CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

2025 m 05 d 27 Vsl raad

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Vaststellen van de notulen vergadering 27 mei 202512.684 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 27 mei 2025, 19.30 uur. Voorzitter

: F.I. Noordermeer-van Slageren, burgemeester

Griffier

: A. de Vos

Aanwezig : de heer B.J. Ammerlaan (Mijn Partij), J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer H. Rodenburg (CDA), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig

: de heer J.J.C. Moerman (VVD)

Tevens aanwezig: mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders; de heer J. van den Ende, inspreker

1.

Opening van de vergadering

De voorzitter: Goedenavond. Welkom op de raadsvergadering van dinsdag 27 mei 2025. Hartelijk welkom aan het college, griffier en de bodes die voor ons weer lekker koffie en thee inschenken. Ik vermeld hierbij dat de heer Moerman zich voor vanavond heeft afgemeld en dat, zoals u bekend, de heer De Leede heeft besloten om ontslag te nemen als wethouder. Wij danken hem vanaf deze plaats heel hartelijk voor zijn inzet en grote betrokkenheid, en wensen hem, als raad, nogmaals het allerbeste toe. Ik open hierbij de vergadering.

2.

Regeling der werkzaamheden

De voorzitter: De gemeenteraad behandelt de ingekomen stukken die de afgelopen maand bij de griffie zijn binnengekomen. Het gaat hierbij om de wijze van de behandeling. Wat dat betreft gaan we eerst lijst A, de brieven van het college, behandelen. Wie wenst hierover het woord? Ik zie even een opgestoken hand. Mevrouw Langeveld, aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Ja, dank u wel. Ik heb een vraag gesteld over brief A 25030. Die brief gaat over het beleidskader en Actieplan Jeugd en cijfermatige ontwikkelingen. Ik wil het college bedanken voor de beantwoording. Ik ben het eens met wat het college voorstelt, namelijk om de inhoud van deze brief te betrekken bij de inkoopstrategie, die in juni op de agenda staat. Daar had ik zelf ook al aan gedacht. Mijn vraag aan het college is dus om deze brieven dan ook toe te voegen aan de stukken van juni, en misschien ook de memo die de fracties van de VVD en het CDA gemaakt hebben, toe te voegen. Die hebben daar allemaal mee te maken, dus dan hebben we het hele pakketje compleet. Bij dezen ook nogmaals dank aan het college. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Langeveld. We hebben u gehoord en zullen dat meenemen. Dank u wel. Wie wenst verder het woord over de brieven vanuit het college? Mijnheer Van Rijs, aan u het woord. De heer Van Rijs: Dank u wel. Het gaat over A 25034, de voortgang van vervoersvoorziening de MUS.

Hartelijk dank aan het college voor die brief. We willen deze brief graag agenderen voor de volgende commissievergadering. We zullen een aantal technische vragen stellen. Dan gaat het over de redenen van dit vervoersmiddel ten opzichte van het bestaande vervoersmiddel en over zowel de kosten als de vragen over een vergoeding daarvoor. Dat is een debat dat we graag in de commissie willen voeren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Rijs van het CDA. Het staat genoteerd. Dan gaan we door naar lijst B, de brieven van derden. Wie wenst hierover het woord? Dat is niemand. Dan gaan we door naar lijst C, de beantwoording van de schriftelijke vragen van de leden van de raad. Het gaat om de vragen van de heer Knaap over luchtkwaliteit in Midden-Delfland. Mijn vraag aan de 1

heer Knaap is of hij hier nog aanvullende vragen op heeft. Het woord is aan mijnheer Knaap. De heer Knaap: Dank u wel, voorzitter. Dank aan het college voor het toch wel heldere antwoord dat gegeven is. We hebben natuurlijk wel een paar aanvullende vragen. Voor OGP Midden-Delfland is het belangrijk dat we goed werken aan schone en gezonde lucht in Midden-Delfland. We zitten echt in een gebied waarin dat echt flink benedenmaats is. Het wordt wel eens het slechtste stukje van Nederland genoemd. In het coalitieakkoord hebben we ook afgesproken dat we inderdaad zouden onderzoeken of we kunnen aansluiten bij het Schone Lucht Akkoord. Ik begrijp uit het antwoord dat daar wat haken en ogen aan zitten en dat daar een analyse op gedaan is. Ik zou het heel fijn vinden om die analyse te ontvangen. Dan kan ik daar ook een mening over vormen. Mijn eerste vraag is dus of wij die analyse van u kunnen krijgen, en wanneer dan. U stelt dat er binnen acht weken een besluit wordt genomen en dat wij daarover worden geïnformeerd. Ik zou het ook wel fijn vinden om te weten welk besluit u gaat nemen, want dat is me uit deze beantwoording nog niet helemaal duidelijk. Daarover mag u dus wat mij betreft ook wat extra informatie aan ons doen toekomen. Dan kom ik op de daadwerkelijke overlast die in sommige kernen plaatsvindt. U geeft aan al in te zetten op voorlichting daarover. Dat klopt.

Dat doen we al jaren en dat doen we vrij intensief. Toch zijn de signalen die wij uit de kernen krijgen dat dat niet helpt. Amersfoort heeft daar het voortouw in genomen. Ik vind het fijn dat de ambtenaren ook moeite hebben gedaan om te vragen hoe het daar gaat. Het beeld dat terugkomt, is 'we blijven toch informeren'. Ergens voelt het toch een beetje onbevredigend voor de mensen die hier gewoon echt last van hebben, die echt last hebben van hun gezondheid. Elke keer worden er dan netjes briefjes gestuurd en worden er wijken, of stukjes van wijken, geïnformeerd, maar het helpt niet. Ik ga dus nog even nadenken over of er toch nog andere mogelijkheden zijn. Als het college die ziet, zou ik die ook graag vernemen. De laatste vraag gaat over de ontheffingen op het verbranden van snoeihout. Het is fijn dat het college ook ziet dat er wel wat andere mogelijkheden zijn en zegt te gaan onderzoeken in hoeverre die alternatieven voor het verbranden van snoeihout haalbaar en duurzaam zijn. Ik zou graag van het college willen weten wanneer zo'n onderzoek afgerond is en wij dat als raad tegemoet kunnen zien. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Knaap. Ik wil hierover het woord graag geven aan wethouder Oderwald. Wethouder Oderwald. Wethouder Oderwald: Dank u wel, voorzitter. Schone lucht is een belangrijk element voor de gezondheid.

Dat is ook waarom de GGD Haaglanden daar onderzoek naar heeft gedaan en er ook over in overleg is geweest met de ODH. Het is ook zeker in onze gemeente belangrijk, maar hoe gaan wij daar dan in onze gemeente mee om? Daar zijn verschillende mogelijkheden voor. Die analyse ontvangt u binnenkort. Ik heb de analyse namelijk al in concept liggen, maar een definitieve overweging moet het college nog maken. Die extra informatie gaat u dus krijgen. We hebben in de beantwoording van de artikel 42-vragen aangegeven dat het moeilijk is om te handhaven. We zijn heel blij dat Amersfoort daarin pioniert, maar dat wilden we toch liever zelf niet doen omdat het een hoop inspanning kost om dat juridisch allemaal voor elkaar te krijgen. Wij volgen dat dus. Ik begrijp uw mening dat dat voor nu wat onbevredigend is, maar het gaat er ook om de slimme volger te spelen. Dat is wat wij aan het doen zijn. Met betrekking tot de ontheffingen op het gebied van snoeihout gaan we, omdat het vaak een seizoensactiviteit is, eigenlijk enkele seizoenen de tijd nemen om met de initiatiefnemers het gesprek aan te gaan. Het is niet een actie op zich, maar juist bedoeld om met de aanvragers actief in gesprek te gaan. Ik denk dus niet dat er nog per se binnen deze raadsperiode een terugkoppeling komt. Daarom onthoud ik mij ook van het antwoord wanneer het precies komt. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, wethouder Oderwald. Ik zie dat de heer Knaap daarover nog een vervolgvraag wil stellen. De heer Knaap van de OGP Midden-Delfland. De heer Knaap: Dank u, voorzitter. Ten aanzien van het laatste heb ik een beetje bijgehouden hoeveel ontheffingen er gegeven worden. Dat zit tussen de 55 en de 70 ontheffingen per jaar. Dat is echt bizar veel als je erop gaat letten. De vraag aan de wethouder is: gaat u al die adressen langs? Hoe gaat u dat doen? Het is leuk om zo'n gesprek aan te gaan, maar ik denk dat je op een 2

