CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Nadere Regels Jeugdhulp Gemeente Molenlanden 2021

Raadsvergadering 1 juni 2021, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Verordening Jeugdhulp 202112.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

verstrekt, de jeugdhulp kan betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk.

Artikel 2.9 van de Jeugdwet biedt verder de ruimte om met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Jeugdwet nadere regels te stellen. Deze verordening maakt hier gebruik van. De Verordening Jeugdhulp kan niet los worden gezien van het Meerjarenperspectief dat de gemeenteraden op 14-02-2018 op grond van artikel 2.2 van de Jeugdwet eveneens heeft vastgesteld. Artikel 1.

Begripsbepalingen

In de Verordening Jeugdhulp wordt veel gebruik gemaakt van de aanduiding ‘jeugdige of zijn ouder'. Met ‘de jeugdige of zijn ouder’ wordt de jeugdige van 16 jaar of ouder zelfstandig bedoeld, de jeugdige met één of beide ouders (in de definitie van artikel 1 van de wet: de

gezaghebbend ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt, niet zijnde een pleegouder) voor een jeugdige tussen de 12 en de 16 jaar, of de ouder(s) namens de jeugdige bij een jeugdige jonger dan 12 jaar. Waar in de verordening wordt gesproken over 'zijn', wordt ook 'haar' bedoeld.

Onder het begrip ‘andere voorziening’ wordt in deze verordening een voorziening verstaan, die niet op grond van de Jeugdwet wordt getroffen, maar in het kader van maatschappelijke

ondersteuning, (passend) onderwijs, werk en inkomen of zorg. Zie ook artikel 2.9, onder b, van de Jeugdwet.

De definitie van ‘pgb’ is opgenomen omdat de afkorting pgb in het spraakgebruik inmiddels meer is ingeburgerd dan voluit ‘persoonsgebonden budget’.

27

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

28

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Artikel 2.

Vormen van jeugdhulp

Voorzieningen in de zin van de Jeugdwet zijn gerelateerd aan de drieledige wettelijke definitie

van jeugdhulp. Een voorziening kan daarom een breed spectrum van verschillende soorten hulp en zorg en ondersteuning betreffen. Een beschrijving is van de voorzieningen is noodzakelijk, omdat de wetgever gemeenten opdraagt ervoor te zorgen dat de burger zich een beeld kan vormen van de gemeentelijke voorzieningen in het kader van jeugdhulp.

De gemeente bepaalt welke jeugdhulp vrij toegankelijk is, de algemene voorzieningen en welke niet, de individuele voorzieningen. Dit is geregeld in artikel 2.9 onder a. van de Jeugdwet. In de

verordening is daarom opgenomen welke de algemene voorzieningen (vrij-toegankelijke) en de individuele voorzieningen zijn.

Naast de mogelijkheid om op basis van de benoemde individuele voorzieningen van lid 2 een jeugdhulpaanspraak vast te leggen, wordt met dit artikel beoogd dat er op basis van een

samenstelling van voorzieningen, jeugdhulp kan worden verleend. Denk daarbij aan het bieden van een zorgprogramma waarin bijvoorbeeld verblijf, ambulante jeugdhulp en begeleiding is opgenomen. Ook het werken met zorgprofielen valt hieronder. Dit voorziet er in om aan de aanvrager een besluit te kunnen sturen op basis een zorgprofiel in plaats van een aantal

separate individuele voorzieningen. De duiding van de in te zetten jeugdhulp wordt vastgelegd in het actieplan, wat samen met de aanvrager is opgesteld. Algemene voorziening

Er zijn twee algemene voorzieningen in de verordening opgenomen. Eén algemene voorziening is het jeugdteam. Het jeugdteam is een team bestaande uit jeugdhulpverleners met

verschillende achtergronden. In sommige gemeenten wordt gewerkt met sociale (wijk)teams en

dergelijke, waarvan het jeugdteam onderdeel uitmaakt of waarin het jeugdteam is ingebed. Van het jeugd-/ sociaal team kunnen de jeugdige of zijn ouder gebruik van maken zonder dat zij daarvoor een verwijzing of een besluit van de gemeente nodig hebben. De jeugdige of zijn

ouder kunnen zich voor deze jeugdhulp dus rechtstreeks tot het jeugd-/ sociaal team wenden. De andere algemene voorziening is de behandeling van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie. Dit

wordt ingezet door de samenwerkingsverbanden in het onderwijs. Verwijzing naar diagnostiek en de behandeling voor Ernstige Enkelvoudige Dyslexie wordt in gang gezet door de school waar de jeugdige onderwijs heeft. Individuele voorziening

