A 23034 bijlage 2 230627-HaagsePuzzel-pamflet.pdf
Tekst van het document
CONCEPTVERSIE 27 JUNI 2023
RUIMTELIJKE PUZZEL HANDREIKING HAAGSE REGIO Dilemma’s en oplossingsrichtingen van de Haagse Regio ten behoeve van de provinciale ruimtelijke puzzel
LEESWIJZER
DIT DOCUMENT AGENDEERTGEZAMENLIJKE DILEMMA’S EN MOGELIJKE OPLOSSINGSRICHTINGEN BIJ PROVINCIE EN RIJK. Dit document is een handreiking van de Haagse Regio aan de provincie (en het Rijk) en is bedoeld om de juiste gesprekken te openen in het proces van de ruimtelijke puzzel (en de totstandkoming van de nieuwe Nota Ruimte in 2024). We vragen daarbij extra aandacht voor specifieke onderwerpen. We doen dit als Haagse Regio pro-actief en ongevraagd. We hanteren een indeling en structuur die herkenbaar is bij provincie en Rijk. Daarnaast werkt de handreiking ook agenderend voor de samenwerkende partijen in de Haagse Regio zelf. De handreiking is niet allesomvattend. De provincie geeft aan gebaat te zijn bij inzicht in de dilemma’s die spelen in regio. We beschrijven de tien
grootste dilemma’s met bestaande of mogelijke oplossingsrichtingen die we de provincie mee willen geven in het puzzelproces waarin zij zich nu bevindt. Voorafgaand daaraan worden de kracht en kwaliteiten van de regio beschreven en blikken we vooruit naar de verdere toekomst. De handreiking wordt besloten met een toelichting, waarin de opgaven en knelpunten worden beschreven. De Haagse Regio is een samenhangend verstedelijkt gebied, waarbinnen mensen wonen, werken en leven, maar de Haagse Regio staat niet op zichzelf. Er wordt nauw samengewerkt met de Rotterdamse en de Leidse Regio en er zijn relaties met Amsterdam en Utrecht. Deze handreiking is een van de manieren om de gezamenlijke belangen en ambities van de Haagse Regio voor het voetlicht te brengen. De handreiking is opgesteld door de negen gemeenten in de Haagse Regio en het Hoogheemraadschap van Delfland. 2
HANDREIKING Het leggen van de puzzel is een complexe opgave. De inzichten opgedaan in de samenwerking
in de Haagse Regio en de kennis aanwezig bij de 9 gemeenten en het hoogheemraadschap bieden een goede basis. Goed puzzelen doe je samen. Dit document is een verkenning. De opgaven zijn vooral in hun samenhang complex en hoe deze zich in de toekomst ontwikkelen, is nog niet volledig te voorzien. Het is zaak de opgaven nu te agenderen, om gezamenlijk stappen te zetten naar toekomstige oplossingsrichtingen. Dit document agendeert, maar is zeker nog geen visie. Het is een handreiking van de regio bij het leggen van de ruimtelijke puzzel voor de provincie Zuid-Holland. Tegelijk is de handreiking agenderend voor de regio zelf. Rijk en regiopartners in het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad werken aan een Ontwikkelperspectief. Het vertrekpunt daar is de verstedelijkingsopgave, met name de woningbouwopgave en de randvoorwaarden daarvoor, waaronder mobiliteit. Vanuit daar wordt verbreed, waarbij het accent ligt op uitvoeringsafspraken die voor 2030 moeten worden gemaakt. In deze handreiking vertrekken we vanuit een brede blik en richten we ons op de verdere toekomst, tot 2050, met een doorkijk naar 2100.
april
2022 CONCEPT 2022 maart
de Regio voor genda de Haagse ingsa g in nwerk Same leefomgevin e fysiek ent docum intern
Samen maken ruimte
HAAGSE REGIO
Den Haag, rg, n Delft, ootdorp, r en Gemeente am-Voorbu Pijnacker-N Zoetermee Leidschend lfland, , Westland, i.s.m. Delfland Midden-De Wassenaar van Rijswijk, raadschapnd HoogheemZuid-Holla Provincie
De Haagse Regio draagt op eigen initiatief en ongevraagd bij aan het leggen van de ruimtelijke puzzel. De regio doet dat in samenspraak met de provincie. Deze bijdrage is niet compleet, maar agendeert wel de belangrijkste dilemma’s en opgaven waar de regio op dit moment voor staat.
RIJK
PROVINCIE ZUID-HOLLAND
3
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN? II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN TOELICHTING OPGAVEN EN KNELPUNTEN HAAGSE REGIO
4
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
5
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
De Haagse Regio is met de vele internationale instituten en kenniscentra een wereldspeler van formaat. Uniek is de ligging, direct aan zee, met een kustzone die rijk is aan natuur. Een regio om trots op te zijn!
LEIDEN LEIDEN
WASSENAAR WASSENAAR NOORDZEE NOORDZEE
LEIDSCHENDAM-VOORBURG LEIDSCHENDAM-VOORBURG
ZOETERMEER ZOETERMEER
DEN DEN HAAG HAAG
RIJSWIJK RIJSWIJK
HOOGHEEMRAADSCHAP HOOGHEEMRAADSCHAP VAN DELFLAND DELFLAND
WESTLAND WESTLAND
Den Haag is internationaal bekend als stad van Vrede en Recht en als bestuurlijk centrum. Greenport West-Holland is een toonaangevende wereldspeler in de glastuinbouw. De kennisclusters in de Haagse Regio gelinkt aan TU Delft, Universiteit Leiden en de Erasmus Universiteit Rotterdam hebben aanzien tot ver over de landsgrenzen. De Haagse Regio van vandaag is een diverse regio waar veel gebeurt op weinig ruimte.
HOOGHEEMRAADSCHAP HOOGHEEMRAADSCHAP VAN RIJNLAND DELFLAND
PIJNACKER-NOOTDORP PIJNACKER-NOOTDORP
DELFT DELFT
MIDDEN-DELFLAND MIDDEN-DELFLAND
ROTTERDAM ROTTERDAM
6
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
Dichtbevolkt, fijnmazig en ongekend divers De Haagse Regio is het dichtbevolkste stuk Nederland, met een grote rijkdom aan sferen. De kwaliteiten van de Haagse Regio zitten in het fijnmazige: het gebied heeft ongekend veel verschillende verschijningsvormen op korte afstand van elkaar. Corridorontwikkeling De verschillen in hoogteligging en samenstelling van de ondergrond hebben geleid tot de voor de regio kenmerkende corridor-ontwikkeling, parallel aan de kust. In de Landgoederenzone legden de stedelijke elites in de 17e en 18e eeuw op de oude strandwallen hun buitenverblijven aan. Sinds de aanleg van de Oude Lijn in de 19e eeuw vormt deze spoorverbinding een belangrijke stuwende kracht voor de regio. De Oude Lijn is nog steeds een belangrijke corridor voor de Leidse, Haagse en Rotterdamse Regio en vormt de ruggengraat van het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad.
WASSENAAR WASSENAAR
bossen
LEIDSCHENDAM-VOORBURG LEIDSCHENDAM-VOORBURG
recreatie
DEN DEN HAAG HAAG
recht en vrede
ZOETERMEER ZOETERMEER
innovatie
stranden
suburbaan wonen
kennis
RIJSWIJK RIJSWIJK
Kwaliteiten onder de loep Negen gemeenten vormen samen het meerkernig grootstedelijk gebied aan zee dat de Haagse Regio van vandaag is. Zij dragen alle op hun eigen manier bij aan de diversiteit, de beleefde (cultuurhistorische) identiteit en mogelijkheden van de regio. Als grootste gemeente en naamgever van de regio is Den Haag als stad van Vrede en Recht een nationaal en internationaal bestuurlijk centrum. Delft en Rijswijk liggen strategisch aan de Oude Lijn en de kennisas Rotterdam-Leiden en tussen het Oostland en het Westland — de draaischijf van de glastuinbouw in Neder-
landgoederen
PIJNACKER-NOOTDORP PIJNACKER-NOOTDORP WESTLAND WESTLAND
voedselproductie
technologie
polderlandschap
DELFT DELFT
MIDDEN-DELFLAND MIDDEN-DELFLAND
veenweide 7
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
land. De regio positioneert zich met meerdere campussen als hotspot van technologische kennis en kraamkamer van innovatie. Zoetermeer biedt als New Town groene woonmilieus, volop recreatiemogelijkheden en heeft relatief weinig last van stikstof. De meer suburbane en dorpse woonomgevingen — zoals Stompwijk, rondom de Landgoederenzone in Rijswijk, Leidschendam en Voorburg, Wassenaar en in het Westland — complementeren de hoogstedelijke gebieden en bieden prettige woonmilieus. De metroverbinding tussen Den Haag en Rotterdam vormt een nieuwe regionale corridor en stuwer van de recent ontwikkelde suburbane groene ‘transit-oriented’ woonmilieus Pijnacker, Nootdorp, Ypenburg en Leidschenveen. De kustzone is drager van het Nationaal Park Hollandse Duinen, met daarop aansluitend de Landgoederenzone Den Haag tot Wassenaar (provinciaal Kroonjuweel). Midden-Delfland, Westland, Delft, Pijnacker-Nootdorp en andere gemeenten uit de Rotterdamse regio vormen en omgeven het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland, een open polderlandschap in de metropool. Het landschap in de Haagse Regio vertelt een historisch verhaal en is de buitenruimte voor ruim twee miljoen mensen.
