Begroting_2024-2027_Definitief_Gemeenteraad
Tekst van het document
93
(=lening). Als de kasgeldlimiet gedurende drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden moet Gedeputeerde Staten worden geïnformeerd. De liquiditeitspositie van de gemeente Midden-Delfland is inmiddels minder sterk. Het beleid is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende schulden omdat de rente op de kortlopende middelen in het algemeen lager is dan de rente op langlopende middelen. De afgelopen jaren zijn enkele leningen met een looptijd < 1 jaar aangetrokken met een negatieve rente. Er is dus een vergoeding ontvangen van de bank. De geldmarkt is in 2022 veranderd. De ECB heeft haar opkoopprogramma gestopt. Eerder opgekochte obligaties worden weer verkocht. Inflatie wordt bestreden met het laten stijgen van rentes. Vanaf 2023 moet voor korte geldleningen weer rente betaald worden.
Modelstaat A KASGELDLIMIET (= Rekening KGL x 1.000) 2022
Begroot 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Omvang € 52.021 begroting/rekening
€ 59.021
€ 57.661
€ 55.150
€ 55.261
€ 55.715
Percentage regeling KGL
8,5%
8,5%
8,5%
8,5%
8,5%
8,5%
KGL
€ 4.422
€ 5.017
€ 4.901
€ 4.688
€ 4.697
4.736
(1)
Vlottende schuld
€ 25.327
€ 25.617
€ 25.607
€ 25.580
€ 25.580
€ 25.480
(2)
Vlottende middelen
- € 31.188 - € 29.188 - € 28.188 - € 27.188 - € 26.188 - € 25.188
(3)
Netto vlottende (+) of overschot - € 3.861 middelen (-)
- € 3.571
- € 2.581
- € 1.608
- € 608
€ 292
(4)
Kasgeldlimiet
€ 4.422
€ 5.017
€ 4.901
€ 4.688
€ 4.697
€ 4.736
Ruimte KGL (4>3) € 8.283
€ 8.588
€ 7.482
€ 6.296
€ 5.305
€ 4.444
Berekening KGL regeling
Overschrijding KGL (3>4)
94
De limiet wordt bepaald voor korte financiering met een rente-typische looptijd van maximaal 1 jaar en wordt gerelateerd aan het begrotingstotaal.
Renterisico op langlopende schuld (renterisiconorm) Op grond van de Wet FIDO mag een gemeente van haar langlopende schulden (looptijd >1 jaar) in enig jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal aflossen en/of herfinancieren, wat overeenkomt met een aflossingsperiode van ten minste vijf jaar. Dit is de zogenoemde renterisiconorm. Het doel van de renterisiconorm is de herfinanciering van leningen in omvang en tijd te spreiden waardoor de (eventuele) gevolgen van een rentestijging beperkt blijven en de (mogelijke) renterisico’s worden ingeperkt. In 2024 wordt totaal € 978.537 aan langlopende leningen afgelost. Dat is ca. 1,9% van het begrotingstotaal. Er wordt dus ruimschoots voldaan aan de renterisiconorm.
Modelstaat B RENTERISICONORM Rekening (= RRN x 1.000) 2022
Begroot 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Omvang € 52.021 begroting/rekening
€ 59.021
€ 57.661
€ 55.150
€ 55.261
€ 55.715
Percentage regeling 20% RRN
20%
20%
20%
20%
20%
Berekening RRN regeling
RRN (1)
Renteherzieningen € 0
€0
€0
€0
€0
€0
(2)
Aflossingen
€ 516
€ 974
€ 979
€ 946
€ 4.197
€ 900
(3)
Renterisico (1 + 2)
€ 516
€ 974
€ 979
€ 946
€ 4.197
€ 900
(4)
RRN
€ 10.404
€ 11.804
€ 11.532
€ 11.030
€ 11.052
€ 11.143
Ruimte RRN (4>3)
€ 9.888
€ 10.830
€ 10.553
€ 10.084
€ 6.855
€ 10.243
Overschrijding RRN (3>4)
95
Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisicovorm in beginsel niet overschrijden. Het overzicht laat zien dat de renterisiconorm van 20% van het begrotingstotaal in meerjarenperspectief niet wordt overschreden.
Renteontwikkeling De rente op de geld- en kapitaalmarkt is in 2023 wederom gestegen. De inflatie in de Eurozone is uitzonderlijk hoog. Rentestijgingen kunnen worden toegeschreven aan het inprijzen van ECBrenteverhogingen. De vrees is echter dat de economie van de Eurozone zal stagneren. De kans op een recessie in de Eurozone is verhoogd vanwege het vooruitzicht op krapper ECB-beleid; het voedsel, - grondstoffen- en energieprijsschok; uit de hand gelopen inflatie; de oorlog in de Oekraïne en bredere geopolitieke spanningen. Genomen maatregelen in 2022 en 2023 door de ECB hebben een stijging van de marktrente tot gevolg. Dit effect zal naar verwachting blijven doorwerken in de rentetarieven van 2024 en volgende jaren. De refirente is per 21 juli 2022 verhoogd van 0% naar 0,5%. Inmiddels is deze per 21 juni 2023 gestegen naar 4%. Refirente is de rente die banken elkaar onderling in rekening brengen (herfinancieringsrente).