Voor de individuele voorzieningen wordt door de jeugdprofessional, gecertificeerde instelling

dan wel door de huisarts, medisch specialist of jeugdarts eerst beoordeeld of de jeugdige en/of zijn ouder(s) deze ondersteuning daadwerkelijk nodig hebben. Vervoer naar en van de locatie van een jeugdhulpaanbieder

In de Jeugdwet is in artikel 2.3 lid 2 geregeld dat het college vervoer naar en van de locatie van een jeugdhulpaanbieder organiseert indien er een medische noodzaak of beperking in de zelfredzaamheid is. Dit artikel geeft daar invulling aan. Artikel 3.

Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts

De Jeugdwet regelt dat jeugdhulp toegankelijk is na een verwijzing door de huisarts, de

medisch specialist en de jeugdarts. Dit geldt zowel voor de algemene voorzieningen als de individuele voorzieningen. Met een dergelijke verwijzing kan de jeugdige rechtstreeks

29

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

aankloppen bij de jeugdhulpaanbieders die de gemeente heeft gecontracteerd. Het staat echter nog niet vast welke specifieke vorm van jeugdhulp een jeugdige of zijn ouder precies nodig heeft. In de praktijk is het de jeugdhulpaanbieder die op basis van zijn professionele

autonomie na de verwijzing beoordeelt welke hulp, zorg en ondersteuning daadwerkelijk nodig is. Bij deze beoordeling dient de jeugdhulpaanbieder zich te houden aan de afspraken die hij daarover met de gemeente heeft gemaakt in het kader van de contractrelatie, maar ook de

kwaliteitsafspraken in de Jeugdwet, het besluit Jeugdwet en de afspraken van zijn branche.

30

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Artikel 4.

Toegang jeugdhulp via het college

Een hulpvraag van een jeugdige of zijn ouder kan binnenkomen bij het college. De beslissing op de aanvraag door het college welke zorg een jeugdige of zijn ouder precies nodig heeft,

komt vervolgens tot stand op basis van de informatie die in samenspraak met de jeugdige en zijn ouders door het doen van onderzoek wordt verkregen. Hoe het onderzoek wordt gedaan wordt beschreven in artikel 5. Artikel 5.

Onderzoek

Dit artikel is bedoeld om te waarborgen dat een zorgvuldige procedure wordt gevolgd om vast te stellen of het college een voorziening voor jeugdhulp wil inzetten.

De Jeugdwet kent geen recht op jeugdhulp. Het college heeft een jeugdhulpplicht op basis van artikel 2.3 van de Jeugdwet als de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de jeugdige en zijn ouder ontoereikend zijn. In de artikelen 5 tot en met 8 is beschreven welke procedure wordt gevolgd om dit vast te stellen.

In het kader van de rechtmatigheid wordt de identiteit van de jeugdige vastgesteld aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.

De beslissing door het college welke jeugdhulp een jeugdige wordt toegekend, komt tot stand

op basis van de informatie die in samenspraak met de jeugdige en zijn ouder wordt verkregen. Hierbij is de deskundigheid van het sociaal team leidend om te komen tot een advies welke

jeugdhulp nodig is. Zo nodig worden andere deskundigen ingeschakeld om te komen tot een deskundige afweging.

