B 026 bijlage Voorjaarsbrief tbv begr. 2022.pdf
Tekst van het document
Het vergroten van de capaciteit door gerichter sturen door het management, het terugdringen van het ziekteverzuim, het behouden van personeel, de werving en het bijhouden van expertise is een proces wat continue aandacht heeft en zal blijven houden in 2022. 3.1.2 Zienswijzen stand van zaken De verschillende raden van de gemeenten in de regio stellen elk een zienswijze op over de jaarlijkse ontwerpbegroting. Voor de begroting 2021 zijn voor VT vijf punten van aandacht benoemd. Hieronder wordt kort een stand van zaken gegeven. 1. Bedrijfsvoering Algemeen: hier is aandacht aan besteed door investering bij planning en control binnen Gemeente Den Haag en de versterking van de financiële beleidsmedewerker, middels tijdelijke inhuur, bij VT. 2. Verhouding Flexibele schil en vaste formatie: De krappe arbeidsmarkt is de aanleiding om relatief veel tijdelijk personeel in te schakelen. De inzet blijft om met gerichte wervingscampagnes de hoeveelheid vast personeel te vergroten, omdat vast personeel doorgaans langer aan de organisatie verbonden blijft. Met maatregelen binnen Veilig Thuis en in de keten wordt ondertussen gewerkt aan beperking van de groeiende capaciteitsbehoefte van Veilig Thuis. Met de flexibele schil wordt voorkomen dat door deze maatregelen op langere termijn overcapaciteit ontstaat. 3.
Groei meldingen en adviezen VT, wachtlijsten: In 2020 is het gelukt de wachtlijst terug te dringen. Dit is onder andere gelukt doordat de personele capaciteit beter op orde komt. Daarnaast is er inzet gepleegd om het werkproces intern efficiënter te laten verlopen en wordt er kritischer gekeken naar de aard van de meldingen van Veilig Thuis, lichtere meldingen worden sneller doorgezet naar het voorliggend veld. Het werken binnen de wettelijke termijnen (veiligheidsbeoordeling afgerond binnen 5 werkdagen en het afronden van een Pagina 20
dienst voorwaarden en vervolg binnen 10 weken) vraagt blijvende aandacht. Met het terugdringen van de wachtlijst en de inzet van Werkbegeleiders op de sturing van de doorlooptijden verwacht VT beter aan de wettelijke termijnen te kunnen voldoen. 4. Sturing in de keten: De samenwerking tussen Veilig Thuis en ketenpartners heeft veel aandacht gekregen de afgelopen periode. De organisatie en het bestuur van Veilig Thuis Haaglanden werken aan praktische en duurzame samenwerking rond de ketenaanpak in het kader van de Regiovisie, waarover de centrumgemeenten Den Haag en Delft regionale regie voeren. Een belangrijke stap hierbij is dat Veilig Thuis door middel van de ketenmonitor (met periodieke en systematische informatievoorziening) een bijdrage gaat leveren aan monitoring en knelpuntenanalyses van de keten. In hoofdstuk 3.2 zullen we uitgebreider ingaan op de ontwikkelingen in de samenwerking in de keten. 5. Recidive: Binnen Veilig Thuis wordt een ketenmonitor ontwikkeld, waardoor het mogelijk is om meer zicht te krijgen op de (groei van het aantal) meldingen, hermeldingen en recidives en wat de aandachtspunten in samenwerking in de aanpak huiselijk geweld zijn. 6.
DUVO middelen: het bestuur van de GR wordt geïnformeerd over de besluiten en uitwerking van maatregelen in het kader van de Regiovisie, en van de inzet van DUVO-middelen die de centrumgemeenten ontvangen in het kader van de radarfunctie Veilig Thuis en de aangescherpte meldcode. Ten aanzien van de DUVO-middelen die VTH in 2020 heeft ontvangen vanwege stijging meldingen en adviezen is het bestuur geïnformeerd door de centrumgemeenten middels een memo in het AB van 9 juli 2020.
3.2 Inhoudelijke ontwikkelingen Corona Tegen de verwachting in heeft Corona geen grote afwijkingen in het aantal meldingen, advies vragen of huisverboden doen ontstaan. Veilig Thuis blijft de ontwikkelingen ten aanzien van het aantal adviezen en (aard van de) meldingen nauwlettend volgen. Indien blijkt dat hier veranderingen in ontstaan gerelateerd aan corona zullen we hier (waar mogelijk in afstemming met het Landelijk Netwerk Veilig Thuis) initiatieven op ontwikkelen. Op dit moment wordt er door het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) onderzoek gedaan naar huiselijk geweld tijdens de corona pandemie. Veilig Thuis Haaglanden levert data voor dit onderzoek. Landelijk zijn er in afstemming met de VNG, vanuit de centrum gemeentelijke vrouwenopvang besluitvormingslijn, en het ministerie van VWS initiatieven ontwikkeld als Masker 19 (waarbij een betrokkene die te maken heeft met huiselijk geweld, via de apotheek, ondersteuning kan vragen bij Veilig Thuis) en een chatfunctie bij Veilig Thuis Haaglanden waardoor er op een laagdrempelige manier contact gezocht kan worden op het moment dat er ondersteuning nodig is.
