CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

2022 m 08 d 30 Vsl Raad.docx

Gemeenteraad 27 september 2022, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Verslag openbare vergadering d.d. 30 augustus 202214.256 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ik zou u willen vragen om voor de mensen thuis even heel kort de vraag te herhalen en een hele korte samenvatting te geven van wat voor u het belangrijkste antwoord daarin is en dat u dan uw vervolgvraag stelt. Ik denk dat het voor de mensen thuis het handigste is, maar ook voor elkaar. Want anders gaan we stukken voorlezen die in ieder geval de hele raad al heeft gelezen. Dat komt voor de mensen thuis ook niet heel erg plezierig over. Is dat een praktisch voorstel waar u mee kunt leven? Ja. Dan ga ik even kijken. Ik wil graag eerst de heer Knaap het woord geven over de locatie Hallensleben. Mijnheer Knaap, gaat uw gang. De heer Knaap: Dank u wel voorzitter. College, ook bedankt voor het antwoord. Ik zal even ingaan op uw verzoek. We hebben het hier over een locatie die dicht bij de dorpskern van Den Hoorn ligt. Een locatie die tot op heden werd gebruikt als caravanstalling en eigenlijk onlangs is overgenomen door een ontwikkelende partij. Een partij die bedrijfsmatig onroerend goed ontwikkelt. Die combinatie leidde ook tot deze vragen. We hebben allemaal in onze verkiezingsprogramma’s bijna raadsbreed gezegd: we gaan voor het inbreiden op onze dorpskernen. Daar willen wij het doen. Dit is een locatie waar dat zou kunnen. Het antwoord van het college, want dan ga ik daar toch even heen, laat zich kort samenvatten. We wisten van de vorige eigenaar dat hij het wilde verkopen.

Hij zag niet zoveel in woningbouw. Het is ook een beetje moeilijk. Wij hebben een faciliterende rol. Daarom is het verkocht aan een andere eigenaar, die gaat er bedrijfsmatig iets mee doen wat ook in het bestemmingsplan past. Kort samengevat, voor ons als OGP is dat bijna verbijsterend verhelderend. Als je doet wat je deed, dan krijg je wat je kreeg. Deze locaties zijn nooit makkelijk. Deze locaties zijn ook nooit makkelijk voor een bestaande grondeigenaar, want ze zijn klein. Er staat wat op, er zijn belemmeringen. Wat zouden we van het college willen zien bij volgende locaties, want vraag 1 tot en met 3 is een beetje wat we eigenlijk hadden willen zien. Neem als gemeente nu een stuk regie op die locaties waarvan je denkt 'hé die hebben meerwaarde als je dicht bij het dorp wilt gaan bouwen'. Het college heeft nu gezegd: we hebben gemeld dat we het wel leuk zouden vinden als er woningbouw zou komen. Had de locatie dan gewoon aangekocht om een positie te krijgen. Had de locatie aangekocht om vervolgens de locatie die ernaast misschien ooit nog eens vrij komt, die wat kleiner is, dat erbij te kunnen voegen en daarmee ook gewoon iets te kunnen als gemeente.

De voorzitter: Mijnheer Knaap. Ik vroeg u om vooral het antwoord van het college te samenvatten. Ik heb de indruk dat u nu uw standpunt aan het delen bent. De bedoeling is dat u een aanvullende vraag stelt. Anders wordt het een risico dat het een debat wordt en dat mag niet van het Reglement van Orde. De heer Knaap: Dat is goed. Dan stel ik een aantal aanvullende vragen. Eerste aanvullende vraag is: waarom heeft het college de locatie niet gewoon zelf gekocht om een positie in te nemen? De tweede vraag is: waarom is het college niet naar de raad gekomen met de beperkingen die de huidige eigenaar ziet om daar iets te realiseren? We kunnen als gemeenteraad ook kijken of we daar iets in kunnen bijdragen. Wat is de reden dat het college, ook bij deze huidige nieuwe eigenaar, niet heeft gekeken naar een beter arrangement? We hebben op de Harnaschpolder genoeg bedrijfskavels die we nog hebben gereserveerd. Daar had misschien een leuke ruil kunnen plaatsvinden. Op die vragen zou ik graag antwoord willen hebben. De voorzitter: Dank u wel Dan kijk ik even naar wethouder Renzen. Wethouder Renzen, gaat uw gang. Wethouder Renzen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, de heer Knaap geeft zelf ook aan dat hij meerwaarde ziet op deze locatie. Kort samengevat is volgens mij zijn vraag 'waarom heeft het college dat dan niet gezien'. Voorzitter, we hebben hier als college serieus naar gekeken.

