Vsl raad 2023 m 10 d 25
Tekst van het document
De heer Jongsma: Ik denk dat ik aan mijnheer Ringeling vraag of het niet wijs is om inderdaad dit even te parkeren tot aan de begroting, dat even wat beter voor te bereiden als raad en dan te kijken naar 'hoe gaan we dan volgend jaar daar ook een bedrag aan toekennen?' Is de ChristenUnie, de heer Ringeling, dat met mij eens? De heer Ringeling: Ik ben het met u eens dat we het er tijdens de begrotingsbehandeling weer over hebben, maar ik reageerde op wat de burgemeester zei. Ik vond dat er vrij weinig zelfreflectie was op dit punt. Dat het erop leek 'wij hebben ons best gedaan, we hebben die boodschap goed gebracht maar de andere kant heeft eigenlijk niet goed geluisterd'. Als je het chargeert, was het dat een beetje. Daar heb ik op gereageerd en daar ben ik het mee oneens. De voorzitter: Dat leidt tot een vervolgvraag bij de heer Jongsma. Stelt u uw vraag. De heer Jongsma: Ik zou de ChristenUnie willen voorstellen dat we het daar binnenkort eens een keertje over gaan hebben. Met dit als casus, maar dan ook kijkend naar hoe we daar in de toekomst beter mee omgaan. Ik bedoel, ik denk dat dat recht doet aan wat we nu ook hebben gezien. De voorzitter: Daar mag u antwoord op geven en dan mag u uw betoog voortzetten.
De heer Ringeling: Ik ben het ermee eens maar ik snap ook niet waarom we zo krampachtig zijn op het moment dat we een beetje kritisch zijn, dat we dan snel zeggen 'we moeten het er een andere keer over hebben'. Want zo komt het nu bij mij over, dat u dat doet. Als we even een beetje kritisch zijn en zeggen 'die bedragen kloppen niet', dat u dan reageert van 'voorlopig even niet'. Zo komt het bij mij over nu. De voorzitter: Dat is hoe het overkomt. Daar heeft mijnheer Jongsma een vraag over. De heer Jongsma: Nou, ja, ik vind het jammer dat het zo overkomt, want ik vind het wel degelijk goed – en daar is deze raad ook voor – om daar kritisch op te zijn. Dus neem vooral de tijd en wat mij betreft, want ik moet er een vraag van maken, heeft u een uur nodig? Want ik waardeer het echt en het is goed dat we het hierover hebben. De voorzitter: Dat was geen vraag, maar meer een antwoord, dus u mag gewoon uw betoog vervolgen. De heer Ringeling: Ja, maar ik ben het ermee eens om tijdens de begrotingsbehandeling naar het financiële plaatje te kijken en er daar ook verder op in te gaan. Wat we ook tijdens de begrotingsbehandeling moeten bespreken, daar wil ik mijn collega-raadsleden nog op wijzen, is dat hier een aanbod wordt gedaan door het bewonerscollectief waarvan ik vind dat we het met beide
handen moeten aangrijpen. Doe iets voor Den Hoorn, doe iets voor die wijk waarin de mensen al heel lang hebben geklaagd over dat we die wijk verwaarloosd hebben. Er schijnen een aantal misstanden te zijn in die wijk. Daar moeten we het ook over hebben want we gaan nieuwe bewoners toevoegen, maar we moeten ook naar de situatie op dit moment kijken. Dus daar moeten we het ook tijdens de begrotingsbehandeling over hebben. Dus dat begin ik ook aan te kondigen, Verder had ik geen vragen meer in tweede termijn. De voorzitter: Dank u wel, dan ga ik over naar fractie Mijn Partij. De heer Roeling, gaat uw gang voor uw tweede termijn. De heer Roeling: Ook wij hebben naar de beantwoording geluisterd van het college. En mijn eerste reactie was 'het is maar goed dat we een motie hebben ingediend', want ik ben het helemaal eens met de heer Ringeling over het gebrek aan introspectie vanuit de burgemeester die aangeeft 'het is allemaal nieuw'. Dan denk ik 'nee, volgens mij heeft hij al twee keer dit soort projecten of trajecten gedraaid, dus in die zin is het niet nieuw'. De zelfreflectie ontbreekt. We gaan hier niet alles herhalen wat er mis is gegaan en wat voorkomen had kunnen worden. Wij kunnen ons geen situatie herinneren waarin we zouden zeggen 'dat was nou echt… Dat konden we ons van tevoren niet… Dat was onvoorspelbaar'. Dat soort zaken.