Pagina 21
Chatfunctie Vanaf 25 mei zijn de 26 Veilig Thuis-organisaties bereikbaar via de chat. Slachtoffers, plegers, omstanders en professionals kunnen via de chat anoniem advies vragen bij vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling. Bellen kan soms lastig zijn voor iemand die te maken heeft met huiselijk geweld of kindermishandeling. Zeker in de periode waarin mensen meer thuis zijn als gevolg van de maatregelen tegen Covid19. De chatfunctie doorloopt de pilot en ontwikkelfase. Na de pilotfase is de chatmogelijkheid tot in ieder geval het einde van 2021 verlengd. Tussen half juni en begin oktober zijn ruim 5.900 chatgesprekken gevoerd. Op dit moment wordt in opdracht de VNG, VWS en het LNVT een financiële impactanalyse uitgevoerd, ten aanzien van doorontwikkeling, licenties, training en personele inzet. De resultaten komen het eerste kwartaal 2021 beschikbaar. In 2021 zal de chatfunctie geëvalueerd worden, waarna besluitvorming over inzet van de functie in 2022 volgt. Zowel bij VTH als via de centrum gemeentelijk VObesluitvormingslijn via de VNG. De personele inzet binnen Veilig Thuis voor de uitvoering van de chat vraagt 1,5 FTE. Deze inzet komt bovenop de reguliere inzet van maatschappelijk werkers. Volgens onderzoek van Significant zijn vrijwel alle Veilig Thuis-organisaties en centrumgemeenten overtuigd van de inhoudelijke meerwaarde van de chatfunctie.
Deze meerwaarde blijkt voornamelijk uit het brede(re) bereik en de laagdrempeligheid van de chatfunctie. Het onderzoek bevat diverse aanbevelingen. Zo wordt geadviseerd om landelijke afspraken te maken over de verdeling van chatgesprekken die niet voor de ‘eigen’ Veilig Thuis-organisatie bedoeld zijn, en wordt aangeraden om scenario’s uit te werken over het schaalniveau waarop de chatfunctie georganiseerd kan worden.
Ketensamenwerking en ontwikkelsporen binnen de Regiovisie aanpak huiselijk geweld In de aanpak van huiselijk geweld staat Veilig Thuis gelukkig niet alleen. Er zijn verschillende ontwikkelingen gaande op het verbeteren van de keten in de aanpak van huiselijk geweld. Deze ontwikkelsporen hebben niet direct invloed op de begroting van VT en worden gefinancierd vanuit de uitwerking van de radarfunctie. Kennis over de ontwikkelsporen is van belang om een weloverwogen keuze te kunnen maken ten aanzien van de bestedingscategorieën en het belang van de lokale teams die in hoofdstuk 2 zijn beschreven. 1. Ontwikkelspoor zelfscan kwaliteitskader lokale teams en VTH-monitor Een daarvan is het ontwikkelspoor zelfscan kwaliteitskader lokale teams en VTH-monitor. Dit ontwikkelspoor komt mede voort uit de herijking van de samenwerkingsafspraken tussen de lokale teams en VTH-monitor. Die herijking van de samenwerkingsafspraken bevindt zich op dit moment in de afrondende fase. Het uitgangspunt is dat er betere afstemming is tussen de lokale teams en Veilig Thuis; waarbij er minder overdrachtsmomenten – en daarmee tijdverlies - zijn tussen Veilig Thuis en de lokale teams. Veilig Thuis zal de lokale teams indien gewenst meer gaan ondersteunen vanuit de adviesfunctie. De meest complexe casuïstiek, waarbij de inzet van de bevoegdheden van Veilig Thuis noodzakelijk is, blijft bij Veilig Thuis.
Naast het herijken van de samenwerkingsafspraken wordt momenteel de zelfscan aan de hand van het kwaliteitskader ‘Werken aan veiligheid voor lokale (wijk)teams’ uitgevoerd binnen de regio Haaglanden. De zelfscan in combinatie met de ketenmonitor die door Pagina 22
Veilig Thuis is ontwikkeld biedt handvatten voor de doorontwikkeling van de aanpak huiselijk geweld in de regio Haaglanden. De zelfscan wordt uitgevoerd door de gemeenten. De resultaten, analyse en conclusies worden in 2021 verwacht. Aan de hand van de uitkomsten van de zelfscan kunnen er nadere afspraken gemaakt worden over de wijze waarop de lokale teams en Veilig Thuis de (lokale) aanpak ten aanzien van huiselijk geweld verder vormgeven. 2. Ontwikkelspoor gefaseerde ketenaanpak Het Landelijk Actieprogramma ‘Geweld hoort nergens thuis’, en in de Regiovisie aanpak huiselijk geweld, die ook door de ketenpartner is omarmd, is de gefaseerde ketenzorg benoemd als middel voor een effectievere en efficiëntere samenwerking, waardoor ook recidive daalt. Via de gefaseerde ketenzorg willen we huiselijk geweld duurzaam oplossen. Door samenwerking volgens gefaseerde ketenzorg bieden we immers continuïteit in zorg en ondersteuning: via passende, volgtijdelijke en tijdige overdracht zorgen we voor een effectieve en efficiënte gezamenlijke aanpak. Ketenpartners hebben de gefaseerde ketenzorg omarmd, maar tegelijkertijd zien we dat de gefaseerde ketenzorg nog niet (gezamenlijk) geïmplementeerd is. Vanaf medio oktober 2020 is vanuit het uitvoeringsprogramma van de Regiovisie Aanpak huiselijk geweld Haaglanden 2019-2022 een projectleider gestart voor dit ontwikkelspoor. 3.
