CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2023 - 2026.pdf

Gemeenteraad 8 november 2022, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Behandeling begroting 2023-202638.133 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

1

Inhoudsopgave Begroting 2023 – 2026 ........................................................................................................ 3 Leeswijzer .......................................................................................................................... 4 Financieel meerjarenperspectief ............................................................................................ 6 2. Programma’s.................................................................................................................. 14 Programma 1 : Vitale dorpen in Midden-Delfland® 2025....................................................... 15 Programma 2 : Bestuur en veiligheid ................................................................................. 19 Programma 3 : Beheer, verkeer en milieu .......................................................................... 23 Programma 4 : Onderwijs ................................................................................................ 37 Programma 5 : Sociaal Domein en Welzijn ......................................................................... 39 Programma 6 : Economische en sociale zaken .................................................................... 45 Programma 7 : Ruimtelijke ordening, ontwikkeling en volkshuisvesting .................................

51 Overzicht van algemene dekkingsmiddelen ........................................................................ 58 Overzicht van de kosten Overhead .................................................................................... 62 3. Paragrafen ..................................................................................................................... 65 3. 1. Lokale heffingen ...................................................................................................... 66 3. 2. Verbonden partijen .................................................................................................. 74 3. 3. Grondbeleid ............................................................................................................ 87 3. 4. Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................... 90 3. 5. Bedrijfsvoering ........................................................................................................ 95 3. 6. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................. 99 3. 7. Financiering .......................................................................................................... 107 4. Recapitulatie ............................................................................................................... 113 5.

Financiële begroting (overzicht van baten en lasten) ........................................................ 116 6. Bijlagen ...................................................................................................................... 134 6. 1. Missie .................................................................................................................. 135 6. 2. Staat van reserves en voorzieningen ........................................................................ 136 6. 3. Prognose verloop reserves en voorzieningen 2023 – 2026 .......................................... 141 6. 4. Meerjarig investeringsoverzicht 2023 – 2026 ............................................................ 144 6. 5. Begroting 2023 – 2026 op taakveld ......................................................................... 147 6. 6. Beleidsindicatoren ................................................................................................. 152

2

Begroting 2023 – 2026 Inleiding U hebt de Begroting 2023-2026 voor ogen. Dit is de eerste begroting in de nieuwe collegeperiode 2022-2026. Vooruitlopend op het collegewerkprogramma is het coalitieakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 “Midden-Delfland heeft het…” als basis gebruikt voor deze begroting. Want,

Midden-Delfland heeft het… 1. … een Bijzonder Provinciaal Landschap voor alle Zuid-Hollanders; 2. … een programma voor kringlooplandbouw waar 80% van onze boeren met o.a. natuurorganisaties aan deelneemt, leidend tot aantoonbare reducties van o.a. stikstof; 3. … een sterke sociale cohesie waar mensen naar elkaar omzien, met persoonlijke ondersteuning voor wie dat nodig heeft; 4. … wonen in vitale dorpen, met een uitgebreid voorzieningenniveau; 5. … een professionele en lerende ambtelijke organisatie en bestuur: je zegt wat je doet en doet wat je zegt. Met deze begroting investeren we in dát waarvoor Midden-Delfland zich al jaren sterk maakt! Doordat de Begroting 2023-2026 structureel sluitend is en een stevige buffer voor tegenvallers bevat, ziet het financiële beeld er goed uit voor Midden-Delfland. Dit geeft ook de mogelijkheid om de gemiddelde lastendruk voor inwoners in 2023 gelijk te laten aan 2022. Doordat alle begrotingsjaren een positief saldo laten zien, is er ook ruimte voor investeringen.

De wereld draait door… In deze begroting is rekening gehouden met alles wat we concreet weten. Er zijn zoveel onzekerheden dat het op voorhand vaststaat dat er dit jaar spannende momenten komen bij de periodieke begrotingswijzigingen. Uitgaven die nodig zijn voor opvang, huisvesting, energieverbruik, bijstand zullen veranderen. Het kan ook zijn dat er weer middelen nodig zijn om quarantainemaatregelen te compenseren. De noodzaak voor deze uitgaven is niet door de gemeente te sturen. Deze uitgaven zijn ook niet door de gemeente met lokale maatregelen te bekostigen. Deze uitdagingen in onze samenleving kunnen alleen door een volwaardig samenspel tussen rijk en gemeenten worden aangepakt. De verwachting is dat de VNG die namens de gemeenten daarover met het rijk spreekt de balans tussen de verplichtingen en de middelen zullen borgen.

3

Leeswijzer Inleiding De programmabegroting bestaat uit de beleidsbegroting (het programmaplan en de paragrafen), de financiële begroting en de ramingen en realisatiecijfers geclusterd naar taakvelden. Deze indeling is conform de wettelijke eisen die zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Voorafgaand aan de programma’s geven we de uitgangspunten voor deze begroting en het samenvattend financieel overzicht begroting 2022 – 2025 (inclusief financieel perspectief tot en met 2031). Dit staat in het Financieel meerjarenperspectief. Direct daarna volgt een toelichting op de zeven programma’s en de paragrafen. In de programma’s zijn alle kosten opgenomen die direct verbonden zijn aan de gemeentelijke taken en activiteiten (het primaire proces). De baten en lasten van de overhead worden niet onder de afzonderlijke beleidsprogramma’s geregistreerd en verantwoord, maar centraal gepresenteerd in een overzicht overhead.

Programma’s De begroting bestaat uit zeven programma’s en twee overzichten, de indeling is als volgt: • Programma 1: Vitale dorpen in Midden-Delfland® 2025 • Programma 2: Bestuur en dienstverlening • Programma 3: Beheer, verkeer en milieu • Programma 4: Onderwijs • Programma 5: Sociaal Domein en Welzijn • Programma 6: Economische en sociale zaken • Programma 7: Ruimtelijke ordening, ontwikkeling en volkshuisvesting • Overzicht Algemene dekkingsmiddelen • Overzicht Overhead Per programma leest u het maatschappelijk doel en de koppeling met de 3 W-vragen; 'Wat willen we bereiken?', 'Wat gaan we ervoor doen?' en 'Wat mag dat kosten?'. Ook benoemen we per programma de verbinding met Cittaslow. De indeling van de programma’s is als volgt: • • • •

Beleidsdoel (het gewenste maatschappelijke effect waar het programma als geheel zich op richt) Wat willen we bereiken? (Speerpunten en doelen binnen het programma) Wat is de relatie tussen Cittaslow en het beleidsveld? Wat gaan we daarvoor doen? (Concrete activiteiten voor 2023 om het beoogde maatschappelijk effect te bereiken. Hierin staan ook de instrumenten en kader stellende documenten) Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen? Wat mag het kosten? Hier leest u de financiële vertaling per programma.

• • . Paragrafen In dit hoofdstuk wordt ingegaan op een aantal financiële en bedrijfsmatige zaken, die dwars door het beleid uit de programma’s heen lopen. Deze zaken zijn: • • • • • • •

Lokale heffingen Verbonden partijen Grondbeleid Onderhoud kapitaalgoederen Bedrijfsvoering Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiering

4

Met de genoemde onderwerpen is een groot (financieel) belang gediend. De paragrafen geven daardoor extra informatie voor de beoordeling van de financiële positie op de korte en langere termijn. Financiële begroting Op grond van het BBV is de gemeente verplicht een overzicht van de financiële begroting (overzicht van baten en lasten) samen te stellen. De uiteenzetting van de financiële positie en het overzicht van baten en lasten vormen samen de financiële begroting. Verder wordt in dit hoofdstuk ingegaan op de Financiële structuur. Aansluitend is een toelichting op het resultaat van de primitieve begroting opgenomen.

5

Financieel meerjarenperspectief In het Financieel meerjarenperspectief geven wij de uitgangspunten voor deze begroting. Daarnaast staan onder de kop ‘Samenvattend financieel overzicht Begroting 2023-2026’ de financiële resultaten van deze begroting. Hierin geven wij onder meer kort de mutaties weer die de grootste invloed hebben op het resultaat van de primitieve begroting. De laatste paragraaf van dit hoofdstuk bevat het financieel perspectief tot en met 2031. In de Financiële begroting (blz. 118 e.v.) gaan wij uitgebreid in op het resultaat van de primitieve begroting en de financiële structuur.