Jammer dat daar niet wat kritischer door het college naar gekeken wordt en ook door de wethouders, althans, de twee die ermee in hebben gestemd, dat het college elkaar daar niet een beetje op corrigeert. Jammer. Maar goed, als ik zo de heer Ringeling beluister, zal hij wel de motie steunen. Het is niet voor niets dat we met de motie gekomen zijn, Even los van de inhoud valt er veel te zeggen over het proces. Daar heb ik ongeveer alle sprekers over gehoord. 'Ja, het was niet best'. En vervolgens zeggen ze 'we stemmen er wel mee in en later gaan we het beter doen'. Wij hadden meer de verwachting dat we dat vooraf zouden doen, voordat je een besluit neemt. Maar goed, daar verschillen we over van mening. Dat is eigenlijk iets dat ons is opgevallen. Verder met betrekking tot de discussie. Er waren twaalf open eindjes volgens de VVD. En zojuist dient de dertiende zich aan, dat kleine budget voor communicatie. Daar wordt op gereageerd met 'ja, daar gaan we het nog een keertje over hebben'. Dan denk ik 'daar hebben we nummer 13 te pakken'. Het lijkt ons wel zinnig als het gaat om de financiële kant, dat we tijdens die begroting ook wel spreken over een plafond voor wat wij als gemeente hieraan gaan besteden. Want wij delen veel met wat is opgesomd tijdens de commissievergadering door de VVD. Gaat het over bouw- en woonrijp maken, dan pakken we geheid een zeperd.
Maar hoe ver zijn dan de partijen die er vanavond mee in gaan stemmen bereid dat te dragen? Want dadelijk is het een soort principebesluit 'we stemmen er vast mee in. We komen nog van alles tegen, maar joh, dat zien we dan tegen die tijd wel'? Of is het een principebesluit waarbij je zegt 'we stemmen er wel mee in. Maar we moeten niet te veel zeperds tegenkomen, anders gaan we heroverwegen'? Ik ben benieuwd naar wat andere partijen daarvan vinden. In welke zin is het een principebesluit voor de raadsleden? Voorzitter, dat was het wel zo'n beetje. De voorzitter: Op de valreep. We zijn tegenwoordig goed in op de valreep. De heer Vieira, D66. De heer Vieira: Dat klopt inderdaad, op de valreep, omdat die zin ook op de valreep kwam. Dat ging over het financieel plafond. Op het moment dat we toch zouden gaan naar een onderzoek met drie locaties, zit er dan voor Mijn Partij ook een plafond? Of hoe ziet Mijn Partij dat? De voorzitter: Daar mag u antwoord op geven. De heer Roeling: Uiteraard, uiteraard. Wij willen zeker zijn of zo goed als zeker zijn van de kosten die we gaan maken, ja. En dat valt me tegen bij de partijen die er nu mee in willen stemmen, dat ze lang niet zo kritisch zijn als wanneer het over een lantaarnpaal gaat. Dat missen wij. Die kritische houding van 'er is nog zoveel onzeker, maar toch stemmen we ermee in'.
Dan krijg je geheid die rekening een keer gepresenteerd. Zoals het er nu naar uitziet, zal de meerderheid ermee instemmen, maar dan willen wij wel dat diezelfde partijen tijdens de begroting ook aangeven 'wat is het plafond?' We hebben nu een opsomming van kosten die wij als gemeente
gaan maken. Dan willen wij ook zien wanneer het voor de diverse partijen te veel is en we gaan heroverwegen. De voorzitter: Dank u wel, u was aan het eind van uw termijn, dus ik neem aan dat dat nog steeds het geval is. Dan ga ik voor de bijdrage in tweede termijn naar de VVD, de heer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Ja, een plafond. Wij hebben natuurlijk al eerder aangegeven dat die bedragen in onze ogen niet reëel zijn. Er lijkt een meerderheid te zijn die het wel gelooft, dus de bedragen die het college noemt, zijn het plafond, voorzitter. Het college kan dit nooit presenteren als een tegenvaller. Wij hebben ze er in de commissievergadering op gewezen. En de conclusie die wij moeten trekken, is dat het hele plan eigenlijk nog op de tekentafel ligt omdat er nog van alles uitgewerkt moet worden. Er komt een heel projectteam. Ik heb daar ook geen dekking voor gezien in het voorstel. Dus de stap terug naar een ander plan, die tekentafel is er nog, is zo gemaakt. Ik hoorde ook nog bezwaren. Er zijn ook brieven verstuurd naar het college. Bijvoorbeeld de economische bezwaren worden helemaal niet in ogenschouw genomen. Ik hoorde van VNO-NCW dat zij nog in het geheel geen reactie hebben gehad van het college. Dat doet er blijkbaar niet toe voor dit college. We weten hoe wij erover denken, dank u wel voorzitter.
