Agendabundel
Tekst van het document
We intensiveren de dienstverlening aan werkzoekenden die nu
iederéén nodig die zich begeeft op de arbeidsmarkt. We willen
nog geen werk hebben. We maken beschikbaar werk passend
een verbreding naar alle partijen in een aanpak met bundeling
en bieden scholing en begeleiding, waardoor meer werk-
van expertises, zodat we meer mensen perspectief op duur-
zoekenden een (betaalde) baan vinden én behouden.
zaam werk kunnen bieden.
We streven naar een ontschotting van regelingen, zodat voor ondernemers eenvoudiger wordt om werkzoekenden in dienst
3. Organiseren van een toegankelijke arbeidsmarktdienstverlening in Rijk van Nijmegen
te nemen, ook wanneer zij op afstand staan van de arbeids-
In Rijk van Nijmegen houden veel organisaties en samen-
markt. Daarbij verliezen we het onbenut arbeidspotentieel
werkingsverbanden zich bezig met arbeidsmarktvraagstukken.
niet uit het oog. Dit is van belang om de huidige krapte op de
We werken met alle partners toe naar een overzichtelijke
arbeidsmarkt te verkleinen. We werken samen met onder-
netwerkstructuur, waarin een laagdrempelig ‘loket’ zichtbaar
nemers en onderwijsaanbieders en positioneren publieke
is met alle dienstverlening onder één dak, ongeacht de
uitvoeringsorganisaties WerkBedrijf en UWV in deze samen-
inkomens-/uitkeringssituatie van een inwoner. Zodat niemand
werking. We verbeteren de onderlinge samenwerking tussen
verdwaalt en iedereen die dat nodig heeft, waaronder ook
de beleidsvelden Werk, Economie en Onderwijs. Dit doen we
werkgevers, toegang krijgt tot passende ondersteuning bij
om vraagstukken op de arbeidsmarkt aan te pakken en om
werk-, opleidings- en personeelsvragen.
werkzoekenden meer mogelijkheden ontstaan én het voor
11
III Wat gaan we doen om de ambities te realiseren? Ambitie 1. Vergroten van de kwalitatieve en kwantitatieve match op de arbeidsmarkt Onze visie is dat de arbeidsmarkt er voor iedereen is. Voor iedereen moet er een (werk)plek zijn op die arbeidsmarkt. Veel mensen kunnen zich op eigen kracht en naar vermogen ontwikkelen en meedoen op die arbeidsmarkt. Dit geldt niet voor iedereen. Voor de groep die ondersteuning nodig heeft, willen we kansen in deze tijd van krapte benutten. Die wens raakt onze eerste ambitie en is daarom ook: de matches tussen werkzoekenden en werkgevers vergroten. We zien enerzijds een grote vraag naar personeel en anderzijds werkzoekenden die (nog) geen werk hebben gevonden. Er is een kwantitatieve én kwalitatieve kloof tussen de vraag en aanbod van personeel. Vanuit onze maatschappelijke opgave de arbeidsinschakeling te realiseren van werkzoekenden die tot de wettelijke doelgroep van de Participatiewet behoren, zetten we de komende jaren in op:
Dienstverlening aan werkzoekenden - Intensiveren van dienstverlening aan bijstandsgerechtigden die dat nodig hebben
instromen in de bijstand (zie bijlage 4). Onze inzet wordt
We zorgen voor een intensiever contact en brede aandacht,
intensiever op het onbenut arbeidspotentieel. Daarin hebben
meer maatwerk en langduriger begeleiding. Analoog aan de
zowel gemeenten als WerkBedrijf een rol. Het gaat dan om
werkwijze bij project ‘Doe je mee’ voeren we een brede
de bijstandsgerechtigden die nu nog aan de zijlijn staan,
intake met iedere bijstandsgerechtigde die dat nodig heeft.
niet-uitkeringsgerechtigden en parttime werkenden die
We brengen alle leefgebieden in beeld: gezondheid, financiële
mogelijk meer uren kunnen werken. We brengen hen in
situatie, sociale omstandigheden, opleiding etc. en gaan in
beeld en zetten de nodige ondersteuning in.
6
op de persoonlijke interesses en motivatie van de kandidaat. beeld kunnen we vervolgens in de breedte de juiste onder-
- Versterken van de samenwerking van WerkBedrijf en gemeenten rondom werkzoekenden
steuning inzetten en toewerken naar werk en participatie
Een intensivering van dienstverlening betekent dat consu-
voor wie dat mogelijk is. We behouden onverminderde inzet
lenten van Inkomen, Werk, Participatie, Zorg en Schuldhulp
op de zogenoemde focusgroepen: mensen van 55 jaar en
meer samenwerken om passende ondersteuning met elkaar
ouder, statushouders en inburgeraars, jongeren tot 27 jaar,
af te stemmen. Daarbij helpen ‘driegesprekken’ in complexe
mensen met een arbeidsbeperking en mensen die nieuw
situaties, casusbesprekingen en overdracht van relevante
Kortom: we kennen de bijstandsgerechtigde. Met een volledig
6
Project ‘Doe je mee’ is een specifieke samenwerking tussen vier gemeenten en WerkBedrijf waarbij bijstandsgerechtigden die uit beeld zijn geraakt, uitgebreid worden gesproken over alle leefdomeinen, zodat gerichte ondersteuning geboden kan worden en er weer perspectief (op welk leefdomein dan ook) dan wel stabiliteit in de leefsituatie ontstaat.
12
informatie en kennis. Vanaf de start bepalen we zoveel
bijeenkomsten. Nieuwe bedrijven nodigen we actief uit om
mogelijk een gezamenlijk, compleet beeld en zorgen vervolgens
aan te sluiten bij bestaande netwerken.
voor de noodzakelijke, soms parallelle ondersteuning. mogelijkheden van participatie anderszins. We willen zo
- Passend werk creëren en Leven Lang Ontwikkelen stimuleren
het aantal aanmeldingen bij WerkBedrijf toe laten nemen en
We investeren in het passend maken van bestaand werk: als
het aantal terugmeldingen van WerkBedrijf naar gemeenten
een vacature niet past bij een werkzoekende, gaan we via
vanwege ‘geen mogelijkheden naar een werktraject’ laten
jobcarving en extra scholing en begeleiding op zoek naar
afnemen. We gaan in gezamenlijkheid een programma
oplossingen, die passen bij het aanbod van werkzoekenden.
ontwikkelen om een werkwijze en afspraken met elkaar
Het adviseren van ondernemers over doorstroming van
vast te leggen.
bestaand personeel is belangrijk: het biedt perspectief aan
Wanneer werk nog niet direct haalbaar is, kijken we naar
bestaande werknemers en betekent dat er ander werk
- Versteviging van aanbodgerichte arbeidsbemiddeling van WerkBedrijf
vrijkomt. We stimuleren hierbij projecten voor Leven Lang Ontwikkelen, omdat bedrijven hierbij een grote rol hebben.
Arbeidsbemiddeling is mensontwikkeling. We willen daarom motivatie en houding van de werkzoekende. Voor de ont-
- Afstemming van werkgeversdienstverlening door partners
wikkeling van kennis en vaardigheden maken we gebruik van
De werkgeversdienstverlening vraagt afstemming over
o.a. praktijkleren, werk- en taalstages, ontwikkelbanen. Veel
bedrijfscontacten en -informatie tussen bedrijfsdienst-
werkzoekenden hebben immers behoefte aan een praktische
verleners van Werkbedrijf, UWV en accountmanagers van
manier van leren. Omdat we bij bijstandsgerechtigden vaak
gemeenten. Ook beleidsmatige afstemming over economische
problemen zien op meerdere leefgebieden, begrenzen we de
visies, agenda’s, actielijnen etc. is van belang. In het tweede
duur van de dienstverlening door WerkBedrijf niet langer op
halfjaar van 2023 werken UWV en WerkBedrijf aan een
twee jaar, maar houden we deze flexibel: we doen wat nodig
gezamenlijke werkgeversdienstverlening en werken zij toe
en passend is om te komen tot duurzame plaatsingen op werk.
naar één herkenbaar werkgeversservicepunt. Ook is in
In hoofdstuk IV gaan we nader in op de opdracht aan WerkBedrijf.
onze regio sinds een half jaar een Ketenoverleg Lang Leven
meer inzetten op de ontwikkeling van kennis, vaardigheden,
Ontwikkelen, waaraan WerkBedrijf, UWV, gemeentelijke
Dienstverlening aan ondernemers
accountmanagers/bedrijfscontactfunctionarissen, het
Ondernemers zijn onmisbaar om plaatsingen op werk,
Leerwerkloket en het ROC deelnemen. Signalen worden
werk- en taalstages, ontwikkelbanen en passend praktijk-
uitgewisseld en (sector-)opleidingsvragen gesignaleerd en
leren mogelijk te maken. Het Midden- en Klein Bedrijf (MKB,
gecombineerd, zodat uitvoerbare plannen kunnen worden
bedrijven met maximaal 250 werknemers) maakt 99% uit
gemaakt. De ambitie is om ontwikkelmogelijkheden te
van alle bedrijven en bepalen daarmee onze ‘afzetmarkt’.
creëren in de bestaande werkgevers- en werkzoekenden-
MKB-bedrijven kennen grote onderlinge verschillen in o.a.
dienstverlening om de kloof tussen vraag en aanbod te
omvang. We vinden het belangrijk om kleinere bedrijven
verkleinen. Het gaat om het behoud én creëren van werk.
mee te laten profiteren van opleidingsstructuren die we gezamenlijk opzetten, zodat we schaalvoordelen realiseren.