Hiermee kan ten onrechte de schijn worden gewekt dat het telkens om een uitvoerig, onnodig bureaucratische proces gaat. Dit is echter geenszins de bedoeling. Het onderzoek kan

afhankelijk van de strekking van de vraag meer of minder uitgebreid zijn. Er kan bijvoorbeeld

sprake zijn van één of meerdere opeenvolgende gesprekken. Een onderzoek is uiteindelijk wel in enige vorm nodig, omdat voor een zorgvuldig te nemen besluit het van belang is dat alle

feiten en omstandigheden van de specifieke hulpvraag zijn onderzocht. Daarvoor zijn ook de artikelen over het verslag en actieplan (artikel 6) en indienen aanvraag (artikel 7) opgenomen met het oog op een zorgvuldige procedure en in het belang van een zorgvuldige dossiervorming.

In de gezondheidszorg bestaat de mogelijkheid om een second opinion aan te vragen als men wil weten wat de mening is van een andere dan de eigen hulpverlener over een bepaalde

hulpvraag. Een dergelijke second opinion is ook mogelijk bij aanvragen voor jeugdhulp, als de jeugdige en/of zijn ouder het niet eens is met advies van de jeugdprofessional dat wordt

gegeven in opvolging van de hulpvraag. Een second opinion kan plaatsvinden binnen het

betreffende sociaal team, maar ook bij een ander jeugdteam uit de regio Zuid-Holland Zuid. Artikel 6.

Verslag en actieplan

Dit artikel is opgenomen in het belang van zorgvuldige dossiervorming. Een goede weergave

van het onderzoek maakt het voor het college mogelijk een passende beslissing te nemen op

een aanvraag en draagt bij aan een inzichtelijke communicatie met de jeugdige of zijn ouder. De weergave van het onderzoek varieert met de uitgebreidheid van het onderzoek. Dit artikel heeft zeker niet de bedoeling de procedure onnodig lang en zwaar te maken, als de

problematiek van de jeugdige of zijn ouder dit niet billijken. De weergave van het onderzoek kan bijvoorbeeld heel beperkt zijn als de jeugdige en zijn ouder van mening zijn goed

31

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

geholpen te zijn en de uitkomst is dat geen aanvraag van een individuele voorziening

noodzakelijk is. In deze gevallen wordt er zo nodig alleen een verslag van het gesprek aan de jeugdige en zijn ouder overhandigd.

Bij meer complexe onderzoeken, waarbij tevens de uitkomst is dat er een individuele voorziening nodig is, dat wil zeggen jeugdhulp uit de regionale zorgmarkt, wordt dit

vastgelegd in een actieplan. Het actieplan kan tevens door de jeugdige en zijn ouder worden

gebruikt om een aanvraag in te dienen. Door ondertekening van het actieplan door de jeugdige of zijn ouder wordt dit bekrachtigd, zie verder artikel 7.

32

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Artikel 7.

Indienen aanvraag individuele voorziening jeugdhulp

Er is voor gekozen om de aanvraagprocedure eenduidig te laten zijn door het onderzoek van het sociaal team altijd vooraf te laten gaan aan de aanvraag van een individuele voorziening. Hierdoor wordt inzichtelijk of en zo ja de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend

vermogen ontoereikend zijn en het college is gehouden een voorziening jeugdhulp te treffen. Deze werkwijze is gelijk aan de Wmo.

De aanvraag voor een individuele voorziening wordt altijd schriftelijk ingediend. Het

ondertekende actieplan kan hiervoor worden gebruikt. Een aanvraag is nodig om een

verleningsbeschikking voor een individuele voorziening te krijgen, dat wil zeggen dat de

jeugdige een brief krijgt waarin is vastgelegd welke jeugdhulp uit de regionale zorgmarkt is toegekend.

In de Verordening Jeugdhulp is geen termijn opgenomen om te beslissen op de aanvraag. De

termijnen uit de Awb gelden onverkort, dat wil zeggen dat de beslistermijn 8 weken is nadat de aanvraag is ingediend, zoals in artikel 4:13 van de Awb is bepaald. Als de beschikking niet

binnen acht weken kan worden gegeven, wordt dit binnen deze termijn aan de jeugdige of zijn ouder meegedeeld. Daarbij wordt de termijn genoemd waarbinnen de beschikking wel

tegemoet kan worden gezien (artikel 4:14, derde lid, van de Awb). Deze termijnen zijn

maximumtermijnen. Als de voorziening eerder kan worden verleend, heeft dat de voorkeur. Artikel 8.

