CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Eindrapport Accomodatie, Vastgoed- en Tarievenbeleid

Raadsvergadering 20 april 2021, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid17.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Vastgoed-, accommodatieen tarievenbeleid

Molenlanden Eindrapport

Aan

Gemeente Molenlanden

Van

Hospitality Group

Nijverheidsweg-Noord 78 Postbus 2186

3800 CD AMERSFOORT Auteur(s)

Dick Leijen Project

Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid Betreft

Eindrapport Ons kenmerk

001663/R210011.d01/DL/CL Datum

22 maart 2021

© 2021 Hospitality Group Behoudens uitzonderingen door de wet gesteld mag, zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de

rechthebbenden c.q. door de rechthebbenden gemachtigden, niets uit deze uitgave worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins, hetgeen ook van toepassing is op de gehele of gedeeltelijke bewerking.

2

Inhoud Samenvatting ...........................................................................................................5

1

2

3

4

0.1

Context .......................................................................................................5

0.2

Uitgangspunten...........................................................................................5

0.3

Van uitgangspunten naar beleid ..................................................................7

0.4

Financiële gevolgen ...................................................................................13

Context ...........................................................................................................14 1.1

Aanleiding.................................................................................................14

1.2

Werkwijze..................................................................................................14

1.3

Leeswijzer .................................................................................................15

1.4

Covid-19...................................................................................................16

Uitgangspunten ...............................................................................................17 2.1

Inleiding....................................................................................................17

2.2

Accommodaties in Molenlanden ................................................................17

2.3

Algemene uitgangspunten, accommodatievisie .........................................19

2.4

Uitgangspunten accommodatie-, vastgoed- en tarievenbeleid...................21

Het toekomstige aanbod van accommodaties ..................................................23 3.1

Inleiding....................................................................................................23

3.2

Het toekomstige accommodatieaanbod .....................................................23

3.3

Aangrijpingspunten...................................................................................25

3.4

Financiële gevolgen ...................................................................................27

Eigendom en beheer ........................................................................................28 4.1

Inleiding....................................................................................................28

4.2

De verantwoordelijkheid van de gemeente.................................................28

4.3

Eigendom ..................................................................................................30

4.4

Beheer.......................................................................................................34

4.5

De overige accommodaties........................................................................38

4.6

Duurzaamheid...........................................................................................40

4.7

Financiële gevolgen ...................................................................................41 3

5

6

Tarieven ..........................................................................................................42 5.1

Inleiding....................................................................................................42

5.2

De buitensport ..........................................................................................42

5.3

De binnensport .........................................................................................45

5.4

De dorpshuizen/MFA’s ..............................................................................47

5.5

Financiële gevolgen ...................................................................................48

Financiële gevolgen .........................................................................................49 6.1

Inleiding....................................................................................................49

6.2

Voorbereidingsbudget...............................................................................49

6.3

Totaaloverzicht financiële gevolgen...........................................................50

Bijlage 1: Overzicht per kern ..................................................................................53 Bijlage 2: Beoordelingskader ..................................................................................57 Bijlage 3: Basisvoorziening.....................................................................................58 Bijlage 4: Harmonisatievoorstel Buitensport ...........................................................59 Bijlage 5: Harmonisatievoorstel Zwembaden ..........................................................60 Bijlage 6: Uitwerking Vastgoedbeleid......................................................................61 Bijlage 7: Activiteitenoverzicht ...............................................................................62

4

Samenvatting 0.1 Context De gemeente Molenlanden beschikt over een gevarieerd en fijnmazig gespreid aanbod van binnen- en buitensportaccommodaties, dorpshuizen, multifunctionele accommodaties en zwembaden. Vanwege de gemeentelijke fusie is het van belang dat nieuw beleid wordt ontwikkeld rond deze accommodaties omdat:  Er grote verschillen zijn in de voorwaarden (tarieven, huur, beheeropzet)

waaronder verenigingen en stichtingen in de twee voormalige gemeenten gebruik maken van de accommodaties. Die verschillen moeten worden weggenomen om te komen tot een ‘gelijk speelveld’ in Molenlanden (harmoniseren).

 Vraag en aanbod van accommodaties niet overal in evenwicht lijken. Voor

sommige typen accommodaties lijkt sprake van overcapaciteit, voor andere typen geldt meer een kwaliteitsprobleem.

 Gemeente Molenlanden stevige ambities heeft op het gebied van bewegen,

sporten, ontmoeten en participatie. Accommodaties kunnen een belangrijke rol spelen bij het verwezenlijken van deze ambities.

Het project Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid Molenlanden is in het voorjaar van 2020 gestart. Dit rapport is het eindrapport van dat project.

0.2 Uitgangspunten Het project is gestart met een uitgebreide inventarisatie en analyse van aanbod, gebruik en beheer van de accommodaties in Molenlanden en de verschillen tussen de beide voormalige gemeenten. Op basis van die inzichten zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd voor het toekomstige Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid: Versterken samenhang en samenwerking

Teveel accommodaties in Molenlanden functioneren op zichzelf, zonder dat er samenhang is/wordt samengewerkt met andere accommodaties. Dat belemmert de realisatie van de ambities van de gemeente Molenlanden, de maatschappelijke partners en de verenigingen zelf op het gebied van bewegen, sport en het sociale domein. Versterking van samenhang en samenwerking is daarom een belangrijk uitgangspunt voor het toekomstige accommodatiebeleid. Dat uitgangspunt zal tot uitdrukking moeten komen in: 5

 Het blijven inzetten op samengestelde accommodaties waar bewegen, onderwijs,

ontmoeten, sport, welzijn en zorg onder één dak of binnen een beperkt ruimtelijk gebied worden aangeboden.

 Het versterken van de samenwerking, ook in beheer, tussen de partijen in deze brede maatschappelijke voorzieningen.

Kerngericht

De sterke sociale samenhang binnen de kernen is een, zo niet dé, kracht van de gemeente Molenlanden. Het uitgangspunt ‘versterken samenhang en samenwerking’ moet daarom vooral binnen de verschillende kernen worden ingezet. Genoeg capaciteit, onvoldoende kwaliteit

De analyse van het bestaande aanbod van accommodaties en de bezettingsgraden laten zien dat Molenlanden over ruim voldoende accommodaties beschikt. Sterker nog, de te verwachte daling van de vraag/behoefte aan bijvoorbeeld sportaccommodaties zal er toe leiden dat her en der overcapaciteit gaat ontstaan. Gemeentebreed kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van een groot capaciteitsprobleem. Er is wel sprake van een kwaliteitsprobleem, vooral in voormalig Molenwaard. Daar zijn (te)veel verouderde, op zichzelf functionerende binnensportaccommodaties en dorpshuizen aanwezig. Ingezet wordt op vernieuwing van het accommodatieaanbod in voormalig Molenwaard. Zeggenschap

Het realiseren van de vorige drie uitgangspunten, veronderstelt een bepaalde mate van zeggenschap van de gemeente Molenlanden over de ontwikkelrichting van accommodaties en de bijdrage die zij leveren aan de sociale en sportieve opgave in Molenlanden. Die invloed/zeggenschap wil de gemeente vooral uitoefenen door afspraken te maken met verenigingen en stichtingen, maar niet door zelf een rol te vervullen in beheer en exploitatie. Duurzaamheid

Gemeenten hebben de wettelijke opgave om in 2050 energieneutraal te zijn. De gemeente Molenlanden heeft voor zichzelf een hoger ambitieniveau neergelegd en wil dit doel eerder behalen. De gemeente Molenlanden beschikt over een aantal nieuwe en eigentijdse accommodaties (bijvoorbeeld de MFA’s), waarin de nieuwste inzichten zijn toegepast op het gebied van duurzaamheid. Er zijn echter ook

6

accommodaties met matige tot slechte duurzaamheidsprestaties. Het uitgangspunt is om de komende jaren de duurzaamheidsprestaties van de accommodaties sterk te verbeteren en dan vooral van de accommodaties waar de grootste energiewinst te behalen valt. Harmoniseren, niet uniformeren

Er is op dit moment sprake van grote verschillen in eigendom, beheer en tarieven voor de accommodaties tussen de beide voormalige gemeenten, maar ook binnen elke voormalige gemeente. Die verschillen zijn te groot om ongemoeid te laten. Het is noodzakelijk dat de tarieven voor de eindgebruikers (de verenigingen) en de voorwaarden waaronder beherende instellingen de accommodaties moeten beheren en exploiteren worden geharmoniseerd. Daartoe is het niet nodig om te komen tot uniforme constructies voor eigendom en beheervorm (uniformeren). Het is wel nodig om te komen tot een ‘gelijk speelveld’, ongeacht de situatie van eigendom en beheer. Harmonisatie is het meest van belang voor de voetbalaccommodaties, gevolgd door de binnensport, gevolgd door de zwembaden en de dorpshuizen/MFA’s.

