CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Molenwaards kookboek (2016)

Raadsvergadering 19 september 2023, gemeente MolenlandenBij agendapunt: 6f. Uitgangspunten voor actualisatie en opstellen van een nieuw document Landschappelijke kwaliteit buitengebied17.929 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hoe hoopt u dat Molenwaard er over 100 jaar uit ziet? Als het goed is, is het dan nog altijd geen openluchtreservaat, blijft er ruimte voor ontwikkeling. Stel dat ik over 100 jaar zou kunnen terug kijken dan hoop ik dat er nieuwe monumenten gebouwd zijn. Dat is niet hetzelfde als nagebouwde monumentale boerderijen. Het is de kunst om de ontwikkeling in de landschappelijke context te plaatsen. Er moet ruimte zijn voor nieuwe ontwikkelingen maar wel binnen de historie van dit gebied. Mogelijk dat die toekomstige monumenten nu stof doen opwaaien, maar misschien deden die huidige monumenten dat op het moment van bouwen ook wel. Ik zou graag over 100 jaar nog eens achterom willen kijken.

Welke boodschap heeft u voor het kookboek? Er komt een wetswijziging waarbij welstand niet langer verplicht is. Ik hoop dat het hierdoor niet te vrijblijvend wordt hoe we met het landschap omgaan. Ik hoop dat er ontregeld wordt op de dingen waarop dat kan. Zo vind ik niet dat er voor elke dakkapel in de dorpskern een lange procedure nodig is. Dingen die niet zo kwetsbaar zijn daar moeten de mensen wat meer ruimte krijgen om te ontwikkelen. Waar je trots op bent, wat je wilt behouden, daar M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 67

recepten

3. inbreiding in lint

Kwaliteiten - stap 4 Inbreiding in lint De historische linten kennen een menging van functies en een grote afwisseling in maat en ouderdom. Het water speelt een belangrijke rol in het beeld van het lint. Ook binnen het lint is sprake van verscheidenheid. Vaak kent het lint een ‘centrumdeel’, waar de bebouwing dichter naast elkaar staat met relatief smalle doorzichten. Naar de uiteinden verdunt het lint en worden doorzichten talrijker en breder en maken voormalige (hennep)akkertjes en geriefhoutbosjes deel uit van het doorzicht. Vanuit het thema wonen en werken spelen er ontwikkelingen om het bestaande lint verder in te breiden door het bijplaatsen van woningen op een bestaand erf of het ontwikkelen van woningen op een lege (agrarische) kavel.

Kleinschalig en gemengde samenstelling

Doorzichten naar het landschap

Aanwezigheid van water en erfbeplanting

Slootdemping of verlies aan natuurlijke oevers

Verlies aan gebiedseigen bouwstijl

Gebruik natuurlijke materialen

Breng streekeigen inheemse erfbeplanting aan

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Verlies aan doorzichten door verdichting

Opbouw van een historisch lint

Doorzichten naar het achterland

Referenties - stap 5

Historisch boerderijlint Graafstroom Streekeigen erfbeplanting Achterwetering

Huidige situatie 68 |

Pas de maat, schaal en vormgeving aan op het lint en de kavel

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 69

recepten

3. inbreiding in lint

ontwikkeling

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Sluit aan op het verkavelingspatroon en de verkavelingsrichting. • Behoud poldersloten en de eventueel aanwezige streekeigen landschapselementen. • Behoud de doorzichten naar het achterliggende landschap, voorkom dat het lint zich tot een aaneengesloten bebouwing ontwikkelt. In het centrale deel mogen de doorzichten smaller en incidenteel zijn, naar de randen moeten de doorzichten breder en veelvuldiger zijn.

bouwstenen

leibomen solitaire boom

Uitstraling • Sluit met de ontwikkeling aan bij het dorpse karakter van het lint. • Sluit met de schaal en maat aan op de karakteristieken van het lint. Analyseer de maat van de panden grenzend aan de voorgenomen ontwikkeling (5 panden ter weerszijden, 10 panden tegenover) met een vergelijkbare functie en overschrijdt de gemiddelde maat niet met meer dan 20%. • Sluit aan op de karakteristieken van het lint (situering, rooilijn, nokrichting, goothoogte en kapvorm). • Kijk goed naar de positie in het lint. Koester het verschil in karakter tussen het meer dorpse lint in het centrum en het meer landelijke lint aan uiteinden. In het centrum deel van het lint is binnen de karakteristiek van dorps bouwen een wat groter volume tot maximaal 3 bouwlagen inclusief kap denkbaar. Buiten het centrum geldt een maximale hoogte van 2 bouwlagen. • In het centrumdeel kan dichter aan de weg worden gebouwd, richting buitengebied is een grotere afstand tot de weg gewenst, een groen voorterrein versterkt het dorpse karakter van het lint. • Sluit in kleur, materiaalgebruik, vorm en detaillering aan bij de karakteristieken van het lint. Dat betekent een keuze voor natuurlijke materialen (baksteen, hout, gebakken pannen, riet). Inpassingsmaatregelen • Zorg dat de ontwikkeling het zicht op essentiële elementen niet blokkeert. • Sluit de kavelvorm aan bij de bestaande verkaveling.

• Bouw niet voorbij de wetering. • Plaats nieuwe woningen op een bestaand erf in de tweede lijn achter op het erf. • Ontwikkel een groene voortuin en zorg richting het open landschap voor een groene erfafscheiding samengesteld uit streekeigen inheemse erfbeplanting, voorkom een overmaat aan schuurtjes en schuttingen. • Herstel waar mogelijk het slagenlandschap door een nieuwe sloot langs de kavel in te passen. • Investeer in natuurlijke oevers en voorkom harde beschoeiing. Plaats, waar beschoeiing toch noodzakelijk is, deze zo laag mogelijk bij de waterlijn en gebruik bij voorkeur een natuurlijk ogende beschoeiing of een streekeigen vorm van beschoeiing (wilgenvlechtwerk). • Pas het parkeren op een slimme manier in de erfinrichting in, bijvoorbeeld uit het zicht achter op het erf, of ingepast in bestaande schuren. • Voorkom dubbele opritten en pas de entree aan op de karakteristieken van het lint. 70 |

achtererf

voorerf

sier- of boomgaard haag moestuin

knot- houtstrook bomen

bomenrij watergang

doo

rkijk

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 71

recepten

3. inbreiding in lint

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7

Zichtlijn naar achterliggend landschap

Streekeigen erfbeplanting Kavelsloot met natuurlijke oever

Parkeren uit het zicht

Doorzicht naar de woning

Nieuwe woningen Hagen als afscheiding van het voorerf Fruitbomen in voortuin

Leibomen Aantrekkelijk voorerf

Ontwikkel een groene voortuin. Sluit de kavelvorm aan bij de bestaande verkaveling. Breng streekeigen inheemse erfbeplanting aan om en investeer in natuurlijke oevers. Behoud en versterk zichtlijnen.

Ontwikkelingsmogelijkheid 1

Bouw niet voorbij de wetering. Pas de maat en schaal aan op de karakteristieken van het lint.

Plaats nieuwe woningen op een bestaand erf in de tweede lijn achter op het erf.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 72 |

Legenda

Wees terughoudend in kleur- en materiaalgebruik, gebruik natuurlijke materialen.

woonfunctie

solitaire boom

landweg

agrarische functie/schuur

boomgaard

zichtlijn

Pas het parkeren op een slimme manier in de erfinrichting in, uit het zicht of ingepast in bestaande schuren.

niet agrarische bedrijvigheid

bomenrij

boerenerf

nieuwe woonfunctie

verharde weg

verharding op erf

parkeerplaats

watergang

brug

nieuwe of verbrede watergang

Voorkom dubbele opritten en pas de entree aan op de karakteristieken van het lint.