Uitgangspunten begroting

Zoals genoemd in het Coalitieakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 voeren wij een duurzaam financieel beleid met een structureel financieel sluitende begroting. Structurele uitgaven dekken wij met structurele inkomsten. Hierbij hanteren wij het principe dat de gemeente het geld beheert namens de samenleving. Daarom ook streven we ook naar een beperkte ontwikkeling van de lastendruk voor onze inwoners, verenigingen en bedrijven. Middelen die het weerstandsvermogen en de budgetbehoefte overstijgen kunnen ingezet worden voor de samenleving. We behouden daarbij het streven naar een weerstandsvermogen met een ratio dat zich minimaal tussen de 1,0 en 1,4 (dit kwalificeert als ‘voldoende’) bevindt. Bij het samenstellen van deze begroting hebben wij ons gebaseerd op de lasten en baten die wij voorzien. Dit wil zeggen dat ze onontkoombaar, onuitstelbaar en onbeïnvloedbaar zijn. Dit betekent dat de beleidskeuzes daar bovenop, zoals vermeld in de Prognosebrief Begroting 2023-2026, zijn voorbehouden aan de gemeenteraad. Dit houdt ook in dat wij weliswaar gesteld staan voor de consequenties van de energiecrisis en aanhoudend koopkrachtverlies, maar hier niet bij voorbaat naar begroten. Simpelweg omdat we niet kunnen voorzien wanneer en in welke mate de gevolgen voor ons merkbaar worden. Dit neemt niet weg dat we adequaat kunnen reageren als dat nodig is.

Een beroep op bijvoorbeeld bijstand of kwijtschelding is niet gebonden aan een budgettair plafond, het zijn zogenaamde openeinderegelingen. Het instellen van bijvoorbeeld een noodfonds heeft daarmee naar onze mening geen toegevoegde waarde. Zij die hier recht op hebben, kunnen hier hoe dan ook een beroep op doen. Ook zetten wij er actief op in om vroegtijdig passend hulp te verlenen door middel van vroegsignalering en schuldpreventie. Wij informeren de gemeenteraad vanzelfsprekend wanneer blijkt dat de beschikbare budgetten daarvoor niet toereikend (meer) zijn. Daarnaast werken we actief mee aan de uitvoering van Rijksmaatregelen ter bestrijding van energiearmoede (bijvoorbeeld bij de uitkering van de energietoeslag). Dit doen wij ook wanneer wij een rol krijgen bij de uitvoering van het voorstel uit de EU-Troonrede om de winsten van energieproducenten terug te laten vloeien naar ‘energie-armen’. Bij het streven naar een structureel sluitende Begroting 2023-2026 hanteren wij de volgende kaders: a) De Begroting 2023-2026 bevat in beginsel voortzetting van bestaand beleid. b) Beleidskeuzes (nieuw of intensivering van beleid) worden separaat aan de gemeenteraad voorgelegd. c) (Bezuinigings)maatregelen uit eerdere begrotingen worden voortgezet in de Begroting 20232026. d) We zien af van het structureel inzetten van de algemene reserve voor een sluitende begroting.

e) De zeven verbetersporen uit de Kadernota 2020 zetten wij voort in de Begroting 2023-2026. Verder hebben wij in de Begroting 2023-2026 de volgende algemene uitgangspunten gehanteerd: -

Inwoner- en woningprognose: 2020 Bevolkingsprognose 19.341 Aantal woningen 7.961 Gem. bezetting 2,45 Toename woningen

2021 19.414 8.050 2,43 89

2022 19.484 8.108 2,42 58

6

2023 19.534 8.168 2,41 60

2024 19.619 8.233 2,40 65

2025 20.028 8.450 2,39 217

2026 19.973 8.450 2,38 0

-

Loonindexering personeelskosten In de Prognosebrief Begroting 2023-2026 gaven wij aan dat de huidige cao voor gemeenteambtenaren loopt tot 1 januari 2023. Hoewel de eerste stappen zijn gezet voor een nieuwe cao (de ledenraadpleging door de VNG eindigde 31 augustus 2022) is nog niets bekend over de loonontwikkeling. Vooruitlopend op de nieuwe cao rekenen wij voor de ontwikkeling van de personeelskosten, conform de uitgangspunten uit de meicirculaire 2022, in deze begroting met een structurele jaarlijkse stijging van 2,5%.

-

Prijsontwikkeling Voor de prijsontwikkeling hanteren wij, indien van toepassing, het Nationale consumentenprijsindex (cpi). In de Begroting 2022-2025 was de cpi voor de jaren 2023 en verder geraamd op 1,7% per jaar. In de meicirculaire gemeentefonds 2022 is de cpi geraamd op 2,4% voor 2023 en 2024, 2,5% in 2025 en 2,0 % in de jaren erna. Deze percentages passen wij (in basis) toe in de Begroting 2023-2026. Hierop zijn twee uitzonderingen: als op basis van individuele afspraken een andere (of geen) index wordt afgesproken, wordt die gevolgd. Daarnaast kan het zijn dat voor specifieke taakvelden door de aanhoudende inflatie hogere indexeringen verwacht worden. In dat geval zijn de ramingen daarop gebaseerd. Op deze manier proberen we zuinig, maar reële ramingen op te nemen.

-

Afspraken jeugdmiddelen in meerjarenraming Rijk Het Rijk en de VNG werken op dit moment aan de Hervormingagenda jeugdzorg. Deze zal naar verwachting dit najaar worden afgerond. Vooruitlopend hierop zijn voor de jaren 2022 en 2023 aanvullende, incidentele middelen toegevoegd aan het gemeentefonds, in lijn met de financiële reeks van de uitspraak van de Commissie van Wijzen (CvW). Naast de besparingsopgave die volgt uit de uitspraak van de Commissie van Wijzen heeft het kabinet besloten tot het realiseren van de aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen, welke een Rijksverantwoordelijkheid is gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden (bijvoorbeeld door middel van de invoering van een eigen bijdrage). Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. De partijen erkennen de noodzaak om op deze ontwikkelingen te anticiperen en aanvullende afspraken te maken ten aanzien van de te verwachten ruimte in de gemeentelijke begroting aanvullend op de meicirculaire.

Zij spreken daarom het volgende af: • Gemeenten mogen in de jaarschijven 2024 tot en met 2026 de middelen die op de aanvullende post zijn gereserveerd meenemen in hun meerjarenraming. • Daarnaast mogen gemeenten in hun begroting rekening houden met een besparing van €100 miljoen in 2024, €500 miljoen in 2025, € 500 miljoen in 2026 en vanaf 2027 € 511 miljoen structureel als gevolg van maatregelen die het Rijk zal uitwerken. Hoewel het ons dus toegestaan is dit als stelpost te verwerken in onze begroting hebben wij er veiligheidshalve voor gekozen dit beide niet te doen. Wij wachten hierbij op definitieve besluitvorming.

-

Reserves en voorzieningen De provinciaal toezichthouder hanteert strikte regels ten aanzien van de inzet reserves. Dit om te voorkomen dat gemeenten in (te) hoge mate afhankelijk zijn van structurele bijdragen vanuit hun reserves om structureel en reëel evenwicht te realiseren. Conform de regels die hiervoor gelden, dekken wij in principe alleen incidentele lasten vanuit reserves. In dit kader dekken wij onderhoudslasten alleen vanuit een reserve voor zover deze incidenteel van aard zijn. Voor de dekking van enkele investeringskredieten dekken wij de kapitaallasten vanuit een zogenaamde dekkingsreserve. Dit is toegestaan zolang de volledige boekwaarde in de dekkingsreserve aanwezig is. Aan deze voorwaarde voldoen wij. Het egaliseren van tarieven is alleen mogelijk via voorzieningen. Voor de afvalstoffen- en rioolheffing volgen wij daarom deze lijn.

