08 Water- en rioleringsprogramma 2024-2030 definitief
Tekst van het document
Water- en rioleringsprogramma Midden-Delfland Planperiode 2024 - 2030
Titel document: Water- en rioleringsprogramma Sub titel: Planperiode 2024 - 2030 Referentie: BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002 Uw kenmerk Status: Definitief/1 Datum: 10 augustus 2023 Projectnaam: WRP Midden-Delfland Projectnummer: BJ1203 Auteur(s): Royal HaskoningDHV Opgesteld door: Royal HaskoningDHV Gecontroleerd door: Royal HaskoningDHV Datum: 10 augustus 2023 Goedgekeurd door: Royal HaskoningDHV Datum: 10 augustus 2023
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
ii
Managementsamenvatting Inleiding De gemeente Midden-Delfland heeft wettelijke taken (zorgplichten) op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater en beleidstaken voor klimaatadaptatie. In dit Water- en rioleringsprogramma 2024-2030 (WRP) is de toekomstvisie voor de riolering en het grondwater beschreven. Een bijbehorende strategie beschrijft hoe de gemeente vanuit de huidige situatie geleidelijk komt naar het toekomst wensbeeld. De maatregelen die hiervoor nodig zijn, zijn op hoofdlijnen in dit plan beschreven. Verdere detailuitwerking vindt plaats in de jaarlijkse operationele programma’s. Voor de invulling van de zorgplichten en beleidstaken stelt de gemeente zich de volgende doelen:
Bijdragen aan een goede volksgezondheid;
Bijdragen aan een schone en prettige leefomgeving;
Bijdragen aan een klimaatbestendige, waterrobuuste en duurzame gemeente;
Inwoners kwaliteit leveren tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.
Op basis van bovenstaande doelen zijn enkele aanvullende beleidsonderdelen in dit WRP opgenomen: Klimaatadaptatie Vanwege de wijziging van het klimaat zijn maatregelen noodzakelijk om grote schade door piekbuien te voorkomen. Maar ook langdurige droogte kan negatieve gevolgen hebben en bijvoorbeeld leiden tot grondwatertekorten en bodemdaling of verslechtering van de oppervlaktewaterkwaliteit. In 2050 staat Midden-Delfland volledig gesteld om de wijzigingen in het klimaat adequaat op te vangen. De gemeente intensiveert daarom de aanpak van wateroverlast. Er wordt meer ingezet op scheiden van hemelwater en afvalwater. Maatregelen worden zoveel mogelijk gelijktijdig genomen met reconstructiewerkzaamheden aan weg en riolering (het zogenaamde “meekoppelen”). Bewustzijn bij inwoners wordt versterkt door het zwaarder inzetten in de komende planperiode op communicatie rond de gevolgen van klimaatverandering en de eigen verantwoordelijkheid van de inwoners in de te nemen maatregelen zoals vergroenen van tuinen. Grondwater Om in de toekomst te kunnen monitoren in hoeverre de werkelijke grondwaterstanden afwijken van de uitgangspunten voor ontwateringsdiepten, worden in dit WRP voor nieuwbouwlocaties, “uitgangspunt ontwateringsdiepte” vastgesteld voor het openbare gebied. De uitgangspunten hiervoor zijn in dit WRP, als streefwaarden opgenomen.
De gemeente streeft hier, samen met de waterschappen om de grondwaterstanden binnen deze bandbreedte te laten fluctueren. Daarbij wordt van bouwers verwacht dat ze bij nieuwe ontwikkelingen zo bouwen en inrichten, dat gebouwen en het terrein bestand zijn tegen zowel hoge als lage grondwaterstanden. Voor bestaand gebied wordt bij melding bepaald of maatregelen noodzakelijk zijn. Bij rioolvervanging kan dan met structurele over- of onderlast rekening gehouden worden door maatregelen te treffen in openbaar gebied. Risicogestuurd onderhoud In dit WRP introduceert de gemeente het toewerken naar een meer risico-gestuurde benadering op basis van criteria voor zowel investeringen als beheer.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
iii
De watertaken worden daarbij zodanig uitgevoerd dat het systeem optimaal presteert, tegen acceptabele kosten en risico’s. De risico-gestuurde benadering wordt in de planperiode verder uitgewerkt en geïmplementeerd. Doelen en daarbij behorende strategie In onderstaande tabel zijn de doelen met de strategie zoals verwoord in dit WRP, samengevat. Toekomstvisie Bijdragen aan een goede volksgezondheid.
Strategie opgenomen in dit WRP Door het inzamelen en transporteren van (stedelijk) afvalwater, wordt contact met rioolwater zo veel mogelijk voorkomen; Waar dat doelmatig is zal zoveel als mogelijk het afvalwater en het hemelwater gescheiden worden ingezameld en afgevoerd.
Bijdragen aan een schone en prettige leefomgeving.
Bijdragen aan een klimaatbestendige, waterrobuuste en duurzame gemeente.
Inwoners kwaliteit leveren tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
Het aantal en het volume ongezuiverde lozingen met een negatief effect op de waterkwaliteit van het oppervlaktewatersysteem mogen niet toenemen; Indien gecombineerd met andere werkzaamheden in de openbare ruimte de hoeveelheid ongezuiverde lozingen kan worden verminderd, dan zal de gemeente dit nastreven; Waar dat een wens van de sector is en alleen als de sector de kosten volledig zelf draagt, faciliteert de gemeente, waar dat mogelijk en doelmatig is, in nauwe afstemming met het Hoogheemraadschap, in het vergoten van de rioolcapaciteit om ervoor te zorgen dat de glastuinbouwbedrijven minder overstorten op oppervlaktewater veroorzaken; Overbelasting, ontstaan door de afvoer van overtollig hemelwater of (te grote hoeveelheden) bedrijfsafvalwater via drukrioleringssystemen voorkomen. Door middel van klimaatadaptieve maatregelen, zal de gemeente de kans op wateroverlast zo veel als mogelijk voorkomen; De gemeente treft binnen haar wettelijke zorgplicht, waar nodig, mogelijk en doelmatig, maatregelen in het openbaar gebied; De gemeente wil in 2050 klimaatbestendig, waterrobuust en duurzaam zijn. Klimaatadaptieve maatregelen zullen gelijktijdig worden uitgevoerd met al geplande of toekomstige werkzaamheden in de openbare ruimte, zoals bij wegreconstructie en rioolvervanging.
Bij nieuwbouw wordt de openbare ruimte direct klimaatbestendig ingericht; Er worden waar dat mogelijk is duurzame en circulaire materialen gebruikt en er wordt ingezet op het gebruik van groene energie. De gemeente houdt zich bezig met de wettelijke taken en door de raad vastgestelde bovenwettelijke beleidstaken. Andere taken, bijvoorbeeld taken die door de wetgever aan andere overheden of aan private partijen toegedeeld zijn, worden in principe niet door de gemeente overgenomen; De gemeente blijft werken aan ‘minder meerkosten’ zoals zowel verwoord in het Bestuursakkoord Water (BAW) uit 2018 als in de daarop gebaseerde Bestuurlijke overeenkomst NAD uit 2020; De gemeentelijke watertaken worden efficiënt uitgevoerd met een optimale balans tussen optimaal presteren, tegen acceptabele kosten en risico’s;
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
iv
Toekomstvisie
Strategie opgenomen in dit WRP De kosten van het klimaatbestendig maken (investeringen in aanleg) van wijken, worden gereduceerd door zoveel mogelijk mee te koppelen bij reguliere werkzaamheden; Wanneer er sprake is van een gedeelde verantwoordelijkheid wordt optimaal gebruik gemaakt van subsidieregelingen of van de mogelijkheden om kosten te delen met stakeholders zoals het Hoogheemraadschap van Delfland, de Provincie Zuid-Holland of het Rijk.