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 73

recepten

4. uitbreiding bedrijvigheid in lint

Kwaliteiten - stap 4 Uitbreiden bedrijvigheid in lint De historische linten zijn vanouds gemengd van samenstelling, met een variatie in maat en schaal en een afwisseling in beeld. In die zin is het opnamevermogen van het lint groot, maar niet onbeperkt. Vanuit het thema wonen en werken kan het inpassen van extra bedrijfspanden of een functieverandering van bestaande opstallen aan de orde zijn.

Kleinschalig en gemengde samenstelling

Doorzichten naar het landschap

Aanwezigheid van water en erfbeplanting

Verlies aan doorzichten door verdichting

Harde overgang naar het landschap

Pas een ingetogen kleur- en materiaalgebruik toe

Maak gebruik van bestaande schuren of panden

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Maat en schaal niet passend bij het lint

Opbouw van een historisch lint

Doorzichten naar het achterland

Referenties - stap 5

Historisch boerderijlint Graafstroom Streekeigen erfbeplanting Achterwetering

Huidige situatie 74 |

Realiseer nieuwe bebouwing in de tweede linie achter op de kavel

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 75

recepten

4. uitbreiding bedrijvigheid in lint

ontwikkeling

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Behoud poldersloten en de eventueel aanwezige streekeigen landschapselementen. • Behoud de doorzichten naar het achterliggende landschap, voorkom dat het lint zich tot een aaneengesloten bebouwing ontwikkelt. In het centrale deel mogen de doorzichten smaller en incidenteel zijn, naar de randen moeten de doorzichten breder en veelvuldiger zijn.

bouwstenen

leibomen solitaire boom

Uitstraling • Sluit met de ontwikkeling aan bij het dorpse karakter van het lint. . • Sluit met de schaal en maat aan op de karakteristieken van het lint. Analyseer de maat van de panden grenzend aan de voorgenomen ontwikkeling (5 panden ter weerszijden, 10 panden tegenover) met een vergelijkbare functie en overschrijdt de gemiddelde maat niet met meer dan 20 %. • Zoek bij grotere volumes (7.500-10.000 m3) naar architectonische middelen om het volume te geleden en qua maat en schaal te laten harmoniëren met de overige bebouwing in het lint. • Sluit aan op de karakteristieken van het lint (situering, rooilijn, nokrichting en kapvorm). • Kijk goed naar de positie in het lint. Het verschil in karakter tussen de dorpse linten in het centrum en de meer landelijke linten buiten het centrum wordt gekoesterd. In het centrum deel van het lint is binnen de karakteristiek van dorps bouwen ook een wat groter volume tot maximaal 3 bouwlagen denkbaar. Buiten het centrum geldt een maximale hoogte van 2 bouwlagen. • In het centrum deel kan dichter aan de weg worden gebouwd, richting buitengebied is een grotere afstand tot de weg gewenst, met een groen voorterrein. • Sluit in kleur, materiaalgebruik, vorm en detaillering aan bij de karakteristieken van het lint. Dat betekent een keuze voor natuurlijke materialen (baksteen, hout, gebakken pannen, riet).

Anders dan in de stad is hier geen plaats voor al te opzichtige vormgeving of dominant aanwezige reclame-uitingen. Behoud het gemengde karakter met lichte bedrijvigheid. Verplaats een bedrijf naar een bedrijventerrein wanneer de maat en schaal te groot wordt en de dorpse schaal ontstijgt of wanneer de verkeersafwikkeling van het bedrijf tot te grote overlast in het lint leidt. Inpassingsmaatregelen • Realiseer nieuwe bedrijfspanden op ruime afstand van de weg zodat het groene karakter van het lint behouden blijft. • Realiseer nieuwe bedrijfspanden in de richting van de verkaveling of in dezelfde lijn als de bestaande panden achter op het erf. • Bouw bij voorkeur niet voorbij de wetering. • Breng streekeigen inheemse erfbeplanting aan om de overgang naar de omgeving te verzachten. • Herstel waar mogelijk het slagenlandschap door een nieuwe sloot langs de kavel in te passen. • Investeer in natuurlijke oevers en voorkom harde beschoeiing. Plaats, waar beschoeiing toch noodzakelijk is, deze zo laag mogelijk bij de waterlijn. • Ontwikkel een groen voorterrein. • Situeer het parkeren uit het zicht achter op het erf. • Voorkom dubbele opritten en pas de entree aan op het lint. • Behoud het huidige wegprofiel van het lint en voorkom verbredingen. • | 76

achtererf

voorerf

sier- of boomgaard haag moestuin

knot- houtstrook bomen

bomenrij watergang

doo

rkijk

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 77

recepten

4. uitbreiding bedrijvigheid in lint

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7

Sluit de kavelvorm aan bij de bestaande verkaveling. Breng streekeigen inheemse erfbeplanting aan en investeer in natuurlijke oevers.

Groen voorterrein

Herstel waar mogelijk het slagenlandschap door een nieuwe sloot langs de kavel in te passen.

Parkeren uit het zicht

Ontwikkel een groen voorterrein.

Bedrijfspand met zadeldak Doorzicht naar bedrijfspand

Bouw bij voorkeur niet voorbij de wetering.

Streekeigen erfbeplanting Kavelsloot met natuurlijke oever Zichtlijn naar achterliggend landschap

Behoud en versterk zichtlijnen. Ontwikkelingsmogelijkheid 1

Pas de maat en schaal aan op de karakteristieken van het lint. Wees terughoudend in kleur- en materiaalgebruik, gebruik natuurlijke materialen. Plaats nieuwe bedrijfspanden in de richting van de verkaveling of in lijn als de bestaande panden achter op het erf.

Plaats nieuwe bedrijfspanden op ruime afstand van de weg zodat het groene karakter van het lint behouden blijft.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 78 |

Legenda

Pas het parkeren op een slimme manier in de erfinrichting in, uit het zicht of ingepast in bestaande schuren.

woonfunctie

solitaire boom

landweg

agrarische functie/schuur

boomgaard

zichtlijn

Voorkom dubbele opritten en pas de entree aan op de karakteristieken van het lint.

niet agrarische bedrijvigheid

bomenrij

boerenerf

nieuwe bedrijfsfunctie

verharde weg

verharding op erf

parkeerplaats

watergang

uitbreidingswens

brug

nieuwe of verbrede watergang M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 79

recepten

5. vrijkomende agrarische bebouwing

Kwaliteiten - stap 4 Vrijkomende agrarische bebouwing In de oude linten komt door bedrijfsbeëindiging of bedrijfsverplaatsing agrarische bebouwing vrij. Vaak zijn dit cultuurhistorisch waardevolle boerderijen. Deze vaak monumentale boerderijen zijn niet alleen voor het beeld van het betreffende lint, maar eigenlijk voor de identiteit van Molenwaard als geheel van grote betekenis. Behoud en herstel van deze boerderijen en hun bijbehorende erven geniet dan ook prioriteit. Vaak kampen deze boerderijen met veel achterstallig onderhoud. Het geschikt maken van deze boerderijen voor bewoning en/of lichte bedrijvigheid vergt een forse investering. Doorgaans staan deze kosten bewoning door 1 gezin in de weg. Daarbij is de boerderij met bijgebouwen meestal ook te groot voor bewoning door 1 gezin. Daarom is bewoning door meerdere gezinnen, of bewoning in combinatie met praktijk / werkplaats aan huis, een denkbare optie, onder voorwaarde dat boerderij en erf integraal worden opgeknapt, opdat de boerderij weer kan stralen in het lint. Boerderijen als iconen van het landschap

Van oudsher gebouwd op de hogere delen

Herkenbare indeling tussen voor- en achtererf

Beperkte ontwikkelruimte

Verlies van kenmerkende erfindeling door nieuwe gebouwen

Ontwikkel nieuwe bebouwing in bestaande schuren

Plaats nieuwe bebouwing in samenhang achter op het erf

Knelpunten- -stap Knelpunten stap44

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Monumentale panden kampen vaak met achterstallig onderhoud

