CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 21, MER TenneT ZuidWest Oost Deel C 22-2-2021

Raadsvergadering 22 april 2021, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Vooroverlegreactie voorontwerp inpassingsplan Zuid-West 380kV Oost33.643 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Voor de nieuwe 380 kV-verbinding bij de Sluissedijk zijn twee varianten onderzocht om het tracé landschappelijk zo goed mogelijk in te passen. Variant Blauw bundelt met de A17 en loopt met knikken met de bocht mee. Variant Geel bundelt ook met de A17, maar loopt niet mee met de bocht. Deze variant volgt het tracé van de reconstructievarianten Wit-blauw en Wit-geel. Er is vanuit de omgeving een voorkeur voor de variant met de minst gevoelige bestemmingen.

3.7

Moerdijk - Zevenbergschen Hoek

In de gemeente Moerdijk is veel grootschalige industrie en infrastructuur aanwezig. Vooral bij Zevenbergschen Hoek komt veel infrastructuur samen: de A16, de hoge snelheidslijn en het spoor, de opgave voor windernergie en toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, zoals het Logistiek Park Moerdijk, de geplande aanpassing van de Moerdijkbrug en de nieuwe 380 kV-verbinding. De samenwerkende overheden hebben in 2017 maatwerk gevraagd bij Zevenbergschen Hoek vanwege de leefbaarheid en de toekomstige ontwikkelingen, met name voor de 9 gevoelige bestemmingen die ontstaan door de nieuwe 380 kV-verbinding. De minister van Economische Zaken heeft daarom - bij het vaststellen van het tracé in juli 2017 - aan TenneT gevraagd om in een planstudie te onderzoeken hoe tracéoptimalisaties van de 380 kV-verbinding kunnen bijdragen aan de verlichting van de ruimtelijke druk in dit gebied.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 43

3.7.1

Varianten

Betrokken bewonersgroepen, bedrijven, de samenwerkende overheden, de gemeente Moerdijk, de provincie Noord Brabant en TenneT hebben samen aan deze planstudie gewerkt. In meerdere werkateliers zijn diverse tracés verkend. Er zijn drie varianten ontwikkeld: variant Rood, variant Geel en variant Groen. Variant Rood Variant Rood komt overeen met het tracé van het voorgenomen alternatief. Het tracé loopt in noordoostelijke richting en bundelt op een afstand van circa 100 meter aan de zuidzijde met de bestaande 380 kV-verbinding. Bij Zevenbergschen Hoek kruist het tracé de A16 en de spoorlijn van onder andere de hogesnelheidslijn. Ongeveer 900 meter ten oosten van deze kruising buigt het tracé van variant Rood gebundeld aan de bestaande 380 kV-verbinding naar het oosten richting Hooge Zwaluwe. Zie figuur 3.20 Appendix deel C – pagina 61 Figuur 3.20 Moerdijk - Zevenbergschen Hoek - Variant Rood Variant Geel Variant Geel creëert meer afstand tussen de nieuwe 380 kV-verbinding en de woningen van Kattenkraam. Hierdoor komen zeven woningen buiten de indicatieve magneetveldzone te liggen en zijn geen gevoelige bestemming meer. Om dit mogelijk te maken wordt de bestaande 380 kVverbinding in dit gedeelte verplaatst. Variant Geel loopt net als variant Rood in noordoostelijke richting en bundelt op een afstand van circa 100 meter aan de zuidzijde met de bestaande 380 kV-verbinding.

Bij Zevenbergschen Hoek kruist het tracé de A16 en de spoorlijn. Hier maakt variant Geel - in tegenstelling tot variant Rood - een duidelijke knik in noordelijke richting. Hierdoor komt er een mast van de bestaande, te verplaatsen verbinding en een mast van de nieuwe verbinding op een bedrijfslocatie te staan. De exacte locatie van de masten moet in overleg met de eigenaar van het bedrijf bepaald worden. Zie figuur 3.21 Appendix deel C – pagina 61 Figuur 3.21 Moerdijk - Zevenbergschen Hoek - Variant Geel Variant Groen Het tracé van variant Groen lijkt op dat van variant Geel, maar creëert meer afstand tussen de nieuwe 380 kV-verbinding en de woningen nabij Kattenkraam. Ook in deze variant wordt de bestaande 380 kV-verbinding verplaatst. Beide verbindingen komen door een grotere knik ter hoogte van Kattenkraam noordelijker te liggen. Hierdoor komen acht woningen buiten de indicatieve magneetveldzone te liggen en zijn geen gevoelige bestemming meer. Zie figuur 3.22 Appendix deel C – pagina 62 Figuur 3.22 Moerdijk - Zevenbergschen Hoek - Variant Groen

3.7.2

Effecten MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 44

Leefomgevingskwaliteit Variant Rood leidt tot negen gevoelige bestemmingen. Variant Geel heeft twee gevoelige bestemmingen en variant Groen één gevoelige bestemming. Landschap Bij Variant Rood is de bundel van de huidige en de nieuwe 380 kV-verbinding prominent aanwezig. Variant Geel heeft extra knikken ten opzichte van variant Rood. Hierdoor is de verbinding meer opvallend. Dit is nog sterker bij variant Groen. Er zijn geen effecten op landschappelijke elementen en structuren. Natuur Er zijn geen beschermde dier- en plantsoorten aangetroffen in het gebied rond de varianten Rood, Geel en Groen. De varianten liggen niet in of vlakbij een Natura 2000-gebied, zij kruisen het NNBgebied dat langs de Landekensdijk ligt. Hierdoor zullen er enkele bomen verdwijnen. Dit is nadelig voor met name vleermuizen. Andere diersoorten zullen na realisatie wel weer gebruik kunnen maken van deze corridor. Voor variant Geel geldt dat de bestaande mast in het NNB-gebied verzwaard zal worden. Dit heeft een effect, maar is niet onderscheidend ten opzichte van de andere varianten. Archeologie De varianten lopen alle drie voor het grootste deel door een gebied met een lage archeologische verwachtingswaarde. Mogelijk wordt een enkele mast wel in een gebied met een middelhoge verwachtingswaarde worden geplaatst. Dit leidt niet tot onderscheidende effecten.

Bodem en water De varianten lopen niet door gebieden met grote verontreinigingen of aardkundige waarden. Zij lopen ook niet door waterbergingsgebieden. Wel is het zo dat bij variant Groen een mast op een compartimenteringskering staat. Dit is besproken met het waterschap. In overleg met het waterschap worden gekeken of aanpassingen aan de kering nodig zijn. Bij variant Geel wordt een bestaande mast op de compartimenteringskering verzwaard. (Net)techniek De varianten voldoen alle drie aan de vereiste leveringszekerheid. De technische complexiteit in de aanlegfase wordt onder andere bepaald door de kruising met de snelweg en HSL-spoorlijn. De varianten Geel en Groen bevatten naast de kruising met de snelweg en HSL-spoorlijn een verplaatsing van de bestaande 380 kV-verbinding. Dit is technisch complex in de aanlegfase. De verplaatsing en de daarvoor benodigde tijdelijke 150 kV-verbinding bevatten ook de kruising met de snelweg en HSL-spoorlijn. Ook is een korte tijdelijke 380 kV-verbinding en aanpassing in aanpalende masten nodig om een nieuwe mast te kunnen realiseren in de bestaande 380 kV-verbinding. De hoekmasten moeten nog geoptimaliseerd worden in relatie tot de tussenliggende mastlocaties. De varianten verschillen niet in beheer en onderhoud. De varianten verschillen in de raakvlakken die zij met objecten van derden hebben.

