Vsl raad 2023 m 10 d 25
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 25 oktober 2023, 19.30 uur. Voorzitter
: de heer N.C. Knaap, vicevoorzitter
Griffier
: A. de Vos
Aanwezig : de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA) de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer N.J. Ruiterman (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), mevrouw V. van 't Westeinde (CDA) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
:-
Tevens aanwezig: de heer drs. A.P.J. van Hemmen, mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, mevrouw W. Renzen-van Leeuwen, de heer F.A. Voskamp, wethouders, mevrouw L. Baruch, de heer R. Hedges, de heer S. Kerklaan, de heer G. Mattijssen, de heer A. Valkenburg, mevrouw A. Verleg, de heer J.W.M. Vis, insprekers
1. 2.
Opening van de vergadering Vaststellen van de agenda
De voorzitter: Goedenavond aanwezigen, het is stipt 19.30 uur dus we gaan beginnen. We beginnen met een raadsvergadering met één onderwerp op de agenda en dat is de opvang van vluchtelingen en de mogelijkheid tot het realiseren van flexwoningen in Midden-Delfland. Voordat we beginnen, misschien even een kleine toelichting. Ik zit hier vanavond als uw voorzitter van de raad. Dat heeft een heel eenvoudige reden: de normale voorzitter is de burgemeester en die is vandaag portefeuillehouder dus die is druk met andere zaken. Dan gaan we altijd het rijtje af naar het langstzittende raadslid, dat is de heer Roeling die heeft een rol als woordvoerder vanavond namens zijn fractie. Dan zoeken we naar een andere voorzitter en de dobbelsteen, nou ja, niet echt, maar het verzoek is aan mij gedaan of ik het deze avond wil doen. Dat doe ik graag. Daarbij zeg ik vooraf dat ik dus de hele avond uw neutrale voorzitter ben, tot op het allerlaatst, dat zeg ik even specifiek voor de aanwezigen die niet gewend aan dit soort constructies, dan mag ik meestemmen. Dat is omdat ik raadslid ben en omdat ik normaal aan die kant zit. Die taak mag ik helemaal aan het eind van de vergadering alleen doen bij het stemmen over het voorstel. Dan weet u dat vast en is dat niet een soort van verrassing.
Welkom allemaal, welkom aan de raadsleden, welkom aan het college en welkom aan de ondersteuning, de griffie, de insprekers, de pers en de belangstellenden op de publieke tribune hierboven en de belangstellenden die via de webcast kijken. En in de kantine, inderdaad. Dat is ook een soort van webcast. We gaan vandaag zorgen voor een zo goed mogelijk te volgen vergadering voor de mensen die hier zijn en die meekijken, omdat we denken, ook als raad, dat dat belangrijk is voor het navolgbaar zijn van de besluitvorming die vanavond gaat plaatsvinden. Dus ik zal u ook tussendoor af en toe even meenemen in wat de volgorde van de raadsvergadering is. Ik open ook de vergadering hiermee en we beginnen even met een verzoek vanuit de raad zelf om namens de raad ook eventjes iedereen toe te spreken. Die taak ligt bij de heer Roeling die als langstzittend raadslid die taak op zich heeft genomen. Hij wil kort even het woord om u toe te spreken. De heer Roeling: Waar gaat dit over? Wij hebben tot vanavond over dit onderwerp veel reacties ontvangen en vaak, heel vaak, waren die constructief, kritisch en opbouwend, dank daarvoor. Toch waren er enkele mensen die het nodig vonden om in de persoonlijke levenssfeer van burgemeester en raadsleden te treden en daar is dit verzoek met name aan gericht. Zoals gezegd door de voorzitter, ik sta hier namens de gehele raad.
Dat heet nestor, dat komt nooit voor, maar vanavond wel.
Voorzitter, de raad is het hoogste orgaan van de gemeente, zo staat in de Grondwet. De raad heeft als taak om besluiten te nemen die de belangen van de gemeente en haar inwoners raken. Dat is geen lichte taak. Alle zeventien door de bevolking gekozen raadsleden doen dit naar eer en geweten vanuit een gezamenlijk gedragen verantwoordelijkheidsgevoel. De beslissingen van de raad zijn gebaseerd op het algemeen belang en dat is meer dan een persoonlijk belang van een inwoner of een groep inwoners. De raad baseert haar beslissingen op basis van documenten en voorstellen en daarmee dus op de inhoud en niet op de persoon. Het voorstel dat vanavond voorligt heeft reacties teweeggebracht. Enkele raadsleden en de burgemeester hebben reacties ontvangen die puur op de persoon zijn gericht en intimiderend en dreigend van taal waren. Dat is intriest en schandelijk! Deze berichten raken niet alleen de ontvangers van de berichten, maar ook alle andere raadsleden en daarmee dus de gemeenteraad als bestuursorgaan. De berichten zijn daarmee dus ook schadelijk voor onze democratie. De leden van de raad zijn ook inwoners: het zijn uw buurman of buurvrouw, het zijn leden van uw vereniging of club, het kan de persoon voor of achter u bij de kassa in de supermarkt zijn.
Namens de gehele raad spreek ik uit dat het de afzenders van deze intimiderende berichten en bedreigingen zeer kwalijk wordt genomen dat men zover is gegaan. Men moet zich schamen om op deze wijze de democratische besluitvorming te beïnvloeden. Ik sluit af met een oproep. Degenen die de lef hebben gehad om raadsleden en de burgemeester in woord en geschrift te intimideren of zelfs te bedreigen, verzoek ik dringend om nu de moed te tonen om sorry te zeggen. Dit is het formele verhaal. Ik kan wel meedelen dat wat hier gebeurd is voor de politie aanleiding was om te zeggen 'die mensen komen in aanmerking voor een goed gesprek'. Dat die gesprekken nog of nog niet hebben plaatsgevonden, komt door diezelfde raadsleden die aangegeven hebben dat niet, of nu niet te doen. Dank u wel. 3. Inspreekmogelijkheid voor belangstellenden De voorzitter: Het eerste deel van deze vergadering staat in het teken van insprekers in de raad. Er hebben zich zeven insprekers aangemeld die allen vijf minuten inspreektijd krijgen. De gebruikelijke manier van doen is dat de inspreker de tijd krijgt om zijn hele betoog af te maken en daarna is het verzoek aan de inspreker om te blijven staan, want mogelijk leven er bij de raad nog vragen die aan een inspreker gesteld kunnen worden. Ik zeg er altijd bij, als u het antwoord niet weet als inspreker, is dat ook goed, dat kunt u gewoon zeggen.
U staat hier niet als raadslid, u hoeft geen debat aan te gaan, u hoeft niet alles te weten, maar het kan zijn dat er nog een vraag is als 'wat bedoelt u hiermee?' of 'wat wilt u dan precies?' Daar mag u dan antwoord op geven. We gaan netjes het rijtje af en ik begin bij de heer Hedges die als eerste namens het bewonerscollectief volgens mij het woord zal voeren. Hij weet hoe het werkt ondertussen dus ik hoef hem niets meer uit te leggen. De heer Hedges: Goedenavond allemaal. Dank voor de gelegenheid om de raad te mogen toespreken, en uiteraard ook het college. Velen zeggen dat u voor een lastige taak staat om vanavond te stemmen. Vanuit het bewonerscollectief vinden wij dat, eerlijk gezegd, wel meevallen. U wordt vanavond namelijk niet gevraagd of Midden-Delfland asielzoekers wil opvangen, u wordt gevraagd of het voorstel dat er nu ligt de juiste voorwaarden creëert en of dat de juiste voorwaarden zijn om dat te doen. Daarnaast heeft u als raadslid een controlerende taak naar het college. U borgt daarmee ook dat processen goed verlopen en beginselen gevolgd worden. U kent ons standpunt: Midden-Delfland moet wel degelijk asielzoekers opvangen, maar dit voorstel is niet goed genoeg, om nog maar te zwijgen over keuzes in taalgebruik, communicatie en proces. Het is spijtig om te horen dat raadsleden dat ook aan de andere kant hebben moeten ervaren.