7

Samenvattend financieel overzicht begroting 2023 – 2026 De jaarschijven 2023-2025 uit de (meerjaren)Begroting 2022-2025 vormen (gecorrigeerd met tussentijdse begrotingswijzigingen) de basis voor de Begroting 2023-2026. De tussentijdse begrotingswijzigingen betreffen de afzonderlijke raadsvoorstellen uit 2022, waaronder de structurele doorwerking van mutaties uit de jaarrekening 2021, en de periodieke begrotingswijzigingen. Ten opzichte van die stand zijn de exogene (niet-beïnvloedbare) mutaties in deze begroting verwerkt (zie hierna onder I. Mutaties begroting). Na verwerking van deze mutaties resulteren positieve begrotingsaldi in elk van de begrotingsjaren. Waar 2023 een bescheiden plus laat zien van € 151.000 is in 2024 en 2025 sprake van forse begrotingsoverschotten. Deze kunnen slechts beperkt ingezet worden voor structurele beleidskeuzes om te voorkomen dat het structureel perspectief in 2026 negatief wordt. Zoals toegezegd in de Prognosebrief Begroting 2023-2026 leggen wij de structurele invulling van de financiële ruimte in een apart keuzemenu aan u voor. Uw keuzes verwerken wij in een separate begrotingswijziging die wij u na vaststelling van deze begroting aanbieden. Om in aanmerking te komen voor repressief toezicht door de provincie moet de Begroting 2023 structureel en reëel in evenwicht zijn.

Als dit niet het geval is, dient in de meerjarenbegroting aannemelijk te worden gemaakt dat dit evenwicht alsnog tot stand wordt gebracht. Zoals blijkt uit onderstaand overzicht sluiten de Begroting 2023 en de meerjarenramingen 20242026 met een positief saldo. Hiermee voldoen we aan de begrotingsvoorwaarden van de provincie. Deze voorwaarden zorgen als vermeld wel voor dat bij de inzet van de begrotingsoverschotten het saldo van 2026 beperkend is voor de omvang van de structurele beleidskeuzes. 2023

2024

2025

2026

Saldi meerjarenraming 2023-2025 (incl. raadsbesluiten 2022)*

-956

-823

-62

n.v.t.

Mutaties begroting

1.107

3.002

2.775

593

151

2.179

2.713

593

(Bedragen * € 1.000)

Resultaat Begr. 2023-2026

Een positief bedrag betekent een voordelig resultaat. * Inclusief structurele doorwerking mutaties eerste periodieke begrotingswijziging 2022.

I. Mutaties begroting De ‘Mutaties begroting’ betreffen de mutaties ten opzichte van de gecorrigeerde begrotingsaldi 2023-2025. Dit zijn de saldi uit de Begroting 2022-2025 gecorrigeerd met begrotingswijzigingen, zoals de periodieke begrotingswijzigingen. De voornaamste oorzaken van de ‘Mutaties begroting’ in 2023 zijn: Mutatie (bedragen * € 1.000)

2023

2024

2025

2026

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

44 55 3 -27 -101 205 40 214 45 791 150 94 100 -470 25

44 55 109 58 3 155 35 214

55 113 83 17 104 30 214

55 101 114 18 107 25 214

150 149

150

-398

19

IODS Veiligheidsregio Haaglanden Burgerzaken Kapitaallasten Programma 3 MOP Wegen Leerlingenvervoer Wmo Maatschappelijk team Jeugdzorg Bijstand BUIG Hoornbloem Leges omgevingsvergunningen Bouwplantoetsing

8

150 -34 50 -1.249 168

16 17 18 19 20 21 22

Algemene uitkering Treasury Dividend OZB Automatisering Accountant/ RMV Loonkosten

-3.382 38 408 -254 176 25 679

-3.931 34 408 -361 190 25 761

-4.899 30 408 -280 288 25 949

-3.399 22 408 -498 371 25 949

Een positief bedrag is negatief voor het saldo en vice versa.

In de Financiële begroting is een nadere toelichting op de oorzaken van het saldo van de primitieve begroting 2023 opgenomen. De afzonderlijke mutaties zijn hieronder kort omschreven en worden nader toegelicht in de verschillende programma’s. 1. IODS Onttrekking aan IODS-middelen volgens urenopgave van de afdeling kernopgaven. 2. Veiligheidsregio Haaglanden De bijdrage vanaf 2023 structureel te verhogen met €55.000 en te verwerken in de meerjarenbegroting 2023-2026. 3. Burgerzaken Stijging van aan burgerzaken gerelateerde uitgaven. 4. Kapitaallasten Programma 3 5. MOP Opname en doorschuiven van investeringsuitgaven. 6. Wegen Betreft areaaluitbreiding van wegen en stijging onderhoudskosten. 7. Leerlingenvervoer Door een stijging van het aantal leerlingen en algehele stijging van vervoerskosten zijn de kosten voor leerlingenvervoer gestegen. 8. WMO Door de ontwikkeling van het stijgende aantal cliënten gedurende de afgelopen jaren en de jaarlijkse indexering zien we al een tijdje een toename van de zorgkosten van huishoudelijke hulp en begeleiding ZIN. 9. Maatschappelijk team Voor de invulling van reeds besloten tijdelijke formatie voor het Maatschappelijk team is het vanwege de arbeidsmarktontwikkelingen noodzakelijk dit via externe inhuur te vervullen. 10. Jeugdzorg In 2023 wordt er incidenteel een bedrag beschikbaar gesteld door het Rijk van € 836.281.

Hiervan wordt 200.000 gebruikt ter dekking van de geprognosticeerde ontwikkeling Zorg in natura en € 45.000 ter dekking van invulling door externe inhuur. Het advies is het resterende bedrag van € 591.821 te storten in de reserve Sociaal domein ten behoeve van mogelijke overschrijdingen in de jaren 2023-2026. 11. Bijstand Ondanks de krappe arbeidsmarkt is het bijstandsbestand het afgelopen jaar met circa 10 uitkeringen gestegen. Deze stijging heeft o.a. te maken met de instroom van statushouders en een toename in het aantal verhuizingen vanuit de regio. Daarnaast is er een verzwaring in de problematiek bij de uitkeringsgerechtigden zichtbaar, waardoor uitstroom naar werk een langere adem vergt. 12. BUIG Inkomsten BUIG vallen naar verwachting lager uit. 13. Hoornbloem Herontwikkeling Hoornbloem is naar verwachting nog niet gereed in 2023. 14. Leges omgevingsvergunningen Mede n.a.v. herziene planning en cijfers, deze mutatie op de leges inkomsten. 15. Bouwplantoetsing Verhoging van de legesopbrengsten is gekoppeld aan meer kosten voor het toetsen van bouwplannen. Kosten om de vergunningen te kunnen verstrekken en de legesopbrengsten te kunnen realiseren. 16. Algemene uitkering Deze is gebaseerd op de meicirculaire 2022. 17. Treasury Actualisatie van de renteberekening.

9

18. Dividend Afname dividend JUVA. 19. OZB OZB-opbrengst berekening gebaseerd op aangeleverde woningbouwprognose LWE woningen en niet-woningen. 20. Automatisering Zowel nieuwe modules, uitvoeringskosten als ook installatiekosten bij uitrol van (nieuwe) applicaties. 21. Accountant/ RMV Nieuwe aanbesteding voor de accountantscontrole vanaf 2023 en externe ondersteuning ten behoeve van de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. 22. Loonkosten Bijraming van de loonkosten op basis van formatieaanpassing (effectuering van eerder genomen besluiten) en loonontwikkeling. Algemene reserve Eerdere besluiten tot storting in of onttrekking aan de algemene reserve ter ‘egalisatie’ van de begrotingsaldi zijn in deze begroting teruggedraaid. Zo werden in de Begroting 2022-2025 de tekorten voor de jaren 2022-2024 onttrokken aan de algemene reserve. Ter illustratie: in 2022 bedroeg het begrotingstekort € 398.000, maar door onttrekking aan de algemene reserve werd dit gereduceerd tot € 0. Door deze besluiten terug te draaien, is het werkelijke saldo van lasten en baten het startpunt voor deze begroting. De mutaties op de algemene reserve blijven in deze begroting daarom beperkt voor specifieke doeleinden waartoe eerder is besloten. In 2023 betreft het hier onder meer de Compensatieregeling oud papier.

