CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

B 25170 bijlage Tweede bestuursrapportage 2025 GR GGD-VT Haaglanden

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Brieven van derden13.599 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Prioritering Bij binnenkomst van meldingen en het doen van veiligheidsbeoordelingen wordt door Veilig Thuis altijd voorrang gegeven aan de spoedzaken. Dit betekent dat casussen sneller worden oppakt wanneer er signalen van acute onveiligheid bestaan in relatie tot huiselijk geweld en/of kindermishandeling. Ook in de aanpak van de wachtlijst geldt dat bij het starten van een dienst en bij het beheer van de wachtlijst continu gekeken wordt naar de zwaarte en urgentie van de casuïstiek. De wachtlijst heeft zodoende geen invloed op de interventiesnelheid van Veilig Thuis in acute situaties. Indien er nieuwe signalen zijn wordt de prioritering van deze zaken herzien. Ook kan de prioritering worden aangepast door de duur waarop een zaak op de wachtlijst staat. Vervolgacties kunnen zijn dat de wachtlijstbeheerder contact legt met direct betrokkenen of lopende hulpverlening om: • Zicht te krijgen op de veiligheid en opnieuw de prioriteit te bepalen • Te bekijken of een melding afgesloten en/ of overgedragen kan worden • Een melding versneld door te zetten voor onderzoek. Onderstaande figuur geeft de wachtlijst weer voor de maand augustus 2025 afgezet tegen augustus 2024 uitgesplitst naar gemeenten.

20

09 Mi dd en -D elf lan d

08 W as se na ar

td or p

rb ur g

07 Pij na ck er -N oo

am -V oo

06 L

eid sc he nd

05 W es tla nd

04 Ri jsw ijk

oe ter me er 03 Z

02 De lft

jan - aug 2025

01 'sGr av en ha ge

Meldingen uitgesplitst naar gemeente en aanleiding De aanleiding van de melding verschilt per gemeenten. ‘(Ex) Partner geweld’ en ‘Kindermishandeling’ zijn de voornaamste aanleidingen van een melding en dat geldt voor alle gemeenten.

(Ex) Partner geweld Andere problematiek dan huiselijk geweld of kindermishandeling Eergerelateerd geweld

51%

54%

51%

44%

50%

53%

42%

63%

43%

7%

11%

10%

10%

10%

6%

17%

2%

21%

1%

1%

2%

1% 9%

Geweld tegen ouders jongen dan 65 jaar door hun kinderen Huiselijk geweld

8%

5%

10%

7%

4%

12%

13%

11%

13%

9%

11%

11%

11%

12%

10%

11%

3%

Kindermishandeling

67%

72%

67%

69%

70%

70%

72%

84%

55%

Ouderenmishandeling en ontspoorde zorg (vanaf 65 jaar)

3%

3%

3%

5%

3%

2%

1%

3%

In bovenstaande grafiek tellen totalen op dan meer dan 100%. Reden is dat een melding uit meerdere aanleidingen kan bestaan.

21

3.2 Regiovisie ketensamenwerking Toekomstscenario ‘Kind- en gezinsbescherming’ In april 2025 heeft het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) besloten een stap terug te zetten uit het landelijke programma Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. De Veilig Thuisorganisaties blijven als dat past participeren in de proeftuinen en blijven hun kennis en ervaring delen waar dat bijdraagt aan inhoudelijke vernieuwing. Het uitstappen van LNVT heeft geen invloed op de deelname van Veilig Thuis aan de Proeftuin Haaglanden. De huidige proeftuin loopt tot eind 2025. Met de afronding van deze proeftuin wordt de nieuwe werkwijze opgeleverd. I januari 2026 Echter, we zijn er dan nog niet. De werkwijze moet beproefd en doorontwikkeld worden. Dat gaan we doen in Proeftuin 2.0. In deze tweede fase van de proeftuin willen we op grotere schaal aan de slag in Den haag, Delft en Westland om de nieuw ontwikkelde werkwijze verder te beproeven. Daarvoor worden twee gebiedsteams gerealiseerd: in Delft en Westland. De inzet vanuit Veilig thuis betreft twee maatschappelijk werkers en één gedragswetenschapper, alle drie voor 16 uur per week. 3.3 Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 en doelen 2025 Veilig Thuis is een organisatie in ontwikkeling. In 2024 is een meerjarenbeleidsplan voor de periode 2024 tot 2027 opgeleverd.

