2021 m 03 d 23 Vsl raad.docx
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 23 maart 2021, 19.30 uur. Voorzitter
: A.J. Rodenburg, burgemeester
Griffier
: A. de Vos
Aanwezig : de heer A. van den Berg (CDA), de heer T.A. Buitelaar (OGP Midden-Delfland), de heer J.G. Cornelissen (CDA), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), mevrouw M.E. Heutink (OGP Midden-Delfland) de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij!), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij!), mevrouw E.C. Snethlage-Barnard (PvdA), de heer R.E. Vieira (D66) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
: de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij!)
Tevens aanwezig: de heer F.J.M. ten Have, mevrouw W. Renzen-van Leeuwen, mevrouw S. Smit, wethouders, de heer J.J.M. Kleijweg (inspreker Vockestaert)
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter: Dames en heren, heel hartelijk welkom bij de vergadering van de gemeenteraad van Midden-Delfland. Ik open de vergadering met deze hamer en u heeft het allemaal gehoord. Dan gaan we aan de slag. We hebben bericht van verhindering gekregen van de heer Van der Spek. Hij ligt in het ziekenhuis en we gaan hem een attentie sturen namens u allen. We hopen dat hij weer snel opknapt en bij de volgende vergadering aanwezig kan zijn. Verder zijn er geen huishoudelijke mededelingen. Ik zie dat er al een inspreker aanwezig is voor zo meteen, de heer Kleijweg. Die gaat inspreken straks. Verder heet ik u allen hartelijk welkom, ook degenen die met ons meekijken via de webcast.
2.
Regeling der werkzaamheden
De voorzitter: U weet hoe dit werkt, we hebben Lijst A, Lijst B en Lijst C. Lijst A is de lijst met brieven die het college naar u heeft gestuurd. Het gaat over de wijze van afdoening. Wilt u als u bij dit agendapunt niet wilt spreken, ook de camera uitzetten? Dat maakt het wat overzichtelijker voor ons allemaal. Dus als u niet spreekt, de microfoon ook uit vanwege het achtergrondgeluid. Onze externe inspreker heeft het nog niet gehoord, maar ook u vragen we even de microfoon uit te zetten. Dan gaan we door met Lijst A, brieven van het college en de wijze van afdoening. Wie heeft hier een opmerking op? De heer Van den Berg: We willen graag A-013 doorschuiven naar de volgende raadsvergadering. De voorzitter: Mag ik het zo zien dat u dat naar een commissievergadering door wilt schuiven? De heer Van den Berg: Ja, naar de commissievergadering. Dat klopt. De voorzitter: Dat is het voorstel. Dan neem ik aan dat dat akkoord is. Ik zie geen gezichtjes verschijnen dus ik neem aan dat dat oké is. Prima, dank u wel. Geen bericht is goed bericht in dezen. Die gaat naar de commissie. Ik zie ook nog mevrouw Langeveld. Mevrouw Langeveld: Ik heb op dit moment een heel korte verduidelijkingsvraag over brief A-012 aan de wethouder. Die vraag is zo klein dat die eigenlijk te klein is om hem schriftelijk te stellen. Dus ik vraag of ik hem nu even heel kort mag stellen.
De voorzitter: Stelt u hem dan heel kort, want het gaat nu eigenlijk alleen om de wijze van afdoening.
Mevrouw Langeveld: Dat begrijp ik. Al ongeveer anderhalve week geleden heeft er vrij groot in het AD gestaan dat er een tekort is van € 1 miljoen op de jeugdzorg in de gemeente Midden-Delfland. Als je dat artikel leest, kun je daaruit opmaken dat dat over het jaar 2020 gaat. Als je brief A-012 leest, staat daar inderdaad een tekort in van rond de € 1 miljoen, maar dat gaat over de periode 2015-2019. Mijn vraag aan de wethouder is: kunt u een verduidelijking geven over de tegenstrijdigheden zoals die in de media zijn verschenen? De voorzitter: We vragen de wethouder daar kort op te reageren. Zo mogelijk nog korter dan de vraag. Wethouder Ten Have: Ik ben blij dat misverstand even op te heffen. De brief spreekt niet van een tekort, het AD-artikel wel. Dat is niet correct. In de brief leest u dat de uitgaven jeugdzorg tussen 2015 en 2019 zijn gestegen met € 1 miljoen en dat dat ook ongeveer het bedrag is dat we volgens het landelijke rapport van AEF eigenlijk niet door het rijk vergoed krijgen. Er is echter geen sprake van een tekort van € 1 miljoen. We zijn een financieel gezonde gemeente en in de brief vindt u dat ook niet terug zoals dat in het AD is weergegeven.
Dus het is goed om die misvatting even recht te zetten en duidelijk te maken dat er geen sprake is van een tekort van € 1 miljoen op de jeugdzorg, maar wel een uitgavenstijging en wel een bedrag dat eigenlijk nog door het rijk gecompenseerd zou moeten worden. De voorzitter: Is het daarmee voldoende toegelicht? Mevrouw Langeveld: Zeker weten. De voorzitter: Daarmee is lijst A vastgesteld. En dan lijst B, de lijst met brieven die derden naar u hebben gestuurd. Ik zie geen gezichten in het venster verschijnen, mag ik daaruit opmaken dat u daarmee akkoord gaat? Dan heb ik dat bij dezen vastgesteld. Dan Lijst C, dat is de lijst waar brieven op staan, de artikel 42-vragen. Geen sprekers op dit punt? De heer Knaap: Uiteraard wel. Het gaat natuurlijk over de antwoorden die we hebben gekregen op de vragen die we hebben gesteld aangaande beloftes die u vorig jaar oktober heeft gedaan om de overlast van het varen te verminderen. We zijn blij dat er een aantal dingen in gang is gezet, dus dat een publiekscampagne is opgestart en dat er overleg is met de initiatiefgroep en dat daarbij ook de mensen van de politie en de eigen mensen van openbare orde en veiligheid betrokken zijn. Toch geeft dit antwoord op twee punten even behoefte aan een nadere vraag. De eerste gaat over de bestuurlijke lijn.
Wij waren als OGP Midden-Delfland in de stellige overtuiging dat u, als u als portefeuillehouder zegt dat u een bestuurlijke lijn inzet, dat ook zelf doet. Het antwoord lijkt er eigenlijk op dat de initiatiefgroep bestuurlijke lijnen heeft uitgezet. Dus mijn vraag aan u, als portefeuillehouder in dezen, is: wat is uw rol in dezen en in hoeverre gaat u met uw collega's van Vlaardingen, Maassluis en Westland ook daadwerkelijk in gesprek? Want dat overlaten aan de initiatiefgroep lijkt een beetje op iemand anders de hete aardappels uit het vuur laten halen. Dus ik zou graag wat toelichting willen hebben op hoe u de uitvoering ziet. En het tweede punt waarover ik een aanvullende vraag heb, zijn de borden waarover gesproken is. Ik heb begrepen dat ze in een vergaande staat van afronding zijn. In het antwoord wordt aangegeven dat voor een aantal borden een vergunning noodzakelijk is. Ik ben uiteraard nieuwsgierig wanneer de borden er daadwerkelijk staan, dus als de vergunningprocedure is afgerond. Dan ga ik ervan uit dat dat snel is want 1 april a.s. is al heel snel en het zou zonde zijn als we de eerste dagen van april de kansen laten schieten. Dus daarop graag nadere toelichting. De voorzitter: In dit geval ben ik natuurlijk wel zelf portefeuillehouder dus ik moet even kijken naar de heer Cornelissen. U bent even de voorzitter bij dezen.
