2025 m 05 d 27 Vsl raad
Tekst van het document
Ik probeer toch even wat meer duidelijkheid te krijgen. Is het nu zo dat er op korte termijn vanuit het college een voorstel komt voor een aanvullend budget om het groenbeheer in ieder geval een beetje op orde te krijgen? Of komt er geen aanvullend budget en moeten we iets terugzien in de periodieke begroting? Want dat is toch een beetje wat nu voorligt. Anders gebeurt er niets. Dus wordt deze raad binnenkort om geld gevraagd om toch wat wij voor ogen hebben, wat we ook hebben afgesproken voor groenbeheer, daadwerkelijk uit te voeren? Of gaan we eerst nieuwe kwaliteitseisen vaststellen en op basis daarvan nog weer opnieuw aanbesteden? Dat is volgens mij wat voorligt, dus daar hoor ik dan graag nog een toelichting op. De voorzitter: Dank voor uw verhelderende vraag. Daarbij geef ik het woord graag aan wethouder Voskamp. Mijnheer Voskamp. Wethouder Voskamp: Dank, voorzitter. Ik wil het even vanuit de financiële hoek benaderen. Met de kadernota geven wij u de stand van zaken, de autonome ontwikkelingen en de voorgestelde maatregelen mee. U stelt de kadernota vast, daar zitten de kaders in, maar daar zitten ook een aantal maatregelen bij. Daarbij zit ook hoe we met het groen omgaan. Of we daar extra geld voor 15
beschikbaar willen stellen, of het houden bij het huidige budget. In dat laatste geval kunnen we dus niet doen wat we afgesproken hebben en zullen we mogelijk andere afspraken moeten maken met een nieuwe aanbesteding of een aangepaste aanbesteding. Het college wil u graag dat besluit integraal laten nemen. Als we nu al zouden besluiten om extra geld beschikbaar te stellen voor dit doel, beperkt dat de keuzes die u straks bij de kadernota voorgelegd krijgt en waar u wel degelijk een beslissing over neemt. Omdat wij dat integraal aan u willen aanbieden, hebben we het op deze manier gedaan. Dat betekent dat u straks, als de kadernota vastgesteld wordt en naar u komt, inzichtelijk heeft wat het betekent. Dan kunt u ook aangeven wat u daarvan vindt. Als u de kadernota vaststelt, gaan wij, op basis van de keuze die u daar maakt – dan staat u niet met uw rug tegen de muur, want het is gewoon uw vrije keuze, juist met alle informatie die er is – de derde begrotingswijziging eventueel opstellen. Dat betekent dat we in dat geval dus extra geld voor het onderhoud beschikbaar stellen. Dan kan het onderhoud dit jaar al plaatsvinden én neemt u formeel, zoals met alle budgetten, bij de begroting uiteindelijk een definitief besluit.
Dit leek ons dus juist de koninklijke weg, om u de vrijheid te geven om bij alle afwegingen die u wilt maken de kadernota integraal te bekijken, om keuzes te maken en dat vast te stellen. Dan gaan we op basis van wat daar uitkomt, van die keuzes die u over een kleine maand maakt, verder met het groenonderhoud. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting en de route die u voorstelt. De heer Gebben, uw lampje brandde. Als laatste geef ik u het woord bij dit onderwerp. De heer Gebben: Ja, de laatste keer. Ik wil het gewoon echt even helder hebben, want als ik het goed begrijp gaat dit de lading van de kadernota aanzienlijk veranderen. In de kadernota gaan we dus besluiten nemen voor langdurige begrotingswijzigingen, die wij in november niet meer kunnen terugdraaien? Dat wil ik graag vooraf weten, want dan gaan we er toch echt even heel anders naar kijken. Klopt dat? De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de heer Voskamp. Wethouder Voskamp: Ja, voorzitter, formeel klopt dat. De gemeenteraad stelt de kaders vast. Binnen die kaders gaan wij een begroting opstellen. In die begroting worden alle huidige standen van zaken, financiële ontwikkelingen en dergelijke meegenomen. Daar worden ook in dit geval, omdat we natuurlijk een flinke opgave hebben in het kader van de bezuinigingen, een aantal maatregelen voorgesteld. Er worden ook maatregelen voorgesteld die we niet gaan nemen.
