CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 – Bijlagen bij bestemmingsplantoelichting Woonwagenlocatie Dorpsweg Arkel

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Bestemmingsplan Woonwagenlocatie, Dorpsweg, Arkel17.806 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Pagina | 28

AM21031

Nijdam, L.C., 2010. Gemeente Giessenlanden. Plangebied Oud-Arkel te Arkel. Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennende fase). Deventer: BAAC rapport V-10.0127. Puienbroek, van, F.P.J./ W.A.M. Hessing, 2020. Archeologisch vooronderzoek in het kader van de geplande herontwikkeling aan de Betonson te Arkel, gemeente Molenlanden. Ruimtelijk advies op basis van een Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen (IVO-O). Amersfoort, Vestigia rapportnr. V1933. Ras, J., 2016. Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van grondboringen ‘Slootaanleg Vlieskade 1010’, Arkel, Gemeente Giessenlanden. Heinenoord, SOB Research project nr. 2432-1607. Rensink, E./ H.J.T. Smeets/ M. Kosian/ H. Feiken/ B.I. Smit, 2016: Archeologische Landschappenkaart van Nederland, versie 2.6, Amersfoort. SIKB, 2006: Leidraad inventariserend veldonderzoek, Deel: karterend booronderzoek, Gouda. Stiboka (Stichting voor Bodemkartering), 1985: Toelichting bij de kaartbladen 39 West Rhenen en 39 Oost Rhenen, Wageningen. Stouthamer, E./ K.M. Cohen/ W.Z. Hoek, 2015: De vorming van het land. Geologie en Geomorfologie, Utrecht. TNO, 2008: Geologische overzichtskaart van Nederland, Den Haag (www.dinoloket.nl). Wilgen, van, L.R., 2005. Archeologische Begeleiding. Bouwlocatie Onderweg 11, Hoogblokland. Heinenoord, SOB Research, projectnr. 1095-0140.

Wullink, A.J., 2017. Arkel, Doctor Dreeslaan 10. Een archeologisch bureauonderzoek (BO) en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, door middel van boringen (IVO-O). Utrecht, Transect-rapport 1184. Zonneveld, J.I.S., 1981: Vormen in het landschap, hoofdlijnen van de geomorfologie, Utrecht.

Pagina | 29

AM21031

Digitale bronnen: www.archis.cultureelerfgoed.nl

RCE, Archis3, zoeken & vinden)

www.bagviewer.kadaster.nl

Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG)

www.beeldbank.cultureelerfgoed.nl

Kadastraal minuutplan

www.cultureelerfgoed.nl

Bronnen en kaarten

www.pdok.nl

Basisregistratie Grootschalige Topografie (2017), kadaster.

www.ruimtelijkeplannen.nl

Bestemmingsplan

www.topotijdreis.nl

Bonnebladen en Topografische kaarten van Nederland

www.ikme.nl

Indicatieven kaart Militair Erfgoed

library.wur.nl

Luchtfoto’s RAF 1943-1947

Archeologische kaarten en databestanden: Actueel Hoogtebestand van Nederland (2008-2019). AHN2 en AHN3 (Geraadpleegd via www.arcgis.com, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data). Alterra 2009:

Bodemkaart

van

Nederland, schaal 1:50.000,

blad

38

Oost,

Wageningen

UR (Geraadpleegd

via

UR

via

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data Alterra). Alterra

2008:

Geomorfologische

kaart

van

Nederland,

schaal

1:50.000,

Wageningen

(Geraadpleegd

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data Alterra). Archeologische Monumenten Kaart (AMK), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2007 (Geraadpleegd via https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). Archeologisch Informatie Systeem II (Archis3), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2015 (Geraadpleegd via https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). BAAC, 2009: Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart Gemeente Giessenlanden, Deventer (BAAC rapport V-08.0185). Maas, G. J./ W.M. van der Meij/ S. P. J. v. Delft/ A. H. Heidema, 2019. Toelichting bij de legenda Geomorfologische kaart van Nederland, schaal

1:

1:50

000

(2019).

Wageningen,

Wageningen

Environmental

Research

(geraadpleegd

via

https://legendageomorfologie.wur.nl/).

Pagina | 30

aeres milieu

Bijlage 1 Topografische ligging onderzoeksgebied

AM21031

Bijlage 1: Topografische ligging onderzoeksgebied AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

N

Plangebied Achtergrond: TOP10 NL (nov 2016), AHN2 hillshade

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 2 Boorpuntenkaart

AM21031

Bijlage 2: Boorpuntenkaart AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

N

Plangebied Boringen Achtergrond: Luchtfoto ArcGIS online imagery

v1.0_31- 3 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 3 Archeologische gegevens conform Archis 3

AM21031

Bijlage 3: Archeologische gegevens cf. Archis 3 AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

N

Schaal Vondstlocaties

Complextype Depot

Visserij Infrastructuur Infrastructuur Scheepvaart (infrastructuur of scheepswrak)

Graf (-veld)

Brug

Nederzetting

Vliegtuigwrak

Cultus / Heiligdom

Industrie / Nijverheid

Versterking of versterkte nederzetting Agrarische productie en voedselvoorziening Landbouw

(Water-) Molen Grondstofwinning

Slagveld Complex onbepaald

Onderzoeksmeldingen Archeologische monumentenkaart Terrein van archeologische waarde Terrein van hoge archeologische waarde Terrein van zeer hoge archeologische waarde Terrein van zeer hoge archeologische waarde, beschermd

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

Plangebied

aeres milieu

AM21031

Bijlage 4 Archeologische Beleidskaart voormalige gemeente Griessenlanden

Plangebied

Bijlage 4: Gemeentelijke Archeologische (beleids)kaart AM21031 Arkel-Dorpsweg (ong.)

N

v1.0_19- 4 - 2021

Schaal

aeres milieu

Bijlage 5 Overzicht geomorfologische kaart

AM21031

Bijlage 5: Geomorfologische kaart AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

N

Plangebied

Lage rivierduin

Veenvlakte

Oeverwal

Overig

Geïsoleerde lage heuvel, rug, welving en lage dijkvorm

Vlakte

Bebouwing

Inversierug

Rivierkomvlakte

Water

Geomorfologie

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 5b Stroomgordelkaart

AM21031

Plangebied

Dataset: Cohen et al., 2012 Deltareconstructie Crevasses

Bijlage 5b: Stroomgordelkaart

3 = Crevasse crossing channel belt 5 = Crevasse channel / sand splay. Darkish Gray

AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

N

Einde van sedimentare activiteit 800 - 1150 14C BP = 900 AD

Schaal

4001 - 4500 14C BP = 3100 BC = 5100 cal BP

Dalreconstructie Einde van rivieractiviteit 10010 - 10500 14C BP = 10500 BC = 12400 cal BP 10510 - 12000 14C BP = 12000 BC = 13900 cal BP

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

5501 - 6000 14C BP = 4900 BC = 6900 cal BP

aeres milieu

Bijlage 6 Overzicht bodemkaart

AM21031

Bijlage 6: Bodemkaart

N

AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

Rivierkleigronden

Algemene onderscheidingen

Drechtvaaggronden

Bebouwing

Veengronden

Kalkhoudende poldervaaggronden

Oude bewoningsplaatsen (terp)

Waardveengronden

Kalkloze poldervaaggronden

Water

Plangebied

Bodemkaart

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 7 Reliëfkaart

AM21031

Plangebied

AHN (meter +NAP) -1,00 -0,80 -0,60

Bijlage 7: Reliëfkaart

-0,

AM21031 Arkel Dorpsweg (ong.)