Variant Rood heeft een beperkter raakvlak met de hoofdtransportleiding van Brabant Water, de snelweg, HSL en de spoorlijn dan de andere varianten. Variant Geel en Groen verschillen beperkt in de raakvlakken die zij met objecten van derden hebben. Investeringskosten

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 45

De investeringskosten van de varianten Geel en Groen zijn vanwege de complexiteit in de aanleg significant hoger dan die van variant Rood. Variant Groen is significant duurder dan variant Geel, omdat deze een langere reconstructie en een langere tijdelijke 150 kV-verbinding bevat. Overzicht Variant

Variant

Variant

Rood

Geel

Groen

9

2

1

Leefomgevingskwaliteit Aantal gevoelige bestemmingen Landschap Kwaliteit tracé Structuren en elementen Natuur Natura 2000 Natuur Netwerk Brabant Leefgebieden met bijzondere waarden Archeologie Archeologische (rijks)monumenten AMK-terreinen Verwachtingswaarden Bodem en Water Aardkundige waarden Nettechniek Leveringszekerheid Technische complexiteit aanleg Beheer en onderhoud Raakvlakken objecten derden Investeringskosten investeringskosten

3.7.3

Omgevingsproces

Betrokken bewonersgroepen, bedrijven, de Samenwerkende Overheden, de gemeente Moerdijk, de provincie NoordBrabant en TenneT hebben samen aan deze planstudie gewerkt. In meerdere werkateliers zijn meerdere varianten onderzocht. Ook is een werkbezoek gebracht aan het project Doetinchem-Wesel. Een aantal varianten is in overleg niet verder uitgewerkt. In de werkateliers was er een gedragen voorkeur voor variant Groen. De positieve effecten op de leefbaarheid van Kattenkraam en de gevoelige bestemmingen was hierbij bepalend. De effecten van de tijdelijke verbindingen zijn besproken met de betrokken bedrijven en grondeigenaren. Zij delen deze voorkeur niet. De inpassing en uitvoering van benodigde tijdelijke verbindingen worden uitgewerkt met de betrokken omgeving en de gemeente.

3.8

Hooge Zwaluwe MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 46

Het tracé van de bestaande 380 kV-hoogspanningsverbinding loopt aan de noordzijde met een aantal knikken langs het dorp Hooge Zwaluwe. De nieuwe 380 kV-hoogspanningsverbinding bundelt aan de zuidzijde van de bestaande verbinding. Om te voorkomen dat de nieuwe verbinding te dicht langs het dorp gaat, wordt de bestaande verbinding naar het noorden verplaatst en komt de nieuwe verbinding op de locatie van de huidige verbinding te staan.

3.8.1

Varianten

Zowel het bestaande als het voorgenomen tracé heeft vier duidelijke knikken. In de uitwerking is bekeken óf en zo ja hoe de bestaande en nieuwe verbinding landschappelijk beter ingepast kunnen worden. Dit kan bijvoorbeeld door de hoeken flauwer te maken, waardoor de tracés meer gestrekt worden. In werkateliers is samen met de gemeente, vertegenwoordigers vanuit Hooge Zwaluwe, bewoners en grondeigenaren uit de directe omgeving van de lijn gekeken naar de uitwerking van het tracé. In het uitwerkproces zijn vier varianten ontwikkeld en op effecten beoordeeld: Rood (het Voorgenomen tracé), Geel, Lichtblauw en Donkerblauw. Variant Rood Variant Rood komt overeen met het voorgenomen tracé. Het tracé bundelt bij Hooge Zwaluwe met de bestaande 380 kV-hoogspanningsverbinding. De bestaande verbinding loopt in een aantal hoeken aan de noordzijde van het dorp langs. De nieuwe verbinding bundelt aan de zuidzijde met de bestaande verbinding. Om te voorkomen dat de nieuwe verbinding door het dorp heen gaat, wordt de bestaande verbinding circa 100 meter naar het noorden verplaatst. De nieuwe verbinding komt op het tracé van de huidige verbinding te staan. Hierdoor blijft de afstand van de verbinding tot de dorpskern Hooge Zwaluwe gelijk. De verplaatsing begint bij de Zwaluwse Pootweg aan de westkant van Hooge Zwaluwe en eindigt ten oosten van Hooge Zwaluwe tussen de Zeedijk en de Moersweg.

Beide verbindingen knikken aan de noordkant rond Hooge Zwaluwe. De huidige 150 kV-verbinding wordt verwijderd en in de masten van de nieuwe verbinding gehangen en verdwijnt daardoor uit het dorp Hooge Zwaluwe. Zie figuur 3.23 Appendix deel C – pagina 62 Figuur 3.23 Hooge Zwaluwe - Variant Rood Variant Geel Variant Geel is nagenoeg gelijk aan variant Rood. De meest westelijke knik ligt iets verder westelijk. Tussen deze verschuiving en de dorpskern ontstaat hierdoor een meer gestrekte lijn. De passage van het tracé aan de noord- en oostzijde van Hooge Zwaluwe verandert hierdoor enigszins door kleine technische aanpassingen. Zie figuur 3.24 Appendix deel C – pagina 63 Figuur 3.24 Hooge Zwaluwe - Variant Geel Variant Lichtblauw Bij variant Lichtblauw wordt het westelijke tracédeel sterk verflauwd en wordt zeer beperkte knik ten westen van de Zwaluwse Pootweg uit het tracé gehaald, waardoor een langere rechtstand en een

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 47

landschappelijk rustiger beeld in het tracé ontstaat. De passage van het tracé aan de noord- en oostzijde van Hooge Zwaluwe verandert niet. Zie figuur 3.25 Appendix deel C – pagina 63 Figuur 3.25 Hooge Zwaluwe - Variant Lichtblauw Variant Donkerblauw Variant Donkerblauw lijkt op variant Lichtblauw. Het onrustige beeld van de scherpe hoeken aan de westzijde van het tracé wordt verminderd door het tracé sterker te verflauwen dan in variant Lichtblauw. De westelijke knik ligt, net zoals bij variant Geel, ten westen van de Zwaluwse Pootweg. De rechtstand van het tracé aan de noordzijde van Hooge Zwaluwe wordt hierdoor korter. Het tracé aan de oostzijde van het dorp wijzigt niet. Zie figuur 3.26 Appendix deel C – pagina 64 Figuur 3.26 Hooge Zwaluwe - Variant Donkerblauw

3.8.2

Effecten

Leefomgevingskwaliteit De varianten Rood en Lichtblauw leiden tot drie gevoelige bestemmingen, twee aan de Pootweg en een aan de Zwaluwse Pootweg. De varianten Geel en Donkerblauw hebben twee gevoelige bestemmingen aan de Pootweg. Landschap Variant Rood leidt er toe dat de bundel van de naar het noorden verschoven bestaande 380 kVvakwerkverbinding en de nieuwe 380 kV+150 kV- wintrack combiverbinding prominenter in het landschap aanwezig zal zijn dan de bestaande verbinding. De afstand van de bundel tot de dorpskern blijft gelijk maar de bundel zal een grotere visuele invloed hebben. Met name de knikken in de bundel zullen opvallender zijn. Variant Geel is nagenoeg gelijk aan variant Rood. De meest westelijke knik ligt iets verder westelijk. Tussen deze verschuiving en de dorpskern ontstaat hierdoor een meer gestrekte lijn. Het tracé van variant Lichtblauw ten noorden en westen van Hooge Zwaluwe wordt meer gestrekt. Er verdwijnt een knikje, waardoor er een langere rechtstand ontstaat. De tracés van de huidige en de nieuwe verbindingen lopen niet exact parallel. De knikken worden flauwer en de richtingsveranderingen kleiner, waardoor het totaal een rustiger beeld oplevert. Variant Donkerblauw lijkt op variant Lichtblauw. Door de knik ten noorden van Hooge Zwaluwe nog een veldlengte naar het oosten te verplaatsen wordt het tracé nog meer gestrekt en worden de knikken nog flauwer.

De rechtstand van het tracé aan de noordzijde van Hooge Zwaluwe wordt hierdoor korter, de vier hoekmasten aan beide zijden van de Zeedijk staan dicht bij elkaar en zullen opvallend zijn. De nieuwe verbinding staat aan de noordwestelijke zijde iets dichter bij Hooge Zwaluwe dan het huidige tracé, maar heeft minder knikken en een langere rechtstand, waardoor het totaal een rustiger beeld oplevert. Natuur Er blijken er bij de varianten geen beschermde dier- of plantensoorten voor te komen. De varianten hebben geen effecten op natuur.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 48

Archeologie Variant Rood passeert een gebied met een zeer hoge verwachtingswaarde. Variant Geel passeert een gebied met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde. De overige alternatieven gaan door gebieden met lage archeologische waarde. Dit is echter niet significant onderscheidend bevonden. Bodem en Water De varianten lopen niet door gebieden die verdacht zijn van bodemverontreiniging. Zij zijn daarom op dit gebied niet onderscheidend. (Net)techniek De leveringszekerheid van de varianten is gelijkwaardig. Er zijn geen specifieke situaties met positieve of negatieve gevolgen voor leveringszekerheid. De gekozen vormen voor de verplaatsing van de bestaande 380 kV-verbinding is in alle varianten gelijk aan de voorkomende vormen in de bestaande hoogspanningslijn. De technische complexiteit in de aanlegfase is voor alle varianten gelijk. De varianten verschillen niet ten aanzien van hun betrouwbaarheid, veiligheid, bereikbaarheid en levensduur. De raakvlakken van de varianten met objecten van derden zijn gelijkwaardig. Investeringskosten De investeringskosten van de varianten zijn niet onderscheidend. Overzicht Variant