De voorzitter: Dan ga ik naar de fractie van OGP Midden-Delfland voor de tweede termijn. De heer Jongsma. De heer Jongsma: Allereerst bedankt voor de beantwoording van onze vragen en toezeggingen. Goed om te horen wat onze inwoners, ondernemers en de andere organisatie de komende periode mogen verwachten. We mogen er dus van uitgaan dat het college de komende periode zorgt dat het opstellen en uitwerken van een veiligheidsplan gebeurt met betrokkenheid van de omwonenden, de buurtpreventie, ondernemers, hulpdiensten, toezicht vanuit de gemeente en politie. En dat er dus een plan op maat wordt gemaakt voor het azc in Den Hoorn, waarbij iedereen weet wat er moet gebeuren en wie waar verantwoordelijk, maar ook aanspreekbaar voor is en waar het voor omwonenden en betrokkenen ook zichtbaar en merkbaar wordt, wordt uitgevoerd zoals besproken. Ten tweede, dat de afspraken die zijn verwerkt in de bestuursovereenkomst ook daadwerkelijk zichtbaar leiden tot wat vanuit het college is aangegeven. Maximaal 225 vluchtelingen in de samenstelling zoals afgesproken. Dan komt het antwoord op uw vraag, naar Mijn Partij. Geen extra kosten voor de gemeente op wat het COA moet regelen, afspraken over toewijzing van flexwoningen en goede voortgangsrapportages.
Met communicatie hierover, die ook volledig transparant is en beschikbaar is voor de inwoners van Midden-Delfland en Den Hoorn in het bijzonder. De voorzitter: U heeft een vraag van de heer Gebben, VVD. De heer Gebben: Een korte vraag, maar dat is misschien voor de begroting. U noemt eigenlijk geen plafond in mijn ogen, want u zegt 'er mogen geen extra kosten komen voor alles wat het COA moet regelen'. Dus begrijp ik het goed dat voor u € 0,00 het plafond is? De voorzitter: Daar mag u antwoord op geven en dan uw betoog vervolgen. De heer Jongsma: Ik stel dat er geen extra kosten voor de gemeente moeten zijn op wat het COA moet regelen. Het COA regelt heel veel, dat gaan we ook doen. En als er dan bijkomende kosten komen die aan de gemeente zijn toegerekend, wordt dat de gemeente toegerekend. Maar in principe is het zo dat het COA dit allemaal gaat betalen en dat is ook het uitgangspunt. De voorzitter: Dat leidt tot een vervolgvraag van de heer Gebben. De heer Gebben: Ik ben echt een beetje flabbergasted, want waar staat dat dan? Ik kan het niet vinden. En de tweede daaraan gekoppelde vraag is: als dat dan wel zo is, gaat u dan op de noodknop drukken?
De voorzitter: De heer Jongsma. De heer Jongsma: Zoals al eerder is aangegeven, gaan wij nog vaststellen wat dat plafond is, maar in principe hoort u mij ook al zeggen dat dat niet een heel hoog plafond of bijna nul als plafond is. Maar het moet wel een realistisch iets zijn. Dus daar kunnen we het over hebben. Want het is ook niet zo dat we maar…. Want we hebben al aangegeven dat de gemeente geen geld heeft. Dus dan kun je ook niet ineens van de gemeente verwachten dat ze hier heel veel geld aan uitgeeft. De voorzitter: Dat leidt wederom tot een vervolgvraag, mijnheer Gebben, stelt u hem maar. De heer Gebben: Nou nee, mijn eerste vraag is nog niet beantwoord, waar staat dan wat het COA gaat regelen en wat wij dan niet hoeven te betalen? Want het staat er gewoon niet in. Ik kan het echt niet vinden en ik zou toch graag willen weten waar de OGP Midden-Delfland dat gelezen heeft. De voorzitter: Mijnheer Jongsma, waar heeft u dat gelezen? De heer Jongsma: Ik kan niet precies nu aangeven waar ik dat gelezen heb, maar ik heb gelezen dat het COA gewoon de opvang van deze locatie voor rekening neemt. Dat is wat ik heb gelezen. Ik kan het niet precies nu reproduceren, maar dat is wat ik heb gelezen. De voorzitter: Mijnheer Ringeling wil u ook een vraag stellen, gaat uw gang.