Met het Landschapspark Zuidvleugel ligt er een basisstructuur voor het te ontwikkelen groenblauwe netwerk, waarin de waterlopen (Schie, Vliet en Zweth), landgoederenzones en restanten van het oorspronkelijke buitengebied de dragers vormen.
De Haagse Regio overlapt deels met het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad dat zich richt op verstedelijking in de directe nabijheid van de bestaande en nieuwe stations en vervoersknooppunten aan de Oude Lijn. Afgesproken is om 70.000 woningen en 80.000 arbeidsplaatsen binnenstedelijk te realiseren langs de gehele Oude Lijn en 100.000 woningen op goed bereikbare plekken binnen de invloedssfeer van de Oude Lijn. In de directe nabijheid liggen de andere NOVEX-gebieden Groene Hart en Rotterdamse Haven. In de NOVEX-gebieden werken DEN DEN HAAG HAAG alle overheden samen met alle andere betrokken partijen aan de complexe opgaven om deze gebieden te versterken. .
LEIDSE LEIDSE REGIO REGIO LEIDEN LEIDEN WASSENAAR WASSENAAR
NOVEX-GEBIED GROENE HART LEIDSCHENDAM-VOORBURG LEIDSCHENDAM-VOORBURG
ZOETERMEER ZOETERMEER
RIJSWIJK RIJSWIJK PIJNACKER-NOOTDORP PIJNACKER-NOOTDORP
WESTLAND WESTLAND
MIDDEN-DELFLAND MIDDEN-DELFLAND
NOVEX-GEBIED ROTTERDAMSE HAVEN
DELFT DELFT
HOOGHEEMRAADSCHAP HOOGHEEMRAADSCHAP VAN DELFLAND DELFLAND
NOVEX-GEBIED ZUIDELIJKE RANDSTAD OUDE LIJN
ROTTERDAM ROTTERDAM ROTTERDAMSE ROTTERDAMSE REGIO REGIO DORDRECHT ROTTERDAM
8
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
Wat ons óók bindt is samenwerking. In 2020 en 2021 hebben de negen gemeenten en het Hoogheemraadschap van Delfland de Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving opgesteld. De Haagse Regio functioneert op veel terreinen als één entiteit: zowel uitdagingen als kansen manifesteren zich grensoverschrijdend. Samen regionale mechanismen onderzoeken en blootleggen is daarom essentieel en heeft geleid tot de Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving in de Haagse Regio. De lagenbenadering (ondergrond, netwerk en occupatie) is toegepast in de analyse van de regio. Deze indeling sluit min of meer aan bijde drie perspectieven van Rijk en provincie. De agenda is een verkenning en is wel gedeeld, maar niet bestuurlijk vastgesteld.
Gemeenten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland, Zoetermeer en Hoogheemraadschap van Delfland i.s.m. Provincie Zuid-Holland
Samen ruimte maken Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving in de Haagse Regio intern document
april 2022
CONCEPT maart 2022
Voorbeelden van enkele regionale mechanismen die in beeld zijn gebracht: water, logistiek en de woningmarkt. O Hoe stroomt water door de Haagse regio?
N Hoe stromen goederen door de Haagse regio?
O Hoe stroomt de woningmarkt in de Haagse regio?
Deze kaart toont de belangrijkste gebieden en plekken voor logistiek in de Haagse regio. De dikte van de lijn op de wegen geeft aan hoeveel vrachtwagens per etmaal passeren. De dikte van de lijn op het spoor geeft aan van welk belang de route is.
Deze kaart toont een overzicht van de belangrijkste verhuisbewegingen binnen de Haagse regio en tussen de Haagse regio en de steden Rotterdam, Amsterdam en Utrecht. Verhuisbewegingen waren op het moment van schrijven niet voor handen voor elk van de gemeenten in de Haagse regio.
Samen Ruimte Maken in de Haagse Regio 39
Samen Ruimte Maken in de Haagse Regio 42
9
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
Gemeenten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland, Zoetermeer en Hoogheemraadschap van Delfland i.s.m. Provincie Zuid-Holland
Samen ruimte maken Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving in de Haagse Regio intern document
april 2022
CONCEPT maart 2022
I n de Samenwerkingsagenda zijn acties geformuleerd. Aan veel van de acties wordt inmiddels gezamenlijk gewerkt.
1 — INTEGRAAL
2 — OPGAVEGERICHT
1a Organiseer structurele gemeentelijke inzet
2a Maak een regionaal ruimtelijk afwegingskader vanuit de ondergrondlaag om de opgaven op het gebied van water en bodem meer leidend te laten zijn voor de ruimtelijke ordening. Benut daarbij de 3D-ordeningsbenadering van PZH. 2b Gebruik de mobiliteits-transitie en energietransitie als vliegwiel voor bredere transitieketens die ook het sociale domein bereiken en de brede welvaart een impuls kunnen geven. 2c Stuur meer op kwaliteit naast kwantiteit in de woningbouwopgave voor een uitgebalanceerd systeem van woonmilieus in de Haagse Regio.
voor regionale samenwerking voor de fysieke leefomgeving. Reserveer tijd en geld om de regionale samenwerking robuuster vorm te geven. Houd als gemeenten samen de bestaande veelheid aan regionale overlegtafels tegen het licht voor meer effectiviteit. 1b Benut het al lopende proces Kennisregio aan Zee waarin de gemeenten Delft, Den Haag, Leiden en Zoetermeer samenwerken en waar integraal wordt nagedacht over de Haagse Regio van de toekomst. Gebruik deze samenwerking om de gezamenlijk opgestelde gedeelde waarden ‘complementair’, ‘verbonden’ en ‘wendbaar’ verder in te vullen en van toekomstperspectief te voorzien.
3 — GEBIEDSGERICHT
3a Bestempel de hoogdynamische gebiedsontwikkelingen (bijvoorbeeld t.a.v. groen, wonen, werklocaties) als gezamenlijke regionale opgave. Werk hierbij vernieuwende vormen van functiecombinaties van groen, wonen en werken ‘nieuw-groen’, ‘nieuw-rood’ en ‘nieuw-paars’ uit.
NIEUW-GROEN combinatie van vnl. landbouw, natuur, water en recreatie. waar: — Midden-Delfland — Het gebied dat van Delft tussen Nootdorp en Pijnacker tussen Leidschenveen en Zoetermeer langs Leidschendam richting Wassenaar loopt. — De zone tussen Den Haag en Westland — De Vlietzone
NIEUW-ROOD combinatie van vnl. wonen, werken, voorzieningen, natuur, water, recreatie en onderwijs/onderzoek. waar: — Op grote schaal: de centrumgebieden van Den Haag, Delft, Zoetermeer en Rijswijk en zone A12 Voorburg — Op kleinere schaal: de centrumgebieden van de andere steden en dorpen
NIEUW-PAARS combinatie van vnl. productie, diensten, glastuinbouw, onderwijs en R&D. waar: — C ampusWestland; — Campus DelftZuid; — CID, Den Haag; — Dutch Innovation Park, Zoetermeer — Plaspoelpolder en Campus At the Park, Rijswijk — Omgeving Laan van NOI, Den Haag/Voorburg.