Ontwikkelspoor Intensief casemanagement Een andere oorzaak van stijging van meldingen en adviezen en recidive is de complexe multiproblematiek en opeenstapeling van problemen in de gezinnen waar huiselijk geweld speelt. Dat is ook een belangrijke conclusie van het in november 2020 verschenen Verwey-Jonker Instituut onderzoek ‘Kwestie van een lange adem: kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen?’ Uit dat onderzoek blijkt ook dat geweld in gezinnen verschilt, niet alleen de ernst en frequentie van het geweld, maar ook in de aard en de context waarin het geweld plaatsvindt. Elk type geweld vergt een eigen aanpak, wil die effectief zijn. Geweld dat uit onmacht of frustratie voortkomt, vraagt bijvoorbeeld om een geheel andere aanpak dan geweld dat bedoeld is om te controleren (intiem terreur) of te voldoen aan een sociaal-culturele norm (schadelijke praktijken). Naast type geweld is de aanpak van onderliggende risicofactoren, zoals schulden, uit de hand gelopen opvoedsituaties, en psychiatrische problematiek van ouders, belangrijk. Dit alles vraagt om een systeemgerichte, deskundige aanpak van complexe huiselijk geweld zaken én aansluiting met de lokale teams voor de aanpak van de onderliggende risicofactoren en -indien helpend - inschakelen van het eigen sociaal netwerk ter ondersteuning van die gezinnen.
Via intensief casemanagement kan deze aanpak gerealiseerd worden voor die gezinnen. In Haaglanden is dit soort aanpak nog niet (voldoende goed) gerealiseerd. Vanuit het ontwikkelspoor intensief casemanagement wordt hier nu op ingezet. Hiermee is medio oktober 2020 gestart. De inschatting is dat deze werkwijze geen invloed heeft op de begroting van VTH in 2022, maar wel bij de lokale teams van de gemeenten, die naar verwachting versterkt
Pagina 23
dienen te worden. Op termijn zal er minder inzet van Veilig Thuis nodig zijn bij lichtere meldingen, de komende periode zal er echter nog capaciteit nodig zijn om de samenwerking te kunnen intensiveren. Jeugdbeschermingsketen Het kabinet heeft de opdracht gegeven om te onderzoeken hoe de jeugdbeschermingsketen efficiënter ingericht kan worden. In het land zijn er een zestal pilot regio's. De pilots worden op dit moment geëvalueerd, waarna er een landelijk advies zal volgen (zie ook kamerbrief Perspectief voor de Jeugd). Haaglanden is geen pilotregio, wel loopt er op dit moment een verkenning op de vereenvoudiging van de jeugdbeschermingsketen. Veilig Thuis participeert actief in deze verkenning, opdat wij direct kunnen anticiperen op de kansen om de samenwerking met onze ketenpartners te versterken. Er is nog geen zicht op de financiële consequenties van een eventuele hervorming van de jeugdbeschermingsketen en de rol van Veilig Thuis daarin. Vooruitlopend op een eventuele hervorming onderzoekt Veilig Thuis hoe zij onderdeel kan zijn van initiatieven als Beter Samenspel (waarin de samenwerking vanuit de Gecertificeerde Instelling en de lokale teams vorm wordt gegeven), opdat de aanpak in de keten beter sluitend wordt en dubbelingen in het (hulpverlening)proces weggenomen worden.
Daarnaast investeert Veilig Thuis Haaglanden in de samenwerking binnen de strafrechtketen, de pilot Zorg- en Straf, MDA++ en een actieoverleg met politie en het Openbaar Ministerie. Om als regionaal expertisecentrum op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling te kunnen blijven opereren is het van belang om als Veilig Thuis Haaglanden ook actief aan dit soort ontwikkelingen deel te nemen. Versterken lokale teams Zowel voor de ontwikkelsporen die vanuit de regiovisie zijn ingezet als voor de vernieuwingen in de jeugdbeschermingsketen geldt dat de lokale teams een belangrijke basis vormen voor die ontwikkelingen en daarmee het verstevigen en verbeteren van de aanpak huiselijk geweld. De verwachting is dat deze ontwikkelingen ook zullen bijdragen aan het effectiever en efficiënter samenwerken in de keten en op termijn ook een positieve invloed hebben op het aantal recidive- en hermeldingen bij VTH. In alle gevallen zullen deze ontwikkelingen impact hebben op lokale teams. Mensenhandel Het Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen hebben in het Interbestuurlijk Programma van februari 2018 afgesproken dat alle gemeenten in 2022 duidelijk beleid hebben om mensenhandel tegen te gaan en dat gemeenten werken aan passende regionale opvang, ondersteuning en nazorg en een landelijk dekkend netwerk van zorgcoördinatie.
Op dit moment is Veilig Thuis (nog) niet betrokken bij de ontwikkeling van de aanpak in de regio Haaglanden. Onderzocht moet worden in hoeverre er een rol voor Veilig Thuis is weggelegd in deze aanpak.
Pagina 24
Kwaliteitsimpuls binnen Veilig Thuis Haaglanden Veilig Thuis kent onder andere de volgende wettelijke taken (zie ook WMO 2015 art. 4.1.1 lid 2 en lid 3): • het geven van advies en zo nodig het bieden van ondersteuning aan ieder die in verband met een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling om dit advies vraagt; • het fungeren als meldpunt voor gevallen of vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling; • het naar aanleiding van een melding onderzoeken of daadwerkelijk sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling; • het beoordelen van de vraag of – en zo ja tot welke stappen de melding aanleiding geeft; • het in kennis stellen van een instantie die passende professionele hulp kan verlenen, van de melding, indien het belang van de betrokkene of de ernst van de situatie daartoe aanleiding geeft. Om invulling te kunnen blijven geven aan die wettelijke taken is naast de verbetering van de ketensamenwerking ook investering in de kwaliteit van het werk binnen Veilig Thuis nodig. De afgelopen jaren is het personeelsbestand bij Veilig Thuis gegroeid, zijn er ervaren collega’s vertrokken en is de werkwijze voor Veilig Thuis veranderd, mede als gevolg van het vernieuwde handelingsprotocol en de vernieuwde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.