De missie van Veilig Thuis Haaglanden luidt: 'Het duurzaam stoppen van huiselijk geweld.’ De aansluitende visie is: Wij leveren hoge kwaliteit van dienstverlening, wij bieden kennis en expertise en wij werken in partnerschap, met direct betrokkenen en onze partners. Hieronder zijn voor een aantal onderwerpen de acties beschreven die door Veilig Thuis Haaglanden in 2025 zijn opgepakt. Meldingen Overige Zorg In 2023 heeft Veilig Thuis haar werkwijze aangescherpt voor politiemeldingen "Overige Zorg". Dit betreft meldingen zonder vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling. Omdat in deze meldingen de wettelijke taak voor Veilig Thuis ontbreekt, mag Veilig Thuis haar informatiepositie niet gebruiken. Dat betekent dat Veilig Thuis de “overige zorg” melding niet mag verrijken met informatie van o.a. het Veilig Thuisregister, de eigen clientregistratie, bekendheid bij de Raad voor de Kinderbescherming en het lokaal veld. In 2024 heeft Veilig Thuis samen met de politie, lokale teams en adviseurs van de H9-gemeenten het proces van deze meldingen in kaart gebracht om elkaars werkwijze beter te begrijpen en te inventariseren wat nodig is om in de toekomst de meldingen op de juiste plek te laten landen, met oog voor elkaars taken en verantwoordelijkheden.

Hoewel Overige Zorgmeldingen niet vallen binnen het wettelijk kader van Veilig Thuis, is in landelijke overleggen besproken dat deze meldingen momenteel toch via Veilig Thuis verlopen. Dit leidt in de praktijk tot onwenselijke situaties, zoals dossiervorming bij Veilig Thuis, terwijl er geen sprake is van een wettelijke grondslag voor betrokkenheid. Samenwerking met partners Veilig Thuis is in diverse overlegstructuren vertegenwoordigd, bijvoorbeeld in de proeftuin van het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en de doorontwikkeling Regiovisie Huiselijk Geweld. Veilig Thuis heeft samenwerkingsafspraken gemaakt met de lokale teams van de gemeenten in de regio Haaglanden. Veilig Thuis toetst meerdere keren per jaar in gesprekken met de lokale teams hoe de samenwerking verloopt en of de taken en verantwoordelijkheden van Veilig Thuis duidelijk zijn. Femicide en partnergeweld In het derde kwartaal van 2025 is binnen Veilig Thuis de expertgroep Femicide/Intieme Terreur van start gegaan. Femicide is fataal, gendergerelateerd, geweld tegen vrouwen. Femicide door een (ex-)partner wordt wel omschreven als ‘de meest voorspelbare moord’. Dat impliceert dat er een grote mogelijkheid is om dodelijk geweld te voorkomen, omdat geweldspatronen en risicofactoren in privésfeer kunnen worden opgemerkt.

Een bijzondere vorm van (ex-) partnergeweld is Intieme Terreur en kenmerkt zicht door een patroon van controle en dwang. De overheid heeft in haar plan van aanpak voor femicide de focus op de vormen van (dodelijk) geweld waarbij de pleger een (ex)partner of familielid is. Om een werkwijze te realiseren, die oog heeft voor het voorkomen van fataal geweld (femicide), is het belangrijk dat Veilig Thuis de aanpak en beoordeling van partnergeweld met (nog meer) nadruk opneemt in het inschatten en beoordelen van de urgentie van binnenkomende meldingen. Vanuit gemeente Den Haag is budget beschikbaar gesteld om binnen Veilig Thuis een expertgroep op te richten. Deze expertgroep richt op het vergroten van de deskundigheid op het gebied van 22

partnergeweld en draagt deze kennis aan zorgaanbieders binnen Gemeente Den Haag die te maken hebben met hoog-risico casuïstiek als het gaat om (ex-)partnergeweld. Dit levert een deskundige aanpak van (ex-)partnergeweld op, met als doel het voorkomen van femicide. Wachtlijst(beheer) ketenpartner In het VNG-kwaliteitskader “Werken aan veiligheid voor lokale teams en gemeenten” zijn de verantwoordelijkheden van Veilig Thuis en de lokale teams bij het werken aan veiligheid beschreven. Deze verantwoordelijkheden zijn verder uitgewerkt in de “Samenwerkingsafspraken Veilig Thuis Haaglanden en lokale teams”. Bij de ketenpartners binnen Haaglanden is in de praktijk gebleken dat er onduidelijkheid bestaat over de rol van Veilig Thuis in de periode tussen de overdracht van een casus en de start van hulpverlening door de ketenpartner. Hoewel Veilig Thuis na overdracht geen wettelijke taak heeft anders dan het monitoren van veiligheid of het behandelen van nieuwe meldingen, wordt de organisatie regelmatig benaderd door directbetrokkenen die nog op een wachtlijst staan bij de ontvangende partij. Dit leidt tot verwarring over verantwoordelijkheden bij cliënten, ketenpartners en medewerkers. Om deze onduidelijkheid te voorkomen, zijn de interne processen en afspraken binnen Veilig Thuis verhelderd.

