CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

1 Toelichting bestemmingsplan Molenaarsgraaf, Kweldamweg 1

Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Bestemmingsplan Kweldamweg1, Molenaarsgraaf19.205 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

13

Inventarisatie / analyse

Fotobeelden bestaande situatie

Schrale bufferbeplanting, struik– en boomvormers mager, westzijde

Bossage op achterliggend land, goed voorbeeld van samenspel boom en struikvormers

Projectgebied van een afstand

Inventarisatie / analyse

Fotobeelden bestaande situatie

14

Ruimtelijk kwaliteitskader Molenwaard Gemeente Molenwaard heeft voor de inpassing van o.a. grootschalige agrarische complexen in de nieuwe Linten een ruimtelijk kwaliteitskader opgesteld middels het Molenwaards Kookboek. Uit de inventarisatie en analyse blijkt dit project niet te voldoen aan een aantal aspecten, met name de zichtbaarheid van de opslag op het terrein van buitenaf. Doelstelling is om zoveel mogelijk aan de visie te voldoen en corrigerende maatregelen voor te stellen.

15

Inventarisatie / analyse

Ruimtelijk kwaliteitskader Molenwaard

Landschappelijke en stedenbouwkundige hoofdstructuur De Kweldamweg kan worden gekarakteriseerd als een buurtweg/bebouwingslint t.b.v. de landbouw/ veehouderij. De boerderijclusters worden ontsloten via de Kweldamweg en liggen daar min of meer met een gelijke rooilijn afstand van verwijdert. Een uitzondering daarop vormt de projectlocatie Kweldamweg 1, deze ligt daar relatief ver van verwijdert. Dit geldt ook voor de korrelgrootte van de boerderijclusters deze zijn van een min of meer gelijke grootte met uitzondering van het projectgebied. Deze is qua omvang aanzienlijk veel groter dan de andere clusters. Het landschapstype is het slagenlandschap, gekenmerkt door lange lengtesloten met dwarssloten. De breedte van de kavels zijn op hoofdlijnen gelijk met uitzondering van het projectgebied, daar is sprake van kavelverbreding en de toepassing van greppels. De erfbeplanting bij de boerderijclusters varieert van vrijwel niet aanwezig tot compleet ingebed in erf- en singelbeplanting. Het projectgebied vormt daarbij een gemiddelde, te weten de westzijde matig dicht be-

Luchtfoto (Bing maps) met projectgebied en erfclusters.

plant tot nagenoeg niet aan de zuid- en oostzijde. De eigenaar van het projectgebied heeft gekozen voor een laanbeplanting langs de ontsluitingswegen tussen de Kweldamweg en de boerderijcluster mede door de grotere afstand daartussen. Hiermee onderscheid het projectgebied zich t.o.v. de andere clusters en krijgt daardoor een vrij statige uitstraling en een beperking van de oost-west zichtlijnen. Het projectgebied manifesteert zich als één cluster. Concluderend kan worden gesteld dat het projectgebied afwijkt van de andere boerderijclusters op de volgende punten: grootte, ligging t.o.v. de buurtweg en de kavelbreedtes. Het is van belang dat de uitstraling van één cluster blijft bestaan ondanks het feit dat daarbinnen er mogelijk twee bedrijven actief zijn.

Open veenweidegebied met prominent aanwezige loods gezien vanaf de Kweldamweg.

Inventarisatie / analyse

Landschappelijke en stedenbouwkundige hoofdstructuur

16

Projectgebied gezien vanuit noordoosten, met weinig erfbeplanting. Rechts op de foto de Kweldamweg. Verschil in rooilijnen valt op.

Laanbeplanting langs de ontsluitingswegen, beperken oost-west zichtlijnen.

Laanbeplanting langs ontsluitingswegen en een duidelijk zichtbare bedrijfsloods aan de oostzijde van het projectgebied.

Projectgebied gezien vanaf provincialeweg N214 met prominent aanwezige loods en open erf.

