5. Bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid
Tekst van het document
4.12.2 Onderzoek De beoogde ontwikkeling betreft de realisatie van 32 woningen. Gezien de omvang van het project wordt de ontwikkeling gezien als een stedelijke ontwikkelingsproject (categorie D.11.2 van de bijlage bij het Besluit m.e.r.). De drempelwaarden van deze categorie worden overschreden in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aangesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat of een bedrijfsvloeroppervlakte omvat van 200.000 m2 of meer. Daarvan is met de voorgenomen ontwikkeling geen sprake. Opgemerkt dient te worden dat voor activiteiten die de genoemde drempelwaarden niet overschrijden toch dient te worden nagegaan of er sprake kan zijn van belangrijke gevolgen voor het milieu. Gelet op de kenmerken van het plan zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r., de plaats van het plan en de kenmerken van de potentiële effecten zullen geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden. Dit blijkt ook uit aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling die is opgesteld voor dit plan, deze is opgenomen in Bijlage 9. Voor dit bestemmingsplan is dan ook geen uitgebreide plan-of project m.e.r.-beoordelingsprocedure noodzakelijk conform het Besluit m.e.r.
Wel dient door het bevoegd gezag voorafgaand aan het besluit ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan een besluit genomen worden op de m.e.r.beoordeling.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
50
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische planbeschrijving
Planvorm
Het voorliggende bestemmingsplan heeft als doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de realisatie van 32 woningen. Het bestemmingsplan omvat daarbij alleen het nog niet gerealiseerde en vergunde deel van Oevers Roode Vaart Zuid. Voor de regels in het bestemmingsplan is zo veel mogelijk aangesloten bij het vigerende bestemmingsplan en zijn de huidige planologische rechten overgenomen in het nieuwe bestemmingsplan. In het bestemmingsplan is daarnaast het actuele beleid van de gemeente omtrent bedrijven- en beroepen aan huis en het beleid ten aanzien van erfbebouwing opgenomen. In dit hoofdstuk wordt een toelichting op de systematiek en de inhoud van de verschillende toegekende bestemmingen van het bestemmingsplan gegeven. Bij het opstellen van het bestemmingsplan is aansluiting gezocht bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. Het plan voldoet aan de landelijke standaard voor bestemmingsplannen: de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP 2012). Het handboek van de gemeente Moerdijk vormt de basis voor dit bestemmingsplan, aangevuld met de geactualiseerde begrippen en bouwregels uit het veegplan Kernen (2017).
5.2
Systematiek bestemmingen
De regels van het bestemmingsplan bestaan uit vier hoofdstukken: a. Inleidende regels (hoofdstuk 1); b. Bestemmingsregels (hoofdstuk 2); c. Algemene regels (hoofdstuk 3); d. Overgangs- en slotregels (hoofdstuk 4). De regels zijn zoveel mogelijk opgebouwd conform het handboek bestemmingsplannen van de gemeente Moerdijk en sluit tevens aan bij de systematiek van de meest recente bestemmingsplannen voor de kernen binnen de gemeente. Hierna worden de vier hoofdstukken kort toegelicht. Hoofdstuk 1 Inleidende regels In dit hoofdstuk zijn diverse begrippen verklaard, die in de regels zijn opgenomen. Dit voorkomt dat er bij de uitvoering van het plan onduidelijkheden ontstaan over de uitleg van bepaalde regelingen. Daarnaast is in hoofdstuk 1 het artikel 'wijze van meten' opgenomen waarin bepaald is hoe de voorgeschreven maatvoering in het plan gemeten moet worden. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn de feitelijk in het plan voorkomende bestemmingen geregeld. Per artikel is bepaald welk gebruik van de gronden is toegestaan en welke bouwregels er gelden. Hierna wordt een korte toelichting gegeven op de in het plan voorkomende bestemmingen. Agrarisch Een deel van het plangebied heeft de bestemming Agrarisch.
Deze bestemming is gebaseerd op het bestaande gebruik van het zuidwestelijke deel van het plangebied en de geldende bestemming voor het perceel ten noordoosten van de brug over de Roode Vaart. Op deze gronden kunnen enkel bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd. Burgemeester en wethouders beschikken over de bevoegdheid om een de gronden aan de Allenweg ten noorden van de brug te wijzigen in de bestemming Wonen. Bij de locatie met de gebiedsaanduiding 'wro-zone – wijzigingsgebied 1' is de voorwaarde dat de milieubelasting van omliggende bedrijven is opgeheven. In de wijzigingsregels is een aantal specifieke bouwregels ten behoeve van het hoofdgebouw opgenomen. Voor het overige en ten aanzien van de erfbebouwing gelden de regels uit het artikel Wonen zodra tot wijziging wordt overgegaan
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
51
Groen Ter plaatse van de bestemming Groen zijn groen- en parkeervoorzieningen toegestaan. Binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken geen gebouwen worden gebouwd. Ter plaatse van de bestaande nutsvoorziening aan de Huizersdijk is de vigerende bestemming Groen, met de aanduiding nutsvoorziening overgenomen. Ter plaatse is een nutsvoorziening toegestaan. Ten aanzien van het bouwen is bepaald gebouwen mogen worden gebouwd met een maximum oppervlakte van 20 m2 en een maximum hoogte van 3 m. Wonen De nieuwe woningen worden bestemd als 'Wonen'. Binnen de bestemming Wonen zijn ook andere bijbehorende voorzieningen, zoals groen, parkeren en nutsvoorzieningen toegestaan. De hoofdgebouwen van de woningen mogen worden gebouwd binnen het bouwvlak dat op de verbeelding is weergegeven. In de bouwregels is opgenomen dat het aantal woningen niet meer mag bedragen dan 1 per bouwperceel. Woningsplitsing is tevens niet toegestaan. Binnen de regels is opgenomen dat in totaal het aantal woningen niet meer mag bedragen dan 32. Hoofdgebouwen dienen te worden gebouwd binnen het bouwvlak, waarbij de voorgevel van de woning in de bouwvlakgrens mag worden gebouwd. De bebouwingsregeling bevat verder bepalingen met betrekking tot de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens, de diepte, breedte en hoogte van de hoofdgebouwen, deze regels zijn verbonden aan het type woning dat gerealiseerd wordt.
Aan het perceel van Autoschadeherstelbedrijf De Wijs aan de Huizersdijk is de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf-persoonsgebonden overgangsrecht" toegekend. Zodra het gebruik wordt beëindigd is gebruik als bedrijf ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van bedrijf - persoonsgebonden overgangsrecht" niet meer toegestaan. Daarnaast is opgenomen dat het gebruik binnen een periode van 5 jaar dient te worden beëindigd. Ten slotte is ook opgenomen dat het gebruik van de spuitcabine dient te worden beëindigd en verwijderd na de vaststelling van het bestemmingsplan. Waterstaat - Waterkering Deze dubbelbestemming is toegekend aan de gronden langs de Roode Vaart welke een waterkerende functie hebben of die van invloed zijn op de waterkering. Binnen de dubbelbestemming geldt dat bouwwerken uitsluitend mogelijk zijn indien deze geen onevenredige afbreuk doen aan de waterkerende functie. Voor het uitvoeren van werkzaamheden binnen deze dubbelbestemming kan sprake zijn van een plicht tot het aanvragen watervergunning of het doen van een melding, naast een omgevingsvergunning. Hoofdstuk 3 Algemene regels In hoofdstuk 3 worden, in aanvulling op de bestemmingsbepalingen, diverse aanvullende regels gesteld.
