Agendabundel
Tekst van het document
Uit de analyse blijkt dat dit met name in het buitengebied het geval is, omdat de aanleg van een warmtenet daar relatief duur is. Er zijn in het buitengebied daarnaast ook kansen voor all-electric.
Transitievisie Warmte | 42
Figuur 21: Score van de nationale kosten voor warmtetechniek groengas.
Collectief woningbezit De resultaten van het criterium collectief woningbezit zijn weergegeven in Figuur 22. Uit de resultaten volgt dat het aandeel collectief woningbezit in de dorpen aanzienlijk hoger is dan in het buitengebied. In de buurten Midden Gennep, Nieuw-Bergen Kern en Well-West is het aandeel woningen in bezit van woningcorporaties met meer dan 30% het hoogste. Daarnaast bezitten de woningcorporaties Destion, Mooiland en Woonzorg Nederland een relatief groot aandeel van de woningen in de buurten Mook, Ottersum, Oude Stadskern in Gennep, Gennep Zuid, Siebengewald Kern, Afferden Kern en Well-Oost. Deze buurten kunnen de kartrekkers zijn voor de warmtetransitie in Mook en Middelaar, Gennep en Bergen, omdat het is deze buurten eenvoudiger zal zijn om gezamenlijke afspraken te maken over isolatiemaatregelen of de gewenste aardgasvrije warmtetechniek.
Transitievisie Warmte | 43
Figuur 22: Score van het collectief woningbezit van woningcorporaties.
Geschiktheid elektriciteitsnet De resultaten van het criterium geschiktheid elektriciteitsnet zijn weergegeven in Figuur 23. Uit de resultaten blijkt daar voor een groot aantal buurten elektriciteitskabels vervangen moeten worden om alle gebouwen in die buurten over te laten stappen op all-electric. In het buitengebied zijn enkele buurten waar geen vervanging nodig is. De oorzaak daarvan is dat in deze buurten relatief weinig gebouwen staan. De grootste aanpassingen aan het elektriciteitsnet worden verwacht in de buurten Mook, Gennep Midden, Nieuw-Bergen Kern en Well-Oost. Deze inventarisatie is gemaakt op basis van eerste inschattingen van netbeheerder Enexis.
Transitievisie Warmte | 44
Figuur 23: Score van de geschiktheid van het elektriciteitsnet op basis van een analyse door Enexis.
Transitievisie Warmte | 45
EINDGEBRUIKERSKOSTEN De transitie naar aardgasvrije alternatieven brengt kosten met zich mee. Ook voor diegenen die een huis bezitten of een woning huren. Dit zijn de eindgebruikerskosten. In juni 2021 is het dashboard eindgebruikerskosten gepubliceerd. Het dashboard is opgesteld door TNO met input van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Met het dashboard wordt inzichtelijk wat de eindgebruikerskosten van verschillende warmtetechnieken zijn voor eigenaren en huurders van woningen. Het dashboard is een aanvulling op de Startanalyse. De eindgebruikerskosten zijn doorgerekend voor de warmtetechnieken all-electric, MT warmtenet, LT warmtenet en groengas. In deze bijlage worden de inschattingen van de benodigde investeringen en eindgebruikerskosten per warmtetechniek en per woningtype op een overzichtelijk manier gepresenteerd. De resultaten worden alleen getoond voor eigenaren van woningen.
Methodiek en uitgangspunten Het dashboard eindgebruikerskosten geeft inzicht in de eindgebruikerskosten in specifieke situaties. Om woningen aardgasvrij te maken zijn investeringen nodig in schilmaatregelen en aanpassingen aan de woning. Bij schilmaatregelen valt te denken aan vloer-, dak- of spouwmuurisolatie of het vervangen van enkel door dubbel glas. Bij de woningaanpassingen kan worden gedacht aan de aanschaf van een (hybride) warmtepomp, het gasfornuis vervangen door een elektrisch fornuis of aanpassingen in de meterkast. De investeringen zijn berekend per woningtype voor de vier warmtetechnieken. De investeringen zijn exclusief btw en gebaseerd op het prijspeil van 2030. Dit betekent dat inflatie (jaarlijkse prijsstijging) en leercurves (prijsdaling door ontwikkeling van de markt) zijn meegenomen. In de berekening van de eindgebruikerskosten zijn tevens vervallen (her)investeringen en subsidies meegenomen. Zo hoeft er bijvoorbeeld niet meer een nieuwe CV-ketel geplaatst te worden en kan aanspraak worden gemaakt op diverse Rijkssubsidies. Uitgangspunt is dat de netto investeringen worden gefinancierd met een hypothecaire lening. Over de lening wordt aflossing en rente betaald. Het rentepercentage is 1,7% per jaar. De woningen worden door deze investeringen aardgasvrij. De jaarlijkse kosten van aardgas gaan naar nul.
Daarentegen kunnen de elektriciteitskosten stijgen door het gebruik van een warmtepomp of zijn er bijvoorbeeld kostenposten voor de inkoop van warmte bij de aansluiting op een warmtenet of inkoopkosten voor groengas. In de berekening van de eindgebruikerskosten worden gerekend met een gemiddeld energieverbruik. De eindgebruikerskosten zijn gelijk aan de gemiddelde jaarlijkse kosten minus de jaarlijkse baten over de looptijd van de financiering.
Eindgebruikerskosten zijn indicatief Bij de berekening van de eindgebruikerskosten is gebruik gemaakt van kentallen en een groot aantal uitgangspunten. De genoemde eindgebruikerskosten zijn daarom indicatief en alleen van toepassing op specifieke situaties. Het doel van de eindgebruikerskosten is om richting te geven en verschillende warmtetechnieken globaal met elkaar te vergelijken. Negatieve eindgebruikerskosten betekent dat de jaarlijkse baten hoger zijn dan de jaarlijkse kosten. De woningeigenaar gaat er dus op vooruit.
