CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

1 Paragrafen en jaarrekening 2020 GR Avres 02042021.pdf

Raadsvergadering 1 juni 2021, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Financiële stukken 2020 / 2022 Gemeenschappelijke Regeling Avres16.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Financiële jaarstukken 2020

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING AVRES

1

Financiële jaarstukken 2020

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING AVRES

ONDERDELEN PARAGRAFEN JAARREKENING 2020

2

Inhoud 2

PARAGRAFEN EN KENGETALLEN ...................................................................................................................... 4

2.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................................................................................... 4

2.2

Financiering ..................................................................................................................................................... 6

2.3

Bedrijfsvoering7

2.4

Onderhoud kapitaalgoederen ......................................................................................................................... 8

2.5

Verbonden Partijen ......................................................................................................................................... 8

3

OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN EN DE TOELICHTING ............................................................................ 11

3.1

Staat van baten en lasten ............................................................................................................................. 11

3.2

Toelichting op de staat van baten en lasten. ............................................................................................... 13

3.2.1

Overhead ....................................................................................................................................................... 13

3.2.2

Inkomensverstrekking ................................................................................................................................... 14

3.2.4

Begeleide Participatie (SW)........................................................................................................................... 16

3.2.5

Participatie .................................................................................................................................................... 18

3.2.6

Maatwerkdienstverlening 18+ ...................................................................................................................... 19

3.2.8

Inzet reserves ................................................................................................................................................ 20

3.3

Financiële verantwoording incidentele baten en lasten .............................................................................. 21

4

BALANS EN DE TOELICHTING ......................................................................................................................... 22

4.1

Balans per 31 december 2020 ....................................................................................................................... 22

4.2

Toelichting op de balans per 31 december 2020 ........................................................................................... 23

4.3

Niet uit de balans blijkende verplichtingen ................................................................................................... 28

4.

BIJLAGEN ........................................................................................................................................................ 30

4.1

Grondslagen van de financiële verslaglegging ............................................................................................... 30

4.2

Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld .................................................................................. 32

4.3

wet normering topinkomens ......................................................................................................................... 34

4.4

Overzicht restantkredieten en verantwoording investeringen ..................................................................... 35

4.5

Beleidsindicatoren (artikel 8 BBV) ................................................................................................................. 35

4.6

FINANCIELE RISICO-EVALUATIE 2020 ............................................................................................................. 36

4.7

Juridische geschillen....................................................................................................................................... 38

4.8

Sisa verantwoording 2020 besteding BUIG gelden ........................................................................................ 39

5

CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT .............................................................. 40

3

2

PARAGRAFEN EN KENGETALLEN

2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Doelstelling: gewenste dekkingsgraad minimaal 140% en maximaal 200%. De beoordeling van de kwaliteit van het weerstandsvermogen vindt plaats via het volgen van de weerstandsratio (= risico’s versus financiële reserves) én de omvang van de vrij besteedbare boekhoudkundige reserves. De door het algemeen bestuur vastgestelde dekkingsgraad bedraagt minimaal 140% (en maximaal 200%), oftewel een weerstandsratio van 1,4. – 2,0. Evaluatie weerstandsvermogen op basis van de jaarcijfers 2020. Volgens de begroting 2020 bedraagt de netto omvang van berekende financiële risico’s € 3.450K. Uit de bijlage bij deze jaarstukken blijkt een werkelijke som aan financiële tegenvallers van € 240K. Achteraf gezien is de behoefte aan weerstandsvermogen aanzienlijk geringer hetgeen logisch is. Aan de voorkant worden de risico’s op basis van onzekerheden ingeschat. Hierbij wordt het zekere voor het onzekere genomen. Bij het opstellen van de jaarrekening zijn deze onzekerheden er nauwelijks. De jaarrekening kijkt terug. Daarnaast wordt tussentijds via risicomanagement de kans op het zich voordoen van financiële tegenvallers geminimaliseerd. De maatregel om de regeling Tozo in eigen beheer uit te voeren was niet alleen uit het oogpunt van klantgerichte dienstverlening goed maar was ook vanuit financieel oogpunt verstandig.

Het verantwoordingsjaar 2020 is vanwege Corona bijzonder geweest. Dat de extra financiële compensatie en vergoeding van het Rijk de behoefte aan weerstandsvermogen voor Avres in 2020 heeft geminimaliseerd, blijkt nadrukkelijk uit het financiële resultaat. Weerstandsratio en dekkingsgraad Behaalde resultaten garanderen niets voor de toekomst. Deze slogan is voor de paragraaf weerstandsvermogen van Avres van toepassing. In 2021 en volgende jaren heeft Avres met de gevolgen van Corona van doen en leidt tot andere opgaves en een ander niveau van het benodigde weerstandsvermogen. Bij het opstellen van de winternota is de netto omvang van het benodigde weerstandsvermogen op € 4.671 vastgesteld en een dekkingsgraad van 116%. Op basis van de reservepositie per ultimo 2020 bedraagt de dekkingsgraad op naar 140% en ligt daarmee gelijk aan de vastgestelde ondergrens. Zie onderstaande tabel.

Weergave / uitkomst weerstandsratio

Benodigd weerstandsvermogen op basis van winternota Beschikbaar weerstandsvermogen (inclusief resultaatbestemming en verwachte begrotingsresultaten) Weerstandsratio Minimale norm weerstandsvermogen

Raming winternota

Jaarrekening 2020

4.671

4.671

5.414 116%

6.517 140%

140%

140%

Analyse onderdeel beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit: Stand ultimo 2020 1 de algemene reserve € 4.742 2 de risicoreserve financiering (begeleide) participatie en inkomensverstrekking €1.574 3. het nog te bestemmen voordelig jaarresultaat 2020 circa €4.679 Totaal €10.995 Af: dekking nadelige saldi begrotingen 2021 en 2022 -€ 1.203 Af: claim op algemene reserve vanwege projecten gefinancierd uit jaarresultaat 2019 -€ 449 Af: dekking winternota 2021 voor onvoorzien en taakstelling buig 2021 -€ 1.076

4

Af: uitkering gemeenten voorstel

-€ 1.750

Per saldo

€ 6.517

De verwachte nadelige begrotingsresultaten voor 2021 en 2022 zijn betrokken in de berekening van de weerstandscapaciteit voor de ontwerp begroting 2021. Analyse dekkingsgraad De dekkingsgraad op basis van de jaarcijfers 2020 (140%) ligt op het niveau van de ondergrens van 140% en kwalificeert zich als ruimschoots toereikend. Het is daarom mogelijk en verantwoord om een aanzienlijk deel van het voordelig resultaat aan de gemeenten uit te keren. Conclusie Het weerstandsvermogen beweegt zich in de begroting onder de vastgestelde bandbreedte. Het weerstandsvermogen is op zichzelf goed: alle risico’s zijn namelijk afgedekt. De bovengrens van de bandbreedte wordt niet gehaald. Beleidsmatige aandacht voor versterking van het weerstandsvermogen blijft evenwel altijd wenselijk. Risicobeheersing en financiële risico’s De meest elementaire maatregel van risicobeheersing is het besef over de aanwezigheid van risico’s en het nemen van verantwoordelijkheid. Hiervoor is binnen de organisatie voortdurend aandacht. Daarnaast zijn de risico’s met betrekking tot fraude en ICT (o.a. datalekken) geïnventariseerd c.q. geanalyseerd. Hieruit blijkt dat de “beheersingssystemen” bij Avres veel risico’s afdekken. Concrete maatregelen gericht op het verbeteren van het risicobeheer zijn in 2020 niet genomen.

Uit het bovenstaande blijkt dat zich geen forse risico’s hebben voorgedaan die met een betere wijze van risicobeheersing voorkomen konden worden. Een opmerking dient hierbij nog te worden gemaakt. Een geheel volledig beeld met betrekking tot risicobeheersing is niet te maken omdat bijvoorbeeld schades voor rekening van de verzekeraar buiten beschouwing blijven.