Wij zijn het eens met de heer Knaap dat deze locatie op het eerste oog echt potentie had. We hebben ook geprobeerd en aangegeven bij de vorige eigenaar, dat we zeker geïnteresseerd waren om de locatie aan te kopen. Kanttekening is hierbij wel dat er even een quick scan is gedaan bij de locatie, daarbij hebben we gezien dat delen van de locatie in milieuzoneringen liggen. Daarnaast was een belemmerende factor dat de vorige eigenaar niet het geheel wilde verkopen. Dus als we al konden kopen, dan konden we maar een deel kopen. Zonder het geheel zagen wij er gewoon te weinig meerwaarde in om hier echt een goede woningbouwontwikkeling te kunnen realiseren. Als de vorige eigenaar bereid was geweest om het geheel aan de gemeente te verkopen, dan hadden we hier zeker op doorgepraat en dan waren we ook toegekomen aan de vragen om misschien extra milieuonderzoek te doen en zaken nader uit te zoeken. Alleen zover is het niet gekomen. Voorzitter, dat is mijn antwoord. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Mijnheer Knaap nog een aanvullende vraag? De heer Knaap: Ik vind het wel interessant wat de wethouder zegt. Ze zegt nu veel meer dan dat ik in het antwoord heb gevraagd, wat ik eigenlijk verwachtte. De voorzitter: U stelde ook weer andere vragen. Dan gebeurt dat. De heer Knaap: Dat klopt. Ik hoor de wethouder zeggen dat de eigenaar eigenlijk een stukje grond wilde houden.

Dat is natuurlijk superinteressant. Toch een aanvullende vraag, waarom heeft u op dat moment niet gekeken naar wat u als gemeente kan op een andere locatie zodat die eigenaar daar een leuk stukje grond krijgt zodat u wel die locatie in eigendom kunt krijgen. De voorzitter: Dat is eigenlijk een herhaling van de eerdere vraag al. Gaat uw gang wethouder. Wethouder Renzen: Ja voorzitter, ook daar hebben we kort naar gekeken. We hebben moeten constateren dat het geen begaanbare weg was. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog andere leden van de raad die een vraag willen stellen? Mijnheer Roeling, gaat uw gang. De heer Roeling: Inbreiding kost altijd geld. Maar dat heb ik de wethouder al een keer verteld, dat is mijn vraag niet. Door deze situatie zijn we dertig jaar achteruit gegooid. Waarom? De locatie Hallensleben hadden we natuurlijk moeten combineren met de brandweerkazerne en met het bedrijf de Bandenwipper, zo noemen we hem altijd maar volgens mij heet hij Groenewegen. Dan hadden we alleen de historische boerderij van Van Vliet overgehouden en dan had je een plan.

