2021-27342 Omgevingsvisie Midden-Delfland (gewijzigd).pdf
Tekst van het document
lijn met het Grondstoffenakkoord hebben we de doel-
met zich mee. Daarom is het van belang om de kennis
zijn eigen kenmerken heeft en een eigen aanpak vergt..
stelling om in 2050 volledig circulair te zijn en in 2030
en expertise over deze nieuwe risicobronnen te ver-
Maar we willen meer. We gaan ook voor klimaatmitigatie
50% minder primaire grondstoffen te gebruiken. We
groten. De ruimtelijke inpassing rondom de nieuwe
(voorkomen klimaatverandering) door juist uitstoot te ver-
richten onze leefomgeving daarom circulair in. Dit be-
vormen van energiewinning, -opslag en -transport
minderen. Uitstoot door energieverbruik vanuit woningen,
tekent dat toekomstige ontwikkelingen en ingrepen in
gebeurt op een verantwoordelijke en veilige wijze.
bedrijven en glastuinbouw. maar ook vanuit het veen. Dit
de leefomgeving (zoals slopen, bouwen en het inrich-
Hierbij betrekken we de veiligheidsregio in een vroeg
landt in ieder deelgebied op een eigen wijze. Zo speelt in
ten van de openbare ruimte) plaatsvinden op basis van
stadium en zorgen we ervoor dat er geen onbeheers-
de dorpen bijvoorbeeld het ontstenen en vergroenen van
gesloten kringlopen en dat we daarbij efficiënt gebruik
bare risicovolle situaties ontstaan.
tuinen en terreinen een rol of het verduurzamen van be-
maken van duurzame producten die kunnen worden
staande bebouwing. Terwijl het in het buitengebied bijvoor-
hergebruikt.
Natuur- en milieukwaliteit
beeld gaat om bodemdaling en uitstoot vanuit het veen te
We werken permanent aan het verbeteren van de kwa-
voorkomen of om de uitstoot vanuit de glastuinbouw te
Dit circulaire denken werkt, net als onze ambities met
liteit van onze lucht, ons water en onze bodem. En we
verminderen.
betrekking tot veiligheid, gezondheid, energie en kli-
koesteren onze rust en stilte. Ruimteclaims in de bodem
maatadaptatie, door in onze overige ambities op het
stemmen we goed op elkaar en op bovengrondse ruim-
Bodemdaling heeft een relatie met klimaatmitigatie én
gebied van bijvoorbeeld wonen, bedrijvigheid, recre-
teclaims af en we gaan versnelde bodemdaling tegen.
- adaptatie. Door de droger(e) zomers, kan het proces
atie en toerisme en detailhandel.
We verbeteren de waterkwaliteit in onze gemeente en
van bodemdaling versneld worden als gevolg van vee-
richten de leefomgeving in met het oog op vergroting
noxidatie (veenbodem oxideert doordat het in aan-
3.1.3 Gebruikswaarde
van de biodiversiteit. Met betrekking tot vervuiling leven
raking komt met zuurstof). Hierdoor ontstaat (extra)
Volkshuisvesting en woonopgave
we de onderdelen na uit de Omgevingswet zoals voor-
uitstoot van broeikasgassen vanuit het veen. Doordat
Onze gemeente vervult in de regio een rol als stille en
zorg, preventief handelen, bronbestrijding en de vervui-
de bodem sterk varieert in Midden-Delfland, varieert
rustige gemeente in een verstedelijkt gebied. Voor ons
ler betaalt (artikel 3.3 Omgevingswet).
de bodemdaling in het gebied, en daarmee ook de ge-
is er geen sprake van een kwantitatief programma 29
vanuit de versnellingsopgave. Daar waar wij kansen
bebouwde gebied inpassen. We stemmen onze woning-
3.1.4 Cultureel erfgoed
zien richten we onze pijlen op de aanwezige kwalitatieve
bouwprogrammering continu af op de regionale woning-
De gemeente Midden-Delfland is rijk aan cultureel
behoefte aan rustige, dorpse woonmilieus. In de verste-
bouwprogrammering en op de afspraken binnen de regio
erfgoed. Dit erfgoed omvat niet alleen gebouwde
delijkte regio is aan dit soort woonmilieus behoefte.
Haaglanden.
monumenten maar ook beschermde dorpsgezich-
Deze kwalitatieve opgave willen we zoveel mogelijk
ten, cultuurhistorische landschapselementen en
binnen het bestaande bebouwde gebied inpassen. We
Recreatie
het archeologische bodemarchief. Per 1 januari
stemmen onze woningbouwprogrammering continu
We willen onze potentie als aantrekkelijk gebied voor re-
2021 telt de gemeente 98 rijksmonumenten, 188
af op de regionale woningbouwprogrammering en op
creatief gebruik goed benutten. We zetten in op een goed
gemeentelijke monumenten en de twee bescherm-
de afspraken binnen de regio Haaglanden. Daarnaast
netwerk met sterke stad-landverbindingen voor verschil-
de dorpsgezichten van ’t Woudt en het historisch
stemmen we de samenstelling van onze woningvoor-
lende vormen van recreatief gebruik (zoals fietsen, wan-
centrum van Maasland. Midden-Delfland heeft een
raad af op een goede balans tussen de verschillende
delen, varen en paardrijden) waarbij ontbrekende scha-
rijk bodemarchief. Al vanaf de prehistorie wonen
woningtypen en daarmee een goede balans tussen
kels zijn aangevuld. We benutten de potenties van het
en gebruiken mensen het landschap van Midden-
onze inwoners. In paragraaf 3.3.1 ‘Wonen en leefbare
water in onze gemeente en vergroten ons aanbod aan
Delfland. Daarom zijn er in het gebied vindplaatsen
dorpen’ gaan we hier nader op in.
kleinschalige recreatieve voorzieningen en maken dit
uit verschillende tijdperken, van de steentijd tot de
toegankelijk voor iedereen. We houden hierbij rekening
moderne tijd.
We proberen zo jonge gezinnen aan te trekken om de
met andere functies zoals natuur, melkveehouderij en
voorzieningen en de leefbaarheid in onze dorpen in stand
water zodat het niet ten koste gaat van het landschap.
te houden. Dit bereiken we nadrukkelijk niet alleen door
De Gaag is daarbij de verbindende ruggengraat waar-
Ons cultureel erfgoed laat zien waar wij vandaan
nieuwbouw. Het zo goed mogelijk benutten van de be-
langs de recreatieve voorzieningen zich concentreren.
komen, wie wij zijn en hoe wij ons ontwikkelen.
staande voorraad door middel van het verbeteren van de Vestigingsklimaat
schoof de aandacht de laatste jaren van het bescher-
We willen onze gunstige positie in de MRDH en onze goede
men van individuele monumenten naar ensembles
Onze gemeente vervult in de regio een rol als stille en
bereikbaarheid benutten op een manier die bij ons karak-
van monumenten en de omgeving van monumenten.
rustige gemeente in een verstedelijkt gebied. Voor ons is
ter past. Snelle verbindingen naar Rotterdam en Delft zijn
Ook zag de overheid ruimtelijke ontwikkelingen niet
er geen sprake van een kwantitatief programma vanuit
daarom van belang, zeker op het gebied van langzaam
meer als een bedreiging, maar als een kans om een
de versnellingsopgave. Daar waar wij kansen zien richten
verkeer en openbaar vervoer en de last mile. Zelf zien we
plek onder het motto “behoud door ontwikkeling”
we onze pijlen op de aanwezige kwalitatieve behoefte aan
kansen voor de Harnaschpolder, voor innovatieve kennisin-
nieuw leven in te blazen. Daarbij gaat het niet alleen
rustige, dorpse woonmilieus. In de verstedelijkte regio is
stituten, voor duurzame tuinbouwclusters, sterke dorpscen-
om herbestemmen maar ook om het gebruiken van
aan dit soort woonmilieus behoefte. Deze kwalitatieve
tra en bloeiende recreatieve voorzieningen als dragers van
opgave willen we zoveel mogelijk binnen het bestaande
een vitale, Midden-Delflandse economie.
doorstroming is minstens zo belangrijk.
