CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

2025 m 07 d 01 Vsl Raad

Gemeenteraad 23 september 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Verslag openbare vergadering 1 juli 202527.337 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 1 juli 2025, 19.30 uur. Voorzitter

: F.I. Noordermeer-van Slageren, burgemeester

Griffier

: A. de Vos

Aanwezig : de heer B.J. Ammerlaan (Mijn Partij), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma, (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP MiddenDelfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA) de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer H. Rodenburg (CDA), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig

:-

Tevens aanwezig: de heer M. Klijmij-van der Laan (vanaf agendapunt 1.b), mevrouw M. OderwaldRuijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders; dhr. H. Tetteroo, inspreker

1.

Opening van de vergadering

De voorzitter: Goedenavond geachte raad, college, griffier, maar ook zeker de mensen op de tribune en familie Klijmij, van harte welkom. De mensen thuis uiteraard ook van harte welkom. Gelukkig deed de apparatuur het twee minuten voor tijd weer. Ik was al bezig een procedure met handopsteken met jullie af te spreken vanaf het begin, maar dat zullen we gelukkig nu niet nodig hebben. Welkom. Vanavond hebben we de benoeming van onze nieuwe wethouder. We hebben financieel diverse onderwerpen staan en we kijken terug op vorig jaar met inzicht geven van waar we staan. Maar het hoofdgerecht van vanavond is vooral de kadernota. Ik open hierbij de vergadering. 1.a Benoeming de heer M. Klijmij-van der Laan tot wethouder De voorzitter: Allereerst, zoals gezegd, de benoeming van de heer Klijmij-van der Laan tot wethouder ter vervulling van de ontstane wethoudervacature. Per 16 juni jl. wordt de heer KlijmijVan der Laan uit Gouda voorgedragen voor benoeming. Een commissie uit uw midden, bestaande uit de heren Gebben, Ringeling en Roeling heeft namens de raad de geloofsbrieven onderzocht. Mijn vraag is even wie van u de raad de bevindingen kenbaar gaat maken. Ik zie dat dat de heer Gebben is. Aan u het woord.

De heer Gebben: Voorzitter, wij hebben voor de benoeming van de heer Klijmij één beletsel geconstateerd en dat is dat hij niet inwonend is, maar daar wordt in het raadsvoorstel al handen en voeten aan gegeven. Verder hebben we geen andere beletselen geconstateerd die een benoeming in de weg zouden kunnen staan. Dus wat dat betreft zijn wij akkoord. De voorzitter: Dank u wel. Dat is goed te horen want de raad heeft dan nu alle informatie over het voorliggend voorstel om de heer Klijmij te benoemen als wethouder met een tijdbestedingsnorm van 100%. Onderdeel van dit besluit is ook het verlenen van ontheffing van de eis van ingezetenschap, waar u net over vertelde. Er is geen sprake van een voorstel vanuit het college en dat betekent dat u als raad onderling zult discussiëren. Ik neem aan dat er vanuit de fractie OGP Midden-Delfland zal worden gereageerd, indien dat gewenst is. Is er iemand die hier nog het woord over wenst? Dat is even de vraag. Ik zie de heer Gebben van de VVD, aan u het woord. De heer Gebben: Voorzitter, nu in een andere rol, die van fractievoorzitter. De VVD wil de heer Klijmij hartelijk welkom heten in Midden-Delfland. We hopen in de korte periode die er nog rest op een goede samenwerking. Wij hopen dat hij de verbinding blijft zoeken met de raad.

1

Dit gezegd hebbende, willen wij toch nog even kijken naar de OGP Midden-Delfland. OGP MiddenDelfland claimt al jaren de enige partij in deze gemeente te zijn die echt lokaal geworteld is. Nu wordt voor de tweede keer op rij gekozen voor een wethouder van buiten de gemeente. Dat mag je op zijn minst zeer teleurstellend noemen. Temeer wanneer je bedenkt dat de enige partij die de afgelopen vier jaar een wethouder heeft gehad die inwoner was van deze mooie gemeente, de VVD is geweest. De partij die volgens OGP Midden-Delfland meer een landelijke partij is dan een lokaal betrokken partij. Mogen we hier dan nu even vaststellen dat dit tegendeel het geval is? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Gebben. Ik kijk even verder rond en ik zie geen andere lampjes… Ja, ik de heer Zwaard van het CDA. Aan u het woord. De heer Zwaard: Wij willen er een klein woordje aan wijden. 19 mei jl. werd bekend dat wethouder Bart de Leede vanwege gezondheidsredenen niet terug zou keren en kort daarop stelde de fractievoorzitter van OGP Midden-Delfland de heer Jongsma dat hij hoopte voor 1 juli a.s. een nieuwe wethouder te kunnen presenteren. Wij vonden dat, op zijn zachtst gezegd, nogal ambitieus want om op zo'n korte termijn een nieuwe wethouder te vinden, is nogal een uitdaging. Als CDA zijn we dan ook heel blij dat het gelukt is dat waar te maken.

Wij zijn blij met de voordracht van de heer Klijmij-van der Laan. Hij is een ervaren bestuurder die ons college weer volledig voltallig gaat maken. Wij wensen dan ook als CDA de heer Klijmij-van der Laan heel veel succes bij zijn werkzaamheden voor onze gemeente. Wij zien uit naar een prettige samenwerking. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Zwaard voor uw woorden. Ik zie overigens ook dat ik de lampjes niet allemaal goed kan zien. Ik zie ze ook graag goed. De heer Jongsma van de OGP Midden-Delfland, aan u het woord. De heer Jongsma: Voorzitter, namens OGP Midden-Delfland willen wij met name benadrukken dat we heel blij zijn dat Michel, mag ik wel zeggen, de nieuwe wethouder wil worden in MiddenDelfland. Hij past prima in het profiel dat wij zoeken. Hij sluit mooi aan op de portefeuille die OGP Midden-Delfland tot dusver had. Hij heeft er heel veel zin in. Dat vinden we allemaal belangrijke criteria. De VVD noemt een klein criterium waar we helaas deze ronde niet aan kunnen voldoen. Dat is jammer, maar vind maar eens iemand voor een korte periode om dit te doen. Daarbij wil ik ook nog even richting de VVD reageren door te zeggen dat er wel heel erg leuk gedaan wordt over dat wethouders uit de gemeente moeten komen, maar de vorige wethouder is juist nu degene die in een andere gemeente tijdelijk benoemd is als wethouder.

Dus ik zou daar toch iets genuanceerder naar kijken en gewoon kijken naar 'wat hebben we nu voor wethouder gekregen?' Laten we daar heel blij mee zijn en laten we proberen bij de eerstvolgende verkiezingen, over een kleine tien maanden een wethouder te zoeken die wel uit Midden-Delfland komt. Dat is ook primair onze wens, maar je kunt niet alles wensen. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jongsma, voor uw woorden. Dan kijk ik even of er behoefte is aan een tweede termijn. Die is er niet. Dat betekent dat wij gekomen zijn aan het einde van de beraadslagingen. De stemming zal, overeenkomstig de Gemeentewet, schriftelijk zal plaatsvinden. De Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven zal ook de Commissie Stemopneming op zich nemen. Dus ik wil diezelfde commissie uitnodigen om daar straks haar rol in te pakken. De stembriefjes worden nu uitgedeeld. De stembriefjes die zijn opgehaald en dat betekent dat ik voor een moment de vergadering schors en de commissie vraag haar werk te willen doen. Schorsing De voorzitter: Ik heropen hierbij de vergadering en ik kijk naar de voorzitter van dezelfde commissie, althans, als woordvoerder van de nieuw ingestelde commissie, de heer Gebben. Mag ik u het woord geven? De heer Gebben: Voorzitter.

Er zijn 17 stemmen uitgebracht, waarvan 16 voor de heer Klijmij hebben gestemd en één stem ongeldig is, dus mijnheer Klijmij kan benoemd worden.

