A 23040 bijlage
Tekst van het document
Werkplan 2023 GEMEENTE MIDDEN-DELFLAND
22 december 2022 DEFINITIEF
Bezoekadres
Zuid-Hollandplein 1 2596 AW Den Haag Postadres
Postbus 14060 2501 GB Den Haag T (070) 21 899 00 E info@odh.nl I www.odh.nl
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
2 van 61
0 Inhoudsopgave 0 1 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.4.1 2.4.2 2.4.3 3 3.1 3.2 3.3 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 5 Bijlage I. Bijlage II. Bijlage III. Bijlage IV. Bijlage V. Bijlage VI. Bijlage VII. Bijlage VIII. Bijlage IX. Bijlage X.
Inhoudsopgave................................................................................................................. 3 Inleiding ........................................................................................................................... 6 Kaders.............................................................................................................................. 7 Status, positionering en vormgeving Werkplan .............................................................. 7 Wettelijke en niet-wettelijke taken................................................................................. 7 Gemeentelijke kaders ..................................................................................................... 8 Financiële kaders werkplannen ...................................................................................... 8 Outputbegroting 2023 ............................................................................................... 8 Monitoring en evaluatie ...........................................................................................10 Beschikbare financiële middelen .............................................................................10 Programma Toetsing & Vergunningverlening ...................................................................
12 Inleiding ........................................................................................................................ 12 Maatwerktaken en afspraken ....................................................................................... 12 Raming van producten, diensten en kosten T&V .......................................................... 16 Programma Toezicht & Handhaving ................................................................................ 17 Inleiding en terugblik .................................................................................................... 17 Risicogestuurd toezicht op milieu-inrichtingen ............................................................ 17 Toezicht: Bodembescherming en –kwaliteit ................................................................. 18 Asbest ........................................................................................................................... 18 Duurzaamheid............................................................................................................... 18 Glastuinbouw ................................................................................................................ 19 Afspraken ten aanzien van handhaving ........................................................................
22 Raming van producten, diensten en kosten Toezicht & Handhaving ............................ 22 Monitoring en indicatoren ............................................................................................... 23 Beleidskaders ................................................................................................................. 24 Toelichting generieke taakuitvoering T&V ........................................................................ 25 Toelichting generieke taakuitvoering T&H ....................................................................... 29 Raming van taken, producten en uren T&V ...................................................................... 39 Raming van taken, producten en uren T&H ...................................................................... 42 Dashboard Monitoring .................................................................................................... 44 Werkafspraken crisisbeheersing ...................................................................................... 46 Complexe bedrijven Midden-Delfland .............................................................................. 48 Implementatie Omgevingswet ODH .................................................................................
49 Versterking Omgevingsveiligheid .................................................................................... 58
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
3 van 61
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
4 van 61
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
5 van 61
1 Inleiding Op 1 januari 2013 hebben de gemeenten in de regio Haaglanden hun wettelijke milieu-uitvoeringstaken bij de Omgevingsdienst Haaglanden (de ODH) ondergebracht met het doel de taakuitvoering te professionaliseren en de dienstverlening aan burgers en bedrijven te verbeteren. Ook de provincie heeft haar milieutaken voor de regio Haaglanden, als ook andere uitvoeringstaken voor zowel Haaglanden als voor heel Zuid-Holland (geconcentreerd) bij de ODH ondergebracht. Het werkplan 2023 vormt de basis voor de uitvoering van vergunningverlening 1, toezicht2 en handhavingstaken (VTH-taken) door de ODH in 2023 en is opgesteld door de ODH, op basis van door de gemeenten en provincie opgestelde kaders. Hierbij is de uitvoering door de ODH van vergelijkbare werkzaamheden voor verschillende opdrachtgevers op elkaar afgestemd en geharmoniseerd. De werkzaamheden zijn zoveel mogelijk afgeleid van de PDC3 zoals deze is opgesteld door de omgevingsdiensten in Zuid-Holland en door het bestuur van de ODH is vastgesteld. Op de VTH-taken zijn de kwaliteitscriteria van de Wabo van toepassing en de kaders die worden gesteld op basis van de wet VTH. Dat betekent dat er voor de werkzaamheden onder andere een uitvoeringsprogramma moet zijn. Het werkplan voorziet hierin.
Een kanttekening daarbij is dat het werkplan alleen het deel betreft waarvoor de ODH (in mandaat) de taakuitvoering namens het Wabo bevoegd gezag verzorgt. In 2023 werkt de ODH volledig zaakgericht en de uitvoeringstaken worden ondersteund door geautomatiseerde processen om te kunnen voldoen aan de afgesproken rapportageverplichtingen. In de voortgangsrapportages (juni en september) en het jaarrapport wordt gerapporteerd over daadwerkelijk uitgevoerde werkzaamheden. De besteding is mede afhankelijk van een aantal externe factoren, waaronder het aantal daadwerkelijk ontvangen aanvragen en meldingen en het aantal geconstateerde handelingen waarop moest worden toegezien of moest worden gehandhaafd. Financiering van de taakuitvoering door de ODH vindt in 2023 plaats op basis van output, dat wil zeggen aan de hand van de per opdrachtgever te leveren producten en diensten. De deelnemersbijdrage is op basis van voorcalculatie vastgesteld. De verantwoording vindt zowel collectief als per deelnemer plaats op basis van nacalculatie. De veranderingen op beleidsgebied zijn voor 2023 beperkt en bestaan hoofdzakelijk uit de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet (vooralsnog halverwege 2023). De invulling van deze voorbereiding vindt plaats in afstemming met de opdrachtgevers van de ODH.
De ODH levert op concernniveau een bijdrage aan diverse activiteiten die zijn gericht op een toekomst bestendige VTH taakuitvoering (o.a. naar aanleiding van het advies Van Aartsen). Er zijn daarnaast geen majeure wetswijzigingen. Het werkplan is opgebouwd uit de programma’s “Toetsing & Vergunningverlening” en “Toezicht & Handhaving”. De systematiek van het werkplan is gebaseerd op de begroting 2023, waarbij aan de hand van taken, producten en productprijzen een raming wordt gemaakt van de benodigde middelen. Die raming wordt vervolgens vergeleken met de beschikbare bijdrage per deelnemer.
Onder “vergunningverlening” wordt tevens begrepen de taken op het gebied van toetsing en advisering Onder “toezicht” wordt tevens begrepen het behandelen van overlastmeldingen 3 Producten- en Diensten Catalogus Omgevingsdiensten Zuid-Holland, versie 1.0 d.d. 9 september 2013 1 2
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
6 van 61
2 Kaders 2.1
Status, positionering en vormgeving Werkplan
De GR, daaruit voortvloeiende verantwoordingsaspecten (P&C, financiën), vastgestelde documenten als Bedrijfsplan en I&P Plan4, PDC, ZTC5 en reeds bestaande processen als begrotings-, evaluatie- en rapportagecyclus zijn leidend en daarmee bepalend. Het werkplan treedt geenszins in de plaats van deze bovenliggende elementen, noch geeft het daar andere uitwerking aan. Ook beleidsmatige uitwerkingen vinden geen plek in het werkplan, maar dienen hun grondslag en uitwerking te vinden in betreffende beleidsdocumenten of kaderstellende notities. Het werkplan is in beginsel een beknopte samenvatting van opgedragen taken en een compacte vertaling van taken naar benodigde middelen. De raming van het werkplan is afgeleid van de begroting, waarbij begroting en verantwoording een eigenstandige cyclus kennen via AB/DB. Het werkplan betreft een beknopte omschrijving van activiteiten en werkzaamheden. De beschrijving beperkt zich tot het toelichten wat met een bepaalde taak wordt bedoeld. Meer volledige beschrijvingen van taken, handelingen en processen staan opgenomen in de PDC en/of ZTC. Ook voor de behandel- en leveringstermijnen zijn de PDC en/of ZTC leidend. Het werkplan wordt opgesteld per deelnemer (gemeente, provincie). Het plan kent wel een aanzienlijk deel dat generiek is en voor de totale taakuitvoering van de ODH geldt.