Historische boerderij

Referenties - stap 5

Representatief voorerf Graafstroom

Streekeigen erfbeplanting Achterwetering Doorzichten naar het achterland Huidige situatie 80 |

Investeer in een aantrekkelijk voorerf

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 81

recepten

5. vrijkomende agrarische bebouwing

ontwikkeling

Richtlijnen - stap 6

bouwstenen achtererf

voorerf

Landschappelijke patronen • Behoud poldersloten en eventueel aanwezige streekeigen landschapselementen. • Behoud doorzichten naar het achterliggende landschap. Uitstraling • Behoud of herstel zoveel mogelijk het karakter van de oorspronkelijke boerderij, bijgebouwen en erf, zonder hierin door te slaan. Voorkom dat boerderij en erf authentieker worden dan dat ze ooit zijn geweest. • Ontwikkel boerderij en erf tot een sterk samenhangend geheel. • Behoud de kenmerkende hiërarchie tussen voorhuis, achterhuis, schuur, stallen en bijgebouwen. • Behoud het onderscheid tussen een representatief voorerf en een meer landelijk / functioneel achtererf.

leibomen solitaire boom

sier- of boomgaard haag moestuin

knot- houtstrook bomen

bomenrij watergang

door

kijk

Inpassingsmaatregelen • Behoud de samenhang van de boerderij en het erf. • Wanneer binnen de boerderij verschillende wooneenheden worden ontwikkeld moet de boerderij zich als een ongedeelde eenheid laten lezen, en niet als een verzameling van wooneenheden. Dat betekent onder meer dat de boerderij in beeld over slechts één hoofdentree / voordeur kan beschikken. • Wanneer het erf voldoende ruimte biedt en dit vanuit de financiële haalbaarheid noodzakelijk is dan kunnen de mogelijkheden van het ontwikkelen van extra bebouwing worden onderzocht. Deze toegevoegde bebouwing toont zich dan als een ondergeschikt bouwvolume, als ware het een aan de boerderij ondergeschikt bijgebouw. Dit uit zich in omvang, architectonische uitwerking en materiaalgebruik. De historische boerderij is het pronkstuk van het ensemble, rijker gedetailleerd, met een hoogwaardig materiaalgebruik. De overige bebouwing is daaraan ondergeschikt en kent een meer utilitaire uitstraling. De nieuwe bebouwing laat zich lezen als een van oudsher aanwezig utilitair bijgebouw. • Behoud het samenhangende en ongedeelde karakter van het erf en voorkom dat deze zich laat lezen als een reeks van tuintjes. Dat betekent dat er geen ruimte is voor afscheidingen / schuttingen binnen het eigen erf.

• Behoud en versterk streekeigen erfinrichting en erfbeplanting, representatieve beplanting op het voorerf en landschappelijke beplanting op zij- en achtererf. • Pas het parkeren op een vanzelfsprekende manier in de boerderij of op het erf in. Inpandig in de boerderij zelf, of in een eigen gebouw op het erf, als ware het een eigentijdse wagenschuur, of slim opgenomen in het tuinontwerp (parkeren in de bongerd, parkeren als onderdeel van een hagentuin).

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen 82 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 83

recepten

5. vrijkomende agrarische bebouwing

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7

Behoud de samenhang en het ongedeelde karakter van de boerderij en het erf.

Hagen als afscheiding van het voorerf Representatief voorerf Fruitbomen in voortuin

Behoud en versterk de representatieve beplanting op het voorerf. Breng streekeigen inheemse erfbeplanting aan en investeer in natuurlijke oevers.

Doorzicht naar de boerderij

Nieuwe bebouwing ondergeschikt aan boerderij

Herstel waar mogelijk het slagenlandschap door een nieuwe sloot langs de kavel in te passen.

Landschappelijke streekeigen erfbeplanting Herontwikkeling van bestaande schuur tot meerdere wooneenheden

Parkeren uit het zicht

Kavelsloot met natuurlijke oever Boomweide

Behoud en versterk zichtlijnen. Ontwikkelingsmogelijkheid 1

Wees terughoudend in kleur- en materiaalgebruik, gebruik natuurlijke materialen.

Zichtlijn naar achterliggend landschap

Behoud het ongedeelde karakter van de boerderij bij de ontwikkeling van meerdere wooneenheden.

Plaats nieuwe bebouwing in de tweede lijn achter op het erf ondergeschikt aan de boerderij.

Legenda Pas het parkeren op een slimme manier in de erfinrichting in, uit het zicht of ingepast in bestaande schuren.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 84 |

woonfunctie

brug

verharde weg

agrarische functie/schuur

solitaire boom

watergang

vrijkomende boerderij

boomgaard

nieuwe of verbrede watergang

veranderende functie

bomenrij

landweg

nieuwe bebouwing

leibomen

zichtlijn

parkeerplaats

moestuin

boerenerf M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 85

recepten

6. uitbreiding dorspkern

Kwaliteiten - stap 4 Uitbreiding dorpskern In Molenwaard hebben de dorpskernen weliswaar elk een eigen karakter, zij hebben tenminste één eigenschap gemeen. Met uitzondering van het vestingstadje Nieuwpoort zijn ze allemaal ontstaan vanuit het lint. Vrijwel ieder lint kent een meer verdicht centrumdeel, dat richting het buitengebied geleidelijk verdunt en waarbij de doorzichten naar het achterland veelvuldiger en breder worden. Een dorp is geen stad. Een dorp is aanvankelijk vooral geleidelijk, bijna woning voor woning, gegroeid. Daardoor is er sprake van een grote verscheidenheid in ouderdom en bouwstijl, en komen ook binnen het dorp veelal nog open landjes voor. Het aantrekkelijke van het wonen in een dorp is dat je er een landschap bij cadeau krijgt. De overgang van dorp naar polder is geen strakke lijn, dorp en polder grijpen in elkaar over. Poldersloten zetten zich door tot in het lint. Het buitengebied maakt deel uit van de leefomgeving van de inwoners van het dorp. In Molenwaard spelen er ontwikkelingen om de dorpskern (kleinschalig) te vergroten door woningbouw te ontwikkelen op vrijkomende locaties of door een nieuwe schil aan de dorpsrand toe te voegen. De uitbreiding vindt dan niet meer ‘woning voor woning’ plaats, maar in relatief kleine clusters van 10 tot 25 woningen, met 1 opdrachtgever per cluster. De opgave is nooit uitsluitend een woningbouwopgave.

De werkelijke opgave is om een interessante omgeving te ontwikkelen waarbinnen de woonopgave kan worden geaccommodeerd. Een omgeving die niet alleen voor de mensen die daar gaan wonen interessant is, maar die voor het dorp als geheel van betekenis is, die aan het wonen in het dorp meerwaarde verschaft doordat het bijvoorbeeld natuurwaarden versterkt of de mogelijkheden om vanuit de dorpskern een ommetje te maken vergroot. Het gaat om meer dan het bouwen van huizen, het gaat om het creëren van een woonomgeving.