gegeven moment, als je iets wilt, wel iets meer moet doen dan alleen een gesprek aangaan. Het zou dus wel fijn zijn als daar wat vaart achter zit, zeker omdat schoneluchtambities toch al een tijdje op de agenda staan in Midden-Delfland. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Knaap. Ik kijk even naar de wethouder. Aan u het woord. Wethouder Oderwald: Voorzitter, we moeten er toch echt even zorgvuldig mee aan de slag gaan. Natuurlijk gaan we dat niet casus voor casus bespreken, en gaan we voor elke casus de alternatieven in kaart brengen, maar we willen wel iedereen gelijk behandelen daarin en zorgen dat de effecten in ruimere zin voor iedereen gelijk zijn. Daar moeten we dus even iets planmatiger mee aan de slag. De voorzitter: Dank u wel. Ik constateer hiermee dat wij alle ingekomen stukken behandeld hebben, en daarmee agendapunt 2 hebben afgesloten. Lijst A, B en C worden ongewijzigd vastgesteld.

3.

Spreekrecht voor belangstellenden

De voorzitter: Eén spreker heeft zich voor vanavond gemeld. Dat is de heer Van der Ende van DIOS. Hij zal de raad toespreken over punt 6 van de agenda. Ik nodig de heer Van der Ende van harte uit om naar het spreekgestoelte te komen. U krijgt vijf minuten de gelegenheid om uw woord te doen. Hierna zal de raad in de gelegenheid gesteld worden om vragen te stellen. U kunt daar dan weer een toelichting op geven. Hierbij geef ik u van harte het woord. Mijnheer Van der Ende van DIOS. De heer Van der Ende: Dank u wel, voorzitter. Graag zou ik iets willen vertellen over de subsidieaanvraag die DIOS gedaan heeft voor de aanschaf van een blaashal, tenminste een gedeelte ervan. Voor de duidelijkheid: de leverancier heeft het over een blaashal, bij DIOS hebben we het over een ballonhal. Vandaar dat men zich wel eens afvraagt waar wij het over hebben. Als eerste iets over de ballonhal. De ballonhal bestaat uit een huid, met daaroverheen isolatiefolie en dan weer UV-folie. Als laatste komt er een roestvrijstalen net overheen. Dat roestvrijstalen net hebben we nog steeds en kunnen we hergebruiken. De ballonhal wordt opgezet over buitenveld 1. Dit buitenveld zit niet in deze subsidieaanvraag. De subsidieaanvraag gaat alleen over de ballonhal.

Nadat de ballonhal over het buitenveld is opgezet, wordt er over de bestaande vloer een nieuwe vloer uitgerold – we hebben een opgerolde vloer – en die is van hoge kwaliteit en geschikt voor zaalhandbal. Het buitenveld is dan dus niet meer zichtbaar. Er ligt dan een extra vloer overheen. Die lijkt op die van een gymzaal, maar is speciaal voor zaalhandbal. Op deze vloer hebben we nieuwe belijning nodig, vandaar dat dit ook in de subsidieaanvraag staat. We hebben na het stopzetten van het project vaste sporthal bekeken wat de beste optie was voor DIOS om in het winterseizoen weer te kunnen sporten. Uiteindelijk is de aanschaf van een deel van de ballonhal daaruit gekomen. Om de aanschaf en het op tijd plaatsen van de ballonhal mogelijk te maken, was het noodzaak snel te handelen. Daarom hebben we op 2 april jl. een subsidieaanvraag ingediend, met een raming van kosten. Dit is ook zo vermeld in de subsidieaanvraag. Na de inspectie en meting van de ankers – dit kon pas uitgevoerd worden nadat de ballonhal weggehaald was – is de definitieve offerte van de leverancier gekomen. Deze definitieve offerte kwam helaas pas op 7 mei jl. om 16.30 uur bij ons binnen, maar ik heb 's avonds nog een nieuw financieel overzicht gemaakt en dat naar de gemeente gestuurd met een omschrijving van de redenen voor de hogere kosten.

In deze nieuwe offerte gaf de leverancier aan dat zijn leverancier in maart een prijsstijging van de grondstoffen had doorgevoerd. In die offerte zijn ook de aanpassingen van de inspectie- en trekmeting van de ankers meegenomen. Tevens is in overleg met de leverancier en de plaatselijke elektricien een offerte van de elektra aangeleverd. Ook de offerte van de belijning is meegenomen in de aanpassing van de subsidieaanvraag. De volgende onderdelen hebben dus gezorgd voor een verhoging van de subsidie. De duurdere huid, de doeken die extra vervangen moesten worden, extra kosten voor de ankers, een verhoging van de revisiekosten, kosten voor aanpassing van de elektra en de kosten voor de belijning van die oprolbare vloer. Maar met de aanschaf van deze ballonhal, die voorzien zal zijn van ledverlichting, zijn wij ervan overtuigd dat wij minimaal de komende vijftien jaar in het winterseizoen weer binnen kunnen sporten. DIOS en al haar leden hopen dan ook dat u akkoord gaat met de subsidieaanvraag zoals deze op 7 mei jl. is ingediend en 3

dat we morgen de ballonhal kunnen bestellen, zodat die in september opgezet kan worden. Dank u voor de aandacht. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van der Ende. Ik kijk even de zaal in of er vanuit de raad verduidelijkende vragen zijn. Daarbij merk ik wel even op dat het niet de bedoeling is om in dialoog te gaan maar echt uitsluitend aanvullende vragen te stellen. Als eerst wil ik het woord geven aan de heer Ringeling van de ChristenUnie. Aan u het woord. De heer Ringeling: Voorzitter, dank. Dank voor het inspreken. Het is duidelijk. Wat ik mij afvraag, is wat er misgaat, of nou, misschien klinkt dat een beetje raar. Wat zou u niet kunnen doen of wat zou u juist wel moeten doen als de raad vandaag instemt met het subsidievoorstel van vóór 7 mei jl.? Dus niet met dat van € 96.000,00, maar met dat van € 84.000,00. Hoezeer brengen wij u dan in de problemen? Snapt u de vraag? De voorzitter: Dank voor de vraagstelling. Ik geef graag het woord aan de heer Van der Ende, aan u het woord. De heer Van der Ende: Dank u wel, voorzitter. Als we minder subsidie krijgen, zullen we meer geld moeten lenen. En lenen kost geld. Dus dan hebben we een minder plausibele begroting voor volgende jaren. Ik moet het oplossen, want we moeten spelen. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar de heer Knaap van de OGP Midden-Delfland. Aan u het woord. De heer Knaap: Dank u wel, voorzitter.

Mijnheer Van der Ende, we hebben al wat contact gehad. Wat ik van u nog even wil weten, is of u de deadline van september nog haalt, mocht uw wens gegund worden door deze raad, dus als het positief uitpakt. De heer Van der Ende: Ja. De heer Knaap: Misschien mag mijn tweede vraag ook meteen? Anders blijven we heen en weer gaan. De voorzitter: Dat lijkt me een goed plan. De tweede vraag mag erbij, mijnheer Knaap. De heer Knaap: Mijn tweede vraag gaat over die lening die u nog moet afsluiten met de Stichting Sportcomplex, dat is ook een voorbehoud in het verstrekken van de subsidie. Is dat inmiddels gelukt? Staat er daarna ook niets meer in de weg? Dat zijn mijn vragen, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Ende. De heer Van der Ende: Dank u wel, voorzitter. De eerste vraag is dus met ja beantwoord. De tweede vraag is eigenlijk ook met ja beantwoord. De lening is geregeld. Ik heb de handtekening gezet, en de penningmeester van de stichting ook, maar de secretaris van DIOS was op vakantie. Die gaat de komende week een handtekening zetten en dan is het klaar. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar de heer Van der Spek van Mijn Partij. Aan u het woord. De heer Van der Spek: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag aan de heer Van der Ende over de compensatieregeling die getroffen is met DIOS.

