Begroting 2024 en meerj 2025 - 2027
Tekst van het document
Programmabegroting 2024 Gemeente Montfoort
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4
–
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
Inhoudsopgave Programmabegroting 2024 1
Inleiding ...........................................................................................................................................1 1.1. Aanbiedingsbrief.........................................................................................................................1 1.2.
Financiële hoofdlijnen.............................................................................................................3
1.2.1. Meerjarenraming 2025-2027 ....................................................................................................3 1.2.2. Provinciaal toezicht ...................................................................................................................4 1.2.3. Conclusie....................................................................................................................................5 1.3.
Dashboard financiën ...............................................................................................................6
1.3.1. Verdeling saldo begroting 2024 naar programma ....................................................................6 1.3.2. Ontwikkeling Algemene reserve en weerstandsratio...............................................................6 1.3.3. Ontwikkeling weerstandsratio ..................................................................................................7 1.3.4. Ontwikkeling weerstandsratio t.o.v. norm................................................................................7 1.3.5. Risico top 3.................................................................................................................................7 2
3
4
Programmaverantwoording ............................................................................................................8 2.1.
Bestuur en organisatie............................................................................................................8
2.2.
Openbare orde en veiligheid ................................................................................................12
2.3.
Wonen en ruimte ..................................................................................................................16
2.4.
Onderwijs, sport en cultuur ..................................................................................................21
2.5.
Inkomen, Jeugd en Wmo ......................................................................................................25
2.6.
Overhead...............................................................................................................................31
2.7.
Algemene dekkingsmiddelen ...............................................................................................33
2.8.
Heffing Vpb en onvoorzien ...................................................................................................35
Paragrafen .....................................................................................................................................36 3.1.
Lokale heffingen ...................................................................................................................36
3.2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..........................................................................41
3.3.
Onderhoud kapitaalgoederen ..............................................................................................47
3.4.
Financiering...........................................................................................................................51
3.5.
Bedrijfsvoering......................................................................................................................55
3.6.
Verbonden partijen ...............................................................................................................57
3.7.
Grondbeleid ..........................................................................................................................70
3.8.
Subsidieverlening..................................................................................................................72
Financiële begroting ......................................................................................................................73 4.1.
Overzicht baten en lasten .....................................................................................................73
4.2.
Geprognosticeerde balans ....................................................................................................75
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4
–
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
4.3. 5
Jaarlijks terugkerende arbeidskosten ..................................................................................76
Bijlagen ..........................................................................................................................................77 5.1.
Reserves ................................................................................................................................77
5.2.
Voorzieningen .......................................................................................................................78
5.3.
Meerjareninvesteringsplan ...................................................................................................79
5.4.
Verplichte indicatoren ..........................................................................................................80
5.5.
Overzicht van incidentele baten en lasten ...........................................................................83
5.6.
EMU saldo..............................................................................................................................84
5.7.
Overzicht begroting naar taakvelden ...................................................................................85
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4
–
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
1
Inleiding
1.1. Aanbiedingsbrief Montfoort, 3 oktober 2023 Aan de leden van de raad van de gemeente Montfoort, Voor u ligt de programmabegroting 2024 en tevens de meerjarenraming 2025 – 2027, de tweede van onze collegeperiode. Meer dan ooit realiseren wij ons dat de begroting een momentopname is. Wij leven in een onzekere tijd, waarin ontwikkelingen elders in de wereld grote gevolgen kunnen hebben voor de persoonlijke levenssfeer van onze inwoners en op de bedrijfsvoering van onze ondernemers. Als college hebben wij oog voor hun kwetsbare situatie en trachten wij binnen onze mogelijkheden hen te ondersteunen. Als eerste overheid zijn wij voor hen het eerste aanspreekpunt. In onzekere tijden voelen wij nog meer de opgave om in contact te zijn met onze gemeenschap en om samen verder te bouwen aan een toekomstbestendig Linschoten en Montfoort.
Terugblik Sinds 2022 geldt het normale (repressieve) toezicht van de provincie en is er een financieel behoudende koers gevaren. Onder die omstandigheden is er ‘gewoon’ goede kwaliteit geleverd. Door deze koers tonen de cijfers een opwaartse beweging. Echter, op rijksniveau zijn er tal van ontwikkelingen die gemeenten parten spelen. Een sprekend voorbeeld is dat het rijk nog steeds niet met structurele middelen over de brug voor Jeugdhulp wil komen.
Stand van zaken De begroting 2024 sluit met een positief saldo van € 1.598.000. Het meerjarenbeeld 2025 en 2026 geeft achtereenvolgens positieve saldi van € 1.774.000, € 330.000, alleen 2027 wordt negatief afgesloten met -€ 88.000. In onderstaande tabel ‘Ontwikkeling begroting’ geven we inzicht in de financiële doorrekening van de programmabegroting 2024. In hoofdstuk 1.3. ‘Financiële hoofdlijnen’ volgt een analyse van en toelichting op het financiële resultaat. Ontwikkeling begroting 2024 1.367
Basis 2024 incl. begrotingswijzigingen
2025 2.619
(Bedragen * € 1.000) 2026 2027 1.299 570
Autonome ontwikkelingen
1.225
770
602
856
Actualisatie staand beleid
-993
-1.614
-1.571
-1.515
Totaal
1.598
1.775
330
-88
De septembercirculaire 2023 is hierin nog niet verwerkt. De effecten ervan worden via een raadsinformatiebrief aangeboden voorafgaand aan de besluitvormende raadsvergadering. Deze raming kan nog wijzigen. Zoals u ziet tonen de saldi van 2024 en de meerjarenramingen van 2024 en 2025 een positief saldi. Het sluitjaar 2027 zorgt niet voor een geheel sluitend meerjarig perspectief, omdat dit jaar negatief wordt afgesloten. Normaliter vereist de toezichthouder dat er een sluitend begrotingsjaar (2024) met een sluitend eindperspectief wordt aangeboden. Nu geldt de bijzonderheid dat de VNG recent heeft geadviseerd om een niet-sluitende begroting in te dienen. Onze toezichthouder heeft aangegeven begrip te hebben voor dit advies en dat vanwege deze speciale omstandigheid alleen een sluitend begrotingsjaar (2024) volstaat. Voor u ligt dan ook een sluitende begroting 2024 met een negatief afsluitend jaar 2027. Dat stemt tot enige tevredenheid, maar de vraag blijft wat de onzekere toekomst ons gaat brengen.
Toekomst Lokaal staat de toekomst vooral in het teken van de ingezette koers in het uitvoeringsprogramma college (UVP) waar u als raad eind september kennis van heeft genomen. De bestuurlijke koers in het UVP laat zich kenschetsen door het samen verder bouwen aan de toekomstbestendigheid van de gemeenschap. Wij zetten ons in voor een sociale gemeenschap waar het prettig wonen, werken en verblijven is, waar ieder een toekomst kan opbouwen en waar sociale cohesie is. Een gemeenschap die met elkaar in gesprek is en blijft, met elkaar het hoofd biedt aan uitdagingen en ieder in zijn/haar waarde laat. Concreet leggen wij drie accenten: 1. bouwen aan een krachtige gemeenschap; 2. bouwen aan leefbare kernen; 3. bouwen aan een vitaal buitengebied. Zoals eerder gesteld is het financieel meerjarenperspectief tot en met 2026 positief en voor 2027 negatief. Ondanks dat blijven wij kritisch kijken naar onze uitgaven vanwege diverse onzekerheden om ons heen. Niet alleen internationaal, maar op het niveau van onze landelijke overheid zijn ontwikkelingen direct op onze financiële P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
1|P a g i n a
huishouding van invloed. Zo zijn de opgaven rondom klimaat & energie en de opvang van vluchtelingen en statushouders nog niet lokaal uitgekristalliseerd. Ook komt het Rijk nog steeds niet met structurele middelen over de brug voor het gemeentefonds en voor, zie de eerdere referentie, bijvoorbeeld de Jeugdhulp. Voor de Jeugdhulp is er slechts een incidentele toezegging gedaan voor 2026. Voor dat jaar en verder zijn de benodigde financiële middelen nog niet structureel geborgd. Al met al maken we ons op voor vele en soms complexe opgaven in een onzeker tijd. Hierdoor kiezen wij ervoor financiële ruimte te houden om in te spelen op de actualiteit samen met onze leane ambtelijke organisatie. We nodigen u uit tot behandeling van de begroting 2024 over te gaan. Burgemeester en wethouders van Montfoort, de secretaris,
de burgemeester,
M.H. van der Veer
mr. P.J. van Hartskamp-de Jong
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
2|P a g i n a
1.2. Financiële hoofdlijnen 1.2.1. Meerjarenraming 2025-2027 Uitgangspunt voor de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 is het financieel perspectief vanuit de programmabegroting 2023 en de voorjaarsrapportage 2023. Vervolgens worden de financiële effecten van de meicirculaire 2023 en de begrotingswijzingen uit de eerste helft van 2023 verwerkt. De autonome ontwikkelingen en diverse besluiten zijn verwerkt in de meerjarenbegroting. De financiële ontwikkelingen worden hieronder op hoofdlijnen toegelicht. De begrotingswijzigingen zijn per programma in deze begroting te raadplegen.