Participatie in het kader van dit WRP In het kader van het opstellen van dit WRP is aan bewoners via de gemeentewebsite en Social Media kanalen van de gemeente gevraagd naar hun visie op het belang van de rioleringszorg. Bewoners geven desgevraagd aan dat ze de volgende zaken het belangrijkst vinden:
Ik wil geen vies rioolwater op straat en waterschade in mijn huis bij hevige regen;
Ik wil schoner water in de sloten en meer waterecologie;
De gemeente bereidt zich goed voor op de klimaatverandering;
De gemeente onderhoudt de riolering zodanig dat er weinig problemen zijn met de afvoer;
Waterveiligheid mag best iets kosten.
De input van bewoners is meegenomen in dit WRP. Riool- en waterzorgheffing Het vaststellen van het nieuwe WRP is de gelegenheid om de heffing weer te laten aansluiten op vernieuwde prognoses. Een stijging van de riool- en waterzorgheffing is onontkoombaar en wordt voornamelijk veroorzaakt door toenemende kapitaalslasten van vervangingsinvesteringen van riolering en daarnaast door klimaatadaptatie, stijging van personeels- en overheadkosten en het uitvoeren van planmatig onderhoud. Daarnaast is de afgelopen jaren sprake geweest van een flinke prijsstijging die nu zichtbaar wordt in de ramingen van het nieuwe WRP. Om de rioleringszorg te bekostigen is een riool- en waterzorgheffing voor de komende jaren berekend die kostendekkend is. Als gevolg van bovengenoemde oorzaken is de komende jaren een stijging van 7,5% exclusief de nog toe te passen inflatiecorrectie noodzakelijk. De tariefontwikkeling in dit nieuwe WRP is gebaseerd op het huidige beleid en het in dit WRP omschreven nieuwe beleid en is verwerkt in de meerjarenbegroting en het investeringsplan. Omdat recent de heffing in Midden-Delfland verlaagd is en pas in 2024 weer stijgt, behoort de heffing van Midden-Delfland nog steeds tot de lagere van vergelijkbare gemeenten in de omgeving. Tabel 1: Overzicht riool- en waterzorgheffing per jaar exclusief de nog toe te passen inflatiecorrectie
Riool- en waterzorgheffing Per heffingseenheid (meestal een woning)
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
2024 € 225
2025 € 225
2026 € 225
2027 € 255
2028 € 225
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
2029 € 225
2030 € 225
v
€ 550
€ 500
€ 450
€ 400
€ 350
€ 300
€ 250
€ 200
2023
2033
2043 Riool- en waterzorgheffing
2053
2063
2073
2083
Lasten per heffingseenheid
Figuur 1: Trend riool- en waterzorgheffing en lasten per heffingseenheid
Om te voorkomen dat het rioolheffingstarief continu varieert en om te sparen voor toekomstige vervangingsinvesteringen wordt gebruik gemaakt van een voorziening voor riolering. Overschotten en tekorten worden met deze voorziening gesaldeerd. De voorziening mag overigens op geen enkel moment negatief zijn. De afgelopen jaren is gespaard voor de nu komende vervangingspiek. De voorziening wordt nu weer langzaam afgebouwd.
Figuur 2: Overzicht saldo egalisatievoorziening
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
vi
Inhoud 1
Inleiding
1
1.1
Aanleiding
1
1.1.1 1.1.2 1.1.3
De gemeentelijke watertaken Wrp geeft invulling aan zorgplichten Verantwoordelijkheden in het waterbeheer
1 2 2
1.2
Voorbereiding op de omgevingswet
3
1.3
Status & geldigheidsduur
4
1.4
Leeswijzer
4
2
Water in de gemeente (huidige situatie)
6
2.1
Inventarisatie voorzieningen
6
2.1.1 2.1.2
Zuiveringskringen Aanwezige voorzieningen riolering en water
6 7
2.2
Toestand van de riolering
8
2.3
Functioneren van de systemen
10
2.3.1 2.3.2 2.3.3
Rioolsysteem Waterkwaliteit Waterkwantiteit
10 11 11
2.4
Klimaatadaptatie
11
2.5
Huidige situatie in het perspectief van het vorige vGRP
11
3
Hoe is het afgelopen jaren gegaan (evaluatie)
13
3.1
Resultaten evaluatie planperiode 2016 – 2022
13
3.2
Terugblik op personele aspecten
13
3.3
Terugblik op financiële aspecten
14
3.4
Verbeterpunten
14
4
Aan welke opgave werken we (visie & strategie)
15
4.1
Visie
15
4.2
Doelen en ambities
15
4.2.1 4.2.2
Doel ‘Bijdragen aan een goede volksgezondheid Doel ‘Bijdragen aan een schone en prettige leefomgeving
15 16
4.2.2.1
Emissie vanuit stedelijke gebied
16
4.2.2.2
Emissie vanuit de glastuinbouwgebieden
16
4.2.2.3
Overige emissies buitengebied
16
4.2.3
Doel ‘Bijdragen aan een klimaatbestendige, waterrobuuste en duurzame gemeente
17
4.2.3.1
Duurzaamheid
17
4.2.4
Doel ‘Kwaliteit tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten’
17
4.2.4.1
Wettelijke en bovenwettelijke taken
17
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
vii
4.2.4.2
Betaalbare waterketen
18
4.2.4.3
Beheer van de waterketen
18
4.2.4.4
Actief burgerschap en samenhangend optreden overheid
18
4.2.4.5
Communicatie
18
4.2.4.6
Samenwerken in de waterketen
19
5
Hoe gaan we er komen (uitwerking strategie)
20
5.1
Afvalwater
20
5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.1.5 5.1.6 5.1.7 5.1.8 5.1.9
Wijze van inzameling Lozingen vanuit gemeentelijke stelsels Beheer, renovatie en vervanging Reiniging & inspectie Meten & monitoren Gegevensbeheer Controle & handhaving Meldingen & klachten Communicatie en participatie
20 21 21 22 24 25 25 26 26
5.2
Hemelwater
27
5.2.1 5.2.2 5.2.3
Duurzame omgang met hemelwater Hemelwateroverlast Anticiperen op klimaatverandering
27 29 31
5.3
Grondwater
33
5.3.1 5.3.2 5.3.3 5.3.4
Ontwateringsdiepte bij nieuwbouw Omgaan met grondwateroverlast en grondwateronderlast Grondwatermaatregelen bij rioolvervanging Grondwateronttrekkingen
33 35 37 37
5.4
Oppervlaktewater
38
5.4.1 5.4.2 5.4.3 5.4.4
Samenwerking Oppervlaktewater kwantiteit Oppervlaktewater kwaliteit en belevingswaarde Duurzaamheid & circulariteit
38 39 40 40
6
Wat gaan we doen (maatregelentabellen)
43
6.1
Investeringen
43
6.2
Beheeractiviteiten
43
6.3
Onderzoek
44
6.4
Beleidsmatige activiteiten & planvorming
44
7
Financiën en organisatie
46
7.1
Personele middelen
46
7.1.1 7.1.2 7.1.3
Analyse personele situatie gemeentelijke zorgplichten Landelijke richtlijnen Advies voor de planperiode
46 47 47
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
viii
7.2
Kostendekking
48
7.2.1 7.2.2 7.2.3
Exploitatie en investeringskosten zorgplichten Uitgangspunten kostendekkingsberekening riool- en waterzorgheffing Resultaten kostendekkingsberekening riool- en waterzorgheffing
48 49 50
7.3
Advies riool- en waterzorgheffing
53
Tabellen Tabel 1: Overzicht riool- en waterzorgheffing per jaar exclusief de nog toe te passen inflatiecorrectie
v
Tabel 2-1 Overzicht aanwezige voorzieningen
8
Tabel 2-2 Overzicht meetvoorzieningen
10
Tabel 3-1 Aandachtspunten planperiode 2024-2030
13
Tabel 5-1 Reinigingsfrequenties
23
Tabel 5-2: Toetsingsnormen hemelwateroverlast
31
Tabel 5-3 Ontwateringseisen nieuwbouw
34
Tabel 7-1: Overzicht deeltaken planvorming, onderzoek en facilitair
46
Tabel 7-2: Overzicht van geplande investeringen voor vervanging en renovatie (exclusief BTW) 48 Tabel 7-3: Overzicht investeringen geplande onderzoeken
49
Tabel 7-4: Overzicht riool- en waterzorgheffing per jaar (exclusief eventuele inflatiecorrectie) 53
