CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

2025 m 06 d 24 Vsl Raad

Gemeenteraad 23 september 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Verslag openbare vergadering 24 juni 202511.052 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 24 juni 2025, 19.30 uur. Voorzitter

: de heer E.N.H. Roeling (vicevoorzitter)

Griffier

: A. de Vos

Aanwezig : de heer B.J. Ammerlaan (Mijn Partij), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma, (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer H. Rodenburg (CDA), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig : F.I. Noordermeer-van Slageren, burgemeester, de heer J. van der Eijk (VVD), de heer R.E. Vieira (D66) Tevens aanwezig: mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders; mw. M. van Velzen, inspreker

1.

Opening van de vergadering

De voorzitter: Goedenavond. Welkom bij deze raadsvergadering van 24 juni 2025. U zult denken 'een ander gezicht?' De burgemeester heeft een heel goed excuus om hier vanavond niet aanwezig te zijn. Haar dochter ontvangt vandaag haar bul, weliswaar in Amsterdam. Dus ze is vandaag trotse moeder en geen voorzitter van de raad. Dus mag ik dat doen. We hebben we nog twee berichten van verhindering, van de heer Van der Eijk en de heer Vieira. Dus laten we beginnen.

2.

Regeling der werkzaamheden

De voorzitter: Agendapunt 2. Dat is de regeling der werkzaamheden. Dan hebben we eerst 2.A. Dat zijn de brieven van het college. Heeft u nog een ander voorstel voor de afhandeling hiervan? Nee. Dan hebben we de lijst 2.B Brieven van derden. Heeft u daar nog een ander voorstel voor voor de afhandeling? Ik zie de heer Jongsma. De heer Jongsma: Dat is fijn, voorzitter, dat u mij ziet. Ik wil wat vragen over brief B-25095, de brief van de inwoners inzake Verkeersituatie Zouteveenseweg Schipluiden. Daar staat nu dat hij door het college wordt afgedaan, maar ik zou het wel op prijs stellen dat wij als raad daarover geïnformeerd worden. Daar moeten we dan expliciet om vragen, anders gebeurt dat niet. De voorzitter: Wilt u een reactie van het college en die dan mogelijk agenderen? Hoe ziet u dat voor zich? De heer Jongsma: Ik zie het als volgt. Ik zou graag meegenomen worden zodat, als de inwoners worden beantwoord, wij een kopie van die brief krijgen. Op die manier, ik hoef dat niet meteen te agenderen. Ik wil het eerst lezen en dan kunnen we daarna altijd nog besluiten om het te agenderen. De voorzitter: Prima. Ik zie geen anderen op dit punt. Dan zullen we dat doorgeleiden naar het college, mijnheer Jongsma. Dan krijgen we 2.C. Dat is de beantwoording van de schriftelijke vragen volgens artikel 42 van het Reglement van Orde.

Er staat één vraag en antwoord bij en dat zijn vragen van de heer Van der Spek. Mijn vraag is: geeft deze beantwoording aanleiding tot nadere vragen? Ik zie uw naam, de heer Van der Spek. De heer Van der Spek: Ik heb één aanvullende vraag. Er wordt over de brug in de kern gesproken over herstel op korte termijn. Nu is dat voor mij een ruim begrip, gezien de situatie van de brug en ook gezien de aankomende zomer en het feit dat de jonge kinderen weer gebruik gaan maken van 1

de brug en dergelijke. Mijn vraag is: kan het college aangeven wat die korte termijn is omdat we wel zorgen hebben, omdat we wel een veilige brug willen hebben voordat er eventueel ongelukken kunnen gebeuren. Dat was mijn aanvullende vraag. De voorzitter: Dank u wel. Wie van het college? Wethouder Oderwald. Wethouder Oderwald: Een vraag over wat dan precies korte termijn is. Ik heb op dit moment niet meer informatie dan wat hier in de brief staat. De actuele uitvoering van werkzaamheden heb ik niet op mijn netvlies, maar korte termijn betekent zeker dat het vroegtijdig gebeurt en zo snel mogelijk. Ik denk dat de heer Van der Spek mij weet te vinden als dat niet tijdig zou zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Spek knikt. Dan is dat ook opgenomen in de notulen. Anders moet u uw hoofd schudden, mijnheer Van der Spek. Lijst A, B en C worden ongewijzigd vastgesteld.

3.

Spreekrecht voor belangstellenden

De voorzitter: Het volgende agendapunt en dat is het spreekrecht voor belangstellenden. Daar heeft zich iemand voor aangemeld, dat is mevrouw Van Velzen. Ik verzoek mevrouw Van Velzen om haar inspraak te houden. Mevrouw Van Velzen: Geachte voorzitter, raadsleden en aanwezigen. Dank u wel dat ik vanavond kort het woord mag voeren namens een groep bezorgde buurtbewoners uit Den Hoorn. Wij willen graag onze zorgen delen over de plannen voor een nieuw schoolgebouw voor de Mariaschool aan het Oranje-Nassauplein in Den Hoorn en de verkenning voor mogelijke bouw van extra woningen of appartementen op het perceel. Vooropgesteld, we zijn niet tegen een nieuwe school en begrijpen de behoefte aan woningen maar de impact op onze directe leefomgeving is groot en daarover maken wij ons zorgen. Met betrekking tot de verkeersveiligheid en parkeerdruk. De verkeerssituatie rond de school is nu al intens en leidt tijdens breng- en haalmomenten regelmatig tot onveilige situaties. Uitbreiding van de school met meer lokalen betekent mogelijk meer leerlingen, meer personeel en dus meer verkeer. Komt daar misschien woningbouw bij, dan neemt de druk op de beperkte ruimte in de wijk alleen maar verder toe. De parkeerdruk is nu al voelbaar. De school beschikt niet over eigen parkeergelegenheid, waardoor ouders en personeel uitwijken naar omliggende straten.

Zonder structurele uitbreiding van parkeervoorzieningen zullen vergroting van de school en extra woningen onvermijdelijk leiden tot meer parkeerproblemen. Wij doen daarom een dringend beroep op u om verkeersveiligheid en parkeergelegenheid als harde randvoorwaarden in de plannen op te nemen. Dit mag geen bijzaak zijn. Mogelijk maakt dit woningbouw op deze plek zelfs onwenselijk. Dan met betrekking tot het behoud van groen. De karakteristieke platanen en andere bomen in het kleine parkje zijn essentieel voor de leefkwaliteit in onze wijk. Dit stukje groen biedt verkoeling, speelruimte voor kinderen, trekt vogels aan en draagt bij aan het algemeen welbevinden. In een tijd waarin verstening toeneemt, is het behoud van dit groen niet optioneel, maar noodzakelijk. Wij pleiten er daarom met kracht voor om het parkje en de bomen volledig te behouden in de plannen. Dan met betrekking tot gebruik van de gymzaal door verenigingen. In de commissievergadering gaf de wethouder aan dat de gymzaal ook door verenigingen gebruikt kan worden. Dat baart ons zorgen. Extra verkeer, geluid en parkeerdruk in de avonduren en het weekend zullen onvermijdelijk leiden tot overlast in een buurt die dan juist rust nodig heeft. Bovendien merken we dat de overlast door hangjongeren in de avond- en nachturen de laatste jaren toeneemt, en flink, wat de leefbaarheid verder onder druk zet.