U kent onze argumenten waarom we tegen grootschalige opvang op een locatie zijn, zoals wij ook de argumenten voor kennen. Ik maak gebruik van de gelegenheid toch nog twee nieuwe punten in te brengen waar hopelijk nog een antwoord op zou kunnen volgen. Ten eerste: de gemeentesecretaris heeft ons afgelopen maandag verteld dat er gewerkt wordt aan verwijdering van de zin 'Instroom is leidend' en dat dat zinnetje uit de overeenkomst COA-MiddenDelfland gehaald zou halen. We zijn wel benieuwd of dat gebeurd is. Recent sprak ik een aantal OGP Midden-Delflandraadsleden en zij vertelden dat dat ook schriftelijk bevestigd was door het COA. U begrijpt waarom ik u hierop wijs. Er is toegezegd dat er regie op de doelgroep zou zijn
maar de overeenkomst wijst anders uit en dat sluit aan bij de input die wij zelf van het COA gekregen hebben. Een tweede punt dat ik toch even ter sprake wil brengen, zijn de randvoorwaarden voor succesvol samenwonen tussen startende jongeren en asielzoekers. Wij zien dat die ontbreken. Deze informatie hebben wij u toegestuurd. Volgens de VNG zijn er wel degelijk succesvolle voorbeelden, en gelukkig maar. Alle succesverhalen betreffen kleinschalige opvang, strakke regie op de doelgroep, een-op-eenverhouding van asielzoekers en overige bewoners. Wat schetst onze verbazing? Wij doen het tegenovergestelde. En als we dat onder de aandacht brengen, krijgen we reacties als 'dan zetten we de starters toch apart en geven we ze een eigen ingang'. Wij vinden dat typerend voor hoe omgegaan wordt met zorgen en constateringen. Ons collectief is door enkele raadsleden, alsmede door de portefeuillehouder, verweten dat we onmenselijk zijn en dat we weinig respect hebben gehad tijdens het voeren van onze campagne. Specifiek kom ik even terug op de uitspraak toen ik benoemd heb bij de vorige commissievergadering dat de heer Van Hemmen een leugen had gedeeld met ons. Hier is onze reactie daarop: als je respect toont, ontvang je respect.
Waar is het respect naar de onteigende oud-bewoners van de Harnaskade door nu voor mogelijk tien jaar lang asielzoekers en starters op deze locatie op te vangen? Waar was het respect naar de bezoekers van de bewonersbijeenkomst van 18 september jl. toen Fridtjof de Haan de avond mocht modereren? Waar was het respect naar de bewoners van Den Hoorn om de locaties geheim te houden? En nu ze openbaar zijn, ontbreekt de lijst van 42 locaties. Waar is het respect als er aan een buurtbewoner wordt verteld dat een tegenstem kan leiden tot een tweede Ter Apel? Waar was het respect toen tegen ons gezegd werd 'er kan mogelijk een centrum van 5000 mensen gerealiseerd worden'? Waar is het respect naar alle inwoners van Midden-Delfland als je vier dagen na een bewonersbijeenkomst alle stukken publiceert, zodat dit niet besproken kon worden op de bewonersbijeenkomst? Waar is het respect naar alle inwoners van Midden-Delfland door geen financiële doorrekening toe te voegen en überhaupt geen waterdichte overeenkomst aan te bieden? En tot slot, waar is het respect naar zowel raadsleden als de bevolking, als de conceptovereenkomst in juli al in bezit is en deze pas op 22 september gedeeld wordt? Voor ons is het klip-en-klaar: het hele proces is zo ingericht dat kritische raadsleden en bezorgde burgers zo min mogelijk de gelegenheid hebben gehad om het proces te vertragen of stoppen.
Het vertrouwen tussen de gemeente en de inwoners van Midden-Delfland, en specifiek Den Hoorn, is op een absoluut dieptepunt beland. De portefeuillehouder is hiervoor verantwoordelijk en sommige gemeenteraadsleden en fracties stonden erbij en keken ernaar. Tegen stemmen past bij de ontstane situatie. Toch lijkt het erop dat er straks voor gestemd wordt. En dan zal Den Hoorn minimaal vijf, maar waarschijnlijk tien jaar lang asielzoekers gaan opvangen. Beste raadsleden, kijk mij aan als ik u het volgende vertel: Als Den Hoorn tien jaar lang de kastanjes uit het vuur haalt voor Midden-Delfland, als Den Hoorn straks toch de schouders eronder zet om er een succes van te maken, dan staat daar een prijs tegenover. Den Hoorn moet gecompenseerd worden. U gaat ervoor zorgen dat de gemeente dit goedmaakt met Den Hoorn en de inwoners. Of dat nu gaat over extra inzet van wijkagenten, of nieuwe prullenbakken, geluidschermen, meer groen of De Hoornbloem, u heeft wat goed te maken met de inwoners van Den Hoorn en waag het niet hierin te verzaken indien u voor stemt. Dank voor uw tijd. De voorzitter: Ik kijk even rond naar de leden van de gemeenteraad of er leden zijn die een vraag willen stellen aan de heer Hedges. Die is er, van mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Allereerst dank voor uw inspreken en dank dat u dat gedaan heeft.
Ik zou willen vragen: wat bedoelt u met uw laatste zin 'waag het niet'? Hoe wilt u dat invullen, hoe moeten we dat interpreteren? Kunt u ons daarin meenemen? De heer Hedges: Ik spreek u gewoon aan op uw verantwoordelijkheid als raad maar ook als college, om te controleren dat er een goede en een echte poging gedaan wordt om het goed te maken met de bewoners van Den Hoorn die het idee hebben dat ze in de kou staan en dat ze in de steek zijn gelaten indien er voor gestemd wordt en er niet geluisterd is naar de mensen, de zorgen,
het onderzoek niet goed is uitgevoerd. Ik wil benadrukken dat u een verantwoordelijkheid heeft om het goed te maken. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere raadsleden? De heer Ringeling. De heer Ringeling: Dank voor het inspreken. Ik ga niet beginnen met 'waag het niet'. Maar ik wil u wel vragen, als die handschoen inderdaad wordt opgepakt door de gemeente, bent u, is het bewonerscollectief dan bereid ook daarin mee te doen? De heer Hedges: Het is wellicht nog te vroeg voor die vraag. Daar hebben we het natuurlijk ook met elkaar over gehad. We zijn daar nog niet over uit, maar we merken wel dat wij veel vertrouwen hebben van onze mede-dorpsgenoten en van mensen in de gemeenschap dus het is niet ondenkbaar dat we daar ook een rol in kunnen en willen spelen. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere vragen aan de inspreker? Die zijn er niet, dan bent u van uw taak ontslagen, voorlopig. Dan gaan we naar de volgende inspreker, dat is mevrouw Verleg. U heeft het ook al eens gedaan dus ik hoef het niet verder uit te leggen. Gaat uw gang. Mevrouw Verleg: Beste raadsleden, allereerst bedankt dat u wederom naar mijn input wilt luisteren. Ik realiseer mij dat u allen al besloten heeft of u voor of tegen het voorgenomen plan gaat stemmen en dat ik met mijn betoog van vandaag daar geen verandering in ga brengen.
Toch kies ik ervoor om hier wederom te staan en zal ik proberen onder woorden te brengen wat de periode in aanloop naar deze stemronde met de samenleving in Midden-Delfland en dan specifiek in Den Hoorn heeft gedaan. Ik wil graag starten met de vraag die mevrouw Lamain tijdens de commissievergadering aan u stelde: wat voor een gemeente willen wij zijn? Een gemeente die zijn deuren sluit voor mensen in nood of een gemeente die iets wil betekenen voor deze mensen? Deze vraag heeft u wat mij betreft in november 2022 al beantwoord, u gaf namelijk op dat moment de commissie het vertrouwen om de mogelijkheid tot het plaatsen van een asielzoekerscentrum te onderzoeken. U gaf toen aan dat u iets wilde betekenen voor deze mensen en u gaf toen aan wat voor een gemeente wij willen zijn. Dank daarvoor. Vandaag stel ik u opnieuw dezelfde vraag maar binnen een andere context: wat voor een gemeente willen wij zijn? Willen wij een gemeente zijn die ten koste van de betrokkenheid, harmonie en saamhorigheid binnen de gemeenschap dit plan doorgang laat vinden? Of willen wij een gemeente zijn, waarin wij deze waarden kunnen behouden en de vluchtelingen een waardig onderkomen bieden? Dit kan wat mij betreft namelijk allebei. De afgelopen weken is er veel onrust ontstaan onder de bewoners van Midden-Delfland.
