2a. Oevers Roode Vaart Zuid_ontwerp_Toelichting
Tekst van het document
Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
Colofon Opdrachtgever
Opdrachtnemer
identificatie
planstatus
identificatiecode:
datum:
status:
NL.IMRO.1709.ZBOeversRV-BP30
16 juli 2021 13 december 2021 18 mei 2022
concept voorontwerp ontwerp vastgesteld
Copyright © 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
Inhoudsopgave
Toelichting
5
Hoofdstuk1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding Aanleiding Ligging plangebied Geldend bestemmingsplan Planvorm Leeswijzer
7 7 7 7 12 12
Hoofdstuk2 2.1 2.2 2.3
Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid
13 13 13 15
Hoofdstuk3 3.1 3.2 3.3
Gebiedsvisie Bestaande situatie Beoogde situatie Duurzaamheid
21 21 23 26
Hoofdstuk4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12
Onderzoek Verkeer Bodem Luchtkwaliteit Geluid Bedrijven en milieuzonering Archeologie Cultuurhistorie Ecologie Water Externe veiligheid Leidingen en laagvliegroutes MER-Regelgeving
27 27 28 29 30 31 35 36 37 41 44 47 48
Hoofdstuk5 5.1 5.2
Juridische planbeschrijving Planvorm Systematiek bestemmingen
49 49 49
Hoofdstuk6 6.1 6.2
Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
53 53 53
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
3
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
4
Toelichting
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
5
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
6
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
In Zevenbergen ligt tussen de wijken Molengors en Bosselaar(-Zuid) de Roode Vaart. Aan weerszijden van de Roode Vaart liggen buitendijkse gronden, aan de zijde van Molengors ontsloten vanaf de Huizersdijk en aan de zijde van Bosselaar ontsloten vanaf de Generaal Allenweg. AM wil hier gronden uitgeven voor particuliere bouwers en ook zelf woningen realiseren. Deze ontwikkeling krijgt het karakter van een lintbebouwing. Binnen het bestemmingsplan wordt ook de locatie van het Autoschadeherstelbedrijf A. de Wijs meegenomen. Dit bedrijf blijft voorlopig nog wel gehandhaafd maar de gronden komen in de toekomst ook beschikbaar voor woningbouw. In het bestemmingsplan wordt dit al mogelijk gemaakt en wordt voor het autoschadeherstelbedrijf een persoonsgebonden overgangsrecht opgenomen. Voorliggende bestemmingsplan is opgesteld om te voorzien in de planologische mogelijkheid voor het realiseren van 32 woningen.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied omvat een gedeelte van de gronden van de oostelijke en westelijke oever van de Roode Vaart. De oostelijke oever langs de Generaal Allenweg is circa 35 m breed en 300 m lang. De westelijke oever aan de Huizersdijk is circa 35 m breed en 360 m lang en ligt in het verlengde van de bedrijvenzone aan de Huizersdijk. Op de hoek van de Huizersdijk en de Zuidrand bevindt zich een bedrijfsperceel. Ten zuiden van dit bedrijfsperceel zullen de gronden langs de Roode Vaart worden ontwikkeld. De ligging van het plangebied is opgenomen in figuur 1.1.
Figuur 1.1 Ligging plangebied (Bron: open streetmap, bewerking Rho)
1.3
Geldend bestemmingsplan
De geldende juridisch-planologische situatie van het plangebied is vastgelegd in de volgende bestemmingsplannen: Woonwijken Zevenbergen. Vastgesteld op 19-04-2012. Oevers Roode Vaart Zuid. Deels onherroepelijk in werking op 6-09-2012. Bosselaar-Zuid. Vastgesteld op 18-12-2008, goedgekeurd door de Gedeputeerde Staten op bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
7
14-07-2009 en op 22-12-2010 is na de uitspraak van de Raad van State het bestemmingsplan onherroepelijk geworden. Buitengebied Moerdijk. Vastgesteld op 18-12-2008. De gronden gelegen aan de Huizersdijk en gedeeltelijk in het bestemmingsplan "Woonwijken Zevenbergen" liggend, zijn voorzien van de enkelbestemmingen Bedrijf-2 en Groen met bijbehorende aanduidingen. De gronden die in het bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid vallen, zijn voorzien van de enkelbestemmingen Agrarisch, Wonen en Verkeer-Verblijfsgebied. Ter plaatse van de aanduiding wro-wijzigingsgebied 1, kan de bestemming Agrarisch gewijzigd worden in de bestemming Wonen. De oever is tevens bestemd met de dubbelbestemming Waterstaat-Waterkering. De Generaal Allenweg-oever is gedeeltelijk opgenomen in het bestemmingsplan Bosselaar-Zuid. Deze oever heeft de bestemming Agrarische doeleinden met een wijzigingsbevoegdheid ten behoeve van Wonen. De ontwikkeling van een gedeelte van de gronden is afhankelijk gesteld van de milieuzonering van het bestaande Autoschadeherstelbedrijf aan de Huizersdijk. In het bestemmingsplan Bosselaar-Zuid is dus al ingezet op een woonbestemming langs deze oever van de Roode Vaart. Gelet op de huidige bestemming van de oever van de Huizersdijk is de beoogde woningbouw juridisch niet mogelijk. In het bestemmingsplan Bosselaar-Zuid is al voorgesorteerd op de woonbestemming.
Om de eenheid te bewaren, is gekozen voor één bestemmingsplan 'Oevers Roode Vaart' zonder gebruik te maken van de wijzigingsbevoegdheid in het plan Bosselaar-Zuid. Deze oever is mede bestemd voor de waterkeringfunctie.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
8
Uitsn ede geldend bestemmingsplan "Woonwijken Zevenbergen" waarin het plangebied (rood omrand) gedeeltelijk valt. (Bron; Ruimtelijkeplannen.nl)
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
9
Uitsn ede geldend bestemmingsplan "Oevers Roode Vaart Zuid" waarin het plangebied (rood omrand) gedeeltelijk valt. (Bron; Ruimtelijkeplannen.nl) Voor het zuidelijke deel heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State een uitspraak gedaan en het bestemmingsplan ter plaatse vernietigd. Hier geldt nog het bestemmingsplan Buitengebied Moerdijk uit 2008. Ter plaatse van dat bestemmingsplan is hier de bestemming Verkeersdoeleinden opgenomen.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
10
Uitsnede geldend bestemmingsplan "Borsselaar-Zuid" waarin het plangebied (rood omrand) gedeeltelijk valt. (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl) Voor het woonkavel ten noorden van de Verlengde Zuidrand geldt het bestemmingsplan Buitengebied uit 2008. Dit kavel heeft de bestemming Agrarisch.
Uitsnede geldend bestemmingsplan "Buitengebied Moerdijk" waarin het plangebied gedeeltelijk valt. bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
11
(Bron: Ruimtelijkeplannen.nl)
1.4
Planvorm
Dit bestemmingsplan vormt het juridische kader waarbinnen in dit plangebied de beoogde nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. Deze ontwikkelingen zijn gericht op realisatie van in totaal 32 woningen. De gekozen juridische vorm voor dit bestemmingsplan is enerzijds die van een gedetailleerd bestemmingsplan waarin de hoofdcontouren specifiek zijn bestemd (gevellijnen, verblijfsgebied, groen en water) en anderzijds globaal; in de gevellijnen is voldoende flexibiliteit voor de plaatsbepaling van de woningen en het aantal woningen.