0,00

Schaal

-0,40

N

0,

0,46 0,66 0,86 1,00

v1.0_26- 3 - 2021_LKr

0,40

aeres milieu

Bijlage 8 Boorkernbeschrijvingen

AM21031

getekend volgens NEN 5104

Boring:

01 0

-0,21 meter +NAP

moestuin

Boring:

02 0

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, Ah-horizont

-0,26 meter +NAP

moestuin Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, A-horizont

20

Zand, matig grof, zwak siltig, beigebruin, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen 35

Zand, matig grof, zwak siltig, beigebruin, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen 50

50

Zand, matig grof, zwak siltig, beige, Edelmanboor, Slecht gesorteerd, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

Zand, matig grof, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

100

Zand, matig grof, zwak siltig, grijsbeige, Zuigerboor handmatig, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen 120

Zand, matig grof, zwak siltig, beige, Zuigerboor handmatig, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

150

150

Zand, matig grof, zwak siltig, beigegrijs, Zuigerboor handmatig, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

Zand, matig grof, beigegrijs, Zuigerboor handmatig, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

180

200

Projectcode: AM21031-ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

getekend volgens NEN 5104

Boring:

03 0

-0,2 meter +NAP

moestuin

Boring:

04 0

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

-0,16 meter +NAP

moestuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor, A-horizont

30

Zand, matig grof, zwak siltig, beigebruin, Edelmanboor, Slecht gesorteerd zand, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

40

Klei, zwak zandig, sterk siltig, bruingrijs, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Echteld

60

Zand, matig grof, zwak siltig, beigegrijs, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

90

Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Guts, kalkarm, Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

100

Zand, matig grof, zwak siltig, beigegrijs, Zuigerboor handmatig, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

140

Klei, zwak zandig, zwak plantenresten houdend, blauwgrijs, Guts, Schelpengruis, kalkrijk, Formatie van Echteld

150

Zand, matig grof, zwak siltig, grijs, Zuigerboor handmatig, kalkarm, Formatie van Boxtel, Laagpakket van Delwijnen

200

Projectcode: AM21031-ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

200

getekend volgens NEN 5104

Boring:

05 0

-0,33 meter +NAP

moestuin

Boring:

06 0

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, A-horizont

-0,2 meter +NAP

gras Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, A-horizont

25

Klei, zwak zandig, zwak humeus, grijsbeige, Edelmanboor, kalkarm

30

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak grindhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, A-horizont 45

55 60

Klei, zwak siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, grijsbeige, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Echteld

65

Klei, zwak zandig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm, Formatie van Echteld Klei, matig siltig, zwak plantenresten houdend, blauwgrijs, Edelmanboor, Formatie van Echteld Klei, zwak zandig, blauwgrijs, Guts, Formatie van Echteld

80

Klei, zwak zandig, zwak humeus, brokken veen, matig plantenresten houdend, donkergrijs, Guts, kalkarm, Formatie van Echteld

95

Veen, sterk kleiïg, donkerbruin, Guts, Hout resten, Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

130

Klei, zwak siltig, zwak plantenresten houdend, blauwgrijs, Guts, Slappe klei, Kalkhoudend, Formatie van Echteld

160

160

Klei, zwak zandig, zwak plantenresten houdend, blauwgrijs, Guts, Slappe klei, Kalkhoudend, Formatie van Echteld

200

Projectcode: AM21031-ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

Klei, sterk siltig, zwak plantenresten houdend, blauwgrijs, Guts, kalkarm, Formatie van Echteld

200

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

ongeroerd monster volumering

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

BIJLAGE 2 ARCHEOLOGISCH VERKENNEND BOORONDERZOEK (KARTERENDE FASE)

RAPPORT Archeologisch verkennend veldonderzoek door middel van boringen karterende fase Dorpsweg (ong.) te Arkel (gemeente Molenlanden)

AM21031-2

RAPPORT Archeologisch verkennend veldonderzoek door middel van boringen Dorpsweg (ong.) te Arkel (gemeente Molenlanden) Aeres Milieu Projectnummer Status rapport ISSN Nummer Datum

: AM21031-2 : Definitief : 2214-5656 : 3 januari 2022

Opdrachtgever

: Ordito Nieuwstraat 87 5126 CC Gilze

Opsteller rapport Paraaf

: L. Kruithof MSc. | drs. ing. N.J.W. van der Feest :

Redactie Paraaf

: drs. ing. N.J.W. van der Feest :

Vrijgave Paraaf

: drs. ing. N.J.W. van der Feest :

Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl

4002 + 4003

Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform de geldende richtlijnen en protocollen). Aeres Milieu accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde onderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het bureau onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.

Pagina | 2

AM21031-2

INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ......................................................................................................................................................... 4 ADMINISTRATIEVE GEGEVENS ............................................................................................................................. 5 1. INLEIDING ................................................................................................................................................................ 6 2.

VOORAFGAAND ONDERZOEK EN ADVIES............................................................................................ 9

3.

VELDWERKZAAMHEDEN .......................................................................................................................... 11 3.1

Inleiding ............................................................................................................................................................................................................. 11

3.2

Algemeen - veldwaarnemingen ................................................................................................................................................................ 12

3.3

Boorbeschrijving, fysisch geografische beschrijving van de bodemopbouw en interpretatie........................................... 13

3.4

Archeologische indicatoren ........................................................................................................................................................................ 15

4. CONCLUSIE........................................................................................................................................................... 16 4.1

Algemeen .......................................................................................................................................................................................................... 16

4.2

Beantwoording onderzoeksvragen .......................................................................................................................................................... 16

5.

AANBEVELINGEN ........................................................................................................................................ 17

LITERATUURLIJST................................................................................................................................................... 18

Bijlagen: 1 2 3

Topografische ligging onderzoeksgebied Boorpuntenkaart Boorkernbeschrijvingen

Pagina | 3

AM21031-2

SAMENVATTING Op 1 december 2021 is door Aeres Milieu, in opdracht van Ordito, een archeologisch verkennend booronderzoek (karterende fase) uitgevoerd aan de Dorpsweg (ong.) te Arkel (gemeente Molenlanden). Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 1.400m2. Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging. Het onderzoek is een vervolg op het bureau- en booronderzoek dat in maart 2021 is uitgevoerd door Aeres Milieu. Op basis van dit onderzoek werd een vervolgonderzoek geadviseerd voor het westelijk deel van het plangebied in de vorm van een karterend booronderzoek. Het doel van het booronderzoek is de kansrijke zone voor vindplaatsen uit het mesolithicum en het neolithicum verder te onderzoeken. Op basis van het uitgevoerde karterend veldonderzoek door middel van boringen kan worden gesteld dat de bodemopbouw binnen het grootste deel van het plangebied bestaat uit rivierduinafzettingen. Ter hoogte van boringen 4 en 5 bestaat de bodemopbouw uit komafzettingen. Ter plaatse van de aangetroffen rivierduinafzettingen is een kansrijke zone op vindplaatsen uit het mesolithicum en het neolithicum. Daarom is op basis van eerder uitgevoerde verkennende booronderzoek in onderhavig onderzoek met een fijnmaziger grid, een grotere boorkop en het zeven van de boringen gezocht naar archeologische resten in de ondergrond.

Deze zijn echter niet aangetroffen Hieruit kan de conclusie worden getrokken dat er vermoedelijk geen archeologische vindplaatsen in het plangebied aanwezig zijn en het terrein daarom kan worden vrijgegeven. Op basis van deze gegevens wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden. Selectiebesluit gemeente Molenlanden1 De resultaten van dit onderzoek zijn getoetst door de extern archeologisch adviseur (Hamaland Advies) van de bevoegde overheid (gemeente Molenlanden) en heeft op basis van het uitgebrachte advies een besluit genomen. Het selectieadvies van Aeres Milieu wordt onderschreven om het gehele plangebied vrij te geven, op basis van de onderzoeksresultaten van het aanvullend karterend booronderzoek (namelijk het ontbreken van ‘vuile lagen’ met archeologische indicatoren, zoals houtskoolfragmenten en bewerkt vuursteen). De kans is zeer gering dat met de voorgenomen bodemingrepen behoudenswaardige archeologische vindplaatsen verloren gaan. Mochten er tijdens de graafwerkzaamheden archeologische resten worden aangetroffen, dan geldt hier een meldplicht conform artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Deze melding dient zo spoedig mogelijk te worden gedaan bij gemeente Molenlanden en haar adviseur via ronald.vanoosterbos@jouwgemeente.nl en info@hamaland-advies.nl.