De totale onttrekking aan de algemene reserve in 2023 blijft beperkt tot een bedrag van € 94.000. Het geraamde saldo van de algemene reserve op 31-122023 bedraagt € 6,9 miljoen. Hierbij dient nog te worden aangetekend dat: -

De toevoeging aan de algemene reserve van het positieve saldo van de 2 e Periodieke Begrotingswijziging 2022 ad € 372.447 is nog niet in dit saldo verwerkt.

-

De onzekerheden ten aanzien van de structurele dekking van kosten voor onder meer jeugdzorg en de omgevingswet vangen wij nog altijd (grotendeels) zelf op in deze begroting. Dit betekent dat wij de lasten zo reëel mogelijk ramen en slechts de baten opnemen voor zover dit is toegestaan (zie ook onder III. Financieel perspectief tot en met 2031). De algemene reserve laten wij buiten beschouwing bij het bepalen van de ratio weerstandsvermogen (zie Paragraaf Weerstandsvermogen). Daarvoor zetten wij de reserve Weerstandsvermogen (saldo € 4 mln.) in. Fluctuaties in het vermogen hebben zodoende geen invloed op de ratio, die nog altijd de aanduiding ‘uitstekend’ heeft (ratio > 2,0).

-

III. Financieel perspectief tot en met 2031 Deze meerjarenbegroting loopt tot en met 2026. De betrouwbaarheid van de ramingen neemt af naarmate het begrotingsjaar verder af ligt van het eerste jaar. Afname van het aantal variabele posten beperkt de mate van onzekerheid. Deze beperking van de onzekerheid is gevoed door: - een goede financiële structuur, zie de Financiële begroting; - verwerking van het verloop van de afschrijvingen; - verwerking van de verwachte ontwikkeling van de OZB-inkomsten. De informatie over het Gemeentefonds loopt tot 2026 en is gebaseerd op de meicirculaire 2022 en de meest actuele berekeningsmaatstaven. Voor de doorkijk tot 2031 gaan wij ervan uit dat de jaarlijkse correctie voor de prijzen en de salarissen gecompenseerd wordt door een verhoging van de uitkering uit het Gemeentefonds. Onzeker hierbij wel is of het rijk de terugval in de algemene uitkering vanaf 2026 in het gemeentefonds gaat compenseren of niet. Voor de kosten in het kader van jeugdzorg en de omgevingswet hanteren we in het meerjarenperspectief vanaf 2027 een voortzetting van de jaarschijf 2026. Ook is op de langere termijn sprake van het wegvallen van overige inkomsten (vooral opbrengsten uit langlopende leningen tegen relatief hoge rentepercentages).

Daarnaast is op enig moment de reserve ter dekking van de kapitaallasten van het gemeentehuis uitgeput, waardoor ruimte voor nieuwe kapitaallastendekking nodig is. Onzekerheid bestaat ook bij de ontwikkeling van de

10

dividendopbrengsten, waarbij nu bij Juva al rekening is gehouden is met terugloop. Het is onzeker, maar niet uit te sluiten, dat deze terugloop verder doorzet. Op basis van deze uitgangspunten en geen rekening houdend met nadere beleidsintensiveringen of nieuw beleid uit de keuzelijst, ziet het financieel perspectief (= resultaat begroting voor de betreffende jaren) tot en met 2031 er als volgt uit:

Het perspectief vanaf 2025, zoals dat blijkt uit bovenstaande grafiek, is grotendeels te verklaren door de verlaging vanaf 2026 van de algemene uitkering. Onze grootste inkomstenbron en daarmee voor een groot deel bepalend voor het meerjarig perspectief. Een positieve ontwikkeling is dat, in tegenstelling tot in de Begroting 2022-2025, geen beroep hoeft te worden gedaan op de algemene reserve voor een sluitende begroting. Hoewel de gemeente een stevige financiële buffer in de vorm van reserves heeft, is de inzet ervan punt van aandacht. Deze financiële buffer kan namelijk slechts beperkt worden ingezet voor het realiseren van een structureel sluitende exploitatie. Overeenkomstig de uitgangspunten is aanwending van algemene reserve slechts mogelijk voor de dekking van incidentele uitgaven. Dit is voor 2023-2026 toegepast.

11

Overzicht structureel/ incidenteel begrotingsaldo

2023

2024

2025

2026

Saldo baten en lasten

604.381

2.876.248

3.449.796

1.480.887

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamd resultaat

777.337

1.334.654

1.217.153

1.078.609

-150.707

-2.178.572

-2.712.933

-592.678

0

0

-116.000

0

-150.707

-2.178.572

-2.596.933

-592.678

Saldo incidentele baten en lasten Structureel begrotingsaldo

Overzicht begrotingsresultaat

2023 Saldo lasten -/- baten per programma 1

2024

2025

2026

558.696

563.649

604.892

609.192

2

3.600.363

3.532.489

3.534.284

3.533.318

3

5.265.457

5.626.124

5.774.247

5.942.530

4

1.571.911

1.459.072

1.469.256

1.466.505

5

12.719.229

12.613.004

12.629.211

12.760.521

6

2.342.390

2.277.783

2.207.821

2.118.670

7

-366.119

-490.330

451.189

907.131

Totaal van de programma's

25.691.928

25.581.791

262.670.901

27.337.868

Algemene dekkingsmiddelen Overzicht overhead

-34.156.550

-35.386.766

-37.178.574

-35.900.007

9.085.254

8.955.057

9.005.893

9.042.070

Bedrag heffing Vpb

0

0

0

0

Bedrag voor onvoorzien

6.000

6.000

6.000

6.000

Subtotaal programma's (Incl. alg. dekkingsmiddelen, overhead, Vpb en onvoorzien)

626.632

-843.918

-1.495.780

485.931

Onttrekkingen

1.817.362

1.739.335

1.273.532

1.127.611

Stortingen

1.040.025

404.681

56.379

49.002

-777.337

-1.334.654

-1.217.153

-1.078.609

-150.707

-2.178.572

-2.712.933

-592.678

Reservemutaties:

Saldo reservemutaties

12

Conclusie

In de Prognosebrief Begroting 2023-2026 die wij voor het zomerreces verstuurden, schreven wij bij het ‘Financieel perspectief’ dat wij voorzagen dat de Begroting 2023-2026 zich zou ontwikkelen langs scenario 1. Hierbij is geen sprake van financiële tekorten en is er beperkte ruimte voor nieuw en/ of intensivering van beleid. Hoewel de ontwikkelingen, binnen Midden-Delfland, maar vooral op macroniveau, elkaar in hoog tempo opvolgen, is dit inderdaad het beeld van deze Begroting 20232026. De Begroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 laat in ieder jaar een positief saldo zien. Dit biedt de gemeenteraad ruimte voor nieuw of intensivering van beleid. Uiteraard kan dit slechts zover de begrotingsoverschotten toelaten, maar daarnaast wordt de structurele ruimte voor nieuwe uitgaven bepaald door de financiële ruimte in het begrotingsjaar 2026. Dat jaar laat een ‘dip’ zien in het saldo ten opzichte van de jaren 2024 en 2025, omdat veel bijstellingen in het gemeentefonds namelijk een looptijd hebben tot en met 2025; 2026 wordt daarom in gemeenteland al het ‘ravijnjaar’ genoemd. Financiële ruimte in tussenliggende jaren kan hoogstens incidenteel, dus voor eenmalige uitgaven, worden ingezet. Deze begroting is gebaseerd op en bevat daarmee alle lasten en baten die onontkoombaar zijn en/ of redelijkerwijs te verwachten.