Anti-dubbeltelregel In deze regel is vastgelegd dat grond die in aanmerking moest worden genomen bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, waarvan de uitvoering heeft plaatsgevonden of alsnog kan plaatsvinden, bij de beoordeling van een andere aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen niet opnieuw in beschouwing mag worden genomen. Algemene bouwregels In de algemene bouwregels zijn algemene bepalingen opgenomen ten aanzien van bestaande bouwwerken. Daarnaast zijn regels opgenomen ten aanzien van parkeren, waarbij is bepaald dat een omgevingsvergunning uitsluitend verleend kan worden indien voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Algemene gebruiksregels In dit artikel wordt geregeld wat in het kader van dit bestemmingsplan in ieder geval wordt gezien als strijdig gebruik.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
52
Algemene afwijkingsregels Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen waarin nog een aantal algemene afwijkingen is opgenomen. Het betreft hier onder meer een standaardregeling die beperkte afwijkingen in de maatvoering bij de uitvoering van bouwplannen mogelijk maakt. Daarnaast is een regeling opgenomen voor het afwijken van bouwregels ten behoeve van de realisatie van duurzaamheidsmaatregelen. Algemene wijzigingsregels Een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen voor het onder voorwaarden toepassen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmeting van bestemmingsvlakken. De overschrijdingen mogen echter ten hoogste 1 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met ten hoogste 5% worden vergroot. Overige regels In dit artikel is bepaald dat, voor zover er verwezen wordt naar wettelijke regelingen, de regelingen gelden op het moment van vaststelling van het bestemmingsplan. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels In het overgangsrecht is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het opstellen van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd. Daarnaast is voor de locatie van het autoschadeherstelbedrijf een specifieke persoonsgebonden overgangsrecht opgenomen.
Dit overgangsrecht maakt het in afwijking van het bepaalde onder het reguliere overgangsrecht mogelijk om het aanwezige autoschadeherstelbedrijf door de huidige eigenaar te laten voortzetten. Als de huidige eigenaar de werkzaamheden staakt, mogen de bedrijfsactiviteiten niet langer worden voortgezet door derden. In de slotregel is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
53
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
54
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid
Op basis van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) dient in de plantoelichting van een bestemmingsplan minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens bestaat op grond van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten kunnen worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Als er met een grondeigenaar geen overeenkomst is gesloten en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient een exploitatieplan te worden opgesteld welke tegelijkertijd met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de realisatie van 32 extra woningen mogelijk. Het bestemmingsplan maakt hiermee aangewezen bouwplannen mogelijk. In het kader van de voorbereiding van het bestemmingsplan is een anterieure overeenkomst tussen de ontwikkelaar en de gemeente gesloten. Daarmee is het kostenverhaal anderszins verzekerd en is het niet noodzakelijk om een exploitatieplan op te stellen. In deze overeenkomst zijn tevens afspraken gemaakt ten aanzien van planschade.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
In het kader van het bestemmingsplan is het plan als voorontwerp toegezonden aan de verschillende overlegpartners. De resultaten van dit overleg zullen in deze paragraaf worden beschreven. Het voorontwerpbestemmingsplan is tevens ter inzage gelegd waarbij een ieder in de mogelijkheid is gesteld tot het indienen van een inspraakreactie. De ingekomen reacties zijn samengevat en beantwoord in een Nota inspraak- en overleg. Deze is opgenomen als bijlage 11 bij de toelichting. In de nota is ook beschreven op welke punten het ontwerpbestemmingsplan is aangepast ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 8 juni 2022 tot en met 19 juli 2022. Tijdens deze termijn zijn drie zienswijzen ingediend. In bijlage 12 bij deze toelichting is de nota zienswijzen opgenomen. In die nota is de inhoud van deze zienswijzen samengevat weergegeven, alsmede de beantwoording op de zienswijzen. De zienswijzen leiden op enkele onderdelen tot aanpassing van het bestemmingsplan.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
55
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vastgesteld
56
Bijlagen bij de toelichting
Bijlage 1
Mobiliteitstoets
- NOTITIE
DATUM 10 maart 2022 KENMERK 20200861_0001MT
PROJECT
Oevers Roode Vaart Zevenbergen
MOBILITEITSTOETS OEVERS ROODE VAART ZEVENBERGEN Toetsingskader Op het gebied van verkeer en vervoer bestaat geen specifieke wetgeving die relevant is voor de voorgenomen activiteit. Wel dient in het kader van het ruimtelijk plan dat de activiteit mogelijk maakt, te worden onderbouwd dat het geheel voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Dit houdt onder meer in dat er voldoende parkeergelegenheid aanwezig dient te zijn en de eventuele verkeerstoename niet leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling. Voor de beoogde woningen wordt de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie berekend op basis van kencijfers uit CROW publicatie 381 en nota parkeernormen gemeente Moerdijk 2015. Voor het te hanteren kencijfer voor de kern Zevenbergen wordt uitgegaan van een stedelijkheidsgraad van matig stedelijk, rest bebouwde kom. In de beleidsregel wordt aangegeven dat op basis van het autobezit en autogebruik in de gemeente Moerdijk er voor gekozen wordt om als uitgangspunt het gemiddelde kencijfer te hanteren. Voor de beoordeling van de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid wordt getoetst aan de wegencategorisering en de daarin bepaalde grenswaarde voor de verkeersintensiteit per wegcategorie en expert judgement. Situatie zonder plan Gemotoriseerd verkeer De geplande woningen in het westelijk deel zijn gelegen aan de Huizersdijk.
De Huizersdijk betreft binnen de bebouwde kom een gebiedsontsluitingsweg waar een maximale snelheid van 50km/uur geldt en buiten de kom een erftoegangsweg waar een maximale snelheid van 60km/uur geldt. De Huizersdijk verbindt buiten de bebouwde kom de kern Zevenbergen met de kern Standdaarbuiten /Oudenbosch en de rijksweg A17 en sluit binnen de bebouwde kom aan op de Zuidrand. De Zuidrand is een gebiedsontsluitingsweg waar een maximale snelheid geldt van 50km /uur en deze verbindt de woonwijk Bosselaar Zuid met de Westrand. De Westrand is een gebiedsontsluitingsweg waar een maximale snelheid van 50km/uur geldt en die de woonwijken, de N285 en rijksweg A17 met elkaar verbindt. De geplande woningen in het oostelijk deel zijn gelegen aan de Gen. Allenweg. Dit is een smalle erftoegangsweg waar buiten de kom een maximale snelheid van 60km/uur geldt en binnen de kom een maximale snelheid van 30km/uur geldt. De woningen worden voor gemotoriseerd verkeer ontsloten via de erftoegangsweg Saffier op de rotonde met de Zuidrand. Via deze rotonde is er ook de mogelijkheid om in noordelijk richting via Kuringen naar het centrum te rijden. De aansluitende wegen tussen de Kuringen en de Zuidrand zijn erftoegangswegen waar een maximum snelheid geldt van 30km/uur.
Langzaam verkeer Langs de Huizersdijk zijn fietssuggestiestroken aanwezig in rode klinkers en deelt de fietser de rijbaan met het gemotoriseerd verkeer. Langs de Zuidrand liggen vrijliggende fietspaden in één richting. Op de erftoegangswegen Gen Allenweg en Saffier zijn geen fietsstroken aanwezig en deelt de fietser de rijbaan met het gemotoriseerd verkeer. Voor voetgangers zijn langs de Huizersdijk en Gen. Allenweg geen voetpaden aanwezig. Langs de Zuidrand zijn voetpaden aanwezig. Openbaar vervoer Binnen 1200 meter zijn meerdere mogelijkheden om gebruik te maken van openbaar vervoer. Er zijn verschillende bushaltes op Westrand/Sint Jorisstraat en er ligt een treinstation waar de stoptreinen naar Dordrecht en Roosendaal halteren. Langs de Westrand en Sint Jorisstraat halteren streeklijnen en een buurtbus. Ze halteren 2x in het uur en verbinden de wijk met het station en andere kernen zoals Fijnaart en Etten-Leur. Verkeersgeneratie Verkeersintensiteit huidig en toekomstig De gemeente Moerdijk houdt beperkt tellingen op gemeentelijke wegen. Er zijn geen tellingen bekend van de omliggende wegen en daarom is gebruik gemaakt van verkeersintensiteiten uit het gemeentelijk verkeersmodel 2030. In dit verkeersmodel zijn nog niet de intensiteiten voor alle 655 woningen van Bosselaar Zuid opgenomen.