1 R. van Oosterbos, 24-12-2021, Selectiebesluit (zaaknummer 1121803). Pagina | 4

AM21031-2

ADMINISTRATIEVE GEGEVENS Projectnummer

: AM21031-2

OM-nummer

: 5136837100

Soort onderzoek

: Karterend booronderzoek

Adres onderzoekslocatie

: Dorpsweg (ong.) te Arkel

Toponiem

: Dorpsweg (ong.)

Gemeente

: Molenlanden

Provincie

: Zuid-Holland

Kadastrale registratie

: Arkel, sectie D, nummer, 821 (gedeeltelijk)

Coördinaten

: Centraal

154.707; 390.856

NW:

154.675; 390.867

NO:

154.707; 390.886

ZW:

154.699; 390.823

ZO:

154.733; 390.841

Oppervlakte

: Circa 1.400 m2

Huidig locatie gebruik

: Volkstuinen

Aanleiding onderzoek

: Bestemmingsplanwijziging

Opdrachtgever

: Ordito

Bevoegde overheid

: Gemeente Molenlanden

Opslag documentatie en materiaal

: Noordhoven 4 te Roermond tot deponering bij provinciaal depot te Alphen aan den Rijn/E-depot

Datum uitvoering veldwerk

: 1 december 2021

Pagina | 5

AM21031-2

1. INLEIDING In opdracht van Ordito heeft Aeres Milieu een archeologisch verkennend veldonderzoek d.m.v. boringen uitgevoerd op de locatie: Adres onderzoekslocatie

: Dorpsweg (ong.) te Arkel

Gemeente

: Molenlanden

Oppervlakte

: Circa 1.400 m2

Huidig gebruik van de locatie

: Volkstuinen

Toekomstig gebruik

: Woonwagenkamp

Dit archeologisch onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de BRL SIKB 4000 (protocol 4002 en 4003), KNA 4.1. Het archeologische onderzoek bestaat uit een verkennend veldonderzoek d.m.v. boringen op het perceel uitgevoerd. De werkzaamheden in het veld zijn uitgevoerd onder leiding van een senior KNA-prospector.

Aanleiding De aanleiding voor het laten uitvoeren van dit bodemonderzoek is de aanvraag voor een omgevingsvergunning ten behoeve van de uitbreiding van het woonwagenterrein met maximaal 6 nieuwe plaatsen. De diepte van de toekomstige verstoring is ten tijde van dit onderzoek niet bekend, maar uitgaande van een standaard funderingsdiepte naar verwachting tot tenminste 0,8-1,0 meter beneden maaiveld reiken. Op de Archeologische Beleidskaart van de voormalige gemeente Giessenlanden (2009) ligt de onderzoekslocatie in een zone met een zeer hoge archeologische verwachting. Volgens het bestemmingsplan Arkel (2013) geldt de dubbelbestemming Waarde – Archeologie 3. Er geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen groter dan 50 m2 en dieper dan 30 centimeter onder maaiveld. De gemeente heeft middels deze kaart aangegeven dat de locatie onderzoeksplichtig is.

Voor de gehele onderzoekslocatie (oppervlakte 3.00 m2) is door Aeres Milieu in 2021 reeds een archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek door middel van boringen uitgevoerd. Uit dit onderzoek komt het volgende advies naar voren:

‘Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat het plangebied op de overgang van een rivierduin naar een komgebied ligt. Zowel in de rivierduinen als in de komafzettingen zijn geen sporen van bodemvorming of archeologische niveaus aangetroffen. Op basis hiervan wordt de archeologische verwachting voor het gehele plangebied voor alle perioden bijgesteld naar laag. Voor het plangebied wordt om bovenstaande redenen geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk geacht.’2

2 Blink van den F./L. Kruithof/N.J.W. van der Feest, 2021. Pagina | 6

AM21031-2

Selectieadvies gemeente Molenlanden3 Wij gaan akkoord met het selectieadvies van Aeres Milieu om de zuidelijke helft van het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen bodemingrepen. De ondergrond bestaat in deze zone uit komafzettingen die niet geschikt waren voor permanente menselijke bewoning in het verleden. Ten aanzien van de noordelijke helft van het plangebied is sprake van rivierduinafzettingen die dicht onder het maaiveld aanwezig zijn (vanaf 20 centimeter onder maaiveld). Deze zone is kansrijk op vindplaatsen uit het mesolithicum en het neolithicum. De bodemopbouw is hier nog intact. Verkennende boringen zijn echter niet geschikt om steentijdvindplaatsen vast te kunnen stellen. Daarom adviseren wij om in de noordelijke helft van het plangebied verspreid minimaal 5 extra karterende boringen (diameter 15 centimeter) te zetten en de afzonderlijke bodemlagen nat uit te zeven om eventuele archeologische indicatoren te kunnen verzamelen.

Doel Het doel van het aansluitende verkennend booronderzoek is het toetsen van het in het bureauonderzoek opgestelde verwachtingsmodel. Specifiek voor de onderzoekslocatie Dorpsweg (ong.) te Arkel zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: •

Is er sprake van stratigrafische lagen die potentieel archeologische waarden kunnen bevatten?

•

In hoeverre zijn deze lagen intact en hoe reflecteert dit de kwaliteit van de mogelijk aanwezige archeologische resten?

•

Wat is de diepteligging van mogelijke archeologische resten en wat is de daadwerkelijke bedreiging van deze resten door de voorgenomen bodemingrepen?

•

Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig?

•

Wat is te zeggen over aard en datering van de archeologische resten en wat is de horizontale en verticale verspreiding hiervan?

Plangebied Het plangebied ligt aan de Dorpsweg te Arkel. Momenteel is het plangebied in gebruik als volkstuincomplex (Figuur 1). In het noorden wordt het plangebied begrensd door de Dorpsweg, in het oosten door het woonwagenkamp, in het zuiden door het terrein van de voetbalvereniging en in het westen door het overige deel van het volkstuincomplex.

3 E.E.A. van der Kuijl, 18-10-2021: Advies archeologische monumentenzorg (Hamaland Advies Doc.nr: 0213477). Pagina | 7

AM21031-2

Figuur 1. Topografische ligging van het plangebied. Het plangebied is weergegeven met het rode kader. (Bron: PDOK-viewer).

Pagina | 8

AM21031-2

2. VOORAFGAAND ONDERZOEK EN ADVIES Overgenomen uit de rapportage van het bureauonderzoek (Aeres Milieu AM21031-2; van den Blink & Kruithof & van der Feest, 2021) Verwachting op basis van het bureauonderzoek Op basis van het bureauonderzoek wordt duidelijk dat het plangebied grotendeels op een rivierduin van de stroomgordel van Gorkum-Arkel. Het zuidoosten van het plangebied ligt in een rivierkomvlakte. De rivierduinen zijn afgezet in het laatmesolithicum en vroeg-neolithicum. Voor deze periode waren de omstandigheden in het plangebied te nat voor bewoning. Voor het de periode laat-paleolithicum tot midden-mesolithicum geldt er voor het plangebied een lage archeologische verwachting. Met het afzetten van de rivierduinen ontstonden er in het landschap hogere locaties om op te verblijven. In de omgeving zijn al een aantal van deze donken aangewezen als AMK-terrein. Er geldt daarom voor de periode van het laat-mesolithicum tot neolithicum een hoge archeologische verwachting. Vanaf de bronstijd werden de omstandigheden in het gebied natter en minder geschikt voor bewoning. Er kon veenvorming plaatsvinden afwisselend door overstromingen met kleiafzettingen. Er zijn in de omgeving nog geen aanwijzingen voor dergelijke vindplaatsen aangetroffen. De mogelijk oorspronkelijk hogere ligging van het plangebied op een rivierduin kan een aantrekkelijke vestigingslocatie zijn geweest.