2

De voorzitter: Dat is goed nieuws. Dank u wel. Dat is heel fijn want dat betekent dat we mijnheer Klijmij kunnen benoemen als wethouder en ons college weer compleet kunnen maken. 1.b Beëdiging wethouder De voorzitter: Maar daarvoor hebben we allereerst nog de beëdiging, dus mijnheer Klijmij, ik wil u vragen of u allereerst wilt plaatsnemen bij het spreekgestoelte want we willen ook nog echt even formeel van u horen of u de benoeming aanneemt. De heer Klijmij: Voorzitter, ik neem de benoeming aan. De voorzitter: Fantastisch, dan kom ik die kant op. Ik heb begrepen dat u niet alleen naar voren komt, maar ook de drie dochters bij de beëdiging hier bij het spreekgestoelte mogen aansluiten. Dan hebben we het over Yasmine, Hera en Valérie, de drie dochters. Ik wil jullie ook vragen om mee naar voren te komen. Dan gaan wij naar de beëdiging. In de Gemeentewet is bepaald dat een wethouder na het aannemen van de benoeming in de vergadering van de raad in handen van de voorzitter de eed of verklaring en belofte aflegt alvorens de functie te kunnen uitoefenen. Ik zie dat iedereen ondertussen staat, dat is uiteraard de bedoeling. Dan lees ik nu de belofte voor. 'Ik verklaar dat ik, om tot wethouder benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.

Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als wethouder naar eer en geweten zal vervullen.' De heer Klijmij: Dat verklaar en beloof ik! De voorzitter: Dank u wel. Dan mag ik u van harte feliciteren. Ik mag jullie vader feliciteren en jullie ook feliciteren, en de familie en dat doen we natuurlijk heel feestelijk met een bloemetje. Wat fijn dat we als college weer voltallig met volle energie deze periode verder kunnen met uw kennis en expertise. Ik hoop dat we met elkaar en met de supporters die hier aanwezig zijn, een goede tijd mogen hebben en mooie resultaten mogen boeken. (applaus) Papa moet natuurlijk eerst gefeliciteerd worden door zijn dochters, dat snappen we allemaal. Een bijzonder moment, nogmaals felicitaties voor de familie, ook voor mevrouw Klijmij en de drie dochters en de oud-collega's en andere aanwezigen. Er is nog veel werk te doen in onze gemeente en het is echt fijn dat we met de ervaring uit een andere gemeente het college met onze nieuwe wethouder kunnen versterken. Ik hoop, nogmaals, op een heel fijne samenwerking.

1.c Benoemen van wethouder in een extern bestuursorgaan De voorzitter: Dan is het zo dat we als gemeente Midden-Delfland in het kader van externe bestuursorganen de voordracht van de wethouder als vertegenwoordiger in het Bedrijvenschap Harnaschpolder voorstaan. Daar gaat de raad over. Met dit voorstel wordt hierin voorzien, voor zover het op grond van de onderliggende externe regeling de bevoegdheid van de gemeenteraad is bij het bedrijvenschap. Dat is het geval. Ik vraag of ik in eerste termijn iemand daarover het woord kan geven. Zo niet, dan zijn er geen beraadslagingen nodig en zal ik de stemming, overeenkomstig het bepaalde in de Gemeentewet, wederom op schriftelijke wijze laten plaatsvinden. Ook hier worden de stembriefjes weer toe uitgedeeld. Ik zie dat ook hierover de briefjes zijn opgehaald en ik schors de vergadering wederom kort voor enkele ogenblikken zodat de Commissie Stemopneming haar werk kan doen. Schorsing De voorzitter: Ik heropen hierbij de vergadering. Ik vraag weer aan de voorzitter van de commissie wat de uitslag is van de stemming. De heer Gebben, aan u het woord. De heer Gebben: Voorzitter, er zijn 17 stemmen uitgebracht en dat zijn 17 stemmen voor.

3

De voorzitter: Dank u wel. Ook dat is fijn en dat betekent dat met dit besluit wethouder Klijmij wordt voorgedragen als AB-lid van het Bedrijvenschap Harnaschpolder. Nu dit besluit is genomen, dank ik ook de Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven, annex Commissie Stemopneming voor haar werkzaamheden en ontbind bij dezen de commissie.

2.

Spreekrecht voor belangstellenden

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 2. Er heeft zich een inspreker gemeld en dat is de heer Tetteroo. Hij zal spreken namens de Stichting Batavier. Ik wil u graag uitnodigen – inderdaad, u wijst ook al die kant op – om naar het spreekgestoelte te komen. U wilt liever gaan zitten? Als dat zo is, zou u, wat mij betreft, even op mijn plek kunnen zitten. De heer Tetteroo, u kent wellicht de spelregels al lang, maar u heeft maximaal vijf minuten spreektijd en na uw inbreng zal ik aan de raad vragen of de raadsleden eventueel toelichtende of verduidelijkende vragen hebben voor u. Maar nu allereerst het woord aan u. De heer Tetteroo: Ben ik goed te verstaan zo? Oké, goed. Mijn naam is Henk Tetteroo. Om het meteen een beetje persoonlijk te maken, van Huize GrootGenoeg aan de Woudseweg. Ik vertegenwoordig de Stichting Batavier. Batavier staat voor Bewaking Afspraken Tracébesluit A4. Sinds 1976 ben ik actief, kritisch en betrokken bij het debat over wat destijds Rijksweg 19 heette en tegenwoordig de A4 Midden-Delfland is. Wij hebben door onze rapporten, acties en dergelijke de weg omstreden gemaakt. Een term die in dat verband wel eens valt, is dat het gaat om de weg van de meeste weerstand. De weg is er toch gekomen, maar veel beter ingepast en met veel compensatie. Voor dit werk heb ik in 2014 een Koninklijke onderscheiding gekregen.

In het boek Polderen over de A4, u ziet het hier, in 2019 uitgegeven door de Midden-Delfland Vereniging, staan alle bereikte resultaten op een rij. Als u als gemeenteraadslid het boek niet kent, kan ik het nog een keer van harte aanbevelen. Een prachtig boek. Een van de compensaties betreft het project Duurzaam Boer Blijven. Dit is erop gericht boeren in het gebied duurzamer te laten werken. Dit gebeurt onder leiding van de gemeente. Het is een prachtig voorbeeld van samenwerking tussen de gemeente en de meeste boeren. Af en toe spreek ik voorlieden van de boeren en die verklaren mij ook 'we zijn erg tevreden over de manier waarop de gemeente dit project leidt'. In de kadernota wordt nu het voorstel gedaan, zie de fiches 4 en 5, een deel van het IODS-geld anders te bestemmen. Ik neem aan dat dat alleen voor het komende jaar geldt, maar dat is niet helemaal duidelijk Als ik het goed lees, gaat het om € 90.000,00 voor salarissen, fiche 4 en 50% van € 173.000,00 naar recreatiegebieden, fiche 5. Ik pleit ervoor dat geld niet uit de IODS-pot te halen want: A. dat is destijds niet zo afgesproken. Afspraak is afspraak, overeenkomst is overeenkomst. B. Het zou een precedent kunnen vormen, een onwenselijk precedent ook, voor de komende jaren. En C. het zou afbreuk doen aan het vertrouwen onder de boeren.

Overigens denk ik dat het project Duurzaam Boer Blijven heel goed kan dienen als landelijk voorbeeld voor alle problemen die er in de landbouw in Nederland zijn. De gemeente doet er, mijns inziens, goed aan om het project nog veel meer dan tot nog toe gedaan is, uit te dragen. Dat is wat ik wilde zeggen en als er vragen zijn, wil ik daar heel graag op ingaan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel de heer Tetteroo voor uw betoog. Ik kijk even rond of er nog vragen zijn aan onze inspreker, de heer Tetteroo. Ik zie daar de heer Roeling van Mijn Partij, aan u het woord. De heer Roeling: We zijn het eens met de heer Tetteroo, met name waar het gaat over de salarissen van medewerkers. Mijn concrete vraag is de volgende. U gaat in op de beschikking van de minister die ooit die beschikking heeft toegestuurd. Ik vermoed zomaar dat niet alle collega's hier in de zaal bekend zijn met de beschikking. Kunt u iets meer toelichten wat die beschikking precies inhield? Met andere woorden, waar was de subsidie concreet voor bedoeld? Zodat we misschien dit soort omissies een volgende keer kunnen voorkomen. De voorzitter: Dank u. Gaat uw gang.