Kengetallen bedragen * € 1.000

ultimo 2017

ultimo 2018

Solvabiliteitsratio

27,9%

36,7%

Bruto schuldquote

16,2%

17,2%

ultimo 2020 54,8% 42,4% 14,8% 33,1%

Netto schuldquote Structurele ruimte in de jaarrekening (gezuiverde rekeningresultaat)

8,6%

10,7%

-0,5%

0,0%

-14

6

147

3.082

Begrotingsomvang

58.783

61.666

bedragen * € 1.000

ultimo 2017

ultimo 2018

2.793

954

ultimo 2019

63.407 ultimo ultimo 2019 2020 64.473

Samenstelling reservepositie Omvang algemene reserve Omvang financiele risicoreserve Omvang overige bestemmingsreserves

0

2.476

Resultaat 2018 , 2019 en 2020 5.269

3.898

1.835

4.742

1.612

1.574

5.229

1.804

2.983

4.590 4.679

6.656

11.659

15.585

Omvang materiele vaste activa 5.825 7.779 4.562 6.573 De ratio’s, de balans (in paragraaf 4.1) en de reservepositie duiden op een financieel gezonde positie. De financiële risico’s zien op de reguliere uitvoering van beleid waarvan de uitkomsten ook afhankelijk zijn van economische

5

ontwikkelingen en rijksbeleid. Een effectieve maatregel is om deze risico’s met weerstandscapaciteit (= reserves) af te dekken.

2.2 Financiering De kasgeldlimiet en de renterisiconorm hebben allebei als doel “de leningen portefeuille” van decentrale overheden te behoeden voor een onverantwoord grote gevoeligheid voor rentefluctuaties. Kasgeldlimiet Onder kasgeldlimiet wordt verstaan: ‘een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar’. Op grond van artikel 2, lid 1 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden, is de kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 8,2% van de jaarbegroting.

Kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000)

2019

2020

60.317

63.407

Grondslag voor norm: omvang oorspronkelijke begroting Kasgeldlimiet o.g.v. wet Fido: 8,2 % van de grondslag Gemiddelde korte schuld Gemiddelde korte middelen Gemiddelde netto korte schuld In % van de begroting

4.946 1.500 -6.788 -5.288

5.199 23.315 -14.377 -4.867

-16,14%

0,00%

Ruimte (+) derhalve voldoet Avres aan de norm

10.234

10.066

Schatkistbankieren De wet op het schatkistbankieren legt beperkingen op om beschikbare banktegoeden direct onder eigen beheer te houden. Boven de drempel van 0,75% van het begrotingstotaal moet het tegoed aan de schatkist worden uitgeleend. Getoetst wordt of het gemiddelde van het direct beschikbare banktegoed per kwartaal onder het gemiddelde blijft.

Kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000) Verantwoording in verband met Wet op schatkistbankieren Drempel 0,75% van het begrotingstotaal Gemiddeld aangehouden buiten de schatkist: Eerste kwartaal Tweede kwartaal Derde kwartaal Vierde kwartaal Gemiddeld aangehouden buiten de schatkist:

2020 476 353 523 318 316 377

Renterisiconorm Het renterisico op de vaste schuld in een jaar wordt als volgt berekend: de som van het bedrag aan herfinanciering plus het bedrag aan renteherziening op de vaste schuld. Het percentage is voor een gemeenschappelijke regeling gesteld op 20% en betekent voor Avres een maximum van € 12.785.K- De ruimte ten opzichte van deze norm bedraagt € 12.460K De vaste schulden bedragen per 31 december 2020 € 725K.

6

Berekening renterisiconorm jaarrekening 2020

2020

2021

2022

2023

2024

Variabelen Renterisico(norm) Renteherzieningen Aflossingen

352

0 325

0 200

0 200

0 0

Renterisico (1+2)

352

325

200

200

0

12.681 12.329

12.785 12.460

12.785 12.585

12.785 12.585

12.785 12.785

63.407 20% GR

63.925 20% GR

63.925 20% GR

63.925 20% GR

63.925 20% GR

Renterisiconorm Ruimte onder renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm Renterisiconorm Begrotingstotaal jaar T Percentage Regeling

EMU saldo Het EMU saldo is vanwege de voordelige jaarresultaten en de verkoop van het pand Avelingen-West in 2019 positief en ligt dus ruimschoot boven de gestelde norm. De normering van Emu saldo is van belang voor het bewaken en sturen van de financiële posities van de lidstaten die de euro hebben ingevoerd. Een negatief Emu saldo kan consequenties hebben voor de kredietstatus van een lidstaat waardoor de rentevergoeding op staatsleningen meestal toeneemt. 2018

2019

Exploitatieresultaat voor mutaties reserves

2.476,0

4.999,0

3.927,0

Af: mutaties vaste activa

-1.958,0

3.247,7

-2.011,0

Bij: mutaties voorzieningen

-312,0

-871,8

153,0

Emu saldo

206,0

7.374,9

2.069,0

Bepaling EMU saldo

2019

2.3 Bedrijfsvoering Doelgroepmedewerkers Het afgelopen jaar was ook voor onze SW-medewerkers een zwaar jaar. Het Coronavirus heeft veel gevolgen voor het dagelijks leven van hen. Zowel de dreiging van het virus zelf, temeer omdat veel SW-medewerkers een kwetsbare gezondheid hebben, als de impact van alle maatregelen hebben veel gevolgen. Toen het virus uitbrak hebben we nog voordat de overheid allerlei maatregelen nam meerdere beschutte locaties gesloten en op andere locaties, waar mensen werken met een minder kwetsbare gezondheid, de bezetting fors afgeschaald. Nadat de situatie het weer toeliet hebben we de bezetting weer opgeschaald en in het najaar van 2020 is deze weer afgeschaald. Op alle locaties zijn strenge maatregelen genomen om besmettingen te voorkomen. Zo werd er een strikte scheiding gehanteerd tussen verschillende afdelingen, waardoor de medewerkers in een bubbel werkten. Verder werkten de medewerkers op ruim anderhalve meter van elkaar, droegen zij altijd een mondkapje als ze zich verplaatsten en was er veel aandacht voor hygiëne en ventilatie.

7

Hierdoor zijn we erin geslaagd om tot op het moment van schrijven uitbraken van Corona op de werkvloer te voorkomen. De uitbraak van het virus heeft een forse impact gehad op de toegevoegde waarde. Doordat we aan minder medewerkers werk konden aanbieden en ook opdrachtgevers kampten met de nadelige gevolgen van de Coronacrisis hebben we een lagere toegevoerde waarde gerealiseerd. De Coronacrisis heeft ook gevolgen gehad voor de realisatie van allerlei andere doelstellingen. Het begeleiden van de SW-medewerkers in deze crisistijd had de allerhoogste prioriteit. Hierdoor heeft bijvoorbeeld het opstellen en/ of actualiseren van ontwikkelplannen wat vertraging opgelopen. Wij verwachten dit in 2021 in te lopen. Steeds meer zichtbaar wordt dat de gemiddelde loonwaarde van de doelgroepmedewerker afneemt. De SWdoelgroep vergrijst en binnen deze doelgroep heeft dit als gevolg dat de loonwaarde afneemt. Daarnaast stromen alleen medewerkers vanuit de regeling Nieuw Beschut in. Zij hebben logischerwijs een loonwaarde tot 30% omdat dit één van de criteria is voor toelating tot deze regeling. Als gevolg hiervan wordt het steeds lastiger om een hogere financiële toegevoegde waarde te realiseren.

Praktisch gezien is dit alleen mogelijk door waar mogelijk de loonwaarde van doelgroepmedewerkers te verhogen, door waar mogelijk efficiënter te werken en door waar mogelijk slimmere commerciële afspraken, met een hogere marge, te maken. Alhoewel de inzet van Avres continu gericht is op het bovenstaande moet ook onder ogen worden gezien dat het steeds lastiger wordt de toegevoegde waarde te verhogen.

Ambtelijke organisatie Binnen de ambtelijke organisatie van Avres stond ook veel in het teken van het Coronavirus. Er is een heel groot beroep gedaan op de inzet en de flexibiliteit van medewerkers. Aan het begin van de Coronacrisis hebben veel medewerkers naast hun eigen werk de handen uit de mouwen gestoken op onze Kwekerij zodat grote hoeveelheden stek- en oppotwerk toch uitgevoerd kon worden. Daarnaast hebben veel medewerkers deel uit gemaakt van het in allerijl opgezette Tozo-team. Medio 2020 is een organisatiewijziging doorgevoerd. Er zijn enkele nieuwe teams gevormd en een aantal werkprocessen zijn herzien. Ook is het cliëntvolgsysteem CompetenSYS in gebruik genomen. Dit systeem ondersteunt de medewerkers van Avres die belast zijn met taken rondom de ontwikkeling naar werk van mensen uit onze doelgroep. Verder zijn enkele E-HRM pakketten succesvol geïmplementeerd. Ondanks dit bijzondere jaar is ook de reguliere dienstverlening gecontinueerd. In september 2020 is Saar Spanjaard, directeur, uit dienst getreden en is gestart met de werving van een nieuwe directeur. Daarnaast is gewacht met de invulling van enkele andere vacatures op management- en uitvoerend niveau mede omdat het in crisistijd lastig is nieuwe medewerkers te werven en in te werken. Dit heeft tot gevolg gehad dat heel veel medewerkers extra inspanningen hebben moeten leveren.