Herkenbaar dorpssilhouet met rafelige dorpsrand

Kleinschalig karakter

Doorzichten naar het landschap

Harde overgang naar het landschap

Bouwstijl sluit niet aan op de karakteristieken van de kern

Sluit de maat, schaal en vormgeving aan op de karakteristieken van de kern

Plaats parkeergelegenheid uit het zicht en zoveel mogelijk binnen het bouwblok

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Open slagenlandschap

Rommelige dorpsrand met achterkanten naar het landschap

Doorzichten naar het achterland Rafelige dorpsrand

Referenties - stap 5

Open landjes

Dorpscentrum

Huidige situatie 86 |

Maak een zachte overgang naar het landschap met collectieve kwaliteit

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 87

recepten

6. uitbreiding dorspkern

ontwikkeling

bouwstenen

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Verwerk de kenmerken vanuit het landschap in het plan (kavelrichting, aanwezige sloten, zichtlijnen, streekeigen landschapselementen). • Behoud de doorzichten naar het achterliggende landschap. Uitstraling • Speel met maat en schaal in op de karakteristieken van de bestaande kern. • Sluit in kleur, materiaalgebruik, vorm en detaillering aan bij de karakteristieken van de omgeving. Daarbij is een eigentijdse vertaling goed denkbaar. De nieuwbouw mag zich als een nieuwe toevoeging tonen, zolang deze zich meer als vanzelf voegt in het bestaande. • Ontwikkel in kleine eenheden, met een dorpse afwisseling binnen de eenheden. Afhankelijk van het dorp telt een eenheid maximaal 25 woningen. • Weeg de voor- en nadelen van inbreiden versus uitbreiden tegen elkaar af. Uitbreiden gaat ten koste van het agrarisch gebied en maakt dat de overgang van dorp naar landschap opnieuw moet worden vormgegeven. Dit kan kansen bieden om tot een betere overgang te komen. Inbreiding heeft bijna altijd de voorkeur boven uitbreiding wanneer de inbreiding plaatsvindt op een reeds bebouwd gebied en verouderde ontwikkeling vervangt.

knotbomen

bomenrij

solitairen

riet

water

recreatiepad

door

kijk

Inpassingsmaatregelen • Verweef de uitbreiding met het landschap en integreer landschappelijke structuren in het plan. Trek elementen vanuit het buitengebied door tot in het dorpsgebied en verwerk het zicht op karakteristieke kwaliteiten (kerktoren, molen, et cetera) in het plan. • Creëer rafelige dorpsranden, waarbij dorp en buitengebied in elkaar grijpen. Zorg voor een zachte overgang naar het landschap en zet streekeigen inheemse beplanting in om het landschappelijke karakter van de dorpsrand te versterken en de overgang naar het buitengebied te verzachten. • Creëer voorkanten naar het landschap. Bedenk dat de achterkant van het dorp vanuit het landschap bezien vaak de voorkant is. Onderzoek niet alleen hoe je vanuit de uitbreiding naar de omgeving kijkt, maar ook hoe de uitbreiding vanuit de omgeving toont. Maak hierbij zichtbaar hoe de ontwikkeling dit aanzicht beïnvloedt. • Onderzoek de mogelijkheden om met de ontwikkeling van het uitbreidingsplan tevens nieuwe collectieve kwaliteit aan het dorp toe te voegen, bijvoorbeeld doordat het plan een nieuwe openbare wandeling mogelijk maakt. • Zet een planmatige uitbreiding niet te formeel op, met assen, symmetrielijnen en geometrische patronen, maar geef het een meer organische uitstraling. Voorkom lange rechte wanden en een repetitie van woningtypen. • Zorg voor ruime groene voortuinen.

Vermijd het ontwikkelen van harde erfafscheidingen, liever een haag of heesterrand dan een schutting. • Pas een dorpse infrastructuur ( smal en à niveau) toe met vanzelfsprekende aansluitingen op het bestaand dorpsgebied. • Pas het parkeren landschappelijk in en zoveel mogelijk uit het zicht. Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen 88 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 89

recepten

6. uitbreiding dorspkern

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7

Sluit in kleur, materiaalgebruik, vorm en detaillering aan bij de karakteristieken van de omgeving. Weeg de voor- en nadelen van inbreiden versus uitbreiden tegen elkaar af. Inbreiding heeft bijna altijd de voorkeur boven uitbreiding wanneer de inbreiding plaatsvindt op een reeds bebouwd gebied en verouderde ontwikkeling vervangt. Pas een dorpse infrastructuur toe met vanzelfsprekende aansluitingen op het bestaand dorpsgebied.

Zichtlijn naar achterliggend landschap Openbaar wandelpad Landschappelijke streekeigen beplanting

Dorpse infrastructuur Haag of heesterrrand als erfafscheiding

Ruime groene voortuin Bebouwing met voorkant naar het landschap

Kavelsloot met natuurlijke oever

Pas het parkeren landschappelijk in en zoveel mogelijk uit het zicht. Landschappelijke parkeerplaats binnen het bouwblok

Ontwikkelingsmogelijkheid 1

Behoud en versterk zichtlijnen.

Zorg voor een zachte overgang naar het landschap en zet streekeigen inheemse beplanting in. Creëer voorkanten naar het landschap met ruime groene voortuinen. Verweef de uitbreiding met het landschap en integreer landschappelijke structuren in het plan. Zoek naar mogelijkheden om tevens nieuwe collectieve kwaliteit aan het dorp toe te voegen, bijvoorbeeld door de inpassing van een ommetje.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 90 |

Legenda woonfunctie

bomenrij

bedrijventerrein

bedrijfsgebouw

verharde weg

dorpsgroen

nieuw woonhuis

watergang

dorpskern

kerk

nieuwe of verbrede watergang

parkeerplaats

zichtlijn

solitaire boom

recreatiepad M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 91

recepten

7. uitbreiding bedrijventerrein

Kwaliteiten - stap 4 Uitbreiding bedrijventerrein bij een dorpskern Veel dorpskernen hebben aan de rand, op de overgang naar het agrarisch polderland, een klein bedrijventerrein. De ligging aan de rand van het dorp maakt dat deze terreinen vanuit het landschap bezien nadrukkelijk zichtbaar zijn, veelal tekenen zij in meer of mindere mate het dorpssilhouet. Hierdoor kan het gebeuren dat vanuit het landschap gezien niet langer de kerktoren maar het bedrijventerrein de blikvanger is. Vanuit het thema wonen en werken spelen kan er vraag zijn naar een (kleinschalige) vergroting van het bestaande bedrijventerrein.

Herkenbaar dorpssilhouet met rafelige dorpsrand

Landschappelijke inkadering van bedrijventerreinen

Overgang naar het open landschap

Maat en schaal niet passend bij de dorpskern

Dominant kleur- en materiaalgebruik

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Verrommeling van het karakteristieke aangezicht

Open slagenlandschap

Referenties - stap 5

Doorzichten naar het achterland Rafelige dorpsrand Dorpscentrum Bestaand bedrijventerrein

Huidige situatie 92 |

Geef extra aandacht aan de vormgeving van de rand van het bedrijventerrein

Pas een ingetogen kleur- en materiaalgebruik toe

Voeg collectieve kwaliteit toe M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 93

recepten

7. uitbreiding bedrijventerrein

ontwikkeling

bouwstenen

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Verwerk de kenmerken vanuit het landschap in het plan (kavelrichting, aanwezige sloten, zichtlijnen, streekeigen landschapselementen). • Behoud doorzichten naar het achterliggende landschap. Uitstraling • Speel met maat en schaal in op de karakteristieken van de omgeving. • Pas de bouwhoogte aan op de omgeving en ontwikkel gebouwen in maximaal 2 bouwlagen. Wees terughoudend in materiaalgebruik en architectonische expressie. Kies voor een ingetogen kleurpalet, vermijd contrasterende kleuren en toepassing van reflecterend materiaal. • Schenk extra aandacht aan de vormgeving en beeldkwaliteit van de rand als ‘gezicht’ van het bedrijventerrein. Denk na over hoe het bedrijf zich naar zijn omgeving manifesteert, probeer de functie herkenbaar te maken en afleesbaar te maken wat zich waar in het gebouw afspeelt. Gebruik de ruimten die niet een primaire maak-functie hebben (kantoorruimte, eventuele representatieruimte) om gevels een ‘gezicht’ te geven. Dat biedt ook kansen om het bedrijf op het landschap of juist op het lint te oriënteren. • Verplaats een bedrijf naar een regionaal bedrijventerrein wanneer de maat en schaal te groot wordt en de dorpse schaal ontstijgt.