Wij vragen u daarom dringend om de gymzaal uitsluitend voor schoolgebruik te bestemmen. Dan met betrekking tot de impact op onder andere de privacy. De geplande bouwhoogte van twee verdiepingen, direct tegenover onze woningen, roept zorgen op over inkijk, verlies van privacy en mogelijke schaduwhinder in woningen en tuinen. Wij vragen u daarom dringend om in het ontwerp rekening te houden met hoogte, afstand tot omliggende bebouwing en oriëntatie, zodat het wooncomfort en de privacy van omwonenden behouden blijven. Tot slot, wij vragen om open, eerlijke en tijdige communicatie met alle omwonenden. Tot nu toe kwam informatie pas na ons eigen initiatief en ingrijpende wijzigingen in de plannen zijn daarna

2

niet meer gedeeld. Bewoners mogen niet het sluitstuk zijn bij ingrijpende beslissingen over hun eigen leefomgeving. Dit vraagt om openheid en betrokkenheid vanaf het begin. Samenvattend vragen wij u: – Neem verkeersveiligheid en parkeerdruk serieus. – Behoud het bestaande groen, de bomen en het parkje. – Beperk het gebruik van de gymzaal tot schoolactiviteiten. – Houd rekening met de privacy van omwonenden bij het ontwerp. – En zorg voor tijdige, transparante communicatie met de buurt. Dank u wel voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Velzen. Als u even wilt blijven staan, kijken we of er vragen zijn uit de gemeenteraad. Ik zie mevrouw Langeveld. Mevrouw Langeveld: Allereerst heel erg bedankt voor het inspreken. Ik ben even heel erg benieuwd want u heeft het over het spelen van de kinderen in het parkje. Ik ken die omgeving vrij goed. Wat bedoelt u precies met waar de kinderen spelen? Ik zie de kinderen vooral spelen op het schoolplein. Bedoelt u met dat parkje de vijver? Of bedoelt u iets anders met het parkje? Mevrouw Van Velzen: Een goede vraag, dat heb ik inderdaad niet gespecificeerd. Eigenlijk gaat het om allebei. Sowieso natuurlijk waar de vijver is, daar spelen heel veel kinderen. Mijn eigen kinderen spelen daar wel eens met bootjes en ze hengelen er en dat soort zaken.

Maar het gaat ook om de schaduw die het parkje geeft, het groen dat zich daarnaast bevindt, dus de strook groen tussen de vijver en de school, naast het wandelpad, ertussen. Daar staan nog heel veel bomen, die ook voor heel veel schaduw zorgen. Als kinderen daar spelen, geeft dat een groene omgeving, het geeft schaduw. Ze kunnen zich verstoppen. Ze spelen ook verstoppertje in dat stukje groen. Dat ligt eigenlijk tussen de vijver en de school in. Dus het gaat eigenlijk om het stuk vanaf de school tot en met het einde van de vijver. Ik zou pleiten voor het hele stuk. De voorzitter: Ik zie ook nog mevrouw Koppert met een vraag. Mevrouw Koppert: Allereerst dank voor het inspreken, een helder betoog. Ik heb nog een vraag over de communicatie. U vraagt om open, eerlijke en tijdige communicatie. Kunt u aangeven wat u onder de communicatie verstaat? Is dat alleen 'als er iets gebeurt, willen wij op de hoogte gehouden worden'? Of heeft u een bepaalde vorm van participatie op het oog? Mevrouw Van Velzen: Dank u wel voor de vraag, het is inderdaad waar dat ik dat ook op het oog heb. Wij hebben ook betrokkenheid en participatie en inspraak op het oog. Ik spreek niet namens mezelf alleen, maar voor de hele buurt eromheen. Het is niet alleen eenzijdige informatie, maar we willen graag vanaf het begin betrokken worden want wij kunnen vertellen hoe het is om daar te leven.

Dus ik denk dat de informatie van ons ook heel relevant is voor jullie besluiten. Dus ik denk dat het inderdaad twee kanten op fijn zou zijn. Beantwoordt dat uw vraag? De voorzitter: Mevrouw Koppert knikt, dus we nemen aan van wel. Anderen? De heer Ringeling. De heer Ringeling: Dank voor het inspreken. Tijdens uw betoog had u het over de aansluiting op de communicatie. Maar u zei ook 'communicatie naar alle inwoners, of alle betrokkenen'. U zei het een beetje anders hoor, dan ik het nu zeg, maar daaruit concludeer ik dat u misschien bang bent dat die communicatie zich tot een beperkte groep zal richten. Klopt dat? En vanwaar die vrees eigenlijk? Mevrouw Van Velzen: U zegt 'waarom de vrees dat we niet betrokken zouden worden?' En 'waarom alle buurtbewoners?' Daar kan ik wel iets over vertellen. We hebben al eerder, al anderhalf jaar geleden, denk ik zo, met Marcel Versteeg gesproken met een aantal buurtbewoners. Maar het blijkt dat het verhaal dat toen werd neergezet, nu een heel ander verhaal is geworden. Dat is eigenlijk ook nooit teruggekoppeld naar ons. Wij zijn een aantal keer op gesprek geweest. Dat was ik met twee andere buurtbewoners, we waren met zijn drieën. We hebben daar heel goede gesprekken gehad en er werd geluisterd. We werden ook weer uitgenodigd om plannen te bekijken. Dat zou het dan worden. Nu, anderhalf jaar later, ligt er iets heel anders, dat op zich nog 3

niet definitief is. Maar het is wel gek dat het heel anders is en wij niet meer betrokken zijn. Dus dat is de reden dat de vrees er is. Wij hebben dit met zijn drieën opgestart. Ik ben wel langs de deuren gegaan en heb ook gevraagd 'goh, wat vinden jullie ervan?' Iedereen die ik sprak, stond erachter dat wij dat zouden gaan doen. Maar dan nog, wij zijn maar met zijn drieën en andere mensen willen ook graag weten wat er wordt besloten en die willen ook graag inspraak, dus het is niet alleen wij met zijn drieën. Ik hoop dat ik zo uw vraag goed heb beantwoord. De voorzitter: We krijgen nog een nabrander van mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Ja, als mijnheer Ringeling zo'n goede vraag stelt, heb ik nog een nabrander daarna natuurlijk. U geeft aan 'we hebben anderhalf jaar geleden goede gesprekken gehad met de heer Versteeg maar de plannen zijn nu heel anders'. Kunt u aangeven wat het heel anders is, in uw beleving? Mevrouw Van Velzen: O, dan moet ik heel even goed nadenken. Ik zou willen dat ik hulp van de publieke tribune mocht vragen, maar er is me verteld dat dat niet mocht. Even kijken, wat er heel anders is? Sowieso komt er een gebouw met twee verdiepingen. Dat is al heel anders. De tekeningen zijn heel anders. Er waren toen verschillende opties, maar geen van die opties was hoe het nu is in de tekeningen, dus dat is een heel ander ontwerp geworden.

Het gebruik van de gymzaal door verenigingen is een heel grote belangrijke wijziging want toen werd gezegd dat dat niet zou gebeuren en nu wordt dat wel gezegd. Dat is anders. De woningen die nu mogelijk worden toegevoegd, of appartementen. Daar is toen ook niets over gezegd. Ik kijk even naar boven. Er zijn echt heel grote verschillen. Überhaupt het feit dat het nieuwbouw wordt is anders want eerst zou alleen een gymzaal worden aangebouwd. Nu gaat het zwikkie waarschijnlijk tegen de grond. Dat lijkt me ook wel ingrijpend anders. Ik denk dat ik nu toch heel wat wijzigingen heb genoemd. De voorzitter: Ik zie geen lichtjes meer branden, dus ik dank u hartelijk voor uw inbreng en de beantwoording mevrouw Van Velzen. Mevrouw Van Velzen: Graag gedaan. Dank u wel.

4.

Vaststellen van de agenda

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 4, het vaststellen van de agenda. Zijn er nog wijzigingen die worden voorgesteld? Ik zie de heer Van Lier. De heer Van Lier: We hebben bij de commissie punt 7 nog als bespreekstuk op de agenda gezet, maar we steunen het voorstel met verkoop grond. Het kan gewoon een hamerstuk worden. De voorzitter: Een hamerstuk. Zijn er raadsleden die daar iets op tegen hebben? Nee. Dan verschuiven we agendapunt 7 naar agendapunt 5 als hamerstuk. De agenda wordt vastgesteld met dien verstande dat agendapunt 7 aan de hamerstukken wordt toegevoegd.

5.

Hamerstukken

5.a 5.b 5.c 5.d 5.e 5.f 5.g 5.h 5.i 5.j 7.

Vaststellen van de notulen vergadering 27 mei 2025 Wijziging Verordening toeristenbelasting 2025 Aanvragen Vangnetuitkering BUIG 2024 Financiële stukken Avalex Financiële stukken GGD en Veilig Thuis Haaglanden Financiële stukken Bedrijvenschap Harnaschpolder Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder M. Oderwald-Ruijsbroek Agressieprotocol politieke ambtsdragers Midden-Delfland 2025 Toekomst Griffie 2026 e.v. Zienswijze over voorgenomen verkoop perceel Bedrijventerrein Harnaschpolder Verkoop grond Meerkamp/Harnaschdreef

4

De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 5, dat zijn de hamerstukken. Ik neem aan dat niemand daar wat tegen heeft. Aldus besloten.