Daar maakt u een keuze over. Die maakt u inderdaad bij de kadernota en daarmee gaan we vervolgens de begroting opstellen. U heeft formeel gelijk dat u het bij de begrotingsvaststelling in november pas over de volgende jaren gaat hebben. Maar u stelt wel de kaders vast, en binnen die kaders gaan wij die begroting opstellen. Wij mogen er dus op vertrouwen dat wij, wanneer u kaders vaststelt via het raadsvoorstel, daar ook op mogen bouwen. Als u dan ja zegt tegen extra geld voor groen, gaan wij ervan uit dat wij op basis daarvan een begroting kunnen opstellen. De voorzitter: Hiermee wil ik deze vraag en beantwoording afronden. Ik wil door naar de volgende vraag, die gesteld is door de heer Roeling en het azc en de tijdelijke woningprojecten betreft. Mijnheer Roeling, u heeft hier schriftelijke antwoorden op gekregen. Heeft u nog vervolgvragen? Aan u het woord. De heer Roeling van Mijn Partij. De heer Roeling: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst dank voor de uitgebreide beantwoording van de vragen. Er is één vraag waarbij ik een vervolgvraag heb. Er is asbest geconstateerd door dat onderzoek. Dat asbest wordt verwijderd en dan kan de grond overgedragen worden.
Maar wie is verantwoordelijk voor de onderzoeken en voor de asbestverwijdering? Ik neem aan dat dat soort onderzoeken en verklaringen ook bij de aankoop door de gemeente van het bedrijvenschap van diezelfde grond hoort? Hoe moeten wij dat zien? Waarom aanvullende of nieuwe onderzoeken terwijl dat, mogen wij aannemen, al bij de aankoop van het bedrijvenschap is overhandigd? En twee: er is asbest geconstateerd en wie is nu financieel verantwoordelijk voor het verwijderen daarvan? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling. Ik kijk naar wethouder Voskamp voor de beantwoording. Aan u het woord. 16
Wethouder Voskamp: Voorzitter, volgens mij is dit een herhaling van zetten. Dit antwoord is al gegeven. Bij de verkoop van de grond, en bij de aankoop van de grond door ons, is grond geleverd en getest. Op dat moment hebben wij niks gevonden. Toen wij de grond gingen overdragen aan het COA zijn er nieuwe testen gedaan, omdat we hadden afgesproken dat daar een verklaring over de grond bij zou zitten. Er zijn nieuwe testen gedaan. Op één meetpunt is asbest gevonden. Later is, bij een verdere detaillering, gebleken dat bij het meten al alle asbest is verwijderd. Er heeft dus verder geen sanering plaats hoeven vinden. Het is dus gebleven bij de kosten van dat onderzoek. Ook is er geconstateerd dat er scherven asbest gevonden zijn. Die scherven asbest zouden mogelijk na levering op dat gebied terecht zijn gekomen. Dat is niet meer te constateren. Die lagen er niet toen wij de eerste meting en controle deden bij het accepteren van de grond, en wel toen we de grond gingen overdragen aan het COA. We hebben die asbestschilfers in één middag laten verwijderen. Dat is een week of twee of drie geleden gebeurd en daarmee is het ook klaar. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Voskamp, voor de beantwoording. Dan wil ik door naar de volgende vragensteller. Dat is mevrouw Langeveld van het CDA. Zij heeft vragen gesteld over armoede en onderwijs.
Het college heeft er ook op gereageerd en mijn vraag aan mevrouw Langeveld is of u nog een aanvullende vraag of opmerking heeft. Aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een aantal vragen gesteld naar aanleiding van het rapport van afgelopen vrijdag over het Jeugdeducatiefonds, waarin wordt gesteld dat honderdduizenden kinderen in Nederland slechter presteren op school vanwege armoede en stress. Armoede is een onderwerp dat het CDA nauw aan het hart ligt, zeker wanneer er ook kinderen in het spel zijn. Wij staan voor kansengelijkheid voor alle kinderen en vinden dat alle kinderen toegang moeten hebben tot bepaalde voorzieningen, ongeacht de financiële situatie van ouders. Ik wil het college bedanken voor de uitgebreide beantwoording van mijn vragen. Het is ook goed om te lezen dat er in Midden-Delfland veel aandacht is voor dit onderwerp en dat er veel aandacht voor is op de scholen waar de kinderen zich bevinden. Dat stemt mij positief, en ik hoop ieder van ons, dus nogmaals dank. Ik heb geen aanvullende vraag. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Langeveld, voor uw toelichting en compliment aan de wethouder. Dan ga ik door naar de heer Gebben, die een vraag had over het uitblijven van de documenten over de energieopslag. Ik zie uw lampje branden, heeft u nog aanvullende vragen? Aan u het woord. De heer Gebben: Dank voor het antwoord.