Figuren Figuur 1: Trend riool- en waterzorgheffing en lasten per heffingseenheid
vi
Figuur 2: Overzicht saldo egalisatievoorziening
vi
Figuur 1-1: Looptijd Wrp 2024-2030 en evaluatiemomenten
4
Figuur 2-1 Begrenzing van de zuiveringskringen binnen Delfland
6
Figuur 2-2 Lengte geïnspecteerde riolering per jaar
9
Figuur 5-1: Verwachte bodemdaling 2016 – 2050 (bron: iReport Klimaatadaptatiestrategie)
36
Figuur 7-1: Kosten gemeentelijke watertaken in 2024
51
Figuur 7-2: opbouw lasten (exclusief indexatie)
52
Figuur 7-3: Tariefontwikkeling voor de vier scenario’s. Scenario 0 leidt tot een niet kostendekkend tarief op termijn
52
Figuur 7-4: Verloop saldo egalisatievoorziening voor de verschillende scenario’s
53
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
ix
Bijlagen 1 Wettelijk kader & plaats Wrp 2 Overzicht van voorzieningen 3 Werken volgens de DoFeMaMe-werkwijze 4 Evaluatierapportage 5 Visie NAD 6 Tabel waarschuwings- en ingrijpmaatstaven 7 Incidentenplan 8 Personele Middelen 9 Kostendekkingsplan
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
x
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
Kwaliteit van leven is wat de gemeente Midden-Delfland – Citta Slow gemeente en onderdeel van het Bijzonder Provinciaal Landschap – nastreeft. Daar hoort ook aandacht voor water bij. Vanuit de gemeentelijke watertaken, waarin de drie gemeentelijke zorgplichten waaronder die voor de riolering zijn ondergebracht, kan een bijdrage worden geleverd aan deze ambitie. Dit Water- en rioleringsprogramma (afgekort Wrp) beschrijft hoe de gemeente de aankomende jaren invulling zal geven aan deze watertaken en hoe dit bijdraagt aan de visie en ambities voor de ruimtelijke kwaliteit/waterbeheer. Daarmee geeft het Wrp ook een onderbouwing van de riool- en waterzorgheffing.
1.1.1
De gemeentelijke watertaken
Elke gemeente in Nederland heeft drie watertaken als het gaat om de (afval)waterketen in de gemeente, deze worden ook wel zorgplichten genoemd, dit zijn: de afvalwaterzorgplicht, de hemelwaterzorgplicht en de grondwaterzorgplicht. Deze zorgplichten vormen de basis van het gemeentelijk beleid rondom afvalhemel-, en grondwater. De waterschappen hebben vervolgens de zorgplicht voor het zuiveren van stedelijk afvalwater. Gemeente en waterschap (hoogheemraadschap) zijn volgens de Waterwet verplicht tot samenwerking om te komen tot doelmatig waterbeheer. Dit geldt nadrukkelijk voor de taken met betrekking tot het zelfstandig beheer van inname, inzameling en zuivering van afvalwater. Afvalwaterzorgplicht De gemeente is verantwoordelijk voor de doelmatige inzameling en het transport van stedelijk afvalwater. Traditioneel doet de gemeente dit door het aanleggen en onderhouden van een rioleringsstelsel. Dat stelsel vervoert, in tegenstelling tot de decentrale voorzieningen, afvalwater van huishoudens en bedrijfspanden naar de waterzuivering. De laatste jaren is er ook aandacht voor decentrale waterzuivering, waarbij afvalwater lokaal gezuiverd en hergebruikt of geloosd wordt. Hemelwaterzorgplicht De gemeente is verantwoordelijk voor de doelmatige inzameling en verwerking 1 van afvloeiend hemelwater (regen, sneeuw en hagel) dat op openbaar terrein terecht komt 2.
Op particulier terrein is primair de eigenaar verantwoordelijk voor de afvoer van hemelwater. Er zijn verschillende manieren waarop gemeentes invulling geven aan deze inspanningsverplichting. Uitgangspunt is het gescheiden inzamelen en afvoeren van hemelwater. Het hemelwater gescheiden van de vuile afvalwaterstroom verwerken is een meer duurzame invulling van de zorgplicht dan gemengd inzamelen. Het gemengd inzamelen en verwerken van hemelwater en vuilwater is een erfenis uit het verleden die vooral in de oudere delen van de kernen nog vaak voorkomt. Nadeel van gemengde verwerking is dat schone waterstromen vuil worden en dat de kans groter is dat de openbare ruimte en inwoners met vuil afvalwater in aanraking komen.
1
Onder het verwerken van hemelwater kunnen in ieder geval de volgende maatregelen worden begrepen: de berging, het transport, de nuttige toepassing, het, al dan niet na zuivering, terugbrengen op of in de bodem of in het oppervlaktewater van ingezameld hemelwater, en het afvoeren naar een zuivering technisch werk. 2 In sommige gevallen heeft de gemeente ook de verantwoordelijkheid voor het hemelwater van particulier terrein. Dat is alléén het geval wanneer er redelijkerwijs niet van de particulier verwacht kan worden dat deze zelf die verantwoordelijkheid draagt, zie hoofdstuk 5: Hemelwaterzorgplicht 10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
1
Grondwaterzorgplicht De verantwoordelijkheden van de gemeente op het gebied van grondwater zijn genuanceerder dan de andere twee zorgplichten: er geldt een inspanningsverplichting (‘zoveel mogelijk’) in plaats van een resultaatverplichting (afvalwater) of een inspanningsverplichting wanneer perceeleigenaren hemelwater redelijkerwijs niet kúnnen afvoeren naar het oppervlaktewater of de bodem (hemelwaterzorgplicht). In het kort stelt de grondwaterzorgplicht de gemeente niet verantwoordelijk voor de grondwaterstand. Wel is de gemeente in sommige gevallen, alleen als het de bestemming van het gebied nadelig beïnvloed, verantwoordelijk voor het zo veel mogelijk beperken van structurele nadelige gevolgen van grondwateroverlast (te hoge) of -onderlast (te lage grondwaterstand) 3 . Daarnaast kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor het niet nakomen van de grondwaterzorgplicht.
1.1.2
Wrp geeft invulling aan zorgplichten
Voldoen aan de zorgplichten is een wettelijke vereiste voor gemeenten. Hóe voldaan wordt aan de zorgplichten mag zelf bepaald worden. In dit Wrp wordt daarom beschreven hoe invulling wordt gegeven aan de deze zorgplichten. Er is een visie, met bijbehorende ambities voor het waterbeleid: De gemeente Midden-Delfland wil een gezonde, aantrekkelijke gemeente met een hoge ruimtelijke kwaliteit zijn. Die visie en ambities vormen de basis voor de strategie en de maatregelen die per zorgplicht terug te vinden zijn in dit Wrp. Dit Wrp zal aansluiten op of input geven aan de Omgevingsvisie, -plan en -programma, dat de gemeente verplicht is op te stellen vanuit de Omgevingswet. Vanuit het Netwerk waterketen Delfland (NAD) is in 2021 een gezamenlijke blauwdruk voor wat toen nog vGRP werd genoemd, opgesteld. Het voorliggende Wrp is hierop gebaseerd. Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft deelgenomen aan het proces om te komen tot de huidige invulling van dit plan. In het kader van de besluitvorming heeft het Hoogheemraadschap van Delfland gereageerd op dit Wrp. Scopeafbakening Water- en rioleringsprogramma Het Wrp richt zich alleen op de riolering, drainage en hemelwatervoorzieningen, zoals wadi’s, grindkoffers en lijngoten, in het stedelijk gebied en systemen voor de verwerking van het afvalwater in het buitengebied van de gemeente.