30
Daarom beschermt de overheid het. Daarbij ver-
cultureel erfgoed als inspiratiebron voor gebiedsont-
het stedelijk groenprogramma. Ten aanzien van de
wikkelingen. Met deze omgevingsvisie ondersteunen
ruimtelijke kwaliteit gaat het organiseren van een on-
de huidige biodiversiteit en het netwerk van
wij deze wijze van het behouden van en omgaan met
afhankelijke kwaliteitsaansturing en kwaliteitsborging.
ecologische verbindingen. Dit afstemmen op
cultureel erfgoed.
Vanuit deze twee opdrachten behouden en versterken
de verschillende gebieden te weten het weide-
we de vier kernkwaliteiten van het waardevolle Bijzon-
gebied, gebieden met opgaande beplanting en
der Provinciaal Landschap: een open polderlandschap
het moerasgebied.
3.2 Ons buitengebied
•
Biodiversiteit: Vergroten en versterken van
Ieder deelgebied van Midden-Delfland kan op zijn
in de metropool, een landschap met een historisch
eigen manier concreet bijdragen aan de algemene ge-
verhaal, een buitenruimte voor ruim twee miljoen
Een sterk en aantrekkelijk landschap voor
meentebrede ambities. Zo ook het buitengebied dat
mensen en de verweving van veenweidelandbouw en
bewoners met balans tussen recreatieve
het grootste deel van ons grondgebied omvat en bepa-
veenweidenatuur. We hanteren daarbij de visie op het
activiteiten, agrarische bedrijfsvoering, natuur,
lend is voor onder andere onze agrarische identiteit,
Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland,
landschappelijke kwaliteit en beleving. Een
landschappelijke kwaliteit, recreatieve beleving en de
zoals ontwikkeld in de Gebiedstafel voor het Bijzonder
landschap dat verweven is met het stedelijk
rust en stilte.
Provinciaal Landschap Midden-Delfland samen met
gebied.
•
5
andere gemeenten, het Hoogheemraadschap en ge-
•
Stadsranden, recreatie en groenstructuur:
Water en klimaat: Gebiedskenmerken sturend
3.2.1 Waardevol Bijzonder Provinciaal Land-
biedspartijen, als input voor de omgevingsvisies van
laten zijn voor de inrichting en het gebruik.
schap behouden en versterken
gemeenten. De visie bevat zeer veel bouwstenen om
Dit betekent ‘water vast houden’ in relatie tot
Onze bestuurlijke opdracht is om het waardevolle cul-
dit doel te bereiken. Dit betekent onder andere:
bodemdaling, uitstoot broeikasgassen vanuit
tuurlandschap in stand te houden, te vernieuwen en
veen, droogte en voorkomen wateroverlast.. Ruimtelijke kwaliteit: De huidige kwaliteiten
Dit doen we gebiedsgericht samen met de
stuk voor ons buitengebied optekenen zijn allemaal
van het landschap behouden en versterken.
betrokken boeren, Hoogheemraadschap
vanuit deze bestuurlijke opdracht ingegeven of hierop
Ontwikkelingen en nieuwe functies voegen
van Delfland en de provincie Zuid-Holland.
afgestemd. Met de aanwijzing van Midden-Delfland
waarde toe aan het landschap.
Daarnaast verbetering van de waterkwaliteit;
Landbouw: Een voor agrariërs aantrekkelijk
dit is een aandachtspunt vooral vanwege de
ook de ontwikkelopdracht ten aanzien van de stede-
landschap met ruimtelijke kwaliteit en een
emissie van bestrijdingsmiddelen en mest-
lijke context en de sturing en borging van de ruimtelijke
goed economisch perspectief, versterking
stoffen vanuit de glastuinbouw. Ook bij Kring-
kwaliteit. Ten aanzien van de stedelijke context gaat
van duurzame grondgebonden melkvee-
looplandbouw als onderdeel van Duurzaam
de ontwikkelopdracht over het beter aansluiten bij de
houderij inclusief een verder opgeschaalde
Boer Blijven wordt hier aan gewerkt.
stedelijke behoefte aan groen, het stedelijk groen en
kringlooplandbouw, behoud van de agrarische
leefbaar te houden. De ambities die we in dit hoofd-
tot Bijzonder provinciaal landschap in 2017 kregen wij
•
•
sector als drager van het landschap.
•
Energietransitie: Landschappelijke kwaliteiten staan voorop bij energietransitie.
5) Hier worden de algemene ambities uit de visie bijzonder provinciaal landschap Midden-Delfland samengevat. De visie van de gebiedstafel zelf bevat veel meer concretere bouwstenen die we met deze omgevingsvisie onderschrijven. De gebiedstafel is een samenwerkingsverband tussen de volgnede partijen: gemeente Delft, gemeente Lansingerland, gemeente Maassluis, gemeente Midden-Delfland, gemeente Pijnacker-Nootdorp, gemeente Rotterdam, gemeente Schiedam, gemeente Vlaardingen, gemeente Westland, Hoogheemraadschap van Delfland, LTO Noord afdeling Delflands Groen, Midden-Delfland Vereniging, Vereniging Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Zuid-Hollands Landschap, Daarnaast is ook de provincie Zuid-Holland betrokken.
31
Versterken kernkwaliteit: Een open polderlandschap in de metropool Landschappelijke openheid Kenmerkende kavelrichting
Visie | Buitengebied
Weg en spoor doorsnijden landschap Versterken kernkwaliteit: andschap met historisch verhaal Historische watergangen Kavelstructuur (schematisch weergegeven) Kreekruggen De Vlietlanden, oorspronkelijk veengebied Commandeurspolder en kroonjuweel Polderlinten en boezemlinten Beschermd dorpsgezicht ‘t Woudt / overige buurtschappen en bebouwingsclusters Versterken kernkwaliteit: buitenruimte voor 2.3 miljoen inwoners Recreatief netwerk aan wandel-, fiets-, vaarroutes Stiltegebied Randen met recreatieve trekkers Versterken kernkwaliteit: verweving veenweidenatuur en -landbouw Weidevogelleefgebieden (aanwezig in hele agrarisch kerngebied) Vergroten en versterken biodiversiteit en ecologische verbindingen Landschap voorop bij energietransitie: geen grootschalige opwekking Geen grote stedelijke ontwikkelingen Agrariërs beheerder van het landschap, kringlooplandbouw, extensivering melkveehouderij Landschap als bron streekproducten Goede balans rust en drukte bij benutten recreatieve potentie Behouden en emissieloos maken duurzame tuinbouwclusters Niet duurzame tuinbouw saneren ten bate van landschap en milieu Ruimte bieden aan tracé warmtelinQ
32
* De serie kaarten die bij de gebiedsvisie Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland horen gaan uitgebreider in op de afzonderlijke landschappelijke kwaliteiten en ambities. Dit kaartbeeld is meer op hoofdlijnen en omvat ook andere zaken zoals de tuinbouwgebieden, maar is wel afgestemd op de gedetailleerdere kaarten van de gebiedsvisie.
•
Vergroten van de bekendheid van het gebied:
zoveel mogelijk vermijden. Indien deze onvermijdelijk zijn,
Vergroten van de naamsbekendheid en het
hanteren we bij het meewerken hieraan als voorwaarde een
positieve imago van het Bijzonder Provinciaal
zorgvuldige landschappelijke inpassing en compensatie-
Landschap.
maatregelen op het gebied van landschap en natuur.
