B 026 bijlage Voorjaarsbrief tbv begr. 2022.pdf
Tekst van het document
Voorjaarsbrief ten behoeve van de Begroting 2022 van de Gemeenschappelijke Regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst en Veilig thuis Haaglanden
Vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 11 februari 2021 GR 2021/001
Pagina 1 van 37
Inhoud Inhoud ............................................................................................................................... 1 1. Inleiding ......................................................................................................................... 1 1.1 Doel van de Voorjaarsbrief ......................................................................................... 1 1.2 Nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten ....................................................... 1 1.3 Indexering ................................................................................................................ 1 1.4 Evaluatie Gemeenschappelijke Regeling en wijziging WGR .............................................. 1 2. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten regionale GGD-taken ....................................... 2 2.1. Introductie .............................................................................................................. 2 2.2. Voorjaarsbrief 2021 .................................................................................................. 2 2.3. Uitdagingen op het gebied van de publieke gezondheid ................................................. 3 2.4. Financiële-/ bedrijfsmatige ontwikkelingen .................................................................
11 2.5 Inschatting budgettaire consequenties ........................................................................ 14 3. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten Veilig Thuis .................................................... 20 3.1 Introductie .............................................................................................................. 20 3.2 Inhoudelijke ontwikkelingen....................................................................................... 21 3.3 Incidentele posten .................................................................................................... 25 3.4 Financiële en bedrijfsmatige ontwikkelingen ................................................................. 26 3.5 Bestedingscategorieën .............................................................................................. 28 3.6 Uitwerking bestedingscategorieën............................................................................... 28 3.7 Financiële uitwerking bestedingscategorieën ................................................................ 30 4. Algemene begrotingsuitgangspunten ................................................................................. 32 4.1 Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen Haaglanden .................................................
32 4.2 Overige algemene uitgangspunten .............................................................................. 33 4.3 Nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten ...................................................... 33 5. Indicatie financiële gevolgen voor gemeenten .................................................................... 35
1. Inleiding 1.1 Doel van de Voorjaarsbrief Ter voorbereiding op het opstellen van de Programmabegroting Gemeenschappelijke Regeling GGD en Veilig Thuis Haaglanden 2022 wordt hierbij de Voorjaarsbrief aangeboden. In de brief worden de ontwikkelingen en uitgangspunten geschetst, die naar inzicht van de GGD en Veilig Thuis Haaglanden van belang zijn bij de voorbereiding van het opstellen van de begroting. Deze zijn vertaald naar globale financiële begrotingsuitgangspunten. Tevens geeft de brief inzicht in de budgettaire effecten met betrekking tot de meerjarenbegroting. De Voorjaarsbrief geeft de raden van de deelnemende gemeenten actueel inzicht in de beleidsmatige en financiële ontwikkelingen in de taken van de GR GGD en Veilig Thuis Haaglanden (GR). In de brief legt het GR-bestuur kaderstellend uitgangspunten vast voor de vertaling naar de GR-begroting. De ontwikkelingen beïnvloeden op onderdelen ook het financieel perspectief van het lopende jaar. Naar aanleiding daarvan wordt tegelijk met de ontwerpbegroting 2022 een voorgenomen begrotingswijziging 2021 opgesteld binnen de kaders van deze Voorjaarsbrief.
1.2 Nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten In het AB van 15 oktober 2020 is door het GR-bestuur de nieuwe systematiek toeslag bedrijfsvoeringskosten (hierna nieuwe systematiek) vastgesteld. Met daarbij de afspraak dat er in 2022 een evaluatie met een lichte benchmark zal worden uitgevoerd op de nieuwe systematiek van doorbelasting van overheadskosten. Een nadere toelichting op de nieuwe systematiek is opgenomen in paragraaf 4.3 van deze voorjaarsbrief. De effecten van de nieuwe systematiek bedrijfsvoeringstoeslag worden verwerkt in de ontwerp begrotingswijziging 2021 en ontwerpbegroting 2022.
1.3 Indexering De begroting 2022 zal in aansluiting op de “Kaderbrief begroting 2022 Gemeenschappelijke Regelingen” geïndexeerd worden voor de componenten Loonstijging en Materiële kostenstijging. Ten aanzien van de indexering zal daarbij worden aangesloten op door het CPB te publiceren Macro Economische Verkenning (MEV) 2021. In paragraaf 4.1.1 treft u een nadere specificatie van de indexering.
1.4 Evaluatie Gemeenschappelijke Regeling en wijziging WGR In de regeling is vastgelegd dat het functioneren van de regeling voor 1 januari 2023 geëvalueerd moet zijn (GR, artikel 33). In 2021 wordt gestart met de voorbereiding en in 2022 wordt de evaluatie uitgevoerd. Het algemeen bestuur, gehoord hebbende de raden van de deelnemende gemeenten, bepaalt voorafgaand aan de uitvoering van de evaluatie het doel, de reikwijdte en de wijze van evaluatie. In 2021 wordt hiertoe een startnotitie opgesteld en ter besluitvorming voorgelegd aan het algemeen bestuur. In de begroting 2021 is een bedrag van €45.000 euro opgenomen om de kosten van de voorbereiding van de evaluatie te dekken. In de begroting van 2022 zal een bedrag opgenomen moeten worden voor de uitvoering van de evaluatie. In verband met het versterken van de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen is er in 2020 een wetgevingstraject gestart om de Wet Gemeenschappelijke Regeling (WGR) te wijzigen. In 2021 wordt in kaart gebracht wat de consequenties zijn van deze voorgestelde wetswijziging voor de GR.
Pagina 1
2. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten regionale GGD-taken 2.1. Introductie Dit hoofdstuk beschrijft een aantal inhoudelijke en financiële-/bedrijfsmatige ontwikkelingen. Ze hebben betrekking op de regionale taken van de GGD. Eén of meerdere van deze ontwikkelingen kunnen dan ook effect hebben op het ontwerpjaarprogramma en de programmabegroting 2022. Waar mogelijk hebben we de ontwikkelingen ondergebracht bij één van de vijf pijlers van de programmabegroting GGD Haaglanden1.
2.2. Voorjaarsbrief 2021 2.2.1 Terugblik Voorjaarsbrief 2021 De vorige voorjaarsbrief beschreef ontwikkelingen die op verschillende manieren impact hebben gehad op de programmabegroting 2021 van de GGD. Zo beschreef de VJB 2021 de sterke stijging in het aantal, maar ook de complexiteit van de meldingen en vragen bij de taken infectieziektebestrijding en medische milieukunde. De VJB 2022 geeft aan dat deze trend nog steeds aan de orde is. Met de incidenteel toegekende fte’s beschikt de GGD in 2021 over iets meer menskracht. Ook is in de vorige VJB gesproken over de implementatie uitkomsten van het doelmatigheidsonderzoek epidemiologie en gezondheidsbevordering. Dit onderwerp komt terug in deze VJB.
2.2.2 Verwerking zienswijzen begroting 2021 De verschillende raden van de gemeenten in de regio stellen elk een zienswijze op over de jaarlijkse ontwerpbegroting. Voor de begroting 2021 zijn voor de GGD drie punten van aandacht benoemd. Hieronder wordt kort een stand van zaken gegeven 1) Visietraject, doelmatigheidsonderzoek GGD en garantieregeling: Dit punt wordt besproken in paragrafen 2.3.2 en 2.4.2. 2) Resultaatgericht werken GGD: De GGD heeft als reactie aangegeven in de tweede helft 2020 te bezien hoe en wanneer dit traject weer kan worden opgestart. Dit heeft vooral te maken met het feit dat het resultaatgericht werken samenhangt met de uitkomsten van het visietraject. Aangezien het visietraject vanwege de coronapandemie (tijdelijk) heeft stilgelegen en pas recent weer is hervat, is op dit moment nog niks te melden over de herstart van het traject resultaatgericht werken. 3) Stijging inwoneraantal: De GGD heeft als reactie aangegeven te komen met een generiek voorstel m.b.t. het omgaan met de stijging van het inwonertal. Paragraaf 2.4.1 gaat nu kort in op het onderwerp.