Om een reëler beeld te krijgen van de intensiteiten op de wegen rondom de planontwikkeling wordt dit verkeersmodel opgehoogd met de verkeersgeneratie van 655 woningen. Deze berekening wordt op basis van woonmilieutypes uitgevoerd. Daarvan wordt aangenomen dat de helft van het totaal aantal voertuigen over de Zuidrand en Kuringen zich verdelen. Indien het plan in 2021 wordt vastgesteld, dient de verkeersintensiteit in 2031 in beeld te worden gebracht. Hiervoor is de bepaalde verkeersintensiteit in 2030 (zonder plan) opgehoogd met 1% groei per jaar. In tabel 1a wordt het aan verkeersbewegingen inzichtelijk gemaakt voor Bosselaar Zuid op basis van woonmilieutypes. Volgens de uitgangspunten van de gemeentelijke parkeernormen past hierbij het woonmilieutype stedelijk groen Tabel 1a: Verkeersgeneratie Bosselaar Zuid op basis van woonmilieutypes
Verkeersgeneratie Weekdag Werkdag* 3.799mvt 4.217 mvt IV Stedelijk Groen 655 5.8 * omrekening weekdag naar werkdag met standaardfactor 1,11 voor woongebieden (CROW-publicatie 381) Woonmilieutype (tabel A6 CROW 381)
Aantal
Kencijfer
De 655 woningen zorgen voor een verkeersgeneratie van 3.799 mvt/etmaal op een gemiddelde weekdag. Omrekening naar een gemiddelde werkdag vindt plaats met de standaard factor 1,11 voor woonfuncties. Op een gemiddelde werkdag genereert de ontwikkeling circa 4.217 mvt/etmaal. Uitgaande van een verdeling van 50% genereert de Zuidbuurt 2.100mvt/etmaal. In het verkeersmodel is de intensiteit 900mvt/etmaal. Dit betekent een verschil van 1.200mvt/etmaal. Voor een worst-case benadering worden deze 1.200mvt allemaal afgewikkeld over de Zuidrand richting de Westrand en niet over de Huizersdijk.
2/9
Tabel 1b toont de getelde verkeersintensiteit (gemiddelde werkdag) inclusief het planjaar 2031 op basis van het gemeentelijk verkeersmodel 2030 inclusief ophoging op basis van woonmilieutypes.
Tabel 1b: Verkeersintensiteit 2031 zonder plan
Weg
Etmaalintensiteiten 2030
Etmaalintensiteiten werkdagen 2031
Kuringen Zuidrand (tussen Beryl en Huizersdijk) Zuidrand (tussen Huizersdijk en Korenbloem) Zuidrand (tussen Korenbloem en Westrand) Huizersdijk Gen Allenweg
2.000 mvt 900 mvt
2.020 mvt 910 mvt
Etmaalintensiteiten werkdagen 2031 + ophoging 1.200mvt 3.220 mvt 2.110 mvt
2.600 mvt
2.626 mvt
3.826 mvt
3.900 mvt
3.940 mvt
5.140 mvt
2.900 mvt 672 mvt
2.930 mvt 679 mvt
-
Situatie met plan Verkeersgeneratie In de toekomstige situatie staat voor de beoogde ontwikkeling 32 woningen gepland. Dit zijn vrijstaande- en 2-onder-1 kap woningen. De toevoeging van deze woningen genereert verkeer. Figuur 1 toont het plan waarin in het westelijk deel aan de Huizersdijk 10 woningen toegevoegd worden en in het oostelijk deel 22 woningen toegevoegd worden.
Figuur 1 planontwikkeling
3/9
In tabel 2 wordt de toekomstige verkeersgeneratie bepaald voor Oevers Roode vaart voor een gemiddelde werkdag 274mvt/etmaal is. Tabel 2: Verkeersgeneratie toekomstig planontwikkeling
Aantal
Kencijfer
Verkeersgeneratie Weekdag Werkdag*
Vrijstaand duur
8
8,2
66 mvt
73 mvt
2 onder 1 kap duur
2
7,8
16 mvt
18 mvt
Subtotaal
10
82 mvt
91 mvt
8,2
33 mvt
36 mvt
7,8
140 mvt
156 mvt
Woningtype Westelijk deel
Oostelijk deel Vrijstaand duur
4
2 onder 1 kap duur
18
Subtotaal
22
173 mvt
192 mvt
Totaal
32
255 mvt
282 mvt
* omrekening weekdag naar werkdag met standaardfactor 1,11 voor woongebieden (CROW-publicatie 381) De extra 32 woningen zorgen voor een totale verkeersgeneratie van 255 mvt/etmaal op een gemiddelde weekdag. Omrekening naar een gemiddelde werkdag vindt plaats met de standaard factor 1,11 voor woonfuncties. Op een gemiddelde werkdag genereert de totale ontwikkeling circa 282 mvt/etmaal. Dit is een verkeerstoename van 282 mvt/etmaal ten opzichte van de huidige situatie op een gemiddelde werkdag. Om de verkeersafwikkeling te beoordelen is de afwikkeling in een spitsuur maatgevend, waarin doorgaans maximaal 10% van de etmaalintensiteit wordt afgewikkeld. In een gemiddeld spitsuur betekent dit een verkeersgeneratie van 28 mvt. Verkeertoedeling De verkeersafwikkeling zal met de 32 woningen toenemen. De woningen zijn vanuit meerdere richtingen bereikbaar. Op basis van expert judgement is een schatting gemaakt van de verdeling van het verkeer van/naar de beoogde ontwikkeling over het wegennetwerk. Met behulp van google maps en de verkeerscijfers. Het verkeer in het westelijk deel aan de Huizersdijk verdeelt zich over de Huizersdijk in zuidelijke richting en over de Zuidrand in westelijke richting. Het verkeer in het oostelijke deel verdeelt zich over de rotonde Zuidrand in westelijke richting en in noordelijke richting over de Beryl naar de Kuringen.
Een deel van het verkeer (25% van 92mvt) wat in westelijke richting over de Zuidrand afwikkelt daarvan wordt uitgegaan dat dit verkeer richting Huizersdijk rijdt. Gezien het aantal verkeer zo’n 3.000mvt/etmaal is dit aannemelijk. Daarbij is dit de snelste en kortste route richting Roosendaal en Bergen op Zoom. Dit wil zeggen dat de verdeling van het verkeer ongeveer 33% (93 mvt/etmaal) in de richting van Beryl naar Kuringen rijdt, 42% (119mvt/etmaal) in de richting van de Westrand en 25% (70mvt) in de richting van de Huizersdijk. In figuur 2 is de verdeling van het verkeer weergegeven.