3.2.2 Grondgebruik
De keuze voor melkveehouderij, natuur en recreatie als
We kiezen expliciet voor melkveehouderij, natuur en
functies in ons buitengebied, maakt dat we terughoudend
recreatie als functies in ons buitengebied. Voorwaarde
zijn in uitbreidingsmogelijkheden voor niet-agrarische be-
daarbij is dat de maat en schaal van deze functies
drijvigheid. Dit is alleen mogelijk met maatwerkoplossingen
passend zijn in ons open landschap. Grondgebonden
op basis van het huidige bestemmingsplan en de gewenste
duurzame veehouderij, open natuurgebieden en fijn-
ruimtelijke kwaliteit voor het Bijzonder Provinciaal Land-
schalige, rustige recreatieve voorzieningen bieden de
schap. Slechts in uitzonderlijke gevallen wijken we hiervan
meeste kans op het behouden van een gewaardeerd
af en alleen als dit samengaat met een substantiële ver-
open landschap in de toekomst. Andere ontwikkelin-
betering van de ruimtelijke en natuurlijke kwaliteit van het
gen vinden we niet passend. Stedelijke ontwikkelingen
landschap.
en grootschalige opwekking van zon- en windenergie krijgen dus geen plaats in ons open veenweideland-
3.2.3 Duurzame melkveehouderij
schap. We temperen daarmee ook de economische
De grondgebonden melkveehouderij blijft als drager
verwachtingswaarde van de grond. We willen de kosten
en beheerder van het landschap behouden. Tegelij-
voor de agrarische sector zo laag mogelijk houden en
kertijd willen we wel inspelen op de afname van het
speculatie voorkomen. Daarmee bieden we ruimte aan
aantal boeren. Grond die op die manier beschikbaar
een duurzame grondgebonden melkveehouderij, waar
komt kan bijdragen aan de initiatieven vanuit het sa-
nodig verweven met natuur, en voorkomen we latere
menwerkingsverband Duurzaam Boer Blijven, kring-
sanering van ongewenste ontwikkelingen.
looplandbouw, de verwevenheid tussen natuur en melkveehouderij en extensivering. We houden ook de
Het grondgebruik stemmen we daarnaast goed af op de pro-
geurverordening in stand. Zo is er een kleinere afstand
vinciale beschermingscategorieën voor ruimtelijke kwaliteit.
tussen een veehouderijbedrijf en een geurgevoelig
Daar waar een hogere categorie is zijn we terughoudender.
object mogelijk en kunnen agrariërs bijvoorbeeld beter
Een voorbeeld van de beschermingscategorieën is dat we
nevenactiviteiten ontplooien of een bedrijfswoning
infrastructurele ontwikkelingen in de beschermde gebieden
omzetten in een burgerwoning. 33
Midden-Delfland krijgt naar verwachting te maken
waarde voor de voedselveiligheid. Het gemeentelijk
glastuinbouw in 2027 (nagenoeg) geen emissie meer
met meer boeren die hun bedrijf beëindigen, dan dat
bodembeleid is erop gericht dat de bodemkwaliteit
zijn van bestrijdingsmiddelen en meststoffen zoals
er bedrijfsopvolgers zijn of nieuwe boeren. We probe-
niet verslechtert. Zo houden wij de bodem geschikt
fosfaat en stikstof naar het oppervlaktewater. Dit is
ren de negatieve gevolgen van deze landelijke trend
voor de melkveehouderij en andere opgaven zoals
belangrijk in relatie tot de waterkwaliteit als onderdeel
in Midden-Delfland te voorkomen door gericht beleid
weidevogels. Andersom verwachten wij van de melk-
van de kwaliteit in de leefomgeving Ook klimaatadap-
en maatwerk. We bevorderen overnames en bedrijfs-
veehouders dat zij hun bedrijfsvoering afstemmen op
tatie is een aandachtspunt zoals omschreven in de ge-
opvolging door jonge boeren, zowel binnen als buiten
de eigenschappen van de ondergrond, zodat de melk-
meentelijke Strategie Klimaatadaptatie, in relatie tot
de familie. Hierbij gaat het dus om bedrijfsopvolging
veehouderij in ons gebied niet leidt tot een versnelde
het risico ten aanzien van wateroverlast, watertekort
en niet om het uitbreiden van het aantal bedrijven. We
bodemdaling. Daarnaast zien wij kansen voor de ver-
en hittestress. Naast het voorkomen van het lozen van
ondersteunen het Jonge Boeren Netwerk van het pro-
betering van de bodemkwaliteit en het bodemleven als
meststoffen en beschermings- of bestrijdingsmidde-
gramma Duurzaam Boer Blijven. Waar nodig kunnen
gevolg van kringlooplandbouw. De Leidraad Bodem-
len pakken we ook de uitstoot van CO2 en de lichthin-
we maatwerkadvies faciliteren en hen helpen zoeken
daling Midden-Delfland biedt handelingsperspectie-
der van de kassen aan.
naar alternatieve financiering. Verder heeft Midden-
ven over hoe om te gaan met bodemdaling, rekening
Delfland veel te bieden voor de agrarische onderne-
houdend met natuur, landschap, cultuurhistorie en
De, qua locatie, niet duurzame tuinbouw willen we
mer met oog voor nevenfuncties op het gebied van
zoetwaterbeschikbaarheid.
waar mogelijk saneren ten bate van landschappelijke
agrarisch natuurbeheer, zorg, educatie en/of huisverkoop. Aan de basis liggen de beginselen van kring-
3.2.4 Emissieloze, duurzame tuinbouwclusters
minderen van emissies. Op deze manier bereiken we
looplandbouw. Dit alles samen met ongeveer 2 miljoen
In ons buitengebied behouden we onze, qua locatie,
winst op het gebied van natuur, milieu, landschap en
inwoners om het gebied heen biedt kansen en moge-
duurzame tuinbouwclusters. Daarmee blijft ook deze
economie. Denk aan het verbeteren van drinkwater
lijkheden voor een duurzame melkveehouderij voor de
sector bijdragen aan onze economische vitaliteit. Wij
voor vee (kringlooplandbouw), de biodiversiteit in het
toekomst.
stemmen daartoe als onderdeel van het greenport-
slootwater en daarmee het voedselaanbod voor wei-
cluster in het Westland ons beleid af met de gemeente
devogels in het weidevogel foerageergebied.
Door het hoge waterpeil en het risico op bodemda-
Westland en werken regionaal samen in de Stichting
ling is de (veen)bodem ten aanzien van de agrarische
Greenport West-Holland.. We maken deze tuinbouw-
Daarnaast stimuleren wij het gebruik van duurzame
functie alleen geschikt voor de melkveehouderij. zeker
clusters (nagenoeg) emissieloos om te kunnen voldoen
energie in het kader van de energietransitie en zetten
ook omdat rekening gehouden moet worden met de
aan de eis tot (nagenoeg) emissieloze kassen in 2027
we in op een circulaire kringloop . In de duurzame glas-
biodiversiteitsopgave: weidevogelnatuur. De ondiepe
en daarmee aan de doelstelling voor de Kaderrichtlijn
tuinbouwgebieden zien wij kansen voor geothermie-
ondergrond van het open veenweidegebied bestaat
Water. Conform deze doelstelling mag er vanuit de
projecten. Naast het feit dat de glastuinbouwsector
uit relatief schone grond. Dat is een belangrijke voor34
kwaliteitsverbetering. Ook dit is gunstig voor het ver-
een belangrijke gebruiker is van aardwarmte, zijn win-
locaties voor geothermie in duurzame glastuinbouw-
lokale producten. Dit is goed voor de ondernemer én
ningen, dat er geen negatieve gevolgen mogen zijn voor de
gebieden ruimtelijk inpasbaar zonder afbreuk te doen
het milieu. Ook willen we het product landschap zelf
weidevogels en voor de gezondheid van omwonenden en
aan het landschap of de veiligheid. .Afhankelijk van de
verder promoten.
