CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 technische verkenning ruimte

Raadsvergadering 8 mei 2025, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Voorbereiding scopebesluit inzake Powerport21.040 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ontwerptafel Powerport Regio Moerdijk Technisch verdiepende analyse

5

02 2 t r a a 26 m

Inhoudsopgave Belangrijkste bevindingen Pagina 3 Aanbeveling Pagina 7

Eindconcept rapport Fase 2A en 2B 26 maart 2025

Aanleiding en vraag Aanleiding en vraag Pagina 9 Ruimtevragers Ruimteclaims op het Powerport gebied

Pagina 11

Aard van de ruimtevraag Opgave in perspectief Pagina 16 In de context van lokale opgaven Pagina 25 Beïnvloedbare ruimtevraag Pagina 39 Ruimte-aanbod ‘binnen en buiten de hekken’ Nationaal: Zeehavenclusters Pagina 42 Regionaal: WBW, SRBT, Drechtsteden Pagina 44 Lokaal: Powerport regio Moerdijk Pagina 52 Forecast studie “Buiten de hekken” Pagina 69

Bijlage: Rapportage Fase 2A

PM. Afstemming met KGG volgt nog over ruimtevraag- en aanbod nationale Zeehavenclusters.

pt e c n o c Eind

Belangrijkste bevindingen Voorliggende vraag

Ruimtevraag

Tijdens het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving (BOL) van Rijk en regio in juni 2023, is besloten om de Ontwerptafel Powerport regio Moerdijk te starten. De Powerport regio Moerdijk beslaat het grondgebied van de gemeenten Moerdijk, Drimmelen en Geertruidenberg. Met daarbinnen het Haven- en Industrieterrein Moerdijk en het Amergebied als centrale locaties. In fase 1 zijn relevante projecten geïnventariseerd. In de huidige fase is een technische verdieping uitgevoerd in twee fasen: ‘Binnen de hekken’ (2a) van het Haven- en Industrieterrein en het Amergebied; en ‘Buiten de hekken’ (op drie schaalniveaus: nationaal, regionaal en lokaal binnen de Powerport regio Moerdijk) (2b). Voor deze gebieden is geïnventariseerd: • De beschikbare vrije ruimte: Het actueel en direct beschikbare ruimteaanbod in beeld (fysieke ruimte en milieuruimte). • De te maken ruimte, inclusief een indicatie van kosten, doorlooptijden en (juridische) randvoorwaarden die daarbij horen: potentieel additioneel ruimteaanbod in beeld. • De mate van beïnvloeding van de ruimtevraag (fysiek en milieutechnisch) door middel van technische maatregelen of andere manieren: ruimtebehoefte beperken.

Bevinding (periode 2025-2030). De geïnventariseerde ruimtevraag voor een toekomstbestendig en duurzaam Haven- en Industriegebied bedraagt 190-300 hectare. Voor de context, 190 hectare is ongeveer het centrumgebied van Breda binnen de singels.

Dit rapport over fase 2a en 2b is een bouwsteen voor het scopebesluit juni 2025. Daarna volgt het uitwerken van een integraal ontwikkelperspectief, inclusief uitvoeringsagenda en financieringsstrategie.

Een aantal ruimtevragers zijn zeer concreet en op middellange termijn randvoorwaardelijk voor een toekomstbestendig en duurzaam Havenen Industriegebied Moerdijk en dragen bij aan de internationale concurrentiepositie van Nederland, namelijk: • 380kV station, o.a. voor de elektrificatie van Shell (POM 380: 28 ha) • 1 aanlanding Wind op Zee (Nederwiek III: 5,5 ha) • Autonome groeivraag Haven- en Industriegebied (130-240 ha) (bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Noord-Brabant, STEC d.d. 1-9-2022) • Truckparking, huisvesting arbeidsmigranten en aanverwante faciliteiten die onlosmakelijk gepaard gaan met de groei van HiM (>25 ha, op basis bestaande plannen) De inpassing van grootschalige energieinfrastructuur heeft een invloedsgebied van circa 280 hectare (indicatief). • Delta Rhine Corridor = 140 hectare (20km x 70m) (scope besluit genomen, ondergronds) • 380kV Krimpen-Crayenstein = 30 tot 45 hectare (10-15km x 30m) (Tracéprocedure loopt, bovengronds) • 380kV Rilland-Tilburg = 90 hectare (30km x 30m) (Tracébesluit is al genomen, bovengronds) • Warmteleiding = 5 hectare (20km x 2m, ondergronds)

Totaal = 280 hectare buiten de bestaande / nieuwe begrenzing van de industriegebieden Nota bene: het niet kiezen voor verduurzaming / materialentransitie, energietransitie en ruimte bieden aan autonome groei is een bedreiging voor het voortbestaan van de huidige functie van het gebied. In feite is dat kiezen voor afscheid nemen van een aantal van de huidige activiteiten (inclusief afname concurrentiepositie HiM) Bevinding (periode 2030-2050). Om de strategische nationale en provinciale ambities te realiseren komt bovenop de 190-300 hectare nog eens een additionele vraag van +/- 600 – 800ha (tijdshorizon 2030-2050). Voor de context: 800 hectare is een gebied 2 keer zo groot als Zevenbergen, de grootste woonkern van de gemeente Moerdijk.

Deze vraag gaat over: • Mogelijk extra 380kV station (20 ha, bron: PEH) • 1-2 aanlanding(en) Wind op Zee extra in Moerdijk (5,5 – 11 ha – bron: VAWOZ, PEH) • Elektrolyse (20-75 ha - voor Moerdijk en Geertruidenberg samen) (bron: PEH) • Grootschalige batterij (80-105ha – voor Moerdijk en Geertruidenberg samen) (bron: PEH) • Grootschalige logistiek (10-90 ha) (bron: Magazine feiten en cijfer Brabantse Bedrijventerreinen 2024) -> kan mogelijk buiten de Powerport landen • Circulaire Economie (540 ha) (bron: PBL, indicatief) -> deels overlappend met autonome groeivraag Haven- en Industriegebied en kan voor een deel wellicht buiten Powerport landen • Bijbehorende faciliterende voorzieningen

3

Bevinding (aanvullende opgave). Het realiseren van deze ambities leidt tot een grote aanvullende opgave vanuit verschillende invalshoeken: • Watercompensatie (afhankelijk van de plek en uitvoering orde van grootte: 30% tot 100%). Powerport ligt laag, dat maakt dat de watercompensatie die noodzakelijk is om droge voeten te houden een groot oppervlakte zal bestrijken. • Natuurcompensatie (wettelijke kaders) • Verdichting en/of uitbreiding van haven Moerdijk (voor onder andere circulaire economie) leidt naar verwachting tot meer goederenvervoer. De beschikbare capaciteit op spoor, weg en water (terminalruimte) en de impact op de leefomgeving vormt een aandachtspunt. • Groei logistiek en mobiliteit op weg en spoor leidt niet alleen tot verbreding maar ook tot groei overlast., • Leefbaarheid: afhankelijk van de omvang van realisatie van het industriële programma zal vanuit leefbaarheid de opgave ontstaan de ruimtelijke ordening van de Powerport (wonen, voorzieningen, lokale bereikbaarheid, recreatie, etc) fors aan te passen. Het voortboorduren op de bestaande situatie is niet houdbaar. • Landbouwtransitie. Wat wordt de toekomst van de land- en tuinbouw in dit gebied? In het Ruimtelijk Voorstel Brabant worden kansen gezien voor teelt van biobased grondstoffen op de vruchtbare zeekleipolders en vernatting van de Naad van Brabant.

• Nog los van eventuele ruimtevragen die voortkomen uit het uitplaatsen van huidige activiteiten.

Beïnvloedbare ruimtevraag Bevinding (typologie). De aard en grootte van een deel van de ruimtevraag gaat slecht samen met intensiveren en/of deconcentreren. • De projecten kennen nauwelijks tot geen mogelijkheden om compacter uitgevoerd te worden. Integendeel, netto 28 hectare 380 kV station vraagt in sommige gevallen om 40 hectare aan ruimte omdat de inpassing plaatsvindt in een omgeving waarin bestaande beperkingen leiden tot suboptimale opstellingen. De circulaire economie activiteiten met betrekking tot de reeds aanwezige industrie kunnen mogelijk compacter - maar een dergelijke route vraagt om nieuwe greenfield ontwikkelingen. • Watergebonden economische activiteiten en de keten van energieprojecten passen het beste bij concentreren in 1 cluster: Een verspreide opstelling zorgt op meer plekken voor aantasting van de leefbaarheid. Voor energieprojecten leidt onderlinge afstand tot rendementverlies. Bovendien leidt een verspreide opstelling tot additionele ruimtevraag voor interconnectie: extra hoogspanningstracés en buisleidingen. Bevinding (locatie). Het is - vanuit het oogpunt van de beoogde activiteiten - logisch dat alle ruimtevragers (met name elektrificatie, circulair en logistiek) naar dit gebied kijken. Er zijn weinig andere plekken in Nederland met vergelijkbare knoopwaarde die voor deze activiteiten geschikt zijn.