4/9
Figuur 2 toedeling verkeer
Beoordeling verkeerskundige effecten plan Verkeersafwikkeling Voor het beoogde plan is bepaald wat de verkeersgeneratie hiervan is en hoe het verkeer wordt toegedeeld aan de omliggende wegen. Voor die betreffende wegen is op basis van het verkeersmodel en de ophoging van de verkeersgeneratie Bosselaar Zuid ook bekend welke verkeersintensiteit te verwachten zijn in 2031 zonder plan. Voor het beoogde plan geldt, zoals eerder in deze memo bepaald, een verkeerstoedeling van 33% (92 mvt/etmaal) in de richting van Beryl naar Kuringen rijdt, 42% (115mvt/etmaal) in de richting van de Westrand en 25% (68mvt) in de richting van de Huizersdijk. Rekening houdend met de verwachte verkeersintensiteiten zonder plan in 2031 en de toevoeging van het plan leidt dat tot de volgende verwachte verkeersintensiteiten in 2031 na planrealisatie. Tabel 3 toont de verwachte verkeersintensiteiten.
5/9
Tabel 3: Verkeersintensiteit 2031 met plan
Weg
Etmaalintensiteiten werkdagen 2031
Totaal etmaalintensiteiten 2031
3.220 mvt 2.110 mvt
Toename 31 woningen volgens verdeling 93 mvt 93 mvt
Kuringen Zuidrand (tussen Beryl en Huizersdijk) Zuidrand (tussen Huizersdijk en Korenbloem Zuidrand (tussen Korenbloem en Westrand) Huizersdijk Gen. Allenweg
3.826 mvt
119 mvt
3.945 mvt
5.140 mvt
119 mvt
5.260 mvt
2.930 mvt 679 mvt
70 mvt 192 mvt
3.000 mvt 871 mvt
3.313 mvt 2.203 mvt
Zoals eerder aangegeven bestaat het omliggende wegennet uit erftoegangswegen en gebiedsontsluitingswegen. Voor erftoegangswegen type II geldt volgens het gemeentelijk verkeersbeleid een grenswaarde van 4.000 motorvoertuigen mvt/etmaal en voor gebiedsontsluitingswegen type II geldt volgens het gemeentelijk verkeersbeleid een grenswaarde van 8.000 motorvoertuigen mvt/etmaal. Uit tabel 3 is af te lezen dat alle wegen inclusief de woningen ruim onder de grenswaarde van 4.000 en 8.000 motorvoertuigen per etmaal blijven. Met de verwachte verkeersintensiteiten op de verschillende wegen en het feit dat de wegen nog ruim voldoende capaciteit hebben is het tevens de verwachting dat de verkeersafwikkeling op de kruispunten niet leidt tot problemen. Verkeersveiligheid Omdat de verkeersintensiteiten van de wegen na realisatie van het plan onder de grenswaarde zitten is het de verwachting dat de verkeersveiligheid, ook voor langzaam verkeer, op de omliggende wegen eveneens niet leidt tot knelpunten. Bij het beoordelen van de verkeersveiligheid zijn verkeersintensiteiten echter niet het enige criterium waarnaar gekeken moet worden. Ook speelt de breedte van de rijbaan en het gebruik van de weg een rol in de verkeersveiligheid. De Huizersdijk heeft voldoende rijbaanbreedte om verkeer af te wikkelen. Zowel binnen als buiten de kom zijn geen vrijliggende fietspaden aanwezig.
Binnen de kom moeten fietsers over de Huizersdijk over smalle fietssugestiestroken in klinkers fietsen. Voor een veilige fietsroute op gebiedsontsluitingswegen geldt dat er brede fietsstroken van 2,00meter in asfalt aanwezig moeten zijn of vrijliggende fietspaden. De Zuidrand heeft voldoende rijbaanbreedte en naast de rijbaan ligt aan beide zijden een vrijliggend fietspad. In het westelijk deel heeft de vormgeving van de kruising Zuidrand en Huizersdijk aandacht nodig omdat deze voor autoen fietsverkeer niet goed op elkaar aansluiten. In het oostelijk deel liggen op de Zuidrand enkelstrooksrotondes. Deze zorgen voor een veilige afwikkeling van het verkeer komend uit de Gen. Allenweg. De Gen. Allenweg is smal en blijft een rustige weg en zal voornemelijk gebruikt worden door bestemmingsverkeer.
6/9
Parkeren Parkeerbehoefte Voor het berekenen van de parkeerbehoefte is aangesloten bij de Nota parkeernormen 2021. De beoogde woningen vallen onder het onder de norm ‘woning, groter dan 90m2’. Het aandeel bezoek bedraagt 0,3 parkeerplaats per woning. In deze berekening wordt ook rekening gehouden met 3 bestaande vrijstaande woningen in het westelijk deel. Tabel 4 toont de totale parkeerbehoefte opgesplitst in het westelijk- en oostelijk deel. Tabel 4:totale parkeerbehoefte voor 32 koopwoningen
Woningtype Westelijk deel Woningen duur bewoners Aandeel bezoekers Subtotaal Oostelijk deel Woningen duur bewoners Aandeel bezoekers Subtotaal Totaal
Aantal
Parkeernorm
Parkeerbehoefte
10 woningen 10 woningen
1,8 per woning 0,3 per woning
18 pp 3 pp 21 pp
22 woningen 22 woningen
1,8 per woning 0,3 per woning
39,6 pp 6,6 pp 46,2 pp 67,2 pp
32
De parkeerplaatsen voor bewoners en bezoekers zullen niet allemaal op hetzelfde moment worden gebruikt. Daarom is er dubbelgebruik mogelijk. Aan de hand van de aanwezigheidspercentages zoals gegeven in het parkeernormenbeleid is in tabel 5 de parkeerbehoefte op het maatgevende moment berekend. Tabel 5 Aanwezigheidspercentages en maatgevende parkeerbehoefte
Werkdag
Koop
Zaterdag
Zondag
Functies
ochtend
middag
avond
nacht
avond
middag
avond
middag
Bewoners
50%
50%
90%
100%
80%
60%
80%
70%
Bezoekers
10%
20%
80%
0%
70%
60%
100%
70%
Koop
Zaterdag
Werkdag Functies ochtend Bewoners (wes- 9 telijk) Bezoekers (wes- 0,3 telijk) 9,3 Totaal Bewoners (oos- 19,8 telijk) Bezoekers (oos- 0,7 telijk) 20,5 Totaal
Zondag
middag 9
avond 16,2
nacht 18
avond 14,4
middag 10,8
avond 14,4
middag 12,6
0,6
2,4
0
2,1
1,8
3
2,1
9,6
18,6
18
16,5
12,6
17,4
14,7
19,8
35,6
39,6
31,7
23,8
31,7
27,7
1,3
5,3
0
4,6
4
6,6
4,6
21,1
40,9
39,6
36,1
27,8
38,3
32,3
Op het maatgevend moment (werkdagavond) bedraagt de parkeerbehoefte in het westelijk deel 18,6 parkeerplaatsen en in het oostelijk deel 40,6 parkeerplaatsen na toepassen van de aanwezigheidspercentages.