2.4 Onderhoud kapitaalgoederen De kapitaalgoederen waarop onderhoud moet worden uitgevoerd betreffen met name de gebouwen en inventaris die eigendom zijn van Avres. Het onderhoudsbeleid is erop gericht dat de gebouwen in veilige staat zijn en dat daarnaast onderhoud wordt gepleegd zodra daartoe een noodzaak bestaat. Op veel installaties en apparatuur heeft Avres onderhoudscontracten afgesloten. Onderhoud en onderhoudswerkzaamheden van incidentele aard worden ten laste van de exploitatie gebracht. Groot onderhoud voor rekening van Avres speelt alleen bij de locatie “de Landsinghof”. Deze locatie is in 2020 vernieuwd. Na oplevering van de nieuwbouw wordt een meerjarenplan voor periodiek (groot) onderhoud opgesteld.

2.5 Verbonden Partijen De gemeenschappelijke regeling Avres is enig aandeelhouder van de in Gorinchem gevestigde vennootschappen Avres Diensten BV en Avres SW BV. De aandelen van Avres Diensten BV worden in de balans tegen verkrijgings-

8

prijs, zijnde €18K gewaardeerd. Het gestorte aandelenkapitaal van Avres SW BV bedraagt € 100,-. Deze bedragen zijn gelijk aan de omvang van het eigen vermogen van de beide BV’s. De BV’s hebben geen lang vreemd vermogen aangetrokken. Als afzonderlijke juridische entiteiten worden de jaarrekeningen van beide BV’s bij de Kamer van Koophandel gedeponeerd. Uitgangspunt is om de exploitatie van de BV’s neutraal te laten verlopen, dat wil zeggen dat alle opbrengsten en kosten met de moedermaatschappij (GR Avres) worden verrekend. Avres Diensten BV Het doel van Avres Diensten B.V. is “het in dienst nemen van medewerkers zonder ambtelijke rechtspositie en het beschikbaar stellen van deze medewerkers aan Gemeenschappelijke Regeling Avres”. Per 1 januari 2016 worden de personeelskosten doorbelast aan de Gemeenschappelijke Regeling Avres. Sindsdien komen er geen medewerkers met een ambtelijke status meer in dienst van Gemeenschappelijke Regeling Avres.  Het gerealiseerde resultaat 2020 van Avres Diensten B.V. bedraagt na verrekening van alle loon- en reiskosten nihil. Deze verrekening bedraagt over 2020 € 5.010.558 (ten opzichte van 2019 € 3.783.557). Het eigen vermogen bedraagt per ultimo 2020 € 18.000.  Het aantal Fte per 31 december 2020 bedraagt 84,8 (ten opzichte van januari 2020 67,7 Fte)  Avres Diensten B.V.

en Gemeenschappelijke Regeling Avres vormen voor de omzetbelasting een fiscale eenheid. Avres Sw BV Het doel van de B.V. is “het tegen vergoeding (uitgangspunt loonwaarde) inzetten van medewerkers die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben”. Het gerealiseerde resultaat 2020 van Avres Sw BV bedraagt na verrekening van het voordelig saldo van € 3.924K-(in 2019 € 4.731K) nihil. De verrekening van het batig saldo met de gemeenschappelijke regeling Avres ziet op de directe uitgaven voor personeel, huisvesting, begeleiding en overhead. In de jaarrekening is een analyse ten opzichte van primaire begroting opgenomen. Deze begroting is voor de komst van Corona opgesteld en sluit met een toegevoegde waarde van € 4.768,5K. Bij de zomernota van GR Avres is de verwachte toegevoegde waarde als gevolg van Corona op basis van een behoedzaam scenario met € 1.100K naar € 3.668,5K verlaagd. De gerealiseerde TW over 2020 bedraagt € 4.055,5K en geeft een voordeel ten opzichte van de bijgestelde raming van bijna € 390K. Het Rijk heeft Sw bedrijven vanwege de gevolgen van Corona voor € 826,5K gecompenseerd. Dankzij de compensatie kon de begroting van de “toegevoegde waarde” gerealiseerd worden.

Stichting Avres Nieuw beschut Per 21 december 2017 is door Avres de Stichting Avres Nieuw Beschut opgericht. Deze stichting wordt gebruikt voor de verloning van medewerkers die onder de regeling Nieuw Beschut een arbeidsovereenkomst aangeboden krijgen. Voorts vindt bij de stichting de verloning plaats van enkele mensen uit de gemeente Molenlanden die op de wachtlijst staan. In de loop van 2020 is de verloning van opstapbanen en voor enkele cliënten van GR Wil Lekstroom erbij gekomen. Het resultaat van de stichting bedraagt € 202.472,08 nadelig (2019 € 14.712 nadelig). De dienstverlening voor WIL Lekstroom heeft een tijdelijk karakter en Avres wordt hiervoor financieel gecompenseerd. De jaarrekening 2020 van de Stichting Avres Nieuw Beschut sluit met een nadelig saldo van ruim € 200K. Ten opzichte van 2019 daalde het financieel resultaat met € 187K. De belangrijkste oorzaken: Andere afspraken omtrent de financiering van de wachtlijstbanen Lagere doorbelasting aan Sw Bv in verband met verminderde bezetting (15% ipv 20%) Te lage doorbelasting van opstapbanen richting Avres Sw Bv.

€ 92K € 30K €55K

De lage doorbelasting voor de opstapbanen heeft geen financiële gevolgen voor het financieel resultaat van de gemeenschappelijke regeling Avres omdat het financieel resultaat van Sw BV met € 55K hoger sluit. Beide financiele resultaten zitten volledig in het financieel resultaat van GR Avres.

9

De som van de baten bedraagt over 2020 € 241.787. Het betreft de verrekening van de loonwaarde van de personele capaciteit nieuw beschut op basis van 15% van de loonkosten met Avres SW BV en de vergoeding (exclusief begeleiding) voor de wachtlijsten van de gemeente Molenlanden en de doorbelasting loonkosten en fee van Werk en Inkomen Lekstroom (WIL). Het Goed Gorinchem B.V. Per 18 november 2019 is in samen werking met Ecolabor B.V., Het Goed Groep B.V., Het Goed Participatie B.V. en Gemeenschappelijke Regeling Avres de besloten vennootschap “Het Goed Gorinchem B.V.” opgericht. Het doel van de vennootschap is de exploitatie van een kringloopbedrijf voor inzameling, sortering en verkoop van herbruikbare goederen. Daarnaast is het doel het realiseren van werkgelegenheid voor SW medewerkers en mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Het kringloopbedrijf zal medio 2021 haar deuren openen aan de Spijksedijk in Gorinchem. Het Goed Gorinchem B.V. is verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van de winkel; Avres voor de toeleiding en begeleiding van medewerkers. Daarmee past de samenwerking in de visie van Avres: de ondernemer onderneemt. De vennootschap Het Goed Gorinchem B.V. is nog niet operationeel. Als gevolg van Corona en het verbouwen van de Lingeloods is de startdatum met één jaar doorgeschoven.

Per 31 december 2020 was het Goed Gorinchem zodoende nog steeds een lege BV zonder bankrekening, postbus enz. Een algemene vergadering van aandeelhouders heeft niet plaatsgevonden.

10

3

OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN EN DE TOELICHTING

3.1

Staat van baten en lasten

Recapitulatie bedragen *€ 1.000

Lasten

Lasten

Lasten

Lasten

Lasten

Baten

Begroting ke begroting Realisatie na Ver-schil (incl Vianen 2019 en excl W-B) wijziging Zie voetnoot

Realisatie 2020

Oorspronkelij

Realisatie 2020

Taakveld

04 9 63 64 65 671 08

Overhead Vennootschapsbelasting Inkomensverstrekking Begeleide participatie (Sw) Participatie (re-integratie) Schulddienstverlening Diverse baten en lasten

Bedrijfsresultaat 010 Mutaties met reserves

-7.390

-8.375

0

0

0

-48.077

-49.179

-1.102

-15.066

-15.790

-724

-3.738

-5.523

-1.163 0

-75.434 0

-985

-8.384

0

0

0

0

0

0

-34.563

-30.403

52.852

51.620 1.232

-15.772

-15.784

20.034

19.201

833

-1.785

-3.617

-3.392

5.218

5.907

-1.517

-354

-1.503

0

0

0

0

0

Baten

Resultaat ResultaatResultaat

Oorsronkelij

0

-80.384 -4.950 -63.839

Baten

Begroting Ver- ke(inclbegroting Realisatie Vianen na schil en excl W-B) 2019 wijziging Zie voetnoot