De heer Ringeling: Om te voorkomen dat we langs elkaar heen praten en we die vage antwoorden gaan geven, kunt u – want u bent aan de beurt nu, met uw termijn, maar mijn termijn is al verstreken – aan het college vragen om een duidelijk overzicht van wat het COA gaat betalen en wat de gemeente zelf moet betalen, zodat we daar tijdens de begrotingsbehandeling over kunnen praten? De VVD heeft het eerder gevraagd. Maar ik wil er antwoord op voor de begrotingsbehandeling. Kunt u dat opnieuw vragen? De voorzitter: Dat doet mijnheer Ringeling slim, hè? Zijn termijn is voorbij en hij stelt een vraag aan u of u dat namens hem even kunt vragen. Daar mag u op reageren. De heer Jongsma: Voorzitter, ik constateer dat de heer Ringeling een heel slimme man is. En inderdaad, ik zal het college nogmaals vragen of het daar een overzicht van kan geven. Dat neemt niet weg dat… De voorzitter: Momentje, er is nog een interruptie van mijnheer Gebben. Als het op hetzelfde punt is, is dit uw laatste. De heer Gebben: Prima. U gaat vragen naar een overzichtje van wat het COA moet betalen en wat de gemeente moet betalen. Had de OGP Midden-Delfland dat niet beter vooraf kunnen doen? De heer Jongsma: Ja, maar ja… De voorzitter: Toch even voor de tribune, applaus doen we niet nu. Het gaat eventjes om de goede antwoorden en de goede vragen. Mijnheer Jongsma, daar mag u antwoord op geven.
De heer Jongsma: Dank u wel. Maar goed, als ik geïnterrumpeerd word, kan ik ook geen antwoord geven. Dat staat al in de stukken. Er is al een overzicht gemaakt van wat voor onze kosten komt en wat voor de gemeente komt. En op basis daarvan kunnen wij gewoon instemmen met dit plan. Dat hebben we al gedaan. Dus we kunnen het inderdaad nog een keertje bij de begroting bespreken, want er zijn inderdaad nog een paar dingetjes die we extra willen bespreken. Maar nogmaals, in het plan is al voldoende duidelijkheid gegeven dat het ons in principe geen geld kost. Goed. Dan wil ik graag door, als het mag voorzitter, met mijn derde punt. Dat is zorg dat de inrichting van de azc-locatie plaatsvindt met betrokkenheid, lees duidelijk participatie, van omwonenden en met oog voor de belangen van toekomstige bewoners van de extra flexwoningen,
met heldere afspraken vooraf waarover kan worden meebesloten en een inrichting die daar uiteindelijk ook aan voldoet. De voorzitter: Mijnheer Van der Eijk, wilt u ook nog een vraag stellen? De heer Van der Eijk: Ja voorzitter, dat wil ik inderdaad graag. OGP Midden-Delfland wil dat bewoners mee kunnen beslissen over de inrichting. Mogen de bedrijven ook meebeslissen over de inrichting van dit terrein, want er zitten ook bedrijven omheen. Dus wil de OGP Midden-Delfland ook dat de bedrijven ook worden gehoord? De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Jongsma: Ik wil de VVD bedanken voor die extra toevoeging. Uiteraard. Als ik 'inwoners' zeg, dan bedoel ik ook ondernemers, alle titels die er zijn, bedoel ik. Allen die belanghebbend zijn, doen uiteraard mee in dit verhaal. Een puntje dat ik hoorde daarstraks is dat we inderdaad ook moeten zorgen dat we Den Hoorn ruimhartig compenseren. Nu staat er in het stuk al dat het COA elk jaar € 150.000,00 beschikbaar stelt. Het lijkt me goed om dat in samenspraak met de omwonenden en de ondernemers gewoon daarvoor beschikbaar te stellen. Laat hen bepalen wat het beste is waar dat aan uitgegeven kan worden. Los van extra communicatie of zo, want dat lijkt me al een goede eerste stap. Wij hopen hiermee het vertrouwen in de lokale politiek te verbeteren en de ontstane kloof tussen een aantal inwoners en de gemeenteraad te verkleinen.
