Bijlage 1 Lokale Adaptatiestrategie (LAS) Gemeente Montfoort
Tekst van het document
Conceptversie augustus 2025
................................................................................................................................................. 1 ............................................................................................................................................. 2 ................................................................................................................................................. 4 .............................................................................................. 5 .................................................................................................................................... 5 ......................................................................................... 5 ................................................................................................... 7 .................................................................................................................... 8 ........................................................................................................................... 9 ......................................................................... 11 ..............................................................................................................
11 ......................................................................................................... 11 .................................................................................................................... 12 ..................................................................................................................................... 13 .............................................................................................................. 14 .................................................................................................................. 16 ............................................................................................................................. 16 ............................................................................................... 17 ............................................................................................................................. 18 .................................................................................................... 18 ................................................................................................................................. 19 .......................................................................................................
20 ................................................................................................................ 20 ...................................................................................... 21 ................................................................................ 22 ............................................................................................................. 22 ...................................................................................................... 23 .............................................................................................................. 23 ............................................................................................. 24 ........................................................................................ 25 ............................................................................................. 26 ....................................................................................................... 27 ............................................................................................................... 28 ................................................................................................................. 30 ................................................................................................................................ 30
............................................................................................................................ 31 ................................................................................................................. 31 ......................................................................................... 31 ............................................................................................................................. 31 ................................................................... 32 ............................................................... 34 ................................................. 35 ................................................................................................. 36
Het klimaat verandert en dat merken we allemaal. Regenbuien worden heftiger, zomers droger en warmer. Deze veranderingen stellen ons voor serieuze uitdagingen. Maar ze bieden ook kansen. Kansen om onze leefomgeving groener, gezonder en toekomstbestendig te maken. Klimaatadaptatie is daarom niet alleen noodzakelijk, het is een unieke kans om onze gemeente sterker en veerkrachtiger in te richten. Met trots presenteren we de eerste Lokale Adaptatiestrategie van de gemeente Montfoort. Deze strategie markeert een belangrijke stap: van bewustwording naar concrete actie. Deze strategie beschrijft hoe we de komende jaren op lokaal niveau werk maken van een klimaatbestendig Montfoort waarin we samen met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en partners zoals het waterschap werken aan een veilige, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving – nu én in de toekomst. Deze strategie is geen eindpunt, maar een vertrekpunt. De komende jaren zetten we in op het vergroten van kennis, het benutten van kansen in ruimtelijke ontwikkelingen en het versterken van samenwerking. Klimaatadaptatie is immers een gezamenlijke verantwoordelijkheid: alleen samen kunnen we het verschil maken. Deze strategie en uitvoeringsagenda klimaatadaptatie is een eerste stap richting een toekomstbestendig Montfoort. Als gemeente geven we richting en nemen we maatregelen, maar we kunnen het niet alleen.
Of het nu gaat om het vergroenen van tuinen, opvangen van regenwater, het zorgen voor verkoeling in de openbare ruimte of het maken van beleidskeuzes, iedere bijdrage telt. Samen zetten we zetten we de stappen die nodig zijn om onze gemeente aan te passen aan het veranderende klimaat. Wim van Wikselaar Wethouder Duurzaamheid / Klimaatadaptatie
De gevolgen van klimaatverandering zijn steeds meer voelbaar. We krijgen vaker te maken met extreme weersomstandigheden, zoals hevige neerslag, langdurige droogte, hittegolven en een stijgende zeespiegel. Deze veranderingen hebben directe invloed op onze leefomgeving, gezondheid, economie en veiligheid. Het aanpassen van de gevolgen van klimaatverandering noemen we klimaatadaptatie. Door onze leefomgeving aan te passen aan deze toenemende weerextremen houden we onze gemeente leefbaar, gezond, veilig en economisch sterk. Met deze Lokale Adaptatiestrategie (LAS) beschrijven we hoe we ons als gemeente voorbereiden op de gevolgen van klimaatverandering. Deze strategie beschrijft waar we de komende jaren op inzetten en hoe we bewoners, bedrijven en organisaties meenemen in deze opgave. Met de Uitvoeringsagenda maken we bovendien de aanpak concreet met acties en maatregelen voor de aankomende jaren. Hiermee geven we invulling aan het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) van het Rijk, waarin overheden en het bedrijfsleven de ambitie hebben uitgesproken om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te zijn ingericht. Deze strategie bouwt voor op nationale en regionale kaders, waaronder de Regionale Adaptatiestrategie (RAS) Utrecht Zuidwest. De LAS vertaalt deze naar de specifieke opgaven en kansen voor Montfoort, waarbij we werken volgens het principe ‘weten – willen – werken’: 1.
Weten: kwetsbaarheden analyseren via stresstesten 2. Willen: bepalen van adaptatie strategieën via risicodialogen 3. Werken: aanpak borgen in uitvoeringsagenda, programma’s, wet- en regelgeving
Bewust en onbewust zijn we in Montfoort al bezig met klimaatadaptatie en bereiden we ons voor op het veranderende klimaat. Zo hebben we stresstesten uitgevoerd om inzicht te krijgen in de kwetsbare locaties binnen onze gemeente. de stresstesten laten zien welke gevolgen het veranderende klimaat en de verwachte weersextremen hebben als we ons niet aanpassen. Zo weten we dat wateroverlast door buien steeds meer een probleem wordt rondom het centrum van Montfoort, Keizerrijk en Tabakshof, maar ook in het noorden van Linschoten en op de bedrijventerreinen. Hittestress is een duidelijk probleem in de binnenstad en omliggende wijken waar weinig groen aanwezig is. Droogte leidt vooralsnog niet tot verzakking of schade aan funderingen. Wel vormt het een groot risico voor groen in het stedelijk gebied en de landbouwgronden in het buitengebied.
Klimaatverandering stelt Montfoort voor urgente en ingrijpende uitdagingen. Dit vraagt om toekomstgerichte keuzes in de manier waarop we onze leefomgeving inrichten en ontwikkelen. De komende jaren nemen we klimaatadaptatie structureel mee in al onze ruimtelijke opgaven. Als gemeente geven we hierin het goede voorbeeld te geven, maar samenwerking is essentieel. We stimuleren, faciliteren en ondersteunen anderen om ook in actie te komen. Onze ambitie is als volgt: ‘In 2050 is onze gemeente volledig klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. We zijn dan goed voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering en kunnen extreme weersomstandigheden opvangen zonder dat dit leidt tot grote schade of overlast. Zo blijft Montfoort aantrekkelijk, veilig en gezond voor iedereen die hier woont, werkt of recreëert. We zijn bestand tegen hitte, droogte en wateroverlast. Er is meer ruimte voor water en natuur, en we bouwen samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties aan een veerkrachtige en toekomstbestendige gemeente.’
Om deze ambitie te bereiken hebben we vier concrete doelen geformuleerd tot aan 2030: 1. Beter bestand tegen hitte – we creëren koele, schaduwrijke en groene plekken zodat we beter bestand zijn tegen hitte tijdens warme periodes. 2. Wateroverlast beperken bij extreme neerslag – we houden regenwater vast waar het valt, bergen het tijdelijk of voeren het vertraagt of om schade aan woningen, infrastructuur en openbare ruimte te beperken. 3. Weerbaar zijn tegen langdurige droogte – we nemen maatregelen die schade aan gebouwen, infrastructuur, natuur, landbouw en waterkwaliteit bij langdurige droogte voorkomen. 4. Natuur en landschap klimaatbestendig versterken – we investeren in robuuste en biodiverse ecosystemen die bijdrage aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefkwaliteit.