6.

Regionale Inkoopstrategie specialistische jeugdhulp

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 6. Regionale Inkoopstrategie specialistische jeugdhulp. Wie mag ik daar het woord over geven? We beginnen bij de heer Gebben. De heer Gebben: De alsmaar oplopende kosten van de jeugdhulp zijn al jaren een pijndossier. De VVD is daar ook al jaren kritisch op. Wij zien het aantal jeugdigen in de jeugdhulp alleen maar toenemen en daarnaast ook de prijsstelling alleen maar hoger worden. Hier moet eindelijk een keer een eind aan komen. Het moment om dit te bereiken, is eigenlijk wel nu. Nu veel contracten verlengd of opnieuw aanbesteed moeten worden, is het belangrijk om dit goed en gedegen te regelen. Een goede inkoopstrategie is daarom van groot belang. In de commissie is de VVD al kritisch geweest op de wijze waarop deze inkoopstrategie vorm heeft gekregen. Hiervoor is een heuse projectgroep in het leven geroepen à € 2,9 miljoen. De VVD vindt dat een hoop geld, zeker omdat in het geheel niet duidelijk is geworden waarom dit nodig was, boven op de inkooporganisatie die er al is. Dit geld is helaas al uitgegeven en daarom is er ook niets meer aan te doen. Als raad hebben we het nakijken. Wat we gaan doen om dit over zes jaar te voorkomen, is nu in ieder geval nog niet in de plannen opgenomen.

Wij verwachten wel dat de projectorganisatie ervoor zorgt dat, naast de eigen kosten, ook de beloofde besparing van € 25 miljoen wordt terugverdiend. Ook dit komt uit de stukken niet echt goed naar boven. Dat vindt de VVD heel jammer. Gezien de enorme stijging van de uitgaven sinds de decentralisatie, zou, wat de VVD betreft, de € 25 miljoen nog maar het begin moeten zijn. Als we nu echt inhoudelijk naar de manier van contractverlenging kijken, is deze op zich wel goed te volgen. Taakgericht versus prestatiegericht. Dat is duidelijk. Ook is duidelijk uitgelegd op welke terreinen welke soort strategie wordt gebruikt, maar of dit voor Midden-Delfland ook voordelig uit zal werken? Dat is niet goed uit de stukken op te maken. Uit de stukken komt niet duidelijk naar voren of deze manier van aanbesteden tot betere financiële uitkomsten leidt. Een financiële impactanalyse was prettig geweest, maar deze zal er op korte termijn niet komen, zo hebben wij begrepen in de commissie. Desondanks was het wel prettig geweest als het college duidelijk had gemaakt waarom dit voor Midden-Delfland zo'n goed systeem is en waar de risico's voor ons zitten. De VVD vraag zich ook af of dit systeem voor ons echt zo gunstig is. Ook de verdeelsleutel bij overschrijding van taakgerichte inkoop, ontbreekt. Dat zou wat ons betreft, beter moeten alvorens wij een besluit kunnen nemen.

Het is een tegenvaller dat deze er nu niet is, zeker daar bij de inkoop in het verleden al vaker met verdeelsleutels is gewerkt. Dan moet het toch geen verrassing zijn dat wij als raad hierom vragen? Wij willen graag weten waarvoor wij tekenen. Wij zijn daarom nog niet overtuigd dat dit de goede weg is. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Langeveld. Mevrouw Langeveld: Allereerst wil ik nogmaals mijn waardering uitspreken voor het werk dat is verricht rond de nieuwe regionale inkoopstrategie voor specialistische jeugdhulp. Het is duidelijk dat er met zorg is gekeken naar hoe we als regio de kwaliteit van jeugdhulp kunnen waarborgen, terwijl we tegelijkertijd grip proberen te krijgen op de kosten. Tijdens de commissievergadering heb ik al aangegeven dat ik de richting van deze strategie ondersteun en dat samenwerking binnen de H9-regio essentieel is om aan onze gezamenlijke verantwoordelijkheid voor kwetsbare jongeren goed vorm te geven. Tegelijkertijd heb ik toen ook mijn zorgen geuit over het ontbreken van de financiële onderbouwing bij de strategische keuzes die nu voorliggen. Als raad hebben wij de taak om kaders te stellen en besluiten te nemen die financieel verantwoord zijn. Zonder inzicht in de financiële gevolgen kunnen wij die verantwoordelijkheid dan ook niet goed nemen.

Daarom dien ik vandaag een motie in, samen met de OGP Midden-Delfland, D66 en de VVD. Hiermee willen we ook borgen dat het gebruik van jeugdhulp voor onze gemeente niet stijgt bij een gelijkblijvend aantal jeugdigen, buiten reguliere indexaties en onvoorziene externe factoren om. Het is belangrijk om stil te staan bij de verschillen in de verdeelsleutels die besproken worden. Voor een kleine gemeente als de onze, waar sprake is van een geheel andere problematiek dan in de grotere gemeenten, lijkt een verdeelsleutel op basis van historisch gebruik het meest rechtvaardig. Wij maken in verhouding namelijk minder gebruik van de segmenten 1 tot en met 4 5

die taakgericht worden bekostigd. Een andere verdeelsleutel zou voor Midden-Delfland mogelijk tot een onevenredige lastenverzwaring leiden. Ik dien deze motie in omdat ik ervan overtuigd ben dat we hiermee de strategie versterken en onze kaderstellende rol als raad serieus nemen. Ik hoop dan ook op brede steun in deze raad. Ik wil de motie alvast indienen, voorzitter, en ik zal het dictum voorlezen: verzoekt het college te waarborgen dat bij de aanbesteding en contractering van de regionale specialistische jeugdhulp geldt dat a. de verdeelsleutel van de taakgerichte bekostiging binnen de H9-regio is vastgesteld en bekrachtigd door de gemeenteraad van Midden-Delfland en b. zeker is gesteld dat bij een gelijkblijvend aantal jeugdigen in zorg de totale kosten van jeugdhulp voor de gemeente MiddenDelfland niet toeneemt, met uitzondering van reguliere indexaties en onvoorziene externe factoren, uitgaande van het prijspeil 2024, en gaat over tot de orde van de dag. Tot zover mijn eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Wij zien uw motie graag tegemoet. Dan gaan we naar Mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Ik ga hier ook niet de commissievergadering opnieuw doen en nog een keer een discussie beginnen over de inkoopstrategie. We zijn heel blij dat er gekeken wordt hoe we op een bepaalde manier naar kostenbeheersing kunnen komen.

Dat is meteen de zwakte die op dit moment nog in de voorstellen zit. We hebben daarom nog een aantal vragen aan de wethouder. Op dit moment is er onduidelijkheid over de financiële impact van de inkoopstrategie voor ons als gemeente en er is onduidelijkheid over de kostenverdeling. We zijn benieuwd hoe de wethouder denkt hier duidelijkheid over te krijgen. Hoe kunnen wij er voor zorgen dat we daadwerkelijk onze hand op de knip weten te krijgen? De tweede vraag is: wanneer in het aanbestedingstraject denkt u ons mee te kunnen nemen in hoe die financiële kostendeling eruit komt te zien? Daar zijn we heel benieuwd naar. Verder supporten wij de motie. We hebben hem mede ondertekend, mede omdat we de wethouder graag een steuntje in de rug willen geven in de onderhandelingen en in de gesprekken die volgen binnen H9-verband om de kostenbeheersing mogelijk te maken. Dat is mijn eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Ringeling. De heer Ringeling: Ik ben het met de vorige spreker eens, ik ga ook de commissiebehandeling niet opnieuw doen hier. Wat ons betreft, hoeven we dus niet de hele discussie uit de commissie opnieuw te doen. Een belangrijk punt uit de commissievergadering was de kostenverdeelsleutel en de impact voor onze gemeente.