Er is expliciet vastgelegd dat Veilig Thuis geen verantwoordelijkheid draagt voor het organiseren of uitvoeren van overbruggingszorg. De verantwoordelijkheid voor het bieden van tijdelijke hulp of het beheren van wachtlijsten ligt bij de partij die de casus heeft overgenomen. Veilig Thuis zal in de komende periode met de gemeentes en de lokale teams dit onderwerp bespreken tijdens de evaluatie van de samenwerkingsafspraken. Samenwerking in pilots Veilig Thuis participeert in diverse pilots zoals de pilot Stalking. Het doel van de pilot Stalking is om samen met ketenpartners zoals politie, OM, Perspektief, reclassering, Arosa en slachtofferhulp de aanpak van (ex)partnerstalking te verbeteren. Op 15 maart 2025 heeft Veilig Thuis samen met de GGD een symposium ex-partner stalking georganiseerd. In de zomer van 2024 is de pilot “slachtofferdevice” gestart. Het slachtofferdevice is een hulpmiddel dat wordt ingezet om slachtoffers van stalking te beschermen. Dit apparaat werkt door middel van GPS en is gekoppeld aan de elektronische enkelband van de verdachte of veroordeelde. Dit hulpmiddel biedt slachtoffers meer rust en veiligheid, vooral buiten de gebieden waar een contact- of locatieverbod geldt. Het helpt hen om hun leven weer op te pakken zonder constante angst voor confrontaties met hun stalker.

Arosa doet de screening in afstemming met de reclassering voor inzet van het slachtofferdevice. Het opleggen van het slachtofferdevice is een strafrechtelijke maatregel. Veilig Thuis heeft een belangrijke signalerende rol bij casuïstiek van ex-partnerstalking Veilig Thuis en bespreekt de casuïstiek met Arosa. De pilot Stalking wordt in 2025 geëvalueerd. In deze evaluatie wordt meegenomen wat nodig is voor een goede continuering in 2026 en welke rol Veilig Thuis daarin zal hebben. Op 1 september 2025, is de pilot Gezamenlijke Triage & Regie (GTR) van start gegaan (voorheen gecommuniceerd als gezamenlijke aanpak voor seksueel misbruik en seksueel geweld). In deze pilot werkt Veilig Thuis Haaglanden samen met Centrum Seksueel Geweld, Slachtofferhulp Nederland, Perspectief Herstelbemiddeling, het Openbaar Ministerie en de politie in een multidisciplinair team (MDT) om slachtoffers van seksueel misbruik en seksueel geweld – en hun systeem – sneller en beter te ondersteunen. Het MDT-overleg bespreekt naar verwachting zo’n 200 casussen. Deelnemers vanuit Veilig Thuis in het MDT zijn gedragswetenschappers. Voor circa 10 casussen neemt een onderzoeker van Veilig Thuis de casusregie op zich. Er is ook een praktijktest aan gekoppeld waarbij er gekeken naar de haalbaarheid van deze werkwijze en naar resultaat en effect.

STERK In nauwe samenwerking met de politieregio en Veilig Thuis Hollands Midden wordt onderzocht of en hoe het programma STERK georganiseerd kan worden binnen Veilig Thuis. STERK richt zich op een specifieke en uiterst kwetsbare doelgroep: vrouwen die traumatische ervaringen hebben opgedaan en geïsoleerd en geïntimideerd worden vanwege hun (ex-)relatie met een lid van een georganiseerd crimineel netwerk. Daarnaast biedt STERK waardevolle inzichten in casuïstiek die verband houdt met intieme terreur – een ernstige vorm van partnergeweld die zich kenmerkt door controle, dwang en structurele bedreiging. Door meldingen via STERK kan Veilig Thuis nieuwe meldingen in bestaande casussen herbeoordelen en geweldspatronen anders labelen, wat leidt tot een completer beeld en effectievere interventies. Deze verkenning draagt bij aan het versterken van de radarfunctie van Veilig Thuis en het verbeteren van de samenwerking tussen ketenpartners in het domein van veiligheid en zorg. 23