7

Direct in plaats van indirect subsidiëren

Voor meerdere accommodaties geldt op dit moment dat de tarieven voor de verenigingen laag worden gehouden (gesubsidieerd) om de betaalbaarheid van de accommodaties te waarborgen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de binnensport in voormalig Molenwaard. Door deze relatief lage tarieven kunnen zulke accommodaties niet kostendekkend worden geëxploiteerd waardoor de beherende instellingen een exploitatiebijdrage van de gemeente (indirecte subsidie) ontvangen. In voormalig Giessenlanden betalen de verenigingen wel een kostendekkend tarief, maar zij worden rechtstreeks gesubsidieerd door de gemeente om dit hoge tarief te kunnen betalen (directe subsidie). Uitgangspunt is dat – daar waar mogelijk – indirecte subsidies afgebouwd en vervangen worden door directe subsidies. Realistische ambitie

Op basis van de bovenstaande uitgangspunten zijn voorstellen uitgewerkt voor investeringen in accommodaties en voor het harmoniseren van eigendom, beheer en tarieven. Deze voorstellen brengen elk structurele kosten met zich mee. De gemeente heeft de intentie om al deze voorstellen in de praktijk te realiseren. Voorwaarde is echter dat voldoende financiële ruimte aanwezig moet zijn in de gemeentebegroting. Die financiële ruimte is leidend voor de mate waarin en het tempo waarop de voorstellen worden uitgevoerd.

0.3 Van uitgangspunten naar beleid De uitgangspunten zijn vervolgens, in overleg met de verenigingen en stichtingen die de accommodaties beheren en gebruiken, verder uitgewerkt naar concreet beleid. Daarbij is in dit rapport onderscheid gemaakt naar:  Het toekomstige aanbod van accommodaties, waarin voorstellen worden gedaan voor verbetering van het aanbod van accommodaties.

 Eigendom en beheer, waarin voorstellen worden gedaan voor het eigendom van de accommodaties, de wijze van beheren en exploiteren en de rol van de gemeente.

 Tarieven, waarin voorstellen worden gedaan voor de toekomstige

tarieven/voorwaarden voor het gebruik van de accommodaties door de verenigingen.

Hiernavolgend worden de voorstellen samengevat weergegeven. 8

Het toekomstige aanbod

De analyse van het bestaande aanbod van accommodaties en de bezettingsgraden laten zien dat Molenlanden over ruim voldoende accommodaties beschikt. Kortom, er is geen aanleiding of behoefte om de capaciteit van accommodaties in Molenlanden uit te breiden of op dit moment sterk in te krimpen. Er is eenvoudigweg geen groot capaciteitsprobleem in de gemeente Molenlanden.

9

Dit neemt niet weg dat er wel degelijk tekortkomingen zijn in het bestaande aanbod van accommodaties. Die tekortkomingen hebben betrekking op kwaliteit, samenhang en samenwerking. Het is wenselijk dat deze problemen de komende jaren worden opgelost. Concreet wordt worden de volgende veranderingen voorgesteld:  Vervangende nieuwbouw van Sporthal De Klipper in Nieuw-Lekkerland. De

sporthal De Klipper heeft het einde van de technische levensduur bereikt. Het is

wenselijk dat deze sporthal de komende jaren zal worden vervangen, bij voorkeur als onderdeel van de gebiedsontwikkeling West. Doel is om te komen tot een

eigentijdse sporthal die geschikt is voor trainingen en competitieverplichtingen van de binnensportverenigingen en voor het bewegingsonderwijs.

 Vervangende nieuwbouw van dorpshuis en gymzaal in Ottoland. In de kern

Ottoland zijn ook twee sterk verouderde accommodaties gevestigd. Het betreft

het dorpshuis en de gymzaal. Het is wenselijk dat ook voor deze accommodaties

(op termijn) vervangende nieuwbouw zal plaatsvinden, bij voorkeur in samenhang met elkaar en met de school.

 Vervangende nieuwbouw van dorpshuis en gymzaal in Streefkerk. Voor de kern Streefkerk geldt hetzelfde als Ottoland. Ook in Streefkerk zijn het dorpshuis en

de gymzaal verouderd en is vernieuwing van het aanbod wenselijk, bij voorkeur in samenhang.

 Beperkte multifunctionele ruimte in nieuwe school Groot-Ammers.

 Aanpassen van de ontmoetingsruimte in Poortzicht of De Veste om op die manier te komen tot één centrale accommodatie in Nieuwpoort, in overleg met de

beheerscommissie, Talani en de verenigingen die zijn gehuisvest in Het Arsenaal. Er zijn realistische mogelijkheden om de komende jaren deze voorstellen te realiseren. De gemeente Molenlanden heeft, samen met de schoolbesturen, een Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor de scholen voor het Primair Onderwijs ontwikkeld. In dat IHP zijn voorstellen opgenomen die volop kansen bieden voor verbetering van de kwaliteit van de maatschappelijke accommodaties in Molenlanden. De belangrijkste aangrijpingspunten/kansen liggen in Groot-Ammers (realisatie van een MFA), in Streefkerk en in Ottoland. Voor Goudriaan geldt dat een haalbaarheidsstudie voor een MFA wordt voorgesteld. Ook in Goudriaan zal vernieuwing van onderwijshuisvesting plaatsvinden. In deze kern zijn – naast het onderwijs - meerdere accommodaties gevestigd (Multistee, jongerenhome, kinderopvang). Deze accommodaties zijn functioneel en technisch in voldoende tot goede staat. Er is daarom geen directe reden om deze accommodaties te vervangen.

10

Aan de andere kant geldt dat de investeringen in onderwijshuisvesting een kans bieden om te komen tot een MFA in Goudriaan. Als deze kans nu niet wordt aangegrepen zal er de komende tientallen jaren geen sprake kunnen zijn van een MFA in Goudriaan. De investeringen die zijn gemoeid met alle voorstellen bedragen circa € 10,4 miljoen. Als al deze vernieuwingen/verbeteringen worden gerealiseerd leidt dit op termijn tot structurele meerkosten van € 252.000,-- voor de gemeente (na 2030 als ook vernieuwing in Ottoland heeft plaatsgevonden).

11

Eigendom en beheer Eigendom

Uitgangspunt voor het toekomstige beleid is dat de gemeente een rol heeft in de totstandkoming en instandhouding van accommodaties die behoren tot de cruciale maatschappelijke infrastructuur en kunnen worden gekwalificeerd als basisvoorziening. In de huidige situatie is een groot deel van deze accommodaties geen eigendom van de gemeente. De beleidslijn van de gemeente voor wat betreft het eigendom is:  De bestaande eigendomssituatie wordt gerespecteerd. Verandering van eigendom (en dan vooral overname van eigendom door de gemeente) wordt alleen

overwogen bij grote investeringen, bij nieuwe afspraken over exploitatiebijdragen of bij ‘falend’ beheer (de eigenaar waarborgt de maatschappelijke functie niet).