knotbomen

bomenrij

solitairen

riet

water

recreatiepad

door

kijk

Inpassingsmaatregelen • Voorkom dat het bedrijf of het bedrijventerrein de entree tot het dorp bepaalt. • Bedenk dat de achterkant van het dorp vanuit het landschap bezien vaak de voorkant is. Onderzoek niet alleen hoe je vanuit de uitbreiding naar de omgeving kijkt, maar ook hoe de uitbreiding vanuit de omgeving toont. Analyseer het dorpsaanzicht en maak zichtbaar hoe de ontwikkeling dit aanzicht beïnvloedt. • Verweef de uitbreiding met het landschap en integreer landschappelijke structuren in het plan. Trek elementen vanuit het buitengebied door tot in het dorpsgebied en verwerk het zicht op karakteristieke kwaliteiten (kerktoren, molen, et cetera) in het plan. • Sluit bij een uitbreiding van het oppervlaktewater aan op de kenmerken van het landschap, behoud of herstel kavelsloten en voorkom vijvers op overhoeken. • Ontwikkel een sterk groen kader. Zorg voor een zachte overgang naar het landschap en zet streekeigen inheemse beplanting in om het landschappelijke karakter van de dorpsrand te versterken en de overgang naar het buitengebied te verzachten. • Onderzoek de mogelijkheden om met de uitbreiding tevens nieuwe collectieve kwaliteit aan het dorp toe te voegen, bijvoorbeeld doordat het plan een nieuwe openbare wandeling mogelijk maakt. • Organiseer het parkeren op eigen terrein, binnen het groene kader. • Beperk verlichting. •

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen 94 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 95

recepten

7. uitbreiding bedrijventerrein

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7

Behoud en versterk zichtlijnen.

Verweef de uitbreiding met het landschap en integreer landschappelijke structuren in het plan.

Zichtlijn naar achterliggend landschap

Speel met maat en schaal in op de karakteristieken van de omgeving. Schenk extra aandacht aan de vormgeving en beeldkwaliteit van de rand als ‘gezicht’ van het bedrijventerrein.

Openbaar wandelpad

Doorzicht naar bedrijfspand

Landschappelijke streekeigen beplanting

Bedrijfspanden grenzend aan het landschap met hoge beeldkwaliteit

Zorg voor een zachte overgang naar het landschap en zet streekeigen inheemse beplanting in.

Landschappelijke parkeerplaats binnen het bouwblok Kavelsloot met natuurlijke oever

Pas een dorpse infrastructuur toe met vanzelfsprekende aansluitingen op het bestaand dorpsgebied.

Dorpse infrastructuur

Ontwikkelingsmogelijkheid 1

Legenda

96 |

woonfunctie

bomenrij

bedrijventerrein

bedrijfsgebouw

verharde weg

dorpsgroen

nieuw bedrijfsgebouw

watergang

dorpskern

kerk

nieuwe of verbrede watergang

parkeerplaats

zichtlijn

solitaire boom

recreatiepad M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 97

recepten

8. uitbreiding verblijfsrecreatie

Kwaliteiten - stap 4 Uitbreiding verblijfsrecreatie Molenwaard is een recreatief aantrekkelijke gemeente, zowel voor de extensieve, op de beleving van natuur, landschap, cultuurhistorie en dorpsschoon gerichte extensieve vormen van recreatie (wandelen, fietsen, kanovaren) als voor de kleinschalige verblijfsrecreatie die direct aan de agrarische identiteit is gekoppeld, van B&B tot kamperen bij de boer. Vanuit het thema recreatie spelen er ontwikkelingen om bestaande campings uit te breiden of kleinschalig kamperen bij de boer te ontwikkelen. De ruimte hiertoe is aanwezig in de linten en in het cultuurhistorische agrarisch gebied.

Open en waterrijk landschap

Landschappelijke omkadering

Representatief voorerf

Maat en schaal niet passend bij het landschap

Bouwstijl van bijgebouwen sluit niet aan op de karakteristieken van de omgeving

Integreer voorzieningen binnen of aan de bestaande schuren

Minimaliseer verharding en pas parkeren ruimtelijk in, bijvoorbeeld in een boomgaard

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3 Boerderijlint

Gebrek aan landschappelijke omkadering Erfbeplanting rondom het erf

Doorzichten naar het achterland

Referenties - stap 5

Open slagenlandschap

Bestaande camping

Huidige situatie 98 |

Omzoom het terrein met een brede groensingel

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 99

recepten

8. uitbreiding verblijfsrecreatie

ontwikkeling

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Sluit aan op het verkavelingspatroon en de verkavelingsrichting. • Behoud poldersloten en de eventueel aanwezige streekeigen landschapselementen. • Behoud de doorzichten naar het achterliggende landschap. Uitstraling • Pas de maat en schaal op de karakteristieken van het lint en de kavel, beperkt van omvang. • Sluit de algehele uitstraling aan op het landelijke en natuurlijke karakter van de Alblasserwaard. • Sluit in kleur-, materiaalgebruik en architectonische expressie aan bij de omgeving.

bouwstenen achtererf

voorerf

solitaire bomen

knotbomen bomenrij haag sier- of boomgaard moestuin

knot- houtstrook riet bomen

bomenrij water watergang pad

doo

rkijk

Inpassingsmaatregelen • Ontwikkel een ruimtelijk concept dat optimaal inspeelt op de kenmerken van het gebied. • Sluit met de vorm van het erf aan bij de bestaande verkaveling, maximaal twee slagen breed met een lengte-breedte verhouding van 3:5. • Behoud of herstel kavelsloten als perceelafscheiding, investeer in natuurlijke oevers en voorkom harde beschoeiingen. • Verzacht de overgang naar de omgeving door het terrein te omzomen met een gevarieerde, deels gesloten en deels transparante groensingel samengesteld uit streekeigen inheemse beplanting. • Behoud en versterk hierbij de zichtlijnen vanuit het terrein op de omgeving en maak omgekeerd dat men vanuit de omgeving een ‘gecomponeerd’ zicht op het terrein heeft, opdat men het terrein niet als een raadselachtig bosje interpreteert maar als een hoogwaardig verblijfsterrein herkent. • Geef extra aandacht aan een recreatief aantrekkelijke en representatieve inrichting van het voorterrein aan het lint, bijvoorbeeld door de aanleg van een moestuin en een boomgaard. • Beperk gebouwde voorzieningen, integreer de voorzieningen bij voorkeur binnen of aan de bestaande schuur. • Situeer een eventueel camperveld in de tweede lijn als onderdeel van het erf, plaats een kampeerveld in de derde lijn. • Zorg voor een slimme terreinindeling waarbij er zo min mogelijk verhard oppervlak is en zo min mogelijk verkeer op het terrein ontstaat.

• Organiseer het parkeren uit het zicht, direct achter het hoofdgebouw. Vermijd parkeren bij de tent. Pas het parkeren ruimtelijk in, bijvoorbeeld parkeren in een boomgaard. •

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen 100 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 101

recepten

8. uitbreiding verblijfsrecreatie

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7 Zichtlijn naar achterliggend landschap Gevarieerde singel van streekeigen beplanting Kavelsloot met natuurlijke oever

Behoud en versterk zichtlijnen. Sluit met de vorm van het erf aan bij de bestaande verkaveling, maximaal twee slagen breed met een lengte-breedte verhouding van 3:5.

Kampeerveld Hagen of heesters als afscheiding van de kampeervelden

Omzoom het terrein met een gevarieerde, deels gesloten en deels transparante groensingel samengesteld uit streekeigen inheemse beplanting.

Doorzicht naar de camping

Bijgebouw met voorzieningen

Camperveld

Behoud of herstel kavelsloten als erfafscheiding.