Transitievisie Warmte | 46
Het dashboard eindgebruikerskosten gaat uit van het huidige beleid. Toekomstige (voorgenomen) beleidsveranderingen zijn niet meegenomen. Een voorbeeld hiervan is dat het dashboard uitgaat van de bestaande warmtewet waarbij het niet-meer-dan-anders principe opgaat: het warmtetarief stijgt met stijgende aardgasprijzen en vice versa. In de nieuwe warmtewet wordt deze koppeling losgelaten. Een ander voorbeeld is dat het dashboard uitgaat van het huidige subsidielandschap. De hoogte en voorwaarden voor subsidies veranderen echter door de jaren heen. Het dashboard kan daardoor een vertekend beeld geven van de daadwerkelijke eindgebruikerskosten. Aangezien het dashboard eindgebruikerskosten alleen van toepassing is op specifieke situaties en er gebruik is gemaakt van een groot aantal uitgangspunten, is ervoor gekozen om deze kosten niet mee te nemen in de analyse van de transitievisie warmte. Bovendien zijn de eindgebruikerskosten voor een groot deel verweven in de nationale kosten. Het meenemen van zowel de nationale kosten als de eindgebruikerskosten leidt daardoor tot dubbeltellingen.
Transitievisie Warmte | 47
All-electric Tabel 5: Inschatting van de benodigde investering voor de warmtetechniek all-electric. De investeringen zijn per woning en exclusief btw.
Schilmaatregelen Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G Woningaanpassingen Warmtepomp LT verwarming Elektrisch koken Aanpassen ventilatie* Aanpassen meterkast
€0 €0 € 5.908 € 9.250 € 9.067 € 11.721 € 11.455
€0 €0 € 6.464 € 14.004 € 19.513 € 19.018 € 19.018
€0 €0 € 10.321 € 15.175 € 20.029 € 23.845 € 31.768
€0 €0 € 4.000 € 6.613 € 7.495 € 9.956 € 13.119
€ 6.867 € 1.964 € 500
€ 6.867 € 1.964 € 500
€ 6.867 € 1.964 € 500
€ 5.648 € 1.136 € 500
€ 2.344
€ 2.344
€ 2.344
€ 2.344
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
* Niet van toepassing bij schillabel A en B.
Tabel 6: Inschatting van de eindgebruikerskosten voor de warmtetechniek all-electric. Rente en aflossing van de lening voor de investering en eventuele subsidies zijn meegenomen. De kosten zijn per woning per jaar.
Eindgebruikerskosten Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G
-€ 210 -€ 222 € 130 € 194 € 127 € 186 € 161
-€ 387 -€ 387 -€ 48 € 157 € 278 € 205 € 173
-€ 644 -€ 564 -€ 248 -€ 167 -€ 105 € 43 € 364
-€ 233 -€ 228 € 33 € 62 € 20 € 74 € 159
Transitievisie Warmte | 48
MT warmtenet Tabel 7: Inschatting van de benodigde investering voor de warmtetechniek MT warmtenet. De investeringen zijn per woning en exclusief btw.
Schilmaatregelen Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G Woningaanpassingen Bijdrage aansluitkosten Inpandige leidingen en afgifteset Elektrisch koken Aanpassen meterkast
€0 €0 €0 €0 € 2.079 € 5.129 € 7.430
€0 €0 €0 €0 € 2.839 € 6.303 € 13.103
€0 €0 €0 €0 € 4.336 € 6.965 € 19.236
€0 €0 €0 €0 € 2.529 € 4.605 € 8.686
€ 3.728
€ 3.728
€ 3.728
€ 3.728
€ 4.154
€ 4.154
€ 4.154
€ 3.104
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
Tabel 8: Inschatting van de eindgebruikerskosten voor de warmtetechniek MT warmtenet. Rente en aflossing van de lening voor de investering en eventuele subsidies zijn meegenomen. De kosten zijn per woning per jaar.
Eindgebruikerskosten Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G
€ 366 € 369 € 388 € 402 € 420 € 496 € 571
€ 364 € 372 € 390 € 388 € 354 € 449 € 688
€ 366 € 374 € 418 € 440 € 453 € 528 € 1.008
€ 283 € 285 € 313 € 313 € 347 € 397 € 516
Transitievisie Warmte | 49
LT warmtenet Tabel 9: Inschatting van de benodigde investering voor de warmtetechniek LT warmtenet. De investeringen zijn per woning en exclusief btw.
Schilmaatregelen Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G Woningaanpassingen Bijdrage aansluitkosten Inpandige leidingen en afgifteset LT verwarming Elektrisch koken Aanpassen ventilatie* Aanpassen meterkast
€0 €0 € 5.908 € 9.250 € 9.067 € 11.721 € 11.455
€0 €0 € 6.464 € 14.004 € 19.513 € 19.018 € 19.018
€0 €0 € 10.321 € 15.175 € 20.029 € 23.845 € 31.768
€0 €0 € 4.000 € 6.613 € 7.495 € 9.956 € 13.119
€ 3.728
€ 3.728
€ 3.728
€ 3.728
€ 4.154
€ 4.154
€ 4.154
€ 3.104
€ 1.964 € 500
€ 1.964 € 500
€ 1.964 € 500
€ 1.136 € 500
€ 2.344
€ 2.344
€ 2.344
€ 2.344
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
* Niet van toepassing op schillabel A en B.
