2026-05-19 Raad verslag
Tekst van het document
We hebben een motie, mede namens het CDA, die het nieuwe college opdraagt om in de nieuwe periode en het collegewerkprogramma vast te houden aan het realiseren van 30% sociale huurwoningen in nieuwe bouwprojecten of combinaties daarvan. Want we weten ook, en dat hebben we de afgelopen jaren geleerd, dat je niet alles in kleine projectjes op zich kan doen, maar dat het soms ook handig is om over meerdere projecten heen te kijken. Wij vragen uitdrukkelijk aan zowel de VVD als Mijn Partij of ze hieraan willen meewerken en als ze dat niet willen, waarom ze dat niet willen. Wij zijn daar namelijk hartstikke nieuwsgierig naar. Het tweede grote dossier en daar werd al aan gerefereerd, is natuurlijk het azc. Daarover is heel veel gezegd de afgelopen jaren. En ik ga het toch even richting Mijn Partij want ik vind het belangrijk dat ook onze inwoners weten hoe wij hier gekomen zijn. Mijn Partij heeft op 14 november 2022 ingestemd met een onderzoek naar de opvang van vluchtelingen op één locatie in Midden-Delfland. Die is er ook gekomen. Op 25 oktober, toen daarover besloten werd, heeft Mijn Partij tegen het azc gestemd, onder meer met het argument dat ze kleinschalige opvang in de drie kernen een meer acceptabele oplossing vond. Overigens hadden ze dat natuurlijk een jaar eerder gewoon met een amendement kunnen indienen dan was het meegenomen in het onderzoek.
Dit argument is vanuit Mijn Partij tussen 2023 en heden met regelmaat herhaald. Ook in het verkiezingsprogramma, dan wel het tienpuntenplan, stelt Mijn Partij dat ze gaat voor een kleinschalige opvang verdeeld over de dorpskernen. In het hoofdlijnenakkoord, dat nu voor ons ligt, spreekt u alleen over het beëindigen van het azc in Den Hoorn. In de fractie van de VVD zitten twee raadsleden die natuurlijk hartstikke hard gewerkt hebben vanuit het bewonerscollectief tegen het azc in Den Hoorn. Dat was vanuit een intentie van datzelfde bewonerscollectief dat ze niet tegen het opvangen van vluchtelingen of asielzoekers zijn, maar dat ze willen dat dit op een verantwoorde en kleinschalige manier gebeurt. En ook hier in het hoofdlijnenakkoord wordt alleen gesproken over het beëindigen van het azc in Den Hoorn. Voorzitter, vanuit OGP Midden-Delfland constateren we dat zowel Mijn Partij als VVD goed is in de makkelijke boodschap dat ze nu geen azc willen. De moeilijke boodschap, namelijk dat we als gemeente onder de Spreidingswet een verplichting hebben voor opvang en hoe die opvang dan anders georganiseerd moet worden als ze dit niet willen, inclusief wat dat betekent voor onze inwoners en voor onze financiën, is niet aan de orde. OGP Midden-Delfland vindt dat ook onze inwoners die boodschap mogen weten.
Wat is het alternatief? Wat kost het alternatief en hoe ziet dat alternatief eruit? Want in tegenstelling tot wat de heer Hedges stelt, wordt er nog steeds gewoon gezegd: als het even kan, halen we het morgen van tafel en dan hebben we gewoon een verplichting onder de Spreidingswet. Wij dagen de fracties in de coalitie dan ook uit om hier transparant te zijn naar onze inwoners. Dat verdienen onze inwoners en dat verdienen wij als mederaadsleden. Ik ben benieuwd naar de antwoorden van de collega's van VVD en Mijn Partij. Dan zal ik daar straks in de tweede termijn nog een kleine reflectie op geven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Knaap. Ik was net van plan om u te vragen om de motie vervolgens ook in te dienen. Dat is bij dezen het geval. Dank u wel, ook voor uw betoog. Dan wil ik tot slot het woord geven aan de heer Vieira van D66. De heer Vieira: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, het is twee maanden geleden dat verkiezingen hebben plaatsgevonden. Twee maanden is er achter gesloten deuren gewerkt aan dit akkoord, 13
zonder informateur en zelfs zonder formateur, zoals we het begrepen en daar werd al aan gerefereerd, om de broedende kip niet te storen. Dat is een keuze. Maar dat betekent ook dat andere politieke partijen, maatschappelijke organisaties en verenigingen in die periode weinig gehoord hebben. Juist daarom is het belangrijk dat dit akkoord vandaag niet alleen gepresenteerd wordt, maar dat het ook meer concreet gemaakt wordt. In onze bijdrage zullen we niet alleen refereren aan 'hekelen', maar proberen we het in het belang van onze inwoners beter te maken. Uiteraard hebben wij het gelezen en er staan zeker goede dingen in. Aan een aantal dingen is al gerefereerd, zoals woningbouw en doorstroming, verkeersveiligheid, het behoud van ons landschap, een gezonde financiële basis. Ik denk dat op basis van deze termen weinig discussie zullen hebben met elkaar. Onze zorg zit niet zozeer in wat er staat, maar juist in wat er verdwijnt. Er werd door de heer Knaap bijvoorbeeld al gerefereerd aan dingen die heel concreet staan in verkiezingsprogramma's. Het laatste voorbeeld dat hij gaf, was de kleinschalige opvang, verdeeld over de kernen met duidelijke aantallen. Dat verandert dan in het sluiten van het azc. Dus hoe die van iets heel concreets in verkiezingsprogramma's naar iets heel abstracts in het akkoord gaan, vinden wij lastig volgen.
Toen we dat lazen, hadden we ook wat vragen over definities. Niet alleen definities ontbreken, maar ook de regionale context. Wat opviel, waren veel passages over 'eigen inwoners' en 'Midden-Delflanders'. Dat klinkt heel logisch, maar wie bedoelen we daar precies mee? Is iemand die in deze gemeente woont met een Roemeens paspoort en werkt al een eigen inwoner? Is een jongere die hier is opgegroeid, maar noodgedwongen in Delft of Den Haag woont dan geen eigen inwoner meer? Dit is geen semantische discussie, maar het raakt echt direct aan woningtoewijzing, sociale cohesie en de wijze waarop wij ons verhouden tot de regio. Daarom vraag ik aan de VVD en Mijn Partij wat voor definitie u voor 'eigen inwoners' hanteert. Hoe gaat u daarmee om? Wanneer komt u met deze definitie? In die zin vonden we ook de passage over Woonnet Haaglanden interessant. We zijn ook heel benieuwd welke kosten gemoeid zijn met het veranderen en wat het daadwerkelijk verwacht op te leveren als je je houdt aan de wettelijke basis. Voorzitter. Ik kom, zoals iedereen, ook tot het thema wonen. Er wordt gesproken over een inhaalslag in de woningbouw en dat dat nodig is. Die lijn kunnen wij zeker volgen. Vervolgens wordt er gerefereerd aan het collegewerkprogramma. Sommige dingen staan wel concreet en sommige dingen niet, maar voor wonen missen wij concrete projecten.
Wat ga je prioriteren, wat wordt de planning en wat zijn de keuzes? Gelukkig liggen er plannen. Voor ons is de betrouwbaarheid hierin belangrijk. Onze inwoners en initiatiefnemers moeten erop kunnen vertrouwen dat plannen, waaraan jaren gewerkt is, niet ineens van tafel worden geschoven. Door de heer Knaap werd er al gerefereerd aan de sociale huur. Een deel van onze inwoners is daar simpelweg van afhankelijk. Dat is een groot deel van onze starters, maar ook ouderen, mensen in de zorg- en onderwijsberoepen, inwoners met lagere inkomens en mensen die opnieuw moeten beginnen na een moeilijke periode. Een vitaal dorp bestaat niet alleen uit koopwoningen. Een vitaal dorp betekent ook dat verschillende inkomensgroepen er kunnen blijven wonen. Daarom zullen wij de motie steunen om vast te houden aan de sociale huur, zoals wij dat nu met elkaar hebben afgesproken. Verkeersveiligheid wordt genoemd als prioriteit. Dat waarderen wij enorm. Wij vragen ons af waar de grootste risico's zitten en waar je dan begint op het gebied van verkeersveiligheid en op basis van waarvan die keuzes worden gemaakt. Wat ons betreft wordt er beter gemeten, worden inwoners serieus betrokken en worden keuzes meer gebaseerd op feiten en ervaringen. Wij komen met een motie hierop, maar daar sluit ik straks mee af.