Dit betekent enerzijds dat we niet bij voorbaat begroten op de consequenties van de energiecrisis en aanhoudend koopkrachtverlies. Simpelweg omdat we niet kunnen voorzien wanneer en in welke mate de gevolgen voor ons merkbaar worden. Dit neemt niet weg dat we adequaat kunnen en zullen reageren als dat nodig is. Een beroep op bijvoorbeeld bijstand of kwijtschelding is niet gebonden aan een budgettair plafond, het zijn zogenaamde openeinderegelingen. Zij die hier recht op hebben, kunnen hier hoe dan ook een beroep op doen. Ook zetten wij er actief op in om vroegtijdig passend hulp te verlenen door middel van vroegsignalering en schuldpreventie. Anderzijds verwachten wij nog altijd een structurele compensatie van het Rijk voor onder meer de kosten voor jeugdzorg en de omgevingswet, maar speculeren daar in deze begroting niet op. Daarmee vangen we deze ‘pijn’ feitelijk nog altijd zelf op. Zeker in deze roerige en dynamische tijden benadrukken we dat een begroting altijd een momentopname is. Voor dit moment kunnen we echter concluderen dat de Begroting 2023-2026 in lijn is met het Coalitieakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 met: -

Een sluitend meerjarenperspectief; Geen losse eindjes of stelposten; Ruimte voor nieuw of intensivering van beleid; Gelijkblijvende tarieven voor rioolheffing en een verlaging van de tarieven voor afvalstoffenheffing met 4%; Een beperkte opbrengststijging voor de OZB met 3%; Voldoende middelen om de voorzieningen in deze gemeente in stand te houden en te investeren in onze organisatie en het onderhoud van onze kapitaalgoederen; Een solide financiële positie met onze solvabiliteit en ons weerstandsvermogen.

Kortom, een duurzaam financieel beleid met een structureel financieel sluitende begroting. Vanuit het principe dat de gemeente het geld beheert namens de samenleving.

13

2. Programma’s

14

Programma 1 : Vitale dorpen in Midden-Delfland® 2025 Beleidsdoel Versterken en behouden van het open agrarisch cultuurlandschap van Midden-Delfland en de kwaliteit van de vitale dorpen en de buurtschappen in Midden-Delfland.

Wat willen we bereiken? Gewenst maatschappelijk effect Midden-Delfland is nu en in de toekomst een vitaal landschap, met een agrarisch en recreatief karakter. De ‘koe in de wei’ is en blijft het symbool voor een grondgebonden veehouderij. De ‘Grutto in de wei’ staat voor een natuurlijk landschap met kansen voor weidevogels. Het Bijzonder Provinciaal Landschap van Midden-Delfland is een belangrijke pijler voor de versterking van het economisch vestigingsklimaat van de regio en het leefklimaat van haar inwoners. Het landschap draagt haar steentje bij aan de regionale economie in de vorm van voedselproductie vanuit korte ketens, een steeds verder ontwikkelde sector van ‘hospitality’ en andere vormen van dienstverlening aan het stedelijk gebied. Een landschap met kwaliteit is niet alleen fijn voor onze eigen inwoners maar is ook van essentieel belang voor de 2,3 miljoen regiobewoners. Velen van hen recreëren in Midden-Delfland. Ook voor het regionale toerisme is ons bijzondere landschap een belangrijke aanvulling op de omliggende steden. Duurzame melkveehouderij is de drager van het open veenweidelandschap. Samenwerking en draagvlak bij bestuurders in de regio en maatschappelijke organisaties zijn daarbij belangrijk. Bekostiging van ontwikkelingen en beheer is een belangrijk aandachtspunt.

Na terugtrekking van het rijk en provincie is er te kort voor het onderhoud van de groengebieden. In het kader van het versterken en behouden van de kwaliteiten van de vitale dorpen en buurtschappen in Midden-Delfland wordt de eerder ingezette realisatie van 700 woningen en de ontwikkeling van de drie centrumplannen voortgezet. Voor de voortgang van de plannen wordt verwezen naar Programma 7.

Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld? Midden-Delfland is lid van de internationale beweging Cittaslow die nadruk legt op de authentieke waarden van gemeenten, op aandacht voor de kwaliteit van leven en voor eerlijk en gezond voedsel. Lid zijn van Cittaslow betekent voor Midden-Delfland een bewuste oriëntatie op de lokale kracht van de samenleving, fijnschaligheid, duurzaamheid vanuit een optimaal evenwicht tussen economische, ecologische en sociale aspecten en de eigen authentieke waarden. De komende jaren wordt meer ingezet op de samenwerking met het Cittaslow-netwerk in onze gemeente en op de ‘branding’ van Midden-Delfland als een ‘slow’ en vooral ‘Bijzonder Provinciaal Landschap’.

Wat gaan we daarvoor doen? Operationeel doel om het beoogde maatschappelijk effect te bereiken De concrete doelen in dit programma zijn direct gerelateerd aan doorontwikkeling van het groene landschap. Concrete doelen/acties voor 2023 Basis voor de activiteiten in 2023 zijn het Uitvoeringsprogramma van de Gebiedsvisie MiddenDelfland®2025 en het uitvoeringsplan van de Visie over het Bijzonder Provinciaal Landschap is. Deze zijn te vertalen in vier opdrachten. Opdracht A: Kwaliteit, Landschap van Stand; Opdracht B: Betrokken en duurzaam beheer; Opdracht C: Ontmoeting tussen stad en land; Opdracht D: Het A-merk Midden-Delfland®2025. Ad A Kwaliteit, Landschap van Stand Versterking van de ruimtelijke kwaliteit is van belang voor de toekomst van Midden-Delfland. Bij nieuwe ontwikkelingen staat borging van kwaliteit voorop. Centraal staan ook het draagvlak bij 2,3

15

miljoen stedelingen en de ruimtelijke bescherming. Deze opgave voeren we uit met de partners aan de Landschapstafel Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Actiepunten opgave A: − Voldoende menskracht en middelen voor de uitvoering van projecten. − Een regionaal kwaliteitskader voor onafhankelijke advisering door de Polderarchitect; − Inzet op aanvalsplan Grutto door het Weidevogelpact; − Vergroting biodiversiteit; − Afronding sanering verspreid liggend glas; − Een goede ruimtelijke inpassing en benutting van koppelkansen bij de spoorwegverbreding; − CO2 vastleggen door onder meer de inzet op water vasthouden. − Met de provincie zal nauw worden samengewerkt bij de totstandkoming van het Provinciaal Programma landelijk gebied wat de rijksoverheid verlangd in het kader van de doelstellingen van het NPLG. Uitgangspunt zijn de resultaten die de gemeente met LTO en natuurorganisaties op dit vlak al heeft bereikt (zie B). Ad B Betrokken en duurzaam beheer Centraal staat de betrokkenheid van ondernemers, agrarisch en niet-agrarisch, en gebruikers. Actiepunten opgave B: − Voldoende beheerbudget als basis voor de kwaliteit van de groengebieden.

− Betrokkenheid van lokale partijen bij de uitvoering van het beheer en onderhoud; − Verder uitvoering geven aan het project Grondinstrument IODS; − Uitvoering geven aan het Meerjarenprogramma IODS Groen Ondernemen; − Versterken van korte ketens tussen Midden-Delfland en de omliggende steden; − Permanente aandacht voor versterken van de biodiversiteit; − Realisatie van een zuivelfabriek. Ad C Ontmoeting tussen stad en land Centraal in deze opgave staat de doelstelling tot betere recreatieve ontwikkeling en ontsluiting van het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland voor 2,3 miljoen inwoners. Actiepunten opgave C: − Meewerken aan de ontwikkeling van een recreatieperspectief voor het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. − Versterking van stad-land relaties; − Versterking van de Erfgoedlijn Delflandse Trekvaarten; − Verduurzaming van waterrecreatie; − Verkoop van lokale producten en korte ketens. Ad D Het A-merk Midden-Delfland®2025 Centraal bij deze opgave is eenduidige gebiedsmarketing richting 2,3 miljoen regiobewoners.