Om de uniformiteit te vergroten en om efficiëntieredenen bij het opstellen van het werkplan wordt gebruik gemaakt van generieke standaardteksten, die zijn aangevuld met maatwerkbeschrijvingen per deelnemer.
2.2
Wettelijke en niet-wettelijke taken
Onder wettelijke taken worden de taken verstaan, die gemeenten en provincie vanuit haar publiekrechtelijke functie en verantwoordelijkheid uitvoeren en die hun grondslag vinden in de (milieuen natuur)regelgeving en in het verlengde daarvan, in de Wabo. Uitvoering van wettelijke taken zijn onvervreemdbaar belegd bij de overheid en deze kunnen niet door anderen, zoals private partijen, worden uitgevoerd. In veel gevallen ligt er bij derden (initiatiefnemers) de verplichting om de regels na te leven en dat te laten toetsen bij de bevoegde overheid. Daarnaast kan de overheid eigenstandig toezicht uitoefenen op de naleving van regels. De bevoegde overheid is de enige die de rol/positie heeft om hierover op basis van de regelgeving een uitspraak te doen. Wettelijke taken hebben per definitie dus een juridische grondslag en staan in veel gevallen open voor inspraak (bezwaar/beroep). In de praktijk is de uitvoering van de wettelijke taken vooral de uitvoering van landelijke wet- en regelgeving.
4 5
Inrichtings-en Personeelsplan ODH Zaaktype Catalogus
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
7 van 61
Bij wettelijke taken gaat het onder andere om het geven van oordelen of het nemen van besluiten over aspecten waarvan in de regelgeving staat dat die ter beoordeling van het bevoegd gezag zijn of bevoegdheden die door het bevoegd gezag uitgeoefend moeten worden. Ook het implementeren van wet- en regelgeving of het ondersteunen bij het opstellen van beleidskaders wordt gerekend tot de wettelijke taken. Verder mogen ook voorbereidende werkzaamheden om te komen tot oordelen, besluiten of toezichthandelingen worden gezien als wettelijke taak. Het gaat immers om handelingen die weliswaar eerder in het proces of in de tijd plaatsvinden, maar die wel gericht zijn op de uiteindelijke feitelijke wettelijke handeling en ook in die kaders hun grondslag vinden. Te denken valt aan het voeren van (voor-)overleg, het uitvoeren van globale beoordelingen (quick scans) of het deelnemen aan overleggen om potentieel lastige vraagstukken tot een oplossing te brengen. Er zijn uiteraard meer voorbeelden denkbaar. De ODH richt zich bij haar taakuitvoering primair op de uitvoering van wettelijke taken in het VTHdomein. Dat is ook het takenpakket dat de deelnemende gemeenten en de provincie aan de ODH hebben overgedragen. Slechts incidenteel kan een uitvoeringstaak van de ODH worden aangemerkt als nietwettelijk.
Dat aandeel is dermate beperkt dat hierin binnen het werkplan 2023 geen onderscheid wordt gemaakt. De ODH voert (in beginsel) geen Vpb-plichtige werkzaamheden uit.
2.3
Gemeentelijke kaders
De gemeenten hebben een eigen bevoegdheid om aanvullende bepalingen op te stellen en zijn op grond van de kwaliteitscriteria verplicht het kader vast te stellen waarbinnen de uitvoeringsorganisatie moet werken. De gemeentelijke beleidskaders zijn weergegeven in bijlage I.
2.4
Financiële kaders werkplannen
Doelstelling van 2023 is uitvoering te geven aan de werkplannen, het invullen van de rapportageverplichtingen op het gebied van de KPI’s6, het monitoren van de werkzaamheden en te voldoen aan afgesproken criteria qua prestaties en qua kwaliteit (waaronder de landelijke kwaliteitscriteria). 2.4.1
Outputbegroting 2023
In het kader van het Koersplan ODH is afgesproken om een productiviteit te bereiken van 1390 uur per Fte in 2020. Ook in 2023 bedraagt de productiviteit 1390 uur/Fte. In 2023 is op basis van de primaire begroting en mutaties daarop via de VJN-NJN een werkvolume beschikbaar van 248.413 uur beschikbaar voor de producten en diensten zoals deze voortvloeien uit de werkplannen. Van deze productieve uren zullen 130.884 uur in het programma Toetsing & Vergunningverlening worden gerealiseerd en 117.529 uur in het Programma Toezicht & Handhaving. De begroting 2023 is op output gebaseerd, waarbij het werkpakket in producten en diensten is vertaald. Basis voor de outputbenadering is het principe dat de deelnemersbijdrage het totaal is aan producten vermenigvuldigd met de prijs omvat (P x Q). De grondslag voor de producten/diensten is verankerd in de vastgestelde producten en diensten catalogus (PDC) en de zaaktype catalogus (ZTC).
6
KPI: Kritische Prestatie Indicator
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
8 van 61
Het kengetal In een kengetal wordt de verwachte tijdsbesteding voor de totstandkoming van een product, bezien over alle uit te voeren werkzaamheden, weergegeven. In het kengetal zijn de inhoudelijke, administratieve en juridische werkzaamheden meegenomen. Kengetallen zijn op basis van ervaring over de achterliggende jaren en in reflectie met collega diensten tot stand gekomen. In de kengetallen is rekening gehouden met de afgesproken productiviteit van de primaire organisatie. Uit monitoring zal de validiteit van de kengetallen blijken. Het proces van monitoring en bijstelling is een continu proces, omdat kengetallen als gevolg van veranderingen in de betreffende producten en wijzigingen in eisen aan betreffende taakuitvoering onderhevig kunnen zijn aan variatie. Bij het bijstellen van kengetallen worden dergelijke veranderingen (trends) over een langer periode beschouwd vindt. Het op basis van korte termijn inzichten trekken van conclusies over kengetallen is voorbarig en risicovol. Het tarief Het tarief is de financiële vertaalslag van de werkzaamheden uitgedrukt in een bedrag per uur. Basis voor het tarief is de loonsom per uur per schaal op basis van de werkelijke kosten. De overhead van zowel de organisatie als productie is in de vorm van een gemiddeld bedrag per uur aan de loonsom per uur toegevoegd.