Tabel 10: Inschatting van de eindgebruikerskosten voor de warmtetechniek LT warmtenet. Rente en aflossing van de lening voor de investering en eventuele subsidies zijn meegenomen. De kosten zijn per woning per jaar.
Eindgebruikerskosten Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G
€ 467 € 470 € 845 € 933 € 869 € 945 € 925
€ 464 € 473 € 816 € 1.028 € 1.122 € 1.077 € 1.064
€ 466 € 475 € 844 € 966 € 1.028 € 1.181 € 1.524
€ 331 € 333 € 603 € 645 € 608 € 674 € 773
Transitievisie Warmte | 50
Groengas Tabel 11: Inschatting van de benodigde investering voor de warmtetechniek groengas. De investeringen zijn per woning en exclusief btw.
Schilmaatregelen Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G Woningaanpassingen Hybride ketel
€0 €0 €0 €0 € 2.079 € 5.129 € 7.430
€0 €0 €0 €0 € 2.839 € 6.303 € 13.103
€0 €0 €0 €0 € 4.336 € 6.965 € 19.236
€0 €0 €0 €0 € 2.529 € 4.605 € 8.686
€ 3.828
€ 3.828
€ 3.828
€ 3.544
Tabel 12: Inschatting van de eindgebruikerskosten voor de warmtetechniek groengas. Rente en aflossing van de lening voor de investering en eventuele subsidies zijn meegenomen. De kosten zijn per woning per jaar.
Eindgebruikerskosten Schillabel A Schillabel B Schillabel C Schillabel D Schillabel E Schillabel F Schillabel G
-€ 4 -€ 49 -€ 65 -€ 102 -€ 87 -€ 14 € 54
-€ 100 -€ 149 -€ 192 -€ 207 -€ 187 -€ 106 € 122
-€ 220 -€ 241 -€ 366 -€ 408 -€ 380 -€ 292 € 182
€ 36 € 15 -€ 12 -€ 43 -€ 14 € 31 € 153
Transitievisie Warmte | 51
Transitievisie Warmte | 52
Inspraaknota behorende bij ‘Transitievisie Warmte’ In de Transitievisie Warmte geeft de gemeente Mook en Middelaar aan welke stappen er gezet gaan worden om uiteindelijk een aardgasvrije gemeente te worden. De TVW is met bijdragen van veel partijen in de gemeente tot stand gekomen. Om tot een definitieve versie te komen, heeft de gemeente eenieder de mogelijkheid gegeven om te reageren. In deze nota staan de reacties samengevat, inclusief een reactie hierop. Namen van de indieners van een reactie Nr 1 2 3
Datum reactie 10-11-2021 & 14-12-2021 11-11-2021 14-11-2021
Naam * * *
*Alleen inzichtelijk voor raadsleden (na inloggen)
1
1. Waarom worden bedrijven niet genoemd in de TVW?
1. De Transitievisie Warmte (TVW), zoals bedoeld in het Klimaatakkoord, is een document dat zicht richt op de gebouwde omgeving. Het Klimaatakkoord heeft losse plannen en richtlijnen voor industrie, mobiliteit en landbouw. De TVW is dus de uitwerking voor het deel over de gebouwde omgeving, waarbij veruit het grootste deel woningen betreft. In de gemeente Mook en Middelaar is het aandeel van woningen in het totale aardgasverbruik ongeveer 82.7% (zie cijfers op pagina 32 van de TVW).
2. Wat is het schillabel? Wat voor waarden zijn dat voor a, b, c, d en e?
2. Op pagina 5 wordt in het kader uitgelegd wat er met een schillabel wordt bedoeld en wat het verschil is met het energielabel. Energielabel en schillabel zijn hetzelfde zolang de waardering van zonnepanelen en alle installaties niet meegenomen. Op moment dat geregistreerd label niet bekend is, worden teruggevallen op bouwjaar (zie verder de systematiek in het Functioneel Handboek Vesta Mais 4.0)
3. Aardgasvrije gemeenten kunnen alleen bereikt worden met gezamenlijke inspanning van, inwoners, bedrijven, instellingen en de gemeenten.
3. Dat klopt helemaal. Daarom wordt er in het klimaatakkoord ook gekeken naar de industrie, mobiliteit etc.
4. Als regisseur van de warmtetransitie zoals jullie het zelf benoemen (pag. 16) wil je mensen inspireren, dan moeten de
4. Momenteel starten we een inventarisatie naar het verduurzamen van het vastgoed van de gemeente Mook en Middelaar. De genoemde zin gaat echter
gemeenten eerst zelf het goede voorbeeld geven, want daar is nog een grote winst te behalen, zoals jullie het zelf beschrijven op pag.23.
over alle gebouwen in de gemeenten. En niet alleen de gebouwen van de gemeenten.
5. pag. 20 zie fig. 7. Ook Molenhoek moet rood zijn, daar zijn bovengemiddeld actieve bewoners!!
5. Dat is waar, eigenlijk heeft de gehele gemeente Mook en Middelaar bovengemiddeld actieve inwoners. Molenhoek is ook de enige plek waar een grootschalige ontwikkeling plaats gaat vinden in Mook en Middelaar. Daarom is dit met groen apart aangegeven.
6. pag. 30. Wat is er mogelijk als bewoners nu al willen beginnen met verduurzamen?
6. Daar zijn heel veel mogelijkheden voor. De gemeente biedt hier graag passend advies is via het Loket Duurzaam Wonen Plus of via een energiecoach van het Energiecafé Mook en Middelaar.
7. Een LT warmtenet heeft een aanvoertemperatuur tussen de 35 en 55 graden. Om de temperatuur hoger te krijgen is er nog extra energie nodig. Naast een LT-warmtenet moeten dan dus zonnepanelen geplaatst worden. Dat wordt niet genoemd.