Voorzitter, als we het hele akkoord bekijken, beproeven wij dat concrete plannen uit beeld verdwijnen, keuzes vooruitgeschoven worden en belangrijke begrippen onduidelijk blijven. Dat maakt het voor ons heel lastig om dit akkoord echt te beoordelen op uitvoerbaarheid. Wij kiezen de lijn van betrouwbaarheid geven richting inwoners, realistische keuzes, regionale samenwerking en uitvoerbaar beleid. Niet alleen: niet alles opnieuw bespreken, maar juist doorpakken waar het kan. Wij zijn ontzettend blij met de handreiking die gedaan is: dat we samen de raad zijn en samen kunnen werken aan concreter en uitvoerbaar beleid. In die hoedanigheid hebben wij twee moties. De eerste had ik al aangekondigd, gaat over verkeersveiligheid. De andere gaat over woningbouw en betrouwbaarheid. Met uw toestemming, voorzitter, begin ik even met die van versnellen met de bouw en sla ik alles met constaterende en overwegende dat over en kom ik tot het dictum, waar we toe oproepen: wij verzoeken het college dat er dan straks zit, bestaande bouwafspraken en lopende projecten tot 2030 als uitgangspunt te blijven hanteren, deze op te nemen in het collegewerkprogramma en in Q4 2026 concrete maatregen aan de raad voor te leggen, die 14
bijdragen aan versnelling, met specifieke aandacht voor starters, ouderen en doorstroming. De motie is medeondertekend door OGP Midden-Delfland en het CDA. Ook de andere partijen hebben de motie uiteraard ontvangen, maar die hebben vooralsnog geen steun gegeven. Maar wat niet is, kan nog komen natuurlijk. En verkeersveiligheid, ook hier om het concreet te maken. Wij roepen het college op om samen met Veilig Verkeer Nederland, politie, scholen en inwoners een plan op te stellen voor een structureel verkeersonderzoek binnen de gemeente, daarbij prioriteit te geven aan schoolroutes en locaties waar veel meldingen of zorgen zijn en de resultaten van deze onderzoeken, inclusief mogelijke verbetermaatregelen en prioritering, periodiek terug te koppelen aan de raad. Die motie is mede getekend door het CDA. Met uw toestemming voorzitter, kom ik ze zo brengen. Ik heb tot slot nog één vraag. Wij behandelen volgende maand, of in ieder geval in een paar weken - anders is het over anderhalve maand – de Kadernota. Dat is de voorbereiding van de begroting. Dat betekent dat er een begroting voorbereid wordt die in december wordt gepresenteerd. Ik probeer even te volgen hoe dat gaat. Als het goed is, krijgen we zo de installatie van het nieuwe college. De vraag is hoeveel hand dit nieuwe college nog aan die voorbereidingen kan leggen.
Ik probeer een beeld te vormen wanneer het huidige college… Komt er een aangepaste begroting? Kunnen wij die verwachten in het najaar? Of is wat wij behandelen in de Kadernota de basis voor een begrotingsbehandeling? Dat is gewoon een oprechte vraag, voorzitter. Dus we horen graag of de VVD en Mijn Partij daar al duidelijkheid over kunnen geven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Vieira. Als ik het goed heb, komt u met twee moties, over woningbouw en verkeersveiligheid. Die zijn in goede orde ontvangen. Ze zullen straks ook in iBabs geplaatst worden. Dat betekent dat we aan het eind van de eerste termijn zijn en ik in de tweede termijn allereerst de VVD en Mijn Partij het woord zal geven. De heer Roeling is daarbij weer de eerste die het woord krijgt. Dat is ook meteen de start van de tweede termijn. Uiteraard krijgt u ook de gelegenheid om de vragen te beantwoorden die zojuist gesteld zijn vanuit de oppositie. Aan u het woord, de heer Roeling van Mijn Partij. De heer Roeling: Ik zal proberen de meeste vragen te beantwoorden die gesteld zijn door de andere partijen. Mevrouw Langeveld begon eerst met het term 'eigen volk eerst' in een artikel in Binnenlands Bestuur. Ze vroeg of dat een nieuwe wending zou zijn en of dat de kant is die we op moeten? Ik zal een voorbeeld geven. Wij zitten nu met het Haaglanden Verdeelsysteem voor de verdeling van sociale woningen.
Vóór dat systeem hadden we gewoon een systeem waarin eigen inwoners de belangrijkste categorie waren. Vervolgens had je de tweede categorie: economisch gebonden personen. Dat zijn mensen die wel in Midden-Delfland werkten, maar nog niet woonden. En dan had je nog wat overige. In onze beleving werkte dat systeem prima. Dus het is niet zozeer dat wij een nieuwe richting op gaan. Het is meer dat wij zeggen: nou, het vorige model waarmee wij werkten, bevalt ons beter dan het huidige systeem. Vervolgens willen wij kijken wat daarin mogelijk is. Dus dat is niet het eigen volk eerst. Het is eigenlijk weer terug naar onze eigen mensen. De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Langeveld, CDA. Mevrouw Langeveld: Dank u wel voorzitter. Ik denk dat mijnheer Roeling misschien wat in verwarring is, want ik heb twee vragen gesteld en dat zijn toch al wat andere vragen dan waar u nu antwoord op geeft. De eerste vraag was of Mijn Partij en de VVD het belang onderschrijven van de bestaande regionale samenwerkingsverbanden en Mijn Partij en de VVD voornemens zijn om deze voort te zetten? De tweede vraag die ik heb gesteld is welke concrete kaders overwegen Mijn Partij en VVD te versoepelen of te herzien? En hoe borgen de VVD en Mijn Partij de rechtsbescherming van omwonenden en andere belanghebbenden in dat proces? De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Langeveld.
Ik geef het woord weer aan de heer Roeling. De heer Roeling: Als mevrouw Langeveld even gewacht had, had ze antwoord gekregen, want die vraag heb ik ook netjes genoteerd. Op de eerste plaats het belang van de regionale samenwerking. Wij zitten er meer in dat Midden-Delfland bepaalde belangen heeft en wat minder dat we vriendjes willen zijn. Dat zal altijd het uitgangspunt blijven. Wat is het belang voor Midden-Delfland in een nieuwe of bestaande samenwerkingsvorm? Dus ja, het belang van regionale samenwerking is er, al 15
is het alleen maar op sociaal domein maar het is ook wel eens goed om te bekijken welk belang van Midden-Delfland met een samenwerking wordt gediend. Dat zijn vragen die ik niet vanavond kan beantwoorden, maar dat is wel de houding die wij daarop willen loslaten. Als het gaat over de rechtsbescherming en de omwonenden van de buurman met het wooncomplex, ik weet het allemaal. Dat vond ik opvallend van mevrouw Langeveld, omdat we niet zo lang geleden hebben gesproken en besloten over De Kroon, hier niet zo ver vandaan in Schipluiden. Dat is een complex voor de senioren van Schipluiden. Nou, dat is alweer anders gelopen. Maar om even op het punt in te gaan. Daar hebben de omwonenden duidelijk aangegeven dat dat complex prima is, maar dan driehoog en geen vier. Toch stemde het CDA in met vierhoog. Wij hebben om andere redenen niet ingestemd met dit complex, maar ik wil maar aangeven dat het blijkbaar een lastige kwestie is om die participatie tot een goed eind te brengen. Ik denk dat mijn collega dat eerder zei, van de VVD. Het moet geen wassen neus zijn, want dan kun je het beter niet doen. Uiteraard gaan we het wel doen, maar met wat meer beleving en dat we snappen waar het over gaat. Wij willen niet maar politiek doordrammen, want dat is het gevoel dat we hebben overgehouden bij De Kroon. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Knaap van OGP Midden-Delfland.