-7.944

20

Realisati e 2020

200

-7.390

0

0

37.341

34.827

19.405

18.412

-689

4.591 1.252

Begrotin g na wijziging

Resultaat

Resultaat

Oorsponkelijk begroting Ver- (incleVianen en schil excl W-B) Zie Realisatie voetnoot

2019

-8.375

985

-8.364

-7.744

4.775

2.441

2.334

2.778

4.424

4.968

3.411

1.557

3.633

2.628

4.327

1.480

384

1.096

974

935

-822

1.256

1.259

-3

1.157

93

-258

351

-251

335

-3.597

0

0

0

8.018

0

0

0

0

4.421

-61.942

79.360

77.987 1.373 62.609

66.941

3.926

1.504

752

-1.230 798

4.999

1.564

-2.397 6.323 1.564 -812

4.678

-833 5.511

-432 2.983

-3.520

-75.434 -80.384 -4.950 -63.839 -65.462 011 Jaarresultaat

Baten Baten

752

-812

798

-2.016

80.112 79.551 561 63.407 68.445

1

Samenvatting Het financieel resultaat van € 4.678K valt grofweg in een drietal categorieën te onderscheiden: de bedrijfsprestaties van Avres (€2.200K), BUIG (¤ 1.572K) en de exploitatie van Sw (€ 1.031K) 1) Bedrijfsprestaties Avres. Uit bovenstaande opsomming blijkt dat een groot financieel aandeel (ruim € 2.200K op het conto van Avres geschreven moet worden. Hierbij moet gedacht worden aan onder meer de uitvoering van Tozo, ESF, besparingen door het tijdelijk niet invullen van vacatures en minder uitgaven voor arbo, reiskosten, catering, opleidingen en representatie medewerkers. Dit is uiteraard volledig gerelateerd aan Corona. 2) De voordelen bij BUIG (totaal € 1.572 K). Dit wordt vooral veroorzaakt door de ontwikkeling van het aantal uitkeringen. Het CPB en het Rijk verwachtte een forse toename hiervan door de gevolgen van Corona en kende op grond hiervan extra BUIG budget toe. De praktijk pakte gelukkig anders uit. 3) Voor het Sw bedrijf is 2020 financieel ook bijzonder geweest. Via de zomernota moest op basis van een behoedzame raming een verlies van €1.000 worden genomen waarvan het Rijk € 500K compenseerde. In het najaar compenseerde het Rijk nog eens € 326K. terwijl in het tweede halfjaar de commerciële resultaten verbeterden. Het nadelig Corona effect over het gehele jaar bedraagt € 501K.

Vanwege een aanmerkelijke hogere uitstroom van Sw medewerkers (door arbeidsongeschiktheid, verhuizingen, e.d.) liggen de werkelijke Sw loonkosten zo’n € 438K onder de raming. De hogere compensatie door het UWV voor in het verleden uitgekeerde transitievergoedingen (€ 116K) en het uitkeren van de Bonus nieuw beschut veroor1

Voor de primaire begroting is de begroting van d.d. 14 mei 2020 aangehouden. In de eerder vastgestelde begroting was de voormalige gemeente Vianen nog niet opgenomen en de uitgetreden gemeente West-Betuwe nog wel. In de aangepaste primaire begroting van d.d. 14 mei 2020 is dit herzien en is de begroting inclusief Vianen en exclusief West Betuwe. Voor de vergelijking is daarom deze begroting als primaire begroting opgenomen in de jaarrekening.

11

zaken (€ 151K) tezamen een voordeel van € 267K ten opzichte van de zomernota. De totale omvang van deze eenmalige resultaten ten opzichte van de zomernota bedraagt € 1.031K( = € 326K+€ 438K + € 267K) Verschil ten opzichte van de prognose van het jaarresultaat in de winternota 2021 De winternota 2021 betreft een begrotingswijziging voor het begrotingsjaar 2021. In de winternota staat op pagina 13 een ruwe prognose van het jaarresultaat 2020. Op basis van deze ruwe prognose werd een jaarresultaat van €2.042K verwacht en bedroeg de afwijking ten opzichte van de zomernota 2020 €2.876. De uitkomst in deze jaarrekening geeft een verschil van € 2.635K ten opzichte van de winternota 2021. De posten die in de winternota 2021 met betrekking tot 2020 zijn genoemd zijn in onderstaande opsomming met een “W voor” aangegeven. De som hiervan bedraagt € 2.876K. Analyse gerealiseerd jaarresultaat ten opzichte van de bijgestelde begroting 2020 (= Zomernota 2020) Indien het jaarresultaat ten opzichte van de bijgestelde begroting 2020 wordt beoordeeld blijkt een voordelig verschil tussen de bijgestelde begroting 2020 en de jaarrekening 2020 van € 5.511K.

Wat zijn de grote verschillen ten opzichte van de bijgestelde begroting (= stand ZOMERNOTA 2020): Hogere baten BUIG op basis van de ontvangen beschikkingen van 3 oktober 2020 W voor € 913K 1.072 Lagere uitkeringslasten BUIG, verwachte toename van aanvragen bijstand vond niet plaats 501 Hoger nadeel bij stichting nieuw beschut in verband met andere afspraken financiering (uit BUIG budget) wachtlijsten nieuw beschut. -92 Hogere waardering vorderingen terugvordering en verhaal voormalig Vianen 70 Vergoeding uitvoering Tozo en verstrekking bedrijfskapitaal

W voor € 1.000K 1.125

Compensatie Rijk Corona voor Sw bedrijf op basis van decembercirculaire W voor € 125K 326 Uitkering bonus beschut werken op basis van de septembercirculaire 2020 W voor € 100K 151 Toename toegevoegde waarde (= rendement Sw bedrijf) bij Sw Bv ten opzichte van de zomernota 370 Lagere salarislasten opstapbanen als gevolg van stagnatie 112 Lagere doorbelasting stichting nieuw beschut aan Sw BV (hiervan € 35K Corona gerelateerd) -85 Lagere loonkosten Sw als gevolg van hogere uitstroom, ziekengelden en CAO effecten 438 Compensatie transitievergoedingen Sw medewerkers voorgaande jaren 116 Afrekening ESF trajecten voorgaande jaren Lagere salariskosten vanwege het vertraagd invullen van vacatures jobcoaching Lagere re-integratie kosten voor externe trajecten en onderzoeken

W voor € 113K 134

Salarisvoordeel in verband met het niet invullen van vacatures (o.a. directie, MT,) Lagere uitgaven voor opleidingen en Arbo Lagere uitgaven voor vervoer, koffie, thee als gevolg thuiswerken Lagere uitgaven ICT en mobiele telefonie door beter contractbeheer Overige voor- en nadelen

W voor € 325K 196

W voor € 300K 368

250

Totaal

165 177 99 18 5.511

)“W voor” = genoemd als meevaller in de winternota 2021

Gezuiverd resultaat 2020 (= resultaat zonder buitengewone baten en lasten) Voor de provincie telt vooral het financieel resultaat zonder incidentele mee- en tegenvallers. Het zogenaamde gezuiverde voordelig resultaat bedraagt over 2020 € 3.082K. Voor een berekening en een toelichting van het gezuiverde resultaat wordt naar hoofdstuk 3.3 (= overzicht incidentele baten en lasten) verwezen. 2020 is een heel bijzonder jaar geweest. Op basis van de wettelijke definities betreffende het begrip incidentele lasten en baten zegt de berekende uitkomst van € 3.082 K weinig. 2020 is een uitzonderlijk jaar geweest. Geen structurele doorwerking van het voordelig resultaat 2020 voor 2021. De uitkomsten van de jaarrekening 2002 geven geen aanleiding tot het bijstellen van de begroting 2021. De begroting 2021 is recent op basis van de winternota bijgesteld.

12

3.2

Toelichting op de staat van baten en lasten.