7. Dat is afhankelijk van de exacte temperatuur en het label van de woning. In veel gevallen zal ij een LT-warmtenet een combinatie met een warmtepomp voorkomen. Er is hoe dan ook elektriciteit nodig om de temperatuur op het juiste peil te krijgen. In het geval van een warmtenet op basis van aquathermie wordt de warmte uit oppervlaktewater in de bodem opgeslagen (WKO). ’s Winters wordt de temperatuur van dat grondwater op peil gebracht met een warmtepomp. Dit systeem is inderdaad alleen duurzaam wanneer deze warmtepomp gebruik maakt van duurzaam opgewekte energie.
8. Pag. 40 nationale kosten: Het zijn de totale kosten van alle maatregelen die nodig zijn om op een bepaalde aardgasvrijetechniek over te stappen. Waarom vallen hier de zonnepanelen (en windmolens) dan hier niet onder, want die heb je nodig om van een LT of MT warmtenet gebruik te kunnen maken?
8. Op pagina 36 wordt een definitie gegeven van de nationale kosten. Daarin worden ook maatregelen als verzwaring van het elektriciteitsnet en de kosten voor de duurzame bron (bv zonnepanelen en windmolens) genoemd.
2
9. pag. 41. D3, tabel 2 Wat moeten we ermee?? wat zegt ons deze tabel??
9. Deze tabel laat zien welke score toegekend worden aan een bepaalde waarde als het gaat om het onderzoeken welke alternatieve warmtetechniek het meest kansrijk is.
10. pag. 45. fig. 19. Waarom wordt hier de Mookerplas niet genoemd? Daar kan toch ook aquathermie op worden toegepast??
10. Deze kaart laat zien welke verwachting er is voor en warmtenet. Op basis van deze analyse lijkt een warmtenet op basis van de warmte uit de Mookerplas niet erg kansrijk, gekeken nar de nationale kosten. In paragraaf 4.3 geven we echter ook aan dat de Mookerplas als bron nader onderzocht moet worden. Naast de vraag welke capaciteit de Mookerplas kan leveren, moet er ook gekeken worden naar de vraag in de directe omgeving/ 1. Zie reactie 1.1
1. Deze visie gaat over woningen, maar geeft ook duidelijk aan welke processen er richting de industrie lopen. Zo krijgt de burger niet het idee dat hij het alleen moet opknappen. 2. De term "Schillabel" heeft een prominente rol in deze notitie, terwijl er niet staat wat dat is, hoe dat wordt berekend, waar er meer informatie over te vinden is (zelfs op internet heb ik nauwelijks iets zinnigs kunnen vinden).
2. Zie reactie 1.2
3. De notitie geeft aan dat isoleren de eerste en belangrijke stap is. Is dat zo of vindt de gemeente (of Sweco) dat?
3. Beiden. Het isoleren van gebouwen dringt de warmtevraag terug. Zelfs als er geen transitie gemaakt zou worden, is dat vaak al een kosteneffectieve maatregel. Maar het terugdringen van de behoefte zorgt er ook voor dat er minder warmte uit alternatieve bronnen gehaald hoeft te worden. Welke alternatieve techniek het uiteindelijk ook zal worden, met een lagere vraag is dat makkelijker te realiseren. Het is dus een belangrijke stap en dat vindt de gemeente ook.
4. 60%-70% van onze huizen is gebouwd rond 1990. Die zijn beneden voorzien van
4. Dat is inderdaad een belangrijke vraag in het vervolg van dit proces. Met deze visie zijn we er namelijk nog lang niet. Enerzijds zijn er nog technieken in
3
thermopane glas en boven vaak van enkel glas. De grootste vraag stap is hoe verleid ik mensen om hun glas te vervangen?
ontwikkeling. Daarom zorgen we elke vijf jaar voor een update van deze visie. Anderzijds geeft deze visie een eerst aanzet naar de mogelijkheden en moet er, mits vastgesteld, een uitvoering opgezet worden. Het vervangen van glas maakt daarom onderdeel uit van de stap isolatie. De uitvoering volgt dus op deze visie, maar als belangrijkste uitgangspunten hiervoor zullen gelden: bewustwording, ontzorging en zoveel mogelijk kostenneutraal.
5. De toenemende energiebehoefte door het toenemende aantal e-auto’s is helemaal niet genoemd.
5. Dat is waar. Deze visie focust zich op alternatieve warmtetechnieken en niet op de toenemende vraag naar elektriciteit, al hebben die twee natuurlijk wel met elkaar te maken.
6. Er zijn veel houtstokers in de gemeente. Als deze over moeten stappen, neemt ook de energiebehoefte weer toe.
6. Alhoewel houtstook aardgasvrij is, is het over het algemeen niet de meest CO2arme warmtetechniek. Ook houtstokers zullen dus naar een andere manier van verwarmen moeten gaan, met alle gevolgen voor de warmtevraag.
7. Om meer zonnenergie te stimuleren zou er gebruik gemaakt moeten worden van de Europese regeling “European Clean Energy Package”, waarbij energie tussen buren uitgewisseld kan worden. De gemeente zo dit kunnen promoten .