Daar is de wethouder zich, naar ons idee, terdege van bewust, getuige ook de reactie van het college op de commissiebehandeling zoals verwoord in het raadsvoorstel. Voor nu zijn daarmee onze belangrijkste zorgen weggenomen. We blijven wel bezorgd over de kosten. Maar wij zien het vervolg met vertrouwen tegemoet. Wij hebben er vertrouwen in dat de wethouder haar best zal doen om een zo optimaal mogelijke kostenverdeling voor onze gemeente binnen te slepen. Voorzitter, wij steunen dit voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de laatste spreker, de heer Scholtes. De heer Scholtes: Ik ga niet in herhaling vallen en herhalen wat de vorige sprekers hebben gezegd want bij de meeste kon ik me heel goed aansluiten. Ik vind het nog wel even belangrijk om mee te geven, zeker ook in die verdeelsleutel, dat het ook een stukje zekerheid geeft dat we kunnen inkopen op de categorieën 1 tot en met 4 door wel in deze regeling te stappen. Dus wij steunen het echt het voorstel om in deze regeling te stappen. Zeker omdat wij wel zien dat wij als kleine gemeente, op het moment dat we dadelijk iemand hebben die zwaardere zorg nodig heeft, voor een voldongen feit komen te staan. Dus in dat opzicht juichen we dat toe.

De verdeelsleutel is er wel heel belangrijk in, want op het moment dat we als gemeente zeggen 'we gaan dadelijk exorbitant veel meer betalen en we lopen echt uit de pas en we gaan betalen voor andere gemeenten', denk ik dat dat ook niet helemaal de bedoeling is. Wij hebben daarom ook de motie mee ingediend. Wij hebben er vertrouwen in dat de wethouder dat ook meeneemt in het overleg. Dus tot zover mijn eerste termijn, voorzitter. 6

De voorzitter: Dank u wel. Inmiddels hebben we de motie ontvangen en heeft die het nummer 1 gekregen. Dan gaan we naar het college voor een reactie, beantwoording van de vragen. Ik zie mevrouw Oderwald als portefeuillehouder. Wethouder Oderwald: Grip krijgen op de kosten, dat is waar deze inkoopstrategie om gaat. Het gaat om de richting om die grip te bereiken. De financiële impact daarvan zit vooral in onze financiële stukken verwerkt. Dat is dan ook het begin van het antwoord op de eerste vraag die mevrouw Koppert heeft gesteld; hoe krijgen we hier duidelijkheid? Als u de kadernota leest, ziet u wat we aan prijsdalingen verwachten in te boeken op basis van die inkoopstrategie. Via de reguliere P&C-cyclus zullen we u duidelijk maken wat dat betekent. Maar we gaan nu eerst natuurlijk het traject starten met de H9-gemeenten. In de eerste maanden van volgend jaar komen de financiële resultaten en sleutels op de H9-tafel, in het Bestuurlijk Overleg Jeugd, te liggen. Op die manier kunnen we u daar ook volledig in meenemen want dat is waar uw motie ook op toeziet. Ik heb geloof ik net een andere nummering van de punten, maar ik denk dat de inhoud hetzelfde is. Ja, de strekking van deze motie omarmen wij natuurlijk van harte, want kostendaling, daar gaan we voor.

We gaan ons er maximaal voor inzetten en alles is erop gericht dat Midden-Delfland en haar positie en haar andere karakteristieken ook vorm krijgen in die kostenverdeling. In de beantwoording van de collegereactie hebben we ook al zorgvuldig geprobeerd mee te geven dat proportionaliteit onze inzet is die bij ons zorggebruik past. Dus ja, we gaan dat nastreven. Dat bij gelijkblijvend aantal jeugdigen, prijspeil, onvoorziene factoren is hartstikke goed. Om nu echt te zeggen dat we dat helemaal zeker stellen, gaat heel ver, maar we gaan ons uiterste best daarvoor doen. Er kan natuurlijk van alles gebeuren en wat kinderen aan zorg nodig hebben, heb ik niet volledig in de hand. Maar in januari, februari komen, nadat het Bestuurlijk Overleg Jeugd de verdeelsleutels heeft vastgesteld, deze vanuit de regio uw kant op. Ik verwacht overigens dat we eigenlijk helemaal geen schokeffecten zullen krijgen in wat we gaan inkopen want daarvoor is juist in die strategie al enorm goed opgenomen wat onze inzet is geweest. We hebben hier al vanaf het eerste uur dat we deze strategie aan het opwerken waren, opgemerkt dat bij onze inzet helder was dat we een andere financiering hebben vanuit het rijk en dat die zich niet moet vertalen in een grotere dan reële, proportionele bijdrage in de regio Haaglanden als we taakgericht gaan inkopen.

Dus het financiële vervolg zijn de brieven die wij u gaan sturen. De extra informatie die we gaan sturen. Er komt ook nog specifiek een raadsinformatieavond, mogelijk regionaal, maar we gaan u op alle manieren voorzien van de effecten die wij gaan zien. We gaan u daarin meenemen want uiteindelijk is alles ervoor bedoeld dat wij regionaal, met elkaar, die € 25 miljoen gaan besparen. Dan is dat onze inzet. Dat is waarom ik ook blij ben met deze motie. Die omarmen wij, want alles is erop gericht dit te bewerkstelligen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oderwald. Ik kijk even naar de gemeenteraad. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zie de heer Gebben. De heer Gebben: Wij zijn blij met de motie van het CDA. Die hebben wij ook medeondertekend omdat deze verdeelsleutel voor ons van essentieel belang is. Wij gaan deze motie dan ook steunen en wij hopen dat de wethouder dit steuntje in de rug goed zal gebruiken. Het raadsvoorstel steunen we niet want wij hebben moeite met het tekenen van stukken waarvan de risico's niet goed duidelijk zijn gemaakt. Wij geloven zeker in de solidariteit van de H9. Daar zit het hem echt niet in, maar het ontbreken van duidelijkheid en het ontbreken van de verdeelsleutel is voor ons een te groot hiaat.

Er wordt vaker gewerkt met verdeelsleutels, dus we hadden best mogen verwachten dat die er gewoon bij zou zitten, zeker als we een projectorganisatie op touw hebben gezet die € 2,9 miljoen kost. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik de heer Van der Spek nog. De heer Van der Spek: Ik heb nog een vraagje aan de wethouder. We hebben het natuurlijk over die financiële onderbouwing die gemist wordt in het hele verhaal. De wethouder geeft aan dat we begin van het jaar starten met het project, samen met de H9. In het proces worden we

7

meegenomen. Maar is er een omkeer in het proces, zodat we daarna nog kunnen sturen als raad? Dat wil ik nog even weten van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we weer naar mevrouw Oderwald. Wethouder Oderwald: Ja voorzitter, ik hoor dat we aan het begin van het jaar starten, maar we gaan eigenlijk gewoon volgende week starten. Vanaf dan zullen we u betrekken en zoveel mogelijk informeren. Maar er liggen op dat moment, behalve de P&C-cyclus, niet daadwerkelijk nog beslissingen voor aan de raad. Dan is het uitvoering waar u vandaag de kaders voor stelt. De voorzitter: Dank u wel. Niets meer aan de orde? Dan beginnen we met het stemmen over het voorstel zelf. Ik ga kijken of dat het hier ook doet. Daar wordt hard aan gewerkt. De stemmen zijn uitgebracht door de aanwezigen op één na, namelijk die van de voorzitter. Maar ik word geacht voor te hebben gestemd. Dat betekent dat het voorstel met algemene stemmen is aangenomen. Dan gaan we nu over naar de stemming over de motie. Nee, amendementen komen eerst, dan het voorstel en dan de moties. (Er is wat onduidelijkheid over de stemming.) We draaien alles terug. We gaan weer beginnen met het voorstel Regionale Inkoopstrategie en daarna doen we de motie. Ja, het resultaat blijft hetzelfde. Ik word geacht te hebben voorgestemd. Dan gaan we nu over naar het stemmen over de motie.

Het voorstel wordt aangenomen met 13 stemmen voor en 2 tegen. De motie wordt aangenomen met 11 stemmen voor en 4 tegen.

7.

Zienswijze over voorgenomen verkoop perceel Bedrijventerrein Harnaschpolder - naar hamerstukken

8.