In deze aanwezige knoopwaarde ligt een zichzelf versterkend effect verscholen. Immers: hoe beter de aantakking op infra voor energie, water, weg, spoor en buis geregeld is, hoe aantrekkelijker de plek wordt voor diverse ruimtevragers.

Tegelijkertijd liggen in Powerport regio Moerdijk vruchtbare zeekleipolders die zeer geschikt zijn voor hoogproductieve voedselproductie. Dit houdt verband met de bodem en ondergrond.

Beschikbare vrije ruimte Bevinding. Momenteel is er niet tot nauwelijks direct beschikbare ruimte. Niet in hectare en onder huidige regelgeving is er bovendien geen stikstof- en geluidsruimte beschikbaar, waardoor de fysiek beschikbare gronden nu niet uitgeefbaar zijn. • Binnen de hekken: Er is 50ha aan gronden beschikbaar in het Haven- en Industriegebied Moerdijk (op gronden milieucat. 5-6). Vanwege stikstofproblematiek en forse geluidsbeperkingen is de beschikbare ruimte nagenoeg niet uitgeefbaar en is verdichting nauwelijks mogelijk. Er zijn bovendien 50 hectare aan gronden in het Amergebied (milieucat. 2-3, met flink belemmerende factoren zoals nabijheid van dorp en stad en Biesbosch/ Natura2000). De mogelijkheden voor een duurzame en toekomstvaste, beleidsneutrale doorontwikkeling van het Havenen Industriegebied staat daarom vandaag al onder enorme druk. • Buiten de hekken: Eerste studies van KGG tonen aan dat ook in andere Zeehavenclusters het ruimteaanbod zeer beperkt is. In de regio voert het belang van de verstedelijkingsambities momenteel de boventoon. Dat zorgt ervoor dat er geen ruimte beschikbaar is in de Drechtsteden, Roosendaal en Tilburg. De tendens is juist dat er wordt gezocht naar kansen om grote ruimtevragers actief uit te plaatsen, in plaats van nieuwe te faciliteren. Er zijn op enkele plekken wel transformatiekansen.

De omvang op de schaal van de totale opgave voor Powerport is daarbij niet substantieel. Bovendien leidt spreiding tot extra ruimtevraag en rendementsverlies. 4

Te maken ruimte Bevinding. De randvoorwaarde leefbaarheid vanuit de dorpen zet alle groeiruimte van het HiM en Amer op slot (zowel in m2 als in milieuruimte). • Amergebied: In Geertruidenberg liggen woonwijk (zowel stad als dorp Drimmelen), natuur (Biesbosch) en bedrijventerrein dermate dicht tegen elkaar dat het de milieuruimte op slot zet. •

•

Oostkant HiM: In de leefbaarheidsvisie voor het dorp Moerdijk (14 oktober 2024) vragen de bewoners om duidelijkheid en toekomstzekerheid. “Het steeds verder inklemmen is geen optie meer voor de toekomst”. In de praktijk betekent dit dat er geen ruimte is (zowel fysiek in oppervlakte als milieuruimte) voor uitbreiding. Ook niet voor elektrificatie en verduurzaming van bestaande industrie. Zuidkant HiM: Uitbreidingen aan de zuidkant van Haven- en Industriegebied liggen in het invloedsgebied van Zevenbergen. Dit conflicteert met de lokale ruimtelijke ontwikkelingen aan de noordrand van het dorp en de ambities.

leefbaarheid te bevorderen trager worden gerealiseerd dan projecten vanuit zeehavenindustrie, energie en water. In plaats van compensatie is er bij uitbreiding van het industriegebied een diepe interventie nodig in de ruimtelijke ordening en inrichting van het hele Powerport gebied. Leefbaarheid / brede welvaart en industrie zullen zich daarbij op een nieuwe manier tot elkaar moeten verhouden. Bevinding. De keuze om tot uitbreiding over te gaan kan alleen gemaakt worden in combinatie met een fundamentele keuze. Uitbreiding heeft direct grote consequenties en leidt per definitie tot transformatieopgaven en prioriteringsvraagstukken. Makkelijke keuzes zijn er niet. Het gaat om het voortbestaan van een dorp, de verplaatsing van een glastuinbouwcluster, het opofferen van waardevolle landbouwgrond en de leefbaarheid van een hele regio. Dit betekent dat we voor een groot herinrichtings-/ en ordeningsvraagstuk staan van de hele Powerport regio Moerdijk. Er is een integrale en duurzame visie nodig op de toekomst van de regio met aandacht voor alle facetten (energie, industrie, leefbaarheid, mobiliteit, landbouw, water, natuur, economische profilering en brede welvaart).

Bevinding. De compensatieplanologie werkt niet meer. Zorgen om de leefbaarheid zijn hardnekkig en cyclisch van aard. Dit is het geval in het Amergebied, waar de centrale werk biedt aan minder mensen dan voorheen en het landschap daarnaast een groeiend aantal energiestations en tracés huisvest. In Zevenbergschen Hoek: direct gelegen aan A16, spoor en LPM. En het is nadrukkelijk het geval in het dorp Moerdijk. Waar de leefbaarheidsproblematiek sinds de ontwikkeling van het terrein in de jaren ‘60-’70 een telkens terugkomend thema is. Daarbij komt dat realisatieafspraken om de

5

KADER: Een ruimtevraag voor circulaire economie, wat is dat? Circulaire economie “Het is vijf over twaalf, er zijn nu maatregelen nodig om ervoor te zorgen dat Nederland en de haven van Rotterdam tot de koplopers van de industriële landen blijven behoren”, schreven de Rotterdamse wethouder en gedeputeerde van Zuid-Holland op 10 februari 2025 in een brief aan het kabinet. “Wat in Rotterdam opgaat, geldt voor alle zeehavens van nationaal belang”, aldus havendirecteur Paul Dirix (Port of Moerdijk) een paar dagen later. “Als er geen zicht is op een oplossing, nemen bedrijven geen beslissing over grote investeringen.” En wanneer de situatie te lang aanhoudt, dreigen bedrijven te vertrekken. De zorgwekkende signalen gaan over te hoge productiekosten (door o.a. de energieprijs) maar ook over ruimte. Voor Moerdijk loopt de (nog niet allesomvattende) ‘vastloperslijst’ met potentiële investeringsvolumes momenteel op tot boven de miljard euro. Een miljard euro dus die niet in het gebied geïnvesteerd kan worden omdat ontwikkelingen vastlopen op netcongestie (energie-aanbod) en het gebrek aan beschikbare fysieke ruimte en milieuruimte (stikstof en geluid). Energie- en grondstoffentransitie: een economische noodzaak Voor het maken van producten als microchips, medische hulpmiddelen, defensiematerieel, batterijen, zonnepanelen en smartphones zijn grondstoffen nodig.

Waaronder metalen en mineralen zoals silicium, kobalt, nikkel, lithium, koper en chroom. Vierendertig van deze grondstoffen zijn door de Europese Commissie benoemd als kritieke grondstoffen, omdat we niet zeker weten of ze ook in de toekomst voldoende beschikbaar zijn. In de Nederlandse bodem zitten ze niet, of nauwelijks. Zowel Nederland als Europa zijn voor kritieke grondstoffen daarom sterk afhankelijk van andere werelddelen. Dat maakt enorm kwetsbaar. Landen misbruiken hun machtspositie in de grondstofketen om andere landen economisch onder druk te zetten. Eenzelfde situatie geldt voor fossiele energie. Voor een toekomstbestendige concurrentiepositie van de Nederlandse industrie is het cruciaal om (op Europees niveau) economisch autonoom te zijn. Zodat energie- en grondstoffenprijzen voorspelbaar zijn.