De opbouw van het gemiddelde voorcalculatorisch tarief is opgenomen in de primaire begroting 2023. Voor de werkplannen 2023 worden 6 tariefgroepen gehanteerd die zijn afgeleid van de schalen 8 tot en met 12. Het tarief bestaat uit een voor het uitvoeringsjaar van toepassing zijnde loonsomcomponent per tariefgroep en een overheadopslag per uur. Er is sprake van 1 set met tarieven voor zowel de in de werkpannen geraamde uren als voor uren die in aanvulling daarop worden besteed. Ook zijn er geen " interne of externe" tarieven. Deze vereenvoudigde werkwijze maakt de berekeningswijze beter toegankelijk en sluit meer aan bij de werkwijze van de andere diensten in Zuid- Holland. Voor het werkplan 2023 zijn de voorcalculatorische tarieven als volgt: Voorcalculatorisch tarief 2023 Tariefgroep 1 Tariefgroep 2 Tariefgroep 3 Tariefgroep 4 Tariefgroep 5 Tariefgroep 6
Tarief afgerond 86,00 94,00 101,00 109,00 120,00 131,00
De productprijs Samengevat: de productprijs is kengetal * tarief. Er is geen winstmarge in de productprijs opgenomen. Per product/dienst is bepaald welke tijdsbesteding nodig is van welke kwaliteit. De tijdsbesteding kent namelijk zowel een kwantitatief element (aantal uren = kengetal) als een kwalitatief element (aard/niveau/kwaliteit van de inzet = gehanteerde tariefgroep). Per product/dienst is bepaald welke kengetal van toepassing is en welk van de 6 tariefgroepen het meest recht doet aan de vereiste en/of beoogde kwaliteit. Deze vereenvoudiging als ook het voortschrijdend inzicht in de hoogte van kengetallen, kan leiden tot wijzigingen waardoor de productprijzen van een begrotingsjaar niet zonder meer met voorgaande jaren te vergelijken zijn.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
9 van 61
2.4.2
Monitoring en evaluatie
Er vindt een permanente monitoring plaats van de kengetallen en productprijzen. Tussentijds kunnen significante afwijkingen worden meegenomen in de begrotingscyclus. Ook de begrote aantallen voor 2023 kunnen gezien het relatief vroege moment van het opstellen van het werkplan (najaar 2022) nog aan wijzigingen onderhevig zijn. Het aantal geleverde producten en diensten vormt aangevuld met enkele kwalificaties de basis voor rapportage conform de vastgestelde lijst Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s). Een overzicht van de KPI’s is opgenomen in bijlage VI. Met ingang van 2019 vindt de verantwoording zowel collectief als per deelnemer plaats op basis van nacalculatie. Het Algemeen Bestuur heeft daarover het volgende besloten: 1. De verrekening van de geleverde prestaties (werkelijk bestede uren * werkelijk tarief) vindt, te allen tijde, plaats met de individuele deelnemer. Er is daardoor altijd sprake van een individueel resultaat (werkelijk bestede uren * werkelijk tarief -begroot aantal uren * geraamd tarief). 2. Als uitwerking van het Koersplan wordt afgerekend door middel van facturen tussen individuele deelnemer en ODH indien de omzet op basis van nacalculatie (werkelijke bestede uren * werkelijk uurtarief) meer dan 10% afwijkt van de geraamde omzet (begroot aantal uren * geraamd tarief); 3.
Indien, op basis van de nacalculatie, de afwijking tussen de werkelijke omzet en de geraamde omzet minder bedraagt dan 10% wordt het bedrag voor de individuele deelnemer verdisconteerd in een volgend boekjaar door middel van het opnemen van transitoria op de balans. 4. De uitleg onder 1, 2 en 3 op te nemen in het Koersplan na evaluatie in 2019 en de uitleg in het voorjaar van 2019 vast te leggen in de financiële verordening of een vergelijkbaar document. Verantwoording en verrekening vindt plaats in de begrotingscyclus. Het resultaat van het jaar 2022 kan pas worden bepaald op het moment van de Jaarrekening, zodat verwerking van eventuele afspraken hierover, voor zover zij het werkplan raken, niet zijn verwerkt in het werkplan 2023 maar plaatsvinden lopende het jaar 2023 In de werkplancyclus wordt ambtelijk gerapporteerd over de voortgang. Voor zover dat mogelijk is kan in de voortgangsgesprekken (onderdeel van de werkplancyclus) afgestemd worden of tussentijdse (bij)sturing van te leveren producten en diensten mogelijk is ingeval van optredende afwijkingen. In het oog springende afwijkingen en bijzondere voorvallen zullen in de rapportages worden toegelicht. 2.4.3
Beschikbare financiële middelen
In de begroting 2023 is per deelnemer de financiële bijdrage opgenomen en vastgesteld. Met een aantal deelnemers zijn of worden afspraken gemaakt over de uitvoering van additionele taken of het beschikbaar stellen van additionele middelen. De deelnemersbijdrage is opgebouwd uit de basisbijdrage per deelnemer vermeerderd met de kosten voor eventuele additionele taken. Op het moment dat er overeenstemming is over de werkplannen, worden additionele bijdragen meegenomen in de voorjaarsnota (VJN) of de najaarsnota (NJN). Op deze wijze wordt zoveel mogelijk aansluiting gevonden met de begrotingscyclus (begroting VJN, NJN) en kunnen tevens de financiële middelen van de werkprogramma’s T&V en T&H in beeld worden gebracht.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
10 van 61
Navolgend is een overzicht opgenomen van de deelnemersbijdragen, mutaties daarop en de daaruit voortvloeiende beschikbare middelen voor de werkplannen, onderverdeeld naar de programma’s T&V en T&H. Tabel: overzicht beschikbare middelen per programma voor werkplan 2023 (vastgestelde begroting ODH)
Deelnemers Delft Den Haag Leidschendam-Voorburg Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Wassenaar Westland Zoetermeer Provincie Zuid-Holland
Bijdrage begroting 2023 € 1.413.833 € 6.984.831 € 976.150 € 602.926 € 789.098 € 718.902 € 366.990 € 3.941.659 € 1.193.848 € 9.279.960 € 26.268.197
Additionele taken 2023 € € € €
-
€
16.003
€ € € €
34.976 19.582 70.561
Werkplan volume 2023 incl databank € 1.413.833 € 6.984.831 € 976.150 € 602.926 € 789.098 € 734.905 € 366.990 € 3.976.635 € 1.213.430 € 9.266.310 € 26.325.108
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
Middelen werkplan 2023 TV € 424.368 € 3.239.108 € 349.652 € 234.031 € 273.662 € 402.865 € 171.842 € 1.563.755 € 481.820 € 6.881.493 € 14.022.596
Middelen werkplan 2023 TH € 989.465 € 3.745.723 € 626.498 € 368.895 € 515.436 € 332.040 € 195.148 € 2.412.880 € 731.610 € 2.384.817 € 12.302.512
11 van 61
3 Programma Toetsing & Vergunningverlening 3.1
Inleiding
Voorafgaand aan diverse handelingen in de leefomgeving zijn initiatiefnemers (gemeenten, andere overheden en derden) op basis van de regelgeving verplicht om na te gaan of deze handelingen binnen de geldende regels zijn toegestaan en zo nodig dient het bevoegd gezag (provincie, gemeenten) hiervoor toestemming te verlenen (in de vorm van een vergunning of beschikking). De beschrijving van het programma T&V is in twee delen weergegeven. In bijlage II wordt een generieke toelichting gegeven op een aantal taken die voor een belangrijk aantal deelnemers worden uitgevoerd. Dit betreft het generieke deel van de beschrijving, waarin een groot aantal activiteiten van pakket 1 en 2 op uniforme wijze is beschreven. Sommige deelnemers nemen alle taken af, sommige deelnemers slechts een deel ervan. In dit hoofdstuk wordt voor de deelnemer waarop dit werkplan betrekking heeft aandacht besteed aan meer specifieke (maatwerk)afspraken voor de taakuitvoering. Deze maatwerkafspraken zijn samengesteld op basis van eerdere werkplannen, eventuele (concept) startbrieven voor het betreffende jaar en de ervaringen gedurende de taakuitvoering in voorgaande jaren. De beschrijvingen van zowel het generieke als het specifieke deel zijn vooral kwalitatief van aard en een aanvulling van de meer compacte beschrijvingen zoals deze zijn opgenomen in de PDC.
In bijlage IV staat aangegeven welke werkzaamheden voor een betreffende deelnemer binnen het programma T&V worden uitgevoerd. Daaruit blijkt ook welke onderdelen van de generieke deel uit de bijlage voor de betreffende deelnemer van toepassing is. De combinatie van dat overzicht, de PDC en de aanvullende beschrijvingen in dit werkplan bieden het overzicht van het werk dat wordt uitgevoerd en de betekenis ervan.