3b Bestempel de gebieden in de gemeenten waar — naast een ruimtelijke opgave — ook een nadrukkelijke opgave ligt in het sociale domein als gezamenlijke regionale opgave. 10
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
Samen ruimte maken in de Haagse Regio Deze kaart is een update van de kaart die eerder verscheen in de Samenwerkingsagenda (p. 47). De kaart toont een illustratie van belangrijke opgaven met regionale impact in de O ondergrond, de N netwerklaag en de O occupatielaag. De kaart schetst ook mogelijke gebieden waar de op de vorige pagina beschreven vernieuwende functiecombinaties ‘nieuw-groen’, ‘nieuw-rood’ en ‘nieuw-paars’ nader uitgewerkt zouden kunnen worden.
groenblauwe dooradering
historisch centrum
Gemeenten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland, Zoetermeer en Hoogheemraadschap van Delfland i.s.m. Provincie Zuid-Holland
Samen ruimte maken Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving in de Haagse Regio intern document
april 2022
CONCEPT maart 2022
Zie ook §3.4 ‘Nieuwe kleuren voor de Haagse Regio’ op p. 57 van de Samenwerkingsagenda.
11
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN?
Samenwerking is nodig, want de Haagse Regio gaat een flinke bijdrage leveren aan diverse nationale opgaven. +WONINGEN +ARBEIDSPLAATSEN
GROOTSTE DAILY URBAN SYSTEMS* VAN NEDERLAND *O m van een daily urban system (DUS) te spreken, is een substantiële pendel nodig van omliggend gebied naar de centrumplaats waar gewerkt wordt. De grens is hier gelegd op 2.000 werknemers.
Zwart gearceerd is het DUS van de gemeente Den Haag. In de Zuidelijke Randstad zien we veel mengkleuren dicht bij elkaar: daily urban systems zijn hier uiterst sterk verweven.
AMSTERDAM AMSTERDAM
DEN DEN HAAG HAAG UTRECHT UTRECHT
ROTTERDAM ROTTERDAM
Deze kaart toont het aantal banen aanwezig per gemeente en forensenverkeer binnen de Haagse Regio en tussen de Haagse Regio en de steden Rotterdam, Amsterdam en Utrecht. Een gebied met veel vanzelfsprekende, dagelijkse onderlinge relaties wordt een ‘daily urban system’ genoemd.
Sommige daily urban systems strekken zich verder uit dan andere (DUS Amsterdam is bijvoorbeeld groter dan DUS Breda). Soms zijn vlekken aaneengesloten en soms heeft een DUS ‘exclaves’. De pendel naar de centrumplaats in de tussenliggende gebieden is hier kleiner dan 2.000 werknemers per dag. Vaak zijn de exclaves andere steden. Uit het kaartbeeld blijkt dat de Haagse Regio een eenheid vormt met de Rotterdamse Regio en er ook met name een samenhang is met Amsterdam en Utrecht.
12
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN? II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST
13
II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST
Toekomstbeeld 2070 een langetermijnperspectief in 2021 gemaakt door Wageningen University & Research, TU Delft, Leiden Universiteit en de Haagse Hogeschool, samen met de steden Delft, Den Haag, Leiden en Zoetermeer en Staatsbosbeheer. De belangrijke inspiratiebron voor het Toekomstbeeld was de kaart NL2120 van Wageningen University & Research, een kaart die laat zien dat er met nature-based aanpak oplossingen gevonden kunnen worden voor de klimaatverandering. Vanwege de
Het leggen van de ruimtelijke puzzel voor de Haagse Regio is het bepalen van prioriteiten, het willen omzetten van ambities in acties en het willen benutten van innovaties om te kunnen groeien — in balans met de omgeving. Samenwerking tussen overheden is essentieel. Tijdens de gesprekken die zijn gevoerd in de aanloop naar deze handreiking werd de vraag vaak gesteld of er een maximaal ‘laadvermogen’ is van de Haagse Regio. Die vraag is lastig te beantwoorden en hangt samen met de behoefte van mensen, instellingen en ondernemingen aan een plek in deze regio, met maatschappelijke ontwikkelingen en bestuurlijke keuzes en met ontwikkelingen in het natuurlijke systeem, onder invloed van
klimaatverandering. De Haagse Regio is een dicht bebouwd stedelijk gebied. Tegelijkertijd is het stedelijke gebied in de afgelopen 50 jaar naar verhouding veel sterker gegroeid dan het aantal inwoners. Het is moeilijk te voorzien hoe deze ontwikkeling zich op langere termijn voort gaat zetten. Voor dit moment is vooral de vraag: WAT IS NODIG OM DE HAAGSE REGIO LEEFBAAR EN AANTREKKELIJK TE HOUDEN IN DE KOMENDE 50 TOT 100 JAAR? Rekening houdend met
organisatie verder uitgewerkt werden. Aanvullend zijn interviews afgenomen met direct betrokkenen van de steden. De Toekomstbeelden geven richting aan en inspiratie voor de ontwikkeling van de Kennisregio aan Zee en zijn tevens aanleiding voor gesprek met nieuwe partners. In het vervolg zullen de partners initiatief nemen om aan de slag te gaan met de innovatieopgaven zo te verkennen op welke wijze de toekomstbeelden kunnen worden gerealiseerd.
Toekomstbeeld Kennisregio aan Zee 2070 Wageningen University & Research, TU Delft, Leiden Universiteit en de Haagse Hogeschool, samen met de steden Delft, Den Haag, Leiden en Zoetermeer en Staatsbosbeheer illustreren door middel van het Toekomstbeeld Kennisregio aan Zee 2070 een langetermijnperspectief. De belangrijke inspiratiebron voor het Toekomstbeeld was de kaart NL2120 van Wageningen University & Research, een kaart die laat zien dat er met nature-based aanpak oplossingen gevonden kunnen worden voor de klimaatverandering. Vanwege de schaarste aan ruimte voor de verschillende functies in de regio, is gezocht naar het zo slim mogelijk combineren, vanuit een integrale benadering. Voor wonen, werken en verplaatsen is gekozen voor functies met een beperkt ruimtegebruik. Bij de totstandkoming van het Toekomstbeeld is uitgegaan van het missiegedreven innovatiebeleid, gericht op innovaties die maatschappelijke problemen oplossen, en het Brede Welvaartsbegrip van regionale ontwikkeling, waarbij een balans wordt gezocht tussen natuurlijke, sociale en economische waarden.
14
II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST
lijk kan worden opgelost. Aan deze opgaven kan de gehele regio op een verantwoorde manier een bijdrage leveren. Maar er zal ook meer vraag zijn naar arbeidsplaatsen. En naar ruimte voor recreatie, drinkwater, voorzieningen, etc. Kunnen en moeten al deze opgaven ook na 2040 binnen deze regio worden opgelost? de draagkracht van de ondergrond, de ruimte die nodig is voor water en een gezond natuurlijk systeem en gebruik makend van nieuwe, duurzame energiesystemen. Voor de korte termijn (tot 2030) en de middellange termijn (tot 2040) ligt de woningbouwopgave al grotendeels vast. De vraag naar woningen is de komende jaren onverminderd groot. Ook daarna zal een vraag naar nieuwe woningen blijven bestaan, wat wellicht niet alleen binnenstede-
Een leefbare en aantrekkelijke regio zet de groei van brede welvaart voorop. Dit betekent voor de lange termijn dat bijvoorbeeld groei van het aantal woningen niet het doel is, maar een van de vele middelen is om de brede welvaart in de regio te verbeteren. Wij willen groeien in kwaliteit en daarmee de agglomeratiekracht versterken. Brede welvaart heeft te maken met voldoende mogelijkheden voor mensen om plezierig te kunnen leven en zich te
kunnen ontwikkelen, met nabijheid van werk om de innovatiekracht te vergroten en een goed voorzieningenaanbod zoals directe levensbehoeften, gezondheid, cultuur, sport en vrijetijdsbesteding. Dit betekent dat wij zaken als groen, schone lucht en sport anders moeten gaan waarderen. Een gebiedsdekkend multimodaal mobiliteitssysteem is daarvoor essentieel (Brede welvaart in Nederlandse gemeenten: het belang van regionale samenhang, PBL 2022 en OECD 2014, 2016). De groene contramal van de stad is belangrijk voor natuur, recreatie, buitensport, landbouw, waterberging en mogelijk voor energie. Komt de groene omgeving onder druk te staan, dan schaadt dat de aantrekkelijkheid van de regio. Ruimtelijke en financiële consequenties van
de bescherming en ontwikkeling van groenblauwe gebieden zullen moeten worden aanvaard. De Haagse Regio zal moeten afwegen wat haar rol en kwaliteit is ten opzichte van andere regio’s. Waar wil de Haagse Regio sterk in zijn en hoe kan zij complementair zijn aan andere regio’s? Waarvoor heeft de Haagse Regio andere regio’s nodig en wat heeft de Haagse Regio andere regio’s te bieden? Belangrijk daarbij is na te gaan welk ruimtebeslag de omschakeling naar een circulaire economie vraagt en welke ruimte hiervoor moet worden gereserveerd en vastgelegd. In relatie tot de beschikbare energie speelt de mate waarin de regio onafhankelijk kan worden van olie en gas een rol en wat dit betekent voor onder andere vervoer van mensen en transport van goederen over grotere afstanden. 15
II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST
Naar verwachting is aanpassen van de Haagse Regio aan de klimaatverandering en de zeespiegelstijging de komende 100 jaar nog goed mogelijk. Wél moeten we nu al verkennen wat de mogelijkheden zijn om samen te werken met de natuur in de versterking van de zeewering. Kan de zeewering langzaam meegroeien met de zeespiegelstijging? En wat betekent dat voor de ‘stad achter de duinen’? In het stedelijke gebied is aanpassen aan de klimaatverandering noodzakelijk, door meer ruimte te bieden aan waterberging en watersystemen (omgaan met wateroverlast en droogte) en meer groene en koele plekken te creëren in de directe woonomgeving (omgaan met hitte). Tegelijk biedt dit mogelijkheden meer ruimte te bieden aan de natuur en vergroten van de biodiversiteit.