De heer Knaap: Een van de maatregelen die in het hoofdlijnenakkoord staat om woningen te bouwen, is optoppen. Optoppen betekent per definitie een hoger gebouw, want anders doe je er geen top op. En optoppen betekent dus ook per definitie een omgeving die het daar niet mee eens is. Mijn vraag aan de heer Roeling is of hij dan wel aan de slag gaat. Of gaat hij dan net als bij De Kroon op het laatste moment zeggen: nou, de omgeving gaat zich een beetje roeren, dus we doen het maar niet. De heer Roeling: Nou, wat ik net al zei, dat was niet de reden waarom we er niet mee in hebben gestemd. Maar dat is wat anders. Wij bedoelen dat het optoppen en splitsen van woningen tot de mogelijkheden behoren. Wij willen meer dan alleen maar nieuwbouw en dus ook bekijken welke andere vormen mogelijk zijn. Het is een mooie taak aan het college om daar meer invulling aan te geven. Participatie zal daar ongetwijfeld een onderdeel van zijn. De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Langeveld van het CDA. Mevrouw Langeveld: Ik heb nog geen antwoord op mijn vraag gekregen. Dan ga ik toch even terug naar het akkoord over paragraaf 3.6, waarin staat dat er meer vrijheid voor inwoners en ondernemers komt, zonder te worden gehinderd door strakke kaders. Mijn vraag is heel concreet.
Welke concrete kaders wenst u, de heer Roeling, Mijn Partij te versoepelen of te herzien? De heer Roeling: Dat is een opdracht aan het college. De volgende vraag was of de duurzame boer blijft. De heer Knaap vroeg daarnaar. Jazeker, wij hebben ook gezegd dat wij gewoon doorgaan met de kringlooplandbouw zoals we die nu kennen. Alleen zien wij ook wel dat de reguliere boer, of de conventionele boer, hoe je het noemen wilt, ook wel wat aandacht mag hebben. Het is eigenlijk meer dat we de reguliere boer een beentje laten bijzetten dan dat wij het kringlooplandbouwen loslaten. Want dat doen we zeker niet, voorzitter. De luchtkwaliteit. Een vraag was of we ons bewust zijn van de luchtkwaliteit en of we er iets mee gaan doen. De deskundigen verschillen van mening over de luchtkwaliteit en hoe slecht of goed die nu is in Midden-Delfland. Het zal ongetwijfeld een keer aan de orde komen. U zegt dat het niet in het hoofdlijnenakkoord staat. Dan is dat iets voor de gemeenteraad om daar wat mee te doen. Anders kan ik het ook niet maken, maar persoonlijk denk ik dat het met de luchtkwaliteit wel meevalt. Het is dus niet zo slecht als men soms wel eens denkt. Laat ik het daarop houden. Over de 30%, de middelhuur et cetera. Dat was, denk ik, de aanleiding van de motie. De huidige voorraad is nu 23% sociaal. Het beleid is 30%. Nu wordt dat beleid niet altijd gevolgd, is onze ervaring.
Wat we nu willen met de middenhuur is dat dezelfde mbo'er… De heer Knaap had het in het verkiezingsdebat steeds over de mbo'er. Dan doe je de mbo'er wel tekort als je denkt dat die een schraal loontje heeft. Dat zijn prima opleidingen en die zijn zeer gewild en daar wordt goed voor betaald. Dus om nu de mbo'ers maar een beetje af te schuiven, dat gaat ons wat ver. Wat wij zien is, er zal altijd behoefte zijn aan sociale woningen in Midden-Delfland. Of we dat gaan oplossen met de huidige 23%, daar doe ik geen uitspraak over. Maar onze vraag is of het klopt dat 30% van onze inwoners aangewezen is op een sociale huurwoning. Dat betekent dat bijna een op 16
de drie personen die wij kennen, aangewezen zou moeten zijn op een sociale huurwoning. Dat trekken wij in twijfel. Dat is gewoon een regionorm en misschien is dat van toepassing op de gemeente Den Haag, maar niet op gemeente Midden-Delfland. Wij willen bekijken hoe we daarmee kunnen omgaan. En middenhuur bestaat amper in Midden-Delfland. De middenhuur is 1% of nog minder van de totale woningvoorraad. Nou, breid dat uit, want daar is gewoon vraag naar. Er zijn gewoon jeugd, stelletjes et cetera, die dat ook daadwerkelijk kunnen betalen. Alleen, ze zijn niet voorradig op dit moment. Dus het is meer dat we kijken naar hoe we de woonmix kunnen uitbreiden dan dat we zeggen, we halen er nu eentje uit en daar komt iets anders voor in de plaats. Het gaat om het totaal. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Knaap op dit onderwerp. De heer Knaap: Ja, mijnheer Roeling praatte gewoon verder, dus ik kan er ook meteen drie van maken met uw welbevinden. Dan kan hij daarna in één keer door. Ik constateer toch even een paar dingen. De heer Roeling is bijna net zo goed in percentages als Donald Trump, zal ik maar eventjes zeggen. Als je 30% van de nieuwe projecten besteedt aan sociale huur, dan framet hij dat als dat 30% van de mensen in Midden-Delfland een sociale huurwoning nodig hebben.
Als wij gewoon in onze nieuwe projecten 30% sociale huur doen, duurt het meer dan honderd jaar voordat we op die 30% zitten. Sterker nog, ik denk dat we er nooit komen, want we bouwen namelijk ook nog steeds middenhuur. We bouwen ook nog steeds betaalbare koop en hoogstwaarschijnlijk bouwen we ook nog steeds hele dure huizen. Dus het is alleen maar noodzakelijk om überhaupt een beetje gelijk op te gaan in deze gemeente en daarmee dus mensen enige kans te geven op een sociale huurwoning. Bent u dat met mij eens? Tweede vraag. Het verkiezingsprogramma van Mijn Partij: "De opgave van de gemeente zou gericht moeten zijn op sociale huur, middenhuur en betaalbare koop". Wat is er gebeurd met wat in uw verkiezingsprogramma stond, als u deze aanknopingspunten ineens heel anders maakt? En het laatste - dat doet me toch altijd een beetje pijn – is de suggestie dat een mbo'er een ruim salaris verdient. Mijnheer Roeling, weet u wat een startende mbo'er verdient? Weet u dat? Ik weet wel wat een startende mbo'er verdient. Een startende mbo'er verdient net iets meer dan € 2.000,00. En ik wens u heel veel succes als u voor dat bedrag een woning in Midden-Delfland wilt gaan vinden. Ik denk dat u heel goed weet hoe noodzakelijk het is om een sociale huurwoning te kunnen vinden op het moment dat je die zelf nodig hebt. Ik ben heel erg benieuwd naar uw antwoord. Dank u wel.
De voorzitter: Het woord is aan de heer Roeling. De heer Roeling: Ja, in ons verkiezingsprogramma staat geen 30%. Daar staat dat we ons richten op sociale huur. Dat hebben we niet losgelaten. We hebben de 30% losgelaten. Hoe dat gaat uitpakken, moet later blijken. Dus dat, ja, Trump, ik vind dat een beetje goedkoop, maar het feit blijft dat 23% van de huidige voorraad sociale huurwoningen zijn. Daar kan je hetzelfde op loslaten. Is 23% van onze inwoners noodzakelijk aangewezen op sociale huur? Goede vraag, die gaan we proberen te beantwoorden. Maar we kunnen nu alvast zeggen dat het nooit 30% is. Hoe dat later uitpakt, dat gaan we meemaken, voorzitter. Beëindiging van het azc. Ik pak meteen de vraag van de heer Vieira mee, want die had het er ook over. Voor ons is een belangrijke reden voor kleinschalige opvang tweeledig. Dat is niet alleen voor de omwonenden, maar ook voor de bewoners. De integratie gaat aanmerkelijk vlotter als je het hebt over kleine groepjes die minder anoniem in een grootschalig azc zitten. Dat is de reden dat we altijd daarvoor gekozen hebben. De meerderheid van de raad heeft anders besloten. Maar inderdaad, het klopt dat wij al vrij snel hebben aangegeven dat wij gaan voor kleinschalige opvang. Is dat nu nog mogelijk? De tijd zal het leren.