7. Deze wetgeving staat op de radar, maar is nog niet volledig doorgesijpeld in Nederlandse wetgeving waardoor deze wetgeving en veiligheidsvoorschriften directe onderlinge uitwisseling van energie nu nog in de weg staan. Maar in de rest van Nederland zijn er al voorbeelden van projecten waarbij verschillende gebruikers via slimme meters onderling energie uitwisselen via het elektriciteitsnet. Deze ontwikkelingen houden we in de gaten en we zien mogelijkheden voor dit principe in de toekomst. 1. Er is gebruik gemaakt van de dataset van PBL – met indicatieve gas-en stroomverbruiken. PC6 zijn meetgegevens, dan modelmatig toekennen op gebouwniveau
1. Graag een overzicht van het door SWECO gehanteerde huidige gas- en stroomverbruik van woningen en bedrijven op wijk- en straatniveau. 2. Graag ontvangen wij de gegevens over de energiebehoefte per wijk, ook wel de
2. Deze gegevens zijn tevens gebaseerd op de dataset van PBL, ruimtelijke kenmerken.
warmtedichtheid genoemd, om de berekeningen te kunnen controleren. 3. De huidige ambitie komt niet terug. We zouden graag een nieuw, concreet doel geformuleerd willen zien, gekwantificeerd in o.a. gas- en stroomverbruik per wijk of straat.
3. In 2022 zal er nieuw duurzaamheidsbeleid opgesteld worden. Daarbij zullen ook nieuwe doelen, tussendoelen en monitoring meegenomen worden.
4. Met het advies van isolatie en het installeren van een luchtwarmtepomp, zal er in de 20 jaar daarna niets meer gaan gebeuren in zo’n woning. Daarmee halen we de doelen niet. De TVW maakt ook niet duidelijk welke besparing er met de voorgestelde maatregelen behaald zullen worden. Wij ontvangen hier graag kwantitatieve informatie over.
4. Niet iedereen kan en wil direct overgaan op een volledig alternatieve bron. Een hybride tussenvorm is daarom een realistische stap, waarbij we overigens ook zullen stimuleren om wel volledig aardgasvrij te worden bij degenen die dat kunnen. Daarnaast is de techniek van alternatieve warmtebronnen nog volop in beweging. We maken op dit moment geen keuzes die toekomstige technieken uitsluiten. Daarvoor weten we nog te weinig.
5. In de TVW komt de financiering helemaal niet aan bod. Een gemiste kans, omdat woningeigenaren juist hierdoor nalaten om CO2-reducerende maatregelen te treffen.
5. De financiering is een uitwerking van de maatregelen die voortkomen uit de TVW. Welke kosten zijn collectief? Welke individueel? Dat is allemaal afhankelijk van de gekozen techniek. Er is nu dus ook nog geen eenduidig advies over de financiering te geven. De TVW is daar op zich ook niet de plek voor. Bij de veel gestelde vragen wordt er wel naar financieringsmogelijkheden verwezen.
6. Als all-electric de beste keuze is, dan adviseren wij geen tussenstap van met een hybride oplossing, maar direct all-electric te gaan.
6. Daar waar dat kan is dat zeker interessant. Het zal echter niet overal kunnen en niet iedereen zal het willen. Op dit moment kan een gemeente geen maatregelen afdwingen bij inwoners. We kunnen het wel zo aantrekkelijk mogelijk maken. Mede om nu nog geen technieken uit te sluiten, kiezen we er niet voor om op grote schaal all-electric te gaan, maar te starten bij het terugdringen van de warmtevraag. Met een hybride oplossing, worden al grote stappen gemaakt. Bij beëindiging van de levensduur van de cv-ketel kiest het
overgrote deel van de woningeigenaren er nu nog voor om een nieuwe cv-ketel aan te schaffen. Wanneer de woning nog niet voldoende geïsoleerd is voor een volledige warmtepomp is een hybride variant een goed alternatief. 7. Je kan beter een grondwarmtepomp kiezen dan een luchtwarmtepomp, omdat deze een hoger rendement heet en dus zuiniger is. Een grondbron gaat tevens 100 jaar mee.
7. Per gebouw en inwoner zal de beste oplossing anders liggen. Het is wel belangrijk om bij de keuze niet alleen te kijken naar de eenmalige aanschafkosten, maar ook naar de kosten over de hele levensduur. Een initieel duurdere oplossing kan op de langere termijn veel goedkoper blijken.
Raadsvoorstel
Documentnummer Onderwerp Datum raadsvergadering Raadscommissie Datum raadscommissie Programma Portefeuillehouder
cm21.3316 Vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud Eendracht/stichting de Maasvallei 10 maart 2022 Samenleving 22 februari 2022 Paragraaf Financiering G. Wienhoven
Vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud Eendracht/stichting de Maasvallei Inleiding Op 8 april 2010 heeft uw raad besloten om de sportvelden te privatiseren en het reguliere onderhoud van de sportvelden over te dragen aan de beheerstichting; ‘Stichting De Maasvallei’ (hierna: de stichting). Conform de afspraken die toen zijn gemaakt tussen de gemeente en de stichting ontvangt deze jaarlijks een bedrag van €40k voor de jaren 2010 tot en met 2019. In 2019 is de vaststellingsovereenkomst ten einde gekomen. Om een gat in het reguliere onderhoud te voorkomen voor het seizoen 2020/2021, is met spoed een bedrag van €20k overgemaakt naar de stichting. De overige €20k wordt verrekend met de achterstallige huur over de afgelopen 3 jaar. Om nieuwe afspraken te maken voor de komende tien jaar, is ambtelijk overlegd met de stichting en Eendracht ‘30’. Hetgeen besproken en afgesproken is treft u aan in de conceptvaststellingsovereenkomst die als bijlage te vinden is bij dit voorstel. Voorstel 1- De concept-vaststellingsovereenkomst ter kennisgeving aan te nemen. 2- Geen wensen of bedenkingen kenbaar te maken inzake het verstrekken van een renteloze lening van €300k. Beoogd effect Het aangaan van deze vaststellingsovereenkomst werkt twee richtingen, te weten; 1- De bijdrage van de gemeente voor het onderhoud van de grasvelden voort te zetten de komende 10 jaar.