Strafbare kindermishandeling In samenwerking met ketenpartners uit de regio Haaglanden en Hollands Midden is een gezamenlijke routekaart ontwikkeld voor de aanpak van strafbare kindermishandeling. Deze routekaart biedt helderheid over de te volgen stappen, verantwoordelijkheden en afstemming tussen betrokken organisaties wanneer sprake is van (vermoedens van) strafbare feiten jegens kinderen. De gezamenlijke inzet is erop gericht om snel, zorgvuldig en effectief te handelen, met oog voor zowel strafrechtelijke als zorginhoudelijke aspecten. Het streven is om samen met de betrokken ketenpartners aan het begin van het eerste kwartaal een vakdag te organiseren, waarmee (jaarlijks) aandacht wordt gevraagd voor dit thema. Ook intern heeft Veilig Thuis het proces rondom strafbare kindermishandeling verder geconcretiseerd, verhelderd en geïmplementeerd. De interne afspraken zijn aangescherpt en vastgelegd, zodat medewerkers beschikken over duidelijke kaders en handelingsperspectieven. Hiermee wordt geborgd dat signalen van strafbare kindermishandeling tijdig en adequaat worden opgepakt, en dat de samenwerking met ketenpartners zoals politie, Openbaar Ministerie, de raad voor de kinderbescherming en jeugdbescherming goed verloopt.

Samenwerkingsafspraken beschermingsmaatregelen rondom geboorte In het kader van vroegtijdige signalering en passende ondersteuning bij kwetsbare zwangerschappen, wordt de samenwerking tussen Veilig Thuis en ziekenhuizen in de regio verder verstevigd. Deze samenwerking richt zich met name op het tijdig inzetten van beschermingsmaatregelen rondom de geboorte, in nauwe afstemming met ketenpartners in de jeugdbeschermingsketen. De samenwerkingsafspraken “beschermingsmaatregelen rondom geboorte” met het HagaZiekenhuis (Den Haag en Zoetermeer) bevindt zich in de afrondende fase. Tevens is Veilig Thuis in de adviesfunctie aangesloten bij de Mamapluspoli van het HagaZiekenhuis Den Haag waar intensieve begeleiding wordt geboden aan zwangere vrouwen in een kwetsbare situatie. De vertrouwensarts van Veilig Thuis sluit structureel aan bij deze poli, om vroegtijdig risico’s te signaleren en advies te geven over passende zorg en bescherming. Bij HMC Westeinde is de samenwerking beschermingsmaatregelen in de opstartfase. De komende periode wordt ingezet op het formaliseren van afspraken met Veilig Thuis, de Raad voor de Kinderbescherming en de Gecertificeerde instellingen, onder andere over informatie-uitwisseling, multidisciplinair overleg en het gezamenlijk opstellen van zorg- en veiligheidsplannen.

3.4 Werving en behoud personeel Binnen Veilig Thuis Haaglanden is aandacht voor de persoonlijke ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid van de medewerkers heel belangrijk. Niet alleen wordt hier aandacht aan besteed in de gesprekscyclus met de medewerkers, maar is ook een aantal initiatieven ingevoerd. Alle medewerkers kunnen een mental health check aanvragen en is een wijziging doorgevoerd in de beschikbaarheidsregeling om de werklast beter te kunnen verdelen. Daarnaast zijn we tot nieuwe afspraken gekomen met de flexibele schil. We hebben hierin gekozen voor een ander dienstverleningsmodel, wat past binnen de kaders van de wet DBA. Het personeelsbestand is vrij stabiel gebleven. De nieuwe functie-inschaling van de Onderzoekers VT per juli 2024 heeft geleid tot een lagere uitstroom dan voorgaande jaren en een betere werving van nieuwe collega's. Omdat de herwaardering o.a. het gevolg was van complexere casuïstiek, is in 2025 ook de functie van Werkbegeleider VT geactualiseerd. Ook voor de overige functies van Veilig Thuis binnen het functiehuis is aandacht. Zo is de roepnaam van de functie ‘Secretaresse’ gewijzigd naar ‘Procesondersteuner’ omdat dit meer aansluit bij de ondersteunende werkzaamheden in het primaire proces die zij verrichten voor de regioteams.