dat we bij beeldbepalende erven, bijvoorbeeld met monu-
bodemgesteldheid zijn er (on)mogelijkheden voor het
menten, terughoudender hierin zijn.
realiseren van het gebruik van de ondergrond door de
Gebiedsmarketing PUUUR Midden-Delfland brengt de
glastuinbouwsector. Zuivere keuzes onderbouwd door
rol, positie en mogelijkheden van ons landelijk gebied
In ons buitengebied bieden we ruimte aan verbetering
onderzoek van de ondergrond zijn daarbij van belang.
gebundeld voor het voetlicht in de stedelijke omgeving.
van enkele belangrijke infrastructurele verbindingen
Wij gaan daarom de ondergrond onderzoeken en be-
Gebiedsmarketing is het middel om inwoners van onze
zoals de verbreding van de A4 en de verdubbeling van
trekken daarbij ook onze buurgemeenten.
metropool te laten houden van Midden-Delfland, zodat
de spoorlijn Den Haag – Rotterdam. Ook hier stellen
het gebied beschermd blijft en verder ontwikkeld kan
we in lijn met de beschermingscategorieën die hier van
worden.
toepassing zijn een zorgvuldige landschappelijke inpas-
3.2.5 Wederkerigheid stad – land We versterken de wederkerigheid tussen stad en
sing en compensatie voorop. Ons uitgangspunt is dat wij
land. We verbeteren het robuuste paden en waternet-
3.2.6 Landschap en energie & infrastructuur
niet meewerken tenzij ons landschap er kwantitatief en
werk voor diverse recreatieve gebruiksvormen (zoals
We bieden ruimte aan de WarmtelinQ als onderdeel van de
kwalitatief op vooruit gaat. Hoe ingrijpender de aantas-
fietsen, wandelen, varen, paardrijden) en versterken
warmterotonde. Zelf voorzien we in warmte energie door
ting en de negatieve gevolgen van zo’n ontwikkeling, hoe
de poorten tussen stad en land. Op deze manier ver-
kansen voor geothermie en waterthermie te benutten
steviger we inzetten op compenserende maatregelen.
groten we onze toegankelijkheid voor de 2,3 miljoen in-
voor zover dit op een veilige en landschappelijk passende
Op die manier kan dit ‘netto winst’ voor het landschap
woners en kunnen onze inwoners vice versa optimaal
manier plaats kan vinden en ondergrondse ruimteclaims
opleveren. Hierbij sluiten we ons aan bij de provinciale
profiteren van de omliggende dynamische stedelijke
dit toelaten. Daarnaast is het van belang dat deze vormen
visie Rijke groenblauwe leefomgeving en de visie op het
voorzieningen. We benutten onze recreatieve potentie
van warmte-opwekking passend samengaan met een
Bijzonder Provinciaal Landschap.
maar bewaken tegelijkertijd een goede balans tussen
veilige en gezonde drinkwatervoorziening en niet leiden tot
drukte en rust. Onze lokale functies en voorzieningen
een (te grote) verhoging van de temperatuur in de drinkwa-
Op dit moment loopt er een initiatief voor een buisleiding
koesteren we en houden we kleinschalig. We stimule-
terleidingen. Het buitengebied is vanwege het belang van
die restwarme uit de Rotterdamse haven en warmte uit
ren de lokale verkoop van streekproducten in Midden-
het authentieke landschap geen bron voor grootschalige
geothermiebronnen kan leveren aan huishoudens in de
Delfland maar juist ook in omringend stedelijk gebied.
zonne- en windenergie. Individuele, kleinschalige zonnepa-
regio Haaglanden. We stellen hieraan de voorwaarden
Op die manier wordt de waarde van het landschap ver-
nelen en windmolens op erven stimuleren we voor zover
dat dit veilig gebeurt, er een goede afstemming met
markt in stedelijk gebied. Aan de andere kant maakt
deze landschappelijk goed zijn ingepast. Dit betekent dat
overige ondergrondse ruimteclaims plaatsvindt en er
lokale verkoop Midden-Delfland ook aantrekkelijk
deze installaties niet opvallend zichtbaar mogen zijn vanaf
geen negatieve gevolgen voor het landschap, de natuur,
vanuit de regio en kiezen onze inwoners zelf ook vaker
de openbare weg en vanuit publiek toegankelijke voorzie-
de bodem- en waterkwaliteit en de gezondheid optre35
den. Ook blijven we via Juva participeren in het Warm-
mentale bebouwing en/of zijn voorzien van gebieds-
doorstroming van senioren (bijvoorbeeld door het realise-
tesysteem Westland om geothermie in de glastuinbouw
eigen erfbeplanting zoals solitairen en afschermende
ren van meer appartementen) en op de lokale starters.
te stimuleren en bij te dragen aan vermindering van het
bomenrijen of landschappelijke hagen. Die erfkwali-
Deze zijn in onze gemeente vaak al iets ouder en bestaan
aardgasverbruik in deze sector.
teiten willen we behouden en versterken. Daar waar
uit stellen of jonge gezinnen. We zorgen ook voor betaal-
die kwaliteiten ontbreken stimuleren we dat die kwali-
bare woningen voor bijvoorbeeld alleenstaanden, éénou-
3.2.7 Ruimtelijke kwaliteit
teiten worden hersteld of toegevoegd. Bijvoorbeeld bij
dergezinnen en mensen met een minimum inkomen. We
Donkerte en stilte
ontwikkelingen op die erven te sturen op een betere
maken gebruik van de wettelijke mogelijkheid om samen
Donkerte en stilte zijn bestaande en gewenste kwali-
landschappelijke inpassing met gebiedseigen erfbe-
met de woningcorporatie een percentage van de sociale
teiten in ons landschap. Lichthinder leidt tot horizon-
planting.
woningen aan te wijzen aan lokale inwoners en hanteren
vervuiling en licht- en geluidhinder hebben negatieve gevolgen voor de natuur, de nachtrust en daarmee de
3.3 Onze dorpen
gezondheid van mens en dier. We zetten daarom in op
Ieder deelgebied van Midden-Delfland kan op zijn
zoveel mogelijk stilte en donkerte in ons landschap.
eigen manier concreet bijdragen aan de algemene
woningen een sociale woning is, zodat ook wij het tekort aan sociale woningen in de regio helpen te verminderen.
gemeentebrede ambities. Zo ook onze drie dorpen
Bij kleine projecten met minder dan tien woningen is het
Beplantingselementen
Den Hoorn, Maasland en Schipluiden. In deze dorpen
niet altijd mogelijk of wenselijk 30% procent sociale wo-
Naast de openheid en de kreekruggen zijn bomen-
woont veruit het grootste deel van onze inwoners, be-
ningbouw te realiseren. In die gevallen kan een initiatief-
rijen, bomengroepen en solitairen ook belangrijk voor
vinden zich de meeste voorzieningen en zijn veel cul-
nemer het tekort aan sociale woningen afkopen door per
de ruimtelijke kwaliteit en/of de cultuurhistorische
tuurhistorische kwaliteiten aanwezig.
woning een bedrag te storen in het gemeentelijke fonds
waarde van het landschap. Deze waarden hebben we
36
bij woningbouwprojecten de eis dat minimaal 30% van de
sociale woningbouw. De gelden in dit fonds worden ge-
vastgelegd met de bomenlijst. Bij aanvragen voor het
3.3.1 Wonen en leefbare dorpen
bruikt door de gemeente om extra sociale woningen in
kappen van bomen maken we een belangenafweging
We stemmen de samenstelling van de woningvoorraad af
een ander project te financieren ter compensatie. Deze
waarbij we naast de openheid van het landschap ook
op het leefbaar en vitaal houden van de dorpen. In alle
regeling staat in de Beleidsnotitie sociale woningbouw
de waarde van de bomen op de vastgestelde bomen-
dorpen moet er een goede mix aan woningen en daarmee
bij kleine bouwprojecten die de raad op 3 juli 2012 heeft
lijst meewegen.
inwoners aanwezig zijn om, ondanks de ontgroening en
vastgesteld als addendum bij de gemeentelijke structuur-
vergrijzing, het voorzieningenniveau en leefbaarheid op
visie. Deze beleidsnotitie is nu een bijlage bij deze omge-
Erven
peil te houden. Met name in Schipluiden en Maasland is
vingsvisie.