Maar door nu deze locatie te verkopen wordt het plan, waarbij je het wat groter maakt inclusief brandweerkazerne en de firma Groenewegen, juist qua waarde al gehalveerd door de verkoop van de firma Hallensleben. De voorzitter: Mijnheer Roeling, ook voor u geldt, u bent nu een betoog aan het houden. De bedoeling is dat u een aanvullende vraag stelt. Anders wordt het echt een debat. Ik vind het uitermate interessant wat u deelt, maar ik moet me ook aan het Reglement van Orde houden. Zou u een aanvullende vraag kunnen stellen. Anders heeft u wel een lange inleiding, laat ik dat dan constateren. De heer Roeling: Zoals u zelf al zei: er kijken mensen mee. Die wil ik natuurlijk niet teleurstellen door een halve vraag te stellen. De voorzitter: Een halve inleiding of een hele vraag. Gaat uw gang. De heer Roeling: Dat was de ideale positie. Waarom? Omdat je aan doorgaand water zit. Is het college met ons eens dat door deze verkoop het een gemiste kans is voor het gehele project zoals wij dat voor ogen hadden? En dat we hierdoor veel minder kans maken om wat moois te maken van de brandweerkazerne en de firma Groenewegen? De voorzitter: Ik vind dat u het heel netjes heeft opgelost mijnheer Roeling. Verder nog aanvullende vragen? Mijnheer Van der Eijk, gaat uw gang. De heer Van der Eijk: Ik heb een vraag aan het college.

Is er überhaupt een tijdsplan aan het plan van de heer Roeling te koppelen? De voorzitter: Ik vind hem ook bijzonder creatief. Ik wen vanzelf aan deze manier. Het heeft er toch echt de neiging van dat u wilt gaan debatteren terwijl het vooral verhelderingsvragen moeten zijn. Ik sta hem in dit geval toe. Wethouder gaat uw gang. Wethouder Renzen: Ja, dank u wel voorzitter. Als antwoord op de vraag van de heer Roeling: ja, als college hadden we graag gezien dat de vorige eigenaar, of de huidige eigenaar hier woningbouwontwikkeling zou willen realiseren. Alleen, wanneer je met elkaar constateert dat eigenaren, we hebben het over eigenaren van hun gronden, daar niet aan willen meewerken, dat je dit ook moet respecteren. Voorzitter, niet om flauw te doen, maar we hebben in besloten commissievergaderingen met de raad gedeeld en ook uitgebreid besproken hoe we omgaan met potentiële woningbouwlocaties. Daarin is deze locatie ook besproken. De raad heeft zich toen niet uitgesproken van: wij vinden deze locatie zodanig belangrijk college, het maakt niet uit wat het kost, maar ga erachteraan en zorg dat je het geheel in handen krijgt. Ik bedoel, die opdracht hebben wij ook niet gekregen. Tot nu toe is het beleid steeds faciliterend en gaan we er eigenlijk als college toch wel een stapje verder in, ondanks ons huidige grondbeleid dat faciliterend is.

We hebben alsnog gepoogd om te kijken of we de locatie in handen konden krijgen. Voorzitter, in alle eerlijkheid, de vraag van de heer Van der Eijk is niet zo bij mij geland. Misschien dat hij hem een beetje wil verduidelijken. De voorzitter: Ik heb de indruk dat de vraag langzaam wat overbodig is geworden, gezien uw beantwoording over het deel van de heer Roeling. Want als er al iets onmogelijk is dan is er ook geen tijdpad aan te koppelen, want dat was de vraag van de heer Van der Eijk. Ik help u hier bij dezen even mee. Dan was dat de beantwoording van de eerste vraag, deze was van de heer Knaap. 6.2

Vraag lid mevrouw D. Langeveld (CDA) over Kamers met Aandacht

De voorzitter: Dan gaan we naar mevrouw Langeveld over het project Kamers met Aandacht. Ik hoop dat u nog scherp heeft wat ik aan het begin van u vroeg. Gaat uw gang. Mevrouw Langeveld: Ja dank u wel voorzitter. Ook voor de kijkers en luisteraars thuis. Het CDA heeft een vraag gesteld naar aanleiding van een artikel dat het afgelopen weekend op social media