Wij zijn ons er zeer van bewust dat we altijd in overleg zullen moeten met het COA en dat wij gehouden zijn aan de Spreidingswet. Alleen doet zich nu op landelijk niveau het volgende probleem voor dat de Spreidingswet een onderdeel van de afspraak was. Het kabinet zou de instroom aanzienlijk verminderen. Voor de mensen die op dat moment nog in Budel en Ter Apel zaten en buiten moesten slapen was die Spreidingswet bedoeld. Die Spreidingswet is doorgevoerd en werd ook van toepassing op ons. Maar wat blijkt nu? Nu is het kabinet niet in staat om de instroom aanzienlijk te verminderen. Ik hoop niet dat we binnen afzienbare tijd een soort morele discussie krijgen of wij als gemeente nog gehouden zijn aan die afspraak, want het kabinet levert niet. Nou, dat soort dingen zal in de nabije toekomst een rol spelen, maar wij hebben nooit vluchtelingen, asielzoekers niét willen opvangen. Wij hebben altijd 17
aangegeven wat voor ons, zoals wij denken, het beste is voor de omwonenden en voor de bewoners zelf. Wat hebben we nog meer? De heer Vieira vroeg naar de uitvoerbaarheid. Dat sprak nog niet echt uit het hoofdlijnenakkoord. Nee, dat klopt. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Knaap van OGP Midden-Delfland. De heer Knaap: Ja, dank u wel. Het gaat nog even om het staartje van het azc-dossier. Ik hoor de heer Roeling hele mooie dingen zeggen. Dan kunnen de vluchtelingen beter integreren als we bijvoorbeeld drie kleine locaties hebben. Is de heer Roeling dan ook in staat of is hij ook bereid om daarin te investeren? Dat betekent dus: drie keer klaslokalen. Dat betekent: drie keer beveiliging. Dat betekent: drie keer begeleiding. Dat betekent drie keer alles, dus ook drie keer kosten voor deze gemeente. Want het COA gaat het dan niet doen. Bent u daar dan ook toe bereid? En daarbij, er wordt vaak gezegd dat het beter is voor de integratie. Maar in ons azc zitten mensen die wachten op hun status. Zij mogen deels integreren. Ze mogen een beetje werken, maar ze worden geen onderdeel van onze gemeenschap. Dus dat is ook een soort van vals argument om te zeggen dat het beter is. Want heel veel van die mensen zullen na een aantal maanden gewoon ergens anders in Nederland een plekje vinden als statushouder.
De voorzitter: Ik zie ook een interruptie van mevrouw Langeveld, die over hetzelfde onderwerp gaat. Ik stel voor dat u meteen het woord voert, zodat de heer Roeling op beide vragen antwoord kan geven. Aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Ik denk dat onze vraag mooi aansluit bij de vraag van OGP Midden-Delfland. De heer Roeling had het net over drie kleinere locaties. Ik ben heel erg benieuwd welke locaties hij dan op het oog heeft. De voorzitter: Hierbij het woord aan de heer Roeling. De heer Roeling: Zelf zaten we te denken aan de achtertuin van mevrouw Langeveld, maar dat is dan weer te dicht bij mijn mattie Neal Ruiterman. Dus die valt af. Ik vind het een onzinnige vraag. Ik heb geen drie genoemd. Ik heb geen locatie genoemd. Wij hebben alleen aangegeven wat wij denken dat de beste oplossing is voor de opvang van asielzoekers en dat is kleinschalig. Dan hebben we de vraag van de heer Knaap nog over: ja, dat kost wel geld. Dat doet me denken aan de heer Jongsma in het debat over de komst van het azc enkele jaren geleden. Hij zei toen: met de grootschalige opvang wordt alles betaald. Toen stelde ik de vraag aan de heer Jongsma. Dus u wilt best humaan zijn, maar het mag geen geld kosten. Die vraag kwam nou weer bij me op. Dus wat de heer Knaap eigenlijk zegt, is dat zij wel een grootschalig azc willen, want dan kost het ons niets.
En mijnheer Roeling, die wil kleinschalig en dat kost geld; realiseert hij zich dat dan wel? Ja, natuurlijk. Maar bij ons is het niet zo dat we humaan doen zolang het niets kost. Nee, dat is de OGP. Het zal moeten blijken of het geld kost. En met 'zo snel mogelijk' kunnen we ons nog steeds houden aan het lopende contract. We gaan kijken hoe dat uitpakt. Er loopt nog een rechtszaak, dus wij hebben bewust niet vanuit de heup geschoten in dit hoofdlijnenakkoord als het gaat over het azc. Ook dit is een schone taak aan het college. Over de uitvoerbaarheid heb ik het gehad. Verder werd in verband met de kadernota gevraagd of de uitwerking van het hoofdlijnenakkoord nog veranderingen kan opleveren voor de begroting later dit jaar. Ik denk dat dat lastig wordt, maar dat weet ik niet. Ik weet uit ervaring dat de besluitvorming, de Kadernota et cetera, wel rond deze tijd moet gebeuren, wil je een begroting hebben. En we gaan het eens na. Ik heb de financiën ook niet in mijn portefeuille, maar ik denk dat het lastig wordt om nu nog grote veranderingen door te voeren, maar we gaan het zien. En dan denk ik dat ik de meeste vragen gehad heb, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Roeling, voor de beantwoording en toelichting. En dan wil ik graag het woord geven aan de heer Hedges van de VVD. Aan u het woord.
De heer Hedges: Ik zit even te denken waar ik moet beginnen, want er zijn al zo veel antwoorden gegeven. Dus als ik ook elke vraag ga beantwoorden, dan zal ik regelmatig in herhaling vallen van wat de heer Roeling heeft gezegd. Ik pak er een paar punten uit. Ik zal het ten eerste even 18
zeggen, wat ik in mijn eerste termijn ook al zei: het betreft een visiedocument. Er moet nog een werkprogramma gemaakt worden. Veel vragen zijn aan het college om daar verder handen en voeten aan te geven. Wat zijn wel punten om even te benoemen? Misschien is het goed om te reageren op de allereerste vraag die bij het CDA vandaan kwam. Die ging over het belang van regionale samenwerkingen. Ik zat net eventjes te tellen. Volgens mij hebben wij tien posities om in te vullen binnen regionale samenwerkingen, binnen de MRDH en andere clubjes. Dat doet de coalitie met zeven partijen. Vorige week hebben we gezegd dat we dat met zijn allen doen als wij nog openstaande vacatures moeten invullen. Volgens mij pakken wij daar meer dan onze verantwoordelijkheid in. Sterker nog, ik zie bij buren dat zij daar geen enkele functie invullen, of hooguit eentje. Dat wilde ik even gezegd hebben. In verhouding doen wij er heel veel. Wij zien wel degelijk daar ook het ... De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Langeveld van het CDA. Mevrouw Langeveld: Mijnheer Hedges, u bedoelt de externe organen waar we het vorige keer over hebben gehad, waarin we zitting nemen. Maar met de regionale samenwerking bedoel ik bijvoorbeeld ook de H9 met specialistische jeugdhulp, de WMO in de H5.
Daar hebben we het over een ander soort regionale samenwerking dan waar we het vorige week met elkaar over hebben gehad en daar doelde ik vooral op. Dank u wel. De voorzitter: Het woord is weer aan de heer Hedges. De heer Hedges: Oké, dat is geen vraag. Dan helpt het als je dat beter duidt aan het begin. Even kijken. Wat zijn dan de andere punten om eventjes bij stil te staan? Iets wat de heer Roeling niet namens de VVD of namens mij kan beantwoorden, is waar de heer Knaap aan refereerde, namelijk het bewonerscollectief. Dat ging over mevrouw Geense en mijzelf, maar wij zijn niet meer actief voor het bewonerscollectief. Die club heeft nooit gezegd dat er geen asielopvang mag plaatsvinden in Midden-Delfland, maar dat wij dat graag in een andere vorm zouden willen zien. Daarnaast heeft de heer Roeling genoeg gezegd over de vorm waarin. Ook daarin is het aan het college om daar een voorstel voor te doen. De voorzitter: Ik zie de interruptie van de heer Knaap van OGP Midden-Delfland. De heer Knaap: Ik zal de vraag versimpelen. U heeft natuurlijk terecht vanuit uw betrokkenheid bij het bewonerscollectief - daar heeft u netjes afstand van genomen, dus dat moet ik meegeven, dat is ook goed - gepleit voor een kleinschaliger opvang. U bent nu raadslid van een fractie die helemaal geen opvang wil. Dus wat gaat u nu doen als raadslid? Dat is mijn concrete vraag.