1.5
Leeswijzer
De toelichting van het bestemmingsplan is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk 1 betreft de inleiding van het bestemmingsplan. In Hoofdstuk 2 wordt het geldende beleidskader uiteengezet en vindt toetsing van de ontwikkeling hieraan plaats. Hoofdstuk 3 gaat in op de huidige situatie en de ontwikkeling die met dit bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt. Hoofdstuk 4 bevat vervolgens een beschrijving van de milieuaspecten en de toetsing aan sectorale wetgeving. In Hoofdstuk 5 is de juridische planbeschrijving opgenomen, waarin de regels van het bestemmingsplan nader worden beschreven en toegelicht. Hoofdstuk 6 gaat ten slotte in op de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van het plan.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
12
Hoofdstuk 2 2.1
Beleidskader
Rijksbeleid
Het Rijk heeft haar ruimtelijk beleid vastgelegd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De leidende gedachte van het rijksbeleid is ruimte maken voor groei en beweging, waarbij het Rijk zich vooral concentreert op decentralisatie. De verantwoordelijkheid wordt verplaatst van Rijksniveau naar provinciaal en gemeentelijk niveau. In het rijksbeleid (SVIR en Barro) worden dan ook geen specifieke uitspraken gedaan met betrekking tot het voorliggende plangebied. Ladder voor duurzame verstedelijking Indien sprake is van een stedelijke ontwikkeling dient toepassing te worden gegeven aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Deze is wettelijk verankerd in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Toepassing van de ladder is verplicht voor opgaven, die nieuwe stedelijke ontwikkelingen, gebaseerd op een regionale behoefte, mogelijk moeten maken. In het Bro wordt een stedelijke ontwikkeling als volgt gedefinieerd: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen' Voor de toepassing van de ladder is door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu in oktober 2012 de Handreiking Ladder voor duurzame verstedelijking opgesteld.
Voor woningbouwlocaties geldt dat wanneer er 12 woningen of meer worden gebouwd, het een stedelijke ontwikkeling betreft. De Ladder is vervolgens verwerkt in de provinciale verordening waarin is opgenomen dat een ontwikkeling dient te voorzien in een regionaal afgestemde behoefte. Toetsing hieraan vindt plaats in paragraaf 2.2.
2.2
Provinciaal beleid
Omgevingsvisie Noord-Brabant In de Omgevingsvisie Noord-Brabant is het provinciaal beleid ten aanzien van de ruimtelijke ontwikkelingen in de provincie Noord-Brabant op hoofdlijnen uiteengezet voor de periode tot 2050. Naast een beeld van het Noord-Brabant van nu is een beeld geschetst van het welvarend, verbonden, klimaatproof en vernieuwend Noord-Brabant van 2050. Hieruit zijn vier hoofdopgaven te onderscheiden die nauw met elkaar samenhangen: Werken aan de Brabantse energietransitie Werken aan een klimaatproof Brabant Werken aan de slimme netwerkstad Werken aan een concurrerende, duurzame economie Samen met andere partijen zoals gemeenten en bedrijven wil de provincie uitvoering geven aan projecten die passen binnen deze opgaven. Van belang is dat het in de toekomst ook goed wonen, werken en verblijven blijft. Werken aan een goede omgevingskwaliteit zowel in de bebouwde als in de onbebouwde omgeving is het uitgangspunt. De ontwikkeling van 32 woningen binnen het bestaande stedenbouwkundig kader past binnen de ambitie van de provincie om op een goede wijze om te gaan met schaarse ruimte. De 32 woningen worden gerealiseerd door middel van lintbebouwing aansluitend bij bestaand stedelijk gebied. Interim omgevingsverordening Noord-Brabant Provinciale Staten van Noord-Brabant hebben op 25 oktober 2019 de Interim omgevingsve rordening Noord-Brabant (hierna: Iov N-B) vastgesteld.
Op 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Vanwege de Omgevingswet moet de provincie haar regelsysteem aanpassen. Straks heeft de provincie nog maar één verordening waarin alle regels zijn opgenomen over de fysieke leefomgeving. De Iov N-B is een eerste stap op weg naar de definitieve
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
13
omgevingsverordening. Hierin worden de bestaande verordeningen over de fysieke leefomgeving samengevoegd tot één Interim omgevingsverordening, waaronder de huidige Verordening ruimte. De Iov N-B is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie. In beginsel zijn de huidige regels met het huidige beschermingsniveau gehandhaafd. In hoofdstuk 3 van Iov N-B zijn de instructieregels opgenomen die gemeenten moeten toepassen in hun bestemmingsplannen. Hierin staan de regels die nu nog zijn opgenomen in de Verordening ruimte. Vooruitlopend op de Omgevingswet richten de instructieregels zich op een evenwichtige toedeling van functies (in plaats van het bestemmen van ontwikkelingen). Dit betekent dat de regels ook vanuit functies (van gebieden) zijn opgebouwd. Daarnaast richten de regels zich op een goede omgevingskwaliteit, inclusief een veilige en gezonde leefomgeving (in plaats van een goede ruimtelijke kwaliteit). Tevens is een aantal algemene basisprincipes opgenomen. In de verordening zijn geen specifieke regels opgenomen ten aanzien van de locatie van het bestemmingsplan.
Wonen Ten aanzien van de ontwikkeling van wonen is opgenomen dat de ontwikkeling past binnen regionale afspraken en dat sprake is van een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen. Een duurzame ontwikkeling: bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Woningbouwprogramma Het bestemmingsplan voorziet in het toevoegen van 32 woningen in een bestaande stedenbouwkundige structuur. De extra woningen passen binnen de woningbouwafspraken die zijn opgesteld voor de gemeente Moerdijk en die regionaal zijn afgestemd. Provinciale ramingen In de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose Noord-Brabant (actualisering 2020) is een prognose gegeven van de woningbehoefte voor de komende jaren op provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau.
Op basis van de provinciale prognose geldt voor de gemeente Moerdijk in de periode 2020-2030 een uitbreidingsbehoefte van 1.365 woningen.De groei is bijna volledig toe te schrijven aan de toename van eenpersoonshuishoudens. In de meest actuele prognoses wordt een indicatieve toename van de woningvoorraad tussen 2020-2040 geschat op 1.365 woningen. Dit programma is richtinggevend voor (sub)regionale woningbouwplanning en programmering. Gemeentelijke bestemmingsplannen, die voorzien in de nieuwbouw van woningen of anderszins leiden tot een (netto) toename van de woningvoorraad, dienen te passen binnen dit regionale afsprakenkader. Ook de actielijnen en richtinggevende principes uit de Brabantse Agenda Wonen zijn hierbij een belangrijke leidraad. Dat betekent onder meer duurzame verstedelijking, inzetten op vraaggericht, flexibel planaanbod met ruimte voor nieuwe woonvormen en versterking van regionale samenwerking en afspraken. Woningbehoefteonderzoek Periodiek laten de gemeente Moerdijk en woningcorporatie Woonkwartier onderzoek doen naar de ontwikkeling van de woningbehoefte in de gemeente. Het laatste woningbehoefteonderzoek is uitgevoerd in 2020. De gemeente gebruikt de uitkomsten van het onderzoek als één van de bouwstenen voor de actualisering van het woonbeleid en de woningbouwprogrammering.
Het Woningbehoefteonderzoek laat een toenemende woningbehoefte zien: 1.360 woningen ten bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
14
behoeve van de autonome groei. De woningen in dit project maken onderdeel uit van het woningbouwprogramma om in de verwachte woningbehoefte te voorzien. Bestaand stedelijk gebied Daarnaast voldoet het plan ook aan de eisen voor een duurzame ontwikkeling. De ontwikkeling bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, door de verdichting worden geen gebieden buiten bestaand stedelijk gebied aangewend voor realisatie. De woningen maken deel uit van de bestaande stedenbouwkundige structuur langs de Rode Vaart. De ontwikkeling is gelegen binnen de bebouwde kom van Zevenbergen en maakt daarmee uit van het bestaand stedelijk gebied (figuur 2.1).