Fractie OGP Midden-Delfland heeft gemerkt dat er veel emotie is op dit dossier. Begrijpelijk, maar het valt ons zwaar dat dit soms is omgeslagen in dreigementen en daarmee een aanslag is op onze democratie. Dreigen om je zin door te drukken is wat anders dan een ander overtuigen van een bepaald standpunt. Fractie OGP Midden-Delfland wil benadrukken dat we ons bij onze afwegingen niet alleen hebben laten leiden door de informatie vanuit het college. We hebben ook kennisgenomen van de petitie, de zorg en de informatie van het bewonerscollectief. En individuele bewoners hebben we ook aangehoord. Maar we hebben ook zelf informatie ingewonnen. Zo zijn we op bezoek geweest bij meerdere azc's, hebben we woonbegeleiders, casemanagers, locatiemanagers en het COA zelf gesproken. We hadden ook graag inwoners van een azc willen spreken, maar dat is niet altijd mogelijk. Daarnaast hebben we verschillende burgemeesters en wethouders gesproken over de samenwerking met het COA. We hebben onze leden geraadpleegd en we zijn in gesprek gegaan met inwoners van Midden-Delfland die voor en tegen deze opvang zijn. Dit heeft de fractie OGP Midden-Delfland gesterkt om voor dit voorstel te kiezen. De voorzitter: Dan als laatste de fractie D66. De heer Vieira, aan u het woord. De heer Vieira: Dank u wel voorzitter, heel veel is al gezegd dus ik wil het niet al te lang maken.
Maar ik wil wel even ingaan op de locatiebezoeken die wij gebracht hebben. Wat ons betreft, is een vluchtelingenopvang gewoon een plek waar mensen die voor oorlog vluchtten een nieuwe start maken, de taal leren, leren hoe de maatschappij werkt, een basis leggen voor een nieuw leven, contacten opdoen. In die zin lijkt het op school. Het gaat soms de een beter af dan de ander. Er zijn soms spanningen. Ik ga een heel eind met mijnheer Ringeling mee die aangaf 'we staan aan het begin, betrek gewoon de inwoners. Dat kan echt veel beter'. Daar wil ik het voor deze termijn bij laten. De voorzitter: U krijgt geen vragen. Dan zijn we aan het einde van de tweede termijn. Ik heb eigenlijk maar één vraag gehoord en dat was de vraag van mijnheer Ringeling over het verschil in budget. Misschien heeft u zelf nog vragen gehoord, dan mag u ze ook beantwoorden. Portefeuillehouder Van Hemmen: Voorzitter, ik denk dat dat het goed is om even te beginnen met het punt zelfreflectie. Ik heb het bijzonder lastig gevonden in dit traject dat de burgemeester het hoofdonderwerp werd van deze casus. Wij hebben hier als gemeenteraad een besluit genomen, de raad heeft kaders gelegd, heeft richting gegeven. Dat was een opdracht aan het college. En u weet,…
De voorzitter: U zit recht voor me, maar toch een beetje in mijn dode hoek. U heeft een vraag van de heer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Voorzitter, is het niet zo dat de burgemeester toen hij als allereerste met dit plan naar de raad kwam om tot dit verzoek te komen, tegen de raad heeft gezegd 'dit is mijn plan, ik ga hiervoor staan en ik ga dit verdedigen'? Heeft de burgemeester… Waren dat niet ongeveer de eerste woorden die hij sprak toen hij met dit verzoek kwam naar de raad? De voorzitter: Gaat uw gang. Portefeuillehouder Van Hemmen: Voorzitter, alle verslagen staan online, iedereen kan het teruglezen welke woorden gekozen zijn door de burgemeester. De burgemeester heeft inderdaad initiatief genomen omdat er vorig jaar mensen buiten sliepen en dat het systeem helemaal in de soep loopt omdat heel veel bestuurders het heel spannend vinden om daar verantwoordelijkheid in te nemen. Toen heeft de burgemeester een besluit genomen om in gesprek te gaan met eerst de fractievoorzitter van de oppositie en de fractievoorzitters van de coalitie om advies te vragen. Ik denk dat het verstandig is dat we hier een rol in pakken omdat hier een groot maatschappelijk probleem in dit land is en daar kunnen wij een verantwoordelijkheid in nemen. Dat is niet begonnen met een dreigement. Dat is ook nooit het doel geweest van alle argumenten die gewisseld zijn.