Circulaire Economie: twee transities met een grote ruimtevraag Economische autonomie kan bereikt worden door zelf energie op te wekken en door zelf kritieke grondstoffen te ‘minen’ uit afvalstormen (zowel publiek als privaat). Daar zijn bedrijven al hard mee bezig. Bij het Havenbedrijf van Moerdijk komen aanvragen binnen van bedrijven die bijvoorbeeld een windmolen op eigen terrein willen plaatsen, omdat ze op die manier kosten kunnen besparen. Ook wordt er nu al fosfaat gewonnen uit slib, zilver uit afgedankt metaal, en er is een bedrijf dat kritieke grondstoffen terugwint uit afgedankte printplaten. Afvalproducten uit de lokale economie krijgen opnieuw waarde en worden soms tienduizend kilometer verderop als hoogwaardige grondstof verkocht aan technologiebedrijven. Deze circulaire economie vraagt om extra ruimte. Stel dat een bedrijf overschakelt van fossiel naar plantbased. Dan is een veelvoud van de huidige aanvoer- en overslagruimte nodig om dezelfde productie te kunnen blijven draaien. Wanneer er bij het verwaardingsproces bovendien gevaarlijke stoffen vrijkomen dan zijn veiligheidsbuffers nodig, met bijbehorende grote ruimtevraag. Een bedrijf dat kobalt wint uit oude accu’s zoekt naar een kavel van 15-20 hectare groot. Het verwaarden van oude printplaten gebeurt nu op een kavel van meer dan 5 hectare.

Hoe groot de ruimtevraag voor nieuwe circulaire economische activiteiten precies zal zijn is onbekend, maar alles wijst erop dat de ruimtevraag substantieel zal zijn. Het PBL plakte er een prognose op van 0-40%, wat voor Moerdijk uit zou kunnen komen op 540 hectare (Ruimte voor circulaire economie’, 2023).

De bijvangst van circulair: winst voor het milieu Het reguliere winnen en verwerken van nieuwe grondstoffen heeft vaak negatieve effecten op het milieu, het klimaat en de mens. Bijvoorbeeld door hoog waterverbruik, ontbossing en slechte arbeidsomstandigheden bij het in gebruik nemen van een nieuwe mijn. Het resultaat van de energie- en grondstoffentransitie is een economie die schoner en zuiniger produceert. Met minder uitstoot van koolstofdioxide en stikstof. En minder geluidsoverlast. Reguliere ruimtevraag Bijkomende groei in niet circulaire ruimtevragers In de behoefteraming bedrijventerreinen Noord-Brabant (STEC, september 2022) wordt de groeibehoefte voor het Haven- en Industriegebied voor 2030 geraamd op 130-240 hectare. Daar is een deel van de bovenstaande behoefte al in opgenomen. Maar nog lang niet alles. Momenteel zijn er bijvoorbeeld twee bedrijven die ruimte zoeken aan een insteekhaven: Een bulkspeler die de Rotterdamse haven moet verlaten vanwege oprukkende verstedelijking. En een bedrijf in de detailhandel die zijn eigen containerterminal wil gaan organiseren. Dit zijn geen spelers in de circulaire economie, maar ze zijn met zijn tweeën wel goed voor 50 hectare aan ruimtevraag. Dat is al meer dan een derde van de STECprognose.

Haven- en Industriegebied Moerdijk: een honingpot staat klaar Nieuwe circulaire activiteiten hoeven niet per se in Moerdijk te landen. Maar voor veel bedrijven staat Moerdijk wel hoog op het lijstje. Dit heeft alles te maken met de ligging. De Rijn-Maas-Schelde delta is de belangrijke waterpoort van Europa naar de rest van de wereld. In Moerdijk komen zeehaven, binnenvaart, goederenspoor, wegverkeer, buisleidingen en energie-aanlanding samen met hoge milieucategorieën en een ligging nabij (maar ook ver genoeg van) het stedelijk gebied. De condities zijn perfect voor circulaire economie.

6

Aanbeveling Constaterende dat... 1. Powerport regio Moerdijk een cruciale sleutellocatie is voor het waarmaken van nationale en provinciale ambities Moerdijk is een haven- en industriecluster van nationaal belang. Het programma voor de energie hoofdstructuur is reeds geconcretiseerd en wordt nu uitgevoerd. Zowel in het Voorontwerp Nota Ruimte als in het Provinciale Ruimtelijke Voorstel is Powerport regio Moerdijk aangewezen als sleutellocatie die de transities op het gebied van industrie, circulaire economie en energie moet faciliteren. Uit de Technische Verdieping blijkt dat keuzes in het Powerport regio Moerdijk gebied gaan over nationale en provinciale zekerheid rondom energie, grondstoffen, voedsel en water. En dat het Haven- en Industriegebied Moerdijk een van de schaarse locaties is waar de provinciale en nationale ambities een plek kunnen krijgen. 2. Voortgaan op de huidige voet niet meer werkt. Voorbij de compensatieplanologie: fundamentele, structurele oplossingen, blik buiten de gebaande paden De huidige benadering van economische en ruimtelijke ontwikkeling binnen de sectoren energie, industrie en infrastructuur is gefocust op het opvullen van gaten of tekortkomingen binnen de huidige structuur, in plaats van het ontwikkelen van duurzame en structurele oplossingen. Deze benadering is ontoereikend.

Op de bestaande voet doorgaan leidt tot het vastlopen van solitaire projecten en een suboptimaal resultaat op de systeemambities (van energie, tot leefbaarheid, economie en natuur).

3. De voorliggende opgave vraagt om gedeeld eigenaarschap en verantwoordelijkheid vanuit Rijk, provincie, waterschap en gemeenten: van realiseren van losse projecten naar clusterontwikkeling Samenhang en balans tussen grootschalige industrieontwikkeling en structurele leefbaarheidsinterventies, gedragen door een gezamenlijk commitment van Rijk, provincie en gemeenten, is een voorwaarde voor een kansrijke uitwerking van de nationale ambities. Daar hoort een gedeelde verantwoordelijkheid, strategie, samenwerking en aanpak van Rijk, provincie, waterschap en gemeenten bij.

...is ons voorstel voor fase 3: Ontwerpend onderzoek om te komen tot een integraal en gedragen perspectief/plan Een helder en breed gedragen integraal toekomstperspectief voor de Powerport regio Moerdijk ontbreekt vooralsnog, wat effectieve samenwerking bemoeilijkt. Een gezamenlijke visie die verder gaat dan lokale belangen is noodzakelijk. Zowel Rijk, regio, havenbedrijf als gemeenten moeten fundamentele keuzes maken over het toekomstige profiel van Powerport regio Moerdijk, rekening houdend met beperkingen van ruimte en infrastructuur en de eigen en gezamenlijke brede welvaartsuitdagingen. Dat vraagt naar ons idee om een ontwerpend onderzoeksaanpak waarin standpunten en verbeelding van verschillende actoren bij elkaar worden gebracht. Met Brede Welvaart als afweegkader en de blik op 2050 (met doorkijk naar 2100).

7

Aanleiding en vraag

8

Aanleiding en vraag Tijdens het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving (BOL) van Rijk en regio in juni 2023, is besloten om de Ontwerptafel Powerport regio Moerdijk op te starten. Fase 1 (inventarisatie van relevante projecten in de regio Moerdijk, Drimmelen en Geertruidenberg) is reeds afgerond. Dit heeft geresulteerd in de identificering van meer dan 40 ruimtelijke projecten op gebied van energie, economie, mobiliteit, goederenvervoer, water, bodem, wonen en natuur. In de huidige fase voeren we een technisch verdiepende analyse uit. Bestuurlijke Overleg Leefomgeving (23 juni 2023): “Rijk en regio erkennen dat het van belang is dat in de regio Moerdijk ruimte wordt voor energie-infraprojecten t.b.v. de klimaat- en energietransitie en dat inpassing onder druk staat in relatie tot omgevingskwaliteit en leefbaarheid in de regio. Daarom spreken rijk en regio af om gezamenlijk te streven naar een integrale gebiedsgerichte aanpak. Hiervoor ontwikkelen rijk en regio, onder regie van de provincie, een ontwerptafel. Op deze ontwerptafel worden ruimte vragende (fysiek en milieu) opgaven van lokaal, regionaal en nationale belang afgewogen.

Hierbij wordt ook expliciet het belang van structurele verbetering van de leefbaarheid en toekomstbestendig perspectief voor de inwoners en ondernemers (brede welvaart) meegenomen.” Doel van voorliggende Technische verdieping is om inzicht te geven in ruimtelijke knelpunten, systeemkeuzes en consequenties van keuzes op de inrichting en functioneren van het gebied van Powerport regio Moerdijk. Tijdens de technische verdieping worden geen besluiten genomen en vindt geen participatie met stakeholders en burgers plaats.