De druk op (meer ervaren) collega’s neemt toe en daarmee kan de noodzakelijke verdieping op het onderwerp huiselijk geweld en de doorontwikkeling van Veilig Thuis naar expertisecentrum niet gerealiseerd worden. Vanuit de keten is er vraag naar expertise en ondersteuning op de onderwerpen ouderenmishandeling, stalking, eer gerelateerd en seksueel geweld. Het afgelopen jaar hebben we verder geïnvesteerd in (de training van) aandachtsfunctionarissen op deze onderwerpen, opdat wij cliënten en de keten ten aanzien van deze problematiek op een juiste manier kunnen ondersteunen, passend binnen onze wettelijke taken.
3.3 Incidentele posten Thuiswerken De pandemie houdt aan en het devies blijft voorlopig nog om thuis te werken. Normaliter zijn kosten voor werkplekken al voorzien in de begroting, maar dit is een uitzonderlijk geval. Voor zover deze kosten door de opdrachtnemer niet door het Rijk gecompenseerd kunnen worden, is het belangrijk een voorziening te treffen, zodat we voorbereid zijn op eventuele, incidentele extra kosten (zie ook artikel 5.8 uit de Dienstverleningsovereenkomst). Hiervoor stellen wij een bedrag voor van €25.000, opgebouwd uit: €12.000 voor zelf aan te schaffen hulpmiddelen, €8.000 voor voorzieningen standaard thuiswerkplek en €5.000 voor bijzondere hulpmiddelen. ICT migratie Er lopen gesprekken over een eventuele ICT migratie naar het Dienstencentrum van de gemeente Den Haag. In 2021 wordt de mogelijke migratie van ICT van diverse externe leveranciers naar de dienstverlening van gemeente Den Haag onderzocht. Belangrijke motivatie is het opheffen van dubbele kosten en synergie met de digitale werkomgeving van de gemeente. Om de kostenbesparing te realiseren, vraagt dit eerst een investering.
Pagina 25
De omvang daarvan wordt onderzocht en wordt komend jaar helder. Het voorstel is om opdracht te geven voor deze eerste fase. Dit is een incidentele kostenpost ter waarde van €28.900, en daarna een go/no-go besluit te nemen op basis van de aangescherpte inzichten. Gelet op het incidentele karakter zijn deze kosten niet voorzien in de begroting. Deze incidentele kosten ICT migratie worden gemaakt om te onderzoeken wat er moet gebeuren om aan te sluiten op de Haagse omgeving. Dit volgt uit de keuze om de uitvoering binnen Den Haag onder te brengen. Het is nog onduidelijk of er kosten zullen zijn voor VTH, wanneer wordt aangesloten op de Haagse omgeving.
3.4 Financiële en bedrijfsmatige ontwikkelingen De dekking voor de huidige begroting van Veilig Thuis kent de volgende opbouw: Opbouw begroting Veilig Thuis Centrumgelden Regiovisie Extra middelen radarfunctie/meldcode Extra toegekende rijksmiddelen 2020 1e deel Deelnemersbijdragen Huidige begroting Veilg Thuis
2021 2.568 2.703 2.300 9.800 17.371
2022 2.568 2.703 2.300 9.800 17.371
2023 2.568 2.703 2.300 9.800 17.371
2024 2.568 2.703 2.300 9.800 17.371
In de septembercirculaire 2020 van het Rijk is er landelijk structureel €38,6 mln. toegevoegd aan de Decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang (DUVO) ten behoeve van de versterking van Veilig Thuis. Dit is gebeurd na een lang lobbytraject van centrumgemeenten via de VNG en de G4, via een landelijk onderzoek naar de ontwikkelingen van meldingen en adviezen. Hieruit bleek dat bij nagenoeg alle VTorganisaties de adviezen en meldingen stegen n.a.v. de wetswijziging Aangescherpte Meldcode. De VNG-claim van € 38,6 mln. is daarop gehonoreerd. Deze lobby was versterkt door een G4-lobby waarbij opgeroepen was tot een duurzame oplossing voor Veilig Thuis, binnen de brede aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. De G4 heeft daarbij opgeroepen om: • extra middelen voor Veilig Thuis en voor de gehele keten vrij te maken; • ervoor te waken dat investeren in vroeg signalering en –interventie en versterking van lokale teams niet naar de achtergrond verdwijnt, en tenslotte; • rust en de nodige experimenteer- en financiële ruimte om de doorlooptijden bij Veilig Thuis te verbeteren en ook de wachttijden in de beschermingsketen en inzet en expertise bij de lokale teams aan te pakken. In het AB van 9 april jl. is aangegeven dat de volgende drie ontwikkelsporen zijn ingezet door Veilig Thuis: 1. Vergroten van de capaciteit bij Veilig Thuis. 2.
Beter benutten van de beschikbare capaciteit (intern en verbetering van de aansluiting op behoefte van de ketenpartners). 3. Beter benutten van de beschikbare capaciteit in de keten. Via de inzet van de twee laatstgenoemde ontwikkelsporen, wordt beoogd slim te investeren in de keten om structureel op langere termijn de regionale keten van aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling te versterken en recidive te verminderen.