Voor het plangebied geldt daarom een middelhoge verwachting voor zowel nederzettingsresten uit de periode bronstijd tot en met de ijzertijd als voor nederzettingsresten uit de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen. Het plangebied ligt aan de Dorpsweg en is nog steeds een doorgangsroute van Arkel naar Hoogblok. Uit bestudering van historische kaarten blijkt dat het plangebied sinds tenminste circa 1800 onbebouwd was. Tot circa 1980 was het plangebied in gebruik als weiland. Hierna werd het onderdeel van een volkstuincomplex. De meeste historische bebouwing concentreerde zich langs de huidige Stationsweg en de noordzijde van de Dorpsweg. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een lage verwachting voor de periode late middeleeuwen en nieuwe tijd. Advies Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat het plangebied op de overgang van een rivierduin naar een komgebied ligt. Zowel in de rivierduinen als in de komafzettingen zijn geen sporen van bodemvorming of archeologische niveaus aangetroffen. Op basis hiervan wordt de archeologische verwachting voor het gehele plangebied voor alle perioden bijgesteld naar laag.

Voor het plangebied wordt om bovenstaande redenen geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk geacht.

Pagina | 9

AM21031-2

Periode Laat-paleolithicum –

Verwachting Laag

midden-

Verwachte kenmerken vindplaats Kampementen, fragmenten aardewerk,

Diepteligging sporen Onder de rivierduinafzettingen

natuursteen, gebruiksvoorwerpen

mesolithicum Laat-mesolithicum –

Hoog

neolithicum

Kampementen en/of nederzettingsresten,

Top van de rivierduinafzettingen

fragmenten aardewerk, natuursteen, gebruiksvoorwerpen

Bronstijd – vroege

Laag

middeleeuwen

Volle middeleeuwen

Nederzettingsresten, fragmenten aardewerk,

In de klei- en veenafzettingen

natuursteen, gebruiksvoorwerpen

Laag

– nieuwe tijd

Cultuurlaag, funderingsresten, natuursteen,

Vanaf het maaiveld

fragmenten aardewerk, gebruiksvoorwerpen, sporen van agrarische activiteiten, restanten wegen/paden

Tabel 1. Archeologische verwachting per periode., bijgesteld op basis van de resultaten van het booronderzoek op 29 maart 2021.

Selectiebesluit gemeente Molenlanden4 Wij gaan akkoord met het selectieadvies van Aeres Milieu om de zuidelijke helft van het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen bodemingrepen. De ondergrond bestaat in deze zone uit komafzettingen die niet geschikt waren voor permanente menselijke bewoning in het verleden. Ten aanzien van de noordelijke helft van het plangebied is sprake van rivierduinafzettingen die dicht onder het maaiveld aanwezig zijn (vanaf 20 centimeter onder maaiveld). Deze zone is kansrijk op vindplaatsen uit het mesolithicum en het neolithicum. De bodemopbouw is hier nog intact. Verkennende boringen zijn echter niet geschikt om steentijdvindplaatsen vast te kunnen stellen. Daarom adviseren wij om in de noordelijke helft van het plangebied verspreid minimaal 5 extra karterende boringen (diameter 15 centimeter) te zetten en de afzonderlijke bodemlagen nat uit te zeven om eventuele archeologische indicatoren te kunnen verzamelen.

4 E.E.A. van der Kuijl, 18-10-2021: Advies archeologische monumentenzorg (Hamaland Advies Doc.nr: 0213477). Pagina | 10

AM21031-2

3. VELDWERKZAAMHEDEN 3.1

Inleiding

Het inventariserend veldonderzoek (IVO) is uitgevoerd conform KNA 4.1, Protocol 4003. Aan de hand van het Plan van Aanpak (PvA) en de Leidraad Inventariserend Veldonderzoek5 wordt een karterend booronderzoek met een boordichtheid van minimaal 5 boringen in het plangebied uitgevoerd. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 1.400 m2. Bij het karterend veldonderzoek zal daarom uitgegaan worden van 5 boringen verspreid over het plangebied, zie Figuur 2. Tijdens het veldonderzoek zijn er nog 2 extra boringen gezet. De boorkernen worden conform de ASB (Archeologische Standaard Boorbeschrijving 5.2) beschreven. Gelet zal worden op de aanwezigheid van archeologische indicatoren als fragmenten keramiek, fosfaatvlekken en brokjes houtskool en verbrande leem. Daartoe worden de opgeboorde monsters verbrokkeld waar nodig. De hoogte zal worden bepaald met het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN3). De boringen worden gezet met een Edelmanboor met een boorkop van 15 centimeter. Alle bodemlagen worden gezeefd om eventuele archeologische indicatoren te kunnen verzamelen.

Figuur 2. Boorpuntenkaart met achtergrond de reliëfkaart. Hierop is duidelijk het microreliëf in het plangebied te zien.

5 Tol et al. 2012. Pagina | 11

AM21031-2

3.2

Algemeen - veldwaarnemingen

Het doel van het verkennend veldonderzoek door middel van boringen is het toetsen van de opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Hiertoe zijn op 1 december in totaal 7 boringen gezet (zie Bijlage 2). Het opgeboorde sediment is gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 4 millimeter. Het zeefresidu is op het oog gecontroleerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren (zoals houtskool, vuursteen, aardewerk, metaal, bot en verbrande leem). De boringen zijn voorafgaand aan het veldwerk uitgezet. Het plangebied is in gebruik als volkstuinen. De boringen zijn uitgevoerd met een Edelmanboor met een diameter van 15 centimeter door, L. Kruithof MSc. en L. Koomen Bed onder begeleiding van drs. ing. N.J.W. van der Feest. De boordiepte varieerde van 70 tot 150 centimeter beneden maaiveld. Vanwege de hoge grondwaterstand (gemiddeld 85 centimeter onder maaiveld) konden de boringen niet dieper doorgezet worden. De boorkernen zijn conform ASB (Archeologische Standaard Boorbeschrijving 5.2) beschreven, zie Bijlage 3. De meetpunten worden met behulp van een meetwiel en meetlint of met een DGPS uitgezet. De maaiveldhoogten van de boorpunten worden gerelateerd aan het AHN3. De maaiveldhoogte in het gehele plangebied varieert tussen circa 0,18 en 0,30 meter -NAP. Het plangebied loopt globaal gezien in noordoostelijke richting af (Figuur 2).

Figuur 3. Foto van het westelijk deel van het plangebied, kijkende in noordwestelijke richting (Foto: 1 december 2021).

Pagina | 12

AM21031-2

Figuur 4. Foto van het oostelijk deel van het plangebied, kijkende in noordoostelijke richting (Foto: 1 december 2021).

3.3

Boorbeschrijving, fysisch geografische beschrijving van de bodemopbouw en interpretatie

De geplaatste boringen in het plangebied zijn onder te verdelen in twee hieronder toegelichte types. De ligging van deze boringen en bijhorende typering is op Figuur 5 aangegeven. De fysisch geografische beschrijving en nadere interpretatie van de aangetroffen bodemlagen en bodemopbouw is onder Figuur 5 beschreven.

Pagina | 13

AM21031-2

Figuur 5. De indeling van het plangebied op basis van de type I en II. De types worden in de tekst besproken.