Actiepunten opgave D: − Verbetering van de bekendheid van het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland; − Samen met agrariërs, groene gebiedsorganisaties, voedselproducenten, horeca en recreatieondernemers verdere invulling geven aan de gebieds- en productmarketing; − Aanleg van een recreatieve verbinding in het gebied tussen het centrum van Maassluis en het buitengebied rond Maasland; − Poortontwikkeling op de grens van het stedelijk- en het landelijk gebied; − Versterking ruimtelijke kwaliteit historisch lint Oostgaag-Westgaag. Instrumenten − Gebiedsvisie Midden-Delfland®2025 − Landschapsontwikkelingsperspectief Midden-Delfland® 2025 (gemeentelijke structuurvisie voor het buitengebied) − Omgevingsvisie 1.0 − Visie Behoud door ontwikkeling (Vitale Dorpen) − Bestemmingsplannen, in het bijzonder buitengebied Gras en Glas − IODS (Integrale Ontwikkeling Delft-Schipluiden), met als instrumenten: o Plan van aanpak Saneren verspreid liggend glas; o Plan van aanpak Duurzaam boer blijven in Midden-Delfland; o Evaluatie en uitvoeringsvoorstel Grondinstrument december 2015;

16

− − − − − −

Aanwijzing Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland op basis van Wet natuurbescherming/Omgevingswet Visie en uitvoeringsprogramma Landschapstafel Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland 2019 Lidmaatschap Cittaslow en realisatie Sustainable Development Goals VN (Global Goals), inclusief kennisuitwisseling binnen landelijk en internationaal netwerk Cittaslow Coöperatie Coöperatief beheer groengebieden Midden-Delfland U.A. Stichting Groenfonds Midden-Delfland Stichting Landschapsfonds Hof van Delfland

Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen? De Stichting Groenfonds Midden-Delfland ondersteunt de agrarische sector door te werken aan: − Instandhouding van het open agrarisch cultuurlandschap − Verbetering van de relatie stad en platteland. Bij de Coöperatie Coöperatief beheer groengebieden Midden-Delfland U.A. (CBG) werken overheden samen bij het beheer van groengebieden in het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland. Staatsbosbeheer is de uitvoeringsorganisatie. De Stichting Landschapsfonds Hof van Delfland ondersteunt het behoud, versterking en verdere ontwikkelingen van het landschap door financiële doorsluizing van subsidies.

Wat mag het kosten? Beschikbare middelen Lasten: Midden-Delfland en Vitale Dorpen Toerisme en recreatie Baten: Midden-Delfland en Vitale Dorpen Toerisme en recreatie

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

1.247.502

1.166.613

1.006.550

1.009.642

1.012.942

1.015.642

142.481

119.487

144.859

147.059

149.359

151.259

898.909

722.911

592.713

593.052

557.409

557.709

0

0

0

0

0

0

Wijzigingen budget 2023 ten opzichte van 2022 Lasten Midden-Delfland en Vitale Dorpen (€ -160.063) De afname van de lasten op dit taakveld is met name het gevolg van hogere projectsubsidies in 2022 (€ -72.000, zie ook baten). Hiernaast is mede vanwege in 2021 doorgeschoven budgetten naar 2022 een hoger budget opgenomen voor uitvoering van het infrastructuurproject ‘Verbreding A4’ (€ -45.000). Het restant betreft een verschuiving van werkgeverslasten (€ -45.049). Toerisme en recreatie (€ 25.372) De toename is voornamelijk te verklaren door een verschuiving van werkgeverslasten (€ 23.196). Baten Midden-Delfland en Vitale Dorpen (€ -130.198) Afname van de baten worden hoofdzakelijk veroorzaakt door de hogere projectsubsidies in 2022 van € 72.000 (zie ook lasten) een lagere raming van werkgeverslasten ten laste van het IODSbudget (€ -43.448) en een in 2022 ontvangen vergoeding van het Landschapsfonds voor verrichte werkzaamheden door de Gemeente Midden-Delfland (€ 15.000).

17

Mutaties reserve Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

Totaal lasten

45.000

0

0

0

0

0

Totaal baten

78.750

45.000

0

0

0

0

Mutaties reserve

Wijzigingen reserves 2023 ten opzichte van 2022

Baten € -45.000 Uit de Algemene Reserve wordt in 2022 de volgende incidentele onttrekking gedaan: - Doorschuifbudget openbaar groen en recreatie € 45.000

18

Programma 2 : Bestuur en veiligheid Beleidsveld bestuurlijke organisatie Beleidsdoel Het hebben van een herkenbaar en toegankelijk bestuur, dat aanspreekbaar is op een hoge kwaliteit van dienstverlening aan onze inwoners.

Wat willen we bereiken? We hebben goed contact met de samenleving. De raad heeft hierin een belangrijke rol. De raad is de vertegenwoordiging van onze samenleving. Maandelijks bespreekt het college met de raad de kaders. Direct door inwoners en ondernemers zijn we, de collegeleden, ook aanspreekbaar. Dit loopt bij voorkeur via de portefeuilles. Wij luisteren naar de belangen die onder de aandacht gebracht worden vanuit de samenleving en reageren daar adequaat op. Ons doel hierbij is dat er effectieve aandacht is voor het behoud en de versterking van de identiteit van de gemeente Midden-Delfland, haar dorpen en gemeenschappen.

Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld? Kenmerkende elementen die voortvloeien uit Cittaslow zijn kwaliteit, sociale cohesie, duurzaamheid, cultuurhistorie, gastvrijheid en ondernemerschap. Deze elementen passen bij onze identiteit. Deze onderwerpen beïnvloeden in belangrijke mate de keuzes binnen de andere beleidsvelden van deze programmabegroting. De lokale samenleving vormt de identiteit van gemeenschappen. Het authentieke veenweidelandschap bepaalt de identiteit van de gemeente Midden-Delfland. Behouden en versterken van de kwaliteit van het landschap is onze belangrijke taak. De identiteit van de dorpen is zeer waardevol. We behouden het goede, zoals het sociale klimaat en de cultuurhistorie. ‘Wij streven naar vitale dorpen met een menselijk gezicht, dorpen waarin de bewoners centraal staan en zij samen een dynamische en betrokken gastvrije gemeenschap vormen die levenskracht uitstraalt, dorpen waarin ondernemers een belangrijke plek innemen.’

Wat gaan we daarvoor doen? Operationeel doel om het beoogde maatschappelijk effect te bereiken We zijn een aansprekende en aanspreekbare gemeente. Concrete doelen/acties voor 2023 Dit doen we door aanspreekbaar te zijn: - Vertegenwoordiging van de samenleving door de raad. - We zijn zichtbaar en aanspreekbaar voor de inwoners in de gemeente - Mogelijkheid om afspraken te maken Dit doen we door duidelijk te zijn: - We stellen op basis van het coalitieakkoord een collegeprogramma vast en werken hieraan; - Dit college zal ervoor zorgen de hernieuwde visie Midden-Delfland® 2025-2050 is vastgesteld. Specifiek inhoudelijke doelen voor de uitvoering van dit programma zijn opgenomen in de beleidsprogramma’s van deze begroting. Rode draad hierbij vanuit de bestuurlijke organisatie is de aanpak van maatschappelijke vraagstukken vanuit het belang van de inwoners in een regionale context. De komende periode is de inzet gericht op het versterken van onze regionale positie. Hierbij moet de regionale samenwerking een meerwaarde opleveren voor de aanpak van maatschappelijke doelen en lokale opgaven.

19

Instrumenten Inspraakverordening Klachtenverordening Reglement van orde voor de raadsvergaderingen (spreekrecht) Verordening op de commissies (spreekrecht) Beleidskader communicatie Nota burgerparticipatie Social Media Interbestuurlijk Programma (www.overheidvannu.nl) Vereniging van Nederlandse Gemeenten Fonds GGU Verbonden partijen (paragraaf 3.2) en informele regionale afspraken (o.a. Gebiedstafel Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland, Bestuurlijke Tafel Wonen Haaglanden)

Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen? De Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) werkt met de 23 deelnemende gemeenten aan het versterken van de bereikbaarheid en het economisch vestigingsklimaat van de regio Rotterdam Den Haag. Naast deze formele taken vervult de MRDH ook een netwerkfunctie, zoals bij de Regionale Energiestrategie (RES) en advisering provincie bij ruimtelijke procedures werklocaties.

Wat mag het kosten? Beschikbare middelen Lasten: Bestuursorganen Burgerzaken Raad en raadscommissies Bestuursondersteuning raad Bestuurlijke samenwerking Baten: Bestuursorganen Burgerzaken Raad en raadscommissies Bestuursondersteuning raad Bestuurlijke samenwerking

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

431.840 757.237 286.584 221.169

550.039 788.936 328.488 203.855

562.948 737.538 328.150 225.170

546.276 851.204 329.928 242.756

550.719 857.914 331.828 260.756

557.293 879.887 333.428 278.556

122.383

133.017

117.950

120.501

123.176

125.476

149.675 259.834

19.400 223.929

19.400 200.225

19.400 375.090

19.400 395.023

19.400 431.536

27.501

Wijzigingen budget 2023 ten opzichte van 2022 Lasten Burgerzaken (€ -51.398) De afname op dit taakveld betreft voornamelijk de volgende twee punten. Ten eerste de bijraming in 2022 vanuit het Rijk als compensatie voor gemaakte kosten vanwege de gemeenteraadsverkiezingen (€ -25.000), ten tweede een verschuiving van werkgeverslasten (€ -21.760). Het restant is een optelsom van meerdere posten.