Om verder richting te geven aan deze doelstellingen, zijn vijf strategische knoppen geformuleerd. Deze knoppen vormen de basis van onze lokale adaptatiestrategie. Ze bepalen waar we onze aandacht en inzet op richten om effectief met klimaatadaptatie aan de slag te gaan: 1. Bewustwording en betrokkenheid 2. Stimuleren en activeren 3. Klimaatbestendige leefomgeving 4. Vooroplopen en verbinden 5. Verankeren in beleid
Klimaatadaptatie is niet alleen aanpassingen van de openbare ruimte. Het vraagt om een integrale aanpak waarin fysieke maatregelen, communicatie, samenwerking en beleid elkaar versterken. De uitvoeringsagenda zet concrete acties en maatregelen op een rij. Daarbij is samenwerking essentieel, partijen hebben elkaar nodig. De uitvoeringsagenda bevat concrete acties en maatregelen voor de strategische knoppen om de komende jaren te werken aan een klimaatbestendig Montfoort. Na vijf jaar evalueren we de voortgang en actualiseren we de strategie en uitvoeringsagenda voor de volgende cyclus. Zo blijven we gericht werken aan een klimaatbestendig en waterrobuust Montfoort in 2050.
Deze strategie beschrijft de aanpak van klimaatverandering binnen de gemeente Montfoort. Deze strategie schetst de context, doelstellingen en de route naar een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving. Hoofdstuk 1 gaat in op klimaatverandering in brede zin en de betekenis hiervan voor Montfoort. We gaan in op de landelijke ontwikkelingen en de vertaling daarvan naar een lokale aanpak. Hoofdstuk 2 geeft inzicht in de samenhang met andere beleidsdocumenten op nationaal, regionaal en lokaal niveau. In hoofdstuk 3 brengen we de kwetsbaarheden binnen onze gemeente in kaart. Dit laat de veelzijdigheid en de urgentie van de opgave zien. Hoofdstuk 4 gaat in op onze strategie en de doelen die we nastreven. Hierin maken we een vertaalslag naar concrete ambities: hoe gaan we deze doelen bereiken en welke uitgangspunten zijn leidend bij de uitvoering? In hoofdstuk 5 lichten we toe welke capaciteit en middelen de komende jaren nodig zijn voor de uitvoering van deze strategie. De bijbehorende Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie, met maatregelen voor de korte termijn (tot 2030) is als apart document bijgevoegd. Met deze strategie beschikt Montfoort over een helder koers voor de komende jaren, gericht op een toekomstbestendige en klimaatadaptieve gemeente.
Het klimaat verandert. Ook in Nederland merken we steeds vaker de gevolgen: hevige regenval, langdurige droogte, hittegolven en een stijgende zeespiegel. Dit heeft ook in Montfoort invloed op onze leefomgeving. Om de gevolgen van klimaatverandering het hoofd te bieden, moeten we onze omgeving anders inrichten. Denk aan meer ruimte voor water, extra groen en verkoeling in de stad. Met een lokale adaptatiestrategie bereiden we ons gericht voor op deze veranderingen.
De urgentie om ons aan te passen aan het veranderende klimaat én om verdere klimaatverandering tegen te gaan, wordt steeds meer gevoeld. Denk aan de extreme neerslag zoals in Zuid-Limburg in 2021, of aan de langdurige hitte en droogte in de zomers van 2018, 2019 en 2020. In de zomer van 2019 werd zelfs het hitterecord van 40,7 graden in Gilze-Rijen gemeten. Hoewel de oorzaken van klimaatverandering divers zijn, is het duidelijk zichtbaar dat het klimaat wereldwijd én lokaal verandert. Dit vraagt om een andere manier van denken, werken en inrichten. Van straten en pleinen tot bedrijventerreinen, groenvoorzieningen en gebouwen. Niet alleen overheden spelen hierin een rol, maar ook bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners. De gemeente Montfoort omarmt de landelijke doelstelling van het Rijk: in 2050 is onze gemeente klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. De Lokale Adaptatie Strategie (LAS) beschrijft welke stappen we moeten nemen om dit doel te bereiken en op welke thema’s we de komende jaren inzetten. Wat heeft prioriteit, hoe geven we als gemeente het goede voorbeeld en hoe stimuleren en faciliteren we inwoners en bedrijven om mee te doen.
Klimaatverandering betekent dat het gemiddelde weer over een langere periode verandert. Hoewel klimaatverandering van alle tijden is, zien we dat het tempo van de verandering sterk toeneemt. Dat komt met name door de uitstoot van broeikasgassen, zoals CO2, veroorzaakt door menselijk handelen (industrie, landbouw en verkeer). Hierdoor warmt de aarde versnelt op en nemen weersextremen toe.
De aanpak van klimaatverandering kent twee sporen: • Mitigatie: het verminderen van broeikasgassen om de opwarming van de aarde af te remmen. Wereldwijd zijn hier afspraken over gemaakt in het Klimaatakkoord van Parijs (doelstelling: opwarming onder de 2 graden houden). De Regionale Energie Strategie (RES) is een praktische vertaling van deze mitigatie. • Adaptatie: het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. We moeten leren omgaan met langere periodes van droogte, meer hittegolven en intensievere neerslag. Dit vraagt om verandering in ons dagelijks handelen en de inrichting van onze leefomgeving. Adaptatie vraagt inzet van iedereen: overheden, bedrijven, instellingen en inwoners. Het gaat om het toekomstbestendig maken van onze samenleving tegen de gevolgen van het veranderende klimaat.
Door klimaatverandering krijgen we vaker te maken met weersextremen. Om ook in de toekomst prettig te kunnen (blijven) wonen, werken en recreëren, investeert de gemeente Montfoort in een klimaatbestendige inrichting. De belangrijkste gevolgen van klimaatverandering zijn: •
•
•
•
Wateroverlast: door de opwarming van de aarde komen extreme buien steeds vaker voor. Sinds 1906 is de jaarlijkse hoeveelheid neerslag met dertig procent toegenomen. Als water niet goed opgevangen of afgevoerd kan worden, ontstaan problemen. Lokale factoren zoals de hoeveelheid verharding, bodemtype en functie van het gebied bepalen de ernst van de wateroverlast. Mogelijke gevolgen zijn: o Ondergelopen straten en gebouwen o Slechtere bereikbaarheid o Schade aan infrastructuur o Uitval van vitale voorzieningen o Verslechtering van kwaliteit van oppervlaktewater Hitte: de gemiddelde temperatuur in Nederland is sinds 1906 met ongeveer 2°C gestegen. Dit leidt tot meer tropische dagen en hittegolven. Vooral in stedelijke gebieden is de opwarming extra sterk. Gevolgen van hitte zijn: o Verstoring van elektriciteit, infrastructuur en bruggen o Verhoogd risico op natuurbranden o Negatieve effecten op gezondheid, leefbaarheid en productiviteit Droogte: droogte ontstaat door een combinatie van neerslagtekort en verdamping. In de zomers van 2018, 2019 en 2020 werd duidelijk hoe groot de impact daarvan kan zijn. Naar verwachting neemt het aantal droge zomers toe.
Dit zorgt voor: o Verzakking door inklinkende bodems en schade aan funderingen o Verminderde waterkwaliteit, vooral in zwemwater o Problemen in landbouw en fruitteelt o Afname van biodiversiteit Waterveiligheid en overstromingsrisico: hoewel de kans op dijkdoorbraken relatief klein is, nemen de risico’s door klimaatverandering toe. Rivieren krijgen te maken met grotere piekafvoeren, vooral in de winter, en de stijgende zeespiegel vergroot de druk op waterkeringen. Daarom wordt op regionaal niveau gewerkt aan meerlaagse veiligheid: een combinatie van preventie, ruimtelijke inrichting en rampenbeheersing.