- Onderhouden en uitbreiden van ondernemersnetwerken
Ambitie 2. Versterken van de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid
We kennen de ondernemersorganisaties en werken intensief met hen samen. We stimuleren en faciliteren bijv. sociaal
Economie en arbeidsmarktbeleid
ondernemers, om meer mogelijkheden te creëren voor
Er is steeds meer aandacht voor het ‘human capital’-vraag-
mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het Inclusief
stuk in het economisch beleid. Om aantrekkelijk te zijn voor
Ondernemers Netwerk (ION) in Rijk van Nijmegen is hier een
bedrijven is de regionale arbeidsmarkt een doorslaggevende
mooi platform voor. Vanuit Werk en Inkomen en Economie
factor. Bedrijven hebben behoefte aan goed opgeleide arbeids-
organiseren we met WerkBedrijf, UWV en onderwijsinstellingen
krachten op alle niveaus om te blijven concurreren en groeien.
themabijeenkomsten en nemen we zelf deel aan ondernemers-
Hier ligt voor gemeenten een uitdaging: het gaat enerzijds
13
om het aantrekken en vasthouden van talent en anderzijds
MBO-instellingen medio 2025 een nazorgtaak voor een
om het verbeteren van de match tussen vraag en aanbod op
groep MBO-studenten die het onderwijs verlaten. Onderwijs-
de arbeidsmarkt. Naast het binden van talent is het belangrijk
instellingen zijn goed vertegenwoordigd in vele samenwerkings-
om te zorgen voor een inclusieve arbeidsmarkt. Bezien vanuit
verbanden, zoals de GMR, de RTA, het regionaal Ketenoverleg
de opdracht aan gemeenten om inwoners met een Participa-
Leven Lang Ontwikkelen en de Stuurgroep Jongeren naar
tiewet-uitkering aan werk te helpen, is er behoefte aan het
School of Werk.
aantrekken van daarbij passende, praktische werkgelegenheid voor kwetsbare groepen die afhankelijk zijn of dreigen
Vanuit onze visie en de maatschappelijke opgaven voor
te worden van een uitkering. Onder andere hier raken de
kwetsbare jongeren, ons economisch beleid en agenda, de
beleidsterreinen elkaar en versterken we de samenwerking.
samenwerkingsopdracht in combinatie met de re-integratieopdracht Participatiewet, versterken we de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid en zetten we de
Als voorbeeld van de aansluiting van economisch beleid op
komende jaren in op:
arbeidsmarktbeleid noemen we de Economische Visie misch beleid is behoud en groei van de werkgelegenheid.
- netwerken tussen ondernemers, onderwijs en overheid: faciliteren en deelnemen
Daarbij gaat het om passende werkgelegenheid, die aansluit
Dit doen we op zowel bestuurlijk, strategisch als tactisch
bij de vraag- en aanbodontwikkeling op de arbeidsmarkt.
niveau. Op meerdere niveaus zien we de rol van gemeenten in
Binnen de economische visie is een actielijn ‘human capital’
de arbeidsmarktregio’s, waarvan Rijk van Nijmegen er één is.
opgenomen, waarin de arbeidsmarkt benaderd wordt vanuit
De (centrum)gemeente zorgt voor afstemming en samen-
de ‘kansen’-kant. In de actielijn worden middelen beschik-
werking tussen verschillende partijen op de arbeidsmarkt,
baar gesteld om arbeidstekorten aan te pakken en de
zoals werkgevers, onderwijsinstellingen, vakbonden, UWV,
kwalificaties van de beroepsbevolking te verbeteren. Om die
WerkBedrijf en andere gemeenten. Gemeenten faciliteren
reden worden projecten als Via-T en organisaties als het
netwerken: zij bieden ondersteuning en middelen (de
Chip Integration Technology Center ondersteund. Daarbij
centrumgemeente ontvangt rijksmiddelen voor de arbeids-
sluiten onderwijsaanbieders (Hogeschool Arnhem Nijmegen
marktregio, waarmee bijv. de RTA gefinancierd en onder-
en Radboud Universiteit), WerkBedrijf en UWV aan als
steund wordt).
deelnemende partijen.
Vanuit het beleidsveld Economie stimuleren en initiëren
2022-2025 van de gemeente Nijmegen. Doel van het econo-
gemeenten vernieuwende projecten of activiteiten op de arbeidsmarkt (zie kader: voorbeeld Economische visie Nijmegen).
Onderwijs en arbeidsmarktbeleid
Een ander voorbeeld van een netwerk in de triple helix in
Voor een goed functionerende arbeidsmarkt is het noodzake-
onze regio is The Economic Board7, waarin het bedrijfsleven,
lijk dat het onderwijsaanbod aansluit op behoeften van werk-
onderwijs-/kennisinstellingen en overheden innovaties
gevers en werkzoekenden. Onderwijsinstellingen zijn een
stimuleren in een aantal belangrijke sectoren (Energy, Health
belangrijk partner bij het geschikt maken van werkzoekenden
en High Tech). De Groene Metropool Regio richt met haar
voor de huidige vraag op de arbeidsmarkt. Ontwikkelingen
Human Capital Agenda en Human Capital Akkoord (zie
op de arbeidsmarkt en de behoeften van ondernemers
bijlage 5) op dezelfde sectoren. Tevens heeft zij de rol van
veranderen vaak sneller dan het huidige onderwijssysteem
lobbyist bij de Regio Deal8 en wil zij de regio Arnhem/
kan verwerken. Binnen het onderwijs zien we momenteel
Nijmegen profileren en landelijk op de kaart zetten.
veel initiatieven om de aansluiting van onderwijs op huidige vormen van onderwijs. De plannen worden uitgewerkt in
- verbeteren onderlinge samenwerking tussen beleidsvelden werk, economie en onderwijs
de Kwaliteitsagenda 2023-2025 voor het MBO. Binnen de
Door middel van samenwerking binnen de triple helix door
opleidingen komt er ook steeds meer aandacht voor de over-
ondernemers, onderwijs en overheid willen we problemen
stap naar de arbeidsmarkt en loopbaanbegeleiding. Zo krijgen
op de arbeidsmarkt oplossen. De krapte op de arbeidsmarkt
arbeidsmarktvraagstukken te verbeteren door o.a. nieuwe
7
The Economic Board is een samenwerkingsverband van CEO’s en topbestuurders van bedrijven, kennisinstellingen en overheden uit de regio Arnhem-Nijmegen. Zij werken aan een strategische koers voor Slimme Duurzaamheid, Arbeidsmarkt (Human Capital) en Artificial Intelligence (AI). The Economic Board wil de regio Arnhem-Nijmegen als ‘Lifeport’ profileren en zet kennis, middelen en netwerken in om ambities te helpen realiseren.