Figuur 2.1 Uitsnede Interim Omgevingsverordening 2019 Duurzaamheid Daarnaast worden de woningen volgens de laatste normen voor nieuwbouw gerealiseerd. In de duurzaamheidsambitie voor de woningen wordt uitgegaan van de BENG-normering (Bijna-energieneutrale-gebouwen). De ontwikkeling van 32 woningen past binnen de eisen voor duurzame stedelijke ontwikkeling, zoals is beschreven in de provinciale verordening.
2.3
Gemeentelijk beleid
2.3.1 Strategische Visie voor Moerdijk 2030 De gemeente Moerdijk wordt met een aantal ingrijpende ontwikkelingen geconfronteerd, zoals vergrijzing, ontgroening, de globalisering van de toeristisch-recreatieve en agrarische sector, schaalvergroting in de omgeving waarin de gemeente opereert en niet in de laatste plaats de voortgaande decentralisatie van rijksoverheidstaken. Deze en andere ontwikkelingen stellen de gemeente op korte en (middel)lange termijn voor grote opgaven. De uitvoering van de visie en het beleid rondom die opgaven wordt voor de periode van 2009- 2030 op robuuste wijze ingezet. Dit doet de gemeente door in een visie op de (middel) lange termijn - op strategisch niveau- richting te geven aan de ontwikkelingen in de samenleving en aan de eigen positie in de regio. bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
15
De strategische visie voor de gemeente Moerdijk heeft tot doel te komen tot een: ontwikkelingsrichting voor de lange termijn; kapstok en referentiekader voor integraal afgestemd gemeentelijk beleid; duidelijke missie die kan worden uitgedragen naar buurgemeenten, provincie en rijk. De strategische visie maakt het mogelijk om op langere termijn een consistent beleid te voeren, en nieuwe ontwikkelingen snel te combineren met al ingeslagen richtingen, waarmee de gemeente Moerdijk een integraal beleid kan voeren en beter kan anticiperen op veranderingen in de maatschappij, wet of wensen. Missie: "Moerdijk is in 2030 een gemeente die, gelegen op de as Rotterdam-Antwerpen én als hoogwaardig logistiek centrum van West-Brabant, voor al haar inwoners een leefbare woonomgeving biedt met werkgelegenheid in de nabijheid. Een gemeente met rust, ruimte, recreatie en toeristische mogelijkheden in het westelijke deel en dynamiek, bedrijvigheid en bovenlokale voorzieningen, geconcentreerd in de kern Zevenbergen en het haven- en industrieterrein Moerdijk in het oostelijke deel van de gemeente. Een gemeente waarin de kernen hun eigenheid bewaard hebben, maar ook duidelijk één gemeente vormen. Een gemeente met een sociaal gezicht, waar zorg en basisvoorzieningen dichtbij zijn en de menselijke maat geldt.
Een gemeente die op een bewonersgerichte, innovatieve, efficiënte en effectieve wijze wordt bestuurd." De missie geeft de strategische visie drie dimensies als uitgangspunt voor de discussie rond de verschillende thema's: samenleving, leefmilieu en economie. Dit wordt ook wel het 'Triple P' mechanisme genoemd (people, planet, profit) of de Telos-Driehoek. Het idee achter de 'Triple P' gedachte is dat het optimaliseren van de economische kracht, de (lokale) leefomgeving en de sociaalmaatschappelijke kant op termijn leidt tot een duurzame gemeente. Vanuit deze gedachte is het gemeentelijke beleid gebundeld in deze visie en zijn er drie paraplunota's opgesteld. Paraplunota's De paraplunota's zijn bedoeld als kapstok voor alle gemeentelijke beleidsnotities. Ze zorgen ervoor dat er meer samenhang tussen beleid is en er minder beleidsplannen in algemene zin gemaakt worden. De gemeentelijke ambities en doelen staan centraal in de paraplunota's. Hieraan kan alle beleid en uitvoering verbonden worden. De uitvoeringsstrategie benoemt de hoofdrichting die wordt ingezet om de doelstellingen te realiseren. Met de paraplunota's zet Moerdijk nadrukkelijk in op een toekomst in het teken van duurzaamheid. De gemeente wil de mens centraal plaatsen als onderdeel van de samenleving. De samenleving is een samenspel van aspecten die de mens zelf betreffen, de leefomgeving en bedrijvigheid.
Moerdijk kiest daarom voor de 'definitie' die betrekking heeft op de 'duurzame samenleving' die uiteen valt in drie pijlers Maatschappij (people), Leefomgeving (planet) en Economisch-Klimaat (profit). Paraplunota 'Maatschappij' richt zich op mensen en de omgeving waarin zij met elkaar samenleven. De manier waarop mensen met elkaar samenleven wordt beïnvloedt door de omgeving en andersom. Paraplunota 'Leefomgeving' richt zich op de fysieke leefomgeving en onderscheidt daarin de elementen bodem, water, lucht, grondstoffen, natuur en de samenhang daartussen. Paraplunota 'Economisch Klimaat' richt zich op economie en bedrijvigheid. Economisch Klimaat is het 'klimaat' waarbinnen economische ontwikkeling plaatsvindt. Paraplunota Maatschappij De paraplunota Maatschappij richt zich op mensen en de omgeving waarin zij met elkaar samenleven. De manier waarop mensen met elkaar samenleven wordt beïnvloedt door de omgeving en andersom. Wanneer mensen kunnen samenleven in harmonie met hun omgeving hebben zij de mogelijkheid zich te ontwikkelen. 'Maatschappij' heeft betrekking op het sociale gezicht van de gemeente, waar ondersteuning en voorzieningen dichtbij zijn en de menselijke maat geldt. In de paraplunota Maatschappij staan de volgende beleidsthema's centraal: Wonen; bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
16
Gezondheid; Woonomgeving; Sociale structuur; Ondersteuning. Wonen De paraplunota Maatschappij gaat met name in op de kwaliteit van de (bestaande) woningvoorraad. Kwaliteitsaspecten waar de gemeente Moerdijk de komende jaren op inzet zijn levensloopbestendigheid, duurzaamheid en veiligheid. Met de ontwikkeling van 32 woningen worden binnen het bestaand stedelijk gebied, door middel van verdichting extra woningen toegevoegd aan de woningvoorraad van Zevenbergen. Gezondheid Een goede gezondheid draagt bij aan het welzijn van de inwoners. Het is een belangrijke voorwaarde om te kunnen deelnemen aan de samenleving en er bij te horen. De gemeente zet zich samen met haar partners in om de gezondheid van inwoners te beschermen, te bewaken en te bevorderen. Inwoners hebben een eigen verantwoordelijkheid om te kiezen voor een gezonde leefstijl. De gemeente is verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van betrouwbare (gezondheids-) informatie en zorgen voor gerichte voorlichting. Ten aanzien van gezondheid stelt de gemeente daarmee de volgende doelen: Inwoners beslissen zelf over leefstijl: kies gezond!; Gezondheidsproblemen die in toenemende mate bij inwoners voorkomen aanpakken; Inwoners kunnen vertrouwen op gezondheidsbescherming. Woonomgeving Voor de leefbaarheid is het nodig, dat mensen elkaar in een prettige en veilige (woon)omgeving kunnen ontmoeten.
De woonomgeving kan worden onderverdeeld in drie elementen. Het gaat om activiteiten in sociaal-maatschappelijke voorzieningen zoals onderwijs, ontmoeting, sport en cultuur, de openbare ruimte met daarin monumenten, speelvoorzieningen en meubilair, groen, wegen en openbare verlichting en de bereikbaarheid van de voorzieningen en de woning. Aan de oostkant grenzen de nieuwe woningen aan de nieuwe wijk Bosselaar Zuid waar sprake is van een goed voorzieningenniveau. In het midden van de wijk is een Brede School gevestigd met diverse maatschappelijke voorzieningen. In de wijk zijn ook verschillende plaatsen voor onderlinge ontmoetingen, bijvoorbeeld bij speelvoorzieningen. Daarnaast zijn de nieuwe woningen gelegen op korte afstand van het centrum van Zevenbergen met diverse voorzieningen. Daarnaast wordt met de ontwikkeling van de woningen langs de Roode Vaart een kwalitatieve verbetering van de leefomgeving ter plaatse gerealiseerd. De locatie grenst aan een bedrijventerrein, de toetsing van het bedrijventerrein ten aanzien van de beoogde woningen wordt in hoofdstuk 4 gedaan. Sociale structuur Met sociale structuur wordt de opbouw van de samenleving bedoeld. Deze opbouw bestaat uit individuen, groepen en organisaties. Een stevige sociale structuur is een basis voor levendige kernen.