Niet alleen bewoners van Den Hoorn komen door dit plan tegenover elkaar te staan, maar ook bewoners van Den Hoorn en de bewoners van Schipluiden en/of Maasland komen recht tegenover elkaar te staan. Naast de spanningen onder de bewoners, zijn er zelfs raadsleden – het is net al genoemd – die bedreigingen hebben ontvangen. Deze raadsleden moeten nu stemmen over een plan, dat door het gebrek aan openheid en transparantie het vertrouwen in de lokale politiek tot een nulpunt heeft gebracht. Een plan dat in deze vorm, met deze grootschaligheid, te veel impact heeft op onze gemeenschap. Een plan dat er niet had hoeven liggen wanneer er in februari 2023 geluisterd was naar de inwoners. Mevrouw Langeveld had in de commissievergadering een terechte opmerking. Zij zei: wij moeten opletten dat ons gevoel van saamhorigheid niet verzwakt omdat wij steeds onverschilliger staan tegenover het lot van anderen. En ja, het is gebeurd, het gevoel van saamhorigheid in MiddenDelfland is verzwakt, maar niet omdat wij steeds onverschilliger staan tegenover het lot van anderen. Nee, de bevolking van Midden-Delfland is bang dat we het saamhorigheidsgevoel in deze mate, met deze grootschaligheid niet kunnen waarborgen.
Daarnaast heerst er tevens het gevoel dat het college onverschillig omgaat met het lot van de bewoners van Midden-Delfland, dat het college zijn verantwoordelijkheid niet pakt om hiernaar om te kijken. Het overgrote deel van de gemeenschap geeft namelijk aan niet achter dit plan te staan. Ook hier moet verantwoordelijkheid voor genomen worden. Hier moet naar geluisterd worden en hier moet naar gehandeld worden. Hier kan niet onverschillig mee omgegaan worden. Graag wil ik mijn betoog eindigen – ik praat graag in metaforen – met het verhaal van de haas en de schildpad. In dit verhaal houden de twee dieren een wedloop. De haas denkt makkelijk te
kunnen winnen en spant zich nauwelijks in, onderweg denkt hij zelfs een dutje te kunnen doen. Wanneer de haas wakker wordt, heeft de schildpad de finish al bereikt. Het college is in dezen de haas, vanaf het begin was het van mening dat de grootschalige opvang in Midden-Delfland de enige juiste vorm zou zijn en dat het met dit plan de finish wel zou halen. Het college heeft nauwelijks inspanningen verricht om andere alternatieven goed te onderzoeken en is in slaap gevallen toen de gemeenschap de input gaf. Zij zullen met dit plan niet op een waardige manier de finish kunnen bereiken. Een plan waar zo veel verschillende partijen tegenzijn zou geen doorgang mogen vinden en zou zeker de finish niet mogen halen. Eigenlijk zou ik willen zeggen: deze deelnemer zou gediskwalificeerd moeten worden. Raadsleden, ik hoop dat u de schildpad wilt zijn. Loop rustig door, maak gebruik van de input van de gemeenschap en zorg dat u op een gedegen en waardige manier de finish kunt bereiken, het eindstation, oftewel het opvangen van vluchtelingen, passend bij de waarden van Midden-Delfland. Ik dank u wederom voor uw aandacht. De voorzitter: U mag ook even blijven staan en dan kijk ik of er raadsleden zijn die u een vraag willen stellen. Die zijn er niet. Dan mag u weer plaatsnemen, dank u wel.
Dan gaan we door naar de derde inspreker, de heer Mattijssen die volgens mij ook inspreekt namens het bewonerscollectief. Heb ik dat goed? Ook voor u geldt, u heeft vijf minuten en blijft u na afloop even staan. Gaat uw gang. De heer Mattijssen: Goedenavond, ik wil beginnen te zeggen dat ik ongeacht de uitkomst van de stemming vanavond, trots ben op wat we met het bewonerscollectief in een relatief korte tijd hebben bereikt. Verder ben ik dankbaar dat we in alle rust ons werk hebben kunnen doen, zonder dat de politie op ons is afgestuurd. Dat gezegd hebbende ben ik teleurgesteld hoe het proces verder gelopen is. Want hoewel het bieden van een toevluchtsoord aan degenen die in nood zijn, nobel klinkt, zijn er belangrijke zaken die we hier niet kunnen negeren. Ten eerste is dat het proces waarmee het voorstel tot stand is gekomen. Maar ten tweede rammelt ook het voorstel zelf dat er nu ligt op vier belangrijke punten: juridisch, financieel, veiligheid en locatie. Ik begin met het locatieonderzoek. Misschien wel de grootste aanfluiting in dit hele proces. Het niveau waarop dit is uitgevoerd is teleurstellend. We moeten het doen met een Excelsheet met her en der groene en rode vinkjes en verder geringe toelichting. Het roept meer vragen op dan het antwoorden geeft.
Daar komt nog bij, over welke locaties het dan ging, was maandenlang 'top secret', maar gisteren werd het onderzoek dan eindelijk openbaar. Dat gebeurde pas nadat een anonieme bron dat al grotendeels had gedaan, een dapper iemand, die wel een geweten naar de bewoners toe had. Niemand mocht weten dat vorig jaar al vaststond dat uit het onderzoek de locatie Harnaschdreef moest komen, want dat is ons wel duidelijk geworden de afgelopen tijd. Het is knap dat het is gelukt de criteria van de Excelsheet in te vullen voor zogenaamde gespreide variant terwijl daar helemaal geen werkelijke locaties aan gekoppeld zijn, er staat slechts een voorbeeld genoemd. En dan het criterium 'niet in het groene landschap'. Dus het mag niet op de plek van de ijsbaan in Schipluiden, want dat is in het groen. Dat grasveld is voor onze groene partij blijkbaar heilig, maar inmiddels groeit er al net zoveel gras op de Harnaschdreef. Het zou deze partij sieren als ze ook in participatie naar de burgers toe eens wat meer principes zouden hebben, want zoals er tot nu in deze case door de gemeente met de inwoners van Den Hoorn is omgegaan, is ook een gebrek aan menselijkheid.
Vragen die bij het lezen van het onderzoek opkomen, zijn: is het niet veel goedkoper om bestaande gemeentegrond te gebruiken in plaats van € 9 miljoen uit te geven? Zijn toekomstige bewoners van het azc, waaronder dus ook eigen inwoners van Midden-Delfland, niet beter af met een plek in een gezondere leefomgeving dan de Harnaschpolder? Een plek waar de vroegere bewoners door de gemeente zijn uitgekocht c.q. weggepest omdat het geen geschikte omgeving meer zou zijn om te wonen. Nu gaan we daar tien jaar lang woningen neerzetten? Overigens wil ik benadrukken dat we OOK geen voorstander zijn van een groot azc in Schipluiden, het was slechts als voorbeeld bedoeld om de inconsistenties in het onderzoek aan te tonen. Dan als laatste het draagvlak. Hier is al veel over gezegd. Onder de inwoners ontbreekt het, maar ook in de raad is het er onvoldoende naar onze mening. Want wat hebben we dan straks als we
gaan stemmen over het plan? 9 stemmen voor, 8 stemmen tegen? Wat is dat voor een basis? Ook dat zou al een duidelijk signaal moeten zijn. De vorige keer gaf de burgmeester aan zijn best te willen doen om het vertrouwen te herstellen met de inwoners. Als de burgemeester denkt dat het vertrouwen met de inwoners nog te herstellen is door aan het einde van dit proces de bewoners te laten aanschuiven om mee te bepalen welk bomen er geplant mogen worden of welke kleur fietsenrek, dan heeft hij het mis. Wat nu gebeurd is, is alleen nog te repareren door het proces helemaal opnieuw te beginnen, en dan samen met de bewoners van alle drie de kernen en de nieuwe burgemeester, precies zoals Mijn Partij het heeft voorgesteld twee weken geleden. Want wat de inwoners van Midden-Delfland minimaal verdienen, is een eerlijk en transparant proces. Het vertrouwen in de politiek is op dit moment namelijk al schrikbarend laag. Ondertussen dendert alles gewoon door, geen bereidheid tot kijken naar alternatieven en geen compromis. Alles voor het plan dat er al lag, alles voor het zogenaamde groen, alles om een schuldgevoel, dat sommige raadsleden hebben richting vluchtelingen, af te kopen. En de inwoners van Den Hoorn? Die betalen hiervoor strak letterlijk en figuurlijk de rekening. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de leden van de raad of er vragen aan u zijn.