De 5 pijlers: monitoren, adviseren en signaleren (1); uitvoerende taken gezondheidsbescherming (2); bewaken publieke gezondheid bij rampen en crises (3); toezicht houden (4); brede public health (5). 1
Pagina 2
2.3. Uitdagingen op het gebied van de publieke gezondheid 2.3.1 Corona en gezondheidsgevolgen Sinds het voorjaar 2020 heeft Haaglanden te maken met het coronavirus en ligt de prioriteit van de GGD bij de bestrijding hiervan. De verwachting is dat dit nog wel enige tijd zal duren, in elk geval nog voor een groot deel in 2021. De GGD schat in dat hoe langer de coronapandemie duurt, des te groter zullen de gevolgen voor de gezondheid van de inwoners in de regio Haaglanden zijn. Deze gezondheidsgevolgen bestaan enerzijds uit de directe impact van het virus op de gezondheid van mensen en de belasting van de zorg. Anderzijds vormen de opleving van het virus en de maatregelen die nodig zijn om de pandemie te bestrijden een bedreiging voor de volksgezondheid van met name kwetsbare groepen in de samenleving. De pandemie en de maatregelen die genomen worden om deze te bestrijden, vergroten onder andere gezondheidsachterstanden. Een groter aantal mensen wordt door onzekerheid (verlies van inkomen en bezorgdheid over gezondheid) en beperkingen in hun dagelijks leven (verlies van vrijheid) mentaal kwetsbaarder. Mensen die mentaal kwetsbaar zijn hebben vaker schulden, een ongezonde leefstijl, voelen zich vaker eenzaam en zijn vaker betrokken bij geweldsituaties.
Ook zorgen de pandemie en maatregelen ter bestrijding ervan voor nieuwe gezondheidsproblemen zoals te lang thuis zitten in een huis met een slecht binnenmilieu, weinig beweging en sociale isolatie. Mensen die vóór de uitbraak van het coronavirus al te kampen hadden met multiproblematiek en met geringe gezondheidsvaardigheden zijn door de coronapandemie nog verder op achterstand gekomen. GGD Haaglanden adviseert haar gemeenten over het lokale gezondheidsbeleid. Dit doet de GGD op basis van onderzoek, monitoring en evaluatie. Daarnaast werkt de GGD samen met diverse partners in de gemeenten en op wijkniveau aan gezondheidsbevordering en een gezonde leefomgeving. Gezondheidsbevordering en monitoring zijn onder normale omstandigheden een kwestie van lange adem. Maar de coronapandemie vraagt om een snelle(re) aanpak. Problemen ontstaan (en verergeren) nu en er is directe inzet nodig om de schade op langere termijn te beperken. Naast de crisisaanpak in de bestrijding van het virus is ook een crisisaanpak nodig om de, aan de coronapandemie gerelateerde, gezondheidsproblemen het hoofd te bieden. Uiteraard is het van belang dat bestaande programma’s gericht op het terugdringen van gezondheidsachterstanden (bijvoorbeeld gericht op overgewicht, mentale kwetsbaarheid of eenzaamheid) gecontinueerd worden.
Recent heeft de GGD een impactanalyse uitgevoerd over het effect van corona op publieke gezondheidsthema's. De resultaten van deze analyse geven de GGD inzicht in waar extra inzet nodig is. Aanvullend op deze analyse zal de GGD een regionaal advies opstellen met daarin beleidsadviezen (zogenaamde kernboodschappen Corona) Aan de hand van dit advies zal de DPG begin 2021 een ronde langs de wethouders van de regiogemeenten maken om dit advies toe te lichten. Dit om aan te sluiten op de specifieke situatie van elke gemeente. Vervolgens zal de GGD in samenwerking met de gemeenten op ambtelijk niveau bespreken welke behoefte er bestaat bij de gemeenten en hoe de uitvoering lokaal vormgegeven kan worden. De GGD doet vanuit verschillende taken binnen de GR (denk aan beleidsadvisering, gezondheidsbevordering, epidemiologie en leefomgeving) wat nodig is om samen met gemeenten en ketenpartners gezondheidsproblemen die ontstaan (zijn) door de Pagina 3
coronapandemie te beperken. Deze inzet zal zeker in 2021, maar ook in 2022 impact hebben op de werkzaamheden van de GGD. De GGD signaleert echter dat de inzet veel druk legt op de organisatie. De GGD constateert dan ook dat om deze inzet te kunnen waarborgen de organisatie een bepaalde kritische massa nodig heeft en dat deze voor de taken gezondheidsbevordering en epidemiologie knelt. Vanwege het karakter van de huidige crisis knelt de kritische massa ook voor infectieziektebestrijding, met name waar het gaat over capaciteit die nodig is om de coronabestrijding inhoudelijk aan te sturen. Uit de Landelijke Benchmark GGD’en van GGD GHOR NL blijkt dat in Nederland de gemiddelde capaciteit voor de taak epidemiologie op 0,72 fte per 100.000 inwoners ligt en de gemiddelde benodigde capaciteit voor de taak gezondheidsbevordering op 1,30 fte per 100.000 inwoners (peildatum 2017). Ervan uitgaande dat deze gemiddelden een goede indicatie vormen voor het berekenen van de benodigde capaciteit voor beide taken, zou dit betekenen dat GGD Haaglanden over 8,0 fte epidemiologie formatie en 14,4 fte gezondheidsbevordering formatie moet beschikken. De formatie van deze taken binnen de GR ligt hier echter onder (respectievelijk 6,9 fte en 11,2 fte).
Het gevolg hiervan is dat de GGD met haar regionale taken onvoldoende verzekerd is van crisisparaatheid in de regio Haaglanden en onvoldoende kritische massa heeft op het terrein van epidemiologie en gezondheidsbevordering. Na eerdere gesprekken met het AB gevoerd te hebben over dit gebrek aan kritische massa heeft het AB aangegeven dat de GGD moet onderzoeken hoe het benchmarkgemiddelde budgetneutraal kan worden benaderd door middel van bijvoorbeeld herprioritering. Dit onderzoek heeft, vanwege de coronacrisis, nog niet plaatsgevonden. Dit onderzoek zal de GGD in 2021 uitvoeren. De GGD merkt momenteel inderdaad dat er onvoldoende kritische massa is om snel in te kunnen springen op gezondheidsonderzoek en nazorg in relatie tot de coronapandemie. Voor de taak epidemiologie wordt dan ook extra capaciteit ingezet vanuit het (tijdelijke) Programma Corona. De kosten hiervan worden gedeclareerd bij de Rijksoverheid.
Inzet ten behoeve van de gezondsheidsgevolgen van Corona - Gezondheidsbevordering In de vorige paragraaf is aangegeven dat de GGD samen met gemeenten begin 2021 bespreekt welke lokale activiteiten door de GGD uitgevoerd kunnen worden om de gezondheidsgevolgen vanwege Corona aan te pakken. De GGD verwacht dat langere inzet nodig is om kwetsbare groepen zoals ouderen, jongeren en mensen met een lage sociaaleconomische status te bereiken en impact te hebben. Voor een duurzame impact verwacht de GGD in ieder geval drie jaar nodig te hebben. Vanuit het reguliere lokaal gezondheidsbeleid zal een deel van de inzet worden ingevuld. Voor een stevigere aanpak is extra financiering nodig. Deze stevigere aanpak is mede afhankelijk van de keuzes die door gemeenten worden gemaakt in 2021. In dit kader is er voor de GGD allereerst een signalerings- en aanjaagrol weggelegd. Hierbij signaleert de GGD vanuit bestaande programma’s, zoals Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG), Gezonde school (dit is een lokale taak), Huiselijk geweld en bestaande netwerken in de gemeenten knelpunten op het gebied van gezondheidsgevolgen van Corona. Daarnaast houdt de GGD actief de landelijke ontwikkelingen bij, vertaalt deze naar de regio Haaglanden en de gemeenten met gerichte advisering. Tevens jaagt de GGD gemeenten en externe partijen aan om knelpunten met gerichte acties het hoofd te bieden.