17

Inventarisatie / analyse

Landschappelijke en stedenbouwkundige hoofdstructuur

Landschappelijke kwaliteit De boerderijcluster is een opvallende verschijning in het landschap in meerdere opzichten. Voorbeelden zijn de schaal en ligging in het landschap. Daarnaast is er ook de verschijningsvorm. De stal en loodsen sluiten aan bij de karakteristiek van de landbouwclusters rondom. Wat afwijkt is de technische invulling op en rond het erf en met name de RVS installaties, deze springen eruit. Het verdient aandacht vanuit beeldkwaliteitsoogpunt daar aandacht aan te besteden. Het complex samen met de boomlanen er naar toe, geven het complex een statige uitstraling. Dit is tamelijk uniek voor een boerderijcluster in het slagenlandschap. Het zou ook de entree naar een buitenplaats of landgoed kunnen zijn. Wellicht biedt dit aanknopingspunten bij de verdere invulling. Ten aanzien van de in de omgeving gelegen erfclusters is de aanwezigheid van erfbeplanting wisselend. Het valt op dat beide clusters qua erfbeplanting te wensen over laat aan de vier zijden van het complex in meer of mindere mate. Het projectgebied van nr.1 sluit niet aan bij deze constatering. Projectgebied gezien vanaf

Erfbeplanting aan de zuidzijde van de Kweldamweg rondom de boerderijcluster van nr. 3 en 4 vormt een groene oase in het open veenweidegebied en draagt bij aan een coulissevorming. De schaal grootte van het projectgebied staat in schril contrast met de relatief kleinere complexen elders in het gebied. Het is wenselijk het projectgebied te voorzien van meer erfbeplanting.

provincialeweg N214.

Rvs tanks duidelijk aanwezig in het landschap door ontbrekende erfbeplanting en geven een verrommeld aanzien.

Bomenlanen richting het complex met monumentale uitstraling.

Aan de noordzijde ontbrekende erfbeplanting bij nr. 2 en staat daarmee schraal in de ruimte.

Voorbeeld van erfbeplanting aan zuidzijde van de Kweldamweg (nr. 3 en 4). Landbouwschuur aan westzijde is deels omsloten door erfbeplanting.

Inventarisatie / analyse Landschappelijke kwaliteit

18

Landschappelijke kwaliteit (vervolg) De erfbeplanting aan de noordzijde geeft een blik in het boerenbedrijf en daarmee de associatie met het agrarisch gebied. Een impressie meegeven van stallen met bedrijfswoning is vanuit beeldkwaliteitsoogpunt wenselijk, echter voor de kuilsilo´s geldt dat niet en deze verdienen inkleding met landschappelijke beplanting. Dit geldt ook voor de oostzijde waar de RVS componenten de storende factor zijn. Het vrijwel compleet ontbreken van erfbeplanting is aan deze zijde het andere uiterste. Erfbeplanting aan noordzijde biedt zicht op het boerenbedrijf.

De erfbeplanting aan de zuidzijde is eveneens tamelijk mager en geeft zicht op een meer verrommeld erf. Het is wenselijk dit meer in te kleden. De beleving hiervan vindt plaats vanaf de N214. Ter hoogte van het complex is er bufferbeplanting aanwezig als dichte bermbeplanting, de optelsom biedt een goede buffering.

Vrijwel compleet ontbreken van erfbeplanting aan de oostzijde.

Zuidzijde tamelijk mager ingekleed met beplanting.

19

Inventarisatie / analyse Landschappelijke kwaliteit

20

Westzijde tamelijk mager ingekleed met beplanting.

21

Inventarisatie / analyse Landschappelijke kwaliteit

Landschappelijke kwaliteit gezien vanuit de lucht

Bufferbeplanting is mager, mede door slechte groeiomstandigheden, te smalle beplantingsstrook en te weinig struikvormers.

Bufferbeplanting is van voldoende niveau.