Met de realisatie van de woningen langs de Roode Vaart ontstaat een mooi afgewerkte entree van de kern Zevenbergen langs de Huizersdijk en de Gen. Allenweg. Ondersteuning De gemeente zet in op een sociale structuur waarin mensen voor elkaar zorgen en op een omgeving die dit mogelijk maakt. Niet voor iedereen is dit voldoende. Dan is professionele ondersteuning nodig met als doel om weer zelfstandig te leren, werken, wonen en leven. Paraplunota Maatschappij thema Wonen Wonen is een basisbehoefte. Huishoudens met een middeninkomen dreigen tussen wal en het schip te vallen vanwege de nieuwe toewijzingsregels vanuit Europa en het kabinetsbeleid dat bepaald dat carporaties geen middeldure huurwoningen mogen bouwen. Deze groep behoeft dan ook aandacht in het woonbeleid en wordt een nieuwe doelgroep van beleid. Voorliggend bestemmingsplan gaat niet over de bestaande woningvooraad. Wel wordt ingezet op de bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
17
realisering van met name woningen in het middensegment (voor huishoudens met een middeninkomen) en duurdere segment (voor huishoudens met een hoog inkomen). Paraplunota Leefomgeving De Paraplunota Leefomgeving richt zich op de fysieke leefomgeving en onderscheidt daarin de elementen ondergrond, water, lucht, grondstoffen, natuur en de samenhang daartussen. Verder gaat het in de nota over de inrichting en het beheer van de openbare ruimte en het effectief ruimtegebruik. In de paraplunota Leefomgeving staan de volgende beleidsthema's centraal: Rijke ondergrond; Helder water; Schone lucht; Behoud grondstoffen voor toekomstige generaties; Gevarieerde natuur. Rijke ondergrond Ruimte is een kostbaar goed. Er is sprake van een maatschappelijke druk op de grond als "drager" van de ruimte. De gemeente heeft daarom de taak om op een efficiënte manier gebruik te maken van de nog beschikbare grond. Een schone buitenruimte draagt ook bij aan verbetering van de leefomgeving. Naast deze door onszelf veroorzaakte vervuiling kan ook onkruid en wildgroei voor overlast zorgen. Met name binnen de woon- en werkomgeving wordt van de gemeente (en andere overheden) verwacht dat deze vervuiling wordt tegengegaan en verwijderd.
Ten aanzien van de ondergrond stelt de gemeente de volgende doelen: Effectief ruimtegebruik door afstemming bodemeigenschappen en functie; Instandhouden en verbetering van de bodemkwaliteit; Aanpak van de openbare ruimte op basis van de elementen gebruik, inrichting en beheer; Door bewustwording en betrokkenheid van de burgers en bedrijven op preventieve wijze komen tot een verbetering van de beeldkwaliteit. De ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt op gronden die geschikt zijn voor woningbouw. Dit blijkt uit het bodemonderzoek dat is uitgevoerd voor het bestemmingsplan (zie 4.3). Helder water In november 2008 hebben de gemeente en het waterschap Brabantse Delta het Waterplan gemeente Moerdijk 2009-2015 (hierna waterplan) vastgesteld. Dit plan heeft betrekking op: Al het oppervlaktewater, beken, vennen, kreken, enz.; De waterkeringen; De afval- en hemelwaterstromen; Het oppervlakkige grondwater; Water in relatie tot (ruimtelijke) ontwikkelingen. Zoals beschreven in de waterparagraaf (zie 4.9) is er geen sprake van een ontwikkeling die nadelige gevolgen zal hebben op de waterhuishouding. Schone lucht Lucht is één van de levensbehoeften van mens, dier en plant. Daarbij is de luchtkwaliteit van groot belang. Die staat onder druk door de uitstoot van vervuilende stoffen door o.a. industrie en verkeer/vervoer.
De nieuwe woningen leiden tot extra verkeer, de bijdrage aan de luchtkwaliteit is niet in betekenende mate. De luchtkwaliteit ter plaatse voldoet aan de normen. Behoud grondstoffen voor toekomstige generaties Het tegengaan van het gebruik van niet-hernieuwbare grondstoffen ten behoeve van energieopwekking is een speerpunt van het gemeentelijk beleid. Hierbij geldt de "trias energetica" als richtlijn. Dit houdt in: Het terugdringen van onnodig energieverbruik; Voor de resterende behoefte zoveel mogelijk inzetten op duurzame energie; Efficiënt (her)gebruik van fossiele bronnen. bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
18
Om aan deze richtlijn te kunnen voldoen stelt de gemeente de volgende doelen: 1. Actief stimuleren energiebesparing: 2% per jaar; 2. Lokaal opwekken van duurzame energie (70% in 2030): a. 30% windenergie in 2030; b. 10% bio-energie in 2030; c. 30% zonne-energie binnen de gebouwde omgeving; 3. Actief stimuleren hergebruik reststromen bij bedrijven; 4. Afval is grondstof. De bestemmingswijziging voorziet niet in een ontwikkeling die de doelstellingen voor energieopwekking in de weg zullen staan. De woningen worden gerealiseerd binnen de laatste eisen van het Bouwbesluit waarbij eisen worden gesteld aan energiezuinigheid en isolatiewaarde van de woningen. Gevarieerde natuur Biodiversiteit is een belangrijke graadmeter voor de kwaliteit van de natuur en onze leefomgeving. Onder biodiversiteit wordt verstaan de verscheidenheid van het leven op aarde, op het niveau van genen, soorten en ecosystemen. De waarde van biologische diversiteit wordt hierbij niet alleen vanuit het perspectief van de mens bekeken, maar ook vanuit het perspectief van de eigen, intrinsieke waarde van de natuur. Ten aanzien van een gevarieerde natuur stelt de gemeente de volgende doelen: Instandhouding en vergroting van oppervlakte (verbonden) natuurgebied; Vergroting soortenrijkdom van planten en dieren; Aandacht voor biodiversiteit vergroten.
Op basis van het ecologisch onderzoek blijkt dat in de huidige situatie geen beschermde diersoorten aanwezig zijn. Bij de inrichting van de openbare ruimte is voldoende ruimte voor een groene inrichting. Hierbij wordt tevens gekeken naar soortenrijkdom en biodiversiteit. Paraplunota Economisch Klimaat De paraplunota Economisch Klimaat richt zich op economie en bedrijvigheid. Economisch Klimaat is het 'klimaat' waarbinnen economische ontwikkeling plaatsvindt. Het bedrijfsleven staat aan de lat om economische groei (toegevoegde waarde, werkgelegenheid) te realiseren, de overheid/gemeente creëert hiervoor de randvoorwaarden. In de paraplunota Economisch Klimaat staan de volgende beleidsthema's centraal: De economische basis op orde; Levendige kernen; Toeristische bestemming Moerdijk; Hoogwaardig logistiek- en industrieel knooppunt Moerdijk. Het bestemmingsplan richt zich op het mogelijk maken van 32 woningen en maakt geen nieuwe voorzieningen of bedrijven mogelijk. Wel wordt een bedrijfskavel langs de Roode Vaart herbestemd tot wonen. Dit bedrijfskavel is vanwege de ligging in de nabijheid van bestaande woningen en het feit dat het bestaande bedrijf op termijn stopt niet van grote toegevoegde waarde voor het economische klimaat van Zevenbergen.