4

De heer Tetteroo: Er is dus heel veel geld… Laat ik om te beginnen zeggen dat de weg heel omstreden geweest is. Het rijk wilde met alle geweld, en dat kunt u bijna letterlijk nemen, dat die weg toch doorging. Omdat er heel veel tegenstand was, ook politieke tegenstand in wisselende meerderheden in de loop van de decennia, maar toch aanzienlijke minderheden of kleine meerderheden, is er gezegd 'we gaan proberen tegenstanders over de streep te trekken door een grote reeks van inpassingsmaatregelen, zoals de verdiepte ligging, dubbellaags zoab-asfalt, wanden die geluid absorberen, lantaarns langs de weg die niet boven de wallen uitsteken, dus inpassing. En compensatie met een hele reeks van maatregelen, onder meer het weghalen van het glas uit het gebied en ook het project om met een pot geld te stimuleren dat boeren in het gebied duurzamer zouden gaan werken. Afgesproken is dat dat onder leiding van de gemeente zou gebeuren. Dat is ook al jarenlang in gang, zoals ik al zei, tot volle tevredenheid van de meeste boeren. Ik geloof dat 90% van de boeren eraan meedoet. Dus dat is echt een prachtige verhouding. Misschien dat ik het niet heel specifiek beantwoord, maar dat is in het algemeen wat er aan de hand is. Bent u tevreden met het antwoord, of? De voorzitter: Dat is aan de heer Roeling. Ik kijk ook even naar de heer Roeling. Aan u het woord.

De heer Roeling: Ik durf bijna geen vraag meer te stellen. Maar kunt u kort aangeven over de beschikking van de minister, dus de brief die u en ik kennen, waarin is aangegeven 'joh, daar en daar moet je het aan besteden'. Dus niet de hele voorgeschiedenis, maar kort de beschikking van de minister waarin ze aangeeft wat de gemeente Midden Delfland dient te doen met het subsidiegeld. De heer Tetteroo: Uw vraag is redelijk en zinnig, maar ik heb het antwoord niet paraat. Maar ik denk dat als u het aan de betrokken ambtenaar vraagt, dat die die brief tevoorschijn kan toveren. Het zal gaan om een tekst van inmiddels twaalf à dertien jaar geleden. Dat heb ik ook niet paraat. Maar die tekst zal er zijn, dus mijn advies zou zijn: vraag het aan de betrokken ambtenaar. Ja? Akkoord? De voorzitter: Ik zie de heer Roeling daarop volgens mij bevestigend antwoorden en dat is daarmee het antwoord waarbij de uitslag op de beschikking van de minister nog even uitblijft, maar nagevraagd wordt. Dank u wel. Zijn er nog meer vragen voor de heer Tetteroo die betrekking hebben op zijn betoog? Zo niet, dan wil ik de heer Tetteroo van harte danken voor uw inspreken en u verzoeken om op de tribune of achter in de zaal plaats te nemen. Uw inbreng zal bij agendapunt 7 worden meegenomen.

3.

Vaststellen van de agenda

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 3, het vaststellen van de agenda. Kunt u instemmen met de agenda zoals deze voorligt? Zo ja, dan is die bij dezen vastgesteld. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Hamerstukken

4.a

Voorgenomen aankoop perceel

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 4, de hamerstukken en we hebben vanavond één hamerstuk voorliggen. Het perceel Kasteellaan 30 kan worden aangekocht en daar is uiteraard de instemming van de raad voor nodig. Daarbij is dit voorstel ook geaccordeerd.

5.

Jaarrekening 2024

De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 5 en dan zijn we aangekomen bij de bespreekpunten. Als eerste hebben we agendapunt 5, het voorstel tot het vaststellen van de Jaarrekening 2024. Met de jaarstukken 2024 legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad over het gevoerde beleid. Het college laat ook zien wat in 2024 is bereikt, wat daarvoor is gedaan en wat het heeft gekost. Namens de raad heeft de accountant de boeken ook gecontroleerd. Het college stelt aan de gemeenteraad voor om te besluiten tot het vaststellen van de Jaarstukken 2024 en om in te stemmen met het voorstel van de doorschuifbudgetten van het 5

jaar 2024 en in te stemmen met de bijlage bij het voorstel. Wie kan ik hierover het woord geven? Wie wil hier over het woord voeren? De heer Roeling van Mijn Partij, aan u het woord. De heer Roeling: Inmiddels hebben we inderdaad het accountantsverslag ontvangen. Prima, dat ontbrak nog. Het tweede puntje is dat we in de commissievergadering iets hadden aangegeven over het aantal fte per duizend inwoners en dat wij daar wat werk van zouden maken. Wij hebben gekeken naar vergelijkbare gemeenten, vergelijkbaar met Midden-Delfland. De meest vergelijkbare volgens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, is Ouder-Amstel. We hebben gekeken wat daar het aantal fte per duizend inwoners is. De ambitie van dit college is ruim 9 fte per duizend inwoners en Ouder-Amstel zit op 3,12 fte per duizend inwoners. We zijn nog in contact met die gemeente omdat ze daar ook andere vormen van samenwerking hebben. Dus daar zal het aantal fte wel iets door toenemen, maar voor ons is het wel duidelijk dat er een heel groot verschil is tussen de gemeente Midden-Delfland en de meest vergelijkbare gemeente, Ouder-Amstel. Dat is niet iets voor vanavond, maar dat is wel iets waar we in de nabije toekomst wel werk van willen maken om te kijken waar die verschillen zijn ontstaan. Misschien zijn er hele plausibele verklaringen voor maar op dit moment vinden we dat verschil wel erg groot.

Daar zullen we met name richting de begroting in november werk van maken. De voorzitter: Dank u wel de heer Roeling. Dan kijk ik rond om te zien wie er voor de eerste termijn nog meer het woord wil. Ik zie dat niet. Is er behoefte aan een tweede termijn? Zo niet dan gaan we stemmen en wil ik u verzoeken om uw stem uit te brengen. Ik sluit de stemming en ik zie dat de uitslag is dat het voorstel met 17 stemmen voor is aangenomen. Daarmee is het voorstel 100% geaccordeerd. Het voorstel wordt unaniem aangenomen. 6. Tweede periodieke Begrotingswijziging 2025 De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 6, het voorstel tot het vaststellen van de Tweede periodieke begrotingswijziging 2025. Periodiek wordt de raad een voorstel tot wijziging van de begroting gedaan. Deze Tweede periodieke begrotingswijziging voor 2025 sluit met een voordelig saldo van € 464.818,00. De raad wordt voorgesteld om de Tweede periodieke begrotingswijziging in 2025 vast te stellen. Wie wil hierover het woord voeren in de eerste termijn? Ik zie de heer Van der Eijk van de VVD en de heer Roeling. De heer Van der Eijk, voor u als eerste het woord. De heer Van der Eijk: Voorzitter, dit is gekomen door de bijraming die staat gepland voor de Trekkadebrug in Maasland. In 2020 hadden we de begroting vastgesteld en hadden we daar € 320.000,00 voor gebudgetteerd.

Nu stond er in stukken die wij in de commissievergadering hadden, dat daar nog € 150.000,00 bij moest, met ongeveer drie woorden aan onderbouwing. Voorzitter, dit is in onze optiek een niet-juiste invulling van de informatieplicht die het college heeft. Het college heeft een actieve informatieplicht. Dat is Gemeentewet artikel 169, lid 2 en 4 en Gemeentewet artikel 180, lid 2. Het college heeft in onze ogen hier verzuimd correcte informatievoorziening naar de raad te doen komen. Wij hebben geen keuzes gekregen. Wij hebben geen tussentijdse brieven gekregen. Ik heb nu twee bedragen. Ik vraag me nu werkelijk af: is dat alles wat die brug gekost heeft, of heeft die brug nog meer gekost? Dat is eigenlijk een vraag aan de wethouder, voorzitter. De keuzes voor de raad. In de raadsoplegger stond iets meer onderbouwing, maar keuzes had de raad niet. Zo waren er meer kosten voor beschoeiingen. De raad heeft ook geld vrijgegeven voor beschoeiingen in deze gemeente. ook in de begroting voor 2022. Dat had ook ingezet kunnen worden. We hadden ook in kunnen zetten op andere keuzes, zoals niet zover meegaan met eisen van Welstand. Het rijk doet dat ook. De HSL ging ook te veel kosten en toen zijn er ook Welstandseisen afgehaald, voorzitter. Dat had deze gemeenteraad ook kunnen doen, maar wij hebben de keuze niet gekregen. Er is ook indexatie.