Verbrede bufferbeplantingsstrook in verbrede situatie met inmiddels aangebrachte jonge aanplant Verbrede bufferbeplantingsstrook in verbrede situatie met inmiddels aangebrachte jonge aanplant

Inventarisatie / analyse

Landschappelijke kwaliteit (opname 2021)

22

Buffer beplantingsstrook is te smal en mager qua effectiviteit, mede door slechte groeiomstandigheden

Bufferbeplanting is mager, mede door slechte groeiomstandigheden, te smalle beplantingsstrook en te weinig struikvormers.

Verbrede bufferbeplantingsstrook in verbrede situatie met inmiddels aangebrachte jonge aanplant

23

Inventarisatie / analyse

Landschappelijke kwaliteit (opname 2021)

24

Aanbevelingen

25

Aanbevelingen

Aanbevelingen Bestaande situatie

26

Nieuwe situatie met hierop aangegeven de doorsneden van pagina 28-29-30-31

C’ C B’

B

Bestaande sloot handhaven

A’

A

27

Aanbevelingen

Nieuwe situatie

grote heesters bestaande sloot

bestaand weiland

bestaande loods

opslag terrein

Sloot en talud in beide situaties niet gewijzigd

Doorsnede A-A’, Bestaande situatie

bosplantsoen bestaande uit streekeigen boomvormers, langs deze zijde wordt een onderbroken beplantingsstrook voorgesteld om nog enige doorkijk toe te staan in lijn met Molenwaards Kookboek bestaande sloot

bestaand weiland

terrein t.b.v. manoeuvreren en circulatie

bestaande loods

Doorsnede A1-A1’, Nieuwe situatie

Aanbevelingen Doorsnede A

28

grote heesters bestaande sloot

bestaand weiland

bestaande loods

opslag terrein

Doorsnede A-A’, Bestaande situatie

Individuele streekeigen solitair bomen die ook in bosplantsoen

bestaande sloot

bestaand weiland

bodembedekker als struiklaag, gras of bloemrijke grasberm

terrein t.b.v. manoeuvreren en circulatie

bestaande loods

Doorsnede A2-A2’, Nieuwe situatie

29

Aanbevelingen Doorsnede A

Individuele, hoogstam bomen

bestaande loods

opslag terrein

enkele losse struiken (vaak gebiedsvreemd)

bestaand weiland

Doorsnede B-B’, Bestaande situatie

bosplantsoen bestaande uit streekeigen boomvormers, langs deze zijde wordt een onderbroken beplantingsstrook voorgesteld om nog enige doorkijk toe te staan in lijn met Molenwaards Kookboek

bestaande loods

terrein t.b.v. manoeuvreren en circulatie

bosplantsoen bestaande uit streekeigen soorten

bestaand weiland

greppel

Doorsnede B1-B1’, Nieuwe situatie

Aanbevelingen Doorsnede B

30

Boomsingel in slechte conditie door slechte groeiomstandigheden

Struiklaag ontbreekt grotendeels, door lage ligging is de bodem verzadigd door water waardoor er slechte groeiomstandigheden zijn. Een te open singel die te weinig afsluit

opslag terrein

3,0 m.

Doorsnede C-C’, Bestaande situatie

bosplantsoen bestaande uit streekeigen soorten

Verbetering van groeiomstandigheden door aanbrengen van sloot, drainage of greppel en terrein uitbreiden richting bestaand weiland

opslag terrein

10,0 m.