De technische verdieping is opgesplitst in twee fasen, ‘binnen de hekken’ en ‘buiten de hekken’. Fase 2A. Binnen de hekken. Deze eerste fase van de technische verdieping was gericht op het gebied ‘binnen de hekken’, dat bestaat uit: • Haven- en industrieterrein Moerdijk (HiM); • Het Amergebied, het industriegebied rondom de Amercentrale, een met steenkool (tot 1 jan. 2025) en biomassa gestookte elektriciteitscentrale. Fase 2B. De tweede fase was gericht op het gebied ‘buiten de hekken’, op die schaalniveaus: • A. Nationaal: wat is het ruimteaanbod op de andere zeehavenclusters? Is er ruimte om projecten elders te realiseren? Het Rijk is gestart met een onderzoek naar de ruimtevraag voor verduurzaming van de industrie en circulaire economie. Op basis daarvan wordt gekeken naar de mogelijkheden voor het ontwikkelen van een samenhangend netwerk van Havenen industrieclusters in samenhang met de (inter)nationale goederencorridors. • B. Regio: kunnen projecten verdeeld worden over de grotere regio? (West-Brabant West, Stedelijke regio Breda Tilburg en/of de Drechtsteden) • C. Binnen Powerport regio Moerdijk: verkenning naar beschikbare of beschikbaar te maken ruimte binnen het Powerport gebied buiten de hekken, dat wil zeggen buiten bestaande fysieke mogelijkheden en voor handen zijnde milieugebruiks- en geluidsruimte op het Haven- en industrieterrein Moerdijk (HiM) en

in het Amergebied. Voor deze genoemde gebieden inventariseren we: • De beschikbare vrije ruimte: Het actueel en direct beschikbare ruimteaanbod in beeld. • De te maken ruimte, inclusief een indicatie van kosten, doorlooptijden en juridische randvoorwaarden die daarbij horen: potentieel additioneel ruimteaanbod in beeld. • De beïnvloedbare ruimtevraag (fysiek en milieutechnisch) door middel van technische maatregelen of andere manieren: ruimtebehoefte beperken. In navolging van de inventarisatie (fase 1) en deze technische verkenning (fase 2a en 2b) zullen Rijk, provincie en regio gezamenlijk bepalen welke opgaven minimaal moeten worden ingepast (fase 2c: scopebesluit) in het hierna op te stellen integrale ontwikkelperspectief.

9

Ruimtevragers

10

Ruimteclaims op het Powerport gebied Bevinding 1. Powerport regio Moerdijk is vanwege zijn ligging nationaal en provinciaal in beeld als cluster voor grote transitieprojecten op het gebied van industrie, energie en grondstoffen. Powerport regio Moerdijk is een sleutelzone voor Brabant en Nederland, vanwege zijn strategische ligging (tussen de havens van Rotterdam, Antwerpen en Zeeland), mogelijkheden (hoge milieucategorieën 5/6, die in Nederland schaars is) en uitgebreide transportnetwerken (weg, zeehaven, spoor, buis, energie). Het havengebied functioneert als essentiële schakel in de economische en logistieke structuur, cruciaal voor zowel regionale als nationale ontwikkeling. De samenhang tussen de bedrijven en de infrastructuur waar zij gebruik van maken is groot en onlosmakelijk. Deze specifieke eigenschap heeft een zichzelf versterkend effect: de aanwezigheid van een 380 kV station is aanleiding om investeringen in energieinfrastructuur hier te laten landen en voor bedrijven met een hoge stroomafname aantrekkelijk om in de directe nabijheid te vestigen. Ook voor het nationale energienet is een directe afname van stroom door een grootverbruiker voordelig en efficiënt.

Die clustering maakt het gebied een voor de hand liggende keuze voor efficiënte investeringen van grote transitieprojecten rondom energietransitie en grondstoffentransitie wat vervolgens bijdraagt aan de nationale energie- en klimaatdoelstellingen, het nationale programma energiehoofdstructuur en de grondstoffentransitie met als doel om tot een circulaire economie te komen. Door de toevoeging van energie en circulariteit versterkt HiM zijn positie als centrum voor industrie en logistiek, wat essentieel is voor de benodigde transities op gebied van klimaat, grondstoffen en energie en tevens het toekomstig verdienvermogen versterkt.

Provinciaal Ruimtelijk Voorstel

Programma Energie Hoofdstructuur

het hoogspanningsnet in het zuiden en de Randstad. Vanwege de aanwezigheid van de energiecentrale vervult het gebied ook een cruciale rol in het regionale warmtenet. Moerdijk is een haven- en industriecluster van nationaal belang. Het programma voor de energie hoofdstructuur is reeds geconcretiseerd en wordt nu uitgevoerd. De concrete opgave voor verduurzaming industrie, logistiek en circulaire economie wordt gemaakt in de Nota Ruimte. Zowel in het Voorontwerp Nota Ruimte als in het Provinciale Ruimtelijke Voorstel is Powerport regio Moerdijk aangewezen als sleutellocatie die de transities op het gebied van industrie, circulaire economie en energie moet faciliteren. In het Programma Energie Hoofdstructuur (PEH) is dat vertaald in concrete projecten. Een nieuw te bouwen 380-150-20kV station op of rond het Havenen Industrieterrein Moerdijk (hierna HiM) en de aanlanding van wind op zee aan land (Nederwiek III) zijn daarvan, buiten een aantal infrastructurele projecten, de eerste schakels en het meest concreet. Keuzes met betrekking tot deze projecten overstijgen het projectbelang, het zijn hefbomen voor een reeks aan andere investeringen en initiatieven die daaruit volgen (cascade effect). Bevinding 2. De grootste ruimtevraag komt voort uit energie, autonome groeivraag van bestaande havengebied, de circulaire economie, grootschalige logistiek en lokale MKB.

De ruimtevraag op de bestaande bedrijventerreinen in het Powerport regio Moerdijk gebied kan worden getypeerd in 5 categorieën:

Het Amergebied is door de aanwezigheid van een hoogspanningsstation en de Amercentrale van oudsher altijd de stekkerdoos van Zuid-Nederland geweest en de schakel tussen

11

“Het 380-150kV station (reeds aanwezig in het Amergebied) is een eerste dominosteen in een lange rij met andere energieprojecten”

• •

Klimaatneutraal energiesysteem: projecten die verband houden met de elektrificatie van het lokale terrein en/of elektrificatie van de samenleving op nationale schaal. De ruimtevragende elektrificatieprojecten die in dit adviesrapport zijn meegenomen zijn: • Hoogspanningsstation 380 kV+150 kV+20 kV (in dit document vaak afgekort tot 380 kV station). Randvoorwaardelijk voor elektrificatie Shell en mogelijk maken aanlanding(en) Wind van Zee. In het Amergebied staat reeds een 380kV station. • Aanlanding Wind van Zee met converter. Het huidige 380 kV station in Geertruidenberg heeft ruimte voor maximaal één aanlanding. Bij een tweede en derde aanlanding wordt aangesloten op het nieuwe 380 kV station in Moerdijk. • Elektrolyser(s). Omdat de verwachting is dat we regelmatig méér windenergie zullen produceren dan er gelijktijdig door consumenten afgenomen kan worden, is inzet van elektrolysers gewenst om overtollige elektriciteit langdurig op te slaan in de vorm van waterstofgas.

Transport van waterstof en CO2. Batterij (grootschalige opslag). Benodigd om overaanbod elektriciteit op te vangen en netschaarste te verminderen.

De realisatie van het nieuwe hoogspanningsstation op HiM (keuze voorkeurslocatie 3e kwartaal 2025) en de aanlanding van wind van zee op land in het kader van Nederwiek III, mogelijk op het 380 kV station Geertruidenberg (voorkeursalternatief begin 2025), zijn het meest concreet. Voor batterijopslag zijn twee concrete verzoeken ontvangen. Er lopen momenteel afzonderlijke projectprocedures (voormalige Rijkscoördinatieregelingen) voor de Delta Rhine Corridor (DRC), het nieuw te bouwen 380-150-20kV station Moerdijk, 380kVtracés Zuidwest-Oost (Rilland-Tilburg) en Geertruidenberg-KrimpenCrayestein, de buisleidingenstraat Rotterdam – Antwerpen en de waterstofbuisleiding in het bestaande gasleidingennet. De regio is bovendien in beeld voor geothermie en een warmtenet. Circulaire economie: in algemene zin wordt aangenomen dat de transitie naar een circulaire economie een grote en specifieke ruimtevraag oplevert. Volgens een studie van het Planbureau van de Leeromgeving (PBL) ligt de omvang van de ruimtevraag van een circulaire economie in verschillende toekomstbeelden tussen het huidige ruimtegebruik van economische activiteiten en 40% extra (Bron: PBL, Ruimte voor circulaire economie, 2023). Een deel van die opgave zal moeten landen in gezoneerde industrieterreinen met hoge milieucategorieën. Het HiM biedt die condities: hoge milieucategorie en multimodaal bereikbaar.