2- Het vervangen van het kunstgrasveld mogelijk te maken.
Pagina 1 van 4
Raadsvoorstel vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud
Raadsvoorstel
Argumenten 1.1. Privatisering Bij het aangaan van de privatiseringsovereenkomst in 2010 is afgesproken dat de gemeente zou bijdragen aan de jaarlijkse kosten voor het onderhoud van de grasvelden over een periode van 10 jaar. Na deze tien jaar zou de bijdrage geëvalueerd worden. Gezien de toen voorgelegde stukken aan het college en uw raad bedroegen de onderhoudskosten in 2010 €80k per jaar, de bijdrage van de gemeente was €40k. 1.2. Bijdrage onderhoudskosten en lening De stichting heeft aangegeven dat door inflatie de onderhoudskosten zijn gestegen. Dat betekent dat de gemeentelijke bijdrage ook hoger kan uitvallen. Om de huidige bijdrage niet te verhogen en gezien het andere verzoek van de stichting inhoudende het verstrekken van een lening t.b.v. het vervangen van het kunstgrasveld, is gekozen voor het verstrekken van een renteloze lening (zie 2.1 e.v.). 1.3. Bijdrage onderhoudskosten 2020/2021 Aangezien de overeenkomst die in 2010 gesloten was met de stichting ten einde is gekomen in 2019, dreigde een gat in het reguliere onderhoud te ontstaan. Om een gat in het reguliere onderhoud te voorkomen voor het seizoen 2020/2021, is met spoed een bedrag van €20k overgemaakt naar de stichting. De overige €20k is verrekend met de achterstallige huur over de afgelopen drie jaar.
2.1. Lening vervangen kunstgrasveld. Het verstrekken van een lening is een bevoegdheid van het college conform artikel 7 van de ‘Financiële verordening Mook en Middelaar 2019’ (hierna: de financiële verordening). Indien de te verstrekken lening groter dan- of gelijk is aan 100k, wordt vooraf de raad geïnformeerd over het voornemen van het college en wordt de raad in de gelegenheid gesteld zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken aan het college. 2.2. Publiek belang In artikel 13 lid 2 van de Financiële verordening staat het volgende:
“Bij het verstrekken van leningen of garanties door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden worden ten minste de geraamde integrale kosten in rekening gebracht. Bij afwijking vanwege een publiek belang doet het college vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de lening of de garantie wordt gemotiveerd”. De activiteiten van Stichting Sportpark De Maasvallei vinden onder andere plaats in de branche ‘Organiseren van sportevenementen’. Deze branche heeft als hoofdcategorie in de SBI-onderverdeling die de KVK aanhoudt: 'Cultuur, sport en recreatie' en is in dit geval verder onderverdeeld bij: 'Sport en recreatie', subcategorie 'Sport'. De vereniging R.K.S.V. Eendracht ’30 (hierna: Eendracht 30) telt momenteel meer dan 700 leden en is nog steeds groeiende. Jaarlijks bezoeken ongeveer 60.000 mensen het sportpark waaronder leden, trainers, begeleiders, vrijwilligers, supporters en bezoekende clubs. Dit zijn er ongeveer 1.600 per week. Ook maakt het Kandinsky Molenhoek gebruik van de sportvelden voor hun sportactiviteiten. Binnen de vereniging zijn wekelijks tientallen vrijwilligers actief om dit alles in goede banen te leiden.
Het voorgaande brengt met zich mee dat de vereniging Eendracht 30 een belangrijke rol speelt in de maatschappij zowel voor het welzijn van het individu als de samenleving waar mensen (jong en oud) aan sportactiviteiten kunnen meedoen. 2.3. Type infill en afweging Ondanks dat door onderzoek is aangetoond dat de huidige rubber infill niet schadelijk is voor de gezondheid is er toch een duidelijke maatschappelijke weerstand tegen. Uit dit oogpunt en ook om milieutechnische redenen heeft de stichting ervoor gekozen een andere infill toe te gaan passen ondanks de forse prijsverhoging die dit met zich meebrengt. In de optiek van de stichting wegen de
Pagina 2 van 4
Raadsvoorstel vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud
Raadsvoorstel gezondheid, veiligheid en maatschappelijke belangen zwaarder. Er is daarom gekozen voor GREENFIELDS SLIDE MAX PRO kunstgras met het infill materiaal PRO GRAN van SCS sport (zie bijlagen voor meer technische details). 3.1. Verbod op staatssteun Om het verbod op staatssteun niet te overtreden, is getoetst aan artikel 55 van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening van de Europese Commissie (AGVV) nr. 651/2014. In dit artikel zijn de sportinfrastructuur en de multifunctionele sportinfrastructuur vrijgesteld van het verbod op staatssteun indien wordt voldaan aan een aantal voorwaarden. Deze voorwaarden zijn samengevat als volgt: - Sportinfrastructuur of multifunctionele recreatieve infrastructuur moet recreatieve faciliteiten omvatten met multifunctioneel karakter die culturele en recreatieve diensten bieden. - Deze sportinfrastructuur moet jaarlijks tenminste 20% bezet zijn. - Toegankelijk voor meerdere gebruikers en er geen sprake mag zijn van discriminatie op welke grond ook. - Nog een extra voorwaarde voor profclubs welke hier niet van toepassing is. Gezien het voorgaande en gezien de motivering van dit voorstel kan geconcludeerd worden dat het verbod op de staatssteun niet geschonden wordt door het verstrekken van deze lening en de bijdrage voor onderhoudskosten.