20

Beleidsveld openbare orde en veiligheid Beleidsdoel Dat de gemeente Midden-Delfland een veilige gemeente is om in te wonen, werken en recreëren.

Wat willen we bereiken? Gewenst maatschappelijk effect Dat inwoners, ondernemers en bezoekers zich veilig voelen in Midden-Delfland. Als er een incident, ramp of crisis is of deze zich dreigt voor te doen, merken inwoners dat de gemeente dit adequaat oppakt.

Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld? Een goede en veilige leefomgeving is een basisvoorwaarde bij de beleving van de kwaliteit van leven in een gemeente. Cittaslow besteedt bij de fysieke leefomgeving aandacht aan herstel en herbestemming van vervallen locaties en leegstaande panden. De aandacht voor de fysieke leefomgeving draagt bij aan de leefbaarheid en veiligheid in een gemeente.

Wat gaan we daarvoor doen? Operationeel doel om het beoogde maatschappelijk effect te bereiken We zetten in op het continueren van ons veiligheidsniveau. We zetten lopende activiteiten voort. De meeste aandacht gaat uit naar de veiligheidsaspecten die we noemen in het geldende actieprogramma veiligheid. Het operationele doel staat eveneens in dit actieprogramma. Concrete doelen/acties De regionale en lokale prioriteiten worden samengevoegd en uitgewerkt in het Integraal Veiligheidsbeleid Midden-Delfland 2022-2025 (IVB) dat door de raad wordt vastgesteld. Dit IVB geeft algemene beleidskaders aan. Het laat zien welke speerpunten, doelen en aanpak zijn gekozen voor de periode tot en met 2025. Het is gebruikelijk dat het plan elke vier jaar herzien wordt. Dit jaar zal het plan dan ook herzien gaan worden en worden de prioriteiten bepaald voor de opvolgende periode. Hierbij worden de (veiligheids) partners, zoals de politie, betrokken. Aan dit plan zit een tweejaarlijks uitvoeringsprogramma verbonden. Als er een incident, ramp of crisis is of deze zich dreigt voor te doen, pakken we dit adequaat op.

Instrumenten - IVB - Uitvoeringsprogramma - Algemene Plaatselijke Verordening Midden-Delfland (en bijzondere wette) - Evenementenbeleid - Horecabeleid - Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Haaglanden - Regionaal Crisisplan Haaglanden - Onze handhaver - Veiligheidshuis– en kamer - Het RIEC en Bibob (van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) - Bemiddeling & Mediation

Wat is de betrokkenheid van de verbonden partijen? De Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) is ontstaan op basis van de Wet veiligheidsregio’s die gemeenten verplicht een gemeenschappelijke regeling aan te gaan voor het organiseren van de samenwerking op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. De integrale aanpak van gebied gebonden overlast gevende thema’s ontwikkelen we in samenwerking met politie, zorg en het Veiligheidshuis Haaglanden.

21

Wat mag het kosten? Beschikbare middelen Lasten: Brandweer en rampenbestrijding Overige openbare orde Baten: Brandweer en rampenbestrijding Overige openbare orde

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

1.097.310

1.273.171

1.320.149

1.320.850

1.321.650

1.322.250

603.311

387.297

549.783

552.264

555.764

558.564

20.170

74.184

0

0

0

0

37.889

21.338

21.700

22.200

22.800

23.300

Wijzigingen budget 2023 ten opzichte van 2022 Lasten Brandweer en rampenbestrijding (€ 46.978) De toename van de lasten op dit taakveld is het gevolg van de hogere bijdrage aan de ‘Veiligheidsregio Haaglanden’ vanaf 2023 (€ 55.000) boven op de reeds hogere raming (€ 11.471). Hiernaast is een hoger budget voor rampenbestrijding en crisisbeheersing opgenomen (€ 15.000). De subsidie kosten (en baten) ‘Corona toegangsbewijzen’ in 2022 zorgt voor een afname ten opzichte van 2023 (€ -74.184) Het restant is het gevolg van een verschuiving van werkgeverslasten (€ 39.512). Overige openbare orde (€ 162.486) De toename van de lasten op dit taakveld is voornamelijk het gevolg van een verschuiving van werkgeverslasten (€ 139.720). Daarnaast is budget opgenomen voor het opslaan van zaken na woningontruiming en wegsleep- en opslagkosten van verwaarloosde voertuigen (€ 15.000). Het restant betreft voornamelijk een toename van de overige kosten (€ 6.000). Baten Brandweer en rampenbestrijding (€ -74.184) De afname van de lasten (en baten) op dit taakveld is het gevolg van de bijdrage ‘Corona toegangsbewijzen’ in 2022 (€ 74.184). Mutaties reserve Mutaties reserve Totaal lasten Totaal baten

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

12.381 30.828

0 12.381

0 0

0 0

0 0

0 0

22

Programma 3 : Beheer, verkeer en milieu Beleidsveld beheer openbare ruimte Beleidsdoel Het leveren van een kwalitatieve bijdrage aan de aanleg, de verbetering en de instandhouding van de boven- en ondergrondse infrastructuur, de leefbaarheid van de woonomgeving en de natuur-ontwikkeling.

Wat willen we bereiken? Gewenst maatschappelijk effect Binnen de kaders van wat financieel mogelijk is handhaven van een onderhoudsniveau van de openbare ruimte waarbij inwoners zich prettig voelen.

Wat is de relatie tussen Cittaslow en dit beleidsveld? De inrichting van de openbare ruimte draagt bij aan de beleving van de kwaliteit van de dorpen en het landschap. Cittaslow ondersteunt bewustwording van de inrichting van die ruimte, waarbij rekening wordt gehouden met de directe omgeving. Een historische omgeving vraagt om een ander bestratingsmateriaal en om andere inrichtingselementen dan een nieuwbouwwijk. In het open veenweidegebied wordt rekening gehouden met zichtlijnen en het voorkomen van lichtvervuiling door bijvoorbeeld groene ledverlichting toe te passen. Aandacht voor duurzaamheid door bijvoorbeeld het gebruik van milieuvriendelijke materialen, hergebruik van bestratingsmateriaal en relingen van riolering is bij de inrichting van de openbare ruimte een belangrijk aspect. Ook wordt er bij vervanging van voertuigen voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte zoveel mogelijk ingezet op elektrische voertuigen.

Wat gaan we daarvoor doen? Wegen Concrete doelen/acties voor 2023 − De kwaliteit van wegen verhogen door een extra structurele financiële impuls op basis van het nieuwe wegenbeheerplan; − De wegen binnen enkele jaren op een hoger kwaliteitsniveau te brengen en te houden. − Klimaat adaptief inrichten van wegen bij nieuwbouw en reconstructies; − Benutten van meekoppelkansen bij infrastructurele projecten van andere overheden zoals de N468 of de N223; − Intensiveren afstemming en samenwerking met het Hoogheemraadschap van Delfland voor wegen op kades; − Intensiveren integrale aanpak wegen en nutsvoorzieningen; − Optimaliseren vegen en onkruidbestrijding in afstemming met groenbeheer; − Beheer wegmeubilair, markering en bebording conform het nieuwe beheerplan; − Opschoonactie bebording en wegmeubilair (sanering); − Opstellen onderhoudsplan halfverharding. Instrumenten − Wegenbeheerplan 2023-2027 − Gladheidsbestrijdingsplan − Wegenlegger − Beheerplan borden 2023-2027 (inclusief wegmeubilair en markering) Civiele kunstwerken Concrete doelen/acties voor 2023 − Vaststellen beheerplannen kades, damwanden en beschoeiingen met financiële vertaling in de begroting; − Actualiseren beheerplan bruggen; − Starten met opstellen beheerplan stuwen.