Weg van grastegels

Ontwikkel een representatieve en recreatief aantrekkelijk voorterrein.

Fruitbomen

Landschappelijke parkeerplaats

Ontwikkelingsmogelijkheid 1 Zicht op hoofdgebouw Beperk gebouwde voorzieningen, integreer de voorzieningen bij voorkeur binnen of aan de bestaande schuur.

Aantrekkelijk voorterrein

Wees terughoudend in kleur- en materiaalgebruik.

Onderzoek de mogelijkheden een openbaar wandelpad aan te leggen waarmee de mogelijkheid ontstaat om vanuit de camping een ommetje te maken.

Zorg voor een slimme terreinindeling waarbij er zo min mogelijk verhard oppervlak is en zo min mogelijk verkeer op het terrein ontstaat.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 102 |

Legenda woonfunctie

boomgaard

landweg

agrarische functie/schuur

bomenrij

boerenerf

voorzieningen gebouw

verharde weg

verharding op erf

parkeerplaats

watergang

kampeerplaats

nieuwe of verbrede watergang

solitaire boom

zichtlijn M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 103

interview ‘ik vind dat we het gebied hier open moeten houden’

Wat doet u in het dagelijks leven? Ik ben rustend veehouder. Zes jaar geleden zijn we gestopt met ons actief melkveebedrijf. Toen hadden we er al een aantal neventakken bij: zorgboerderij en bed en breakfast. Dat hebben we nu uitgebreid. Ik ben hier geboren en getogen. Mijn opa heeft dit pand in 1930 gekocht, het is 400 jaar oud. Aan mij de taak om de erven der vaderen in stand te houden. ‘t Hoge Huis heeft natuurlijk altijd een economische waarde gehad, maar nu heeft het ook een culturele en historische waarde. Welke rol heeft het landschap van Molenwaard voor u? Het Molenwaards landschap is gemaakt door de mensen in Molenwaard. Dat is de agrarische bevolking, die heeft het gemaakt en in stand gehouden. Ik geloof dat we het landschap mogen bebouwen en bewaren om het te behouden voor het nageslacht. De mensen die hier komen recreëren zeggen dat het hier zo een prachtig gebied is. Ik ben hier mee opgegroeid dus ik merk het eigenlijk niet meer zo op. Ik ben er zo vertrouwd mee, een vergezicht hier ben ik gewend. Maar andere mensen zeggen wel dat ze het hier fantastisch vinden.

Kees Baan samen met zijn vrouw zorg en toeristisch ondernemer 104 |

Wat is voor u kenmerkend aan Molenwaard? Het uitzicht zonder horizonvervuiling. Ik kan hier zo 5 -6 kilometer ver kijken zonder dat ik een fabriek zie. Ik vind dat we het gebied open moeten houden, dus ook eigenlijk geen bossen moeten toevoegen. Beplanting die wel heel kenmerkend is voor dit gebied zijn de knotwilgen, die zie je overal. Dat moeten we proberen zo in stand te houden. Ik heb ook wel eens oude knotwilgen die om moeten, maar dan plant ik altijd nieuwe poters terug.

Wat is uw favoriete plek? De plek waar ik woon is mijn favoriete plek in de gemeente. Het is toch een fantastische plek. In de tuin staat een tuinhuis waar ik het liefste zit. Ik kan van daar ver de polder in kijken.. Welke boodschap heeft u voor het kookboek? Als er ontwikkelingen plaatsvinden en willen we de karakteristieken van de gemeente behouden dan moeten we datgene wat er nu is behouden. Mijn zoon zegt bijvoorbeeld dat alle bomen omgezaagd zouden moeten worden. Er zit namelijk veel handwerk aan. Maar als iedereen er zo over denkt dan heb je over een paar jaar een kaal landschap en die kant moeten we niet op denk ik. Daarmee sluit je eigenlijk ook de poort voor de recreatie. Niemand wil naar een kaal gebied toe. Recreatie neemt nog steeds toe. Kijk naar de randstad, daar wonen zoveel mensen die ook bij tijd en wijlen van het buitenleven willen genieten. Dan moet je ze wel iets te bieden hebben. Je kan hier geen groot recreatiepark van maken. Het is vooral een agrarisch gebied. De veehouders moeten hier gewoon hun boterham kunnen blijven verdienen. Als we dat in goede harmonie samen kunnen laten gaan dan is dat toch mooi.

verloren gegaan. Dat kan in de toekomst zomaar weer veranderen. We hebbend de opdracht om te bebouwen en te bewaren. Dan hoop ik dat het er over 100 jaar nog zo uitziet zoals het er nu uit ziet. Als je 100 jaar terug kijkt dan is het eigenlijk niet zoveel veranderd. De sloten zijn nog steeds herkenbaar. Als dat het uitgangspunt is dan kan het er over 100 jaar nog hetzelfde eruit zien. Wellicht wel met nieuwe bebouwing, want ja, dat hou je.

Hoe hoopt u dat Molenwaard er over 100 jaar uit ziet? Stel dat de energiebronnen opdrogen. Dan hebben we hier een uniek gebied. Dan kunnen we hier hout kweken om de kachel te stoken. 60 jaar geleden stonden hier nog veel meer knotwilgen. Langs alle perceelranden stonden die overal. Die hadden een economische functie. Dat werd toen gebruikt om de kachel te stoken, te koken en voor de afrastering. Dat is nu allemaal M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 105

recepten

9. uitbreiding recreatieve verbindingen

Kwaliteiten - stap 4 Uitbreiding recreatieve verbindingen Door de ligging nabij de steden vormt Molenwaard een populair wandel- en fietsgebied. Met de opmars van de e-bike neemt niet alleen het aantal fietsers toe, maar wordt ook hun actieradius groter. Er zijn al verschillende netwerken van zowel vaarroutes, als wandelroutes en fietsroutes. Vanuit het thema recreatie spelen er ontwikkelingen om bestaande recreatieve verbindingen uit te breiden of te verbeteren om zo te komen tot een goed en gevarieerd recreatief netwerk.

Kenmerkende landschappelijke structuren

Kenmerkende landschappelijke structuren

Vergezichten en streekeigen landschapselementen

Weinig aantrekkelijke en gebiedseigen rustplaatsen

Overdaad aan borden en geen herkenbare huisstijl

Koppel doorgaande routes aan lokale ommetjes

Ontwikkel een aantrekkelijke gebiedseigen huisstijl

Knelpunten - stap 4

Weinig aantrekkelijke en herkenbare recreatieve routes

Referenties - stap 5

Zorg voor eenheid en continuïteit in het routeprofiel 106 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 107

recepten

9. uitbreiding recreatieve verbindingen

ontwikkeling

bouwstenen

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Maak bij de aanleg van recreatieve verbindingen gebruik van bestaande landschappelijke structuren (tiendwegen, boezemkaden, etc.). • Maak het landschap beleefbaar door interessante punten aan elkaar te knopen. Uitstraling •• Zorg voor een gevarieerd netwerk, met ruimte voor kleinere ommetjes en grote wandelingen / fietstochten. Door routes met elkaar te verknopen kunnen langere routes ontstaan. •• Pas de inrichting van de route aan op de landschappelijke karakteristieken. Ontwikkel een aantrekkelijke huisstijl voor bebording en meubilair, ingetogen en passend bij de streek. •• Wees terughoudend met bebording langs de route, toon bijvoorbeeld de rijkdom van het gebied door een informatieve app met GPS routes. •• Introduceer themaroutes die de rijkdom van het gebied tonen, bijvoorbeeld een natuurroute, boerderijenroute en molenroute. Inpassingsmaatregelen • Behoud en versterk zichtlijnen. Creëer bij een route langs de boezem op enkele plekken vensters in de rietkraag voor zicht op het water. Leg waar mogelijk een koppeling met andere ontwikkelingen, bijvoorbeeld ecologische verbindingszones of waterbergingsopgaven. • Koppel waar mogelijk de doorgaande route aan lokale ommetjes, zorg voor afwisselende recreatie rondjes op verschillende schaalniveaus.