De Haagse Regio is een compacte, dicht bebouwde regio. Dubbel grondgebruik is ons uitgangspunt om de toenemende vraag naar ruimte te accommoderen. Dubbel grondgebruik kan in verschillende gebieden een andere uitvoering krijgen. Rondom stations is compacter en hoger bouwen goed mogelijk. In de wijken kan worden gedacht aan mengen en stapelen van voorzieningen, lichte vormen van bedrijvigheid en wonen. In groene gebieden zijn mengvormen van landbouw, natuur, recreatie, waterberging en energie in verschillende combinaties mogelijk.
de glastuinbouw geldt dat er een bepaalde kritische massa moet zijn om de innovatie- en vernieuwingskracht op peil te houden. We weten nu nog niet hoe de Haagse Regio er op lange termijn uit zal zien. We weten in grote lijnen wél welke
opgaven op ons af gaan komen en wat ontwikkelingsrichtingen zijn. En we weten waar de kracht ligt van de regio nu, van waaruit we kunnen vertrekken. DE HAAGSE REGIO SLAAT MET VOL VERTROUWEN DE WEG IN NAAR EEN NIEUWE TOEKOMST.
De capaciteit van alle typen infrastructuur zal beter benut moeten worden. Ook biedt gerichte ondertunneling of overkluizing kansen voor medegebruik van de ruimte en het verbeteren van de leefkwaliteit. Voor 16
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN? II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
17
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
In de Haagse Regio komen de gemeenten en het Hoogheemraadschap de provincie vaak tegen. Dit gaat vaak goed en wij werken goed met elkaar samen. Bij een aantal casussen staan de belangen en visie op beleid en gebiedsontwikkeling haaks op elkaar. De Haagse Regio vraagt aandacht voor deze onderwerpen en wil duidelijke afspraken maken met de provincie met toekomstbestendige oplossingen voor deze kwesties.
VOORBEELD Meervoudige ruimteclaims op een kansrijke locatie Op de locatie Bleizo-West werkt de gemeente Zoetermeer samen met Lansingerland aan het realiseren van ca. 5000 woningen in combinatie met een gemengd stedelijk werkmilieu. De huidige bestemming van de locatie is grootschalige agrologistiek en het is een zoekgebied van de provincie voor windenergie. Het is onmogelijk om alle verschillende claims en ideeën (o.a. wonen, werken, windenergie, recreatie) met elkaar te verenigen en het lukt de betrokken partijen tot nu toe niet om tot overeenstemming te komen over de maatschappelijk meest optimale invulling van het gebied. De betrokken partijen zullen tot afspraken moeten komen om de kansen diedit gebied biedt de komende jaren te verzilveren.
18
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
VOORBEELD Efficient gebruik maken van de ruimte In vier transformatiegebieden ziet de gemeente Pijnacker-Nootdorp kansen om ruimte vrij te spelen voor nieuwe, gedifferentieerde wijken met 3000 tot 4000 woningen en bijbehorende voorzieningen. Dat doen we door de beschikbare ruimte in de duurzame glastuinbouwgebieden juist efficiënter te benutten. Door innovatie, herstructurering en modernisering kunnen we zowel het teeltareaal als nieuwe vormen van (glas)tuinbouw realiseren op een kleiner oppervlak. Door het ontbreken van overeenstemming tussen partijen zien we dat in de transformatiegebieden de glastuinbouw zich niet verder ontwikkelt, terwijl de vraag naar woningen stijgt. Daarom maakt de gemeente Pijnacker-Nootdorp graag op korte termijn afspraken over de toekomst van deze gebieden zodat we schaarse ruimte optimaal kunnen benutten. Parallel daaraan willen we met de overige glastuinbouwgebieden in het Westland en Oostland blijvend bijdragen aan de mondiale kracht van de Greenport. (foto: AD, Jeffrey Groeneweg)
19
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
We categoriseren drie typen van dilemma’s NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
Zeer urgente opgaven die linea recta om actie vragen. Voorwaardelijk voor het draaiend houden van de Haagse Regio.
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
Urgente opgaven die wel in zicht zijn, maar waarbij het opstarten om verschillende redenen moeizaam gaat.
NU PERSPECTIEF BIEDEN
Urgente opgaven voor de lange termijn, die echter nu om duidelijke uitspraken, keuzes en vervolgens handelen vragen.
Aansluiting bij NOVEX-thema’s
groen in en om de stad klimaatadaptatie duurzame energie economie
We werken aan verschillende oplossingrichtingen of stellen deze voor: KENNIS —K ennis ontwikkelen draagt in belangrijke mate bij aan het vinden van de juiste oplossingen —K ennis over bepaalde opgaven is ontoereikend in de Haagse Regio. We sluiten graag aan bij kennis die elders wordt ontwikkeld in plaats van het wiel opnieuw uit te vinden.
MIDDELEN —F inanciële middelen zijn ontoereikend. —G emeenschappelijk fonds nodig voor bepaalde opgaven.
REGELGEVING/GOVERNANCE —B estaande regelgeving staat de aanpak van bepaalde opgaven in de weg. —V oor de aanpak van bepaalde opgaven bestaat geen beleid. 20
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
OVERZICHT TIEN DILEMMA’S VAN DE HAAGSE REGIO LEESWIJZER Hier noemen we 10 onderwerpen waar we als regio een dilemma EN oplossingrichtingen zien (zie uitwerking volgende pagina’s). Deze dilemma’s zijn onderscheidend voor de Haagse Regio.
CATEGORIE
TYPE HULP NOVEX
Nº
ONDERWERPEN DILEMMA’S
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
1 2 3
Drink- en gietwaterbeschikbaarheid op orde brengen Krachtig en robuust groenblauw netwerk realiseren Bestaande wijken toekomstbestendig maken
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
4 5 6 7
Duidelijkheid geven over de energievoorziening Samen bovenplanse voorzieningen realiseren Regionaal ruimte voor werk maken Gebiedsdekkend multimodaal mobiliteitsnetwerk
NU PERSPECTIEF BIEDEN
8 Kustverdediging de ruimte geven 9 Streven naar innovatieve en verbonden glastuinbouw 10 Omschakelen naar een circulaire Haagse Regio 21
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
DRINK- EN GIET WATERBESCHIKBAARHEID OP ORDE BRENGEN
1
DILEMMA
OPLOSSINGSRICHTINGEN
De waterzuiveringscapaciteitgrens voor de winning van drinkwater wordt
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen?
op middellange termijn bereikt. De toenemende verstedelijking en
A — Sterk inzetten op besparing - Campagne duurzaam watergebruik en
verstening van het landschap in combinatie met toenemende verzilting
inzetten op meer recirculatie door glastuinbouw
als gevolg van de zeespiegelstijging en toenemende droogte, leiden
B — Korte termijn t/m 2030 – Beschermen en benutten bestaande
niet alleen tot een schaarste aan drinkwater voor mensen, maar ook tot
waterwingebieden in de duinen – vergunningverlening t.b.v.
schaarste aan schoon water voor dieren, planten en gewassen. Ook de tuinbouw en landbouw krijgen te maken met tekorten aan voldoende
uitbreiding in Programma Berkheide C — Middellange termijn t/m 2040 – Aanwijzen zoekgebieden
gietwater. Indien de verzilting niet wordt teruggedrongen, is er een
drinkwaterwinning: nieuwe locaties buiten de duinen.
maximaal ‘laadvermogen’ aan nieuwe woningen en economische
D — L ange termijn > 2040 - Ontwikkelen groenblauwe gebieden
activiteiten in de Haagse Regio.
