2026. Naast het in stand houden en verbeteren van het rioolstelsel wordt er in het plan nadrukkelijk rekening gehouden met het terugdringen van de kans op wateroverlast door hevige neerslag. Een van de maatregelen hierbij is het afkoppelen van verhardingen die op de riolering zijn aangesloten. Hierbij wordt ook ingezet op het informeren en betrekken van particulieren (inwoners, bedrijven en Destion). Dit om te komen tot bewustwording van de gevolgen van klimaatverandering en een gezamenlijke aanpak van de problematiek. In 2016 zijn hiervoor de 'eerste stappen' gezet in de vorm van bewonersbijeenkomsten. In samenwerking met het Waterschap Limburg is er een subsidie ingesteld voor afkoppelen van verhardingen voor particulieren. Ook in 2021 is er gebruik gemaakt van deze afkoppelregeling.

Dit heeft geresulteerd in 13 afkoppelingen. In combinatie met herinrichtingswerkzaamheden in de openbare ruimte zijn er (weg)verhardingen afgekoppeld van het riool. Ook in 2022 kunnen we de afkoppelingen voortzetten, door het inzetten van de DHZ gelden. In 2021 is een begin gemaakt voor het afkoppelen van het gebied rond de Stationsstraat (kerk) te Molenhoek. Momenteel wordt er gewerkt aan een plan van de werkzaamheden, waarna we in 2022 deze grootschalige afkoppeling kunnen realiseren. Financiële consequenties De financiële consequenties van riolering lopen via kapitaallasten van investeringen. In 2021 is voor € 75k geïnvesteerd. Het restant krediet bedraagt € 591k en loopt door naar 2022. Voortgang onderhoud Het dagelijkse en planmatig onderhoud aan de riolering is inzichtelijk en uitgevoerd, zo ook zijn de mogelijkheden benut voor het afkoppelen van verhardingen die zijn aangesloten op de riolering. Omvang achterstallig onderhoud In de riolering is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Water

(Oppervlakte)water Beleid De Maashaven in Mook is in beheer en onderhoud van de gemeente. Ook het op diepte houden van de haven maakt hier deel van uit. Hiervoor wordt periodiek de diepgang in de haven gemeten. Op basis van de resultaten hiervan zijn er tot op heden geen maatregelen nodig geweest om de haven bereikbaar en bevaarbaar te houden. Financiële consequenties In 2021 is € 0 aan havengelden binnengekomen door de werkzaamheden aan de Maas. Voortgang onderhoud De diepte van de haven wordt geregeld gemeten, geen bijzonderheden.

80

Jaarstukken 2021 Omvang achterstallig onderhoud Bij (oppervlakte)water is geen sprake van achterstallig onderhoud. Watergangen Beleid Het onderhouden van de watergangen waardoor de door- en afvoer van water is gewaarborgd. Financiële consequenties Nihil. Voortgang onderhoud Het onderhoud van de watergangen verloopt conform een jaarlijks onderhoudsschema. De watergangen zijn onderhouden. Geen bijzonderheden. Omvang achterstallig onderhoud Bij watergangen is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Groen (parken, plantsoenen, bomen en sportvelden)

Beleid De gemeente draagt zorg voor het beheer en onderhoud van het openbaar groen en de sportvelden op het sportpark in Middelaar. Financiële consequenties De uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden zijn binnen de beschikbare budgetten uitgevoerd. Voortgang onderhoud Het reguliere onderhoud van het openbaar groen is uitgevoerd conform het Groenbeheerplan. In 2021 zijn geen groenrenovaties uitgevoerd. Het onderhoud van de sportvelden en de onkruidbestrijding op verhardingen zijn volgens het reguliere onderhoudsschema uitgevoerd. Op basis van de uitgevoerde boomveiligheidsinspecties zijn de bomen gesnoeid. De bestrijding van de eikenprocessierups is uitgevoerd conform het in 2020 door het college vastgestelde bestrijdingsplan eikenprocessierups. Omvang achterstallig onderhoud Bij groen is nog geen sprake van achterstallig onderhoud, maar het onderhoud behoeft wel aandacht. Met het ontbreken van de benodigde financiële middelen zijn in 2021 geen grote groenrenovaties uitgevoerd. Om verloedering te voorkomen is het wenselijk om de komende jaren een vervolg te geven aan de uitvoering van het in 2020 ingezette Groenrenovatieplan. Ook het boomonderhoud vraagt extra aandacht in 2022.