is verschenen. Dat ging over Kamers met Aandacht. Kamers met Aandacht is een nieuw initiatief waarin onze gemeente de samenwerking is aangegaan met vijf omringende gemeenten in onze regio. Kamers met Aandacht is een initiatief voor jongeren van 18 tot 23 jaar die uit een zorgorganisatie/instelling komen, dan wel begeleiding krijgen en die toe zijn aan het op kamers wonen, niet zelfstandig nog op kamers kunnen en begeleiding nodig hebben. Het is een initiatief waarbij mensen in de gemeente, de doorsneemensen die een kamer over hebben, een kamer beschikbaar kunnen stellen voor een jongere, die daar dan met begeleiding op kamers kan gaan wonen. Het CDA heeft daar een vijftal vragen over gesteld. De beantwoording van het college was dat het een vrij positief initiatief is, deelde niet zo de zorgen die het CDA wel zou hebben bij het initiatief. Ik heb daarbij nog een aantal aanvullende vragen want ik ben niet geheel gerustgesteld. Allereerst wil ik het college bedanken voor de beantwoording daarvan. Voordat ik met mijn vervolgvraag kom, wil ik wel aangeven dat ik het initiatief Kamers met Aandacht een heel mooi initiatief vind en dat we dat als CDA ook zeer zeker dragen. Maar of we dat als gemeente MiddenDelfland moeten gaan dragen, daar hebben we onze zorgen bij. Ik heb een viertal aanvullende vragen voor de wethouder.

Wat is de reden dat de raad van dit initiatief niet eerder op de hoogte is gesteld? Deze vraag heb ik al gesteld, die is niet eerder beantwoord. Is de wethouder op de hoogte dat je als lid - want als gemeente Midden-Delfland zijn wij lid van een centrumgemeente, dat is voor ons Delft, die voert een aantal taken voor ons uit en zo een samenwerking is hartstikke mooi - niet met alle initiatieven en besluiten die worden genomen akkoord hoeft te gaan? Dan kun je ook wel eens zeggen 'oké centrumgemeente, prima dat drie van de vier gemeenten het wel doen, maar wij als Midden-Delfland trekken ons even terug om die en die reden'. Wat ik ook onvoldoende beantwoord vind in de vragen is wat de reden is dat er geen onderzoek is gedaan in hoeverre er behoefte in Midden-Delfland is bij de doelgroep 18 tot 23 jaar om gebruik te maken van dit initiatief. De laatste vraag wil ik iets uitgebreider toelichten. De voorzitter: Mevrouw Langeveld, bij uw laatste opmerking heb ik geen vraag gehoord. Dat kan wellicht verwarrend werken voor het college. Mevrouw Langeveld: De vraag is wat is de reden dat er geen onderzoek is gedaan naar de doelgroep van Midden-Delfland. De voorzitter: Ik zat niet op te letten. Dat heb ik wel gehoord maar niet verwerkt. Dank u wel. Gaat u verder.

Mevrouw Langeveld: Mijn laatste vraag wil ik wel even toelichten aan de hand van een voorbeeld, dan wordt het misschien wat duidelijker. Ik vraag me af of het college, de wethouder, voldoende op de hoogte is van de zorg die het CDA heeft voor wat betreft de financiële consequentie. Een voorbeeld. Midden-Delfland is een gemeente met ruimhartige mensen. Ik kan me zo maar voorstellen dat als er een oproep in De Schakel of op social media voor dit initiatief wordt gedaan dat er misschien wel tien mensen zijn die een kamer beschikbaar hebben. Want hoe fijn is het om iemand anders te kunnen helpen. Er komen jongeren uit Delft, Den Haag want er zijn vrij veel verschillende gemeenten die zijn aangemeld bij dit initiatief. Door een coördinator worden ze op kamers geplaatst bij een gezin in Midden-Delfland. Deze jongeren van 18 tot 23 jaar hebben veelal dan een WMO-indicatie. Voor de WMO-indicatie geldt niet het woonplaatsbeginsel maar de gemeente waar je staat ingeschreven. Die tien jongeren die bijvoorbeeld dan in Midden-Delfland komen wonen komen niet uit onze gemeente maar uit omringende gemeenten. Ze nemen hun WMO-indicatie mee en op het moment dat ze hier staan ingeschreven staan zijn wij als gemeente daar financieel verantwoordelijk voor. Dat kan een hele kleine WMO-indicatie zijn, maar dat kan ook een hele brede WMO-indicatie zijn. Dus daar zit onze zorg.