Die zijn er niet, dank u wel. De volgende inspreker die ik wil uitnodigen is de heer Vis. Gaat uw gang. De heer Vis: Goedenavond, raadsleden, leden van het college en verdere aanwezigen. Eigenlijk dacht ik vanochtend toen ik het AD had gelezen, dat ik hier vanavond niet hoefde te staan. Ik dacht ' als ik dit gelezen heb, denk ik dat de raad en het college tot één besluit komen, namelijk stoppen en laten we een pauze inlassen en laten we opnieuw beginnen'. Maar helaas, vanmiddag om 16.00 uur bleek dat er geen verklaring zou plaatsvinden en dus ging de vergadering door. Maar terug naar mijn bijdrage. Eigenlijk was het niet mijn bedoeling om nu nog in het kort in te spreken, daar ik vorige week in de Midden-Delflandse Schakel naar mijn mening duidelijk genoeg ben geweest en ook het ongevraagde advies naar aanleiding van reacties daaropvolgend aan duidelijkheid niets te wensen overliet. Die bijdrage, dat was overigens een advertorial, daar zijn al enkele opmerkingen over gemaakt enkele dagen geleden. Ik was eerst van plan een open brief te schrijven, maar de open brief werd ingekort door de Midden-Delfland Schakel en als ik iets zeg, wil ik het totale verhaal, dus heb ik zelf de portemonnee getrokken en er een advertorial van laten maken.
Daarom heb ik alsnog maandag gemeld dat ik gebruik wil maken van de mogelijkheid tot inspreken om nog verder toelichting te geven, overigens heb ik een kopie van het stuk dat ik verleden week heb geschreven voor u allen nogmaals bij de kopie van deze bijdrage bijgevoegd. Mijn korte aanvulling van vanavond heb ik onderverdeeld in drie delen, te weten: communicatie, betrouwbaarheid en de zogenaamde dwang van bovenaf en ter afsluiting herhaal ik nogmaals mijn ongevraagd advies. Communicatie. Nu richt ik mij met name en ten eerste tot u, burgemeester Van Hemmen. Toen u voor de eerste maal tot burgemeester werd benoemd heeft u in uw eerste speech in de raadsvergadering van toen met nadruk aangegeven dat uw eerste prioriteit was en is de verbetering van de communicatie tussen bestuur en burger. Ik weet niet of het in Sliedrecht toen gelukt is. Uw vroegtijdig vertrek uit de Hoeksche Waard en nu de wijze waarop u hier als waarnemend burgemeester gecommuniceerd heeft, is echter dramatisch en ondemocratisch en – voor zover er nog sprake is van democratie – ook onwaardig! Zo ook ten aanzien van de door u in dit traject ingezette en genomen besluiten. Zo ook de wijze waarop u met uw medecollegeleden de raadsleden heeft verplicht tot geheimhouding en derhalve monddood heeft gemaakt. Welnu, dit zijn maatregelen die alleen in een totalitair regime van toepassing zijn. Betrouwbaarheid.
Deze was en is, gelet op de recentelijk uitgelekte berichten, nog nauwelijks van toepassing. Zelfs gedurende het weekend heeft u op straffe van gerechtelijke vervolging de raadsleden duidelijk gemaakt dat zij ook in deze vergadering stommetje moeten spelen en vragen over locatieonderzoek, kosten, veiligheid enzovoort niet mogen worden beantwoord. Nog raadselachtiger is het dat u gisteren ineens de geheimhouding eraf heeft gehaald. Of is dit vanwege de bijeenkomst gisteren met verontruste bewoners/belanghebbenden die u confronteerden met onjuistheden of is het vanwege het artikel in het Algemeen Dagblad dat eraan zat te komen?
Leden van de raad, het moge toch voor u duidelijk zijn dat de meerderheid van dit college en met name de wethouders die niet in deze gemeente woonachtig zijn en hier misschien maar tijdelijk bij betrokken zijn, net als de mede-initiatiefnemer van dit onzalige plan, ik bedoel in dezen de commissaris van de Koning, de heer Smit, dat was althans tot gisteren duidelijk, volgend jaar vertrokken zijn? U wordt als u toch instemt met dit plan dan met vele problemen opgezadeld. En dit tot aan de volgende raadsverkiezing. Dan houdt het vrijwel zeker voor u ook op want ook dan wordt u vrijwel zeker niet meer verkozen. Niet vanwege uw mede goed bedoelde inzet maar simpelweg omdat u niet de moed heeft gehad – ik had eerder geschreven 'de ballen', maar dat doen we hier vandaag maar niet – om het collegevoorstel aan te houden. En wat te denken van een aantal nog uit te werken hoofdzaken zoals afspraken met het COA en politie over kosten beveiliging. Hierover wordt u pas later geïnformeerd. Als u vanavond instemt met de voortgang van dit plan, vraag ik me af of het wel goedkomt. Tot nu toe knikt u vooral ja. Dat zult u dan ook alleen nog maar kunnen doen in de toekomst. Overigens is het een teken aan de wand dat het COA het ook het niet meer weet, gelet op de brandbrief die men gisteren naar het kabinet heeft verstuurd.
En dan zogenaamde dwang vanuit Den Haag waar telkenmale naar wordt verwezen. Welnu, er is nog steeds geen sprake van dwang en zolang de Nederlandse overheid en Europa niet in staat zijn maatregelen te treffen tegen een toestroom van ca. 72% asielzoekers uit veilige landen, zullen wij toch als dorpsgemeenschap niet het kind van de rekening willen worden! En mochten er op korte termijn alsnog dwangmaatregelen worden opgelegd, recente procedures hebben laten zien dat het zeker geen gelopen koers is en zal worden, ondanks alle uitspraken van de initiatiefnemer. Afsluitend, echte asielzoekers zijn meer dan welkom. Dat onderschrijft vrijwel elke inwoner van onze gemeente. Maar niet op een in de haast van bovenaf georkestreerd plan voor huisvesting op een bedrijventerrein. Gemeenteraad, verwijs dit plan naar de prullenbak en ga met de nieuw gekozen burgemeester een plan uitwerken waarbij aan de buitenranden van de rode contouren bij elke kern voldoende ruimte is te vinden. Dus bouwen in een parkachtige structuur. Zo vereenvoudig je ook richting de einddatum als er geen asielruimte meer benodigd is – dat is al over vijf of tien jaar – en de woningen niet geamoveerd behoeven worden, een nieuwe kans voor eigen inwoners die een woning zoeken. En o ja, beëindig dan ook gelijktijdig het armzalige plan van huisvesting in samenwerking met Haaglanden.
Derhalve: maak er een burgerparticipatieplan van. Communiceer van week tot week de stand van zaken. Laat je niet dwingen van bovenaf. Leden van de gemeenteraad, als u het op deze wijze gaat doen, dan hebben jullie echt moed! O ja, nog even dit. In dit artikel van vandaag in het Algemeen Dagblad is het commentaar van de burgemeester net zo schimmig als dat hele voortraject. En ook zijn opmerking dat alle collegeleden nog steeds achter het plan staan. Derhalve, het zal wel niet gebeuren, de rechtstreekse vraag aan raadsleden, voor zover ik die nu mag stellen: wilt u de wethouders vragen hun hand op te steken als ze nog steeds achter dit plan staan? Ik dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Ik kijk ook voor u even rond of er nog vragen van de raadsleden zijn aan u. Die zijn er niet. Dan dank ik u en mag u weer plaatsnemen. Dan is de volgende spreker die we hier mogen verwelkomen de heer Valkenburg. De heer Valkenburg: Geachte gemeenteraad, geacht college. De plannen rond een azc in de Harnaschpolder houden Den Hoorn en onze gemeente in een stevige greep. Ik begrijp de zorg en de onzekerheid. Wat betekent dit voor ons dorp? Voor de veiligheid van mijn kinderen en voor mij? En wat betekent dit voor de waarde van onze woningen? Reële vragen en reële zorgen. Kijken vanuit ons eigen perspectief leidt tot deze vragen.