Pagina 26
Daarmee verwachten we de druk op en kosten van Veilig Thuis te verminderen. Naar nu blijkt uit de septembercirculaire worden de extra middelen verdeeld via het objectief verdeelmodel van de DUVO-middelen. Dit betekent voor de centrumgemeenten Delft en Den Haag samen ca. €3,4 mln. De stuurgroep Huiselijk Geweld (HG) heeft via een memo in het AB van juli 2020 aangegeven ervoor te kiezen de extra middelen van centrumgemeenten Delft en Den Haag volledig aan Veilig Thuis Haaglanden toe te kennen (zie ook paragraaf 3.2.1, punt 6). De stuurgroep HG kiest hiervoor vanwege de jarenlange oplopende gemeentelijke bijdrage aan de begroting van VTH. Omdat ten tijde van de vaststelling van de gewijzigde begroting 2020 en de begroting 2021 er nog geen zekerheid was over de toekenning van de extra Rijksmiddelen, en er een collegebesluit nodig is voor definitieve toekenning aan Veilig Thuis Haaglanden, is niet het hele extra bedrag aan rijksmiddelen opgenomen in de GR-begroting. Voorzichtigheidshalve is een bedrag van €2,3 mln. opgenomen. Met het opnemen van deze extra baten is een stijging van de deelnemersbijdragen ter dekking van de extra kosten als gevolg van de toename van het aantal meldingen (die later dan wellicht weer teruggedraaid zou moeten worden) voorkomen.
Naast de nu extra toegekende structurele rijksmiddelen zijn er in 2021 ook incidenteel extra middelen beschikbaar aangezien de centrumgemeenten Den Haag en Delft hebben besloten om de eerder aan Veilig Thuis toegekende rijksmiddelen in het kader van de aangescherpte meldcode/radarfunctie te verhogen van 80% naar 90% van het beschikbare bedrag, wat een extra incidentele bijdrage aan Veilig Thuis betekent van €0,3 mln. Deze extra bijdrage is nog niet in de GR-begroting verwerkt. Samengevat: Nog beschikbaar voor Veilig Thuis vanuit Regiovisie/DUVO: Nog niet aan VT beschikbaar gestelde incidentele verhoging bijdrage Regiogemeenten (90% ipv 80%) Extra toegekende rijksmiddelen 2020 2e deel (incidenteel 2020) Extra toegekende rijksmiddelen 2020 2e deel (structureel vanaf 2021) Totaal beschikbare ruimte
2021
2022
2023
2024
295 1.100 1.100 2.495
1.100 1.100
1.100 1.100
1.100 1.100
De genoemde bedragen staan los van de begroting, de reeds vastgestelde begrotingswijzigingen voor VTH en de extra middelen die VTH reeds heeft ontvangen. Loon- en prijsstijgingen Loon- en prijsstijgingen zijn autonome ontwikkelingen en staan als het goed is niet ter discussie. Omdat de precieze bedragen nu nog niet bekend zijn wordt deze als PM opgenomen. Bedrijfsvoeringstoeslag De bedrijfsvoeringstoeslag is in 2020 incidenteel geactualiseerd voor 2020. Vooralsnog wordt het geactualiseerde bedrag voor 2020 van €383k opgenomen. Voor 2021 en verder moet de actualisatie nog verwerkt worden in de begrotingswijziging en ontwerpbegroting.
Pagina 27
3.5 Bestedingscategorieën Voor de benutting van de hiervoor benoemde financiële ruimte zijn de volgende bestedingscategorieën geïdentificeerd: Het betreft de volgende bestedingscategorieën voor de incidentele ruimte (in 2021): 1. Kwaliteitsimpuls en versterking staffunctie Veilig Thuis Haaglanden. 2. Vorming van een bestemmingsreserve voor opvangen van schommelingen in uitgaven zodat niet elk financieel effect direct doorwerkt in de aanpassing van de deelnemersbijdragen. 3. Investering versterking met lokale teams. 4. Chatfunctie & vereiste investeringen 2021. Het betreft de volgende bestedingscategorieën voor de structurele ruimte (ná 2021): 1. Kwaliteitsimpuls en versterking staffunctie Veilig Thuis Haaglanden. 2. Structurele versterking met lokale teams. 3. Chatfunctie & vereiste investeringen. Onderstaand worden de verschillende bestedingscategorieën uitgewerkt. Per bestedingscategorie wordt aangegeven wat (1) de inhoud van de besteding is, (2) wat het beoogde resultaat van de investering is en (3) wat het eventuele risico is als de investering niet gedaan wordt.