De laatste jaren zijn wij zorgvuldig omgegaan met de zorgkosten. Waarom? Omdat dit een hoofdpijndossier is. Zeker voor kleine gemeenten hebben we veel extra kosten voor wat betreft zorg. Daar gaan we voorzichtig mee om en daardoor zijn we ook erg verbaasd dat dit eigenlijk zo maar is getekend. De voorzitter: Mevrouw Langeveld, nu gaat u ook naar het delen van een standpunt. Ik ben daar bij de anderen streng geweest dus ga ik dat bij u ook doen. De laatste vraag heb ik heel goed opgelet, u vroeg zichzelf af... Dus u stelde een vraag aan uzelf. U vroeg zichzelf af of de wethouder of het college voldoende op de hoogte was, maar dat is een vraag aan uzelf. Ik neem aan dat u daar ook een vraag naar het college heeft.

Mevrouw Langeveld: Is het college voldoende op de hoogte van de financiële consequenties van dit initiatief? De voorzitter: Een beetje ondeugend van me, maar ik wil laten zien dat ik ook oplet. Dank u wel. Mevrouw Langeveld: Dat zijn ook direct mijn vragen. De voorzitter: Dat heb ik geconstateerd, dank u wel. Wethouder Oderwald, gaat uw gang. Wethouder Oderwald: Voor mij is dit de eerste keer dat ik het stemknopje indruk, dus voorzitter ik hoop dat ik enkele persoonlijke woorden mag zeggen voordat ik inga op de beantwoording van de vraag. De voorzitter: Het is uw maiden speech wil ik haast zeggen. Ik vraag u wel het compact te houden. Gaat uw gang. Wethouder Oderwald: Zeker. Ik vind het bijzonder eervol om hier te mogen zitten en ik wil me graag van harte inzetten voor de Midden-Delflanders. Gisteren kreeg ik de vraag: hoe bevalt het u? ik voel me hier gewoon weer helemaal thuis en ik heb ontzettend veel zin om met u allen aan de slag te gaan. ik zal er voor u zijn. Hiervoor was ik vrij actief op het gebied van telefoonnummers en ik zou eigenlijk zo graag mogelijk willen dat u allemaal in mijn telefoonboek staat zodat we zo snel mogelijk goed met elkaar kunnen gaan samenwerken. Dan ga ik nu in op de vragen die mevrouw Langeveld aan mij heeft gesteld. Voor u was het een verrassing dat Kamers met Aandacht in Midden-Delfland werd gepromoot.

Of dat het werd gelanceerd vanuit Delft, vanuit die centrumgemeente. Vanuit mijn achtergrond was dat dan weer geen verrassing omdat ik bij het initiatiefvoorstel betrokken ben geweest. Niet zozeer zelf maar ik kende gewoon het initiatief dat in Delft is genomen. Wat is de reden dat de raad niet op de hoogte is. Die vraag staat op zich al in uw antwoorden goed weergegeven, zoals u die schriftelijk heeft gekregen Het is onderdeel van het mandaat dat we vanuit de Regiovisie Transformatie en Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis van het maatschappelijke-opvangvraagstuk al in de mandaatregeling hebben opgenomen, wat we daar in die samenwerking met elkaar voor elkaar krijgen. Dan zijn het onderwerpen waar Delft op een bepaalde manier gewoon the lead kan nemen. Maar dat wil niet zeggen dat Midden-Delfland daar niet haar eigen positie in moet nemen. Dat ben ik helemaal met u eens. We hoeven inderdaad niet alle initiatieven die deze centrumgemeente in onze regio voorlegt te volgen. We kunnen vanuit Midden-Delfland zelf kiezen wat we doen. Maar u heeft in het antwoord ook kunnen lezen dat het om een periode van twee jaar gaat. Want het gaat dus om een periode van twee jaar waar we in feite gaan kijken of we verhuurders en jongeren die zorg nodig hebben in een Kamer met Aandacht een klein beetje zelfstandig kunnen gaan wonen...