 Bij investeringen in nieuwe accommodaties is het uitgangspunt dat de gemeente eigenaar wordt, maar de gemeente staat ook open voor eigendom bij derden als dit aantoonbare voordelen biedt en als er voldoende garanties zijn voor continuïteit.

 De kans is reëel dat de gemeente de komende jaren verder investeert in MFA’s die een combinatie vormen van scholen en andere functies (bewegen, cultuur,

sport, welzijn en zorg). Voorgesteld wordt dat de gemeente eigenaar wordt van deze MFA’s indien:

 De mate van samengesteldheid hoog is (waarmee een noodzaak ontstaat voor gemeentelijk eigendom).

 De bijdrage aan de sportieve en sociale opgave hoog is (waardoor het wenselijk is dat de gemeente eigenaar is).

 Ook voor de MFA’s geldt dat de gemeente open staat voor andere

eigendomsconstructies als dat aantoonbare voordelen biedt en als dat voldoende garanties biedt.

Gebruikerbeheer

De gemeente wil zich niet nadrukkelijk mengen in de wijze waarop accommodaties worden beheerd en geëxploiteerd. De gemeente wil daarmee de kracht en creativiteit van de samenleving in de verschillende kernen volledig tot hun recht te laten komen. Dit neemt niet weg dat voor één type accommodatie wel een andere opzet van beheer en exploitatie wordt voorgesteld. Het betreft de grotere binnensportaccommodaties (sporthallen en sportzalen). Dit zijn accommodaties die

12

over het algemeen een kernoverstijgende functie vervullen. Het is wenselijk dat de verdeling van de capaciteit (het maken van de roosters, het inplannen van competities, et cetera) dan ook niet per kern plaatsvindt, maar overkoepelend over de kernen. Ook is het wenselijk dat verenigingen en andere gebruikers over één aanspreekpunt gaan beschikken waar zij terecht kunnen voor hun aanvragen.

13

In de huidige situatie worden de sporthallen en sportzalen beheerd en geëxploiteerd door verschillende partijen. Op dit moment zijn de Til Groep, Sportfondsen, Optisport en de beheerscommissie Poortzicht actief. Het accommodatiebeleid zet in op het bundelen van beheer en exploitatie van de sporthallen en sportzalen binnen één organisatie. Voorgesteld wordt dat – voor het beheer en exploitatie van de grotere binnensportaccommodaties – gesprekken worden gestart met de Til Groep onder voorwaarde dat:  De financiële aanbieding van de Til-Groep de toets der kritiek kan doorstaan, te controleren door middel van een benchmark.

 Gekomen wordt tot goede prestatieafspraken over het beheer en exploitatie. Indien niet aan deze voorwaarden kan worden voldaan, dan zullen de sporthallen (in ieder geval De Klipper en De Reiger) als pakket worden aanbesteed. Programmabeheer

Eén van de belangrijke uitgangspunten voor het toekomstige accommodatie- en vastgoed beleid is meer samenhang en samenwerking. Dat uitgangspunt is belangrijk om accommodaties een stevige rol te laten vervullen voor beweegstimulering en activiteiten voor ouderen, chronisch zieken, mensen met een beperking en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Voorgesteld wordt om programmabeheer in Molenlanden te introduceren. Dit door middel van buurtsportcoaches voor het programmabeheer van (clusters van) accommodaties waar samenhang en samenwerking de meeste kansen hebben. Het betreft de accommodaties in Nieuw-Lekkerland, Groot-Ammers, Giessenburg en Nieuwpoort. Voorgesteld wordt om het najaar van 2021 te gebruiken om nut en noodzaak van het programmabeheer verder te onderbouwen in relatie tot het te ontwikkelen sportbeleid. Op dat moment kan ook worden bepaald of programmabeheer moet leiden tot een extra inzet van buurtsportcoaches, of dat kan worden volstaan met de inzet van de bestaande buurtsportcoaches. Indien programmabeheer wordt geïntroduceerd, dan wordt voorgesteld om dit te beperken tot de jaren 2022 tot en met 2024. Daarna zullen de verenigingen en stichtingen binnen de clusters het programmabeheer volledig zelf uitvoeren. Buitenbaden

De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van de uitgangspunten voor het accommodatie- en vastgoedbeleid specifiek aandacht gevraagd voor de buitenbaden. De raad is van mening dat de maatschappelijke functie van de 14

buitenbaden zodanig is dat een bepaalde rol van de gemeente in de instandhouding van deze accommodaties gewenst is. Die gemeentelijke rol kan beperkter zijn dan voor de eerder genoemde accommodaties, maar zeker niet nihil. Bovendien zijn er kansen om de maatschappelijke functie van de buitenbaden te versterken. Daar komt nog bij dat harmonisatie geboden is. Er zijn op dit moment vier buitenbaden verzelfstandigd en twee buitenbaden niet (Nieuw-Lekkerland en Groot-Ammers). Voorgesteld wordt:  Beheer en exploitatie van alle buitenbaden wordt verzelfstandigd. Dat houdt in

dat lokale verenigingen of stichtingen verantwoordelijk worden (voor zover nog niet het geval) voor beheer en exploitatie van de buitenbaden.

 De gemeente houdt – ondanks de verzelfstandiging – een rol in het

eigenaarbeheer van de buitenbaden. De kosten en de complexiteit van het grote

onderhoud van de baden zijn dusdanig dat die redelijkerwijs niet volledig kunnen worden gedragen door de stichtingen en verenigingen. De gemeentelijke rol omvat:

 Het opstellen van MeerjarenOnderhoudsplannen per zwembad.

 Het aanleggen van een reserve voor het grote planmatig onderhoud, waarbij wordt voorgesteld dat de gemeente 80% van de kosten voor haar rekening

neemt en de verenigingen/stichtingen 20% (het aandeel van de verenigingen en stichtingen al dan niet door zelfwerkzaamheid).

 Het ter beschikking stellen van middelen uit het fonds aan de stichtingen en verenigingen voor het uitvoeren van het grote planmatige onderhoud en periodiek controleren van de uitvoering van het grote en kleine

gebruikersonderhoud, dat de verantwoordelijkheid is van de verenigingen en stichtingen.

Ook de voorstellen op het gebied van eigendom en beheer hebben financiële gevolgen. De structurele meerkosten van deze voorstellen tezamen bedragen circa € 32.000 per jaar. Dat bedrag is als volgt opgebouwd:  Gebundeld beheer grotere binnensportaccommodaties: De gemeente

Molenlanden stelt jaarlijks een exploitatievergoeding beschikbaar voor de

exploitatie van De Klipper, De Reiger en Poortzicht. Verwacht mag worden dat – bij invoering van gebundeld beheer – de exploitatiebijdrage voor deze

accommodaties (althans die voor De Klipper en De Reiger) lager wordt. De exacte besparing hangt vanzelfsprekend af van de onderhandelingen met de Til-Groep. De financiele consequenties zijn daarom vooralsnog als PM-post opgenomen.

15

 Kosten voor programmabeheer: In dit hoofdstuk is voorgesteld om

programmabeheer in te voeren voor vier clusters van accommodaties. Ook is

voorgesteld om in dit najaar het nut en de noodzaak verder te onderbouwen in

relatie tot het te ontwikkelen sportbeleid. Pas daarna kan worden bepaald of en in welke mate extra inzet van buurtsportcoaches wenselijk is.

 De meerkosten voor de instandhouding van de buitenbaden bedragen jaarlijks

circa € 32.000,--. De voorgestelde harmonisatie leidt enerzijds tot hogere kosten voor de gemeente (80% storting in onderhoudsfonds), anderzijds tot het beëindigen van de exploitatiebijdragen aan Optisport en Sportfondsen.

 In totaal leiden de voorstellen op het gebied van eigendom en beheer tot structurele meerkosten van € 32.000,-- per jaar.