Tijdelijke huisvesting Mariaschool

De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt, agendapunt 8. Tijdelijke huisvesting van de Mariaschool. Na het vlammende betoog van mevrouw Van Velzen, gaan we ervan uit dat de gemeenteraad mee gaat doen. Wie mag ik daarover het woord geven? Dan beginnen we dit keer bij de heer Ringeling. De heer Ringeling: In de commissie hebben we er ook al het een en ander over gezegd. Daar hebben we aangegeven dat wij het een goed voorstel vinden. Na dat vlammend betoog van de inspreekster, hebben wij wel drie randvoorwaarden, maar die beschouwen wij als logisch. Randvoorwaardelijk zijn dus de verkeersveiligheid, de parkeerdruk, om het zo maar te zeggen, en een goed participatieproces, zoals bij elk project, maar we willen nog eens benadrukken dat dat drie belangrijke punten zijn voor ons. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Scholtes. De heer Scholtes: Ook wij hebben in de commissie al aangegeven voor te stemmen voor dit voorstel. Dat blijft voor ons onveranderd. Echter, we willen het college wel meegeven: betrek bewoners en andere belanghebbenden actief bij dit hele proces. Zij kunnen inzichten geven die misschien bij de ambtenaren bij de uitvoering niet aanwezig zijn. Wij zien dat echt als toegevoegde waarde dus bij dezen de oproep: betrek belanghebbenden bij de verdere ontwikkeling. Tot zover onze eerste termijn voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Van Lier. De heer Van Lier: In de commissie hebben we al veel gezegd. We vonden het een lastig item. We hebben met de fractie de situaties nog bekeken en het blijft lastig. Dus ik heb het even opgeschreven zodat ik mijzelf goed verwoord. Voorzitter, zoals we ook in de commissie al hebben aangegeven, is en blijft dit voor Mijn Partij een lastig dossier. Niet omdat we geen keuzes durven maken, maar omdat we staan voor zorgvuldigheid en consistentie, die we in het voorstel helaas missen. We hebben ons in de commissie al uitgesproken tegen het voorliggende besluit.

8

Mijn Partij staat voor een constructieve benadering, goede voorstellen steunen we en slechte proberen we te verbeteren. Daarom waren we ook bezig met opstellen van een amendement, maar dat is, eerlijk gezegd, lastig gebleken, mede omdat andere partijen blijkbaar niet zien wat wij zien. In de commissie bleken wij de enige partij met fundamentele kritiek op het voorstel zoals dat er nu ligt. Dat wringt, want het was juist onze fractie die in 2024 met een motie het initiatief… Ik heb een interruptie. De voorzitter: U heeft een interruptie te pakken mijnheer Van Lier, van de heer Gebben. De heer Gebben: Voorzitter, ik ben wel erg benieuwd wat Mijn Partij ziet, dat wij niet willen zien want ik heb daar niets over gehoord. Misschien wil de heer Van Lier een tipje van de sluier oplichten? De heer Van Lier: Zal ik mijn verhaal afmaken? Het is anderhalf kantje dus ik denk dat ik dan… De voorzitter: Verderop in het betoog komt de heer Van Lier erop terug, begrijp ik. De heer Van Lier: Ik was bij de motie. Het was onze fractie die in 2024 met een motie het initiatief nam tot het onderzoeken van tijdelijke huisvesting op de locatie van De Hoornbloem. Die motie had echter duidelijke randvoorwaarden. Voorwaarden waaraan op dit moment niet of nauwelijks is voldaan. Het fundamenteelste probleem is dat de uitgangspunten sindsdien zijn gewijzigd. Daar komt-ie, mijnheer Gebben.

Wat bedoelen we daarmee? Bij het vaststellen van het Integraal Huisvestingsplan was het uitgangspunt nog dat de sportvoorzieningen zouden verhuizen naar een nieuwe locatie bij DIOS. Daardoor zou De Hoornbloem volledig beschikbaar komen voor herontwikkeling van enkele seniorenwoningen, zoals toen werd betoogd, met spoed. Tijdelijke huisvesting zou daarmee niet mogelijk zijn, werd ons toen verteld. Er was geen tijd. En nu? Nu blijkt er ineens wel tijd te zijn. Tijd om tijdelijke huisvesting toe te staan op de locatie van De Hoornbloem. Tegelijkertijd lijkt er geen tijd te zijn om het bestemmingsplan voor de Mariaschool aan te passen aan de beste situatie, gezien locatie en woningbouw. Immers, de huidige bestemming is maatschappelijk. Dat roept bij ons serieuze vragen op. Onze bezwaren tegen het huidige voorstel zijn dan ook als volgt: er is geen tijdsdruk. Zolang er geen oplossing is voor de sportvoorzieningen, kunnen we De Hoornbloem helemaal niet vrijmaken. Wat gebeurt er met de sportverenigingen als de sporthal wordt gesloopt? De wethouder zegt in gesprek te zijn, maar we hebben nog geen enkel concreet plan gezien. Geen locatie, geen afspraken, geen garanties. Mijn Partij roept het college op om eerst die basis op orde te brengen voor we besluiten nemen die daar haaks op kunnen staan.

Er moet wat gebeuren aan het gebouw, maar het is niet zo slecht dat het niet nog even kan wachten zodat goede, weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden. We hoorden net van de inspreker dat anderhalf jaar geleden ook werd gesproken over aanpassingen in plaats van sloop. Geen gebruik maken van de potentie van de Mariaschoollocatie. Als we die locatie echt goed willen ontwikkelen in samenspraak met de omgeving, of de inspreker, moeten we durven afwijken van het bestemmingsplan. Ja, dat kost tijd. Maar het is ook een kans die je niet vaak krijgt. Nu kiezen voor een beperkte invulling binnen het bestaande bestemmingsplan is, wat ons betreft, een gemiste kans. Ik verwijs hier nogmaals naar de motie uit 2024. Te weinig informatie voor de raad. In onze motie vroegen we expliciet om een plan dat zou kijken naar sociale huur, middenhuur en mogelijke bouwfasering. Wat we nu hebben, is één globale schets. Geen uitgewerkte opties, geen scenario's, geen afweging. De raad wordt hiermee één kant opgeduwd, zonder dat we kunnen toetsen of dit werkelijk de beste oplossing is. Onbekendheid van sportbehoefte en voorzieningen. Zonder duidelijk plan voor de sportvoorzieningen weten we ook niet welke eisen we straks moeten stellen aan gymzaal of sportzaal, mocht die elders terugkomen. Ook dat is cruciale informatie die ontbreekt. Kortom, voorzitter, we vinden dit voorstel te voorbarig.

De oorspronkelijke noodzaak, het volledig vrijvallen van De Hoornbloem door verplaatsing van de sporthal, is verdwenen. Zo lang dat niet is geregeld, zien we geen noodzaak om dit besluit nu te nemen. We willen bovendien onder de aandacht brengen dat ook de locatie van de Sterappel mogelijk een alternatief kan bieden. Volgens eerdere afspraken zou hier al lang een appartementencomplex staan. De gemeente moet deze

9

locatie nog steeds ontwikkelen. Wellicht biedt juist deze plek in 2027 de ruimte voor tijdelijk gebruik, naast De Hoornbloem, en kan er voorlopig gesport worden in De Hoornbloem. Voorzitter, u zult begrijpen dat we, ondanks dat het een lastig besluit is, niet zullen instemmen met voorliggend voorstel want uiteindelijk stem je voor of tegen het gehele voorstel. Na de verkiezingen volgend jaar wil Mijn Partij het gesprek met DIOS heropenen om terug te keren naar de oorspronkelijke visie van 2024. De huidige uitwerking wijkt daar sterk van af. De voorzitter: Ik onderbreek u even, mijnheer Van Lier want ik zocht naar een punt, maar die kwam niet. Mevrouw Langeveld heeft een interruptie voor u, Mevrouw Langeveld: Voorzitter, ik wilde al een tijdje interrumperen. Ik ben heel erg benieuwd, mijnheer Van Lier, hoe ziet u de bijeenkomst die wij hebben gehad over het Integraal Huisvestingsplan waar duidelijk naar voren is gekomen dat de Mariaschool zo goed als afgekeurd is? En het feit dat daarop geanticipeerd is door het college? Hoe ziet u dat? U keurt het plan dat voorligt nu helemaal af. De heer Van Lier: Ik zal antwoord geven. Ik zei al, je bent voor of tegen. De voorzitter: De heer Van Lier. De heer Van Lier: Sorry, voorzitter, via u. Je bent altijd voor of tegen. Dat maakt het een lastig dilemma. Wij waren voor de volgordes van het IHP.