(De heer Cornelissen neemt het voorzitterschap over van de burgemeester tijdens de beantwoording van de vraag.) De voorzitter: Goed, gaat uw gang, mijnheer de burgemeester. Burgemeester Rodenburg: In dit geval kan ik er duidelijk over zijn. De bestuurlijke lijnen waren door de initiatiefgroep al gelegd, die hebben contact gelegd met de gemeenten, de een met wat meer
succes dan de ander. Wat ik doe, mijn bestuurlijke contacten gaan eigenlijk via de binnenlijn, dus dat ik soms wat mensen spreek, maar op dit moment zijn het onze ambtenaren die de zaken doen met de gemeenten. Mocht daar een kink in de kabel komen of iets niet helemaal lekker lopen, dan bellen we altijd even. Dan zal ik de burgemeester bellen die daarover gaat, of het hoogheemraadschap dat aan zijn jasje getrokken dient te worden. Dat is op dit moment nog niet nodig geweest. Gelukkig maar. Dat is gelijk een bruggetje naar de borden. Die zijn inmiddels klaar en die worden volgende week dinsdag of woensdag geplaatst op de plekken waar het kan. Voor wat betreft er nog vergunningen nodig waren, kan ik niet precies zeggen of dat al helemaal rond is voor komende week, maar waar het wel kan, worden ze in ieder geval voor 1 april a.s. geplaatst. Dat is op zich redelijk afdoende als je het Midden-Delflandgebied in wilt want daar stonden al borden. Dus die worden vervangen door heel frisse, nieuwe, duidelijke borden waarop precies staat wat we in Midden-Delfland niet willen en hoe we willen dat iedereen zich gedraagt: netjes zoals je je thuis gedraagt. Dat is wat ik er nu over kan zeggen. De campagne loopt volgende week en dan gaat die door zoals beschreven in onderdelen, zoals ze in de brief staan. Voorzitter, dat was de reactie op de vraag.
De voorzitter: Is de heer Knaap tevreden met dat antwoord? De heer Knaap: Ik zie de borden graag verschijnen. Wat het antwoord over de bestuurlijke afstemming betreft, daar had ik een ander beeld bij. Ik denk dat het in dit soort regionaal gedoe, zogezegd, ook goed is dat meteen goed bestuurlijk af te tikken, dat was mijn veronderstelling. Ik hoor van het college dat dat het anders loopt, dat het vooral ambtelijk wordt aangevlogen en dat er bij kinken in de kabel contact wordt gezocht met die collega's uit de regio waar dat dan nodig is. Ik ga ervan uit dat dat goed komt en we gaan dat natuurlijk beleven. De voorzitter: Dan stel ik vast dat dit afdoende is. Dan geef ik het woord weer terug aan de echte voorzitter, de burgemeester. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Cornelissen. Daarmee is deze lijst ook vastgesteld. Van Lijst A wordt A-013 doorgeleid naar behandeling in de commissie. Voor het overige worden de lijsten A, B en C ongewijzigd vastgesteld.
3.
Spreekrecht voor belangstellenden
De voorzitter: De heer Kleijweg heeft zich aangemeld als inspreker en is reeds onder ons. De heer Kleijweg: Ik heb de griffier een mailtje gestuurd en dat zal ik even oplezen. Het volgende speelt al heel lang. Het Kraaiennest is onder andere hondenuitlaatgebied, recreatiegebied, ruimte voor vissers, sporters en vogelaars. Het is een prachtig gebied en het wordt zo optimaal benut. Wat wel veel mensen stoort, is de hondenuitlaatservice en dan met name een hondenuitlaatservice uit Den Haag, uit Bezuidenhout. Deze uitlaatservice heeft meestal rond de twintig honden bij zich, waarvan vier aangelijnd en de rest loopt los, met een begeleidster. Nu zijn er al meerdere incidenten geweest. Deze week weer. Op de boerderij van Zeestraten, ook bij het Kraaiennest, werden twee schapen aangevallen door vier honden, en tot bloedens toe gebeten. Ik kwam net op tijd om het schaap te redden. De begeleidster was in rep en roer want die had de honden niet onder bedwang. De begeleidster is later wel naar de eigenaar gegaan en heeft dat opgelost, maar het schaap zal waarschijnlijk een spuitje krijgen want de veearts is erbij geweest. Zo hebben er nog enkele incidenten plaatsgevonden in het verleden. Ik kom er tegenwoordig regelmatig omdat … (geluid valt weg) het Kraaiennest omdat het zeer intimiderend is als er twintig honden op je afkomen. Ook vissers ervaren dit zo.
Er zijn zelfs mensen die met hun hond, of ook zonder hond, er niet meer komen omdat het te intimiderend is, zo'n grote groep, vaak totaal niet onder controle. Ik heb handhaving … (geluid valt weg) Daar zullen de handhavers waarschijnlijk strenger optreden dan hier terwijl dit ook voor onze eigen recreanten is. In andere gebieden van Staatsbosbeheer zijn dit soort bedrijven vergunningplichtig en mogen er maximaal vijf honden aangelijnd uitgelaten of in een afgerasterd gebied. Het zijn commerciële bedrijven. Vergunningen of regels hieromtrent zouden toch heel normaal zijn? Door de gedeeltelijke herinrichting van het Kraaiennest is het gebied diverser geworden en gaat het heel veel recreanten trekken. Ook de PR is op volle toeren, het hele gebied is al meerdere maken op NPO geweest, Jeugdjournaal, TV West, WOS, AD. Grote groepen honden
worden als intimiderend ervaren en dit gaat zeker recreanten afschrikken en dat kan niet de bedoeling zijn. Mijn voorstel is: maximaal vijf honden per begeleider(ster) en aangelijnd. Of de gemeente moet een stuk afrasteren waar de honden vrij rond kunnen rennen. Ik neem aan dat in de coronatijd heel veel mensen een hond hebben aangeschaft. Straks gaat iedereen weer naar kantoor en krijgen de begeleidsters het waarschijnlijk nog drukker met nog meer honden. Ik vind dat hier een duidelijke oplossing voor moet komen en ik wil graag in gesprek met de gemeente, maar zeker met Staatsbosbeheer, dat ook graag voorstellen aan de gemeente wil doen. Zij kunnen nu niets doen omdat het jullie gebied is. Graag een antwoord hierop. De voorzitter: Dank u wel voor de inspraak. Ik ga even kijken want dit kan op diverse manieren van een reactie van het college worden voorzien, maar ik kijk even naar wethouder Smit want die heeft sowieso de contacten met Staatsbosbeheer en u doet ook suggesties over de inrichting van het Kraaiennest. Misschien is het goed om even te kijken of daar wat mee gedaan kan worden en wie dat mee kan nemen. Dat is dan even om het college daarop voor te bereiden. Ik zie ook wat andere gezichten want het kan zijn dat er vragen zijn aan de inspreker. De heer Knaap: Mijnheer Kleijweg, u spreekt vooral over een bepaald bedrijf.
Is dat het enige bedrijf dat in deze mate overlast veroorzaakt of zijn er meer? De heer Kleijweg: Wat ik meemaak, en wat de recreanten me melden, is een bepaald bedrijf en dat heet Nikki en komt uit Bezuidenhout uit Den Haag. Ik vind het raar dat ze hier de honden komen uitlaten en zoveel overlast veroorzaken terwijl het een commercieel bedrijf is. Ik heb het kaartje van het bedrijf. Dus u zou ze ook eens persoonlijk kunnen bellen over wat de bedoeling is. De voorzitter: Dan kijk ik naar het college. Wethouder Smit: Bedankt mijnheer Kleijweg. Deze klacht heeft mij eerder bereikt, ook recent, dus u bent niet de eerste en mogelijk ook niet de laatste, maar ik hoop het eigenlijk wel. Want deze mevrouw is in overtreding. De honden moeten aangelijnd zijn. U zegt zelf 'van mij hoeft dat niet zo als je een hond bij je hebt', maar van ons dus wel. Als vanavond de APV wordt vastgesteld, staat daar gewoon duidelijk in dat in het Kraaiennest de honden aangelijnd moeten zijn, het is geen losloopgebied. Dus wat deze mevrouw doet, mag niet. U verzoekt ook om een maximaal aantal honden op te nemen in de APV. Dat is een interessante gedachte en ik stel voor dat we die wel intern eens verkennen omdat je daarmee dit soort hondenuitlaatservices ontmoedigt. Met vijf honden kan ik me nog voorstellen, maar dat vind ik zelf al rijkelijk veel.