Vervolgens hebben we met fractievoorzitters gesproken en daarna zijn we in een commissievergadering gaan spreken, in eerste instantie geheim. Ik heb de verslagen teruggelezen en de burgemeester heeft vanaf dag één, vanaf die commissievergadering gezegd 'deze stukken moeten openbaar. De samenleving heeft recht op de informatie die u hier deelt'. Dat heeft u toen gekozen. Ik ben er ongelooflijk trots op dat u dat gedaan heeft en dat u die openbaarheid ook gezocht heeft. Maar het lastige is op het moment dat je als portefeuillehouder aan de lat gaat staan bij een college dat in meerderheid besluit, dat je dan dus wel in de wind staat. Dat in de wind staan, betekent dus dat de burgemeester – en ik hou ervan mij aan de spelregels te houden die we met elkaar afgesproken hebben want als democratie hebben we nu eenmaal een aantal spelregels – in dit geval als portefeuillehouder ook het gezicht wordt. Daar zijn een aantal dingen gebeurd die oncontroleerbaar waren, maar wel gebeurd zijn. Dat begon met het lezen van de zaal op de bewuste maandagavond in september. Dat was een bijeenkomst die niet eens een schoonheidsprijs verdient. Dat was een heel vervelende avond voor iedereen. Voor de inwoners, voor het college, voor u als raad, maar ook voor mij als portefeuillehouder. Maar op dat moment sta je er wel.
En ik kies er dan niet voor om een avond te beëindigen, want je zit wel bij elkaar. Die avond heeft zijn functie gehad. Mensen hebben daar heel duidelijk kunnen maken wat ze wilden. Maar ons doel, kennisoverdracht, is daar niet gelukt. Dat komt doordat we de zaal verkeerd gelezen hebben en daar ben ik als portefeuillehouder verantwoordelijk voor namens het college. Dat vind ik echt ongelooflijk balen. Maar het spel dat daarna gebeurde, was gewoon niet meer te controleren. En dan is het heel lastig als je een voorstel naar de raad stuurt, conform de processen die we met elkaar afgesproken hebben, we dan het proces volgen en er dan een stuk bij de raad ligt, de raad is aan zet, en de burgemeester het hoofdonderwerp blijft. Op onderwerpen waarvan ik besluit om mij niet te verdedigen omdat u aan zet bent. Dat maakt het lastig en dat zorgt ook voor verkeerde beeldvorming. Dan probeer je dat in individuele gesprekken te corrigeren en dat lukt dan niet. Dat zijn dingen waarvan ik echt niet weet hoe dat nog anders had gekund. Maar als ik iets over had mogen doen, was het die specifieke avond, want die had veel beter moeten zijn en dat betreur ik echt. Dat is hopelijk voldoende zelfreflectie voor u als raad. Maar daar wil ik het wat dat betreft qua zelfreflectie even bij laten. Dan over communicatie en geld.
Het traject dat we gelopen hebben, was met name vanwege die bewonersbijeenkomsten, duur. Daar heb je ook communicatieadviseurs bij nodig omdat we die ervaring niet in huis hebben. Dat betekent dat het dus duurder is. Maar in de periode hierna zullen we dat vooral uit de lopende portefeuilles doen omdat dat gewoon onderdelen zijn van het werk dat we toch al doen. Dat is de reden dat er dus een lager budget nodig zal zijn. Een lager extra budget. Als het gaat over de kosten waarvan u vraagt die bij de begroting te bespreken, is dat te kort dag. De begroting is op 7 november a.s. Als u op 7 november al een doorwrocht plan wilt hebben waar het geld ook volledig bij uitgewerkt is, is dat niet mogelijk. Op het moment dat het plan er is, en ik zal zorgen dat het college u zo snel mogelijk een procesvoorstel toestuurt zodat u precies weet
waar u aan toe bent, zal dat eventueel met een tussentijdse begrotingsbehandeling aangepast kunnen worden op het moment dat u daar behoefte aan heeft. Maar laten we afspreken dat we op het moment dat de stukken goed doorwrocht zijn, we dan daar als raad mee spreken. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Ringeling. Stelt u uw vraag. De heer Ringeling: Ik kan u heel goed volgen als u zegt 'de piek van de communicatie is geweest, maar nu gaan we naar een wat meer steady communicatie'. Maar bent u het met me eens dat we een inhaalslag te maken hebben ten aanzien van afgelopen jaar of dit jaar, dat er veel mis is gegaan en dat de bewoners een informatieachterstand hebben en nog boos zijn. Vindt u niet dat we een inhaalslag moeten maken om dit recht te kunnen trekken alvorens we verder kunnen? Portefeuillehouder Van Hemmen: Voorzitter, daar ben ik het helemaal mee eens, maar dat is wat anders dan dat we een grote zaal vullen en daar dus veel kosten kwijt zijn aan professionele ondersteuning. Ik denk dat we in het vervolg veel kleinschaliger zullen werken, wat per definitie goedkoper is, omdat het hier bijvoorbeeld in het gemeentehuis kan, omdat het ook met eigen ambtenaren kan, omdat het ook over de expertise gaat die we wel in huis hebben. Dat is de reden waarom ik vermoed dat het bedrag gewoon voldoende is. Ik bedoel, daar sta ik nog steeds voor.