Meerjarenraming 2025-2027 Ontwikkeling begroting 2024 1.367 1.225
I. Basis 2024 incl. begrotingswijzigingen II. Autonome ontwikkelingen lll. Actualisatie staand beleid Totaal
2025 2.619 770
-993 1.598
(Bedragen * € 1.000) 2026 2027 1.299 570 602 856
-1.614 1.775
-1.571 330
-1.515 -88
I. Basis 2023 inclusief begrotingswijzigingen Deze regel geeft de begrotingssaldi weer zoals deze zijn vastgesteld door de raad bij de behandeling van de Voorjaarsrapportage 2023. NB: Tussen deze vaststelling en nu zijn er nog enkele kleine begrotingswijzigingen vastgesteld, welke bij de saldi zijn opgeteld.
II. Autonome ontwikkelingen (Bedragen * € 1.000) 2024 a. Algemene uitkering gemeentefonds
2025 748
2026 230
63
2027 593
b. Ontwikkeling lokale heffingen
55
55
55
55
c. Loon/prijs-bijstelling
422
484
484
208
1.225
770
602
856
Totaal
a. Algemene uitkering gemeentefonds In de meicirculaire 2023 zijn éénmalig voor jeugdzorg, onder voorbehoud van omzetting naar een definitief akkoord op de Hervormingsagenda, voor 2024 en voor 2025 middelen beschikbaar gesteld. In 2026, het zogeheten ravijnjaar, is dan ook een aanzienlijke daling te zien. Tevens wordt de eigen bijdrage bij de Wmo opnieuw ingevoerd (inkomensafhankelijk). Er wordt door het rijk verwacht dat de Wmo-lasten lager gaan uitvallen, omdat door (de invoering van) de inkomensafhankelijke bijdrage er minder een beroep op de Wmo zal worden gedaan. In navolging daarvan wordt er gekort op de Algemene uitkering, wat weer een nadelig effect heeft voor de gemeente. b. Ontwikkeling lokale heffingen Afvalstoffenheffing, rioolheffing Het uitgangspunt van het beleid is dat voor afval en riolering kostendekkende tarieven in rekening worden gebracht. Daarnaast is ook het uitgangspunt, uit de Voorjaarsrapportage, om rekening te houden met 7,6% indexatie van de tarieven van de lokale heffingen. Door deze maatregel komt de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing en rioolheffing boven de 100% uit. Doordat de kostendekkendheid van 100% nagenoeg bereikt is, hoeft en kan de indexatie van deze tarieven niet plaats te vinden. In de paragraaf ‘lokale heffingen’ wordt verder inzicht gegeven in de kostendekkendheid van de heffingen. c.
Loon- en prijsstijgingen Op het gebied van loon- en prijsstijgingen zijn er meerdere ontwikkelingen verwerkt in deze begroting. De prijsstijgingen worden veroorzaakt door de indexatie van 7,6%. Daarnaast is er sprake van mutaties in de personele sfeer. Om de continuïteit en een stabiel personeelsbeleid te borgen wordt er een strategisch personeelsbeleid gevoerd. Er wordt voor drie jaar vooruitgekeken, en brengen toekomstige vacatures wegens pensionering of loopbaanontwikkeling in kaart en anticiperen daarop. Dit gebeurt door aanpassingen in de organisatie-inrichting aan te brengen en door het tijdig invullen van vacatures, zodat er nog sprake kan zijn van overdracht van kennis en kunde. Het streven blijft om alle personele mutaties in het personeelsbestand zo goed als mogelijk budgettair neutraal op te vangen.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
3|P a g i n a
III. Actualisatie staand beleid (Bedragen * € 1.000) 2024 a. Actualisatie kapitaallasten bestaande activa
2025
2026
2027
818
282
243
396
0
-75
-167
-262
c. Overige bijstellingen
-1.812
-1.820
-1.646
-1.649
Totaal
-993
-1.614
-1.571
-1.515
b. Actualisatie kapitaallasten nieuwe investeringen
a. en b. Actualisatie kapitaallasten Een jaarlijkse actualisatie van de planning van investeringen, de daadwerkelijke investeringen in 2023 leiden in 2024 tot een voordeel van € 818.000. Dit voordeel heeft te maken met de oplevering van het Kindcentrum. Deze oplevering was verwacht eind 2023 en is doorgeschoven naar begin 2024. Daarnaast worden bij de begroting alle voorgenomen investeringen en nieuwe investeringen kritisch op haalbaarheid qua planning beoordeeld. Dit kan leiden tot verschuiving in jaarschijven en dus verschuiving van kapitaallasten. In onderdeel 5.3 wordt in het MeerjarenInvesteringsPlan (MIP) een totaaloverzicht van alle verwachte investeringen voor de periode 2024 - 2027 gepresenteerd. c. Overige bijstellingen Stijging bijdragen GR-en In de Voorjaarsrapportage 2023 was gemeld dat de bijdragen 2024 voor de GR-en zullen stijgen, onder andere vanwege stijgende energieprijzen en omdat er recent in de publieke sector nieuwe CAO-afspraken zijn gemaakt. Op basis van deze begrotingen 2024 zijn de GR-bijdragen 2024 in totaal (structureel) gestegen met circa € 900.000,Indexatie subsidies Conform de Voorjaarsrapportage 2023 is de indexatie voor de subsidies gesteld op 7,6%. Het financiële effect bedraagt structureel vanaf 2024 circa € 285.000,Incidentele bijstelling inhuur Gezien de huidige arbeidsmarkt duurt het langer voordat we vacatures hebben ingevuld.
We zijn een slanke organisatie en voorkomen moet worden dat de werkdruk op zittend personeel hierdoor te groot wordt en uitval het probleem nog groter maakt. Om deze reden zien we ons genoodzaakt, in afwachting van vaste invulling van vacatures en bij uitval wegens ziekte vaker c.q. eerder in te huren. Dit vraagt een (incidentele) ophoging van het algemeen inhuurbudget van € 150.000,- in 2024 en in 2025. ICT-vergoeding Gouda De ICT-vergoeding voor Gouda stijgt structureel met € 126.000,- vanaf 2024. Dit wordt veroorzaakt door: - aanvraag van 31 nieuwe accounts voor raadsleden en commissieleden; - hogere licentiekosten Microsoft; - meer digitale capaciteit nodig (gigabytes); - stijging personeelskosten Gouda (doorbelasting). Overige mutaties Bij het beoordelen van de budgetten in combinatie met de realisatie uit de jaarrekening is gebleken dat er in 2023 (onvermijdelijke) uitvoeringskosten worden gemaakt die nog niet (afdoende) geraamd waren in de begroting. In deze begroting wordt er voor gekozen om de benodigde budgetten hiervoor structureel en met een juiste omvang op te nemen. Voor 2024 en 2025 gaat het om een nadeel van totaal circa € 300.000,-.