Maar als het meer wordt, is de kans dat je ze onder controle houdt steeds kleiner, zoals u ook zegt. Het zou heel erg zonde zijn als we in ons gebied heel veel doen aan weidevogelbeheer en weidevogelplassen aanleggen en er dan dit soort ongewenste activiteiten worden ontplooid door – dat ben ik met u eens – commerciële instanties. Dus ik denk dat het zeker goed is om daarover na te denken. Dat zou dan in een volgende herziening van de APV over een jaar kunnen worden opgenomen en daar zouden we dan ook met Staatsbosbeheer over in gesprek kunnen gaan en horen hoe zij daarnaar kijken. Maar wat deze mevrouw doet, mag niet. De heer Kleijweg: Ik snap het, maar – de vogels zitten veilig achter het hek dus daar gaat het me niet om – het trekt op het ogenblik heel veel recreanten. Er zijn ook fotografen, maar ook hondenuitlaters, die voelen zich geïntimideerd en die komen elke keer naar mij of naar Staatsbosbeheer toe en zij zeggen 'we kunnen er niets mee'. Staatsbosbeheer gaat niet handhaven, hebben ze gezegd. Wethouder Smit: Nee, onze gemeente heeft natuurlijk ook handhaving dus daar zouden we zelf dan een rol in moeten pakken en dat is dan weer aan de burgemeester. Maar ik denk zeker dat we daar aandacht voor moeten hebben, op meerdere vlakken dus. Ik ben het met u eens. De voorzitter: Er komt nog een vraag van de heer Knaap en van de heer Van Lier.
De heer Knaap: Ik hoor mijnheer Kleijweg duidelijk zeggen dat het een bepaald bedrijf is en ik hoor de wethouder ook zeggen dat het bekend is en dat ze ook een klacht heeft gekregen. Ik denk dat het een eerste stap zou zijn om een net briefje aan dat het bedrijf te sturen dat het in overtreding
is, dat dat wellicht niet ter plekke is geconstateerd door een handhaver op dit moment, maar dat het bedrijf er wel degelijk rekening mee moet houden omdat het, als het deze activiteiten voortzet, een vette bekeuring kan verwachten. Misschien gaat daar al enige afschrikwekkende werking van uit. Bent u daartoe bereid? De voorzitter: Die noteren we even, dan mijnheer Van Lier. De heer Van Lier: De wethouder zei dat het vergunningplichtig was, maar we hebben ook een aanwijsbesluit. De wethouder zei ook 'als we vanavond de APV vaststellen', dan kunnen we met een aanwijsbesluit dingen misschien nog beter regelen. En in het kader van het hondenbedrijf Nikki, als we de naam al weten, is het misschien verstandig dat bedrijf een keer op te vangen en een goed gesprek aan te gaan met de BOA. We hebben niet veel BOA's, maar als het al zo helder is, is die mevrouw vast goed aanspreekbaar. Wethouder Smit: Een brief sturen of een gesprek vanuit handhaving aangaan, daar gaat de burgemeester over. Maar ik denk dat dat ik voor hem kan zeggen dat we dat toezeggen. Ik denk dat dat eenvoudig te regelen is. Het andere punt van de heer Van Lier begrijp ik niet helemaal. Het aanwijsbesluit, wat bedoelt hij daarmee? De heer Van Lier: Als je naar de APV kijkt, mogen in het buitengebied honden loslopen, behalve in door het college aangewezen gebieden.
Ik weet niet precies hoe nu de gebieden aanwijzen geregeld is – misschien ook voor de helderheid – waar honden wel en niet los mogen lopen, want het aanwijsbesluit wordt pas vastgesteld als we de APV vastgesteld hebben. Daar kwamen we de vorige keer achter. Dus de wethouder zegt dat het nu al geregeld is, maar eigenlijk weten we het als raad nog niet. We weten het pas als het vastgesteld is. Dus dan graag ook vastleggen dat de wethouder het aanwijst. Wethouder Smit: Ik was in de veronderstelling dat we drie losloopgebieden zouden gaan aanwijzen en dat het Kraaiennest daar niet bij hoort, maar als dat niet klopt, hoor ik het graag. De heer Kleijweg: Dat klopt. Wethouder Smit: Dan klopt het wat ik zeg, namelijk dat bij het vaststellen van deze APV en het aanwijsbesluit de drie losloopgebieden zoals we die al hebben, gehandhaafd worden en dat verder overal in het buitengebied de hond aangelijnd moet zijn in Midden-Delfland. De voorzitter: Daarmee denk ik dat we dit punt voor besproken moeten beschouwen. De wethouder geeft aan 'we nemen dit punt mee'. De suggestie om in gesprek te gaan met dit bedrijf wordt meegenomen en dat zal bij de handhaving onder de aandacht gebracht worden om nadere actie te ondernemen op dit punt. Zullen we het daarbij laten? Mijnheer Kleijweg, dank u wel voor het aanstippen van dit punt.
U mag onze gast blijven bij de vergadering, maar ik kan me ook voorstellen dat u gaat uitloggen. De heer Kleijweg: Bedankt voor het luisteren in ieder geval. Ik heb nog wel andere voorstellen van Staatsbosbeheer van hoe het in andere gemeenten geregeld is. De voorzitter: Prima, laten we dat dan ook van u horen op een later moment en kijken hoe we daar gezamenlijk een keus in kunnen maken.
4.
Vaststellen van de agenda
De voorzitter: Ik zie dat de heer Buitelaar van OGP Midden-Delfland het woord wenst. De heer Buitelaar: Ik wil graag, mede namens mevrouw Langeveld, een korte terugkoppeling geven aan de raad uit de MRDH-adviescommissie Vervoersautoriteit. Dit kan wat mij betreft niet wachten tot de volgende commissievergadering want er is enige urgentie bij en ik wil graag vragen om in te stemmen met het sturen van een gezamenlijke brief. Daarom zou ik dit onderwerp graag geagendeerd zien vanavond.
De voorzitter: Ik begrijp dat u een agendapunt wilt toevoegen dat nog niet op de agenda staat. U gaat dat zelf introduceren, mede namens uw collega mevrouw Langeveld. Vindt u het goed dat we dat als agendapunt 8.a op de agenda zetten? De heer Buitelaar: Dat lijkt me een heel goed idee. De voorzitter: Dan wijzigt de agenda met toevoeging van agendapunt 8.a en dat gaat over de MRDH vervoersautoriteit en het versturen van een brief. De agenda wordt vastgesteld met toevoeging van een agendapunt 8.a.
5.
Hamerstukken
5a. 5.b. 5.c.
Vaststellen van de notulen vergadering d.d. 2 maart 2021 Voorstel 1e periodieke begrotingswijziging 2021 Voorstel Kostenverdeling kadeverbeteringsproject in het dorp Schipluiden tussen het Hoogheemraadschap van Delfland en de gemeente Voorstel Afvalstoffenverordening 2021 Voorstel Notitie uitgangspunten TransitieVisie Warmte Voorstel onttrekking aan de openbaarheid van de Harnaskade (westzijde)
5.d. 5.e. 5.f.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raad de hamerstukken vast.
6.
Uit de vergadering van 2 maart 2021 (vanwege het staken van de stemmen)
De voorzitter: Even ter toelichting. Dit gaat over de APV en uit de vorige vergadering op 2 maart is een aantal onderwerpen doorgeschoven omdat de stemmen staakten. Dat betekent dat het doorschuift naar de volgende vergadering. Het gaat over een amendement C, onder 6.1 Obstakelvrije stoep en een motie nr. 1 over de vereenvoudiging van de regelgeving. Nu kan het zo zijn dat u op dit onderwerp nog beraadslaging wilt starten. Als dat het geval is, zal de heer Cornelissen die beraadslaging begeleiden als voorzitter. Dan pak ik het als voorzitter weer op bij de stemming. Dus als u het woord wilt voeren, steekt u even uw hand op? Ik zie een paar mensen die nog beraadslaging wensen. 6.1 Amendement C VVD Obstakelvrije stoep Mevrouw Snethlage: Ik wil een kleine toelichting geven over het standpunt van de PvdA wat betreft het amendement Obstakelvrije stoepen. In de basis vinden we het amendement van de fractie van de VVD zeer lovenswaardig. Maar voor de PvdA zitten er wel wat haken en ogen aan dit amendement. De VVD creëert met dit amendement een overheid die plotseling van mening verandert en dus niet betrouwbaar zou zijn. Tot vandaag werden oplaadsnoeren voor elektrische auto's van een huis naar een auto al meerdere jaren gedoogd. Eventuele andere kabels worden met dit amendement nog steeds toegelaten.