7/9
Parkeeraanbod In het gemeentelijk parkeernormenbeleid is een omrekentabel opgenomen voor woningen met garages en opritten. In het plan zijn lange opritten voorzien van een garagebox. Voor de woningtype in het plan geldt volgens de parkeernota een berekeningsaantal van 1,5 parkeerplaats. Tabel 5 toont het parkeeraanbod op eigen terrein. Tabel 6 Parkeeraanbod op eigen terrein
Woningtype Westelijk deel Woningen Oostelijk deel Woningen Totaal
Aantal
Berekeningsaantal
Parkeeraanbod
10 woningen
1,5 per woning
15 pp
22 woningen
1,5 per woning
33 pp 48 pp
Uit tabel 6 is af te lezen dat in het westelijk deel 15 parkeerkeerplaatsen aanwezig zijn op eigen terrein en in het oostelijk deel 33 parkeerplaatsen op eigen terrein. Voor het westelijk deel geldt dus dat er ten alle tijden 15 parkeerplaatsen beschikbaar zijn voor bewoners. De overige parkeerbehoefte van de bewoners op het maatgevende moment bedraagt is 2 (16,2 -15). Deze zal in de openbare ruimte moeten worden opgevangen. De parkeerbehoefte van de bezoekers zal eveneens in de openbare ruimte moeten worden opgevangen. Op het maatgevende moment (werkdag avond) gaat het om 2,4 (afgerond 3) parkeerplaatsen. . In het westelijk deel wordt een parkeerkoffer toegevoegd van 4 parkeerplaatsen. De parkeerkoffer ligt binnen 100 meter afstand van de woningen. De parkeerbehoefte kan in het westelijk deel worden opgevangen. Deze parkeervoorziening kan gedeeltelijk in de parkeerbehoefte voorzien. Het restant (5-4) zal kan in de parkeerkoffer van de 3 bestaande vrijstaande woningen opgevangen worden. Deze parkeervoorziening heeft een capaciteit van 8 parkeerplaatsen waarvan op het maatgevende moment 5 parkeerplaatsen van gebruikt worden. De restcapaciteit kan dus worden ingezet om het restant van 1 parkeerplaats op te vangen. In oostelijk deel zijn ten alle tijden 33 parkeerplaatsen beschikbaar voor bewoners.
De overige parkeerbehoefte van de bewoners op het maatgevende moment is afgerond 3 (35,6 - 33). Deze zal in de openbare ruimte moeten worden opgevangen. De parkeerbehoefte van de bezoekers zal eveneens in de openbare ruimte moeten worden opgevangen. Op het maatgevende moment (werkdag avond) gaat het om 5,3 (afgerond 6) parkeerplaatsen. De totale parkeerbehoefte die dus in de openbare ruimte moet worden opgelost is 3 + 6 = 9 parkeerplaatsen. In dit deel worden 2 parkeerkoffers toegevoegd met een totaal van 22 parkeerplaatsen. Deze liggen binnen 100 meter afstand van de woningen. De parkeerbehoefte van 9 parkeerplaatsen kan in het oostelijk deel dan ook ruimschoots worden opgevangen. De parkeerbehoefte kan zowel in het westelijk deel als in het oostelijk deel worden opgevangen. Het totale parkeeraanbod is 74 parkeerplaatsen waarvan 48 parkeerplaatsen op eigen terrein en 26 parkeerplaatsen binnen de parkeerkoffers. Figuur 3 toont het parkeeraanbod van 26 parkeerplaatsen binnen de parkeerkoffers.
8/9
Figuur 3 parkeeraanbod parkeerkoffers
10
4
12
Conclusie De ontsluiting via Huizersdijk en de Zuidrand leidt niet tot knelpunten voor de veiligheid en bereikbaarheid van de planontwikkeling. Met de volledige ontwikkeling van het planontwikkeling blijven de verkeersintensiteiten op de Huizersdijk en de Zuidrand onder de grenswaarde van 8.000 motorvoertuigen per etmaal. Dit geldt ook voor de erftoegangswegen richting Kuringen waarbij deze onder de grenswaarde van 4.000 motorvoertuigen per etmaal blijven. Enige aandacht dient wel aanwezig te zijn voor de fietsvoorzieningen op de Huizersdijk en de aansluiting Huizersdijk op de Zuidrand. Op de Huizersdijk liggen geen geasfalteerde fietsstroken of vrijliggende fietspaden. De vormgeving van de kruising Huizersdijk en Zuidrand is nog niet optimaal omdat deze voor auto- en fietsverkeer niet goed op elkaar aansluiten. Er is voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in de berekende parkeerbehoefte op basis van de parkeernormen en gegevens. De parkeerbehoefte op het maatgevend moment is 59,2 parkeerplaatsen en er worden 74 parkeerplaatsen gerealiseerd. Er zijn dus in voldoende mate parkeerplaatsen in het plan aanwezig. Het aspect verkeer en parkeren staat de ontwikkeling daarmee niet in de weg.
9/9
Bijlage 2
Milieucontouren bedrijven
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
OEVERS ROODE VAART, MOERDIJK onderzoek wegverkeerslawaai 18 oktober 2021
1/24
DATUM KENMERK
18 oktober 2021 191600_1506PD
PROJECT PROJECTLEIDER
Oevers Roode Vaart, Moerdijk ing. J.A. van Broekhoven
OPDRACHTGEVER AM/ Zuidwest PROJECTNUMMER 20200861 AUTEUR STATUS
2/24
Petra Dijkgraaf Concept
INHOUD 1. 2.
3.
4.
5.
Inleiding Toetsingskader
5 6
2.1 2.2 2.3 2.4
6 6 7 7
Uitgangspunten
9
3.1 3.2 3.3 3.4
9 9 10 10
Rekenmethodiek en invoergegevens Verkeersgegevens Omgeving Plan
Resultaten
13
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
13 14 15 16 16
Gezoneerde wegen Niet gezoneerde wegen Maatregelenonderzoek Cumulatie Toetsing geluidbeleid
Conclusie
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5
3/24
Normstelling Nieuwe situaties Cumulatie Gemeentelijk geluidbeleid
Invoergegevens Geluidmodel Resultaten gezoneerde wegen Resultaten niet gezoneerde wegen Cumulatie
19
4/24
1. INLEIDING De locatie Oevers Roode Vaart is gelegen in de kern Zevenbergen van de gemeente Moerdijk. Het voornemen is om hier de huidige agrarische en bedrijfsgronden te verwijderen en daarvoor in de plaats 32 woningen te realiseren, waarvan 10 wo‐ ningen langs de Huizersdijk en 22 woningen langs de Generaal Allenweg. De ontwikkeling is niet mogelijk op basis van de vigerende bestemmingsplannen zodat het opstellen van een nieuw be‐ stemmingsplan noodzakelijk is. Het plangebied ligt binnen de wettelijke (Wet geluidhinder) geluidzone van de Huizersdijk en de Zuidrand. In het kader van een toetsing aan de Wet geluidhinder is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting vanwege de Huizersdijk en de Zuidrand op het plangebied. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt ook de geluidbelasting van de Generaal Allenweg (30 km/uur) beschouwd. Het plangebied ligt buiten de geluidzone (600 meter) van de spoorlijn Lage Zwaluwe‐ Roosendaal. De uitgangspunten, berekeningen en resultaten zijn vastgelegd in voorliggend rapportage. In onderstaande figuur is het plangebied en de directe relevante omgeving weergegeven.
Figuur 1.1
5/24
Plangebied t.o.v. relevante te onderzoeken wegen
2. TOETSINGSKADER 2.1
Normstelling
WETTELIJKE GELUIDZONE WEGEN Langs alle wegen, met uitzondering van 30 km/uur‐wegen en woonerven, bevinden zich op grond van de Wgh geluidzones waarbinnen de geluidhinder vanwege een weg aan bepaalde wettelijke normen dient te voldoen. De breedte van een ge‐ luidzone voor wegen is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de stedelijke of buitenstedelijke ligging. De breedte van de geluidzone wordt hierbij gemeten vanaf de as van de weg. De breedte van een geluidzone van een weg is in tabel 2.1 weergegeven. Tabel 2.1 Schema zonebreedte aan weerszijden van de weg volgens artikel 74 Wgh Aantal rijstroken
Breedte van de geluidzone (in meters) Buitenstedelijk gebied
Stedelijk gebied
5 of meer
600
350
3 of 4
400
350
1 of 2
250
200
In artikel 1 van de Wgh zijn de definities opgenomen van stedelijk en buitenstedelijk gebied. Deze definities luiden: ‐ stedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg; ‐ buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom, alsmede het gebied binnen de bebouwde kom voor zover gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg. Het plangebied ligt in de geluidzone van de stedelijk gelegen wegen Huizersdijk en Zuidrand. Deze geluidzone heeft een breedte van 200 meter.