3.2
Maatwerktaken en afspraken
Voor de gemeente Midden-Delfland wordt een gevarieerd pakket aan taken uitgevoerd. Op hoofdlijn bevat het takenpakket de werkzaamheden voor de aspecten milieubeheer, bodem, WKO en milieu en RO. Voor een specifiek overzicht wordt verwezen naar bijlage IV. Als gekeken wordt naar de maatwerkafspraken dan kan daarover het volgende worden vermeld. Voor wat betreft het aspect geluid verzorgt de ODH de advisering en toetsing van plannen en onderzoeken en verzorgt de ODH de besluiten hogere grenswaarde geluid. Daarnaast verzorgt de ODH het bijhouden en verstrekken van bodeminformatie voor Midden-Delfland. Wat betreft het aspect EV/OV verzorgt de ODH de taakuitvoering voor zover het betrekking heeft op inrichtingen. Het aspect EV/OV in ruimtelijke plannen voert de gemeente zelf uit. Bij complexe situaties kan de ODH op verzoek van Midden-Delfland haar EV/OV-expertise inbrengen. Het voorbereiden en nemen van besluiten of een MER beoordeling aan de orde is, wordt voor primaire besluiten waarvoor de ODH reeds is gemandateerd en voor situaties onder de zogenaamde drempelwaarde door de ODH uitgevoerd. De ODH beheert namens MiddenDelfland het inrichtingenbestand en de RRGS (risicokaart).
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
12 van 61
Actualisatie van (milieu)vergunningen Het bevoegd gezag heeft een (wettelijke) verplichting om regelmatig te bezien of vergunningen nog voldoende actueel zijn en of daarin opgenomen beperkingen en voorschriften nog toereikend zijn. Het vergunningenbestand wordt daarbij getoetst aan de ontwikkelingen op het gebied van de technische mogelijkheden tot bescherming van het milieu, de ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu en eventuele gewijzigde beleidsinzichten en wet- en regelgeving. Het actualiseren van vergunningen maakt onderdeel uit van de nota “VTH Beleid gemeentelijke taken Omgevingsdienst Haaglanden” (mei 2020). In deze nota zijn de volgende actualisatiedoelen benoemd: - Vergunningen periodiek aan te passen aan het actuele beleid van het bevoegd gezag, zoals op het gebied van gezondheid, veiligheid, natuurwaarden en duurzaamheid; -
-
-
-
Vergunningen te laten voldoen aan de actuele wet- en regelgeving met daarin de laatste inzichten over normstelling voor een optimale bescherming van het milieu en de burger. Het bevoegd gezag past daarom regelmatig een actualisatietoets toe op elke oudere vergunning. Bij de frequentie van toetsing wordt rekening gehouden met de omvang van emissies, aard van de risico’s enzovoort. Voor inrichtingen met een grote (potentiële) impact op de leefomgeving past het bevoegd gezag een kortere termijn van beoordeling op actualiteit toe dan inrichtingen waarbij deze impact kleiner is; Implementeren van de best beschikbare technieken in de bedrijfsvoering van de bedrijven zodat milieubelasting verder wordt teruggedrongen, hinder wordt voorkomen en een hoger niveau van veiligheid wordt bereikt; Doorvoeren van wijzigingen op basis van ervaringen in achterliggende jaren met als doel de naleving of het toezicht en de handhaving te verbeteren of te vereenvoudigen.
Gelet op het voorgaande is het milieuvergunningenbestand van de Haaglandengemeenten doorgelopen op een mogelijke noodzaak tot actualisatie. Naar aanleiding van deze beoordeling is een prioritering aangebracht van actualisaties die zouden dienen plaats te vinden en daarmee de volgorde waarin deze worden opgepakt. In 2023 zal opnieuw een screening van de vergunningen en prioritering van noodzakelijke actualisaties plaatsvinden. Voor de gemeente Midden-Delfland zijn in 2023 geen actualisaties van milieuvergunningen gepland. Omgevingswet In 14 oktober 2022 heeft het Rijk besloten om de Omgevingswet niet per 1 januari 2023 in te voeren. Voorstel van de Minister is om de invoering op 1 juli 2023 te laten plaatsvinden. De Eerste en Tweede Kamer moeten het daarvoor benodigde nieuwe invoeringsbesluit nog aannemen. Daarmee is een invoering per 1 juli 2023 nog allerminst zeker. Het werkplan 2023 is derhalve opgezet voor de situatie zonder Omgevingswet. Mocht deze alsnog lopende 2023 worden ingevoerd, dan worden hierover op dat moment nadere afspraken gemaakt.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
13 van 61
De Omgevingswet voorziet in een verandering waarbij onder meer minder activiteiten vallen onder vergunningplicht en meer onder de meldingsplicht op basis van Algemene maatregelen van bestuur (AMvB). Ook voorziet deze wet in een meer integrale benadering van activiteiten, vooral die in de fysieke leefomgeving. Bij invoering van de wet zal in een aantal gevallen de rol van bevoegd gezag verschuiven, waarbij het zwaartepunt ligt op het college van B&W als bevoegd gezag. Met de komst van meer meldingen en minder vergunningen onder de Omgevingswet treden er twee bewegingen op. Omdat er minder in vergunningen wordt geregeld kan de nadruk komen te liggen op de naleving van algemene regels (programma T&H). Verwacht mag worden dat gemeenten en provincie ook een accent zullen leggen op een goede afstemming vooraf, teneinde knelpunten in de realisatiefase te voorkomen (programma T&V). Vooral in de fase van de afstemming vooraf kunnen de deskundigen van T&V een belangrijke rol vervullen. Samen met de opdrachtgevers zal worden bezien hoe die rol kan worden ingevuld. De voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet vindt plaats langs twee sporen. Primair pakt de ODH voorbereidende activiteiten op om de eigen organisatie op de Omgevingswet voor te bereiden. Daarnaast kan de ODH haar opdrachtgevers ondersteunen in hun voorbereiding.
Voor de eigen voorbereiding door de ODH is een programma implementatie Omgevingswet ODH opgesteld en een projectstructuur ingericht. Dat implementatieprogramma wordt toegelicht in bijlage IX. Doel is te zorgen dat de ODH op het moment van inwerkingtreden in staat is haar taakuitvoering te blijven uitvoeren. Zwaartepunt van deze voorbereiding ligt in 2022 met het zoveel mogelijk afronden van het inrichten van werkprocessen en werksystemen. De extra tijd door het uitstellen van het moment van invoering zal worden gebruikt voor de medewerkers van de ODH om te oefenen met de Omgevingswet en om te bezien welke inrichtingsaspecten en (in samenspraak met de opdrachtgevers) welke samenwerkingsaspecten nog extra aandacht behoeven. De werkplanraming voorziet in een beperkt budget voor deze implementatiewerkzaamheden binnen de ODH. De inzet en inbreng vanuit de ODH ter ondersteuning van de voorbereiding door afzonderlijke deelnemers verschilt per opdrachtgever. Zo wordt voor enkele opdrachtgevers actief deelgenomen aan vergunningentafels waarin alvast “geoefend” wordt met de integrale afstemming die met de Omgevingswet belangrijker zal worden.