Figuur 1. De urgente klimaatrisico's in beeld (bron: Uitvoeringsprogramma NAS, 2018)
In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) hebben het Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten afspraken gemaakt hoe klimaatadaptatie versneld kan worden opgepakt. Het DPRA stelt als doel dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht. Dit doel is vertaald naar zeven ambities, die richting geven aan de lokale uitwerking van deze afspraken.
Figuur 2. De 7 ambities uit het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (2017)
Om verder invulling te geven aan de zeven doelen uit de DPRA werken we samen in een regionaal samenwerkingsverband. Vanuit de werkregio Netwerk Water & Klimaat hebben we samen met gemeenten, waterschap, provincie en andere stakeholders in de regio Utrecht zuidwest, de Regionale Adaptatiestrategie (RAS) opgesteld. Deze RAS maakt op regionaal niveau inzichtelijk wat nodig om sinds 2021 klimaatadaptief te handelen en in 2050 als regio klimaatadaptief ingericht te zijn. De RAS vormt een belangrijke basis voor de Lokale adaptatiestrategie. De LAS sluit aan bij en is voornamelijk een verdere concretisering van de regionale visie, doelen en maatregelen uit de RAS en de bijbehorende uitvoeringsagenda. De bijbehorende uitvoeringsagenda richt zich specifiek op acties en maatregelen binnen onze gemeente.
De zeven ambities van het DPRA vormen samen de routekaart naar een klimaatbestendige gemeente in 2050. Om tot deze LAS te komen is de cyclus doorlopen van weten – willen – werken: 4. Weten: kwetsbaarheden analyseren via stresstesten 5. Willen: bepalen van adaptatie strategieën via risicodialogen 6. Werken: aanpak borgen in uitvoeringsagenda, programma’s, wet- en regelgeving Hiermee zijn de eerste drie ambities van het DPRA afgerond. In de uitvoeringsagenda zijn de resterende vier ambities vertaald naar concrete acties en maatregelen. Zo borgen we deze ambities de komende jaren in de uitvoering.
Wat zijn de kwetsbaarheden voor wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen? Om dit in beeld te brengen, heeft het ministerie van I&W een landelijke klimaatatlas laten opstellen. De landelijke stresstesten zijn voor elk thema verzameld en weergegeven op de website www.klimaateffectatlas.nl. Hier is te zien wat de verwachte effecten zijn gebaseerd op de KNMI-klimaatscenario’s van 2050. Binnen het regionale samenwerkingsverband Netwerk Water & Klimaat is in 2018 een regionale stresstest uitgevoerd. Hiermee zijn op regionaal niveau de kwetsbaarheden in kaart gebracht. Deze stresstest heeft geleid tot het opstellen van de RAS. Naar aanleiding van de RAS heeft Sweco in 2022 verdiepende analyse uitgevoerd voor Montfoort. Ten aanzien van wateroverlast, hitte en droogte zijn nieuwe berekeningen uitgevoerd op basis van lokale data om zo specifieke knelpunten (locaties) binnen de gemeente te definiëren en te prioriteren. Ook is een voorkeursaanpak inclusief benodigd budget opgesteld. Deze locaties zijn als projecten opgenomen in het nieuwe Water en Rioleringsplan (WRP). Hiermee is al een eerste aanzet gegeven om deze kwetsbaarheden aan te pakken. Aan de hand van de reeds uitgevoerde stresstesten en – en meldingen van bewoners – hebben we inzichtelijk in welke mate wateroverlast, hitte en droogte leiden tot (grote) problemen binnen onze gemeente.
Belangrijkste uitkomsten uit de stresstresten Wateroverlast: ➢ Meer wateroverlast door toename extreme buien. Met name in de kernen, daar waar veel verharding is (bijvoorbeeld binnenstad Montfoort, bedrijventerreinen en Keizerrijk) ➢ Keizerrijk en Tabakshof erg versteend ➢ Kans op grondwateroverlast met name in het buitengebied ➢ Jaarlijkse neerslag gemiddeld 30% toegenomen Droogte: ➢ Meer droge zomers met negatieve effecten voor landbouw, natuur en openbare ruimte ➢ Bodemdaling beperkt; speelt met name rondom Cattenbroek en ten zuiden van Willeskop ➢ Potentieel neerslagtekort tot meer dan 300 mm ➢ Tekort oppervlaktewater voor onder andere beregening, doorspoeling en peilbeheer in de toekomst beperkt Hitte: ➢ ➢ ➢ ➢ ➢
Tropische dagen (en nachten) nemen fors toe in de toekomst De bedrijventerreinen springen eruit als warmste locaties. Ook de binnenstad van Montfoort komt naar voren Stedelijke gebieden zijn gevoeliger voor hitte door de aanwezige verharding en het ontbreken van verkoelend groen. Hitte-eilandeffect 1is beperkt. Toename temperatuur oppervlaktewater (tot boven de 20 graden Celsius), waardoor de waterkwaliteit afneemt Afstand tot koele plekken te groot in zuiden van Montfoort (Bovenkerkweg), de Duiker (Linschoten) en IJsselveld
Aan de hand de verwachte effecten van klimaatverandering binnen de gemeente zijn verschillende risicodialogen gevoerd. Dit hebben we gedaan aan de hand van een informatieavond met de raad (zie bijlage 1), gesprekken met de portefeuillehouder en een brede afvaardiging met de ambtelijke organisatie (bijlage 2 en 3). Tijdens de risicodialogen hebben we gesproken over uitkomsten van de stresstesten en welke kwetsbaarheden we als gemeente wel en niet accepteren. Ook is gesproken over de richting en koers voor een klimaatbestendig Montfoort. De uitkomsten van deze risicodialogen vormen een basis van de LAS en de uitvoeringsagenda. In de bijlagen is een samenvatting opgenomen van de dialogen.
Aanvullend op de klimaatgesprekken hebben we een enquête verspreid onder inwoners, ondernemers, raadsleden en de ambtelijke organisatie. Hierin hebben we mensen bevraagd naar de gevolgen van klimaatverandering in de gemeente en welke maatregelen we zouden moeten nemen. Bijlage 4 bevat een overzicht van de belangrijkste uitkomsten van deze enquête. Deze resultaten vormen tevens input voor de visie en vertaling naar acties en maatregelen.
De Uitvoeringsagenda bevat concrete acties en maatregelen die we komende jaren gaan uitvoeren. Hierbij kijken we naar wat er al gebeurt en naar mogelijke nieuwe acties en actierichtingen. De strategieën in de LAS representeren ‘knoppen’ waar we aan kunnen draaien. De stand van de knoppen zegt iets over de mate waarin we de komende jaren focus leggen op de strategie. De uitvoeringsagenda gaat verder in op wat dit betekent qua capaciteit en middelen. Om de zes jaar doorlopen we opnieuw bovenstaande stappen. Door het uitvoeren van actuele stresstesten, het voeren van risicodialogen en opstellen van een uitvoeringsagenda werken we toe naar een klimaatbestendig Montfoort in 2050.
Met deze strategie leggen we voor het eerst een integrale en samenhangende koers vast voor een klimaatbestendige en waterrobuuste gemeente in 2050. Klimaatadaptieve is echter geen nieuw thema voor onze gemeente. In de afgelopen jaren zijn op verschillende schaalniveaus maatregelen genomen die bijdragen aan het beter omgaan met de gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast, hitte en droogte. Denk aan klimaatadaptieve keuzes bij nieuwe gebiedsontwikkelingen en herinrichting van de openbare ruimte. Deze visie sluit aan op wat we al doen, en bouwt voort op de kennis, ervaring en samenwerking die we de afgelopen jaren hebben opgebouwd. Deze paragraaf laat zien waar nu staan – en wat we al doen – op weg naar een klimaatbestendig Montfoort in 2050.