14
waarmee we te maken hebben, belemmert het functioneren
netwerk dat iedereen die dat nodig heeft tijdige toegang
van de economie als geheel, kan een negatieve impact op de
geeft tot passende een doorlopende ondersteuning, onge-
brede welvaart hebben en vertraagt de aanpak van grote
acht wet- en regelgeving en de inkomens-/uitkeringssituatie.
maatschappelijke opgaven. Samenwerking tussen partijen is
Op dit moment wordt met deze vorm van dienstverlening
dus van groot belang, met verantwoordelijkheid voor alle
geëxperimenteerd met de tijdelijke regeling crisisdienstver-
partijen. Vanuit Werk en Inkomen richten wij ons voornamelijk
lening, waaruit het Regionale Mobiliteitsteam (RMT) is ontstaan.
op de zogenoemde onderkant van de arbeidsmarkt: werkzoekenden met vaak een praktisch opleidingsniveau
Vanuit de maatschappelijke opgaven Participatiewet, het
en/of meer in algemene zin: mensen met een afstand tot de
oprichten van een RMT en de samenwerkingsopdracht zetten
arbeidsmarkt. En voor het aanpakken van de krapte op de
we in op het inrichten van een herkenbaar punt waar iedereen
arbeidsmarkt is iedereen nodig die zich op de arbeidsmarkt
-studenten, werkenden, werkzoekenden, werkgevers en
begeeft. Vandaar dat we een faciliterende rol voor onszelf
arbeidsorganisaties- met vragen over loopbaan, opleiding
zien om die verbreding naar alle partijen in een gezamenlijke
en personeelsvraagstukken terecht kan.
aanpak vorm te geven. In het Coalitieakkoord van (weliswaar inmiddels demissionair)
“voor het aanpakken van de krapte op de arbeidsmarkt is iedereen nodig die zich op de arbeidsmarkt begeeft”
Kabinet Rutte IV is overeengekomen dat een aantal grote hervormingen op de arbeidsmarkt wordt doorgevoerd, die de bestaanszekerheid van lage- en middeninkomens moeten versterken. De ambitie van het kabinet is om een arbeidsmarktinfrastructuur met een dusdanige dienstverlening in te richten waarin niemand verdwaalt en iedereen tijdig toegang
In onze regio hebben we meerdere samenwerkingsverbanden
krijgt tot passende ondersteuning. Het kabinet wil (tijdelijke)
die zich richten op de knelpunten op de arbeidsmarkt, zowel
werkwijzen die in de praktijk goed blijken te werken verder
op strategisch, tactisch als operationeel niveau. We geven
ontwikkelen (bijv. de huidige werkwijze in de RMT’s).
daarvan in bijlage 6 enkele voorbeelden (zonder overigens
De inzet is om:
uitputtend te willen zijn).
- uit te gaan van welke behoefte aan ondersteuning iemand
Ambitie 3. Organiseren van een toegankelijke arbeidsmarktdienstverlening in Rijk van Nijmegen
heeft, in plaats van tot welke doelgroep iemand behoort op basis van zijn inkomenssituatie: het ontschotten van de dienstverlening; - met private en publieke partijen te investeren in preventieve dienstverlening;
In onze arbeidsmarktregio zijn belangrijke stappen gezet om
- de dienstverlening herkenbaar en makkelijk vindbaar te maken.
de dienstverlening aan werkzoekenden die tot de doelgroep Participatiewet behoren, te verbeteren. Door de gemeentelijke
In de Kamerbrief van 11 oktober 20229 ‘Uitgangspunten voor
samenwerking in WerkBedrijf Rijk van Nijmegen is in ieder
de uitbreiding van de Arbeidsmarktinfrastructuur’, wordt meer
geval voor de doelgroep Participatiewet eenzelfde dienst-
duidelijkheid gegeven.
verlening en instrumentarium beschikbaar. Maar daarmee is niet gezegd dat dienstverlening voor alle werkzoekenden op
Eén loket in elke regio
eenzelfde manier geregeld is.
De ambitie is om in iedere arbeidsmarktregio in Nederland
Mensen weten niet altijd waar ze terecht kunnen met vragen
(in totaal 35) minimaal één (ook digitaal) loket in te richten
over een leven lang ontwikkelen, hun loopbaan, over werk of
met overal dezelfde naam (bijvoorbeeld ‘Werkcentrum’).
ondernemers bij personeelsvraagstukken. Er zijn meerdere
Bij dit regionaal loket kunnen werkenden, werkzoekenden
partijen in ons arbeidsmarktnetwerk bij wie zij aan kunnen
en werkgevers met al hun arbeidsmarkt gerelateerde vragen
kloppen. We willen met onze partners toewerken naar een
terecht. UWV en gemeenten faciliteren dit gezamenlijk.
Bij de Regio Deals zetten Rijk en regio zich samen in om belangrijke opgaven in Nederland aan te pakken om de kwaliteit van leven, wonen en werken van inwoners en ondernemers te vergroten, op plekken die een extra impuls goed kunnen gebruiken. Aan een Regio Deal is een subsidieregeling van het rijk verbonden. 9 Kamerbrief van ministers Van Gennip en Schouten d.d. 11 oktober 2022: Kamerbrief uitgangspunten voor de uitbreiding van de arbeidsmarktinfrastructuur | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 8
15
Deelnemers in deze ‘loketten’ zijn sociale partners, gemeenten,
Eén integraal plan naar (ander) werk
UWV en onderwijsinstellingen. Daarnaast zijn in andere
We willen toewerken naar doorlopende dienstverlening op
gemeenten of in wijken dependances mogelijk voor mensen,
basis van één persoonlijk Werkplan. In dit plan wordt vast-
voor wie het regionale loket een te grote drempel is. Er wordt
gelegd welke activiteiten iemand gaat ondernemen om werk
uitgegaan van het ‘no wrong door’-principe en dat de vraag
te vinden en welke dienstverlening daarbij wordt ingezet.
van de mens of arbeidsorganisatie centraal staat; níet wet- en
Dat kan scholing, maar ook hulpverlening of zorg zijn.
regelgeving. Maar hoe dit punt er precies uit komt te zien, is
Het is de bedoeling dat er één gezamenlijke governance- en
nog onderwerp van gesprek. Wordt het een plek waar alle
ondersteuningsstructuur voor de arbeidsmarktinfrastructuur
partijen zichtbaar aanwezig zijn en waar naar wordt door-
ingericht wordt op regionaal en landelijk niveau, in de vorm
verwezen? Wordt het een plek waar ook gezamenlijk dienst-
van één landelijk beraad en in iedere arbeidsmarktregio één
verlening wordt uitgevoerd? Of wordt het een plek die (deels)
regionaal beraad. Een gezamenlijke structuur maakt het
de uitvoering van de huidige partijen overneemt?
voor de samenwerkende partijen makkelijker om hun dienst-
Hierbij zijn we ook afhankelijk van wat er op landelijk niveau
verlening en werkprocessen op elkaar af te stemmen en te
(door een nieuw kabinet) wordt besloten. Onder aanvoering
optimaliseren en kan bestuurlijke drukte voorkomen.
van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werken diverse partijen aan de uitwerking van de hervorming
Regionale governance
van de arbeidsmarktdienstverlening. De uitkomsten hiervan
We zien in de kabinetsplannen mogelijkheden om onze
geven handvatten én wellicht ook kaders om in de regio op
huidige samenwerkingsverbanden (al dan niet gedeeltelijk)
verder te bouwen.
op te laten gaan in de nieuwe structuur en te komen tot een
Het is onduidelijk op welke termijn de resultaten bekend
regionaal Werkcentrum met één regionale governance.
worden en geïmplementeerd. We willen hier niet per se op
Omdat bij het RMT dezelfde partijen verantwoordelijkheid
wachten. De partijen in de RTA hebben, ondanks de val van
dragen als bij de Regionale Tafel Arbeidsmarkt (RTA), staan
het kabinet begin juli ’23, de wens uitgesproken om met elkaar
de samenwerkende partijen in de arbeidsmarktregio’s voor
verder te bouwen aan een goed werkende arbeidsmarkt in
de uitdaging om de infrastructuur te stroomlijnen -en waar
Rijk van Nijmegen.
nodig te regionaliseren- om te komen tot één regionaal
10
arbeidsmarktnetwerk. We werken verder aan een verbetering van de samenwerking in het RMT en de RTA. We zoeken de aansluiting en samenwerking met andere bestaande regionale aanpakken, zoals de aanpak Jongeren naar School of Werk, wettelijke taken en bestaande dienstverlening. We staan immers volledig achter het streven van de ontschotte, herkenbare en goed vindbare dienstverlening aan werkenden, werkzoekenden, studenten en werkgevers.
10
Aangezien het kabinet begin juli ’23 is gevallen is op het moment van schrijven onduidelijk wat dit betekent voor voortzetting van de plannen voor de nieuwe arbeidsmarktinfrastructuur. Er zal hoe dan ook vertraging ontstaan. Vooralsnog gaan we ervan uit dat de hervormingen er komen, al zal dat met vertraging zijn. Omdat we als gemeenten achter deze ontwikkeling staan, nemen we deze als ambitie onverminderd op in dit beleidskader.