Formatie Bezetting Formatieruimte 2025 2025 2025 GR tm augustus tm augustus Totaal VT vast personeel 155,26 165,84 -10,59 Onderzoeker veilig thuis flexpool 15,21 5,81 10,36 Totaal VT vast personeel 170,47 170,69 -0,22

24

3.5 Toelichting baten en lasten Veilig Thuis Op basis van de GR begroting ontvangen de deelnemende gemeenten 2x per jaar een voorschotfactuur op basis waarvan de door het AB vastgestelde deelnemersbijdragen betaald worden. In de eerste 8 maanden hebben de gemeenten het 1e voorschot betaald. De GR heeft na ontvangst van de bijdragen van de gemeenten vervolgens de 1e voorschotfactuur voor het eerste halfjaar aan de uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis betaald. Voor een deel van de taken die Veilig Thuis in het kader van de GR voor de deelnemende gemeenten uitvoert geldt dat er een vaste jaarlijkse bijdrage betaald wordt. Indien de werkelijke lasten hoger of lager zijn dan is dit resultaat voor rekening van de opdrachtnemer. Uitzondering hierop is de taak Meldingen, daarvoor vindt verrekening plaats met de deelnemende gemeenten op basis van de werkelijke realisatie aan het eind van het jaar. Op basis van de realisatie in de eerste 8 maanden van het jaar is de verwachting dat de werkelijke uitgaven op de taak Meldingen dit jaar lager zullen zijn dan begroot. Het gaat in totaal naar verwachting om een bedrag van circa € 83.000.

Specificatie resultaat GR

Baten

Deelnemersbijdragen gemeenten Onttrekking aan reserve GR

Lasten

Totaal

Verwacht

Gewijzigde begroting 2025

Werkelijk tot en met augustus 2025

Prognose 2025

21.109

10.541

21.109

0

-

173*

0

83

173

resultaat 2025

Lasten directe kosten uitvoeringsorganisatie VT

18.047

7.178

17.964

Lasten vergoeding overhead uitvoeringsorganisatie VT

3.236

3.364

3.236

0

-

-

83

83

* In bovenstaand overzicht is nog geen rekening gehouden met een verrekening van een resultaat op het budget Versterken lokale teams, omdat op dit moment nog niet van alle gemeenten bekend is in hoeverre het beschikbare budget ingezet wordt. Indien na afloop van het jaar sprake is van een resultaat op dit budget vindt bij de jaarstukken op basis van de werkelijke realisatie een onttrekking plaats aan de bestemmingsreserve die voor dit doel bij de GR beschikbaar is. Per saldo leidt dit dus niet tot een resultaat. In hoofdstuk 5 bijlage: baten en lasten uitvoeringsorganisaties GGD en VT is een tabel opgenomen met de baten en lasten van de uitvoeringsorganisatie VT per taak.

25

4. GR algemeen De GR-ondersteuning heeft in de eerste acht maanden van het jaar de reguliere P&C producten opgeleverd, dit zijn: Voorjaarsbrief 2025 t.b.v. begroting 2026, de eerste bestuursrapportage, de begroting 2026, begrotingswijziging 2025 en de jaarstukken 2024. Voor de zomer heeft het AB een besluit genomen en is het traject van de bezuinigingsopdracht uit de regionale kaderbrief gr’en afgerond. Financiële stand van zaken budget GR-ondersteuning Het totale budget voor GR-ondersteuning is € 479.000. Dit is het budget na verwerking van de bezuinigingsopgave uit de regionale kaderbrief, die voor dit onderdeel van de begroting al vanaf 2025 in de GR begroting is verwerkt. Voor de deelnemende gemeenten betekent het in 2025 een verlaging van de deelnemersbijdrage met € 170.000. De taken worden uitgevoerd binnen het bijgestelde budget, naar verwachting resteert er aan het eind van het jaar een positief saldo van circa € 80.000. Bestemmingsreserves In onderstaande tabel is de actuele stand van zaken opgenomen van de bestemmingsreserves bij de GR. Bestemmingsreserves GR (bedragen in € 1.000) VT: Tijdelijke intensiveringen VT: Versterken lokale teams gemeenten GGD: Tijdelijke intensiveringen Totaal bestemmingsreserves

Resultaat- Verwachte bestemming mutaties 2025 2024

Stand per 1-12025 6

Verwachte stand 31-122025

173

-173

6

1.153

0

n.t.b.*

1.153

334

173

-363

144

1.493

346

-536

1.303

* Op dit moment is nog niet van alle gemeenten bekend in hoeverre het budget dit jaar wordt ingezet. Daarmee is nog niet duidelijk of er een resultaat ontstaat op het budget dat verrekend zal worden met deze reserve.