Gebouwen

Beleid De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer en het bouwkundig en technisch onderhoud van de in haar bezit zijnde gebouwen. Voor dienstgebouwen en sportaccommodaties is het Meerjarig onderhoudsplan (MJOP) 2020-2023 van toepassing. Dit betekent dat onderhoudskosten ten laste van de voorziening gebouwenbeheer komen. Daarnaast bezit de gemeente andere gebouwen die strategisch zijn of voor tijdelijk gebruik zijn aangekocht. De daarop betrekking hebbende onderhoudskosten komen ten laste van het betreffende project of de gemeentelijke administratie.

81

2.1. Jaarverslag Financiële consequenties In 2021 zijn binnen de vastgestelde kaders van het MJOP onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitgevoerd. Vermeldenswaard is dat daarbij de luchtverversing en verwarming van de raadszaal geheel is vernieuwd, zodat voortdurend verse lucht van buiten wordt aangevoerd en gebruikte lucht wordt afgevoerd. De uitname uit de voorziening gebouwenbeheer werd geraamd op € 38k, de werkelijke uitname bedroeg € 40k. Omvang achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud.

82

Jaarstukken 2021

2.1.17. Paragraaf Financiering Portefeuillehouder Wethouder Herings Wettelijk kader Begroting Deze paragraaf bevat op grond van artikel 13 BBV in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Daarnaast bevat deze paragraaf op grond van artikel 17 ‘Financiële verordening gemeente Mook en Middelaar 2019’ in ieder geval de liquiditeitenplanning en de financieringsbehoefte. Jaarverslag Op grond van artikel 26 BBV bevat deze paragraaf in het jaarverslag de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragraaf in de begroting is opgenomen. Algemeen De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) stelt kaders voor beheersing van de financiële risico's. Deze kaders zijn uitgewerkt in de Financiële verordening Mook en Middelaar 2019. Treasury is het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s.

Risicobeheer financieringsportefeuille

Lening Op dit moment is er één langlopende lening afgesloten met een vast rentepercentage gedurende de gehele looptijd (tot en met 2025). Hierdoor is er nauwelijks tot geen renterisico. Renterisiconorm (Wet fido) De renterisiconorm geeft een norm voor het renterisico op de vaste schuld. Het heeft als doel het renterisico bij (her)financiering te beheersen. Deze norm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer dan 20% van het begrotingstotaal mogen bedragen. Bedragen x € 1.000 Renterisiconorm 1

Renteherzieningen op leningen o/g

2

2021

2020 0

0

Betaalde aflossingen

182

182

3

Renterisico (1+2)

182

182

4

Renterisiconorm

3.513

3.432

5a = 4 > 3

Ruimte onder renterisiconorm

3.332

3.251

5b = 4< 3

Overschrijding renterisiconorm

-

-

83

2.1. Jaarverslag Berekening 4a

Het bij ministeriële regeling vastgesteld percentage

20%

20%

4b

Begrotingstotaal (lasten prim. begroting)

17.566

17.160

4

Renterisiconorm

3.513

3.432

Uit voorgaande tabel blijkt dat gemeente Mook en Middelaar ruim binnen de gestelde renterisiconorm blijft. Rentebeheer Rentelasten In deze jaarrekening is een rentelast opgenomen voor de langlopende lening o/g van de BNG. Dit betreft een lening met een vast rentepercentage van 5,58%. Er wordt geen (administratieve) rente meer over het eigen vermogen berekend. De rentelast over de langlopende lening bedraagt over 2021 € 42k. Renteresultaat en rentetoerekening Het renteresultaat is het saldo van de netto rentekosten en de rente die wordt doorberekend aan de producten.