Veelal zijn dit kabels die korte tijd over straat lopen, maar ook deze kunnen zeer gevaarlijke situaties creëren. Kijken we bijvoorbeeld naar de slangen van een glazenwasser, dan liggen die vaak over langere afstanden over de straat en stoep en liggen vaak niet stil. Langer liggende elektrische kabels voor het opladen van accu's van caravans worden met dit amendement nog steeds gedoogd, maar geven even vaak onveilige situaties. Ook bij evenementen zien we vaak kabels over straat lopen. Soms zijn deze onder loopmatten beschermd weggelegd, andere keren zijn ze met tape vastgezet, maar ook dit zijn niet de meest veilige situaties voor mindervaliden en slechtziende mensen. Verder komt het steeds meer voor dat mensen hun eigen oplaadpunt prefereren boven de algemene oplaadpunten die in de gemeente worden geplaatst omdat er steeds meer mensen zijn die een elektrische auto hebben. Veelal zijn dit ook mensen die zonnepanelen hebben waardoor de elektriciteitskosten voor het opladen tot niets gereduceerd kunnen worden. Natuurlijk betekent dit niet, wat de PvdA betreft, dat iemand die niet op eigen terrein kan parkeren een parkeerplaats kan claimen als een eigen parkeerplaats. De PvdA zou wel graag zien dat er een duidelijke en goede regeling komt voor alle kabels en andere obstakels die over straat lopen.
Dus niet nu een amendement waarmee een aantal inwoners in onze gemeente op extra kosten worden gejaagd omdat het college al jaren deze minder veilige situatie gedoogt terwijl het wel enthousiasmeert dat mensen verduurzamen, maar op zo kort mogelijke termijn duidelijkheid over
hoe we zoveel mogelijk kunnen verduurzamen als inwoners en daarbij wel de veiligheid kunnen garanderen. De voorzitter: Dat is meer een statement op dit punt. Ik had u eigenlijk gevraagd of u iets aan de beraadslaging wilde doen met elkaar, maar blijft het bij een statement van de PvdA, of wenst u hier een discussie over? Mevrouw Snethlage: In principe heb ik over de motie ook nog wat te zeggen en daar zitten meer vragen in. Maar omdat het amendement de vorige keer al vrij uitgebreid besproken is, leek het me niet raadzaam om dat nog heel uitgebreid te doen. De voorzitter: Maar u legt een punt voor de beraadslaging neer. Ik geef nog even de heer Ringeling het woord op dit punt. De heer Ringeling: Ik beschouw dit, net als mevrouw Snethlage, als een stemverklaring. Misschien hebben meerdere mensen stemverklaringen, ik heb dat in ieder geval wel. De voorzitter: Zo heb ik het ook van mevrouw Snethlage begrepen, dat het een stemverklaring is. Ik kijk ook met een schuin oog naar de heer Cornelissen want die zou het waarnemend voorzitterschap overnemen als het om beraadslaging ging. Dat is dan niet het geval, maar dan hebben we nu wel het moment dat we een stemverklaring kunnen afgeven ten aanzien van het amendement of de motie, maar over de motie had u vragen, toch mevrouw Snethlage? Niet zozeer een stemverklaring.
Mevrouw Snethlage: Daar zitten iets meer vragen in, maar ik had het gevoel dat u misschien de motie zou willen scheiden van het amendement en de APV omdat dat misschien efficiënter werkt en daarom had ik daar nog niets over gezegd. De voorzitter: Dat kunnen we zo doen, maar dan gaan we wel eerst de stemming doen bij 6.1. Dus dan heb ik een stemverklaring van u genoteerd en de heer Ringeling heeft ook een stemverklaring. De heer Ringeling: Ik deel de mening van mevrouw Snethlage dat op dit moment de situatie onoverzichtelijk is en dat we van alles gedogen. Dat is eigenlijk voor ons de reden om te zeggen 'luister, laten we het verbieden', want volgens mij gaat niemand, zeker de gemeente niet, de glazenwasser die even voor korte tijd zijn slang over de stoep heeft beboeten of dat verbieden. Wij hebben in de vorige raadsvergadering tegen het amendement gestemd vanwege het zigzagbeleid waar mevrouw Snethlage ook aan refereert, maar ik vind wel dat zwaarder weegt dat we het goed moeten regelen. Dus als we nu in de APV zeggen 'het mag niet', en we gaan daarna goed kijken want de discussie komt er want het college heeft een laadpalennota toegezegd en die komt er hopelijk voor de zomer – kunnen we het daarin regelen en afhankelijk van de uitslag van die beraadslaging kunnen we het in de volgende ronde van de APV er wel of niet weer in zetten.
Maar op dit moment zou ik zeggen 'laat ons nu wel voor duidelijkheid gaan' en het amendement steunen. De voorzitter: Dat is wel een uitgebreide stemverklaring in dezen, al uw woorden voor het hele jaar aan stemverklaringen zijn verbruikt! Zijn er nog anderen die een stemverklaring willen geven? Niemand, dan gaan we iets bijzonders doen, we gaan stemmen via het systeem. U heeft een laptop of een iPad en u weet allemaal inmiddels hoe het werkt. De griffier gaat de stemming over 6.1 nu gereed maken. De heer De Vos: De stemming staat gereed. De voorzitter: Dan kunt u stemmen. De griffier laat ons zo ook weten hoe de stemming is geweest. De heer De Vos: Er hebben nog drie leden nog niet gestemd. De heer Van den Berg: Ik ben nog aan het zoeken hoe het moet.
De heer Vieira: Hetzelfde geldt voor mij, ik heb de juiste knop nog niet gevonden. De heer Zwaard: Hetzelfde geldt voor mij, ik wil op mijn iPad stemmen, maar ik zie het nergens staan. De heer De Vos: U moet even uw iPad verversen door op het huisje te drukken. Dat geldt dan denk ik ook voor de heer Vieira. De heer Van den Berg: Ik krijg het niet goed voor elkaar. De heer Zwaard: Ik krijg het nu wel. De heer Vieira: Ik krijg het ook niet naar boven. De heer De Vos: De heer Zwaard heeft inmiddels gestemd, zie ik. De heer Van den Berg: Ik stem met de heer Zwaard mee, laat ik het dan zo zeggen. De heer De Vos: Dat is duidelijk. De voorzitter: Als D66 dan ook bekendmaakt hoe zij stemmen? De heer Vieira: Ik stem voor het amendement. De heer De Vos: Dan zijn er 9 stemmen voor en 7 tegen. De voorzitter: Daarmee is het amendement over de obstakelvrije stoepen aanvaard. Het amendement wordt aangenomen met stemmen tegen van de fracties van Mijn Partij!, OGP Midden-Delfland en PvdA. 6.2
Voorstel tot het vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2021 (APV)
De voorzitter: Dan hebben we het voorstel zelf. Dat wordt dan gewijzigd met het amendement van de VVD zoals zojuist is aangenomen. Is er nog iemand die daar stemming over wil? Of kunnen we dat akkoord verklaren? Dan stel ik vast dat we de APV vaststellen. Het voorstel wordt unaniem aangenomen. 6.3 Motie 1 OGP Midden-Delfland over vereenvoudiging regelgeving De voorzitter: Ik hoorde van mevrouw Snethlage dat over de motie nog even wat gesproken zou kunnen worden, dat is dan een stukje beraadslaging en dat vindt plaats onder leiding van de plaatsvervangend voorzitter, de heer Cornelissen. (De heer Cornelissen neemt het voorzitterschap over tot aan de stemming over dit agendapunt.) De voorzitter: Ik weet niet of er nog meer mensen zijn die het woord wensen te voeren? Ik zie inmiddels een aantal mensen verschijnen, wilt u allen het woord voeren? Mevrouw Snethlage: Ik had aangekondigd dat ik wat ging zeggen, dus dan moet je dat ook doen. De OGP Midden-Delfland wil de vergunningverlening voor jaarlijks terugkerende evenementen georganiseerd door onze verenigingen vereenvoudigen. Zeer nobel, maar zelfs onze jaarlijkse evenementen zijn niet elk jaar identiek. Dat impliceert wat betreft de PvdA al bij voorbaat dat het verstandig is om minstens de nieuwe onderdelen tegen het licht van de elk jaar nieuwe APV te houden.