Bij de (her)inrichting van onze openbare ruimte houden we rekening met waterberging, vergroening en het tegengaan van hittestress. De Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (Lior) is geactualiseerd waardoor klimaatadaptatie een integraal onderdeel is geworden van de ontwerpprincipes. Bij vervanging of aanleg van riolering passen we standaard een gescheiden stelsel toe. Dit maakt het mogelijk om hemelwater beter op te vangen en vertraagd af te voeren. In de nieuwe ontwerpen houden we rekening met een neerslagintensiteit van 70mm per uur, in plaats van de eerder gehanteerde 45 mm per uur. Waar mogelijk geven we water de ruimte om vast te houden en te laten infiltreren in de bodem. Een goed voorbeeld is de herinrichting van de Hofstraat en omgeving ’t Hof, waar een gescheiden riolering is aangelegd en bovengrondse afwatering richting de Hofvijver is gerealiseerd. Met het geactualiseerde Wrp geven we de komende jaren uitvoering aan verschillende projecten waarbij een gescheiden riolering wordt aangelegd én waarbij wordt gekeken hoe we de openbare ruimte groener en klimaatbestendiger kunnen inrichten. Bij de (her)inrichting van parkeerplaatsen passen we waterdoorlatende bestrating toe. Hierdoor wordt regenwater opgevangen op de plek waar het valt en kan het infiltreren in de bodem.
Nieuwe ontwikkelingen worden getoetst op klimaatadaptieve eisen, conform het Convenant Duurzame Woningbouw van de provincie Utrecht. Uitbreidingslocaties zoals de Bleek en Park Rapijnen moeten aantonen dat zij voldoen aan criteria, zoals: • Hevige neerslag veroorzaakt geen schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. • Langdurige droogte leidt niet tot schade aan bebouwing, wegen, groen en vitale en kwetsbare functies voorkomen. • Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. Montfoort heeft het Convenant Klimaatadaptief Bouwen op niveau brons ondertekend. Hiermee committeren we ons aan samenwerking met andere overheden, marktpartijen en kennisinstellingen. Doel is het ontwikkelen van instrumenten, het uitwisselen van kennis en het stellen van heldere eisen aan klimaatadaptieve bouwprojecten. Zo worden nieuwbouwlocaties op een toekomstbestendige en klimaatadaptieve manier ingericht. In samenwerking met het waterschap wordt gewerkt aan oplossingen voor wateroverlast en droogte in het buitengebied. Dit betreft onder andere het toepassen van waterbergende maatregelen in het landelijk gebied.
We stimuleren inwoners en ondernemers om hun eigen omgeving klimaatbestendiger te maken. In samenwerking met Duurzaam Montfoort zijn verschillende acties opgezet, zoals een kortingsactie voor regentonnen. Ook hebben we eerder deelgenomen aan campagnes zoals NK Tegelwippen, om inwoners te stimuleren tot vergroening van tuinen. In 2022 is een Lokaal Hitteplan opgesteld. Dit plan richt zich op signalering, communicatie en ondersteuning tijdens warme periodes, met speciale aandacht voor kwetsbare groepen. De bestaande inspanningen vormen een stevige basis. Tegelijkertijd zien we dat een meer integrale en toekomstgerichte aanpak nodig is om effectief voorbereid te zijn op toenemende klimaatrisico’s. Deze visie vormt de basis voor een bredere en structurele verankering van klimaatadaptatie in beleid, uitvoering en samenwerking met inwoners en partners. Er zijn al verschillende stappen gezet richting een klimaatbestendig en waterrobuust Montfoort. Klimaatadaptatie is in toenemende mate onderdeel van onze dagelijkse werkzaamheden en beleidsontwikkelingen. We zitten nu in de opstartfase van een gezamenlijke aanpak.
Aan de hand van een enquête zijn inwoners gevraagd naar hun ervaringen met klimaatverandering en hun behoefte voor een gezamenlijke aanpak. Meer dan de helft van de bewoners zegt nu al nadelige gevolgen te ervaren als het gaat om: • Hitte: eigen gezondheid • Droogte: droge tuinen • Wateroverlast: ondergelopen straten en tuinen Men maakt zich dan ook zorgen over het veranderende klimaat. Hoewel inwoners zelf ook maatregelen willen nemen, verwachten zij dat de gemeente – en het waterschap – hierin het voortouw nemen. Daarbij is vooral behoefte aan informatie en ondersteuning bij het nemen van maatregelen. Inwoners zien klimaatadaptatie als gezamenlijke opgave, maar wel met een grote verantwoordelijkheid voor de lokale overheid (gemeente).
Op verschillende niveaus zijn er (beleids)doelstellingen die raken aan klimaatadaptatie. Bestaande beleidsdocumenten vormen de kaders voor de LAS waarbinnen we verder invulling geven aan concrete opgaven.
Het Klimaatakkoord van Parijs (2015) stelt dat landen zich niet alleen moeten inspannen om de opwarming van de aarde te beperken, maar ook om zich aan te passen aan de onvermijdelijke gevolgen van klimaatverandering. Met het ondertekenen van dit akkoord, beloofde Nederland zich in te zetten voor het beperken van de opwarming van de aarde tot maximaal twee graden met het streven om de opwarming te beperken tot anderhalve graad. De Europese Unie werkt dit verder uit in haar klimaatadaptatiestrategie (2021), met als doel een klimaatbestendig Europa. Deze strategie stimuleert lidstaten en decentrale overheden om klimaatadaptatie te integreren in beleid, planning en uitvoering.
Het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) vormt het nationale beleidskader voor waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid en klimaatadaptatie. Het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen afspraken gemaakt hoe klimaatadaptatie versneld opgepakt kan worden. Het uiteindelijke doel is dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht en dat bij (her)ontwikkeling heem extra risico op schade en slachtoffers ontstaat. Het programma bestaat uit zeven doelen: 1. Kwetsbaarheid in beeld brengen 2. Risicodialoog/klimaatgesprek voeren en strategie opstellen 3. Uitvoeringsagenda opstellen 4. Meekoppelkansen benutten 5. Reguleren en borgen 6. Stimuleren en faciliteren 7. Handelen bij calamiteiten De stappen/doelen één t/m drie worden elke zes jaar herhaald waarmee de cyclus weten-willen-werken wordt gevolgd. Het DPRA biedt hiermee handvatten voor hoe gemeenten aan de slag kunnen gaan met het klimaatbestendig en waterrobuust inrichten van de gemeente.
Het Rijk heeft in 2016 de Nationale Adaptatie Strategie (NAS) opgesteld na de oproep van de Europese Commissie aan alle lidstaten om uiterlijk in 2017 een klimaatadaptatiestrategie op te stellen. De NAS brengt de effecten van klimaatverandering in beeld voor de verschillende sectoren en zet de koers uit door een aantal zaken te initiëren: 1. verhogen van het bewustzijn van de noodzaak van klimaatadaptatie; 2. stimuleren van het in de praktijk brengen van klimaatadaptatie; 3. benutten en uitbouwen van de kennisbasis; 4. adresseren van urgente klimaatrisico’s; 5. verankeren van klimaatadaptatie in beleid en wet- en regelgeving; 6. monitoring van voortgang en effectiviteit van het adaptatiebeleid. De NAS vormt de opmaat naar een Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie. Deze borduurt voort op alle uitvoering die al in gang is gezet, zoals het DPRA. Waar aanvulling en versnelling nodig is, zal het Uitvoeringprogramma hierin voorzien. De herijking van de KNMI-klimaatscenario’s (2024) zijn bouwstenen voor een nieuwe NAS. Deze komt naar verwachting in 2026. Hierin komt onder andere een langetermijnvisie voor 2100 en bijpassende concrete doelen voor 2040-2050.