Tarieven De buitensport

Er zijn grote verschillen tussen het beleid van de beide voormalige gemeenten als het gaat om de buitensportaccommodaties/voetbal. De verschillen in het beleid van de beide voormalige gemeenten leiden in de praktijk ook tot grote verschillen in de kosten die de verenigingen moeten dragen. Daarbij geldt dat die verschillen geen betrekking hebben op de kleed-/clubgebouwen. Die kosten zijn voor alle verenigingen min of meer vergelijkbaar. De verschillen hebben wel betrekking op de kosten voor de velden en de parkinfrastructuur. Die kosten zijn voor de verenigingen uit voormalig Giessenlanden twee tot drie keer zo hoog dan de verenigingen uit voormalig Molenwaard. Ook voor VV De Zwerver (voormalig Molenwaard) zijn de kosten te hoog. Om te komen tot een geharmoniseerde situatie dienen de volgende veranderingen te worden doorgevoerd voor de verenigingen in voormalig Giessenlanden en voor VV De Zwerver: 1. De gemeente Molenlanden dient de eigenaarslasten, die voortvloeien uit het

eigendom van de velden en parkinfrastructuur, in de toekomst over te nemen van de verenigingen. Daarbij geldt dat dit uitsluitend geldt voor de eigenaarslasten

die gevolgen hebben voor liquiditeit (bijvoorbeeld wel rente, geen afschrijving).

2. De gemeente Molenlanden dient de kosten voor renovatie/vervanging van de

velden en de parkinfrastructuur in de toekomst voor haar rekening te nemen.

3. De gemeente Molenlanden dient het verschil in netto onderhoudskosten te compenseren aan de verenigingen in voormalig Giessenlanden.

16

De binnensport

In voormalig Giessenlanden betalen de verenigingen bijna het dubbele tarief van de verenigingen in voormalig Molenwaard. Echter, in voormalig Giessenlanden ontvangen de verenigingen een subsidie voor de zaalhuur (50% van de zaalhuur), waardoor zij uiteindelijk netto ongeveer hetzelfde betalen als de verenigingen in voormalig Molenwaard. Dat brengt de opgave voor het harmoniseren van de tarieven tot een relatief eenvoudige oplossing. De gemeente dient een keuze te maken voor één van de twee systematieken van de voormalige gemeenten De gemeente Molenlanden heeft met het vaststellen van de uitgangspunten gekozen om minder in te zetten op indirecte subsidies (tarieven laag houden en exploitanten subsidiëren) en dit te vervangen door directe subsidies (tarieven kostendekkend en direct subsidiëren van de verenigingen). Dit uitgangspunt houdt direct in dat het Giessenlandse model als vertrekpunt gaat dienen voor het harmoniseren van de tarieven voor de binnensport. Dat houdt in dat de tarieven die in de accommodaties van deze voormalige gemeente worden gehanteerd, ook in voormalig Molenwaard gaan gelden. De dorpshuizen/MFA’s

De tarieven, die verenigingen en andere gebruikers betalen in de dorpshuizen, verschillen onderling. Daarbij moet direct worden opgemerkt dat het gebodene onderling ook sterk verschilt. Die verschillen hebben te maken met de kwaliteit van de accommodaties, maar ook – of juist vooral – met het serviceniveau. Voor de dorpshuizen/MFA’s wordt voorgesteld om vooralsnog niet tot harmonisering van de tarieven over te gaan. De volgende argumenten worden daarvoor aangevoerd:  De onvergelijkbaarheid: De verschillen tussen de dorpshuizen en MFA’s in termen van kwaliteit van de accommodatie, uitstraling, functionaliteit en serviceniveau zijn zeer groot. Die verschillen mogen tot uitdrukking komen in afwijkende

tarieven. Bijvoorbeeld de verschillen tussen de accommodaties zijn veel groter dan bij de binnensport. Bij de binnensport gelden ook verschillen in kwaliteit, uitstraling en ouderdom, maar niet in functionaliteit (een gymzaal is een gymzaal).

 De noodzaak ontbreekt: Er zijn weliswaar verschillen in de tarieven, maar de

tarieven zijn niet dusdanig hoog dat gemeentelijk ingrijpen noodzakelijk is. De

tarieven liggen iets boven het landelijke gemiddelde, maar dat geldt ook voor de binnensport.

17

 De afdwingbaarheid: De gemeente beschikt nauwelijks over een instrumentarium om de tarieven in de dorpshuizen/MFA’s te harmoniseren. De vele verzelfstandigingen maken dat nauwelijks mogelijk.

 De ontwikkeling van MFA’s: In hoofdstuk 3 is beschreven dat in voormalig Molenwaard de kans reëel is dat – in samenhang met het Integraal

Huisvestingsplan Primair Onderwijs – vernieuwing van het aanbod van

dorpshuizen/MFA’s gaat plaatsvinden. Die vernieuwing zal ertoe leiden dat zowel op het gebied van kwaliteit, als functionaliteit en serviceniveau de verschillen tussen de accommodaties onderling verder verkleinen. Dat zal ongetwijfeld vanzelf ook leiden tot kleinere verschillen in de tarieven.

De harmonisatie van de buitensport heeft financiële gevolgen voor de gemeente. De structurele meerkosten bedragen € 251.000,-- per jaar. Harmoniseren van de tarieven voor de binnensport is budgettair neutraal, wat ook geldt voor dorpshuizen/MFA’s.

0.4 Financiële gevolgen In de volgende tabel zijn de uiteindelijke structurele financiële gevolgen van alle voorstellen weergegeven (vanaf het jaar 2030). De verdere uitsplitsing is in hoofdstuk 6 weergegeven. Voorstel Aanbod van accommodaties

Bedrag €

252.000

Programmabeheer

€

-

Gebundeld beheer binnensport

€

PM

Subtotaal

€

PM

Harmoniseren buitensport

€

251.000

Harmoniseren zwembaden

€

32.000

Harmoniseren binnensport

€

-

Subtotaal

€

283.000

Eigendom en beheer

Harmoniseren

18

TOTAAL

€

535.000

Uit de tabel blijkt dat de structurele meerkosten uiteindelijk € 535.000,-- per jaar zullen bedragen.

1

Context

1.1 Aanleiding De gemeente Molenlanden is een herindelingsgemeente die in 2019 is ontstaan na een fusie van de gemeenten Giessenlanden en Molenwaard. Binnen de twee voormalige gemeenten is een verschillend beleid gevoerd met betrekking tot vastgoed en maatschappelijke accommodaties. Nu de gemeentelijke fusie een feit is, moet het bestaande beleid worden geharmoniseerd en toekomstbestendig worden ingericht. Er is een visie nodig over hoe op lange termijn binnen de gehele gemeente omgegaan moet worden met accommodaties en maatschappelijk vastgoed. Hospitality Group heeft de gemeente ondersteund bij de ontwikkeling van het Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid. In april 2020 is het project gestart. Dit document is het eindrapport. Dit rapport geeft een samengevatte beschrijving van de huidige situatie, van de uitgangspunten voor het toekomstige accommodatiebeleid en de uitwerking van dat toekomstige accommodatiebeleid.

1.2 Werkwijze In de volgende figuur is schematisch weergegeven welke activiteiten zijn uitgevoerd in het kader van dit project. Daarna wordt elk van de onderwerpen kort toegelicht. Figuur 1: Onze werkwijze op hoofdlijnen.

19

Inventarisatie en analyse Gestart is met het inventariseren en analyseren van de bouwstenen. Bouwstenen zijn alle gegevens die nodig zijn voor het onderbouwd ontwikkelen van Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid. De volgende onderwerpen zijn geïnventariseerd:  De kenmerken van de kernen: Gegevens over het aantal inwoners, de

samenstelling naar leeftijdsgroepen, sociaaleconomische kenmerken, participatie en leefstijlen zijn per kern in beeld gebracht.