Bovendien is er per saldo voldoende vestigingsruimte beschikbaar bedrijven als deze elders in Zevenbergen Daarnaast blijkt uit de onderbouwing in paragraaf 4.5 dat omliggende bedrijven niet worden beperkt in hun huidige bedrijfsmogelijkheden. Daarmee heeft het plan geen negatieve effecten op het economische klimaat.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
19
2.3.2 Structuurvisie "Moerdijk 2030" De structuurvisie "Moerdijk 2030", vastgesteld door de gemeenteraad op 9 juni 2011, is een integrale visie die inspeelt op de ontwikkeling van de beide werelden van Moerdijk: het grootschalige (inter-)nationale Moerdijk enerzijds en het ruime, rustige, agrarische Moerdijk met een veel kleinschaliger karakter anderzijds. De visie beoogt ook deze twee werelden samen te brengen zodat ze elkaar kunnen aanvullen en versterken. De structuurvisie geeft de belangrijkste opgaven, ontwikkelingen en karakteristieken weer voor de verschillende kernen binnen de gemeente. De ontwikkeling past, met de verdichting, binnen de visie Moerdijk MeerMogelijk. Hierin is onder meer opgenomen dat binnen de kernen gezocht moet worden naar ruimte voor de realisatie van 825 extra woningen. Voorliggend plangebied is daarmee in lijn met de ontwikkelrichting op de kaart behorende bij de structuurvisie. Voor concrete ontwikkelmogelijkheden wordt in de visie verwezen naar provinciaal beleid.
Uitsnede Kaart Structuurvisie Moerdijk 2030
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
20
Hoofdstuk 3 3.1
Gebiedsvisie
Bestaande situatie
Omgeving Het plangebied ligt aan de zuidkant van Zevenbergen en ligt nabij het stroomgebied van de Mark, aan de aftakking Roode Vaart (zie figuur 3.1). In het open gebied rondom Zevenbergen overheerst vooral het agrarische gebruik ten behoeve van de akkerbouw. De stad Zevenbergen is gebouwd rondom het historische centrumgebied dat haar ontstaan dankt aan de ligging aan de Roode Vaart die een belangrijke doorvoerfunctie vormde voor (agrarische) producten uit de omgeving. Zevenbergen fungeerde daarbij als belangrijke overslaghaven en handelscentrum. In de ruimtelijke opbouw van Zevenbergen is ook nu nog het lineaire verloop van de Roode Vaart duidelijk herkenbaar. Deze doorsnijdt de stadskern en verdeelt het gebied in een oostelijk en een westelijk deel. De Roode Vaart vormde aanvankelijk een directe doorgaande verbinding tussen de Mark en het Hollandsch Diep, maar de verbinding is door de demping ter plaatse van de Haven in de jaren '60 opgeheven.In het kader van de ontwikkeling van het centrum van Zevenbergen is een deel van de gedempte haven weer opengegraven. Daarmee wordt de oorspronkelijke verbinding deels hersteld. Langs het noordelijke stroomgebied van de Roode Vaart domineren de bedrijfscomplexen van de voormalige suikerindustrie het beeld.
Hierlangs is bedrijvigheid op het bedrijventerrein Molengors gevestigd die deels nog gebruik maakt van de Roode Vaart als aanen afvoerroute. Het zuidelijke stroomgebied van de Roode Vaart vervult met name een functie ten behoeve van natuur en recreatie.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
21
Figuur 3.1 Gebiedsopbouw (Bron: Rho Adviseurs) Plangebied Het plangebied ligt aan weerszijden van de Roode Vaart te Zevenbergen aan de Huizersdijk (westzijde) en de Generaal Allenweg (oostzijde). Deze bestaande wegen vormen tevens de ontsluiting van het plangebied. In de noordzijde van het plangebied is aan de Huizersdijk een bedrijf gevestigd, namelijk het Autoschadeherstelbedrijf De Wijs (nr. 21). Daarnaast staan nog een aantal loodsen ten behoeve van opslag (nrs. 17 en 19). Direct ten noorden hiervan ligt een woning (nr. 15) en tegenover deze bedrijven is een historisch pand met een atelier en appartementen (nr. 28) gelegen. Ten noorden hiervan ligt de nieuwe gebiedsontsluitingsweg van Zevenbergen. Aan de Huizersdijk zijn aan de oever drie vrijstaande woningen gerealiseerd. Aansluitend hieraan is een braak liggend gebied gelegen. De zone langs de Generaal Allenweg is tijdelijk in gebruik als akkerbouwgebied. Aan de Generaal Allenweg zijn ook al drie woningen gerealiseerd.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
22
Roode Vaart gezien vanaf de Zuidrand.
Huizersdijk (bron: Google Maps)
Generaal Allenweg
3.2
Beoogde situatie
Visie op het gebied Tussen de bestaande wijk Molengors en het in ontwikkeling zijnde woongebied Bosselaar-Zuid liggen de oevers van de Roode Vaart. Het plan is om aan dit water woningen te realiseren die worden ontsloten via de Huizersdijk en de Generaal Allenweg. Het streefbeeld is dat hier lintbebouwing gerealiseerd wordt
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
23
waarbij de herkenbaarheid van de individuele woning een belangrijk uitgangspunt is. De woningen zijn met hun voorgevel georiënteerd op de Huizersdijk, dan wel de Gen. Allenweg, op de verbeelding is deze oriëntatie ook vastgelegd.Het is gewenst dat tussen de woningen doorzichten komen vanaf de Huizersdijk en de Generaal Allenweg zodat de aanwezigheid van de Roode Vaart kan worden ervaren. Er dient een goed woon- en leefklimaat te worden gewaarborgd. Het basisprincipe van de verkaveling is dat het peil van het maaiveld van de woningen iets hoger (circa 0,2 tot 0,6 m) komt te liggen dan dat van de dijk. Het buitendijkse gedeelte dient hiervoor te worden opgehoogd. Aan de waterzijde zal het maaiveld waar mogelijk (afhankelijk van de verkaveling) schuin aflopen waarmee de tuin aan het water komt te liggen. De thematiek van het wonen aan het water wordt hiermee realiseerbaar.
Plangebied Voor de ontwikkeling van Oevers Roode Vaart is een stedenbouwkundig plan opgesteld (zie figuur 3.2). Dit stedenbouwkundig plan is vervolgens verwerkt in het bestemmingsplan Oevers Roode Vaart. De woningen sluiten aan op de bestaande wijk Molengors en de bestaande wijk Bosselaar-Zuid. Het stedenbouwkundig plan gaat, naast de al gerealiseerde 6 vrijstaande woningen, uit van de realisatie van 32 woningen in het gebied. In dit bestemmingsplan worden aan de oostoever 22 woningen gerealiseerd en aan de westoever 10 woningen. De kavels verschillen in diepte en breedte waarbij de kavels op de westoever groter zijn dan die op de oostoever. Op de kavels kunnen vrijstaande woningen, geschakelde woningen of twee-onder-een-kapwoningen worden gebouwd. De woningen aan de Huizersdijk kunnen maximaal bestaan uit twee lagen met een kap. Aan de Generaal Allenweg worden ook woningen met twee lagen en een kap gerealiseerd, daarnaast is hier ook de mogelijkheid om woningen bestaande uit drie lagen plat te realiseren. De Huizersdijk en de Generaal Allenweg zijn allebei wegen die Zevenbergen met het buitengebied verbinden en hebben hiermee een entreefunctie voor de kern.Ten noorden van de Verlengde Zuidrand wordt ook een woning gerealiseerd.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
24
Figuur 3.2 Stedenbouwkundig plan Oevers Roode Vaart (Bron: Quadrant architecten) Perceel De Wijs Aan de noordzijde van het plangebied aan de Huizersdijk is momenteel het Autoschadeherstelbedrijf De Wijs gelegen. Dit perceel maakt onderdeel uit van de ontwikkeling binnen het bestemmingsplan. Op dit perceel worden met dit bestemmingsplan ook woningen mogelijk. Op basis van het reguliere overgangsrecht zou het bedrijf ter plaatse zijn bedrijfsactiviteiten kunnen blijven uitoefenen. Met de eigenaar zijn nadere afspraken gemaakt over een versnelde beëindiging van zijn bedrijfsactiviteiten. In het bestemmingsplan is daarom een persoonsgebonden overgangsrecht opgenomen. Dit overgangsrecht houdt in dat de huidige eigenaar op het perceel de bedrijfsactiviteiten voor maximaal 5 jaar, na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, kan voortzetten, maar dat indien deze eigenaar stopt met het bedrijf, de bedrijfsactiviteiten direct moeten worden beëindigd. Daarnaast is opgenomen dat de activiteiten van de aanwezige spuitcabine direct na vaststelling van het bestemmingsplan worden beëindigd. Voor verdere informatie, zie paragraaf 4.5.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
25
In het bestemmingsplan is hiervoor een specifieke regeling opgenomen.