Ook de bebouwde (boeren)erven dragen bij aan de
dit laatste een aandachtspunt. We zijn daarbij in eerste
ruimtelijke kwaliteit van ons buitengebied. Ze herber-
instantie een gezinsgemeente en maken de politieke
Wat betreft inkomensgroepen willen we meer dan voor-
gen regelmatig cultuurhistorisch waardevolle of monu-
keuze om dit ook te blijven. We richten ons daarom op
heen voorzien in betaalbare woningen voor de middenin-
komens. Als bovengrens van betaalbare huur hanteren wij de regionaal vastgestelde middenhuurgrens (€975,72, prijspeil 2021). Als bovengrens van betaalbare koop hanteren we het grensbedrag van de Nationale Hypotheek Garantie (€325,000,-, prijspeil 2021). We proberen zo jonge gezinnen aan te trekken om de voorzieningen en de leefbaarheid in onze dorpen in stand te houden. Dit bereiken we nadrukkelijk niet alleen door nieuwbouw. Het zo goed mogelijk benutten van de bestaande voorraad door middel van het verbeteren van de doorstroming is minstens zo belangrijk. Door te voorzien in juiste woningen bij nieuwbouw hopen we dat ouderen of empty-nesters of andere kleine huishoudens niet onnodig lang in grote woningen blijven wonen, zodat gezinnen door kunnen stromen en op hun beurt woningen achter laten die weer door starters kunnen worden benut. 3.3.2 Binnenstedelijk verdichten
Visie | Den Hoorn
Ruimte voor grootschalige uitbreidingslocaties is er niet in onze gemeente; we willen het buitengebied immers
Binnenstedelijk verdichten, passend bij kleinschalig karakter
Centrum: zelfstandig en lokaal houden, voorzieningenniveau behouden,
open houden. Dit betekent niet dat er helemaal geen
Proef schoner verkeer
kwalitatieve impuls geven en verkeersluwer maken
Verouderede bedrijventerreinen revitaliseren / transformeren
Zelfvoorzienend blijven met sterk voorzieningenaanbod
Groen en openbare ruimte richten op ontmoeten, bewegen en sport
Initiatieven uit samenleving flexibel stimuleren
kundig en landschappelijk passende aansluiting op de
Wijken vergroenen
Potentie benutten van aansluiting op leiding door het midden
bestaande context van de dorpsranden en het open
‘50/60 Wijken: openbare ruimte verbeteren en combineren met ver-
Zelfstandige en lokale karakter t.o.v. Delft behouden
groening, energietransitie, klimaatadaptatie
Relatie tussen dorp en water versterken
Autoverbinding naar Delft aan zuidrand dorp concentreren
Ontwikkelen hippische innovatiecampus Equestrum
Snelle, veilige fietsverbindingen naar Delft, Schipluiden, Harnaschpolder
Sport
uitbreiding plaats kan vinden. Maar een eventuele uitbreiding van de dorpen vindt wel altijd plaats via maatwerk. Daarbij streven we primair naar een stedenbouw-
landschap. Hierop stemmen we vervolgens de omvang en proportionaliteit van eventuele uitbreidingen af.
Groene hoofdstructuur
37
Maar we zoeken voor nieuwe woningen vooral binnenstedelijke locaties om te verdichten, zoals de Maaslandse Zoom in Maasland. De kleine schaal en menselijke maat die onze dorpen kenmerken blijven daarbij het uitgangspunt. Ook hier geldt dat dit altijd maatwerk is en dat de bebouwing wat betreft situering, hoogte, korrelgrootte en bouwmassa passend aan moet sluiten op de bestaande lokale context. Dit betekent dat er afhankelijk van die context best ruimte kan zijn voor gestapelde bebouwing. Bebouwing hoger dan vier bouwlagen, lange aaneengesloten bebouwingswanden of stedelijke gesloten bouwblokken vinden we echter nergens passend binnen onze gemeente. Om voldoende woningen voor leefbare dorpen te realiseren komen ook bedrijfslocaties in Schipluiden en Maasland in aanmerking om op termijn te transformeren. Zo blijft het open landschap uitgesloten van grootschalige woningbouw en blijft de identiteit en kwaliteit van de kleinschalige
Visie | Maasland
dorpen behouden. Een aandachtspunt bij binnenstedelijk verdichten is klimaatadaptatie. Daarbij gaat het
38
om voldoende waterberging en het voorkomen van hit-
Bevolkingssamenstelling afstemmen op leefbaar en zelfvoorzienend dorp blijven
Nieuw centrum voorzieningenniveau handhaven
Binnenstedelijk verdichten, passend bij kleinschalig karakter
Initiatieven uit samenleving flexibel stimuleren
Groen en openbare ruimte richten op ontmoeten, bewegen en sport
Kansen voor geothermie en aquathermie benutten
locaties binnen de dorpskernen. Daarom gaan wij bij
Wijken vergroenen
Entrees tot het dorp aantrekkelijker maken
plannen voor woningbouw vroegtijdig na of er sprake
‘50/60 Wijken: openbare ruimte verbeteren en combineren met ver-
Doorvaarbaarheid en recreatieve verbinding naar Maassuis versterken
groening, energietransitie, klimaatadaptatie
Ontwikkeling Maaslandse Poort
Autoverbinding om het dorpscentrum heen
Sport
Snelle, veilige fietsverbindingen door het dorp heen
Hoofdstructuur van lanen, groene randen en groene verbindingen
Historisch centrum richten op horeca, streekwinkels, recreatie
Groene doorzicht op het landschap Begraafplaats / Maaslandse Bos
testress. Ook de bodemkwaliteit is een aandachtspunt, vanwege het risico van historische bodemvervuiling op
kan zijn van bodemvervuiling.
3.3.3 Openbare ruimte in de dorpen De openbare ruimte in de dorpen willen we benutten voor een combinatie aan functies: bewegen, ontmoeten en sporten. Wandelpaden, speelplekken, ontmoetingsplekken, ruimten met een hoge verblijfskwaliteit en een groene omgeving dragen op deze wijze bij aan een positieve gezondheid, tegengaan van eenzaamheid en een veilige openbare ruimte. We willen de woonomgeving in de dorpen vergroenen. Zo spelen we in op klimaatadaptatie, maar ook op vergroten van de ruimtelijke kwaliteit en zo creëren we een gezondere leefomgeving. We gaan voor een regen- en hittebestendige buitenruimte, volgens circulaire principes. Bij de inrichting van de openbare ruimte maken wij efficiënt gebruik van duurzame producten die kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Niet alleen de openbare ruimte maar ook de tuinen van bewoners en de terreinen bij instellingen hebben
Visie | Schipluiden
hierin een rol. We betrekken dan ook burgers, bedrijven en instellingen bij de vergroening. We combineren
Bevolkingssamenstelling afstemmen op leefbaar en zelfvoorzienend dorp blijven
Historisch centrum richten op horeca, streekwinkels, recreatie
Binnenstedelijk verdichten, passend bij kleinschalig karakter
Nieuw centrum voorzieningenniveau handhaven
liseren van waterberging. Dit is een aandachtspunt bij
Groen en openbare ruimte richten op ontmoeten, bewegen en sport
Initiatieven uit samenleving flexibel stimuleren
bestaande bouw, maar ook bij nieuwe ontwikkelingen.