Type I: Rivierduin Deze bodemopbouw is aangetroffen bij boringen 1, 2, 3, 6 en 7 (geel weergegeven op Figuur 5). De bodemopbouw wordt gekenmerkt door een laag humeuze donker grijsbruin zand. De dikte van dit pakket is circa 40 tot 55 centimeter. Direct hieronder liggen rivierduinafzettingen onderdeel van het Laagpakket van Delwijnen (Formatie van Boxtel). De rivierduinafzettingen bestaat uit kalkarm matig grof tot zeer grof zand. De kleur van dit pakket is in de top donker beige. In boring 3 zijn in de natuurlijke ondergrond spikkels baksteen waargenomen. Type II: Komvlakte Dit type betreft boringen 4 en 5 (blauw weergegeven op Figuur 5). De top van de bodem bestaat uit een 55 dik pakket humeuze sterk zandig klei. Onder de humeuze toplaag is een pakket van sterk zandige klei aangetroffen. De kleur van dit pakket varieert is licht bruin en wordt in boring 5 gekenmerkt door het voorkomen van roest. Deze afzettingen zijn geïnterpreteerd als komafzettingen van de stroomgordel van Gorkum-Arkel en/of Schaik. Deze afzettingen zijn onderdeel van de Formatie van Echteld.

Pagina | 14

AM21031-2

3.4

Archeologische indicatoren

Deze karterende fase van het archeologisch onderzoek heeft juist het doel om de aanwezigheid van vondsten en/of sporen in het terrein aan te tonen. De boringen zijn gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 4 mm, er zijn echter geen archeologische indicatoren aangetroffen.

Pagina | 15

AM21031-2

4. CONCLUSIE 4.1

Algemeen

Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld worden dat het plangebied op de overgang van een rivierduin naar een komgebied ligt. Uit het bureauonderzoek blijkt dat voor het plangebied een hoge verwachting geldt voor de periode mesolithicum - neolithicum. Alle boringen zijn gezeefd maar er werden echter geen vondsten in aangetroffen. Hieruit mag geconcludeerd worden dat er hoogstwaarschijnlijk geen vindplaatsen in het plangebied aanwezig zijn. Op basis hiervan wordt de middelhoge verwachting voor periode mesolithicum – neolithicum bijgesteld naar laag. Zoals in het eerder uitgevoerde verkennend booronderzoek op 29 maart 2021 ook al is geconstateerd worden er geen archeologische resten meer verwacht. Voor de overige periode laatpaleolithicum – midden neolithicum, bronstijd – nieuwe tijd blijft de lage verwachting gehandhaafd.

4.2

Beantwoording onderzoeksvragen •

Is er sprake van stratigrafische lagen die potentieel archeologische waarden kunnen bevatten? Nee, deze zijn niet aangetroffen.

•

In hoeverre zijn deze lagen intact en hoe reflecteert dit de kwaliteit van de mogelijk aanwezige archeologische resten? Niet van toepassing.

•

Wat is de diepteligging van mogelijke archeologische resten en wat is de daadwerkelijke bedreiging van deze resten door de voorgenomen bodemingrepen? Niet van toepassing.

•

Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig? Er zijn in het plangebied geen vindplaatsen aangetroffen op basis van dit karterend onderzoek.

•

Wat is te zeggen over aard en datering van de archeologische resten en wat is de horizontale en verticale verspreiding hiervan? Niet van toepassing.

Pagina | 16

AM21031-2

5. AANBEVELINGEN Op basis van het uitgevoerde karterend veldonderzoek door middel van boringen kan worden gesteld dat de bodemopbouw binnen het grootste deel van het plangebied bestaat uit rivierduinafzettingen. Ter hoogte van boringen 4 en 5 bestaat de bodemopbouw uit komafzettingen. Ter plaatse van de aangetroffen rivierduinafzettingen is volgens het bureauonderzoek een kansrijke zone op vindplaatsen uit het mesolithicum en het neolithicum. Daarom is op basis van eerder uitgevoerde verkennende booronderzoek, een methode die gericht is op het bestuderen van de intactheid van de bodem, in onderhavig onderzoek met een fijnmaziger grid, een grotere boorkop en het zeven van de boringen gezocht naar archeologische resten in de ondergrond. Deze zijn echter niet aangetroffen Hieruit kan de conclusie worden getrokken dat er vermoedelijk geen archeologische vindplaatsen in het plangebied aanwezig zijn. Op basis van deze gegevens wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek dient plaats te vinden. Selectiebesluit gemeente Molenlanden6 De resultaten van dit onderzoek zijn getoetst door de extern archeologisch adviseur (Hamaland Advies) van de bevoegde overheid (gemeente Molenlanden) en heeft op basis van het uitgebrachte advies een besluit genomen.

Het selectieadvies van Aeres Milieu wordt onderschreven om het gehele plangebied vrij te geven, op basis van de onderzoeksresultaten van het aanvullend karterend booronderzoek (namelijk het ontbreken van ‘vuile lagen’ met archeologische indicatoren, zoals houtskoolfragmenten en bewerkt vuursteen). De kans is zeer gering dat met de voorgenomen bodemingrepen behoudenswaardige archeologische vindplaatsen verloren gaan. Mochten er tijdens de graafwerkzaamheden archeologische resten worden aangetroffen, dan geldt hier een meldplicht conform artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Deze melding dient zo spoedig mogelijk te worden gedaan bij gemeente Molenlanden en haar adviseur via ronald.vanoosterbos@jouwgemeente.nl en info@hamaland-advies.nl.

6 R. van Oosterbos, 24-12-2021, Selectiebesluit (zaaknummer 1121803). Pagina | 17

AM21031-2

LITERATUURLIJST Blink, van den, F./L. Kruithof/N.J.W. van der Feest, 2021: Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek door middel van boringen Dorpsweg (ong.) te Arkel (gemeente Molenlanden), AM21031-2, Roermond. Stouthamer, E./ K.M. Cohen/ W.Z. Hoek, 2020: De vorming van het land. Geologie en Geomorfologie, Utrecht. TNO, 2010: Geologische overzichtskaart van Nederland, Den Haag (www.dinoloket.nl). Tol, A.J./ J.W.H.P. Verhagen/ M. Verbruggen, 2012: Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek, SIKB, versie 2.0, Gouda. Zonneveld, J.I.S., 1981: Vormen in het landschap, hoofdlijnen van de geomorfologie, Utrecht.

Archeologische kaarten en databestanden: Actueel Hoogtebestand van Nederland (2008-2019). AHN2 en AHN3 (Geraadpleegd via www.arcgis.com, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data). Alterra 2009:

Bodemkaart

van Nederland,

schaal 1:50.000,

blad 58

Oost,

Wageningen

UR

(Geraadpleegd via

UR

(Geraadpleegd

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data Alterra). Alterra

2019:

Geomorfologische

kaart

van

Nederland,

schaal

1:50.000,

Wageningen

via

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl, bijlage in QGIS vervaardigd op basis van digitale data Alterra). Archeologische Monumenten Kaart (AMK), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2007 (Geraadpleegd via https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). Archeologisch Informatie Systeem II (Archis3), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2015 (Geraadpleegd via https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). BAAC, 2009: Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart Gemeente Giessenlanden, Deventer (BAAC rapport V-08.0185). Maas, G. J./ W.M. van der Meij/ S. P. J. v. Delft/ A. H. Heidema, 2019. Toelichting bij de legenda Geomorfologische kaart van Nederland, schaal

1:

1:50

000

(2019).

Wageningen,

Wageningen

Environmental

Research

(geraadpleegd

via

https://legendageomorfologie.wur.nl/).

Pagina | 18

aeres milieu

Bijlage 1 Topografische ligging onderzoeksgebied

AM21031-2

Bijlage 1: Topografische ligging onderzoeksgebied

N

AM21031-2 Arkel Dorpsweg (ong.)