26

5. Bijlage: baten en lasten uitvoeringsorganisaties GGD en VT GGD In onderstaande tabel zijn de baten en lasten, inclusief de verwachte afwijkingen per taak opgenomen. Deze afwijkingen hebben beperkt impact op de verrekeningen met de GR. Namelijk alleen op de taken in het kader van de Wet Toezicht op de kinderopvang en de Forensische geneeskunde vindt na afloop van het jaar verrekening plaats met de GR en de deelnemende gemeenten op basis van de werkelijke realisatie per gemeente. Lasten GR taken GGD Haaglanden

Begroting

Prognose

2025 GR basis

8-maands

Baten Prognose

Begroting

afwijking

2025

Prognose

Prognose

Totaal

afwijking

resultaat

20.376

20.548

-172

23.940

24.228

-288

117

Ambitie 1 1. Versterking kennisfunctie

4.182 131

4.122 131

60 0

5.185 155

5.157 155

28 0

33 0

2. Gezondheidsbevordering

1.177

1.157

20

1.399

1.399

0

20

3. Toezicht op de kinderopvang

2.057

2.006

51

2.606

2.528

78

-26

-11

-50

4. Publieksinformatie

817

828

1.025

1.075

Ambitie 2 5. Medische milieukunde

1.473 1.200

1.462 1.199

11 1

1.765 1.426

1.765 1.426

39

0

11 1

6. Technische Hygiënezorg

230

221

9

289

289

0

9

7. Inspectie tatoeages & piercings

43

43

0

50

50

0

0

Ambitie 3 9. a) Algemene infectieziektebestrijding b) Versterking Infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid*

9.808 2.167

10.219 2.478

-410 -311

11.371 2.644

11.687 2.771

-316 -127

-94 -183

1.780

1.780

0

2.099

2.099

0

0

11. Tuberculosebestrijding

1.718

1.832

-114

2.043

2.232

-189

74

12. Bevorderig seksuele gezondheid*

0

4.038

4.038

0

4.468

4.468

0

0

13. Crisisorganisatie

105

90

15

117

117

0

15

Ambitie 5 15. Epidemiologie **

4.913 1.166

4.746 1.052

167 114

5.619 1.356

5.619 1.356

0

16. Beleidsadvisering 17. Algemene staftaken 18. Zorggerelateerde taken

0

167 114

352

350

2

421

421

0

2

1.669

1.694

-25

2.036

2.036

0

-25

335

315

20

403

403

0

20

19. Algemene kosten GGD Haaglanden

1.391

1.335

56

1.403

1.403

0

56

GR plus

3.517

2.946

571

4.049

3.194

526

39 39

30 30

9

48 48

48 48

0

2.570 2.570

1.758 1.758

812 812

2.971 2.971

908 908

1.157 1.157

-249 -249

23.893

23.494

400

Ambitie 2 8. Hygiëne-inspectie seksinrichtingen Ambitie 3 10. Reizigersadvies en -vaccinatie Ambitie 4 14. Forensische geneeskunde Begroting Programma GGD Haaglanden

9

45 9

0

9

2.299 2.299

672 672

140 140

1.030 1.030

1.176 1.176

-146 -146

-103 -103

27.989

27.422

238

162

* Resultaat rekenen we af met het Rijk, geen resultaat voor de GR ** 100 terugstorten in reserve GR, dus resultaat is lager Lasten Programma Corona

8-maands

Baten

Begroting

Prognose Prognose

Begroting

Prognose Prognose

Totaal

2025

afwijking

2025

afwijking

resultaat

Programma Corona Programma corona, prijs per prik

3.605 3.605

3.605 3.605

Totaal Programma Corona***

3.605

3.605

0 0 0

3.605 3.605

3.605 3.605

3.605

3.605

0 0

0 0

0

0

*** Resultaat rekenen we gedeeltelijk af met het Rijk, minimale bijdrage, onafhankelijk of aantal prikken <75%, bedraagt 75% = 2,7 mln. Lasten Indirecte kosten & bedrijfsvoeringstoeslag