DOSISMAAT LDEN De geluidhinder wordt berekend aan de hand van de Europese dosismaat Lden (L day‐evening‐night). Deze dosismaat wordt weergegeven in dB. Deze waarde vertegenwoordigt het gemiddelde geluidniveau over een etmaal. Dit etmaal is onderver‐ deeld in dag (7:00 – 19:00 uur), avond (19:00 – 23:00 uur) en nacht (23:00 – 7:00 uur).
AFTREK ARTIKEL 110G WGH Voordat toetsing aan de grenswaarden van de Wgh plaatsvindt, mag het bevoegd gezag een aftrek toepassen op basis van artikel 110g van de Wgh. Deze aftrek anticipeert op het stiller worden van het verkeer in de toekomst door innovatieve maatregelen aan de voertuigen. Voor wegen met een representatief te achten snelheid lager dan 70 km/uur geldt een af‐ trek van 5 dB. Voor wegen met een representatief te achten snelheid van 70 km/uur of hoger geldt de volgende aftrek: • 4 dB voor situaties dat de geluidsbelasting zonder aftrek artikel 3.4 Rmg 57 dB bedraagt; • 3 dB voor situaties dat de geluidsbelasting zonder aftrek artikel 3.4 Rmg 56 dB bedraagt; • 2 dB voor andere waarden van de geluidsbelasting. In dit onderzoek is voor alle wegen een aftrek van 5 dB van toepassing.
2.2
Nieuwe situaties
Voor de geluidbelasting aan de buitengevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen binnen de wettelijke geluidzone van een weg geldt een voorkeursgrenswaarde van 48 dB. In bepaalde gevallen is vaststelling van een hogere waarde mogelijk. Hogere grenswaarden kunnen alleen worden verleend nadat is onderbouwd dat maatregelen om de ge‐ luidbelasting aan de gevel van geluidgevoelige bestemmingen terug te dringen onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel
6/24
overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of finan‐ ciële aard. Deze hogere grenswaarde mag de maximale ontheffingswaarde niet te boven gaan. De maximale ontheffings‐ waarde voor de nieuwe woningen in het plangebied is afhankelijk van de bron en de ligging van het plangebied. De woningen behoren tot de bebouwde kom van Zevenbergen en liggen als zodanig in stedelijk gebied. Daarom is getoetst aan de normen die gelden voor stedelijke situaties. In tabel 2.2 zijn de relevante grenswaarden uit de Wgh opgenomen. Tabel 2.2 Relevante grenswaarden Wgh Geluidbron Gezoneerde weg
Voorkeursgrenswaarde 48 dB
Maximale ontheffingswaarde Stedelijk
Buitenstedelijk
63 dB
53 dB
De geluidwaarde binnen de geluidgevoelige bestemmingen dient in alle gevallen te voldoen aan de normen uit het Bouw‐ besluit.
2.3
Cumulatie
Alvorens het bevoegd gezag overgaat tot het vaststellen van een hogere waarde, moet zij beoordelen of de gecumuleerde geluidbelasting aanvaardbaar is. De cumulatie moet wettelijk in beeld worden gebracht als er sprake is van een overschrij‐ ding van de voorkeursgrenswaarde van meer dan één geluidbron. Voor deze beoordeling is de gecumuleerde geluidbelas‐ ting Lcum berekend volgens de methode van het Reken‐ en meetvoorschrift geluid 2012. De Wgh kent geen toetsingskader voor de beoordeling van de gecumuleerde geluidbelasting. In tabel 2.3 is een algemeen geaccepteerde kwaliteitsindicatie van een bepaalde geluidbelasting opgenomen. Tabel 2.3 Kwaliteitsindicatie geluidbelasting (bron: RIVM) Lden [dB]
Geluidkwaliteit
<45
zeer goed
46‐50
goed
51‐55
redelijk
56‐60
matig
61‐65
slecht
>65
zeer slecht
2.4
Gemeentelijk geluidbeleid
De gemeente Moerdijk heeft een beleidskader opgesteld waarin is omschreven onder welke voorwaarden de gemeente medewerking verleent aan het vaststellen van een hogere waarde. Deze voorwaarden zijn vastgesteld in het ‘Beleidskader hogere waarde Wet geluidhinder gemeente Moerdijk 2008’. In artikel 2 van dat beleidskader is aangegeven voor welke situaties een hogere waarde vanwege wegverkeerslawaai moge‐ lijk is. Voor nieuwe woningen binnen de bebouwde kom dient aan één van de volgende criteria te worden voldaan: 1. door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestische afscherming vormen voor andere gevoelige bestemmingen; 2. òf ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond‐ of bedrijfsgebondenheid; 3. òf door de gekozen situering een open plaats tussen de aanwezige bebouwing opvullen;
7/24
4. òf ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing. Voor nieuwe woningen buiten de bebouwde kom dient aan één van de volgende criteria te worden voldaan: a. ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond‐ of bedrijfsgebondenheid; b. òf ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing. Daarnaast zijn in artikel 5 nadere voorwaarden gesteld ten aanzien van de realisatie van nieuwe woningen. De volgende voorwaarden zijn van belang: 1. bij een geluidbelasting die 3 dB hoger is dan de voorkeurswaarde (voor wegverkeer is dat meer dan 51 dB) dient ten minste één geluidluwe gevel te worden gerealiseerd. Onder een geluidluwe gevel wordt verstaan een gevel waar de geluidbelasting niet hoger is dan de voorkeurswaarde. 2. indien een hogere waarde benodigd is, waarbij de voorgaande voorwaarde van toepassing is, dient ten minste één slaapkamer aan de geluidluwe zijde te worden gesitueerd. voor ten minste één buitenruimte behorende bij de woning mag de geluidbelasting niet meer dan 5 dB hoger zijn dan de voorkeurswaarde (voor wegverkeerslawaai is dat niet meer dan 53 dB).
8/24
3. UITGANGSPUNTEN 3.1
Rekenmethodiek en invoergegevens
Het akoestisch onderzoek is uitgevoerd conform de Standaard Rekenmethode II uit het Reken‐ en meet‐voorschrift geluid 2012 (RMG 2012). Het overdrachtsmodel is opgesteld in Geomilieu 2020.2 van DGMR. De geluidsbelasting als gevolg van wegverkeer hangt af van verschillende factoren. Voor een deel hebben deze factoren betrekking op verkeer en weg (geluidsafstraling); voor een ander deel op de omgeving van de weg (geluidsoverdracht). Hieronder volgt een korte omschrijving van de belangrijkste factoren.