De heer Hedges: Volgens mij hebben wij ons gecommitteerd aan het hoofdlijnenakkoord. Daar staat ook mijn handtekening namens de club onder. En daar staat iets anders. Daar staat namelijk: dat dat na vijf jaar niet verlengd zal worden en dat er daarna gekeken wordt in welke vorm we dat dan moeten en zullen doen. Er staat nergens dat er geen asielopvang in de gemeente MiddenDelfland zal plaatsvinden. Dat heb ik net ook al gezegd. De voorzitter: Ik zie wederom een interruptie van de heer Knaap. De heer Knaap: Dan ben ik toch benieuwd, want in de debatten die we ook voor deze verkiezingen gehad hebben, heeft uw collega de heer Renzen zich uitermate duidelijk uitgesproken over wat hij gaat doen in deze collegeperiode als hij hier aan zet is. Dat is namelijk alles uit de kast om het azc zo snel mogelijk uit deze gemeente te krijgen. Hoe verhoudt dat zich dan tot dit hoofdlijnenakkoord? De voorzitter: Het woord is aan de heer Hedges. De heer Hedges: Ik had eerder gezegd dat ik een beetje visueel ingesteld ben en nu krijg ik een beeld van een langspeelplaat voor mij. Wij hebben ons gecommitteerd aan het hoofdlijnenakkoord en dat is de lijn die wij volgen op dit onderwerp. Dan kijk ik eventjes naar een aantal andere punten. Misschien is het wel goed om even stil te staan 19
bij de vraag van D66 over wie een 'eigen inwoner' is. Het CDA maakt vervolgens van de gelegenheid gebruik om een term als 'eigen volk' te noemen. Daar neem ik aanstoot aan, want dan kom je al snel in een bepaalde periode van de geschiedenis terecht. Dat vind ik onprettig en ook niet oké. De voorzitter: Mevrouw Langeveld, aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Misschien is dat niet heel helder naar voren gekomen, maar gisteren stond er een artikel in het Binnenlands Bestuur over de coalitie van Midden-Delfland, waarin stond dat vandaag de eerste 'eigen volk eerst-coalitie' beëdigd zou worden. Dus dat is niet een terminologie die wij zelf hebben verzonnen, maar die staat in Binnenlands Bestuur. Ik kan u het artikel appen als u dat zou willen, maar het staat echt in Binnenlands Bestuur en het was gisteren ook op Nieuwsuur. Dank u wel. De voorzitter: Het woord is aan de heer Hedges. De heer Hedges: Even kijken. De eigen inwoner. Wie is de eigen inwoner? Dat zijn inderdaad mensen die gebonden zijn aan deze gemeente. Werk, mensen die hier wonen en mensen die hier familie hebben. Wat je natuurlijk in heel veel gemeenten ziet, is dat we heel graag willen dat we onze kinderen, als ze dat zelf willen, de ouderen, opa's, oma's, tantes en ooms, enzovoort, dicht bij ons houden. Nogmaals, zeker als mensen dat willen en als die gelegenheid er is.
Ik denk dat dat het centrale uitgangspunt is van ons hoofdlijnenakkoord. Wij zien daarin geen oplossing door in Woonnet Haaglanden actief te blijven of om stug vol te houden aan de 30% sociale huur. Dat zien wij niet als maatregelen om die algemene wens te realiseren. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Knaap van OGP Midden-Delfland. De heer Knaap: Ik ga toch even terug in de tijd - dat is ook een heel leuk liedje – naar de motie, waarin we geregeld hebben dat we voortaan 30% sociale huur, 30% betaalbare koop en 40%, nou ja, we kijken wat dat wordt, gaan realiseren. Die motie is drieënhalf jaar geleden ingediend door OGP Midden-Delfland, mede namens de VVD. De motie is in de raadsvergadering voorgelezen door uw voorganger, de heer Van der Eijk. Hoe kan het dat u er nu ineens zo heel anders over denkt? De voorzitter: Dank u wel, de heer Knaap. Het woord is aan de heer Hedges. De heer Hedges: Daar denken wij niet radicaal anders over. Ik denk dat we een hele pragmatische invalshoek hebben. In de motie staat heel specifiek "30% sociale woningbouw te realiseren bij nieuwe bouwprojecten of combinaties daarvan". In onze beleving hoeft daar niet op die manier zo strikt aan vastgehouden te worden en mag daar best wel wat meer pragmatisme plaatsvinden. Als het gaat om Woondeals … De voorzitter: Ik zie daar weer een interruptie van de heer Knaap.
De heer Knaap: U maakt er een mooi verhaal van, maar dit is gewoon letterlijk wat in de motie van eind 2022 staat. Dit is de basis waarop we de afgelopen vier jaar, mede dankzij de motie van VVD en OGP Midden-Delfland, onze nieuwe projecten hebben vormgegeven. We hebben ook gesteld dat het niet helemaal lukte in een klein afzonderlijk project, maar wel over meerdere projecten in een dorpskern heen. Dus u geeft geen antwoord op de vraag hoe het kan dat u daar nu vanaf stapt. De voorzitter: Het woord is aan de heer Hedges. De heer Hedges: Dat is geen antwoord? Volgens mij geef ik een antwoord, maar krijgt u niet te horen wat u wilt. Dat is iets anders dan geen antwoord krijgen. U krijgt een antwoord dat u wellicht inhoudelijk niet op het gewenste niveau vindt. Dat mag allemaal. Maar volgens mij krijgt u wel degelijk een antwoord hoe wij daar op dit moment tegenaan kijken. Ja, en dingen veranderen wel eens in het leven. Ik kijk naar de andere vragen die gesteld zijn, want het is een wirwar aan vragen. Laten we ook 20
heel even stilstaan bij andere punten die voor OGP Midden-Delfland belangrijk zijn, maar ook voor ons. Dat is de duurzame boer, water - en luchtkwaliteit. Nee, daar staat niet altijd heel specifiek iets over genoemd in het hoofdlijnenakkoord, wel degelijk over waterkwaliteit, misschien niet voldoende over luchtkwaliteit naar inzien van OGP Midden-Delfland. Maar we nodigen OGP MiddenDelfland uit om daar met moties en op andere manieren hun inbreng te doen, zodat het college daar werk van kan maken. Als het gaat om de duurzame boer, zijn daar volgens mij ook al allerlei beleidslijnen op uitgezet. Wij hebben geen enkele reden om dat beleid te veranderen. Het staat er daarom ook niet in. Ik heb het idee dat zowel door de heer Roeling als door mijzelf de meeste vragen worden beantwoord, dus ik laat het hierbij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Hedges, voor de beantwoording van de vragen en de toelichting die gegeven is. Dan is het zo dat ik in de tweede termijn het verzoek doe wie er nog van de gelegenheid gebruik wil maken. Ik zie daar de lampjes weer branden. Daarbij wil ik als eerste het woord geven aan de heer Vieira van D66. Aan u het woord. De heer Vieira: Dank u wel, voorzitter, en dank aan Mijn Partij en de VVD voor het beantwoorden van de vragen.
In ieder geval is er duidelijkheid op het gebied van de begrotingscyclus gekomen, zodat we weten waar we de komende tijd aan toe zijn. Veel is er niet concreter geworden. Veel moet nog uitgewerkt worden. Dat is ook niet helemaal duidelijk. We kijken dus ook echt uit naar het collegewerkprogramma. Maar we zien gewoon bepaalde afspraken en dan wordt er nu gezegd 'we gaan gewoon kijken hoe we er pragmatisch mee omgaan'. Er staan ook termen in als 'we willen dingen versnellen, maar tegelijkertijd laten we ook meer los'. Wij proberen een concreet beeld te krijgen van wat dat betekent, maar goed ik ben bang dat we daar vanavond geen duidelijkheid over krijgen. Ik kijk dus enorm uit naar het collegewerkprogramma, waarin het allemaal wat concreter wordt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, de heer Vieira. Dan wil ik het woord geven aan de heer Knaap van OGP Midden-Delfland. De heer Knaap: Naar aanleiding van de eerste termijn en de antwoorden die we gekregen hebben, concluderen wij in ieder geval een paar dingen. Het is heel nobel dat de fractie van Mijn Partij bereid is om straks te investeren in kleinschalige opvang. Dus die noteren wij vast. Dat wij vanuit OGP Midden-Delfland alleen geld-gedreven zijn als het gaat om opvang, werpen wij verre van ons. Daar hebben we genoeg over gesproken en daarvoor hebben we genoeg over ons heen gekregen de afgelopen vier jaar.