De compensatie was € 24.000,00, vanuit de middelen die u voorheen al voorgeschoten had. Dekt de compensatie die u heeft gekregen de kosten? Boven het subsidiebedrag heeft u € 24.000,00 gekregen als compensatie voor de geleden kosten. De voorzitter: Dank u wel voor uw vraag. Ik geef het woord aan de heer Van der Ende. De heer Van der Ende: Dank u wel. Het antwoord is dat die compensatie van € 24.000,00 en nog 4

een beetje de kwijtschelding van de aanvraag van de vergunning is. Wij hebben ook in de subsidieaanvraag aangegeven dat die kosten die al gemaakt zijn, € 38.000,00, niet in dat bedrag zitten. Het totaal was € 38.000,00 plus € 24.000,00, dus rond de € 63.000,00. Wij hebben compensatie gevraagd voor het intrekken van de vergunning voor dat bedrag. De al betaalde € 38.000,00 hebben wij niet meegenomen. De voorzitter: Ik zie een vervolgvraag bij de heer Van der Spek. Aan u het woord. De heer Van der Spek: De vervolgvraag is of u daarmee kunt leven, met die deal die gemaakt is. Ik zie u ja knikken. Mijn tweede vraag gaat over de ventilatoren. Ik heb twee offertes gelezen. De eerste offerte was voor de totale vervanging, dat was iets van € 60.000,00 en € 20.000,00 voor het reviseren van de ventilatoren. Die € 20.000,00 is opgenomen. Ik speel even de advocaat van de duivel. Volgend jaar overlijden de ventilatoren, want ze zijn best oud. Dan moet er weer een reservering gemaakt worden. Heeft u die dan op dat moment? Dat is meer ook voor het college, het is handig als u aangeeft hoe hard u die middelen nodig heeft voor deze ballonhal. Want het zou zo kunnen gebeuren dat de ventilatoren er volgend jaar echt mee uitscheiden, en dan hebben we weer een probleem, althans, dan heeft DIOS een probleem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Spek.

Het woord is aan de heer Van der Ende. De heer Van der Ende: Dank u wel. Ik wacht nu netjes tot ik aan de beurt ben. Het klopt dat we in de eerste aanvraag € 20.000,00 voor het reviseren van de ventilatorenunit hebben aangevraagd. In de tweede versie hebben we € 30.000,00 gedaan, op advies van de techneuten die de ventilatorenunit onderhouden. Zij geven wel aan dat een totaalvervanging zonde van het geld is. Met een revisie moeten we er gewoon weer vijftien jaar mee door kunnen gaan. Het is dus niet de totaalunit die vervangen moet worden, maar een groot gedeelte moet dat wel. Door lokale installateurs in te schakelen, kunnen we daarop bezuinigen, denk ik. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Ende, voor het beantwoorden van de vragen, maar uiteraard ook voor uw betoog. Het naar voren gebrachte zullen we straks meenemen bij het behandelen van agendapunt 6. U wordt van harte uitgenodigd op de publieke tribune of achter in de zaal plaats te nemen. De heer Van der Ende: Dat doe ik. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan wij de vergadering vervolgen. We gaan naar agendapunt 4, dat is het vaststellen van de agenda.

4.

Vaststellen van de agenda

De voorzitter: Mijn vraag aan u is of u kunt instemmen met de agenda en de volgorde zoals die voorligt. Ja. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

5.

Hamerstukken

5a. 5b.

Verslag vergadering 15 april 2025 Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) gemeente MiddenDelfland

De voorzitter: Dan gaan wij door naar de hamerstukken. De hamerstukken 5a. en 5b. zijn hiermee vastgesteld. De hamerstukken worden vastgesteld.

6.

Subsidieaanvraag blaashal DIOS en afdoening motie

De voorzitter: Dan gaan we naar de bespreekpunten. In de vergadering van vanavond hebben we drie bespreekpunten voor ons liggen, waarvan er twee vanuit de commissie besproken/ingebracht zijn, namelijk de DIOS zoals zojuist ingeleid, en de actualisering van de grondexploitaties. Tot slot 5

hebben we een agendapunt dat niet eerder in de commissie besproken is. Als eerste gaan wij naar agendapunt 6, de bespreking van de subsidieaanvraag blaashal DIOS en de afdoening van de motie. Het voorstel betreft een incidentele subsidie voor een noodzakelijke vervangingsinvestering die bijdraagt aan het kunnen voortzetten van de handbalactiviteiten van DIOS in Den Hoorn. De raad wordt voorgesteld via een begrotingswijziging een budget beschikbaar te stellen van € 84.234,50 voor vervanging van de blaashal. Bij de commissiebehandeling hebben meerdere fracties aangegeven hier vanavond, zoals gezegd, nog nader over te willen spreken. Ik inventariseer hierbij wie hierover in de eerste termijn het woord wil voeren. Ik zie de heren Gebben, Knaap, Zwaard, Van der Spek en Ringeling. Als eerst wil ik het woord geven aan de heer Knaap van de OGP Midden-Delfland. Aan u het woord. De heer Knaap: Dank u wel, voorzitter. Het dossier is regelmatig langsgekomen in de afgelopen periode, dus veel is al gezegd en veel is al gedaan. Er is ook veel gedaan sinds maart en daar is de fractie van OGP Midden-Delfland bijzonder blij mee. In maart hebben wij een motie aangenomen. Toen was al duidelijk dat op ambtelijk niveau al meteen met DIOS in contact is getreden. DIOS heeft volgens mij hartstikke hard gewerkt om te komen tot goede offertes.

Er zijn afspraken gemaakt over hoe dat kan worden omgezet in een subsidie. In de initiële subsidieaanvraag zaten nog een paar stevig losse eindjes waar wij ons zorgen over maakten. Die waren ten tijde van de commissievergadering net bekend. Overigens heb ik ook bijzonder veel waardering voor het feit dat DIOS het op 7 mei jl. heeft gekregen en het ook op 7 mei direct kenbaar heeft gemaakt aan de gemeente. Daarmee is de informatie ook superactueel. Eigenlijk vinden wij dat DIOS, met het wegnemen van die laatste risico's, ook een heel solide voorstel heeft gedaan, waarvan wij vinden dat het niet meer dan redelijk is, in het licht van de motie die wij als gehele raad hebben aangenomen in maart, dat op dezelfde manier te behandelen. Wij willen dus netjes een derde van de kosten van de aanschaf en vernieuwing van de ballonhal of blaashal in de subsidieaanvraag opnemen. DIOS neemt twee derde voor zijn rekening door een lening en eigen geld. Daarnaast willen wij, zoals voorgesteld in de commissie, de legeskosten gewoon vergoeden. Dat staat niet in het raadsvoorstel. Dat kon ook niet, dat is aan ons als raad. Nu zijn wij in dit dossier wel gewend regelmatig een amendement of een motie te schrijven, dus dat hebben wij als fractie in dit geval ook gedaan. Dat amendement willen wij ook indienen. Het is medeondertekend door de fracties van VVD en CDA, die deze mening ook verkondigen.

Ik zal het dictum even voorlezen. Het gaat alleen over het eerste besluit. Ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: het besluit om 'in te stemmen met een bedrag van € 84.234,50 beschikbaar stellen via begrotingswijziging 2025-10 voor de vervanging van de blaashal' te wijzigen in 'in te stemmen met een bedrag van € 96.366,50 beschikbaar stellen via begrotingswijziging 2025-10 voor de vervanging van de blaashal'. We zijn blij dat de heer Van der Ende net ook zei dat de opdracht ongeveer vanavond nog de deur uitgaat, als dit inderdaad zo gebeurt, en dat er dan in september nog binnen kan worden gesport. Het enige jammere is dat ik dan nog vijftien jaar lang een sms'je of een appje krijg met de vraag of ik weer wil helpen met het opzetten ervan. Die hobby blijft er, denk ik. Dit amendement wil ik graag indienen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Knaap. Het amendement nemen wij in ontvangst. Dank u wel. Ik ga in de eerste termijn door, door het woord te geven aan de heer Gebben van de VVD. Aan u het woord. De heer Gebben: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst een woord van dank aan de heer Van der Ende voor het inspreken. De subsidieaanvraag van DIOS. Voor de VVD blijft het ongelooflijk teleurstellend dat we op dit punt uitgekomen zijn.