Inzicht rentelasten/-baten Op het gebied van de rente wordt er volgens de richtlijnen veel meer dwingend voorgeschreven dan voorheen. Enkele uitgangspunten zijn: • • •
• •
•
Het aantrekken en verstrekken van een lening betreft een treasury activiteit. De met deze activiteit gepaarde rentelasten en rentebaten behoren op het taakveld Treasury. Aanbeveling is om geen rentevergoeding te rekenen over het eigen vermogen en de voorzieningen. Als de werkelijke rentelasten in euro’s die over een jaar aan taakvelden hadden moeten worden doorbelast, afwijken van de rentelasten in euro’s die op basis van de voor gecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, kan de gemeente besluiten tot correctie. Correctie wordt verplicht gesteld als deze afwijking groter is dan 25%. De commissie BBV adviseert het renteschema in de paragraaf Financiering van de gemeentelijke begroting en jaarstukken op te nemen. Hiermee wordt inzicht gegeven in de rentelasten externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. Verder zijn wijzigingen voor de rente van het grondbedrijf/grondexploitaties doorgevoerd. Aan grondexploitaties mag alleen de rente van externe financiering worden doorberekend. Omdat er geen leningen voor grondexploitaties zijn aangetrokken betekent dit dat er geen rente wordt doorberekend. Via de kapitaallasten mogen alleen werkelijke rentelasten naar de taakvelden worden doorbelast over de boekwaarden van investeringen.
Wanneer er geen leningen zijn aangetrokken dan mag er helemaal geen rente worden toegerekend aan de taakvelden. Dit houdt in dat er geen rente meer kan worden doorbelast. De kapitaallasten bestaan dan alleen nog uit afschrijvingen.
96
Toerekening rente Als de gemeente een geldlening aantrekt in het kader van projectfinanciering, wordt de werkelijk te betalen rente conform het BBV naar het desbetreffende taakveld doorbelast. Dit is van toepassing op de geldleningen voor de aankoop van erfpachtgronden. De rente van deze leningen moet rechtstreeks worden doorbelast naar het taakveld beheer overige gebouwen en gronden.
Financieringspositie en rentekosten Het rente-omslagpercentage wordt ingezet om rentekosten toe te wijzen aan vaste activa. Dit percentage vertegenwoordigt het gemiddelde van zowel betaalde als ontvangen rente. Verschillende factoren spelen een rol in de bepaling van het omslagpercentage. Een significante factor is het schatkistbankierenbeleid, waarbij publieke middelen gecentraliseerd worden bij de overheid. Dit beleid kan rentetarieven beïnvloeden, wat op zijn beurt effect heeft op het omslagpercentage. Daarnaast zijn aanpassingen in de BBV-voorschriften van belang. De BBV bevat richtlijnen over het toewijzen van rentekosten. Deze voorschriften kunnen de berekening en het gebruik van omslagpercentages in gemeenten beïnvloeden. Bovendien hebben de algemene renteomstandigheden invloed. De huidige rentetarieven op aangegane en uitgezette leningen kunnen direct invloed uitoefenen op het omslagpercentage. Lagere rentetarieven op aangegane leningen en hogere rentetarieven op uitgezette leningen kunnen het omslagpercentage verlagen, terwijl het tegenovergestelde hetzelfde effect kan hebben. Samengevat hebben deze ontwikkelingen geleid tot een situatie waarin het omslagpercentage op 0% gehandhaafd blijft.
Renteschema jaarrekening 2024 Rente schema
2024
a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
b.
De externe rentebaten (idem)
€ 1.055.658
-/-
Saldo rentelasten en rentebaten
c.
De rente die aan de grondexploitatie
€ 724.006
€ 331.652
-/-
€-
97
Rente schema
2024 moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld -/moet worden toegerekend (rente aankoop gronden)
€ 853.060
-/-
€ 853.060 - € 521.408
d.1
Rente over eigen vermogen
€ 56.643
d.2
Rente over voorzieningen
€-
Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente
- € 464.765
e.
De aan taakvelden toe te rekenen rente (rente omslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
-/-
€-
- € 464.765
Leningenportefeuille
98
Een belangrijk onderdeel van het financieringsbeleid vormt de omvang, flexibiliteit, gemiddelde looptijd en rentegevoeligheid van de leningenportefeuille. De leningenportefeuille langer dan één jaar heeft per 1 januari 2024 een omvang van € 72,2 miljoen (waarvan 67,5 miljoen direct gekoppeld aan erfpacht). Het grootste gedeelte van de leningenportefeuille zijn projectfinancieringen voor aankoop gronden. Aangekochte gronden bedrijvenschap HarnaschPolder zijn in erfpacht uitgegeven (zie raadsbesluiten 2015-23980 en 2016-32705). Voor deze financiering van aankoop gronden en de betaling van de overeengekomen afkoopsommen voor renteverschillen zijn leningen aangetrokken. Het financieel risico is beperkt omdat erfpachtinkomsten (canon) hoger zijn dan de rentekosten.
Overzicht van schulden O/G 2024 met een looptijd langer dan één jaar. Restantbedrag Rente Restantbedrag Oorspronkelijk Laatste Rente Aflossing geldleningen 2024 geldleningen geldlening aflossing % 2024 1-1-2024 Valutair 31-12-2024
Omschrijving
Onderhandse leningen N.V. Bank Nederlandse Gemeenten: BNG 40.89594
€ 907.560
1-32024
4,670%
Naar kortlopend
BNG 40.91485.01
€ 408.402
26-102025
3,470%
Naar kortlopend
BNG 40.92017
€ 680.670
14-22026
5,500% € 81.680
€ 3.180 € 27.227 € 54.454
BNG 40.115448
€ 5.000.000
15-22032
0,835% € 4.500.000
€ € € 4.000.000 33.926 500.000
€ 4.581.680
€ € € 4.054.454 37.106 527.227
Totaal Projectfinancieringen N.V. Bank Nederlandse Gemeenten: BNG 40.111437
€ 7.429.045
2-72029
1,245% € 7.429.045
€ € 0,92.492
€ 7.429.045
99