We hebben tegen gestemd vanwege de planning en financiën; we weten niet of we het kunnen betalen en of het nu is. Dus we zijn het ermee eens dat de Mariaschool op termijn – ik zeg dus op termijn en niet morgen – aangepast moet worden. Het dilemma is dat als DIOS door was gegaan, we voor hadden gestemd en de andere dingen hadden kunnen doen. Maar we missen nu, zoals ik noemde in mijn betoog, zaken die nog niet geregeld zijn. Daarom heb ik mijn betoog opgeschreven met alle mitsen en maren. De conclusie is: ik vind het lastig te zeggen, maar wij zijn tegen. De voorzitter: U heeft nog een interruptie te pakken, mijnheer Van Lier, van de heer Knaap. De heer Knaap: Voorzitter, ik hoor de heer Van Lier iets heel intrigerends zeggen, dat hij na de verkiezingen weer in gesprek gaat met DIOS. Dat intrigeert mij want DIOS heeft bij het volle verstand gekozen voor een ballonhal. Ook vanuit de wetenschap dat die sporthal absoluut onhaalbaar is. Dus wat gaat u in vredesnaam met DIOS doen dat dit dan anders maakt? Daar ben ik wel heel benieuwd naar. De voorzitter: De heer Van Lier. De heer Van Lier: Wij willen de gesprekken weer aangaan, mijnheer de voorzitter. Er gebeurt nu gewoon te weinig. Als je naar de motie van 2024 kijkt en naar de beloftes van de wethouder, hadden wij nu meerdere varianten moeten hebben en hadden we een sportplan moeten hebben.

Dan hadden we keuzes gehad in wat we moeten doen. Dat hebben we allemaal niet. Of de wethouder moet volgende maand met een sportplan komen voor hoe we dat gaan oplossen. Maar lost de wethouder het niet op, dan zal het bij ons in het verkiezingsprogramma komen. Dat is er nog niet, maar dan zeggen wij 'jongens, we moeten met dat sportcomplex gaan praten.' We hebben natuurlijk de Dorpshoeve in Schipluiden. We hebben de Hofstede, of hoe dat ding ook heet, in Maasland. Maar straks hebben we geen sporthal of -zaal meer in Den Hoorn. Dat is het antwoord op de vraag. De voorzitter: Een aanvullende vraag van de heer Knaap, vermoed ik zo maar. De heer Knaap: Dank u voorzitter. Hij is niet aanvullend. De vraag is gewoon heel concreet. DIOS heeft nu een andere optie. DIOS wil ook geen sporthallen meer. Dus wat gaat u nu echt met DIOS doen? U gaat straks naar het bestuur van DIOS en wat is dan uw eerste vraag? De voorzitter: Voor de duidelijkheid, de voorzitter wordt aangesproken als 'u', maar ik ga niets doen vanavond. Het zal de heer Van Lier zijn die de heer Knaap bedoelt. 10

De heer Van Lier: Het antwoord is: we gaan in ieder geval het overleg aan. Het plan van DIOS was twee sporthallen, trouwens. Om even uit de school te klappen: we denken aan één sporthal op een sportcomplex in Den Hoorn en of dat nu naast DIOS op het terrein is, of bij DIOS, dat zal me… Maar er moet gewoon gekeken worden naar de mogelijkheden in Den Hoorn voor sport. Er is nu niets geregeld. DIOS was de trekker de vorige keer. Daarom zeggen we 'laten we daar eerst eens mee praten'. Misschien dat DIOS zegt 'nee, je moet bij de voetbal zijn'. Ik noem maar iets geks. Maar ik denk dat we die kant op moeten praten. De heer Knaap: We zullen het zien volgend jaar. De voorzitter: Niet spreken buiten de microfoon om. U was klaar met uw betoog? De heer Van Lier: Ik was aan mijn laatste zin bezig. Eigenlijk had ik het al gezegd. De huidige uitwerking wijkt daar sterk van af en we hopen dat andere partijen dat dan ook onder ogen willen zien. Dat was mijn inbreng, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, dan gaan we naar de heer Gebben. De heer Gebben: Van welke kant je ook tegen dit voorstel aankijkt, een perfecte oplossing is er niet. Niet meer, in ieder geval. Kijken we naar wat hier gebeurt, dan geeft het nog maar eens aan hoe belangrijk het is integraal naar dit soort ontwikkelingen te kijken. Regeren is vooruitzien en daar schort het bij dit college nog wel eens aan.

De vergooide kans op een dubbele sporthal begint zich in dit plan ook al te wreken. Luister alleen al naar de inspreekster. Het is net als een rijtje dominostenen: als je er eentje tussenuit haalt, zoals nu is gebeurd, valt het hele rijtje niet meer soepel in elkaar. Waar gaan alle verenigingen heen die van De Hoornbloem gebruikmaken en met welke gevolgen? Waar gaan de gymlessen van de Mariaschool naartoe? Niemand die het echt nog weet. Een goed alternatief voor veel van deze problemen in de vorm van een dubbele sporthal was in de maak, maar is door het college niet tot een goed einde gebracht. Niet te begrijpen en eeuwig zonde. Wat rest is niets anders dan kijken naar de stand van zaken op dit moment. Dan moet de VVD concluderen dat er op dit moment geen betere alternatieven zijn. Ook Mijn Partij kan, ondanks het optimisme, niet met een echt beter voorstel komen, wat natuurlijk wel was te verwachten. Nu gaan we daarom een van onze scholen onderbrengen in een gebouw dat de laatste jaren slecht is onderhouden en eigenlijk rijp was voor de sloop. Helaas kan dat, zoals gezegd, niet anders. Niet ideaal en ook nog eens vervelend voor andere ontwikkelingen in Den Hoorn. De goede plannen voor de herontwikkeling van De Hoornbloem en het Julianaplein kunnen immers voor flink wat jaren in de koelkast. Hier zal Den Hoorn vast heel blij mee zijn.

Wij zullen desondanks wel instemmen met het raadsvoorstel omdat er eenvoudigweg geen alternatief is. Onze balans is de andere kant op gevallen dan bij Mijn Partij. We hopen dat de inwoners goed worden meegenomen in alle nieuwe ontwikkelingen. Het college heeft participatie hoog in het vaandel dus daar verwachten we veel van. We hopen dat de overlast voor het dorp Den Hoorn tot een minimum beperkt zal worden. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de laatste spreker, mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Ook hier ga ik niet de commissievergadering herhalen, maar wij hebben toch als OGP Midden-Delfland best wat problemen met dit plan. Ook al kunnen we niet anders, want er is eigenlijk geen alternatief. Toch hebben we nog een aantal vragen aan het college. In de commissievergadering is helder geworden dat gesproken wordt over twee gescheiden trajecten; een deel waar de school komt te staan en een deel waar mogelijk huisvesting is. Onze vraag is: waarom toch twee gescheiden delen? U gaf al aan dat dat is vanwege het bestemmingsplan, maar een goede architect kan spelen met bouwhoogtes en allerlei andere dingen waardoor er een mooi integraal gebouw staat. Straks krijgen we dus een school met zeventien lokalen en een gymzaal en daarnaast een x-aantal appartementen. Er wordt gesproken over zes. Dat worden twee losse trajecten.