Dat gaat verder dan alleen een financieel belang. Wij denken ook echt aan die mensen. Ik concludeer ook dat deze nieuwe coalitie er nog niet is voor onze inwoners die zo hard op zoek zijn naar een sociale huurwoning, of de inwoners die graag in aanmerking willen komen voor een sociale huurwoning in Delft, of in Maassluis, of in het Westland. Zover zijn we nog niet. Ik constateer ook dat de ruimte geboden wordt om straks met moties, amendementen en initiatiefvoorstellen daadwerkelijk te gaan werken aan luchtkwaliteit. Bij de VVD is dat iets explicieter dan bij de fractie van Mijn Partij. Samenvattend zien wij in dit hoofdlijnenakkoord natuurlijk een heel aantal verbindingspunten. Natuurlijk zijn wij nieuwsgierig, net als de collega's van de coalitie, naar hoe dat concreet uitgewerkt wordt in een collegewerkprogramma en hoe het college dan ook daadwerkelijk aan de slag gaat. Op een paar elementen hebben we in dit betoog wat aandacht gevraagd, maar natuurlijk zullen we dit collegewerkprogramma opnieuw tegen het OGP-licht houden. We zullen het steunen, waar dat in onze visie past, en met liefde - dat zeg ik oprecht – aanvullen, waarvan wij denken dat het anders of beter kan. Wij verwachten daarin natuurlijk dezelfde open blik vanuit de coalitie, zoals er vandaag ook meerdere keren is toegezegd. Er moet me nog wel iets van het hart.
Er zijn drie moties ingediend en die zijn alle drie niet omarmd, althans niet als richting om in een collegewerkprogramma op te nemen. Ik hoop niet dat dat een voorbode is voor de komende jaren, want dan komen we als raad niet echt verder. Het is al deels aan de orde geweest, maar wij maken ons ook zorgen over de rode draad die niet alleen wij, maar ook onze omgeving en zelfs de landelijke pers in een hoofdlijnenakkoord lezen. In zo een artikel van Nieuwsuur staat inderdaad niet de term 'eigen volk eerst'. Er staat wel de 'eigen inwoners eerst-coalitie' en dat schept een beeld. Dat schept echt een beeld, want dat ligt heel erg dicht bij: 'wij regelen het allemaal zelf wel' en 'wij denken dat het beter kan'. En in de uitzending van Nieuwsuur gisteren, en dat ging ook over azc en gedoe, werden we ook genoemd. MiddenDelfland heeft een nieuwe coalitie die zich niet wil laten leiden door landelijke afspraken en dat is 21
een beeld waar wij als OGP niet trots op zijn. Wij hopen, nou eigenlijk verwachten we, dat het anders wordt. Op 1 april jl. hebben namelijk alle leden van deze raad de eed of belofte afgelegd 'getrouw te zijn aan de Grondwet en het nakomen van de wetten'. Daar hoort de Spreidingswet gewoon bij. De wethouders die straks worden geïnstalleerd, leggen diezelfde eed of belofte af. Dat zijn voor OGP Midden-Delfland geen loze woorden. Dat gaat over het behoud van onze democratie en de goede vertegenwoordiging van onze inwoners in het besturen van onze gemeente. Vooral ook omdat Midden-Delfland deel uitmaakt van een groter geheel en mede bestaat bij de gratie van omliggende gemeenten, de provincie en het rijk en dus zal moeten samenwerken, ook als dat niet altijd direct gaat over eigen inwoners eerst. Het besturen van deze mooie gemeente vraagt en verdient meer dan het afzetten tegen anderen of tegen dingen die anders zijn. Vanuit OGP MiddenDelfland verwachten we dan ook dat een nieuw gemeentebestuur hier ten volste van doordrongen zal zijn en zal handelen in samenwerking met de regio, juist om onze sterke positie in deze regio te behouden. Daar wil ik het graag bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Knaap, voor uw slotbetoog. Dan wil ik het woord geven aan mevrouw Langeveld van het CDA. Mevrouw Langeveld: Ik wil Mijn Partij en de VVD bedanken voor hun toelichting.
Ik ga op de inhoud niet veel meer zeggen. Ik heb al aangegeven dat wij het collegewerkprogramma graag tegemoetzien. Dan kunnen wij ook gedetailleerder op onderwerpen ingaan. Tot slot wil ik een motie indienen. Dat heb ik niet in de eerste termijn gedaan, want dat paste niet helemaal in het betoog. Ik vind het een heel gezellige motie. Ze gaat over cultuur als pijler van cohesie en leefbaarheid. Cultuur heeft met ons allemaal te maken, met verbinding en met onze inwoners. Wij hebben in het hoofdlijnenakkoord geen expliciete paragraaf of doelstelling gezien ten aanzien van cultuur. Ik zal daarom het dictum voorlezen: "verzoekt het college een actieve en betrokken houding in te nemen bij verzoeken om (financiële) ondersteuning van culturele activiteiten en initiatieven in de gemeenten. En verzoekt het college te komen met een uitwerking van het cultuurbeleid en de raad hierover te informeren voor de begrotingsbehandeling 2027-2028." Deze motie wordt mede ingediend door OGP Midden-Delfland en D66. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Langeveld. Ook daar zal de motie in ontvangst genomen worden. Het is motie nummer 4, als ik het goed heb, die wij in het systeem hebben gezet. Er wordt nog even overlegd. Dat betekent ook meteen dat ik vanuit deze tweede termijn de beraadslagingen sluit.
Over het hoofdlijnenakkoord, zoals al eerder gezegd, zal niet gestemd worden, want er is geen sprake van besluitvorming. Er is veel nieuwsgierigheid en er zijn veel vragen, die nog openstaan en die richting het college meegenomen worden. Het is zo dat er wel sprake is van een aantal moties die ingediend zijn. Daar gaan we wel over stemmen. Het betekent dat op dit moment de moties in het systeem geplaatst worden. Zodra u die in beeld heeft, zullen we die in stemming brengen. Dat doen we in de volgorde waarop ze zijn binnengekomen. Even een moment. De heer Renzen wil tempo, dus we gaan door. De eerste motie die wij in stemming gaan brengen, is de motie 6.1, Handhaven 30% sociale huur bij nieuwe projecten, ingediend door OGP Midden-Delfland en het CDA. Ik wil u vragen om uw stem daarop uit te brengen. Alle stemmen zijn binnen. Daarbij hebben wij vanuit de VVD 4 stemmen tegen, CDA 3 stemmen voor, D66 2 stemmen voor en OGP Midden-Delfland 2 stemmen voor en Mijn Partij 6 stemmen tegen en daarmee is de motie niet aangenomen. De motie wordt verworpen met voorstemmen van de fracties CDA, D66 en OGP Midden-Delfland. De voorzitter: Dan gaan we door naar motie 6.2, Versnellen bouw met behoud van betrouwbaarheid. Ook hier Mijn Partij 6 stemmen tegen, VVD 4 stemmen tegen en het CDA, D66 en OGP Midden-Delfland voor en daarmee is de motie niet aangenomen.
De motie wordt verworpen met voorstemmen van de fracties CDA, D66 en OGP Midden-Delfland. De voorzitter: Dan gaan wij vervolgens door naar motie 6.3, Verkeersveiligheid. Hierbij is het resultaat Mijn Partij 6 stemmen tegen, VVD 4 stemmen tegen en CDA, D66 en OGP MiddenDelfland stemmen voor en daarmee is ook deze motie niet aangenomen.
22
De motie wordt verworpen met voorstemmen van de fracties CDA, D66 en OGP Midden-Delfland. De voorzitter: Tot slot hebben we 6.4, Cultuur als pijler van cohesie en leefbaarheid. En hier Mijn Partij 6 tegen, VVD 4 tegen en de andere drie partijen voor en daarmee is ook deze motie niet aangenomen. De motie wordt verworpen met voorstemmen van de fracties CDA, D66 en OGP Midden-Delfland. De voorzitter: Dat betekent dat wij met de stemming over de vier moties de besluitvorming doorgenomen hebben en het agendapunt over het aanbieden van het hoofdlijnenakkoord hierbij afsluiten.
7.
