Bijlage 1 Omgevingsvisie Molenlanden 2040 - concept
Tekst van het document
Het wegennet ontlasten We willen onze gemeente bereikbaar houden en zetten in op veilige en duurzame verplaatsing binnen Molenlanden. Verkeersonveiligheid en verkeersoverlast voor onze inwoners willen we voorkomen. Om dit te bereiken willen we onder meer de druk op het wegennet ontlasten. Door het bestaande wegennet beter te gebruiken en optimaal in te richten, of door mensen te verleiden voor ander vervoer te kiezen. We willen inwoners meer vormen van openbaar vervoer ‘op maat’ bieden. We willen deelmobiliteit stimuleren en de toegankelijkheid van het openbaar vervoer verbeteren, door de kernen goed te verbinden met de OV-assen en knopen. Hiervoor zetten we in op deelmobiliteit, fietsvoorzieningen en kleinschalige OV-initiatieven. Ook kunnen we vervoer via het water vaker inzetten om de bereikbaarheid te verbeteren zonder het wegennet verder te belasten. We hebben specifiek aandacht voor de betaalbaarheid van vervoer. Niet iedereen kan het betalen om zich te verplaatsen. Zeker in een uitgestrekte gemeente als Molenlanden, is dit een aandachtspunt.
Legenda Gemeentegrenzen Wegennet totaal Gemeente Molenlanden Lokale wegen Rijkswegen Provinciale wegen
De gemeenteraad heeft een aantal uitgangspunten vastgesteld om de leefbaarheid en verkeersveiligheid op de smalle lintwegen door de kernen te verbeteren. De uitgangspunten gaan in op het ontlasten van het net. Bijvoorbeeld door vaker gebruik van de fiets, deelmobiliteit, scherp te kijken naar ontsluiting van verschillende deelgebieden, het verminderen van het aandeel zwaar verkeer, het voorkomen van sluipverkeer en het inrichten van erftoegangswegen waar 30 km/u het maximum is.
Leefbaarheid en verkeersveiligheid In kernen en linten hebben we te maken met verschillende soorten verkeer. Verkeer kan overlast veroorzaken. De leefbaarheid in de kernen of in het buitengebied komt dan onder druk te staan. Voorbeelden zijn hinder door geluid of fijnstof (A15 en Betuwelijn), of door trilling van zwaar verkeer in woningen. We realiseren ons dat het gebruik van de auto in een landelijke gemeente als Molenlanden voorlopig nog een grote rol zal spelen, maar we stimuleren autoverkeer zoveel mogelijk om de kernen van onze dorpen en stad te mijden of het rijgedrag aan te passen. Binnen de komgrenzen is de auto te gast en krijgen fietsers en voetgangers zoveel mogelijk de ruimte. We streven een inrichting na volgens het STOMP-principe met een wegbeeld dat uitnodigt tot een gewenste rijsnelheid. Dit draagt ook bij aan onze ambities op het gebied van klimaatadaptatie.
We willen voldoende parkeerplaatsen behouden en realiseren. De geparkeerde auto legt echter een grote claim op de openbare ruimte. Ruimte die we ook hard nodig hebben voor klimaatadaptatie en gezondheid in de vorm van meer groen, bomen en waterberging. Voor de kernen waar (te) hoge parkeerdruk optreedt, onderzoeken we of extra centrale parkeervoorzieningen mogelijk zijn. Bij nieuwbouwwijken moet de parkeervraag opgelost worden als onderdeel van de ontwikkellocatie. Afhankelijk van het woningtype kunnen dit een openbare parkeerplaatsen zijn of parkeren op eigen terrein. Omdat bewoners van Molenlanden voor hun verplaatsingen voor een belangrijk deel afhankelijk blijven van een auto en alternatieven beperkt zijn, hanteren we daarbij realistische parkeernormen die passen bij Molenlanden. Rondom trekpleisters zoals winkelcentra kan de gemeente kiezen voor parkeerregulering op kleine schaal door inzet van blauwe zones, zodat de leef- en verblijfskwaliteit kan worden vergroot.