Variant

Variant

Variant

Rood

Geel

Lichtblauw

Donkerblauw

3

2

3

2

Leefomgevingskwaliteit Aantal gevoelige bestemmingen Landschap Kwaliteit tracé Structuren en elementen Natuur Natura 2000 Natuur Netwerk Brabant Leefgebieden met bijzondere waarden Archeologie Archeologische (rijks)monumenten AMK-terreinen Verwachtingswaarden Bodem en Water Aardkundige waarden Nettechniek Leveringszekerheid Technische complexiteit aanleg Beheer en onderhoud Raakvlakken objecten derden

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 49

Investeringskosten investeringskosten

3.8.3

Omgevingsproces

De tracés van de bestaande en de nieuwe 380 kV-hoogspanningsverbinding lopen aan de noordzijde met een aantal knikken langs het dorp Hooge Zwaluwe. De opgave was de bestaande en nieuwe verbinding zó in te passen dat een rustig landschappelijk beeld ontstaat. De opgave is uitgewerkt in twee werkateliers en verschillende bilaterale gesprekken. Uit de werkateliers en de gesprekken is geen eenduidige voorkeur naar voren gekomen.

3.9

Geertruidenberg

Het voorgenomen tracé bundelt over grote lengte met de bestaande 380 kVhoogspanningsverbinding. Ter hoogte van Geertruidenberg loopt de bestaande verbinding naar het 380 kV-station Geertruidenberg. De nieuwe verbinding bundelt daarom niet met de bestaande 380 kVhoogspanningsverbinding, maar loopt aan zuidkant langs Geertruidenberg. Vlak voorbij het station buigt de nieuwe verbinding naar het zuiden en passeert het 150 kV-station aan de oostzijde. Ten zuidoosten van Geertruidenberg, vanaf de passage van de Donge, ligt het tracé parallel aan de te verwijderen 150 kV-hoogspanningsverbinding en de bestaande, te handhaven 380 kV-verbinding.

3.9.1

Varianten

Bij Geertruidenberg is sprake van een technisch complexe omgeving. Er liggen waterkeringen, een warmteleiding, er bevindt zich een petrochemische bedrijf en andere hoogspanningsverbindingen en stations. Aan de westzijde van de Amertak is een woning aanwezig. De wens bestaat om de afstand van de nieuwe verbinding tot deze woning te vergroten. Het tracé is zodanig uitgewerkt, dat aan alle eisen ten aanzien van inpassing en veiligheid kan worden voldaan. Dit heeft geleid tot één haalbare variant: Variant Groen. Variant Groen Variant Groen maakt ten westen van Amertak een lichte knik waardoor de woning aan de Bergsepolder buiten de indicatieve magneetveldzone komt te liggen. Vervolgens passeert het tracé de Amertak in zuidoostelijke richting. Hierbij zijn verhoogde masten noodzakelijk, zodat voldaan wordt aan de doorvaarthoogte. Het tracé passeert vervolgens het 150 kV-station op een veilige afstand aan de zuidzijde. Vlak voor de Donge knikt het tracé naar het zuiden. Ook bij de kruising van de Donge worden verhoogde masten geplaatst. De masten zijn in deze variant zo geplaatst dat er geen masten in de primaire waterkering komen te staan. Aanlegplaatsen voor brandstoftankers zijn niet toegestaan onder bovengrondse hoogspanningsverbindingen. De bestaande aanlegplaats dient voor het petrochemisch bedrijf aan de Donge te worden aangepast, zodat deze aan de eisen voldoet.

Zie figuur 3.27 Appendix deel C – pagina 64 Figuur 3.27 Geertruidenberg - Variant Groen

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 50

3.9.2

Effecten

Leefomgevingskwaliteit Variant Groen bevat geen gevoelige bestemmingen. Landschap De nieuwe verbinding zal door de verhoogde (hoek) masten bij de kruisingen van de vaarwegen prominent aanwezig zijn. Natuur De verbinding kruist bij het passeren van de Amertak een NNB-gebied. Dit is mogelijk, maar de effecten dienen gecompenseerd te worden. Variant Groen loopt niet door een Natura 2000-gebied. Het Natura 2000-gebied de Biesbosch ligt dichtbij. De verbinding kruist bij het passeren van de Amertak een NNB-gebied. De effecten worden gecompenseerd. Archeologie Het gebied heeft over het grootste deel een lage archeologische waarde. Bij de beoogde verbinding staan twee rijksmonumenten: de Dongecentrale, die historisch gezien een link heeft met hoogspanning en het toegangshek van de begraafplaats. Het tracé tast deze monumenten niet aan. Bodem en Water De beoogde mastlocaties van variant Groen liggen buiten de huidige waterkering en de zone A (kernzone) rond de waterkering. Aandachtspunt is dat het waterschap voornemens is de waterkeringen te versterken. (Net)techniek De passage van Geertruidenberg is complex vanwege de toepassing van afwijkende masttypen, beperkte werkruimte, maatregelen aan bestaande kabels en leidingen, bebouwing onder de hoogspanningslijn en de kruising van twee bevaarbare waterwegen en twee wegen.

Het tracé voldoet aan de eisen van de leveringszekerheid en er zijn geen specifieke risicovolle omstandigheden. Bij het beheer en onderhoud van de hoogspanningsverbinding is de bereikbaarheid en de levensduur van de verbinding geen issue. Er is een haalbaarheidsstudie uitgevoerd naar elektromagnetische comptabiliteit (EMC).Onder omstandigheden kunnen elektrische installaties en elektrische apparaten elkaars werking verstoren. Er is onderzocht of het haalbaar is om te voorkomen dat er als gevolg van de nieuwe hoogspanningsverbinding situaties ontstaan waarin elektrische installaties en elektrische apparaten door de nieuwe hoogspanningsverbinding zodanig worden verstoord dat deze verstoring onoplosbaar is. Op sommige locaties zullen in verband met mogelijke verstoring door de hoogspanningsverbinding extra maatregelen getroffen moeten worden. Eventuele maatregelen worden in afstemming met de betreffende stakeholder vastgesteld. Investeringskosten Variant Groen is de uitwerking van het voorgenomen tracé. De uitwerking leidt niet tot een andere kosteninschatting.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 51

3.9.3

Omgevingsproces

Bij Geertruidenberg is sprake van een technisch complexe omgeving. De opgave was het voorgenomen tracé zodanig uit te werken, dat aan alle eisen ten aanzien van inpassing en veiligheid kan worden voldaan. De belangen die hierbij speelden waren verschillend: enerzijds afstand tot woningen en anderzijds technisch complexe passage. Vanwege deze verschillen is het tracé uitgewerkt in aparte overleggen. De bewoners van de Bergsepolder spreken hun voorkeur uit voor een tracé waarbij de verbinding op zo’n groot mogelijke afstand van de woning komt te staan. Het uitgewerkte tracé maakt een lichte knik waardoor de woning buiten de indicatieve magneetveldzone komt te liggen en de afstand iets wordt vergroot. Voor de uitwerking van de technische complexe passage heeft overleg plaatsgevonden met het petrochemisch bedrijf, het waterschap en de beheerder van de warmteleiding. Voor de bedrijfsvoering van het petrochemisch bedrijf is het niet noodzakelijk dat schepen bij de huidige meerpalen kunnen aanleggen. Het is echter wel van belang dat er een alternatieve ligplaats wordt gevonden op minder dan een uur afstand als de meerpalen niet meer gebruikt mogen worden. Gezien de aanwezige vaarwegen is het aannemelijk dat hiervoor een oplossing kan worden gevonden. Dit wordt samen met het petrochemisch bedrijf verder uitgewerkt.