Via het Ambtelijk Opdrachtgeversoverleg (AOO) en/of het regionale afstemmingsoverleg Omgevingswet worden gezamenlijke onderwerpen afgestemd, waarbij wordt gestreefd naar een zoveel mogelijk geclusterde en geüniformeerde aanpak om een gefragmenteerde en inefficiënte uitvoering van vergelijkbare activiteiten te vermijden. De af te stemmen onderwerpen kunnen bestaan uit een analyse van de bruidsschat, het meedenken over het formuleren van eigen toepasbare regels, het opstellen van omgevingswaarden, het instellen van leges en de warme overdracht van bodemtaken. De reguliere werkplanbudgetten voorzien slechts in beperkte mate in een werkbudget voor activiteiten ter ondersteuning van individuele deelnemers. Op het moment dat dergelijke onderwerpen opgepakt dienen te worden, zullen hierover separate afspraken gemaakt moeten worden. Omgevingsveiligheid In bijlage X is een toelichting opgenomen over de werkzaamheden in 2023 voor het programma Versterking Omgevingsveiligheid. Dit programma komt in de plaats van het programma Impuls Omgevingsveiligheid (IOV). De uren die aan deze werkzaamheden zijn verbonden zijn reeds opgenomen in dit werkplan. De dekking zal bij VJN worden toegevoegd.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
14 van 61
Bodemsanering De provincie bereidt de warme overdracht voor van een deel van haar bodemsaneringstaken naar de gemeenten in Haaglanden. Deze overdracht is vooralsnog op hetzelfde moment gepland als het inwerking treden van de Omgevingswet. Na de overdracht zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle omgevingswetzaken voor bodem, zoals het graven in en saneren van verontreinigde grond of het toepassen van verontreinigde grond en bagger. De bevoegdheden voor werkzaamheden in verontreinigd grondwater blijven bij de provincie. Reeds door de provincie opgepakte gevallen van ernstige en spoedeisende bodemverontreiniging blijven bij de provincie. Na de overdracht nieuw ontdekte gevallen van bodemverontreiniging, ook indien deze ernstig en spoedeisend zijn, vallen onder de verantwoordelijkheid van gemeenten. In opdracht van de provincie zal worden nagegaan welke provinciale bodemsaneringsdossiers nog voor het inwerking treden van de Omgevingswet kunnen worden afgerond (verkleinen werkvoorraad). Op die manier wordt het aantal over te dragen locaties niet groter dan nodig is. In de situatie voorafgaand aan deze overdracht voert de ODH deze taken voor de provincie uit. Voor een deel van de Haaglandengemeenten voert de ODH ook alle gemeentelijke bodemtaken uit. Een beperkt aantal gemeenten verricht nog zelf bodemtaken voor zover deze geen onderdeel uitmaken van het basistakenpakket.
Lopende 2023 dienen de Haaglandengemeenten en de ODH nadere afspraken te maken omtrent de taakuitvoering na de warme overdracht vanuit de provincie naar gemeenten. Deze afspraken zijn maatwerk en kunnen per gemeente verschillen. In 2021 is gestart met het bodemplatform Haaglanden. In dit platform bespreken gemeenten, provincie en ODH een aantal actuele bodemaspecten, die bij voorkeur betrekking hebben op alle deelnemers in de ODH. Een actueel onderwerp is de warme overdracht van bodemtaken, maar ook eventueel te ontwikkelen bodembeleid in het kader van de Omgevingswet, aangezien deze een breder kader kent dan alleen bodemverontreiniging. De ambitie van het bodemplatform is om zich tot een breed netwerk te ontwikkelen voor alle bodem en ondergrond onderwerpen in de regio Haaglanden. Ondersteuning beleidstaken De ODH kan de gemeente Midden-Delfland op diverse beleidsontwikkelingen of Beleidstaken ondersteunen met haar kennis en expertise. Dat kan betrekking hebben op de aspecten geluid (actieplan geluid), lucht (actieplan luchtkwaliteit, NSL-monitoring luchtkwaliteit, beheer meetnet NO2), bodem (invulling bodemconvenant), duurzaamheid (invulling energie akkoord) en de afstemming RO en milieu. Daarnaast kan de ODH de gemeente ondersteunen ingeval sprake is van wijzigingen in wet- en regelgeving.
Ook kan de gemeente een mogelijke inbreng van de ODH vragen bij het beleidsdeel van de beleidscyclus VTH. Desgevraagd zal de ODH hierin haar expertise inbrengen. Uiteraard draagt de ODH zorg voor haar inzet op het eigen verbeterplan Kwaliteitscriteria. De inbreng vanuit de ODH voor beleidsprogramma’s vindt plaats op verzoek vanuit en qua invulling in afstemming met de gemeente. Specifieke ontwikkelingen voor de glastuinbouw Landelijk worden, in overleg met andere overheden, sector en OD's, eenduidige werkwijzen ter uitvoering van wet- en regelgeving opgesteld (bijvoorbeeld voor het lozen van brijn in de bodem, voor de zuiveringsplicht of voor assimilatiebelichting bij rozenkwekers). De ODH zal waar nodig en/of op verzoek een bijdrage leveren in de uitwerking van dergelijke afspraken en zij zal deze afspraken zoveel mogelijk overnemen en hanteren.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
15 van 61
Specifiek in 2023 wordt voorzien in het afronden van de maatwerkbesluiten voor brijnlozingen. Deze activiteiten zijn gestart in 2022 en worden ook grotendeels in dat jaar uitgevoerd. Een beperkt deel van de werkzaamheden zal in 2023 worden afgerond. Ook vindt in 2023 ondersteuning van de gemeente plaats voor het ontwikkelen van beleid voor brijnlozingen op langere termijn. In het werkplan is hierin voorzien.
3.3
Raming van producten, diensten en kosten T&V
In bijlage IV is voor de deelnemer waarop dit werkplan betrekking heeft, een raming van producten, diensten en kosten opgenomen. Het overzicht van activiteiten (producten) is concreet en SMART uitgewerkt en uitgewerkt als een outputbegroting. Voor activiteiten die niet zijn vervat in producten is een inspanning opgenomen in de vorm van een uitvoeringsbudget. Voor het programma T&V geldt dat de werkzaamheden grotendeels vraagvolgend zijn. Het aantal, soort en aard van de aanvragen en meldingen is door de ODH slechts beperkt te sturen en kan dus variëren. De genoemde getallen dienen dan ook als een raamwerk te worden beschouwd, dat aan de hand van de concrete ontwikkelingen flexibel en op maat wordt ingevuld. Dat betekent dat de inzet tussen verschillende taakvelden kan variëren. Het is aan de ODH om er voor te zorgen dat de totale inzet binnen de totaalraming blijft. In de voortgangsrapportages wordt gerapporteerd over daadwerkelijk bestedingen en indien noodzakelijk, een voorstel gedaan om op basis van gewijzigde aantallen ook de besteding anders in te vullen of om additionele middelen beschikbaar te stellen ingeval dat nodig mocht zijn. Voor het programma T&V voor de gemeente Midden-Delfland blijkt dat de geraamde output past binnen de begroting 2023.
Binnen de raming is geen budget gereserveerd voor taken die op dit moment nog niet specifiek zijn benoemd, maar die zich lopende 2023 kunnen voordoen.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
16 van 61
4 Programma Toezicht & Handhaving 4.1 Inleiding en terugblik De beschrijving van het programma Toezicht & Handhaving is in twee delen weergegeven. In dit hoofdstuk wordt voor Midden-Delfland aandacht besteed aan meer specifieke maatwerkafspraken voor de taakuitvoering. Deze afspraken en het programma van eisen voor 2023 zijn samengesteld op basis van eerdere werkplannen, de (eventuele) startbrief voor 2023 en de ervaringen gedurende de taakuitvoering in voorgaande jaren. Vervolgens wordt in bijlage III een generieke toelichting gegeven op een aantal taken die voor alle deelnemers gelijk worden uitgevoerd. De beschrijvingen van zowel het specifieke als het generieke deel zijn vooral kwalitatief van aard en een aanvulling op de meer compacte beschrijvingen zoals deze zijn opgenomen in de PDC. In bijlage V staat aangegeven welke werkzaamheden voor de gemeente worden uitgevoerd. Daaruit blijkt ook welke onderdelen van het generieke deel (bijlage III) voor de betreffende deelnemer van toepassing is. De combinatie van bijlage V, de PDC en de aanvullende beschrijvingen in dit werkplan biedt het overzicht van het werk dat wordt uitgevoerd en de betekenis ervan.