Bedragen x € 1.000 Toerekening rente a

De externe rentelasten over de korte en lange financiering

b

De externe rentebaten over de korte en lange financiering

42 -/-

Saldo rentelasten en rentebaten c1 c2 c3

9 33

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

-/-

0

De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

-/-

0

De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

0

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

33

d1

Rente over eigen vermogen

0

d2

Rente over voorzieningen

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

33

e

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-/-

84

f

Renteresultaat op het taakveld Treasury

-/-

51

Rente wordt alleen toegerekend aan de taakvelden Riolering en Afval, waarbij kosten middels een heffing integraal worden verhaald. De investeringen op deze twee taakvelden worden op basis van een vast percentage van 3% annuïtair afgeschreven (€ 84k). Alle overige investeringen worden met 0% rente lineair afgeschreven. De rentebaat is met ingang van 2020 vervallen (rente 0% op BNG en SKB). De rentelast neemt jaarlijks af en is vanaf 2026 nihil. Liquide middelen Kasgeldlimiet (Fido) De kasgeldlimiet geeft een maximumbedrag aan dat de gemeente aan kort geld mag aantrekken. De omvang bedraagt een percentage van het totaal van de jaarbegroting. Dit percentage is wettelijk vastgesteld in de ‘Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden’ en bedraagt 8,5%.

Bedragen x € 1.000 84

Jaarstukken 2021 Kasgeldlimiet Omvang primitieve begroting per 1 januari 2021 (= grondslag)

1.

2.

3.

17.566

Toegestane kasgeldlimiet - in procenten van de grondslag

8,50%

- in bedrag van de grondslag

1.493

Omvang vlottende korte schuld - opgenomen gelden korter dan 1 jaar

0

- schuld in rekening-courant

0

- gestorte gelden van derden korter dan 1 jaar

0

- overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld

0

Totale omvang van de vlottende schuld

0

Vlottende middelen - contante gelden in kas

2

- tegoeden in rekening-courant (bank)

4.

222

- overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar (SKB)

4.702

Totale omvang van de vlottende middelen

4.927

Toets kasgeldlimiet - totaal netto vlottende schuld (2)-(3)

-4.927

- toegestane kasgeldlimiet (1)

1.493

Ruimte (+)/Overschrijving (-) = (1)-(4)

6.420

Dit betekent dat we nog voor ruim € 6,4 miljoen kort geld mogen aantrekken om binnen de kasgeldlimiet te blijven. Bovenstaand overzicht betreft de stand per 31 december 2021. De kasgeldlimiet wordt per kwartaal gemonitord, waarbij steeds wordt uitgegaan van de gemiddelde netto vlottende schuld van drie maanden.

Bedragen x € 1.000 Liquiditeitspositie

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

2021

2021

2021

2021

(a) Kasgeldlimiet

1.493

1.493

1.493

1.493

(b) Gemiddelde netto vlottende schuld

-3.744

-3.478

-4.876

-5.295

Ruimte onder de kasgeldlimiet (a)-(b)

5.238

4.971

6.370

6.788

Uit bovenstaand overzicht blijkt onder (b) dat Mook en Middelaar op dit moment overliquide is (negatieve schuld) en in 2021 geen kort geld aan heeft hoeven trekken. De overtollige liquide middelen worden (verplicht) aangehouden in ’s Rijks Schatkist. Daarnaast kan worden afgeleid dat Mook en Middelaar ruimschoots onder de kasgeldlimiet blijft en er dus ruimte is voor het aantrekken van kort geld. Liquiditeitenplanning

85

2.1. Jaarverslag Raming In de Programmabegroting wordt jaarlijks op begrotingsbasis een meerjarenliquiditeitenplanning opgenomen. De geraamde cijfers over 2021 bedragen:

Bedragen x € 1.000 Primitieve begroting 2021

Inkomsten en uitgaven Beginsaldo liquiditeiten (conform raming begroting)