Ook zijn het niet elk jaar dezelfde mensen die de vergunningaanvraag doen. Dat betekent in de ogen van de PvdA dat kennis over wat nieuw en oud is, dan ook niet altijd aanwezig is. Volgens de PvdA is het verder voor een organisatie van een evenement ook nuttig om van tevoren te weten waar eventuele knelpunten zich kunnen voordoen. En afspraken te maken over bijvoorbeeld wat te doen bij geluidsoverlastmeldingen. Hoe houden we dat in de hand, wat te doen bij afzettingen,
calamiteiten, enzovoort? We hebben van de gemeente en de verenigingen begrepen dat de vergunningaanvraag een logisch verlopend proces is van uitwisseling van wat wel en niet moet gebeuren en dat dit met wederzijdse samenwerking goed verloopt. De OGP Midden-Delfland gaat er in de motie van uit dat de vergunningsprocedure te vereenvoudigen is. Graag horen we van de OGP Midden-Delfland waar men dit op baseert. Ook horen we graag van de OGP Midden-Delfland welke lastenverlichting zij denken dat een eventuele vereenvoudiging gaat opleveren. De vraag is dan ook voor de PvdA of hier werkelijk winst is te behalen door een onderzoek uit te voeren. Zoals we allemaal weten, kosten onderzoeken tijd en geld. Mocht de raad toch in meerderheid besluiten tot een onderzoek, dan wil de PvdA ook graag weten hoeveel uren en hoeveel kosten met dit onderzoek gemoeid zijn. We vragen dan aan het college of het bereid is om het resultaat van wat het gekost heeft en hoeveel tijd het gekost heeft bij de resultaten van het onderzoek aan te leveren. Dank u wel. De voorzitter: Ik hoor twee partijen die aangesproken worden, het college en de OGP MiddenDelfland. Dan beschouw ik dit maar als eerste termijn en dan geef ik eerst even het woord aan de heer Van der Knaap om de vraag van mevrouw Snethlage te beantwoorden en wellicht nog een aanvullende vraag aan het college te stellen.
De heer Knaap: Ik stel voor dat als u me nog een keer 'mijnheer Van der Knaap' noemt, ik niet meer reageer, voorzitter. Ik zit nu ondertussen ruim vijf jaar in deze raad en mag veronderstellen dat mijn achternaam bekend is, waarvan akte. U stelt me een paar vragen, mevrouw Snethlage. U heeft blijkbaar alle verenigingen in MiddenDelfland gesproken en u stelt dat we een soort van vooringenomen mening hebben dat dat eenvoudig kan. Misschien hebben we die ook wel en misschien is het goed om in het licht van vergunningverlening en lastenverlichting in gesprek te gaan met de partijen en daar eens goed te vragen welke onderdelen van vergunningen gewoon elk jaar wel goed fungeren. Die laat je gewoon staan. Elke vereniging is oud en wijs en verstandig genoeg, zeker in deze gemeente, als de lijntjes zo kort zijn, om als het anders is, dat ook anders te organiseren. Dus vanuit OGP Midden-Delfland hechten we er zeer aan dat de dialoog of dingen eenvoudiger kunnen met de mensen die de dingen aanvragen, ook gewoon gevoerd wordt. U pretendeert dat dat een heel onderzoek is en dat dat heel veel geld zou kosten. Dat hoeft helemaal niet want dat kun je ook gewoon simpel doen en eenvoudig doen door een rondje langs de velden te doen en daar eens een keer goed de vragen stellen.
Volgens mij is het voorstel aan het college om inzichtelijk te maken hoeveel het kost misschien al meer werk dan het met de gemeente in gesprek gaan. Mevrouw Snethlage: De heer Knaap gaat er dus van uit dat het eenvoudiger kan. De dingen die routinematig ingevuld moeten worden, worden al routinematig ingevuld. En het wordt al gezamenlijk doorgelopen. Is de heer Knaap het met mij eens dat dit al op een eenvoudige manier gebeurt? De heer Knaap: Nee, dat ben ik niet met u eens en ik geef net aan waarom. Ik vind het belangrijk dat je in dit soort gevallen met de vereniging in gesprek blijft en naar die vereenvoudiging blijft zoeken. En dat is gewoon ons voorstel. De voorzitter: U heeft uw betoog afgerond, mijnheer Knaap, neem ik aan? Dan gaan we even naar het college om een antwoord te krijgen op de vraag van mevrouw Snethlage. Burgemeester Rodenburg: Als het nodig is om extra werkzaamheden te doen, houden we dat natuurlijk ook bij ook in het kader van de capaciteitsplanning. Als bruggetje, ik denk dat de uren die we daaraan gaan besteden, niet heel erg nodig zijn omdat we met elkaar in overleg zijn, iedere keer weer, over de vergunningen.
Als we naar de toekomst kijken, de zeer nabije toekomst, waarin we allemaal evenementen zouden willen gaan faciliteren, maakt dat even heel erg duidelijk dat er geen evenement meer zal lijken op het evenement van het afgelopen jaar en dat we daar dus heel veel energie aan gaan besteden. Dan valt zo'n onderzoek misschien wel in het niet, zeg ik dan maar tegen mijnheer Knaap, want we zullen veel meer tijd nodig hebben voor het afgeven van nieuwe vergunningen op een nieuwe manier in het nieuwe normaal. De voorzitter: Ik zie ook de heer Moerman.
De heer Moerman: Dat was nog voor een interruptie op de heer Knaap. Als organisator van evenementen in Midden-Delfland en persoon die elk jaar de vergunningsaanvraag van de gemeente doorloopt, adviseer ik sterk om niet voor deze motie te stemmen omdat we zelf ervaren dat het juist enorm belangrijk is om dat traject goed door te lopen. Ieder jaar en ieder evenement is anders. Het biedt juist een fijn handvat als evenementenorganisatie om al die punten langs te lopen. Dus eigenlijk krijgen we van de gemeenten een gratis draaiboek dat je kunt gebruiken om je evenement te organiseren. Het neemt niet veel tijd in beslag. Als je evenement er precies hetzelfde uitziet als vorig jaar, is het copy-paste. En ik denk dat het goed is dat mensen die niet in staat zijn om deze evenementenvergunning in te vullen, en dan ook goedkeuring te krijgen, ook geen evenement organiseren want dit is de basis. Ik denk dat er gevaarlijke situaties kunnen ontstaan als dit niet serieus wordt aangepakt. En ik denk dat de vergunningprocedure niet makkelijker wordt. Dus bij dezen mijn mening die ik even wilde delen. De voorzitter: Ik heb een aantal adviezen en meningen gehoord, maar geen vragen aan de sprekers en het college. We kunnen nog een tweede termijn doen, maar is daar behoefte aan? Nee, dan geef ik het woord terug aan de burgemeester om de stemming te organiseren over dit onderdeel.
De voorzitter: Dank u wel mijnheer Cornelissen. Dan hebben we de beraadslaging achter de rug en gaan we over tot de stemming. We gaan het opnieuw doen zoals bij het amendement. De motie OGP Midden-Delfland Vereenvoudiging regelgeving komt nu in stemming en de griffier zal de stemming voor u klaarzetten. U zult dat zien op uw iPad of laptop. De heer De Vos: De stemming staat klaar. De voorzitter: Mooi, u kunt stemmen. De heer De Vos: Ik denk dat de heer Van den Berg en de heer Vieira dezelfde problemen ondervinden als daarnet dus als die aangeven wat ze stemmen, zijn we compleet. De heer Van den Berg: Ik stem niet mee met wat de heer Knaap zegt. De heer De Vos: Ik hoor de heer Van den Berg tegen stemmen en de heer Vieira voor, als ik het goed heb? Dan staken de stemmen voorzitter, 8 voor, 8 tegen. De voorzitter: Dat betekent dat deze motie niet is aangenomen. Dus dat is de uitslag, niet aangenomen. De motie wordt verworpen met tegen stemmen van de fracties van de fracties van CDA, PvdA en VVD.
7.
Voorstel aankoop perceel HP en uitgifte in erfpacht
De voorzitter: Ik kijk even wie het woord willen voeren. De heer Roeling is de enige spreker. De heer Roeling: Wij hebben geen probleem met het uiteindelijke voorstel omdat dat ook voldoet aan onze criteria. Dit is gewoon een bedrijf uit Wateringen dat daar midden in het centrum zit, dus het is alleen maar gunstig dat dat gaat verhuizen. We hebben een vraag gesteld over het uitstel van betaling van de canon. We hebben in de commissievergadering aangegeven 'denk er eens over na college'. We zien in het raadsvoorstel dat dat niet gebeurd is, dus er was blijkbaar geen behoefte aan. Maar ik wil nog wel een keer benadrukken dat voordat je dit soort initiatieven start, die positief zijn, je van tevoren wel moet weten waar je aan begint. Als we kijken naar de steunmaatregelen van het rijk en de fiscale maatregelen, die weliswaar ook een beetje 'vooruitschuiven' zijn, wordt men daar ook het hemd van het lijf gevraagd voordat men er überhaupt voor in aanmerking komt. En wat dat betreft, hadden we op zijn minst kunnen kijken 'is het in de kern een gezond bedrijf?' En waarom dan de gehele canon, en niet een deel daarvan, zodat je toch nog in contact blijft en toch een beetje feeling houdt met de ondernemers? Daar zit geen vraag in, dat is hoe wij ertegen aankijken. Zo zouden wij het hebben gedaan.