23

Instrumenten − Beheerplan bruggen 2015-2019 (verlengd tot 2024) Openbare verlichting Concrete doelen/acties voor 2023 − Vervangen van afgeschreven armaturen en verbeteren van de lichttechnische kwaliteit − Gebruik maken van dimmers, Telemanagement units en (groene) ledverlichting − Verlichten van achterpaden (sociale veiligheid) − Actualiseren Keuzenotitie openbare verlichting Instrumenten − Keuzenotitie openbare verlichting 2015-2020 (verlengd tot 2024)

Wat mag het kosten? Beschikbare middelen Lasten: Wegen, kunstwerken en openbare verlichting Binnenhavens en waterwegen Vijvers en sloten Baten: Wegen, kunstwerken en openbare verlichting Binnenhavens en waterwegen Vijvers en sloten

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

2.183.289

2.874.118

3.030.683

3.383.983

3.517.900

3.586.897

140.516

319.516

473.244

503.328

540.361

569.695

163.866

88.816

142.866

75.528

75.152

77.000

148.600

80.400

2.958

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

Wijzigingen budget 2023 ten opzichte van 2022 Lasten Wegen, kunstwerken en openbare verlichting (€ 156.565) De toename voor dit taakveld heeft meerdere redenen, met name hogere kapitaallasten (€ 246.544) en in mindere mate het onderhoudsbudget (€ 49.108). In 2022 is vanuit de reserve grexen dekking gevonden voor uitvoeringswerkzaamheden aan de Bouwmare (€ -100.000). Verder is het bedrag voor het inlopen van achterstanden MJOP’s in 2022 hoger geweest dan in 2023 (€ -100.000). Vanwege bij de jaarrekening doorgeschoven budgetten van 2021 naar 2022, betreft belijning en markering (€ -30.000) en onderhoud asfaltverhardingen (€ -107.503). Het gevolg van een verschuiving van werkgeverslasten (€ 202.130) geeft een verklaring voor het restant. Binnenhavens en waterwegen (€ 153.728) De stijging ontstaan voornamelijk vanwege een stijging van de kapitaallasten (€ 161.618) en een verschuiving van werkgeverslasten (€ -12.610). Vijvers en sloten (€ -88.816) Deze afname vanwege een omzetting in 2022: conform IV3 dit taakveld “Waterkering, afwatering en landaanwinning “hernoemd naar “Vijvers en sloten” en tegelijk de begrote bedragen met overlap van, omgezet naar “Binnenhavens en waterwegen”.

24

Maatsch./Ec. nut.

Overzicht investeringen begroting 2022-2025 Omschrijving investering: Reconstructie wegen Woudselaan & Lookwatering Den Hoorn Reconstructie kruispunt Oude Veiling (2004) Reconstructie Veenakkerweg (2016) Reconstructie Burg. v.d. Lelijkade Reconstructie Kluiskade Reconstructie en dijkverzwaring Hoornsekade Reconstructie Maassluisseweg Vervangen brug S019 Zouteveenseweg Vervangen Sionsbrug DH021 Renoveren Hodenpijlbrug S028 behoud gem. monument Vervangen SchoutJansheulbrug (S027) Vervangen brug ZuidkadeZouteveenseweg (S022) Vervangen brug S020 Zouteveenseweg Vervangen brug S021 Zouteveenseweg Vervangen brug Hoornseweg DH003 Reconstructie en verb. fietspad Rotterdamseweg Reconstructie Slot de Houvelaan Opwaarderen fietspad en asfalteren Westgaag Reconstr. deel Westlander, Schouw, Aak en Praam Reconstructie Maassluisseweg 2021 Voetpad van 's-Herenstr. naar Annie M.G Schmidpl. Aanleg parkeerverharding Reynebolt Maeslandstraat 2022 Parkeerplaats Tiendweg 2022 Bovenkruier 2022

2023 30.000

2024

2025

262.500

2026 M

59.621

M

34.723

M

211.325

M

90.211

M

670.000

M

380.000

M 277.100

352.700

M M

182.300

M

510.000

M

192.100

M

300.000

202.300

M

267.700

M

1.521.800

M

450.000

M

195.000

M

550.000

M

970.000

M

400.000

M

36.000

M

280.000

M

151.000

M

200.000

M M

25

Woudselaan 2024 Vervangen lichtmasten 2023 Vervangen lichtmasten 2025 Vervangen Lichtmasten en armaturen 2024 Vervangen lichtmasten en armaturen 2025 Verv. brug DH019 Woudseweg thv Lookwatering 2025

350.000

M

178.500

M 185.500 182.000

M M

185.500

M

241.740

M

Verv. brug DH010 Noordelijke brug Looksingel 2025

93.024

M

Verv. brug DH009 Zuidelijke brug Looksingel 2025

103.224

M

Vervangen beschoeiingen/damwanden 2023

350.000

Vervangen beschoeiingen/damwanden 2024

M

350.000

Vervangen beschoeiingen/damwanden 2025

M

350.000

Vervangen beschoeiingen/damwanden 2026

350.000

Vervanging duiker Baanderheer M030 (2021) Totaal:

M

160.000

6.591.180

3.755.700

M

M

973.488

535.500

Algemeen Bij de begroting 2023 is uitgegaan van de werkelijke woningaantallen in 2022 met de bijgestelde prognose voor de jaren daarna.

Wat gaan we daarvoor doen? Groen Concrete doelen/acties voor 2023 − Ondersteunen van bewonersinitiatieven voor vergroening van de wijken; − Klimaat adaptieve inrichting met meer groen; − Uitvoeren van ecologisch plus groenbeheer met eigen groendienst; − Uitbreiden ecologisch bermbeheer; − Realiseren van het groenplan voor de door Delfland gereconstrueerde kades langs de Dorpsstraat en de Vlaardingsekade in het dorp Schipluiden; − Kwaliteitsimpuls groen Harnaschpolder; − Vaststellen geactualiseerd groenbeleidsplan; − Optimaliseren afstemming groenbeheer en onkruidbestrijding op verharding en vegen.

26

Instrumenten − Groenbeleidsplan Midden-Delfland Begraafplaatsen Concrete doelen/acties voor 2023 − Actualiseren beheers verordening gemeentelijke begraafplaatsen; − Starten met opstellen beheerplan begraafplaatsen. Instrumenten − Beheers verordening gemeentelijke begraafplaatsen 2009

Wat mag het kosten? Beschikbare middelen

Rekening 2021

2022

2023

2024

2025

2026

Lasten: Openbaar groen Begraafplaatsen

1.149.501 175.978

1.173.358 214.855

1.226.075 244.094

1.241.394 242.878

1.254.055 244.143

1.264.286 243.720

Baten: Openbaar groen Begraafplaatsen

98.082 133.129

42.040

141.892

20.126 144.304

20.200 147.800

20.300 151.500

20.400 154.500

Wijziging budget 2023 ten opzichte van 2022 Lasten Openbaar groen (€ 52.717) De toename is een totaalsom van meerdere mutaties op groenonderhoud (€ 27.185) voor de dorpskernen, een verschuiving van werkgeverslasten (€ -8.050), toename van kapitaallasten (€ 19.866) en de verdeling tractie (€ 10.283). Begraafplaatsen (€ 29.239) De toename komt voornamelijk door een verschuiving van werkgeverslasten (€ 31.240). Maatsch./Ec. nut.

Overzicht investeringen begroting 2022-2025 Omschrijving investering: Herinrichting openbaar groen 2023 Herinrichting openbaar groen 2024

2023

2024

2025

50.000

M 50.000

Herinrichting openbaar groen 2025

M 50.000

Herinrichting openbaar groen 2026 Totaal:

2026

M

50.000 50.000

50.000

27

50.000

50.000

M

Wat gaan we daarvoor doen? Speelplaatsen Concrete doelen/acties voor 2023 − Meer aandacht voor natuurlijk spelen en spelen in het groen bij herinrichting van speelplaatsen; − Vergroenen van verharde (grijze) speelplaatsen; − Bij speelplaatsen die weinig gebruikt worden niet opnieuw speeltoestellen plaatsen, maar wel de speelruimte behouden en speelaanleidingen toevoegen; − Actualiseren Nota spelen. Instrumenten − Nota spelen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=415f9ce6-991a-4c0c-868a-b80b507df37a