Baten

Begroting

Prognose Prognose

Begroting

Prognose Prognose

Totaal

2025

afwijking

2025

afwijking

resultaat

Toerekening OCW- en DH brede lasten (Bedrijfsvoeringtoeslag)

4.096

4.096

Totaal indirecte kosten en bedrijfsvoeringstoeslag

4.096

4.096

0

0

0

0

0

31.595 204

31.195 204

400 0

31.594 204

31.028 204

238 0

162 0

Begroting Programma GGD Haaglanden Compensabele doorschuif BTW 21% BTW op Lijkschouw Begroting 2025 GR-taken GGD Haaglanden incl. BTW

0

0

0

0

0

216

216

0

216

216

0

0

32.015

31.615

400

32.014

31.448

238

162

27

De voornaamste afwijkingen uit bovenstaande tabel zullen van een korte toelichting worden voorzien. Dit zijn de taken waarop een verrekening met de GR / deelnemende gemeenten verwacht wordt en de afwijkingen op taken die per saldo > € 70.000. Toezicht kinderopvang (per saldo nadeel van € 41.000 voor opdrachtnemer, terugbetaling aan deelnemende gemeenten van € 78.000) Naar verwachting zijn de aantallen inspecties in 2025 op totaalniveau iets lager dan op basis van de jaaropgave verwacht. De deelnemende gemeenten betalen uiteindelijk voor het aantal werkelijk uitgevoerde inspecties in hun gemeente, de verrekening per gemeente wordt opgenomen in de jaarstukken van de GR. De uitvoeringsorganisatie GGD ervaart knelpunten in de bezetting en moet daardoor extra uitgaven doen om de werkzaamheden uit te voeren. Algemene infectieziektebestrijding (per saldo verwacht nadeel voor opdrachtnemer € 183.000) De lasten van de uitvoeringsorganisatie zijn hoger dan begroot doordat er meer uitbraken en meldingen zijn (bijvoorbeeld van mazelen) door een relatief lage vaccinatiegraad in de regio Haaglanden. De baten zijn ook hoger dan begroot door hogere opbrengsten van verzekerde zorg. Tuberculosebestrijding (per saldo verwacht voordeel voor de opdrachtnemer € 74.000) De personele lasten zijn hoger dan begroot.

Daartegen over staat dat de baten ook hoger zijn dan begroot door hogere opbrengsten verzekerde en niet verzekerde zorg. Epidemiologie (per saldo verwacht voordeel voor de opdrachtnemer € 114.000 -> voorstel storten in reserve) De lasten van de opvolging van de gezondheidsmonitor Volwassen zijn dit jaar minder hoog dan verwacht. Het voorstel is om het resterende budget van circa € 100.000 bij de jaarrekening 2025 toe te voegen aan de bestemmingsreserve GGD bij de GR als dekking van de extra werkzaamheden voor de uitvoering van gezondheidsmonitor Jeugd in 2026. Reizigersadvies- en vaccinatie (per saldo verwacht voordeel voor de opdrachtnemer € 140.000) De lasten op deze taak zijn lager dan begroot door lagere salariskosten. De baten zijn ook lager dan begroot. Forensische geneeskunde (per saldo wordt voor de opdrachtnemer een negatief resultaat van € 103.000 verwacht, bijbetaling door gemeenten € 117.000 ) Door hogere aantallen verrichtingen dan waarmee in de begroting rekening is gehouden zijn de lasten hoger. Het hogere aantal verrichtingen in het kader van de Wet op de lijkbezorging heeft ook tot gevolg dat de deelnemersbijdrage van de gemeenten, die na afloop van het jaar definitief bepaald wordt op basis van het aantal verrichtingen per gemeente, op totaalniveau naar verwachting circa € 117.000 hoger zal zijn.