Maar ik kan me heel goed voorstellen dat u zegt 'er is wel iets extra's nodig'. En als dat het geval is, moeten we het daar gewoon met elkaar over hebben. En dan kunt u daar als raad voor zorgen, eventueel met een tussentijdse begrotingswijziging, om daar nog iets op aan te pakken. Ik vind het ingewikkeld dat de burgemeester op het moment dat hij… Ja, ik heb ervaring in dit dossier en ik kan u vertellen dat het de derde keer is dat ik moeilijke doelgroepenopvang mag organiseren in de afgelopen 17,5 jaar. Ik kan u vertellen, dat is altijd anders. Dat gaat over andere doelgroepen. Het gaat over andere tijden en het gaat over andere culturen. Het is geen stempelmachine die je makkelijk uitrolt. Daarom hebben we maatwerk geprobeerd. Ik heb net al wat gezegd over het resultaat daarvan. Ik vind het heel lastig dat het in deze raad soms nodig is om nog een keer te benoemen dat er zoveel ervaring zit, terwijl ik eerder gewezen ben op het feit 'het is de bedoeling dat dat helemaal niet relevant is'. We zitten hier als burgemeester voor Midden-Delfland en zo wil ik er ook graag in staan. Ik hecht er toch aan om dat nog even te zeggen. Dan. Volgens mij heb ik alles gezegd wat ik wilde zeggen voorzitter, en die ene vraag beantwoord volgens mij. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we gekomen aan het einde van de tweede termijn inclusief de beantwoording van het college.
Dan gaan we dit voorstel in stemming brengen. Zijn er nog stemverklaringen, wordt mij ingefluisterd. Dat is een terechte vraag. Momentje. Portefeuillehouder Van Hemmen: Ik vergeet een klein detail. Mijn collega wees me erop dat ik in de beantwoording van de eerste termijn over de tekst in het bestuursakkoord niet duidelijk genoeg geweest ben. De tekst over 'de instroom is leidend' staat op twee plekken en die wordt op twee plekken geschrapt. Dat is wel goed om nog even te benadrukken, zodat u dat ook helder heeft. De voorzitter: Dat was nog een nuttige toevoeging, zo aan het eind. Dank daarvoor. Ik stelde de vraag 'is er behoefte aan een stemverklaring? Want dan moet die uitgesproken worden.' Die behoefte is er niet. Dan gaan we over tot hoofdelijke stemming op dit agendapunt. En van u wordt gevraagd – ik ga het er toch eventjes goed bij pakken – om kennis te nemen van het onderzoek. Het college opdracht te geven de opvang en het flexwonen te realiseren conform het voorstel dat nu voorligt. Diverse financiële mutaties te verwerken in de komende periodieke begrotingswijziging. Het college opdracht te geven de raad elk kwartaal op de hoogte te houden van de voortgang. Dat zijn de vier beslispunten die van u gevraagd worden en we gaan dat hoofdelijk doen. Dan mag ik als eerste een nummertje trekken en daarnaast gaat het alfabetisch.
Dat betekent dat uw naam wordt opgenoemd en dat u als raadslid dan moet zeggen of u voor of tegen het voorstel bent. En we beginnen bij nummer 6. Nummer 6, is mevrouw Langeveld. Mevrouw Langeveld: Ik stem voor het voorstel. De heer Van Lier: Tegen.
De heer Moerman: Tegen. De heer Van Rijs: Voor. De heer Ringeling: Voor. De heer Roeling: Tegen. De heer Ruiterman: Tegen. De heer Scholtes: Voor. De heer Van der Spek: Tegen. De heer Vieira: Voor. Mevrouw Van 't Westeinde: Voor. De heer Zwaard: Voor. De heer Van der Eijk: Tegen. de heer Gebben: Tegen. De heer Jongsma: Voor. De heer Knaap: Voor. Mevrouw Koppert: Voor. De voorzitter: Dan constateer ik dat het voorstel met 10 stemmen voor en 7 stemmen tegen is aangenomen. Ik doe dat met de hamer, zo. Het voorstel wordt aangenomen met tegenstemmen van de fracties VVD en Mijn Partij.
5.