Ik vind dat ook niet gek als het project twee jaar later begint en drie jaar later dan gepland is afgerond. Ja, dan heb je automatische indexatie te pakken en als dat niet wordt meegenomen in die budgetten, niet wordt gecommuniceerd met de raad en het grootste aantal

6

leden hier gewoon tekent bij het kruisje en zegt 'het is een mooie brug', vind ik dat een zeer magere onderbouwing. Het college kon natuurlijk niet zeggen 'het lag aan de raad want er moest budget gevraagd worden', want er is hier geen budgetvraag geweest. Het college had gewoon vol gas door kunnen pakken en in ieder geval een stuk indexatie kunnen ontwijken. Er is ook geen opgave van reden waarom de informatie nu wel gedeeld wordt. Kortom, de transparantie is ver te zoeken voorzitter. Tot zover mijn eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Eijk. Dan wil ik het woord geven aan de heer Roeling van Mijn Partij, aan u het woord. De heer Roeling: Ja, de Trekkadebrug, een mooie brug. Daar zijn we het in ieder geval over eens. Maar over de totstandkoming hebben wij in de commissievergadering ook gevraagd 'college, kijk eens hoe het zo heeft kunnen lopen en of daar ook een leermomentje uit te halen is'. Kijken we nu naar de reactie van het college na de commissiebehandeling, wordt er meer gezegd 'nou ja, het is een beetje tegengevallen, onvoorzien dit, onvoorzien dat'. Dat is niet echt het leermomentje dat wij ervan verwacht hadden.

De concrete vraag aan de wethouder is: hoe gaat hij dit soort dingen een volgende keer voorkomen? Wij zijn het namelijk wel met de VVD eens dat je dit soort dingen niet wegmoffelt in de lijst met verschillende kostenposten op de periodieke begrotingswijziging. Graag een reactie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling. Dan is de vraag vanuit de eerste termijn over de Trekkadebrug: hoe kunnen we dit de volgende keer voorkomen, met betrekking tot de kosten zowel als de informatie. Wie? Ik zie wethouder Voskamp voor de beantwoording. Aan u het woord. Wethouder Voskamp: Ja voorzitter, om maar met de deur in huis te vallen: dit is niet hoe het had moeten gaan. We hebben de periodieke begrotingswijziging waarin we wijzigingen doen. Dat zijn soms kleine bedragen, dat zijn soms zaken waar geen keuze aan vastzit. Als het wat grotere bedragen zijn, had er in ieder geval een betere onderbouwing bij moeten zitten. Bij nog grotere bedragen of bepaalde zaken waar keuzes bij zitten, hadden we er misschien een apart raadsvoorstel voor moeten maken. Dat hebben we hier niet gedaan. Dat is niet zoals het hoort en dat zullen we voor een volgende periodieke begrotingswijziging in ieder geval beter in de gaten houden en zorgen dat daar eerder op geacteerd wordt. Dat voor wat betreft de financiële kant.

Inhoudelijk is het wel even lastig omdat wij op dit moment weer compleet zijn, maar dit bij een wethouder lag die er een tijdje niet is geweest, waardoor we het overgenomen hebben. Dat zijn allemaal zaken die meegespeeld hebben in hoe dit uiteindelijk in een periodieke begrotingswijziging terecht is gekomen. Het betekent dat wij doorgegaan zijn met de uitvoering van de werkzaamheden, dat daar een aantal zaken vertraging opgelopen heeft, waardoor inderdaad bijvoorbeeld die pontonhuur extra gekost heeft. Er is bij een aantal zaken werk met werk gemaakt en daar is een besluit genomen om dat uit te voeren en daar via een periodieke begrotingswijziging geld voor te fiatteren. Dat is de uitleg, voorzitter. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Voskamp voor de beantwoording. Dan kijk ik nu even rond of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Ik wil als eerste het woord geven aan de heer Van der Eijk van de VVD. De heer Van der Eijk: Ik hoor het college wel zeggen dat het erkent dat er verbetering nodig is, maar dat het ook komt doordat er portefeuilles zijn overgenomen. Dat neemt niet weg dat er gewoon verantwoordelijkheid is voor de portefeuillehouder die die portefeuille als waarnemer overneemt. In de Tweede Kamer zijn er ook ministers opgestapt omdat zij verantwoording namen voor dingen die fout waren gelopen, wel drie ministers voor hen.

Dus ik vind dit wel een heel smal paadje. Zo meteen hebben wij een voorstel, voorzitter, waar het soms over € 1.000,00 gaat, over wel of niet een kerstboom. Hier gaat er € 150.000,00, voor zover bekend bij de raad, extra doorheen. De totale kosten komen hier nog niet op tafel. Als die er niet komen zo meteen, zal ik daar technische vragen voor aanwenden, voorzitter, onder artikel 42 zoals deze raad dat kent. Die verantwoording is het college wel verschuldigd aan de raad. Wij zullen dit voorstel niet steunen, voorzitter.

7

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Eijk en dan wil ik het woord geven aan de heer Jongsma van de OGP Midden-Delfland. De heer Jongsma: Dank u wethouder voor het beantwoorden en de toelichting op wat hier voorligt. Ik heb daar wel een opmerking bij. U geeft aan dat portefeuilles verschuiven, de VVD had het er ook even over. Maar goed, ik heb niet gehoord dat de ambtelijke organisatie ziek was of er niet was, dus op zich ga ik ervan uit dat er gewoon een projectleider op zo'n project zit. Als die gewoon zijn werk doet, zou er op zich niets aan de hand moeten zijn. Dus prima om dat meteen weer heel politiek te maken en het bij een wethouder neer te leggen, maar zo zit het ook niet helemaal. Volgens mij is het ook zo dat de ambtelijke organisatie hier scherper op moet zijn. Dat heb ik u ook al horen zeggen, dat hier in de toekomst scherper op dit soort projecten zal worden gezeten. Maar om dat nu voor een groot deel bij een wethouder neer te leggen die ziek is en er nu niet meer is, vind ik dan wel weer iets te ver gaan. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Van der Eijk van de VVD. De heer Van der Eijk: Ik vind dat de heer Jongsma zich wel heel makkelijk verschuilt achter een wethouder…. Ik heb nooit gezegd dat ik het schuif naar een wethouder die weg is. Het college is hier verantwoordelijk, te allen tijde. Welke wethouder er zit, maakt niet uit.

Als er iemand niet is, maakt dat niet uit, voorzitter. Het gaat erom dat het zittende college verantwoordelijk is voor het handelen van het college. Is de heer Jongsma dat met mij eens? De voorzitter: Dank u wel. de heer Jongsma, aan u het woord. De heer Jongsma: Ja voorzitter, op zich ben ik dat met de VVD eens. Natuurlijk is het aan het college om het allemaal zo goed mogelijk te doen. Maar ik vind het ook wel weer fijn aan dit college dat het gewoon kijkt hoe het de volgende keer beter kan. Dit is inderdaad niet goed gelopen. Dat hebben ze ook gezegd. Ik vind ook dat over het algemeen het college zich hierop verbeteren kan, een volgende keer. Laten we dat eerst afwachten en zien. Voor mij is het daarmee afgedaan. U kunt tegen deze periodieke begrotingswijziging stemmen, maar die brug ligt er en dit is al betaald, dus daar kun je dan niet zoveel meer aan doen. U kunt wel wat aan dat proces doen naar de toekomst toe, om inderdaad te bekijken hoe we dit niet weer zo doen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jongsma. Ik zie dat de wethouder Voskamp tot slot in de tweede termijn nog het woord wil voeren. De heer Voskamp. Wethouder Voskamp: Ja, voorzitter, ik ben begonnen met aangeven dat het niet gegaan is, zoals ze het had moeten gaan. Ik heb het niet als excuus willen gebruiken. Ik hoop ook dat u dat niet zo ervaart. Wij zijn hier als college voor verantwoordelijk.