Het is wat het is op dit moment en het is voor eenieder - de bedrijven, de gemeente en de belastingbetaler - te hopen dat dit snel tot een goed einde komt.
De voorzitter: U gaf het al aan, het is meer uw opvatting, hoe u tegen het punt aankijkt. Dan zie ik dat de heer Van der Eijk nog het woord wenst te voeren. De heer Van der Eijk: Het verbaast me wel een beetje want we zitten in een moeilijke tijd in de coronacrisis en wereldwijd hadden overheden dit niet voorzien. Er zijn natuurlijk bedrijven in MiddenDelfland die ook in een extreme situatie zitten en ik ga ervan uit dat het college gewoon in gesprek is met deze partij, volgens mij is dat in de vorige commissievergadering ook aangegeven, om daar een oplossing te zoeken. Zodat die bedrijven, als ze weer verder kunnen en hun businesscase weer wel kan draaien, gewoon hun canon kunnen betalen. Er wordt niet kwijtgescholden, er is gewoon gesproken over uitstel, geen afstel. Ik vind het ongepast om deze mensen nu het vel over de oren te trekken. Ik heb er alle vertrouwen in dat het college in goed gesprek is met deze ondernemers en niet bij hen de canon gaat opeisen omdat ze geen levensvatbaar bedrijf zijn. We hebben misschien wel die gebouwen in onderpand, maar… De heer Roeling: De heer Van der Eijk zet nogal hoog in met 'het vel over de oren trekken' en 'opeisen', dat is allemaal niet aan de orde en dat is zeker niet aan de orde op het moment dat je vooraf duidelijke afspraken maakt.
Dat is ook een van de redenen dat we vinden dat we vooraf dat soort zaken moeten weten zodat we niet over hoeven te gaan tot het over de oren trekken van het vel en al die krachttermen die de heer Van der Eijk gebruikt. Dat staat u vrij, maar wij blijven ver van dat soort opmerkingen en misschien is dat de intentie van de VVD, maar niet van ons. Snapt de heer Van der Eijk dat? De heer Van der Eijk: We snappen dat we er vertrouwen in hebben dat het college in goed overleg is met deze ondernemer om een uitweg te zoeken voor deze problematiek en we gaan er niet van uit dat de ondernemers graag de hand ophouden, dat soort ondernemers zijn bij de VVD niet bekend. We proberen ook zeker niet… De heer Roeling noemt dat krachttermen, maar dat is niet de manier waarop de VVD vindt dat de gemeente met ondernemers in onze gemeente om moet gaan. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Dan heb ik geen vragen... Zie ik de heer Zwaard? De heer Zwaard: De beraadslagingen gehoord hebbend en de opmerkingen die de heer Roeling en de heer Van der Eijk maken, is het wellicht goed om even naar het college te gaan om te kijken hoe er binnen het college tegen deze situatie aangekeken wordt. Dat werpt wellicht een ander licht op de zaak dus ik ben benieuwd hoe het college hiernaar kijkt.
De voorzitter: Zullen we dat dan doen? Dan gaan we nog even naar het college want er waren geen vragen gesteld verder, maar er waren opvattingen gegeven, maar er is nu wel een concrete vraag aan wethouder Ten Have. Wethouder Ten Have: Ik heb in de commissie al geschetst dat we in de erfpachtovereenkomst duidelijke afspraken hebben over de canonbetaling, dat we in principe canonbetalingen niet kwijtschelden, dat we wel waar nodig, net zoals met de gemeentelijke belasting, uitstel van betaling verlenen en daar waar nodig, zelfs bereid zijn te kijken als dat echt nodig is - maar dat beoordelen we natuurlijk per geval – betalingsregelingen overeen te komen. Dat was het antwoord in de commissie en dat blijft het beleid en dat wordt niet anders. Dus ik zie het probleem niet zozeer van de heer Roeling. Daarnaast wil ik zekerheidshalve nog in herinnering roepen dat we in de begroting een reserve hebben opgenomen van € 700.000,00 om eventuele deconfitures rondom erfpacht op te vangen. In mijn ogen redelijk overbodig omdat we altijd terug kunnen vallen op de grond en de natrekking van het vastgoed. En we hebben u ook gemeld dat zelfs in deze situatie waarin we nu zitten, met corona, waarin veel bedrijven het moeilijk hebben, er op dit moment maar twee ondernemingen zijn die uitstel van betpaling voor erfpacht hebben gevraagd.
U bent geïnformeerd over de toedracht dus ik zie het probleem niet zozeer. Volgens mij was het antwoord in de commissie helder en gaf dat geen noodzaak tot verdere reactie van het college dus dat hebben we ook niet gedaan.
De voorzitter: Dat was een antwoord in de richting van de heer Zwaard. Mag ik hiermee de beraadslaging op dit punt afronden en vaststellen dat… Dat is even de vraag. Ik kijk even naar de heer Roeling. Gaat u mee met het voorstel of wordt u geacht tegen te hebben gestemd? De heer Roeling: Nee, we zijn het eens met het voorstel. Het ging meer om het aanpassen van het betalen van de canon. De voorzitter: Ik checkte het even, maar u gaat mee dan gaat iedereen mee en is het voorstel daarmee aangenomen. Het voorstel wordt unaniem aangenomen.
8.
Voorstel wijziging tijdbestedingsnorm en ontheffing woonplaatsvereiste wethouder F.J.M. ten Have
De voorzitter: Dit is ter besluitvorming op de agenda gekomen, zijn er sprekers op dit punt? De heer Jongsma: Ik heb twee korte vragen. De eerste vraag is waarom dit voorstel niet eerst even in de commissie is geweest. Het verbaast me dat het meteen naar de raad is doorgestuurd. De tweede vraag is: zou dit betekenen dat als in de toekomst opnieuw de fte's worden verdeeld, we dan structureel 0,1 fte aan wethouders minder hebben? De heer Roeling: Er zit een financieel voordeel aan voor de gemeente, dat is altijd te prijzen. Verder stemmen we in met de ontheffing woonplaatsvereiste. De heer Zwaard: We hebben in de afgelopen tien maanden wethouder Ten Have leren kennen als iemand die zeer kundig is en die zich zijn portefeuilles zeer snel eigen heeft gemaakt. We denken ook dat hij goed in staat is om te behoordelen of hij in 90% van de tijd 100% werk kan vervullen. We zien geen belemmering en kunnen hiermee instemmen en ook met de woonplaatsontheffing kunnen we uiteraard instemmen. Mevrouw Snethlage: We zijn op beide punten voor. Zoals de heer Roeling zegt, het is een bezuiniging voor de gemeente en blijkbaar werkt de heer Ten Have zo efficiënt dat hij het in 90% van de tijd kan doen. En we horen het wel als dat niet zo is. We zijn erg blij met de heer Ten Have.
Eigenlijk is dat elke keer die woonplaatsontheffing moet worden gegeven een verouderd systeem, zoals we al eerder hebben gezegd. Het gaat om de kwaliteit en het werk dat wordt geleverd dus we hopen dat hij nog een tijdje blijft. De voorzitter: Dan heb ik geen sprekers gemist? De heer Jongsma stelde een vraag maar dat ging over formatie en dat is meer een politieke taxatie. Dat moet u als partijen onderling natuurlijk op een keer bekijken als u zover bent. De andere vraag was of het niet eerder in een commissie had gekund. In mijn herinnering gaan dit soort zaken wel meer gewoon direct door naar de gemeenteraad. Die komen dan van de griffie en liggen dan bij u ter besluitvorming. Dat is ongeveer het verhaal dat ik erbij zou kunnen meegeven, maar mijnheer De Vos, wilt u een toelichting geven als griffier? De heer De Vos: Er is een heel simpele verklaring voorzitter, na de commissievergadering vorige week is het verzoek van de heer Ten Have pas ontvangen en omdat door hem de ingangsdatum is genoemd van 1 april a.s., is het verzoek rechtstreeks naar de raad gegaan. De voorzitter: Daarmee is nog een extra toelichting gekomen op het feit dat dit zo gegaan is. Kan de heer Jongsma daar ook vrede mee hebben? De heer Jongsma: Ja, ik kan vrede hebben met dit punt en wij zijn natuurlijk ook erg blij met deze efficiënte wethouder. Dus we steunen het voorstel.