Wijken vergroenen
Kansen voor geothermie en aquathermie benutten
‘50/60 Wijken: openbare ruimte verbeteren en combineren met vergroe-
Tegengaan bodemdaling
ning, energietransitie, klimaatadaptatie
Herontwikkeling en herkenbaar maken rijk verleden Keenenburg
Autoverbinding om het dorp heen
Sportvoorzieningen en Jachthaven
Mooie, veilige fietsverbindingen door het dorp heen
Hoofdstructuur van lanen, groene randen en groene verbindingen
de vergroening met het vergroten van biodiversiteit, het tegengaan van versnelde bodemdaling en het rea-
We stemmen de inrichting van de openbare ruimte in onze dorpen beter af op het samenspel van autobereikbaarheid en langzaam verkeer. We verschuiven de
39
aandacht van de auto naar een inclusievere toeganke-
aan bij de Cittaslow ambitie om onze dorpen klein-
faciliteiten in het andere dorp of zelfs de stad. Om de
lijkheid voor iedereen en een goede verblijfskwaliteit.
schalig en lokaal te houden. Daarnaast streven we
sociale binding, het dorpsgevoel te stimuleren willen
We versterken de langzaam verkeersverbindingen in
naar een passend voorzieningenniveau in dorpen op
we ruimte geven aan initiatieven van inwoners, vereni-
de dorpen. Onze dorpen vormen daarnaast een proef-
het gebied van sport, cultuur, onderwijs. Daarbij is de
gingen en (onderwijs)instellingen. Wij als gemeente
gebied voor nieuwe, schonere vervoersvormen.
ambitie om de basisvoorzieningen in stand te houden,
geven hierbij graag het laatste zetje en vervullen graag
zodat onze inwoners voor hun dagelijkse boodschap-
een faciliterende rol.
We behouden de kwaliteit en het onderhoudsniveau
pen, het basisonderwijs, basiszorg, horeca, sportuitoe-
van onze openbare ruimte. Specifieke aandacht geven
fening en kerkgang terecht kunnen in hun eigen dorp.
3.3.6 Energietransitie
we aan het vernieuwen van onze ‘50/60 wijken. Daar
Voor de overige, bovenlokale voorzieningen blijven
Om in 2050 CO2-neutraal te zijn is het nodig om de
vervangen we op termijn ondergrondse infrastructuur
onze bewoners gebruikmaken van de voorzieningen in
oudere bebouwing in onze dorpen te verduurzamen en
zoals de riolering en richten we als gevolg van die ver-
de omliggende centra. Deze synthese met omliggende
om de bebouwing in dorpen te voorzien van duurzame
vanging de openbare ruimte opnieuw in. Dit doen we bij
centra draagt bij aan een duurzaam behoud en ver-
elektriciteit en warmte. Voor grootschalige opwekking
voorkeur integraal en dit combineren we met andere
sterking van het voorzieningenniveau binnen de regio.
van duurzame elektriciteit is er in onze dorpen geen
ambities zoals transformatie naar gasloze bebouwing,
Bij uitbreiding van bestaande bedrijven op hun huidige
ruimte. Dit zal kleinschalig plaats moeten vinden en
klimaatadaptie, vergroenen, en ruimte geven aan par-
locatie hechten we belang aan lokaal maatwerk en
we zullen combinaties met bijvoorbeeld Harnaschpol-
ticuliere initiatieven.
hanteren we als voorwaarde dat dit gepaard gaat met
der en omliggende gemeenten aan moeten gaan. Op
een verbetering van de omgevingskwaliteit van de be-
het gebied van warmte zien we voor Den Hoorn kansen
3.3.4 Functies in de dorpen
drijfslocatie, zijn omgeving en/of een ander gebied in
om aan te sluiten op de WarmtelinQ. In Schipluiden en
Het niveau van onze winkels en maatschappelijke voor-
Midden-Delfland. Verouderde bedrijventerrein in onze
Maasland zetten we in op bronnen voor geothermie en
zieningen willen we in stand houden. Maar we sluiten
dorpen willen we ofwel revitaliseren en verduurzamen
aquathermie, onder de voorwaarde dat we dit veilig,
onze ogen niet voor de landelijke trend tot krimp van
of transformeren naar woningen.
landschappelijk passend en in harmonie met de bo-
detailhandel en de bedreiging van het voorzieningen-
40
demkwaliteit, het ecosysteem en ondergrondse ruim-
niveau door de ontgroening en de vergrijzing. Ook in
3.3.5 Sociale binding en samenhorigheidsgevoel
de dorpen willen we daarom de recreatieve potentie
De drie dorpen kennen alle drie een hoog samenho-
benutten. Recreatie en lokale streekwinkels bieden
righeidsgevoel en de sociale binding van onze inwo-
3.3.7 Accentverschillen per dorp
kansen voor het in stand houden van het winkelaan-
ners met hun dorp willen we dan ook behouden en
Naast deze ambities voor onze drie dorpen zijn er uiteraard
bod waardoor onze centra levendig kunnen blijven.
versterken. We zetten dan ook in op zelfvoorzienende
accentverschillen per dorp. Ieder dorp heeft een eigen ont-
Maar ook in de dorpen geldt dat we een goede balans
dorpen en willen voorkomen dat inwoners van het ene
staansgeschiedenis die nog steeds zichtbaar is in de on-
tussen drukte en rust willen vinden. Dit sluit ook goed
dorp afhankelijk zijn van voorzieningen of onderwijs-
derscheidende identiteit binnen de lokale samenlevingen.
teclaims af kunnen stemmen.
Zo willen we Den Hoorn specifiek meer richten op het water,
In Schipluiden hechten we veel waarde aan het herkenbaar
3.4.2 Een schoon en duurzaam bedrijventerrein
zelfstandig en lokaal ten opzichte van Delft laten blijven,
maken van de cultuurhistorie. Een voorbeeld is de heront-
Harnaschpolder wordt een duurzaam bedrijventerrein.
een kwalitatieve centrumimpuls geven en het centrum ver-
wikkeling van het gebied achter het centrum (Keenenburg)
Zwaardere bedrijvigheid met een te grote belasting op
keersluwer maken. Daarnaast richt Den Hoorn zich meer en
waar de planontwikkeling verwijst naar het rijke verleden.
het milieu en de omgevingskwaliteit sluiten we zoveel
meer op het tuinbouwverleden.