Met een beetje meer lef en ambitie van het college, maar ook van een groot deel van deze raad waren we hier namelijk niet uitgekomen en hadden we niet de huid hoeven vervangen maar waren we met zijn allen gegaan voor het realiseren van een mooie dubbele sporthal op het sportpark in Den Hoorn, een perfecte plek. Wat ons betreft is het een gemiste kans, misschien wel een enorme blunder, de toekomst zal het leren. Uiteraard gaan wij akkoord met deze subsidie. Zonder vervanging van de huid kan er in de hal niet verantwoord gesport worden, en dat moet natuurlijk worden voorkomen. Ook het amendement ondersteunen wij en hebben wij medeondertekend. Het is in onze ogen het minste wat we kunnen doen voor DIOS, nu zij hun nek hebben uitgestoken en toch met een flinke financiële kater blijven zitten. Nogmaals, voorzitter, we hebben hier wat ons betreft een gouden kans laten liggen om iets 6

moois te realiseren voor Den Hoorn. Het minste wat wij nu kunnen doen is de nadelige gevolgen voor DIOS tot een minimum beperken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, de heer Gebben. Ik wil graag het woord geven aan de heer Zwaard van het CDA. Aan u het woord. De heer Zwaard: Dank u wel, voorzitter. We hebben het over het voorstel voor subsidieverlening aan DIOS. Allereerst een woord van dank aan de inspreker. Zijn verhaal was duidelijk. Ook de vragen die gesteld werden, verduidelijkten het verhaal van de heer Van der Ende nog. Na het mislopen van de plannen voor een sporthal zijn zowel DIOS als de gemeente Midden-Delfland voortvarend verdergegaan met een nieuw en alternatief plan voor een ballonhal. Het heet dus geen blaashal, aldus de heer Van der Ende. Het voorliggende begrotingsvoorstel om ruim € 84.000,00 aan subsidie te verstrekken was aan de hand van een voorlopige begroting. Zoals de heer Van der Ende al aangaf, is 7 mei jl. de definitieve offerte uitgebracht. Deze valt iets hoger uit dan de eerder geraamde kosten, met als gevolg een aangepast voorstel door middel van een in te dienen amendement, dat ook CDA ondertekend heeft. Het CDA kan dan ook, vanzelfsprekend, akkoord gaan met dit geamendeerde voorstel, waarmee de uitkomst van de subsidie komt te liggen op € 96.366,50.

Zorgen wij hiermee voor een precedent? In de ogen van het CDA doen we dit niet, gezien de voorgeschiedenis met een teleurstellende afloop, niet alleen financieel. Daarom kunnen wij instemmen met het aangepaste voorstel. Wel zegt het CDA dat hiermee de koek op is. Dit voorstel is definitief en we gaan niet nog meer aanpassen. Dit is het en daarmee moet het ophouden. Nogmaals een compliment aan DIOS, maar ook aan wethouder Oderwald. Het is een mooi voorstel. De sporthal die er komt te staan, heeft een bredere betekenis dan alleen de handbal van DIOS. Er worden ook Sinterklaasfeesten en dergelijke in gehouden, dus wat ons betreft is het een mooi voorstel waarmee ook de motie 'Help DIOS doorzetten' ingevuld gaat worden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Zwaard, voor uw aanvulling. Dan wil ik graag het woord geven aan de heer Van der Spek van Mijn Partij. De heer Van der Spek, aan u het woord. De heer Van der Spek: Dank u wel, voorzitter. DIOS. Een lang verhaal, we zijn er lang mee bezig geweest. We hebben veel problemen besproken en er zijn veel problemen gekomen. Die zijn ook weer uitgesproken met elkaar. Ik denk dat het goed is dat we nu eens DIOS helpen doorzetten, zoals het ook in de stukken wordt genoemd. Ik denk dat dit ook het moment is waarop we moeten doorzetten, omdat DIOS lang genoeg heeft gewacht, maar ook vanwege de timing.

Ik denk dat we een goed besluit moeten nemen vanavond. Ik heb die vraag gesteld aan de heer Van der Ende over die compensatieregeling die getroffen is. Hij is er content mee. Wij hadden hem graag iets hoger gezien. Het zijn toch kosten die DIOS heeft gemaakt, waarvoor ze zelf het boetekleed hebben aangetrokken. Maar goed, ze kunnen ermee leven. Wij kunnen leven met het tweede voorstel, vanuit de tweede offerte van DIOS. Wij zullen dus ook het amendement steunen en DIOS veel succes wensen met de verdere voorbereidingen op de hal. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik vervolgens het woord geven aan de heer Vieira van D66. Aan u het woord. De heer Vieira: Dank u wel, voorzitter. Ook namens ons dank aan de heer Van der Ende voor het inspreken zojuist. Het stuk is heel helder. Trouwens ook complimenten aan heel DIOS voor het zo snel schakelen nadat de ambities van deze gemeente en de club hoger lagen met een sporthal. Er moest toch doorgeschakeld worden, nadat er een negatief financieel advies kwam en dat is ook gedaan. Dank ook aan het college voor het feit dat het het zo snel opgepakt heeft. Daarna zijn er – we hebben het zojuist gehoord – wat aanpassingen gekomen in de aanvraag. Wat goed is, in onze ogen, is dat onze raad vorig jaar beleidskaders heeft vastgesteld. We hebben toen gezegd een derde te financieren. Daarmee is meteen duidelijk wat we moeten doen.

Wat ons betreft doen we dat aan de hand van het nieuwe bedrag dat het uiteindelijk is geworden. Dan blijven de leges die er zijn nog over. Dan krijg je al gauw de vraag of je die dan ook moet vergoeden of niet. Formeel zit het er niet in, volgens de kaders die wij met elkaar hebben vastgesteld. Wij zijn van mening dat je het moet kunnen uitleggen als je het toch wilt doen. In onze ogen is dat ook uit te leggen. DIOS 7

heeft namelijk de afgelopen periode niet alleen voor zichzelf, maar ook voor Den Hoorn en voor veel meer dan alleen de eigen vereniging, de nek uitgestoken. Daarom is er in onze ogen geen sprake van precedentwerking en kunnen wij ook het amendement van OGP Midden-Delfland, dat ook wordt ondersteund door andere partijen, ondersteunen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Vieira. Dan wil ik tot slot het woord geven aan de heer Ringeling in deze eerste termijn. Gaat uw gang. De heer Ringeling: Ja, voorzitter, dank. Het dossier loopt al een poosje en er is in de afgelopen maanden al heel veel gezegd over nut en noodzaak. Wij onderstrepen het nut en de noodzaak van de sporthal en daarna de ballonhal. Wij snappen dat het college zegt dat nu elke euro telt, maar het maatschappelijk belang van de ballonhal en wat DIOS doet, achten wij in dit geval toch wel de doorslaggevende factor in het voorstemmen voor het amendement, dat door sommige partijen is ingediend. Wij zullen het amendement dus steunen. Ik zou zeggen eind goed, al goed, maar de koek is dan ook wel echt op. Wat dat betreft sluit ik me aan bij de heer Zwaard. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ringeling. Daarmee hebben we de eerste termijn gehad. Ik kijk even naar de wethouder om te bekijken of zij wil reageren. Er zijn geen vragen gesteld, dat klopt.