1.2.2. Provinciaal toezicht De door de gemeenteraad vastgestelde begroting 2024 dient vóór 15 november 2023 aan de provincie te worden toegestuurd. De provincie toetst of de gemeentebegroting voldoet aan de gestelde wettelijke vereisten en provinciale regelgeving. De standaard vorm van provinciaal toezicht is repressief toezicht. Dit betekent dat de provincie de gemeente "op afstand volgt". Bij repressief toezicht hebben de begroting en begrotingswijzigingen van een gemeente rechtskracht zonder de goedkeuring van de provincie. De begroting 2024 sluit met een positief saldo van € 1.598.000,- (waarvan € 70.000 incidenteel). Dit betekent een positief structureel saldo van € 1.528.000,-. Voor de jaren erna is het saldi: € 1.774.000 voor 2025 en € 330.000 voor 2026, en min € 88.000,- in 2027. In 2026 is een duidelijke terugval te zien in het saldo. Dit heeft voornamelijk te maken met een terugval uit het Gemeentefonds. De VNG heeft dit aangeduid als het zogenaamde ravijnjaar. En in 2027 is er zelfs sprake van een negatief saldo van € 88.000. De VNG heeft recent geadviseerd een niet-sluitende begroting 2024 aan te leveren, opdat inzichtelijk wordt gemaakt waar en hoe gemeenten tekort komen. Dit advies is P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
4|P a g i n a
aan onze toezichthouder voorgelegd. Onze toezichthouder heeft aangegeven de focus te leggen op een sluitende begroting 2024 en begrip te hebben voor de lastige situatie rondom de meerjarenraming.
Meerjarenraming 2025-2027 (structureel) (Bedragen * € 1.000) 2024
2025
2026
2027
Basis 2024 incl. begrotingswijzigingen
1.367
2.619
1.299
Autonome ontwikkelingen
1.225
770
602
856
Actualisatie staand beleid
-993
-1.614
-1.571
-1.515
1.598
1.775
330
-88
Saldo meerjarenraming 2024 - 2027 (na ontwikkelingen) Saldo incidentele baten en lasten Saldo meerjarenraming 2024 - 2027 (structureel)
570
70
62
64
55
1.668
1.837
395
-34
1.2.3. Conclusie Met deze begroting laten we zien dat er voor de jaarschijven 2024 tot en met 206 sprake is van een overschot. Met de overschotten kunnen we weer deels het vet terug op de botten krijgen. Echter vanaf 2026 is een neerval in het saldo te zien, dat uiteindelijk resulteert in een negatief saldo voor 2027. De lijn blijft dat de begroting going concern is opgesteld. Ondanks de positieve saldi en het begrip van de provincie voor het ravijnjaar 2026 zijn er nog allerlei variabele externe factoren om onomkeerbare beslissingen te nemen die leiden tot verschralen van de kwaliteit en kwantiteit van dienstverlening en voorzieningen voor onze inwoners. De belangrijkste (externe) factor is wanneer er een nieuw kabinet geformeerd wordt en welke koers deze zal gaan inslaan. In haar kielzog zal zij cruciale beslissingen gaan nemen over de klimaatcrisis, de opvangcrisis, de energiecrisis, de stikstofcrisis en andere belangrijke zaken. In welke mate en op welke wijze deze de gemeente gaat beïnvloeden blijft voor nu onduidelijk.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
5|P a g i n a
1.3. Dashboard financiën 1.3.1. Verdeling saldo begroting 2024 naar programma
1.3.2. Ontwikkeling Algemene reserve en weerstandsratio Omschrijving Algemene reserve Onttrekking begroting 2024 Saldo algemene reserve Saldo begroting 2024 Saldo begroting 2025 Saldo begroting 2026 Saldo begroting 2027 Saldo algemene reserve na begrotingsdoorrekening 2024
2024 3.807.857 0 3.807.857 1.598.360
2025 5.406.217 0 5.406.217
2026 7.180.876 0 7.180.876
2027 7.511.350 0 7.511.350
1.774.659 330.474 5.406.217
7.180.876
7.511.350
-89.286 7.422.064
De ontwikkeling van de Algemene reserve gaat uit van de stand per 1 januari. De reeds vastgestelde reservemutaties zijn in deze stand verwerkt (o.a. jaarrekening 2022, voorjaarsrapportage 2023 en de meicirculaire 2023). De reservemutaties naar aanleiding van de najaarsrapportage 2023 en eventuele effecten van de september- en decembercirculaires 2023 zijn hierin nog niet verwerkt. De weerstandsratio is gebaseerd op de benodigde weerstandscapaciteit. Hiertoe zijn de bekende en kwantificeerbare risico’s vastgesteld (een overzicht hiervan is te vinden in paragraaf 3.2). De omvang van de benodigde weerstandscapaciteit voor 2024 is bepaald op € 922.000,-. Destijds is bepaald, als onderdeel van ons financieel beleid, dat de weerstandsratio voor de gemeente Montfoort minimaal 1,5 moet bedragen.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
6|P a g i n a
1.3.3. Ontwikkeling weerstandsratio Ontwikkelingen weerstandsratio Totaal beschikbare weerstandscapaciteit (a) Berekend weerstandsrisico (zie totaal risico’s) (b) Benodigde weerstandscapaciteit ( c) (= 1,5x b) Vrije ruimte in de weerstandsvermogen --> (d) (= a-c) Weerstandsratio
2024
2025
2026
2027
4.070.337 922.026
5.406.217 922.026
7.180.876 922.026
7.511.350 922.026
1.383.038 2.687.298
1.383.038 4.023.179
1.383.038 5.797.838
1.383.038 6.128.312
4,41
5,86
7,79
8,15
1.3.4. Ontwikkeling weerstandsratio t.o.v. norm
1.3.5. Risico top 3 Omschrijving risico
Kans (%)
Risico vanwege gemeentegaranties aan instellingen. Risico vanwege open einde regeling jeugdzorg. Risico vanwege open einde regeling WMO.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
2% 5% 5%
M o n t f o o r t
Bruto bedrag Netto in € (kans x bruto) in € 16.172.000 2.216.048 1.891.398
7|P a g i n a
323.440 110.802 94.570
2
Programmaverantwoording 2.1. Bestuur en organisatie Portefeuillehouder(s):
mr. P.J. van Hartskamp-de Jong en W. van Wikselaar
1.01 Bestuur B € 540 L € 1.386.140
1. Bestuur en organisatie 1.02 Burgerzaken B € 284.596 L € 397.472
B* € 568.832 L* € 2.051.344
1.03 Beheer ov. gebouwen B € 283.696 L € 267.732
*) B = baten en L = lasten
Ambitie Samen verder bouwen aan de toekomstbestendigheid van de gemeenschap, dat kenmerkt dit college in deze collegeperiode. Samenwerken met de gemeenschap waarbij er respect voor ieders rol en verantwoordelijkheden is. Participatie, openstaan voor maatschappelijke initiatieven en co-creatie zijn kernwoorden die hierbij passen. Als gemeentebestuur zijn we benaderbaar, hebben een luisterend oor en zijn transparant in ons handelen. De ambtelijke organisatie is wendbaar en handelt passend bij de voorliggende situatie.