32
in te zetten om zo de bereikbaarheid te verbeteren. Denk hierbij aan bezoekersstromen naar Kinderdijk via water, om de lokale wegen te ontlasten en parkeerdruk te verlichten.
Ook zijn er knelpunten op het gebied van verkeersveiligheid. De hoeveelheid verkeer, waaronder agrarisch verkeer, overschrijdt op plekken de capaciteit van smalle landelijke wegen. We willen met name de leefbaarheid en verkeersveiligheid op de smalle lintwegen en in de kernen behouden en verbeteren. Verkeer wordt geleid via wegen die hiervoor geschikt zijn. De functie van de weg volgt hierbij op de beschikbare ruimte, de mate van medegebruik door langzaam verkeer en aanliggende bestemmingen. Het afwaarderen van wegen (bijvoorbeeld komgrenzen verleggen) en duidelijke routekeuzes voor snel- en langzaam verkeer kunnen aan de orde zijn. We onderzoeken ook of kavelruil hierbij kan gaan helpen. We blijven in regionaal verband in overleg met provincie en rijk over het functioneren van de N- en A-wegen, met het doel om sluipverkeer te minimaliseren.
Mobiliteit en duurzaamheid De komende jaren staat langzaam verkeer steeds meer centraal bij de inrichting van de openbare ruimte. Vanuit het oogpunt van duurzaamheid, emissiearm, vitaliteit en gezondheid maken we ruimte voor de bewegende burger. De elektrische auto en fiets worden steeds vaker gebruikt. Dit kan vragen om een andere inrichting van de openbare ruimte. Er komt bijvoorbeeld meer vraag naar oplaadpunten. De opkomst van de elektrische fiets kan vragen om een andere inrichting van fietspaden. We leggen vaker de link tussen bereikbaarheid en gezondheid. Als gemeente faciliteren we het elektrisch rijden. Laadpalen voor elektrisch vervoer maken onderdeel uit van het straatbeeld. Hierbij kijken wij nauwgezet naar omgeving en gebruikersgemak.
Ook spelen zwaarder wordende voertuigen en bodemdaling een rol bij verkeersveiligheid. We blijven dit goed monitoren en stellen waar nodig aanvullende verkeersmaatregelen in (zoals 15-tons zones waardoor het vrachtverkeer specifieke routes moet rijden). De verkeersveiligheid van fietsers en voetgangers is door meer druk op het wegennet een knelpunt. We zetten in op de verbetering van fietspaden en fietsparkeervoorzieningen en benutten we daarbij cofinanciering. Waar het kan en bijdraagt realiseren we fietssnelwegen. Aantrekkelijk openbaar vervoer Het aanbod van openbaar vervoer is de afgelopen jaren verder onder druk komen te staan. Openbaar vervoer is een uitdaging in een landelijke gemeente. Het landelijk gebied is vaak minder goed ontsloten met het openbaar vervoer dan grote steden. Een alternatief voor openbaar vervoer waarmee wordt geëxperimenteerd is deelmobiliteit. Ook zijn er steeds meer vormen van openbaar vervoer ‘op maat’. Daarbij hebben we oog voor de betaalbaarheid van vervoer (mobiliteitsarmoede). We streven ernaar het openbaar vervoersnetwerk beter aan laten sluiten bij de behoefte binnen de gemeente. Binnen de gemeentegrenzen zetten we in op een aantal sterke OV-assen die onderling goed met elkaar verknoopt zijn. Met korte overstaptijden, directe verbindingen en toegankelijke en comfortabele haltevoorzieningen.
Ook zetten we in op het realiseren van mobiliteitshubs waar verkeersbewegingen op vertrek-, overstap- of eindpunten samenkomen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het realiseren van carpoolplekken of het inzetten van deelfietsen bij OV-haltes op knooppunten.