Daar waar er raakvlakken zijn met oppervlakte- en grondwater in het buitengebied, behoort het onderzoeken of het nemen van maatregelen in het stedelijk gebied tegen negatieve effecten op het oppervlakte- en grondwatersysteem in het buitengebied tot de scope van het programma (bijvoorbeeld beperken vuilemissie naar oppervlaktewater). De waterhuishoudkundige of ecologische aspecten van het landelijke gebied en/of vaarwegen met alle activiteiten die daar omheen spelen (waaronder waterrecreatie e.d.) zijn belegd bij andere belanghebbenden (Provincie en Hoogheemraadschap of gemeentelijke organisatieonderdelen) en maken daarom géén onderdeel uit van het dit Wrp.
1.1.3
Verantwoordelijkheden in het waterbeheer
De gemeente Midden-Delfland en het Hoogheemraadschap van Delfland werken daarnaast ook samen aan het stedelijk waterbeheer. De gemeente heeft hier een taak in het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW), zoals het beperken van vuilemmissie vanuit de riolering naar oppervlaktewater en baggerwerkzaamheden. 3
De volledige wettekst luidt als volgt: de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders dragen zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het Hoogheemraadschap of de Provincie behoort. (Artikel 3.6 Waterwet)
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
2
Waterbeheer In de dagelijkse praktijk is het Hoogheemraadschap van Delfland verantwoordelijk voor het peilbeheer (het afvoeren van water en het op niveau houden van het waterpeil in de sloten) en voor beheer en onderhoud van waterkeringen en sloten. Daarbij bewaakt Delfland ook de (zwem)waterkwaliteit en verzorgt het voor de hele regio de zuivering van het afvalwater. De gemeente draagt zorg voor de riolering, het inzamelen en afvoeren van afvalwater, hemelwater en indien nodig voor overtollig grondwater. De Omgevingsvisie, -plan en -programma, waarvoor het Wrp input geeft en op termijn volledig onderdeel van uitmaakt, vormen primair de basis voor de samenwerking tussen de gemeente en het Hoogheemraadschap.
1.2
Voorbereiding op de omgevingswet
Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Onder deze Omgevingswet vervalt de planverplichting om een vGRP op te stellen. Gemeenten blijven wél verplicht hun zorgplichten te vervullen en de financiën te verantwoorden. Deze verplichtingen zullen een plek krijgen in de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en -programma (de wetgever suggereert in dit kader een Gemeentelijk rioleringsprogramma). Bijlage 1 gaat uitgebreider in op het wettelijk kader rondom het Wrp en de samenhang met de Omgevingswet. Om voor te sorteren op de implementatie van de Omgevingswet, is dit Wrp alvast ingericht om als input voor de instrumenten van de Omgevingswet te kunnen dienen. Het hoofdstuk over de opgaven (visie & strategie) heeft een relatie met de Omgevingsvisie; de uitwerking van de strategie (beleid) met het Omgevingsplan en het hoofdstuk over de maatregelen met het Omgevingsprogramma. Participatie Participatie is een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Bij het opstellen van dit Wrp heeft de gemeente aan de inwoners via verschillende mediakanalen gevraagd wat voor hen belangrijk is ten aanzien van de rioleringszorg. In totaal hebben daarop 26 inwoners gereageerd. Deze respondenten hebben stellingen in volgorde van belangrijkheid voor henzelf gezet. Op deze volgorde van prioritering heeft de gemeente nog een weegfactor toegepast.
Daarvan is onderstaande samengevat het resultaat (van belangrijk naar minder belangrijk): 1 Ik wil geen vies rioolwater op straat en waterschade in mijn huis bij hevige regen; 2 Ik wil schoner water in de sloten en meer waterecologie; 3 De gemeente bereidt zich goed voor op de klimaatverandering; 4 De gemeente onderhoudt de riolering zodanig dat er weinig problemen zijn met de afvoer; 5 Waterveiligheid mag best iets kosten; 6 De gemeente kiest duurzame materialen voor de riolering; 7 Ik wil meer door de gemeente voorgelicht worden wat ik zelf kan doen voor klimaatadaptatie; 8 Ik wil meer door de gemeente voorgelicht worden over de riolering. Deze uitkomst is meegenomen in dit Wrp en verwerkt in de strategie en maatregelen.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
3
1.3
Status & geldigheidsduur
Dit Water- en rioleringsprogramma vervangt het oude vGRP 2016 – 2020 (met verlenging tot eind 2024) van de gemeente Midden-Delfland. Na vaststelling van dit Wrp en Omgevingsvisie, -plan en programma vervalt het oude vGRP. De activiteiten uit het vorige vGRP die nog niet of slechts deels zijn uitgevoerd en/of nog steeds nodig zijn, zijn overgenomen in dit nieuwe plan. Nieuwe maatregelen die mogelijk volgen uit lopende studies, worden de komende periode verder uitgewerkt en krijgen een plaats in het jaarlijks op te stellen Operationele rioleringsprogramma. Voor dit nieuwe plan wordt gekozen voor een looptijd van zeven jaar: van 2024 tot en met 2030. Om maatwerk te kunnen blijven leveren, wordt tussentijds regelmatig de stand van zaken opgesteld en waar nodig wordt het plan bijgesteld. Daarin worden ook de uitkomsten meegenomen van lopende studies. Jaarlijks vindt er een tussentijdse evaluatie plaats (inclusief financiële evaluatie) en wordt er een Operationeel rioleringsprogramma opgesteld. Als uit de lopende studies en/of nieuwe inzichten en opgaven nieuwe (investerings)maatregelen komen, moeten daarvoor budgetten worden aangevraagd bij de besturen van de Gemeente en het Hoogheemraadschap.
vGRP 2016-2024
Water- en rioleringsprogramma 2024-2030
Wrp 2031-2036
Tussentijdse evaluatie 2024
Tussentijdse evaluatie 2025
Tussentijdse evaluatie 2026
Tussentijdse evaluatie 2027
Tussentijdse evaluatie 2028
Tussentijdse evaluatie 2029
Eind evaluatie 2030
Operationeel programma 2025
Operationeel programma 2026
Operationeel programma 2027
Operationeel programma 2028
Operationeel programma 2029
Operationeel programma 2030
Operationeel programma 2031
Figuur 1-1: Looptijd Wrp 2024-2030 en evaluatiemomenten
1.4
Leeswijzer
Dit Wrp is zoals al eerder aangehaald gebaseerd op de blauwdruk voor het GRP van het Netwerk waterketen Delfland. Deze blauwdruk gaat in op de invulling van de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Het bevat een beschrijving van de huidige situatie, het beleid, de maatregelen en de benodigde middelen voor de komende planperiode. Daarmee vormt het ook de onderbouwing van de riool- en waterzorgheffing die de gemeente heft. Achtereenvolgens komen aan de orde:
Water in de gemeente (hoofdstuk 2), waarin wordt beschreven wat de huidige situatie is met betrekking tot afvalwater, hemelwater en grondwater. Dan gaat het niet alleen om de voorzieningen die aanwezig zijn, de toestand ervan en het functioneren, maar ook over het proces van klimaatadaptatie en de verantwoordelijkheden in het waterbeheer; Hoe is het de afgelopen jaren gegaan (hoofdstuk 3), met een evaluatie van de vorige planperiode van het gemeentelijk rioleringsplan; De opgaven waar de komende planperiode aan wordt gewerkt (hoofdstuk 4), zoals verbeteren van de kwaliteit (een duurzaam watersysteem, waterkwaliteit, klimaatadaptatie), verminderen van kwetsbaarheid en beheersbaar houden van kosten; Hoe gaan we er komen (hoofdstuk 5) beschrijft de strategie die wordt gevolgd met betrekking tot het afvalwater, hemelwater en grondwater binnen onze gemeente. Dit hoofdstuk bevat ons beleid en geeft richting aan de activiteiten die de komende planperiode worden uitgevoerd om onze doelen te bereiken;
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
4
De maatregelen die worden getroffen zijn beschreven in het hoofdstuk ‘Wat gaan we doen’ (hoofdstuk 6). Het betreft investeringen, beheermaatregelen en beleidsmatige activiteiten; Financiën en organisatie (hoofdstuk 7) bevat het kostendekkingsplan en geeft naast een beschrijving van de benodigde financiële middelen ook een beschrijving van de personele middelen.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
5
2
Water in de gemeente (huidige situatie)
Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de aanwezige gemeentelijke voorzieningen voor de rioleringszorg en de toestand hiervan. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt het functioneren van de riolering en het beheer van de riolering in de huidige situatie getoetst aan de functionele eisen. Dit is uitgewerkt in de evaluatie die is opgenomen in Bijlage 4. Verschillen tussen de gewenste en de huidige situatie moeten leiden tot maatregelen.