Dat betekent dat ik vervolgens constateer dat we vanuit deze eerste termijn nog zekerheidshalve kijken of de behoefte aan een tweede termijn bestaat. Dat is niet het geval. Dan constateer ik dat wij over kunnen gaan tot stemming over het amendement. Ik wil u ook verzoeken om uw stem uit te brengen op het amendement. Het dictum is voorgelezen en het amendement is door OGP Midden-Delfland, VVD en CDA ingebracht. Mijnheer Jongsma, krijg ik ingefluisterd, wordt verzocht mee te stemmen door handopsteking. Mijnheer Jongsma, mag ik u vragen uw stem uit te brengen? U zegt ja. Dat betekent dat het amendement met een volledige 100% positief geaccordeerd is. Het amendement is dus aangenomen. Het amendement wordt unaniem aangenomen. De voorzitter: Dan gaan we over tot besluitvorming over het voorstel zoals het, met het amendement, voorgelegd wordt. Ook daarbij wil ik u verzoeken om uw stem uit te brengen. De stemming is weer geopend. Iedereen heeft gestemd. Mijnheer Jongsma heeft geen ja, maar een akkoord. Dat betekent hetzelfde. Het betekent dat het voorstel met algehele stemmen is aangenomen. Het geamendeerde voorstel wordt unaniem aangenomen. Ik kijk even naar boven, naar de tribune. Mijnheer Van der Ende, daarmee wil ik u feliciteren en ook heel veel succes wensen. Eén ding is zeker: u heeft een hulp bij het opbouwen van de ballonhal. We hebben hier een vrijwilliger.

Dan gaan we vervolgens door naar agendapunt 7.

7.

Actualisering Grondexploitaties per 1 januari 2025

De voorzitter: Op grond van regelgeving is het noodzakelijk dat de grondexploitaties jaarlijks worden geactualiseerd. Het voorstel is besproken in de commissie. Alleen de fractie van Mijn Partij heeft te kennen gegeven dit vanavond te willen bespreken. Daarbij gaat het voornamelijk over de transparantie van de documenten. Wie van de raad mag ik hierover verder nog het woord geven, wie wil hier verder nog het woord over voeren? Mijnheer Van der Eijk en mijnheer Roeling. Ik wil u als eerst het woord geven, mijnheer Roeling van Mijn Partij, aan u het woord. De heer Roeling: Dank u wel, voorzitter. De jaarlijkse grondexploitaties. We hebben jaren gestreden om tot een vast format te komen waarin alles veel duidelijker werd per grondexploitatie. We hebben afgelopen jaren gezien dat de informatie alleen maar is afgenomen. We hadden bij het oudere format een overzicht, een perspectief voor de komende jaren. Wanneer gaan we kosten maken, wanneer hebben we de opbrengsten? Wat is het percentage uitgeefbare grond? Zo waren er nog meer dingen waar we het college aan konden houden. Desnoods kon de raad daar dan nog aan die knoppen draaien door meer grond uit te laten geven, omdat dat het saldo van de grondexploitatie verbetert. Dat is allemaal verdwenen. Ik heb wel gezien dat er wel een verantwoording is over dit moment. 'Dit moment' is dan 1 januari 2025. Dat geeft dus ook alweer 8

een halfjaar waarvan we nog niet weten hoe het loopt. Een ander punt is dat we al heel vaak hebben aangegeven, bijvoorbeeld bij de grondexploitatie van het Centrumplan Maasland, dat die scope van dat plangebied ruimer gemaakt moet worden, zodat daar ook mee aan de slag gegaan wordt. Dat ontbreekt. Het zit nog steeds in dat kleine hoekje. Dat was al bekend, maar er is ook niet echt ambitie om dat plangebied van Maasland eens te vergroten en te kijken wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn. Dat is ook teleurstellend. Het laatste punt is dat wij jaarlijks met de accountant afspreken dat zij meer aandacht hebben voor de grondexploitaties. En wat blijkt? De verklaring van de accountant, van wat zij ervan vinden en of deze bedragen realistisch zijn of moeten worden bijgesteld, zit hier niet bij. Dat zal allemaal wel komen, maar vanavond hebben we het niet. Dan lijkt het verdacht veel op de slager die zijn eigen vlees keurt. Dat zijn voor ons de redenen waarom wij niet zullen instemmen met de actualisering grondexploitaties. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling, voor de toelichting. Dan wil ik graag het woord geven aan de heer Van der Eijk van de VVD. Aan u het woord. De heer Van der Eijk: Dank u wel, voorzitter.

De VVD was in de commissievergadering een beetje verbaasd door de vragen van de heer Jongsma over meer sociale huur en hoe dat dan in die grex zou landen. Ik dacht er nog over om er met een interruptie in te gaan met een vraag. Dat lukte toen niet, dus ik wil er nu graag even op terugkomen. Ik hoorde OGP Midden-Delfland pleiten voor meer sociale huur in een grondexploitatie en ik hoorde ze vragen hoe dat dan betaald gaat worden. Volgens mij was het antwoord van de wethouder: met meer dure woningen. Dat verbaast ons juist een beetje, want we hebben een aantal jaren geleden een rapport gehad van ABF, waarin juist beschreven staat dat de behoefte van Midden-Delfland, van de inwoners die we hebben en die op zoek zijn, juist alles wat daartussen zit is. Dus met het beleid waar de OGP Midden-Delfland om vraagt, zijn onze inwoners niet goed af. We bouwen dan meer sociaal voor de regio, en dure woningen waarvan veel mensen van zeggen dat er al genoeg van is. De vraag ligt juist anders, en daar hebben we rapporten voor. Daar denkt de VVD wel serieus anders over. Als we toch een positieve grex willen hebben, kun je bijvoorbeeld verdichten of hoog bouwen, de heer Roeling gaf al punten aan. Dat is gewoon een politieke keuze. Je hebt daar knoppen om aan te draaien om een positiever saldo te krijgen.

We beslissen vanavond over de grex en ik heb in de commissie aangegeven dat wij beleidsmatig niet overal achterstaan. Cijfermatig kunnen wij ermee instemmen, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Eijk, voor uw toelichting. Ik kijk naar wethouder Voskamp voor een reactie op de twee ingebrachte punten. De heer Voskamp, aan u het woord. Wethouder Voskamp: Ja, voorzitter. Dank u wel. Richting de heer Roeling van Mijn Partij wil ik aangeven dat wij inderdaad een actualisatie per 1 januari doen. Die stellen wij vast en leggen we aan de accountant voor, zodat die een afweging kan maken over of die de juiste gang van zaken heeft doorlopen en of het een correcte weergave is geweest. De accountant is op dit moment bezig met de controle. Ik heb toevallig vanmiddag een eerste conceptcontroleverslag gezien en besproken met hem. Hij gaat daar in op de grondexploitatie, en heeft op twee grondexploitaties ook daadwerkelijk een extra controle uitgevoerd. Hij heeft zijn bevindingen in zijn controleverslag opgenomen. Wat betreft het Centrumplan Maasland: het is jammer dat de heer Roeling er niet was, maar bij de vorige bespreking is wel degelijk gesproken over het feit dat de nieuwe Centrumplangrondexploitatie, op het moment waarop we die openen, een ruimer gebied zal hebben dan nu.

Dat is de reden waarom we vorig jaar de grondexploitatie van het Centrumplan Maasland hebben afgesloten. Zodra we een nieuwe voorstellen aan de raad kunt u als raad aangeven wat de verschillende uitgangspunten van zo'n grondexploitatie zouden moeten zijn, welke mate van woningbouw en programma daar zou moeten komen en hoe we dat gaan financieren, of we daar een tekort op accepteren of een plus gaan realiseren op basis van het programma, en welke woningen we daar gaan bouwen. Dat is het moment waarop u daarop kunt sturen en uw keuzes maakt. U heeft dus alle ruimte om daar keuzes in te maken. Die politieke keuzes liggen niet voor bij de actualisatie van de grondexploitatie, dus daar wilde ik in ieder geval een opmerking over maken. Tot zover, voorzitter.