(recreatie, biodiversiteit, waterberging, etc.) die voor lange termijn beschikbaar blijven voor eventuele synergie met drinkwateropgave en als zoetwaterbuffer. Zoekgebied hiervoor is de overgangszone van Nationaal Park Hollandse Duinen. Dit is vergelijkbaar met de situatie in de duinen waar de functies drinkwater, natuur en recreatie worden gecombineerd en daar via o.a. zonering en toezicht een balans in wordt gezocht.
22
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
DRINK- EN GIET WATERBESCHIKBAARHEID OP ORDE BRENGEN (VERVOLG)
1
E — COASTAR – Benutting brak grondwater en vergroten zoetwatervoorraad. Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig? A — Regie nemen op de ruimtelijke opgave, bijvoorbeeld in het aanwijzen van drinkwaterwingebieden en prioriteit geven aan deze functie. B — Rijk nodig voor ontwikkeling wet- en regelgeving ten behoeve van duurzaam watergebruik in (nieuwbouw)wijken, bijvoorbeeld bouwbesluit. C — Ontwikkeling wet- en regelgeving, o.a. vraag hoe de afvoer van de (brakke) reststroom uit drink- en gietwaterzuivering naar zee kan worden gefaciliteerd. D — Drinkwaterwinning is net als andere opgaven gebaat bij een integrale benadering en kan bijvoorbeeld worden gecombineerd met natuurontwikkeling. Daarnaast wordt de drinkwaterwinning ook beïnvloed door andere opgaven, zoals bijvoorbeeld de stikstofaanpak.
23
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
KRACHTIG EN ROBUUST REGIONAAL GROENBLAUW NETWERK REALISEREN
2
DILEMMA
OPLOSSINGSRICHTINGEN
We hebben grote opgaven op het gebied van water, biodiversiteit en
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen?
klimaat. Voor de toekomst van de Haagse Regio is het essentieel dat
A — Nationale opgaven uitwerken zoals NPLG integraal op onze schaal
verstedelijking, buitengebied en groen en blauw als één geheel worden
toepassen en het ontwikkelen van een plan voor de groenblauwe
gezien. Het vasthouden, bergen en afvoeren van water, vergroten van
dooradering, waarin alle integrale opgaven naast elkaar gelegd
de biodiversiteit, versterken van natuur- en recreatiegebieden en een
worden.
meer klimaatbestendige inrichting. Om de verzilting en de droogte aan te
B — Fondsvorming uit bijvoorbeeld grexen, bedrag per inwoner en
pakken moet het (zoete) hemelwater worden vastgehouden waar het valt
gezamenlijk gebruik maken subsidies, waaronder Europa.
en moet er meer ruimte komen voor (zoet) oppervlaktewater. Ook moet
C — Bij gebiedsontwikkelingen die ten koste gaan van groen/blauwe
het peil in de veenweidegebieden worden opgezet. Dit vraagt om meer
gebieden compensatievergoeding gelijk als input meenemen.
ruimte voor groen en water en om betere verbindingen tussen bestaande
D — Beleidskaders op maat ontwikkelen voor klimaatadaptatie in de
groenblauwe gebieden en de bebouwde omgeving. Meer ruimte voor
steden, stadsdelen en wijken, om bestand te zijn tegen de gevolgen
water lijkt te conflicteren met toenemende verstedelijking. Het gebrek
van extreme neerslag, extreme droogte en extreme hitte (voldoende
aan financiering hiervoor — zowel de beheer- als investeringskosten —
bergings- en vasthoudmaatregelen voor hemelwater, voldoende
zorgt ervoor dat dit maar beperkt lukt.
groene en koele plekken op loopafstand van woningen). Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig? A — Meer dwingende regelgeving om groenblauw compensatie bij gebiedsontwikkelingen mee te nemen. 24
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
KRACHTIG EN ROBUUST REGIONAAL GROENBLAUW NETWERK REALISEREN (VERVOLG)
2
B — Provinciale visie op het netwerk groenblauw en recreatie, op elkaar aansluiten en onderhouden (inclusief regionale fietsroutes). C — Aanpassing systematiek algemene uitkering. D — Opcenten (provincie) aanpassen voor onderhoud en groene investeringen. E — Bij plannen van het Rijk compensatievergoeding gelijk als input meenemen— bijvoorbeeld bij de spoorverdubbeling Delft-Schiedam (naast inpassing en stabilisatie).
25
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE BASIS OP ORDE BRENGEN
BESTAANDE WOONWIJKEN TOEKOMSTBESTENDIG MAKEN
DILEMMA
3
Den Haag en Gebiedsprogramma Meerzicht in Zoetermeer).
De focus in de gesprekken met provincie en Rijk liggen nu heel erg op nieuw-
B — Verduurzaming van de bebouwing + stimuleren van zonnepanelen op
bouw. De investeringen van overheden zijn vooral daarop gericht (hoge prio-
daken en aardgasvrij maken van wijken als onderdeel van de Lokale
riteit). Ook in bestaande wijken zijn er veel opgaven, zoals de energietransitie,
Energiestrategie.
klimaatadaptatie, het verbeteren van de leefbaarheid en het versterken van de sociaaleconomische structuur. Het grootste gedeelte van de Haagse Regio is bestaand stedelijk gebied. Met name de wijken uit de jaren ‘70 en ‘80 gaan de komende jaren de aandacht vragen. Daarnaast moeten alle grote transitieopgaven ook worden uitgewerkt in alle bestaande wijken. Door de focus op nieuwbouw dreigt een gebrek aan aandacht voor het aanpakken
C — Waar mogelijk bebouwing toevoegen met (middeldure) woningbouw en ruimte voor voorzieningen en werken (vooral voor praktischopgeleiden). D — Investeren en klimaatbestendig maken van de buitenruimte, verminderen van de verharding, vergroenen, voorrang geven aan langzaam verkeer. E — Kiezen voor andere parkeeroplossingen in samenhang met het stimule-
van deze opgaven in bestaande wijken. Het dilemma is dat de focus vooral
ren van andere mobiliteit om het ruimtebeslag van de auto minder groot
ligt op nieuwbouw, terwijl de opgaven juist in de bestaande wijken aandacht
te maken.
en middelen vragen. Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig? OPLOSSINGSRICHTINGEN Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? A — Wijken aanwijzen die via een programmatische aanpak toekomstbestendig gemaakt worden (zoals bijvoorbeeld Sterk voor Noord in Leidschendam, Wijkaanpak Den Haag Zuidwest in
A — Voor veel ingrepen zijn reguliere budgetten en de (zeer beperkte) opbrengsten van gebiedsontwikkeling onvoldoende en is meer geld nodig. B — Goed en fijnmazig openbaar vervoer zodat werk en voorzieningen ook fysiek beter bereikbaar worden. C — Ontschotten van middelen/subsidies door gebiedsgericht werken. 26
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
DUIDELIJKHEID GEVEN OVER DE ENERGIEVOORZIENING
4
DILEMMA
risico. In de Haagse Regio is weinig plek en veel van de benodigde
Het is een basisbehoefte om er zorg voor te dragen dat op termijn stroom
energievoorzieningen landen in het buitengebied. Enerzijds vraagt dit om
en warmte kan worden gegarandeerd. Dat vraagt om prioritering en forse
versnelling van innovatieve oplossingen en anderzijds om duidelijkheid
investeringen in een goed functionerend energie- en het warmtenetwerk.
welke grootverbruikers in de regio zullen blijven in de toekomst. Voor de
De juiste keuzes en stappen kunnen lokaal gezet worden als op provinciaal
lange termijn zijn aandachtspunten voor de Haagse Regio de aanlanding
en rijksniveau regie wordt gevoerd.
van de energie op zee, het opslaan van energie en een eventueel waterstofnet (CO2-net voor glastuinbouw?). Op deze punten wordt
Waar het gaat om de energievoorziening moet onderscheid worden
samengewerkt met Rotterdam, waar op de Tweede Maasvlakte een
gemaakt tussen de levering van warmte en die van elektriciteit. De
energiecluster ontstaat.