In november 2024 heeft de provincie Utrecht het tweede uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie vastgesteld, dat loopt van 2025 tot en met 2028. Het programma beschrijft een aanpak voor de komende jaren naar een klimaatbestendige en waterveilige provincie in 2050. Het uitvoeringsprogramma bevat 21 concrete doelen die gemeenten, waterschappen en andere partners ondersteunen bij het realiseren van klimaatbestendige en gezonde leefomgevingen. Het uitvoeringsprogramma richt zich op de volgende thema’s: 1. Stedelijke ontwikkeling en natuur Het stimuleren van klimaatbestendige, groene en biodiverse wijken waarbij aandacht is voor verkoeling, waterberging en leefbaarheid. Via subsidies kunnen gemeenten vergroening van schoolpleinen, daken en wijken realiseren. Ook wordt klimaatadaptief bouwen gestimuleerd via het convenant met ontwikkelaars. Onder meer door vergroening en het ontwikkelen van lokale hitteplannen is er aandacht voor het verminderen van hittestress in steden en dorpen. 2. Landelijk gebied en natuurbeheer In het landelijk gebied zet de provincie in op klimaatbestendige landbouw met maatregelen voor waterbeheer, bodemgezondheid en biodiversiteit. Agrariërs worden ondersteund bij het klimaatvriendelijk inrichten van hun percelen. Tegelijkertijd wordt het beheer van natuurgebieden aangepast aan klimaatverandering, bijvoorbeeld door versterking van ecologische netwerken. 3.
Bedrijventerreinen en economie Er wordt ingezet op vergroening en verkoeling van bedrijventerreinen, waarbij minimaal drie bedrijventerreinen als voorbeeldprojecten dienen en minstens 25 anderen starten met klimaatmaatregelen. Binnen de provinciale economie wordt gewerkt aan circulariteit, wat helpt bij een duurzamer en klimaatadaptief bedrijfsleven. 4. Infrastructuur en waterbeheer De provinciale infrastructuur – wegen, fietspaden en OV-knooppunten – worden klimaatbestendig ingericht en beheerd, met maatregelen tegen wateroverlast en hitte. Er komt meer ruimte voor waterberging en droogtebestrijding, onder meer door peilbeheer en wateropslag. Daarnaast moerden afval- en hemelwatersystemen duurzamer ingericht door vuile en schone waterstromen te scheiden en kringlopen te sluiten. 5. Samenwerking en kennisdelen Binnen de provincie werken gemeenten, waterschappen en andere partners aan gezamenlijke adaptatiestrategieën en uitvoeringsagenda’s. De provincie ondersteunt in de vorm van kennisdeling, tools,
voorbeeldprojecten en subsidies. Monitoring en evaluatie zorgen dat de voortgang inzichtelijk blijft en kan worden bijgestuurd waar nodig. 6. Klimaatrechtvaardigheid Er wordt specifiek aandacht besteed aan kwetsbare wijken en groepen, die (relatief) hard worden geraakt door hitte, droogte of wateroverlast. Beleid richt zich op inclusieve maatregelen, waarbij rekening wordt gehouden met sociale ongelijkheid, gezondheidsrisico’s en draagkracht van inwoners. Klimaatadaptatie wordt hiermee ook een kans voor een eerlijker en gezonder leefklimaat.
Het coalitieakkoord van de provincie Utrecht benoemt klimaatadaptatie als integraal onderdeel van het provincie beleid. Het erkent dat het veranderende klimaat vraagt om zowel mitigatie als adaptatie, en zet in op een robuuste, gezonde en duurzame leefomgeving voor alle inwoners. Concrete acties in het coalitieakkoord gaan over de thema’s: • Water en bodem sturend in ruimtelijke ordening en transitie in het landelijke gebied • Klimaatrechtvaardigheid en sociale focus • Klimaatadaptief bouwen en infrastructuur • Samenwerking en kennisdeling
In de regio werken we met verschillende regionale partners aan klimaatadaptatie.
De Regionale adaptatiestrategie (RAS) vormt het belangrijkste regionale kader voor de lokale adaptatiestrategie. Sinds 2020 werkt de gemeente Montfoort samen met veertien andere gemeenten, het waterschap, de provincie Utrecht en veiligheidsregio Utrecht binnen het netwerk Water & Klimaat. Om de regio Utrecht Zuidwest klimaatbestendig en waterrobuust te maken is in 2020 een Regionale Adaptatie Strategie (RAS) opgesteld. Hierin zijn de opgaven en ambities voor de regio benoemd en is inzichtelijk gemaakt of en zo ja waar, extra inzicht/aandacht nodig is om in 2050 klimaatadaptief ingericht te zijn. De RAS bevat de volgende strategieën: 1. Nieuwbouw en herstructurering klimaatadaptief 2. De stad als spons 3. Leefbaarheid bij hitte 4. Klimaatadaptieve landbouw- en natuurontwikkeling 5. Gevolgbeperking klimaateffecten vitale en kwetsbare functies 6. Versterken van natuurlijk (water)systeem 7. Klimaatbewustzijn en handelingsperspectief voor bewoners en bedrijven In het Uitvoeringsplan dat nader is uitgewerkt voor de periode 2021 – 2025, is aangegeven op welke manier de komende jaren invulling wordt gegeven aan de verschillende strategieën van de RAS. Aanvullend is een actieplan opgesteld voor de periode 2023 – 2024 waarin de acties worden beschreven die in deze twee jaar meer aandacht en prioriteit krijgen.
Het IRP vormt een strategisch kader voor het ontwikkelen van een toekomstbestendige, gezonde en inclusieve leefomgeving. Het legt hierbij focus op klimaatadaptatie binnen het ruimtelijk beleid. Om voorbereid te zijn op de te verwachte effecten van klimaatverandering worden verschillende maatregelen voorgesteld, waaronder: • Versterken van klimaatbewustzijn en handelingsperspectief van bewoners en bedrijven • Alle nieuwbouw en herstructurering in 2040 klimaatadaptatief • Ruimte reserveren voor waterberging: bebouwd gebied moet functioneren als spons (vasthouden en bufferen voor droge periodes) • Ontwikkeling van robuuste natuur door het versterken en toevoegen van groenblauwe verbindingen • Voorzien in duurzame energievoorziening
De gemeente Montfoort heeft samen met 15 andere gemeenten de Woondeal 2022-2030 ondertekend. Hierin zijn concrete doelstellingen en afspraken over klimaatadaptief bouwen opgenomen. De regio U10 en de provincie willen sneller duurzame en toekomstbestendige woningen (ver)bouwen. Om dit proces te versnellen is het Convenant Duurzame Woningbouw opgesteld. Dit convenant bevat afspraken op het gebied van onder meer circulariteit, natuurinclusief bouwen, klimaatadaptatie en energiegebruik. Deze afspraken zijn ambitieuzer dan de huidige wettelijke normen. Het convenant kent drie verschillende ambitieniveaus, waarmee wordt toegewerkt naar meer eenduidigheid; standaardisatie en uniformering van de eisen. Het convenant is in de regio U10 ondertekend door de provincie Utrecht, marktpartijen en 14 gemeenten, waaronder Montfoort. In de Woondeal zijn afspraak gemaakt over o.a. klimaatadaptief bouwen. Het Convenant Duurzame Woningbouw is leidend voor de ontwikkeling van klimaatrobuuste en -adaptieve woningbouw.