9

De voorzitter: Dank u wel, wethouder Voskamp, voor de beantwoording en de toelichting. Dat betekent dat ik de vraag stel of er behoefte is aan een tweede termijn naar aanleiding van deze beantwoording. Ik zie de heer Jongsma. Daarbij wil ik het woord geven aan de heer Jongsma van de OGP Midden-Delfland. Aan u het woord. De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter. Ik wachtte de eerste ronde even af om even te luisteren wat Mijn Partij had ten aanzien van het transparanter maken van de grexen. Mij is nu niet helemaal duidelijk hoe Mijn Partij nu voor ogen heeft hoe het dan concreet transparanter zou kunnen. Ik hoor de heer Roeling wel zeggen dat het weer een beetje terug moet naar hoe het ooit was. Dat was blijkbaar wat duidelijker, maar ik hoor daar ook niet echt een voorstel in. Ik weet dus ook niet zo goed wat ik daar nu mee moet. We hebben het wel op de agenda gezet, maar dat is het dan een beetje. Dat is voor de heer Roeling dan een reden om niet voor deze grex te stemmen. Dat is jammer. Dan kunnen we het beter een keer in de commissie hebben over hoe je het dan beter zou kunnen doen. Dat is de ene kant die ik toch even wilde meegeven. Aan de andere kant hebben we de heer Van der Eijk, van de VVD, die aangeeft dat de OGP MiddenDelfland met een nieuw beleid komt inzake de grexen. Dat is verrassend.

Ik heb tijdens de commissie alleen wat suggesties meegegeven en volgens mij heeft de wethouder daar een hele goede toelichting op gegeven. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Van der Eijk van de VVD. Mijnheer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Dank u wel, voorzitter. Ik heb niet gezegd dat ik nu een nieuw beleid wil. U zocht mogelijkheden. Maar dat heb ik niet gesteld. Ik weet niet of ik hier een vraag van moet maken, maar dat wilde ik in ieder geval gezegd hebben tegen de heer Jongsma. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Jongsma. De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter. Fijn dat de heer Van der Eijk even toelicht dat dat niet meteen leidt tot een nieuw of ander beleid. Het is inderdaad wel zo dat wij misschien net iets anders in de wedstrijd zitten op het gebied van wat we gaan bouwen en hoe die grexen er dan uitzien. Maar goed, de wethouder heeft ook al aangegeven dat daar op een ander moment voldoende gelegenheid voor is. Laten we de discussie op dat moment voeren. Voor nu stemt OGP Midden-Delfland gewoon voor deze grexen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Jongsma. Dan wil ik het woord geven aan de heer Roeling van Mijn Partij. De heer Roeling: Ik zou dit pand vanavond niet kunnen verlaten met collega's die in verwarring achterblijven, dus ik wil wel even toelichten waarom wij vinden wat we vinden.

Het grote verschil met het oudere format is vooral dat daar concrete zaken in staan waar we het college aan kunnen houden. Bijvoorbeeld een einddatum van de grondexploitatie, wanneer wordt het afgerond, zijn de huizen opgeleverd, et cetera. Dat ontbreekt. Verder ontbreekt elk perspectief over wanneer we kosten gaan maken en wanneer we opbrengsten hebben. Het is dus echt een ding van nu, waar we dan de rest van het jaar eigenlijk nooit meer over spreken. We hebben wel eens een individueel geval, over kosten die we plotseling moeten maken – ik noem Keenenburg V, waar we dan met de rug tegen de muur staan – maar er wordt nooit in die zin over de grondexploitatie gesproken. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Jongsma. De heer Jongsma van de OGP MiddenDelfland. De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter. Via u aan de heer Roeling: wat let Mijn Partij om daarmee te komen, daarop te sturen, er vragen over te stellen, of aan te geven hoe ze dat anders zou willen zien? Zo gaat het hier altijd. Wanneer Mijn Partij ons daar meer in meeneemt, kunnen we er ook met z'n allen iets van vinden. Ik heb de vorige keer tijdens de commissie al gezegd dat ik van mening ben dat je er ook niet over kunt spreken als dat niet duidelijk is. Dan komt het in de raad en in de raad ligt er gewoon iets voor en dan hebben we het erover.

Nu had ik het idee dat het gewoon een nieuw onderwerp is dat Mijn Partij inbrengt in deze raad. Dat is ook mijn vraag 10

aan Mijn Partij. Is dit nu een geheel nieuw onderwerp, of vult u nog iets aan? Want ja, het is best interessant misschien, maar dan moeten we dat een keer agenderen voor een commissievergadering. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Jongsma. Mijnheer Roeling, u wordt uitgenodigd daar eventueel een voorstel over te doen. Aan u het woord. De heer Roeling: Nee, wij hoeven niks. Wij waren namelijk degenen die tot dat eenduidige format zijn gekomen. Enkele jaren geleden hadden we verschillende formats. Nu hadden we eindelijk een eenduidig format voor alle grondexploitaties, dus wij hebben niets veranderd. Het ligt dus ook niet op ons pad om dat nu te doen, anders dan dat we erop ageren. Dit is denk ik het derde jaar op rij waarin we aangeven terug te willen naar dat oude format. That's it. Wij hebben niks veranderd. Wij waren juist tevreden over dat oude format en zien het nu langzaam weglopen bij de gemeenteraad. Dat lijkt ons geen goede zaak. Ook nu ontbreekt de accountantsverklaring. Ik hoor de wethouder zeggen dat hij er vanmiddag nog over heeft gesproken. Dat zal allemaal wel, maar wij willen gewoon een verklaring van de accountant zien waarin hij of zij aangeeft dat de grondexploitaties een realistisch beeld geven van de kosten en baten. Dat ontbreekt.

Dus enerzijds loopt het weg bij de raad vandaan, anderzijds geeft de accountant er dan nog geen verklaring over aan de gemeenteraad. Dat zijn voor ons twee bepalende dingen waarom we er nu niet mee in zullen stemmen. Dat is het, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling. Ik kijk even naar wethouder Voskamp, die daar ook graag nog een reactie op wil geven. De heer Voskamp. Wethouder Voskamp: Ja, voorzitter. Daar wil ik zeker een reactie op geven. De accountant is de jaarrekening aan het controleren en daar maakt de grondexploitatie onderdeel van uit. U stelt de grondexploitatie vast, zodat die naar de accountant kan voor verdere controle. Die maakt onderdeel uit van de jaarrekening en die is de accountant op dit moment aan het controleren. De Auditcommissie, opdrachtgever aan de accountant, kan zelfstandig een ander plan aannemen en een opdracht aan de accountant verstrekken om het anders te doen. Maar dit is zoals het nu is. U stelt nu de grondexploitatie vast en die grondexploitatie gaat de accountant meenemen in de controle van het jaarverslag. Dan komt die met een verklaring wat hij ervan vindt. Dat is aan de accountant. Dat geeft niet aan dat het wegloopt van de raad. Sterker nog, u kunt u als raad perfect aangeven hoe u de grondexploitatie ziet en hoe die is, en dan aan de accountant vragen of dit een correcte weergave is.

Dan krijgt u daar in het jaarverslag van de accountant een tekst over, en daar kunt u het dan mee doen, want u bent zelf opdrachtgever aan die accountant. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Voskamp. Dat betekent, met de toelichting die u daar net op gegeven heeft, dat wij de tweede termijn hebben afgesloten. Ik wil overgaan tot de stemming. Ik wil u uitnodigen om uw stem uit te brengen op het voorstel zoals het nu voorligt. Ik zie dat alle lampjes werken. We hebben één stem minder vanavond. Mijnheer Moerman is niet aanwezig. Het voorstel wordt aangenomen met tegenstemmen van de fractie van Mijn Partij.

8.