Alleen als er één persoon mist, mis je ook een beetje scherpte in elkaar scherp houden. Dat betekent dat dat beter voor het voetlicht gebracht had kunnen worden, maar je mist dan ook iemand die op de inhoud zit en een ander even scherp kan houden op dit vlak. Dat is wat ik heb geprobeerd te zeggen. Wij zijn als college gewoon verantwoordelijk. Daar lopen we niet voor weg. We hebben aangegeven dat we dat de volgende keer anders zullen aanpakken. De voorzitter: Dank u wel wethouder Voskamp en ik zie een interruptie van de heer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Ja voorzitter, ik had de totale prijs van de brug gevraagd. Ik geef nog één gelegenheid om die vraag te beantwoorden. De voorzitter: De heer Voskamp. Wethouder Voskamp: Voorzitter, ik had die vraag als zodanig niet direct voor vanavond bedacht. Zoals u hem gesteld heeft, gaf u aan dat u uiteindelijk de prijs van het project zou willen weten en daar kunnen we u uiteraard over informeren. Dus dat zullen we doen. De voorzitter: Dank u wel. Dat betekent dat wij vanuit deze beraadslagingen nu overgaan tot besluitvorming. Ik wil u ook vragen om uw stem uit te brengen. De uitslag is 10 stemmen voor en 8

7 stemmen tegen. Daarmee is het voorstel tot het vaststellen van de Tweede periodieke begrotingswijziging 2025 aangenomen. Het voorstel wordt aangenomen met tegenstemmen van de fracties VVD en Mijn Partij. 7. Kadernota 2026-2029 De voorzitter: Dan gaan we nu voor vanavond over tot het hoofdgerecht, het voorstel tot het vaststellen van de Kadernota 2026-2029. Het college biedt u de Kadernota 2026-2029 aan, waarin inzicht wordt gegeven in de financiële ontwikkelingen en de opgaven waarvoor de gemeente staat. Vanwege rijksbesluiten zijn op lokaal niveau bezuinigingen noodzakelijk, zoals bekend. In de Kadernota 2026-2029 zijn de voorstellen tot bezuinigingen van het college opgenomen. De onderbouwing hiervan is opgegeven en vormgegeven in de vorm van de zogeheten fiches, maatregelen. Deze zijn als bijlage aan de kadernota toegevoegd. Daar heeft u allen niet alleen kennis van genomen, maar ook huiswerk aan gedaan. Dat betekent dat ik heel graag in de eerste termijn wil inventariseren wie hierover het woord wil voeren. Ik zie dat alle fractievoorzitters hun lampje daarbij aangeklikt hebben. Ik wil graag als eerste het woord geven aan de heer Zwaard van het CDA. De heer Zwaard. De heer Zwaard: Voorzitter, dank u wel. Voorafgaande aan de behandeling van de Kadernota 2026-2029 het volgende.

Het voor ons liggende jaar 2026 geeft ons behoorlijke financiële zorgen en het leidde tot een fors aantal voorgenomen bezuinigingen. Na behandeling in de commissie is door de heer Van Rijs het initiatief genomen om met andere fracties tot een constructief overleg te komen, voorafgaande aan deze raadsvergadering. Afgelopen donderdag is tijdens dit constructieve overleg overeengekomen om een serieus aantal amendementen, waar een meerderheid voor staat, gezamenlijk in te dienen. Als CDA zijn wij blij met de opstelling van alle fracties. Deze constructieve samenwerking heeft er mede toe geleid dat die amendementen waar een meerderheid voor is, gezamenlijk ingediend zullen worden, waarmee het debat overigens niet is doodgeslagen, want naast deze gezamenlijke amendementen en moties blijven er voldoende onderwerpen over waarover we met elkaar van gedachten kunnen wisselen. Wij waarderen het vele werk van de heer Van Rijs dat hij hierin gestoken heeft en dat heeft geleid tot dit resultaat. Dat waarderen we ten zeerste. Ik meen daarbij te mogen spreken namens alle fracties. De woordvoering over dit onderwerp namens het CDA zal gedaan worden door, u raadt het al, de heer Van Rijs. Ik geef hem nu graag het woord. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Zwaard en dan geef ik inderdaad het woord aan de heer Van Rijs.

De heer Van Rijs: Gedurende deze raadsperiode is de procedure van de voorbereiding voor het opstellen van de begroting verder ontwikkeld. In het derde achtereenvolgende jaar heeft het college een kadernota gepresenteerd en het CDA is tevreden met dit concept, waarbij de raad al voorafgaand aan het zomerreces aan het college kan aangeven waar de wensen voor de komende begroting liggen. Dit jaar is wel een bijzonder gedetailleerde kadernota opgesteld vanwege de lagere rijksbijdrage van de komende jaren. Met het ravijnjaar in zicht is er binnen alle gemeentelijke afdelingen heel hard gewerkt om mogelijke bezuinigingen in kaart te brengen. Wij spreken dan ook onze waardering uit voor het vele werk dat door de ambtenaren en het college is verricht. Het college heeft op basis van deze inspanningen een lijst opgesteld met bezuinigingen die wel en niet wenselijk zijn en vanavond besluiten wij over dit voorstel dat als input dient voor de begroting 2026-2029. Voor de raad was het wel een beetje een nieuw proces. Hoe gaan we om met de 82 voorgestelde maatregelen en de 54 af te raden opties? De meicirculaire biedt voor 2026 enige financiële ruimte omdat het ravijnjaar iets is opgeschoven, maar structurele uitgaven blijven lastig omdat er in latere jaren geen dekking meer is. Een van de grootste kostenposten blijft de jeugdzorg, waarvan de uitgaven jaarlijks blijven stijgen.

Samen met acht andere gemeenten werken we aan nieuwe contracten en bekostigingsmodellen met als doel om vanaf 2027 gezamenlijk € 25 miljoen per jaar te besparen. Voor Midden-Delfland betekent dit een verwachte besparing van ongeveer € 0,5 miljoen per jaar. Maar of deze besparing daadwerkelijk haalbaar is, blijft echt onzeker. Gezien de landelijke ontwikkelingen in de jeugdhulp maakt het CDA zich zorgen over de realiteitszin van deze inschatting. De combinatie van lagere 9

rijksbijdrage en oplopende jeugdzorgkosten vormt een serieuze uitdaging voor onze begroting. We zijn dan ook dankbaar voor de voorgestelde bezuinigingen, maar we moeten kritisch blijven bij het afwijzen van optionele maatregelen. Op basis van de laatste informatie van het rijk is er wel enige ruimte ontstaan en daarover hebben we als commissie, en nu als raad, intensief gesproken. Aan de hand van onze gezamenlijke uitgangspunten – vitale dorpen en duurzaam landschap, menselijke samenleving, sociale cohesie, goede dienstverlening en de Toekomstvisie 2050 – zijn we als raad unaniem tot de conclusie gekomen dat een aantal voorgestelde maatregelen niet wenselijk is. In een amendement dat ik namens alle fracties bij de griffie indien, worden de volgende maatregelen uitgesloten: sluiting van een van de twee kinderboerderijen, sluiting van het gemeentehuis op één dag per week, beperking van de bediening van de valbrug hier in Schipluiden, bezuiniging op onderhoud van speelvoorzieningen, bezuiniging op onderhoud van wegbermen, bezuiniging op baggeren, de reductie op subsidies voor zang en muziek, de reductie op subsidies voor kunst, cultuur en sociale verbinding, de reductie op subsidie voor de Stichting Welzijn Midden-Delfland en de eenmalige verhoging van de ozb met 2% in 2026.