3.10

's Gravenmoer

Ten westen van ‘s Gravenmoer loopt het tracé vanaf Geertruidenberg in zuidoostelijke richting. Het voorkeurstracé ligt hier op circa 145 meter afstand aan de zuidzijde van de bestaande 380 kVverbinding. Dit is een grotere afstand dan de minimaal benodigde valafstand tussen de bestaande en nieuwe 380 kV-verbinding. Dit heeft te maken met een waterkering die aan de westzijde van dit tracé ligt. Door de grotere afstand is een mast in de waterkering vermeden

3.10.1

Varianten

In de werkateliers is samen met de betrokkenen verkend of er mogelijkheden zijn om strakker te bundelen met de bestaande verbinding, waardoor het tracé verder van de woningen van ‘s Gravenmoer af komt te liggen. Er zijn drie varianten ontwikkeld: variant Rood, variant Geel en variant Blauw. Variant Rood Variant Rood komt overeen met het tracé van het voorgenomen tracé. Het tracé loop vanaf Geertruidenberg tot aan ‘s Gravenmoer evenwijdig aan de bestaande 380 kV-verbinding. Ten noorden van Oosterhout knikt de nieuwe verbinding in meer oostelijke richting. Vanaf dit punt ligt de nieuwe verbinding op circa 145 meter van de bestaande verbinding. Zie figuur 3.28 Appendix deel C – pagina 65 Figuur 3.28 's Gravenmoer - Variant Rood Variant Geel Het verschil tussen variant Geel en variant Rood is de afstand waarop het tracé bundelt met de bestaande verbinding. In variant Rood is die afstand circa 145 meter. Variant Geel bundelt op 105

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 52

meter afstand van de huidige verbinding. Dit heeft tot gevolg dat de hoekmast bij de westelijke knik in een watergang komt te staan. Deze watergang moet daarom worden aangepast. Zie figuur 3.29 Appendix deel C – pagina 65 Figuur 3.29 's Gravenmoer - Variant Geel Variant Blauw Het tracé van variant Blauw lijkt op variant Geel. Ook variant Blauw staat op 105 meter afstand van de bestaande 380 kV-verbinding en daarmee op grotere afstand van ‘s Gravenmoer. Het verschil is dat variant Blauw bij de westelijke knik op 145 meter staat om plaatsing van de mast in de watergang te vermijden. Vervolgens wordt een extra knik in het tracé aangebracht om vanaf dat punt op 105 meter afstand van de bestaande verbinding te staan. Zie figuur 3.30 Appendix deel C – pagina 66 Figuur 3.30 's Gravenmoer - Variant Blauw

3.10.2

Effecten

Leefomgevingskwaliteit Variant Rood heeft vier gevoelige bestemmingen. De varianten Geel en Blauw hebben één gevoelige bestemming minder, doordat de verbinding dichterbij de bestaande verbinding staat. Landschap De varianten Geel en Blauw bundelen strakker met de bestaande verbinding. Hierdoor wordt de afstand tot aan de dorpsrand van ’s-Gravenmoer groter (40 meter). Variant Blauw heeft een extra richtingsverandering tegen de hoofdrichting (naar Geertruidenberg) in en leidt hierdoor tot een iets minder rustig beeld. Al met al zijn de landschappelijke effecten op hoofdlijnen niet onderscheidend. Natuur Geen van de varianten loopt door een Natura 2000 gebied. De varianten kruisen wel een NNB gebied (de Donge). De effecten hiervan zijn niet onderscheidend. Archeologie De tracés van de verschillende varianten liggen voornamelijk in een gebied met een lage verwachtingswaarde. De effecten hiervan zijn niet onderscheidend. Bodem en water Variant Geel heeft tot gevolg dat de hoekmast bij de westelijke knik in een watergang komt te staan, deze moet daarom worden aangepast. Desondanks zijn de effecten op bodem en water niet onderscheidend.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 53

(Net)techniek De nettechnische effecten van de drie varianten verschillen nauwelijks en zijn als niet onderscheidend beoordeeld. Investeringskosten De investeringskosten van variant Rood, variant Blauw en variant Geel zijn niet onderscheidend. Variant Geel vergt een aanpassing van de watergang. De meerkosten hiervan leiden niet tot significant hogere kosten. Overzicht Variant

Variant

Variant

Rood

Geel

Blauw

4

3

3

Leefomgevingskwaliteit Aantal gevoelige bestemmingen Landschap Kwaliteit tracé Structuren en elementen Natuur Natura 2000 Natuur Netwerk Brabant Leefgebieden met bijzondere waarden Archeologie Archeologische (rijks)monumenten AMK-terreinen Verwachtingswaarden Bodem en Water Aardkundige waarden Nettechniek Leveringszekerheid Technische complexiteit aanleg Beheer en onderhoud Raakvlakken objecten derden Investeringskosten investeringskosten

3.10.3

Omgevingsproces

De opgave was om de nieuwe 380 kV-verbinding zo optimaal mogelijk te bundelen met de bestaande 380 kV-verbinding en de afstand tot ‘s Gravenmoer te vergroten. Er hebben twee werkateliers plaatsgevonden, meerdere overleggen met de bewonersgroep ‘s Gravenmoer en afstemming met het Waterschap Brabantse Delta. In de werkateliers zijn varianten Rood, Blauw en Geel uitgewerkt. Variant Blauw en Geel vergroten beiden de afstand tot ‘s Gravenmoer met circa 40 meter. Door de bewonersgroep zijn twee aanvullende varianten met een grotere afstand tot ‘s Gravenmoer ingediend. In het werkatelier is aangegeven dat deze niet realistisch zijn. In een apart overleg met de

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 54

bewonersgroep is dit verder uitgewerkt en besproken. Hiermee zijn de varianten Blauw en Geel de varianten met de grootst mogelijke afstand tot ‘s Gravenmoer. Variant Geel leidt tot plaatsing van een mast in een waterkering. Dit betreft een kleinere, niet primaire waterkering nabij een waterloop. De verlegging van deze waterkering is met het Waterschap Brabantse Delta besproken. Dit wordt in de vervolgfase samen met het waterschap verder uitgewerkt.

3.11

Bosroute

Ter hoogte van de Moersedreef bij Dongen en Loon op Zand wordt de bestaande verbinding over ongeveer 7,5 kilometer naar het oosten verlegd om te voorkomen dat de Moersedreef wordt ingeklemd tussen de nieuwe en de bestaande 380 kV-verbinding. De nieuwe verbinding bundelt met de verlegde bestaande verbinding. Dit is de Bosroute. De Bosroute loopt in het noordwesten tussen de Baan en de Paalstraat naar het zuidoosten om aan te sluiten op het 380 kV-station Tilburg.

3.11.1

Varianten

Het tracé passeert een gevoelige bestemming, het vlieggebied van de Radio Vliegclub Brabant, de golfbaan van de Efteling, een voormalige vuilstortplaats, natuurgebieden, het Landgoed Huis ter Heide, het plangebied van een natuurbegraafplaats, een nertsenbedrijf en het recreatiegebied Experience Island ‘t Blauwe Meer. De opgave bij de Bosroute is het tracé zo goed als mogelijk in te passen rekening houdend met de belangen die spelen in deze omgeving. Dit heeft tot vier varianten geleid: variant Rood, variant Geel, variant Groen en variant Oranje. Variant Rood Variant Rood komt overeen met het tracé van het voorgenomen tracé. Het tracé loopt in het noordwesten tussen de Baan en de Paalstraat naar het oosten in de richting van het vlieggebied van de Radio Vliegclub Brabant en de golfbaan van de Efteling. Ten zuidwesten van het vlieggebied knikt het tracé in zuidoostelijke richting naar het Landgoed Huis ter Heide. Hierbij loopt het tracé aan de oostzijde langs de voormalige vuilstortplaats. Er zijn verhoogde masten noodzakelijk om de voormalige vuilstortplaats te passeren. Nadat het Landgoed Huis ter Heide is gepasseerd maakt het tracé een kleine knik in de richting van het 380 kV-hoogspanningsstation Tilburg. Hierbij passeert het tracé het recreatiegebied Experience Island ‘t Blauwe Meer aan de westzijde.