Kanttekeningen 1- De privatisering die is aangegaan in 2010 heeft in feite een besparing opgeleverd voor de gemeente als volgt: 10 jaar x €40k = €400k. De privatisering heeft dus aanzienlijk voordeel opgeleverd voor de gemeente. 2- Aan de andere kant kan gezegd worden dat de stichting het beheer van het sportpark in eigen handen heeft genomen. Dit houdt in dat de stichting de mate en intensiteit van het onderhoud bepaalt om het onderhoud naar eigen inzicht en conform de op die sector geldende voorschriften te verrichten. 3- Het huidige kunstgrasveld is na 12 jaar aan vervanging toe en zal komend seizoen dan ook niet meer door de keuring komen, wat betekent dat het kunstgrasveld buitengebruik zal worden gesteld als het kunstgrasveld niet vervangen wordt. 4- De KNVB hanteert de zogeheten gebruikersnorm ‘ondergrens’ om veilig te kunnen voetballen. Deze norm bestaat sinds 1 juli 2010. De norm stelt eisen rond de stroefheid (van invloed op de kniebelasting), ‘schokabsorptie’ (enkelbelasting en lage rug), balstuit (hardheid van het veld), de balrol (snelheid van het veld) et cetera. Het aan te leggen kunstgrasveld voldoet ruimschoots aan deze norm (zie voor uitgebreide toelichting www.knvb.nl)
Duurzaamheid In de bijlagen bij dit voorstel vindt uw raad technische toelichting over het type kunstgras en het type infill.
Participatie Er vonden ambtelijk meerdere overleggen plaats met Eendracht 30 en de stichting. Het bestuur van zowel Eendracht 30 als de stichting is ook gewezen op het inspraakrecht tijdens de commissie- en raadsvergadering. Het bestuur van Eendracht 30 en de stichting zijn beide akkoord met de inhoud van de concept-vaststellingovereenkomst.
Pagina 3 van 4
Raadsvoorstel vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud
Raadsvoorstel
Financiën Het onderhoudsbudget van 40k per jaar is reeds structureel opgenomen in de Programmabegroting 2022. Het verstrekken van de lening van €300k betreft een vordering op de stichting. Deze lening wordt opgenomen op de balans en wordt in tien jaar afgelost in jaarlijkse gelijke termijnen van €30k. Indien nodig kunnen deze verrekend worden met het onderhoudsbudget. Er wordt geen rente in rekening gebracht.
Communicatie De betrokken partijen worden op de hoogte gesteld van het besluit van uw raad.
Uitvoering De directe betrokkenen worden op de hoogte gesteld van het besluit van uw raad en wordt de vaststellingsovereenkomst — wanneer uw raad geen wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt — aangegaan met de stichting c.q. Eendracht ‘30’.
Bijlage(n) -
Concept-vaststellingsovereenkomst. Offerte vervangen kunstgrasveld. Type kunstgras. Type infill. Getekende kostenraming onderhoud grasvelden. Raadsbesluit vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud.
Mook, 8 februari 2022 Het college van burgemeester en wethouders van Mook en Middelaar,
De gemeentesecretaris drs. W. Mariman
Pagina 4 van 4
De burgemeester mr. drs. W. Gradisen
Raadsvoorstel vaststellingsovereenkomst lening en bijdrage onderhoud
Raadsbesluit
Documentnummer Onderwerp
cm21.3316 Vaststellingsovereenkomst vervangen kunstgrasveld en bijdrage onderhoud sportpark de Maasvallei
De raad van de gemeente Mook en Middelaar, Gelezen het voorstel van het College van burgemeester en wethouders d.d. 8 februari 2022 Gelet op het advies van de raadscommissie d.d. 22 februari 2022
Besluit: 1- De concept-vaststellingsovereenkomst ter kennisgeving aan te nemen. 2- Geen wensen of bedenkingen kenbaar te maken inzake het verstrekken van een renteloze lening van €300k.
Aldus besloten in zijn openbare vergadering d.d. 10 maart 2022 De raad voornoemd,
De griffier
mr. M.A.M. van Arensbergen
Pagina 1 van 1
De voorzitter mr. drs. W. Gradisen
Vaststellingsovereenkomst tussen Gemeente Mook en Middelaar Stichting De Maasvallei en Eendracht ‘30’
Vaststellingsovereenkomst
De ondergetekenden, I
de gemeente Mook en Middelaar, te dezen ingevolge het bepaalde in artikel 171 Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar burgemeester de heer mr. drs. W. Gradisen, ter uitvoering van het collegebesluit d.d. …………………., nummer: …………………… hierna te noemen “de gemeente”,
en II
Stichting sportpark de Maasvallei hierna te noemen “de Stichting”
en III RKSV Eendracht ’30 hierna te noemen ‘Eendracht ‘30’ de ondergetekenden II en III hierna tezamen te noemen: “de Gebruikers”. de ondergetekenden (I, II en III) als hierboven vermeld hierna tezamen te noemen “de Partijen”, Considerans In aanmerking nemende dat: 1. Op het perceel gemeente Mook en Middelaar, sectie A, nummer 6879 en 6878 Eendracht ’30 is gevestigd. 2. Het gebouw op het perceel gemeente Mook en Middelaar, sectie A, nummer 6879 in eigendom is van de gemeente. 3. De velden op het perceel gemeente Mook en Middelaar, sectie A, nummer 6878 in eigendom zijn van de gemeente en de Stichting een recht van opstal heeft. 4. Op 19 april 2011 een huurovereenkomst is gesloten tussen de gemeente en de Stichting met betrekking tot het clubgebouw met kantine, bestuurskamer en kleedruimten, gelegen aan Bovensteweg 61 in Mook, kadastraal bekend als een gedeelte van het perceel MOO00 A 6552 voor 10 jaar met stilzwijgende verlenging voor een periode van steeds 1 jaar. De huur € 7.535,bedraagt en wordt niet jaarlijks geïndexeerd. 5. In 2015 de opstallen van het perceel sectie A, nummer 6879 zijn meegenomen in de Meerjarige Onderhoudsplanning (verder: MJOP) van de gemeente; 6. Het kunstgrasveld met rubber infill de afgelopen jaren onder de aandacht is geweest vanwege mogelijke milieurisico’s. 7.