Om de doelen te kunnen halen voor de energietransitie, heeft de raad eerder besloten dat bij uitbreiding en aanleg van nieuwe grote parkeerterreinen zonnedaken kunnen komen. Auto’s kunnen daaronder parkeren. Zonnedaken willen we waar mogelijk op zowel publiek als privaat terrein toepassen.
9.
Samenleving Gezonde inwoners In de Omgevingswet wordt de koppeling tussen het fysieke domein en gezondheid gemaakt. In de fysieke leefomgeving kunnen we als gemeente de gezondheid van onze inwoners beschermen en bevorderen. We houden daarvoor rekening met (milieu)aspecten als schone lucht, bodem en water, voldoende schaduw (met name van bomen) tegen hittestress, het wegnemen van geluids- en geuroverlast en het voorkomen van gevaarlijke situaties. En we kunnen de leefomgeving vergroenen en inrichten om een gezonde leefstijl te bevorderen. Denk aan meer mogelijkheden voor bewegen, ontmoeten, sporten en spelen. We streven ernaar om de bodem, lucht- en waterkwaliteit te verbeteren. In Molenlanden mag (nieuwe en bestaande) bedrijvigheid niet leiden tot overmatige overlast of negatieve milieubelasting. Bij nieuwe ontwikkelingen houden we rekening met geluid, externe veiligheid en lucht die voldoende leefkwaliteit in de betreffende omgeving garandeert. De raad heeft bewuste keuzes gemaakt wanneer wel en geen gebruik wordt gemaakt van de ruimte om landelijk geldende regels ten aanzien van geur aan te scherpen of te versoepelen. Verder stimuleren we onze ondernemers dan ook om bij herontwikkeling of uitbreiding te kiezen voor minder milieubelastende oplossingen.
Vervoer over water Vervoer over water speelt een belangrijke rol in onze bereikbaarheid, bijvoorbeeld in de verbinding richting Schoonhoven, Bergambacht en Krimpen aan de Lek. We zien kansen om vervoer via water vaker
PFAS is een verzamelnaam die wordt gebruikt voor een grote groep chemische stoffen die water-, vet-, stof- en vuilafstotend zijn. Stoffen die worden verwerkt in producten voor consumenten en industrie. PFAS-stoffen vormen een risico voor de gezondheid van
33
mensen en voor het milieu. In onze gemeente komen PFOA en GenX (PFAS-stoffen) in meer of mindere mate voor in de grond, het grondwater en het oppervlaktewater. Dit mede als gevolg van uitstoot vanuit chemische bedrijven in Dordrecht.
Daarnaast stimuleren we bewegen en sport. We werken aan openbare ruimte die uitnodigt om te gaan bewegen. We streven naar een toegankelijk sportaanbod voor alle Molenlanders. We zetten in op vitale sportcomplexen, sporthallen en zwembaden en onderzoeken mogelijkheden om bestaande complexen multifunctioneler te benutten.
PFAS zijn onderdeel van een grotere groep (potentieel) zeer zorgwekkende stoffen. Dit zijn stoffen die (mogelijk) gevaarlijk zijn voor mens en milieu. Als gemeente dragen we bij aan een gezonde leefomgeving. We streven ernaar om uitstoot van PFAS en andere (potentieel) zeer zorgwekkende stoffen te voorkomen én/of te beëindigen (‘nul uit de pijp’). Als gemeente pleiten we ook voor een Europees en zo mogelijk mondiaal verbod op PFAS om negatieve gevolgen voor de leefomgeving en gezondheidsrisico’s voor onze inwoners te voorkomen. In september 2023 heeft de rechter uitgesproken dat het bedrijf Chemours Dordrecht aansprakelijk is voor de schade die door PFOA en GenX is toegebracht aan gemeentelijke eigendommen. De gemeente heeft constante aandacht voor (de gevolgen van) PFAS en andere (potentieel) zeer zorgwekkende stoffen en de impact die dat voor de ruimtelijke inrichting met zich mee kan brengen, zoals bij gebruik van gronden voor woningbouw of bijvoorbeeld het eten uit een moestuin.