3.3
Duurzaamheid
Op de regelgeving rondom energie en duurzaamheid is het bouwbesluit van toepassing. Op 1 juli 2018 is de Wet voortgang energietransitie (Wet VET) in werking getreden. Met deze wijzigingswet worden de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet gewijzigd. Het gevolg hiervan is dat netbeheerders niet langer wettelijk verplicht zijn om nieuwbouw voor kleinverbruikers (verbruikers met een doorlaatwaarde van ten hoogste 40 m3 per uur) aan te sluiten op het gasnet. Omdat netbeheerders slechts wettelijke taken mogen uitvoeren, komt dit in de praktijk neer op een verbod: netbeheerders mogen nieuwbouw voor kleinverbruikers vanaf 1 juli 2018 niet meer van een gasaansluiting voorzien. Via een wijziging is ook het Bouwbesluit in overeenstemming gebracht met de wijziging van Gaswet. Voor woningen en kleine bedrijven betekent dit dat vanaf 1 juli 2018 moet worden gekozen voor een andere vorm van verwarming dan aardgas. De woningen worden conform de wet VET zonder gasaansluiting gerealiseerd. De woningen zullen voldoen aan de laatste eisen uit het bouwbesluit, dat houdt in dat de woningen conform BENG-normen zullen worden gebouwd. Omdat de woningen apart zullen worden gerealiseerd zal er geen gebruik worden gemaakt van gezamenlijke voorzieningen maar zal gebruik worden gemaakt van individuele duurzaamheidsmaatregelen.
Het installatieconcept voor deze duurzaamheidsmaatregelen is nog niet in detail uitgewerkt. Ingezet wordt op Photo Voltaic (BENG) panelen met daarbij individuele lucht- en warmtepompen.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
26
Hoofdstuk 4 4.1
Onderzoek
Verkeer
Toetsingskader Op het gebied van verkeer en vervoer bestaat geen specifieke wetgeving die relevant is voor de voorgenomen activiteit. Wel dient in het kader van het ruimtelijk plan dat de activiteit mogelijk maakt, te worden onderbouwd dat het geheel voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Dit houdt onder meer in dat er voldoende parkeergelegenheid aanwezig dient te zijn en de eventuele verkeerstoename niet leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling. Voor de beoogde woningen wordt de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie berekend op basis van kencijfers uit CROW publicatie 381 en nota parkeernormen gemeente Moerdijk 2021. Voor het te hanteren kencijfer voor de kern Zevenbergen wordt uitgegaan van een stedelijkheidsgraad van matig stedelijk, rest bebouwde kom. In de beleidsregel wordt aangegeven dat op basis van het autobezit en autogebruik in de gemeente Moerdijk er voor gekozen wordt om als uitgangspunt het gemiddelde kencijfer te hanteren. Voor de beoordeling van de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid wordt getoetst aan de wegencategorisering en de daarin bepaalde grenswaarde voor de verkeersintensiteit per wegcategorie en expert judgement. Toetsing In het kader van de ontwikkeling van de woningen is een mobiliteitstoets opgesteld. Deze mobiliteitstoets is opgenomen in Bijlage 1. De conclusie uit de mobiliteitstoets is onderstaand opgenomen.
De ontsluiting via Huizersdijk en de Zuidrand leidt niet tot knelpunten voor de veiligheid en bereikbaarheid van de planontwikkeling. Met de volledige ontwikkeling van het planontwikkeling blijven de verkeersintensiteiten op de Huizersdijk en de Zuidrand onder de grenswaarde van 8.000 motorvoertuigen per etmaal. Dit geldt ook voor de erftoegangswegen richting Kuringen waarbij deze onder de grenswaarde van 4.000 motorvoertuigen per etmaal blijven. Enige aandacht dient wel aanwezig te zijn voor de fietsvoorzieningen op de Huizersdijk en de aansluiting Huizersdijk met de Zuidrand. Op de Huizersdijk liggen geen geasfalteerde fietsstroken of vrijliggende fietspaden. De vormgeving van de kruising Huizersdijk en Zuidrand is nog niet optimaal omdat deze voor auto- en fietsverkeer niet goed op elkaar aansluiten. Er is voldoende ruimte aanwezig om te voorzien in de berekende parkeerbehoefte op basis van de parkeernormen en gegevens. Het totale parkeeraanbod is 74 parkeerplaatsen waarvan 48 parkeerplaatsen op eigen terrein. In het stedenbouwkundig plan zijn in totaal 26 parkeerplaatsen ingetekend in het openbaar gebied (figuur 4.1). Het aspect verkeer en parkeren staat de ontwikkeling daarmee niet in de weg.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
27
Figuur 4.1 Parkeerplaatsen in openbaar gebied
4.2
Bodem
4.2.1 Kader Wet bodembescherming Als sprake is van ernstige bodemverontreiniging dan is de Wet bodembescherming (Wbb) van kracht. Het doel van de Wbb is in de eerste plaats het beschermen van de (land- of water-) bodem zodat deze kan worden benut door mens, dier en plant, nu en in de toekomst. Ontwikkelingen kunnen pas plaatsvinden als de bodem, waarop deze ontwikkelingen gaan plaatsvinden, geschikt is of geschikt is gemaakt voor het beoogde doel. Bij nieuwbouwactiviteiten dient de bodemkwaliteit door middel van onderzoek in beeld te zijn gebracht. In het algemeen geldt dat nieuwe bestemmingen bij voorkeur op een schone bodem dienen te worden gerealiseerd.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
28
4.2.2 Onderzoek en conclusie In het kader van de woningbouwontwikkeling is onderzoek gedaan naar de bodemkwaliteit en de kwaliteit van het grondwater ter plaatse. Hierbij is een verkennend onderzoek uitgevoerd, dit verkennend onderzoek is opgenomen in Bijlage 7. In dit onderzoek is een verdachte verontreiniging van het grondwater aangetroffen en zijn op verschillende percelen zintuigelijk puin aangetroffen dat mogelijk duidt op asbestverdacht materiaal. In het kader daarvan is nader onderzoek uitgevoerd naar grondwater en verkennend asbestonderzoek. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 8. Uit dit onderzoek blijkt dat er geen verontreinigingen met asbest aanwezig zijn en dat er geen aangetroffen vervuilingen zijn in het grondwater, levert het aspect bodem geen belemmeringen op voor de realisatie van de woningen op het perceel.