• Koppel de route aan recreatieve voorzieningen en horecagelegenheden en ontwikkel aantrekkelijke verblijfsplekken op interessante punten langs de route. • Zorg voor voldoende rust- en terrasmogelijkheden aan de route, van een picknickbank in het open veld waar men de eigen versnapering nuttigt tot een horecapunt in het lint waar ook de e-bike kan worden opgeladen, de blaas kan worden geleegd en de band kan worden bijgepompt. • Zorg voor eenheid en continuïteit in het routeprofiel. • Investeer in en maak gebruik van streekeigen landschapselementen langs de route zoals eendenkooien, huftbosjes, hovelingen, duikers en hekwerken. •

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen 108 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 109

recepten

9. uitbreiding recreatieve verbindingen

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Boezem

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Kade

Open grasland

Koppel de doorgaande route aan lokale ommetjes.

Leg waar mogelijk een koppeling met andere ontwikkelingen, bijvoorbeeld ecologische verbindingszones. Creëer op enkele plekken vensters in de rietkraag voor zicht op het water.

Ontwikkelingsmogelijkheid 1

110 |

Huftbosje

Zorg voor eenheid en continuïteit in het routeprofiel.

Investeer in streekeigen landschapselementen langs de route, bijvoorbeeld het behoud van eendenkooien.

Tiendweg

Open grasland

Leg waar mogelijk een koppeling met andere ontwikkelingen, bijvoorbeeld waterbergingsopgaven. Investeer in streekeigen landschapselementen langs de route, bijvoorbeeld het behoud van huftbosjes en hovelingen.

Zorg voor eenheid en continuïteit in het routeprofiel.

Koppel de doorgaande route aan lokale ommetjes.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 111

recepten

10. inpassing herwinbare energie

Kwaliteiten - stap 4 Inpassing nieuwe vormen van herwinbare energie De gemeente Molenwaard heeft als doelstelling meer herwinbare energie te produceren, met behoud van ruimtelijke kwaliteit. In dit relatief kleinschalig, open en cultuurhistorische waardevol agrarisch landschap ligt de ontwikkeling van grotere moderne windturbines minder in de rede. Deze zijn van verre zichtbaar, verstoren de openheid van het gebied, grijpen sterk in op de dorpssilhouetten en de draaiende wieken introduceren een onrust die noch vanuit het beeld, noch vanuit de weidevogelkwaliteiten gewenst is. De mogelijkheden tot duurzame energie moeten worden gezocht in vergisting, biomassa, zonnecollectoren en kleinere vormen van windenergie.

Open landschap met herkenbare verkavelingsstructuur

Boerderijen als groene eilanden

Streekeigen landschapselementen

Verlies aan samenhangende erfindeling

Niet in samenhang met het gebouw geplaatste zonnepanelen

Pas zonnepanelen in als een vanzelfsprekend onderdeel van het dakvlak

Pas het kleur- en materiaalgebruik aan op het landschap

Knelpunten - stap 4

Huidige landschappelijke kenmerken - stap 3

Doorzicht naar het achterland

Harde overgang naar het landschap

Ruilverkavelingslint

Referenties - stap 5 Erfbeplanting rondom het erf

Open slagenlandschap

Achterwetering

Huidige situatie 112 |

Zorg voor een streekeigen inpassing en pas nieuwe objecten in als onderdeel van het erf

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 113

recepten

10. inpassing herwinbare energie

ontwikkeling

Richtlijnen - stap 6 Landschappelijke patronen • Sluit aan op het verkavelingspatroon en de verkavelingsrichting. • Behoud doorzichten naar het achterliggende landschap. • Behoud poldersloten en de eventueel aanwezige streekeigen landschapselementen. Uitstraling • Pas de maat en schaal aan op de karakteristieken van het lint en de kavel • Pas het kleur- en materiaalgebruik aan op het landschap.

bouwstenen achtererf

voorerf

solitaire bomen

sier- of moestuin

boomgaard

haag

knot- houtstrook bomen

bomenrij watergang

riet

Inpassingsmaatregelen Zonnecollectoren • Pas zonnecollectoren toe op daken, waarbij zij worden geïntegreerd in de architectuur en als vanzelfsprekend deel uitmaken van het dakvlak. Daarbij is onderscheid tussen vlakke daken en schuine daken. • Voor platte daken gelden geen beperkingen, zolang de collectoren niet vanuit aanliggende bebouwing, vanaf de openbare weg of vanuit het landschap zichtbaar zijn. Dit kan worden bereikt door de panelen vlak op het dak te leggen of door, in geval van een gekantelde opstelling, afstand tot de dakrand te houden of door het hoger optrekken van de gevel. • Voor schuine daken geldt dat de collectoren het gehele dakvlak moeten beslaan en niet op maar in het vlak van het dak liggen. Waar daklichten of dak opbouwen aanwezig zijn vormen deze een strakke uitsnede uit het zonnedak.

doo

rkijk

Vergistingssilo’s • Aard, maat en schaal maken dat een vergistingssilo vooral in de moderne ruilverkavelingslinten inpasbaar is. Dat heeft zowel te maken met ruimtelijke uitstraling als met mogelijke milieuhinder. • Pas de vergistingssilo in als onderdeel van het erf in de tweede lijn. • Omkader het erf met een inheemse groensingel. Deze dient voldoende breed, dicht en hoog te zijn om de vergistingssilo aan het zicht te onttrekken. Windschoepen en kleine windmolens • Pas windschoepen / rotoren toe bij de ontwikkeling van nieuwe gebouwen (schuren, kantoren, bedrijven), waarbij zij in de architectuur worden meegenomen. Daarbij geldt dat zij zich in maat en schaal moeten verhouden tot het gebouw waar zij deel van uitmaken. • Pas kleine windmolens met een hoogte tot 15 meter in als onderdeel van het erf in de tweede lijn. • Omkader het erf met een inheemse groensingel. Deze dient voldoende breed, dicht en hoog te zijn om de windmolen aan het zicht te onttrekken. Biomassa • Voor ontwikkeling van biomassa kan worden aangesloten bij de groenelementen die vanouds in deze streek aanwezig zijn: boombeplanting, struweel, hakhout en snijgriend. Niet streekeigen gewassen als olifantsgras zijn hier niet passend. Voor de inpassing is geen eenduidige receptuur voorhanden, de mogelijkheden hiertoe vereisen per situatie ontwerpend onderzoek. 114 |

Ontwikkelingsprincipe met bouwstenen M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 115

recepten

10. inpassing herwinbare energie

Voorbeelduitwerkingen - stap 7

Detail - stap 7 Zichtlijn naar achterliggend landschap Pas de vergistingssilo in als onderdeel van het erf in de tweede lijn. Pas windschoepen toe bij de ontwikkeling van nieuwe schuren waarbij zij worden geïntegreerd in de architectuur.

Vergistingsilo en kleine windmolen ingepast als onderdeel van het erf.

Gevarieerde singel van streekeigen beplanting met voldoende maat, hoogte en dichtheid.

Pas kleine windmolens in als onderdeel van het erf in de tweede lijn.

Kavelsloot met natuurlijke oever

Pas zonnecollectoren toe op daken, waarbij zij worden geïntegreerd in de architectuur en als vanzelfsprekend deel uitmaken van het dakvlak. Omkader het erf met een inheemse groensingel die voldoende breed, dicht en hoog is om de nieuwe objecten uit het zich te onttrekken.

Ontwikkelingsmogelijkheid 1 Doorzicht naar de boerderij

Pas biomassa in als struweel, bijvoorbeeld als een groen kader van struweel rond de boerenerven en de beplanting op de achterkaden.