Trends en ontwikkelingen • • • •
• •
Gemeenten worden steeds meer uitvoeringsorganisaties van rijk en provincie, waardoor minder ruimte voor specifiek lokaal beleid is. Het biedt daarentegen kansen om lokaal in het ‘hoe we de dingen doen’ voor de gemeenschap het verschil te maken. Werken aan vertrouwen tussen gemeenschap en overheid vraagt (meer) inspanning om de vertrouwenskloof te verkleinen. Dit vraagt om een werkwijze die aansluit bij de belevingswereld van de gemeenschap (leefwereld) en om een benaderbare overheid. De vitaliteit van de gemeenschap staat onder druk door demografische ontwikkelingen en toenemende pluriformiteit. Dit vraagt om een bestuurscultuur die aandacht voor de geluiden uit de gemeenschap en een luisterend oor heeft, en om oog voor het behoud en versterken van de bestaande sociale cohesie. We hebben op dit moment te maken met elkaar in rap tempo opvolgende ontwikkelingen in de samenleving en de instabiele toestand in de wereld, die zorgen voor de noodzaak van een wendbare organisatie om adequaat om te kunnen gaan met situaties. Zoals met de opvang van ontheemden uit Oekraïne en de opvangcrisis in de asiel- en migratieketen en armoedebestrijding. Er is een toenemend aantal complexe vraagstukken die op regionale schaal georganiseerd worden en waar we als gemeente inbreng te leveren hebben. Vanaf boekjaar 2023 is het college verantwoordelijk voor het afgeven van een rechtmatigheidsverklaring.
Kaderstellende beleidsnota’s P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
8|P a g i n a
• • • • • • • •
Visie op toekomst Gemeente Montfoort uit het Herstelplan 2021-2024 Uitvoeringsprogramma college 2022-2026 ‘Samen verder bouwen aan een toekomstbestendig Linschoten en Montfoort’ Inrichtingsplan gemeente Montfoort ‘Gewoon bijzonder, Bijzonder gewoon’ Personeelsbeleid gemeente Montfoort Nota Reserves en Voorzieningen Nota Activabeleid Communicatiebeleidsplan Beleidsnotitie over exploitatie, onderhoud en beheer gemeentelijk vastgoed (2020)
Verbonden / uitvoerende partijen I. II.
U10 K80
Programmaonderdeel 1.01: Bestuur Wat willen we bereiken? 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Een herkenbaar en benaderbaar bestuur. Een succesvolle en wendbare ambtelijke organisatie. Een overheid die werkt vanuit de bedoeling en daardoor een natuurlijke partner is voor de gemeenschap. Succesvolle samenwerking(en) continueren en waar nodig nieuwe samenwerking(en) aangaan. Een structureel financieel gezonde gemeente zijn en een aantrekkelijke partner in de regio blijven. Een overheid die bereikbaar is voor inwoners, bedrijven en organisaties met wie het makkelijk communiceren is.
Wat gaan we ervoor doen? 1. 2.
3. 4.
5.
6.
Als college zijn we toegankelijk voor inwoners en ondernemers uit onze krachtige gemeenschap. We organiseren informatieavonden over relevante thema’s en we zoeken actief de verbinding, bijvoorbeeld door ‘naar buiten te gaan’ en werkbezoeken af te leggen. Aantrekken, behouden en verder ontwikkelen van een deskundig personeelsbestand. Dit doen we door uitvoering te geven aan het personeelsbeleid van de gemeente Montfoort met aandacht voor duurzame inzetbaarheid, werkgeluk en goede opleidings- en ontwikkelmogelijkheden. Ook werken we actief aan ons positieve imago op de arbeidsmarkt als werkgever. In onze manier van handelen zoeken we de verbinding, gaan we naar de gemeenschap toe en zijn we altijd bereid tot dialoog. Dit vraagt deels om een omslag in denken en doen, ook bij onze uitvoeringspartners. Tevens vraagt dit om voldoende tijd en ruimte om participatie vorm te geven. Op themaniveau vinden we elkaar in het Lopikerwaardgebied, zoals bij de uitwerking van het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Binnen de U16 werken wij met 15 andere Utrechtse gemeenten samen, onder andere aan de stapsgewijze realisatie van het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). Ook blijven we betrokken bij het traject van de RES binnen de RES-regio U16. Daarnaast continueren we het lidmaatschap van de K80 om onze belangen binnen de VNG en bij het rijk te behartigen.
Bij verbonden partijen en organisaties met een subsidierelatie houden we de vinger aan de pols over de kwalitatieve uitvoering en de financiële kaders. Door middel van de planning & controldocumenten geven we inzicht in de financiële stand van zaken. Financiële tekorten worden waar mogelijk binnen het programma opgevangen. Indien dat niet mogelijk blijkt, dan wordt de raad betrokken bij de oplossingsmogelijkheden. Zo houden we grip op de financiën, blijven we financieel gezond en daarmee een aantrekkelijke partner in de regio om mee samen te werken. Uitgangspunt bij samenwerking is en blijft het voor onze inwoners goed behartigen van hun belangen en de kwaliteit van dienstverlening. Onze communicatie is toegesneden op specifieke doelgroepen, waarbij de passende mediakanalen gekozen worden om deze doelgroepen te bereiken. We werken aan een nieuw participatiebeleid en richten een vorm van gebiedsmanagement in.
Programmaonderdeel 1.02: Burgerzaken Wat willen we bereiken? 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Op dezelfde manier doorgaan met passende dienstverlening aan onze inwoners. Identiteitsfraude tegengaan, samen met verschillende ketenpartners. Verhogen adreskwaliteit in de Basisregistratie Personen (BRP). Aanpassingen in de jaarlijkse zelfevaluatie BRP doorvoeren. Adequaat en goed georganiseerde verkiezingen. Soepele invoering WIGG (Wet introductie gecombineerde geslachtsnaam)
Wat gaan we ervoor doen? P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
9|P a g i n a
1. De inschatting is dat er in 2024 weer meer aanvragen van reisdocumenten zullen komen. Dit is gebaseerd op dat 10 jaar geleden de geldigheid van reisdocumenten van 5 naar 10 jaar ging. We spelen hierop in door extra collega’s op te leiden om reisdocumentaanvragen te kunnen afhandelen en de openingstijden te laten meebewegen met de hoeveelheid aanvragen. Doordat diverse administraties, zoals de begraafplaatsadministratie, leerlingenvervoer, invalideparkeerkaart/plaats, ontheffing blauwe zone, administratieve ondersteuning APV, subsidieproces en postregistratie bij het KCC zijn ondergebracht, bewerkstelligen we een snelle afhandeling. 2. We nemen deel aan de Werkgroep Tegengaan Identiteitsfraude Midden Nederland (WTI). 3. We nemen deel aan de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA). In het verlengde van de LAA leggen we, samen met een multidisciplinair team, huisbezoeken af om adresfraude op te sporen en tegen te gaan. Aan het multidisciplinaire team nemen in elk geval de gemeente, het RIEC, de milieutak van de ODRU en de politie deel; ook anderen kunnen aansluiten. 4. Jaarlijks voeren we de zelfevaluatie BRP uit. Dit is een onderzoek naar de inrichting, werking en beveiliging van de Basisregistratie Personen, gecombineerd met een onderzoek naar de verwerking van gegevens.
De Zelfevaluatie BRP bestaat uit een vragenlijst, een bestandscontrole en een inhoudelijke controle van persoonslijsten op basis van brondocumenten. Doelstelling van de aanpassingen is het opstellen van toetsbare normen en een beter beeld van de dienstverlening aan burgers. Daarbij is een onderscheid gemaakt in normen die toezien op het naleven van de wet- en regelgeving (rechtmatigheidsvragen) en normen die toezien op de sturing door gemeenten op de eigen kwaliteitsdoelen voor de BRP. 5. We volgen de landelijke ontwikkelingen en richtlijnen en organiseren de verkiezingen volgens de dan geldende richtlijnen. 6. Met de invoering van de WIGG per 1 januari 2024 krijgen ouders de mogelijkheid om hun kind een gecombineerde geslachtsnaam te geven. Dit wordt mogelijk voor het eerste kind binnen een relatie als dit kind op of na 1 januari 2024 wordt geboren. Daarnaast is er overgangsrecht: tot een jaar na invoering van de wet kunnen ouders wiens eerste kind binnen hun relatie op of na 1 januari 2016 is geboren alsnog een akte van naamskeuze laten opmaken en daarmee ook kiezen voor een gecombineerde geslachtsnaam. Qua werk bereiden we ons hierbij voor op het beantwoorden van vragen, het moeten opmaken van akten van naamskeuze, en het moeten plaatsen van latere vermelding op geboorteakten van in Montfoort geboren kinderen voor wie de akte van naamskeuze elders wordt gedaan.