3.2.1 Overhead 04 OVERHEAD 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19

Loonkosten dienstverlening Avres Kosten voormalig personeel Vervoer,- overige aan personeel gerelateerde individuele kn Autokosten Opleidingen Arbo, werving en selectie ICT, telefonie Facilitaire uitgaven Contributies abonnemeten IBMN Rentelasten en bankkosten Verzekeringen Kosten ondernemingsraad Vergader- en representatiekosten Communicatie Huisvesting Meerkerk en stadhuisplein Afschrijvingslasten Projecten Externe dienstverlening Accountantskosten Totaal

Realisatie 2020

Begroting na wijziging Verschil

Realisatie 2019

Realisatie 2020

Begroting na wijziging

Verschil

Realisatie 2019

196 -67

-4.811

0

0

0

0

-10

0

0

0

0

177 11 85 80 99 -23 -10 -1 2 0 -8 39

-248

0

0

0

0

-44

0

0

0

0

-135

0

0

0

0

-197

0

0

0

0

-675

0

0

0

0

-175

0

0

0

0

-112

0

0

0

0

-42

0

0

0

0

-54

0

0

0

0

0

0

0

0

0

-32

0

0

0

0

-49

0

0

0

0

21 3 343 56 -19 984

-752

0

0

0

0

-334

0

0

0

0

-32

0

0

0

200

-153

0

0

0

0

-88

0

0

0

0

-7.943

0

0

0

0

-4.559

-4.755

-147

-80

-134

-311

-34

-45

-165

-250

-192

-272

-536

-635

-157

-134

-67

-57

-36

-35

-48

-50

-4

-4

-38

-30

-12

-51

-762

-783

-279

-282

-2

-345

-144

-200

-74

-55

-7.390

-8.374

Toelichting Het taakveld overhead bevat vrijwel uitsluitend uitgaven. De dekking (financiering door gemeenten) vindt via een opslag over de uitgaven bij de andere taakvelden plaats. 1. Loonkosten (voordeel € 196K). Het voordeel op de loonkosten houdt verband met het niet invullen van diverse vacatures. 2. Kosten voormalig personeel (nadeel € 67K). Vanaf 2020 worden de kosten verband houdende met het vertrek van medewerkers ineens ten laste van het jaarresultaat genomen. Qua verantwoording en kostentoerekening is dit meer juist. Daarnaast betekent het een besparing van de volgende begroting(en). Het budget van € 80K was gelet op de afspraken die soms in 2018 en 2019 zijn gemaakt, niet helemaal toereikend. 3 Vervoer en overige individuele gerelateerde personele uitgaven (voordeel € 177K). Het voordeel is vrijwel volledig corona gerelateerd. Vanwege thuiswerken zijn aanzienlijk lagere vergoedingen voor woonwerkverkeer uitgekeerd. Ook daalden ook de vergoedingen voor zakelijke kilometers en andere verblijfkosten. Daarnaast waren de kosten voor koffie- en theeverstrekkingen vanaf maart 2020 beduidend lager. Ook het budget (€ 100K) voor personele bijeenkomsten en vieringen bij kerst en sinterklaas bleef nagenoeg onbesteed. 4. Opleidingen (voordeel € 85K). Vanwege corona was het life bijwonen van seminars en opleidingen nagenoeg niet mogelijk.

Zodoende zijn veel minder opleidingen gevolgd. 5. Arbo en werving en selectie (€ 80K). Ook dit voordeel is Corona gerelateerd. Vanwege thuiswerken waren er minder ARBO zaken op de werklocaties. 6. ICT en telefonie (voordeel € 99K). De kosten voor telefonie en ICT zijn door beter contractbeheer gedaald. 7. Facilitaire uitgaven (nadeel € 23K). De overschrijding is toe te schrijven aan portokosten. Vanwege de Tozo regelingen is er veel meer correspondentie geweest. 14. Communicatie (voordeel € 39K). In het budget van communicatie zit € 20K voor de officiële opening van de Landsinghof. Deze opening is uitgesteld en zodoende wijkt de realisatie voordelig van het budget af. Verder zijn er als gevolg van Corona, vacatures en ziekteverzuim geen nieuwe projecten gestart en is

13

vooral digitaal en dientengevolge tegen lagere kosten gecommuniceerd. 17. Projecten (voordeel € 343K). Via resultaat bestemming is € 345K voor de projecten een applicatie voor uitkeringsontvangers, software voor uitvoering “arbeidsmarkt in balans” en de vernieuwing van het zaaksysteem beschikbaar gesteld. Feitelijk bevinden alle projecten zich in een prille startfase. In 2020 is vrijwel niets besteed en zit het beschikbare budget nog steeds in de reserve. Besluitvorming over herbestemming is mogelijk. 13. Externe dienstverlening (voordeel € 56K). Deze post is feitelijk een budget voor onvoorziene uitgaven ten aanzien van onderzoeken en adviezen door experts. 14. Accountantskosten (nadeel € 19K). Het budget is te laag geraamd. In 2020 is de controleopdracht Europees aanbesteed. Op basis van de gunning kan Avres met een budget van € 50K ruimschoots uit de voeten. De nieuwe accountant steunt namelijk maximaal op de werkzaamheden van de verbijzonderde interne controle, verwacht minder tijd te besteden en is zodoende goedkoper.

3.2.2 Inkomensverstrekking Recapitulatie bedragen *€ 1.000 63 Inkomensverstrekking 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17

Participatiewet BUIG Onderzoekskosten BBZ Minimabeleid TOZO Incidentele kosten Corona Vergoeding bedrijfsvoering Vergoeding wtcg en ex gedetineerden Loonkosten dienstverlening Avres ICT specifiek Project preventie armoede Vervoer, autokosten overige pers kn Afschrijvingslasten Projecten Overige kosten Uitgaven clientenraad Vangnet regeling 2017 Herwarderingsvoorstel Debiteuren Totaal

Lasten

Lasten

Lasten

Lasten

Realisatie Begroting na 2020 wijziging

Verschil

Realisatie 2019

Baten

Baten

Baten

Baten

Realisatie Begroting na 2020 wijziging Verschil

Realisatie 2019

-27.794

-28.295

501

-24.192

29.817

28.745

1.072

-43

-49

6

0

49

49

0

0

-4.622

-4.120

-502

-3.713

4.622

4.120

502

3.713

-12.330

-14.000

1.670

0

13.545

14.000

-455

0

-66

-66

25.236

0

0

0

0

0

4.315

4.315

0

4.847

0

0

0

0

44

0

44

52

-2.584

-2.097

-487

-2.185

0

0

0

0

-151

-160

9

-158

0

0

0

0

-303

-303

0

-54

303

303

0

54

-17

-10

-7

-54

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

-89

-89

0

0

89

89

0

200

-58

-38

-20

-28

0

0

0

0

-21

-20

-1

-19

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

725

0

0

0

0

70

0

70

0

-48.078

-49.181

1.103

-30.403

52.854

51.621

1.233

34.827

Toelichting: Het taakveld Inkomensverstrekking heeft voornamelijk betrekking op de uitgaven van uitkeringen en ontvangsten van het RIJK. 1. BUIG. Het overschot op BUIG 2020 bedraagt € 1.573K. Dit overschot wordt enerzijds veroorzaakt door de verstrekking van een lager aantal uitkeringen ten opzichte van hetgeen in de zomernota geprognotiseerd is. Toen gingen we nog uit van een aanzienlijke stijging van het aantal uitkeringsgerechtigden. Echter in de maanden juli t/m september was er sprake van een daling i.p.v. stijging. Daarnaast was het definitieve BUIG budget aanzienlijk hoger (€ 1.072K) dan het in 2019 afgegeven voorlopig BUIG-budget. De raming voor het BUIG budget 2020 gaat uit van een voordeel tussen de te ontvangen rijksvergoeding en verwachte uitkeringen van € 750K. De uitkomst van het resultaat over 2020 bevestigt de juistheid van dit ogenschijnlijk riskante uitgangspunt. Indien het voordeel van € 750K niet was ingeboekt zou het complete overschot in de jaarrekening 2022 € 2.323K (€ 750K + € 501K + € 1.072K) zijn geweest. In onderstaande tabel is het verschil tussen de daadwerkelijke uitgaven BUIG en definitief voorschot BUIG en het verschil voorlopig voorschot BUIG en definitief voorschot BUIG weer gegeven. Het voordeel PW en BUIG bedraagt € 2.082K (Lasten) en het voordeel voorlopig BUIG en definitief BUIG bedraagt € 1.070K

14

(Baten) Financiële uitkomsten ten opzichte van de BUIG middelen Gorinchem Molenlanden Vijfheerenlanden Totaal

PW cliënten en loonkostensusidies -12.123 -4.869 -10.742 -27.734

Definitief BUIG middelen 13.506 5.305 11.005 29.816

Verschil BUIG en PW 1.383 436 263 2.082

Voorlopig BUIG middelen -13.021 -5.115 -10.610 -28.746

Toename BUIG middelen 485 190 395 1.070

Het verschil sluit niet 1 op 1 aan met het voordeel in de financiële tabel van taakveld 63. De oorzaak hiervan is wijziging van de waardering van de vorderingen terugvordering en verhaal van voormalig Vianen. In onderstaande tabel zijn de aantallen cliënten per regeling per 31 december 2020 t.o.v. 1 januari 2020 weergegeven. De gemiddelde stijging over 2020 voor PW en IOAW bedraagt 5,08%; landelijk gezien nam het aantal uitkeringen PW toe met 3,4%.