In de provincie Brabant is HiM de enige locatie die thans over die condities beschikt. Het Havenbedrijf Moerdijk ziet een toename van het aantal aanvragen van bedrijven die

ruimte zoeken onder deze omstandigheden. In een aantal gevallen betreft het bedrijven die voorzien in strategische grondstoffen zoals het recyclen van accu’s. Deze bedrijven kijken ook naar andere zeehavenclusters in Nederland en zijn meestal niet gebonden aan het lokaal ecosysteem, noch wat betreft bedrijven noch met de lokale samenleving. Een groeivraag van 40% zou voor het Haven- en Industriegebied Moerdijk neerkomen op 540 hectare. Bijkomend aan de ruimtevraag voor bedrijvigheid is een toenemende behoefte aan transport van goederen, met een extra belasting op water-, spoor- en weginfrastructuur. Verduurzaming van de huidige bedrijven: het verduurzamen van bedrijven op de bestaande bedrijventerreinen levert een additionele ruimtevraag op voor op- en overslaglocaties voor materiaal- en grondstofstromen, maar ook voor verzamellocaties zoals materiaalpleinen. Daar staat de mogelijkheden tegenover om de ruimte op reguliere bedrijventerreinen beter te benutten. Die mogelijkheden verschillen sterk per bedrijventerrein en regio. Voor Nederland en in het algemeen is in een studie van de Raad voor Leefomgeving en infrastructuur (Rli) geanalyseerd dat door beter gebruik van bouwvlakken en het aanpassen van bouwhoogteregels, tot 10% ruimtewinst kan worden behaald, en zelfs tot 20% door bedrijven met dezelfde milieucategorie samen te plaatsen.

Hiervoor is dan vaak herstructurering of verplaatsing nodig, waarbij schuifruimte noodzakelijk is, maar de markt kan dit risico niet altijd dragen waardoor deze inspanningen vertragen (Bron: Rli, Samen werken. Kiezen voor toekomstbestendige bedrijventerreinen, 2023). De specifieke ruimtevraag als gevolg van verduurzaming en

12

doorontwikkeling van het Haven- en Industriegebied wordt ingeschat op 130-240 hectare (Behoefteraming bedrijventerreinen NoordBrabant STEC, d.d. 1-9-2022). De verduurzamingsopgave van de aanwezige industrie uit zich in deze additionele ruimtevraag (Sterke industrieclusters voor een duurzaam NL, klimaatneutrale en duurzame industrie 2050, NPVI). Dit gaat ook over milieuruimte: Stikstofproblematiek vormt een grote belemmering voor verduurzamings- en verdichtingsinitiatieven van zitten de bedrijven en het ontbreekt aan geluidsruimte in de nacht. Zonder uitbreidingsmogelijkheden wordt praktisch een stop gezet op toekomstige ontwikkeling, inclusief het inspelen op de nieuwe economie.

Ontwikkelafspraken MKB: Er is geen grote volumineuze vraag maar de behoefte aan regionale schuifruimte (o.a. ook uit Breda en Oosterhout) maakt dat er behoefte is aan terreinen voor het MKB. Sommige bedrijven hebben vanwege hun groei mogelijk de wens om door te schuiven naar grotere locaties (bijvoorbeeld van kleinere werklocaties in woongebieden naar meer industriële locaties aan de randen van de gemeente). In andere gevallen gaat het over uitplaatsing van

bedrijven om stedelijke transformatie-opgaven van de grond te krijgen. De opgave van 75 hectare komt voort uit reeds bekende plannen en ontwikkelafspraken (Brieltjenpolder, Louisapolder en Thijsseweg in Drimmelen (30ha); Heulweg en Gasthuiswaard in Geertruidenberg (10ha); en Bedrijvenpoort West-Brabant; Schansdijk en ZevenbergenNoord in Moerdijk (35ha). Bedrijvenpoort West-Brabant zal daarnaast een belangrijke rol spelen in ‘supportdiensten’ aan HiM en LPM.

Grootschalige logistiek: Powerport regio Moerdijk is in beeld als het gaat om uitbreidingsvraag grootschalige logistiek. Er ligt geen concreet initiatief maar door de ligging en bestaande logistieke activiteiten (in multimodale knoop) is het gebied in beeld om in de logistieke vraag voor West-Brabant te voorzien (10-90 hectare tot 2040, uit Magazine feiten en cijfers Brabantse Bedrijventerreinen 2024). Deze ruimtevraag kan ook elders in de regio een plek krijgen. Coördinatie van de bedrijventerreinprogrammering en deze opgave voor West-Brabant vindt onder regie van de provincie plaats in de regionale samenwerkingsverbanden Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT) en de Stedelijke Regio West-Brabant West (SRWBW). De aanname achter de claim van 10-90 hectare is dat terreinen die mede (dus niet uitsluitend) geprogrammeerd zijn voor dit type werkmilieu zoals Sidestream Innovation Valley Oosterhout, Everdenberg-Oost, LPM Moerdijk, BCT Zundert, Majoppeveld uitbreiding Roosendaal, AFC Nieuw Prinsenland en Vosdonk Etten-Leur, worden gerealiseerd (de totale regioprognose is namelijk 160-240 hectare). 13

milieucontouren en verhoogde druk op de leefbaarheid. Het invullen van de nationale energietransitie en regionale energieschaarste vereist extra ruimte die niet beschikbaar is binnen de bestaande industriële contouren, in combinatie met de zelfversterkende economische cyclus (knoop-plaatswaardemodel) leidt dat tot een spiraal van toenemend ruimtegebrek.

Bevinding 3. De zelfversterkende economische cyclus leidt tot ruimteschaarste spiraal. Bestaande kenmerken van de Powerport regio Moerdijk gecombineerd met investeringen in energie-infrastructuur trekken nieuwe bedrijven aan, wat leidt tot een versterkte groei, extra ruimtebeslag in fysiek oppervlakte en

Bevinding 4. De geïnventariseerde ruimtevraag voor een toekomstbestendig en duurzaam Haven- en Industriegebied bedraagt 190-300 hectare (tijdshorizon tot 2025-2030). Er bestaat een groot verschil tussen de omvang van concrete en harde initiatieven en verwachtingen op lange termijn. De reden daarvan is dat de grootste ruimtevragers op lange termijn (elektrificatie en circulaire economie) onderdeel zijn van een nationale systeemtransitie op het gebied van energie en grondstoffen. Projecten die boven de markt hangen zijn vernieuwend in vele opzichten. Zowel de techniek wordt nog ontwikkeld als ook de schaal waarop de toepassing gaat plaatsvinden kent in de praktijk nog geen voorbeelden. Een aantal ruimtevragers zijn echter zeer concreet en op middellange termijn randvoorwaardelijk voor een toekomstbestendig en duurzaam Havenen Industriegebied Moerdijk: • 380kV station, o.a. voor de elektrificatie van Shell (POM 380: 28 ha) • 1 aanlanding Wind op Zee (Nederwiek III: 5,5 ha) • Autonome groeivraag Haven- en Industriegebied (130-240 ha) (bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Noord-Brabant, STEC d.d. 1-9-2022) • Truckparking, huisvesting arbeidsmigranten en aanverwante faciliteiten die onlosmakelijk gepaard gaan met de groei van HiM

(>25 ha, op basis bestaande plannen) Voor de context, 190 hectare is een gebied groter dan de binnenstad van Breda. Bevinding 5. Om de strategische nationale en provinciale ambities te realiseren komt bovenop de 190-300 hectare nog eens een additionele vraag van +/- 600 – 800ha (tijdshorizon 2030-2050). Deze vraag gaat over: • In maximaal scenario mogelijk extra 380kV station (20 ha, bron: PEH) • In maximaal scenario 1-2 aanlanding(en) Wind op Zee extra in Moerdijk (5,5 – 11 ha – bron: VAWOZ, PEH) • In maximaal scenario mogelijk elektrolyse (20-75 ha - voor Moerdijk en Geertruidenberg samen) (bron: PEH) • In maximaal scenario grootschalige batterij (80-105ha – voor Moerdijk en Geertruidenberg samen) (bron: PEH) • Grootschalige logistiek (10-90 ha) (bron: Magazine feiten en cijfer Brabantse Bedrijventerreinen 2024) – kan mogelijk buiten de Powerport landen • Circulaire Economie (540 ha) (bron: PBL, indicatief) -> deels overlappend met autonome groeivraag Haven- en Industriegebied en kan voor een deel kan wellicht buiten Powerport landen Voor de context: 800 hectare is een gebied 2 keer zo groot als Zevenbergen, de grootste woonkern van de gemeente Moerdijk.