4.2 Risicogestuurd toezicht op milieu-inrichtingen De toepassing van de risicomethodiek op het bedrijvenbestand is regio breed gelijk en levert in MiddenDelfland geen onoverkomelijke knelpunten in 2023 op voor het planmatig toezicht: integrale eerste controles, themacontroles en een aantal inventariserende controles. Tijdens de uitvoering van het toezicht zal de ODH daar waar noodzakelijk een signaalfunctie vervullen naar de gemeenten en andere handhavingspartners toe. Bij integrale casussen zal de ODH deelnemen als adviseur dan wel regisseur afhankelijk van het zwaartepunt. Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) De afgelopen jaren heeft de ODH haar kennis verrijkt omtrent de ZZS. Hierbij is inzicht ontstaan over de bedrijfsprocessen waarbij ZZS in de leefomgeving vrij kunnen komen. Het gaat daarbij vooral om emissies naar de lucht, bodem en water. Tijdens de controles is specifiek gelet op het gebruik van de gevaarlijke stoffen waarin ZZS aanwezig is en de eventuele emissie ervan. Nieuwe en geactualiseerde vergunningen bieden de toezichthouders handvatten om bij de bedrijven, indien van toepassing, gerichter vermijdings- en reductieprogramma’s op vragen. Hier blijft de komende jaren onze aandacht voor nodig. ZZS in afvalstoffen is een onderwerp dat nog onvoldoende inzichtelijk is.
De doelstelling circulaire economie en vermijding ZZS heeft een tegenstrijdigheid en is niet in overeenstemming met de productie van nieuwe producten waarbij ZZS niet verboden is. Dit maakt het lastig. De komende jaren zal toezicht bezig gaan met de informatie over ZZS dat afvalbedrijven vanuit hun vergunning verplicht moeten aanleveren. Daarnaast is een wijziging van het Besluit melden bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke stoffen in voorbereiding waarin is opgenomen dat de ontdoener naast de euralcode ook een omschrijving van de ZZS moet leveren. Dit biedt de toezichthouder de mogelijkheid om de informatie over ZZS bij de ontdoener op te halen. Hierdoor wordt het mogelijk om ZZS in de keten beter te kunnen volgen en te controleren of ZZS daadwerkelijk uit het afval verwijderd wordt. Hierbij zal samenwerking met andere Omgevingsdiensten noodzakelijk zijn.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
17 van 61
E-PRTR (European Pollutant Release and Transfer Register) In het kader van de Europese PRTR-verordening (Pollutant Release and Transfer Register) moeten bepaalde industriële bedrijven jaarlijks een milieujaarrapportage maken waarin zij rapporteren over hun afval, energie- en watergebruik en emissies naar lucht, water en bodem. Deze verordening is geïmplementeerd in de Wet milieubeheer. De gemeente Midden-Delfland heeft één inrichting die onder de reikwijdte van de Europese verordening PRTR vallen. Datakwaliteit De ODH is aan de slag gegaan met datakwaliteit, dit vergde een zekere mate van bewustzijn voor het belang van data. Inmiddels zijn er stappen gezet naar structureel goede datakwaliteit. Het toetsen, vergunning verlenen, het houden van toezicht en uitvoeren van de handhaving wordt steeds complexer. Steeds meer factoren spelen een rol bij het beslissingsproces rondom wel of niet verlenen, wel of niet handhaven en vragen om een gedegen onderbouwing. De voor de ODH relevante wet- en regelgeving verandert (Omgevingswet, klimaatwet), steeds meer informatie (dan wel data) is digitaal beschikbaar en de vraag om data, informatie en/of kennis te delen neemt doorgaans toe. In 2023 zal net zoals in 2022 extra inzet worden gepleegd om de datakwaliteit van het van het inrichtingenbestand te verbeteren.
Voor deze werkzaamheden is tijd gereserveerd in de producten Informatie ontsluiting en Datakwaliteit (D11.1) en Beleidsadvies Milieu/Omgevingswet (A02.1a/b).
4.3 Toezicht: Bodembescherming en –kwaliteit Het toezicht op saneringen wordt uitgevoerd conform de uitvoeringsstrategie Toezicht en Handhaving bodem (2019-2022). Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan een nieuwe strategie waarin ook rekening wordt gehouden met de Omgevingswet. Het ligt in de verwachting dat de nieuwe strategie in de loop van 2023 van kracht wordt. De controles zullen zich richten op de activiteiten in het bodem werkveld met de hoogste prioriteit, daarvoor worden de risico’s van saneringen geïnventariseerd en beoordeeld. Toezicht vindt vrijwel altijd fysiek plaats maar in sommige gevallen, zoals bij het niet nakomen van rapportageverplichtingen, administratief. De geplande bodemzaken zijn overeenkomstig de aantallen die in voorgaande jaren zijn gepland. De uiteindelijke realisatie is afhankelijk van het aantal meldingen die bij de ODH binnenkomen.
4.4 Asbest In december 2019 is de ODH voor Midden-Delfland gestart met de uitvoering van de asbesttaken op basis van de vooraf bepaalde kengetallen. Midden Delfland kiest voor 48% toezicht op het bedrijfsmatig verwijderen van asbest. Dit percentage is gebaseerd op het aantal meldingen per jaar. Van deze 48 % zullen conform afspraak 2 administratieve controles worden uitgevoerd en de overige controles zullen bestaan uit controles ter plaatse van de sanering. De coördinator van de ODH hanteert deze criteria ten einde het werk te verdelen. Aanvullend voert de ODH in opdracht van Midden-Delfland asbesttaken uit bij particulieren en houdt toezicht bij asbest (stort/dump) in de openbare ruimte.
4.5 Duurzaamheid In 2023 zal de ODH met behulp van de specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparing (SPUK THE) meer controles uitvoeren op de energiebesparingsplicht. Dit betreffen extra controles die boven op de reeds geplande controles komen.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
18 van 61
In het projectplan SPUK THE staat weergegeven hoe de Omgevingsdienst Haaglanden de specifieke uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht inzet voor het intensiveren van het toezicht op energiebesparingsplicht en het verhogen van het kennisniveau van de toezichthouders die deze toezichttaken uitvoeren. De exacte verdeling per opdrachtgever van de additionele werkzaamheden is nog niet bekend. De verdeling zal plaats vinden naar rato op basis van het aantal bedrijven/instellingen dat valt onder de wettelijke energiebesparingsplicht.
4.6 Glastuinbouw Middels een gedifferentieerde aanpak (integrale controles, UO-controles, assimilatie controles, themacontroles, her- en sanctiecontroles én communicatie over relevante wijzigingen naar de gehele branche) wordt er voor gezorgd dat het toezicht en de handhaving van de glastuinbouw in het grootste glastuinbouw gebied van Nederland is gewaarborgd. Administratieve controles UO-registratie Er is aandacht voor de naleving van de emissieregistratie die door elk glastuinbouwbedrijf periodiek moet worden ingeleverd bij de UO-glastuinbouw en milieu. Het toezicht op basis van de UO-database vindt deels administratief plaats, maar controle ter plaatse is steeds vaker aan de orde om te bekijken of de bedrijfssituatie overeenkomt met hetgeen gemeld is. Daarnaast vormt UO-toezicht een vast onderdeel bij het periodiek toezicht. Zuiveringsplicht Vele glastuinbouwinrichtingen hebben ontheffing van de zuiveringsplicht, dit is mede afhankelijk van de crisis en herstelwet. Het komende jaar zal de ODH in overleg gaan met de branche(vereniging), het Hoogheemraadschap en eventuele andere partijen om afstemming te zoeken over de voortgang van de zuiveringen. Het is echter van belang om een risicoanalyse uit te voeren voorafgaand aan de te bezoeken locaties.
Voor de uitvoering van analyses en de afstemmingsoverleggen is ruimte gereserveerd binnen het product Beleidsadvies Milieu (A02.1a). Assimilatietoezicht Door het intensieve toezicht tijdens en na de assimilatiepatrouilles van de afgelopen jaren heeft de afdeling Toezicht & Handhaving een goed beeld gekregen van de (on)mogelijkheden. Er staan in 2023 drie assimilatierondes gepland met toezicht op de volgende momenten: - Controles op de afscherming direct na start van de donkerteperiode; -
(Administratieve) controle in de nanacht bij temperaturen onder de 5 graden van de scherminstellingen;
-
Nanacht-controles op ondoelmatige en onvoldoende afscherming van de zijgevel en/of bovengevel, met name van bedrijven.