Aantal cliënten PW IOAW IOAZ BBZ LKS Regulier LKS Beschut Totaal

Gorinchem 824 45 3 3 49 17

Molenlanden 305 16 0 2 43 8

941

374

VijfheerenTotaal landen 31-12-2021 672 1801 42 103 5 8 1 6 40 132 11 36 771

2.086

Totaal 01-01-2021 Stijging % 1700 5,94% 112 -8,04% 8 0,00% 12 -50,00% 125 5,60% 26 38,46% 1.983

3. Minimabeleid. Alle verstrekkingen en de externe uitvoeringskosten worden met de gemeenten verrekend. Minimabeleid heeft GEEN financieel effect op het jaarresultaat van Avres. Uit bovenstaande verantwoording blijkt dat de uitgaven voor het minimabeleid ten opzichte van de begroting met € 502K (12%) zijn gestegen. Deze stijging is structureel van aard en leidt tot het nadelig aanpassen van de gemeentebegrotingen. 4. TOZO. De verwachte vergoeding voor het uitvoeren van Tozo 1, 2 en 3 bedraagt op basis van het aantal Tozo aanvragen en aanvragen bedrijfskapitaal € 1.215K. De extra gemaakte kosten aan derden voor 2020 en 2021 (onder andere accountantskosten) bedragen € 171K. (waarvan als directe kosten bij dit taakveld € 66K). € 105K is als vooruit ontvangen (en nog te betalen) uitgaven op de balans verantwoord. Bij het vaststellen van de hoogte van de uitvoeringskosten is het Rijk uitgegaan van een vaste normvergoeding die voor alle gemeenten gelijk was. Omdat Avres al voortijdig een mogelijk beroep op dienstverlening en ondersteuning voor de nieuwe doelgroep zelfstandigen zag aankomen, heeft zij pro-actief kunnen reageren; al enige tijd vóórdat de ondersteuningsmaatregel voor zelfstandigen daadwerkelijk van kracht werd, dacht Avres na over het zo effectief en efficiënt mogelijk inrichten van de werkprocessen en procedures.

Zo kon bijvoorbeeld de rechtmatigheidstoets direct aan de voorkant worden uitgevoerd en was het niet noodzakelijk - zoals in het merendeel van de gemeenten - om eerst een voorschot te verstrekken en vervolgens (nogmaals) de aanvraag (opnieuw) te beoordelen. Dit was prettig voor de zelfstandig ondernemer, omdat deze zeer snel wist wat zijn rechten waren. Bovendien ontstond op deze wijze geen stuw in de afhandeling van aanvragen, waardoor de beschikbare capaciteit de hausse aan aanvragen en de tijdige afhandeling daarvan goed kon handelen. Om te waarborgen dat zelfstandigen tijdig over financiële ondersteuning konden beschikken hoefde Avres hierdoor slechts nauwelijks/in beperkte mate externe formatiecapaciteit in te zetten.

15

Daar kwam bij dat Avres - ook in tegenstelling tot het merendeel van vele andere gemeenten/organisaties - in het verleden al had besloten om de specialistische kennis/deskundigheid en uitvoering met betrekking tot de bijstandsverlening aan zelfstandigen in eigen huis te houden en dit niet uit te besteden aan een grote centrumgemeente. De aanwezigheid van deze kennis/deskundigheid kon direct worden ingezet bij de effectieve en efficiënte inrichting van de werkprocessen en procedures. Ook kon hierdoor direct intern kennisoverdracht plaatsvinden aan medewerkers, die minder of nog geen kennis hadden over de uitvoering van bijstandsverlening aan zelfstandigen. Kortom: Avres was bij de uitvoering van deze nieuwe regeling niet afhankelijk van derden en kon zelf grotendeels de uitvoering ter hand nemen. Ook dit voorkwam de noodzaak om veel externe formatiecapaciteit in te huren. Omdat door de intelligente lockdown binnen Avres bepaalde werkzaamheden wegvielen, dan wel werden verminderd, kon ook intern formatiecapaciteit worden vrijgemaakt om de Tozo-regeling effectief, efficient, rechtmatig en snel uit te kunnen voeren. Bovendien is er gedurende deze periode door de betreffende medewerkers heel veel overwerk verricht.

In de hoogte van de vaste normbedragen van het Rijk is uitdrukkelijk rekening gehouden met de noodzaak van de (tijdelijke) inhuur van extern personeel, evenals het beroep op externe kennis en deskundigheid omdat die in veel gemeenten niet aanwezig was. Dit heeft Avres slechts in beperkte mate hoeven doen, omdat zij met bestaande formatie de Tozo op efficiënte wijze heeft kunnen uitvoeren. 8. Loonkosten dienstverlening Avres. De overschrijding ten opzichte van de begroting bedraagt € 487K en is het gevolg van het anders doorbelasten van de loonkosten ten opzichte van de wijze waarop de loonkosten zijn geraamd. Bij taakveld 671 schulddienstverlening wordt een onderschrijding van € 360 K. De verschillen houden verband met het administratief verschuiven van de formatie van schulddienstverlening naar inkomensvoorziening.

3.2.4 Begeleide Participatie (SW)

16

Recapitulatie bedragen *€ 1.000

Verschil

Lasten Realisatie 2019

Verschil

Baten Realisatie 2019

1 2

Decentralisatieuitkering Sw Compensatie Sw Corona

0

0

0

-3

10.645

10.645

0

10.934

0

0

0

0

826

500

326

0

3

Decentralisatie uitkering Wajong Decentralsatie uitkering Nieuw beschut Uitkering Bonus nieuw beschut

0

0

0

0

297

297

0

271

0

0

0

0

679

679

0

641

0

0

0

0

251

100

151

0

64 Begeleide participatie

4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25

Bijdrage Sw overige gemeenten Sw personeelskosten Overige kosten Sw Transitievergoedingen Sw Opleidingskosten Sw Toegevoegde waarde Opstapbanen Nieuw beschut Begeleid werken Huisvesting werklocaties Afschrijvingslasten Vergoeding gemeenten bedrijfsvoering Loonkosten dienstverlening Avres Overige personeelskosten Vervoer, autokosten overige pers kn DVO inzameling textiel ICT specifiek Contributies en abonnementen Desinvesteringen Productiekosten Sw Totaal

Lasten Lasten Realisatie Begroting na 2020 wijziging

Lasten

Baten Baten Realisatie Begroting 2020 na wijziging

Baten

0

0

0

0

391

391

0

210

-10.553

-10.991

438

-11.251

0

0

0

0

-283

-305

22

-123

0

0

0

0

116

0

116

0

0

0

0

0

-20

-41

21

0

0

0

0

0

0

0

0

0

3.887

3.517

370

4.731

-51

-392

341

-360

0

0

0

0

-208

-40

-168

-17

0

0

0

0

-186

-180

-6

-178

0

0

0

0

-757

-790

33

-798

0

0

0

0

-207

-213

6

-230

0

0

0

0

0

0

0

0

2.984

2.984

0

1.626

-2.458

-2.445

-13

-2.213

0

0

0

0

-111

-68

-43

0

0

0

0

0

-189

-161

-28

-292

0

0

0

0

-88

-87

-1

-109

73

87

-14

0

-35

-50

15

-29

0

0

0

0

-24

-28

4

0

0

0

0

0

-4

0

-4

-168

0

0

0

0

-8

0

-8

-13

0

0

0

0

-15.066

-15.791

725

-15.784

20.033

19.200

833

18.413

Toelichting: 2. Coronacompensatie Sw. De tegemoetkoming van het Rijk in verband met de nadelen voor begeleide participatie bedraagt € 826K. Per de decembercirculaire 2020 is € 326K toegekend hetgeen het verschil ten opzichte van de verantwoording in de zomernota verklaart. 5. Bonus beschut werk. Per de septembercirculaire is het restant van de tijdelijke regeling voor het invullen van Beschut Werk volledig uitgekeerd. Ten opzichte van de aanname in de zomernota 2020 geeft dit een voordeel van € 151K. 7. Sw personeelskosten. Het voordeel ten opzichte van de begroting 2020 bedraagt € 438K en wordt door extra uitstroom en CAO afspraken veroorzaakt. De CAO is bij het opstellen van de begroting 2020 iets duurder ingeschat. 9. In 2020 zijn veel aanvragen uit voorgaande jaren met betrekking tot het compenseren van de transitievergoedingen door het UWV afgewikkeld. De financiële afwikkeling geeft een voordeel van € 116K ten opzichte van de aannames tot en met 2019. 11. De toegevoegde waarde valt ten opzichte van de zomernota met € 370 K voordelig uit. Per de zomernota werd op basis van een behoedzame raming als gevolg van Corona met € 1.100K naar beneden bijgesteld. Ten opzichte van de oorspronkelijke raming 2020 is derhalve sprake van een nadeel van € 730K.