3.6 Uitwerking bestedingscategorieën 1. Staffunctie en kwaliteitsimpuls VTH Veilig Thuis Haaglanden groeit en ontwikkelt zich sterk. Deze ontwikkeling heeft ook haar effect op de backoffice van Veilig Thuis Haaglanden. Om de backoffice op niveau te houden is er behoefte aan de invulling van de volgende rollen. a) Kwaliteitsmedewerker Binnen Veilig Thuis is er behoefte aan uitbreiding van de staf met een kwaliteitsmedewerker. De focus van deze medewerker zal naast de reguliere werkzaamheden o.a. liggen op het analyseren en registreren van incidenten en calamiteiten, ingegeven vanuit wettelijke verplichtingen om dit op een goede manier in te richten. Op dit moment is dit binnen Veilig Thuis onvoldoende ingericht. De inspectie ziet erop toe dat er deze processen bij VTH worden ingericht en het is essentieel dat dit wordt opgezet en ingebed in de organisatie. Daarnaast zal deze medewerker zich, met behulp van de PDCA-cyclus, focussen op deze processen binnen de organisatie, zodat Veilig Thuis zich ontwikkelt naar een lerende organisatie. De medewerker zal 0,8 – 1 fte werken, in maximaal schaal 11. b) Beleidsmedewerker financiën Binnen Veilig Thuis is er behoefte aan uitbreiding van de staf met een beleidsmedewerker Financiën. De focus van deze medewerker zal naast de reguliere werkzaamheden o.a.
liggen op het beheren en de doorontwikkeling van de planning & control cyclus, de doorontwikkeling van de managementinformatie en als klankboard van het MT en de directie. Op dit moment is deze functie binnen Veilig Thuis niet ingericht. Er is extern ingehuurd om een eerste invulling te geven aan deze functie, maar de organisatie van
Pagina 28
Veilig Thuis is dusdanig gegroeid dat er behoefte is aan structurele invulling. De medewerker zal 0,8 – 1 fte werken, in maximaal schaal 11. 2. Bestemmingsreserve De reservering van de DUVO-middelen heeft als bestemming huiselijk geweld. Voor de komende jaren zijn er voor VTH een aantal risico’s te onderscheiden, gerelateerd aan huiselijk geweld: a) b) c)
Investering Jeugdbeschermingsketen. Ontwikkeling meldingen (stijging). Ontwikkeling organisatie VTH (groei, organisatieadvies, professionalisering, ontwikkeling dashboard - managementinformatie).
Om niet verrast te worden is het voorstel hier een voorziening voor te treffen, waarbij een bestemmingsreserve het beste past. De DUVO-middelen worden via het gemeentefonds uitgekeerd, wat geen belemmering is om met deze rijksbijdrage een bestemmingsreserve te vormen. De toevoeging aan de reserve moet via de resultaatbestemming in de jaarrekening lopen. Onderliggend aan de bestemmingsreserve ligt een bestuurlijk bestedingsplan voor de jaren waarin de reserve wordt aangehouden.. De uitwerking van het bestuurlijk bestedingsplan wordt opgenomen in de begroting voor 2022. De bestemmingsreserve zal vooralsnog voor maximaal 3 jaar worden aangehouden. 3. Versterking van de lokale teams Het versterken van de lokale teams heeft als resultaat dat lichtere meldingen rondom huiselijk geweld lokaal kunnen worden opgepakt en de complexere meldingen door de lokale teams, in samenwerking met de keten worden opgepakt. Naast het herijken van de samenwerkingsafspraken wordt momenteel de zelfscan aan de hand van het kwaliteitskader ‘Werken aan veiligheid voor lokale (wijk)teams’ uitgevoerd binnen de regio Haaglanden. De zelfscan in combinatie met de ketenmonitor die door Veilig Thuis is ontwikkeld biedt handvatten voor de doorontwikkeling en versterking van de aanpak huiselijk geweld in de regio Haaglanden.
Deze versterking kan ingevuld worden door budget binnen Veilig Thuis te houden en van daaruit investeringen in de lokale teams. Investeren in lokale teams is van belang. Een stevig lokaal team, waarin verschillende expertises zijn geborgd, maakt dat betrokkenen (burgers) sneller een passend ondersteuningsaanbod krijgen. Dit leidt tot verbetering van de doorlooptijden en vermindering van de wachtlijsten. 4. Chatfunctie & vereiste investeringen De chatfunctie is ontstaan als nieuw, landelijk beleid medio 2020 n.a.v. maatregelen rondom Covid19. Het doel van de chatfunctie is om een laagdrempelige ingang te creëren, voor potentiële slachtoffers die, naar verwachting, door de lockdown moeilijk telefonisch contact op kunnen nemen met VT. De chatfunctie is een nieuwe, laagdrempelige toegang voor adviesvragen aan Veilig Thuis. Zie ook paragraaf 3.3, Inhoudelijke ontwikkelingen. De chatfunctie bij Veilig Thuis bevindt zich in een pilot en ontwikkelfase. De pilot loopt tot en met december 2021. Op dit moment wordt in opdracht van de VNG (centrum
Pagina 29
gemeentelijke besluitvorming VO), VWS en het LNVT een financiële impactanalyse uitgevoerd, ten aanzien van doorontwikkeling, licenties, training en personele inzet. De resultaten komen het eerste kwartaal 2021 beschikbaar, waarna eind 2021 besluitvorming over inzet van de functie in 2022 volgt. De personele inzet binnen Veilig Thuis voor de uitvoering van de chat vraagt 1,5 FTE. Het landelijk wethoudersoverleg VO heeft het belang aangegeven van de chatfunctie en dat deze in ieder geval in 2021 door moet gaan. Naast de chatfunctie zijn in deze post ook de volgende onderdelen opgenomen, zoals opgenomen bij de inhoudelijke ontwikkelingen, welke in voorgaande paragrafen van deze voorjaarsbrief zijn opgenomen: • Thuiswerkfaciliteiten: €25.000. • ICT migratie naar IDC-A: €28.900. • Werkbegeleiders (2 fte) t.b.v. verkorten wachtlijsten: €208.000 (dit betreft niet alleen het brutosalaris, maar ook alle werkgeverslasten en de kosten voor pensioen en verzekering).