Inclusieve samenleving In een inclusieve samenleving hoort iedereen erbij. De diversiteit aan mensen maakt onze samenleving juist zo rijk en betekenisvol. Uitgangspunt is dat iedereen die dat wil volwaardig kan participeren. Gelijke rechten en gelijke kansen voor iedereen op alle facetten van het leven zijn kenmerkend voor een inclusieve samenleving die we in Molenlanden willen. Dit vereist begrip en het wegnemen van obstakels, zodat eenieder kan deelnemen aan het maatschappelijk leven. In Molenlanden kennen we een sterke gemeenschapszin waarin inwoners naar elkaar omkijken en voor elkaar zorgen. Onze bedrijvigheid speelt daarin een belangrijke rol. We koesteren en stimuleren onze ‘samenredzaamheid’. We streven naar het versterken van de saamhorigheid en de onderlinge banden tussen inwoners. Een voorbeeld daarvan is dat we bij de inrichting van de openbare ruimte rekening houden met initiatieven van inwoners voor gemeenschappelijke activiteiten.
Vergroening draagt bij aan een aantrekkelijke en gezonde omgeving. We koesteren onze polders en natuurgebieden. Met de realisatie van de groen-blauwe dooradering vergroenen we onze openbare ruimte verder, zodat we ook klimaatadaptieve maatregelen kunnen treffen tegen wateroverlast en toenemende hittestress. We denken hier ook aan bij herinrichting en nieuwbouwopgaven. Voor de herinrichting van straten in bestaande wijken met als doel vergroening en vergroten klimaatadaptatie zijn uitgangspunten benoemd. Daarbij gaat het om aanplant van inheemse bomen en plantsoorten, aandeel van kroonprojectiebomen in openbare ruimte, opvang van een deel van het regenwater in groenstroken, groen en klimaatadaptief inrichten van parkeerplaatsen en het inrichten van groene ontmoetingsplekken in de openbare ruimte.
Met het bieden van opvanglocaties voor vluchtelingen en asielzoekers neemt de diversiteit in Molenlanden verder toe. We dragen ons steentje bij aan de landelijke opgaven. We sluiten aan bij onze kernen en gemeenschappen door te kiezen voor kleinschalige opvanglocaties. De kleinschaligheid zorgt ervoor dat menselijk contact met elkaar centraal staat. Er is een toenemende landelijke trend van individualisme, wat resulteert in minder omzien naar elkaar. Mensen kiezen steeds meer hun eigen weg. Denk hierbij aan samenlevingsvormen, wonen, geloof, sporten. Daarbij verwachten mensen geen of minder bemoeienis van de overheid. Inwoners stellen zich onafhankelijker en zelfstandiger op, zowel tegenover elkaar als tegenover de overheid. Dat geldt met name voor een grote groep inwoners met wie het relatief goed gaat. Voor wie het nodig heeft, willen we nabij zijn. In Molenlanden is er namelijk sprake van een sterk gemeenschapsgevoel, waarin inwoners en ondernemers naar elkaar omkijken en voor elkaar zorgen.
Om gezond te leven zijn er allerlei dingen die iedereen zelf kan doen, zoals gezonde voeding, voldoende slaap en hygiëne. Minder mensen roken en meer mensen bewegen, maar overgewicht neemt in alle leeftijdscategorieën toe. Jongeren ervaren meer mentale druk. Inwoners die in een lagere sociaaleconomische situatie verkeren of die met fysieke, psychische of sociale problematiek te maken hebben, lopen meer risico op gezondheidsachterstanden. Het gaat hierbij om volwassenen, maar ook om kinderen en jongeren. Waar nodig ondersteunen we onze inwoners (zie ook de visie sociaal domein).