Pagina 4
Naast het aanjagen en signaleren voert de GGD op beperkte schaal activiteiten uit. Uitvoering vindt plaats op basis van prioritering, volgend uit de gesprekken over de kernboodschappen Corona met de gemeenten. Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten op bestaande programma’s en effectieve interventies waarbij deze gericht worden geïntensiveerd. Hierbij stuurt de GGD erop dat het overgrote deel van de uitvoering komt te liggen bij de het lokale veld en de lokale (keten)partners binnen de gemeenten. De begrote inzet is jaarlijks 2.700 uur (2 fte). Ook op landelijk niveau spreken de Directeuren Publieke Gezondheid en GGD GHOR Nederland over de gevolgen van corona op de publieke gezondheid. In dit kader is GGD GHOR Nederland momenteel bezig met het opstellen van een projectvoorstel richting het Rijk. Hierin wordt voor alle GGD’en voor de duur van drie jaar een speciale functionaris gezondheidsbevordering aangevraagd. Deze functionaris zal zich bezighouden met het organiseren en uitvoeren van programma’s die bijdragen aan draagvlak voor naleven van coronamaatregelen en het ondersteunen van met name kwetsbare groepen in hun gezondheid. Mocht het projectvoorstel worden toegekend door het Rijk, dan heeft de GGD al financiering voor 1,0 fte.
Inzet ten behoeve van de gezondsheidsgevolgen van Corona – Epidemiologie Vanuit de taak epidemiologie voert de GGD, in het kader van de coronapandemie, reeds een aantal monitoringstaken uit. Zo monitort de GGD de besmettingen (opstellen epicurves). Ook monitort de GGD het gedrag en vertrouwen van burgers. De GGD verwacht dat deze activiteit uitgebreid zal worden met monitoring van de vaccinatiebereidheid en de houding van burgers ten opzichte van het vaccineren. Dit laatste kan worden gebruikt voor op maat acties ten behoeve van het stimuleren van de vaccinatiegraad. Deze activiteiten worden op dit moment gefinancierd vanuit het Rijk. De GGD verwacht dat het Rijk deze middelen blijft toekennen zolang deze voor de landelijke bestrijding van het coronavirus noodzakelijk zijn. Op het moment dat de pandemie onder controle is gaat de GGD ervan uit dat deze Rijksmiddelen zullen wegvallen en dat de GGD geen (extra) inzet meer hoeft te plegen. Momenteel spreken de GGD’en met elkaar op landelijk niveau over de verschillende taken die nodig zijn om de gezondheidsgevolgen van de coronapandemie te kunnen monitoren2. De GGD’en zullen de komende jaren een aantal extra metingen – gericht op verschillende leeftijdsgroepen – uitvoeren. De metingen betreffen jeugd (13-16 jaar), jongvolwassenen (16-24 jaar) en volwassenen en ouderen (19 jaar en ouder).
Daarnaast wordt landelijk gesproken over het opzetten van een monitor over de openbare geestelijke gezondheidzorg. De diensten en producten die GGD Haaglanden hiervoor in 2022 en 2023 levert zijn de analyses en rapportages op regionaal en, waar mogelijk, op gemeenteniveau. Bij rapportages denkt GGD Haaglanden onder andere aan informatie over de effecten van de coronapandemie op de leefstijl en de ervaren lichamelijke en mentale gezondheid,
De extra monitors zijn onderdeel van de Gezondheidsonderzoek bij Rampen (GOR)-propositie die is opgesteld door het coördinatieteam PSH GOR, bestaande uit GGD GHOR Nederland, het RIVM, Arq en Nivel. Vanuit de Wet publieke gezondheid zijn GGD’en verantwoordelijk voor Gezondheidsonderzoek bij Rampen. De DPG’en hebben het idee opgevat om dit landelijk op te pakken en hebben GGD GHOR Nederland opdracht gegeven om dit verder samen met Nivel, RIVM en ARQ uit te werken. 2
Pagina 5
welbevinden en leefomstandigheden. De informatie gaat de GGD bijvoorbeeld publiceren op de Gezondheidsmonitor Haaglanden. Ook kan de GGD de informatie publiceren in impactanalyses of presenteren in webinars. Naast deze landelijke monitors werkt de GGD nauw samen met onderzoekspartners zoals universiteiten, hogescholen en kennisinstituten aan onderzoek naar de gezondheidseffecten van het coronavirus. Deze samenwerking levert voor de regio Haaglanden onderzoeksrapportages op die aanvullende inzichten bieden ten opzichte van de landelijke onderzoeken. Hiermee kan de GGD in haar adviesrol maatwerk leveren voor de regionale en lokale situatie. Bovengenoemde onderzoeken zijn gebaseerd op enquêtes en zorgdata (registraties). Dit geeft algemene inzichten, maar onvoldoende inzicht in de impact van Corona op de gezondheid van inwoners van achterstandssituaties, omdat deze inwoners niet altijd bereikt worden, deelname-bereidheid lager is en taal vaak een barrière vormt. In 2021 vult GGD Haaglanden daarom de kwantitatieve inzichten uit enquêtes en registraties aan met kwalitatief onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van sleutelfiguren. Dit onderzoek wordt in 2021 met middelen van het Rijk gefinancierd. Echter, de impact van Corona zal ook na 2021 naar verwachting aanzienlijk zijn voor kwetsbare inwoners van de regio Haaglanden.
Voortgang van onderzoek zal gemeenten inzichten opleveren voor het formuleren van beleid rondom de aanpak van de gezondheidsgevolgen van de coronapandemie. Dit helpt gemeenten om gericht maatregelen te nemen en maatschappelijke partijen mee te nemen om de gezondheid van inwoners te bevorderen en te beschermen en gezondheidsachterstanden te verminderen. In dit kader is er voor de GGD een rol weggelegd bij het geven van inzicht in de gezondheidseffecten op regionaal en/of lokaal niveau. Hiertoe analyseert en rapporteert de GGD op hoofdlijnen en vanuit leeftijdsspecifieke groepen. Hiervoor gebruikt de GGD lopende dataverzamelingen, zoals de huidige monitor en surveillancegegevens uit de coronabestrijding, maar ook metingen en zorgregistraties over de gezondheidseffecten van Corona. Daarnaast houdt de GGD de landelijke ontwikkelingen bij en vertaalt deze naar de regio Haaglanden. Hierover publiceert de GGD data op de Gezondheidsmonitor Haaglanden en presenteert de data tijdens bijvoorbeeld webinars. Ook onderhoudt de GGD contacten en werkt samen met onderzoekspartners om hun resultaten over de situatie in de regio Haaglanden, dan wel op gemeentelijk niveau samen te brengen met als doel aanvullend inzicht te verkrijgen in de gezondheidseffecten van Corona. De begrote inzet is jaarlijks 2.700 uur (2 fte) De GGD-inzet legt druk op de taken van de organisatie.
Om deze inzet te kunnen waarborgen is een bepaalde kritische massa nodig. De formatie van met name de regionale taken gezondheidsbevordering en epidemiologie van GGD Haaglanden ligt momenteel onder het landelijke benchmark gemiddelde. De GGD heeft momenteel niet de ruimte om het benchmarkgemiddelde budgetneutraal te benaderen door te herprioriteren. Daarbij komt dat kosten die worden gemaakt voor het verkleinen van gezondheidsachterstanden als gevolg van de coronapandemie niet geclaimd kunnen worden bij de Rijksoverheid. GB Voor de taak gezondheidsbevordering is incidentele uitbreiding in 2021 noodzakelijk om activiteiten uit te kunnen voeren voor het verkleinen van gezondheidsachterstanden en het
Pagina 6
bevorderen van een gezonde leefstijl als gevolg van de coronapandemie. Het is wenselijk dat deze uitbreiding doorloopt in 2022 en 2023. De inzet wordt enkel in 2021 financieel vertaald in een begrotingswijziging. Voor de jaren 2022 en 2023 wordt een PM opgenomen aangezien deze inzet afhankelijk is van Rijksfinanciering Epi Voor de taak epidemiologie is een incidentele uitbreiding in 2022 en 2023 noodzakelijk om de gezondheidsgevolgen van de coronapandemie te kunnen monitoren. Omdat de inzet afhankelijk is van Rijksfinanciering wordt deze uitbreiding voorlopig aangehouden en als PM post benoemd.