Programma corona Vanaf dit jaar is de vergoeding van VWS voor de coronabestrijding gebaseerd op een landelijk vastgestelde prijs per prik van € 25,89. De GGD heeft voor de regio Haaglanden, via de GR, een bedrag van € 3,6 mln. ontvangen voor de inzet in 2025. Dit bedrag is voor de dekking van de kosten van de basiscapaciteit en de najaarscampagne. Na afloop van het jaar vindt verrekening met VWS plaats, waarbij een minimumbedrag van 75% van het subsidiebedrag gegarandeerd is. Voor het overige deel is het werkelijk aantal gezette prikken bepalend. Hierdoor komt het risico van een lage opkomst en het daardoor niet kunnen dekken van de vaste kosten niet volledig voor rekening van de GGD. Medio september is de najaarscampagne coronavaccinatie gestart. De opkomst is tot nu toe goed, maar het is nog niet mogelijk om een inschatting te geven van het verwachte aantal prikken dat dit jaar gezet zal worden. GGD Haaglanden voert ten opzichte van andere GGD’en de coronabestrijding tegen lage kosten uit. De inschatting is dan ook dat er voor GGD Haaglanden dit jaar mogelijk sprake zal zijn van een positief resultaat dat niet verrekend hoeft te worden met VWS. Het voorstel is dit resultaat te reserveren bij de GR en beschikbaar te houden voor de uitvoering van deze taak in de komende jaren.

Aangezien de verwachting is dat de prijs per prik die vergoed wordt gaat dalen en de kosten voor personeel toenemen.

28

Veilig Thuis In onderstaande tabel zijn de baten en lasten, inclusief de verwachte afwijkingen per taak opgenomen. Op de taak Meldingen zijn de werkelijke uitgaven tot nu toe lager dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Dit betekent dat de verwachting is dat na afloop van het jaar een verrekening plaatsvindt met de GR. Het gaat in totaal voor alle deelnemende gemeenten op basis van de inschatting op dit moment om een bedrag van circa € 345.000. Daarnaast wordt het resultaat op de taak investering in lokale teams aan het eind van het jaar verrekend met de bestemmingsreserve versterken lokale teams op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling bij de GR. Deze verrekening wordt op basis van de definitieve realisatie verwerkt in de jaarstukken 2025 van de GR.

Vooralsnog wordt door Veilig Thuis een onderbesteding van circa € 412.000 verwacht voor de verrekening met de GR. Conform afspraak wordt het resultaat op de taak meldingen en de bijdragen in het versterken van de lokale teams verrekend met de GR. Na verrekening resteert een positief saldo voor de gemeente Den Haag als opdrachtnemer van circa € 67.000. Toelichting prognose en afwijkingen primair proces taken Veilig Thuis Begin dit jaar heeft Veilig Thuis Haaglanden, in verband met de Wet DBA, besloten te investeren in het inkopen van externe dienstverlening. Dit was nodig om het wegvallen van zzp’ers goed op te vangen en ervoor te zorgen dat de dienstverlening door kon blijven gaan zonder onderbreking. Begin augustus is deze overgang van inkoop van diensten succesvol afgerond. Hoewel VTH had gehoopt deze diensten eerder te kunnen inzetten, heeft het operationeel maken van de betrokken medewerkers binnen gemeente Den Haag vertraging opgeleverd. Dit heeft, naast reguliere fluctuatie van de wachtlijst ten gevolge van het aantal meldingen, verlof en ziekteverzuim, impact gehad op de voortgang van de werkzaamheden en de wachtlijst. Vanaf september wordt daar een inhaalslag op gedaan, waardoor de verdere oploop van de wachtlijst voor nu lijkt te stagneren.

Het is de verwachting dat deze inzet ‘mits voortgezet onder stabiele omstandigheden’ ook op termijn een positief effect zal hebben op het terugdringen van de wachtlijst. Deze externe dienstverlener heeft inmiddels een substantieel deel van de veiligheidsbeoordelingen opgepakt. De vervolgstappen waaronder verdiepende onderzoeken en V&V kennen een doorlooptijd van circa 10 weken. Deze taken zijn onderdeel van de oorspronkelijke opdracht en kunnen door de externe dienstverlener worden opgepakt. In tegenstelling tot het inhuren van ZZP’ers, waarbij op uur-basis wordt gefactureerd, vindt bij het inkopen van diensten facturatie pas plaats bij oplevering. Gezien de doorlooptijd van circa 10 weken betekent dit dat de meeste facturen in 2026 terecht komen. In lijn met het BBV is het van belang dat middelen landen in het jaar waarin de prestatie wordt geleverd (matching-principe). Om de voortgang in de werkzaamheden te behouden wil VTH het deel van de gestarte onderzoeken en V&V in 2025, waarvan de prestaties en facturatie in 2026 vallen, de bestemde middelen € 345.000 van 2025 kunnen inzetten. VTH zal bij de jaarrekening 2025 voorstellen om deze middelen mee te nemen via de GR reserve 2025 voor betaling van de facturen in 2026. 29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=510df6f6-c4a3-4add-97c6-017ffa1b06e0