3.2
Verkeersgegevens
VERKEERSINTENSITEITEN De verkeersintensiteit is het aantal motorvoertuigen dat per uur (mvt/uur) passeert. Bij de bepaling van het aantal motor‐ voertuigen per uur is uitgegaan van de gemiddelde weekdagintensiteiten in motorvoertuigen per etmaal (mvt/etmaal) op de wegen. Voor de intensiteiten is aangesloten bij de Mobiliteitstoets van Rho adviseurs. Deze intensiteiten gelden voor een gemid‐ delde werkdag. Voor de omrekening van werkdag naar weekdag is een omrekenfactor van 0,92 gehanteerd. Tabel 3.1 Verkeersintensiteit 2031 met plan1 Weg
Etmaalintensiteiten werkdagen 2031
Toename 32 woningen volgens verdeling
Totaal etmaalin‐ Totaal etmaalin‐ tensiteiten 2031 tensiteiten 2031 werkdag weekdag
Zuidrand (tussen Beryl en Hui‐ 2.110 mvt zersdijk)
93 mvt
2.203 mvt
2.027
Zuidrand (tussen Huizersdijk en Korenbloem
3.826 mvt
119 mvt
3.945 mvt
3.630
Huizersdijk
2.930 mvt
70 mvt
3.000 mvt
2.760
Gen. Allenweg
679 mvt
192 mvt
871 mvt
801
1
Bron: Mobiliteitstoets, Oevers Roode Vaart, Zevenbergen’, 15 oktober 2021, Rho adviseurs
VOERTUIGCATEGORIEËN De motorvoertuigen worden verdeeld in drie categorieën: ‐ lichte voertuigen (voornamelijk personenauto's); ‐ middelzware voertuigen (middelzware vrachtauto's en bussen); ‐ zware voertuigen (zware vrachtauto's). Voor de verdelingen van de voertuigen op de Huizersdijk en de Zuidrand is uitgegaan van de voertuig‐ en etmaalverdeling zoals is aangeleverd door de gemeente. Voor de Generaal Allenweg is uitgegaan van een standaardvoertuigverdeling van een erftoegangsweg met een verblijfsfunctie, zie tabel 3.2. Tabel 3.2 Voertuigverdeling erftoegangsweg verblijfsfunctie in percentages Voertuigcategorie
Dag
Avond
Nacht
Lichte voertuigen
94,59
94,59
94,59
Middelzware voertuigen
4,76
4,76
4,76
Zware voertuigen
0,65
0,65
0,65
Etmaalverdeling
6,54
3,76
0,81
9/24
VERKEERSSNELHEID De verkeerssnelheid is de representatief te achten gemiddelde snelheid van een categorie voertuigen. Dit is in het alge‐ meen de wettelijk toegestane rijsnelheid. In onderhavige situatie geldt voor de wegen de volgende wettelijke snelheid: ‐ Huizersdijk 50 km/uur ‐ Zuidrand 50 km/uur ‐ Generaal Allenweg 30 km/uur
TYPE WEGDEK Geluid ten gevolge van wegverkeer kan men onderscheiden in motorgeluid en rolgeluid. Het rolgeluid is een gevolg van de wisselwerking tussen banden en wegdek. De aard van het wegdek is hierbij van invloed. Daarom worden in het reken‐ schema verschillende typen wegdek onderscheiden. Bij lichte motorvoertuigen is de bijdrage van het rolgeluid aan het to‐ tale geluid groter dan bij de zware en middelzware motorvoertuigen. Als gevolg hiervan heeft het wegdek een grotere in‐ vloed op de geluidbelasting naarmate het percentage vrachtverkeer kleiner is. De wegdekverharding van de Huizersdijk, de Zuidrand en de Generaal Allenweg is ingevoerd als referentiewegdek (W0), dicht asfaltbeton. In bijlage 1 is een overzicht opgenomen van de ingevoerde verkeersgegevens.
3.3
Omgeving
Gebouwen en bodemvlakken in de omgeving van het plan zijn overgenomen uit de BGT via PDOK.nl. Gebouwhoogtes zijn overgenomen van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN). De hoogteverschillen zijn met hoogtelijnen gemodelleerd. Er is gerekend met een standaard maaiveld van ‐0,35 meter. Ook de aanwezigheid van hard (bijvoorbeeld verhard oppervlak of water) of zacht (bijvoorbeeld zandgrond of grasland) bodemgebied is relevant. Het model is default op een harde ondergrond (Bf=0) ingesteld. De zachte oppervlakten in de directe omgeving van het plangebied zijn als zacht bodemgebied (Bf=1) in het model ingevoerd.
3.4
Plan
Doordat het bestemmingsplan geen aparte woningen vastlegt, maar alleen bouwvlakken en bouwhoogtes, is niet gerekend op woningniveau. Voor dit onderzoek zijn gebouwen ingevoerd volgens de bouwvlakken op de verbeelding, zie figuur 3.1. Per gebouw zijn op representatieve locaties beoordelingspunten geplaatst, met een beoordelingshoogte van 2/3 van de verdiepingshoogte. Woningen zijn in drie bouwlagen mogelijk. De maximale bouwhoogte is 11 meter. De toekomstige afschermende werking van de beoogde nieuwe woningen ten oosten van de Generaal Allenweg zijn niet meegenomen in de berekening.
10/24
Figuur 3.1
11/24
Verbeelding
Figuur 3.2
Ligging en nummering toetspunten
In bijlage 2 is het geluidmodel opgenomen. In het volgende hoofdstuk is de geluidbelasting op basis van bovenstaande uit‐ gangspunten berekend.
12/24
4. RESULTATEN 4.1
Gezoneerde wegen
In bijlage 3 zijn de resultaten per toetspunt en toetshoogte opgenomen.
HUIZERSDIJK De geluidbelasting bedraagt ten hoogste 58 dB inclusief 5 dB aftrek artikel 110g Wgh. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt overschreden maar de maximale ontheffingswaarde van 63 dB niet. De overschrijding van de voorkeursgrenswaarde vindt alleen plaats op de nieuwe woningen die direct langs de Huizersdijk zijn beoogd, zie figuur 4.1. Onderzoek naar maat‐ regelen om de geluidbelasting te reduceren, is noodzakelijk.
Figuur 4.1 Resultaten Huizersdijk
13/24
ZUIDRAND De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt op twee woningen overschreden, de maximale ontheffingswaarde niet. De ge‐ luidbelasting bedraagt 49 dB respectievelijk 52 dB inclusief 5 dB aftrek artikel 110g Wgh, zie figuur 4.2. Onderzoek naar maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is nodig.
Figuur 4.2 Resultaten Zuidrand
4.2
Niet gezoneerde wegen
Generaal Allenweg De geluidbelasting bedraagt ten hoogste 49 dB inclusief 5 dB aftrek artikel 110g Wgh, zie bijlage 4. De richtwaarde van 48 dB wordt overschreden, zie figuur 4.3. Onderzoek naar maatregelen om de geluidbelasting te reduceren is nodig.
14/24
Figuur 4.3 Resultaten Generaal Allenweg
4.3
Maatregelenonderzoek
Omdat de geluidbelasting op het plangebied als gevolg van het verkeer op de Huizersdijk en de Zuidrand de voorkeurs‐ grenswaarde van 48 dB overschrijdt, is in het kader van de Wgh en in het kader van een goede ruimtelijke ordening voor de Generaal Allenweg nader onderzoek gedaan om de geluidbelasting vanwege deze gezoneerde wegen te reduceren. De geluidsbelasting ter plaatse van het plangebied kan worden gereduceerd door maatregelen aan de bron of in het over‐ drachtsgebied. Bronmaatregelen Allereerst is gekeken naar mogelijkheden om maatregelen aan de bron te nemen. Er zijn een aantal maatregelen aan de bron denkbaar. De eerste mogelijkheid zou het beperken van de verkeersomvang, het wijzigen van de snelheid of van de samenstelling van het verkeer kunnen zijn. Deze maatregelen zijn alleen mogelijk als de functie van de weg wordt gewij‐ zigd. Dit stuit bij de Huizersdijk en de Zuidrand op overwegende bezwaren van verkeers‐ en vervoerskundige aard omdat
15/24
het een weg is met een belangrijke ontsluitende functie. Afwaardering is daardoor niet mogelijk. De Generaal Allenweg is reeds bestemd voor alleen bestemmingsverkeer met een snelheid van 30 km/uur. Ook het wijzigen van de verkeersfunctie‐ tie is voor deze weg geen optie. Een andere maatregel aan de bron is het toepassen van een geluidreducerende wegdekverharding. Geluidreducerend as‐ falt is op de Huizersdijk en de Generaal Allenweg echter niet gewenst vanwege de hoge onderhoudskosten door het wrin‐ gend verkeer. De nieuwe woningen krijgen namelijk elk een eigen inrit naar hun perceel vanaf de Huizersdijk en vanaf de Generaal Allenweg. Er is daardoor sprake van wringend verkeer door afremmen en optrekken. De toepassing van geluidsre‐ ducerend asfalt is daardoor niet gewenst. Het toepassen van geluidreducerend asfalt op de Zuidrand is om financiële rede‐ nen niet gewenst vanwege de twee woningen waar het om gaat. Overdrachtsmaatregelen De tweede vorm van maatregelen die genomen kunnen worden zijn maatregelen die invloed hebben op het overdrachts‐ gebied. Maatregelen in het overdrachtsgebied in de vorm van geluidafschermende voorzieningen zijn een scherm of wal. Het plaat‐ sen van een scherm langs de Huizersdijk is niet mogelijk omdat elk perceel een eigen inrit heeft.