Tegelijkertijd vragen alle fracties het college om de volgende, eerder afgeraden maatregelen, juist wel verder uit te werken. Dat zijn de volgende: de verhuur van een deel van de gemeentewerf aan Staatsbosbeheer en de verdere verduurzaming van het gemeentehuis met onder andere ledverlichting. Dit amendement is door alle fracties ondertekend. Tot slot wil het CDA aandacht vragen voor de vervoersservice de MUS. We zijn blij dat is besloten om deze voertuigen te vervangen, zodat inwoners in Den Hoorn, Schipluiden en Maasland hiervan gebruik kunnen blijven maken. Het college stelt echter voor om bij de introductie van die nieuwe voertuigen een ritprijs van € 2,00 in te voeren. De verwachte opbrengst is € 6.000,00 per jaar maar daar moeten dan de kosten nog van worden afgetrokken. Bovendien is nog onduidelijk hoe die ritprijs dan wordt berekend en de chauffeurs willen hier in ieder geval niet mee worden belast. Samen met OGP Midden-Delfland, D66 en VVD dient het CDA daarom een amendement in om geen ritprijs in te voeren voor de MUS. Tot zover onze bijdrage in de eerste termijn voorzitter, dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Rijs en dank ook voor de complimenten die u gegeven heeft aan het ambtelijk apparaat, alle ambtenaren die dit mee hebben opgewerkt, maar ook een compliment aan uzelf wat mij betreft, dat u met dit amendement als zes fracties tezamen bent opgetreden en onderling de afstemming heeft gezocht met elkaar. Het amendement hebben we in ontvangst genomen. Amendementen A is het amendement waarbij de fiches namens alle fracties zijn voorgesteld en amendement B is het amendement wat betreft de MUS, ingediend door het CDA, OGP Midden-Delfland, VVD en D66. Ik ga verder in de eerste termijn door het woord te geven aan de heer Roeling. De heer Roeling: Ik was eigenlijk bezig met een interruptie richting met name het kader dat het CDA zelf wil meegeven. Is 2026 sluitend? Is 2029 sluitend? Of zijn alle jaren sluitend? Dat was volgens mij een van de voorliggende vragen. Maar misschien kan de heer Van Rijs daar op een ander moment op terugkomen. Inderdaad, voorzitter, wij hebben graag meegewerkt om te komen tot een betere begrotingsbehandeling zodat de toon van de raad wat meer tot zijn recht zou komen. De amendementen zijn inmiddels ingediend. Voorzitter, wat was de aanleiding voor deze forse bezuinigingsronde? Dat was eigenlijk dat 2026 het ravijnjaar zou zijn. Dat hebben we volgens mij nog te danken aan de heer Rutte.

Die dacht 'tegen die tijd ben ik toch weg en dat er dan nog wat kosten richting gemeenten komen, maakt niet zoveel uit'. Daar is ook vanaf dag één naar gehandeld, met name dankzij onze medewerkers die de twee lijsten hebben opgesteld, u noemde ze al. Wij hebben daar ook graag aan meegewerkt. Maar als we nu kijken naar wat er werkelijk gebeurd is, kreeg het college eigenlijk de bezuinigingsopdracht 'we zullen toch richting € 3 miljoen moeten bezuinigen, willen we in 2026 enigszins goed voor de dag kunnen komen als gemeente'. Het college is inderdaad aan het werk gegaan, maar kwam toch nog € 0,5 miljoen tekort. Waarom benoemen wij dat, voorzitter? Omdat het college eigenlijk zegt 'we zijn aardig op weg gekomen met de € 3 miljoen, maar bij € 2,5 miljoen werd het een beetje lastig dus dat laatste € 0,5 miljoen aan bezuinigingen hebben we maar doorgeschoven naar de gemeenteraad'. Ik weet niet of dat de manier is, dat je zegt als college 'het wordt een beetje moeilijk, we schuiven het maar door'. Inmiddels weten we dat het 10

Gemeentefonds lief voor ons is geweest en we een extra uitkering gekregen hebben van € 1,7 miljoen voor 2026 en voor de jaren daarna ook nog. Feitelijk betekende dat dat het college gered was. Het hoefde niet te verantwoorden waar die laatste € 0,5 miljoen vandaan zou moeten komen. Wij als gemeenteraad hadden eigenlijk een plus van € 1,2 miljoen aan het eind van 2026. Wat is namelijk het geval, voorzitter? Het ravijnjaar 2026 zal niet plaatsvinden, het is nu ravijnjaar 2028 geworden. Dat hebben we in ieder geval in ons achterhoofd gehouden. Voorzitter, wij hebben inderdaad ook meegedaan aan de fiches. Wij hadden een beetje de vrees dat het toch een soort kwartetten zou worden met 'een beetje van die en van die', omdat er toch een surplus was richting eind 2026 en het dan toch wel verleidelijk is voor partijen om te zeggen 'nou, we kunnen toch moeilijk uitleggen aan onze inwoners dat we met een plus van € 1,2 miljoen afsluiten?' Daar is goed gebruik van gemaakt, voorzitter. Ook wij hebben daaraan meegedaan. Een paar voorbeelden, de heer Van Rijs noemde ze al, die ons ook wel aan het hart gingen waren het sluiten van een van de kinderboerderijen, de valbrug doordeweeks dicht, of zo goed als dicht. Dat zijn ook bezuinigingsvoorstellen die wij niet kunnen rijmen met de ambities en onze taak als gemeente Midden-Delfland.

Gelukkig waren we unaniem, begrijp ik inmiddels, van mening dat dat soort bezuinigingen vooral niet opgelegd moet worden aan onze inwoners. Met het amendement wordt het allemaal weer teruggedraaid, voorzitter. Wat is voor ons nog wel van belang? We hebben al aangegeven dat het het college, wat ons betreft, vrij staat om ook het straatwerk naar voren te halen. Dat is niet zozeer een financiële ingreep als er wel een boekhoudkundige omdat je dan investeringen die je over vier jaar verspreidt, naar voren haalt. We zijn benieuwd wat het college daarvan vindt want dat lijkt ons… We hebben het al eerder gezegd. Het is iets dat onze inwoners feitelijk elke dag ervaren, of moeten ervaren, dat het straatwerk niet naar behoren is. Een ander puntje is de toeristenbelasting. Er komt zo dadelijk ook nog een motie namens D66, uit mijn hoofd, waar we ook onze naam onder hebben gezet omdat dat, wat ons betreft, een begin is van een verbetering van hoe het nu gaat met de toeristenbelasting. Wij hebben het al eerder aangekaart, maar er eigenlijk nooit een concreet antwoord op gekregen, dat het invoeren van toeristenbelasting veel ongewenste, negatieve effecten heeft voor de bed and breakfastondernemers. Als we op deze wijze doorgaan, verdwijnt alle animo bij de ondernemers die nu een bed and breakfast voeren, maar zal er zeker in de toekomst niet één meer daaraan beginnen.

Dat zal ook verwoord staan in de motie die nog niet bestaat. Hij is formeel nog niet ingediend, maar ik vermoed dat dat soort teksten in de motie staan. Je weet het niet, maar het vermoeden bestaat. Voorzitter, ik kijk even met een schuin oog naar mijn collega want ik heb hier twee amendementen. Is het de bedoeling dat die nu ingediend worden of op een ander moment voorzitter? De voorzitter: Ik kan u aangeven dat het in de eerste termijn de bedoeling is om de amendementen in te dienen. Dat is de bedoeling. De heer Roeling: Wij hebben er twee gekregen, voorzitter, die in ieder geval alvast… De voorzitter: Al zou u er drie hebben, maar twee is ook goed. De heer Roeling: We hebben verder geen… Dat ging zonder discussie. Ik ga nu het dictum voorlezen, maar dat dictum gaat u heel vaak horen vanavond omdat dat steeds hetzelfde dictum is. Ik stel voor dat ik dat nu één keer doe en dat er vervolgens door anderen wat korter op in wordt gegaan, voorzitter. Ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: het beslispunt: "De gemeenteraad besluit om akkoord te gaan met de kadernota 2026-2029 inclusief alle voorgestelde bezuinigen, met uitzondering van de volgende fiches (bijlage 1 van de kadernota)," aan te vullen met: fiche 52 – openbare orde en veiligheid: kosten mediation." Het is ondertekend door ChristenUnie, OGP Midden-Delfland, CDA en ondergetekende. Het tweede voorzitter.