De voorzitter: Kunnen we hier unaniem vaststellen dat we unaniem akkoord zijn met dit punt? Dan pak ik de hamer. Vastgesteld.
8.a. Concept brandbrief raden MRDH over voortbestaan OV in Metropoolregio De voorzitter: Dit is een nieuw agendapunt dat is geïntroduceerd door de heer Buitelaar van de OGP Midden-Delfland en mevrouw Langeveld van het CDA. De heer Buitelaar: In de commissie van 9 maart jl. heb ik de commissie al geïnformeerd over de grote opgave die er is voor het openbaar vervoer in onze regio door het sterk teruglopende aantal reizigers en het daarmee ontstane financiële tekort. En over de kortetermijnmaatregelen die daardoor voorbereid zijn, waaronder bijvoorbeeld het verlagen van de frequentie van buslijnen door onze gemeente. Inmiddels heeft de Adviescommissie vorige week een advies geformuleerd voor de Bestuurscommissie Vervoersautoriteit en daarin worden punten benoemd als het behouden van de knip tussen investering en exploitatie, in de uitvoering van de kortetermijnmaatregelen aandacht voor de bereikbaarheid van voorzieningen, het voorkomen van grote druktes in de voertuigen op bepaalde momenten en duidelijke communicatie naar reizigers. Ook gaat de Adviescommissie ervan uit dat de maatregelen nog omkeerbaar zijn en blijven, waarbij er bij het terugdraaien niet enkel wordt gekeken naar het gebruik, maar ook naar het maatschappelijk belang. Dat zijn ook voor onze gemeente goede punten.
Tijdens die vergadering is het initiatief genomen om te komen tot een gezamenlijke brief aan het kabinet waar we aandacht vragen voor landelijke steun en perspectief voor de toekomst van het OV. Dat vonden we een goed idee en we hebben hiervoor een motie voorbereid en die willen we in stemming brengen. De voorzitter: Mevrouw Langeveld, wilde u nog wat toevoegen op dit punt, of aansluiten bij? Mevrouw Langeveld: Ik sluit volledig aan bij mijn collega Buitelaar. De voorzitter: Ik zie enkele mensen die het woord willen voeren. De heer Gebben: Even voor de goede volgorde voorzitter, gaat het nu ook al over de motie of niet? Want de heer Buitelaar heeft de motie nog niet officieel ingediend. De voorzitter: Ik denk dat dat nog wel komt, toch? De heer Gebben: Dan maak ik nu maar mijn eerste termijn af. Ik ben het helemaal met de heer Buitelaar eens, we moeten nu goed kijken dat we geen dingen kapotmaken die we na de coronacrisis misschien niet meer op kunnen bouwen. Openbaar vervoer is zeker maatschappelijk heel belangrijk dus ik kan u helemaal volgen in uw lijn en ik denk dat we u daar ook in kunnen steunen. De heer Roeling: Voor ik overga tot de motie, even over een gezamenlijke brief, want daar gaat het eigenlijk om, de vraag of we die dan willen indienen. Daar wil ik graag nog wat context bij plaatsen. Dit zijn bedrijven.
We weten allemaal dat ze wel met subsidie op de been worden gehouden, maar ze worden wel gerund als bedrijf dus ze komen ook in aanmerking voor de NOW-regeling. Nu hebben we een schitterende website, NOW-inzichtelijk.nl, daar kun je op bedrijfsnaam of op vestigingsplaats kijken wat er is uitgekeerd aan NOW-gelden. Dan zien we dat de HTM inmiddels € 4,4 miljoen ontvangen heeft, EBS, onze busmaatschappij, heeft € 3,1 miljoen ontvangen en de RET € 1,3 miljoen. Nu gaan we daar het gat niet mee dichten, maar het lijkt me wel goed dat het wel bij eenieder op het netvlies staat dat het gewoon bedrijven zijn en dat ze ook de mogelijkheid hebben om daar gebruik van te maken. Wat ze goed gedaan hebben. Wat ons betreft, wel een punt om te noemen, anders krijgen we een soort KLM, dat gaan we steunen met een enorme lening, maar we weten bij god niet of dat ooit wordt terugbetaald. Maar terug naar de brief en de motie. We zullen instemmen en begrijpen dat de heer Aboutaleb al aan de bel getrokken heeft en dat de heer Van Zanen ook op het punt staat daar zijn zegje over te doen. Dus akkoord met de motie en dus ook met de brief. Mevrouw Snethlage: Ook wij zijn het natuurlijk helemaal eens met de motie. Niet helemaal vreemd, we wisten er al iets eerder van omdat we natuurlijk ook in de MRDH-adviesgroepen zitten en dus vrij snel de informatie krijgen.
Harde ingrepen zouden voor Midden-Delfland funest kunnen zijn voor ons openbaar vervoer. En zelfs zachte ingrepen als een halvering van diensten of een vermindering van haltes in de kernen, zouden kunnen betekenen dat de lijnen straks volledig verdwijnen en of ze dan nog terug zouden kunnen komen, is natuurlijk maar de vraag. Het is een soort afbraakbeleid voor
Midden-Delfland als we dat gaan doen want we hebben al vrijwel geen OV-structuur, die is al minimaal. We waren juist bezig om binnen MRDH te werken aan vervoer op maat, maar dergelijke initiatieven zijn nog niet van de grond gekomen en met deze tekorten zullen ze ook niet van de grond komen. Dat betekent dat we in een slechte OV-situatie blijven. Voor de PvdA is het van belang dat we de reizigers en medewerkers van het OV niet aan hun lot overlaten. Ja, er is een hoop binnengekomen van de NOW, maar vergeleken met wat er van de overheid naar het vliegen naar het buitenland gegaan is, zo zal ik het maar zeggen, is dat natuurlijk gering. Mensen hebben gewoon goed OV nodig. Inwoners die privé en voor het werk afhankelijk zijn van het OV worden anders flink geraakt. Ik heb al van meerdere mensen gehoord dat een halvering van de lijnen een groot probleem zou kunnen zijn. Mensen hebben goed OV nodig om naar werk te gaan, boodschappen te doen, of bij familie op bezoek te gaan, nu, maar zeker straks na corona. Dus wat ons betreft is het van uitermate belang dat het kabinet met steun over de brug komt om het openbaar vervoer in stand te houden zoals we gewend zijn. Dus we zijn voor deze motie.
De voorzitter: En er was net een klein puntje van orde, namelijk dat de motie al wel was aangekondigd - hij staat in de stukken, dus ik dacht dat hij al was ingediend - maar u gaat hem nog indienen toch, mijnheer Buitelaar? De heer Buitelaar: Ja, dat was de bedoeling, ik zal hem voorlezen. Motie nr. 01 ingediend door OGP Midden-Delfland, CDA en PvdA "De raad van de gemeente Midden-Delfland, in vergadering bijeen op 23 maart 2021; constaterende dat: de coronacrisis grote gevolgen heeft voor het OV in de regio; de MRDH zich ernstig zorgen maakt over het OV in de MRDH als er geen extra investeringen gedaan worden; overwegende dat: het OV een vitale functie vervult in de MRDH; het OV in gevaar komt als er niet op korte termijn afspraken worden gemaakt over verdere financiële steun en perspectief in 2022; er gesprekken gaande zijn om gezamenlijk met alle 23 gemeenten van de MRDH een brief te schrijven aan het kabinet om gezamenlijk het belang van landelijke steun en perspectief voor de toekomst voor het OV te communiceren; vraagt de raad: in te stemmen met het versturen van een (gezamenlijke) brief aan het kabinet om het belang van landelijke steun en perspectief voor de toekomst voor het OV te communiceren; en gaat over tot de orde van de dag." Hij is ondertekend namens OGP Midden-Delfland, CDA en PvdA. De PvdA is nog toegevoegd, die staat er nog niet op.