2.3.2 Ontwikkelingen publieke gezondheid Op het gebied van de publieke gezondheid zijn momenteel diverse ontwikkelingen gaande. Deze ontwikkelingen zijn divers, maar hangen nauw met elkaar samen. In een ‘normale situatie’ zou de GGD sommige van deze ontwikkelingen al vertaald hebben naar de regio Haaglanden. Door het bestrijden van het Coronavirus heeft dit vertraging opgelopen. In de volgende paragrafen wordt een aantal ontwikkelingen op het gebied van de publieke gezondheid kort beschreven. Het doel hiervan is dat GGD en gemeenten hierover met elkaar in gesprek gaan. Vragen zoals “welke prioriteit geven we aan elke ontwikkeling? En “welke ontwikkelingen willen we regionaal en welke lokaal oppakken?” zouden besproken moeten worden. Aan het eind is een tijdslijn opgenomen om een beeld te geven van alle ontwikkelingen in de tijd. Landelijke nota volksgezondheid & akkoorden
In mei 2020 is de Landelijke Nota Gezondheidsbeleid 2020-2024 verschenen. Dit document beschrijft hoe het Rijk en de gemeenten de komende vier jaar samen nog meer kunnen doen om Nederland gezonder te maken, aanvullend op wat er al gebeurt en los van de aanpak van het coronavirus. De landelijke nota beschrijft vier gezondheidsvraagstukken die met voorrang moeten worden aangepakt. Deze gezondheidsvraagstukken komen voort uit de VTV-2018 en vormen een aanvulling op de beleidslijnen en landelijke programma’s die al lopen, zoals het Nationaal Preventieakkoord en het Nationaal Sportakkoord. VWS verwacht op deze vraagstukken de grootste ziektelast maar ook dat op deze vraagstukken de grootste gezondheidswinst voor kwetsbare groepen bereikt kan worden en leiden tot kostenbeheersing in de zorguitgaven en het sociaal domein. De vier gezondheidsvraagstukken met de daarbij opgestelde ambities zijn: 1) Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving: i. ii.
Gezondheid wordt een vast onderdeel van de belangenafweging in ruimtelijk beleid Er is meer verbinding tussen het fysieke en het sociale beleidsdomein.
2) Gezondheidsachterstanden verkleinen: i. ii.
De levensverwachting van mensen met een lage SES neemt toe en het aantal jaren in goed ervaren gezondheid neemt voor iedereen toe. Op termijn ontwikkelen we in alle wijken en buurten een leefomgeving die een gezonde leefstijl mogelijk en gemakkelijk maakt
3) Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen: Pagina 7
i. ii.
De kennis over de aard, omvang en determinanten van mentale gezondheid bij jongeren neemt toe. Jeugd en jongvolwassenen gaan minder prestatiedruk in hun leven ervaren doordat mentale gezondheidsvaardigheden worden gestimuleerd en de fysieke en sociale leefomgeving mentale gezondheid bevorderen.
4) Vitaal ouder worden: i. ii. iii.
Relatief meer ouderen gaan zich vitaal voelen zodat zij kunnen blijven participeren in de samenleving. Het risico op spoedeisende hulp na een val bij ouderen neemt af. Gemeenten creëren een leefomgeving die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl.
Nu de landelijke nota gezondheidsbeleid en de vier prioritaire gezondheidsvraagstukken bekend zijn, is het aan het Rijk, gemeenten en de GGD om aan de slag te gaan. Niet alles heeft echter urgentie, sommige dingen kunnen op de iets langere termijn worden gezet, de nota geldt tenslotte voor vier jaar. Vanuit de nota wordt van gemeenten verwacht dat zij binnen twee jaar (dus uiterlijk 2022) een lokale nota hebben opgesteld. De landelijke nota is richtinggevend voor de invulling van de lokale nota in gemeenten, als onderdeel van de vierjarige beleidscyclus volksgezondheid. Daarbij moet aan de in de landelijke nota vermelde onderwerpen in elk geval aandacht besteed worden. Er zijn echter ook een aantal landelijke programma’s gaande waarbij gemeenten kunnen aansluiten, zoals het Nationaal Preventieakkoord of Nationaal Sportakkoord (zie bijlage 1 voor meer informatie over beide akkoorden). Om deze ambities op lokaal niveau te realiseren sluiten gemeenten met lokale partijen, zoals de GGD, lokale sportaanbieders, maatschappelijke partners en het bedrijfsleven, sportakkoorden. Nieuwe regionale inzichten (gezondheidsmeter 2020 en jongerenpeiling 2019)
In maart 2018 is de Gezondheidsmonitor (GM) online verschenen. De gezondheidsmonitor biedt inzicht in de gezondheidssituatie van de inwoners van de regio Haaglanden. De monitor wordt meerdere keren per jaar geactualiseerd. Een van de belangrijkste bouwstenen van de Gezondheidsmonitor is de vierjaarlijkse Gezondheidsenquête, met ingang van 2020 Gezondheidsmeter genoemd. In het najaar van 2020 is de Gezondheidsmeter Volwassenen en Ouderen uitgezet. In tegenstelling tot de continue data van de GM, die zorgt voor directe acties, draagt de data uit de Gezondheidsmeter bij aan wijzigingen van de grote beleidslijnen. Helemaal als deze data samen wordt gebruikt met de hiervoor aangehaalde Landelijke Nota Gezondheidsbeleid. Het is de verwachting dat de uitkomsten van de Gezondheidsmeter in de loop van 2021 beschikbaar zijn. Op dat moment geeft de GGD ook duidelijkheid over de effecten van de nieuwe cijfers. Op basis van de uitkomsten van de Gezondheidsmeter en op basis van de behoeften van de gemeenten, zal de GGD – op maat en op basis van gemeentelijke behoefte - nieuwe Kernboodschappen voor beleid kunnen formuleren. Hierbij worden ook de nieuwe inzichten van de jongerenpeiling 2019 betrokken. Gezonde leefomgeving
De belangrijke rol voor een gezonde (fysieke) leefomgeving is beschreven in o.a. de Landelijke Nota Gezondheidsbeleid, Nationaal Preventie Akkoord (NPA), de Nationale
Pagina 8
omgevingsvisie (NOVI) en het Schone Lucht Akkoord. Ook in het visietraject van de GGD komt sterk naar voren dat publieke gezondheid de komende jaren een belangrijke rol moet gaan spelen in de fysieke leefomgeving, zeker waar het gaat om thema’s als verdichting en klimaatadaptatie. Zo ontstaat er steeds meer draagvlak voor het rekening houden met gezondheid (zowel bescherming als bevordering) in verschillende beleidsterreinen in het fysieke domein en in het bijzonder bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de praktijk is er veel vraag naar adviezen van de GGD die betrekking hebben op de leefomgeving. Deze vraagt neemt ieder jaar toe. In de huidige coronapandemie leven er veel Corona gerelateerde adviesvragen in relatie tot leefomgeving. Binnen het gestegen aantal adviezen zit echter ook een groot aantal ruimtelijke vraagstukken, een uitvloeisel van de grote verstedelijkingsopgave in de regio. Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Deze wet richt zich onder andere op een gezonde en veilige leefomgeving. Gezondheid wordt met de Omgevingswet onderdeel van wetgeving over de fysieke leefomgeving. In 2019 is door het Algemeen Bestuur GGD Haaglanden aangegeven dat de inzet van GGD Haaglanden bij (implementatie van de) Omgevingswet vooralsnog een lokale taak is.
In dit kader heeft de GGD in 2019 een ronde gedaan langs alle gemeenten in de regio om de behoeftes en adviesvragen die leven in het kader van de Omgevingswet in kaart te brengen en afspraken over te maken. Naar aanleiding van deze ronde zou in 2020 verder met gemeenten worden gesproken over een verdere invulling van de inzet van de GGD. Dit omdat tijdens de eerste ronde nog niet alle gemeenten zo ver waren om verdere afspraken te maken. Door de inzet van de GGD voor de bestrijding van het Coronavirus is dit proces vertraagd. Aangezien de Omgevingswetwet per januari 2022 in werking treedt en de landelijke nota volksgezondheid specifiek aandacht vraagt voor de rol van de fysieke en sociale omgeving voor gezondheid, is het belangrijk dat nu keuzes worden gemaakt over de rol van de GGD bij de uitvoering van de Omgevingswet en over hoe de GGD haar rol op het gebied van sociale en fysieke omgeving invult. Deze keuze hangt ook samen met de uitkomsten van het GGD-visietraject (zie volgende paragraaf). Visietraject
De gemeenten hebben de GGD in de zienswijze op de begroting 2020 gevraagd om in samenspraak met hen en ketenpartners een visie te ontwikkelen. De GGD is hier in het najaar van 2019 mee van start gegaan en in maart 2020 is de eerste fase van het traject afgerond. Vanwege de uitbraak van het coronavirus is het traject, in overleg met het AB, na het afronden van de eerste fase, tijdelijk stilgelegd. De coronapandemie is ten tijde van het schrijven van dit document nog niet voorbij en voor gemeenten, ketenpartners en de GGD zijn het bijzonder drukke tijden. Toch is de GGD, na goedkeuring van het AB, weer gestart met het visietraject. Tot en met januari 2021 wordt invulling gegeven aan de tweede fase van het traject t.w. het bespreken van scenario’s hoe GGD Haaglanden er in de toekomst mogelijk uit komt te zien. In de periode februari tot en met april 2021 wordt op basis van de scenariobesprekingen toegewerkt naar de visie en de vertaling naar concrete ambities. De definitieve visie zal in het tweede kwartaal van 2021 worden vastgesteld door het AB.