Daarnaast moet voor de kinderen wiens geslachtsnaam wijzigt ook meteen een nieuw reisdocument worden aangevraagd omdat met het wijzigen van de naam het huidige document van rechtswege vervalt. Het is lastig in te schatten hoeveel mensen hiervan gebruik gaan maken.
Programmaonderdeel 1.03: Beheer gebouwen Wat willen we bereiken? 1. 2. 3.
Onderhoud van onze gemeentelijke gebouwen op onderhoudsniveau 3, tenzij een pand in een herontwikkelingsgebied ligt. In dat geval wordt een pand wind- en waterdicht gehouden en veilig beheerd. In 2030 49% minder CO2-uitstoot dan in 1990. Eenduidigheid in verhuur, verpachting en beheer van al het gemeentelijk vastgoed.
Wat gaan we ervoor doen? 1. Uitvoering geven aan het meerjarenonderhoudsplan gemeentelijke gebouwen. 2. Voorbereiding van en uitvoering geven aan de verduurzaming van onze gemeentelijke gebouwen. 3. Uitvoering geven aan de in 2021 vastgestelde notitie exploitatie, onderhoud en beheer gemeentelijk vastgoed.
Financieel overzicht P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
10 | P a g i n a
(bedragen x € 1.000) Rekening Begroting* Begroting 2024 2022 2023
Programma 1. Bestuur en organisatie LASTEN (actuele begr'23)
1.774
1.995
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
1.995
1.981
1.968
1.973
56
56
56
56
Mutaties: Doorbelasting salarismutaties
Totaal lasten Begroting 2024
1.774
1.995
2.051
2.037
2.024
2.029
BATEN (actuele begr'23)
413
560
569
569
569
569
Totaal baten begroting 2024
413
560
569
569
569
569 1.460
Saldo baten en lasten voor mutaties reserves
1.361
1.435
1.483
1.468
1.455
- waarvan incidenteel
8
0
14
0
0
0
- waarvan structureel
1.353
1.435
1.469
1.468
1.455
1.460
Toevoeging aan reserves
0
30
0
0
0
0
Onttrekking aan reserves
17
73
0
0
0
0
Saldo mutaties reserves
-17
-43
0
0
0
0
- waarvan incidenteel
17
103
0
0
0
0
-
-146
0
0
0
0
Saldo baten en lasten na mutaties reserves
1.344
1.392
1.483
1.468
1.455
1.460
Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2023 na vastgestelde wijzigingen
1.353
1.289
1.469
1.468
1.455
1.460
- waarvan structureel
Kredieten 2024 Investeringen programma 1 Huis van Montfoort elector vervangen hoofdregeling Huis van Montfoort vervangen lift ICT systeem Raadszaal Electrische bode auto
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
Krediet per Planning jaar afronding 2024 25.000 2024 25.000 2024 95.000 2024 40.000 2024
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
MJOP Gemeentelijke gebouwen MJOP Gemeentelijke gebouwen Nieuw Nieuw
11 | P a g i n a
2.2. Openbare orde en veiligheid Portefeuillehouder(s):
mr. P.J. van Hartskamp-de Jong
2. Openbare orde en veiligheid B* € 53.800 L* € 1.531.758
2.01 Veilgheid en brandweer B € 53.800 L € 1.531.758
*) B = baten en L = lasten
Ambitie Onze ambitie op het gebied van openbare orde en veiligheid is om overlast verder terug te dringen, nieuwe crises te beheersen, nieuwe vormen van criminaliteit te bestrijden en het veiligheidsniveau op de traditionele vormen van criminaliteit te stabiliseren of verlagen. Deze brede ambitie maken we waar vanuit een integrale aanpak en door intensieve samenwerking met veel verschillende partners. De nadruk ligt daarbij op preventie, maar we schromen niet om op te treden als dat nodig is. Onder de brede ambitie werken we aan zes thema’s: • Buurt & wijk: Inwoners en ondernemers voelen zich veilig, het aantal traditionele geregistreerde misdrijven stijgt in ieder geval niet en de sociale cohesie en participatie zijn optimaal. • Jeugd & veiligheid: Jongeren kunnen zich in een veilige omgeving ontwikkelen en structurele jongerenoverlast komt nauwelijks voor. • Zorg & veiligheid: Overlast en onveilige situaties worden tot een minimum beperkt door een maatwerk aanpak te bieden aan inwoners met onbegrepen gedrag of meervoudige problematiek. • Ondermijnende criminaliteit: Voorkomen en bestrijden van georganiseerde ondermijnende criminaliteit in gemeente Montfoort. • Digitale veiligheid: Inwoners en ondernemers zijn weerbaar tegen risico’s en dreigingen van de snel digitaliserende maatschappij.
• Crisisbeheersing: Adequaat optreden bij de (dreiging van) incidenten, rampen en (langdurige) crises en daarmee de impact voor inwoners en ondernemers beheersen.
Trends en ontwikkelingen • • • • • •
Verharding van de criminaliteit Verschuiving van traditionele criminaliteit naar ondermijnende en cybercriminaliteit Toenemende verleiding voor (met name) kwetsbare jongeren vanuit de criminele wereld Verdere normalisering van gebruik van hard- en softdrugs Toename digitale dreiging en cybercriminaliteit Meer- en langdurigere incidenten met personen met onbegrepen gedrag
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
12 | P a g i n a
• •
Vrijkomende (agrarische) bebouwing Groei van sociale tegenstellingen in de samenleving
Kaderstellende beleidsnota’s • • • •
Meerjarig Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 Regionale VeiligheidsStrategie VTH beleid 2020-2023 (VTH beleid 2024-2027 is in voorbereiding) Integrale Nota Sociaal Domein 2023
Verbonden en / of uitvoerende partijen I. Politie II. Horeca en ondernemers III. Woningcorporatie Cazas Wonen IV. Welzijnsinstelling SWOM V. GGD regio Utrecht VI. Zorg- en Veiligheidshuis Utrecht VII. Regionaal informatie- en expertise centrum (RIEC) VIII.Veiligheidsregio Utrecht (VRU) IX. Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) X. Onderwijsinstellingen (primair en middelbaar) XI. Zorginstellingen XII. Jeugdteam / De Thuisbasis
Programmaonderdeel 2.01: Brandweer en crisisbeheersing Wat willen we bereiken? 1. De samenleving keert na een ramp of crisis zo snel mogelijk terug naar normaal, door de juiste keuzes te maken in de aanloop naar en tijdens een ramp of crisis. 2. Zelfredzame inwoners zijn behulpzaam tijdens incidenten, crises en rampen om verminderd zelfredzamen te helpen. 3. Het aantal risicovolle situaties bij publieksevenementen wordt tot een minimum beperkt.
Wat gaan we ervoor doen? 1. De mate van geoefendheid van gemeentelijke sleutelfunctionarissen en het functioneren van de crisisorganisatie brengen en houden we op peil. We zorgen voor een effectieve inrichting en inzet van de crisisorganisatie. We doen dit om met name bij langdurige crises ook de reguliere gemeentelijke taken te kunnen leveren en de impact voor inwoners en bedrijven zoveel mogelijk beperken. 2. Met onze partners organiseren we trainingen, workshops en voorlichting voor inwoners over handelingsperspectief en levensreddende vaardigheden bij noodsituaties. 3. Adviseren op veiligheidsaspecten bij aanvragen van vergunningen voor (middel)grote en risicovolle publieksevenementen (zogenaamde B- en C-evenementen). Samen met de partnerdiensten organiseren van een integrale schouw voor de start van risicovolle publieksevenementen.