Langs de woningen bij de Zuidrand is onvoldoende lengte beschikbaar om een effectief scherm te plaatsen vanwege het kruispunt met de Generaal Allenweg en de brug over de watergang Mark. Bovendien laat het beoogde stedenbouwkundigplan (figuur 4.3) zien dat het de intentie is de woning aan de noordzijde van de Zuidrand af te schermen. Een andere mogelijkheid is het vergroten van de afstand tussen de bron en de ontvanger. Het verder naar achter plaatsen van de woningen is niet mogelijk. Er is onvoldoende ruimte op het perceel om de nieuwe woningen langs de Huizerdijk en de Generaal Allenweg verder naar achteren te plaatsen en daarmee de geluidbelasting te reduceren tot 48 dB. Het perceel wordt aan de achterzijde namelijk begrensd door de watergang Mark. Dit geldt ook voor de woningen langs de Zuidrand. Hier gaat het om een zijgevel. De woning aan de noordzijde wordt mogelijk wel afgeschermd. Beoordeling Uit het maatregelen onderzoek blijkt dat het treffen van maatregelen om de geluidbelasting te reduceren niet mogelijk zijn door overwegende bezwaren van verkeerskundige, vervoerskundige of financiële aard. Het laten vaststellen van een ho‐ gere waarde ten gevolge van de Huizersdijk en de Zuidrand is nodig.
4.4
Cumulatie
Alvorens het bevoegd gezag overgaat tot het vaststellen van een hogere waarde, moet zij de gecumuleerde geluidbelasting beoordelen. De geluidbelasting wordt in het kader van de Wgh gecumuleerd als meer dan één geluidbron zorgt voor een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde. Dat is hier het geval. In bijlage 5 is de gecumuleerde geluidbelasting opgeno‐ men. De geluidwering van de gevel dient te worden afgestemd op de standaardgeluidwering conform het Bouwbesluit.
4.5
Toetsing geluidbeleid
Een toetsing aan het gemeentelijke beleidskader voor het vaststellen van hogere waarden laat het volgende zien. Het stedenbouwkundigplan wat voor ligt, zie figuur 4.3, geldt als referentiekader voor de toetsing aan het gemeentelijk geluidbeleid.
16/24
Figuur 4.3
Stedenbouwkundigplan (Bron: Quadrant architecten bna)
Criteria nieuwe woningen binnen de bebouwde kom De nieuwe woningen voldoen aan het criterium dat ze door de gekozen situering een open plaats tussen de aanwezige be‐ bouwing opvullen. Nadere voorwaarden Huizersdijk De geluidbelasting op de nieuwe woningen direct langs de Huizersdijk is meer dan 3 dB hoger dan de voorkeursgrens‐ waarde, namelijk 56 tot 58 dB. De achterzijde van deze woningen hebben een geluidbelasting van ten hoogste 34 dB. Deze geluidbelasting is lager dan de voorkeursgrenswaarde. Hiermee wordt voldaan aan de nadere voorwaarde voor een geluid‐ luwe gevel. Omdat de achtertuin gesitueerd is aan de zijde van de geluidluwe gevel wordt ook voldaan aan de nadere voorwaarde om‐ trent de buitenruimte.
17/24
Omdat de benodigde hogere waarde meer dan 3 dB hoger is dan de voorkeursgrenswaarde geldt de volgende nadere voor‐ waarde bij de indeling van deze woningen: ‐ tenminste één slaapkamer dient aan de geluidluwe zijde te worden gesitueerd. Zuidrand Op één woning waarvoor een hogere waarde nodig is ten gevolge van de Zuidrand is de geluidbelasting meer dan 3 dB ho‐ ger dan de voorkeursgrenswaarde, namelijk 52 dB op de grens van het bouwvlak. Op de achterzijde van het bouwvlak geldt een geluidbelasting van ten hoogste 38 dB. Deze geluidbelasting is lager dan de voorkeursgrenswaarde. Hiermee wordt voldaan aan de nadere voorwaarde voor een geluidluwe gevel. De kavel van deze nieuwe woning is een woon‐werkkavel. Er zal naast de woning ook een werkruimte worden opgericht. Om een geluidluwe buitenruimte te realiseren dient deze werkruimte voor afscherming van het geluid van de Zuidrand te zorgen aan de geluidluwe zijde van de woning. Op deze manier kan voldaan worden aan de nadere voorwaarde omtrent de buitenruimte. Het beoogde stedenbouwkundigplan laat zien dat dit de intentie is. Omdat de benodigde hogere waarde meer dan 3 dB hoger is dan de voorkeursgrenswaarde geldt de volgende nadere voor‐ waarde bij de indeling van deze woningen: ‐ tenminste één slaapkamer dient aan de geluidluwe zijde te worden gesitueerd.
Op de andere nieuwe woning langs de Zuidrand is de geluidbelasting niet hoger dan 3 dB boven de voorkeursgrenswaarde en zijn geen nadere voorwaarden van toepassing.
18/24
5. CONCLUSIE Aanleiding De locatie Oevers Roode Vaart is gelegen in de kern Zevenbergen van de gemeente Moerdijk. Het voornemen is om hier de huidige agrarische en bedrijfsgronden te verwijderen en daarvoor in de plaats 10 woningen te realiseren langs de Huizers‐ dijk en 22 woningen langs de Generaal Allenweg. Onderzoek Omdat woningen geluidgevoelige bestemmingen zijn en omdat de nieuwe woningen binnen de geluidzone van de Huizers‐ dijk en de Zuidrand liggen, is toetsing aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder noodzakelijk. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ook de Generaal Allenweg beschouwd. Resultaten Uit het onderzoek is gebleken dat: ‐ ten gevolge van de Huizersdijk en de Zuidrand de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden; ‐ ten gevolge van de Generaal Allenweg de richtwaarde wordt overschreden; ‐ maatregelen om de geluidbelasting terug te dringen ten gevolge van de Huizersdijk en de Zuidrand onvoldoende doeltreffend of ongewenst zijn. Hogere grenswaarden zijn nodig. Er wordt voldaan aan het gemeentelijk geluidbeleid. Voor de indeling van de woningen waarvoor een hogere waarde nodig is, geldt wel nog als nadere voorwaarde dat tenminste één slaapkamer aan de geluidluwe gevel gesitueerd moet worden.
Hogere waarden Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Moerdijk zal verzocht moeten worden om de in tabel 5.1 benodigde hogere waarden vast te stellen. Tabel 5.1 Benodigde hogere waarden geluidbron
benodigde hogere waarde
aantal woningen
Huizersdijk
58 dB
10
Zuidrand
49 dB
1
52 dB
1
19/24