Pagina 9
Tijdslijn ontwikkelingen publieke gezondheid
De bovenstaande tijdslijn laat zien dat er in 2020 tot en met 2022 diverse ontwikkelingen op het gebied van de publieke gezondheid gaande zijn. Het is noodzakelijk dat GGD en gemeenten over deze ontwikkelingen met elkaar in gesprek gaan. Vragen zoals “welke prioriteit geven we aan elke ontwikkeling? En “welke ontwikkelingen willen we regionaal en welke lokaal oppakken?” zouden besproken moeten worden. De antwoorden op deze vragen worden mede bepaald door de uitkomsten van het visietraject en de ambtelijke regionale sessie met als thema leefomgeving. Op dit moment kan de GGD nog niet aangeven welke consequenties de ontwikkelingen hebben voor de begroting 2022. Deze zijn namelijk afhankelijk van de keuzes dit hierover worden gemaakt door het AB.
2.3.6 Forensische Geneeskunde De forensische geneeskunde levert een onmisbare bijdrage in (straf)recht, openbare orde en volksgezondheid. GGD’en voeren de forensische geneeskunde uit vanuit hun maatschappelijke opgave voor de gezondheid en veiligheid van kwetsbare mensen. De keten van zorg en veiligheid vertrouwt op de hoge kwaliteit van de forensische geneeskunde en weet dat ze daar nu en in de toekomst op kan rekenen. In december 2019 is de herijking van de visie op forensische geneeskunde uitgekomen waarin door de directeuren Publieke Gezondheid (landelijk) de intentie is vastgelegd om een bovenregionale uitvoering van forensische geneeskunde uniform te gaan inrichten per politieregio. Dit is ook een wens van de politie, die tevens een aantal taken, behorende bij de bovenregionale uitvoering, financiert. Deze bovenregionale samenwerking betekent dat GGD Haaglanden meer gaat samenwerken met GGD Hollands Midden. Deze samenwerking zorgt voor een robuustere uitvoering van forensische geneeskunde aangezien het zeer specialistische werkzaamheden betreft. Het doorvoeren van ontwikkelingen op het gebied van forensische geneeskunde, waaronder schaalvergroting op het niveau van de politieregio, levert naar alle waarschijnlijkheid op termijn efficiencywinst op. Bovenregionale samenwerking zorgt naar verwachting ook voor een sterkere positie van GGD Haaglanden t.a.v.
forensische geneeskunde.
Pagina 10
Om als GGD Haaglanden een gelijkwaardige partij te zijn ten opzichte van Hollands Midden is het wenselijk om de taken wellicht uit te breiden van alleen lijkschouw naar een breder pakket van taken. GGD Haaglanden doet nu alleen de lijkschouw. Andere taken worden nu door externe partijen gedaan. Een aantal taken die in aanmerkingen zouden komen voor deze uitbreiding zijn: • •
•
Arrestantenzorg en bloedafname: dit gebeurt momenteel door een externe partij. In het land voeren bijna alle GGD’en deze taak uit. Medische zorg voor arrestanten: de politie is momenteel verantwoordelijk voor de medische zorg voor arrestanten. GGD’en zien echter grote voordelen in de integrale uitvoering van de forensische geneeskunde onder de verantwoordelijkheid van de GGD. In 2021 is een nieuwe aanbesteding voor medische arrestantenzorg door de politie. GGD GHOR Nederland gaat zich hiervoor inschrijven. Omdat de GGD’en de enige organisaties in het land zijn waarmee een landelijk dekkend netwerk verkregen kan worden en zo een gestandaardiseerde kwaliteit kan worden gewaarborgd, is het aannemelijk dat de GGD’en deze taak ook toegewezen krijgen. De politie gaat via de aanbesteding na of er ook nieuwe toetreders tot deze markt zijn. Letselbeschrijving: Deze taak wordt in onze regio momenteel uitgevoerd door GGD Hollands Midden.
Naast deze taken heeft het Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Sport (VWS) de GGD’en gevraagd de regionale organisatie van forensisch medische expertise bij kindermishandeling op te pakken en te verbeteren. GGD GHOR Nederland heeft dit verzoek geaccepteerd en zorgt voor uitwerking, implementatie en borging. Hoewel de intentie is uitgesproken om bovenregionaal te gaan samenwerken moet nog wel onderzocht worden hoe de ontwikkelingen doorgevoerd kunnen worden en wat er nodig is om de ze te implementeren. Voor het onderzoek is een projectleider nodig die dit project voor beide GGD’en uitvoert. Zoals gezegd voert GGD Haaglanden momenteel enkel de taak lijkschouw uit. De DPG’en hebben hun intentie hebben uitgesproken om landelijk een uniforme bovenregionale uitvoering van forensische geneeskunde in te richten. Om duidelijk te krijgen hoe deze uitvoering kan worden doorgevoerd en wat daarvoor nodig is, is het noodzakelijk om dit te onderzoeken. In dit kader vraagt de GGD toestemming om, samen met GGD Hollands Midden, incidenteel een projectleider aan te stellen die de opdracht krijgt te onderzoeken hoe de bovenregionale uitvoering van forensische geneeskunde vorm en inhoud kan krijgen. De GGD zal de kosten voor de projectleider financieren vanuit de tarieven Forensische Geneeskunde 2021.
2.4. Financiële-/ bedrijfsmatige ontwikkelingen 2.4.1 Correctie aantal inwoners regio Haaglanden De begrotingssystematiek en de wijze van kostprijsbepaling in de begroting vinden jaarlijks plaats op basis van de afspraken in het financieel statuut. In het statuut is opgenomen dat “De productie-aantallen (volumeontwikkeling) zijn onderbouwd en dat er rekening is gehouden met bijgestelde inwonersaantallen. Hierbij wordt, vanwege de publicatiedatum van de bevolkingsstatistiek van het CBS uitgegaan van het inwonertal op 1 januari van het voorafgaande jaar” (artikel 7, lid 1).
Pagina 11
In de begroting over de jaren 2018-2020 zijn geen budgettaire consequenties verbonden aan volumeontwikkeling en de groei van het aantal inwoners (toename van 21.000 in deze periode). Voor het jaar 2021 heeft de GR de GGD incidenteel middelen toegekend om het aantal meldingen bij de taken infectieziektebestrijding en medische milieukunde op te vangen. Er is daarnaast afgesproken dat de GGD een analyse maakt over welke taken in welke mate gevoelig zijn voor het inwonertal, op basis waarvan een generiek begrotingsuitgangspunt kan worden bepaald. Om te zorgen voor duidelijkheid over hoe de GGD rekening houdt met bijgestelde inwonersaantallen in de begroting zal een generiek voorstel worden uitgewerkt. Het was de bedoeling dat de GGD dit voorstel voor de definitieve VJB ’22 zou uitwerken. Vanwege de coronapandemie was dit niet haalbaar. Het Algemeen Bestuur heeft d.d. 10 december ingestemd met het verzoek om het generieke voorstel over de stijging van inwoneraantallen niet in de VJB 2022 mee te nemen maar in de VJB 2023. In de begroting 2021 heeft het Algemeen Bestuur de GGD een incidentele uitbreiding voor medische milieukunde en algemene infectieziektebestrijding toegekend vanwege de stijgende inwoneraantallen en stijgend aantal burgervragen.
Aangezien de uitkomsten van het generieke voorstel nog niet kunnen worden meegenomen in de begroting 2022, is het noodzakelijk dat de incidentele toekenning (2,0 fte infectieziektebestrijding en 1,2 fte medische milieukunde) wordt verlengd in 2022.