De belangrijkste afspraken zijn: • Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving • Langdurige droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, funderingen, wegen, groen, water en vitale en kwetsbare functies • Hevige neerslag leidt niet tot schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen; vitale functies en voorzieningen blijven beschikbaar • Groenblauwe structuren en de gebiedseigen biodiversiteit worden versterkt via het leidend principe in het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen dat natuurlijke oplossingen altijd de voorkeur hebben boven ‘grijze’ oplossingen (‘groen, tenzij…’) • Eventuele bodemdaling van gebouwd gebied blijft beheersbaar en betaalbaar • De gebouwde omgeving is via gevolgbeperking voorbereid op overstromingen door dijkdoorbraken.
De omgevingsvisie beschrijft een integrale en toekomstgerichte benadering voor het omgaan met klimaatverandering. Montfoort heeft 10 strategische keuzes bepaald die de ambities vormen voor de gemeente. In het kader van de LAS lichten we een aantal relevante keuzes toe. We gebruiken klimaatadaptatie om de gemeente groener, gezonder en veiliger te maken We richten ons op het behoud en versterken van het groen binnen de gemeente, waarmee meerdere vliegen in een klap geslagen kunnen worden. Daarnaast streven we naar een klimaatadaptieve inrichting die kan bijdragen aan doelen op het gebied van veiligheid, gezondheid, milieu, landschap, recreatie, sport en natuur. Dit doen we samen met huidige gebruikers, we stimuleren collectieve oplossingen en zoeken samen met huidige gebruikers en stakeholders naar mogelijkheden. We werken mee aan een toekomstbestendige landbouw met ruimte voor natuur We streven naar een toekomstbestendige landbouw, waarbij andere of bredere verdienmodellen voor agrariërs mogelijk moeten zijn. Samen zoeken we ook naar waar mogelijk (verder) te verduurzamen, zodat bedrijven een (nog) minder grote impact hebben op natuur en milieu en ook in de toekomst een gezonde bedrijfsvoering kunnen blijven behouden. Waar mogelijk streven we naar het behalen van een positieve impact van agrarische bedrijven op een gezonde bodem en schoon water.
We richten ons op het stimuleren van particuliere ecologische initiatieven die de agrarische bedrijfsvoering gezonder maken. We sturen ook vanuit de fysieke leefomgeving op een gezonde en veilige samenleving Een goed ingerichte leefomgeving draagt bij aan een gezondere levensstijl. We zetten ons dan ook in op het behouden en verbeteren van de goede gezondheidssituatie van onze inwoners. De ruimtelijke inrichting stimuleert onze inwoners (jong en oud) om te bewegen. Sociale cohesie in een buurt speelt een belangrijke rol bij het prettig samenleven, maar voor de leefbaarheid is veiligheid en het onderhoud van de openbare ruimte ook belangrijk. Bij ruimtelijke ontwikkelingen denken we daarom vooraf na over de beperking van ongewenste (fysieke) veiligheidsrisico’s en nemen we benodigde maatregelen in het ontwerp op. Daarnaast zorgen we dat er voldoende milieuruimte is voor het faciliteren van gewenste ontwikkelingen maar streven ernaar dat de milieuhinder voor zoveel mogelijk mensen
afneemt. Hierbij kijken we naast naar de traditionele milieueffecten (zoals luchtkwaliteit, geluid en bodem) ook naar de effecten op andere waarden zoals inclusief & betaalbaar, economisch vitaal, leefbaar, gezond, klimaatbestendig, klimaatneutraal en circulair.
Samen met inwoners en ondernemers wil Montfoort verder bouwen aan de toekomstbestendigheid van de gemeenschap. Het college heeft dit vertaald naar drie accenten: bouwen aan een krachtige gemeenschap, bouwen aan leefbare kernen en bouwen aan een vitaal buitengebied. Bouwen aan een krachtige gemeenschap We willen op zoek gaan naar vormen waarmee we deze kracht en de sociale cohesie behouden en verder versterken. Bijvoorbeeld via stimulering van maatschappelijke initiatieven die hieraan bijdragen. Maar ook door te kijken naar manieren waarop het verenigingsleven ondersteund en versterkt kan worden. Bouwen aan leefbare kernen De gemeente zet zich in voor de realisatie van nieuwbouw op binnen- en buitenstedelijke locaties en spant zich de aankomende jaren in om aanvullende woonvoorzieningen voor ouderen en/of personen met een zorgbehoefte te realiseren. Het draait daarbij niet uitsluitend om fysieke woonruimtes, maar ook zeker om een passend aanbod van voorzieningen en een toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte. Bouwen aan een vitaal buitengebied Een vitaal buitengebied gaat niet alleen over het vraagstuk van de toekomst van de landbouwsector, maar ook over natuur, watersystemen (waterberging), energiebehoefte- en opwekking.
Meer lokaal georiënteerd gaat het ook over het tegengaan van ondermijning, het beleven van het buitengebied middels recreatie en toerisme, bedrijfsveranderingen en omgang met leegstand van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB).
Het Water en Rioleringsplan (WRP) beschrijft de invulling van onze wettelijke zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Dit plan beschrijft het beleid en de maatregelen voor de komende jaren en bevat de onderbouwing voor de rioolheffing. In het WRP is extra aandacht voor wateroverlast in het bebouwde gebied en het afkoppelen van hemelwater. Nieuwbouw en herontwikkelingen moeten aan klimaatadaptieve eisen voldoen, zoals het zoveel mogelijk lokaal verwerken van hemelwater. Alle ontwikkelingen in de openbare ruimte willen we gebruiken om de bovengrond klimaatadaptief te ontwikkelen. De LAS vormt daarmee een belangrijke aanvulling op het WRP. Anders dan het WRP, beschrijft de LAS een bredere aanpak voor klimaatadaptatie binnen de gemeente.
Om de openbare ruimte duurzaam en beheerbaar in de richten is de Lior ontwikkeld. De Lior is geen beleidskader op zichzelf, maar een samenhang van beleid en uitvoeringprincipes wat continu wordt doorontwikkeld. De Lior stelt richtlijnen en eisen aan de inrichting van de openbare ruimte binnen onze gemeente. Het dient als handboek voor ontwerpers, aannemers en beheerders en zorgt voor uniformiteit en kwaliteit bij de realisatie en het onderhoud ervan. De Lior stelt onder meer eisen aan een toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte. Zo dient de openbare ruimte ingericht te zijn om een piekbui van 70mm per uur te borgen en om (hemel)water zo lang mogelijk vast te houden en te infiltreren.
• • • • • • •
Lokaal Hitteplan (2022) Circulair Actieprogramma Montfoort (2023) Transitievisie Warmte Montfoort (2024 Beleidsregels Vrijkomende Agrarische Bebouwing (2024) Economische Visie Montfoort (2025) Groenstructuurplan (2020) Soortenmanagementplan (i.o.)
In dit hoofdstuk beschrijven we de opgave op het gebied van klimaatadaptatie voor Montfoort. Wat gebeurt er als we ons niet voorbereiden op het veranderende klimaat? En wat zijn dan de kwetsbaarheden in onze bebouwde omgeving? Met behulp van klimaatstresstesten laten we zien welke gevolgen het veranderende klimaat en de verwachte weerextremen hebben als we ons niet aanpassen. In lijn met het landelijke Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie beschrijven we per thema (wateroverlast, hittestress, droogte en overstroming) de gevolgen. Deze gegevens zijn verzameld vanuit de klimaatstresstesten1, het Basisrioleringsplan (Brp), meldingen en klachten van inwoners en eigen waarnemingen.