Wat zit er bij ons achter? Zorg, onzekerheid of angst? Angst dat er vluchtelingen in ons dorp komen? Angst dat het dorp niet meer zal zijn zoals het was of misschien nu nog is? Is er sprake van oprechte zorg over de gevolgde procedure? Of over de aantallen? En is er eigenlijk nog wel zorg of is er geen zorg meer over het principe dat er vluchtelingen komen? Door de veelheid in het geluid van protest is het niet meer goed hoorbaar waar het protest vandaan komt en waar het over gaat. Angst voor het vreemde? Of oprechte zorg over een goede opvang van de vluchteling? Gezien de felheid van sommige reacties vrees ik dat wij eerder bang voor onszelf zijn, dan bezorgd over de ander. Is er een ander perspectief? Want wie is er nu bang? Ik denk dat de mensen, ouderen, gezinnen, jonge mensen die naar Nederland komen en als vluchteling de asielprocedure in gaan, bang mogen
zijn. Wij wonen hier. Hebben een huis, een school en baan, een vereniging, een kerk of we maken onderdeel uit van een netwerk om ons heen. Wij kunnen mensen – ondanks alle gebreken van de procedure of de voorgestelde oplossing – ook welkom heten. Onze kinderen met elkaar laten spelen, jongeren helpen op scholen, mensen helpen met leerbanen in onze bedrijven. De hand uitsteken naar elkaar is een krachtiger signaal dan uit boosheid onze vuist te ballen. Laten we vertrouwen op de regels die we hebben om een ieder te kunnen laten functioneren in onze samenleving. De vluchtelingen zijn in ons land. De demissionair VVD-staatssecretaris belt stad en land af voor opvangplekken. Zijn eigen partij steunt hem landelijk niet om te komen tot een spreidingswet. Een spreidingswet die veel van het verzet dat we nu zien in Midden-Delfland kan voorkomen, omdat er dan een wettelijke taak ligt. Het wachten op die wet helpt ons nu niet. Als land besluiten wij vluchtelingen op te vangen. En terecht. Als gemeente hebben wij een taak om een deel daarvan in ons midden op te nemen. We strooien zand in elkaars ogen als we zeggen tegen de opvang van vluchtelingen hier te zijn. We praten over mensen. Die zijn niet weg als de gemeenteraad tegenstemt. VVD-fractie, steun uw eigen staatssecretaris.
Geachte gemeenteraad, ik benijd u als gemeenteraad niet om goed onderscheid te moeten kunnen maken in de signalen die u hoort. Is de harde stem daadwerkelijk de stem van de meerderheid? Of is het de stem die zich het hardst laat gelden? Is door die harde stem van protest, de zachte stem nog hoorbaar? De stem van 'ik vind het ook spannend, maar we laten we onze verantwoordelijkheid nemen'? Ik wil u ook danken voor de inzet die u toont om met elkaar in deze gemeenteraad onderwerpen te bespreken die het wel en wee aangaan van onze gemeente. Ik vraag u rekening te houden met de zorg die er ongetwijfeld oprecht leeft. En die we vanavond ook horen. Misschien moet u een besluit nemen waar u niet populair van wordt, maar dat wel de goede weg is die we als gemeente moeten gaan. Ik vraag u ook om het goede te doen en te laten zien dat wij – in alle onzekerheid die we misschien ervaren – vluchtelingen welkom heten en dat zij voor de periode dat zij in de asielprocedure zitten, onderdeel kunnen zijn van onze mooie gemeente. Wijsheid daarbij toegewenst. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de leden van de raad of er vragen aan u zijn. Die zijn er niet, dan mag u plaatsnemen. De volgende inspreker is mevrouw Baruch. Mag ik u verzoeken naar voren te komen? Mevrouw Baruch: Voorzitter, college, raadsleden en andere aanwezigen.
Ik sta hier vandaag niet om de standpunten van het college onderuit te halen of onze standpunten nogmaals in het voetlicht te plaatsen en aan u te verkopen. Nee! Ik sta hier om de commissievergadering van 11 oktober jl., na mijn analyse, aan u toe te lichten. Ten eerste de opmerking van een raadslid die ik mij persoonlijk aantrek, namelijk 'ook wij willen de insprekers bedanken en gelukkig was er ook één bij die respectvol was'. Ik haal daaruit dat de andere sprekers respectloos waren, dus ook ik. Wat is er respectloos, vraag ik mij af, aan het feit dat ik luister naar de bewoners en ondernemers uit ons mooie Midden-Delfland? Respectloos is in mijn beleving dat er door het college en sommige raadsleden niet geluisterd wordt naar de feiten en input die u allen op een presenteerblaadje heeft gekregen van het bewonerscollectief, namens de inwoners en ondernemers. Dat hier als een trein overheen gedenderd wordt. Respectloos vind ik ook dat er afgelopen maandag een gesprek is geweest waarin de burgemeester dacht dat dit een gesprek zou zijn om meer draagkracht te creëren. Mensen, dat is te laat, als er twee dagen later gestemd moet worden. Het tweede dat ik wil aanhalen is het volgende. Zoals u weet heeft het bewonerscollectief meer dan 3000 handtekeningen verkregen op de 'nee tegen een grootschalig azc'-petitie.
In de genoemde commissievergadering was er bij u, raadsleden en college, twijfel over de echtheid van de deelnemers en de betrokkenheid van de 3000 opgehaalde steunbetuigingen. En terecht, dat moet u als raadsleden ook hebben; twijfel over echtheid van informatie en documentatie. En/of de ondertekenaars onze standpunten wel hebben gelezen. Ik bedacht mij na de vergadering van 11 oktober jl. het volgende: hoeveel kiezers zouden uw partijprogramma hebben gelezen bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen voordat ze hun stem uitbrachten? Of hebben ze u gekozen, omdat u de dagen ervoor bij de Plusmarkt in Den Hoorn stond met een gevulde koek, een roos, een leeg kopje met uw partijlogo of zomaar met uw folder? Of stond u zo bij de Albert Heijn in Schipluiden of misschien bij de supermarkt in Maasland? En toch heeft geen enkele politieke partij
toen meer stemmen gehaald dan het bewonerscollectief nu met deze petitie! Met ruim 3000 ondertekenaars die ons standpunt steunen, blijven wij u allen voor. Straks laat u uw gezicht weer zien in de dorpskernen als u boodschappen doet, naar de sportvereniging gaat, of zomaar een blokje om voor een frisse neus. Hoe denkt u dan dat al die mensen die van u een gevulde koek, een roos of een leeg kopje met uw logo erop hebben gekregen, u na deze stemming zullen aankijken? En vooral: met welk gevoel? Dit mag u voor uzelf invullen. Maar ik zou bij uw keus vanavond willen aandringen op wijsheid en terughoudendheid want ik en het bewonerscollectief weten één ding: welke kant de bal ook opvalt vanavond, wij kunnen alle bewoners recht in de ogen aankijken en vanuit ons hart oprecht tegen hen zeggen 'dank voor uw support en wij hebben volgens uw support gehandeld!' Dank u wel voor de aandacht. De voorzitter: Dank u wel en ook bij u kijk ik natuurlijk even of er vragen voor uw zijn van de kant van de raadsleden. Die zijn er niet, dan mag u plaatsnemen. Dan nodig is de laatste inspreker van vandaag uit en dat is de heer Kerklaan. De heer Kerklaan: Goedenavond, ik ben Sten Kerklaan en ik spreek namens het bewonerscollectief.