3.7 Financiële uitwerking bestedingscategorieën De beschikbare middelen worden over de hiervoor genoemde bestedingscategorieën verdeeld, conform de wens van het AB van 11 februari 2021. Omdat de financiële ruimte in 2021 hoog is, is het voorstel om in bepaalde gevallen, zoals de versterking van de lokale teams, de investering te spreiden over meerdere jaren. Concreet zal het deel dat niet in het jaar besteed wordt, worden opgenomen in de bestemmingsreserve voor besteding in volgende jaren. Door het AB van 11 februari 2021 is gekozen voor zwaartepunt in de investering in de lokale teams. Tevens wordt een deel gebruikt voor de opbouw van de bestemmingsreserve. Het overige deel komt ten goede aan de invulling van de chatfunctie en vereiste investeringen en een kwaliteitsimpuls en versterking van de staffunctie VTH. Concreet zit dit er als volgt uit: Incidenteel (in 2021) 1. Kwaliteitsimpuls en versterking staffunctie VTH.
%
euro
10%
250.000
2. Vorming bestemmingsreserve
10%
240.000
3. Investering versterking van lokale teams.
64%
1.527.000
5. Chatfunctie & vereiste investeringen.
16%
383.000
100%
2.400.000
Structureel (vanaf 2022)
%
euro
1. Kwaliteitsimpuls en versterking staffunctie VTH.
23%
250.000
2. Investering versterking ven lokale teams.
42%
467.000
4. Chatfunctie & vereiste investeringen.
35%
383.000
100%
1.100.000
Totaal
Totaal
Pagina 30
De bedragen kunnen fluctueren, wanneer het bedrag voor de bestemmingsreserve bekend is, vooralsnog is uitgegaan van 10% van het totale beschikbare bedrag voor 2021. Onderliggend aan de bestemmingsreserve ligt een bestuurlijk bestedingsplan voor de jaren waarin de reserve tot besteding. De uitwerking van het bestuurlijk bestedingsplan wordt opgenomen in de begroting voor 2022.
Pagina 31
4. Algemene begrotingsuitgangspunten 4.1 Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen Haaglanden De Kaderbrief begroting 2022 gemeenschappelijke regelingen van de negen Haaglandengemeenten formuleert (financiële) uitgangspunten voor de begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen waaraan deze gemeenten deelnemen. Doel is een eenduidige benadering vanuit deelnemende gemeenten van de begroting 2021 van de GR-en. De kaderbrief stelt drie zaken aan de orde: 1. Indexering; 2. Risico’s en weerstandscapaciteit; 3. Tijdige afstemming en informatievoorziening. Het GR-bestuur neemt de richtlijnen van de Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen ten aanzien van de rapportageverplichtingen (punt 3) over. Het GR-bestuur houdt als volgt rekening met de punten 1 en 2 punten in de kaderbrief. 4.1.1 Indexering Naar aanleiding van de Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen stelt het bestuur de volgende kaders voor de GR-begroting 2022: 1. De GR heeft de vastgestelde begroting 2021 ook op MEV-basis geïndexeerd en volgt voor de begroting 2022 deze bestendige gedragslijn. 2. Het Financieel Statuut van de GR bepaalt dat indexatie van de begroting plaats vindt conform de richtlijnen van de deelnemende gemeenten zoals vastgelegd in de kaderbrief.
In lijn hiermee zullen de lasten vermeerderen ten opzichte van het basisjaar 2021 met: • 2,6% voor loonkosten volgens de index prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers (bijlage 11 MEV 2021). Dit cijfer is een inschatting voor het jaar 2022 (1,3%) en een verrekening van de inschatting 2019, 2020 en 2021 (totaal 1,3%); • 1,6% voor materiële kosten volgens de nationale consumentenprijsindex (CPI), (bijlage 09 MEV 2021). Dit cijfer is een inschatting voor het jaar 2022 (1,6%) en een verrekening van de inschatting 2019, 2020 en 2021 (totaal 0,0%). Rekening houdend met de in het Financieel Statuut van de GR bepaalde financieringsregels, worden de deelnemersbijdragen in gelijke mate verhoogd zodat een reëel begrotingsevenwicht wordt gehandhaafd. Classificatie: De correctie van budgetten voor loon- en prijspontwikkeling is bij ongewijzigd beleid noodzakelijk om het huidige uitvoeringsniveau te realiseren.
4.1.2 Risico’s en weerstandscapaciteit De gemeenten verwachten een goed onderbouwde risicoparagraaf, met kwalitatieve toelichtingen en een transparante systematiek. Naast een inventarisatie van de risico’s wordt gevraagd deze te kwantificeren. Het risicoprofiel geeft ook aan of het weerstandsvermogen toereikend is. Naast deze kaderbrief is van belang dat raden in zienswijzen bij de begroting 2020 aandacht voor het risicobeleid van de GR hebben gevraagd. Voor de hele GR, maar met name voor Veilig Thuis dat sinds 1 januari 2018 onder de GR valt, zijn het risicobeleid, de toepasbaarheid en toepassing nog in ontwikkeling. Naar aanleiding hiervan stelt het GRbestuur voor de begroting 2022 de volgende kaders:
Pagina 32
1. In de risicoparagraaf worden de risico’s gekwantificeerd en gepreciseerd door kans (%) maal impact (€) te vermenigvuldigen tot een risicoprofiel uitgedrukt in euro’s (conform artikel 12 lid 4). Dit is een stap in een leerproces dat gelijk opgaat met een meer beleidsmatige informatievoorziening en sturing. Door deze kwantificering kunnen gemeenten anticiperen op mogelijke tegenvallers. 2. Het GR-bestuur is zich bewust van de krappe gemeentelijke budgettaire kaders, in het bijzonder in het sociaal domein. Zo heeft de raad van gemeente Den Haag (verreweg de grootste GR-financier) als zienswijze bij de begroting 2020 opgeroepen tot stringente en zuinige omgang met de beschikbare middelen. In de risicoparagraaf in de begroting 2022 is naast kwantificering ook duidelijke adressering van de risico’s van belang, inclusief wie welke tegenmaatregelen treft. 3. Voor het goed kunnen bepalen van benodigde weerstandscapaciteit van de GR is een voorwaarde dat de bedrijfsvoering en informatievoorziening VT op orde zijn. Aan die voorwaarde is nog onvoldoende voldaan om op voorhand extra bijdragen van gemeenten te vragen voor het aanleggen van weerstandsvermogen in de GR. 4. Voor de begroting 2022 wordt het begrotingsinstrument ‘achteraf af te rekenen flexibele schil’ gehanteerd.