Energiebesparing en CO2 vereffening In 2023 gaat ook de glastuinbouw onder de energiebesparingsplicht vallen en wordt het CO2vereffeningssysteem herzien. De energiebesparingsplicht wordt met de wijziging van toepassing op glastuinbouwbedrijven evenals de informatieplicht en bij grote energieverbruikers de onderzoeksplicht. De beoogde wijziging waardoor de glastuinbouwsector onder de energiebesparingsplicht komt wordt landelijk nader uitgewerkt. Zo wordt er gewerkt aan een branche specifieke lijst erkende energiebesparende maatregelen.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
19 van 61
In 2023 zal primair ingezet worden op het goed in beeld brengen van de effecten op de sector van de beoogde wijziging, het toezicht op energiebesparingsplicht zal voornamelijk plaats vinden vanuit het regulier toezicht op de glastuinbouw aangevuld met inzet vanuit de specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht. Het actief informeren van de sector over de wijzigingen in de regelgeving wordt gestart zodra de wijziging formeel is vastgesteld door het Rijk. Het nieuwe vereffeningssysteem dat in 2024 ingaat, houdt rekening met individuele verduurzaming in plaats van vereffening over de hele sector. Zo ontstaat een beter onderscheid tussen voorlopers en achterblijvers. De ODH denkt op landelijk niveau mee over deze onderwerpen door de inbreng van expertise en kennis over de regio en de sector. Additioneel project: Risicogericht toezicht/intensivering toezicht op lekstromen De ODH zal wederom intensief samenwerken met het Hoogheemraadschap van Delfland om de waterstromen te reguleren en te werken aan de afbouw van emissies door de glastuinbouw naar het regionale oppervlaktewater (al dan niet via de riolering) en de bodem. Bij deze samenwerking wordt met regelmaat overleg gevoerd tussen de verschillende handhavingspartners, worden gegevens uitgewisseld en worden de resultaten gepresenteerd aan opdrachtgevers, ondernemers en vakbladen.
Lozing in de bodem lijkt één van de oorzaken te zijn voor het niet behalen van doelstellingen in de Kader Richtlijn Water (KRW). Er wordt onderzoek gedaan naar (onbedoelde) lekstromen via de bodem. Lozingen in de bodem vallen onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Door intensivering van toezicht én handhaving in en om de kas willen we een extra stap maken op het opsporen van (onbedoelde) lekstomen. Daarnaast willen we aansluiten bij de risico gestuurde aanpak van het Hoogheemraadschap van Delfland. om deze lozingen op te sporen, te monitoren, op te heffen en te voorkomen. Daarmee beogen wij ook bij ondernemers de kennis over en het inzicht in (onder andere) lekstromen te vergroten. Onderdeel van deze additionele aanpak is o.a.: - Combinatie van integrale controles bij specifieke bedrijven en gebiedscontroles o.b.v. dataanalyse. - Meer uitgebreide controles dan reguliere glastuinbouwcontroles met meer ruimte voor een flexibele aanpak al naar gelang wat wordt aangetroffen. - Handhaving conform de Landelijke HandhavingsStrategie (LHS) daar waar overtredingen worden geconstateerd. - Ruimte om te experimenteren samen met Hoogheemraadschap Dellfland o.a. op basis van wateranalyses. - (gezamenlijke) opleiding. - Communicatie vooraf en tijdens project gericht op o.a. bewustwording bij tuinders. - Actieve kennisdeling o.a. door samen op één plek aan dit project te werken.
- Gebruiken van elkaars expertise data en meetinstrumenten Bij de gemeente Midden-Delfland zijn vooralsnog beperkt financiële middelen beschikbaar voor de wens voor extra en gericht toezicht teneinde de chemische kwaliteit van het oppervlaktewater te verbeteren. Evaluatie van een pilot uitgevoerd in 2023 kan dat veranderen. Om die reden is in dit werkplan een beperkt project geraamd voor 2023 voor een bedrag van 21.207 euro.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
20 van 61
Onderdeel hoofdzaak
2023
Tarief 2023
Product
Aantal Kosten Toezicht - Controle Inrichting (preventief) T01.5 Integrale controle
Uren
Controle waterhuishouding GTB Gebiedscontrole waterhuishouding GTB
109 109
4 2
€ 5.668 € 3.052
52 28
T02.3 Hercontrole
Controle waterhuishouding GTB
109
2
€ 1.526
14
T02.4 Sanctiecontrole
Controle waterhuishouding GTB
109
1
€ 763
7
H01.1a Handhavingsbesluit - Voornemen last onder dwangsom
120
2
€ 2.880
24
H01.1b Handhavingsbesluit - Last onder dwangsom
120
1
€ 1.080
9
H01.1c Handhavingsbesluit - Voornemen bestuursdwang
120
€0
0
H01.1d Handhavingsbesluit - Bestuursdwang
120
€0
0
H02.1 Bestuursdwang
120
€0
0
H02.2a Last onder dwangsom - Invorderen H02.2b Last onder dwangsom - Intrekken Bezwaar & Beroep
120 120
€0 €0
0 0
J01.1 Behandeling bezwaar met voorlopige voorziening
120
€0
0
J01.2 Behandeling bezwaar zonder voorlopige voorziening
120
€0
0
J02.1 Behandeling beroep met voorlopige voorziening
120
€0
0
J02.2 Behandeling beroep zonder voorlopige voorziening
120
€0
0
J02.3 Behandeling hoger beroep met voorlopige voorziening J02.4 Behandeling hoger beroep zonder voorlopige voorziening Overige Taken
120 120
€0 €0
0 0
T10.1 Gebiedscontrole waterhuishouding Toezicht - Controle Inrichting (repressief)
Handhaving
Specifieke projecten
€0 Waterhuishouding overlegtafel (incl dossieronderzoeken)
109
Kosten analyses waterhuishouding
15 €
1.635
15 8
PM
Periodieke Managmentoverleg waterhuishouding
131
8 €
1.048
Rapportages/projectplan (incl jaarlijkse bijstellingen)
131
8 €
1.048
8
Opleidingen waterhuishouding (incl kosten en uren) Communicatie toezichtsproject (ext en int)
109 109
15 € 8 €
1.635 872
15 8
€ 21.207
188
Totaal in aantal/euro
Om het project lekstromen te financieren zijn er een aantal in eerste instantie geplande werkzaamheden bijgesteld. De resterende kosten voor de uitvoering van het project zijn additionele kosten en worden op basis van nacalculatie verrekend. Onderstaande tabel geeft aan welke bijstelling is toegepast: Om lekstromen mogelijk te maken Nader te specificeren project
€
-871
6 reguliere glastuinbouw controles gestapeld minder
€
-7.878
gebiedsgericht meten/monitoren
€
-1.090
€
-9.839
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
21 van 61
4.7 Afspraken ten aanzien van handhaving Bestuursrechtelijke handhaving Handhaving kan bestaan uit een last onder bestuursdwang, een last onder dwangsom of de intrekking van een eerder verleende toestemming, inclusief het effectueren van deze beschikkingen. Ook de afhandeling van zienswijzen, voorlopige voorzieningen, bezwaren en beroepen bij deze beschikkingen worden gezien als onderdelen van de handhaving. Inzet strafrecht In 2023 zal strafrecht in diverse projecten worden ingezet bij niet naleving. Soms als lik-op-stuk beleid, bijvoorbeeld bij het bewust niet keuren van stookinstallaties nadat men via een voorlichtingstraject van deze verplichting op de hoogte is geteld. In 2023 wordt ook meer capaciteit ingezet op keten- en administratief toezicht. Daarbij wordt rekening gehouden met de inzet van strafrecht conform de landelijke handhavingsstrategie.