Wij vinden het toch heel jammer dat er op die manier naar gekeken worden. Het tweede aspect dat ook in de commissievergadering duidelijk naar voren kwam en waar wij toezeggingen van het college op willen hebben, is de participatie van zowel de omwonenden van 11

De Hoornbloem, als de omwonenden en betrokkenen van de huidige Mariaschool. Hoe gaat u daar vorm aan geven? Het derde is dat die vertraging van de zorgwoningen één ding is, maar er nog iets anders zou gebeuren daar. Dat was een ondersteuning of een betere praktijk voor beide huisartsen. Daar horen we niets en daar zien we niets meer van. De huisartsen klagen al een aantal jaar dat ze een tekort aan huisvesting hebben en dat ze niet ideaal gevestigd zijn. Dus onze vraag is: wat gaat u doen met de huisartsen in Den Hoorn? Na een mooi plan in Schipluiden zou het ook heel fijn zijn als er iets voor Den Hoorn is. Het vierde punt betreft, zoals de heer Ringeling al aangaf, verkeersveiligheid en bereikbaarheid. Ook zijn we benieuwd, zowel bij De Hoornbloem als bij de nieuw te ontwikkelen Mariaschool, hoe u dit hele onderwerp van verkeersveiligheid en dergelijke meeneemt. Kortom, we zullen voor stemmen, maar we vinden het een lastig besluit. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar het college. Als ik het goed heb, is dat mevrouw Oderwald. Wethouder Oderwald: Dank ook vanuit het college aan de inspreker op dit onderwerp. Er zijn in de inspraak een aantal punten naar voren gekomen die ook de heer Ringeling aanhaalde: verkeersveiligheid, participeren en participatie, parkeren en participatie. Mooie p's. Maar ze betekenen toch duidelijk iets anders.

Ja, natuurlijk hebben we daar heel veel oog voor. Dat is ook waar we nu, vanavond voor staan. Vanavond zijn we hier om in te stemmen met het budget om de verdere ontwikkelingen te verkennen. Dat is ook waarom we een aantal punten nu nog niet nog niet weten en we al wel in het voorstel hebben opgenomen dat we dat gaan uitwerken en dat we juist plannen gaan maken over hoe we dat exact doen, om dat zorgvuldig en in overleg met de omgeving te doen. Ja, er is hier een aantal projecten die raakvlakken hebben met elkaar en die, zo mogelijk, integraal benaderd moeten worden want in de tussentijd moeten we ook sporten en naar school. Het idee van de locatie van De Hoornbloem is om daar naar school te gaan en daar ook te kunnen blijven gymmen. Het idee is ook dat de kleine verenigingen die daar gebruik van maken, daar kunnen blijven gymmen gedurende de tijd… Werd er nu geklopt? Of was dat iets anders? Dan ga ik gewoon verder, voorzitter. Dan kom ik bij de vragen van mevrouw Koppert over twee gescheiden trajecten. Het voorstel dat nu voorligt, gaat inderdaad over het investeringskrediet voor het ontwikkelen van de nieuwe Mariaschool op de huidige kavel en over kijken hoe die tijdelijke huisvesting vormgegeven kan worden.

Het is natuurlijk heel belangrijk om te erkennen dat als je een kavel gaat ontwikkelen, en het zijn twee gescheiden trajecten, je daar wel goed ruimtelijk naar moet kijken. Dat is ook zeker de bedoeling. Alleen zal naar het daadwerkelijk doorontwikkelen van de nieuwe kavel integraal gekeken worden, maar daar zal niet de uitkomst helemaal in vekregen worden Maar juist die hele vlakverdeling biedt natuurlijk kansen om dat gezamenlijk te doen. Die gaan we ook benutten. Ja, participatie. Dat was de tweede vraag. De voorzitter: Voordat u verdergaat, heeft u nog een interruptie te pakken op dit onderwerp. Mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Hoor ik de wethouder hiermee zeggen dat daarmee het tweevlakkensysteem van een deel school, een deel huisvesting van tafel is en dat er een integraal plan ligt waardoor er mogelijk wel een bestemmingsplanwijziging plaats kan vinden? De voorzitter: De wethouder. Wethouder Oderwald: Dat zou heel erg mooi zijn. Dat is niet exact wat ik zei. Maar ik zei dat we, als het toch twee fasen zijn, daadwerkelijk rekening houden met wat er nog komt zodat het logisch op elkaar aansluit. Maar helemaal ontwikkelen wat daar precies komt, is nog geen onderdeel van het krediet dat u hier vanavond vaststelt. Maar het is natuurlijk heel goed om de gebiedsontwikkeling integraal te bekijken. Participatie.

U ziet in het voorstel ook dat we een participatietraject en een communicatieplan gaan ontwikkelen en in uitvoering gaan brengen. Het hoe en het wat, kan ik u op dit moment nog niet exact vertellen want daarvoor gaan we juist de voorbereidingen starten en de uitwerking doen. Ik was bij het onderwerp dat er aanpalende trajecten zijn, gymzalen en dergelijke. Juist omdat we 12

wat koerswijzigingen gehad hebben, ligt er nu een ander plan dan initieel. Maar juist omdat er een Integraal Huisvestingsplan is gemaakt waarin we alle scholen en alle behoeftes in kaart hebben gebracht en goed naar de integrale kosten van het beheer en onderhoud van scholen hebben gekeken, is op dit moment nieuwbouw het beste alternatief dat op termijn de minste kosten met zich meebrengt. Ook vanwege de verduurzaming en de energieopgave die het huidige pand kent. Het is een ontwerp dat veel energie vergt. Dat kan op een nieuw plot compacter, energiezuiniger en kan ruimte overlaten voor de woningbouw. De vertraging die het oplevert voor De Hoornbloem heeft inderdaad ook impact op de huisartsen. Daar zijn we volop mee in gesprek. Dat doen we hier in Schipluiden natuurlijk met de huisartsen. Daar wordt u over geïnformeerd. Ik denk dat wij u binnenkort ook gaan informeren over wat de gesprekken die wij aan het voeren zijn met de huisartsen – want daar knijpt het, daar hebben volgens mij binnenkort zelfs een gesprek staan – opleveren en welke richting zich dat op ontwikkelt. Dan de vierde vraag van mevrouw Koppert. Die ging over verkeer en bereikbaarheid. Dat is ook onderdeel van het ruimtelijk kader dat we gaan uitwerken met dit investeringskrediet. Verkeer en bereikbaarheid zijn daar onderdeel van.

Natuurlijk moedigen wij iedereen aan om zoveel mogelijk te voet of met de fiets naar school te komen, maar er zullen altijd extra verkeersontwikkelingen zijn. Dan denk ik, voorzitter, dat ik door mijn vragen heen ben. Op dit moment is voorzien dat de hal die op de school gebouwd zal worden, ook voor de kleinere verenigingen is. In het najaar, zoals al eerder aan u toegezegd, komt er een uitwerking van de binnensport voor Den Hoorn naar u toe. Voorzitter, dat was het. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de raad of er behoefte is aan een tweede termijn. Ik zie geen lampjes branden, dan kunnen we overgaan naar de stemming over de tijdelijke huisvesting Mariaschool. De voorzitter wordt geacht tegen te hebben gestemd. Dat brengt het op 11 stemmen voor en 4 tegen. Aldus besloten. Het voorstel wordt aangenomen met tegenstemmen van de fractie van Mijn Partij.

9.

Financiële stukken Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 9. Financiële stukken Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden. Wie mag ik daarover het woord geven? We hebben één spreker, dat is mevrouw Langeveld. Mevrouw Langeveld: Voorzitter, ik heb in de commissievergadering aangegeven dat ik mogelijk een amendement wilde indienen. Ik zie daar nu vanaf vanwege de motie die wij hebben ingediend bij het vorige punt. Wij vinden dat de lading en onze zorg daarin genoeg gedekt is. Dus wij laten de zienswijze voor nu even voor wat die is. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we meteen overgaan tot stemming op dit agendapunt. Ik kijk met een schuin oog naar wat Mijn Partij heeft gedaan. Dat betekent dat dit voorstel unaniem is aangenomen. Aldus besloten. Het voorstel wordt unaniem aangenomen.

10.

Financiële stukken MRDH en beleidsnota Reserves

De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 10. Financiële stukken MRDH en beleidsnota Reserves. Wie mag ik daarover het woord geven? De heer Scholtes. De heer Scholtes: Voorzitter, dat klopt. Wij hebben inderdaad dit punt geagendeerd omdat wij toch nog wel iets misten in de zienswijzen die wij terugsturen. Als gemeente Midden-Delfland hebben wel heel veel te brengen in de regio. Dus vandaar dat wij een aanvulling hebben op de zienswijze van de MRDH. We hebben dat in de vorm van een amendement gegoten. Dat dienen we samen met de ChristenUnie en OGP Midden-Delfland in. Ik zal het dictum voorlezen. De voorzitter: Gaat uw gang.