2.1
Inventarisatie voorzieningen
Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de aanwezige voorzieningen voor riolering, hemelwater en grondwater, waarbij vanuit het perspectief van de zuiveringskringen steeds verder wordt ingezoomd tot op het gemeentelijke niveau. Bij dit overzicht wordt een beschrijving gegeven van de toestand en het functioneren van deze voorzieningen. Ook gaat dit hoofdstuk in op de stand van zaken in het proces van klimaatadaptatie. Het hoofdstuk eindigt met de toetsing van de huidige situatie aan de doelen van de gemeentelijke watertaken.
2.1.1
Zuiveringskringen
Een zuiveringskring beslaat het gebied waarvan het rioolwater wordt gezuiverd op één (centrale) rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). De aanwezige voorzieningen voor inzameling, transport en zuivering van het stedelijke afvalwater en hemelwater in de zuiveringskring kunnen worden beschouwd als één systeem.
Figuur 2-1 Begrenzing van de zuiveringskringen binnen Delfland
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
6
Binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap van Delfland zijn vier zuiveringskringen te onderscheiden: Harnaschpolder, De Groote Lucht, Nieuwe Waterweg en Houtrust. Het rioolstelsel van de kern Maasland voert het afvalwater af naar de zuivering De Groote Lucht. De rioolstelsels van de kernen Schipluiden en Den Hoorn voeren het afvalwater via het rioleringssysteem van Delft af naar de zuivering Harnaschpolder, behalve het noordoostelijk deel van Den Hoorn (Hoogharnasch) waarvan het afvalwater direct wordt afgevoerd naar de zuivering Harnaschpolder. De zuiveringen zijn eigendom van het Hoogheemraadschap van Delfland. Delfluent Services BV draagt zorg voor het beheer en onderhoud van de zuivering Harnaschpolder inclusief het bijbehorende transportsysteem. Voor de zuivering De Groote Lucht inclusief het bijbehorende transportsysteem is dit het Hoogheemraadschap van Delfland. Overname- en overdrachtspunten De afvalwatersystemen van onze gemeente en de andere gemeenten in het NAD zijn onderling met elkaar verbonden en, in bepaalde gevallen zelfs, met elkaar verweven. Het overnamepunt voor het transport van het afvalwater richting de zuivering voor de kern Maasland is bij het hoofdrioolgemaal van het hoogheemraadschap aan de Molenweide, die het afvalwater verder transporteert naar de zuivering de Groote Lucht.
Voor Hoogharnasch in Den Hoorn is het overnamepunt voor het transport van het afvalwater richting de zuivering bij het hoofdrioolgemaal van het hoogheemraadschap in de Vrij-Harnasch. Het overdrachtspunt voor afvalwater uit de kern Schipluiden ligt bij het rioolgemaal Slauerhofflaan in Delft. Juist ten zuiden van de gemaalkelder wordt het transport overgedragen aan de gemeente Delft, die eigenaar en beheerder is van dit gemaal. Het overdrachtspunt voor afvalwater uit de kern Den Hoorn, behalve de wijk Hoogharnasch, ligt bij het collecteurriool in Delft. Dit collecteurriool is eigendom van de gemeente Delft. Dit collecteurriool zamelt het afvalwater in van geheel Delft en deels van omliggende gemeenten Pijnacker-Nootdorp (kernen Pijnacker en Delfgauw), Lansingerland (kern Berkel en Rodenrijs) en Midden-Delfland (kernen Schipluiden en Den Hoorn). Het collecteurriool transporteert het afvalwater richting het hoofdrioolgemaal Kruitmolenpad van het Hoogheemraadschap, dat het afvalwater afvoert naar de zuivering Harnaschpolder
2.1.2
Aanwezige voorzieningen riolering en water
Het afvalwater dat vrijkomt in de dorpen zamelt de gemeente over het algemeen in door middel van vrijvervalriolering. Hiervan behoort 39% tot een gemengd stelsel, 48% tot een gescheiden stelsel en 13% tot een verbeterd gescheiden stelsel. In het buitengebied wordt een groot deel van het vrijkomende afvalwater ingezameld met mechanische riolering (drukrioolstelsel). Tabel 2-1 geeft een beknopt overzicht van de objecten waaruit het (afval)watersysteem in de gemeente Midden-Delfland is opgebouwd. Een uitgebreid overzicht en een beschrijving daarvan zijn opgenomen in het Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW), dat de gemeente heeft opgesteld in 2022 (niet bijgevoegd).
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
7
Tabel 2-1 Overzicht aanwezige voorzieningen
Omschrijving
Hoeveelheid
Vrijvervalstelstel Hoofdriool gemengd (vrijverval) Hoofdriool gescheiden regenwater (vrijverval)* Hoofdriool gescheiden vuilwater (vrijverval)* Kolken Lijngoten Rioolgemalen Overstorten (gemengd stelsel, inclusief randvoorzieningen) Regenwater uitlaten gescheiden stelsel Randvoorzieningen hemelwater (grasbetontegels, wadi’s, Aquaflow en grindkoffer)
Eenheid
35,2 38,5 29,5 6.287 7 48 16
km km km stuks stuks stuks stuks
ca. 60 62
stuks stuks
Mechanische riolering Minigemalen (drukrioolstelsel) Persleidingen en drukriolering
464 72,2
stuks km
Particuliere voorzieningen Septic tanks (individuele behandeling afvalwater) Warmte-koude opslagsystemen (WKO’s)
136 0
stuks stuks
Grondwatervoorzieningen Grondwaterstandmeters Neerslagmeters
31 3
stuks stuks
Drainageleidingen
1,4
km
•
In overeenstemming met de bepalingen in het Besluit Lozingen Buiten Inrichtingen (Blbi) zijn in bijlage 2 de kenmerken van overstorten en uitlaten opgenomen, zodat deze zonder vergunning mogen lozen op het watersysteem.
2.2
Toestand van de riolering
Op basis van de planmatig uitgevoerde inspecties heeft de gemeente inzicht in de toestand van de vrijverval riolering. Zie Figuur 2-2 voor de lengtes van uitgevoerde rioolinspecties per jaar.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
8
9000
8000
7000
Lengte in m
6000
5000
4000
3000
2000
1000
0
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Jaar inspectie
Figuur 2-2 Lengte geïnspecteerde riolering per jaar
De inspectieresultaten zijn tot aan de transitie in 2020 vastgelegd overeenkomstig NEN 3399 ‘Classificatiesysteem bij visuele inspectie van riolen’. Na 1 januari 2020 vindt inspectie plaats overeenkomstig NEN-EN 13508-2. Deze norm reikt een methodiek aan voor het waarnemen en het in genormeerde omschrijvingen en codes registreren van toestandsaspecten. Meerdere schadebeelden en/of schadebeelden van voldoende ernst kunnen leiden tot het volledig vervangen of vernieuwen van een streng. Voor het inzichtelijk maken van de kwaliteit van de geïnspecteerde riolering worden in Midden-Delfland het standaarduitwisselingsformaat van de inspectiebeelden (sufbestanden) en de theoretische systematiek KIC-HKF als basis gebruikt. Met het sufbestand als basis, is van elke geïnspecteerde streng het KIC-cijfer berekend. De opzet is omvangrijk, maar relatief eenvoudig. Iedere schade krijgt een rapportcijfer dat qua hoogte is aangepast aan de ernst en omvang daarvan. Door alle schadebeelden per streng op te tellen, en deze in een formule te plaatsen, krijgt elke streng een KIC-cijfer. Dit cijfer geeft inzicht in de onderlinge kwaliteitsverhoudingen van de rioolstrengen. Het KIC-cijfer wordt voor visualisatie via een tekening ook omgezet in een kleur. Vanaf 2006 is/wordt er op die manier jaarlijks een deel van riolering geïnspecteerd en gecategoriseerd, waarbij begonnen is met de oudste riolen.