De voorzitter: Dat maakt niet uit, voor het deel uitmaken van de beraadslaging is één handtekening genoeg. Hij maakt dus deel uit van de beraadslagingen en krijgt nummer 1. Hij was al aangekondigd, wellicht zijn er nog sprekers die daar nog wat over willen zeggen. De heer Vieira: Dank voor het agenderen van dit punt, een punt dat we van harte ondersteunen. Het maatschappelijk belang ervan is door anderen al voor het voetlicht gebracht dus in die zin heb ik daar niets aan toe te voegen. Het is vaak een kip-eiverhaal: op het moment dat die bus bij wijze van spreken elke tien minuten gaat, wordt er vaker gebruik van gemaakt dan als hij maar een keer per uur gaat en als je daar dan ook weer op gaat bezuinigen, gaat die bus bijna niet meer en denken steeds meer mensen 'het is voor mij geen redelijke manier van reizen'. Dus we vinden het heel belangrijk dat dit intact blijft en op die manier een belangrijke functie voor ons kan vervullen. Dus we steunen van harte deze motie.
De heer Gebben: We zijn akkoord met de motie maar ik zou nog een opmerking willen maken over de beetje rare redenatie van de heer Roeling. Als ondernemer ben je hartstikke blij met de NOWregeling want die NOW-regeling is in het leven geroepen om de salarissen van je personeel te kunnen betalen op het moment dat je door corona in de problemen komt zodat je deze mensen niet hoeft te ontslaan. Dat wil niet zeggen dat je dan uit de kosten bent. Want je vaste kosten, je hypotheek en alles, lopen gewoon door. Dus die bedrijven zijn dan niet meteen uit de brand. Dus ik vind het heel logisch dat er dan extra steun wordt gevraagd voor essentiële functies als het openbaar vervoer. De heer Roeling denkt daar kennelijk anders over. Als ondernemer is het gewoon niet fijn als je getroffen wordt door corona, dat komt keihard aan en een beetje steun zou heel welkom zijn. De heer Roeling: Nog even een verduidelijking, het is algemeen bekend dat in Nederland het openbaar vervoer voor 60% draait op subsidie, met andere woorden, die 60% subsidie ontvangen ze en daar bovenop heb je de NOW-gelden. Als het erom zou gaan dat je voor 100% afhankelijk bent van de buskaartjes en de tramkaartjes, dan is het een heel ander verhaal, maar als dat voor 60% vergoed wordt, dat is een heel andere kwestie. Ik denk dat de heer Gebben dat uit het oog is verloren.
De heer Gebben: Nee, dat is mijnheer Gebben helemaal niet uit het oog verloren maar de NOWsubsidie is bedoeld om mensen die bij dat bedrijf werken in dienst te houden. Ik ben als ondernemer hartstikke blij dat ik mijn personeel kan betalen op het moment dat ik getroffen word door corona. Dat u dat niet snapt, vind ik echt onbegrijpelijk en dat heeft niets te maken met of er al voor 60% subsidie wordt verstrekt, dat heeft er gewoon mee te maken dat je getroffen wordt door een crisis waar je niets aan kunt doen en waar je je ook niet tegen kunt beschermen. Dan moet je maar je personeel ontslaan, dat vindt u dat redelijker dan dat we dat netjes vergoeden? De heer Roeling: Ik denk dat ik als geen ander op de hoogte ben van hoe de NOW en de Tozo en alles werkt omdat ik voor aardig wat bedrijven die aanvraag heb ingediend. Dus ik weet vrij nauwkeurig hoe dat zit. Maar blijkbaar krijg je ook als je dierenarts bent alvast 60% subsidie en dan worden vervolgens ook nog eens een keer voor een aanzienlijk deel je personeelskosten door de NOW-regeling vergoed. Ik wil alleen maar aangeven dat je het niet erger moet maken dan het is. Die 60% is er gewoon. Dus ik weet heel goed hoe dat in elkaar steekt en zelf ben ik in de gelukkige omstandigheid dat ik er geen gebruik van hoef te maken, dat mag ook wel een keer gezegd worden.
Verder denk ik dat ik met de heer Gebben misschien nog eens een keer moet natafelen want hij raakt nogal opgewonden, maar dit is gewoon essentieel: OV wordt voor 60% betaald vanuit subsidie en daar bovenop krijg je de kaartjesgelden en ik denk dat we dat niet uit het oog mogen verliezen. Maar desondanks zijn we het eens met de zojuist ingediende motie en de brief. De heer Gebben: Ik vind dat de heer Roeling een beetje buiten zijn boekje gaat. Ik krijg geen cent subsidie van welke overheid dan ook. Dat is punt 1 en ik vind het absurd dat hij zegt dat die bedrijven die personeelskosten vergoed krijgen en daardoor die mensen in dienst kunnen houden, dat we dat dan maar af moeten trekken van wat ze eventueel nog tegoed hebben. Ik kan er geen goed woord voor over hebben. De voorzitter: Een laatste reactie op dit punt, de heer Roeling. De heer Roeling: Hij verzint het waar je bijstaat, alsof ik zeg dat de NOW-gelden af zouden moeten gaan van weet ik wat voor bedrag! Nee, we keuren dit goed en we steunen dit. Alleen vinden we wel dat het in de juiste context moet worden geplaatst. Dat heb ik gedaan en ik heb nog niet iedereen overtuigd blijkbaar, maar dat komt misschien nog. De voorzitter: Ik stel voor dat we het hierbij laten. Dan is de motie aan de orde.
Nu moet ik zeggen dat ik volgens mij alleen maar instemmende gezichten heb gezien bij deze motie dus ik stel voor dat ik kan vaststellen dat deze motie unaniem aanvaard wordt. Iedereen akkoord met deze motie? Ja, dat doet u, dan is de motie aangenomen en wordt de brief verstuurd. De motie wordt unaniem aangenomen.
9.
Mogelijkheid tot het stellen van vragen
De voorzitter: Ik heb drie vragen op mijn lijstje, dan begin ik bij 9.1 de heer Van Lier van Mijn Partij! over het gladheidsbestrijdingsplan. De heer Van Lier: Ik heb vragen gesteld en daar hebben we antwoord op gehad en die antwoorden waren keurig. Dus ik wil het niet te lang maken. Ik heb alleen nog een opmerking. In het oorspronkelijke plan stond dat we om de vijf jaar het gladheidsplan opnieuw zouden herijken. Dat is niet zo, we passen het eigenlijk ieder jaar aan. Ik ben tevreden met de antwoorden maar misschien is het een leermoment voor ons allen als raad, misschien moeten we voorzichtig zijn met jaartallen noemen want dan krijg je dit soort verwarring. Verder heb ik niets toe te voegen. De voorzitter: Dan gaan we door nar de vraag onder 9.2 van de heer Jongsma over Equestrum. De heer Jongsma: Ook ik zal het kort houden. Ik heb een vraag gesteld over de ontsluiting van de Ommedijk en daar heb ik een keurig uitvoerig antwoord op gekregen van de wethouder. Dank daarvoor, ik heb daar ook geen aanvullende vragen over en we gaan dat tegemoetzien. De voorzitter: Geen nadere vragen, dat is afgehandeld. Dan 9.3 de vraag van de heer Moerman, VVD over meldpunt buitenruimte. De heer Moerman: Ik heb ook een paar vragen gesteld en daar nog geen antwoord op gekregen, ik zal even de vragen oplezen.
De afgelopen maand hebben wij meerdere malen signalen van inwoners ontvangen dat er niet, of veel te laat gereageerd wordt op meldingen die door inwoners via de MijnGemeente app of de website worden gemeld. Wij ontvingen zelfs signalen van burgers die drie weken of zes maanden moesten wachten op een reactie of zelfs helemaal geen reactie hebben gekregen. Volgens de informatie op onze gemeentewebsite zou de gemeente binnen vijf werkdagen reageren op een melding. Wij zijn als VVD blij dat onze inwoners meldingen doen van bijvoorbeeld gevaarlijke situaties, rommel, of andere ongewenste zaken. Als de gemeente niet, of te laat reageert op meldingen, denken wij dat inwoners worden ontmoedigd om dit in de toekomst te blijven doen. Dit vinden wij geen wenselijke situatie. De fractie van de VVD Midden-Delfland heeft de volgende vragen: 1. Herkent het college bovenstaande signalen, waarbij burgers langer dan drie weken moeten wachten op een reactie van de gemeente na een melding? Of helemaal geen reactie krijgen? 2. Zo ja, wat is hier de reden van en is het college van plan hier iets aan te doen? 3. Kan het college controleren wat de gemiddelde reactietijd is op een melding? 4. Zo ja, wat is de gemiddelde reactietijd? De voorzitter: Ik ga naar het college, wethouder Smit.