Indienen zienswijze MRDH vervoerplan Streek Haaglanden

De voorzitter: We zijn aangekomen bij agendapunt 8, het indien van de zienswijze MRDH vervoerplan Streek Haaglanden. De MRDH is het bevoegde orgaan voor het openbaar vervoer, zoals u weet, en de in de regio actieve openbare vervoerders stellen vervoersplannen op die de MRDH voor een zienswijze voorlegt aan de inliggende gemeenten, zoals ook onze gemeente. Het college heeft de ontwerpzienswijze opgesteld en ook al toegelicht. Vanwege het tijdsverloop is dit onderwerp niet in de commissie voorbesproken. Wie uit de raad wenst hierover nog het woord over te voeren in de eerste termijn? Mevrouw Koppens, de heer Vieira, mijnheer Van Lier en mevrouw Langeveld. Ik wil als eerste het woord geven aan de heer Vieira van D66. Aan u het woord. De heer Vieira: Dank u wel, voorzitter. Wat wij voor ons hebben liggen, u gaf het zelf al aan, is het vervoersplan. Wat vanuit het perspectief van onze gemeente natuurlijk belangrijk is, is dat wij het openbaar vervoer houden. Misschien niet omdat het door heel veel mensen gebruikt wordt, maar omdat het gebruikt wordt door veel jongeren en ouderen die om wat voor reden dan ook de 11

fiets of de auto niet nemen. Die moeten een voorziening hebben. In het vervoersplan staat hoe de lijnen ervoor staan. Wij hebben daar als gemeente met een zienswijze op gereageerd en vinden het belangrijk dat wat er is in stand te houden, ondanks eventuele bezuinigingen op de vervoersregio die het kabinet voor ogen heeft. Wat ons betreft is die conceptzienswijze, of dat wat een conceptzienswijze wordt als wij ermee instemmen, akkoord. Daarin wordt namelijk heel duidelijk weergegeven wat het belang is van elke lijn, en daarna wordt het gespecificeerd. Wat ons betreft zijn wij dus akkoord met dit voorstel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Vieira. Dan wil ik graag het woord geven aan mevrouw Koppert van de OGP Midden-Delfland. Aan u het woord. Mevrouw Koppert: Dank u wel, voorzitter. Gelukkig nu de goede naam, want net werd ik mevrouw Koppens genoemd. Als OGP Midden-Delfland zijn we het eens met de MRDH en het voorstel van de lijnen die hier komen. Wij maken ons, net als de MRDH, ernstig zorgen dat er een bezuiniging van € 110 miljoen boven de markt hangt voor de MRDH-regio met betrekking tot het openbaar vervoer. We vinden het heel moedig dat MRDH heeft gezegd de lijnen die ze nu hebben gewoon overeind te houden. Ze hadden namelijk ook kunnen kiezen voor een wat krapper scenario.

We zijn ook zeker blij dat onze regio goed bereikbaar blijft, en we zijn ook blij dat lijn 33, die nu in tweeën gesplitst is door de EBS, ook in tweeën gesplitst blijft, zodat mensen vanuit Maasland nog steeds in Delft kunnen komen. We kunnen dan ook instemmen met de zienswijze, op één ding na. In de zienswijze staat dat er geen extra kosten zijn voor reizigers van lijn 33. Dat klopt inderdaad voor de reizigers tussen Delft en Schipluiden, maar niet voor de reizigers tussen Delft en Maasland. De kilometers zijn leidend, waardoor de ritprijs voor deze mensen meer dan € 1,00 duurder geworden is. Wat ons betreft is onze vraag aan de wethouder dus of die zin, dat er geen extra kosten voor de reizigers zijn, uit de zienswijze kan. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koppert. Die vraag leggen we straks voor aan de wethouder, maar daaraan vooraf gaan we naar de heer Van Lier van Mijn Partij. Aan u het woord. De heer Van Lier: Bedankt, voorzitter. We moeten deze reactie zien in het perspectief van de bestaande lijnen, niet van nieuwe ideeën of andere ideeën. Op zich is de brief op bepaalde punten kritisch. Dat ondersteunen wij. Ook die splitsing van lijn 33 snappen we. Die blijft in stand en dat vinden wij begrijpelijk. Met die opmerking kunnen wij eigenlijk met de zienswijze instemmen. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Van Lier. Tot slot mevrouw Langeveld van het CDA.

Aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik het hebben over een punt dat onzes inziens eigenlijk niet goed in de brief staat. De brief is gedateerd op 27 mei 2025, en er staat bij de raadsbehandeling: "de gemeenteraad besprak het conceptvervoersplan in de vergadering van 24 juni 2025". Volgens mij zitten we nu op 27 mei, dus ik denk dat dat even gecorrigeerd moet worden. Verder sluit ik me aan bij de vorige sprekers. Het is een goede zienswijze, waar wij ons in kunnen vinden. Er worden positieve ontwikkelingen benoemd, maar ook de zorgelijke ontwikkeling met betrekking tot lijn 37. Mevrouw Koppert refereerde ook al aan het feit dat de MRDH voor zeer zwaar weer staat. Er staat een grote bezuiniging voor de deur. Wanneer die daadwerkelijk zal doorgaan, vanaf 2026, is dit vervoersplan daar nog niet op berekend. Dat vinden wij dus ook erg van moed getuigen van de MRDH. Wij kunnen akkoord gaan met de zienswijze die voorligt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Langeveld. Vanuit de eerste termijn wil ik wethouder Oderwald vragen om te reageren, met name ook op de vraag die vanuit de OGP Midden-Delfland, mevrouw Koppert, is gekomen, om een kleine aanpassing toe te passen. Aan u het woord. Wethouder Oderwald: Dank u wel, voorzitter. Het is een terechte constatering dat 24 juni daar niet had moeten staan.

Dat brengt mij ook op het punt waar ik mijn waardering voor u moet uitspreken voor de coulance dat het voorstel rechtstreeks op de agenda is gekomen. Dit was de datum waarop de zienswijze behandeld zou worden als we het via de koninklijke route, dus via de 12

commissiebehandeling, hadden gedaan. Als we dat hadden gedaan, hadden we waarschijnlijk ook de frase over het feit dat er geen extra kosten zijn voor reizigers, er nog uit kunnen halen. Ik heb het idee dat iedereen daarmee zou kunnen leven, en omdat we nu een klein beetje de kortere route nemen, denk ik dat het goed is. Ik kan daar in ieder geval instemmend op reageren. Dat zijn eigenlijk de kleine zorgen waar we het nu mee te doen hebben, want het is echt best wel een spannende periode voor het openbaar vervoer. In het regeerakkoord is met één grote pennenstreek de Brede Doeluitkering van 10%, door de korting op alle SPUK's, eruit geschrapt. Dat is echt onvoorstelbaar, daar kunnen we echt niet mee verdergaan in het openbaar vervoer. Het is ook heel vreemd dat deze fout openlijk erkend is door het kabinet, maar toch niet in de Voorjaarsnota is hersteld. Ik doe dan ook via u, voorzitter, de oproep aan iedereen om voor te stellen dat die fout wel hersteld moet worden, want iedereen kent hem. Reizigersorganisatie Rover is ook flink op de trom aan het slaan en aan het lobbyen om inzichtelijk te maken wat het betekent. Het kan namelijk echt desastreuze gevolgen hebben, die we in dit vervoersplan echt nog niet willen becijferen. Wij gaan ervan uit dat het kabinet dit gewoon nog gaat herstellen.

Wij willen namelijk geen bussen die na 19.00 uur niet meer rijden, of netlijnen die echt dunner worden. Dat kan niet de bedoeling zijn, voorzitter. Terugkomend op deze zienswijze, deze kleine aanpassingen zijn wat mij betreft akkoord. Hoe we dat procedureel doen, kan ik zo aan de griffier doorgeven. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oderwald. Dan heb ik echt wel even de opmerking dat deze tekstwijziging eigenlijk zou moeten lopen via een amendement. Ik stel voor dat we die kleine tekstwijziging, los van de datum, op die wijze ook doorvoeren. Ik zie al een lampje branden. Ik stel voor dat we het amendement met de aangepaste tekst aanbieden. Daarna kunnen we meegaan in het voorstel. Mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Dan moet er even geschorst worden, want dan moet er een amendement geschreven worden. De voorzitter: Dat klopt. Dan geef ik nog even het woord aan de heer Gebben. De heer Gebben: U zag mijn lampje aangaan. Ik moet u de complimenten geven voor het feit dat u deze route kiest. Wij hechten wel aan de formele route, dus dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Gebben. Dan schors ik hierbij de vergadering voor vijf minuten. Dank u wel. Schorsing De voorzitter: Dit was het alternatieve belletje. Ik heropen hiermee de vergadering en wil het woord graag geven aan mevrouw Koppert van de OGP Midden-Delfland. Mevrouw Koppert. Mevrouw Koppert: Dank u wel, voorzitter.