20

 Het aanbod van accommodaties: De belangrijkste kenmerken van de

accommodaties in Molenlanden zijn in kaart gebracht. Het betreft gegevens over de capaciteit (oppervlakten, aantal velden, et cetera), de kwaliteit, de

functionaliteit (waar zijn de accommodaties geschikt voor?) en het gebruik/de bezetting. Dit is opgehaald door middel van het bestuderen van schriftelijke

gegevens, het bezoeken van accommodaties en het voeren van gesprekken met een groot aantal vertegenwoordigers van gebruikers of beheerders van de accommodaties.

 De sociale en sportieve opgave en beleidsspeerpunten: De opgaves in het sociale

domein, op het gebied van sportdeelname, gezondheid en de ruimtelijke opgaves zijn geïnventariseerd. De inventarisatie is uitgevoerd door het bestuderen van tal van beleidsdocumenten en door middel van gesprekken met beleidsverantwoordelijken binnen de gemeente.

 Ontwikkelingen: Ontwikkelingen die van invloed zijn op het toekomstige aanbod of vraag aan accommodaties zijn in beeld gebracht; de bevolkingsprognoses, de ruimtelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen in het accommodatieaanbod. Visie en uitgangspunten Al deze gegevens zijn in samenhang geanalyseerd, waarna conclusies zijn getrokken over de verschillen tussen de voormalige gemeenten, over de verhouding tussen vraag en aanbod en over de toekomstbestendigheid van aanbod en beheer van accommodaties. Vervolgens zijn algemene uitgangspunten geformuleerd (visie) en is er een eerste vertaling van de uitgangspunten gemaakt naar het accommodatiebeleid, het vastgoedbeleid en het tarievenbeleid. Dit alles is vervolgens neergelegd in een Uitgangspuntennotitie die in oktober 2020 door de raad is vastgesteld. Uitwerking

Na vaststelling van de Uitgangspuntennotitie is het toekomstige Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid verder uitgewerkt. Daarbij is samengewerkt met zowel de stichtingen en verenigingen die de accommodaties gebruiken en beheren als met verschillende disciplines binnen de gemeentelijke organisatie. Al deze partijen hebben deelgenomen aan meerdere bijeenkomsten waarin voorstellen voor de uitwerking zijn besproken, van commentaar voorzien en zo nodig aangepast. Stand van zaken Dit is het eindrapport van het project. Dit eindrapport vormt de basis voor het Raadsvoorstel waar de gemeenteraad in april een besluit over zal nemen.

21

1.3 Leeswijzer Dit rapport is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 is een samenvatting gegeven van de belangrijkste kenmerken van de huidige situatie van vraag en aanbod van accommodaties in Molenlanden. In dat hoofdstuk is ook een samenvatting gegeven van de uitgangspunten die in het najaar van 2020 door de raad zijn vastgesteld. In de hoofdstukken daarna treft u de uitwerking aan van het Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het toekomstige aanbod van accommodaties. In hoofdstuk 4 treft u de uitwerking aan van de onderwerpen eigendom en beheer van de accommodaties. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de toekomstige tarieven.

1.4 Covid-19 Ter inleiding op dit rapport moet worden vermeld dat geen rekening is gehouden met de mogelijke gevolgen van Covid-19. Alle accommodaties hebben vanaf medio maart 2020 stevige nadelige effecten van deze crisis ondervonden. Die effecten zijn voor een deel éénmalig (tijdelijk wegvallen van bezetting en inkomsten), maar kunnen ook structureel zijn (verlies van gebruikers en vrijwilligers, continuïteitsproblemen). Het is op dit moment niet mogelijk om een inschatting te maken van de structurele effecten. De gemeente Molenlanden heeft zich vanaf de start sterk gemaakt om de verenigingen en stichtingen te ondersteunen, al dan niet via landelijke regelingen (bijvoorbeeld Tegemoetkoming Verhuur Sportaccommodaties).

22

2

Uitgangspunten

2.1 Inleiding In het vorige hoofdstuk is al vermeld dat het nieuwe Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid is gebaseerd op een uitvoerige inventarisatie van vraag en aanbod van accommodaties in Molenlanden. In dit hoofdstuk worden de conclusies van die inventarisatie samengevat beschreven. Daarna worden de uitgangspunten voor het toekomstig Vastgoed-, Accommodatie- en Tarievenbeleid weergegeven.

2.2 Accommodaties in Molenlanden De belangrijkste kenmerken van het huidige aanbod, beheer en gebruik van de accommodaties in Molenlanden zijn: Binnensport

Het aanbod van binnensportaccommodaties is gemeentebreed meer dan voldoende om de huidige vraag/behoefte te huisvesten. Sterker nog, gemeentebreed mag worden gesproken van een licht overschot aan binnensportaccommodatie. Kwalitatief kent het huidige aanbod de nodige tekortkomingen door een aantal sterk verouderde accommodaties (bijvoorbeeld Sporthal De Klipper) en een groot aantal beperkt functionele gymzalen. De tarieven verschillen sterk tussen de beide voormalige gemeenten, maar harmonisatie daarvan is een ‘administratief’ proces dat niet zal leiden tot nadelige gevolgen voor verenigingen en de gemeente. Voor wat betreft het beheer is ook verdere harmonisatie op zijn plaats. Buitensport

Molenlanden beschikt over een goed gespreid aanbod van buitensportaccommodaties. De kwaliteit/functionaliteit van de accommodaties is over het algemeen op orde en vraag en aanbod zijn op dit moment – althans gemeentebreed – redelijk in evenwicht. Dat neemt niet weg dat enkele verenigingen op dit moment over te weinig velden beschikken. De verschillen in eigendom, beheervorm en de rol van de gemeente zijn zeer groot tussen de accommodaties onderling. Door deze verschillen zijn de accommodatiekosten die de verenigingen zelf moeten dragen ook verschillend. Er zijn verschillen tussen de beide voormalige gemeenten, maar ook binnen een voormalige gemeente. Harmonisatie van deze verschillen is een ‘must’.

23

Dorpshuizen/MFA’s

Voor wat betreft de dorpshuizen en MFA’s kent Molenlanden twee gezichten. Aan de ene kant is er een ruim aanbod aan eigentijdse MFA’s/accommodaties in voormalig Giessenlanden. Deze accommodaties worden gekenmerkt door een goede bezetting, een professionele opzet van beheer en exploitatie en hogere tarieven (waar de gebruiker het nodige voor terugkrijgt). Aan de andere kant is er een meer sober aanbod in Molenwaard, van deels verouderde standalone dorpshuizen (met uitzondering van Het Carillon, De Beemd, De Spil en Wingerdshof), met een lappendeken aan beheerconstructies en soms een lagere bezetting en lage tarieven.

24

Het huidige aanbod in voormalig Molenwaard is in een dusdanige toestand, dat voor meerdere accommodaties getwijfeld mag worden aan de toekomstbestendigheid en de bijdrage aan de sociale opgave in de kernen. De opgave voor de dorpshuizen/MFA’s in dit project gaat dus verder dan uitsluitend harmoniseren. De opgave is ook om een perspectief te ontwikkelen, waarmee een toekomstbestendig aanbod in voormalig Molenwaard gerealiseerd kan worden. Zwembaden

Molenlanden beschikt over een historisch gegroeid aanbod aan buitenbaden. De inwoners van de verschillende kernen, waar de baden zijn gevestigd, zijn zeer gehecht aan deze baden. Dat neemt niet weg dat de functie van deze baden zich vooral richt op vrijetijdsbesteding. De zwembaden vervullen vooral een recreatieve functie en in mindere mate een functie voor de zwemactiviteiten waar gemeenten zich doorgaans verantwoordelijk voor voelen (zwemlessen, verenigingen en doelgroepsactiviteiten). Dat geldt overigens niet voor alle baden. Er zijn ook baden die wel een stevige functie vervullen voor zwemlessen en doelgroepenzwemmen. Beheer en exploitatie zijn verschillend en deze verschillen moeten worden geharmoniseerd. Samenhang