AMV'ers, AMA's, vluchtelingen, asielzoekers, spoedzoekers, statushouders; de afgelopen maanden lezen en horen we niets anders vanuit het college en de gemeente wanneer het gaat over het voorstel voor een grootschalig azc in Midden-Delfland. Wat als we nou eens een gezicht zouden geven aan een van deze termen? Helaas heb ik maar tijd voor één term en dus voor maar één gezicht…. Dit is Mahmoud. U noemt hem anders, namelijk statushouder. Mahmoud is meer dan een statushouder, Mahmoud is een mens! Mahmoud is in mijn verhaal de verpersoonlijking van waar het allemaal om draait. Mahmoud heeft geen eigen land of staat, Mahmoud zijn volk heeft überhaupt geen rechten. Zij worden opgejaagd, verjaagd en zelfs uitgemoord. Mahmoud heeft huis en haard verlaten om een veilig thuis te vinden. Een verschrikkelijke reis, dagenlang lopen, buiten overnachten in de kou, geen warme kleding en vooral veel angst en onzekerheid. Nu woont Mahmoud met zijn gezin in de Sterappel. Een dun matrasje op de grond in het woonkamertje, omdat het anders niet past. Krantjes tegen de ramen, want er zijn geen gordijnen. Mahmoud is niet welkom in de chique opvang Euterpe in Maasland, want hij is geen Westerse vluchteling. Maar Mahmoud klaagt niet, hij is dankbaar en blij dat hij in Nederland is. Eindelijk een veilig gevoel en iets van rust. Zijn kinderen gaan hier nu ook naar school.
Zij kunnen nu langzaam gaan helen en het verleden een plek gaan geven en aan hun toekomst gaan werken. Of toch niet… In dit voorstel speelt het college namelijk kwartet met deze mensen. Heeft u voor mij de 25 AMA's, dan krijgt u van mij de statushouders. Ik zou het nog stelliger willen brengen, dit hele voorstel is een pokerspel. Er zijn hier verschillende partijen die de begrippen 'menselijk en humaan' in al hun gesprekken en berichten bezigen. Mahmoud heeft nog nooit iemand van deze partijen gezien of gesproken op de Sterappel, Mahmoud is nog nooit uitgenodigd om bij een van jullie te komen dineren, hij heeft zelfs nog nooit iemand ontmoet uit 't Woudt. Mahmoud is misschien uw wisselgeld en gaat dan naar een andere gemeente, daar moet hij met zijn gezin dan weer opnieuw gaan beginnen. Weer een nieuwe omgeving, een nieuwe casemanager, een nieuw verblijf en een nieuwe school voor zijn kinderen. Maar wat genereus en nobel en dat deze partijen hun huis openstellen voor de opvang van vluchtelingen. Niet in de woonkamer, die moet netjes blijven voor als er bezoek komt. Nee, ook niet in de tuin! De tuin is heilig, het gazon is net gemaaid en bijgezaaid. We hebben nog wel een plekje gevonden in de loods achterop het terrein bij de weg. Tussen de wijndozen, de verfblikken, de wandelschoenen die staan te drogen en de kano's die daar in de winter worden opgeborgen.
Als Mahmoud pech heeft, komt hij misschien met zijn gezin tussen honderden mensen te wonen. Tussen de alleenstaande jongeren, tussen de mensen uit de maatschappelijke crisisopvang, tussen de mensen die misschien uit landen komen waar Mahmoud en zijn volk geen rechten hebben. Mensen die dag in dag uit daar bij elkaar zitten. Kortom, alles wat niet helpend is voor deze mensen en haaks staat op alle goede intenties! Mahmoud en ik communiceren via de telefoon, want Mahmoud spreekt op een paar woorden na geen Nederlands, mede hierdoor heeft hij ook geen werk. Dit terwijl hij van goede wil is, al diverse procedures heeft doorlopen en van het COA al die beloofde begeleiding heeft gekregen zoals Nederlandse les…
Wilt u echt gelijke en reële kans bieden voor iedereen? Dan kiest u voor gespreide, kleinschalige en duurzame opvang, op basis van draagvlak en vertrouwen binnen Midden-Delfland. Ik geloof oprecht dat u allen de juiste intenties heeft. Ik vertrouw daarom ook op u. Ik sluit af met een sage uit de regio van Mahmoud. Er dwaalde al dagenlang een groep dieren door de woestijn, zij zochten naarstig naar water. Na weer een dag tevergeefs lopen stonden er twee dieren op, de geit en de ezel. De ezel was groot en sterk en maakte veel geluid. Hij wist wel waar er heel veel water was te vinden, het was slechts twee dagen lopen, de meeste dieren liepen blindelings achter hem aan. Slechts een handjevol dieren had samen met de geit overlegd en zij liepen samen de andere kant op. Na drie dagen lopen kwam de geit met de hele groep aan bij een mooie poel met helder water en zij hadden allemaal voldoende water om te drinken. En de ezel? De ezel had door het hoge tempo onderweg een deel van zijn volgelingen verloren, maar na twee dagen lopen in de zinderende zon kwamen zij ook aan bij het water. Eindelijk water, met hun ogen opengesperd, stonden zij met zijn allen voor de zee. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, u mag nog even blijven staan want ik kijk even of er vragen zijn aan u. Zijn er nog vragen aan de heer Kerklaan? Die zijn er niet. Dan mag u weer plaatsnemen. Dank u wel.
Daarmee zijn we aan het einde van de insprekers van vanavond. Ik heb begrepen dat ze op de tribune mogen plaatsnemen dus ik geef even alle insprekers de tijd om een plekje te vinden op de tribune en dan zullen we daarna de raadsvergadering vervolgen.
4.
Voorstel resultaat onderzoek naar de mogelijkheid van Flexwonen en opvang in Midden-Delfland
De voorzitter: Ik begrijp dat niet alle insprekers plaatsnemen op de publieke tribune. Dan stel ik voor dat we de vergadering voortzetten. Ook vanaf deze plaats dank aan alle insprekers, zonder meer waren het indrukwekkende verhalen. U heeft er werk van gemaakt en ik ben blij dat u op deze manier uw boodschap heeft kunnen overbrengen en ook dank aan de publieke tribune die daar wat steun bij heeft geleverd. In het tweede deel van deze vergadering gaan we over naar het politieke debat. Zoals u misschien weet, hebben alle partijen hun standpunten gewogen en kenbaar gemaakt. Die zullen ze ook in twee termijnen kenbaar maken aan elkaar, maar ook aan de mensen die hier meeluisteren, ook aan het college en ook aan de mensen in de webcast. Dat betekent dat elke fractie straks een woordvoerder heeft die een betoog heeft en tijdens zo'n betoog mogen er interrupties gepleegd worden vanuit andere partijen. Die interrupties zijn vragen, dus dat gaat niet om een heel eigen verhaal, want daar is de eigen woordvoering voor, maar alleen om een vraag. Een toelichtende vraag omdat iets niet helemaal duidelijk is. Het verzoek is ook aan de raadsleden om u daaraan te houden. Dat maakt het ook voor de toehoorders beter te volgen. Eén iemand is aan het woord, van één fractie. En ja, hij of zij krijgt vragen, zal daar antwoord op geven en daarna gaan we naar de volgende woordvoerder.
Daarna, want er zullen ook ongetwijfeld vragen worden gesteld aan het college, is het woord aan het college om antwoord te geven aan de vragen die door de raadsleden zijn gesteld. Dat doen we in twee rondjes, want daarna komt er nog een tweede termijn. Dan zijn er misschien toch ook weer wat inzichten die misschien nog een andere vraag nodig maken en helemaal aan het eind gaan we stemmen. Dat even ter toelichting aan de mensen die niet gewoon zijn om dit soort vergaderingen bij te wonen. En dan rest nu even de vraag: wie van u wil in de eerste termijn het woord voeren? Ik denk dat dat alle fracties zijn, dus ik zal in ieder geval even de namen noteren. Het zijn de fractievoorzitters die het doen vanavond, begrijp ik. Ik begin met de eerste fractie die ik uit ga nodigen, dat is D66. De heer Vieira, aan u het woord. De heer Vieira: Dank u wel voorzitter en ook dank aan de insprekers, ook voor de inzichten die zij niet alleen vanavond, maar ook eerder op allerlei wijzen met ons gedeeld hebben. Hoe meer er vanuit verschillende perspectieven zaken bekeken en bevraagd worden, des te beter een voorstel wordt in onze ogen. Dus totale waardering hiervoor. Normaal gesproken is dat een taak voor college en ambtenaren, maar een samenleving vorm je samen dus dat is heel goed. Dan naar de inhoud van vanavond.
Over het proces en de communicatie is al heel veel gezegd, dus dat wil ik overslaan. Discussies hierover en over wat sommigen wel of niet gezegd hebben en in welke context, leiden wat ons betreft af van de inhoud, de opvang van vluchtelingen en de belangen van onze inwoners.