14

Aard van de ruimtevraag

15

Opgave in perspectief Bevinding 1a. Powerport regio Moerdijk staat voor een ruimtevraag van circa 180-260 hectare voor een klimaatneutraal nationaal energiesysteem. Deze (nationale) energieprojecten zoeken naar locaties binnen 6km van (bestaande en nieuwe) 380kV hoogspanningstations. En gekoppeld aan het waterstofnetwerk/ Delta Rhine Corridor. Dit betekent concreet dat er beperkt gebieden zijn die hiervoor in aanmerking komen. We hebben het dan over: (1) Geertruidenberg/Oosterhout (2) Moerdijk (nieuw geplande 380kV) (3) Bergen op Zoom (nieuw geplande 380kV bij Halsteren) (4) Tilburg (nieuw in aanbouw aan de noordkant). En buiten de regio plekken als o.a. Vlissingen/Terneuzen, Eindhoven, Maasbracht en Chemelot. Ruimtevragers: • Inpassing van een 380kV station in Moerdijk (POM 380); • Mogelijk extra 380kV station (Programma Energiehoofdstructuur (afgekort: PEH)); • 1-3 aanlandingen van Wind op Zee in Geertruidenberg en/of Moerdijk (Nederwiek III, VAWOZ, PEH) - inclusief bijbehorend converterstation. • Elektrolyser (waterstoffabriek) (PEH); • Grootschalige batterij gekoppeld aan 380kV (nodig voor balans in stroomnet) (PEH); • Geothermie (aardwarmte uit de bodem, ten behoeve van het warmtenet)

Bevinding 1b. De inpassing van grootschalige energieinfrastructuur heeft een invloedsgebied van circa 280 hectare (indicatief). Er is ruimte nodig voor de inpassing van infrastructuur (Delta Rhine Corridor, Warmteleiding, 380kV Rilland-Tilburg, 380kV Geertruidenberg - Krimpen/ Crayenstein). Grofmazige inschatting voor het invloedsgebied: • Delta Rhine Corridor = 140 hectare (20km x 70m) (scope besluit genomen) • 380kV Krimpen-Crayenstein = 30 tot 45 hectare (10-15km x 30m) (Tracéprocedure loopt) • 380kV Rilland-Tilburg = 90 hectare (30km x 30m) (Tracébesluit is al genomen) • Warmteleiding = 5 hectare (20km x 2m) Totaal = 280 hectare. Met name impact op landbouwgebied.

Bevinding 2. Powerport regio Moerdijk staat voor een ruimtevraag van circa 150 - 900 hectare voor verduurzaming, circulair en logistiek). Zowel ruimtevragers vanuit grootschalige logistiek als circulaire economie zoeken naar locaties die (internationaal) goed verbonden zijn per water, spoor, weg en buis. We zien een aantal zoekgebieden, met verschillen in assets: • Cat 1. (A) Multimodale zeehavens (incl. combinatie spoor, en weg): Rotterdam, Amsterdam, Moerdijk, Vlissingen-Terneuzen. (B) En industriecluster Chemelot. • Cat 2. Havens voor binnenvaart: Bergen op Zoom (incl. weg), Oosterhout en Tilburg (beide incl. spoor en weg) • Cat 3. Havens voor regionale binnenvaart: Roosendaal (incl. spoor en weg). Waalwijk bouwt aan een Klasse V insteekhaven maar ligt ongunstiger ten opzichte van de snelweg (spoor ontbreekt). Ruimtevragers: • Specifiek profiel Haven- en Industriegebied • Circulaire economie • Grootschalige logistiek • Groei op spoor • Facility (zoals truckparking en huisvesting arbeidsmigranten)

16

Ruimtevraag Energie (180-260 hectare) Programma

Aantal

Omvang

380-150kV station Haven en Industriegebied Moerdijk Aanlanding Wind op Zee (converterstation)

1-2

20-40 ha per stuk 5,5 ha per stuk (4= 22 ha)

Elektrolyser (waterstof)

Batterij

Inpassing infra • Delta Rhine Corridor (DRC) • Warmteleiding • 380kV Rilland-Tilburg • 380kV G’berg - Krimpen/ Crayenstein

380kv (28-40ha)

Batterij (80ha)

Elektrolyser (60ha)

Wind op Zee (16,5ha)

1-3

Invloedsgebied

• Gekoppeld aan 380kV Rilland-Tilburg. • Milieucategorie 5 (afstand tot woningen = 500 meter) Gekoppeld aan 380kV station • Maximaal 6km afstand – maar liefst zo dichtbij mogelijk, anders grotere ruimtevraag benodigd voor compensatiespoelen • Maximaal 3 aanlandingen op 1 station • Kabel tussen beide is ondergronds (7m breed) 20 - 75ha • Binnen cirkel 6km van 380kV station • Aansluiting op waterstofbackbone en/of omzetten/opslaan in Ammoniak (via DRC of spoor) • Waterbeschikbaarheid (waterbuffers) en ruimte voor lozen van koelwater • Er komt veel restwarmte vrij 80 - 105 ha Voorkeuren • Dichtbij wind- en zonneparken • Dichtbij hoogspanningsstation (straal xx?). Klantaansluiting • Reserveringsstrook DRC (voor transport gevaarlijke stoffen – zoals CO2, waterstof, gelijkstroom en mogelijk ammoniak) is 240 meter breed. Strook zelf is 70m. Ondergronds maar onbegroeid. Koppelkans: ondergrondse kabels voor aanlanding Wind op Zee. • Warmteleiding is ondergronds met obstakelvrije strook van 1-2 meter (kan niet in DRC, maar wel net ernaast) • 380kV in principe bovengronds. Anders is het risico op storingen groter. Combineren van twee 380kV verbindingen kan niet. Combineren met 150kV wel.

Toelichting bij de omvang • 380-150kV station. Ruimtevraag is 20-28 hectare. Afhankelijk van configuratie kan dit oplopen tot 40 ha (bron: POM380 en PEH) • Aanlanding Wind op Zee. Waarvan 1x op bestaand 380KV station Geertruidenberg (Nederwiek III), 2x VAWOZ waarvan 1 waarschijnlijk op nieuw 380kV station Moerdijk tbv elektrificatie Shell, 2e is afhankelijk van keuze voor diepe aanlanding icm tracékeuze irt Delta Rhine Corridor (geen gelijkstroom). • Elektrolyser. Bron: PEH. Nog geen initiatiefnemers bekend. *Het rapport Water voor Waterstof (EZK en I&W, juli 2024) gaat uit van 1,18GW aan elektrolysecapaciteit in Moerdijk, Geertruidenberg of Tilburg tot 2050 (1 GW vraagt 15 hectare aan ruimte). Uitdagingen: waterbeschikbaarheid en koelwaterlozing. Bij gesloten koelsysteem grotere ruimteclaim. • Batterij. Bron: PEH. Bestaat nog niet op deze schaal. Kan mogelijk ook in de pocketstructuur in kleinere opstellingen. Geen concreet lopende aanvraag, wel kleinere commerciële initiatieven in het gebied. 17

Systeem Energie (Nationale) energieprojecten zoals aanlanding Wind op Zee, elektrolyser en batterij zoeken naar locaties binnen 6km van (bestaande en nieuwe) 380kV hoogspanningstations. En gekoppeld aan het waterstofnetwerk/ Delta Rhine Corridor. Dit betekent concreet dat de zoekgebieden zijn: • • • • •

(1) Geertruidenberg/Oosterhout (2) Moerdijk (nieuw geplande 380kV) (3) Bergen op Zoom (nieuw geplande 380kV bij Halsteren) (4) Tilburg (nieuw in aanbouw aan de noordkant) En buiten de regio o.a. Vlissingen/Terneuzen, Eindhoven, Maasbracht en Chemelot

2

1 4

3

18

Ruimtevraag (Circulaire) Economie, Grootschalige logistiek (150 - 900 hectare) Programma

Omvang

Invloedsgebied

Groei op spoor / spooremplacement Grootschalige logistiek Facility Point, Truckparking Circulaire Economie (bij aanname plus 40%)