Het accommodatieaanbod in voormalig Giessenlanden vertoont meer samenhang dan het aanbod in voormalig Molenwaard. Giessenlanden beschikt over relatief veel multifunctionele accommodaties waar bewegen, onderwijs, opvang, sport, welzijn en zorg onder één dak zijn gehuisvest. In voormalig Molenwaard is dat minder het geval en treffen we nog teveel op zichzelf functionerende accommodaties aan voor buitensport (voetbal en tennis), binnensport (gymzalen, sportzalen en sporthallen) en welzijn/sociaal-culturele activiteiten (dorpshuizen) aan. Uitzonderingen in Molenwaard zijn bijvoorbeeld Poortzicht in Nieuwpoort en het Carillon Nieuw Lekkerland. Eenzelfde conclusie kan getrokken worden over beheer en exploitatie. In voormalig Giessenlanden is sprake van meer samenhang in het beheer, door de rol van de Til Groep en de stichtingen die afzonderlijke MFA’s in samenhang beheren. In voormalig Molenwaard is veel meer sprake van versnippering en verkokering van het beheer (elke accommodatie heeft zijn eigen beheervorm). Voor de buitensport geldt in beide voormalige gemeenten dat sprake is van op zichzelf functionerende accommodaties die door de betreffende verenigingen worden beheerd en geëxploiteerd.

25

De versnippering en verkokering van aanbod en beheer is een probleem. In de praktijk leidt dit tot mono-gebruik, gebrek aan samenwerking en onvoldoende bijdrage aan de sociale en sportieve opgaves in Molenlanden. Op basis van de inventarisatie zijn uitgangspunten geformuleerd (en vastgesteld) voor de accommodatievisie en de uitwerkingen van die visie naar accommodatiebeleid, vastgoedbeleid en tarievenbeleid.

26

2.3 Algemene uitgangspunten, accommodatievisie De volgende algemene uitgangspunten zijn geformuleerd en vastgesteld: Versterken samenhang en samenwerking

Teveel accommodaties in Molenlanden functioneren op zichzelf, zonder dat er samenhang is/wordt samengewerkt met andere accommodaties. Dat belemmert de realisatie van de ambities van de gemeente Molenlanden, de maatschappelijke partners en de verenigingen op het gebied van bewegen, sport en het sociale domein. Versterking van samenhang en samenwerking is daarom een belangrijk uitgangspunt voor het toekomstige accommodatiebeleid. Dat uitgangspunt zal tot uitdrukking moeten komen in:  Het blijven inzetten op samengestelde accommodaties waar bewegen, onderwijs,

ontmoeten, sport, welzijn en zorg onder één dak of binnen een beperkt ruimtelijk gebied worden aangeboden.

 Het versterken van de samenwerking, ook in beheer, tussen de partijen in deze brede maatschappelijke voorzieningen.

Kerngericht

De sterke sociale samenhang binnen de kernen is een, zo niet dé, kracht van de gemeente Molenlanden. Het uitgangspunt ‘versterken samenhang en samenwerking’ moet daarom vooral binnen de verschillende kernen worden ingezet. Genoeg capaciteit, onvoldoende kwaliteit

De analyse van het bestaande aanbod van accommodaties en de bezettingsgraden laten zien dat Molenlanden over ruim voldoende accommodaties beschikt. Sterker nog, de te verwachten daling van de vraag/behoefte aan bijvoorbeeld sportaccommodaties zal er toe leiden dat her en der overcapaciteit gaat ontstaan. Gemeentebreed kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van een groot capaciteitsprobleem. Er is wel sprake van een kwaliteitsprobleem, vooral in voormalig Molenwaard. Daar zijn (te)veel verouderde, op zichzelf functionerende binnensportaccommodaties en dorpshuizen aanwezig. Ingezet wordt op vernieuwing van het accommodatieaanbod in voormalig Molenwaard. Zeggenschap

Het realiseren van de vorige drie uitgangspunten, veronderstelt een bepaalde mate van zeggenschap van de gemeente Molenlanden over de ontwikkelrichting van 27

accommodaties en de bijdrage die zij leveren aan de sociale en sportieve opgave in Molenlanden. Die invloed/zeggenschap wil de gemeente vooral uitoefenen door afspraken te maken met verenigingen en stichtingen, maar niet door zelf een rol te vervullen in beheer en exploitatie.

28

Duurzaamheid

Gemeenten hebben de wettelijke opgave om in 2050 energieneutraal te zijn. De gemeente Molenlanden heeft voor zichzelf een hoger ambitieniveau neergelegd en wil dit doel eerder behalen. De gemeente Molenlanden beschikt over een aantal nieuwe en eigentijdse accommodaties (bijvoorbeeld de MFA’s), waarin de nieuwste inzichten zijn toegepast op het gebied van duurzaamheid. Er zijn echter ook accommodaties met matige tot slechte duurzaamheidsprestaties. Het uitgangspunt is om de komende jaren de duurzaamheidsprestaties van de accommodaties sterk te verbeteren en dan vooral van de accommodaties waar de grootste energiewinst te behalen valt. Harmoniseren, niet uniformeren

Er is op dit moment sprake van grote verschillen in eigendom, beheer en tarieven voor de accommodaties tussen de beide voormalige gemeenten, maar ook binnen elke voormalige gemeente. Die verschillen zijn te groot om ongemoeid te laten. Het is noodzakelijk dat de tarieven voor de eindgebruikers (de verenigingen) en de voorwaarden waaronder beherende instellingen de accommodaties moeten beheren en exploiteren worden geharmoniseerd. Daartoe is het niet nodig om te komen tot uniforme constructies voor eigendom en beheervorm (uniformeren). Het is wel nodig om te komen tot een ‘gelijk speelveld’, ongeacht de situatie van eigendom en beheer. Harmonisatie is het meest van belang voor de voetbalaccommodaties, gevolgd door de binnensport, gevolgd door de dorpshuizen/MFA’s. Direct in plaats van indirect subsidiëren

Voor meerdere accommodaties geldt op dit moment dat de tarieven voor de verenigingen laag worden gehouden (gesubsidieerd) om de betaalbaarheid van de accommodaties te waarborgen. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de binnensport in voormalig Molenwaard. Door deze relatief lage tarieven kunnen zulke accommodaties niet kostendekkend worden geëxploiteerd waardoor de beherende instellingen een exploitatiebijdrage van de gemeente (indirecte subsidie) ontvangen. In voormalig Giessenlanden betalen de verenigingen wel een kostendekkend tarief, maar zij worden rechtstreeks gesubsidieerd door de gemeente om dit hoge tarief te kunnen betalen (directe subsidie). Uitgangspunt is dat – daar waar mogelijk – indirecte subsidies afgebouwd en vervangen worden door directe subsidies.

29

Realistische ambitie

Op basis van de bovenstaande uitgangspunten zijn voorstellen uitgewerkt voor investeringen in accommodaties en voor het harmoniseren van eigendom, beheer en tarieven. Deze voorstellen brengen elk structurele kosten met zich mee. De gemeente heeft de intentie om al deze voorstellen in de praktijk te realiseren. Voorwaarde is echter dat voldoende financiële ruimte aanwezig moet zijn in de gemeentebegroting. Die financiële ruimte is leidend voor de mate waarin en het tempo waarin de voorstellen worden uitgevoerd.

30

2.4 Uitgangspunten accommodatie-, vastgoed- en tarievenbeleid

De algemene uitgangspunten zijn als volgt vertaald naar uitgangspunten voor het accommodatie-, vastgoed- en tarievenbeleid: Accommodatiebeleid

 Uitgangspunt voor het toekomstige accommodatiebeleid is dat de gemeente haar medeverantwoordelijkheid neemt voor accommodaties en voorzieningen die

bijdragen aan de sociale, maatschappelijke en sportieve opgave. De gemeente regelt die medeverantwoordelijkheid langs twee lijnen:

 In lijn met de genoemde opgave maakt de gemeente prestatieafspraken met partijen die sterk zijn in het beheren van die accommodaties en vanuit die

kracht deze prestaties realiseren. De gemeente respecteert de zelfstandigheid van die partijen.