Waarom zitten we natuurlijk hier waarvoor we hier zitten? Sinds het najaar van 2022 wordt er een dringend beroep gedaan op alle gemeenten, dus ook Midden-Delfland, een bijdrage te leveren aan de opvang van vluchtelingen, waarbij het geen vrijblijvende exercitie is. De vraag is niet of we willen bijdragen, maar hoe. Het is uiterst tragisch en deprimerend dat het er ondertussen op het gebied van oorlogen bepaald niet rustiger op is geworden aan de grens van Europa of elders in de wereld. Het kabinet en de Europese lidstaten moeten wat ons betreft blijven middelen bij deze oorlogen en voor humane situaties zorgen, zodat ze daarmee de vluchtelingenstroom – en sorry dat ik het woord op deze manier gebruik, maar ik heb niet alle namen van de personen, maar wel het woord om het in context te brengen – zien in te perken. En nog steeds, op dit moment, zijn de opvanglocaties in Nederland op vele fronten vaak flink onder de maat. Overigens zijn oorlogsvluchtelingen nog geen 15% van de migratiestroom die we in Nederland kennen. In iets mindere mate mogen landelijke politici zich ook afvragen of ik jaarlijks aantrekken van tienduizenden laagbetaalde arbeidsmigranten of buitenlandse studenten nog proportioneel of binnen de maten gebeurt. Allen doen een beroep op onze voorzieningen die allemaal onder druk staan.
Maar goed, voorzitter, al deze constateringen, vragen en bespiegelingen zijn uiteindelijk niet waarvoor we hier zitten vanavond. We zitten hier om het te hebben over de bijdrage die wij als Midden-Delfland kunnen doen bij het steunen van vluchtelingen. De reden waarom we überhaupt vluchtelingen op willen vangen heeft te maken met onze taakstelling, maar ook met het feit dat een substantieel deel van onze inwoners oprecht vluchtelingen de zorg wil bieden die zij nodig hebben en hen het thuis willen geven dat zij nodig hebben. We hebben het plan dat voorligt, maar zien ook een aantal andere opties die ook de afgelopen tijd geopperd zijn. Ik zal niet alle scenario's door nemen, want dan zitten we hier vanavond nog, maar er is ook gesproken over andere locaties, permanente bewoning voor statushouders of niets doen, maar ook over spreiden over de dorpen. Die laatste optie wil ik even naar voren halen omdat daar het meest over gezegd en gesproken is, waarom dat misschien een optie zou zijn. In onze ogen moet je wat betreft spreiden een duidelijke knip maken tussen statushouders en vluchtelingen. Statushouders, die hebben een woning en die wil je het liefst integreren over een paar locaties. Dus wat ons betreft, kun je statushouders goed spreiden.
Bij vluchtelingen is het proces zo dat zij afhankelijk zijn van begeleiding in taal en zorg, psychische begeleiding die de GGZ aanbiedt, dus niet via onze huisartsen. En wij lezen terug in de plannen, maar hebben dat ook zelf ondervonden, dat op het moment dat je kleinere locaties hebt, je weinig invloed hebt op de groep inwoners, maar ook de voorzieningen niet hebt die je wilt bieden aan de mensen die dat nodig hebben. Dus het lijkt in eerste instantie aantrekkelijk om te zeggen 'wij gaan vluchtelingen spreiden'. Maar op het moment dat daar een lagere bezetting zit en de locatie niet 24 uur per dag bereikbaar is, vinden wij dat minder goed dan als je die voorzieningen wel optimaal kunt benutten op het moment dat mensen vluchteling zijn. Ik komt toe aan een slot. Dan is natuurlijk de vraag: is een grotere opvang dan wel passend binnen Midden-Delfland en binnen proporties zoals wij die hier kennen? En past dat binnen Den Hoorn? En is dat plan zoals wij dat nu hebben, goed voor onze vluchtelingen en past dat ook voor de veiligheid van onze inwoners en kunnen we daar de begeleiding bieden die zij nodig hebben? Het valt of staat bij vluchtelingen ook met de vrijwilligers die assisteren, met de taal, met de sport en dat soort zaken. Wij hebben veel inwoners gesproken die hebben aangegeven 'ik wil op het moment dat die vluchtelingen hier zijn meehelpen'.
Die handreiking moeten we wat ons betreft koesteren en niet te grabbel gooien. Daar valt of staat heel veel mee. Alles overziend zijn wij daarom van mening dat wij met het plan zoals dat voorligt, kunnen bieden wat vluchtelingen van ons vragen en het tegelijkertijd inpasbaar is binnen Den Hoorn. Daarmee wil ik aangeven dat instemmen met het plan niet… De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Roeling van de fractie Mijn Partij. De heer Roeling: De vraag aan D66 is eigenlijk: hoe weet u dat… U gaat nu verder in op de spreiding en de mogelijkheid te verspreiden. Daar geeft u al aan 'dan is de zorg en eventuele veiligheid niet zo gegarandeerd als wanneer je dat doet op één locatie'. Maar is daar een gesprek over geweest? Want dat dat dat verbaast ons, voorzitter. De hele discussie zit vol met aannames. 'we nemen dit aan, we nemen dat aan'. Als het over verspreiding gaat, komen er ook weer allerlei aannames. Maar is D66 dan niet bereid om daar serieus naar te kijken en informatie te verzamelen? Overleg met het Rode Kruis, met het COA, met noem alle partijen maar op, zodat ze
zorgvuldig kunnen zeggen 'ja, dit is inderdaad een mindere variant'. Is D66 daartoe bereid of blijft de partij bij de aannames? De voorzitter: Op de valreep inderdaad een vraag. De heer Vieira, u mag antwoord op geven op de vraag. De heer Vieira: Ik had eerder ook al een vraag gehoord, maar D66 is zeker bereid om verder te kijken dan alleen aannames. Sterker nog, ik hoor in deze vraag, dus dank nog voor deze vraag, 'bent u bereid dit in de toekomst te doen?' Wij hebben zelfs op dit moment gesproken met diverse partijen over hoe dat zit op dit moment. Wij zijn op locaties wezen kijken. Wij hebben gekeken, als u naar de website van het COA gaat, dat staat op de website, maar u kunt er ook fysiek langsgaan, dan ziet u dat de grotere locaties anders ingericht zijn dan de locaties van zeventig of tachtig personen. Dus dat zijn geen aannames. Dat zijn gewoon feiten die je kunt natrekken op basis van de 200 COA-locaties die er in Nederland zijn. Dus zo hebben wij gezien hoe de inrichting is en dan zien wij dat de inrichting bij grotere locaties, meestal beginnend bij 300 personen, veel beter ingericht zijn. De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Roeling. U mag het ook echt bij een vraag houden, mijnheer Roeling. De heer Roeling: Ja, nu gaan we weer uit van bestaande situaties.
Onze vraag is: bent u bereid om naar het lokale niveau, dus Midden-Delfland te kijken, wat daarvan verwacht wordt, wat er mogelijk is, et cetera. En niet naar bestaande situatie. Misschien zijn daar heel andere vragen en voorwaarden neergelegd. Dus bent u bereid om te kijken naar de situatie van Midden-Delfland? De voorzitter: Daar mag u antwoord op geven en dan mag u uw betoog vervolgen. De heer Vieira: Ik ga in op deze vraag. Overigens ben ik wat verbaasd door deze vraag, want we hebben het al sinds het najaar van 2022 over dit vraagstuk en we hebben in het najaar als raad meerdere bijeenkomsten gehad over waar we onderzoek naar zouden doen. Daaruit hebben we deze keuze gemaakt met veertien van de zeventien raadsleden. Dan bevreemdt het me dat we dan op de avond van stemming zeggen 'zullen we nog een onderzoek gaan doen en dan dat traject met nog een jaar verlengen?' Dus wat ons betreft, had die vraag ook eerder gesteld kunnen worden. Wij hebben die vraag aan onszelf gesteld en zijn zelf met partijen gaan praten om dit te onderzoeken. Voorzitter. De voorzitter: Ja, u zei 'voorzitter' en toen dacht mijnheer Gebben van de VVD 'ik ga ook een vraag aan de heer Vieira stellen'. Mijnheer Gebben, stelt u uw vraag. De heer Gebben: Ja, ik moest even laten bezinken wat de heer Vieira zei.