grootste opgave ligt in de warmtetransitie van de bestaande stad. Voor de verstedelijkingsopgave moet worden gezorgd dat de beschikbaarheid
Voor nu moet vaart worden gemaakt met het aanleggen van
van het energiesysteem (netcongestie) niet belemmerend wordt voor
warmtenetten en het verzwaren van de elektriciteitsvoorziening, samen
het tempo van de bouwopgave. Voor warmte wordt eerst ingezet op
met de betreffende netbeheerders. Met name de warmtevoorziening is
geothermie en lokale warmtebronnen en daarna op aansluiten op het
een ruimtevrager: ondergronds moet een warmtenet worden aangelegd,
regionale warmtenet (vanuit de Rotterdamse regio).
bovengronds zijn warmtestations nodig met een fors ruimtebeslag en moeten locaties voor geothermiebronnen worden gevonden. Voor de
Elektriciteit wordt vooral gewonnen uit zon en wind (op land en
elektriciteitsvoorziening moet het bestaande net worden uitgebreid en
zee). Voldoende regionale netcapaciteit vormt op korte termijn een
verzwaard en zijn enkele extra transformatiestations nodig. Dilemma hier 27
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
DUIDELIJKHEID GEVEN OVER DE ENERGIEVOORZIENING (VERVOLG)
is met name de regelgeving, die maakt dat niet ver vooruit kan worden
4
C —In gesprek met de netbeheerders een planning uitwerken voor
gepland. Verder vraagt de energievoorziening in zijn algemeenheid om
ingrepen in de komende decennia, alsmede voorstellen doen voor de
versnelling van innovatieve oplossingen. Betaalbaarheid van warmte voor
realisatiestrategie (pMIEK).
de eindgebruiker is een blijvend aandachtspunt.
D —Afstemming tussen gemeentes over lokale energietransitiestrategieën.
OPLOSSINGSRICHTINGEN — Warmetenet en verzwaring elektriciteitsnet
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig?
— Energieopslag warmte in diepe aardlagen
A —Instrumenten en middelen om vooruit te kunnen plannen en
— Energieopslag elektriciteit in batterijen
voorinvesteringen te kunnen doen, zowel voor de verduurzaming van
— Omzetten elektriciteit naar warmte en of waterstof en vice versa
de bestaande voorraad als voor aanleg van een regionaal warmtenet en elektriciteitsnet.
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? A — Samenwerken met woning-/vastgoedeigenaren en stimuleren van verduurzaming van de bestaande voorraad, met name de aanpak van energielabels E, F en G. B — Vaart maken met uitwerken van een ruimtelijke visie voor de
B — Duidelijkheid in welke bovenlokale structuren/netwerken wanneer en waar worden gerealiseerd, om daar vroegtijdig op te kunnen anticiperen. C — ‘Piekvraag dempen van de woningen, bedrijven en glastuinbouw’ is een belangrijke wens. Oplossing kan zijn de energieopslag in de
energievoorziening (warmte en elektriciteit) inclusief inpassing van de
wijk of de stad/het stadsdeel te houden, zodat het net niet wordt
noodzakelijke bovengrondse voorzieningen in de bestaande stad en
belast. Om dit te onderzoeken zijn pilotprojecten voor lokale
hier met prioriteit ruimte voor maken.
energiebuffering nodig, waarbij lessen voor heel Nederland kunnen worden getrokken. Als het hier lukt, lukt het overal.
28
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
SAMEN BOVENPLANSE VOORZIENINGEN REALISEREN
DILEMMA
5
D — In omgevingsplannen voldoende ruimte bestemmen/
Op dit moment ligt de focus vooral op (betaalbare) woningbouw. Voor
beschikbaar houden voor voorzieningen en op regionaal niveau
gezonde complete steden en dorpen zijn echter veel ‘bovenplanse’
voorzieningenstructuur afstemmen.
voorzieningen nodig die maar deels toegerekend kunnen worden aan de nieuwbouwprojecten. Denk aan groen (stadsparken, wijkgroen en
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig?
bereikbaar recreatief buitengebied), extra haltes voor openbaar vervoer
A — Stimuleren en toestaan van organisatie (of financieringsconstructies
en maatschappelijke voorzieningen.
optuigen) die als doel hebben betaalbare ruimte voor voorzieningen (en werk) te faciliteren, te ontwikkelen en/of te verhuren.
OPLOSSINGSRICHTINGEN Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? A — In gebiedsontwikkelingen ook ruimte voor voorzieningen opnemen en realisatie ervan in ontwikkelovereenkomsten vastleggen. B — Fondsvorming uit bijvoorbeeld grexen, bedrag per inwoner of gebruik maken van subsidies. C — Opzetten regionaal fonds voor maatschappelijke voorzieningen binnen het daily urban system, bijvoorbeeld in de vorm van een een soort van ‘Voorzieningentafel’. Dit kan op basis van bijvorbeeld een Barcodemethodiek op regionale schaal. 29
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
REGIONAAL RUIMTE VOOR WERK MAKEN
6
DILEMMA
planologische ruimte (bijv. lagere milieucategorie), het elders bieden van
Waar gaan onze inwoners werken in de Haagse Regio na realisatie van
ruimte voor bedrijven die niet noodzakelijkerwijs op een bedrijventerrein
de woningbouw? Niet alleen zal de ruimte voor werken beperkt worden,
gevestigd moeten zijn (kringloopwinkels, recreatieve functies zoals
de regio zal ook meer inwoners hebben. Waar gaan deze mensen
trampolineparken) of het actief verplaatsen van bedrijven. Door als
werken? Bestaande bedrijventerreinen in de Haagse Regio staan
overheden een actieve rol te kiezen kunnen verouderde, ruimtelijk slecht
onder druk, voornamelijk door de behoefte aan woningen en de veelal
benutte bedrijfskavels en -terreinen worden geherstructureerd. Dit leidt
binnenstedelijke ligging van die bedrijventerreinen waardoor woningen
niet alleen tot nieuwe mogelijkheden voor bedrijven, maar kan tegelijk
vaak een aantrekkelijkere functie zijn binnen een gebied. Woningen
ook bijdragen aan duurzaamheids- en energietransitieopgaven. Dit
leveren vaak ook een aantrekkelijkere businesscase op. Gevolg hiervan is
vraagt om regionale afstemming en financiering, bijvoorbeeld door een
dat er weinig ruimte overblijft voor het behouden en creëren van ruimte
(revolverend) fonds.
voor bedrijven. Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? OPLOSSINGSRICHTINGEN Er zijn twee basis oplossingsrichtingen. De ruimte op bedrijventerreinen beter benutten en uitbreidingslocaties aanwijzen. Deze laatste categorie gaat vaak ten koste van andere functies (b.v. groen, wonen,
A — Beter benutten bedrijventerrein en dit regionaal afstemmen (Businesspark Haaglanden BPH kan hierin een rol vervullen). B --- ( Tijdelijke) schuifruimte realiseren om “Beter Benutten-proces te faciliteren”.
voorzieningen) en zal dus integraal afgewogen moeten worden. Het
C — Opstellen ruimtelijk-economische visie voor de regio.
beter benutten van ruimte op bedrijventerreinen kan bijvoorbeeld
D — Actualiseren bestemmingsplannen/ omgevingsbeleid: ruimte borgen
door het weren van bedrijven die niet optimaal gebruik maken van de
voor brede werkgelegenheidsgroei, het juiste bedrijf op juiste plek. 30
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
REGIONAAL RUIMTE VOOR WERK MAKEN (VERVOLG)
E — Organiseren handhavingscapaciteit als stok achter de deur voor beter benutten. F — Actieve bemiddeling bij (noodzakelijke) uit-/verplaatsing van bedrijven op sleutellocaties (bijvoorbeeld op plekken aan kade/
6
stedelijk verzorgende economie en stuwende economie welke ruimtelijk passen bij sterk verdichte stedelijke structuur. Oftewel zorgen dat de duurzame stedelijke groei wordt gefaciliteerd en dat we tegelijkertijd die groei zo slim mogelijk laten plaatsvinden.
watergang op HMC-terrein welke niet als zodanig worden gebruikt).
C — Provinciaal ontwikkelfonds met middelen vanuit het Rijk om met
G —Stroomlijnen uitgangspunten regionale gronduitgifte (e.g. selectief
een beperkt aantal strategische uit/verplaatsingen van bedrijven
vestigingsbeleid, hogere GSI/FSI dan huidig, duurzaamheid/
op sleutellocaties (niet zijnde agrarische bedrijven), schuifruimte te
klimaatadaptatie).
creëren voor de te leggen ruimtelijke puzzel en kwalitatieve mismatch op bedrijventerreinen te mitigeren.