 De gemeente neemt (mede)verantwoordelijkheid voor accommodaties in die gevallen waarin de samenleving gemotiveerd is voor een bijdrage aan de

sociale, maatschappelijke en sportieve opgave, maar voor de instandhouding van de benodigde accommodatie(s) onvoldoende draagkracht heeft om dat geheel zelfstandig te doen.

 Zoals eerder vermeld is samenhang en samenwerking nodig om de ambities waar te maken. Dit houdt in dat de gemeente samenwerking in beheer en programmering zal stimuleren en dat wordt gestreefd naar een

accommodatieaanbod dat zo min mogelijk fysieke barrières opwerpt voor die samenwerking.

 Het merendeel van de Nederlandse gemeenten beperkt de rol bij de

totstandkoming en instandhouding van accommodaties tot het begrip

‘basisvoorziening’. Dat lijkt een abstract begrip, maar dat is het niet. Voor vele

typen accommodaties is het begrip ‘basisvoorziening’ uitgewerkt in normen en richtlijnen voor de capaciteit en de kwaliteit. Uitgangspunt is om het begrip

‘basisvoorziening’ te hanteren voor de afbakening van de rol van de gemeente richting accommodaties.

 Uitgangspunt is om - de al ingezette richting naar brede maatschappelijk

voorzieningen en MFA’s - door te zetten. Die ontwikkeling is nodig om de

sportieve en sociale opgaves te realiseren en recreatief medegebruik van de accommodaties te stimuleren.

 De beoogde samenhang tussen bewegen, onderwijs, sport, welzijn en zorg wordt bij voorkeur vormgegeven binnen de verschillende kernen. Juist daar zijn de

sociale verbanden aanwezig die de samenwerking ‘handen en voeten’ kunnen geven.

31

 Binnen nog teveel accommodaties is de maatschappelijke functie onvoldoende

leidend in beheer en exploitatie. Uitgangspunt is dat de bijdrage aan de sociale

en sportieve opgave leidend blijft/wordt voor het optuigen van passende vormen van beheer en exploitatie. Vastgoedbeleid

Voor de cruciale infrastructuur (de binnen- en buitensport, dorpshuizen en MFA’s en dan uitsluitend die onderdelen die behoren tot de ‘basisvoorziening’) is een bepaalde vorm van gemeentelijke invloed/zeggenschap gewenst. Die invloed/zeggenschap heeft betrekking op bereikbaarheid (tarieven) en toegankelijkheid (de maatschappelijke functie). Er zijn meerdere manieren waarop deze invloed/zeggenschap kan worden vormgegeven, maar gemeentelijk eigendom is er één van (naast exploitatieovereenkomsten of het subsidie instrument). Tegelijkertijd wordt voorgesteld dat de gemeente kostendekkende huur rekent voor het gebruik van deze panden/accommodaties. Tarievenbeleid

 Voorgesteld wordt om de tarieven voor de binnensport te harmoniseren volgens

het Giessenlandse model. Dat houdt in dat kostendekkende tarieven in rekening

worden gebracht en dat verenigingen subsidie ontvangen om deze hoge tarieven te kunnen betalen.

 Voor de buitensport/voetbal is meer dan alleen harmonisatie van tarieven nodig om te komen tot een geharmoniseerde situatie. Voor de buitensport moeten in onderlinge samenhang de volgende veranderingen plaatsvinden:

 Een einddatum voor de verzelfstandiging van de buitensport in voormalig Giessenlanden.

 Een gedetailleerde uitwerking van het begrip basisvoorziening.

 Een gedetailleerde uitwerking van de verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeente en verenigingen.

 Een geharmonseerde opzet van tarieven.

 Voor de dorpshuizen/MFA’s wordt voorgesteld om vooralsnog niet tot harmonisering van de tarieven over te gaan.

 Voor de zwembaden geldt eveneens dat de tarieven niet worden geharmoniseerd.

32

3

Het toekomstige aanbod van accommodaties

3.1 Inleiding In het vorige hoofdstuk zijn de uitgangspunten voor het toekomstige accommodatiebeleid beschreven. Deze uitgangspunten zijn vervolgens vertaald naar en uitgewerkt tot concrete voorstellen voor het toekomstige aanbod, het beheer en de tarieven. In dit hoofdstuk zijn de voorstellen voor veranderingen van het accommodatieaanbod beschreven.

3.2 Het toekomstige accommodatieaanbod De analyse van het bestaande aanbod van accommodaties en de bezettingsgraden laten zien dat Molenlanden over ruim voldoende accommodaties beschikt. Voor binnen- en buitensportaccommodaties geldt dat op enkele locaties sprake is van een lichte over- of ondercapaciteit, maar het algemene beeld is dat er voldoende capaciteit is. Sterker nog, de te verwachten daling van de vraag/behoefte aan sportaccommodaties zal er toe leiden dat her en der overcapaciteit gaat ontstaan. Kortom, er is geen aanleiding of behoefte om de capaciteit van accommodaties in Molenlanden uit te breiden of op dit moment sterk in te krimpen. Er is eenvoudigweg geen groot capaciteitsprobleem in de gemeente Molenlanden. Dit neemt niet weg dat er wel degelijk tekortkomingen zijn in het bestaande aanbod van accommodaties. Die tekortkomingen hebben betrekking op kwaliteit, samenhang en samenwerking. Hiernavolgend worden de voorstellen voor elk van deze drie thema’s beschreven. Kwaliteit

Voor de meeste accommodaties in Molenlanden (en vooral die in voormalig Giessenlanden) geldt dat de functionaliteit en de kwaliteit goed op orde zijn. Echter, de gemeente beschikt ook over een aantal verouderde en onvoldoende functionele accommodaties. Zo is de kwaliteit van de binnensportaccommodaties sterk wisselend. De gemeente Molenlanden beschikt over een aantal (redelijk) nieuwe en functionele accommodaties, zoals de nieuwe sporthal in Giessenburg, de accommodatie Poortzicht in Nieuwpoort en sportvoorzieningen in de nieuwe multifunctionele accommodaties (bijvoorbeeld het Noorderhuis). Daarentegen is er ook een aanbod van relatief oude accommodaties. Dat zijn bijvoorbeeld de gymzalen in Ottoland en Streefkerk en sporthal De Klipper in Nieuw-Lekkerland.

33

Ook voor de dorpshuizen/MFA’s geldt op onderdelen een kwaliteitsprobleem. Het aanbod in voormalig Giessenlanden bestaat overwegend uit moderne en eigentijdse multifunctionele accommodaties. Het aanbod in voormalig Molenwaard kent (naast het Carillon, De Beemd, De Spil en Wingerdshof) ook nog ‘standalone’ dorpshuizen die veelal verouderd en weinig uitnodigend zijn. Het is wenselijk dat de grote kwaliteitsproblemen de komende jaren worden opgelost. Concreet wordt worden de volgende veranderingen voorgesteld. Vervangende nieuwbouw van Sporthal De Klipper in Nieuw-Lekkerland.