4.8 Raming van producten, diensten en kosten Toezicht & Handhaving In bijlage V is een raming van producten, diensten en kosten opgenomen. Voor het programma T&H geldt dat de werkzaamheden deels planbaar zijn en deels vraagvolgend zijn of afhankelijk van de mate van naleving. De genoemde getallen dienen dan ook als een raamwerk te worden beschouwd, dat aan de hand van de concrete ontwikkelingen flexibel en op maat wordt ingevuld. Dat betekent dat de inzet in overleg met de opdrachtgever tussen verschillende taakvelden kan variëren. Het is aan de ODH om ervoor te zorgen dat de totale inzet binnen de totaalraming blijft. In de voortgangsrapportages wordt gerapporteerd over daadwerkelijke bestedingen en indien noodzakelijk, een voorstel gedaan tot herschikking. Voor het programma T&H blijkt dat de geraamde output op een klein deel voor het project lekstromen na past binnen de begroting 2023.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
22 van 61
5 Monitoring en indicatoren De ODH informeert haar opdrachtgevers over de voortgang en realisatie van het werkplan. Dit gebeurt aan de hand van de in het dashboard (bijlage VI) weergegeven indicatoren. Op aangeven van het bestuur van de ODH zijn de indicatoren voor alle deelnemers geüniformeerd, er is één set met indicatoren. De indicatoren zijn afgeleid van de afgesproken prestaties, want die worden immers gemonitord7. Voor de ODH worden prestaties afgesproken in de vorm van producten en diensten. Vanuit dat oogpunt zijn de indicatoren gekoppeld aan de PDC en zij hebben betrekking op de output van de ODH. Monitoring en rapportage vinden zoveel mogelijk plaats op het uitwerkingsniveau van de afgesproken taken en producten zoals die zijn weergegeven in de bijlagen IV en V. Over het werkplan wordt ambtelijk gerapporteerd indien de daadwerkelijke kengetallen (in uren) significant afwijken van de kengetallen (in uren) die voor de begroting zijn gebruikt. Waar sprake is van geen of een beperkte afwijking wordt het kengetal uit de begroting gevolgd. Significante afwijkingen worden ambtelijk besproken. Deze afwijkingen zouden indien ook sprake is van een effect op de totale deelnemersbijdrage ook in VJN of NJN terug kunnen komen.
Er wordt (naast regulier overleg en afstemming) drie keer per jaar gerapporteerd: − 1 Februari (jaarrapportage) − 1 Juni (januari t/m april) − 1 Oktober (januari t/m augustus) De ODH draagt er zorg voor dat de werkprocessen, administratie en informatiesystemen zodanig worden ingericht dat aan de rapportageverplichtingen kan worden voldaan.
In het Ambtelijke Opdrachtgeversoverleg (AOO) zal worden afgestemd of de bestuurlijke vastgestelde KPI’s kunnen worden aangevuld met rapportageparameters die voor het collectief van opdrachtgevers van belang zijn en die door de ODH kunnen worden gegenereerd. 7
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
23 van 61
Bijlage I.
Beleidskaders
Beleidskaders Gemeente Midden-Delfland − Bodem: Nota VTH 2014 - 2017, vastgesteld door GS op 17 december 2013 − Gemeentelijke geurhinder beleid 2009, vastgesteld Raad d.d. 7 april 2009 [fysiek dossier 2424/1-1] − Beleidsregel vaststellen hogere grenswaarden gemeente Midden-Delfland, vastgesteld college d.d. 16 juni 2009 [sc00022984] − Geluidsbelastingskaart EU-richtlijn omgevingslawaai Midden-Delfland [108769], vastgesteld college op 1 november 2022. − Definitief Actieplan geluid Midden-Delfland 2018-2022, vastgesteld door college, d.d. 19 februari 2019 [2019-04520] − Bodemkwaliteitskaart Harnaschpolder 2019 - 2024 R001-1261890ESM-V03-nda-NL [2019-37736], vastgesteld door Raad op 12 mei 2020. − Nota bodembeheer Harnaschpolder 2019 - 2024R002-1269479ESM-V02-nda-NL [2019-37737], vastgesteld door Raad op 12 mei 2020. − Bodemfunctiekaart Midden-Delfland 2018-2028, vastgesteld college, d.d. 4 september 2018 [2018-27736]. − Uitvoeringsbeleid Haaglanden voor de gemeentelijke basistaak asbest – versie 6.2 van 27 oktober 2020 [2021-13764], vastgesteld door college op 25 mei 2021. − Notitie VTH beleid gemeentelijke taken Omgevingsdienst Haaglanden van 20 mei 2020 [2020-24011], vastgesteld door college op 13 april 2020. − Probleemanalyse en prioriteiten milieutoezicht, Risicomethodiek 2021 – 2024 van [2021-00652], vastgesteld door college op 11 mei 2021.
Werkplan 2023, Gemeente Midden-Delfland, definitieve versie 7 juni 2023
24 van 61
Bijlage II. Toelichting generieke taakuitvoering T&V Inleiding In deze bijlage wordt een generieke toelichting gegeven op een aantal taken die voor een belangrijk aantal deelnemers worden uitgevoerd. Dit betreft het generieke deel van de beschrijving, waarin een groot aantal activiteiten van pakket 1 en 2 op uniforme wijze is beschreven. Sommige deelnemers nemen alle taken af, sommige deelnemers slechts een deel ervan. Vergunning, beschikking, maatwerk, melding In een specifiek aantal wettelijk bepaalde situaties moeten vergunningen of beschikkingen worden aangevraagd en vervolgens worden afgegeven: − Vergunningverlening Wm (Omgevingsvergunning Milieu) voor bedrijven of bedrijfsmatige handelingen −
beschikking wet bodembescherming bij sanering van of werkzaamheden in verontreinigde grond of grondwater (inclusief BUS, Besluit Bodemkwaliteit etc)
−
beschikking ontheffing hogere grenswaarde wet geluidhinder ingeval van een hogere geluidbelasting op onder andere woningen
−
beschikking waterwet of PMV voor handelingen in de bodem (grondwater, ontgronding) 8
−
beschikkingen, toetsen en vvgb’s Wet natuurbescherming 9
−
Ontheffingen zoals voor de routering van gevaarlijke stoffen
Deze taken worden hoofdzakelijk uitgevoerd naar aanleiding van concrete aanvragen en zijn dus vraagvolgend. In specifieke situaties kunnen gemeenten of provincie op eigen initiatief, dat wil zeggen ambtshalve, een beschikking nemen of een vergunning afgeven of intrekken. Voor milieuvergunningen wordt het bedrijvenbestand bekeken op (potentieel) gedateerde vergunningen en mogelijk veranderde wet- en regelgeving, op basis waarvan bedrijven worden benaderd om hun vergunning te actualiseren. Waar nodig kunnen aanvullende maatwerkbesluiten worden genomen voor bedrijven die onder het Activiteitenbesluit vallen. Als onderdelen van deze taken worden ook gezien het voeren van vooroverleg en het afhandelen van zienswijze, voorlopige voorzieningen, bezwaren en beroepen. Ook het behandelen van WOO-verzoeken die gerelateerd zijn aan de taakuitvoering door de ODH maken onderdeel uit van het werkpakket. Voor activiteiten met een minder grote impact op het milieu kan in (wettelijk bepaalde) gevallen volstaan worden met een melding aan het bevoegd gezag (veelal de gemeente). Het bevoegd gezag is verplicht deze melding te beoordelen. Zo maken meldingen Wm (Activiteitenbesluit) onderdeel uit van de ontvankelijkheidsbepaling van de aanvraag voor een omgevingsvergunning (Wabo).