Programmaonderdeel 2.02: Openbare Orde en Veiligheid Wat willen we bereiken? 1. Het veiligheidsgevoel onder inwoners en ondernemers verbetert. 2. Het aantal traditionele vormen van criminaliteit (zoals woninginbraken, fietsendiefstal en vandalisme) stabiliseert of neemt af. 3. Inwoners voelen zich betrokken en verantwoordelijk voor de veiligheid in hun wijk of omgeving. 4. Situaties die kunnen leiden tot maatschappelijke onrust worden tijdig gesignaleerd en in de kiem gesmoord. 5. We zijn goed in verbinding met onze jongeren. 6. We bieden mogelijkheden aan jongeren om van een crimineel pad af te kunnen stappen. 7. Jongeren komen niet in aanraking met de georganiseerde (drugs)criminaliteit, kunnen negatieve onderlinge groepsdruk weerstaan en gebruiken geen drugs- en alcohol voor hun 18e verjaardag. 8. Inwoners kunnen rekenen op adequate zorg en maatregelen voor personen die door hun gedrag overlast en onveilige situaties veroorzaken. En weten hoe te handelen bij signalen of zorg in dergelijke situaties. 9. Afname, ontmoediging en handhaving van drugscriminaliteit. 10. Indammen of sluiten van risicolocaties en -branches. 11. Inwoners (jong en oud) en ondernemers zijn weerbaar tegen ondermijning en cybercriminaliteit. 12. De gemeente is integer en weerbaar tegen invloeden van ondermijning en werkt aan minimalisering van de kans op data- en informatielekken.
Wat gaan we ervoor doen? P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
13 | P a g i n a
1. We stimuleren meldings- en signaleringsbereidheid door inwoners en ondernemers onder andere door gerichte communicatiecampagnes of tools zoals meldmisdaad anoniem. Tweejaarlijks monitoren we middels enquête onder inwoners het veiligheidsgevoel. Daarmee kunnen we het veiligheidsgevoel door de tijd heen volgen. De eerstvolgende monitor is in 2025. 2. Het accent van onze aanpak ligt op preventie, in nauwe samenwerking met onze veiligheidspartners, inwoners en ondernemers. 3. We stimuleren de inzet van buurtbemiddeling, zodat inwoners in een vroegtijdig stadium zelf bijdragen aan de oplossing, en faciliteren burgerinitiatieven die aan dit doel bijdragen. 4. We verstevigen de informatiepositie in de gemeenschap, zodat we eventuele maatschappelijke onrust tijdig signaleren. We doen dat door verdere samenwerking met organisaties die midden in onze samenleving staan en door verder invulling te geven aan wijkmanagement. Samen met onze partners bepalen we hoe we maatschappelijke onrust gezamenlijk beheersen. We voeren bij gerichte signalen integrale controles uit gevolgd door passende handhaving. Controles op illegale bewoning en bij signalen van ondermijning hebben topprioriteit. 5. Samen met inwoners, ondernemers, jongerenwerk en jongeren werken we aan duurzame oplossingen om eventuele overlast tot een aanvaardbaar niveau te beperken.
Dit doen we onder andere door een handelingsperspectief op ter stellen en het diverse aanbod van activiteiten voor jongeren te bezien. 6. Jongeren die afglijden richting (drugs)criminaliteit of structureel ernstige overlast veroorzaken, bieden we een aanpak op persoons- en groepsniveau waarbij jongeren zowel begrensd worden als perspectief en hulp wordt geboden. 7. Met het onderwijs bespreken we hoe ouders, verzorgers en docenten de signalen van mogelijk afglijden en druggebruik gaan herkennen en wat ze daar vervolgens mee kunnen doen. Daarbij verkennen we ook óf, en zo ja met welke lesprogramma’s we de scholen kunnen faciliteren. Het horecaconvenant “Veilig uitgaan” is in 2023 afgesloten met de horecaondernemers. 8. We werken met een persoonsgerichte aanpak, samen met de zorg- en veiligheidspartner om overlast en onveilige situaties te doen stoppen. Inwoners weten waar ze terecht kunnen met signalen of zorgen die te maken hebben met onbegrepen gedrag, huiselijk geweld of kindermishandeling. 9. We versterken onze informatiepositie ten aanzien van het verstoren van criminele samenwerkingsverbanden en versterken onze integrale aanpak mede gebaseerd op “van signaal tot interventie”. Daarnaast benutten we maximaal het beschikbare instrumentarium door drugscriminaliteit strafrechtelijk, fiscaal en bestuursrechtelijk aan te pakken.
We blijven uitstralen dat drugsgebruik niet oké is Daarbij hoort ook de aanpak van (drugs-) overlast. We brengen in kaart en minimaliseren de voornaamste kwetsbaarheden en risico’s in de fysieke leefomgeving, die tot maatschappelijke ontwrichting kunnen leiden vanwege de keteneffecten. 10. We brengen risicolocaties in beeld en pakken die aan met integrale controles en handhaving. 11. We zetten campagnes op om inwoners en ondernemers verder bewust te maken van signalen en de gevolgen van ondermijning, en van de mogelijkheid situaties anoniem te melden. In samenwerking met de VNG, VRU, politie en andere partners ontwikkelen we een aanpak vanuit weerbaarheid cybercrime en online fraude. We verkennen de mogelijkheid van een meldpunt waar het midden- en kleinbedrijf (MKB) cyberincidenten kan melden. 12. We brengen de kwetsbaarheden in de gemeentelijke organisatie in beeld en ondernemen acties om deze te beheersen. Daarnaast zetten we bewustwording in de organisatie voort op signalen van ondermijning, informatieveiligheid en phishing mails.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
14 | P a g i n a
Financieel overzicht Programma 2. Openbare orde en veiligheid LASTEN (actuele begr'23)
1.311
Mutaties: Bijdrage VRU Budgetoverheveling BOA capaciteit jaarrek ening 2022 Totaal lasten Begroting 2024 BATEN (actuele begr'23) Totaal baten begroting 2024 Saldo baten en lasten voor mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Saldo baten en lasten na mutaties reserves Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2023 na vastgestelde wijzigingen
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
Rekening Begroting* Begroting 2022 2023 2024
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
(bedragen x € 1.000) Raming Raming 2026 2027
Raming 2025
1.425
1.427
1.436
1.434
1.432
1.311
1.425
75 30 1.532
75 0 1.511
75 0 1.509
75 0 1.507
63
45
54
54
54
54
63 1.248 20 1.228
45 1.380 0 1.380
54 1.478 0 1.478
54 1.457 0 1.457
54 1.455 0 1.455
54 1.454 0 1.454
0 15 -15 15 0
0 31 -31 31 0
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
1.233 1.228
1.349 1.380
1.478 1.478
1.457 1.457
1.455 1.455
1.454 1.454
M o n t f o o r t
15 | P a g i n a
2.3. Wonen en ruimte Portefeuillehouder(s): mr. P.J. van Hartskamp-de Jong, C. L. Jonkers, C. van Dalen en W. van Wikselaar
3.10 Mutatie reserve B € 506.394 L € 523.989 3.08 Begraafplaatsen B € 78.720 L € 185.175 3.07 Vergunning, handh. en milieu
3.01 Wegen en verkeer B € 27.023 L € 2.146.804 3.02 Water L € 155.672
3. Wonen en ruimte B* € 5.003.275 L* € 10.349.388
B € 357.962 L € 2.666.846 3.06 Afval B € 2.215.114 L € 1.661.413
3.05 Riolering
3.03 Economie B € 7.491 L € 413.997 3.04 Groen en speel-voorz. B € 529 L € 1.288.312
B € 1.810.042 L € 1.307.180
*) B = baten en L = lasten *) Hierboven staan de werkelijke baten en lasten per taakveld weergegeven. Voor de berekening van de kostendekkende tarieven van bijvoorbeeld afval, riolering, begraafplaatsen en vergunningen en handhaving worden er aanvullende kosten doorbelast aan de taakvelden, zoals overhead en BTW.