Plangebied Achtergrond: TOP10 NL (nov 2016), AHN3 hillshade

v1.0_19- 11 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 2 Boorpuntenkaart

AM21031-2

Bijlage 2: Boorpuntenkaart

N

AM21031-2 Arkel Dorpsweg (ong.)

Plangebied Boringen Achtergrond: Luchtfoto ArcGIS online imagery

v1.0_1- 12 - 2021_LKr

Schaal

aeres milieu

Bijlage 3 Boorkernbeschrijvingen

AM21031-2

getekend volgens NEN 5104

Boring:

01 0

-0,22 meter +NAP

moestuin

Boring:

02 0

AP-HORIZONT Zand, matig grof, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor

-0,16 meter +NAP

moestuin AP-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

40

C-HORIZONT Zand, matig grof, zwak siltig, donkerbeige, Edelmanboor, Spoor wit glas op 130 cm -mv, kalkarm

45

55

Zand, matig grof, matig siltig, zwak humeus, sporen roest, donker bruingrijs, Edelmanboor, kalkarm C-HORIZONT Zand, matig grof, zwak grindhoudend, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm

90

C-HORIZONT Zand, zeer grof, matig grindhoudend, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm

140

150

Projectcode: AM21031-2ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

getekend volgens NEN 5104

Boring:

03 0

-0,21 meter +NAP

moestuin

Boring:

04 0

A-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

-0,23 meter +NAP

moestuin AP-HORIZONT Klei, sterk zandig, matig humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor

30 35

50

AA-HORIZONT Zand, matig grof, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor, kalkarm

AA-HORIZONT Klei, sterk zandig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor 50

C-HORIZONT Klei, sterk zandig, sporen roest, lichtbruin, Edelmanboor

C-HORIZONT Zand, matig grof, spikkels baksteen, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm 70

100

C-HORIZONT Zand, zeer grof, zwak grindhoudend, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm

140

Projectcode: AM21031-2ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

getekend volgens NEN 5104

Boring:

05 0

-0,18 meter +NAP

moestuin

Boring:

06 0

AP-HORIZONT Klei, sterk zandig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

-0,2

meter +NAP

moestuin AP-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

30

AA-HORIZONT Klei, sterk zandig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor, kalkarm

40

C-HORIZONT Klei, sterk zandig, sterk roesthoudend, lichtbruin, Edelmanboor, kalkarm

60

AA-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

50

C-HORIZONT Klei, sterk zandig, matig roesthoudend, licht bruingrijs, Edelmanboor, kalkarm

70

80

C-HORIZONT Zand, matig grof, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm

150

Projectcode: AM21031-2ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

getekend volgens NEN 5104

Boring:

07 0

-0,22 meter +NAP

moestuin AP-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

20

AA-HORIZONT Zand, matig grof, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor, kalkarm

50

C-HORIZONT Zand, matig grof, matig grindhoudend, donkerbeige, Edelmanboor, kalkarm

140

Projectcode: AM21031-2ARCH Projectnaam: Dorpsweg (ong.) te Arkel

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

ongeroerd monster volumering

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

BIJLAGE 3 AKOESTISCH ONDERZOEK INDUSTRIELAWAAI

Woonwagenterrein te Arkel Industrielawaai Rapportnummer: Rm210092aaA1

Rm210092aaA1.teey_01

2

Opdrachtgever:

Adviseur:

Aeres Milieu Noordhoven 4 Tel.: 0475-320000

6042 NW ROERMOND

Contactpersoon:

mevrouw L. Aerts

K+ Adviesgroep Jodenstraat 6 Postbus 224 Tel: 0475-470470 E-mail: info@k-plus.nl Behandeld door:

Datum

:

18-05-2021

Referentie

:

Rm210092aaA1.teey_01

6101 AS ECHT 6100 AE ECHT

Mw. T.J.M. Eykenboom BSc

Rm210092aaA1.teey_01

3

Inhoud 1

Inleiding

4

2

Opzet van het onderzoek

6

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

Situatie ter plaatse en randvoorwaarden Ruimtelijke gegevens Openingstijden Representatieve situatie Bronbeschrijving Objecten Ligging van de beoordelingspunten

7 7 7 7 7 9 9

4 4.1 4.2

Wet en regelgeving Activiteitenbesluit VNG-brochure

10 10 10

5 5.1 5.1.1 5.2 5.2.1 5.2.2

Berekeningsresultaten Activiteitenbesluit Langtijdgemiddelde geluidbelastingen Goede ruimtelijke ordening Langtijdgemiddelde geluidbelastingen Maximale belastingen

13 13 13 13 14 14

6 6.1 6.1.1 6.2 6.2.1 6.2.2

Evaluatie en conclusie Activiteitenbesluit Langtijdgemiddelde geluidbelastingen Goede ruimtelijke ordening Langtijdgemiddelde geluidbelastingen Maximale geluidniveaus

17 17 17 17 17 17

Bijlagen: Bijlage I Bijlage IIa Bijlage IIb Bijlage IIc

Figuren akoestisch rekenmodel Berekeningsgegevens en –resultaten langtijdgemiddelde geluidbelastingen Activiteitenbesluit Berekeningsgegevens en –resultaten langtijdgemiddelde geluidbelastingen Goede Ruimtelijke Ordening Detailoverzicht piekbelastingen bronnen Goede Ruimtelijke Ordening

Rm210092aaA1.teey_01

1

4

INLEIDING In opdracht van Aeres Milieu is door K+ Adviesgroep een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluiduitstraling van de omliggende sportvoorziening, voetbalclub ASV Arkel, nabij de nieuwe woonwagenplaatsen te Arkel, gemeente Molenlanden. Aanleiding van het onderzoek is om aan te tonen dat de nieuwe standplaatsen de activiteiten van de sportvoorziening niet beperken. Met een rode cirkel is de nieuwbouwontwikkeling weergegeven. De sportvoorziening is aangegeven met een blauwe omlijning. In onderstaande figuur 1 is de situatie opgenomen. In figuur 2 is de verkaveling opgenomen. In figuur 1.1 is de locatie globaal omcirkeld, in bijlage I is de situatie opgenomen.

Figuur 1.1: Situatie (bron: Google maps) Het akoestisch onderzoek is uitgevoerd om inzicht te geven in de geluidemissie van de sportvoorziening op de woonwagenplaatsen. Uit navraag is gebleken dat er geen akoestisch onderzoek van de sportvoorziening beschikbaar is. Op basis van verkregen gegevens van de opdrachtgever is voorliggend onderzoek uitgevoerd naar de activiteiten van de dichtstbijzijnde sportvoorziening.

Rm210092aaA1.teey_01

5

De optredende gevelbelastingen bij de nieuwbouwontwikkeling zijn daarnaast getoetst aan de eisen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. Het betreft zowel het bepalen van de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus LAr,LT als de maximale geluidniveaus LAmax. De optredende gevelbelastingen zijn getoetst aan de regels uit het Activiteitenbesluit (Besluit Algemene regels inrichtingen milieubeheer). Het geluidsonderzoek is uitgevoerd conform de regels uit de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (1999).

Rm210092aaA1.teey_01

2

6

OPZET VAN HET ONDERZOEK Ten behoeve van de ruimtelijke procedure, en om na te gaan of de nieuwe woonwagenplaatsen de sportactiviteiten van ASV Arkel niet beperkt in de bedrijfsvoering, is de geluidimmissie van alle activiteiten, voetbal, wedstrijden, trainingen, publiek en scheidsrechter inzichtelijk gemaakt ter plaatse van gebouwen nabij de inrichting. Voor de bronvermogens is gebruik gemaakt van de VDI3770 “Characteristic noise emission values of sound sources Facilities for recreational and sporting activities”. De voetbalclub bezit niet over een eigen parkeerterrein. De bezoekers en spelers parkeren voor het Stedin-complex, in figuur 1 aangegeven met een blauwe ster. Het parkeren is niet beschouwd, gezien dit gebeurt op een afstand van ongeveer 175 meter, buiten het voetbalcomplex. De geluidbelastingen van de voetbalclub zijn getoetst aan de geluideisen uit het Activiteitenbesluit. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn het stemgeluid van bezoekers en de maximale geluidbelastingen ook beschouwd. In figuur 1 van bijlage I is een overzicht opgenomen van de onderzochte situatie. Voor het verwerken van deze gegevens en het berekenen van de immissieniveaus is gebruik gemaakt van het programma WinHavik, ontwikkeld door DirActivity. De immissieniveaus zijn bepaald op de meest relevante waarnemingspunten, zijnde de rand van de nieuwe woonwagenplaatsen.