Dat zijn wat mij betreft en zoals de uitleg vanuit Kamers met Aandacht ook is, niet de jongeren die echt zware WMO-zorg nodig hebben want anders zouden ze niet voor dit concept in aanmerking komen. Het is een tweejarige pilot. Op dat moment kunnen we ook uw vraag beter beantwoorden hoeveel dit er nu zijn. Het zouden, zoals u zegt, tien jongeren kunnen zijn, die kosten. Dan levert het zeker een kostenpost op. Maar het zijn dan ook op dat moment gewoon onze inwoners die hier zijn gekomen en de verhuurders die ervoor gekozen hebben om die zorg te doen. Ik denk dat een van de pijlers in het hele Sociaal Domein is dat we ook op zoek gaan om zorg onderling veel beter te regelen omdat dit nu precies een voorbeeld is van een pilot waar je kijkt hoe de zorg onderling werkt en wat het betekent. Ik denk dat daarmee de pilot bijzonder waardevol is. Dan kijk ik nog even of ik uw vragen allemaal heb beantwoord. We hebben geen onderzoek gedaan naar de behoefte, maar dat is eigenlijk de pilot zelf al. Het uitvragen van de kamerbehoefte ga je eigenlijk ook in de pilot verder uitwerken. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel wethouder Oderwald. Ik kijk naar mevrouw Langeveld, heeft u nog een korte aanvullende vraag? Mevrouw Langeveld: Ja, ik heb zeker nog een korte aanvullende vraag. De wethouder heeft het over een minimale WMO-indicatie.

Als ik het hele stuk lees over Kamers met Aandacht gaat het

ook over dagbesteding. Het kunnen ook jongeren zijn die met begeleiding aan het werk zijn. Dat kost allemaal geld, dat zit allemaal opgenomen in de WMO-indicatie en dat kan ons best wel heel veel geld gaan kosten. Wat u aangeeft van een pilot kan waardevol zijn... De voorzitter: Mevrouw Langeveld, ik ga u weer even onderbreken. Ik vroeg u of u een korte aanvullende vraag wilde stellen. U deelt een standpunt met ons, dat is niet het doel van dit moment. Ik vind het heel vervelend om daar een beetje streng in te moeten zijn, maar dat is wel de essentie van dit verhaal. Anders wordt het gewoon een debat. Mevrouw Langeveld: Dan ga ik nu een andere korte vraag stellen. Is de wethouder het met me eens dat een pilot waardevol kan zijn op het moment dat je eerst in de gemeente ook weet wat de behoeften zijn voordat je ergens een handtekening onder zet? De voorzitter: Wethouder, gaat uw gang. Wethouder Oderwald: Ik ben geneigd om nee te zeggen omdat het gewoon heel moeilijk is om zo een vraag uit te lopen zonder dat het hele concept is voorbereid. Dit is een pilotfase. We hebben vanuit andere voorbeelden gezien wat dit betekent. Ik verwacht geen hele grote aantallen op dit moment. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder nog aanvullende vragen? Nee. Dan ronden wij dit agendapunt af.

9.

Sluiting

De voorzitter: Dan constateer ik dat we om 21.02 uur bij een ook belangrijk agendapunt zijn gekomen, dat is de sluiting van deze vergadering. Dat betekent dat u allen wordt bedankt voor uw aanwezigheid, ook de kijkers thuis. De mensen hier aanwezig nodig ik graag uit voor een drankje. Dank u wel en wel thuis. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 27 september 2022.

de griffier, A. de Vos

de voorzitter, Drs A.P.J. van Hemmen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=39b7b4fc-a982-4284-b6ec-6aaea5d37d9d