Door de opwarming van het klimaat nemen hevige regenbuien toe en komen extreme buien steeds vaker voor. In de afgelopen honderd jaar is de jaarlijkse hoeveelheid neerslag met dertig procent gestegen. Alle seizoenen zijn natter geworden, vooral de winter. Bij normale buien voert de riolering het regenwater af of zakt het weg in de bodem. Bij zware regenbuien (meer dan 20mm per uur) kan de riolering al dat water niet meer verwerken. Hierdoor stroomt het water tegen gebouwen aan of zelfs naar binnen. Of er wateroverlast ontstaat, hangt ook af van lokale omstandigheden zoals de bodemfunctie, het percentage verharding, eventuele helling en de bodemeigenschappen. Laaggelegen plekken in sterk verharde wijken, vooral in de bebouwde kom, zijn extra kwetsbaar voor wateroverlast. Zo leidde een extreme regenbui in juni 2020 tot ondergelopen garages en kelders in Keizerrijk en Tabakshof. Naast het risico dat regenwater gebouwen binnendringt, blijft het water bij hevige buien ook vaker op straat staan. Piekbuien vergroten bovendien de kans op overstromingen vanuit het gemengde rioolstelsel. Dit verslechtert de waterkwaliteit.
Figuur 3. Water op straat Johan de Ridderlaan Montfoort
1 De kaarten zijn beschikbaar via het kaartenportaal van de provincie Utrecht en op de website
fectatlas.nl.
www.klimaatef-
Sweco heeft op basis van de landelijke klimaatstresstesten aanvullende lokale stresstesten uitgevoerd. Met deze verdiepende stresstesten hebben we knelpunten binnen onze gemeente in kaart gebracht. We hebben de landelijke gegevens aangevuld met informatie uit het Basis rioleringsplan (Brp), meldingen en klachten van inwoners en eigen waarnemingen. De volgende locaties kwamen daarbij naar voren als kwetsbare punten: 1. Johan de Ridderlaan e.o. 2. Oude Boomgaard e.o. 3. Achterstraat/Koude Hoek 4. Bedrijventerrein IJsselveld 5. Tabakshof e.o. Ook uit de resultaten van de enquête blijkt dat inwoners op een aantal locaties overlast hebben ervaren2: 6. Hannie Schafstraat 7. De Driesprong, Linschoten 8. G van de Valk Boumanstraat, Linschoten
Figuur 4. Knelpunten wateroverlast op basis van klimaatstresstest (Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2022)
2 We hebben overlast op particulier terrein hierbij niet meegenomen.
Door de klimaatverandering stijgt de temperatuur in Nederland, en zo ook in Montfoort. Zowel de gemiddelde temperatuur als het aantal warme dagen en nachten is toegenomen en zal in de toekomst blijven stijgen. In de afgelopen honderd jaar is de gemiddelde temperatuur in Nederland met twee graden Celsius gestegen. Volgens de klimaatscenario’s zal het aantal tropische dagen (boven de 30°C) in 2050 naar verwachting verdrievoudigen. Hierdoor krijgen we vaker te maken met hittegolven, die bovendien heftiger zijn en langer duren. We ervaren dus steeds vaker hittestress: de hinder die mensen ondervinden door extreme warmte. Hitte vormt momenteel het gevaarlijkste klimaatrisico in Nederland, vooral vanwege de directe impact op de gezondheid. Hoge temperaturen beïnvloeden onze gezondheid, nachtrust en arbeidsproductiviteit negatief. Daarnaast stijgt tijdens warme periodes de behoefte aan zwemwater, terwijl de waterkwaliteit juist afneemt door bijvoorbeeld blauwalg. Hittestress is vooral een probleem in stedelijke gebieden, waar veel gebouwen en verharding aanwezig zijn. Door het stedelijk hitte-eilandeffect ligt de temperatuur in de stad hoger dan in de omliggende gebieden. Bebouwing en verharding zorgen ervoor dat het sneller opwarmt en de warmte langer blijft hangen. Daardoor voelt het in stedelijk gebied warmer aan dan in het omliggende landelijk gebied.
Vooral wijken met veel verharding en weinig groen zijn kwetsbaar voor hitte. Het gaat daarbij om de binnenstad van Montfoort, Keizerrijk en Tabakshof en bedrijventerreinen zoals IJsselveld. In koele woningen zijn inwoners minder kwetsbaar, maar het is ook belangrijk dat zij op korte afstand een koele plek in de openbare ruimte kunnen opzoeken als het binnenshuis te warm wordt.
Op basis van de lokale stresstesten en de risicodialogen hebben we de locaties in kaart gebracht waar hittestress een knelpunt vormt. Daarbij hebben we rekening gehouden met kwetsbare groepen en geplande (nieuwbouw) projecten. De volgende locaties kwamen als aandachtspunten naar voren: 1. Berkenlaan e.o. Linschoten 2. De Duiker, Linschoten 3. Strick van Linschotenlaan/Berkenlaan 4. Stadhouderslaan e.o. 5. Centrum van Montfoort 6. Tabakshof e.o. 7. Roelof de Roverlaan
Figuur 5. Knelpunten hittestress op basis van klimaatstresstest (Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2022)
Naast meer perioden van extreme neerslag, krijgen we ook steeds vaker te maken met neerslagtekorten en extreme droogte. Hoewel er elk jaar sprake is van een neerslagtekort in Nederland. Zien we dat dit tekort de afgelopen jaren steeds sneller oploopt. Dit leidde in sommige jaren tot droogtesituaties zoals in 2018 (bron: KNMI). Droogte zorgt voor uitdroging van de bodem, een dalende grondwaterstand en droogvallende watergangen. Dit heeft negatieve gevolgen voor groen, gewassen, funderingen en infrastructuur. Ook het (stedelijk) groen lijdt onder de droogte: bomen en planten krijgen onvoldoende water. De landbouw en fruitteelt ervaren hiervoor extra druk. Tot 2050 zullen droge perioden naar verwachting vaker voorkomen en langer aanhouden. Binnen de gemeente zijn geen locaties of risicopanden bekend die gevoelig zijn voor verzakking of schade aan funderingen. Droogte vormt vooral een risico voor het groen in stedelijk gebied en voor de landbouwgronden in het buitengebied. We hebben op dit moment nog onvoldoende inzicht in de effecten van droogte op de grondwaterstanden. Om dit beter te kunnen volgen, hebben we onlangs een grondwatermeetnet aangelegd. Dit netwerk zal ons in de toekomst meer inzicht geven in de ontwikkelingen.
Figuur 6. Knelpunten droogte op basis van klimaatstresstest (Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2022)
De stresstesten hebben een aantal specifieke probleemlocaties aangewezen op het gebied van droogte. Uit de risicodialogen blijkt vooral dat verschillende locaties in het stedelijk gebied een hoog risico op verdroging kennen: • Tabakshof-oost • Keizerrijk • Binnenstad Montfoort • Hofland
Door klimaatverandering moeten rivieren – vooral in de winterperiode – steeds vaker grotere hoeveelheden water afvoeren. Tegelijkertijd zorgt de stijgende zeespiegel voor hogere waterstanden op de rivieren. Zonder maatregelen neemt het risico op overstromingen toe. Om de waterveiligheid te vergroten, werken we de komende jaren regionaal samen. Zo blijven we ook in de toekomst bestand tegen dijkdoorbraken en overstromingen. In het Deltaprogramma is daarom besloten om de Lekdijk te versterken. De kaart hieronder toont de overstromingsdiepte bij een middelgrote kans: een overstroming die gemiddeld eens in de 100 jaar kan voorkomen. Het gaat hierbij om overstromingen vanuit rivier of zee. Daarnaast kunnen ook extreme regenbuien tot overstromingen leiden. Op de kaart is te zien dat gebieden rond de Hollandsche IJssel risico lopen om tot een halve meter onder water komen. Voor het bedrijventerrein IJsselveld en Heeswijk-Oost kan dit oplopen tot één meter.