16
IV
“Arbeidsbemiddeling is ook altijd mensontwikkeling”
Belangrijkste partner voor de re-integratietaak: WerkBedrijf Dienstverlening WerkBedrijf Gemeenten hebben de re-integratietaak van de Participatie-
nieuwe instroom in de SW mogelijk is, zien we de groep
wet sinds 2015 bij WerkBedrijf belegd. WerkBedrijf is onze
SW-medewerkers met een dienstverband bij WerkBedrijf
belangrijkste partner voor uitvoering van die taak, voor zowel
jaarlijks afnemen. De populatie vergrijst en heeft vaak te
bijstandsgerechtigden als niet-uitkeringsgerechtigden.
maken met meervoudige problematiek. Daarom zien we bij
WerkBedrijf is een arbeidsbemiddelingsorganisatie. Arbeids-
hen ook al lange tijd een hoog ziekteverzuim. Te eenzijdig
bemiddeling is ook altijd mensontwikkeling. In de onder-
sturen op ziekteverzuimreductie heeft de afgelopen jaren
steuning spreken wij met kandidaten dan ook over (het ont-
niet gewerkt. Via nieuwe arbodienstverlening die in 2022
wikkelen van) hun kennis, vaardigheden, motivatie en houding.
geïmplementeerd is en de aanvullende inzet van professionals
Deze ‘mensontwikkeling’ willen wij waar dat nodig is breder
van Stichting MEE en Bindkracht10, wordt gewerkt aan een
verbinden in de ontwikkeling van de kandidaat op andere
andere aanpak: een verhoogd welzijn, duurzame inzetbaar-
levensdomeinen.
heid, werkplezier en ontwikkeling van SW-medewerkers.
Daarnaast is WerkBedrijf uitvoerder van de arbeidsmatige
Een stabiele en veilige werkomgeving, waar het plezierig
dagbesteding (een WMO-voorziening), die mensen met een
werken is, moet voorop staan. Eind 2022 waren ruim 1.300
arbeidsbeperking of anderszins een afstand tot de arbeids-
SW-medewerkers regionaal werkzaam op een veelal externe
markt mogelijkheden biedt tot dagbesteding in een aangepaste
werkplek via WerkBedrijf.
werkomgeving met begeleiding en waar een zekere mate van productiviteit wordt gevraagd.
De dienstverlening van WerkBedrijf is gericht op: - het voorkomen van instroom in een uitkering, en
Ook de uitvoering van de Sociale Werkvoorziening is een
- het minimaliseren van uitkeringsafhankelijkheid, en
belangrijke taak van WerkBedrijf. Aangezien sinds 2015 geen
- het beëindigen van uitkeringsafhankelijkheid.
17
Bij elk taakgebied worden verschillende instrumenten of voorzieningen ingezet. In onderstaand schema is dit in beeld gebracht.
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de participatie en
Verandering in kandidaten en dus in dienstverlening
activering van kandidaten (niet-loonvormende activiteiten,
De dienstverlening van WerkBedrijf is de afgelopen jaren
de groene kolom). WerkBedrijf is primair verantwoordelijk
veranderd. Het aantal kandidaten met een arbeidsbeperking
voor het ontwikkelen, bemiddelen en begeleiden van
en een structurele ondersteuningsbehoefte neemt toe.
kandidaten naar werk (loonvormende activiteiten in de drie
Kandidaten die tot 2015 onder de Sociale Werkvoorziening
middelste kolommen). Doelen daarbij zijn het voorkomen
en Wajong vielen, zijn nu immers aangewezen op de Partici-
van instroom in de uitkering, het beëindigen van publieke
patiewet. Voor hen is in steeds grotere mate langjarige
afhankelijkheid en het minimaliseren van publieke afhankelijk-
begeleiding nodig (loonkostensubsidies en jobcoaching).
heid. Bij de operationele inspanning wordt gebruik gemaakt
Inmiddels bestaat ruim één derde deel van alle kandidaten
van verschillende instrumenten, die we regionaal hebben
in dienstverlening bij WerkBedrijf uit kandidaten die lang-
vastgelegd in een re-integratieverordening Participatiewet.
jarige begeleiding nodig hebben. Daarnaast leidt de huidige arbeidsmarkt ertoe dat de kandidaten die relatief gemakkelijk
Het aantal kandidaten in de eerste kolom van het schema
te bemiddelen zijn, inmiddels grotendeels aan het werk zijn.
(voorkomen van uitkeringsafhankelijkheid) is afgenomen, omdat de instroom in de bijstand afgenomen is; het aantal
Gemeenten in Rijk van Nijmegen hebben in 2023 ruim 9.000
kandidaten in de derde kolom (minimaliseren van publieke
huishoudens in een bijstandsuitkering. Tijdens de Covid-
afhankelijkheid) is juist gegroeid. Ook door een toename van
pandemie bereikte dit aantal een piek van 9.400 huishoudens.
plaatsingen op Beschut Werk-nieuw via de CAO Aan de slag
Na een aanvankelijke daling zien we nu het aantal mensen met
in 2023 en 2024 is een verdere toename van de inzet van
een PW-uitkering weer licht stijgen. We constateren verder
WerkBedrijf in de derde kolom te verwachten. De groeiende
dat het aantal 55+’ers en langdurige bijstandsafhankelijkheid
capaciteit die voor kolom 3 noodzakelijk is, kan niet worden
toeneemt, naar resp. 34% en 53%. Voor een verdere duiding
ingezet in kolom 1 of 2. En andersom geldt dit natuurlijk ook.
verwijzen we naar bijlage 2.
WerkBedrijf rapporteert over relevante activiteiten en resultaten die binnen de taakgebieden plaatsvinden.
18
De komende jaren zetten wij in op de volgende wijzigingen in de dienstverlening van WerkBedrijf (en gemeenten):
9. Gemeenten en WerkBedrijf zetten intensiever in op het onbenut arbeidspotentieel (voor zover dat bij ons bekend en bereikbaar is), zoals de bijstandsgerechtigden die nu
1. Vanwege de huidige populatie werkzoekenden willen wij
nog niet aangemeld zijn bij WerkBedrijf, niet-uitkerings-
het dienstverleningsconcept verschuiven van vooral vraag-
gerechtigden en parttime werkenden die mogelijk meer
gericht naar meer aanbodgericht, in een passende balans
uren kunnen werken. We brengen hen in beeld en investeren
met wat nodig is en wat werkt voor de individuele kandidaat.
in om-, bij- en nascholing.
Arbeidsbemiddeling is onder de huidige omstandigheden vooral mensontwikkeling. 2. We willen een intensiever contact en brede aandacht,
10. We willen dat de dienstverlening van WerkBedrijf meebeweegt met de fluctuerende economische conjunctuur en arbeidsmarkt. Wanneer de werkloosheid weer toe-
meer maatwerk leveren en langduriger begeleiding van
neemt en daarmee de instroom in de bijstand, willen we
werkzoekenden die dat nodig hebben.
deze groep snel bemiddelen naar werk om langdurige
3. Gemeenten en WerkBedrijf behouden onverminderd aandacht voor de zogenoemde focusgroepen: mensen van
werkloosheid te voorkomen. 11. WerkBedrijf neemt deel aan of initieert waar nodig
55 jaar en ouder, statushouders en inburgeraars, jongeren
projecten met partners zoals UWV, onderwijsaanbieders,
tot 27 jaar, mensen met een arbeidsbeperking en mensen
de Regionale Tafel Arbeidsmarkt en de Groene Metropool
die nieuw instromen in de bijstand.
Regio.
4. We voeren een brede intake uit voor de bijstandsgerechtigde
12. In samenspraak met WerkBedrijf en UWV willen we een
die dat nodig heeft: we kijken naar de persoonlijke interesse
regionaal ‘Platform’ Economie starten. Mogelijk kan dit
van de kandidaat en brengen alle leefgebieden in beeld:
ondergebracht worden bij de Platformfunctie van de
gezondheid, financiële situatie, sociale omstandigheden,
Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen.
opleiding, etc.
Hier kunnen zowel beleidsmatige als operationele thema’s
“Gemeenten en WerkBedrijf behouden onverminderd aandacht voor de zogenoemde focusgroepen” 5. Aan de hand van dat volledig beeld kunnen gemeenten en
op het snijvlak van economie en arbeidsmarkt door de gemeenschappelijke werkgeversdienstverlening van WerkBedrijf en UWV enerzijds en de teams Economie van gemeenten anderzijds worden opgepakt. 13. We stimuleren bij onze eigen HR-afdelingen de samenwerking met WerkBedrijf om vacatures beschikbaar te stellen en passend te maken voor onze eigen werkzoekenden.
WerkBedrijf vervolgens in de breedte waar nodig de juiste ondersteuning inzetten en toewerken naar participatie en
Kritieke Prestatie Indicatoren
werk voor wie dat mogelijk is. Een zorgvuldige overdracht
De kern van de dienstverlening van WerkBedrijf bestaat zoals
met de relevante informatie aan WerkBedrijf is een belangrijk
geschetst uit de ontwikkeling, bemiddeling en begeleiding van
onderdeel hierbij.
kandidaten op weg naar werk. In elke fase van dienstverlening
6. We verwachten van WerkBedrijf meer inzet op praktijkleren,
worden stappen gezet die van waarde zijn, die inzet van
opleidingen, werk- en taalstages, ontwikkelbanen etc.,
personeel en instrumenten vragen en die voortgang brengen.
omdat veel werkzoekenden behoefte hebben aan een
Aan de hand van Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI’s) en
praktische manier van leren.