Zie figuur 3.31 Appendix deel C – pagina 66 Figuur 3.31 Bosroute - Variant Rood Variant Geel Variant Geel volgt op grote lijnen het tracé van variant Rood. Het verschil met variant Rood is dat het tracé vanaf het vlieggebied van de Radio Vliegclub Brabant (RVB) recht loopt tot aan het 380 kVhoogspanningsstation Tilburg. Variant Geel heeft geen knik ter plaatse van het Landgoed Huis ter Heide. Net als bij variant Rood zijn er verhoogde masten noodzakelijk om de voormalige vuilstortplaats te passeren.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 55

Zie figuur 3.32 Appendix deel C – pagina 66 Figuur 3.32 Bosroute - Variant Geel Variant Groen Variant Groen is ontwikkeld om het tracé zo veel mogelijk aan de oostzijde van natuurgebieden te leggen waarbij rekening gehouden wordt met de veiligheidsafstand ten opzichte van de recreatieplas Het Blauwe Meer. Om deze reden knikt het tracé ter hoogte van de Galgeneindsestraat in zuidelijke richting, zodat het tracé op de minimaal vereiste afstand van 110 meter afstand van het recreatiegebied ligt. Er zijn bij deze variant geen verhoogde masten nodig ter hoogte van de voormalige vuilstortplaats. Er wordt wel een mastlocatie gepositioneerd op het golfterrein van de Efteling. Zie figuur 3.33 Appendix deel C – pagina 67 Figuur 3.33 Bosroute - Variant Groen Variant Oranje Variant Oranje is ontwikkeld om het tracé zo veel mogelijk aan de oostzijde van natuurgebieden te leggen zonder een mastpositie op het golfterrein van de Efteling. Variant Oranje komt aan de noordwestelijke zijde overeen met variant Rood. Het tracé loopt in het noordwesten tussen de Baan en de Paalstraat naar het oosten in de richting van het vlieggebied van de Radio Vliegclub Brabant en de golfbaan van de Efteling. Ten zuidwesten van het vlieggebied knikt het tracé in zuidoostelijke richting tot het de ligging volgt van variant Groen.

Het tracé loopt vervolgens in een rechte lijn naar het 380 kV-hoogspanningsstation in Tilburg. Zie figuur 3.34 Appendix deel C – pagina 68 Figuur 3.34 Bosroute - Variant Oranje

3.11.2

Effecten

Leefomgevingskwaliteit Het tracé van variant Rood leidt tot drie gevoelige bestemmingen. Bij de varianten Geel, Groen en Oranje is een gevoelige bestemming aan de Galgeneindsestraat afgevallen, maar komt er een gevoelige bestemming bij de nertsenfarm aan de Bergstraat bij. Hierdoor hebben alle varianten evenveel gevoelige bestemmingen. Landschap De varianten verschillen beperkt. Het tracé van variant Rood heeft verhoogde masten bij de voormalige vuilstortplaats en midden op landgoed Huis ter Heide een flauwe knik. Dit zal zichtbaar zijn. In het tracé van variant Geel zijn ook verhoogde masten bij de voormalige vuilstortplaats opgenomen, dit tracé kent in tegenstelling tot variant Rood een lange rechtstand in het tracé en scoort op dit punt positiever. In variant Groen zijn verhoogde masten bij de voormalige vuilstort niet nodig, er is wel een knik bij de Galgeneindsestraat in het tracé opgenomen. Variant Oranje bevat ook verhoogde masten en een flauwe knik nabij de golfbaan. Natuur

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 56

De varianten lopen allemaal door een NNB gebied, de doorsnijding verschilt slechts minimaal. Geen van de varianten gaat door een Natura 2000-gebied. Alle varianten lopen door bosgebied, waarin veel waarnemingen zijn gedaan van diersoorten die in het bos leven (oa. ree, haas, wild zwijn). Er zijn geen waarnemingen bekend van vleermuizen in het gebied. Al met al zijn de effecten op natuur niet onderscheidend. Op lokaal niveau zijn er wel verschillen, waarbij een zo oostelijk mogelijke ligging positiever is. Archeologie Het tracé van de verschillende varianten loopt door een gebied met een lage en een middelhoge verwachtingswaarde. De effecten zijn niet onderscheidend. Bodem en Water De varianten verschillen niet in hun effecten op bodem en water. Wel is de aanwezigheid van de vuilstort een aandachtspunt. De varianten met masten vlakbij de vuilstort hebben een verhoogd risico. Dit vanwege een risico op vervuiling (met name vervuild grondwater) in de nabijheid van de vuilstort. De aanwezigheid van andere verontreinigingen in het gebied is niet bekend. (Net)techniek De varianten verschillen onderling niet op het gebied van leveringszekerheid. De complexiteit van de aanleg is ook niet onderscheidend. Op het gebied van beheer en onderhoud spelen bij geen van de varianten bijzondere omstandigheden. De varianten verschillen niet in hun raakvlakken met objecten van derden.

Investeringskosten De kosten van de varianten zijn niet significant onderscheidend. Overzicht Variant

Variant

Variant

Variant

Rood

Geel

Groen

Oranje

3

3

3

3

Leefomgevingskwaliteit Aantal gevoelige bestemmingen Landschap Kwaliteit tracé Structuren en elementen Natuur Natura 2000 Natuur Netwerk Brabant Leefgebieden met bijzondere waarden Archeologie Archeologische (rijks)monumenten AMK-terreinen Verwachtingswaarden Bodem en Water Aardkundige waarden Nettechniek Leveringszekerheid

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 57

Technische complexiteit aanleg Beheer en onderhoud Raakvlakken objecten derden Investeringskosten investeringskosten

3.11.3

Omgevingsproces

Er hebben twee werkateliers plaatsgevonden en meerdere overleggen met stakeholders om meer zicht te krijgen op specifieke situaties: •

Voor het noordwestelijke deel van het tracé, bij de Baan en Paalstraat, is het van belang dat de afstand tussen het tracé en de beide straten nagenoeg gelijk blijft. Dit is het geval bij alle realistische varianten.

•

Er bleek geen realistische variant mogelijk te zijn om de vliegactiviteiten van de Radiovliegclub Brabant door te kunnen laten gaan.

•

De varianten Groen en Oranje ontzien natuurwaarden en natuurbeleving zo veel mogelijk. Deze varianten staan op veilige afstand van het recreatiegebied Experience Island ’t Blauwe Meer, maar wel dichter bij dan variant Rood.

•

Variant Groen heeft een mastpositie op het golfterrein van de Efteling. Dit heeft variant Oranje niet.

•

De varianten Groen en Oranje hebben een zo groot mogelijke afstand tot de woning aan de Galgeneindsestraat. De Galgeneindsestraat is bij die varianten geen gevoelige bestemming.

•

Varianten Groen en Oranje lopen over het perceel van de nertsenfarm. Bij deze varianten is de nertsenfarm een gevoelige bestemming.

De belangen van de deelnemers aan het omgevingsproces worden in een keuze tussen de onderzochte realistische varianten het meest gediend door variant Oranje. Uitzondering vormt de nertsenfarm, vanwege de beperking in ontwikkelingsmogelijkheden. Met Experience Island wordt overlegd over de aanpassing van hun uitbreidingsplannen. Alle varianten beperken het vlieggebied van de Radiovliegclub Brabant dusdanig dat er een oplossing moet worden gevonden voor de vliegclub. In het omgevingsproces is door Natuurmonumenten en de Efteling gevraagd naar de mogelijkheden van ondergrondse aanleg voor dit tracédeel. Als ondergrondse aanleg voor dit tracédeel niet wordt onderzocht wordt gevraagd te kiezen voor zo min mogelijk schade door een zo oostelijk mogelijke ligging van het tracé.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 58

4

Voorkeursalternatief 2020

4.1

Inleiding

4.1.1

Totstandkoming

Op basis van de uitwerking van het Voorgenomen tracé, zoals beschreven in hoofdstuk 3, is de minister van Economische Zaken en Klimaat in 2019 gevraagd een besluit te nemen over de varianten om zo het tracé van het Voorkeursalternatief te kunnen bepalen. Ten behoeve hiervan heeft de minister de Samenwerkende Overheden in de gelegenheid gesteld om een integraal advies te geven over de keuze tussen de varianten. De minister heeft verzocht om hierbij in te gaan op de proportionaliteit en redelijkheid van de varianten en in het bijzonder de verhouding tussen de maatschappelijke meerwaarde en de meerkosten. De Samenwerkende Overheden hebben gehoor gegeven aan dit verzoek en op 6 juni 2019 een advies aangeboden aan de minister. In het advies hebben zij voor alle uitwerkingsgebieden een voorkeur uitgesproken over de te kiezen variant: •

Rilland Markiezaat: variant Bruin

•

Brabantse Wal: variant Groen

•

Roosendaal-Halderberge: variant Grijsblauw

•

Oude Gastel-Standdaarbuiten: varianten Geel en Wit-geel

•

Hooge Zwaluwe: variant Donkerblauw

•

Geertruidenberg: variant Groen

•

’s Gravenmoer: variant Geel

•

Bosroute: variant Oranje

De minister heeft in samenspraak met de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties besloten dit advies over te nemen, waardoor bovenstaande varianten samen het Voorkeursalternatief vormen. Over het uitwerkingsgebied Bergen op Zoom is in het advies van de Samenwerkende Overheden geen keuze gemaakt. Ter plaatse van het Natura 2000-gebied de Brabantse Wal ligt de nieuwe verbinding ondergronds. In het Voorgenomen tracé dat in 2017 is vastgesteld, ligt het opstijgpunt echter wel in het Natura 2000-gebied. Vanaf dit opstijgpunt loopt het Voorgenomen tracé bovengronds door het Natura 2000 gebied. Dit leidt tot een grootschalige aantasting van het Natura 2000-gebied. De Samenwerkende Overheden hebben de minister daarom verzocht om te onderzoeken of de verbinding ook bij Bergen op Zoom in de buisleidingstraat gelegd kan worden. Dit onderzoek is door TenneT samen met belanghebbenden uitgevoerd. Uitkomst is dat het inderdaad mogelijk is de verbinding bij Bergen op Zoom over 2,5 km extra ondergronds aan te leggen in de buisleidingenstraat. Hiermee worden effecten op het Natura 2000-gebied Brabantse Wal voorkomen. De onderzochte variant leidt niet tot gevoelige bestemmingen bij de Brabantse Wal en Bergen op Zoom. Deze ondergrondse varianten levert positieve landschappelijke effecten op, aangezien de bestaande 150kV-verbinding ook verkabeld wordt.