De kwaliteit van de rioolstrengen is hierbij onderverdeeld in de volgende 4 categorieën: Groen: Met uitzondering van een aantal plaatselijke schade zijn deze strengen van goede kwaliteit. Geel: Deze strengen zijn niet goed of slecht te noemen (matige kwaliteit). Rood: Deze strengen komen op redelijk korte termijn in aanmerking voor renovatie of vervanging. Bruin: Deze strengen komen op korte termijn in aanmerking voor renovatie of vervanging. De resultaten van de inspecties zijn hieronder weergegeven en geven een indicatie van de staat van het stelsel:
In 23% van de geïnspecteerde strengen zijn schadebeelden aangetroffen; In 3% van de geïnspecteerde strengen is een schadebeeld met hoge prioriteit aanwezig (rood & bruin). Deze zijn onderverdeeld in risicoriolen en niet-risicoriolen;
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
9
Op basis van de inspecties kan gesteld worden dat binnen het huidige areaal riolering geen structureel achterstallig onderhoud aanwezig is.
2.3
Functioneren van de systemen
2.3.1
Rioolsysteem
Het theoretisch functioneren van de gemeentelijke systemen wordt regelmatig getoetst. In dit kader wordt een Systeemoverzicht stedelijk water (SSW, voorheen Basisrioleringsplan of BRP) opgesteld en worden optimalisatiestudies afvalwatersystemen (OAS-studies) verricht. Deze studies geven inzicht in het huidige functioneren van de systemen, en geven aan welke maatregelen er moeten worden genomen om de gewenste prestaties met het systeem te bereiken. In toenemende mate worden de modelberekeningen (theorie) aangevuld met de analyse van metingen aan het praktijk functioneren. Theoretisch functioneren Uit de berekeningen met de rioleringsmodellen blijkt, dat er op diverse locaties water-op-straat wordt berekend bij de toetsbui. De verwachting was dat dit niet het geval zou zijn, na de maatregelen die de gemeente in de afgelopen tien jaar aan het rioleringssysteem heeft uitgevoerd. De oorzaak zit in de zetting van de bodem. Op sommige locaties is het maaiveldniveau met ongeveer 10 cm gezakt ten opzichte van gegevens over maaiveldniveau die zijn toegepast in de BRP’s rond 2010. Hierdoor kan er minder opstuwing in de riolering plaatsvinden, voordat het water op straat komt te staan.
Praktijk functioneren Om inzicht te krijgen in het praktijk functioneren van de gemeentelijke voorzieningen en om niet afhankelijk te zijn van alleen theoretische modellen meet de gemeente op strategische locaties in het systeem. Tabel 2-2 geeft een beeld van het gemeentelijke (riolering)meetnet. Onderscheidt is gemaakt tussen gemeentelijke en hoogheemraadschap meetpunten. Tabel 2-2 Overzicht meetvoorzieningen Type meetpunt Meetgegevens Niveaumeting rioolzijde + Randvoorzieningen bassin
Beheerder
Aantal
Gemeente
3
Overstorten
Frequentie en duur
Gemeente
8
Gemalen
Niveaumeting
Gemeente
38
Peilbuizen Eindgemalen gemeente
Niveaumeting Niveau en –debiet
Gemeente Gemeente
23 2
Eindgemalen HHD
Niveau en –debiet
Hoogheemraadschap
2
Zuiveringen
Niveau en –debiet
Hoogheemraadschap
2
Neerslagmeter
Neerslag
Gemeente
4
De meetvoorzieningen zijn gerealiseerd in 2013 en dekken de volledige drie kernen. De verzamelde meetdata die vanuit het meetnet beschikbaar komt wordt gevalideerd, en wordt gebruikt voor analyse en vergelijking met het theoretische functioneren van de riolering. Daarnaast komen via het systeem ‘Melddesk’ van de gemeente diverse meldingen binnen over de riolering. Deze meldingen worden periodiek geanalyseerd. Hierbij valt op dat het aantal meldingen in de categorie ‘Gemaal-storingen’ de afgelopen paar jaar hoger is geweest dan daarvoor. De stijging heeft te maken met meer doekjes en vuil in de pompen tijdens de coronapandemie in Nederland.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
10
Verder is er een stijging van het aantal meldingen over water-op-straat bij hevigere regenbuien, waarschijnlijk veroorzaakt door de klimaatverandering. Ondanks de landelijke stijging van grondwaterproblemen, is er geen stijging te zien van meldingen in deze categorie. Effect van vuilemissie op de ontvangende wateren In de sloot langs de Zouteveenseweg in Schipluiden was een knelpunt bekent met betrekking tot slechte waterkwaliteit in relatie tot een veedrenkingsplaats dicht bij de overstort van de randvoorziening. Samen met het Hoogheemraadschap heeft de gemeente maatregelen getroffen in het oppervlaktewater om het knelpunt op te lossen. Verder zijn er geen knelpunten als gevolg van emissies vanuit de gemeentelijke riolering bekend.
2.3.2
Waterkwaliteit
Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft voor de KRW-lichamen systeemanalyses uitgevoerd om de doelen voor het nieuwe stroomgebiedsbeheerplan (SGBP) te onderbouwen. In het netwerk ‘Schoon en gezond water’ zijn de doelen voor de lokale wateren besproken. Voor de gemeenten zijn maatregelen denkbaar op het gebied van emissiereductie, de waterbeheerpraktijk, inrichting (ecologisch netwerk) en anticiperen op de toekomst. Eind 2023 voert het Hoogheemraadschap van Delfland systeemanalyses op kleiner schaalniveau uit, die meer inzicht zullen geven in de toestand van de lokale wateren. Wanneer uit deze analyses knelpunten naar voren komen die een gevolg zijn van de emissies uit de riolering, lost de gemeente deze knelpunten op door maatregelen te nemen in de riolering.
2.3.3
Waterkwantiteit
Voor alle polders zijn watersysteemanalyses uitgevoerd om de stand van zaken ten opzichte van de normen uit de provinciale milieuverordening in beeld te hebben. Uit de modelstudie van de OAS Harnaschpolder blijkt dat bij diverse overstorten het waterniveau in het oppervlaktewater tot boven de overstortdrempel kan stijgen bij extreme neerslagsituaties. Dit kan dan de afvoer van overtollig rioolwater tijdens die extreme neerslagsituaties belemmeren met een vergrote kans op wateroverlast.
2.4
Klimaatadaptatie
Het proces van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA, zie bijlage 1) omvat een aantal stappen die gemeenten doorlopen om te komen tot een waterrobuuste en klimaatbestendige inrichting van Nederland. In het kader van het DPRA-proces heeft de gemeente Midden-Delfland in samenwerking vanuit de OAS De Groote Lucht klimaatstresstesten uitgevoerd op het thema wateroverlast. De provincie Zuid-Holland heeft op alle thema’s (wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen) kaarten laten maken. Als onderdeel hiervan is getest waar er risico’s optreden als gevolg van extreme neerslaggebeurtenissen. Op basis van de resultaten van de stresstesten heeft de gemeente een klimaatadaptatiestrategie opgesteld. Vanaf 2023 gaat de gemeente verder met de uitwerking van deze klimaatadaptatiestrategie. De discipline riolering & water zal bij de uitwerking van deze strategie worden aangehaakt, en vanuit de watertaken input leveren aan onderdelen van de strategie. Het Hoogheemraadschap van Delfland zal, als samenwerkingspartner van de gemeente op het gebied van water, worden betrokken bij het leveren van deze input.