Regels voor de levering van een individuele voorziening met een pgb

In artikel 8.1.1. van de Jeugdwet is vastgelegd dat aan de jeugdige een pgb verstrekt kan

worden. De voorwaarde is dat zij moeten kunnen motiveren waarom de jeugdige of zijn ouder de individuele voorziening die wordt geleverd door een aanbieder, niet passend vinden. Het pgb stelt de jeugdige of zijn ouder in staat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening

behoort zelf te organiseren. Dit kan onder de voorwaarde dat de jeugdhulp die de jeugdige van het pgb wil betrekken, van goede kwaliteit is.

De gemeenteraad heeft de opdracht de wijze waarop de hoogte van het pgb wordt bepaald in de verordening vast te leggen. Dit is geregeld in dit artikel. Artikel 9.

Bijstorting kosten

Als de jeugdige of zijn ouder met een pgb een jeugdhulpaanbieder willen contracteren die een hoger tarief per eenheid jeugdhulp vraagt dan wordt vergoed, is dit mogelijk. De meerkosten

boven het vergoede tarief worden de jeugdige of zijn ouder zelf betaald. Dit wordt vastgelegd in het actieplan. Artikel 10.

Inhoud beschikking

Als de jeugdige of zijn ouder een aanvraag bij het college indienen, verstuurt het college een schriftelijke beschikking. De beschikking is het besluit waardoor de jeugdige of zijn ouders

weten welke voorziening is toegekend. Dit is zowel van toepassing voor de voorzieningen die in natura worden toegekend als via een pgb.

De jeugdige of zijn ouder kunnen tegen de beschikking bezwaar maken, als zij het niet eens zijn met de toekenning of afwijzing. De mogelijkheid om bezwaar in te dienen tegen de

beschikking en ook de daaropvolgende mogelijkheid van beroep bij de rechter is geregeld in de Awb en geldt in beginsel voor alle beschikkingen.

33

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Artikel 11.

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering

Als het de jeugdige of zijn ouder redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat er feiten en

omstandigheden, of daarin opgetreden wijzigingen, zijn die van invloed kunnen zijn op de

toekenning van de individuele voorziening of het daaraan gekoppelde pgb, dienen zij dit direct aan het college te melden. Verstrekken zij niet direct uit eigen beweging of op verzoek van het college alle gevraagde inlichtingen en bewijsstukken, dan kan dat gevolgen hebben voor de toekenning van de voorziening of het daaraan gekoppelde pgb.

Het college kan niet alleen bij een aanvraag, maar ook in andere stadia concrete informatie en bewijsstukken van de belanghebbende vragen. Het behoort tot de gemeentelijke

verantwoordelijkheid misbruik van de geboden voorzieningen te voorkomen en, waar nodig, op te treden tegen onterecht gebruik van individuele voorzieningen of persoonsgebonden

budgetten. Een zorgvuldig gebruik van collectieve middelen is wezenlijk voor het draagvlak daarvan.

Artikel 12.

Fraude en handhaving

De jeugdige of zijn ouder hebben de verplichting om relevante wijzigingen te melden, die kunnen leiden tot een wijziging van de toekenning. Dit is geregeld in artikel 11.

Dit artikel gaat nader op het voeren van onderzoek door het college om zelf te kunnen

vaststellen of er rechtmatig van een voorziening door een jeugdige of zijn ouder gebruik is gemaakt. Ook het onderzoek naar de rechtmatige besteding van jeugdhulpmiddelen door jeugdhulpaanbieders wordt geregeld. Artikel 13.

Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders

kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering

Het college kan de uitvoering van de Jeugdwet, met uitzondering van de vaststelling van de

rechten en plichten van de jeugdige of zijn ouders, door derden laten verrichten (artikel 2.11, eerste lid, van de Jeugdwet). Voor jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen of

jeugdreclassering moeten bij verordening regels worden vastgesteld ter waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de jeugdhulp, een kinderbeschermingsmaatregel of

jeugdreclassering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan (artikel 2.12 va de

Jeugdwet). Daarbij dient in ieder geval rekening gehouden te worden met de deskundigheid van de beroepskrachten en de toepasselijke arbeidsvoorwaarden.