bestaand weiland

Doorsnede C1-C1’, Nieuwe situatie

31

Aanbevelingen Doorsnede C

Aanbevelingen Bestaande situatie

32

Aanzich t zuidzij de Aanzich

t oostz ijde

Locatie aanzichten

33

Aanbevelingen

Nieuwe situatie

Aanbevelingen

34

Aanzich t zuidzij de Aanzich

t oostz ijde

Locatie aanzichten

35

Aanbevelingen

Aanzicht 1 en 2

Oude situatie

Oppervlakte: Opslag Groen

9810 m2 624 m2

Bestaande situatie met oppervlakte opslag en beplanting

Aanbevelingen

Oppervlakte oude situatie

36

Nieuwe situatie

Oppervlakte: Opslag Groen

5650 m2 4023 m2

Nieuwe situatie met oppervlakte opslag en beplanting

37

Aanbevelingen

Oppervlakte nieuwe situatie

38

Erfbeplanting Inspiratiebron voor de erfbeplanting is de boerderijcluster aan de Kweldamweg 3 en 4. Uit de analyse van de beplanting blijkt dat deze bestaat uit vrijstaande bomen en bomen met onderbeplanting. Met de breedte van de beplantingstrook kan de zichtbaarheid van het achtergelegen terrein worden gestuurd. Conform het ‘Ruimtelijk kwaliteitskader Molenwaard’ wordt rond het complex een dichte singel van inheemse streekeigen beplanting aangebracht. Het complex krijgt hierdoor de uitstraling van een groen omzoomd agrarisch eiland in een open landschap. Vanaf de Damseweg en Kweldamweg worden zichtlijnen opengehouden voor een gefilterd zicht op het agrarisch complex. Dit principe is kenmerkend voor omliggende groensingels omzoomde bedrijven waardoor het projectgebied aansluiting vindt bij omliggende landschapskarakter en het Molenwaards Kookboek.

Links op de foto het open slagenlandschap en rechts groene cluster nr. 3 en 4.

dichte singel van inheemse streekeigen beplanting ‘dichte singel van inheemse streekeigen beplanting’ (blz 9 ‘Ruimtelijk kwaliteitskader Molenwaard’)

Bron: Molenwaards Kookboek

Kweldamweg 3 en 4 gezien vanuit oostelijke richting.

zichtrelaties tussen agrarisch complex en Kweldamweg/Damseweg

Groene oase aan de oostzijde van het perceel.

39

Erfbeplanting bestaande uit een bomenlaan met gedeeltelijk onderbeplanting

Open bomenlaan aan voorzijde (noordoost) van het perceel van nr. 3 en 4.

Aanbevelingen

Erfbeplanting

Erfbeplanting (vervolg) Het inheemse assortiment bestaat voor het grootste gedeelte uit bladverliezend beplantingsmateriaal. Er zijn enkele inheemse soorten zoals de groene hust die groenblijvend zijn, echter dit zijn vrij langzame groeiers. Doorzicht tijdens de periode zonder blad aan de boom, verdient aandacht. Het is de wens ondanks de bladverliezende eigenschap toch een volkomen afgesloten beeld te geven op de plaatsen waar dit gewenst is. Qua afdichting hoeft dit niet een probleem te zijn omdat de optelsom van kale takken ook een volkomen gesloten beeld kan opleveren mits de breedte van de strook voldoende groot is en dat het juiste assortiment wordt toegepast om de gewenste beeldkwaliteit te kunnen bereiken in de winter. De hoogte is geen probleem, en met de juiste onderbegroeiing is een goede afsluiting mogelijk. Ook is het mogelijk doorkijk te creëren waar gewenst door bijvoorbeeld de onderbegroeiing weg te laten of deze strook minder breed te maken. Concreet betekent dit dat bij een breedte van minimaal 6-7 meter ook in de winterperiode voldoende dichtheid kan worden bereikt. Enkele voorbeelden illustreren dit beeld.

Groenstrook met gesloten beeld in periode met kale takken. Dit voorbeeld bestaat uit bladverliezende soorten.

Bestaande streekeigen beplanting

Brede groenstrook in zomerperiode. Groenstrook met inheemse soorten en een gesloten beeld in zomerperiode.

Groenstrook (inheemse soorten) met gesloten beeld in periode met kale takken.

Aanbevelingen Erfbeplanting

Groenstrook met gesloten beeld in winterperiode, met uitsluitend bladverliezende soorten.