Stichting als opstalhouder rekening dient te houden met de ontwikkelingen op het gebied van kunstgrasvelden met bijbehorende infill met bijbehorende toenemende kosten. 8. De gebruikers willen wederom een lening afsluiten voor de vervanging van het kunstgrasveld en daarnaast vervolgafspraken maken over de continuering van het onderhoud van de velden in eigen beheer. 9. De gemeente bereid is een renteloze lening te verstrekken met een aflossingstermijn van 10 jaar in 10 gelijke delen. De hoogte van de lening wordt nader bepaald aan de hand van een nog door de Gebruikers aan te vragen offerte. 10. De onder 9 bedoelde renteloze lening wordt bedongen onder voorbehoud van goedkeuring van de gemeenteraad. 11. Hetgeen eerder afgesproken tussen Partijen inzake de jaarlijkse onderhoudsbijdrage van de gemeente van €40.000,- voor het beheer van de sportvelden overeind blijft en wordt doorgezet Paraaf Eendracht:
Paraaf Maasvallei:
Paraaf Gemeente: 1/4
Vaststellingsovereenkomst tussen Gemeente Mook en Middelaar Stichting De Maasvallei en Eendracht ‘30’
de komende 10 jaar. Dit bedrag wordt tevens niet geïndexeerd. Doel van de overeenkomst Partijen komen overeen dat: De gemeente ondersteuning aanbiedt in het vervangen van het huidige kunstgrasveld door een renteloze lening te verstrekken zoals bedoeld in artikel 3 van deze overeenkomst en dat de Stichting voor eigen rekening en risico het beheer en onderhoud aan de velden uitvoert.
Bepalingen en bedingen Artikel 1 Considerans 1. De considerans maakt onderdeel uit van deze overeenkomst. Artikel 2 Beheer 1. De stichting beheert de sportvelden en legt hiervoor jaarlijks een begroting en verantwoording af aan de gemeente. 2. De gemeente compenseert een deel van de onderhoudskosten, welk in ieder geval €40.000 bedraagt dat wordt betaald in juni van het lopende jaar. 3. De Partijen treden gezamenlijk in overleg wanneer een van de Partijen hierom vraagt of wanneer de noodzaak ertoe noopt. Artikel 3 Lening 1. De gemeente verstrekt aan de Stichting een renteloze lening voor het vervangen van het kunstgrasveld. 2. De hoogte van de lening wordt bepaald aan de hand van een nog aan te vragen offerte door Gebruikers. 3. De onder lid 1 van dit artikel bedoelde lening is renteloos. 4. De lening wordt in 10 gelijke jaarlijkse termijnen afgelost.
Artikel 4 Hoofdelijk aansprakelijkheid 1. Indien onderhavige overeenkomst bestaat tussen de gemeente en meer dan één rechtspersoon en/of natuurlijk persoon, is eenieder hoofdelijk aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen die uit onderhavige overeenkomst voortvloeien. 2. De uit onderhavige overeenkomst voorde Partijen jegens elkaar voortvloeiende verbintenissen zijn ondeelbaar.
Artikel 5 Slotbepalingen 1. Deze overeenkomst is niet overdraagbaar aan derden, behoudens overdracht onder algemene titel, in welk laatste geval de bepalingen uit deze overeenkomst onverkort worden opgelegd aan de rechtsopvolger(s) door middel van een kettingbeding als genoemd in artikel 6:252 BW. In geval van niet-nakoming van de in dit lid genoemde verplichting geldt een direct (zonder gerechtelijke tussenkomst) opeisbare boete van € 15.000,-. 2. Partijen verklaren, na uitvoering van deze overeenkomst, geen enkele aanspraak uit hoofde van hetgeen in de considerans en doelstelling omschreven is, jegens elkaar meer te vorderen te hebben. 3. Partijen verbinden zich, in geval van tekortkoming in de nakoming van deze overeenkomst, Paraaf Eendracht:
Paraaf Maasvallei:
Paraaf Gemeente: 2/4
Vaststellingsovereenkomst tussen Gemeente Mook en Middelaar Stichting De Maasvallei en Eendracht ‘30’
deze noch geheel noch gedeeltelijk te zullen ontbinden; nakoming, al dan niet met schadevergoeding, zal steeds gevorderd kunnen worden. 4. Op deze overeenkomst is het Nederlands recht van toepassing.
Bijlagen 1. Bijlage 1: situatietekening velden. Ondertekening Aldus in tweevoud overeengekomen en ondertekend d.d. ……………..... te ………....….
Stichting de Maasvallei
De gemeente, namens deze de burgemeester,
…………………………………………. De Voorzitter de heer C.A.M. Eltink
…………………………………………. de heer mr. drs. W. Gradisen
…………………………………………. De Secretaris de heer A.J.H. Roeloffs
RKSV Eendracht ‘30’
…………………………………………. De Secretaris de heer B. Velthuis
Paraaf Eendracht:
Paraaf Maasvallei:
Paraaf Gemeente: 3/4
Vaststellingsovereenkomst tussen Gemeente Mook en Middelaar Stichting De Maasvallei en Eendracht ‘30’
Bijlage: Situatietekening velden
Paraaf Eendracht:
Paraaf Maasvallei:
Paraaf Gemeente: 4/4