4.687

Bij: Inkomsten volgens exploitatie

16.337

Mutatie werkkapitaal

579

Subtotaal

16.916

Af: Uitgaven volgens exploitatie

16.207

Uitgaven voor investeringen

4.130

Mutaties leningen

182

Aanwending voorzieningen

532

Subtotaal

21.051

Totaal (conform raming)

552

Realisatie In de Jaarstukken wordt op het eind in onderdeel 2.2.5 een kasstroomoverzicht vermeld, waarbij het stelsel van baten en lasten wordt omgezet in een stelsel van inkomsten en uitgaven. Een korte samenvatting van het werkelijke verloop van de liquiditeiten is aangegeven in onderstaand overzicht:

Bedragen x € 1.000 Realisatie 2021

Kasstroomoverzicht Beginsaldo liquiditeiten (inclusief uitzetting in ’s Rijks Schatkist)

5.139

Inkomsten -/- uitgaven op operatiebasis

591

Saldo investeringskasstroom

-/-

821

Saldo financieringskasstroom

18

Saldo 31 december

4.927

Er zijn in 2021 geen extra financieringsmiddelen aangetrokken en er is geen overschrijding geweest van de kredietlimiet. Overtollige financieringsmiddelen zijn ondergebracht bij ’s Rijks Schatkist in verband met het verplicht ‘schatkistbankieren’. EMU-Saldo Het EMU-saldo is het verschil van inkomsten en uitgaven van de overheid. Het EMU-saldo van een lokale overheid telt mee voor het EMU-saldo van de totale overheid. De berekening van het EMUsaldo is in de Programmabegroting in deze paragraaf opgenomen. Het EMU-saldo is niet van toepassing op de Jaarstukken.

86

Jaarstukken 2021

2.1.18. Paragraaf Bedrijfsvoering Portefeuillehouder Burgemeester Gradisen Wettelijk kader Begroting Deze paragraaf bevat op grond van artikel 14 BBV ten minste het inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Daarnaast bevat deze paragraaf op grond van artikel 20 ‘Financiële verordening gemeente Mook en Middelaar 2019’: a) de budgetten voor de raad; b) de budgetten voor de griffie; c) de budgetten voor de rekenkamer(commissie); en d) de budgetten voor de accountant. Jaarverslag Op grond van artikel 26 BBV bevat deze paragraaf in het jaarverslag de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragraaf in de begroting is opgenomen.

Personeel en organisatiebeleid

Doorontwikkeling organisatie Het continue proces van doorontwikkeling is voortgezet. De Coronacrisis is in zowel 2020 als 2021 van invloed geweest op de organisatie en de prioritering van taken. Deze crisis heeft ook nieuwe inzichten gebracht in taakvolwassenheid en plaats- en tijdonafhankelijk werken. Gaandeweg wordt een hybride vorm van werken ontwikkeld. De steeds verdergaande digitalisering van de werkprocessen levert een belangrijke bijdrage aan de veranderde werkwijze. Ook in 2021 en de komende jaren zijn burgerparticipatie, wijkgerichte aanpak, dienstverleningsconcept en het denken en handelen ‘van buiten naar binnen’ van invloed op onze organisatie. Dat geldt ook externe factoren als de continuering van de decentralisaties, onder andere op Sociaal Domein, en de invoering van de Omgevingswet en risico’s van ondermijning vragen voortdurende aandacht en aanpassing. Ook zijn nog altijd samenwerkingsverbanden, zaakgericht werken en digitalisering van groot belang voor de organisatie om de doelstellingen te kunnen realiseren. Duurzaamheid is een nog belangrijkere rol gaan spelen in de organisatie en zeker ook daarbuiten. In 2022 en de komende jaren is de noodzaak om mensen verbinden aan de organisatie door perspectief en uitdaging te bieden verder vergroot. In het afgelopen jaar zijn vacatures ontstaan door pensionering en dat speelt ook de komende jaren.