De locatie van het opstijgpunt van deze variant ligt het buiten het bos en Natura 2000-gebied. De minister heeft daarom voor deze variant gekozen.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 59

Voor het uitwerkingsgebied Moerdijk-Zevenbergschen Hoek was het advies van de Samenwerkende overheden om voor variant Geel te kiezen. De minister heeft dit advies niet overgenomen. Bij de keuze in 2017 heeft de minister TenneT, de Samenwerkende Overheden en de omgeving gevraagd een gezamenlijke planstudie uit te voeren naar mogelijkheden om de infrastructurele druk in het gebied gezien alle ruimtelijke ontwikkelingen te beperken. In die planstudie zijn verschillende tracévarianten uitgewerkt. De minister heeft niet gekozen voor variant Geel, maar handhaaft variant Rood. Die variant komt overeen met het Voorgenomen tracé uit 2017. Variant Geel scoort ten opzichte van het gekozen tracé negatief op het gebied van landschap, nettechniek, tijdelijke overlast voor de betrokken omgeving en het aangrenzende gebied, de planning en de kosten. Er is een positief effect op het aantal gevoelige bestemmingen (7 gevoelige bestemmingen minder). Alles afwegende heeft de minister geconcludeerd dat de meerwaarde van de geadviseerde variant niet opweegt tegen de significant negatieve effecten en hoge kosten. De minister heeft TenneT gevraagd bij de uitwerking van het landschapsplan extra aandacht te geven aan de inpassing en leefbaarheid van dit gebied. TenneT, de gemeente Moerdijk en de Provincie Noord-Brabant werken aan een integraal plan voor dit gebied.

4.1.2

Mastkeuze

De Samenwerkende Overheden hebben de minister van EZK niet alleen geadviseerd over de te kiezen varianten, zij hebben ook vragen gesteld over het mastsoort waarmee de verbinding wordt uitgevoerd. Aanvankelijk was het uitgangspunt van TenneT om bij nieuwe tracés in principe te kiezen voor wintrackmasten. De Samenwerkende Overheden hebben hierover vragen aan de minister gesteld. Naar aanleiding hiervan heeft TenneT onderzocht welke mastsoort in combinatie met het masttype van de bestaande verbindingen de beste bijdrage levert aan de technische functionaliteit, milieu- en omgevingseffecten, landschappelijke inpassing en kosten en zonder dat hierdoor extra gevoelige bestemmingen ontstaan. In het onderzoek is een afweging gemaakt tussen de wintrack- en vakwerkmasten. Daarbij is rekening gehouden met de bundeling van het Voorkeurstracé met de twee bestaande hoogspanningsverbindingen. Ten behoeve van dit onderzoek is een vakwerkmast ontworpen die aan de eisen van de te bouwen verbinding kan voldoen. Deze vakwerkmast is vergeleken met de wintrackmast die als uitgangspunt gold. Op basis hiervan heeft TenneT voorgesteld de ontwikkelde vakwerkmasten toe te passen voor Zuid-West 380 kV Oost. In februari 2020 heeft de minister hiermee ingestemd. TenneT heeft de mastvorm vervolgens geoptimaliseerd en technisch verder uitgewerkt tot de zogeheten Moldaumast.

Begin augustus 2020 is hierover een onderbouwend rapport gepubliceerd. In dit rapport is een overzicht gegeven van de aspecten op basis waarvan de Moldaumast is ontwerpen en gevalideerd. De Moldaumast verder uitgewerkt in inpassing en vormgeving, technische mastontwerp en mastbeelden. Positie van de draden in de mast Afgebeeld is de combi steun Moldaumast. Hierin zijn de 380 kVverbinding en de 150 kV-verbinding gecombineerd: • De verbindingen worden standaard dubbel uitgevoerd (twee circuits 380kV en twee circuits 150kV) om de beschikbaarheid ook bij onderhoud te borgen. • De 380kV circuits hangen aan de buitenzijde en de 150kV circuits aan de binnenzijde. MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 60

•

De bliksemdraden hangen aan de buitenzijden van de bovenste traverse en dienen voor de bescherming van circuits tegen blikseminslag.

Magneetveldzones Bij het onderzoek naar de best passende mast is expliciet aangegeven dat het aantal gevoelige bestemmingen niet mocht toenemen. De breedte van de magneetveldzones hangt af van de positie van de draden in de mast. Voor Zuid-West 380kV Oost is met Moldau een vakwerkmast met een smalle magneetveldzone ontworpen. De draden hangen in de Moldaumast in een ton-vorm: de middelste draden hangen verder buiten de mast dan de onderste en bovenste draden. Met deze tonvorm is een relatief smal magneetveld mogelijk. Met Moldau masten verandert het aantal gevoelige bestemmingen in Zuid-West 380kV Oost niet ten opzichte van de uitvoering met wintrackmasten. Fundering en ruimtebeslag Een gemiddelde vakwerkmast staat op vier kleine betonnen poeren, dit zijn de bovengrondse constructies waar de vier poten van de mast op geplaatst. Deze poeren staan direct op funderingspalen; dit zijn er standaard vier per mastlocatie. De oppervlakte tussen de poeren kan beperkt worden gebruikt, bijvoorbeeld voor grazend vee. Bundeling Het tracé bundelt voor een groot deel met twee bestaande verbindingen. De masten zijn verschillend in hoogte, in het aantal armen en in het aantal mastlichamen. Bij het ontwerp van de vakwerkmast voor de Zuid-West 380 kV Oost verbinding is zoveel mogelijk rekening gehouden met de vormen van de vakwerkmasten van de verbindingen waarmee wordt gebundeld.

In het westelijk deel van het tracé bundelt de nieuwe verbinding tussen Rilland en Geertruidenberg met de 2x380 kV Donauvorm. De afstand tussen de buitenste draden van deze Donaumasten is circa 31 meter. Dit is groter dan die van Moldaumasten, deze is circa 28 meter. De Moldaumast is circa 57 meter. Dit is hoger dan de circa 48 meter van de Donaumast. Bij het ontwerp van de Moldaumast is zo veel mogelijk rekening gehouden met de bestaande masten: • De hoogte-breedte verhouding van het mastlichaam is overeenkomstig. • De opbouw van de mast is vrijwel gelijk. • Het aantal traversen van Moldau is met drie beperkt tot het minimum en sluit daarmee zo goed als mogelijk aan op de bestaande masten met twee traversen. • Zowel Moldau hoekmasten als de bestaande hoekmasten hebben zogenaamde nonnenkappen waar de bliksemdraden aan hangen.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 61

In het oostelijk deel van het tracé bundelt de nieuwe verbinding tussen Geertruidenberg en Eindhoven met de 3x380 kV Ton-vorm. De 380kV hoogspanningslijn Geertruidenberg-Eindhoven is met drie 380kV circuits uitgevoerd en heeft een strookbreedte onder de draden van ruim 36 meter. Om de drie circuits voldoende ver uit elkaar te kunnen hangen is hier gekozen voor twee mastlichamen. De strookbreedte onder de draden van Moldaumasten is met circa 28 meter minder en er kan voor vier circuits worden volstaan met één mastlichaam. De bouwhoogten van de bestaande hoogspanningsmasten is circa 60 meter. Dit is iets hoger dan de circa 57 meter van Moldaumasten. Bij het ontwerp van de Moldaumast is zo veel mogelijk rekening gehouden met de bestaande masten: • Het aantal traversen van Moldaumasten is gelijk aan het aantal van de bestaande masten. • Zowel Moldaumasten als de bestaande masten hebben de zogenaamde ton-vorm: de bovenste en onderste draden hangen dichter bij de mast dan de middelste draden. • In Moldau steunmasten zijn de draden opgehangen met V-kettingen. De draden van het middelste circuit in de bestaande steunmasten zijn ook met V-kettingen opgehangen. • Zowel Moldau hoekmasten als de bestaande hoekmasten hebben zogeheten nonnenkappen waar de bliksemdraden aan hangen. Toegangswegen en werkruimte De masten worden in kleine onderdelen aangeleverd.