Dit instrument staat ter beschikking als tijdelijke methode voor het hanteren van onzekerheden als gevolg van nog niet op orde zijn van de bedrijfsvoering. 5. In de risicoparagraaf worden gerichte beheersingsmaatregelen opgenomen waarmee wordt bewaakt hoe de risico’s zich ontwikkelen, op welke wijze tijdig wordt bijgestuurd en dat gemeenten daarover worden geïnformeerd.
4.2 Overige algemene uitgangspunten 4.2.1 Ontwikkeling P&C instrumentarium Na de herijking van de GR zijn in 2018/2019 de P&C-documenten opnieuw ingericht. Gesignaleerde verbeterpunten worden jaarlijks verwerkt, waaronder aanvulling van nog ontbrekende BBV-onderdelen, compacter maken van de beleidsbegroting, verbeteren risicoparagraaf, verhelderen aannames en budgetcriteria, toepassing eenduidige overheaddefinitie.
4.3 Nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten Zoals in in de inleiding reeds vermeld is in het AB van 15 oktober door het GR-bestuur de nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten vastgesteld. Met daarbij de afspraak dat er in 2022 een evaluatie met een lichte benchmark zal worden uitgevoerd op de nieuwe systematiek van doorbelasting van overheadskosten. Hieronder volgt een beknopte toelichting van de nieuwe systematiek. Voor de nieuwe systematiek is de reeds gebruikte Haagse legessystematiek als uitgangspunt genomen en worden 3 categorieën toe te rekenen bedrijfsvoeringskosten benoemd, te weten: 1. Generieke bedrijfsvoeringskosten concern Den Haag 2. Generieke bedrijfsvoeringskosten OCW 3. Specifieke bedrijfsvoeringskosten GGD en Veilig Thuis Voor elke categorie wordt aangegeven om welke en hoeveel kosten het gaat en hoe deze zullen worden toegerekend. Voor de bepaling van de kosten en fte’s is uitgegaan van de
Pagina 33
gewijzigde begroting 2020 en begroting 2021, zoals vastgesteld in de vergadering van het AB van 9 juli 2020, dan wel van de door de gemeenteraad vastgestelde Programmabegroting 2020-2023 van Den Haag. De kosten, fte’s, systematiek en uitgangspunten zijn getoetst door de accountant van de dienst OCW. Financiële consequenties In de tweede begrotingswijziging 2020 is het onderstaand financiële effect van de nieuwe systematiek meegenomen. - GGD: €539.000 extra lasten door verhoging bedrijfsvoeringstoeslag - VT: €344.000 extra lasten door verhoging bedrijfsvoeringstoeslag De extra toegerekende kosten zijn daarbij binnen het programma toegerekend aan afzonderlijke taken en gedekt conform de financieringssystematiek van de betreffende taak. Dekking komt gedeeltelijk uit verhoging van deelnemersbijdragen, gedeeltelijk uit te realiseren extra derden-bijdragen. Voor de begroting 2021 en 2022 wordt het financiële effect van de nieuwe systematiek voor GGD en VT als volgt ingeschat: -
GGD: €560.000 extra lasten door verhoging bedrijfsvoeringstoeslag VT: €383.000 extra lasten door verhoging bedrijfsvoeringstoeslag
Pagina 34
5. Indicatie financiële gevolgen voor gemeenten Het effect per gemeente van de beschreven beleidsmatige en bedrijfsmatige ontwikkelingen met impact op de begroting wordt in dit hoofdstuk middels tabellen voor 2021 en 2022 op totaal niveau en per gemeente afzonderlijk getoond. 2021:
2022:
Hierbij gelden de volgende kanttekeningen: • Algemeen: voor de overzichtelijkheid zijn alle bedragen afgerond op € 1.000, waardoor optellingen soms niet lijken te kloppen; • De post Gezondheidsbevordering en Epidemiologie zijn voor 2022 als pm post opgenomen. • Zoals beschreven in hoofdstuk 3 gaan de voor VT beschreven beleidsmatige en bedrijfsmatige ontwikkelingen uit van aanwending van de beschikbare budgetruimte. Er is daarmee geen direct verhogende of verlagend effect aan verbonden. Voor VT geldt voor 2021 e.v. wel dat het effect van de actualisatie van de bedrijfsvoering toeslag in 2020 en de jaarlijkse indexering voor loon en prijsstijgingen doorwerkt in de deelnemersbijdrage.
Pagina 35