0-5 ha 10-90 ha 20 ha 540 ha

Gekoppeld aan sporen richting Industriegebied Moerdijk en Oosterhout. Op HiM is er ruimte binnen de bestaande buitenruimte. LPM is milieucategorie 3. Afstand van 100 meter tot woningen. Aan de A16. Voor behoefte vanuit LPM en Haven- en Industriegebied Moerdijk • Assets: grote kavels, bouwhoogte, bereikbaarheid (via water, spoor, weg, buis en energie) en hoge milieucategorie • Indicatieve afstand tot woningen voor milieucategorie 5 is 500 meter; voor categorie 6 is dat 1.500 meter (voor geluid, geur, stof, verkeer en veiligheid)

Autonome groeivraag Haven- en Industriegebied Huisvesting arbeidsmigranten

130-240 ha Locatiespecifieke behoefte Haven- en Industriegebied (IPM, Ecopark en Seaport)

Circulaire Economie (540ha)

Facility (20ha) Logistiek (10-90ha)

Emplacement (5ha)

Aantal

5 ha

Ten dienste van gemeenten en regio (nieuwe economie nog niet meegerekend)

Arbeidsmigranten (5ha) Toelichting bij de omvang • Groei op spoor / spooremplacement. Inschatting op basis van opmeten bestaande infra. Is een inschatting die wordt ingegeven door aanname groei HIM en behoefte aan verplaatsing spooremplacement uit Roosendaal. • Grootschalige logistiek. Bron: Magazine feiten en cijfer Brabantse Bedrijventerreinen 2024. Let op: Ruimtevraag is voor heel West-Brabant. Hoeft niet per se binnen de Powerport te landen. Lage danwel hoge prognose aanhouden op basis van regionale meerwaarde. Aanname is dat terreinen die mede (dus niet uitsluitend) geprogrammeerd zijn voor dit type werkmilieu zoals Sidestream Innovation Valley Oosterhout, Everdenberg-Oost, LPM Moerdijk, BCT Zundert, Majoppeveld uitbreiding Roosendaal, AFC Nieuw Prinsenland en Vosdonk Etten-Leur, worden gerealiseerd (totale regioprognose is 160-240 hectare) er nog een ruimtebehoefte resteert van 10-90 ha. Logica is dat die ruimtevraag zal neerslaan in bestaande multimodale knopen (uitbreidingsvraag voor plekken als Moerdijk) • Facility Point en Truckparking. Bestaande plannen • Circulaire economie. Op basis van aanname 40% groei uit PBL rapport ‘Ruimte voor circulaire economie’ (2023). HiM+LPM = 1.334 ha uitgeefbaar. • Profiel Haven en industriegebied. Behoefteraming bedrijventerreinen Noord-Brabant STEC d.d. 1-9-2022. Let op: Volumineuze en zeer locatie specifieke behoefte.

Niet uitwisselbaar voor andere locaties. Zonder uitbreidingsmogelijkheden wordt praktisch een stop gezet op toekomstige ontwikkeling, inclusief het inspelen op de nieuwe economie • Huisvesting arbeidsmigranten. Inschatting omvang op basis van lopende initiatieven. Ruimtevraag is vermoedeljik een stuk groter. 19

Systeem goederen Zowel ruimtevragers vanuit grootschalige logistiek als circulaire economie zoeken naar locaties die (internationaal) goed verbonden zijn per water, spoor, weg en buis. Aan de zuidkant van Nederland zien we een drietal stevige corridors voor uitwisseling van goederen tussen de Rotterdamse Haven, Zeeland, Antwerpen, het Ruhrgebied en verder, bestaande uit (1) oostwest A15/Betuwelijn; (2) oost-west A16/A58/ A67/Brabantroute; (3) noord-zuid RotterdamAntwerpen. Met name in de 2e corridor zien we dat de druk vanuit goederen conflicteert met stedelijke ambities. Concreet is dit merkbaar in Tilburg, Eindhoven, Breda en Roosendaal. Maar bijvoorbeeld ook in de stadshavens van Dordrecht. Hier is de tendens dat (laagwaardige) industrie en logistiek ter discussie worden gesteld om ruimte te kunnen maken voor bijvoorbeeld woningbouw en vervoer van personen. Dit speelt o.a. in de spoorzones. Het maakt dat Lage Zwaluwe richting de toekomst mogelijk een belangrijkere knoop zal zijn in de contramal van dit stedelijke netwerk. We zien een aantal zoekgebieden, met verschillen in assets: • Cat 1. (A) Multimodale zeehavens (incl. combinatie spoor, en weg): Rotterdam, Amsterdam, Moerdijk, Vlissingen-Terneuzen. (B) En industriecluster Chemelot. • Cat 2. Havens voor binnenvaart: Bergen op Zoom (incl. weg), Oosterhout en Tilburg (beide incl. spoor en weg) • Cat 3.

Havens voor regionale binnenvaart: Roosendaal (incl. spoor en weg). Waalwijk bouwt aan een Klasse V insteekhaven maar ligt ongunstiger ten opzichte van de snelweg (spoor ontbreekt).

20

Economie

Industrie

Groothandel

We zien in het Powerport gebied relatief veel toegevoegde economische waarde op het gebied van industrie en groothandel. Bedrijven in deze sectoren hebben een zeer groot ruimtebeslag (20 hectare is geen uitzondering) inclusief beperkende (milieu)contouren. De meer stedelijke sectoren (verzorgend en financieel) hebben elders een plek, met name in Brabantse Stedenrij / Eindhoven, Utrecht, Rotterdam en Amsterdam.

Bron: Ruimtelijke Economische Verkenning (2024, Ministerie van Economische Zaken)

Verzorgend

Financieel

21

Ruimtelijk Economische Ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland In het onderzoek “Perspectief op de Ruimtelijk Economische Ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland” staat Powerport regio Moerdijk benoemd onder: “We stimuleren ruimtelijk-economische ontwikkeling en herstructurering in strategisch gelegen regio’s”.

22

Bouwstenen-notitie Ruimte voor Industrie Uit: STEC Groep (18 december 2024) Gebiedskenmerken Rotterdam-Moerdijk: • In Moerdijk kunnen middelgrote zeeschepen worden ontvangen met een vaarklasse van IV en V; In Moerdijk verbinden de A16 en A17 Moerdijk met de snelwegen A16 en A58 en ontsluit daarmee het gebied met het Noorden en Zuiden van Nederland; De N285 verbindt Moerdijk met omliggende dorpen en andere industriële gebieden. In Moerdijk verbind spoorlijn Lage Zwaluwe – Roosendaal het industriegebied met het nationale spoorwegnet. Het industriespoor Moerdijk biedt directe toegang tot de industriële faciliteiten in Moerdijk. • Op het Industriepark Moerdijk grote vestiging van Shell. Daarnaast ook ruimte voor andere sectoren als staal/metaalindustrie, recycling en (haven-/ chemische) logistiek. Op Logistieke Park Moerdijk – nu in uitgifte – ruimte voor grootschalige logistiek en/of gerelateerd aan de haven. Amerkant in Geertruidenberg wordt gedomineerd door de Amercentrale. • Binnen de sector industrie is bijvoorbeeld Shell (in Moerdijk) een grote speler. Shell huisvest meer dan 850 banen in dit deel van het industriecluster en is daarmee een belangrijke speler. Naast Shell is A.T.M. (onderdeel van Renewi) aanwezig in Moerdijk met ruim 200 banen. Zij zijn gespecialiseerd in verwerking van afval en water.

• Zowel de Rotterdamse haven als de haven van Moerdijk spelen een zeer belangrijke rol in het internationale goederenvervoer. Het cluster is daarmee een belangrijk logistiek knooppunt voor industriële activiteiten. De haven faciliteert onder andere de import en export van goederen zoals bulkgoederen, containers en vloeibare brandstoffen. De grootste terminal bevindt zich op de Maasvlakte en is de Hutchison Ports ECT Delta terminal en is één van de meest geavanceerde terminals in de wereld. In Moerdijk zijn bedrijven binnen de sector logistiek logischerwijs kleiner. Hier zijn een aantal kleinere haventerminals aanwezig. Een bedrijf zoals Farm Trans richt zich uitsluitend op goederenvervoer over de weg. • Bedrijvendynamiek in de haven van Moerdijk in de afgelopen jaren was voornamelijk logistiek van aard. Verspreid over het haventerrein vonden diverse herontwikkelingen plaats naar logistiek. Ook enkele natte kavels kregen een nieuwe invulling met natte logistiek (Van der Vlist, Frigo). Daarnaast is de ontwikkeling van Logistiek Park Moerdijk een zeer omvangrijke uitbreiding. Industriële dynamiek is voornamelijk zichtbaar op het daarvoor aangewezen deelgebied Industrial Park.