Bij dezen dien ik een amendement in met twee wijzigingen. De eerste wijziging betreft het stukje van die extra kosten. Dat wordt uit de conceptzienswijze gehaald. Het tweede stukje betreft dat de datum van 24 juni vervangen wordt door 27 mei. Hierbij dien ik die nu in. Ik heb hem al bij u gebracht, de bode heeft hem al gebracht. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koppert. Hij is inderdaad hier ingediend, met handtekening. Hij staat als het goed is nu ook bij u in het systeem, in iBabs. Ik wil het woord hierbij ook graag even geven aan de heer Van der Eijk van de VVD. Aan u het woord. De heer Van der Eijk: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde eigenlijk even complimenten maken aan de raad. Die heeft zich hier zojuist even ingezet om de koninklijke weg te bewandelen en een amendement te schrijven en in te dienen. De VVD zal het steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Eijk. Een mooi compliment aan degenen die in de schorsing hard hebben gewerkt. Ik wil hierbij het amendement in stemming brengen en u verzoeken uw stem uit te brengen. De stemming is nu geopend. Het amendement is met het volledige aantal stemmen aangenomen. 13

Het amendement wordt unaniem aangenomen. De voorzitter: We gaan vervolgens ook door naar de besluitvorming over de zienswijze inclusief het amendement. Ook hiertoe wil ik u vragen om uw stem uit te brengen. De stemming is hierbij geopend. Ook hierbij zijn de stemmen voltallig, waarmee het voorstel met algehele stemmen is aangenomen. Het geamendeerde voorstel wordt unaniem aangenomen. De voorzitter: We wensen ook de MRDH veel succes toe. Dan gaan we door naar agendapunt 9.

9.

Mogelijkheid tot het stellen van vragen

De voorzitter: Er zijn een aantal vragen gesteld. Er is dus goed van de mogelijkheid om vragen te stellen gebruik gemaakt. Ik wil als eerste aan de heer Gebben van de fractie VVD vragen of er, na de schriftelijke beantwoording, nog aanvullende vragen zijn wat u betreft. Mijnheer Gebben van de VVD, aan u het woord. De heer Gebben: Dank u wel, voorzitter. Wij hadden een vraag gesteld over het onderhoud van het groen in deze gemeente. Dank voor de antwoorden van het college. Het is jammer dat de aanbesteding is misgelopen. Het is ook erg jammer dat het nu zichtbaar begint te worden. De eerste vraag die we hebben is waarom er niet eerder een financieel voorstel onze kant op komt, zodat dit vlot getrokken kan worden. Het tweede dat wij een beetje zorgwekkend vonden, is dat er staat dat in de kadernota misschien een extra budget gaat worden vastgesteld voor het groenbeheer. Dat verbaast ons een beetje, want volgens mij is de kadernota richtinggevend en beslissen wij daar niks. Klopt dat? Of gaan wij andere dingen doen bij de kadernota? De aanvullende vraag daarop is de volgende. Als we echt de route zouden lopen zoals het moet, wordt het budget pas aangepast bij de begrotingsbehandeling in november. Betekent dat dat het zo lang aangehouden wordt en dat er tot die tijd geen aanbesteding wordt afgerond of een nieuwe aanbesteding wordt gedaan? Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Gebben. Ik kijk even naar de andere leden of er nog andere vragen zijn die hierop aanvullend gesteld zouden worden aan de wethouder. Zo niet, dan kijk ik naar wethouder Oderwald voor de beantwoording van de vragen van de heer Gebben. Mevrouw Oderwald. Wethouder Oderwald: Dank u wel, voorzitter. We hebben het op deze manier ingevuld om praktische redenen, maar ook juist om u als raad in positie te brengen. Het is nog maar kortgeleden dat we bekeken hebben hoe we de tijd kunnen overbruggen zodat we het goed kunnen aanbesteden. De aanbesteding is namelijk op tijd geregeld, maar de inschrijvingen waren hoger. Daardoor hebben we niet het budget om het te kunnen doen. Het zijn vooral ook meerjarige budgetten, dus we willen u daarin echt meenemen, u echt integraal in de positie brengen om dat te gaan doen. Het is vandaag al een paar keer eerder naar voren gekomen. We gaan deze kadernota binnenkort presenteren. Er zitten grote besparingen in, dus u mag integraal afwegen wat u daarmee kunt doen. Daarom doen we het niet eerder. De kadernota is inderdaad richtinggevend, dat is ook de bedoeling, maar we gaan er wel van uit dat u zich houdt aan de richting die u meegeeft en dat we het dan uiteindelijk voor de komende jaren op een goede, zorgvuldige manier kunnen afhechten. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Oderwald. Mijnheer Gebben, aan u het woord.

De heer Gebben: Ja. Ik wil graag even duidelijk hebben of ik het goed begrijp. Volgens mij is de kadernota richtinggevend. Er wordt helemaal niks besloten. Wanneer nemen wij volgens de wethouder het formele besluit hierover? Het is toch een beetje gek dat wij, als wij zouden instemmen met de kadernota, dan dus ook al besloten hebben dat er meer geld naar het groenbeheer moet, omdat we ons daar dan aan moeten houden? Dat is een verkeerde voorstelling van zaken. Begrijp ik dat goed, of is het anders?

14

De voorzitter: Ik geef hierbij graag het woord aan mevrouw Oderwald, de wethouder. Wethouder Oderwald: Ik denk, voorzitter, dat we elkaar prima begrijpen. In de kadernota geeft u de kaders mee, op basis waarvan we de financiële begroting gaan bouwen. Ik mag ervan uitgaan dat u zich goed uitspreekt in de kadernota als u die vaststelt. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Gebben. De heer Gebben: Ik wil hier toch een punt maken. Dit is gewoon niet de goede volgorde. Wij gaan in de kadernota een richting aangeven en het formele besluit of er extra geld naartoe gaat of niet, valt pas in november. Wij kunnen te allen tijde nog onze mening wijzigen, ook in november. Als het college hetgeen voortkomt uit de kadernota niet invult op een manier die wij wenselijk vinden, vind ik dat wij het recht hebben om daartegen te kunnen stemmen. Een formeel besluit komt er dus niet. Dus nogmaals, als er extra geld bij moet – ik vind het echt belangrijk dat ons groen goed beheerd wordt – kom dan eerder met een voorstel. Kan dat? Dit gaat namelijk niet helemaal goed. De voorzitter: Dank u wel. Een interruptie. Een aanvullende vraag van de heer Roeling van Mijn Partij. Aan u het woord. De heer Roeling: Dank u wel. Zoals de wethouder het nu uiteenzet, ben ik het met de VVD eens dat wij dan feitelijk om een besluit worden gevraagd.

Terwijl tussen de kadernota en het vaststellen van de begroting bijna een halfjaar zit, waarin in de tussentijd ook nog een keer de septembercirculaire komt vanuit het rijk. Ook wij zullen er dus niet mee instemmen als hetgeen wij vinden bij de voorjaarsnota ook een-op-een het besluit zal worden in november. Als ik dan nadenk, gaat er in het hele groenbeheer dit jaar al niets meer gebeuren, want in december hoef je weinig groen te gaan onderhouden. Ik verwacht dus van het college wel een betere oplossing dan deze, want nu staat de raad weer met de rug tegen de muur, en dat is een positie die wij niet graag aannemen. Is het college daartoe bereid? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roeling. Het woord is tot slot aan wethouder Oderwald. Aan u het woord. Wethouder Oderwald: Ja, voorzitter. U neemt met de kadernota wel degelijk een besluit. Ook autonome ontwikkelingen zijn daarin meegenomen. U stelt in september de begroting pas officieel vast, maar dit is echt de gebruikelijke route voor de autonome ontwikkelingen. Voor het lopende jaar gaat u dit ook gewoon nog in de periodieke begrotingswijziging vaststellen. Daar gaat u over. Wij brengen u, zoals gebruikelijk, in de positie om uw besluiten te nemen, zoals het hoort, en zoals afgesproken met uw raad. De voorzitter: Ik zie de heer Jongsma van de OGP Midden-Delfland. De heer Jongsma. De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=b54dbcba-032f-4a89-b8f4-65b5197075c8