Hierbij wordt bezien op welke wijze invulling aan vacatures gegeven dient te worden met als doel de organisatie toekomstbestendig te houden. De ontstane krapte op de arbeidsmarkt vergroot het belang van strategische personeelsplanning. De uitkomsten van 'Zero based budgeting' zijn hierbij betrokken. Dat houdt voor het formatie-personeelsplan in dat dit goed aansluit op de noodzakelijke taken. Het is van belang gebleken om de bezetting op peil te houden en waar noodzakelijk gebruik te maken van een beperkte flexibele schil. Huisvesting Verbouw/aanpassing gemeentehuis De raad heeft zich uitgesproken voor het verduurzamen van het gemeentehuis. Daarvoor is een bedrag van € 2 miljoen in het investeringsplan opgenomen. Bij de Zomerrapportrage 2021 is bepaald dat de investering op zijn vroegst in 2024 plaatsvindt. Bij de verduurzaming van het totale gemeentelijk vastgoed helpt de provincie ons met externe expertise.

87

2.1. Jaarverslag De coronaperiode in 2020/2021 heeft gevolgen voor de manier waarop we kijken naar het huisvesten en faciliteren van onze medewerkers. Dat betreft bijvoorbeeld de werkplek, maar ook de gewenste onderlinge communicatie, ontmoetingsmogelijkheden en de onderlinge verbondenheid. Deze kennis en ook ervaring bij andere gemeenten kunnen we goed gebruiken bij het concretiseren van de plannen voor het gemeentehuis. MJOP Het Meerjarig Onderhouds Plan (MJOP) huisvesting 2020-2023 is het toetsingskader voor onderhoudsactiviteiten en mutaties in de voorziening gebouwenbeheer. In 2021 zijn keuringen en werkzaamheden uitgevoerd binnen het vastgestelde kader. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Informatisering / automatisering

Digitalisering / informatievoorziening Digitalisering speelt een cruciale rol in de wijze waarop we in de nabije toekomst inspelen op de behoeften van onze inwoners en de wijze waarop we de dienstverlening aan onze inwoners vormgeven. Bijna alles hangt met digitalisering samen: processen kunnen efficiënter en effectiever verlopen en informatie kan sneller beschikbaar komen en gemakkelijker toegankelijk worden gemaakt. Daarnaast heeft het indirect effect op de werkdruk, het maakt ons als organisatie veel flexibeler vanwege de toegankelijkheid van informatie. Digitalisering vraagt dat we intern stappen zetten en dat medewerkers hun werk anders organiseren. Feit is dat de ontwikkelingen om ons heen snel gaan en dat het van het grootste belang is dat we hierin een inhaalslag plegen. In 2021 hebben we meer dan 100 webformulieren ontwikkeld. Daardoor zijn inwoners in staat om steeds meer diensten digitaal aan te vragen en te ontvangen. Ook is de administratie van onder andere de participatiewetuitkeringen papiervrij gemaakt, zodat deze in 2022 digitaal kan starten.

Budgetten

Overzicht budgetten raad Op grond van de financiële verordening 2019 worden de volgende budgetten in deze paragraaf vermeld: Bedragen x € 1.000 Overhead Raad (salarissen, vergoedingen, werkbudget enz.

Realisatie 2020

Begroting Begroting primitief na wijziging

Realisatie 2021

Verschil

213

216

216

250

-34

4

6

6

5

1

Griffie (salarissen, incl. ondersteuning griffie)

145

135

135

142

-7

Controlekosten

63

50

50

66

-16

Totaal Overhead

425

407

407

463

-56

Raadscommissies (vergoedingen)

88

Jaarstukken 2021

2.1.19. Paragraaf Verbonden partijen Portefeuillehouder Burgemeester Gradisen, wethouders Herings, Rodoe en Dillerop Wettelijk kader Begroting Deze paragraaf bevat op grond van artikel 15, lid 1 BBV ten minste:  de visie op en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen;  de lijst van verbonden partijen, die wordt onderverdeeld in: - gemeenschappelijke regelingen; - vennootschappen en coöperaties; - stichtingen en verenigingen en; - overige verbonden partijen;  de lijst van verbonden partijen. Op grond van artikel 15, lid 2 BBV bevat de hierboven vermelde lijst van verbonden partijen ten minste de volgende informatie:  de wijze waarop de gemeente een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt;  het belang dat de gemeente in de verbonden partij heeft aan het begin en de verwachte omvang aan het einde van het begrotingsjaar;  de verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar;  de verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar;  de eventuele risico’s, als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b BBV, van de verbonden partij voor de financiële positie van de gemeente.