Kritische Succes Factoren (KSF’s) kunnen we de prestaties en
7. Omdat we zien dat inwoners zonder werk vaak problemen
successen in de verschillende fases van dienstverlening van
hebben op meerdere leefgebieden, begrenzen we de duur
WerkBedrijf monitoren.
van dienstverlening door WerkBedrijf niet langer op twee
In elke rapportage van de MGR, drie maal per jaar11, wordt
jaar, maar houden we deze flexibel: we doen wat nodig en
gerapporteerd over o.a. de prestatie-indicatoren. Aan de KPI’s
passend is om te komen tot een duurzame plaatsing op werk.
is ook een doelstelling verbonden, die jaarlijks wordt vast-
8. Daarvoor is nodig dat wij met WerkBedrijf de lokale samen-
gesteld en vastgelegd in de begroting van de MGR. In de dienst-
11
werking met afdelingen Inkomen, Zorg, Schuldhulp,
verleningsovereenkomst kunnen aanvullende KPI’s worden
participatiecoaches, buurt- en wijkteams etc. intensiveren.
vastgelegd.
De MGR rapporteert drie maal per jaar aan gemeenten: in een Factsheet na het eerste kwartaal, de halfjaarrapportage en de jaarrekening.
19
Op dit moment rapporteert WerkBedrijf drie maal per jaar over de volgende KPI’s, conform het Informatieprotocol van de MGR: • Het aantal kandidaten dat volledig uit de uitkering is uitgestroomd naar werk (op basis van de bijstandscijfers van gemeenten) • Het aantal plaatsingen op betaald werk (parttime en fulltime),
• Het aantal plaatsingen op werk met behoud van uitkering (ontwikkeltraject, leerwerkplek, Op weg naar werk) • Het aantal kandidaten dat is uitgestroomd naar regulier onderwijs met financiering DUO (m.n. jongeren) • Duur van de dienstverlening (o.a. indicatie van intensiteit van de begeleiding) • Het aantal unieke relaties met ondernemers
met daarbij een onderscheid naar benoemde focusgroepen • Resultaten Sociale Werkvoorziening:
We willen een uitbreiding op de KPI’s en KSF’s, omdat deze
- verdeling van de werkvormen
geen volledig beeld geven van de inzet en dienstverlening.
- ziekteverzuim
De dienstverlening is veranderd; er is meer en langduriger
- toegevoegde waarde in € per fte
investering nodig in kandidaten. Daarom is het minder belangrijk om uitsluitend te kijken naar resultaten in termen
Kritieke Succes Factoren
van ‘harde’ uitstroomcijfers. De gerichtheid op de ontwikkeling
Om de resultaten in de KPI’s te kunnen behalen is een aantal
van kandidaten en langduriger begeleiding vragen om andere
succesfactoren noodzakelijk, omdat ze ondersteunend zijn
indicatoren. Tegelijkertijd willen we een goede balans houden
aan het behalen van die prestaties. Deze worden beschreven
tussen extra informatie en administratieve lasten.
aan de hand van Kritieke Succes Factoren (KSF’s). Ook hierover wordt periodiek gerapporteerd. Er zijn echter geen
We overwegen de volgende toevoegingen aan indicatoren
doelstellingen aan verbonden.
(zowel KPI’s als KSF’s):
Op dit moment rapporteert WerkBedrijf over de volgende KSF’s:
• Duurzaamheid van de uitstroom (> ½ jaar, i.s.m. gemeenten)
• De tevredenheid van kandidaten, SW-medewerkers en
• Ontwikkeling van kandidaten (bijv. weergave ontwikkeling
ondernemers over (de dienstverlening van) WerkBedrijf • Het aantal kandidaten in een actief arbeidsbemiddelingsproces
20
in 3 fases, gemiddelde begeleidingsduur van kandidaten vóór hun (eerste) plaatsing op betaald werk) • Aantal ingezette scholingstrajecten
• Gemiddelde begeleidingsduur van een kandidaat tot aan plaatsing betaald werk • Kandidaten op een arbeidsplek geplaatst met begeleiding (zowel met als zonder loonkostensubsidie) • Aantal ingezette instrumenten tot aan plaatsing op betaald werk
“In afstemming met WerkBedrijf bepalen we definitief welke indicatoren mogelijk en realistisch zijn”
• Aantal aanmeldingen van nieuwe kandidaten door gemeenten • Aantal terugmeldingen door WerkBedrijf met als reden:
Dienstverleningsovereenkomst
‘niet werkfit’
Gemeenten formuleren de gewenste dienstverlening en
• Jaarlijkse werkgevers- en kandidaatstevredenheidsmetingen;
overige taken van WerkBedrijf (het ‘wat’). WerkBedrijf bepaalt
tevens SW-medewerkerstevredenheid
op welke manier zij deze uitvoert binnen de eigen bedrijfsvoering (het ‘hoe’).
In afstemming met WerkBedrijf bepalen we definitief welke
De gemeenschappelijke opdracht aan WerkBedrijf vanuit
nieuwe KPI’s en KSF’s mogelijk en realistisch zijn. We kijken
gemeenten (dienstverlening, gewenste informatie via
hierbij naar het onderscheid tussen managementinformatie
informatieprotocol, samenwerkingsaspecten) die voort-
(bijv. aantal aan- en terugmeldingen) en informatie waarmee
komt uit dit beleidskader, leggen we gezamenlijk vast in
de raad op hoofdlijnen kan sturen (bijv. uitstroominformatie,
een Dienstverleningsovereenkomst (DVO). Ook legt iedere
tevredenheids-onderzoeken). We nemen de nieuwe KPI’s en
gemeente keuzes voor lokale dienstverlening vast in de DVO.
KSF’s op in het nieuwe Informatieprotocol van de MGR en
De overeenkomst is niet eenzijdig: gemeenten en WerkBedrijf
leggen dit in het eerste kwartaal van 2024 voor aan colleges
conformeren zich beiden aan de opdracht en zetten zich
en gemeenteraden.
gezamenlijk in om de doelen te bereiken. We nemen de nieuwe beleidsvoornemens die betrekking
Lokale dienstverlening bij gemeenten
hebben op WerkBedrijf op in de DVO, zoals de accentver-
Gemeenten maken gebruik van de reguliere dienstverlening
schuiving in de dienstverlening, geen maximale duur aan
van WerkBedrijf. Deze financieren we uit een rijksbudget
dienstverlening, de KPI’s/KSF’s, focusgroepen, financiering,
Participatie, rijksmiddelen voor loonkostensubsidies en een
geïntensiveerde samenwerking, etc. Ook willen we een DVO
budget voor beschut werk. Een deel van de Participatie-
voor minimaal twee jaar afsluiten. Dit geeft stabiliteit aan de
middelen is beschikbaar voor lokale dienstverlening, dat wil
koers van WerkBedrijf. Tegelijkertijd vragen we flexibiliteit in
zeggen specifieke dienstverlening door WerkBedrijf voor een
de uitvoeringspraktijk: als de conjunctuur verandert en de
gemeente, naar eigen keuze. Voorbeelden daarvan zijn de
werkloosheid stijgt, willen we de uitvoering ook daarop richten.
periodieke en vaste beschikbaarheid van consulenten op
In het eerste kwartaal van 2024, na besluitvorming over dit
locatie van de gemeentehuizen, in wijk- of buurteams, de
beleidskader in december 2023, leggen we de nieuwe DVO
screening van bepaalde groepen in de bijstand, groepsgewijze
voor aan colleges (besluitvorming) en gemeenteraden
trainingen en workshops, evenementen met lokale onder-
(zienswijzen) in de regio.
nemers, etc. WerkBedrijf biedt deze dienstverlening aan in een ‘Keuzekaart’ voor gemeenten, als bijlage van de DVO. We willen vanwege de gewenste aansluiting tussen de niet-loonvormende keten (uitgevoerd door m.n. gemeenten) op de loonvormende keten (uitgevoerd door WerkBedrijf), ook de inzet van participatie(coaches), activering en andere lokale projecten als voorbereiding op re-integratie door WerkBedrijf via de lokale keuzes mogelijk maken. We vragen WerkBedrijf dan ook deze dienstverlening op te nemen in de Keuzekaart voor lokale dienstverlening vanaf 2025, zo mogelijk vanaf 2024. Deze wens hangt samen met de nieuwe financieringssystematiek die vanaf 2025 geldt; zie hiervoor hoofdstuk V.
21
V nemende gemeenten nieuwe afspraken maken over het budget voor WerkBedrijf. Landelijk is gezocht naar een objectieve manier om het aandeel ‘Participatiebudget’ te kunnen herleiden in het Gemeentefonds.