Om te voorkomen dat er alleen gekeken wordt naar de laagste prijs voor de uitvoering wordt in dit artikel een aantal andere aspecten genoemd waarmee het college bij het vaststellen van tarieven rekening dient te houden. Hiermee wordt een reële kostprijs voor de activiteiten.

Uitgangspunt is dat de aanbieder kundig personeel inzet tegen de arbeidsvoorwaarden die

passen bij de vereiste vaardigheden. Hiervoor is ten minste een beeld nodig van de vereiste activiteiten en de arbeidsvoorwaarden die daarbij horen. Dit biedt een waarborg voor

werknemers dat hun werkzaamheden aansluiten bij de daarvoor geldende arbeidsvoorwaarden. Artikel 14.

Vertrouwenspersoon

Met de vertrouwenspersoon wordt een functionaris bedoeld, waarbij onafhankelijkheid,

beschikbaarheid en toegankelijkheid belangrijke factoren zijn voor een goede invulling van deze functie.

Met een vertrouwenspersoon wordt daarnaast ook wel bedoeld iemand die het vertrouwen van

de hulpvrager heeft en die de hulpvrager met raad en daad terzijde staat (belangenbehartiger).

34

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Op deze vertrouwenspersoon heeft de verordening geen betrekking. De hulpvrager kan een dergelijke vertrouwenspersoon meenemen naar gesprekken e.d. Als daaraan kosten zijn verbonden, dan zijn die voor eigen rekening van de hulpvrager. De toegang tot de onafhankelijke vertrouwenspersoon is kosteloos. Artikel 15.

Klachtregeling

De gemeente is op grond van de Awb in het algemeen verplicht tot een behoorlijke behandeling van mondelinge en schriftelijke klachten over gedragingen van personen en bestuursorganen die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn.

In hoofdstuk 9 van de Awb zijn de regels vastgelegd over klachtbehandeling en de

mogelijkheid om na de afhandeling van de klacht de bevoegde ombudsman te verzoeken een onderzoek in te stellen. Daarom wordt in deze verordening volstaan met dit artikel. Daarnaast verplicht de Jeugdwet in artikel 4.2.1. e.v. de jeugdhulpaanbieders een

klachtenregeling op te stellen. In de regel wordt eerst de jeugdhulpaanbieder aangesproken bij klachten over de wijze van behandeling. Pas wanneer dit klachtrecht niet bevredigend is, of bij gedragingen van gemeenteambtenaren, dan komt de gemeentelijke klachtmogelijkheid in zicht.

35

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

Artikel 16.

Inspraak en medezeggenschap

In het eerste lid wordt verwezen naar de, in artikel 150 van de Gemeentewet, vastgestelde

inspraakverordening. Zo wordt gewaarborgd dat eenzelfde inspraakprocedure geldt voor het jeugdhulpbeleid als op andere beleidsterreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Met het vierde lid wordt het aan het college overgelaten om de exacte invulling van de medezeggenschap vorm te geven. Artikel 17.

Evaluatie

Het college evalueert eenmaal per beleidsperiode het gevoerde beleid. Het college zendt het evaluatieverslag na vaststelling daarvan naar de gemeenteraad, die op basis van het

evaluatieverslag kan beoordelen of de verordening doeltreffend is en wat de effecten van het werken met de verordening in de praktijk zijn. Zo nodig worden aanpassingen in de

verordening doorgevoerd. Hierdoor wordt gewaarborgd dat de regels van de gemeente passend blijven bij ontwikkelingen die lokaal, regionaal of landelijk zich kunnen voordoen. Artikel 18.

Hardheidsclausule

Dit artikel biedt het college de mogelijkheid om in uitzonderlijke gevallen een besluit te nemen in afwijking van deze verordening. Het college kan dit doen als het volgen van de verordening zou leiden tot een zeer onwenselijke gezinssituatie of situatie voor jeugdige.

********

36

Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=bc04d627-b6bf-43b4-8425-3e33c32cbcb5