2.5
Huidige situatie in het perspectief van het vorige vGRP
De gemeente werkt volgens de Do-Fe-Ma-Me-methode (Doelen, Functionele eisen, Maatstaven en Meetmethoden). Die houden onder andere in dat de huidige situatie wordt getoetst aan de functionele eisen die de gemeente voor de drie watertaken (afval-, hemel- en grondwater) heeft geformuleerd. Aan de hand van maatstaven wordt bepaald in hoeverre aan de functionele eisen wordt voldaan. 10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
11
Maatstaven maken de functionele eisen toetsbaar. De maatstaven die terugblikkend op het vorige vGRP nog niet voldoen aan de gestelde ambities verdienen de komende planperiode extra aandacht om deze mits doelmatig alsnog naar het gewenste niveau te brengen. Deze paragraaf bevat de conclusies van die toetsing. De volledige beschrijving van de toetsing en van de daarbij gehanteerde Doelen, Functionele Eisen, Maatstaven en Meetmethoden zijn te vinden in bijlage 4. Geconcludeerd kan worden dat in de huidige situatie al aan de meeste maatstaven wordt voldaan. Voor die aspecten is het dus zaak om ervoor te zorgen dat daaraan blijvend wordt voldaan (consolideren). Voor de andere maatstaven geldt dat er eerst nog activiteiten moeten worden ontplooid of al in gang zijn gezet om het gewenste kwaliteitsniveau te halen. Daarna is het de opgave om dat niveau vast te houden. Er zijn geen maatstaven waar op dit moment nog helemaal niet aan wordt voldaan. Het bereiken van doelen wordt gerealiseerd door het voldoen aan (in hiërarchie daaraan verbonden) functionele eisen en maatstaven (DoFeMaMe). Omdat nog niet aan alle maatstaven wordt voldaan, wordt geconcludeerd dat daardoor ook nog niet aan alle functionele eisen wordt voldaan. Het gevolg daarvan is dat nog niet volledig wordt voldaan aan de doelen die de gemeente zichzelf had gesteld.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
12
3
Hoe is het afgelopen jaren gegaan (evaluatie)
Bij het opstellen van een nieuw Wrp is het belangrijk om het beleid uit het vigerende vGRP te evalueren. Het is niet alleen belangrijk om te weten in hoeverre de doelstellingen zijn behaald. Het is minstens zo belangrijk om te weten wat de ervaringen zijn na vijf jaar werken met het beleid. Wat ging goed en waar liep de gemeente tegen aan? Door de aandachtspunten in te bedden in het nieuwe beleid, wordt een verbeterslag gerealiseerd.
3.1
Resultaten evaluatie planperiode 2016 – 2022
Uit de evaluatie die is uitgevoerd op basis van het vGRP 2016 – 2020 (inclusief de verlenging tot eind 2024), en die is uitgevoerd door de ambtelijke organisatie van de gemeente, blijkt dat de gemeente aan het grootste deel van de doelen, ambities en maatregelen een goede invulling heeft gegeven. De gemeentelijke watertaken zijn op een beheerste, transparante en zorgvuldige wijze uitgevoerd en hebben geleid tot een doelmatig functioneren van het stedelijke watersysteem met weinig overlast situaties tot gevolg. Uit de evaluatie volgt een aantal aandachtspunten benoemd (zie tabel 3-1). Bij het opstellen van het beleid voor de planperiode 2024 - 2030 zijn deze aandachtspunten meegenomen. Tabel 3-1 Aandachtspunten planperiode 2024-2030
Onderdeel Functioneren stedelijk watersysteem Functioneren stedelijk watersysteem Toekomstbestendige waterketen
Werkproces op orde
De klant is tevreden Financiën op orde
Aandachtspunt Het hydraulisch functioneren van het stedelijk watersysteem voldoet niet aan de functionele eisen die de gemeente daaraan stelt. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de (toekomstige) zetting van de bodem. Uit de modelstudie OAS Harnaschpolder komt naar voren, dat bij de overstorten terug stuwing kan optreden bij extreme neerslagsituaties als gevolg van peilstijgingen in het oppervlaktewater. Dit kan leiden tot extra wateroverlast in bebouwd gebied. In de afgelopen planperiode is er binnen de gehele gemeentelijke organisatie meer aandacht gekomen voor klimaatverandering. Dit heeft geleid tot een “Klimaatadaptatiestrategie”. Een vervolg geven aan deze klimaatadaptatiestrategie is nog geen vanzelfsprekendheid, maar is wel noodzakelijk om adequaat voorbereidingen te treffen richting een ‘toekomstbestendige’ situatie. Voldoende beschikbaarheid van mensen met de benodigde kennis (voldoende fte’s). Hierdoor ligt de focus binnen de gemeentelijke organisatie voor wat betreft de gemeentelijke watertaken vooral op het operationele niveau en nog onvoldoende op het strategische/tactische niveau. De communicatie verdient meer en bewuster aandacht dan nu het geval is. De focus ligt nu vooral op het buitengebied (drukrioleringssysteem).
De kostendekkendheid van het tarief van de riool- en waterzorgheffing op de langere termijn blijft aandacht verdienen, zeker door de onzekere tijden en de hoge inflatie in combinatie met lagere inkomsten door verlaging van het tarief van de riool- en waterzorgheffing.
De evaluatie rapportage is opgenomen in bijlage 4
3.2
Terugblik op personele aspecten
Voor het uitvoeren van de wettelijk verplichte gemeentelijke watertaken beschikt de gemeente over een formatie van 4,9 fte (1,6 fte voor de binnendienst en 3,3 fte voor de buitendienst). Ondanks dat de gemeente de gemeentelijke watertaken goed uitvoert, wordt er nog wel een knelpunt ervaren in de beschikbaarheid van mensen om de gewenste werkzaamheden uit te voeren. De focus ligt momenteel
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
13
nog veel op het niveau van het operationele beheer en onderhoud, waardoor er onvoldoende aandacht kan worden besteed aan taken een op meer strategische/tactische niveau.
3.3
Terugblik op financiële aspecten
Voor het bekostigen van de gemeentelijke watertaken mag de gemeente een riool- en waterzorgheffing innen. In het vGRP 2016 - 2020 is een financiële onderbouwing (kostendekkingsplan) opgenomen en is beschreven wat de riool- en waterzorgheffing moet zijn om kostendekkend te zijn. In het afgelopen decennium heeft de gemeente kosten kunnen besparen op rioolvervanging, door het toepassen van een nieuwe (innovatieve) techniek (relinen) om de levensduur van de riolering te kunnen verlengen. Ook het voortschrijdend inzicht in de kwaliteit van de riolering, waardoor bleek dat sommige riolen nog niet vervangen hoefden te worden, heeft ertoe geleid dat gedurende de planperiode geen tariefstijging is doorgevoerd. Door wijzigingen in de wijze van toerekening renteomslag 4, en daarmee samenhangende lagere rekenrente van 0% (was 3%), en het besluit om de BTW niet toe te rekenen aan de riool- en waterzorgheffing, is besloten om vanaf 2022 het tarief te verlagen. De gemeente beschikt over een egalisatievoorziening riolering om grote toekomstige vervangingsinvesteringen (vervangingspiek) op te kunnen vangen. Door op voorhand te sparen voor deze investeringen, wordt voorkomen dat de riool- en waterzorgheffing in de betreffende jaren met grote investeringen ineens fors moet stijgen ten opzichte van het voorgaande jaar.