Dit betreffen risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Op grond van artikel 21 ‘Financiële verordening gemeente Mook en Middelaar 2019’ hoeven er, naast de wettelijk verplichte onderdelen, geen aanvullende gegevens vermeld te worden in deze paragraaf. Jaarverslag Op grond van artikel 26 BBV bevat deze paragraaf in het jaarverslag de verantwoording van hetgeen in de overeenkomstige paragraaf in de begroting is opgenomen. Algemeen Deze paragraaf gaat in op de partijen waarmee de gemeente een bestuurlijke relatie onderhoudt en waarin zij een financieel belang heeft. Onder bestuurlijke relatie wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie en/of het hebben van stemrecht. Van financieel belang is sprake wanneer de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of wanneer financiële problemen bij de verbonden partijen kunnen worden verhaald op de gemeente.

Visie/beleid

Van belang is het Visiedocument ‘Regionale oriëntatie en samenwerking' uit 2012. Hierin is vermeld dat waar het de regionale oriëntatie betreft, de samenwerking zal moeten plaatsvinden in de regio, waarin de meeste inwoners van onze gemeente zich bewegen. Dat is de regio Nijmegen, met enerzijds de gemeente Nijmegen als centrumgemeente en anderzijds de gemeenten ten oosten en ten zuiden van Nijmegen: Berg en Dal en Heumen.

89

2.1. Jaarverslag Mook en Middelaar heeft als zelfstandige Limburgse gemeente ook een zuidwaartse oriëntatie. Het college onderkent het belang van een goede samenwerkingsrelatie met onze samenwerkingspartners in Noord- en Midden-Limburg. Daarom participeert het college actief en loyaal op dossiers die enerzijds voortkomen uit een wettelijke taak en anderzijds op dossiers die een logisch verband in het zuiden en een nadrukkelijke meerwaarde hebben voor onze gemeente.

Lijst van verbonden partijen

Mook en Middelaar participeert in diverse verbonden partijen. Deze verbonden partijen zijn onderverdeeld in vier wettelijk verplichte categorieën, te weten gemeenschappelijke regelingen, vennootschappen en coöperaties, stichtingen en verenigingen en overige verbonden partijen. Gemeenschappelijke regelingen Van een gemeenschappelijke regeling is sprake wanneer de besturen van twee of meer gemeenten samen een regeling treffen ter behartiging van één of meer belangen van die gemeenten. Hieronder worden de belangrijkste gemeenschappelijke regelingen beschreven waarin de gemeente Mook en Middelaar participeert. Vennootschappen en coöperaties Vanuit het oogpunt van het behartigen van het publieke belang is de gemeente Mook en Middelaar geheel of gedeeltelijk in het bezit van de aandelen van een aantal vennootschappen. Stichtingen en verenigingen Stichtingen en verenigingen zijn rechtspersonen die zijn opgericht met een bepaald doel. Verenigingen hebben leden, stichtingen niet. Stichtingen en verenigingen mogen winst maken, maar ze moeten de winst gebruiken voor het doel dat zij nastreven. Zij mogen de winst dus niet uitkeren aan oprichters, bestuurders of leden.