Steeds meer inwoners kunnen niet helemaal meekomen in onze complexe samenleving. We willen daarom als gemeente goed bereikbaar en nabij zijn, met name met
34
onze dienstverlening in het sociaal domein. We streven naar een toegankelijk voorzieningenaanbod voor alle inwoners. In het fysieke domein zetten we in op het verbeteren van de toegankelijkheid van voorzieningen en openbaar vervoer. We richten ons vooral ook op het tegengaan van eenzaamheid. We benutten beschikbare faciliteiten in de kernen optimaal. Dit doen we door een betere benutting van bestaande locaties zoals dorpshuizen en het betrekken van andere partijen zoals kerk- en geloofsgemeenschappen, zorginstellingen en sportverenigingen. We maken ontmoetingsplekken breed toegankelijk en aantrekkelijk voor alle inwoners. Om zo de verbinding tussen wonen en zorg te bevorderen en sociale interactie te bevorderen. Daarbij stimuleren we innovatieve (particuliere/maatschappelijke) initiatieven gericht op gezond samenleven, ontmoeten en bewegen. Externe veiligheid en evenementen Als gemeente dragen we zorg voor een veilige samenleving. Dit doen we door het voorkomen, beperken en bestrijden van branden, rampen en crises. In de Omgevingswet wordt aandacht gevraagd de voor externe veiligheid. Daarbij gaat het om risico’s voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen.
Daarnaast hebben we een aantal belangrijke risicovolle bedrijven: SEVESO-inrichtingen. Risicovolle bedrijven hebben gevaarlijke stoffen in opslag of werken daarmee. In onze gemeente zijn drie van deze bedrijven gevestigd, waarvan de provincie het bevoegd gezag is. De bedrijven bevinden zich in de buurt van Arkel (TREMCO), Groot-Ammers (Akzo Nobel) en Wijngaarden (N.V. Nederlandse Gasunie). Ook bevinden zich in de gemeente een aantal Besluit externe veiligheid inrichtingen (BEVI). Dit zijn onder andere LPG–stations. Als gemeente zijn we ons bewust van deze locaties en houden rekening met de impact op de leefomgeving en de leefbaarheid.
We streven als gemeente naar een zo veilig mogelijke gemeente met een veilig woon-, leef- en werkklimaat. Voor de externe veiligheid zetten we in op zo laag mogelijke risico’s voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. De omgeving maakt effectief en snel optreden van hulpdiensten mogelijk. Gebouwen, de directe omgeving en gebieden worden zo ingericht dat aanwezigen zich in bij een incident snel in veiligheid kunnen brengen. De vluchtroutes (ook in gebouwen) zijn ook geschikt voor mensen met een beperking en voor hulpdiensten, die gewonden in veiligheid brengen.
Jaarlijks worden er in de gemeente meerdere evenementen gehouden. Evenementen dragen bij aan de leefbaarheid en het samenhorigheidsgevoel, maar kunnen ook risico’s met zich meebrengen op het gebied van veiligheid en (parkeer)overlast. We willen als gemeente evenementen mogelijk maken die passend zijn bij de schaal en de identiteit van Molenlanden. We maken daarin een zorgvuldige afweging bij het aanwijzen van locaties en de invulling.’
We hebben in de gemeente te maken met het vervoer van gevaarlijke stoffen via het spoor, het water en de weg. Routes zijn de Lek, de spoorweg, de snelwegen aan de randen van de gemeente en de N-wegen. Door de minister van Infrastructuur en Milieu is er voor de gemeente één routeringsbesluit genomen. Deze route moet voor bepaalde gevaarlijke stoffen worden gebruikt. De route komt na de A15 en loopt tot aan de Vlietskade in Arkel.
Molenlanden 35