De heer Van der Spek zit hier een beetje met mij te dollen. Ik zal het kort houden: fiche 47, bezuinigingen Adviesraad Sociaal Domein. Met andere woorden: wij halen dat van de lijst af waarvan het college had voorgesteld om op te bezuinigen. Dat zijn die twee, voorzitter. Wij vinden het belangrijk dat 2026 in elk geval sluitend is. Dat is een van de kaders die wij dan meegeven. Wij snappen dat 2028 lastig zal worden. Het voordeel is hier wel bij dat we nu twee jaar de tijd hebben gekregen om daar als gemeente tijdig op te anticiperen. We denken dat 11

dat verder wel goed zal komen. Dus dank aan de regering dat ze toch extra geld hebben gegeven, zodat de kou uit de lucht is. Maar dat ontslaat ons er niet van en dat is ons persoonlijk streven als partij, om onszelf wel het kader mee te geven 'hoe kunnen we ervoor zorgen dat we minder afhankelijk zijn van de overheid, met name het Gemeentefonds, omdat dat nog wel eens fluctueert. De ene keer zeggen ze 'het is samen trap op, trap af' en de volgende keer zijn ze dat weer vergeten dus echt betrouwbaar zijn ze niet daar in Den Haag. Het is voor ons wel belangrijk dat we niet te vaak dit soort momenten willen hebben. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Roeling. U heeft zojuist de amendementen voorgelezen. Het is ook zo dat op basis van amendementen die voorgelezen en ingediend zijn in de eerste termijn waarover behoefte is om onderlinge afstemming te hebben, er een verzoek tot schorsing ingebracht mag worden. Dat wil ik even als spelregel toevoegen voor vanavond, zodat we zo constructief mogelijk de route lopen. We hebben een amendement C binnen en amendement D. Dank u wel de heer Roeling. Dan ga ik vervolgens door met het woord geven aan de heer Gebben van de VVD. Aan u het woord. De heer Gebben: Allereerst willen wij onze dank uitspreken richting ambtenaren en college. Er is veel werk verzet om deze kadernota tot stand te brengen.

In de commissie heeft de VVD al aangegeven content te zijn met de manier waarop de bezuinigingsplannen richting de raad zijn gecommuniceerd, waarvoor dank. Het is overduidelijk een grote opgave geweest, de zoektocht naar bijna € 3 miljoen aan bezuinigingen. De VVD pleit steevast voor financiële degelijkheid. Dat vinden wij belangrijk. Het is dan ook goed te constateren dat het college er, mede door de gunstig uitvallende meicirculaire, in lijkt te slagen tot een sluitende begroting te komen. Voor in te gaan op de daadwerkelijke invulling van de bezuinigingsplannen is het goed even te kijken hoe Midden-Delfland in deze situatie terecht is gekomen. Allereerst is er de verminderde uitkering uit het Gemeentefonds. Die is niet meer trap op, trap af, zoals de heer Roeling al zei, maar dat wordt tegenwoordig op een andere manier geregeld, zodat de fluctuaties wat minder groot zijn. Dat is fijn, denk ik. Het ravijnjaar zagen we al jaren aankomen en het mag dan ook geen verrassing zijn. De afgelopen weken is echter duidelijk geworden dat het rijk alsnog, zij het slechts ten dele, met geld over de brug is gekomen. Een deel van het gat van € 3 miljoen wordt inmiddels gecompenseerd. Dat is de reden dat wij vanavond niet over nog eens € 0,5 miljoen aan bezuinigingen hoeven te praten, maar dat we vooral gaan spreken over het terugdraaien van € 850.000,00 aan bezuinigingen.

Dat is natuurlijk prettig, maar het laat onverlet dat we nog steeds aankijken tegen een bezuiniging van iets meer dan € 2 miljoen. Dat is fors. Dit gat is voor een groot deel toe te schrijven aan het Sociaal Domein en dan in het bijzonder de jeugdhulp. De jeugdhulp blijft het rupsje-nooit-genoeg van de gemeentelijke begroting. Zij vormt inmiddels by far de grootste kostenpost met het grootste tekort. Ook het afgelopen jaar is er weer € 500.000,00 overschrijding. We betalen inmiddels per jaar meer dan € 10.000,00 per jeugdhulpbehoevende. Dat is eigenlijk niet meer uit te leggen. Deze kraan moet worden dichtgedraaid. Wat de VVD betreft, zou dan ook het grootste deel van de taakstelling hier moeten worden neergelegd. Als gemeente zijn wij nu, door hulp van het rijk, er nog goed van afgekomen, maar laten we desondanks stevig gewaarschuwd zijn. Nu kunnen we een tekort nog afwentelen, maar het is de vraag of dit de volgende keer weer zal lukken. De uitgaven in het Sociaal Domein moeten beteugeld worden. Wij begrijpen echt wel dat het niet van het ene op het andere moment geregeld kan worden, maar laten we komend jaar eindelijk eens beginnen met het veelgehoorde normaliseren van de jeugdzorg. Het is absurd dat wij omwille van de openeinderegeling alles maar moeten vergoeden waar om wordt gevraagd. Wij hebben als gemeenteraad veel meer in de melk te brokkelen dan wij denken.

Als raad moeten we zelf paal en perk stellen, en dat kan. Laten we de verordening dan ook zo aanpassen dat wij alleen die zaken vergoeden waarvan wij vinden dat ze echt noodzakelijk zijn. En ja, dat gaat tot moeilijke keuzes leiden. Dat is onvermijdelijk. Het is echter naïef om te blijven zeggen dat elk kind recht heeft op de zorg waar het om vraagt en verder nooit meer achterom te kijken. Nu de andere bezuinigingen, voorzitter. Kijken we naar de uitgangspunten van de kadernota, dan zijn deze duidelijk. Die onderschrijven wij ook. De VVD ziet het belang van de sociale cohesie in onze dorpen, het belang van het open, groene veenweidegebied en het belang van de veiligheid. Ook zien wij de noodzaak tot versnelling van de permanente woningbouw. Dit lukt helaas niet als 12

het college maar tijd en capaciteit blijft steken in een azc en flexwoningen. Dus wat de VVD betreft, stopt het college hier meteen mee. De VVD constateert verder dat op veel kostenposten de kaasschaafmethode van 6,2% wordt toegepast. Dat is op zich begrijpelijk. Daar waar het kan, moet eenieder zijn steentje bijdragen. De VVD is blij dat door de relatieve meevaller in de meicirculaire een aantal vervelende maatregelen na goed, constructief overleg binnen de raad kan worden teruggedraaid. Wij zijn vooral blij met het terugdraaien van de ozb-verhoging. Gelukkig heeft de rest van de raad naar ons pleidooi geluisterd en zich gerealiseerd dat dit, voor nu, geen goed idee is. Ook is het fijn dat veel van de kleine bedragen met grote impact, zoals bezuinigingen op SWMD, de bibliotheek, de kinderboerderij en de muziekverenigingen, kunnen worden teruggedraaid. Dat stemt ons tevreden. Wij hebben meegetekend met een aantal van de daarvoor opgestelde amendementen en die zullen we natuurlijk ook steunen. Toch zijn er zeker nog zaken waar wij minder gelukkig mee zijn. Om te beginnen het gebrek aan aandacht voor onze ondernemers. Dat vindt de VVD echt een grote tekortkoming van dit college. Dit college vindt dat voor alles en iedereen zaken goed geregeld moeten zijn, liefst met één aanspreekpunt en één loket.