23

Economie De meer stedelijke sectoren (verzorgend en financieel) hebben elders een plek, met name in Brabantse Stedenrij / Eindhoven, Utrecht, Rotterdam en Amsterdam. De nabijheid van inwoners is beperkt. Dat maakt dat bereikbaarheid voor de Powerport een belangrijk thema is in relatie tot aantrekken van personeel/talent. Haven en Industriegebied Moerdijk telt 10.000 directe en 10.000 indirecte banen. Op de schaal van de Randstad en Brabant valt op dat die banen relatief weinig geconcentreerd zijn.

24

In de context van lokale opgaven Bevinding 1. De grote ruimtevraag staat in de context van grote lokale opgaven (>350 hectare). Zoals waterveiligheid (dijkversterking), watercompensatie, lokale energie-opwek, ontwikkelafspraken MKB, de landbouwtransitie, verstedelijking, bereikbaarheid en natuurontwikkeling. Ruimtevragers • Water- en dijkversterkingsopgave • Water infiltratie en berging • Lokale energie-opwek • Economische structuurversterking • Ontwikkelafspraken MKB • Landbouwtransitie • Glastuinbouw • Bereikbaarheidsprojecten • Stationsontwikkeling • Woningbouw • Natuurontwikkeling

“West-Brabant is cru gesteld een overloopgebied en wingewest” Copy paste uit ‘Economische Hub West-Brabant’ (Tordoir, 2018): “West-Brabant is een van de belangrijkste industriegebieden in Nederland, maar de industrialisatie kwam eigenlijk pas laat op gang. Tot het einde van de negentiende eeuw domineerde de landbouw vrijwel volledig. Vanaf toen ging het snel: in Bergen op Zoom en Breda ontstonden industriële clusters rond suiker, metaal en machinebouw en Roosendaal werd door de internationale treinverbinding een belangrijk logistiek centrum. Landbouw is altijd belangrijk gebleven, maar gaf door enorme productiviteitsverbeteringen wel steeds minder werk. Dat laatste zette na de oorlog aan tot verdere industrialisatiepolitiek. Die was succesvol. Gelokt door aantrekkelijke regelingen, een gunstige ligging en moderne bedrijventerreinen streken veel buitenlandse industrievestigingen neer in het westen van de regio. Breda ontpopte zich als commercieel dienstencentrum voor de nieuwe Benelux. De ligging in de Benelux legde ook de logistieke sector geen windeieren. De Maintenance Valley kwam op. Aldus transformeerde West-Brabant binnen een eeuw van primair agrarisch gebied tot een diverse en vitale economie.

uitzonderingen daargelaten— niet veel traditie. Om die redenen staat de regio momenteel op een tweesprong. Traditionele activiteiten in de landbouw, industrie en logistiek gaan door productiviteitsstijging steeds minder werk geven. Industrie kan de regio relatief makkelijk verlaten. Om economische kracht en werkgelegenheid te behouden en te versterken zijn alleen een gunstige ligging en ruimte onvoldoende. Er is economische vernieuwing nodig: nieuwe activiteiten en ondernemerschap dat is geworteld in de regio. Samenwerking en netwerkvorming over de grenzen van sectoren en streken, regio’s en landen wordt daarbij belangrijk.”

Er kan echter niet worden aangenomen dat dit zo blijft. Het succes van de regio is tot nu toe vooral gebaseerd op de gunstige ligging tussen de mainports van Rotterdam en Antwerpen, het grote achterland en de aanwezigheid van ruimte voor groei. West-Brabant is cru gesteld een overloopgebied en wingewest: veel grote bedrijven komen van buiten en worden buiten de regio bestuurd. Sterke bedrijven ‘van eigen bodem’ zijn schaars, en ook wat betreft samenwerking tussen MKB en grote bedrijven, en kleine bedrijven onderling, kent de regio—

25

Ruimtevraag Lokale opgaven (>350 hectare) Programma

Aantal

Omvang

Invloedsgebied

Lokale energie-opwek (3 putlocaties met ieder 2 geothermie doubletten) Ontwikkelafspraken MKB Agro-industrieel productie / Landbouwtransitie Glastuinbouw

3

1-2 ha

• Zon en wind zo dicht mogelijk bij hoogspanningsstation • Ruimtegebruik geothermie = bovengronds 1-2 hectare per bron Tot aan milieucategorieën 3-4. Afstand van 100-200 meter tot woningen. Mogelijke conflicten: doorkruisingen met (onder- en bovengrondse) infra, peilverhoging, uitbreiding vanuit andere functies

75 ha

?

HUB Lage Zwaluwe Basisbereikbaarheid (bus, fietspad)

1 ha

Woningbouw

250 ha

Groen Blauwe Mantel

800 ha

Natuur (EVZ, Roode Vaart, Bossenstrategie) Water - Nationale versterkingsopgave (HWBP) Water buitendijks - Versterking Haven- en Industriegebied Infiltratie en berging

?

Hub (1ha)

Ruimtevraag is gekoppeld aan warmtebron en CO2 + stedelijke nabijheid. Inclusief opgave verduurzaming warmtevraag huidig glastuinbouwgebied Pluk Made (280ha) Direct naast station Lage Zwaluwe Aandachtsgebieden: Haven- en Industriegebied Moerdijk; en ‘kleine kernen’ (zoals dorp Moerdijk, Zevenbergschen Hoek, Langeweg, Lage Zwaluwe, Klundert, Drimmelen). Mogelijk conflicterende opgave met beoogd ruimtebeslag voor energie en circulaire economie: Zevenbergen (noord); Geertruidenberg (inbreiding en transformatie), Moerdijk (waterfront), Drimmelen (uitleg oost). Gekoppeld aan lokale klimaat- en bodem/water opgaven. Mogelijk conflicterend met ruimte voor uitbreiding vanuit andere ruimteclaims Onder andere: versterking Gat van den Ham en ecologische verbindingszone Biesbosch-Markdal Systeem van dijken Hollands Diep, rondom Geer-truidenberg en langs de Zuid-Willemsvaart. Afhankelijk van keuze: (1) verhogen en verbreden; (2) afsluitingen mondingen Amertak en Donge. Buitendijks gebied Haven- en Industriegebied Moerdijk Bij nieuwe verharding moet er orde van grootte 30-100% gecompenseerd worden.

GroenBlauwe Mantel (800ha)

Wonen (250ha)

Lokale energie (1-2ha)

Toelichting bij de omvang • Geothermie. Ondergrondse velden zijn groter maar bovengronds is de impact (met 1-2ha) beperkt. • Ontwikkelafspraken MKB. Aanname op basis van optelsom aan reeds gemaakte afspraken: o.a. Heulweg (Geertruidenberg), Zevenbergen-Noord, Bedrijven Poort West Brabant (Moerdijk), Thijssenweg, Brieltjenspolder (mogelijk: nog niet regionaal geprogrammeerd, Drimmelen). Geen grote volumineuze vraag maar locaties zijn belangrijk voor regionale schuifruimte. • Woningbouw. Inschatting omvang op basis van dichtheid 20 woningen per hectare

Afspraken MKB (75ha) Let op: locaties zijn al in beeld

26

Enkele lessen uit de thematafels Sessies over lokale impact Constatering is dat lopende woninbouwplannen in de knel komen als gevolg van prioritering vanuit zeehavenindustrie, energie, water en bodem. Er is behoefte aan een integraal gedragen plan met toekomstperspectief. Zodat discussies niet op projectniveau gevoerd hoeven te worden. Lokale problemen dreigen versterkt te worden: • Wat is de toekomst van de dorpen Moerdijk en Zevenbergschen Hoek? Te klein voor een goed voorzieningendraagvlak. Relatief geïsoleerd gelegen ten opzicht van de hoofdkernen. En onder bedreiging van oprukkende industrie en verslechtering milieusituatie (geluid, geur, uitstoot). Voor Lage Zwaluwe is een dorpsvisie opgesteld die uit van gaat van extra groei om het voorzieningenniveau op peil te houden. Er wordt geïnvesteerd in een nieuw dorpshart. Is uitbreiding van industrie hierbij een kans of bedreiging? • Migratie vanuit Breda en Drechtsteden vanuit onderkant van het segment. Op zoek naar relatief betaalbaar en ruim. De huidige woonmilieus concurreren niet of beperkt op collectieve woonkwaliteit voor het hogere segment. • Bij verdere scheiding van wonen en werken woont straks niemand nog op scooterafstand van zijn werk (Rotterdamse Haveneffect). Terwijl de reisbereidheid van praktisch geschoolden beperkt is. Waardoor de arbeidsmarktproblematiek verder toeneemt. Nb.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=dbb54f93-88a3-4548-a4b9-3d6518a98d0b