Motie van treurnis: rol burgemeester in proces opvang asielzoekers (VVD en MP)
We hebben nog een vijfde agendapunt en dat is het stemmen over de motie ingediend door fracties VVD en Mijn Partij. Motie van treurnis De rol van de burgemeester in het proces opvang asielzoekers. Dat doen we gewoon bij handopsteken. De vraag is: wie van de raadsleden steunt deze motie? U heeft nog een ordevoorstel, mijnheer Zwaard? De heer Zwaard: Ja dank u wel voorzitter. Ik zou toch even een korte schorsing willen want ik ken het hele voorstel namelijk nog niet. De voorzitter: Ik begrijp van de griffier dat het in iBabs staat ondertussen. De heer Zwaard: Dat snap ik, maar daar… De voorzitter: Oké, dan schors ik even voor vijf minuten. Is dat genoeg? Vijf minuten schorsing en dan gaan we daarna de motie in stemming brengen. Schorsing De voorzitter: Neemt u plaats en dan gaan we verder met de vergadering, althans, het laatste stukje ervan. Goed. Als ik nog even de aandacht mag als uw voorzitter? Het verzoek is gekomen van een aantal fracties om ook nog wel eventjes iets te kunnen zeggen over de motie en wat de fracties daarvan vinden, dus ik ga gewoon even netjes het rondje af voor degenen die daar vanuit
hun fractie eventjes een stukje toelichting op willen geven. Mijnheer Ringeling, wilt u nog iets zeggen over de motie en wat u daarvan vindt en wat u daarmee gaat doen? De heer Ringeling: Er staan een paar goeie dingen in die motie, maar het overgrote deel ondersteunen wij niet, dus wij zullen tegen de motie stemmen. De voorzitter: Mijnheer Vieira, u had die behoefte ook? De heer Vieira: Ja, want de motie zegt iets over de communicatie en regie, maar er staat ook 'de burgemeester heeft de raad onnodig onder druk gezet'. We hebben dat niet zo ervaren, dus wij stemmen tegen. De voorzitter: Mijnheer Van der Eijk, wilt u nog iets zeggen over uw eigen motie? De heer Van der Eijk: Ja voorzitter, ik wil graag zeggen dat de VVD deze avond ook ergens voor gaat stemmen. De voorzitter: Mijnheer Jongsma. De heer Jongsma: Ja, jammer dat het op het verkeerde punt is, wat mij betreft vanuit OGP Midden-Delfland naar de VVD. Wij sluiten ons aan bij wat D66 al heeft gezegd, wij stemmen ook tegen deze motie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Zwaard heeft geen behoefte aan toelichting? Mijnheer Roeling, heeft u nog behoefte aan een toelichting op de motie? U heeft hem zelf ingediend. Dan gaan wij de motie in stemming brengen en dan is de vraag wie van u voor deze motie is. Ik noteer dat de fracties VVD en Mijn Partij voor deze motie stemmen.
De overige fracties tegen en daarmee is deze motie niet aangenomen. De motie wordt verworpen met stemmen voor van de fracties Mijn Partij en VVD. Voordat ik de vergadering sluit, heb ik een verzoek van de heer Van der Eijk of hij een slotwoord mag zeggen, dus die gelegenheid geef ik hem bij dezen. De heer Van der Eijk: Vandaag is het voorstel tot de vestiging van een groot azc in Den Hoorn met een krappe meerderheid door de gemeenteraad aangenomen. De VVD moet een democratisch genomen besluit, hoe ondoordacht en gebrekkig dan ook, respecteren. De VVD wil, kan en zal geen verantwoordelijkheid dragen voor dit besluit en wij zeggen dan ook de samenwerking met de coalitie op. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor deze mededeling. Dat betekent ongetwijfeld een vervolgproces, maar daar gaan we het nu niet over hebben.
6.
Sluiting
De voorzitter: Ik ga deze vergadering sluiten, maar niet voordat ik in ieder geval alle aanwezigen, de raadsleden, het college, de pers, de inwoners en de insprekers mijn complimenten heb gegeven over hoe deze vergadering is verlopen. Het is met respect gegaan. Mensen hebben hun woordje kunnen doen, hebben hun zegje kunnen doen en dat doet mij erg veel deugd. Het heeft mijn werk als voorzitter ook een stuk makkelijker gemaakt, maar heeft vooral de inwoners van MiddenDelfland de dienst bewezen dat ze deze vergadering goed hebben kunnen volgen. Ik dank u allen. Ik sluit deze vergadering en wij zien elkaar vast weer een keer. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 12 december 2023 de griffier, A. de Vos
de voorzitter, drs. A.P.J. van Hemmen