Rm210092aaA1.teey_01

7

3

SITUATIE TER PLAATSE EN RANDVOORWAARDEN

3.1

Ruimtelijke gegevens Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van een door de opdrachtgever aangeleverd inrichtingsplan. Daarnaast is gebruik gemaakt van kaartmateriaal van de Publiek Dienstverlening Op de Kaart (PDOK), Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG), het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN2) en Google streetview. In bijlage I zijn overzichten opgenomen van de onderzochte situatie. In bijlage I zijn figuren opgenomen van het akoestisch rekenmodel inclusief bronnen en beoordelingspunten.

3.2

Openingstijden In onderstaand overzicht zijn de gebruikstijden weergegeven van de voetbalvelden: Maandag Dinsdag Woensdag Donderdag Vrijdag Zaterdag Zondag

3.3

Trainingen 18.00 tot 19.00 en 19.00 tot 20.45 Trainingen 18.00 tot 19.00 en 19.00 tot 21.15 Kantine tot 23.00 Trainingen 18.00 tot 19.00 en 19.00 tot 20.45 Trainingen 16.30 tot 19.00 en 19.00 tot 21.15 Kantine tot 23.00 Geen activiteiten Wedstrijden 09.00 tot 16.15 Kantine tot 19.00 Geen activiteiten

Representatieve situatie Het betreft een voetbalclub met drie velden waarop getraind wordt en waar wedstrijden worden gehouden. Het hoofdveld, meest oostelijk gelegen, wordt gebruikt door het eerste team. Bij dit veld komen voornamelijk bezoekers naar wedstrijden kijken. Op de overige velden wordt door de overige teams wedstrijden gespeeld. Hier komen sporadisch mensen de wedstrijd toeschouwen. De opgenomen activiteiten in dit onderzoek betreffen de trainingen, wedstrijden, het aanschouwend publiek en de scheidsrechter.

3.4

Bronbeschrijving Het bronvermogens zijn afkomstig van VDI3770 “Characteristic noise emission values of sound sources Facilities for recreational and sporting activities”. De VDI heeft de bronvermogens gebaseerd over een gemiddelde over 40 voetbal(wedstrijden). Er wordt een onderscheidt gemaakt tussen het fluitsignaal van de scheidsrechter/trainer, de spelers en de toeschouwers. Er worden geen piekbelastingen genoemd in de VDI 3770.

Rm210092aaA1.teey_01

8

Op basis van de aangeleverde beschreven trainings- / wedstrijdtijden zijn de maatgevende tijden in de dagperiode en de avondperiode aangehouden voor voorliggend onderzoek. In de dagperiode worden de velden hoofdzakelijk gebruikt voor wedstrijden (zaterdag) 10 uur, en de velden in de avondperiode voor trainingen, 2,25 uur. Tijdens de trainingen en wedstrijden wordt er gebruik gemaakt van een fluit door de trainer / scheidsrechter. De duur van het geluidsignaal per fluitsignaal is 1 seconde. Gezien het een piekbelasting betreft is voor zowel de dag- als de avondperiode uitgegaan van 1 seconde per veld. Naast de voetballers is er ook publiek aanwezig. Volgens de VDI 3770 kan worden uitgegaan van 10 personen tijdens een training per veld. Uit de aangeleverde gegevens van de voetbalclub blijkt echter dat er alleen bij de wedstrijd op het hoofdveld publiek aanwezig is. Bij de overige velden komt dit maar sporadisch voor. Hierdoor zijn twee personen per trainingsveld aangehouden. Voor de wedstrijden in de dagperiode op het hoofdveld, oostelijk gelegen, is een hoger aantal aangehouden van 20 personen. Het publiek van het hoofdveld is gesitueerd langs het noordelijk en oostelijk gelgeven veld. De voetbalvelden zijn gelegen tussen de nieuwe woonwagenplaatsen en de kantine met terras.

Er is op het terras een buitengeluidinstallatie aanwezig die eventueel gebruikt kan worden tijdens wedstrijden. Gezien de afstand, 175 meter, en dat de voetbalvelden tussen beide zijn gelegen is het terras verder niet akoestisch onderzocht. Jaarlijks vindt er een feestavond plaats, eind oktober/november waarbij er gebruikt wordt gemaakt van de geluidinstallatie binnen en eventueel buiten. Gezien dit echter maar 1 maal per jaar plaatsvindt, en er hierdoor geen sprake is van een representatieve bedrijfssituatie is dit akoestisch niet verder onderzocht, Bij verschillende bronnen, zoals de spelers en fluitsignaal, is ervoor gekozen een bron in het midden van het veld te situeren, daar waar de meeste activiteiten plaatsvinden. In de praktijk verplaatsen deze bronnen zich natuurlijk over het gehele veld, echter zijn dergelijke verschillen uiteindelijk niet relevant voor de berekende waarde. In tabel 3.1 zijn de gehanteerde bronvermogens opgenomen, inclusief de tijdsduur. Deze verschillende bronnen, spelers en toeschouwers, zijn ingevoerd conform het spectrum stemgeluid.

Rm210092aaA1.teey_01

9

Figuur 1: Tabellarium DGMR, nov. 2005. Tabel 3.1: Gehanteerde bronvermogens. Bron nr. B11 B12 B13 B14 B15 B16 B17 B18 B19 B20

3.5

Omschrijving Spelers veld 1 Spelers veld 2 Spelers veld 3 Scheidsrechter veld 1 Scheidsrechter veld 2 Scheidsrechter veld 3 Publiek veld 1 Publiek veld 2 wedstrijd Publiek veld 2 training Publiek veld 3

Bronvermogen Lw [dB(A)] Lw, Amax 94 94 94 118 118 118 83 93 83 83 -

dag 10 h. 10 h. 10 h. 1 s. 1 s. 1 s. 1 h. 7,25 h. 1 h. 1 h.

Tijdsduur avond 2,25 h. 2,25 h. 2,25 h. 1 s. 1 s. 1 s. 2,25 h. 2,25 h. 2,25 h.

nacht -

Objecten In figuur 3 van bijlage I zijn de objecten weergegeven. In het onderzoek zijn de bergingen in de achtertuin van de woningen opgenomen. Voor nadere informatie wordt verwezen naar de rekenbladen als opgenomen in bijlage IIa. Alle relevante gebouwen zijn als rechthoekige objecten ingevoerd met een hoogte ten opzichte van het lokale maaiveld.

3.6

Ligging van de beoordelingspunten In figuur 2 van bijlage I is de ligging van de beoordelingspunten weergegeven. De immissieniveaus zijn bepaald op een hoogte van 2 m voor de dag- en avondperiode ter plaatse van de rand van de woonwagenplaatsen. De nachtperiode is buiten beschouwing gelaten gezien er dan geen activiteiten plaatsvinden. Gevelreflecties zijn niet in rekening gebracht.