Windschoep geïntegreerd in de architectuur

Pas biomassa in als boombeplanting, bijvoorbeeld langs langs de ruilverkavelingswegen, waarmee deze ook ruimtelijk aan allure kunnen winnen. Pas biomassa in als hakhout, bijvoorbeeld langs de kadestructuren of als klein hakhoutcomplex aan de oude linten, op de open ruimten tussen de boerderijen. Pas biomassa in als snijgriend, bijvoorbeeld in de natste delen langs het Achterwaterschap, snijgrienden worden ontwikkeld.

Ontwikkelingsmogelijkheid 2 116 |

Pas biomassa in als boomweide of bos, bijvoorbeeld als energieplantage in het ruilverkavelingslandschap.Vanuit de openheid geniet een ontwikkeling aan de randen van de ruimte de voorkeur, bijvoorbeeld als ware het een eendenkooi achter in het landschap.

Legenda woonfunctie

hoveling

landweg

agrarische functie/schuur

boomgaard

zichtlijn

zonnepanelen

bomenrij

boerenerf

biovergister

verharde weg

verharding op erf

windmolen

watergang

rietkraag

solitaire boom

nieuwe of verbrede watergang M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 117

zo niet

1

Dominant kleurgebruik bij de vormgeving van nieuwe schuren

2

Vormgeving van nieuwe schuren niet passend in de streek

5

Opgedeeld erf waarbij iedere woning zijn eigen tuin heeft

8

Gebrek aan landschappelijke inpassing 118 |

3

Gebiedsvreemde vormgeving van nieuwe bebouwing aan het lint

6

Harde dorpsrand door kleur- en materiaalgebruik

9

Overdaad aan bebording

4

Gebiedsvreemde vormgeving van bedrijfspanden aan het lint

7

Dominant kleur- en materiaalgebruik van het bedrijventerrein

10

Zonnepanelen ad-hoc op het dakvlak

zo wel

1

Ingetogen kleur- en materiaalgebruik

2

Ingetogen vormgeving passend in het lint

5

Gezamenlijk en samenhangend erf

8

Omkadering met een brede groensingel

3

4

Vormgeving passend in de streek

6

Gebiedseigen kleur- en materiaalgebruik

7

Rafelige dorpsrand verweven met het landschap

9

Eenduidige en ingetogen vormgeving van het bedrijventerrein

10

Eenduidige gebiedseigen huisstijl

Zonnepanelen als onderdeel van het dakvlak

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 119

Met de ontwikkeling van dit ‘Molenwaardse Kookboek’ wil de gemeente ruimte bieden aan ontwikkeling en de ontwikkeling gebruiken om nieuwe kwaliteit toe te voegen. “Ontwikkelen met kwaliteit”, daarin ligt de kern van de opgave. Ruimte bieden aan ontwikkeling betekent geen vrijbrief voor de ontwikkeling. Als gezegd moet de ontwikkeling aan randvoorwaarden voldoen. De gemeente wil binnen de kaders van het bestemmingsplan en omgevingsvisie (vanaf 2018) ontwikkelingen stimuleren, aanjagen en mogelijkheden bieden. Met de ontwikkeling van dit kookboek geeft de gemeente vorm aan een proactieve houding, waarin het ‘nee mits’ plaats maakt voor ‘ja graag, onder voorwaarde dat’. Kwaliteit wordt bepaald door de juiste aandacht op het juiste moment en inspireren leidt vaak tot meer resultaat dan alles tot in de details op te willen leggen. Vanuit deze houding wil de gemeente in het vervolg vernieuwingen doorvoeren. De gemeente wil in de eerste plaats via gerichte adviezen over ruimtelijke kwaliteit initiatiefnemers nader ondersteunen bij planvorming. Verder wil de gemeente inspireren, goede voorbeelden tonen die ‘ter navolging’ strekken. Daarom wil de gemeente een prijs uitreiken voor het beste plan. Op deze manier wordt regelmatig aandacht gegenereerd voor ruimtelijke kwaliteit en dat vergroot het besef dat een goed plan voor veel generaties het verschil kan maken.

HET VERVOLG 120 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 121

literatuurlijst • • • • •

Gebiedsplatform Albasserwaard-Vijfheerenlanden (2014). Visie Beeldkwaliteit Alblasserwaard-Vijfheerenlanden: Het verhaal in beeld. Drukkerij Van der Perk. Groot-Ammers. Provincie Zuid-Holland (2012). Gebiedsprofiel Albasserwaard & Vijfheerenlanden. Croonen Adviseurs (2011). Structuurvisie Molenwaard: Ruimtelijk Casco/Projectenplan. Meine Mollema (2013). De boerderij het behouden waard. Stichting Boerderij & Erf. Huib de Kok (2007). Boer en Boerderij in de Albasserwaard en de Vijfheerenlanden. Stichting Boerderij & Erf.

colofon Opgesteld door Bosch Slabbers Landschapsarchitecten; Esther Bergstra, Steven Slabbers, Maike Warmerdam Opdrachtgever Gemeente Molenwaard; John de Bus, Lia de Kievit, Robbert Kip, Bas Renes Wethouder; D.A. Heijkoop Raadswerkgroep; A.C. Bikker (Raadslid), B. de Groot (Raadslid), G.E. Moret (Raadslid), G. Lems (Raadslid), A.J. van Rees (Raadslid), E.J. Smeulders (Griffie), E. Spaans (Raadslid) Datum oktober 2016 Deelnemers participatieavonden J. Aantjes (Ned. Melkveehoudersvakbond), N. Arkema (Welstandscommissie Dorp, Stad en Land), L. Bode (gemeente Giessenlanden), A. de Boer (DB Holding), C. Bongers (Bongers Architecten), M. van Brouwershaven (gemeente Krimpenerwaard), P. Eikelenboom (Boerderij en Erf), E. Gerwig (Industrieschap Gelkenes), G. Goeree (Taskforce Economie), S. van der Graaf (Industrieschap Gelkenes), R. de Groot (Van den Heuvel Ontwikkeling & Beheer B.V.), W. den Hartigh (gemeente Krimpenerwaard), E. van den Heuvel (Van den Heuvel Ontwikkeling & Beheer B.V.), P. den Hertog (Monumentencommissie), A. Hoogendoorn, T. van Houwelingen (gemeente Giessenlanden), A. van Huuksloot (Klankbordgroep Bleskensgraaf), D. de Jong (Boerderij en Erf), L. de Jong ( LTO), B. Keijsper (Provincie Zuid-Holland), J. van den Kieboom (Spar Nieuwpoort), M. Kok (Gebiedsplatform Alblasserwaard/Vijfheerenlanden), T. Koorevaar (Gebiedsplatform Alblasserwaard/Vijfheerenlanden), J.

de Lange (Ondernemersvereniging Nieuw Lekkerland), M. Meijer (gemeente Krimpenerwaard), W. Melenberg, L. Oevermans (Staatsbosbeheer), C. Revet (A/V Regiobureau), H. Schefferlie (gemeente Leerdam), N. Schoonen (gemeente Papendrecht),E. Schep (Boerderij en Erf), D. Stuij (LTO), J. Tinga (Welstandscommissie Dorp, Stad en Land), G. Tegelberg (Welstandscommissie Dorp, Stad en Land), W. Treure (LTO), H. Vlot, A. Vlot, P. Vlot, D. Wijnen (gemeente Papendrecht), H. Wijling, P.J. de Winter (Nationale Bomenbank), I. Wissingh (Waterschap Rivierenland), E. Zindel (VVV).

122 |

M OLE NWA A R D S

K O O K B O E K | 123

Molenwaards Kookboek | o k t o b e r 2 0 1 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=b21f4e62-263f-4fe3-a40c-484f6a658a10