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig? A — Het beter benutten van de ruimte op bedrijventerreinen vraagt om
D — Benutting van bestaand instrumentarium, inzet nieuw instrumentarium (e.g. minimale milieucategorie op specifieke
een actieve aanpak. De door herstructurering te behalen winst kan
werkmilieus), en waar nodig uitoefenen van doorzettingsmacht om
aanzienlijk zijn, maar is complex en kent een (voor)financieringsvraag.
doorbraken te forceren en maatschappelijk optimum te waarborgen.
Financiële inbreng (revolverend fonds) van Provincie en Rijk is nodig om de herstructurering op gang te brengen. B — Gedifferentieerd ruimtelijk economisch beleid: keuzes tussen accenten ruimtetypologie/type bedrijvigheid per regio al naar gelang ruimtelijke context en urgentie van specifieke maatschappelijke opgaven in de regio. Voor de Haagse Regio accent op ruimte voor 31
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
GEBIEDSDEKKEND MULTIMODAAL NETWERK REALISEREN
7
DILEMMA De groei van het aantal woningen in circa 20 jaar is enorm. De reguliere
OPLOSSINGSRICHTINGEN
investeringen in OV- en fietsinfrastructuur en de beschikbare capaciteit
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen?
om projecten op te pakken volgen een veel langzamer tempo. Dit
A — Actief inzetten op aanleg en verbetering van fietsvoorzieningen
tempo moet dus omhoog, maar geld en capaciteit ontbreken. Er is
(routes én stallingsvoorzieningen). De realisatie van ontbrekende
behoefte aan concrete, verbindende projecten en goede snelle OV-
schakels wordt gesubsidieerd vanuit de MRDH.
verbindingen die op de korte en lange termijn tot resultaten kunnen
B — Alle gemeenten ontwikkelen beleid volgens het STOMP-principe.
leiden — zowel kleine, snelle winsten om de politieke daadkracht vast
C — Een visie maken voor een regionaal mobiliteitssysteem (fiets-ov-auto)
te houden als grotere vlaggenschipprojecten om de gemeenten in de
dat aansluit op de Oude Lijn vanuit alle windrichtingen.
regio dichter bij elkaar te brengen. Van belang daarbij is om goede OVverbindingen te behouden en te creëren binnen en buiten onze regio.
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig?
Voorbeelden zijn het opwaarderen van de huidige OV-verbinding tussen
A — Budget voor investeringen MRDH is heel klein. Het gaat vooral op
Zoetermeer en Rotterdam naar een lightrailverbinding (ZoRo-lijn), de
aan beheer. Middelen van PZH/Rijk zijn dus nodig voor realisatie. De
Zuidwestlandcorridor en de Koningscorridor. Deze lijnen zorgen o.a. voor
urgentie is nu echt groter dan voorheen als gevolg van de versnelde
een betere verbinding van stad en regio, ontsluiten de werkgelegenheid in diverse werk- en kassengebieden voor arbeidsaanbod vanuit Rotterdam en de Haagse Regio en ontlasten het provinciale en rijkswegennet. Dit opdat een aantrekkelijk OV-alternatief ontstaat.
woningbouwrealisatie. B — Capaciteit nodig: extra geld voor ambtenaren of programmabureau dat regionaal actief is. C —Op dit moment staat de betaalbaarheid van het OV-net centraal 32
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU DE MOTOR AANZWENGELEN
GEBIEDSDEKKEND MULTIMODAAL NETWERK REALISEREN (VERVOLG)
7
en gaat er te weinig aandacht uit naar de dekking van het netwerk. Gevolg is dat de wijken aan de randen van de steden en het buitengebied steeds slechter bereikbaar zijn. Dit maakt de mobiliteitstransitie in deze wijken moeizaam, zo niet onmogelijk. Hier is een beleidsomslag nodig. D — Het openbaar vervoer wordt te kostbaar voor doelgroepen die het niet breed hebben, waardoor de mobiliteit van deze groepen steeds meer onder druk komt te staan. Doelgroepenvervoer is niet voor iedereen beschikbaar of draait voor een belangrijk deel op vrijwilligers. Ook op dit punt is een beleidsomslag nodig.
33
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU KUSTVERDEDIGING DE RUIMTE GEVEN PERSPECTIEF BIEDEN
8
DILEMMA
ge functies, toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen en de waterveilig-
Zeespiegelstijging zorgt ervoor dat de kust op lange termijn versterkt moet
heid op lange termijn beter op elkaar af te kunnen stemmen. Waarin ook
worden. Dit vraagt ruimte. Ruimtelijke ontwikkelingen aan de kust van dit
rekening wordt gehouden met de positie van de Scheveningse haven.
moment hebben invloed op de mogelijkheden die er zijn om de watervei-
B — Opstellen van een eigen onderzoeksagenda en deze afstemmen met de
ligheid voor de lange termijn te borgen. Een ontwikkeling zorgt voor extra
nationale kennisontwikkelingen.
waarde in het gebied waardoor meebewegen/terugtrekken maatschappelijk lastiger wordt, of het ruimtelijk inpassen van versterkingen van de
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig?
huidige waterkering moeilijker wordt. Daarnaast kan onduidelijkheid over
A — Een uitspraak over de ligging van de zeewering op de lange termijn: zee-
de toekomstige oplossingen leiden tot desinvesteringen in het gebied, of
waarts, meebewegen, beschermen open/gesloten en duidelijkheid wat
terughoudendheid rondom wél investeren: ontwikkelingen die niet blijken te
van lokale overheden verwacht wordt.
passen in de nieuwe kustversterking, of buitendijks komen te liggen zijn op de lange termijn niet houdbaar. En een nieuwe kustlijn kan ervoor zorgen dat de huidige boulevard zijn functie verliest.
B — Concrete uitwerking van het principe ‘Water en Bodem Sturend’ en of/ hoe dit de keuze voor bepaalde oplossingsrichtingen voor zeespiegelstijging beïnvloed. C — Provincie: helderheid in ruimtelijk beleid om die ruimtelijk toe te kunnen
OPLOSSINGSRICHTINGEN
passen (bijvoorbeeld uitwerking van de Klimaatonderlegger en hoe deze
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen?
concreet toe te passen bij ruimtelijke ontwikkelingen).
A — Ontwikkelen van een visie en adaptatiepaden voor een veilige Delflandse kust op lange termijn (Den Haag Rotterdam, Westland). Dit om huidi34
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU STREVEN NAAR EEN INNOVATIEVE EN PERSPECTIEF VERBONDEN GLASTUINBOUW BIEDEN
9
DILEMMA
tuinbouwareaal in stand blijven, en ontstaat tegelijkertijd ruimte voor
Het glastuinbouwcluster bestaat uit veel internationaal vooraanstaande
maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, klimaatbestendigheid,
ondernemers, nog steeds vaak familiebedrijven, die koplopers zijn in het
waterberging, waterkwaliteit en biodiversiteit. In het Oostland kan mogelijk
duurzaam, innovatief en circulair verbouwen, verwerken en vervoeren van
in specifieke gebieden, tegen de bestaande kernen, ruimte ontstaan voor
voedsel. De sector is hard op weg om in 2040 klimaatneutraal te zijn en kan
transformatie naar andere functies.
zelfs CO2-positief worden. Naast het hier verbouwde voedsel en de sierteelt, worden ook in deze sector ontwikkelde innovaties en technieken over
Dit vraagt om herstructurering. Dat is een kostbaar en intensief proces, en
de hele wereld verspreid. De toegevoegde waarde van de glastuinbouwpro-
vraagt inzet van veel partijen, wat soms nog onvoldoende tot stand komt.
ductie in Nederland bedraagt inmiddels ruim €9 miljard. De glastuinbouw-
Het doel is aaneengesloten, moderne en duurzame glastuinbouwgebieden
sector is van internationaal belang en dient op nationaal niveau te worden
die de toekomst van de glastuinbouw waarborgen.
beschermd (of gesteund), terwijl de ruimtelijke invulling lokaal wordt bepaald. In het Westland staat de mondiale kracht van de Greenport onder
OPLOSSINGSRICHTINGEN
druk door de invloed van oneigenlijke functies in het tuinbouwgebied.
Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? A — Stimuleren en ondersteunen van het gehele glastuinbouwcluster om
De glastuinbouw heeft naast de grote economische en maatschappelijke
verder te verduurzamen, innoveren en moderniseren.
waarde ook de potentie om bij te dragen aan de duurzame opgaven waar
B — De tuinbouw wijzen op hun mede verantwoordelijkheid in relatie tot
gemeenten, regio, provincie en rijk voor staan. Door efficiënter gebruik te
energietransitie, klimaatadaptatie, duurzame waterhuishouding en
maken van ruimte door modernisering en innovatie, kan het netto glas-
biodiversiteit 35
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU STREVEN NAAR EEN INNOVATIEVE EN PERSPECTIEF VERBONDEN GLASTUINBOUW (VERVOLG) BIEDEN C — Inzetten op bereikbaarheid, werkgelegenheid, scholing en huisvesting. Gezamenlijk werken aan een toekomstbestendig glastuinbouwcluster. D — Kennis als exportproduct neerzetten. De ontwikkeling van de Floracampus is daar onderdeel van. E — Actief en continu werken aan maatschappelijke verbinding met
9
lende Greenports binnen de provincie Zuid Holland en Nederland die mogelijk vragen om verschillende instrumenten en gebiedsinvullingen. F — (Mede)financiering en ondersteuning bij de innovatie, modernisering, herstructurering en verduurzaming van het glastuinbouwcluster dat beter in balans is met energie, water en biodiversiteit.
onze regio. Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig? A — Het belang van de greenport voor de wereldwijde voedselvoorziening en de Nederlandse economie erkennen en beschermen B — Passende fiscale maatregelen die de verduurzaming helpen en niet tegenwerken C — Goede bereikbaarheid. Voor fiets, OV, auto en het logistieke cluster D — Perspectief bieden aan de tuinder. Duidelijke afspraken maken zodat hij weet wat hij van de centrale overheid kan verwachten E — Onderkennen dat er regionale verschillen zijn tussen de verschil36
III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN
NU OMSCHAKELING NAAR EEN PERSPECTIEF CIRCULAIRE HAAGSE REGIO BIEDEN DILEMMA In een circulaire samenleving worden alle grondstoffen opnieuw gebruikt en zijn de grondstoffen zelf hernieuwbaar. De huidige economie moet worden
10
C — Uitvoering van Woonwerkakkoord, waarin ook afspraken worden gemaakt over bouwhubs D — Opzetten van voorbeeldprojecten om te verkennen wat de impact zal
aangepast en omgebouwd om circulair te worden. De circulaire economie
zijn van de omschakeling naar een circulaire samenleving op bestaande
heeft een kleinschalige kant, die in te passen is in de bestaande woon- en
wijken en buurten.
werkomgeving, maar er zal ook ruimte nodig zijn voor industriële activiteiten en grotere distribuatiestromen en productiegebieden. In het stedelijke
Waar hebben we het Rijk/provincie bij nodig?
gebied zijn recycle(werk)plaatsen en bijvoorbeeld bouwhubs nodig om de
A — De transitie naar een circulaire economie vraagt om samenwerking
circulaire economie op gang te krijgen. Omschakelen naar een circularie
tussen overheidslagen en ondernemers. Om te voorkomen dat iedereen
economie betekent dat voorlopig twee systemen naast elkaar zullen bestaan
het wiel voor zichzelf aan het uitvinden is, is organiseren van een ken-
de komende 20 tot 30 jaar. Dat vergt slim en optimaal gebruik van de be-
nisplatform en bevorderen van uitwisseling van kennis en ervaringen op
schikbare ruimte. Mogelijk betekent een omschakeling naar een circulaire economie dat lokaal meer ruimte nodig is voor maakindustrie.
nationaal en/of provinciaal wenselijk. B — Wetgeving en subsidieregelingen: de transitie naar een circulaire economie kan niet plaatsvinden op basis van vrijwilligheid. Wetgeving
OPLOSSINGSRICHTINGEN Dit doen we zelf / Wat kunnen we zelf doen? A — Bedrijven ondersteunen bij omschakeling naar een circulair model B — Ruimte behouden voor bedrijven in hogere milieucategorieën
is nodig om die transitie af te dwingen en subsidies zijn nodig om de transitie te faciliteren. C — Hulp bij ruimtereserving voor functies die noodzakelijk zijn voor de transitie naar een circulaire economie. 37
I WIE ZIJN WE EN WAT HEBBEN WE TE BIEDEN? II DOORKIJK NAAR DE TOEKOMST III DILEMMA’S EN OPLOSSINGSRICHTINGEN TOELICHTING OPGAVEN EN KNELPUNTEN HAAGSE REGIO
38
TOELICHTING
De Haagse Regio is compact en dicht bebouwd. De mogelijkheden om de actuele opgaven een plaats te geven hangen samen met de ruimte die kan worden gemaakt in de bestaande steden, glastuinbouwgebieden en landbouwgebieden en de mate waarin functies kunnen worden gecombineerd en gestapeld. Daarbij bepaalt de ondergrond in belangrijke mate welk ruimtegebruik er waar in de regio mogelijk is. De opgaven en knelpunten worden beschreven in drie perspectieven, een indeling die provincie en Rijk ook hanteren in de ruimtelijke puzzel. De indeling sluit aan bij de lagenbenadering: de laag van de O ondergrond, de N netwerklaag en de O occupatie(ruimtegebruik)laag. Als uitgangspunt voor de inrichting van Nederland is door het Rijk bepaald dat ‘water en bodem sturend’ zijn. De Haagse Regio sluit zich aan bij dit principe. Daarnaast bouwt de Haagse Regio voort op de kwaliteiten en de kracht van de regio. In de beschrijving van de perspectieven wordt dan ook direct stelling genomen: — PERSPECTIEF 1: Water, bodem, landbouw en natuur: Water- en bodemsysteem voorwaardelijk — PERSPECTIEF 2: Ordenende netwerken: De puzzelstukken goed aan elkaar leggen — PERSPECTIEF 3: Leefbare steden en regio’s: De puzzelstukken goed stapelen Elk perspectief wordt uitgewerkt in drie kaartbeelden. 39
INTRO O
PERSPECTIEF 1 WATER-BODEM LANDBOUW NATUUR
1A
N
1C
PERSPECTIEF 2 ORDENENDE NETWERKEN
2A O
1B
2B
2C
PERSPECTIEF 3 LEEFBARE STEDEN EN REGIO’S
3A
40
3B
3C
PERSPECTIEF 1 BODEM LANDBOUW NATUUR O
ONDERGROND
INTRO O
PERSPECTIEF 1 WATER-BODEM LANDBOUW NATUUR
1A
N
1B
1C
PERSPECTIEF 2 ORDENENDE NETWERKEN
2A
2B
2C
O
ONDERGROND
Water- en bodemsysteem voorwaardelijk
BETREKKING OP DE VOLGENDE RIJKSPROGRAMMA’S: — Water en bodem sturend — Nationaal Programma Landelijk Gebied — Agenda Natuurinclusief — Nationaal Waterprogramma 2022-2027 en diverse gerelateerde programma’s (w.o. IRM) — Programma Gezonde en groene leefomgeving — Nationaal Milieuprogramma — Programmatische aanpak Groen in/om de stad — Kaderrichtlijn Water — Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie
Gemeenten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland, Zoetermeer en Hoogheemraadschap van Delfland i.s.m. Provincie Zuid-Holland
Samen ruimte maken O
PERSPECTIEF 3 LEEFBARE STEDEN EN REGIO’S
3A
41
3B
3C
Samenwerkingsagenda voor de fysieke leefomgeving in de Haagse Regio intern document
april 2022
CONCEPT maart 2022
Samenwerkingsagenda Haagse Regio WATEROPGAVEN De Haagse Regio kent flinke uitdagingen m.b.t. watersysteem: — waterveiligheid garanderen; — wateroverlast voorkomen; — waterkwaliteit: Voldoen aan de resultaatverplichtingen voor de Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027; — Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie: voldoen aan de doelstellingen voor wat betreft droogte, hitte, wateroverlast en waterbeschikbaarheid in 2050
INTRO O
1B
KENSCHETS BODEM De ondergrond bestaat direct langs de kust uit zand. Verder landinwaarts bestaat de ondergrond uit zeeklei en veen. In de droogmakerijen is de veenlaag in het verleden afgegraven. In de zeekleipolders is het grootste deel van de veengronden ingeklonken. Er zijn geen dikke veenpakketten meer aanwezig in de Haagse Regio.