Het is helder en wij wachten het rustig af. Dank u. De voorzitter: Dat is duidelijk. Dank u wel. Dan gaan we door naar de vraag vanuit de heer Van der Spek van Mijn Partij over het uitblijven van een reactie op vragen over natuurtuin De Keen. Het was een artikel 42-vraag. De heer Van der Spek, aan u het woord. De heer Van der Spek: Ja, dank u wel. Inderdaad, wij hebben op 26 maart jl. een vraag ingestuurd met een termijn van dertig dagen. Die waren deze week verlopen, dus wij hadden wel wat irritatie. Waarom is het niet mogelijk om binnen dertig dagen antwoorden te geven? Vanmiddag laat heb ik van het college een brief ontvangen met de beantwoording en een uitgebreid excuus, dank daarvoor. Maar we hebben ook niet voor niets vragen ingediend met een dertigdagentermijn. We verwachten wel binnen de termijn ook een beantwoording te krijgen. Dat was dus een lichte irritatie bij ons. Ik zou de brief graag formeel van het college willen hebben, via een collegebrief, zodat die ook kan worden opgenomen in de stukken. Dan kunnen wij er eventueel nog een reactie op gaan geven. Daarvoor dank. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Spek. Dat is duidelijk, lijkt mij. Ik wil doorgaan naar de volgende vraag, de laatste vraag. Het woord is aan de heer Roeling over de recente stroomstoringen in de gemeente. Die vraag is inderdaad urgent en actueel en dus ook recent binnengekomen.
De heer Roeling: Nou, voorzitter. 17
De voorzitter: Nou ja, zeg! Hij wist het zelf nog niet. De heer Roeling: Nee, er gebeuren allemaal dingen achter mijn rug om, voorzitter. Ik ga dit toch heroverwegen. De voorzitter: De heer Roeling, heeft u na de beantwoording daarop nog aanvullende vragen? Aan u het woord. De heer Roeling: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de snelheid waarmee we de antwoorden hebben mogen ontvangen. Wij vonden het toch wel actueel en het wordt alleen maar actueler. Wij hebben dus vragen gesteld en die zijn beantwoord. Toen ik de beantwoording las, heb ik mezelf wel de vraag gesteld of onze inwoners nu gerustgesteld zouden zijn. Met andere woorden, gaan we af van een frequentie dat er één stroomstoring per week voorkomt, zoals in de afgelopen maand? Dat het niet meer voorkomt. Ons heeft de brief niet gerustgesteld. Misschien is het te kort dag om dit wat nadrukkelijker te bespreken, maar voor ons is belangrijk dat wij als gemeente feitelijk eigenaar zijn van de kabels en leidingen die onze bedrijven en woningen voorzien van energie. Het antwoord dat we kregen is dat het van de website van Westland Infra is afgehaald en dat er ook wel eens wordt gereageerd als klant.
Wij denken dat toch wat beter tussen de oren moet komen dat er toch wel een grotere verantwoordelijkheid ligt bij de gemeente, omdat wij zelf eigenaar zijn van kabels en leidingen, en dat we daar als gemeente veel korter op moeten zitten. We gaan het even afwachten, de reactie van het college kan met de korte termijn te maken hebben, dat weet ik niet, maar dit is voor onze bewoners niet geruststellend. Ik heb geen vragen, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling. Dat betekent dat wij de vragenronde hiermee hebben afgerond en dat ik ben toegekomen aan het laatste agendapunt, het sluiten van de vergadering.
10.
Sluiting van de vergadering
De voorzitter: Ik dank u allen weer voor uw bijdragen en inbreng. De volgende vergadering is op 24 juni a.s. en zal onder leiding staan van de waarnemend voorzitter, de heer Roeling. Ik heb er alle vertrouwen in dat die vergadering ook in goede banen zal worden geleid. Ik sluit hierbij de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 24 juni 2025.
de griffier, A. de Vos
de voorzitter, F.I. Noordermeer-van Slageren
18