2.4.2 Epidemiologie en Gezondheidsbevordering (Garantieregeling – Schoolgezondheidsbeleid) Rondom de taken epidemiologie en gezondheidsbevordering hebben zich in 2019 en 2020 verschillende ontwikkelingen voorgedaan. Zo was er een garantieregeling epidemiologie en gezondheidsbevordering vanuit de gemeente Den Haag, is er een doelmatigheidsonderzoek (DMO) gedaan (zie ook 2.3.1 over het landelijk benchmark gemiddelde) en waren er ontwikkelingen rondom de lokale taak schoolgezondheidsbeleid. Hoewel niet alle ontwikkelingen direct effect hebben op de GR wordt kort toegelicht wat ze voor effect hebben gehad op de GGD. 1) Garantieregeling epidemiologie en gezondheidsbevordering Bij de herijking van de Gemeenschappelijke Regeling eind 2017 heeft een aanpassing plaatsgevonden van het takenpakket epidemiologie en gezondheidsbevordering in de GR. Naar aanleiding van deze aanpassing heeft de gemeente Den Haag een garantie afgegeven voor het bekostigen van de medewerkers van epidemiologie en gezondheidsbevordering die niet meer worden ingezet voor de GR. De garantieregeling van de gemeente Den Haag voor de capaciteit epidemiologie en gezondheidsbevordering stopt per 1 januari 2021. Als voorbereiding op het aflopen van de garantie heeft de GGD maatregelen getroffen die ervoor zorgen dat beide afdelingen vanaf 1 januari 2021 de omvang hebben om GRtaken uit te voeren.
Daarnaast worden met de gemeente Den Haag afspraken gemaakt over de omvang van de lokale taken die de gemeente afneemt in 2021. GGD Haaglanden zal voor de uitvoering van lokale taken na 1 januari 2021 naar alle waarschijnlijkheid vooral flexibel/tijdelijk personeel blijven inzetten. Zoals in paragraaf 2.3.1 is aangegeven is de formatie van deze taken binnen de GR onder het landelijke benchmark gemiddelde. Het feit dat de Gemeente Den Haag in 2021 Pagina 12
epidemiologie en gezondheidsbevordering als lokale dienstverlening afneemt 3 betekent 1) dat er geen structurele oplossing is en 2) dat voor de GR de risico’s beperkt zijn. Het gebrek aan kritische massa is een blijvend aandachtspunt. 2) Schoolgezondheidsbeleid In regio Haaglanden is schoolgezondheidsbeleid van de GGD georganiseerd als lokale taak die door de meeste gemeenten wordt afgenomen. Het doelmatigheidsrapport van AEF in 2019 heeft de vraag opgeroepen of dit efficiënter kan. Naar aanleiding hiervan hebben de GGD en gemeenten gezamenlijk een model opgesteld waarin enerzijds ruimte is voor voldoende sturing vanuit de gemeenten, anderzijds voldoende continuïteit biedt aan de GGD om kwaliteit te kunnen leveren. Dit model en de afspraken daarbinnen zijn vastgelegd in een Regiogemeenteovereenkomst Lokale taken voor de periode 1 januari 2021- 31 december 2022. De afspraak is dat in de evaluatie gemeenschappelijke regeling opnieuw bekeken zal worden hoe schoolgezondheidsbeleid dan kan worden georganiseerd. Verschillende ontwikkelingen hebben een effect gehad op de inhoud, vorm en massa van de taken epidemiologie en gezondheidsbevordering. Tijdens de coronacrisis is duidelijk geworden dat de GGD tijdens crises niet beschikt over voldoende kritische massa op deze taken.
Zoals in paragraaf 2.3.1 als is opgenomen is het noodzakelijk dat voor de taken epidemiologie en gezondheidsbevordering wordt gezorgd voor voldoende kritische massa.
2.4.3a Correctie aantallen (productie) Toezicht kinderopvang (pijler 4) De GGD begroot jaarlijks de taak Toezicht Kinderopvang aan de hand van de vastgestelde opgave Toezicht Kinderopvang over het voorgaande jaar. De begroting over het jaar 2022 baseert de GGD op de opgave die de gemeenten in 2021 geven. De taak Toezicht Kinderopvang wordt afgerekend op basis van afname. Hierdoor lopen de gemeenten geen risico dat ze meer moeten betalen dan dat ze in aantallen afnemen. Voor de inschatting van de bijdrage van de gemeenten kan het echter wenselijk zijn om de begroting 2021 te wijzigingen aan de hand van het nieuwe aanbod. Door het vaststellen van het aanbod Toezicht Kinderopvang 2022 is het onontkoombaar dat de programmabegroting 2022 wordt uitgewerkt op basis van dit aanbod. Daarnaast is het wenselijk om dit aanbod door te voeren bij een gewijzigde begroting 2021.
2.4.3b Correctie aantallen (productie) Lijkschouw (pijler 4) De taak Lijkschouw wordt, net als de taak Toezicht Kinderopvang, afgerekend op basis van afname. Ook hier betalen de gemeenten niet meer dan het aantal activiteiten dat binnen deze taak wordt uitgevoerd. Zoals in de bestuursrapportage t/m augustus 2020 is aangegeven, stijgt vooral het aantal lijkschouwen, uitstellen begrafenis en lijkenpassen. Vorig jaar is naar aanleiding van de toenmalige stijging een voorstel gedaan de geprognosticeerde aantallen voor de begroting aan te passen. Omdat de stijging van het aantal lijkschouwen gering en de
3
Andere gemeenten doen dit niet of beperkt
Pagina 13
stijging van uitstellen begrafenis en lijkenpassen incidenteel is, wordt nu geen voorstel tot aanpassing gedaan. Voor de begroting 2022 zullen dan ook de aantallen zoals die in de begroting 2021 zijn opgenomen worden gehanteerd. Deze ontwikkeling heeft volgens de GGD geen directe gevolgen voor de begroting 2022.
2.5 Inschatting budgettaire consequenties Voorgaande ontwikkelingen leiden, indien akkoord, tot budgettaire consequenties voor 2021 e.v. De inschatting van de budgettaire consequenties wordt in onderstaande tabel getoond: Budgettaire consequenties begroting 2021 t/m 2025 Taken (bedragen x € 1.000)
Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2021 2022* 2023* 2024* 2025*
Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - GB - Midden
238
PM
PM
-
-
Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - Epidemiologie - Midden
-
PM
PM
-
-
Ontwikkeling forensische geneeskeunde
-
-
-
-
-
Correctie aantal inwoners regio Haaglanden**
-
350
PM
PM
PM
Correctie aantallen (productie) Toezicht kinderopvang
-55
-57
-57
-57
-57
Loon en prijsontwikkeling***
-
377
377
377
377
Ontwikkeling bedrijfsvoeringskosten****
560
560
560
560
560
Totaal
743
1.230
880
880
880
* **
***
****
De bedragen in de kolom 2022 en verder zijn inclusief de loon en prijsontwikkeling. Het bedrag onder correctie aantal inwoners regio Haaglanden is in 2023 t/m 2025 afhankelijk van de uitkomsten van het generiek voorstel inwonersaantallen dat onderdeel zal zijn van de VJB 2023. Voor nu is daarom een PM opgenomen. De bedragen onder ontwikkeling Loon en prijsontwikkeling zijn op basis van de in de kaderbrief 2022 voor GR-en gestelde indexcijfers. In lijn met de discussie in het onderdeel Algemene begrotingsuitgangspunten kan dit bedrag nog wijzigen. De bedragen ontwikkeling bedrijfsvoeringskosten zijn een indicatie op basis van de laatste bekende informatie. Deze kunnen nog wijzigen (zowel omhoog als omlaag).