Tegenover dit nadeel staat de compensatie van het Rijk van € 826K en lagere salariskosten (€ 441K tov raming 2020) van opstapbanen. Aan de andere kant viel de doorbelasting vanuit de stichting nieuw beschut Avres met € 168K nadeliger uit. De som van alle plussen en minnen in deze alinea bedraagt € 1.099K en kan feitelijk tegenover het nadeel van € 730K worden gesteld.

17

12. Opstapbanen. Per de zomernota is het salarisbudget voor de opstapbanen met € 100K van € 491K naar € 391K verlaagd. Hiervan komt € 38K ten laste van de risicoreserve. Als gevolg van Corona zijn er veel minder opstapbanen gerealiseerd. Bovendien zijn 4 opstapbaners via de stichting Avres Nieuw Beschut verloond. Zodoende laat de realisatie ten opzichte van de bijgestelde raming een voordeel € 341 zien. 13. Nieuw Beschut. De jaarrekening 2020 van de stichting Avres Nieuw Beschut sluit met een nadelig resultaat van € 208K en geeft een nadeel ten opzichte van de begroting van € 168K. De belangrijkste oorzaken:   

3.2.5

Andere afspraken omtrent de financiering van de wachtlijstbanen Lagere doorbelasting aan Sw Bv in verband met verminderde bezetting (15%ipv 20%) Te lage doorbelasting van opstapbanen richting Avres Sw Bv.

€ 92K € 30K €55K

Participatie

Recapitulatie bedragen *€ 1.000 65 Participatie Loonkosten dienstverlening Avres Overige personeelskosten Overige taakveld gerelateerde uitgaven Afschrijvingskosten Software oa. clientvolgsysteem Gemeenten vergoeding bedrijfsvoering Vergoeding leerwerkloket Gemeentefonds WWB Klassiek Reintegratiekosten (derden) Project Doe Agenda Project en proces WiJij Overige projecten ESF gelden Sociaal Return Totaal

Lasten Realisatie 2020

Lasten Begroting na wijziging

Lasten Verschil

Lasten Realisatie 2019

Baten Baten Baten Baten Realisatie Begroting Realisatie 2020 na wijziging Verschil 2019

-2.385

-2.754

368

-2.136

-34

-36

2

-37

-48

-76

28

-47

0

0

0

0

-19

-16

-3

-11

0

0

0

0

-131

-350

219

0

0

0

0

0

0

0

0

0

2.694

2.694

0

2.292

0

0

0

0

41

50

-9

46

0

0

0

0

1.758

1.697

61

1.512

-250

-500

250

-454

0

0

0

0

-289

-969

681

-31

289

969

-680

31

-373

-401

28

-661

0

0

0

286

-160

-345

184

2

159

345

-186

6

-13

0

-13

-19

222

75

147

155

0

0

0

0 0

-36

-77

41

0

55

77

-22

0

-3.738

-5.524

1.785

-3.394

5.218

5.907

-689

4.328

Toelichting: 1. Loonkosten. Het voordelig resultaat houdt verband met het name verband met het niet invullen van vacatures voor jobcoaching. Het niet en/of vertraagd invullen van vacatures houdt verband met het stagneren van de realisatie van opstapbanen als gevolg van Corona. 2. Overige taakveld gerelateerde kosten. Dit betreft voornamelijk autokosten van de werk- en jobcoaches. De raming is opgenomen bij begeleide participatie. 3. Afschrijvingskosten. Dit betreft de afschrijving van de twee elektrische bedrijfsauto’s. 5. Software/clientvolgsysteem. De raming ziet op de financiering van Avres in beeld en de aanschaf van clientvolgsysteem. Beide projecten zijn in 2020 gestart en lopen volop door in 2021. In 2020 is € 131K besteed. Deze besteding wordt gedekt door middelen van eenzelfde bijdragen uit de bestemmingsreserve herstructurering en algemene reserve (onderdeel resultaatbestemming 2019). Voor het restantbudget wordt in 2021 de begroting administratief verwijderd. 6. Gemeentefonds WWB klassiek. Op basis van septembercirculaire 2020 hebben de gemeenten € 118 K meer ontvangen en vervolgens aan Avres doorbetaald. 7. Re-integratiekosten (derden). Vanwege de aanstelling van eigen jobcoaches die de ontwikkeling van inwoners begeleiden, worden er steeds minder re-integratietrajecten extern ingekocht.

Hierdoor bedraagt de onderbesteding ten opzichte van de bijgestelde begroting € 250K. Gelet op de nieuwe contracten voor medische controle en extra diagnoses naar aanleiding van de intakes voor CompetenSYS worden vanaf

18

2021 geen budgettaire voordelen meer bij re-integratie verwacht. 8. Project Doe agenda. Van de toegezegde bijdrage van €2.000 K voor de uitvoering van de projecten uit de ”DOE agenda” is in 2019 namens de regio AV vanuit de gemeente Vijfheerenlanden een bedrag van €475K ontvangen. In 2020 betrof dit € 525K. De kosten met betrekking tot 2020 bedragen € 311K. In het eerste kwartaal heeft herprioritering van de projecten binnen het DOE programma plaatsgevonden en is een nieuwe begroting opgesteld. Volgens deze nieuwe DOE agenda en begroting zijn de resterende middelen zijnde € 1.680 voor de uitvoering van een viertal projecten belegd. 9. Bedrijfsvoering WIJIJ. Per de zomernota is voor de bedrijfsvoering van WiJij een budget van € 400K beschikbaar gesteld. De werkelijke kosten bedragen € 373K. en worden volledig vanuit de bestemmingsreserve WiJij gefinancierd. Het vervolg, uitmondend in een formele overdracht aan de werkgevers coöperatie WiJij per ultimo 2023, is een belangrijk onderdeel van de recent geactualiseerde DOE agenda. 10. Overige projecten. Hieronder valt een aantal projecten - waarvoor extra gemeentelijke middelen zijn ontvangen - maar die in 2020 nog niet volledig in uitvoering zijn genomen.

 Bestrijding jeugdwerkloosheid (ontvangen bijdrage € 173K en uitgaven € 38K)  Bedrijfsvoering Social Return (ontvangen bijdragen € 50K en uitgaven € 1K)  Trajecten Sociale Return (ontvangen door gemeenten € 81K en uitgaven € 0K)  Taalcoach (ontvangen bijdrage € 21K en uitgaven € 5K)  GGZ Werk&inkomen (ontvangen bijdrage € 67 K en uitgaven € 0,0K)  Veranderopgave inburgering (Uitgaven advieskosten BDO € 73K, zijn inmiddels door Divosa vergoed) De ontvangen maar nog niet bestede bijdragen (via derden) zijn als vooruitontvangen bijdragen in de balans opgenomen en zijn als zodanig voor het financieren van de uitvoering in 2020 direct beschikbaar. 11. ESF gelden. Het betreft de te verwachte subsidie-afrekening over 2017 en 2020. De verwachte subsidieafrekening over 2017 is per abuis niet in de jaarrekening 2017 en 2018 opgenomen. De definitieve subsidietoekenning van de ESF-bijdrage wordt in 2021 verwacht. Avres wordt met het oog op de verantwoording van de subsidieverlening extern begeleid.

3.2.6 Maatwerkdienstverlening 18+

1 2 3 4 5 6 7

Recapitulatie bedragen *€ 1.000 671 MAATWERKDIENSTVERLENING 18+ Loonkosten dienstverlening Avres Ontvangen vergoedingen zoals rente, administratie ivm SDV Abonnement Pilot handgeld Bijdragen gemeenten bedrijfsvoering SDV ICT Overige kosten Totaal

Lasten

Lasten

Realisatie Begroting 2020 na wijziging -1.113

-1.473

Lasten

Lasten

Baten

Baten

Baten

Baten

Begroting Realisatie na 2020 wijziging

Verschil

Realisatie 2019

Verschil

Realisatie 2019

360

-790

0

0

0

0

0

0

0

0

13

0

13

60

-10

-9

-1

-23

0

0

0

0

-12

-16

4

-9

10

26

-16

9

0

0

0

0

1.232

1.232

0

1.088

-23

-20

-3

0

0

0

0

0

-5

0

-5

0

0

0

0

0

-1.163

-1.518

355

-822

1.255

1.258

-3

1.157

Toelichting: 1. Loonkosten. Het voordelig verschil houdt verband met het toerekenen van de personeelsformatie aan schulddienstverlening en inkomensvoorziening. In 2020 is deze toerekening herzien. Zodoende ontstaat dit taakveld een voordeel en bij het taakveld inkomensvoorziening een nadeel. 4. Pilot handgeld. Avres voert vanaf 1 januari 2019 samen met de drie regio-gemeenten en het regiobureau AV de zogeheten pilot “handgeld” uit. In 2020 zijn er 30 aanvragen voor betalingen ontvangen en is een bedrag van €12 K betaald. Van de oorspronkelijke financiën van de regio AV resteert € 6K hetgeen aan het budget (€ 10K) wordt toegevoegd.