Ambitie Onze ambitie is om te zorgen voor leefbare kernen en een vitaal buitengebied. Voor leefbare kernen is het van belang om voldoende betaalbare woongelegenheid te hebben, voor jong en oud, voor bijzondere doelgroepen en voor personen met een zorgbehoefte. Maar ook dat de basisvoorzieningen bereikbaar zijn, de openbare ruimte functioneel en aantrekkelijk is, er ruimte is voor werkgelegenheid en er een levendige middenstand met horeca is. In een vitaal buitengebied wordt in samenhang ruimte geboden aan diverse opgaven. Onze ambitie is om te komen tot een gebiedsgerichte aanpak, waarin vraagstukken omtrent natuur, watersystemen (waterberging), energiebehoefte- en opwekking, het tegengaan van ondermijning, het beleven van het buitengebied middels recreatie en toerisme en een structureel rendabele landbouwsector worden opgepakt.
Trends en ontwikkelingen • • • • • • •
Er is een toenemende druk op de ruimte in de regio; wonen, economie, recreatie, natuur en energie vragen om steeds meer ruimte. De toenemende ruimtedruk vraagt om sterkere regionale samenwerking en afstemming. Het rijk heeft regie gepakt op ruimtelijke ordening en wonen met de Nationale woon- en bouwagenda, onder andere door aan te sturen op een substantieel aandeel betaalbare en /of sociale woningbouw. Realisatie van betaalbare woningbouw wordt lastiger vanwege stijgende prijzen en schaarse materialen. De opgave om kwetsbare inwoners te huisvesten blijft groot. Er is sprake van een nationale asielcrisis. De provincie stelt elke anderhalf jaar het Provinciaal Programma Wonen en Werken (PPWW) vast. Hierin wordt onder andere aangegeven welke locaties buitenstedelijk gerealiseerd mogen worden. Inbreng wordt regionaal afgestemd in het Regionaal Programma Wonen en werken (RPWW), voor gemeente Montfoort via de U16. Teruglopend voorzieningenniveau van de centra; er is steeds meer leegstand.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
16 | P a g i n a
• • • •
De veranderingen in het klimaat hebben invloed op de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. De provincie Utrecht heeft de concept Uitvoeringsstrategie Landelijk Gebied (ULG) opgesteld om te komen tot een gebiedsgerichte aanpak. Toenemende invloed van de opgaven volgens het klimaatakkoord; woningen van het gas, meer elektrische mobiliteit, meer herwinbare energie, verduurzaming van bestaande woningen enzovoorts. Invoering van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen op 1 januari 2024.
Kaderstellende beleidsnota’s • • • • • • • • • • • • • • • • •
Woonvisie (vastgesteld 8 juli 2019) Integraal woningbouwprogramma 2019-2030 (vastgesteld 25 oktober 2021) Omgevingsvisie Montfoort (vastgesteld 13 december 2021) (GOVI) Uitvoeringsagenda Binnenstad (2020) Beeldkwaliteitsplan Binnenstad (vastgesteld 2010) Bouwverordening (vastgesteld 2012) VTH (Vergunning Toezicht en Handhaving) beleid (vastgesteld 12 mei 2020) Huisvestingsverordening 2019 1e wijziging, vastgesteld 7 februari 2022 Algemeen plaatselijke verordening (2023) Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) (2019) Afvalstoffennota 2020 Erfgoednota (2021) Cultuurhistorische Waardenkaart (2020) Visie Recreatie & Toerisme Montfoort 2021-2024 (vastgesteld mei 2021) Lopikerwaardagenda 2024 (vastgesteld mei 2020) Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 (2021) Afwegingskader zon en wind (2021)
Verbonden partijen/ Uitvoerende partijen I. ODRU II. AVU III. Woningcorporatie Cazas IV. Woningcorporatie Woonzorg Nederland V. Ondernemers participerend in ondernemersfonds VI. Platform Duurzaam Montfoort VII. Stichting Urgentieverklaring Utrecht West (SuWu) VIII.Stichting MooiSticht IX. Georganiseerde agrariërs X. Werkgroep behoud Lopikerwaard XI. Stichting Hugo Kotestein XII. Platform Utrechtse Waarden XIII.Diverse recreatie partners (Oude Hollandse Waterlinie, Utrecht Region, enz.)
Beheer openbare ruimte Programmaonderdeel: 3.01, 3.02, 3.04 t/m 3.06 en 3.08 openbare ruimte
Beheer
Wat willen we bereiken? 1.
2. 3. 4.
We behouden veilige en functionele wegen in het buitengebied en werken volgens het beheerplan. Inzetten op een afvalscheidingspercentage van 75%. Een duurzaam en klimaatbestendig beheer van het groen. Inzet op efficiënt beheer en onderhoud van de riolering.
Wat gaan we ervoor doen? 1. We voeren systematisch klein en groot onderhoud uit aan de wegen. Daarnaast vervangen we de wegen in het buitengebied die genoemd worden in het beheerplan Wegen. 2. We zetten in op serviceniveau en communicatie, en starten een onderzoek naar mogelijkheden tot efficiëntere afvalinzameling. 3. Bij het vervangen van bomen kijken we goed naar de locatie en specifieke eigenschappen daarvan. We kiezen bomen die goed passen en beter bestand zijn tegen de veranderingen van het klimaat. Dit is een eerste start en zal uiteindelijk resulteren in een duurzaam te beheren bomenbestand. P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
17 | P a g i n a
4. Volgens ons GRP worden, ten behoeve van een efficiënt beheer, de (mini)gemalen in een deel van ons buitengebied vervangen.
Programmaonderdeel 3.03: Economie, recreatie en toerisme Economie Wat willen we bereiken? 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Behoud en versterking van de positie van de ondernemers en de maakindustrie. Behoud en versterking positie van de landbouw. Behoud en versterking van de middenstand. Versterking van de arbeidsmarkt. Goede relatie onderhouden met het bedrijfsleven. Uitbreiding van de bedrijventerreinen voor lokale bedrijven. Zorgen voor een toekomstbestendig en duurzaam economisch klimaat binnen de gemeente.
Wat willen we ervoor doen? 1. 2.
3.
4.
5.
6. 7.
We inventariseren de ruimtebehoefte en toekomstwensen van lokale ondernemers bij bedrijfsbezoeken. We brengen de wensen vanuit de lokale ondernemers en maakindustrie regionaal (U16) en provinciaal voor het voetlicht. Dit in samenwerking met het bedrijfsleven en Lopikerwaard-gemeenten. We onderhouden een goede relatie met de (georganiseerde) agrariërs en Werkgroep behoud Lopikerwaard, en gaan actief het gesprek aan over de toekomst van het buitengebied. We inventariseren wat de behoeften, wensen en knelpunten zijn. Vraagstuk daarbij is in welke vorm de agrarische kwaliteit behouden blijft, binnen de brede opgaven die in het buitengebied terecht komen, inclusief stikstofmaatregelen. We betrekken hen bij de Uitvoeringsstrategie Landelijk Gebied (ULG) van de provincie Utrecht en bij het proces om te komen tot beleid over vrijkomende agrarische bebouwing (VAB). In 2023 hebben we met (zoveel mogelijk) ondernemers, vastgoedeigenaren en andere relevante stakeholders een breed gedragen ’Toekomstbeeld Montfoort en Linschoten 2030’ opgesteld met daarin de gezamenlijke ambities en concrete doelen en kansen voor de komende jaren. Hierbij is er aandacht voor vitaliteit en toekomstbestendigheid van beide kernen door onder andere een goede mix van functies en voorzieningen. Op basis hiervan wordt er een gezamenlijk actieplan opgesteld en uitgevoerd.