Daarnaast geven we in Schipluiden prioriteit aan stimule-
mogelijk uit. Daarnaast zien we het bedrijventerrein
ren van fietsverkeer door het centrum in plaats van erom-
zelf als bron voor schone energie. In tegenstelling tot
heen en het voorkomen van versnelde bodemdaling.
onze dorpen en ons landschap is grootschalige zonne-
In Maasland zetten we in op het verbeteren van de entrees tot het dorp en het verbeteren van recreatiemogelijkheden.
of windenenergie hier wel mogelijk. Met name de grote
Dit doen we, in samenhang en samenwerking met Maas-
3.4 Harnaschpolder
sluis, door het beter bereikbaar maken van de Monstersche
Ieder deelgebied van Midden-Delfland kan op zijn
voor zonne-energie. Verder zien we mogelijkheden
Sluis, de doorvaarbaarheid hier naar toe te vergroten en
eigen manier concreet bijdragen aan de algemene
voor circulaire initiatieven, groene daken en gevels,
de Maaslandse Poort als recreatieve poort te ontwikkelen.
gemeentebrede ambities. Zo ook ons regionale bedrij-
een groene inrichting van bedrijfspercelen en openba-
We willen daarnaast het centrum van Maasland levendiger
venterrein Harnaschpolder. Dit gebied herbergt veel
re ruimte en een schonere mobiliteit door fietsverbin-
en aantrekkelijker maken. Om dit te bereiken nemen we in
bedrijven die een rol spelen in de economische kracht
dingen, openbaarvervoersontsluiting en laadpunten
onderlinge samenhang een aantal maatregelen die daartoe
van de MRDH. Door hier ruimte aan deze bedrijven te
voor elektrisch rijden.
een bijdrage gaan leveren. Het dorpscentrum is een lang-
bieden kunnen we onze dorpen en ons landschap vrij
gerekt ‘kralensnoer’ van pleinen tussen het Kerkplein en
houden van niet passende, intensieve of overlastge-
3.4.3 Hoofdstructuur en ruimtelijke kwaliteit
de winkelconcentratie Veldesteijn en Het Spreeuwenest. Elk
vende bedrijvigheid
Harnaschpolder is en blijft meer dan alleen een te
onderdeel in het kralensnoer willen wij een eigen karakter
dakoppervlakten en parkeerterreinen bieden kansen
ontwikkelen bedrijventerrein. We willen voorkomen
en uitstraling geven. Het Kerkplein met religie en cultuur, het
3.4.1 Regionale afstemming
dat het gehele gebied een invulling krijgt met bedrijfs-
Pynasplein en de omgeving van het voormalig gemeentehuis
We willen Harnaschpolder verder ontwikkelen als belangrijk
percelen. De groene buffer met daarin de Woudselaan
met cultuur en ontmoeting en Veldesteijn/Het Spreeuwenest
bedrijventerrein in de MRDH. We bieden daarbij ruimte aan
als historisch lint behouden we. Het blijft een groen
met het accent op economische en handelsactiviteiten.
een grote mix aan bedrijven. Harnaschpolder krijgt géén
lint waaraan wordt gewoond en dat een belangrijke
Door het treffen van maatregelen willen wij de functie van
specifiek segment. Harnaschpolder is door haar ligging en
recreatieve stad-landverbinding tussen Delft/Rijswijk
de ’s-Herenstraat als verbindend element in het kralensnoer
ontsluiting aan te merken als regionaal bedrijventerrein. De
en Midden-Delfland vormt. Ook de Harnaskade behou-
geschikter maken als fiets- en voetgangersverbinding. Ten
invulling stemmen we dan ook af met onze regionale part-
den we als een belangrijke groene schakel die cultuur-
slotte zetten we ons in om een duurzame oplossing te vinden
ners. Harnaschpolder moet complementair zijn aan andere
historisch waardevol is, onderdeel uitmaakt van ons
voor de hoge verkeersintensiteit op de Oude Veiling teneinde
terreinen in de MRDH en niet concurrerend.
robuuste netwerk van wandel- en fietsverbindingen
hier de veiligheid en bereikbaarheid te waarborgen.
en voor een snelle verbinding tussen Schipluiden en 41
Regionale rol vervullen en ruimte bieden aan mix aan bedrijven Onderscheid waterzuivering en ‘schoner’ deel van het bedrijventerrein Duurzaam bedrijventerrein door benutten daken voor zonne-energie Vergroenen bedrijfspercelen en klimaatadaptieve gebouwen Bedrijventerrein met sterke fietsverbindingen naar omliggende dorpen
Harnaschpolder zorgt. Deze twee structuren vormen
en landschap
samen met de ontsluitingsstructuur over het terrein de
Bedrijventerrein met sterke OV-bereikbaarheid
hoofdstructuur voor Harnaschpolder. Daarnaast willen
Behouden groene buffer Woudselaan, hier geen grootschalige
we op het bedrijventerrein zelf ook een hoge ruimte-
bedrijvigheid toestaan
lijke kwaliteit realiseren.
Sterke ontsluiting en directe aantakkingen op snelweg Accenten bij poorten aan belangrijkste zichtlocaties Rand nabij snelweg: aandacht voor representativiteit en/of landschappelijke inpassing Aandacht voor passende overgang tussen bedrijventerrein en aangrenzend woongebied
3.4.4 Overige functies Voor het te ontwikkelen deel van het terrein zetten we primair in op bedrijvigheid als hoofdfunctie. De entree tot het bedrijventerrein bij snelwegaansluiting Den Haag Zuid kan hiervan afwijken. Hier kunnen een hotel en een foodcourt als afwijkende functies een aantrekkelijke entree tot het terrein vormen. Overige verblijfsfuncties of publieksaantrekkende voorzieningen vinden we in het kader van veiligheid geen passende functies op dit bedrijventerrein. 3.4.5 Randen Harnaschpolder wordt een bedrijventerrein van hoge kwaliteit. Aan de randen worden achterkanten van bedrijfspercelen daar waar mogelijk landschappelijk ingepast met groen en water. Zeker aan de randen die grenzen aan bestaand woongebied is dit belangrijk. Hier willen we de overgang tussen bedrijvigheid en
Visie | Harnaschpolder
42
wonen zo zacht mogelijk plaats laten vinden.
Hoofstuk 4 | Zo maken we de visie waar 4.1 Inleiding
kingen weer. Deze hoofdlijnen vormen de basis voor
aan verdere uitvoering van ambities en opgaven uit de
De omgevingsvisie Midden-Delfland geeft de hoofdlij-
uitvoering. Dit hoofdstuk geeft richting aan de uit-
omgevingsvisie. Onderstaande acties zijn richtingge-
nen van de gewenste ontwikkeling van de gemeente
voering. Daarnaast is de noodzaak tot flexibiliteit en
vend en kunnen altijd worden aangevuld.
weer. Het gaat hierbij zowel om de ontwikkelingen
adaptiviteit bij de uitvoering van de omgevingsvisie in
gemeentebreed, maar ook per deelgebied. We onder-
dit hoofdstuk opgenomen. Ontwikkelingen leiden er
als deze in lijn zijn met de omgevingsvisie.
scheiden daarbij de deelgebieden ‘dorpen’, ‘buitenge-
namelijk toe dat de omgevingsvisie geen statisch do-
Hierbij stellen we het leven van de bewoners
bied’ en ‘Harnaschpolder’.
cument is. Er zullen altijd ingewikkelde keuzes moeten
en het dagelijks gebruik van de leefomgeving
worden gemaakt voor de leefomgeving. Soms kan dat
centraal en zorgen we als gemeente voor
De omgevingsvisie vervangt de structuurvisie Midden-
leiden tot de noodzaak tot actualisatie. De inbedding
goede communicatie, voorlichting en begelei-
Delfland 2025 uit 2011. Met het vaststellen van deze
van de omgevingsvisie in de beleidscyclus geeft inzicht
ding van de initiatieven. Zo verbeteren we de
omgevingsvisie is deze structuurvisie ingetrokken. De
in de samenhang tussen de instrumenten omgevings-
samenwerking met onze samenleving.
beleidsnotitie ‘Afkoop sociale woningbouw bij kleine
visie, programma en omgevingsplan. Ten slotte staat
bouwprojecten” die een bijlage was van deze struc-
in het verlengde daarvan de monitoring en evaluatie
bindend omgevingsplan inclusief omgevingswaar-
tuurvisie blijft gehandhaafd als bijlage bij deze omge-
beschreven en hoe actualisaties vorm krijgen.