Rm210092aaA1.teey_01

4

WET EN REGELGEVING

4.1

Activiteitenbesluit

10

De geluidbelasting is getoetst aan het Activiteitenbesluit. Voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) en het maximaal geluidniveau (LA,max) gelden in het Activiteitenbesluit de volgende algemene geluidseisen, zie tabel 4.1. Tabel 4.1: Algemene geluidseisen Activiteitenbesluit. Omschrijving Dag [07.0019.00u] LAr,LT op gevel van gevoelige 50 dB(A) gebouwen LA,max op de gevel van 70 dB(A) geluidgevoelige gebouwen

Periode Avond [19.0023.00u]

Nacht [23.0007.00u]

45 dB(A)

40 dB(A)

65 dB(A)

60 dB(A)

In artikel 2.18 van het Activiteitenbesluit is benoemd dat het stemgeluid van bezoekers op het open terrein van een inrichting voor sportactiviteiten buiten beschouwing kan worden gelaten. Evenals het komen en gaan van bezoekers naar de sportactiviteiten. Gezien het komen en gaan van bezoekers en het terras plaats vinden op een dergelijk grote afstand van de standplaatsen en hiertussen de voetbalvelden nog zijn gelegen is dit niet verder onderzocht. Het Activiteitenbesluit stelt ook dat de maximale geluidniveau’s van sportactiviteiten in de open lucht buiten beschouwing gelaten mogen worden. In het kader van een goede ruimtelijk ordening zijn deze wel inzichtelijk gemaakt. 4.2

VNG-brochure In het onderzoek is voor de goede ruimtelijke ordening uitgegaan van de VNG-publicatie “Handreiking bedrijven en milieuzonering” uit 2009. Dit is een instrument om na te gaan of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening in situaties waar bedrijven dicht bij woningen worden voorzien. De VNG-publicatie geeft richtafstanden per bedrijfscategorie en omgevingstype. De afstanden worden gegeven voor een aantal milieuaspecten, met name geur, stof, geluid en gevaar. In tabel 4.2 is een overzicht opgenomen van de gegeven richtafstanden uit de VNG-publicatie voor bedrijvigheden bij gemengd gebied. Er is uitgegaan van rustig gebied gezien er hoofdzakelijk woningen / woonwagenplaatsen gesitueerd zijn rondom de voetbalvelden.

Rm210092aaA1.teey_01

11

Tabel 4.2: Richtafstanden VNG-publicatie rustig gebied. SBIOmschrijving 2008

931 G

Veldsportcomplex (met verlichting)

Afstanden in meters

Geur

Stof

Geluid

Gevaar

Grootste afstand

0

0

50C

0

50

Uit tabel 4.2 blijkt dat bij rustig gebied de afstand 50 m bedraagt, daarmee wordt niet voldaan aan stap 1 van de VNG. Het toetsingskader voor geluid bestaat uit een 4-tal stappen. Vanaf stap 2 is nader onderzoek noodzakelijk. In tabel 4.2 is een toelichting opgenomen. Gezien niet aan stap 1 voldaan wordt is in voorliggend akoestisch onderzoek de optredende geluidbelasting op de rand van de woonwagenplaatsen ook getoetst aan de VNG-eisen. Tabel 4.2: Toetsingskader geluid. Stap Toelichting 1 Indien de richtafstanden voor geluid niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect geluid in beginsel achterwege blijven: buitenplanse inpassing is mogelijk. 2 Indien stap 1 niet toereikend is: Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gemengd gebied van maximaal: • 50 dB(A) langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (etmaalwaarde); •

3

4

70 dB(A) maximaal (piekgeluiden) (etmaalwaarde);

• 50 dB(A) ten gevolge van verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde); is buitenplanse inpassing mogelijk. Indien stap 2 niet toereikend is: Geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gemengd gebied van maximaal: • 55 dB(A) langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (etmaalwaarde); • 70 dB(A) maximaal (piekgeluiden) (etmaalwaarde); • 65 dB(A) ten gevolge van verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde); Is buitenplanse inpassing mogelijk. Het bevoegd gezag dient echter te motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht. Hierbij dient tevens de cumulatie van eventueel reeds aanwezige geluidbelasting worden betrokken. Het bevoegd gezag kan daarbij gebruik maken van gemeentelijk geluidbeleid, indien de te verwachten geluidbelasting voldoet aan de in dat gemeentelijk geluidbeleid vastgestelde grenswaarden. Bij een hogere geluidbelasting zal buitenplanse inpassing doorgaans niet mogelijk zijn. Indien het bevoegd gezag niettemin tot inpassing wil overgaan,

Rm210092aaA1.teey_01

12

dient dit grondig te worden onderzocht, onderbouwd en gemotiveerd worden. Cumulatie van reeds aanwezige geluidbelasting moet worden meegenomen.

Rm210092aaA1.teey_01

5

13

BEREKENINGSRESULTATEN Uitgaande van genoemde uitgangspunten zijn de optredende geluidbelastingen bij de nieuwbouwwoningen en een bestaande woning bepaald.

5.1

Activiteitenbesluit Indien de geluidbelasting hoger is dan de genoemde waarden van het Activiteitenbesluit dan zijn de geluidbelastingen weergegeven tegen een okergele achtergrond. Navolgend zijn overzichten opgenomen van de rekenresultaten.

5.1.1

Langtijdgemiddelde geluidbelastingen In tabel 5.1 zijn de resultaten voor de langtijdgemiddelde geluidniveaus opgenomen voor de dag-, avond-, nacht- en etmaalperiode in het kader van het Activiteitenbesluit. Hierbij zijn alleen de spelers meegerekend. De ligging van de waarneempunten is weergegeven in figuur 2 van bijlage I. De bijbehorende rekenbladen zijn opgenomen in bijlage IIa. Tabel 5.1: Overzicht langtijdgemiddelde geluidbelastingen LAr,LT [in dB(A)]. Waar- Waarneem- neempunt hoogte 1 2 2 2 3 2 4 2 5 2 6 2 7 2 8 2 9 2 10 2

Dag 45 47 44 44 45 37 38 40 42

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT [dB(A)] Avond Nacht 43 45 43 42 43 36 37 38 40 -

Etmaal 48 50 48 47 48 41 42 43 45

Aan de hand van de resultaten van tabel 5.1 kunnen de volgende conclusies worden getrokken: - De optredende gevelbelastingen zijn ten hoogste 50 dB(A) etmaalwaarde. Daarmee wordt voldaan aan de standaard geluidvoorschriften van het Activiteitenbesluit. - Er wordt ook voldaan aan stap 2 van de VNG brochure. 5.2

Goede ruimtelijke ordening Bij een goede ruimtelijke ordening hoeven de belastingen niet te worden getoetst aan het Activiteitenbesluit. Echter is dit toetsingskader wel aangehouden bij onderstaande uitkomsten. Indien de geluidbelasting hoger is dan de genoemde waarden van het Activiteitenbesluit dan zijn de geluidbelastingen weergegeven tegen een okergele achtergrond, gezien er echter geen

Rm210092aaA1.teey_01

14

toetsingskader geldt is de aanduiding puur ter informatie. Navolgend zijn overzichten opgenomen van de rekenresultaten. 5.2.1

Langtijdgemiddelde geluidbelastingen In tabel 5.2 zijn de resultaten voor de langtijdgemiddelde geluidniveaus opgenomen voor de dag-, avond-, nacht- en etmaalperiode In het kader van een goede ruimtelijke ordening. Hierbij is gekeken naar de spelers, de scheidsrechter en het publiek. De ligging van de waarneempunten is weergegeven in figuur 2 van bijlage I. De bijbehorende rekenbladen zijn opgenomen in bijlage IIb. Tabel 5.2: Overzicht langtijdgemiddelde geluidbelastingen LAr,LT [in dB(A)]. Waar- Waarneem- neempunt hoogte 1 2 2 2 3 2 4 2 5 2 6 2 7 2 8 2 9 2 10 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=ca33440c-8eac-4c30-b5ad-ea2feaa7161e