Voor 2021 wordt ingeschat dat de ontwikkelingen zullen leiden tot budgettaire consequenties van € 743.000. De budgettaire consequenties betreffen ten eerste de incidentele middelen voor de inzet voor de gezondheidsgevolgen vanwege het coronavirus en de correctie bij Toezicht kinderopvang. De kosten voor de ontwikkeling Forensische Geneeskunde vallen binnen de huidige tarieven en daarmee binnen de begroting. Daarnaast is de voor de ontwikkeling van de bedrijfsvoeringskosten de budgettaire consequentie opgenomen. Deze is in lijn met de 2e begrotingswijziging 2020. De extra toegerekende kosten worden binnen het programma toegerekend aan afzonderlijke taken en gedekt conform de financieringssystematiek van de betreffende taak. Dekking komt gedeeltelijk uit verhoging van deelnemersbijdragen, gedeeltelijk uit te realiseren extra derden-bijdragen. Voor 2022 en 2023 wordt ingeschat dat de ontwikkelingen zullen leiden tot budgettaire consequenties van 2022: € 1.230.000 en 2023: € 880.000. De uitbreiding bestaat, naast de eerder genoemde ontwikkelingen in 2021, uit een incidentele uitbreiding voor de ontwikkeling in de aantallen inwoners en productie en de, conform de kaderbrief 2022 voor gemeenschappelijke regelingen, de loon en prijsontwikkeling van € 377.000. Pagina 14
Het effect van de beschreven budgetuitbreidingen per gemeente wordt in onderstaande tabellen voor 2021 tot en met 2023 samengevat weergegeven (voor een uitbreidere weergave wordt verwezen naar de bijlage) Taken (bedragen x € 1.000)
Totaal baten 2021 Totaal baten 2022 Totaal baten 2023
Totaal
743 1.230 880
De
48 84 51
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Wa
344 535 364
48 74 50
12 19 13
37 57 39
28 47 30
16 25 17
We
67 106 72
Ztm
Externe bijdrage
75 119 80
66 162 162
Let op: bij de verdeling van de budgetuitbreidingen naar gemeenten is nog geen rekening gehouden met financiering vanuit andere partijen, zoals het Rijk. Mocht het Rijk middelen toekennen aan de GGD voor de inzet op de gezondheidsgevolgen vanwege Corona dan verschuift deze financiering van de gemeenten naar de externe bijdrage.
Pagina 15
Bijlage 1: Landelijke Nota Volksgezondheid, Nationaal Preventieakkoord en Nationaal Sportakkoord De vier gezondheidsvraagstukken uit de Landelijke Nota Volksgezondheid 1) Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving: De omgeving waarin mensen wonen, werken en leven is een van de factoren die hun gezondheid beïnvloedt. Deze omgeving is zowel fysiek als sociaal van aard. De fysieke en sociale leefomgeving staan echter niet los van elkaar. Een gezond en toegankelijk ingerichte fysieke leefomgeving kan bijdragen aan een gezonde sociale leefomgeving en andersom. Het inrichten van beide typen leefomgeving vanuit het gedachtengoed van positieve gezondheid draagt niet alleen bij aan een gezonde leefstijl en welbevinden en minder milieurisico’s, maar ook aan gezonde werknemers en een gunstig economisch vestigingsklimaat. 2) Gezondheidsachterstanden verkleinen: Wie rijker is en een hogere opleiding heeft, leeft gemiddeld langer en in betere gezondheid. Zo is het verschil in levensverwachting tussen mensen met een hoge- en lage sociaaleconomische status (SES) ongeveer zes jaar. Het verschil tussen deze twee groepen in het aantal jaren goed ervaren gezondheid bedraagt bijna 15 jaar.
De gezondheidsachterstanden van mensen met een lage SES (die zijn bepaald op basis van opleidingsniveau en inkomen) zijn de afgelopen decennia niet of nauwelijks kleiner geworden, ondanks flinke inspanningen van Rijk en gemeenten. Door sommige ontwikkelingen zijn gezondheidsachterstanden zelfs toegenomen. Het is daarom belangrijk dat deze gezondheidsachterstanden blijvend worden aangepakt en kleiner worden. Het verkleinen van deze gezondheidskloof is echter een hardnekkig en complex probleem, waarvoor geen pasklare oplossing beschikbaar is. Het meeste effect is te verwachten van interventies tijdens de eerste levensfasen en preventieve interventies op het gebied van roken, alcohol en overgewicht. Inmiddels is helder dat deze interventies vooral kans van slagen hebben als er ook aandacht is voor achterliggende factoren, zoals gezondheidsvaardigheden, armoede en de directe sociale en fysieke leefomgeving. Inzet hierop is dan ook nodig. Dit is als gevolg van de coronapandemie nog urgenter geworden. 3) Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen: De toenemende druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen is een relatief nieuw gezondheidsvraagstuk. Er zijn signalen dat bijvoorbeeld prestatiedruk en sociale media-effect hebben op de gezondheid van deze doelgroep. Maar veel kennis over de oorzaken of oplossingen ontbreekt nog.
De aanpak van druk op het dagelijks leven is complex en dit onderwerp vraagt dan ook om een domein overstijgende aanpak. Het is een complex probleem omdat niet iedereen druk op dezelfde manier ervaart. Het is belangrijk dat jeugd en jongvolwassenen (en hun ouders) weten hoe zij mentaal gezond opgroeien en ook mentaal gezond kunnen blijven. Mentale problemen moeten bespreekbaar zijn en door de omgeving geaccepteerd worden. Om ervoor te zorgen dat jeugd en jongvolwassenen zich gezond ontwikkelen op de korte en lange termijn, zijn maatregelen nodig om de druk te verkleinen en hun mentale weerbaarheid en veerkracht te vergroten. De sociale omgeving kan helpen om met prestatiedruk om te gaan. Er zijn aanwijzingen dat het risico op stress-gerelateerde aandoeningen en depressieve klachten op latere leeftijd hierdoor kan afnemen. 4) Vitaal ouder worden: Nederland vergrijst: mensen worden steeds ouder en het aandeel ouderen in de samenleving neemt toe. Het aantal 75-plussers ligt nu rond de 1,3 miljoen. In 2040 is dit aantal bijna verdubbeld. Van alle 75-plussers ervaart op dit moment 65% een goede kwaliteit van leven, blijkt uit de monitor van het programma Langer Thuis. Met de meeste ouderen gaat het dus goed. Maar de vergrijzing zet de komende jaren door.
Ook al zijn de meeste mensen boven de 75 nog vitaal, er komen in de toekomst steeds meer ouderen met een chronische aandoening, zoals artrose, nek-
Pagina 16
en rugklachten en diabetes. Ook kampen steeds meer ouderen met multi morbiditeit: twee of meer chronische aandoeningen die elkaar beïnvloeden. Daarnaast nemen sociale problemen onder ouderen toe. Nationaal Preventieakkoord Door roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik aan te pakken kan de gezondheid van heel veel Nederlanders verbeteren. Daarom heeft de Rijksoverheid samen met meer dan 70 maatschappelijke organisaties het Nationaal Preventieakkoord gesloten. Daarin staan meer dan 200 afspraken om Nederland gezonder te maken. Jaarlijks sterven 35.000 Nederlanders door roken, overgewicht of probleemdrinken. Ze zijn samen de grootste oorzaak van ziekte in Nederland. De afspraken in het Nationaal Preventieakkoord hebben gevolgen voor iedereen in Nederland. Aanpak van deze 3 onderwerpen verbetert de gezondheid van veel mensen. Gezonde voeding is bijvoorbeeld een maatregel voor iedereen, niet alleen voor mensen met overgewicht. En als minder mensen roken, zijn er minder meerokers. In het Nationaal Preventieakkoord staan afspraken van meer dan 70 organisaties, waaronder afspraken die de Rijksoverheid neemt. Andere organisaties zijn bijvoorbeeld organisaties uit de zorg, het bedrijfsleven, gemeenten en het onderwijs. Zij vertegenwoordigen een groot deel van de Nederlandse bevolking. Zodat de groep mensen die door de afspraken bereikt worden ook groot is.
Nationaal Sportakkoord In juni 2018 heeft het ministerie van VWS samen met partijen uit sport, bedrijfsleven, gemeenten en maatschappelijke organisaties het Nationaal Sportakkoord gesloten. Doel van het sportakkoord is om sport zo aantrekkelijk en toegankelijk mogelijk te maken voor álle inwoners, in álle levensfasen. Sport en bewegen dragen bij aan een gezonde leefstijl en daarmee aan de gezondheid, maar ook aan de verbinding tussen mensen, dagbesteding en zingeving. De ambities en doelen van het Nationaal Sportakkoord raken dan ook aan de gezondheidsdoelstellingen in het Nationaal Preventieakkoord: preventie van roken, overgewicht en alcohol. Naast aandacht voor een gezonde leefstijl middels rookvrije sportverenigingen, gezonde voeding en minder alcoholgebruik in de sportkantine, zijn er ook andere raakvlakken met gezondheid:
•
sport als middel om de druk op de gezondheidszorg en jeugdzorg te verminderen, door mee te doen en te ontmoeten;
• •
als middel voor betere cognitieve prestaties; als middel om aan (vrijwilligers)werk te komen.