Deze kunnen worden vervoerd met standaard materieel. De toegangswegen en werkruimtes zijn klein en flexibel in te passen. Ook in de beheer fase volstaat licht materieel. Specifiek voor de hoogspanningsverbinding tussen Rilland en Tilburg is de vakwerkmast als beste naar voren gekomen. Bovendien leidt deze mast niet tot meer gevoelige bestemmingen. Daarom is gekozen om de verbinding met vakwerkmasten uit te voeren.

4.2

Het Voorkeursalternatief 2020

Het tracé van het Voorkeursalternatief dat op basis van deze optimalisatie is ontstaan is weergegeven in figuur 4.1 en daaronder uitgebreid beschreven. Zie figuur 4.1 Appendix deel C – pagina 68 Figuur 4.1 Tracé Voorkeursalternatief 2020

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 62

Onderstaande paragrafen beschrijven het tracé.

4.2.1

Rilland-Markiezaat

Het startpunt van het tracé is het 380 kV-hoogspanningsstation Rilland. Vanaf dit hoogspanningsstation loopt het tracé naar het oosten. Het tracé kruist het Schelde-Rijnkanaal en westelijk Spuikanaal. Om de scheepvaart niet te hinderen worden aan weerszijden van het ScheldeRijnkanaal hogere masten geplaatst. Het kanaal wordt met een flauwe hoek gekruist. Door de flauwe hoek passeert het tracé Völckerdorp zo noordelijk mogelijk. Het tracé komt ook op afstand van de aanwezige windturbines te staan. Aan de oostzijde van het kanaal loopt het tracé ten zuiden van de A58 in de richting van parkeerplaats Het Rak. Vlak voor de parkeerplaats knikt het tracé in oostelijke richting. Vanaf dit punt loopt de verbinding langs de parkeerplaats naar de zuidoostzijde van het knooppunt Markiezaat. Vanwege hoogtebeperkingen bij vliegbasis Woensdrecht wordt het tracé bij knooppunt Markiezaat uitgevoerd met verlaagde masten van 54 meter hoog. De bestaande 150 kV-verbinding tussen het 150 kV-station Rilland en het 150 kV-station Woensdrecht wordt ondergronds aangelegd. Na de realisatie hiervan wordt de huidige bovengrondse 150 kV-verbinding van Rilland tot Woensdrecht afgebroken.

4.2.2

Brabantse Wal

Ten noordoosten van het Knooppunt Markiezaat leidt een bovengrondse verbinding tot substantiële effecten op natuur en landschap in het natuurgebied Brabantse Wal en het landgoed Mattenburgh. Daarnaast gelden ter plaatse van de vliegbasis Woensdrecht hoogtebeperkingen in verband met de obstakelvrije ruimte ten behoeve van de vliegveiligheid. Verder wordt de tracering van een bovengronds tracé bemoeilijkt door de aanwezigheid van de buisleidingenstraat, de bestaande 150kVverbinding en diverse woningen. Daarom ligt de verbinding vanaf het knooppunt Markiezaat ondergronds. Het opstijgpunt ligt ten zuidoosten van het knooppunt. Het ondergrondse tracé loopt vanaf dit punt naar het noordoosten, kruist de A4/A58 en ligt vanaf daar in de buisleidingenstraat. Ook de bestaande bovengrondse 150 kV-verbinding komt ondergronds in buisleidingenstraat te liggen.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 63

Het opstijgpunt bij knooppunt Markiezaat bezien vanaf de Grintweg

4.2.3

Bergen op Zoom

De verbinding passeert het natuurgebied Brabantse Wal en landgoed Mattenburgh ondergronds en loopt naar Heimolen, ten zuidoosten van Bergen op Zoom. Ten oosten van Bergen op Zoom komt de verbinding nabij buurtschap Zoomvliet weer bovengronds. De locatie van het opstijgpunt is zó gekozen, dat het natuurgebied de Brabantse Wal bovengronds wordt vermeden. Tijdens de aanleg komt het opstijgpunt dichtbij de bestaande 150 kV-verbinding te staan. Om het opstijgpunt veilig te kunnen realiseren wordt een tijdelijke 150 kV-verbinding gerealiseerd.

Het opstijgpunt bezien vanaf Heijnoort

4.2.4

Roosendaal Halderberge

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 64

Vanaf het opstijgpunt loopt het tracé als gecombineerde 380/150kV-verbinding bovengronds naar het noordoosten in de richting van Roosendaal. Het tracé van de nieuwe 380 kV-verbinding ligt ten noordwesten van de buisleidingenstraat en volgt het tracé van de 150kV-verbinding die tussen de 150 kV-stations Roosendaal-Borchwerf en Woensdrecht wordt afgebroken. Ten zuiden van Wouw kruist het tracé de A58 bij de afrit Wouwse Plantage. Vanaf dit punt knikt het tracé naar het noordoosten en loopt het evenwijdig aan de buisleidingenstraat naar de Nieuwe Roosendaalsche Vliet. Het tracé loopt - in tegenstelling tot de bestaande 150 kV-verbinding - vanwege ruimtelijke belemmeringen aan de oostkant van de buisleidingenstraat verder aan de westzijde van de buisleidingenstraat tot aan Roosendaal. Ter hoogte van het 150-kV station Roosendaal-Borchwerf takt de 150-kV verbinding af en gaat het tracé van de nieuwe 380 kV-verbinding in noordelijke richting verder als solo 380 kVverbinding. Ten noorden van het 150kV-station Roosendaal-Borchwerf en ten zuiden van het glastuinbouwbedrijf maakt het tracé een knik naar het oosten en kruist het de buisleidingenstraat en het kanaal en ligt het tracé tot aan Standdaarbuiten gebundeld aan de westzijde van de A17. Bij het bedrijventerrein Borchwerf II ligt het tracé tussen het bedrijventerrein en de snelweg in.

De bestaande 150kV-verbinding komt tussen het 150kV-station Roosendaal-Borchwerf en de eerste mast aan de oostzijde van de A17 ondergronds te liggen.

Bundeling met de A17 bij Borchwerf II

4.2.5

Oud Gastel

Tot aan de Slotstraat in Oud Gastel is het nieuwe tracé een solo 380kV-hoogspanningsverbinding. De bestaande 150kV-verbinding tussen 150kV-station Roosendaal-Borchwerf en de eerste mast aan de oostzijde van de A17 wordt verkabeld. Vanaf de Slotstraat wordt de nieuwe 380 kV-verbinding (bovengronds) weer gecombineerd met de 150 kV-verbinding richting Moerdijk. De bestaande bovengrondse 150 kV-hoogspanningsverbinding tussen 150 kV-station Roosendaal en het Kromstraatje in Oud Gastel blijft gehandhaafd. Vanaf dit punt wordt er een ondergrondse 150kV-kabel aangelegd naar een opstijgpunt aan de westzijde van de A17. Tijdens de uitvoering kruist de nieuwe verbinding de bestaande 150kV-verbinding bij Kralen. Om dit veilig te kunnen doen wordt de bestaande 150kV-verbinding tijdelijk verplaatst, waarbij de draden als kabels op of in de grond worden gelegd. De bestaande bovengrondse 150 kV-verbinding vanaf buurtschap Kuivezand tot aan Moerdijk wordt afgebroken nadat de nieuwe verbinding gereed is.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 65

Bundeling met de A17 bij Oud Gastel

4.2.6

Standdaarbuiten

Tussen Roosendaal en Standdaarbuiten ligt de nieuwe 380 kV-verbinding aan de westzijde van de A17 en bundelt zoveel mogelijk met deze weg. De nieuwe verbinding ligt ten oosten van de buisleidingenstraat. Ten noorden van de Pietseweg in Oud Gastel staat de bestaande 380kVverbinding Geertruidenberg-Borssele tussen de buisleidingenstraat en de A17. Om ruimte te maken voor het nieuwe tracé wordt de bestaande verbinding tussen de Pietseweg en de Sluissedijk in Standdaarbuiten verplaatst naar de westzijde van de buisleidingenstraat. De nieuwe verbinding bundelt ter hoogte van de betoncentrale met de bestaande verbinding om zoveel mogelijk rechtstanden te creëren. Hierdoor loopt de verbinding over het terrein van de betoncentrale. Om de scheepvaart niet te hinderen, worden er bij de Mark/Dintel hogere masten geplaatst, zowel bij de nieuwe 380/150 kV-verbinding als bij de te verplaatsen 380 kV-verbinding Geertruidenberg-Borssele.