40

Salix alba ‘Liempde’ Populus euramericana

Symphoricarpos chenaultii ‘Hancock’

Crataegus monogyna in bosplantsoen bufferbeplanting

Corylus avellana

Alnus glutinosa

Salix cinerea

Viburnum opulus

Ligustrum vulgare

Prunus spinosa

41

Aanbevelingen

Referentiebeelden beplanting

42

Conclusie Opdrachtgever Van den Heuvel - Ontwikkeling en Beheer b.v. heeft Lagendijk tuin- en landschapsarchitecten opdracht gegeven te onderzoeken of de landschappelijke inpassing van de kavel op verantwoorde wijze is uitgevoerd omdat daar vraagtekens bij zijn geplaatst. Dit heeft verband met de op handen zijnde bestemmingsplantechnische splitsing van het perceel. De kavelsplitsing is meer juridisch van aard dan fysiek. Doelstelling Doelstelling is de verschijningsvorm van het gebied met de deels gebiedsvreemde eigenschappen aan te passen, dusdanig dat een situatie ontstaat die vanuit landschappelijk en stedenbouwkundig oogpunt verantwoord is. De landschappelijke inpassing laat te wensen over, echter is door het aanbrengen van bufferbeplanting op de in dit rapport aangegeven locaties weer op een acceptabel niveau te brengen en de bebouwingscluster op verantwoorde wijze in te passen. Er is hierbij gekeken naar de omgeving van het perceel dusdanig dat het daar familie van wordt in de verschijningsvorm.

43

Conclusie

© Lagendijk tuin- en landschapsarchitecten bv Postbus 67 | 2860 AB Bergambacht | T (0182) 357077 | F (0182) 357027 E info@lagendijktlarchitecten.nl

44

datum 19-3-2021 dossiercode 20210319-9-25895 Wateradvies Geen Waterschapsbelang Op grond van het Besluit Ruimtelijke Ordening moet in de toelichting van ruimtelijke plannen een waterparagraaf worden opgenomen. Hierin wordt beschreven hoe rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de taken en belangen van het waterschap. De watertoets voor dit plan heeft plaatsgevonden via de Digitale Watertoets van waterschap Rivierenland. Uit de gegevens die u heeft ingevoerd volgt dat het plan uitsluitend een functieverandering van bestaande bebouwing betreft. Er vindt geen aanpassing van bebouwing of ruimte plaats. Waterschap Rivierenland heeft geen bezwaar tegen dit plan. Het plan hoeft in het kader van de watertoets niet meer voorgelegd te worden aan Waterschap Rivierenland. Algemene projectgegevens Projectomschrijving: Kweldamweg 1 Molenaarsgraaf Het plangebied ligt in: Molenlanden Het plan is ingediend door: Ronald de Groot Van den Heuvel Ontwikkeling & Beheer B.V. Accountmanager Molenlanden Cindy Gejas - Josten 0344 649 197,C.Gejas-Josten@wsrl.nl © Digitale Watertoets - www.dewatertoets.nl Dit document is gegenereerd via de website http://www.dewatertoets.nl//op basis van door u ingevulde gegevens. U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens. Dit digitale advies heeft een geldigheid van 2 jaar. www.dewatertoets.nl

datum 19-3-2021 dossiercode 20210319-9-25895 Samenvatting In deze paragraaf worden puntgewijs de resultaten van de toetsing samengevat. Tekenen: Heeft u een toetslaag geraakt? ja In welke gemeente ligt het plangebied? Molenlanden Vragen: Gaat het plan uitsluitend over functiewijziging van bestaande bebouwing zonder fysieke aanpassing van bebouwing en ruimte? ja Afbeeldingen: Niet van toepassing voor dit advies.

www.dewatertoets.nl

Voortoets stikstofdepositie ontwikkeling Kweldamweg 1 te Molenaarsgraaf

Van den Heuvel Milieuadvies Adres: Postcode + plaats: Telefoon: Email: Website:

Lekdijk 44 2967 GB Langerak 0184-600240 info@vandenheuvelbv.eu www.vandenheuvelbv.eu

Titel document:

Voortoets stikstofdepositie ontwikkeling Kweldamweg 1 te Molenaarsgraaf 21020 1.1 17 mei 2021

Referentie: Versie: Datum:

AERIUS-kenmerk gebruiksfase: RNbH7ppLuJDn

Pagina 2 van 13

Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding ...................................................................................................................................... 4 1.2 Bestaande situatie en plangebied ................................................................................................. 4 1.3 Nieuwe situatie.............................................................................................................................. 4 1.4 Ligging plangebied in relatie tot stikstofgevoelige habitats .......................................................... 5 2. Beleidskader............................................................................................................................. 6 2.1 Wet natuurbescherming ............................................................................................................... 6 2.2 Programma Aanpak Stikstof (PAS) ................................................................................................ 6 3. Wijze van meten ....................................................................................................................... 7 4.