Pagina 17
Bijlage 2: Aanbod Toezicht Kinderopvang 2021 Kinderdagopvang/ centrum voor Buitenschoolse opvang
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
Onderzoek voor registratie nieuw kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang (OVR)
11
0
4
3
4
1
3
0
4
30
Onderzoek na registratie nieuw kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang (ONR) Streng aan de poort: Onderzoek voor registratie nieuw kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang (OVR) Streng aan de poort: Onderzoek na registratie nieuw kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang (ONR) Regulier onderzoek (alle items)
11
0
6
3
4
1
3
1
4
33
0
35
1
0
1
1
0
0
1
39
0
35
1
0
1
1
0
0
1
39
4
62
0
0
0
0
0
5
0
71
Regulier onderzoek BSO, KDV (beperkt)
11
0
8
5
10
4
2
11
10
61
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht BSO, KDV Groene inspectie
56
0
44
14
19
38
18
61
94
344
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht BSO, KDV Groene+
0
350
0
0
0
0
0
15
0
365
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht BSO, KDVGele inspectie
33
70
15
4
13
13
3
11
15
177
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht BSO, KDV Oranje inspectie
1
11
2
2
3
2
0
0
3
24
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht BSO, KDV Rode inspectie
0
70
0
0
1
0
1
0
1
73
VE-module (gegevens aug 2019, alle locaties die VE aanbieden)
21
134
10
5
8
11
3
33
28
253
Nader onderzoek (herinspectie), inclusief rapportage
10
60
2
2
4
2
0
2
12
94
Nader onderzoek (bureauonderzoek), inclusief rapportage
1
20
2
1
2
2
1
2
20
51
Incidenteel onderzoek (herinspectie), inclusief rapportage
7
70
3
1
2
2
2
6
4
97
Incidenteel onderzoek uitbreidingen (bureauonderzoek), inclusief rapportage
1
30
3
1
4
4
3
15
4
65
Flitsactie
0
150
68
0
0
0
0
0
0
218
Voorziening voor gastouderopvang
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
15
100
25
8
12
12
15
25
20
232
17
300
35
3
25
15
10
68
33
506
Nader onderzoek (herinspectie/bureau) inclusief rapportage
0
4
1
0
0
1
0
1
1
8
Incidenteel onderzoek
2
7
1
1
1
0
0
1
2
15
Incidenteel onderzoek (bureau)
2
7
2
0
1
0
0
1
1
14
Gastouderbureaus (geen IKK)
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
Onderzoek voor registratie nieuw gastouderbureau Onderzoek na registratie nieuw kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang en gastouderbureau Streng aan de poort : Onderzoek voor registratie nieuw gastouderbureau
0
0
1
0
0
0
0
0
1
2
0
0
1
0
0
0
0
0
1
0
1
0
0
0
0
0
0
0
1
Streng aan de poort : Onderzoek na registratie nieuw gastouderbureau
0
1
0
0
0
0
0
0
0
1
Regulier onderzoek van een gastouderbureau (alle items)
0
3
0
0
1
0
0
0
0
4
Regulier onderzoek van een gastouderbureau (beperkt)
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht, Groene inspectie
2
4
1
0
2
2
1
2
2
16
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht, Gele inspectie
1
3
0
0
0
0
0
0
1
5
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht, Oranje inspectie
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Inspectie op basis van Risico Gestuurd Toezicht, Rode inspectie
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Inspectie nieuwe voorziening voor gastouderopvang of voor wijziging van een bestaande registratie (10 wkn. onderzoek), inclusief rapportage (OVR VGO) Reguliere inspectie, inclusief rapportage (jaarlijks)
2
Overig
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
Herstel-aanbod (KDV, BSO, GOB en gastouders)
20
70
15
5
8
6
7
15
14
160
Klachten signalen
2
20
2
1
1
2
1
2
2
33
Bevel
0
8
0
0
0
0
0
0
0
8
Overleg uren
6
96
3
3
10
5
123
Jeugdverblijven
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
Jeugdverblijven
0
1
0
0
0
0
0
0
0
1
Gemeenschappelijke regeling aantallen
Delft
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Was
Wes
Ztm
Tot.
Totaal
234
1722
253
59
130
123
73
287
284
3165
Pagina 18
Bijlage 3: Budgettaire consequenties ontwikkelingen per gemeenten 2021 t/m 2023 Budgettaire consequenties per gemeente 2021 t/m 2023 Totaal baten 2021
De
D-H
Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - GB - Midden 238 Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - Epidemiologie - Midden Ontwikkeling forensische geneeskeunde Correctie aantal inwoners regio Haaglanden** Correctie aantallen (productie) Toezicht kinderopvang -55 Loon en prijsontwikkeling*** Ontwikkeling bedrijfsvoeringskosten**** 560
22 -17 43
116 -32 260
33
8
22
22
11
44
50
66
Totaal
743
48
344
48
12
37
28
16
67
75
66
Totaal baten 2022
De
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Wa
We
Ztm
Externe bijdrage
PM PM 350 -57 377 560
PM PM 32 -18 26 43
PM PM 171 -33 137 260
PM PM 24 -2 19 33
PM PM 6 0 5 8
PM PM 17 3 14 22
PM PM 17 -6 14 22
PM PM 8 -1 7 11
PM PM 35 -0 28 44
PM PM 39 -1 31 50
1.230
84
535
74
19
57
47
25
106
119
162
Totaal baten 2023
De
D-H
L-V
M-D
P-N
Rsw
Wa
We
Ztm
Externe bijdrage
Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - GB - Midden Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - Epidemiologie Ontwikkeling forensische geneeskeunde Correctie aantal inwoners regio Haaglanden Correctie aantallen (productie) Toezicht kinderopvang Loon en prijsontwikkeling Ontwikkeling bedrijfsvoeringskosten
PM PM PM -57 377 560
PM PM PM -18 26 43
PM PM PM -33 137 260
PM PM PM -2 19 33
PM PM PM 0 5 8
PM PM PM 3 14 22
PM PM PM -6 14 22
PM PM PM -1 7 11
PM PM PM -0 28 44
PM PM PM -1 31 50
0 0 0 PM 96 66
Totaal
880
51
364
50
13
39
30
17
72
80
162
Taken (bedragen x € 1.000)
Taken (bedragen x € 1.000)
Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - GB - Midden Inzet Corona en gezondheid(sgevolgen) - Epidemiologie Ontwikkeling forensische geneeskeunde Correctie aantal inwoners regio Haaglanden Correctie aantallen (productie) Toezicht kinderopvang Loon en prijsontwikkeling Ontwikkeling bedrijfsvoeringskosten Totaal
Taken (bedragen x € 1.000)
Pagina 19
L-V
M-D
16 -
4 -
-2 -
P-N
12 -
0 -
Rsw
12 -
3 -
Wa
6 -
-6 -
We
24 -
-1 -
Ztm
27 -
-0 -
-1 -
Externe bijdrage
-
0 0 0 0 96 66
3. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten Veilig Thuis 3.1 Introductie Onderweg naar een Begroting 2022 wordt allereerst een Voorjaarsbrief opgesteld, waarin de beleidsmatige en bedrijfsmatige ontwikkelingen staan opgenomen die effect hebben op de begroting. De uitgebreide financiële vertaling van beleid naar begroting volgt in de ontwerpbegroting 2022 die in april aan het algemeen bestuur wordt voorgelegd. Ontwikkelingen worden benoemd maar wat het effect in euro’s is op de Begroting is in deze fase nog onvoldoende te duiden. Dit betekent dat de ontwikkelingen de komende tijd worden gemonitord en duidelijker in financiële cijfers kunnen worden gegoten. Alhoewel de voorjaarsbrief primair bedoeld is voor de Begroting 2022 vinden wij het toch belangrijk om 2020 en 2021 mee te nemen. Dit omdat de situatie zoals deze nu is niet te voorzien was ten tijde van het opstellen van de Voorjaarsbrief voor 2021. 3.1.1 Terugkoppeling voorjaarsbrief 2021 De vorige voorjaarsbrief beschreef ontwikkelingen die op verschillende manieren impact hebben gehad op de begroting 2021 van Veilig Thuis. In 2022 zullen we de lijn zoals beschreven in de Voorjaarsbrief 2021 voortzetten. De samenwerking in de keten, het inzichtelijk maken van de recidive en de aanpak recidive zullen verder vorm krijgen.