In gesprek met onder andere ondernemers, branches en onderwijs onderzoeken of, en zo ja hoe, een betere match tussen vraag en aanbod gerealiseerd kan worden. Hierbij bekijken we hoe (lokale, regionale) arbeid bijdraagt aan vitaliteit van onze lokale bedrijvigheid. En we pakken lokale initiatieven voor het bevorderen van de lokale arbeidsmarkt, zoveel mogelijk gezamenlijk op met lokale initiatiefnemers. Deelname aan de ondernemersvereniging en – initiatieven. Onderdeel hiervan is het bijwonen van ledenvergaderingen en bestuursvergaderingen van het Ondernemersfonds. Actief bedrijven bezoeken met als doel het behouden en versterken van het netwerk. Ook werken we samen met het bedrijfsleven aan diverse opgaven met als doel een vitaal en toekomstbestendig bedrijfsleven in zowel Montfoort als Linschoten te behouden; In 2023 is een voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten gevestigd op de gronden ten oosten van bedrijventerrein Heeswijk. In 2024 worden de eerste plannen voor de uitbreiding opgesteld, mogelijk in samenhang met initiatiefnemers/ontwikkelaars. We stellen een economische visie op, met als doel om zowel op de huidige als toekomstige trends en ontwikkelingen in te spelen om het ondernemers- en vestigingsklimaat te versterken. Deze leggen we ter besluitvorming voor aan de raad.
Recreatie en toerisme Wat willen we bereiken? 1. 2. 3.
Aantrekkelijke gemeente zijn voor zowel inwoners als toeristen met de historische kernen Linschoten en Montfoort. Versterking recreatie en toerisme om zo de verblijfsduur van de bezoeker te verlengen. Vergroten van de bekendheid van Montfoort en Linschoten.
Wat gaan we ervoor doen? 1. We updaten het actieplan waarin we de uitvoering van de diverse onderdelen beschrijven en toelichten. De nadruk komt te liggen op het levendig houden van onze kernen. Hiervoor wordt een integraal Masterplan Vitale Kernen gemaakt. Daarnaast werken we aan een actieplan voor de recreatieve ontplooiing van het buitengebied. We nemen actief deel aan netwerken, zoals de Koersgroep (met daarin vertegenwoordigers uit de beide kernen) Visit Utrecht Region, Routebureau Utrecht, het Platform De Utrechtse Waarden en Stichting het Groene Hart. 2. We werken samen en faciliteren partners om nieuwe arrangementen op te zetten om zo de bezoekers te verleiden langer in ons gebied te blijven. We bieden een interessant arrangement en aanbod, met als speerpunten fietsen, wandelen, varen en historie. We ondersteunen en faciliteren met de beperkte middelen P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 4 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
18 | P a g i n a
gericht acties en dragen bij aan samenwerkingsinitiatieven. Zowel lokaal (bijvoorbeeld in de Koersgroep) als regionaal. 3. We blijven op zoek naar nieuwe mogelijkheden om de toeristische informatie fysiek en digitaal te ontsluiten, zoals de verspreiding van flyers op de Toeristische Informatie Punten. We zetten in op een duidelijkere profilering van onze gemeente bijvoorbeeld als historisch groene gemeente in het Groene Hart en aantrekkelijke achtertuin van Utrecht, en dragen dat ook uit richting provincie Utrecht en het nieuwe provinciale programma Recreatie & Toerisme.
Programmaonderdeel 3.07: Ruimtelijke ontwikkeling en wonen Wat willen we bereiken? 1. Leefbare vitale kernen, waarin het prettig wonen is en waar ruimte is voor diverse doelgroepen. 2. Opname van de Montfoortse woningbouwprojecten in het provinciaal programma wonen en werken, ook projecten die op langere termijn op de planning staan. 3. Een actueel beeld van de woningbehoefte met oog op lange termijn ontwikkelingen en keuzes. 4. Zorgvuldige inbedding van de nationale woonagenda. 5. De waarde en ruimtelijke kwaliteiten van gemeente Montfoort worden meegewogen in regionale en provinciale strategische visies en keuzes. 6. Een duidelijke toewijzing van (sociale) huurwoningen aan onze inwoners met aandacht voor toewijzing aan kwetsbare doelgroepen. 7. Vitaal buitengebied, dat ruimte biedt voor bij dit gebied passende ontwikkelingen, zonder het unieke karakter aan te tasten. 8. Compensatie van de lokale energiebehoefte in het kader van de energietransitie. 9. Een goede werking volgens de Omgevingswet.
Wat gaan we ervoor doen? 1. Om draagvlak te houden voor het verenigingsleven en voorzieningen, maar ook om een antwoord te bieden aan de grote vraag naar woningen, bouwen we 430 woningen voor 2030. De eisen en kwaliteiten, zoals beschreven in het Woningbouwprogramma 2019-2030 en de aanpak vanuit wonen en zorg, zijn hiervoor een belangrijke basis. Hierbij een overzicht van de projecten en in welke fase deze zich op dit moment bevinden: a. Voorbereiden van de eerste fase van uitbreidingslocatie De Bleek in Montfoort. Dit project bestaat uit circa 200 woningen. In 2024 wordt de ruimtelijke procedure afgerond en worden de eerste omgevingsvergunningen aangevraagd. Ook zullen de eerste werkzaamheden in het veld starten. b. Voorbereiden op de tweede fase van De Bleek. Dit project bestaat uit circa 300 woningen. Dit plan staat na 2030 op de planning om uitgevoerd te worden, waar mogelijk versnellen we, in overleg met de regio en provincie. c. We blijven in gesprek met de initiatiefnemers van uitbreidingslocaties Doeldijk en IJsselvreugd in Montfoort. Deze plannen staan na 2030 op de planning, waar mogelijk versnellen we, in overleg met de regio en provincie. d. Voorbereiden van uitbreiding Park Rapijnen in Linschoten. Dit project bestaat uit circa 100 woningen. In 2024 wordt de ruimtelijk procedure afgerond en worden de eerste omgevingsvergunningen aangevraagd. e.
Voorbereiden van uitbreiding Hofdijk-Lindeboomsweg in Montfoort. Dit project bestaat uit circa 50 woningen. Hiervoor wordt de haalbaarheidsstudie afgerond, het participatietraject opgestart en de ruimtelijke procedure voorbereid. f. Voorbereiden van realisatie van het maatschappelijk programma op de G. van Damstraat in Montfoort. In 2023/2024 wordt de haalbaarheidsstudie afgerond. g. Voorbereiden van realisatie van woningbouw op locatie De Goederen in Linschoten. In 2024 wordt de haalbaarheidsstudie afgerond. h. In 2024 worden de randvoorwaarden voor herontwikkeling van het Burgemeester De Geusplein in Linschoten vastgesteld. Hierna start een aanbestedingstraject om te komen tot een nieuw dorpshuis. i. In 2024 maken we vervolgafspraken met de woningcorporatie om versneld flexwoningen te realiseren. We verwachten de eerste flexwoningen in 2024 te kunnen opleveren. 2. Zowel ambtelijk als bestuurlijk in gesprek blijven over opname van de Montfoortse projecten in het Provinciaal Programma Wonen en Werken. 3. In 2023 onderzoeken we wat de woningbehoefte na 2030 is. Uitgangspunt blijft dat we alleen nieuw bouwen om de kernen leefbaar en het buitengebied vitaal te houden. 4. We bereiden ons voor op een herijking van de Woonvisie (in 2023 of 2024) vanuit de nieuwe koers van het rijk. 5.
We agenderen in de U16 en bij de provincie de onderwerpen die belangrijk zijn voor de Lopikerwaard als geheel en gemeente Montfoort in het bijzonder. 6. Besluitvorming op en uitvoering van de Huisvestingsverordening. 7. We maken, samen met de stakeholders en partners, een gebiedsplan voor een vitaal platteland. Het plan maakt het brede vraagstuk, waar ons buitengebied mee te maken heeft of gaat krijgen, inzichtelijk en beschrijft hoe daar het hoofd aan te bieden. We sluiten hierbij aan op het proces van de Uitvoeringsstrategie Landelijk Gebied van de provincie Utrecht. We stellen tevens een beleid vast over hoe om te gaan met vrijkomende agrarische bebouwing. P r o g r a m m a b e g r o t i n g