De sporthal De Klipper heeft het einde van de technische levensduur bereikt. Het is wenselijk dat deze sporthal de komende jaren zal worden vervangen, bij voorkeur als onderdeel van de gebiedsontwikkeling West. Doel is om te komen tot een eigentijdse sporthal die geschikt is voor trainingen en competitieverplichtingen van de binnensportverenigingen en voor het bewegingsonderwijs. Daarnaast is het wenselijk als deze nieuwe sporthal ook een functie kan vervullen voor activiteiten in het sociale domein en recreatief medegebruik (waarover later meer). De nieuwe sporthal maakt idealiter onderdeel uit van een sportieve omgeving, waarin de sporthal en de overige sportvoorzieningen in dat deel van Nieuw-Lekkerland een samenhangend cluster van voorzieningen gaan vormen. Vervangende nieuwbouw van dorpshuis en gymzaal in Ottoland

In de kern Ottoland zijn ook twee sterk verouderde accommodaties gevestigd. Het betreft het dorpshuis en de gymzaal. Het is wenselijk dat ook voor deze accommodaties (op termijn) vervangende nieuwbouw zal plaatsvinden, bij voorkeur in samenhang met elkaar en met de school. Vervangende nieuwbouw van dorpshuis en gymzaal in Streefkerk

Voor de kern Streefkerk geldt hetzelfde als Ottoland. Ook in Streefkerk zijn het dorpshuis en de gymzaal verouderd en is vernieuwing van het aanbod wenselijk, bij voorkeur in samenhang. Samenhang

Eén van de belangrijke uitgangspunten voor het accommodatiebeleid is de samenhang. Daarmee wordt bedoeld de mate waarin bewegen, onderwijs, opvang, sport en welzijn onder één dak of in één compact gebied zijn gehuisvest, in plaats van versnipperde huisvesting van die functies (elk van de functies is gevestigd in een ‘eigen’, standalone accommodatie). Het is al eerder vermeld, maar het aanbod

34

in voormalig Giessenlanden vertoont meer samenhang dan het aanbod in voormalig Molenwaard. Met name in de kernen Groot-Ammers, Ottoland en Streefkerk kan en moet de samenhang verbeterd worden. Bij realisatie van de voorstellen die onder het kopje ‘kwaliteit’ staan beschreven worden al veel van de beperkingen opgeheven, behalve voor Groot-Ammers. Eventuele verbeteringen voor GrootAmmers worden beschreven in de paragraaf ‘aangrijpingspunten’. Samenwerking

Ondanks het feit dat in sommige kernen van de gemeente verschillende accommodaties in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gevestigd, ontbreekt het daar tussen die accommodaties en verenigingen nog aan samenwerking. Een aantal gebieden binnen de gemeente heeft het in zich om – in gezamenlijkheid – nog meer te betekenen voor de inwoners dan de individuele accommodaties nu al doen. In de volgende figuur zijn die gebieden weergegeven. Het versterken van de samenwerking in die gebieden heeft overigens geen of nauwelijks fysieke gevolgen, maar wel gevolgen voor de manier van beheer en exploitatie (zie volgende hoofdstuk). Uitsluitend voor Nieuwpoort geldt dat aanpassing van de ontmoetingsruimte in Poortzicht of De Veste wenselijk zijn om deze accommodaties ook geschikt te maken voor activiteiten op het gebied van welzijn en zorg.

35

Figuur 2: Beoogde samenwerkingsclusters.

3.3 Aangrijpingspunten Er zijn realistische mogelijkheden om de komende jaren de voorstellen op het gebied van kwaliteit, samenhang en samenwerking daadwerkelijk te realiseren. Die aangrijpingspunten zijn. Integraal huisvestingsplan primair onderwijs

De gemeente Molenlanden ontwikkelt, samen met de schoolbesturen, een Integraal Huisvestingsplan (IHP) voor de scholen voor het Primair Onderwijs. In dat IHP zijn voorstellen opgenomen die volop kansen bieden voor verbetering van de kwaliteit en samenhang van de maatschappelijke accommodaties in Molenlanden. De belangrijkste voorstellen zijn. Groot-Ammers

Het IHP zet in op de realisatie van een nieuwe school voor Primair Onderwijs. Eén van de mogelijke locaties voor deze nieuwe school is nabij de bestaande sporthal en de sportvelden van VV-Groot Ammers. In de directe nabijheid zijn ook nog tennisbanen gesitueerd en iets verder is het zwembad gelegen. Als deze ontwikkeling realiteit wordt, dan ontstaat een unieke kans om alle maatschappelijke voorzieningen in één gebied te concentreren en de beoogde samenhang tot realiteit te maken. Indien de nieuwe school ook voorzieningen voor opvang (kinderopvang), welzijn en zorg (kleine multifunctionele ruimte) bevat, dan is sprake van een multifunctioneel cluster van samenhangende voorzieningen. Als

36

die ontwikkeling ook gepaard gaat met samenwerking in beheer, exploitatie en programmering, dan is zondermeer sprake van een toekomstbestendig cluster van maatschappelijke voorzieningen in de kern Groot-Ammers. De ontwikkeling om in deze kern te komen tot een nieuwe school is voorzien in het tijdvak 2021-2024.

37

Streefkerk

Ook voor de kern Streefkerk zet het IHP in op vervangende nieuwbouw, waarvan de aard en de omvang nog niet vaststaat. Indien tot nieuwbouw wordt overgegaan, dan ontstaan ook voor Streefkerk kansen om deze ontwikkeling ‘hand in hand’ te laten lopen met vernieuwing van de accommodaties voor welzijn en zorg (dorpshuis/ontmoetingsruimte) en sport en bewegen (gymzaal). Ook voor Streefkerk geldt dat realisatie wordt voorzien in het tijdvak 2021-2024. Ottoland

Voor de kern Ottoland zijn de aangrijpingspunten iets minder concreet. Voor Ottoland geldt in de eerste plaats dat een afweging moet worden gemaakt tussen renovatie of vervangende nieuwbouw van de school. In de tweede plaats geldt dat de ontwikkeling in Ottoland op zijn vroegst vanaf het jaar 2030 gaat spelen vanuit het perspectief van onderwijshuisvesting. Neemt niet weg dat ook die ontwikkeling kansen biedt voor integratie van bewegen, onderwijs, welzijn en zorg. Daarbij moet direct worden opgemerkt dat het bestuur van het dorpshuis in Ottoland van mening is dat vernieuwing in die kern niet zo lang op zich kan laten wachten. Dit bestuur is van mening dat het dorpshuis al te lang in haar ontwikkeling wordt beperkt en wil dat de vernieuwing eerder plaatsvindt dan na 2030. Goudriaan

In Goudriaan zal ook nieuwbouw van een school plaatsvinden. Echter, de accommodatie De Multistee (dorpshuis en gymzaal) in deze kern is op korte termijn niet toe aan vervanging. Deze accommodatie is bouwkundig nog in goede staat, is functioneel en vervult ook een stevige maatschappelijke functie voor de kern. Kortom, er is geen directe aanleiding of noodzaak om vervangende nieuwbouw na te streven. Daarnaast beschikt de kern over een jeugdhonk, dat in minder goede staat verkeert. Ook de op zichzelf staande kinderopvanglocatie is op termijn toe aan vervanging, maar functioneel nog op orde. De andere kant van de medaille is dat er – door het IHP – een concrete mogelijkheid ligt om te komen tot een multifunctionele accommodatie in Goudriaan. Als deze kans nu niet wordt aangegrepen, dan is de realisatie van een MFA in Goudriaan de komende tientallen jaren een gepasseerd station. Voorgesteld wordt om een haalbaarheidsstudie te laten uitvoeren naar wenselijkheid en haalbaarheid van een MFA in deze kern versus standalone nieuwbouw van een school.

38

Samenwerkingsclusters

Ook de samenwerkingsclusters (figuur 3) bieden aangrijpingspunten om tot verbetering te komen. Voorgesteld wordt dat in die gebieden een vorm van programmabeheer wordt opgetuigd. Programmabeheer is het stimuleren en uitwerken van inhoudelijke samenwerking tussen verenigingen, stichtingen en scholen en ontwikkelen van gezamenlijke activiteiten. In het volgende hoofdstuk wordt concreter ingegaan op nut, noodzaak en organisatievorm van het programmabeheer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=7b2b567f-0f9d-4e2c-b762-cfc3d5a0cf69