Als ik zijn beweringen goed hoor, mijnheer de voorzitter, dan zegt hij eigenlijk 'de basis van het onderzoek is misschien eigenlijk niet goed geweest'. Is dat dan misschien geen reden om dat misschien nog een keer over te doen? De voorzitter: U heeft de vraag, denk ik, goed gehoord, dus daar mag u antwoord op geven. De heer Vieira: Dat is niet de vraag die ik erin hoor. Wij hebben in Nederland heel veel COAlocaties van meerdere groottes, ook bij dorpen zo groot als Den Hoorn, zelfs een dorpen dat u zou moeten kennen waar uw broer burgemeester is, waar het uitstekend loopt. Dus in die zin denk ik dat de onderzoeksvraag destijds uitstekend is geweest. De voorzitter: Dan mag u verder gaan na het 'voorzitter, komma', want daar was u gebleven. De heer Vieira: Dank u. Even los van het voorstel. Als je instemt met het voorstel, betekent het niet dat je klaar bent met het proces, maar eigenlijk is dat het begin. Want wij hebben gezien dat er heel veel zaken uitgezocht zijn. Er zijn volgens mij door inwoners en raad meer dan 200 vragen gesteld, maar er zijn ook nog zaken die ingevuld moeten worden. Dus wij vinden het echt heel
belangrijk dat het college hiermee aan de slag gaat, samen met inwoners, met een betere communicatie om te komen tot iets dat is zoals wij dat voor ogen hebben. Tot slot. We zouden het haast vergeten, maar er zitten natuurlijk ook nog flexwoningen in het voorstel. Daarmee kan een bijdrage geleverd worden aan de woonvraag die er is, maar natuurlijk niet de hele woonmarktzorg worden opgelost want die zit muurvast. Dus dit kan voor enkele personen of gezinnen zaken oplossen. Net zoals de 140 woningen waar we eerder dit jaar akkoord voor hebben gegeven ook niet alle problemen zullen oplossen, maar wij denken dat het wel goed is dat deze erbij zullen zijn. Een laatste oproep aan het college en burgemeester: maak duidelijk wat er nog te doen staat. Maak het duidelijk aan uw opvolgers en betrek onze inwoners daar goed bij. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de volgende fractie, de fractie van de VVD en ik geef het woord aan de heer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Ik wil eigenlijk beginnen met het danken van de insprekers voor alle zeer respectvolle bijdrages die zij geleverd hebben. Een azc met honderden asielzoekers in Midden-Delfland vinden wij niet passen bij de omvang van onze gemeente. Het is te veel, te groot en te ontwrichtend voor een kleine gemeente. De voorzitter: U heeft nu al een interruptie van de heer Jongsma. Mijnheer Jongsma, stelt u uw vraag.
De heer Jongsma: Ik wil graag van de VVD weten of ze weten over hoeveel het precies gaat. 'Honderden' vind ik een beetje teveel. Kan de heer Van der Eijk gewoon concreet aangeven hoeveel het er zijn. De voorzitter: Kunt u daar een antwoord op geven? De heer Van der Eijk: Ja, zeker voorzitter. Er komen maximaal 275 bedden en in de bestuursovereenkomst staat dat het COA wanneer de nood hoog is deze bedden zal gebruiken. En we hebben natuurlijk allemaal die brief van vrijdag of zaterdag jl. gezien die het COA de minister stuurde. Dus die 225 zijn geen hard getal. Er komen 275 bedden en daar kunt u zich op voorbereiden. De voorzitter: U heeft nog een vervolgvraag van de heer Jongsma. De heer Jongsma: Ik wil de VVD vragen of ze ook hebben gelezen dat er afspraken zijn gemaakt over het aantal van 225 mensen die daar komen wonen en de VVD suggereert nu 275. Waar haalt de VVD dat vandaan? De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Van der Eijk: Voorzitter, dat staat in de bestuursovereenkomst. Dat er 275 bedden zijn. Dus daar haal ik dat vandaan. Wij vinden dit dus te veel voor een kleine gemeenten en al helemaal voor een dorpskern als Den Hoorn, één dorpskern. De VVD meent ook dat het draagvlak vanuit de inwoners in ieder geval hiervoor ontbreekt.
De VVD heeft geprobeerd om in de voorgaande commissievergadering andere partijen en het college te laten inzien waarom dit geen goed plan is voor Midden-Delfland. Er zijn te veel en te grote financiële risico's en onzekerheden. Wij constateren, gezien de vele vragen en open einden, dat het voorstel aan alle kanten rammelt en dat daarom dit voorstel niet aangenomen zou moeten worden. Voor het motief van barmhartigheid kunnen wij zelfs wel enigszins begrip opbrengen. Alleen waarom dit doen met zo'n ondeugdelijke onderbouwing? Als men zo graag een groot azc wil, doe het dan op zijn minst met een goed, deugdelijk onderliggend plan, een plan waarin reeds bekende risico's goed zijn afgedekt. Waarom beoordelen onze collega-raadsleden het plan niet op zijn tekortkomingen en concluderen zij niet dat het gewoon slecht in elkaar zit? Het lijkt alsof zij zo verliefd zijn op het plan dat niet meer kritisch naar de inhoud wordt gekeken. Liefde maakt blind. Dat is een gezegde en dat gezegde luidt ook hier, voorzitter.
Het is voor de VVD onbegrijpelijk dat partijen die normaal stukken tot op 1 millimeter geregeld willen hebben, op dit grote impact hebbende dossier zonder kritische noot akkoord gaan; onvolledig bestuursakkoord, het ontbreken van de vastgoedovereenkomst, meer dan twaalf open eindjes en meer dan honderd technische vragen. Ik had van mijn collega's wel wat anders verwacht, voorzitter. Partijen waren hier in andere gevallen nooit mee akkoord gegaan. Ze zouden een dergelijk plan zonder enige moeite van tafel halen. Realiseert u zich dat u aan de lat staat als het tot tegenvallers gaat leiden en niet de huidige burgemeester, want die is er dan niet meer. Onder zijn leiding is dit proces allesbehalve vlekkeloos verlopen met als klap op de vuurpijl het locatieonderzoek. Daarom dienen wij samen met Mijn Partij een motie in. Ik zal niet alle overwegingen voorlezen, voorzitter. Wij zijn van mening dat de burgemeester onvoldoende regie over dit hele proces in alle facetten heeft gevoerd, de burgemeester het vertrouwen van de inwoners in de lokale productie flink en onnodig heeft geschaad en de burgemeester de raad onnodig onder druk heeft gezet met betrekking tot het locatieonderzoek. Wij spreken uit: treurnis over het gebrek aan regie, kwaliteit en de participatie van het proces om te komen tot een azc door de waarnemend burgemeester. En wij gaan over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Dat is duidelijk, dan neem ik hem graag in ontvangst en ik neem aan dat die ondertekend is? Deze motie krijgt het cijfer 1. Misschien even voor de toeschouwers, een motie is een apart stukje voorstel, dat ook apart in stemming wordt gebracht na besluitvorming over het voorstel. Dus aan het eind van de vergadering wordt er gestemd over deze motie. Mijnheer Van der Eijk, heeft u nog een vervolg op uw eerste termijn? De heer Van der Eijk: Jazeker, voorzitter, ik gaf u even de gelegenheid een motie in ontvangst te nemen en toe te lichten voor de mensen die dit niet zo vaak aanschouwen. Geen van de toezeggingen uit de commissies staan nu goed in het bestuursakkoord. Het gaat problemen geven. Wij weten dat zeker. Besef dat na het ondertekenen van het akkoord geen weg terug is. Alles wat niet zwart-op-wit is vastgelegd, is later voor interpretatie vatbaar. Onze gemeente staat dan op het menu, bij het COA. Zelfs het college geeft impliciet toe dat het plan slecht is en neemt daarom de vlucht naar voren om ineens te spreken over een intentieovereenkomst of een principeakkoord. Dat het hier gaat om een principeakkoord is onzin. Er wordt immers een keihard contract in de vorm van het bestuursakkoord getekend. Over de uiteindelijke invulling worden wij slechts geïnformeerd.