Rekentool Berenschot Daarom heeft Bureau Berenschot in opdracht van het rijk een rekentool ontwikkeld. We zijn voorstander van toepassing van het Berenschotmodel vanaf 2025 voor de bepaling van zowel het totale budget voor WerkBedrijf als voor de onderlinge gemeentelijke budgetten. Het model is transparant, objectief en toekomstbestendig, omdat het meebeweegt met de opgaven van het rijk en in lijn is met het budget dat gemeenten daadwerkelijk ontvangen van het rijk. Ook biedt het model voor WerkBedrijf een goede basis om langjarig een wendbare en flexibele organisatie in te richten. Het model hanteert op gemeenteniveau de nieuwe maatstaven die de rijksoverheid gebruikt in het cluster Participatie, waarvan het Participatiebudget deel uitmaakt:
Financieel kader Financiering WerkBedrijf tot en met 2024
1. aantal bijstandsontvangers 2. aantal gezinnen met laag inkomen 3. aantal mensen in het doelgroepenregister 4. aantal loonkostensubsidies
Jarenlang, tot 2023, stelde het rijk aan gemeenten een ge-
De aantallen waar de Rijksoverheid mee rekent, worden bij
oormerkt Participatiebudget beschikbaar, bedoeld voor
iedere circulaire (jaarlijks in mei en september) geactualiseerd.
uitvoering van re-integratietaken. Conform de juridische
In het Berenschotmodel zijn (op basis van onderzoek) de
regeling van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR)
uitvoeringskosten toegevoegd. Hiermee kan bepaald worden
waar WerkBedrijf een module van is, leggen gemeenten dit
welk deel van het budget bij WerkBedrijf terecht moet
gehele Participatiebudget jaarlijks in bij WerkBedrijf.
komen voor uitvoering van de re-integratietaak van de
Gemeenten hebben medio 2023 bestuurlijke overeenstemming
Participatiewet.
bereikt over voortzetting van de huidige financieringssystematiek van WerkBedrijf tot en met 2024. Dat betekent
Consequenties nieuwe budgettering
dat gemeenten het laatst bekende Participatiebudget
Het nieuwe model leidt in totaliteit niet tot grote verschillen
(conform de septembercirculaire 2022) voor de jaren 2023
in het budget voor WerkBedrijf. Onderling ligt dit anders: de
en 2024 aanhouden als bijdrage aan WerkBedrijf, zij het
kleinere gemeenten ontvangen een hoger Participatiebudget
geïndexeerd. Zo zijn de begrotingen van de MGR en van
op basis van de nieuwe maatstaven ten opzichte van de oude
gemeenten meerjarig eveneens opgesteld.
systematiek; de gemeente Nijmegen ontvangt een lager
Financiering WerkBedrijf vanaf 2025
budget. Dit leidt bij alle gemeenten behalve bij Nijmegen tot begrotingstekorten, omdat de gemeentelijke meerjaren-
Nieuwe verdeelsystematiek Gemeentefonds
begrotingen nog zijn opgesteld op basis van de oude systema-
Vanaf 2023 is de verdeelsystematiek van het Gemeentefonds
tiek. Voor de gemeente Nijmegen is het effect tegengesteld:
gewijzigd. Het rijk werkt o.a. met andere maatstaven voor de
Nijmegen ontvangt een lager budget, legt dus ook een lager
bepaling van de budgetten. Het Participatiebudget is sinds-
budget in bij WerkBedrijf, maar heeft hoger begroot en heeft in
dien niet meer als zodanig te onderscheiden in de uitkering
die zin geen begrotingsprobleem. Vanwege de uitdrukkelijke
van het Gemeentefonds. Daarom moeten de MGR en de deel-
wens en het grote belang van het behoud van de regionale
22
dienstverlening op een vergelijkbaar niveau, is de gemeente
In bijlage 7 zijn de gevolgen van de nieuwe verdeelsystema-
Nijmegen bereid de nadeel-gemeenten in de jaren 2025 en 2026
tiek Participatiebudget voor 2025 en 2026 (met toepassing
tegemoet te komen met een financiële compensatieregeling.
Berenschottool) ten opzichte van de begroting van de MGR
We beschouwen de jaren 2023 en 2024 als overgangsjaren
in beeld gebracht. Tevens is een voorstel voor verdeling van
door de oude financieringssystematiek toe te blijven passen.
de compensatie van Nijmegen over de gemeenten in een
We nemen zo de tijd om te komen tot goede en bestendige,
aparte kolom opgenomen (gebaseerd op de omvang van het
lange termijn-afspraken om de gemeentelijke begrotingen
lokale tekort afgezet tegen het MGR-begrotingsverschil).
vanaf 2025 op orde te krijgen, de dienstverlening te kunnen waarborgen en WerkBedrijf stabiliteit en zekerheid te bieden.
3. Taakstellende bezuiniging van 5% op Participatiebudget WerkBedrijf vanaf 2025
Aanvullende voorwaarden bij nieuwe budgetafspraken conform Berenschotrekentool
Vanaf het jaar 2025, wanneer we de nieuwe verdeelsystematiek
1. Binnen de lokale afspraken met WerkBedrijf wordt de
bezuiniging op van 5% van het Participatiebudget. De omvang
toepassen, leggen we WerkBedrijf een regionale taakstellende
mogelijkheid opgenomen om participatiecoaching en
van de bezuiniging stellen we vast op € 1,2 mln. Dat geeft
-activiteiten/activering anderszins te financieren
duidelijkheid voor de begrotingen van alle partijen.
Hiermee versterken we de aansluiting van de niet-loonvormende
De bezuiniging is daarmee ook onafhankelijk van de ont-
keten (gemeenten) op de loonvormende keten (WerkBedrijf).
wikkeling van de rijksbudgetten.
Kandidaten die bij gemeenten in begeleiding zijn, komen
We constateren echter dat WerkBedrijf vanaf 2025 óók te
sneller in beeld bij WerkBedrijf. Dat levert mogelijk meer toe-
maken krijgt met een verlaging van de rijksvergoeding voor
leiding naar werk op. Gemeenten kunnen de participatietaak
beschut werk. De impact van beide maatregelen tegelijkertijd
verschillend organiseren en stemmen dit nader af met
zou groot zijn voor de bedrijfsvoering van WerkBedrijf:
WerkBedrijf. Mogelijk is deze keuze al uitvoerbaar vanaf
de dienstverlening aan kwetsbare en minder kwetsbare
2024. Het regionale budget voor lokale afspraken houden we
kandidaten komt onder druk te staan. Dit heeft maatschap-
regionaal relatief op dezelfde omvang als in de voorgaande
pelijke impact en heeft gevolgen voor de potentiële uitkerings-
jaren. Mogelijk zal in de lokale dienstverlening ook de
last van gemeenten. Om die reden brengen we in 2025 en
bezuiniging van 5% (zie punt 3) verwerkt worden.
2026 de bezuiniging in mindering op de verlaging van het rijksbudget voor beschut werk.
N.B. De huidige lokale dienstverlening bij gemeenten (als onderdeel van de afspraken in de DVO) is gebaseerd op 25% van het klassieke Participatiebudget. Bij de toekomstige lokale dienstverlening gaat het eveneens om een percentage van het vernieuwde Participatiebudget; dat is het budget exclusief de middelen voor beschut werk nieuw/begeleiding nieuw. In de nieuwe systematiek komt dit neer op plm. 15% van het Participatiebudget. Daarmee geven we aan dat we de (relatieve) financiële omvang van de lokale afspraken gelijk houden, zodat de bedrijfsvoering en flexibiliteit van
“We kiezen de landelijke rekentool voor de bepaling van het Participatiebudget, omdat deze objectief is en meebeweegt met de opgaven van het rijk”
WerkBedrijf niet beperkt worden. 4. Aanvullende inkomsten door WerkBedrijf 2. Gemeente Nijmegen compenseert de overige gemeenten gedeeltelijk in 2025 en 2026
Gemeenten zien zich de komende jaren geconfronteerd met bezuinigingen vanwege begrotingstekorten. We willen dat
De gemeente Nijmegen is bereid om in 2025 een bedrag van
WerkBedrijf op zoek gaat naar aanvullende middelen en
€ 500.000 extra in te leggen als ‘ingroeipad’, ter compensatie
alternatieve financieringsstromen verkent met bijvoorbeeld
van de nadeel-gemeenten. Voor 2026 is een bedrag van
UWV en andere partijen in de arbeidsmarktregio. Hierbij is het
€ 250.000 afgesproken. Gemeente Nijmegen laat de overige
belangrijk dat we de juridische regeling van de MGR in aan-
gemeenten vrij in de wijze waarop zij dit budget onderling
merking nemen. Die geeft beperkingen op bijv. commerciële
willen verdelen.
activiteiten.