Figuur 7. Overstromingsrisico (Klimaateffectatlas)
Een effectieve aanpak van overstromingsrisico’s vraagt om regionale samenwerking. Het Waterschap, de Veiligheidsregio Utrecht en het Netwerk Water & Klimaat trekken hierin samen op.
In dit hoofdstuk presteren we de lokale adaptatiestrategie van onze gemeente. We beschrijven de centrale ambitie, gevolgd door een uitwerking van de verschillende strategiesporen en bijbehorende acties.
Klimaatverandering stelt ook onze gemeente voor ingrijpende en urgente uitdagingen. We krijgen steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden, zoals hevige regenval, langdurige droogte en hittegolven. Dit vraagt om doordachte, toekomstgerichte keuzes in de inrichting en ontwikkeling van onze leefomgeving. Door nú te investeren in klimaatadaptatie voorkomen we op termijn schade aan gezondheid, gebouw en infrastructuur. Tegelijkertijd verbeteren we direct de leefomgeving, met meer ruimte voor groen, water en natuur. Dit maakt onze gemeente aantrekkelijker, gezonder en beter voorbereid op de toekomst. Onze ambitie voor 2050 is als volgt: ‘In 2050 is onze gemeente volledig klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. We zijn dan goed voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering en kunnen extreme weersomstandigheden opvangen zonder dat dit leidt tot grote schade of overlast. Zo blijft Montfoort aantrekkelijk, veilig en gezond voor iedereen die hier woont, werkt of recreëert. We zijn bestand tegen hitte, droogte en wateroverlast. Er is meer ruimte voor water en natuur, en we bouwen samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties aan een veerkrachtige en toekomstbestendige gemeente.’
Om dit te bereiken, nemen we klimaatadaptatie structureel mee in al onze ruimtelijke opgaven. Denk aan nieuwbouw, herinrichting van straten, vergroenen van wijken en aanpassingen in de openbare ruimte. Als gemeente geven we het goede voorbeeld door zelf maatregelen te nemen op gemeentelijke gronden, in de openbare ruimte en bij eigen gebouwen. Maar dit kunnen we niet alleen: slechts 55% van het stedelijk grondoppervlak is in ons bezit. De rest is van inwoners, bedrijven, agrariërs en andere organisaties. Daarom is samenwerking essentieel. We stimuleren faciliteren en ondersteunen anderen om óók in actie te komen.
Onze doelstellingen voor een klimaatbestendige gemeente. We richten ons op vier concrete doelen die samen zorgen voor een veerkrachtige en toekomstbestendige leefomgeving: 1. Beter bestand tegen hitte Tijdens warme periodes zorgen we voor voldoende koele, schaduwrijke en groene plekke. Zo beschermen we de gezondheid van inwoners en behouden we het comfort en de leefbaarheid in onze buurten. 2. Wateroverlast beperken bij extreme neerslag. We vangen regenwater op waar het valt, bergen het tijdelijk of voeren het vertraagd af. Zo voorkomen we zoveel mogelijk schade aan woningen, infrastructuur en de openbare ruimte. 3. Weerbaar zijn tegen langdurige droogte. We nemen maatregelen die schade aan gebouwen, infrastructuur, natuur, landbouw en waterkwaliteit bij langdurige droogte helpen voorkomen. Dit doen we door water vast te houden in de bodem, zorgvuldig om te gaan met beplanting en bewustwording te stimuleren. 4. Natuur en landschap klimaatbestendig versterken. We investeren in robuuste biodiverse ecosystemen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Deze natuurlijke systemen dragen bij aan klimaatadaptatie, biodiversiteit, gezondheid en leefkwaliteit.
Klimaatadaptatie vraagt om meer dan alleen technische maatregelen. Het gaat om een samenhangende aanpak waarin fysieke ingrepen, communicatie, samenwerking en beleidsverankering elkaar versterken. Daarom hebben we vijf strategische knoppen geformuleerd. Hiermee sturen we op hoofdlijnen om klimaatverandering het hoofd te bieden. Deze knoppen geven richting aan ons handelen, zowel op de korte termijn via de Uitvoeringsagenda, als richting het einddoel: een klimaatbestendige gemeente in 2050. De strategische knoppen zijn tot stand gekomen door inzichten uit de stresstesten en de verschillende risicodialogen die zijn gevoerd. Samen vormen ze de basis van onze Lokale Adaptatiestrategie die iedere vijf tot zes jaar wordt geactualiseerd.
Met deze vijf strategische knoppen bundelen we bestaande inspanningen en werken we toe naar een integrale, toekomstgerichte aanpak van klimaatadaptatie:
Klimaatadaptatie start bij het besef van urgentie. Zonder draagvlak en betrokkenheid van inwoners, bedrijven en partners blijven maatregelen vaak abstract of worden ze minder goed gedragen. We zetten in op heldere communicatie, educatie en participatie om eigenaarschap te creeren. Zo leggen we de basis voor gezamenlijke actie en gedragsverandering, essentieel voor een toekomstbestendige gemeente. Zelfstandig handelen vraagt om kennis, middelen en motivatie. Daarom vergroten we het handelingsperspectief door subsidies, kennisdeling en netwerken aan te bieden. Zo stimuleren we inwoners en organisaties om zelf aan de slag te gaan, benutten we hun energie en versnellen we de uitvoering. De inrichting van onze leefomgeving bepaalt onze kwetsbaarheid voor klimaatverandering. Met deze knop richten we ons op fysieke maatregelen zodat de buitenruimte beter bestand is tegen hitte, droogte en wateroverlast. Bij (her)inrichting geven we klimaatadaptatie sturing, waarbij ruimte is voor groen en water. Ook in de bouw en ruimtelijke ontwikkeling integreren we deze principes. Als gemeente geven we het goede voorbeeld. We passen klimaatadaptatie toe in ons vastgoed, gedrag en gemeentelijke projecten. We nemen onze verantwoordelijkheid, maar beseffen ook dat we het niet alleen kunnen.
Daarom verbinden we ons actief met bewoners, bedrijven, kennisinstellingen en andere overheden en vervullen we een aanjagende rol. Klimaatadaptatie moet onderdeel worden van onze dagelijkse werkzaamheden. We verankeren klimaatadaptatie daarom in beleid, regelgeving en werkwijzen zoals de Omgevingsvisie, vergunningverlening en aanbestedingen. Zo blijven we op de lange termijn effectief sturen. Op basis van deze strategische knoppen bepalen we ook hoe ver we nu zijn. We onderscheiden vier standen: • Stand 1: Reactief – we doen het minimale, alleen het hoogstnoodzakelijke wordt uitgevoerd. • Stand 2: Initiërend – we doen meer dan het minimale, maar vooral op basis van directe aanleiding en korte termijn. • Stand 3: Proactief – we zijn goed op weg, plannen vooruit en nemen bewuste maatregelen om kansen te benutten. • Stand 4: Vooruitstrevend – we doen het maximale, we werken doelgericht en geïntegreerd aan lange termijn impact.