Bundeling vanaf de Sint Antoinedijk kijkend in zuidelijke richting Ten behoeve van de verplaatsing van de bestaande verbinding tussen de Pietseweg en de Sluissedijk naar de westzijde van de buisleidingenstraat zijn wordt er bij de aanleg gebruik gemaakt van tijdelijke masten. Bij de Pietseweg en bij de Sluissedijk aan de westzijde van de bestaande 380kV-verbinding MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 66

komt er geen spanning op de tijdelijke verbinding te staan. Aan de oostzijde van de bestaande verbinding komt er wel spanning op de tijdelijke verbinding. Bij de Pietseweg en de Sluissedijk zijn ook tijdelijke verplaatsingen van de bestaande 150kVverbinding voorzien. Hierbij worden de draden als kabels op of in de grond gelegd.

4.2.7

Moerdijk

Tussen Standdaarbuiten en Geertruidenberg liggen momenteel zowel een 380 kV- verbinding als een 150 kV- verbinding naast elkaar. De bestaande 150kV-verbinding wordt afgebroken en met de nieuwe 380kV verbinding gecombineerd ten zuiden van de bestaande 380 kV-verbinding. De nieuwe verbinding buigt bij Standdaarbuiten - net als de bestaande verbinding - naar het noordoosten en loopt zo dicht mogelijk ten zuiden van de bestaande 380 kV-verbinding naar Moerdijk. Tussen de Zevenbergseweg en afrit 25 - Zevenbergen maakt het tracé een knik in oostelijke richting. Het tracé volgt hierbij de knik van de bestaande 380kV-verbinding. De nieuwe verbinding kruist de A17 bij afrit 25. Het tracé loopt verder oostwaarts, parallel aan de zuidzijde van de bestaande 380 kV-verbinding. Ter hoogte van het 150kV-station Moerdijk zijn twee opstijgpunten in de nieuwe verbinding voorzien om de 150kV-verbindingen vanuit Roosendaal en vanuit Geertruidenberg met een ondergrondse kabel te kunnen verbinden met dit 150kV-station. Na de kruising met de Roode Vaart loopt de nieuwe verbinding - net als de bestaande 380 kV-verbinding - in oostelijke richting. Om de scheepvaart niet te hinderen, worden er bij de Roode Vaart hogere masten geplaatst.

Ter hoogte van het 150kV-station Zevenbergschen Hoek is in de nieuwe verbinding een opstijgpunt voorzien om de 150kV-verbinding tussen Moerdijk en Geertruidenberg te verbinden met dit station.

Beeld van de verbinding vanaf de Galgenweg in Zevenbergen in noordelijke richting

4.2.8

Hooge Zwaluwe

De nieuwe verbinding loopt na de kruising met de A16/A59 met verhoogde masten over het spoor Breda - Dordrecht en de HSL. Vervolgens loopt de verbinding parallel aan de bestaande 380 kVverbinding. Ten oosten van de HSL, ter hoogte van de Landekensdijk, buigt het tracé naar het oosten, in de richting van Hooge Zwaluwe. Om de bestaande en de nieuwe 380kV-verbinding ten noorden van Hooge Zwaluwe te kunnen laten lopen, wordt de bestaande 380kV-verbinding gedeeltelijk naar het noorden verplaatst. Hiermee wordt er ruimte gemaakt voor het nieuwe tracé. Beide tracés maken MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 67

daarom bij de Zwaluwse Pootweg eerst een flauwe knik in noordoostelijke richting en vervolgens ten noorden van Hooge Zwaluwe twee knikken in zuidoostelijke richting. Ter hoogte van de Breede Vaart knikken beide verbindingen naar het oosten en lopen de huidige en nieuwe 380 kV-verbinding parallel verder tot Geertruidenberg.

Beeld van de bundeling ten noorden van Hooge Zwaluwe Bij de verplaatsing van de bestaande 380kV-verbinding aan de westzijde van Hooge Zwaluwe wordt de verbinding tijdens de aanleg in tijdelijke masten gehangen. Ook bij de verplaatsing van de bestaande 380kV-verbinding aan de oostzijde van Hooge Zwaluwe wordt gebruik gemaakt van tijdelijke masten. Op de tijdelijke verbinding die aan de oostzijde van de bestaande 380kV-verbinding geplaatst wordt komt er geen spanning te staan. Op de tijdelijke verbinding aan de westzijde van de bestaande 380kV-verbinding geplaatst wordt komt wel spanning te staan. Aan weerszijden van Hooge Zwaluwe zijn ook tijdelijke verplaatsingen van de bestaande 150kV-verbinding voorzien. Hierbij worden de draden als kabels op of in de grond gelegd.

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 68

Het parkje aan de Wethouder Marcuslaan voor (boven) en na (onder) realisatie van de nieuwe verbinding

4.2.9

Geertruidenberg

Bij Geertruidenberg kruist de nieuwe 380 kV-verbinding de Amertak en de Donge/het Noordergat als solo 380kV-verbinding. Ten westen van de Amertak en ten zuiden van de Donge is de nieuwe verbinding een gecombineerde 380/150kV-verbinding. Vanwege aanwezige infrastructuur, waaronder kabels en leidingen en aanwezige bedrijven, maakt het tracé een aantal knikken. Om scheepvaart niet te hinderen, worden verhoogde masten geplaatst aan weerszijden van de Amertak en de Donge. Aan de zuidzijde van de Donge / het Noordergat gaat het tracé parallel aan de bestaande 380kVverbinding Geertruidenberg – Eindhoven verder in zuidelijke richting. De nieuwe verbinding ligt tot het Kromgat aan de westzijde van de bestaande verbinding.

De kruising met het Amerkanaal vanaf de Brandweg Ten westen van de Amertak en ten zuiden van de Donge zijn opstijgpunten voorzien om de 150kVverbindingen uit de nieuwe verbinding met een ondergrondse kabel aan te kunnen sluiten op het 150kV-station Geertruidenberg. Mede vanwege de verhoogde masten ten behoeve van de kruising van de Amertak en de Donge zijn de opstijgpunten niet tussen de Amertak en de Donge voorzien. De nieuwe verbinding komt bij de kruising van de Donge op het tracé van de nu nog aanwezige bovengrondse 150kV-verbinding te staan. De bovengrondse 150kV-verbinding wordt daarom onder de Donge door geboord. Deze ondergrondse kabel sluit na realisering van de nieuwe 380kVverbinding aan op het opstijgpunt aan de zuidzijde van de Donge. Totdat deze aansluiting kan worden

MER Zuid-West 380 kV Oost, Deel C, p 69

gerealiseerd wordt de kabel met een tijdelijke aansluiting aan de zuidzijde van de Donge aangesloten op de bovengrondse 150kV-verbinding. Hierbij worden de draden als kabels op of in de grond gelegd.

4.2.10

’s Gravenmoer

Vanaf de kruising met de Donge / het Noordergat volgt het tracé de bestaande 380 kV-verbinding Geertruidenberg-Eindhoven aan de zuidzijde in de richting van Oosterhout. Ter plaatse van het Kromgat knikt het tracé in oostelijke richting tot voorbij het dorp 's Gravenmoer. Hierna lopen de tracés van de bestaande en de nieuwe 380 kV-verbinding naar het zuidoosten richting Dongen en De Moer. Bij de knik ter plaatse van het Kromgat kruist de nieuwe 380kV-verbinding de huidige 150kVverbinding. De bovengrondse 150 kV-verbinding wordt gecombineerd met de nieuwe 380 kVverbinding. Tijdens de aanleg moet de bestaande 150kV-verbinding in bedrijf blijven. Daarom is een tijdelijke verplaatsing nodig van de bestaande 150kV-verbinding. Hierbij worden de draden als kabels op of in de grond gelegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=d0a18e7b-bf9a-4c8d-b59f-70966afc7bea