23
Bijlagen 1. Arbeidsmarktprognose Rijk van Nijmegen, 2023-2024 (1 juni 2023) door UWV 2. Ontwikkeling bijstandsuitkeringen Participatiewet en Ioaw, Rijk van Nijmegen 3. Toelichting op nieuwe opdrachten aan gemeenten en komende wetswijzigingen 4. Toelichting op de Focusgroepen 5. Schematische weergave van Human Capital Akkoord van de Groene Metropool Regio 6. Voorbeelden van samenwerking in Rijk van Nijmegen en Arnhem/Nijmegen 7. Tabel nieuwe verdeelsystematiek Participatiebudget met toepassing Berenschottool en compensatieregeling gemeente Nijmegen, 2025 en 2026
24
Bijlage 1 Arbeidsmarktprognose Rijk van Nijmegen, 2023-2024 (1 juni 2023)
25
Bron: https://www.werk.nl/imagesdxa/rijk_van_nijmegen_regionale_arbeidsmarktprognose_2023_2024_tcm95-450508.pdf
26
Bijlage 2 Ontwikkeling bijstandsuitkeringen Participatiewet en Ioaw Rijk van Nijmegen
Naam gemeente Gemeente Berg en Dal Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen
Totaal
PW-bestand gemiddelde jonger dan Peildata (incl. IOAW) leeftijd 27 jaar 31-12-19 701 45 83 31-12-22 703 46 84 31-12-19 464 44 55 31-12-22 469 44 60 31-12-19 255 50 14 31-12-22 262 46 33 31-12-19 216 43 34 31-12-22 226 43 30 31-12-19 66 48 8 31-12-22 64 45 17 31-12-19 7044 46 769 31-12-22 6616 46 682 31-12-19 707 52 44 31-12-22 678 46 89 31-12-19 31-12-22
9453 9018
47 45
27 tot 55 jaar 404 366 281 281 130 133 128 136 26 22 4034 3650 356 363
55 jaar en ouder 214 253 128 128 111 96 54 60 32 25 2241 2284 307 226
5359 4951
3087 3072
1007 995
korter dan tussen 1 en tussen 3 en langer dan geboorteland 1 jaar PW 3 jaar PW 5 jaar PW 5 jaar PW Nederland 169 175 131 226 466 128 135 122 318 459 113 104 80 167 269 91 110 61 207 251 50 69 43 93 172 45 65 50 102 167 51 50 43 72 128 48 55 29 94 128 15 21 9 21 61 15 17 11 21 57 980 1420 1238 3417 4156 790 1177 912 3742 3771 124 170 112 301 481 131 131 104 312 441 1502 1248
2009 1690
1656 1289
4297 4796
5733 5274
Toelichting De gemeenten hebben begin 2023 ruim 9.000 huishoudens in
We zien een sterke correlatie tussen een hoge leeftijd en een
een bijstandsuitkering. Tijdens de Covid-pandemie bereikte
lange duur van uitkeringsafhankelijkheid. Tot slot zien we
dit een piek van 9.400 huishoudens. Na een aanvankelijke
ook dat meer dan 40% van de bijstandsgerechtigden in onze
daling zien we nu het aantal mensen met een PW-uitkering
arbeidsmarktregio een ander land van geboorte heeft dan
weer licht stijgt. Circa 35% van deze bijstandsgerechtigden
Nederland. Los van wetswijzigingen (voormalig Wajongers
vallen onder de dienstverlening van WerkBedrijf. Gezien het
en mensen die een beschutte werkplek nodig hebben die
aantal aanmeldingen bij en terugmeldingen van WerkBedrijf
sinds de invoering van de Participatiewet instromen in ons
zien we dit aantal bemiddelbare mensen dalen (van 4.263
klantenbestand) en allerlei andere persoonlijke factoren
eind 2019 naar 3.660 medio 2023). Eerder constateerden we
(schulden, gezondheid, verslaving, huisvestingsproblemen),
al dat degenen die ook op de huidige krappe arbeidsmarkt
zijn ook deze cijfers een indicatie dat inwoners die niet zelf-
toch een beroep moeten doen op een uitkering, steeds
standig werk vinden steeds moeilijker bemiddelbaar worden.
12
moeilijker bemiddelbaar worden. Zo zien we onder andere op regionaal niveau dat 53% van alle inwoners met een bijstandsuitkering deze uitkering al 5 jaar of langer ontvangt. In 2019 lag dit percentage nog op 45%. Ook de groep van 55 jaar en ouder stijgt nog altijd (met 2% sinds 2019 naar 34% van het totaal aantal mensen in een bijstandsuitkering in 2023). De gemiddelde leeftijd in ons bestand ligt op ongeveer 46 jaar.
Dit percentage ligt lager, omdat we hierin ook de mensen meenemen die wél dienstverlening van WerkBedrijf ontvangen (jongeren, mensen die met een loonkostensubsidie aan het werk zijn) maar nog geen of niet langer een uitkering hebben.
12
27
Bijlage 3 Toelichting op nieuwe opdrachten aan gemeenten en komende wetswijzigingen Participatiewet in balans
- mensen met een arbeidsbeperking voor langere tijd aan
De Participatiewet wordt door mensen die er gebruik van
het werk krijgen;
maken soms als ‘hard’ ervaren door een samenspel van
- werk voor mensen met een arbeidsbeperking aantrekkelijker
complexiteit van regels, een beperkt ervaren ondersteuning
maken (bijvoorbeeld door meer inkomen);
en strenge handhaving. Met het programma ‘Participatiewet
- zorgen dat werkgevers en werkzoekenden elkaar
in balans’ wil de regering de ervaren hardheid wegnemen
gemakkelijker vinden.
door vertrouwen en menselijke maat als centrale begrippen te verankeren in (de uitvoering van) de wet en de uitvoering
Per 1 januari 2023 en 1 juli 2023 zijn diverse maatregelen op
eenvoudiger maken.
het gebied van Werk en Inkomen doorgevoerd, zoals hulp op
• De regels en ondersteuning van de Participatiewet laten
maat aan te vragen door de werknemer, directe ondersteuning
aansluiten op de mogelijkheden en omstandigheden van
voor jongeren met een arbeidsbeperking wanneer zij een
de mensen voor wie ze bedoeld zijn;
uitkering aanvragen en het gemakkelijker kunnen ontvangen
• Het vergroten van de rechtszekerheid, zowel qua rechten
van een loonkostensubsidie voor werkgevers. De wijzigingen
als plichten;
op het domein Werk zijn medio 2023 regionaal doorgevoerd
• Het creëren van meer handelingsruimte voor de uitvoerend
in de re-integratieverordening Participatiewet 2023. Zo zijn
professional.
loonkostensubsidies voor een grotere groep werkzoekenden (ook voor mensen zonder indicatie van een arbeidsbeperking,
De wetswijzigingen in de Participatiewet (in te voeren vanaf
maar met een zekere afstand tot de arbeidsmarkt) beter
2025) beogen de menselijke maat terug te brengen: we moeten
toegankelijk. Ook biedt de nieuwe wet meer mogelijkheden
uitgaan van het vertrouwen dat bijstandsgerechtigden graag
voor maatwerk.
mee willen doen aan de maatschappij, maar daar soms ondersteuning bij nodig hebben. Die ondersteuning moet
Wet SUWI en uitbreiding arbeidsmarktinfrastructuur
goed vindbaar en toegankelijk zijn en passen bij de individuele
De opdracht om in de arbeidsmarktregio’s Regionale
mogelijkheden en behoeften van de bijstandsgerechtigde.
Mobiliteitsteams (RMT’s) op te richten, oorspronkelijk als
Ook moet de overgang van uitkering naar werk versoepeld
crisismaatregel vanwege de coronapandemie, duidt eveneens
worden en moet de combinatie van werk en uitkering
op een grotere verantwoordelijkheid voor de arbeidsmarkt-
gemakkelijker worden. In ons arbeidsmarktbeleid sluiten we
regio’s. Binnen het mobiliteitsteam werken verschillende
aan bij deze landelijke ontwikkelingen door o.a. de aandacht,
partners gezamenlijk aan het ondersteunen van mensen in
de begeleiding en het contact met kandidaten te intensiveren.
hun zoektocht naar (duurzaam) werk. De ervaringen van de
Ook is een verbetering van de samenwerking tussen WerkBedrijf
RMT’s worden benut om de uitbreiding van de arbeidsmarkt-
en de afdelingen Inkomen noodzakelijk.
infrastructuur in de toekomst vorm te geven.