Uitgangspunten ........................................................................................................................ 8 4.1 Gebruiksfase .................................................................................................................................. 8 4.1.1 Installaties .............................................................................................................................. 8 4.1.2 Mobiele werktuigen ............................................................................................................... 8 4.1.3 Af- en aanrijdend verkeer....................................................................................................... 9 4.1.4 Stationair draaien zwaar vrachtverkeer ............................................................................... 10 4.2 Gebouwinvloed ........................................................................................................................... 11 5. Rekenresultaat en conclusie.................................................................................................... 12 Bijlage 1 – AERIUS-export ........................................................................................................... 13

Pagina 3 van 13

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Op het perceel Kweldamweg 1 te Molenaarsgraaf is een melkveehouderij en een zuivelmachinebedrijf gevestigd. Juridisch-planologisch betreft het zuivelmachinebedrijf een nevenactiviteit van de melkveehouderij. Initiatiefnemer is voornemens om de twee bedrijven juridisch-planologisch los te koppelen middels een bestemmingsplanprocedure. Ten behoeve van deze procedure dient de stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitats binnen Natura 2000-gebieden als gevolg van deze ontwikkeling onderzocht te worden. Van den Heuvel Milieuadvies is gevraagd om een voortoets stikstofdepositie op te stellen.

1.2 Bestaande situatie en plangebied De bestaande situatie betreft een melkveehouderij en een zuivelmachinebedrijf welke zijn gevestigd aan de Kweldamweg te Molenaarsgraaf. De melkveehouderij is feitelijk en planologisch reeds legaal aanwezig en wordt in zoverre uitsluitend opnieuw bestemd. Daarmee maakt dit bedrijf onderdeel uit van de referentiesituatie. Derhalve is dit bedrijf verder niet in de voortoets betrokken. De voortoets stikstofdepositie richt zich uitsluitend op het zuivelmachinebedrijf. Het bedrijf voorziet in de opslag van (zuivel)machines en het aanpassen, reviseren en nieuwbouwen van zuivelmachines. Dit bedrijf is aan de zuidelijke zijde van het bedrijfsperceel gelegen. Het plangebied is kadastraal bekend gemeente Molenaarsgraaf, sectie D, perceel 533.

Afbeelding 1: Locatie zuivelmachinebedrijf

1.3 Nieuwe situatie In de nieuwe situatie is het zuivelmachinebedrijf juridisch-planologisch losgekoppeld van de melkveehouderij. De ontwikkeling voorziet niet in bouwwerkzaamheden.

Pagina 4 van 13

1.4 Ligging plangebied in relatie tot stikstofgevoelige habitats Het plangebied is op een minimale afstand gelegen van circa 5,4 km tot een stikstofgevoelige habitat binnen een Natura 2000-gebied. Het betreft een stikstofgevoelige habitat binnen het Natura 2000gebied ‘Biesbosch’. Verder zijn de volgende Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige habitats in de omgeving van het plangebied gelegen. Tabel 1: Omliggende Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige habitats Natura 2000-gebied met stikstofgevoelige habitats Afstand tot plangebied Biesbosch 5,4 km Uiterwaarden Lek 9,3 km Lingegebied & Diefdijk-Zuid 10,3 km Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem 13,2 km Zouweboezem 13,7 km Binnen de Natura 2000-gebieden ‘Donkse Laagten’ en ‘Boezems Kinderdijk’ zijn geen stikstofgevoelige habitats aanwezig.

9,3 km 13,7 km

10,3 km

5,4 km 13,2 km

Afbeelding 2: Afstand plangebied t.o.v. stikstofgevoelige habitats

Pagina 5 van 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=e3820a23-48f6-47e9-bf05-260716840469