4.3
Luchtkwaliteit
4.3.1 Kader In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van een ruimtelijk plan uit het oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens rekening gehouden met de luchtkwaliteit. Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer. Dit onderdeel van de Wet milieubeheer (Wm) bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk langs wegen vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (jaargemiddelde) en fijn stof (jaar- en daggemiddelde) van belang. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in tabel 4.2. weergegeven. Tabel 4.1. Grenswaarden maatgevende stoffen Wm Toetsing van Grenswaarde Stof stikstofdioxide jaargemiddelde 40 µg/m³ (NO2) concentratie fijn stof (PM10) jaargemiddelde 40 µg/m³ concentratie 24-uurgemiddelde max. 35 keer p.j. meer dan 50 µg / concentratie m³ fijn stof (PM2,5) jaargemiddelde 25 µg /m³ concentratie
Op grond van artikel 5.16 van de Wm kunnen bestuursorganen bevoegdheden die gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit onder andere uitoefenen indien de bevoegdheden/ontwikkelingen niet leiden tot een overschrijding van de grenswaarden of de bevoegdheden/ontwikkelingen niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht.
Besluit niet in betekenende mate In dit 'Besluit niet in betekenende mate' is bepaald in welke gevallen een project vanwege de gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Hierbij worden 2 situaties onderscheiden: Een project heeft een effect van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10 (= 1,2 µg/m³); Een project valt in een categorie die is vrijgesteld aan toetsing aan de grenswaarden; deze categorieën betreffen onder andere woningbouw met niet meer dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg en 3.000 woningen bij twee ontsluitingswegen, kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 bij één ontsluitingsweg en 200.000 m2 bij twee ontsluitingswegen. 4.3.2 Onderzoek en conclusie De beoogde ontwikkeling heeft betrekking op de realisatie van 32 woningen. Een dergelijke ontwikkeling valt onder het Besluit niet in betekenende mate onder de categorie woningbouw tot 1.500 woningen aan één ontsluitingsweg. Dit betekent dat de ontwikkeling niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit ter plaatse, en dat nader onderzoek niet noodzakelijk wordt geacht. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van de NSL-monitoringstool 2019 bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
29
(http://www.nsl-monitoring.nl/viewer/) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. De dichtstbijzijnde maatgevende weg betreft Westrand, ten noorden van het plangebied. Uit de NSL-monitoringstool blijkt dat in de prognose voor 2020 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijn stof langs deze weg ruimschoots onder de grenswaarden lagen. De concentraties luchtverontreinigende stoffen bedroegen in de prognose voor 2020; 17,2 µg/m³ voor NO2, 18 µg/m³ voor PM10 en 11 µg/m³ voor PM2,5. Het aantal overschrijdingsdagen van de 24-uur gemiddelde concentratie PM10 bedroeg 6,3 dagen. Hierdoor is er ter plaatste van het plangebied sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
4.4
Geluid
4.4.1 Kader Langs alle wegen, met uitzondering van 30 km/uur-wegen en woonerven, bevinden zich op grond van de Wgh geluidzones waarbinnen de geluidhinder vanwege een weg aan bepaalde wettelijke normen dient te voldoen. De breedte van een geluidzone voor wegen is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de stedelijke of buitenstedelijke ligging. De breedte van de geluidzone wordt hierbij gemeten vanaf de as van de weg. In artikel 1 van de Wgh zijn de definities opgenomen van stedelijk en buitenstedelijk gebied. Deze definities luiden: Stedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg; Buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom, alsmede het gebied binnen de bebouwde kom voor zover gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg. Het plangebied ligt in de geluidzone van de stedelijk gelegen wegen Huizersdijk en Zuidrand. Deze geluidzone heeft een breedte van 200 meter. Voor de geluidbelasting aan de buitengevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen binnen de wettelijke geluidzone van een weg geldt een voorkeursgrenswaarde van 48 dB. In bepaalde gevallen is vaststelling van een hogere waarde mogelijk.
Hogere grenswaarden kunnen alleen worden verleend nadat is onderbouwd dat maatregelen om de geluidbelasting aan de gevel van geluidgevoelige bestemmingen terug te dringen onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Deze hogere grenswaarde mag de maximale ontheffingswaarde niet te boven gaan. De maximale ontheffingswaarde voor de nieuwe woningen in het plangebied is afhankelijk van de bron en de ligging van het plangebied. De woningen behoren tot de bebouwde kom van Zevenbergen en liggen als zodanig in stedelijk gebied. Daarom is getoetst aan de normen die gelden voor stedelijke situaties. Hiervoor geldt een voorkeursgrenswaarde van 48 dB en een maximale ontheffingswaarde van 63 dB. 4.4.2 Onderzoek en conclusie In het kader van de ontwikkeling van de woningen is akoestisch onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen in Bijlage 3. Uit dit onderzoek blijkt dat ten gevolge van het verkeer op de Huizersdijk en de Zuidrand de geluidsbelasting op enkele woningen hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. De maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden. Ten gevolge van het verkeer over de Generaal Allenweg wordt de voorkeursgrenswaarde voor de nieuwe woningen niet overschreden.
Ter plaatse van de woningen waar de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden is het treffen van maatregelen om de geluidsbelasting terug te dringen onvoldoende doeltreffend of ongewenst in verband met de stedenbouwkundige structuur. In paragraaf 4.3 van het akoestisch onderzoek zijn bronmaatregelen en maatregelen in het overdrachtsgebied verkend is beschreven waarom deze maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn of ongewenst zijn. Het is daarom noodzakelijk, en mogelijk, om hogere waarden te verlenen voor deze woningen. Op basis van het gemeentelijk beleid is het mogelijk om hogere waarden vast te stellen bij woningen, deze woningen vallen binnen de categorie woningen die worden gesitueerd op een open plek tussen bestaande bebouwing.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
30
In verband met het beleid van de gemeente wordt voorgeschreven dat ten minste één slaapkamer van de nieuwe woningen aan een geluidluwe gevel grenst. Bij het ontwerp van de woningen zal hier rekening mee worden gehouden. In tabel 4.1 is een overzicht opgenomen van de te verlenen hogere waarden. Tabel 4.1 Hogere waarden Geluidbron Huizersdijk Zuidrand Zuidrand
4.5
Benodige hogere waarden 58 dB 49 dB 52 dB
Aantal woningen 10 1 1
Bedrijven en milieuzonering
4.5.1 Toetsingskader In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat bij de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving van milieugevoelige functies zoals woningen: Ter plaatse van de woningen een goed woon- en leefmilieu kan worden gegarandeerd; Rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering en milieuruimte van de betreffende bedrijven. Om in de bestemmingsregeling de belangenafweging tussen bedrijvigheid en nieuwe woningen in voldoende mate mee te nemen, wordt in dit plan gebruikgemaakt van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009). In deze publicatie is een lijst opgenomen waarin de meest voorkomende bedrijven en bedrijfsactiviteiten zijn gerangschikt naar mate van milieubelasting. Voor elke bedrijfsactiviteit is de maximale richtafstand ten opzichte van milieugevoelige functies aangegeven op grond waarvan de categorie-indeling heeft plaatsgevonden. De richtafstanden gelden ten opzichte van het omgevingstype 'rustige woonwijk'. Milieuzonering beperkt zich tot de milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie: geluid, geur, gevaar en stof. 4.5.2 Onderzoek Agrarische functies Ten westen van het plangebied liggen agrarische percelen behorend bij het gemengd agrarisch bedrijf (veehouderij) aan de Huizersdijk 30 te Zevenbergen.