Voorstel tot het benoemen van wethouders
De voorzitter: Dan zijn we aangekomen bij agendapunt 7. De fracties Mijn Partij en VVD stellen voor om de heer Roeling, mevrouw Renzen-van Leeuwen en mevrouw Keijzer-Broers te benoemen tot wethouder. De eerste twee personen worden aangesteld met een tijdbestedingsnorm van 100% en mevrouw Keijzer-Broers met een norm van 90%. Graag wil ik allereerst de fractievoorzitters, of wie de woordvoering doet, van de partijen die deze kandidaat-wethouders voorgesteld hebben, de gelegenheid geven om hun kandidaten voor te stellen. Ik begin bij de heer Roeling en ik zal daarna de heer Hedges het woord geven om de kandidaten voor te stellen. De heer Roeling: Inderdaad, wij dragen iemand voor die nog niet bekend is in deze zaal, maar verder wel in Den Hoorn en omstreken. Wij dragen voor mevrouw Wally Keijzer. Veel mensen kennen haar wel van gezicht. Wat doet ze? Partner Joop, vier kinderen, inmiddels drie kleinkinderen. Wat ze doet heeft altijd wel een maatschappelijk tintje, zowel beroepsmatig als in haar vrije tijd. Wat voor ons heel belangrijk was, is dat zij al langere tijd werkt in de combinatie wonen, zorg, welzijn. Dat hebben we bewust zo opgenomen in ons verkiezingsprogramma. Daar is zij al jaren mee aan de slag. Daar pioniert ze in en dat was voor ons een hele belangrijke reden om haar voor te dragen met voornamelijk het sociaal domein in haar portefeuille.
Ik heb hier ook nog een overzicht van wat ze allemaal heeft gestudeerd. Ik zal het u besparen, maar dat is voldoende. Dus ja, wij zijn zeer blij met de kandidaat, mevrouw Keijzer. Er wordt ook nog iemand anders vanuit onze partij voor voorgedragen, maar ik waag me niet aan om daar een introductie op te plegen, want dat ben ikzelf. Ik laat het hierbij. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel, de heer Roeling. Ik dacht dat misschien iemand van de fractie die daar wat over wil zeggen, maar dan houden we het hierbij. Dan gaan we door naar de heer Hedges vanuit de fractie VVD. Aan u het woord. De heer Hedges: Mijnheer Roeling is uitermate bescheiden over zichzelf. Het is ook niet aan mij om daar iets over te zeggen, maar namens de VVD -fractie willen wij wel in ieder geval zeggen dat wij niet alleen blij zijn met Wally Keijzer, maar ook met de heer Roeling. Ik zit hier echter om Wendy Renzen-van Leeuwen te introduceren. Voor zover zij introductie nodig heeft, want zij is natuurlijk al wethouder geweest in onze gemeente. We zijn enorm blij dat we iemand mogen voordragen met het arbeids- en werkethos van mevrouw Renzen-van Leeuwen, want dat is ongekend. De mensen die met haar samengewerkt hebben binnen de gemeente zullen het allemaal beamen. Ze is iemand die uit onze gemeente komt en die onze gemeente liefheeft.
Ze is iemand die het landschap hoog in het vaandel heeft staan en, dat is zeker vakinhoudelijk belangrijk, een zeer sterke economische basis heeft, dus wij zijn uitermate blij en tevreden dat we haar mogen voordragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer Hedges, ook namens de fractie VVD. Ik vervolg met te melden dat we voorafgaand aan deze vergadering een Commissie Onderzoek Geloofsbrieven hebben samengesteld, bestaande uit de leden Koppert, Van der Lans en Van Lier. De commissie heeft het onderzoek van de geloofsbrieven uitgevoerd. De bevindingen van de commissie zullen worden teruggekoppeld door mevrouw Van der Lans. Die geef ik hierbij dan ook graag het woord. Mevrouw Van der Lans: De commissie heeft zich gebogen over de benodigde documenten van de benoemde wethouders. De toetsing is gebaseerd op de Gemeentewet en de Reglementen van 23
Orde. De Commissie Onderzoek Geloofsbrieven adviseert de raad over de benoeming aan de hand van risicoanalyse en integriteit, verklaring omtrent het gedrag, verklaring kiesrecht en nevenfuncties. Op grond van het Reglement van Orde is er een risicoanalyse integriteit uitgevoerd. De risicoanalyse integriteit is uitgevoerd door adviesbureau Berenschot, waarbij de burgemeester fungeert als opdrachtgever. De burgemeester heeft gesprekken gevoerd met de kandidaatwethouders naar aanleiding van de rapportage. De burgemeester heeft tevens verslag uitgebracht aan de Commissie Onderzoek Geloofsbrieven over het eindresultaat. De samenvatting van de bevindingen van Berenschot is met het verzenden van de agenda reeds als geheime bijlage met de raad gedeeld. De commissie concludeert dat dit proces correct is verlopen. Vervolgens hebben we op grond van de Gemeentewet beoordeeld of de benoemde wethouders voldoen aan de vereisten, zoals genoemd in artikel 10 van de Gemeentewet. Deze vereisten zijn: inwoner van de gemeente, achttien jaar of ouder en niet uitgesloten van het kiesrecht. Daarnaast is geconstateerd dat van alle wethouders een VOG is ontvangen, zoals is vereist conform de Gemeentewet artikel 36a, lid 2. Ook is bezien of de wethouders geen onverenigbare betrekkingen hebben, zoals bedoeld in artikel 36b van de Gemeentewet. Er zijn geen wettelijke bezwaren gevonden.
Voorzitter, dat betekent dat de wethouders benoembaar zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Lans voor de terugkoppeling. Is er iemand die vragen heeft aan de Commissie Onderzoek Geloofsbrieven? Dat is niet het geval. Dan bedank ik de Commissie Onderzoek Geloofsbrieven voor haar werkzaamheden. Daar is serieus en zorgvuldig aandacht aan besteed. Bij dezen is de commissie ontbonden. Is er iemand die nog het woord wenst te voeren over het voorstel, zoals het nu voorligt? Dat is niet het geval. Dan gaan we over tot besluitvorming. Op grond van de Gemeentewet, artikel 35, lid 1 en artikel 31, lid 1, geldt dat de stemming geheim is. Hiertoe zal een schriftelijke stemming worden gehouden. Om te zorgen dat de stemming goed verloopt, leg ik even uit wat er van u verwacht wordt. De stemming is een vrije stemming. Dat betekent dat u zelf mag kiezen op wie u stemt. Dat kan zijn op de kandidaten die zijn voorgesteld door Mijn Partij en de VVD, maar het mag ook een andere kandidaat zijn. Als u kiest voor de kandidaat die met naam genoemd staat, dan zet u een kruisje in het vakje dat bij akkoord staat. Als u een andere kandidaat kiest, dan vult u de naam van die persoon in bij het hokje 'niet akkoord naam andere kandidaat'.
Wat hierbij wel belangrijk is, is dat doordat er hier sprake is van een vrije stemming, het u als raadslid vrijstaat om ook voor uw eigen benoeming te stemmen. De heer Roeling hoeft zich dus niet te onthouden van stemming. Een geldig stembriefje is een stembriefje dat behoorlijk is ingevuld, zoals ik zojuist heb uitgelegd maar voor de volledigheid leg ik u hierbij ook uit wanneer uw stembriefje niet behoorlijk is ingevuld en dan is het niet geldig. Een stem is niet geldig als het blanco is, onleesbaar, getekend en dat het duidelijk is wie er gestemd heeft, als onduidelijk is wie er bedoeld wordt met een stem, als er tegelijk akkoord en niet akkoord gestemd is en als er meerdere namen voor één positie zijn ingevuld. Het lijkt heel logisch, maar het komt soms voor. De bode deelt de stembriefjes uit. Zodra die uitgedeeld zijn en opgehaald, dan schors ik de vergadering, zodat het stembureau zijn werkzaamheden kan uitvoeren. Ik benoem hierbij tot stembureau de leden Koppert, Van der Lans en Van Lier. Beste mensen, dat betekent dat ik de vergadering nu zal schorsen en dat zal ik doen voor vijf minuten. Ik hoop dat jullie allemaal de stembriefjes goed hebben ingevuld en ik verzoek u waar mogelijk te blijven zitten, dat we niet straks weer moeten verzamelen.