19

3.2.8 Inzet reserves Recapitulatie

Bedragen * € 1.000

Taakveld 010

nr Mutaties met reserves

Lasten Lasten Lasten Toevoegingen aan reserves Realisatie Begroting na 2020 wijziging

'010 Algemene reserve Algemene reserve

Transactieresultaat verkoop Avelingen In beeld bij Avres Aanschaf software voor uitvoering Wet Algemene reserve Arbeidsmarkt in Balans (WAB) Ttijdelijks huisvesting vanwege verbouwing Algemene reserve Lingeloods Algemene reserve Ondersteunings app voor uitkeringsontvangers Algemene reserve Aanschaf documentair informatiesysteem Risicoreserve Reserve opstapbanen zonder doelgroep Concessie dienstverleningsovereenkomst Risicoreserve textiel GR Waardlanden Afschrijvingsreserve verkoop Financiering afschrijvingen gebouwen AW Reserve herstructurering Aanschaf klantvolgsysteem Reserve herstructurering Opening landsinghof Reserve herstructurering BTW compenstie huur locatie Meerkerk Reserve herstructurering Onttrekking conform vastgestelde begroting Uittreding Hardinxveld Onttrekking conform vastgestelde begroting Giessendam Onttrekking conform afschrijvingslasten afschrijvingsreserve Meerkerk verbouwingen (ver)nieuw(d)e huisvesting Lokale aanhechting Onttrekking conform vastgestelde begroting Toevoeging op bsais van inventarisaties nog op Reserve verlofwaarden te nemen verlof Reserve WiJij Niet gedekte exploitatielasten WiJij 0

0

Lasten

Ver- Realisatie schil 2019 0 -3.511 0

0

Baten Baten Baten Baten Ontrekkingen aan reserves Begroting Realisatie na Realisatie 2020 wijziging Verschil 2019 0 0 45 150 105 0

0

0

200

200

0

0 0 0 0

30 0 1 38

30 75 70 250

0 75 69 212

0 0 0 83

0 0 0 0 0 0

0 115 107 39 0

0 130 200 20 39 0

0 15 93 20 0 0

109 0 0 0 0 300

0

0

0

0

472

0 0

0 0

0 0

0 0

100 64

-10

4 373 752

0 399 1.563

-4 27 812

0 375 1.503

-3.521

Toelichting: 1. Algemene reserve. Vanuit het voordelig jaarresultaat 2019 is voor een vijftal projecten € 525K beschikbaar gesteld. Hiervan is € 76K besteed en zodoende is € 76K aan de algemene reserve onttrokken. Diverse projecten zijn als gevolg van Corona vertraagd en vanwege de directiewisseling tijdelijk “on hold” gezet. Het verschil tussen de raming en realisatie bedraagt € 449K en wordt voor het vervolg van deze projecten in 2021 geclaimd. De begroting 2021 zal hiervoor administratief worden gewijzigd. 2. Risicoreserve loonkostensubsidies opstapbanen zonder doelgroepverklaring. De feitelijke omvang van verstrekte loonkostensubsidies bedraagt € 38K en geeft een verschil van € 212K ten opzichte van de geplande onttrekking van € 250K. Het verschil valt vrij ten gunste van de risicoreserve omdat in 2021 reeds een budget voor deze vorm van loonkostensubsidies beschikbaar is gesteld. 3. Afschrijvingsreserve verkoop AW. Het ontstaan van deze bestemmingsreserve houdt verband met het afstoten van de locatie AW en de investeringen in allerlei in locaties. De afschrijvingen op deze nieuwe investeringen worden gedekt uit het verkoopresultaat van het voormalige vastgoed AW. 4. Herstructurering. Ten laste van deze bestemmingsreserve zijn drie posten begroot. De post aanschaf klantvolgsysteem loopt volop door tot en met medio 2021.

De post budget het officieel openen van de Landsinghof schuift vanwege Corona ook door naar 2021. Voor beide posten zal de begroting 2021 administratief worden gewijzigd. 9. Reserve WIJIJ. De onttrekking betreffen de gemaakte kosten voor WiJij. Het verschil ten opzichte van de raming bedraagt € 27K en maakt deel uit van de financiering van WiJij in 2021 en 2022.

20

3.3

Financiële verantwoording incidentele baten en lasten Overzicht incidentele baten en lasten (bedragen * € 1.000)

Lasten

Baten

Totaal incidentele lasten en baten Saldo incidentele lasten en baten Ongezuiverd jaarresultaat 2020

1.708

-3.304 -1.596 4.678

3.082

Resultaat zonder incidentele lasten en baten

04

Overhead

04

Uitgaven voormalig personeel Lagere kosten algs gevolg van COVID 19 ten aanzien van vervoer, catering, opleidingen en representatie medewerlers Niet invullen van reguliere vacaturers directie, bestuurssecretariaat, manager inkomen Inkomensverstrekking Vergoeding uitvoering Tozo (inclusief reservering voor verwachte kosten 2022 Tozo, 1 2 en 3) Kosten Tozo en Corona uitsluitend directe kosten aan derden en exclusief besteding interne beschikbare tijd die als gevolg van Corona beschikbaar kwam. Herwaardering debiteuren Vianen

04 04 63 63

64

Begeleide participatie (Sw)

64

Bonus beschut werken (doorbetaling gemeenten). Op basis van de meicirculaire 2019 hebben de gemeenten een bonus voor het plaatsen van nieuw beschut ontvangen. De bounus is incidenteel Compensatie Rijk nadelen Corona Nadelig effecten als gevolg van Corona Tijdelijke kosten huisvesting Lingeloods Transitievergoeding Sw Loonkosten subsidie opstapbanen zonder doelgroep Participatie (re-integratie) Exploitatie WiJij Eenmalige kosten Avres in beeld en invoering klantvolgsysteem De Esf opbrengsten zijn tijdelijk. In 2019 zijn zowel een gedeelte van de verwachte bijdragen over 2017 als 2019 verantwoord. De verwachte bijdrage over 2018 zit in de jaarrekeing 2018. Overzicht incidentele baten en lasten (bedragen * € 1.000)

64 64 64 64 64 65 65 65

65

671

Schulddienstverlening

'010

Mutaties met reserves Aanwending ivm beleid opstapbanen zonder doelgroep. Zie toelichting taakveld 64 Aanschaf clientvolgsysteem, in beeld bij Avres Aanwending resultaat 2019 voor tijdelijke huisvesting Lingeloods Aanwending reserve WiJij. Het tekort van WijJij kan tijdelijk uit deze bestemmingsreserve worden gefinancierd. Een kostendekkende exploitatie van WiJij wordt nog steeds mogelijk geacht. Totaal incidentele lasten en baten

'010 '010 '010

'010

34 315 200

0

-1315

66 -70

-251 -826 501 30 -116 38 372 152 -134 Lasten

Baten

-38 -152 -30 -372 1.708

-3.304

De werkelijke kosten voor de uitvoering van de Tozo regeling zijn uiteraard veel hoger. Deze werkzaamheden zijn voor het grootste deel uitgevoerd door interne medewerkers. We hebben besloten deze kosten niet hieraan toe te rekenen, mede doordat hiervoor tijd geschreven moest worden, dit tijd kost en dit ten koste ging van de uitvoering. Deze kosten vallen dus binnen de apparaatskosten en zijn structureel van aard.

21

4

BALANS EN DE TOELICHTING

4.1

Balans per 31 december 2020

Activa Bedragen *€1.000 Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa

2020

2019

6.573

4.562

150

130

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Debiteuren Rekening-courant verhouding met niet-financiële instellingen Overige uitzettingen

3.342

2.456

21.923

8.849

2.948 166 0

919 576 0 28.379

12.800

Liquide middelen

302

310

Overlopende activa Totaal Vaste activa

1.365 36.769

2.207 20.009

2020

2019

Passiva Bedragen *€1.000 Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat boekjaar

4.742 6.164 4.679

Voorzieningen Vaste schulden Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen

1.835 6.841 2.983 15.585

11.659

197

45

725

1.077

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Bank- en girosaldi Overige schulden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=3d7554d0-067d-4db8-8b46-8e0564411164