Overige verbonden partijen Indien er sprake is van een samenwerkingsverband waarbij de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft, maar niet is gekozen voor een gemeenschappelijke regeling, vennootschap/ coöperatie of vereniging of stichting is er sprake van 'overige verbonden partijen'. Overzicht verbonden partijen en deelnemersbijdragen 2020 per categorie: Gemeenschappelijke regelingen Naam Modulaire GR Regio Rijk van Nijmegen te Nijmegen GO Regio Arnhem Nijmegen (opgegeven per 01-01-2021) GR Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen GR Euregio Rijn-Waal te Kleve GR Milieusamenwerking Afvalverwerking Regio Nijmegen (MARN) te Nijmegen GR Veiligheidsregio Limburg-Noord te Venlo (incl. GGD) BVO Intergemeentelijke Werkvoorziening Gennep, Mook en Middelaar (IWGM) te Gennep BVO Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen te Arnhem GR Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN) GR Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW)

90

Relatie met programma Samenleven en Zorgen Verplaatsen, Werken, Gezond leven, Wonen Verplaatsen, Werken, Recreëren, Gezond leven, Wonen Werken, Samenleven en Zorgen, Gezond leven, Wonen Gezond leven Beschermen Samenleven en zorgen Leren, Samenleven en zorgen Beschermen Besturen, Werken, Gezond leven, Algemene dekkingsmiddelen

Jaarstukken 2021 Vennootschappen en coöperaties Naam NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) te ’s-Gravenhage NV Waterleiding Maatschappij Limburg (WML) te Maastricht Enexis Holding N.V. Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. te 's-Hertogenbosch CSV Amsterdam B.V. te 's-Hertogenbosch Inkoopcentrum Zuid te Echt Leisurelands B.V.

Relatie met programma n.v.t. (dividend) Gezond leven Gezond leven (en dividend) Afgeleide van Enexis Afgeleide van Enexis Recreëren

Stichtingen en verenigingen Naam Vereniging van Gemeenten Aandeelhouders in Limburg binnen Essent N.V. (VEGAL)

Relatie met programma Afgeleide van Enexis

Overige verbonden partijen Naam Geen

Relatie met programma

Gemeenschappelijke regelingen In onderstaande tabellen zijn standaard de financiële gegevens uit jaarrekeningen 2021 van de verbonden partijen opgenomen. Als deze ontbreken, bijvoorbeeld in verband met het eerder opstellen van de Jaarstukken 2021 van Mook en Middelaar, dan wordt vermeld dat de gegevens niet beschikbaar zijn (N/b). Alle bedragen zijn vermeld in duizendtallen (letter k)

Modulaire Gemeenschappelijke regeling Regio Rijk van Nijmegen te Nijmegen Doel De MGR is een samenwerkingsverband, ingesteld om de belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen door afstemming en samenwerking binnen de regio Nijmegen. De eerste module van de MGR is gevormd door het Regionale Werkbedrijf. Per 1 januari 2016 is de module ICT toegevoegd aan de MGR onder de naam ICT-Rijk van Nijmegen (iRvN). Betrokkenen Beuningen, Berg en Dal, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen en Wijchen. Financieel belang

Het uitgangspunt is dat deelnemende gemeenten voor wat betreft re-integratie, het gehele participatiebudget overdragen aan het Werkbedrijf.

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur van de MGR wordt gevormd door leden van de raad of het college van B&W van de deelnemende gemeenten. Mook en Middelaar heeft 6 van de 200 stemmen. Het belang dat de gemeente Mook en Middelaar heeft in de MGR is gedurende 2019 ongewijzigd gebleven. Burgemeester Gradisen en wethouder Peters zitten in het algemeen bestuur. De eerste module van de MGR, het Regionale Werkbedrijf is per 1 januari 2015 operationeel. Per 1 januari 2016 is de MGR aangepast in verband met de integratie van SW-bedrijf Breed en toevoeging van de module ICT. Vastgelegd is dat Mook en Middelaar haar verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de voormalige Wet sociale werkvoorziening zoals deze gold voor 1 januari 2015 niet heeft gepositioneerd in de MGR maar in een andere gemeenschappelijke regeling (IWGM) en derhalve niet aansprakelijk is voor eventuele tekorten bij Breed.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MookenMiddelaar&id=faa36ede-d383-41f1-aa96-065ec5b2bf5f