den.
vingsvisie. Deze beleidsnotitie bevat de regels over het
•
•
•
We omarmen initiatieven van de samenleving
We vertalen de omgevingsvisie in een juridisch
We vertalen de omgevingsvisie in het instrument
afkopen van een tekort aan sociale woningen bij klein-
4.2 Strategische uitvoeringsagenda
schalige bouwprojecten in die gevallen dat het niet
Inwoners, ondernemers, organisaties en overheid
opgaven uit de omgevingsvisie verder uit willen
mogelijk of wenselijk is om 30% sociale woningbouw
zijn samen verantwoordelijk voor de realisatie van
werken.
te realiseren bij bouwprojecten met minder dan tien
de doelen en opgaven uit de omgevingsvisie. Daarbij
woningen.
zoeken we een effectieve samenwerking binnen Mid-
programma’s als we bepaalde onderwerpen en
den-Delfland en in de regio. Dit vergt een rolverdeling De volgende stap is de uitvoering. De omgevings-
tussen overheid en samenleving waar op een zorgvul-
visie is onderdeel van het instrumentarium van de
dige manier vorm aan moet worden gegeven. In Mid-
Omgevingswet. De ontwikkeling van de leefomgeving
den-Delfland is die samenwerking vanuit het verleden
wordt in meerdere instrumenten uitgewerkt. Deze
sterk aanwezig. De omgevingsvisie is de basis voor uit-
omgevingsvisie geeft per thema, gemeentebreed en
werking en uitvoering en nodigt nog meer uit om dit in
per deelgebied ambities, opgaven, kansen en beper-
gezamenlijkheid te doen. Hieronder is richting gegeven 43
4.3 Inbedding in de beleidscyclus
kunnen opvangen. In de paragraaf Strategische uit-
De instrumenten van de Omgevingswet volgen de be-
voeringsagenda is richting gegeven aan onderwerpen
4.4 Sturing, monitoring, evaluatie en actualisatie
leidscyclus. Hiermee wordt structuur gegeven aan de
die in de programma’s worden uitgewerkt.
4.4.1 Sturingsfilosofie Tijdens het opstellen van de omgevingsvisie zijn ver-
inzet van die instrumenten. De ontwikkeling van de fysieke leefomgeving wordt grofweg in drie instrumen-
4.3.3 Beleidsontwikkeling/doorwerking – Om-
schillende aspecten van de sturingsfilosofie die passen
ten van de Omgevingswet gevat. Naast deze omge-
gevingsplan
bij de gemeente Midden-Delfland naar boven gekomen.
vingsvisie zijn dat de programma’s en het omgevings-
Het omgevingsplan vervangt als instrument van de
Hierbij gaat het om de wijze waarop we omgaan met de
plan. In onderstaande figuur is de beleidscyclus en de
Omgevingswet de bestemmingsplannen. Er komt een
mogelijkheden en kansen die de Omgevingswet biedt
samenhang tussen de instrumenten weergegeven.
integraal omgevingsplan voor de hele gemeente dat
op bijvoorbeeld het gebied van integraliteit en de wis-
de planologisch-juridische verankering biedt van ont-
selwerking tussen overheid en samenleving. De omge-
4.3.1 Beleidsontwikkeling – Omgevingsvisie
wikkelingen en mogelijkheden. De uitwerking kan in
vingsvisie geeft de raad een instrument in handen om
De omgevingsvisie geeft de ambities en doelstellingen
deelgebieden plaatsvinden. Het omgevingsplan bevat
op hoofdlijnen te sturen welke ontwikkelingen er in de
voor de lange termijn ontwikkeling van de fysieke leef-
de regels per locatie wat wel en wat niet mag. Het doel
fysieke leefomgeving gewenst zijn. Hierbij is, volgens
omgeving weer. Op basis van dit kaderstellend docu-
van het omgevingsplan onder de Omgevingswet is
de filosofie van de Omgevingswet, meer ruimte voor ini-
ment wordt integraal beleid ontwikkeld om de ambities
om op een flexibele manier met regels om te gaan. Op
tiatieven, maar moet participatie met en het draagvlak
en doelstellingen verder in te vullen. Dit wordt vorm
basis van omgevingswaarden wordt op meer kwalita-
onder omwonenden en stakeholders zorgvuldig gebeu-
gegeven in de volgende instrumenten.
tieve wijze invulling gegeven aan de (on)mogelijkheden
ren. Daar moeten afspraken over worden gemaakt. Dit
voor een gebied. Belangrijk in het omgevingsplan zijn
betekent een veranderende rol voor college en raad.
onder andere de volgende zaken:
Deze omgevingsvisie biedt deze ruimte en stelt ambi-
4.3.2 Beleidsdoorwerking – Programma’s
ties, kaders en richtlijnen ten aanzien van de ontwikke-
De ambities en opgaven op hoofdlijnen, die in de omOp basis van de kwaliteiten die in de omge-
ling van de leefomgeving. Deze worden uitgewerkt en
door concrete projecten en concreet beleid. In het ver-
vingsvisie zijn beschreven omgevingswaarden
verdiept in de programma’s. De Omgevingswet schrijft
lengde van de omgevingsvisie stellen we programma’s
opstellen.
voor dat het bevoegd gezag voor programma’s het
Opstellen van regels op basis van de omge-
college is. Deze zullen in samenspraak met de raad tot
De exacte invulling hiervan moet nog worden bepaald.
vingswaarden en de ambities uit de omge-
stand komen. De raad heeft een kaderstellende rol en
We streven naar een adaptieve planning en aanpak
vingsvisie.
vult deze in vanuit het omgevingsplan. Daarmee ver-
gevingsvisie staan beschreven, worden waargemaakt
op met integrale projecten voor gebieden of thema’s.
44
•
•
in de invulling van programma’s. Dit om onverwachte
ankert de raad de kaders en richtlijnen vanuit de visie
en ingrijpende ontwikkelingen op de juiste manier te
en de doorvertaling in programma’s in het omgevings-
plan. De raad heeft dan de gewenste instrumenten in
rium van de Omgevingswet. Zo zorgen we ervoor dat
handen om de gestelde ambities in de omgevingsvisie
complexe keuzes die in de toekomst moeten worden
waar te maken.
gemaakt goed landen in de omgevingsvisie en het daarmee geen statisch document wordt, maar meebe-
4.4.2 Monitoring, evaluatie en actualisatie
weegt met ontwikkelingen.
Ontwikkelingen volgen elkaar steeds sneller op, monitoring en evaluatie is belangrijk om de vinger aan de pols te houden. De verantwoordelijkheid voor de monitoring en evaluatie moet een plaats krijgen in de ambtelijke organisatie. Dit ziet er op hoofdlijnen als volgt uit: •
Er wordt een permanente monitoring opgezet waarbij op basis van ontwikkelingen in de gaten wordt gehouden of bijsturing gewenst is.
•
Periodiek vindt er een evaluatie plaats van de omgevingsvisie. Hierin wordt uitgebreider stilgestaan bij het effect van ontwikkelingen op de gestelde ambities, opgaven en uitwerking. Ook wordt meegenomen hoe participatie en de rolverdeling tussen gemeentelijke overheid en samenleving loopt.
•
Zo nodig vindt een actualisatie van de omgevingsvisie plaats. Te beginnen met de omgevingsvisie 2.0 die in participatie tot stand zal komen.
Hiermee zorgen voor de nodige flexibiliteit waarbij effectief gebruik wordt gemaakt van het instrumenta45
46