Dit geldt voor de jeugdzorg, de statushouders, het armoedebeleid, de energietransitie en de WMO. Echter, als het om onze ondernemers gaat, lijkt dit maar niet te lukken. De ondernemers staan al een paar jaar in de kou. Wat de VVD betreft, blijven ze daar niet staan. Onze ondernemers zijn zeer belangrijk, niet alleen voor de werkgelegenheid, maar ook voor de leefbaarheid in onze dorpen en de vitaliteit van onze verenigingen. Wie zijn immers de trouwe sponsoren van veel verenigingen en clubs? Het is voor de VVD dan ook onbestaanbaar dat wij geen aanspreekpunt en belangenbehartiger meer krijgen voor onze ondernemers, en dat alleen met het argument dat de vacature niet vervuld kan worden. Onbegrijpelijk. Wij zien dan ook graag dat alsnog alles in het werk wordt gesteld om de bedrijfscontactfunctionaris in stand te houden of weer in stand te brengen. Wij hebben getwijfeld tussen een amendement en een motie hierover, maar we hebben samen met de OGP Midden-Delfland en de ChristenUnie voor de eerste gekozen, omdat het in onze ogen allereerst belangrijk is dat het geld hiervoor beschikbaar blijft. We hopen dat het college daardoor extra aangemoedigd wordt deze vacature alsnog opgevuld te krijgen. Enige creativiteit daarbij is, wat ons betreft, altijd bespreekbaar. Ik zal het dictum nog even voorlezen en ik doe de verkorte versie.

Het gaat om het niet opnemen van fiche 81, formatie vacatures nietwettelijke taken bedrijfscontactfunctionaris. Ik ga ze straks naar u brengen, voorzitter. Zoals reeds gezegd wordt op veel kostenposten de kaasschaafmethode van 6,2% toegepast. Wij nemen echter waar dat het college dit op heel veel plekken doet, maar de sociale zekerheid nagenoeg ongemoeid laat. De standaardargumentatie die hierbij gebruikt wordt, is dat de aanpassing steevast leidt tot hogere kosten op langere termijn. Het is een reflex die we bij veel bezuinigingen zien, maar die eigenlijk nooit gestaafd wordt met harde getallen en feiten. Als je de lange lijst met subsidieregelingen met betrekking tot sociale zekerheid op een rijtje ziet, is dat best even schrikken. Wat de VVD betreft, zou het verstandig zijn hier eens een keer kritisch naar te kijken. En nee, dat betekent niet dat alles klakkeloos overboord moet, maar eenvoudigweg te stellen dat aanpassing tot problemen leidt, is ons te gemakkelijk. Werken moet altijd lonend blijven. Daarom zou het verstandig zijn hier eens serieus naar te kijken, zeker in samenhang met de armoedeval. Het mag niet zo zijn dat mensen in een uitkering blijven hangen omdat dit simpelweg meer zekerheid geeft. Bijspringen als gemeente is helemaal niet erg, maar het moet wel effectief zijn.

Bij het op een rijtje zetten van regelingen die wij als gemeente financieren, bleek ook dat wij als gemeente betalen aan het juridische proces van gezinshereniging voor statushouders. Het blijkt te gaan om een verbeterde uitvoering ervan. Dit is natuurlijk heel aardig van onze gemeente, maar absoluut niet noodzakelijk. Voor deze procedure is al een bestaande oplossing en deze kostenpost van € 6.375,00 kunnen wij dan ook makkelijk vrijspelen. Wij hebben daarom, samen met Mijn Partij een amendement opgesteld om deze besparing alsnog opgevoerd te krijgen. Het dictum is een beetje anders, maar het gaat erom dat fiche CB – Inburgering Vluchtelingenwerk opgenomen wordt op de lijst van bezuinigingen. Het bestaansrecht van onze gemeente. Onze gemeente bestaat niet alleen bij het open en groen houden van ons veenweidegebied, maar ook bij de slagvaardigheid van ons bestuur. Hiervoor is een goed ambtenarenapparaat essentieel. Al jaren moet Midden-Delfland het vooral hebben van jonge, enthousiaste aanwas. Het is dan ook belangrijk dat wij als werkgever aantrekkelijk blijven voor deze groep werkzoekenden. Een goed programma, speciaal gericht op deze groep, is daarom ook belangrijk. Wij vinden dan ook dat het budget hiervoor gehandhaafd moet blijven. Wij staan 13

hierin niet alleen, ook het CDA en OGP Midden-Delfland zijn deze mening toegedaan. Met hen hebben we dan ook een amendement opgesteld. Het amendement heet Jong Midden-Delfland en het gaat om het niet uitvoeren van fiche 67, budget Jong Midden-Delfland. Onze inwoners zullen zeker wat gaan merken van deze bezuinigingen. De lasten voor veel inwoners zijn al hoog en daar waar wij die kunnen beperken, zullen we dat altijd proberen. Naast de begroting hebben we dan ook gekeken naar de hoogte van de heffingen. Bij de afvalstoffenheffing zien wij een kostenpost van € 52.000,00 voor elektrische vuilniswagens. Deze kosten moeten worden doorberekend naar onze inwoners en dat vinden wij op dit moment niet zo'n goed idee. De VVD ziet graag, samen met het CDA, Mijn Partij en de ChristenUnie, dat deze elektrificatie voor Midden-Delfland voorlopig wordt uitgesteld en daarvoor hebben wij geen amendement, maar een motie opgesteld. Ik zal het dictum voorlezen. Verzoekt het college om in het kader van de dienstverleningsovereenkomst met Avalex de introductie van elektrische vuilniswagens vooralsnog uit te stellen. Hetgeen een jaarlijkse besparing oplevert van € 52.000,00 op de afvalstoffenheffing. Ten slotte. Het is wel erg jammer dat de kerstboom in Schipluiden alsnog is gesneuveld. De meerderheid van deze raad blijkt niet bereid deze € 3.000,00 nog langer op tafel te leggen.

De VVD gaat er dan ook van uit dat er de komende kerst geen kerstboom in Schipluiden zal staan, zodat iedere Schipluidenaar voor de verkiezingen daar de resultante van kan zien. Als allerlaatste, voorzitter, laten we hier ook nog even vaststellen dat bezuinigen ook zit in het niet doen van onnodige uitgaven en in het doen van onnodige uitgaven is deze coalitie best sterk. De afgelopen jaren hebben ze namelijk een aanzienlijke som geld uitgegeven aan het realiseren van een azc. Veel meer geld dan we kwijt zijn voor een kerstboom in Schipluiden en geld dat we nu goed hadden kunnen gebruiken. Wat de VVD betreft, zonde van het geld. Kappen hiermee. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Gebben. En genoteerd zijn motie 1, het uitstel van de inzet van elektrische vuilniswagens en vervolgens de amendementen. Dan wil ik door naar de volgende spreker in de eerste termijn en dat is de heer Vieira van D66, aan u het woord. De heer Vieira: Voorzitter, ook wij sluiten ons aan bij eerdere sprekers wat betreft de dank aan iedereen die gewerkt heeft aan de opmaat van wat voor ons ligt. Er is inderdaad bijzonder goed gewerkt binnen onze raad om tot al deze punten, fiches en amendementen en moties te komen. In het bijzonder veel dank aan de heer Van Rijs die daar namens ons allen veel werk in heeft gestoken.

Dankzij dit goede overleg ligt hier nu een evenwichtig pakket aan maatregelen. Ik ga hierbij door naar de inhoud van de punten die wij hebben. Even los van de punten, blijven wat D66 betreft de uitgangspunten hetzelfde. Wij willen een gemeente die financieel gezond is, niet specifiek voor één jaar, maar bij voorkeur meerdere jaren. We komen nu met allemaal voorstellen. Het is natuurlijk lastig na zo'n avond te overzien van alles wat dat aan het einde betekent, dus wij verwachten wel van het college terug als we de begrotingsbehandeling hebben wat dat precies behelst. Zeker op korte termijn willen we rondkomen, maar wij verwachten in ieder geval advies van het college. Verder vinden wij het belangrijk dat er in ieder geval goed geïnvesteerd wordt in onze sterke sociale basis, cultuur, duurzaamheid en kansen voor iedereen. Daarbij vinden we het met name belangrijk om kwetsbare groepen te ontzien en te zorgen dat voorzieningen overeind blijven, zodat zij ook in de samenleving kunnen blijven deelnemen in de vorm van onderwijs of werk, waardoor ze inderdaad niet in een uitkeringssituatie blijven zitten, waar eerder aan gerefereerd werd. Er is een aantal moties en amendementen al voorgelegd, maar ik heb hier een hele reeks die wij in verschillende combinaties hebben opgesteld. Ik start eerst met wat amendementen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=99dc4a05-208f-49a7-b8e9-86eb171d06bb