Spuitzones Vanwege de mogelijkheid in het vigerende bestemmingsplan kan spuitzonering vanwege het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op open teelten een rol spelen. Er moet in beginsel worden uitgegaan van maximale planologische mogelijkheden van de betreffende percelen. Er gelden in Nederland geen wettelijke bepalingen over minimaal aan te houden afstanden tussen gronden waarop gewassen in de open lucht worden geteeld en nabij gelegen, voor gewasbeschermingsmiddelen gevoelige objecten, zoals woningen met tuinen. Vanwege mogelijk vrijkomende drift (verwaaiing van spuitvloeistof) bij het bespuiten gewassen wordt bij de besluitvorming inzake ruimtelijke ordening (bestemmingsplan en omgevingsvergunning) meestal een vuistregel gehanteerd om een richtafstandvan 50 meter aan te houden tussen een productieboomgaard van appels en peren en een gevoelige bestemming of functie. Dit is een in de praktijk gegroeide vuistregel en geen wetgeving. Uit jursprudentie blijkt dat de Afdeling Bestuursrechtspraak het hanteren van een afstand van 50 meter niet onredelijk vindt. De nieuwe woningen en de bijbehorende tuinen in dit bestemmingsplan zijn geprojecteerd op een afstand van tenminste 75 meter van de gronden met een agrarische bestemming, behorende bij het agrarisch bedrijf aan Huizersdijk 30. Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand van 50 meter.
Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op de agrarische percelen zal geen invloed hebben op het woon- en leefklimaat van de nieuwe woonpercelen. De nieuwe woningen vormen door de afstand geen belemmering voor het gebruik van de agrarische percelen.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
31
Geurhinder Op grond van het Activiteitenbesluit (art. 3.117) gelden de afstanden voor dieren zonder geuremissiefactor die moeten worden aangehouden tussen een agrarische bedrijf waar dieren worden gehouden en geurgevoelige objecten. Voor melkrundvee geldt een afstand van 100 meter voor gevoelige objecten binnen de bebouwde kom en 50 meter voor gevoelige objecten buiten de bebouwde kom. De wetgever heeft voor een regeling van afstanden gekozen, omdat voor dieren zonder geuremissiefactor geen geurverspreidingsberekeningen kunnen worden uitgevoerd. Met de vaststelling van minimumafstanden tussen bedrijven waar deze dieren worden gehouden en geurgevoelige objecten beoogt de wetgever het ontstaan van nieuwe geurhinder te voorkomen. Op het moment dat niet aan deze afstanden wordt voldaan, zal op grond van de Wet geurhinder en veehouderij moeten worden bezien of voor het agrarische bedrijf een omgevingsvergunning benodigd is en kan worden verkregen. De nieuwe woningen in dit bestemmingsplan liggen in de bebouwde kom. De afstand tussen het agrarisch bedrijf en de bestaande woningen bedraagt meer dan 200 meter en tot de beoogde woningen 250 meter (figuur 4.2). Hiermee kan ruimschoots aan de hiervoor genoemde afstandseis van 100 meter uit het activiteitenbesluit worden voldaan.
Daarmee is er enerzijds geen sprake van een belemmering voor het agrarisch bedrijf en is anderzijds sprake een voldoende woon- en leefklimaat ter plaatse van de geprojecteerde woningen. Wet geurhinder en veehouderij Toetsingskader Het Activiteitenbesluit en de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) is het toetsingskader voor de omgevingsvergunning milieu voor het aspect geurhinder van dierenverblijven van veehouderijen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan door de gemeente medewerking verleend worden aan het voornemen indien veehouderijen door de voorgenomen planontwikkeling niet onevenredig in hun belangen worden geschaad. Daarnaast dient ter plaatse van de nieuw te realiseren geurgevoelige objecten (de woningen) sprake te zijn van een acceptabel woon- en leefklimaat. Op basis van het Activiteitenbesluit en de Wgh geldt een vaste afstand (50 of 100 meter afhankelijk van de ligging in het buitengebied en de bebouwde kom). Toetsing De beoogde woningen bevinden zich in de bebouwde kom, waardoor een vaste afstand van 100 meter noodzakelijk is. De veehouderij Huizersdijk 30 is gelegen op circa 250 meter ten zuidwesten van het plangebied. Hiermee wordt voldaan aan de vaste afstand (100 meter van ligging in de bebouwde kom) die geldt op basis van het Activiteitenbesluit en de Wgv. Conclusie Het aspect geur staat de vaststelling van dit plan niet in de weg.
Bedrijven worden niet in hun belangen geschaad en er is voor de nieuwe woningen sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
32
Figuur 4.2 ligging woningen ten opzichte van het bestaande agrarische bedrijf VNG-brochure "Bedrijven en milieuzonering" In de beoogde situatie worden 32 woningen gerealiseerd. Hiermee wordt een milieugevoelige functie opgericht en moet worden getoetst aan de richtafstanden zoals vermeld in de VNG-brochure. De VNG brochure wordt gebruikt om te bepalen of de afstand tussen bedrijvigheid en gevoelige functies aanvaardbaar is. Indien aan de afstanden wordt voldaan, kan in principe worden aangenomen dat zowel voor de bedrijven geldt dat deze niet onevenredig in hun bedrijfsvoering worden belemmerd, als voor de gevoelige functie – in casu de nieuwe woningen – dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hierbij is het van belang dat wordt vermeld dat de VNG-brochure richtafstanden benoemt, waarvan onder omstandigheden kan worden afgeweken. Bij het bepalen van de richtafstand wordt een onderscheid gemaakt tussen 'gemengd gebied' en tussen 'zuiver woongebied'. Een locatie kan als een gemengd gebied worden aangemerkt indien sprake is van een matige tot sterke functievermenging waarbij direct naast woningen andere functies voorkomen zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. De richtafstand voor een woongebied bedraagt 100 meter, voor een gemengd gebied 50 meter. De nieuwe woningen zijn geprojecteerd op een afstand van meer dan 200 meter van het agrarisch bedrijf.
Geconcludeerd wordt dat ter plaatse van de woningen sprake is van een goed woon – en leefklimaat. Bedrijven Huizersdijk 15-19 en 21 Ten noordwesten van het plangebied bevindt zich een autoherstelbedrijf aan de Huizersdijk 21. Op het zuidelijke deel van het terrein is op basis van het vigerende bestemmingsplan een autospuitinrichting toegestaan. Daarnaast vinden binnen het bedrijf autospuit- en herstelwerkzaamheden voor plaatwerk plaats. Deze activiteiten vallen onder maximaal milieucategorie 3.2 met een richtafstand van 100 meter voor het maatgevende aspect geluid. Voor een autospuitinrichting geldt een richtafstand van 50 meter voor het aspect geur. De richtafstand voor de overige aspecten stof en gevaar bedraagt 30 meter. Er wordt in de huidige situatie aan de richtafstanden voor geluid en geur voldaan. bestemmingsplan Oevers Roode Vaart Zuid ontwerp
33
Tussen de huidige bedrijfsbestemming en de toekomstige woningen aan de zuidzijde ligt een groenbestemming, deze wordt gehandhaafd. Daarmee bedraagt de afstand tussen de huidige bedrijfsbestemming en de toekomstige woonbestemming circa 15 meter. De feitelijke afstand tussen het bedrijf en de nieuwe woningen aan deze zijde is groter. Het zuidelijk perceeldeel van Huizersdijk 21 is namelijk niet in gebruik voor bedrijfsactiviteiten en ligt braak. Daarnaast is de regels van de bestemming wonen bepaald dat hoekwoningen tenminste 3 meter uit de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd. Daarmee bedraagt de feitelijke afstand tussen het bedrijf en woningen aan de zuidzijde ruim 30 meter. De afstand tussen het bedrijf en de nieuwe woningen aan de overzijde van de Roode Vaart bedraagt ook ruim 30 meter. Ter plaatse van het bedrijf is in het nieuwe bestemmingsplan een woonbestemming opgenomen in combinatie met een persoonsgebonden overgangsrecht waarmee de beëindiging van het bedrijf geborgd is. Het gebruik van de spuitcabine zal na inwerkingtreding van dit bestemmingsplan direct gestopt worden (zie artikel 14.3 van de regels). Na vaststelling van dit bestemmingsplan zullen de overige bedrijfsactiviteiten na ten hoogste 5 jaar beëindigd worden.