Breed Offensief
Als tweede ontwikkeling is de wet SUWI uitgebreid met de
In de afgelopen jaren is landelijk gewerkt aan een wetsvoorstel
opdracht aan de regio’s om de dienstverlening van UWV en
‘Breed Offensief’: een brede agenda om de arbeidsmarkt-
Werkbedrijven aan werkgevers te stroomlijnen13.
kansen voor mensen met een arbeidsbeperking te vergroten.
Gemeenten, WerkBedrijf en UWV werken in de tweede helft
Doelen van de maatregelen uit het Breed Offensief zijn:
van 2023 met een gezamenlijk uitvoeringsplan14 toe naar één
- het gemakkelijker maken voor werkgevers om mensen met
werkgeversservicepunt voor de uitvoering van de werkgevers-
een arbeidsbeperking aan te nemen;
dienstverlening in de arbeidsmarktregio.
Wijziging van het Besluit SUWI in verband met de regeling van samenwerking, regie en de werkgeversdienstverlening in arbeidsmarktregio’s ten behoeve van de uitvoering van de arbeidstoeleidingstaak van het UWV en de colleges van B&W en het matchen van werkzoekenden en werkgevers: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2020-228.html 14 In het voorjaar van 2023 is het Uitvoeringsplan werkgeversdienstverlening UWV en WerkBedrijf Rijk van Nijmegen ‘Naar een verbeterde werkgeversdienstverlening in Rijk van Nijmegen’ door de colleges in Rijk van Nijmegen vastgesteld. Hierover wordt verslag uitgebracht in de reguliere rapportages van de MGR. 13
28
Tot slot heeft het rijk vanaf 2025 een herstructurering van de
gemonitord zullen gaan worden. Het RMC wordt dooront-
arbeidsmarktinfrastructuur en uitbreiding van de arbeids-
wikkeld naar een zogenoemd Doorstroompunt. Voor het MBO,
marktdienstverlening aangekondigd15. Er zijn structurele
gemeenten en het Doorstroompunt wordt de nazorgtaak
uitdagingen vastgesteld in de evaluatie van de Participatiewet,
uitgebreid en/of toegevoegd. Hiervoor moeten afspraken
het WRR-rapport ‘Het betere werk’ en de adviezen van de
gemaakt worden in een regionale aanpak.
Commissie Regulering van Werk. Een aantal van deze uit-
Momenteel werken we op dit thema al samen binnen de
dagingen moet worden opgelost in de uitbreiding van de
aanpak ‘Jongeren naar School of Werk’. Deze samenwerking
arbeidsmarktinfrastructuur. Namelijk -ongeacht een krappe
intensiveren we in aanloop naar 2025 en breiden we uit met
of ruime arbeidsmarkt- : een regionale, structurele samen-
onderdelen van de nieuwe wetgeving.
werking bouwen, waarin sociale partners en overheden de dienstverlening versterken voor zowel (potentiële) werkzoekenden als werkgevers. De wijze waarop deze dienstverlening in onze regio vorm gaat krijgen is zeker nog niet duidelijk. Op rijksniveau zijn recent verschillende werkgroepen gestart die zich over het dienstverleningsconcept en de besturing/governance ervan buigen. Vervolgens zullen er ook werkgroepen starten die zich in de informatie-uitwisseling, wet- en regelgeving en financiën gaan verdiepen. Gelet echter op de val van het kabinet in juli 2023, ligt het voor de hand dat de herstructurering van de arbeidsmarktdienstverlening op zijn minst vertraging zal oplopen. We zijn in onze regio volop bezig met de voorbereidingen op de nieuwe samenwerking en zetten deze onverminderd voort. Wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’: sluitende aanpak kwetsbare jongeren We verwachten medio 2025 nieuwe wetgeving ‘Van school naar duurzaam werk’ voor het begeleiden van alle jongeren tot 27 jaar in een kwetsbare uitgangspositie. Dit wetsvoorstel beoogt de kansengelijkheid te vergroten door jongeren met een (risico op) afstand tot de arbeidsmarkt te begeleiden bij de overgang van school naar werk en bij het behoud van werk bij (dreigende) werkloosheid.
Doel van het voorstel is jongeren die een (risico op) structurele achterstand op de arbeidsmarkt hebben, te laten doorleren of duurzaam aan het werk te helpen. O.a. de monitoringstaak van het Regionaal Meld en Coördinatiepunt voor vroegtijdig schoolverlaters (RMC) wordt uitgebreid. Het betekent dat alle jongeren tot 27 jaar
15
https://open.overheid.nl/documenten/ronl-10da1ff6aac28ed8e6897d8025a8b24e468f16be/pdf
29
Bijlage 4 Toelichting op de Focusgroepen
trajecten een snellere integratie van inburgeraars bevorderen. Participatie is de beste manier om te integreren: door mee te doen in de maatschappij breiden nieuwkomers hun netwerk
We bieden dienstverlening aan alle kandidaten die dat nodig
uit, leren ze de Nederlandse taal sneller en wordt duidelijk
hebben. Daar is de dienstverlening bij WerkBedrijf ook op in-
waar kansen liggen voor hun loopbaan.
gericht. Al onze inwoners, met of zonder een bijstandsuitkering, kunnen er terecht. In sommige gevallen is het echter van belang
We willen sneller (tijdens de inburgeringsperiode) én steviger
om groepen te onderscheiden, omdat deze een bijzondere
dan voorheen inzetten op de (re-)integratie van asielmigranten.
kennis en expertise vragen. In dat verband benoemen we een
We onderzoeken de mogelijkheden om statushouders die nog
aantal zgn. focusgroepen.
in afwachting zijn van huisvesting en in een asielzoekerscentrum verblijven, in beeld te brengen en versneld te starten
Werkzoekenden van 55 jaar en ouder
met inburgering en participatie. Daarbij bieden we maatwerk.
Oudere werkzoekenden hebben een kwetsbare positie op de
Dat betekent onder andere dat we afstappen van een minimum
arbeidsmarkt. Er is een beeld ontstaan dat ouderen ondanks
taalniveau als voorwaarde om voor dienstverlening van
een flinke dosis werk- en levenservaring, minder inzetbaar
WerkBedrijf in aanmerking te komen. Specifiek bij status-
zouden zijn op de arbeidsmarkt. Ook gezien de toenemende
houders besteden we via trainingen en workshops veel
levensverwachting past het onbenut laten van het arbeids-
aandacht aan kennis van en oriëntatie op de arbeidsmarkt,
potentieel van ouderen niet bij een inclusieve arbeidsmarkt,
opleidingsmogelijkheden en aan participatie in een taalrijke
al is het niet eenvoudig om de kansen van oudere werk-
omgeving. Daar kunnen zij o.a. vak- en werkvloertaal leren
zoekenden op de arbeidsmarkt te verbeteren. De kans op
en kennis maken met de Nederlandse werkcultuur en werk-
langdurige werkloosheid is onder ouderen veel hoger dan voor
nemersvaardigheden. Asielmigranten die nog taallessen
andere leeftijdsgroepen. En juist die combinatie van leeftijd
(moeten) volgen, zijn echter (nog) niet fulltime beschikbaar
en een langere werkloosheidsduur maakt arbeidsbemiddeling
voor de arbeidsmarkt. Dat vergt flexibiliteit van werkgevers.
lastig. ‘Bijblijven’, investeren in vaardigheden en kennis is voor
We accepteren dat meedoen niet altijd meteen lukt in de
deze groep cruciaal. Digitalisering en robotisering leiden ertoe
loonvormende keten: de aanloop naar betaald werk kan,
dat we extra gaan investeren in na-, bij- en omscholing.
net zoals bij andere focusgroepen, soms langer duren en
Gemeenten en WerkBedrijf gaan actief met deze groep aan
starten met activering en participatie. Maar uiteindelijk
de slag om te analyseren waar de mogelijkheden liggen en
zullen inburgeraars hier profijt van hebben bij het vinden én
op zoek naar passende scholing en werk(-ervarings)plekken.
behouden van (betaald) werk en zal hun uitkeringsafhankelijkheid afnemen. Daarnaast hebben we aandacht voor jonge
Statushouders en inburgeraars
statushouders (tot 18 jaar) die taalonderwijs en een voor-
Lang werd aangenomen dat een beperkte beheersing van de
traject volgen (o.a. bij het Pontem College en ROC) ter voor-
Nederlandse taal de weg naar de arbeidsmarkt zou belemmeren.
bereiding op een reguliere opleiding of inburgering.
Ook veel (voormalig) statushouders willen zo snel mogelijk volwaardig deelnemen aan onze maatschappij, het liefst via
Jongeren tot 27 jaar
betaald werk. Desondanks staan velen van hen nog langs de
We willen dat alle jongeren in een kwetsbare positie een
kant. Dit geldt niet alleen voor asielmigranten die zich recent
passende opleiding vinden, minimaal een startkwalificatie
in onze regio hebben gevestigd. Ook voormalig vluchtelingen