13

De heer Scholtes: Besluit om de volgende passage aan de zienswijze toe te voegen: aan de tekst onder de kop 'economisch groeipotentieel benutten', 'Wij willen hierbij expliciet aandacht vragen voor de kwaliteit en doorontwikkeling van fietspaden, alsook voor het bijzondere, groene en waterrijke karakter van onze gemeente en de regio als geheel. Deze kwaliteiten zijn van grote waarde voor de leefbaarheid, gezondheid en aantrekkelijkheid van het gebied. Bij projecten op het gebied van mobiliteit, woningbouw, economische ontwikkeling, vragen wij structureel oog te houden voor veilige en goed onderhouden fietsverbindingen, behoud en versterking van het karakteristieke landschap en recreatieve routes. Een continu impuls voor het fietsnetwerk en de landschappelijke kwaliteit draagt bij aan een brede welvaart waar de MRDH naar streeft. Tot zover mijn termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, we zien het amendement graag tegemoet. Dan hebben we een andere spreker, mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Ik sluit me aan bij de heer Scholtes. We dienen samen het amendement in en we zijn heel blij als er op deze manier toch aandacht voor het blauw, het groen en de fiets is. De voorzitter: Dit amendement krijgt letter A. Voordat we dit in stemming brengen, is iedereen op de hoogte van dit amendement? De voorzitter namelijk niet. Anders las ik even een pauze in. Wij hebben het niet gehad.

Wij als in 'hunnie'. Ik zou een korte schorsing willen aanvragen, zodat 'hunnie' even het amendement kunnen doornemen. Daar sluit ik me dan kort bij aan. Ik schors de vergadering. Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering en verzoek iedereen weer zijn of haar plek op te zoeken. Inmiddels zijn we op gelijk informatieniveau. Waar waren we gebleven? Het amendement is nu bij iedereen bekend. Ik stel voor dat we eerst overgaan tot stemmen over het amendement en vervolgens over het raadsvoorstel. De voorzitter wordt geacht voor het amendement te hebben gestemd. Dan nu het voorstel zelf. Er wordt hard gewerkt hier. U kunt uw stem uitbrengen. Ook hier word ik geacht voor te hebben gestemd. Aldus besloten. Zowel het amendement als het geamendeerde voorstel wordt unaniem aangenomen.

11.

Financiële stukken VRH

De voorzitter: Dan gaan we verder met agendapunt 11. Financiële stukken VRH. Zijn er mensen die daar het woord over willen voeren? Ja, dan beginnen we met de heer Van Rijs. De heer Van Rijs: Zoals in de commissievergadering al aangegeven heeft de VRH de 6,2% bezuiniging niet gehaald. De vraag in de zienswijze is wat vaag, vinden wij, omdat daarin het verzoek staat nogmaals aan te geven waar die 6,2% misschien wel gehaald kan worden, terwijl de VRH al heeft aangegeven dat dat alleen maar kan door het sluiten van een kazerne. Maar we willen dan graag weten wat daarvan de consequenties zijn, zodat we ons daarover een beeld kunnen vormen. Vandaar dat we een amendement op deze zienswijze hebben voorgesteld. Voorzitter, ik kan het dictum daarbij voorlezen. Dat is een wijziging van de volgende zinsnede. Daar staat 'gezien de bezuinigingen waar gemeenten momenteel al voor staan, vragen wij u om opnieuw te bekijken op welke wijze deze resterende taakstelling alsnog kan worden vervuld'. De wijziging in dit amendement is om deze zinsnede te vervangen door 'U geeft aan dat verder bezuinigen alleen mogelijk is door het sluiten van een kazerne. Graag vernemen we wat in dat geval de te behalen bezuiniging is, wat de impact is op de veiligheid en wat de impact is op de herindeling van de regio.' De voorzitter: Dank u wel. Een andere spreker is de heer Jongsma.

De heer Jongsma: Voorzitter, ik ben inderdaad een andere spreker, maar ik heb precies dezelfde tekst als mijnheer Van Rijs want dat hetzelfde hadden wij in de commissie natuurlijk ook al besproken. Wij ondersteunen dit amendement. Dat is wat ik eraan toe wil voegen. 14

De voorzitter: Dank u wel. Inmiddels hebben we het amendement ontvangen en heeft het de letter B gekregen. Ik heb geen vragen richting het college gehoord. Het gaat meer over het amendement. Dus ik wil u voorstellen… De heer Gebben heeft nog een wijzigingsvoorstel. De heer Gebben: Ik zou graag gebruikmaken van de tweede termijn, als het mag, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Ja, dat kan. De heer Gebben: In de commissie heeft de VVD zich al afgevraagd wat voor zin het heeft als je gaat bezuinigen en in de tussentijd een spaarpot voor tegenvallers aanlegt. Wat ons betreft, vloeien financiële meevallers gewoon terug naar de gemeenten en kunnen we bij eventuele tegenvallers altijd nog kijken hoe en of we bijspringen. Wij kunnen ons vinden in het amendement van het CDA. Het lijkt ons goed om concreet te krijgen wat het precies betekent, een kazerne dicht. Verder hebben wij geen op- of aanmerkingen bij de stukken en zullen we ermee instemmen. De voorzitter: Dank u wel. Anderen voor de tweede termijn? Niet. Dan gaan we over tot stemming en dan beginnen we met de stemming van het amendement. Ook hier wordt de voorzitter geacht voor te hebben gestemd. Dan gaan we over naar de zienswijze zelf. U kunt stemmen. Ook hier wordt de voorzitter geacht voor te hebben gestemd. Zowel het amendement als het geamendeerde voorstel worden unaniem aangenomen.

12.

Financiële stukken Omgevingsdienst Haaglanden

De voorzitter: Het volgende agendapunt is agendapunt 12. Financiële stukken Omgevingsdienst Haaglanden. Wie mag ik daarvoor het woord geven? De heer Zwaard. De heer Zwaard: In de commissie hebben wij al aangegeven dat we, wat dit onderwerp betreft, met een amendement zouden komen. Ook hier gaat het over de 6,2% taakstelling die niet gehaald is door de Omgevingsdienst Haaglanden. Wij hebben een amendement opgesteld samen met de ChristenUnie, D66, OGP Midden-Delfland en het CDA uiteraard. Ik zal u het dictum voorlezen. De zinsnede 'De raad stelt vast dat de volledige taakstelling van 6,2% hiermee niet wordt gehaald. Voor het resterende bedrag geeft ODH aan dat verdere bezuinigingen niet verantwoord zijn vanwege negatieve gevolgen voor de uitvoering en de kwaliteit van het werk. De raad kan zich vinden in deze toelichtingen en verneemt graag welk proces de ODH richting de Programmabegroting 2027 neemt om de incidentele besparing alsnog structureel te kunnen opvangen.' wordt vervangen door 'De raad stelt vast dat de volledige taakstelling van 6,2% niet wordt gehaald. Voor het resterende bedrag geeft u aan dat verdere bezuinigingen niet verantwoord zijn vanwege negatieve gevolgen voor de uitvoering en de kwaliteit van het werk. De raad vraagt u toch te voldoen aan de opgelegde bezuiniging van 6,2% in de ontwerpbegroting 2026.

Ook vraagt de raad u om aan te geven op welke onderdelen er bezuinigd kan worden en wat – behalve de financiële gevolgen – de overige gevolgen zijn voor de uitvoering en de kwaliteit van het door ODH uitgevoerde werk'. Het amendement is ondertekend en de raad gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel. De heer Scholtes. De heer Scholtes: Ook wij hebben dit amendement medeondertekend. Juist omdat we de vraag stellen 'wat kan er wel en wat zijn de gevolgen ervan?' Daarover hebben we misschien nog een vraag aan het college. Zou het college ook vast kunnen aangeven wat het al kan inzien of inschatten van wat de gevolgen daarvan zijn en hoe het verder ten opzichte van dit amendement staat? Tot zover mijn eerste termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Jongsma.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=1687b7e3-8a56-400a-8bf4-1058efb8d71f