Schorsing De voorzitter: Dames en heren, geachte raad, ik heropen de vergadering en ik geef het woord aan mevrouw Van der Lans als voorzitter van het stembureau om de uitslag van de stemming met ons te delen. Mevrouw Van der Lans: De fracties Mijn Partij en VVD stellen drie personen voor om te benoemen als wethouder. De geloofsbrieven zijn overlegd en voorafgaand aan deze vergadering beoordeeld door een commissie uit uw midden. Op grond van de Gemeentewet artikel 35, lid 1 en artikel 31, lid 1 geldt dat de stemming in geheim is. Hierop is een schriftelijke stemming gehouden. De raad besluit om als wethouder te benoemen de heer Roeling met 14 stemmen voor en 3 tegen, mevrouw Renzen-van Leeuwen met 14 stemmen voor en 3 tegen, mevrouw Keijzer-Broers met 17 stemmen voor en 0 stemmen tegen. Dank u wel. 24
De voorzitter: Dat betekent dat alle drie de wethouders zijn benoemd met de daarbij vastgestelde tijdsbestedingsnorm. Ik dank het stembureau voor de verrichte werkzaamheden en ontsla het weer van verdere verplichtingen.
8.
Afleggen eed dan wel verklaring en belofte door de kandidaatwethouders
De voorzitter: Alvorens de drie benoemde wethouders de eed of de verklaring en belofte kunnen afleggen, dienen zij de benoeming te aanvaarden. Ik wil de heer Roeling, mevrouw Renzen-van Leeuwen en mevrouw Keijzer-Broers verzoeken om bij het spreekgestoelte te komen staan. De voorzitter: Mijnheer Roeling, aanvaardt u deze benoeming? De heer Roeling: Ik aanvaard de benoeming. De voorzitter: Mevrouw Renzen-van Leeuwen, aanvaardt u deze benoeming? Mevrouw Renzen-Van Leeuwen: Ik aanvaard de benoeming. De voorzitter: Mevrouw Keijzer-Broers, aanvaardt u deze benoeming? Mevrouw Keijzer-Broers: Ik aanvaard de benoeming. De voorzitter: Nu u allen de benoeming aanvaard heeft, gaan we over tot het afleggen van de verklaring en belofte. Ik vraag iedereen, die daartoe in staat is, om te gaan staan. De tekst luidt als volgt: 'Ik verklaar dat ik, om tot wethouder benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.
Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als wethouder naar eer en geweten zal vervullen.' De heer Roeling: Dat verklaar en beloof ik! Mevrouw Renzen-van Leeuwen: Dat verklaar en beloof ik! Mevrouw Keijzer-Broers: Dat verklaar en beloof ik! De voorzitter: Ik ga u een hand geven en ik wil u alle drie van harte feliciteren en heel veel succes wensen. Ik ga jullie nu allereerst de bloemen overhandigen. Dan mogen jullie ook de ronde maken in de raad en dan aan de collegetafel plaatsnemen, want ik ga jullie nog even toespreken. U bent benoemd en door eenieder gefeliciteerd als wethouder van Midden-Delfland, en straks uiteraard ook door de mensen op de tribune. Nogmaals veel succes en wijsheid toegewenst. Vanaf heden kijken namelijk ook velen in de samenleving anders naar u. U bent wethouder voor onze gemeente en lid van een collegiaal bestuur, het college van B en W. Samen gaan we aan de slag. Morgenochtend gaan we voor het eerst bij elkaar komen in deze samenstelling en dan gaan we afspraken maken over hoe we collegiaal samenwerken en zaken met elkaar doorspreken. En dan begint gelijk het echte werk voor jullie en voor ons allen. Het dagelijks besturen van deze mooie gemeente is een grote verantwoordelijkheid, waar je niet alleen voor staat.
De ambtenaren zijn dat is al heel mooi vanavond aangehaald - echt belangstellend en enthousiast om u bij te praten over de lopende projecten en zaken die zowel op korte als lange termijn opgepakt mogen worden en ook al draaien. Het is ook goed om te kijken wat belangrijk is om te behouden en goed voort te zetten. Maar ook zeker vanuit jullie collegewerkprogramma dat in wording is straks ook met elkaar aan de slag te kunnen. De gemeentesecretaris zorgt er natuurlijk voor dat de besluiten ambtelijk worden uitgevoerd. Daar zijn onze medewerkers ook voor beschikbaar. Dus ik noem niet zonder reden belangrijk dat de ambtenaren niet alleen klaarstaan en er heel veel zin in hebben om aan de slag te gaan, maar ook heel belangrijk zijn voor jullie om mee kennis te maken en mee aan de slag 25
te gaan. Daarbij is het wat mij betreft ook belangrijk om mee te geven dat we die verdere verbinding in en met de samenleving en de inwoners in een goede wisselwerking doen met jullie als wethouders op alle thema's. Ik heb het uit eigen ervaring, vanuit de grote diversiteit aan contacten in de gemeente al mogen ervaren, zowel in de gemeente met de bestuurs- en overlegorganen, als in de externe contacten. Ik wil ook heel graag meegeven dat goede communicatie in- en extern dan ook van groot belang is, dus laten we daaraan werken. Maar jullie stralen ambitie uit en energie om aan de slag te gaan en het hoofdlijnenakkoord is deze avond besproken. Daarbij staan nog heel veel vragen open, maar er komt een collegewerkprogramma aan en daarin worden veel onderwerpen uitgewerkt. Dan weten de samenleving en de raad waar we op gaan inzetten. Onze gezamenlijke missie van de gemeente Midden-Delfland spreek ik hierbij als burgemeester van deze prachtige gemeente ook nog eens even naar u en ons allen uit. De gemeente Midden-Delfland verbindt het groene landschap met de stedelijke omgeving. Met de gemeenschap werkt zij aan een betere kwaliteit van leven. Hierbij wil ik jullie nogmaals heel veel succes wensen en we gaan aan de slag. Dank u wel.
9.
Schorsing voor benoeming nieuw lid gemeenteraad en onderzoek door de commissie geloofsbrieven
De voorzitter: Met de benoeming van de heer Roeling tot wethouder is er een zetel in de gemeenteraad vrijgekomen en dat zien we ook gewoon, fysiek. Om die in te vullen dient de voorzitter van het Centraal Stembureau, de in aanmerking komende kandidaat te benoemen tot gemeenteraadslid. Als deze kandidaat de benoeming aanneemt, moeten zijn geloofsbrieven gecontroleerd worden door een Commissie Onderzoek Geloofsbrieven. Ik verzoek de leden Langeveld, Renzen en Vieira om hierin plaats te nemen. Ik schors de vergadering voor vijftien minuten voor de werkzaamheden van het Centraal Stembureau en de Commissie Onderzoek Geloofsbrieven. Ik zie u over vijftien minuten. Schorsing
10.
Toelating nieuw lid gemeenteraad
De voorzitter: Geachte raad, dames en heren. Het is zo dat we nu met een beetje mazzel rond 23.00 uur rond zijn. Ik kan melden dat zojuist de heer Van Oyen benoemd is tot raadslid door het Centraal Stembureau. Hij heeft zijn benoeming aanvaard. Het is nu aan de raad om een besluit te nemen tot het toelaten van het benoemde raadslid. Op grond van de Kieswet artikel V 4 is het aan de commissie vanuit de raad om de geloofsbrieven van de nieuwgekozen leden van de gemeenteraad te onderzoeken en een advies te geven over de toelating van het nieuwgekozen lid. De commissie bestaat uit de leden Langeveld, Renzen en Vieira. Als het goed is, zal mevrouw Langeveld de terugkoppeling aan de raad doen. Ik wil u vragen wat de bevindingen vanuit de commissie zijn. Aan u het woord. Mevrouw Langeveld: De commissie heeft zich gebogen over de geloofsbrieven van het benoemde raadslid. De toetsing is gebaseerd op de Kieswet en de Gemeentewet. We hebben op grond van de Gemeentewet beoordeeld of het door het Centraal Stembureau benoemde raadslid voldoet aan de vereisten zoals genoemd in de Gemeentewet. Deze vereisten zijn: inwoner van de gemeente, achttien jaar of ouder en niet zijn uitgesloten van het kiesrecht. Ook is bezien of het lid geen onverenigbare betrekking heeft, zoals bedoeld in artikel 13 van de Gemeentewet. Er zijn geen wettelijke bezwaren gevonden.