Uitgangspunt hierbij is een kostendekkend tarief over een periode van 60 jaar (gelijk aan de technische levensduur van de riolering). Op basis van de begroting van 2023 is de verwachting dat het saldo van de egalisatievoorziening op 1 januari 2023 € 7.425.256, -- bedraagt. In het kostendekkingsplan uit 2021 was de stand voor de egalisatievoorziening geraamd op € 7.354.130, -- per 1 januari 2023. Dit betekent dat de kosten van de gemeentelijke watertaken hoger waren dan van tevoren ingeschat. Dit komt onder andere door de plotselinge geopolitieke wijzigen en de daaruit volgende energiecrisis, die hebben geleid tot stijgende kosten en rentestijgingen. Hierdoor zijn de verlagingen van de rioolheffing in een ander licht komen te staan. Voor het nieuwe Wrp 2024-2030 wordt het kostendekkingsplan geactualiseerd, waarbij rekening wordt gehouden met de inflatie van het afgelopen jaar en de stijging van de rente over leningen.
3.4
Verbeterpunten
Uit de evaluatie van de planperiode 2016 – 2022 zijn de volgende verbeterpunten benoemd:
4
Hoe om te gaan met bodemdaling in relatie tot hydraulische afvoercapaciteit van het stedelijk watersysteem. De kans op water-op-straat neemt toe en de mogelijkheid tot levensduurverlenging door relining is minder vaak mogelijk (binnendiameter rioolbuis wordt kleiner). Hiervoor dient beleid te worden ontwikkeld; Een vervolg geven aan de klimaatadaptatiestrategie. Na het opstellen hiervan is hieraan geen vervolg gegeven. Om als gemeente klimaatbestendig te zijn in 2050, is een vervolg noodzakelijk; Goede afweging van de benodigde formatie om in de toekomst de wettelijke gemeentelijke zorgplichten te kunnen blijven uitvoeren, waarbij meer aandacht is voor strategisch/tactisch niveau; Communicatie over de plichten van de burgers ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater verdient meer en bewuster aandacht.
Conform de nieuwe regels van de Commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording)
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
14
4
Aan welke opgave werken we (visie & strategie)
Dit hoofdstuk beschrijft de visie en strategie op het gebied van de waterketen in de gemeente. Allereerst is een visie tot stand gekomen in NAD-verband en gebaseerd op de opgaven uit de Watervisie van Hoogheemraadschap van Delfland. Vervolgens zijn in dit hoofdstuk de doelen en ambities, die ook aansluiten op voornoemde visie, die de gemeente nastreeft beschreven. In de hoofdstukken 5 en 6 worden deze doelen en ambities nader uitgewerkt.
4.1
Visie
In de visie uit NAD-verband ligt vast wat de gemeenten en het Hoogheemraadschap in de regio Delfland willen. In de strategie ligt vast hoe dat zal worden bereikt en hoever de gemeente binnen de planperiode van de Omgevingsvisie daarmee wil komen. Door middel van de maatregelen (verderop in het Wrp) wordt aangegeven wat daarvoor moet worden gedaan. De samenwerking in het NAD is gericht op verbeteren van de kwaliteit (van systeem en dienstverlening), verminderen van kwetsbaarheid en beheersbaarheid van kosten. In bijlage 5 is deze visie beschreven. Navolgend zijn met deze NAD-visie in het achterhoofd, de doelen en ambities die onze gemeente heeft op het gebied van omgevingskwaliteit en waterbeheer bepaald.
4.2
Doelen en ambities
Riolering is oorspronkelijk aangelegd om epidemieën en andere ziektes te voorkomen en om verlost te worden van de overlast door stank en overtollig hemelwater in de stedelijke omgeving. De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht voor het afvalwater, hemelwater en grondwater (Wet gemeentelijke watertaken). Voor de hemelwater- en grondwaterzorgplicht omvat dit alleen de openbare ruimte. Op de particuliere percelen hebben de eigenaren van die percelen een eigen zorgplicht. Alleen als van de eigenaar redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat hij zijn overtollig hemel- en grondwater kwijt kan in de bodem of aan het perceel grenzende oppervlaktewater heeft de gemeente de taak om dit overtollige hemel- en grondwater af te voeren via voorzieningen in het openbare gebied. Voor de invulling van de zorgplichten stelt de gemeente zich de volgende doelen:
Bijdragen aan een goede volksgezondheid;
Bijdragen aan een schone en prettige leefomgeving;
Bijdragen aan een klimaatbestendige, waterrobuuste en duurzame gemeente;
Inwoners kwaliteit leveren tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.
In de navolgende paragrafen worden de voornoemde doelen nader toegelicht c.q. van context voorzien en wordt beschreven welk beleid ten aanzien van deze doelen de gemeente voor ogen heeft. Deze doelen staan niet ieder op zichzelf, maar hebben onderling een relatie met elkaar.
4.2.1
Doel ‘Bijdragen aan een goede volksgezondheid
Door het inzamelen en transporteren van (stedelijk) afvalwater, wordt contact met rioolwater zo veel mogelijk voorkomen. In de historische delen van de kernen wordt echter het afvalwater samen met overtollig hemelwater door hetzelfde leidingensysteem afgevoerd. Dit kan betekenen dat bij extreme neerslag nog afvalwater verdund met hemelwater op straat terecht komt.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
15
Voor de nieuwere delen van de kernen wordt het afvalwater gescheiden van het hemelwater ingezameld en afgevoerd. Waar dat doelmatig is zal ook in de historische delen van de kernen zoveel als mogelijk het afvalwater en het hemelwater gescheiden worden ingezameld en afgevoerd. Dit wordt dan gedaan als er ook andere werkzaamheden, zoals een wegreconstructie plaatsvinden.
4.2.2
Doel ‘Bijdragen aan een schone en prettige leefomgeving
4.2.2.1 Emissie vanuit stedelijke gebied In de historische delen van de kernen wordt het afvalwater en hemelwater ingezameld en getransporteerd door hetzelfde rioleringssysteem. Bij overbelasting van dit rioleringssysteem door neerslag, zijn er in het systeem nooduitlaten voorzien om rioolwater, dat niet kan worden afgevoerd naar de rioolwaterzuivering, ongezuiverd te lozen op oppervlaktewater. Deze nooduitlaten beperken de kans op rioolwater op straat. Deze lozingen hebben echter een negatief effect op de waterkwaliteit van het oppervlaktewatersysteem. In het verleden zijn in het rioleringssysteem diverse maatregelen getroffen om het aantal en volume van ongezuiverde lozingen via de nooduitlaten tot een minimum te beperken of de hoeveelheid vuil in het rioolwater te verminderen door de vaste delen in het rioolwater te laten bezinken en in het rioolsysteem te houden. Uitgangspunt voor de gemeente is om het aantal en volume ongezuiverde lozingen niet te laten toenemen. Indien gecombineerd met andere werkzaamheden in de openbare ruimte de hoeveelheid ongezuiverde lozingen kan worden verminderd, dan zal de gemeente dit nastreven.
4.2.2.2 Emissie vanuit de glastuinbouwgebieden De glastuinbouwsector zal door middel van regionaal samenwerken een (nagenoeg) nulemissie vanuit de glastuinbouw naar het oppervlaktewater en de bodem realiseren in 2027, in overeenstemming met de visie van het Platform Duurzame Glastuinbouw en de werkgroep “(nagenoeg) Emissieloze kas”. De gemeente omarmt het initiatief van de sector, die actiehouder is, om gewasbeschermingsmiddelen (GBM) te gaan zuiveren op de AWZI Nieuwe Waterweg. Het Hoogheemraadschap van Delfland faciliteert de sector door de bouw van de extra zuiveringstrap op haar AWZI. De kosten worden volledig door de sector gedragen. Hiermee voldoet de sector in 2027 aan de vigerende wet- en regelgeving, namelijk de Europese Kaderrichtlijn Water en haar opvolgers die vanuit Europese initiatiefwetgeving zijn voortgekomen. Waar dat een wens van de sector is, faciliteert de gemeente, waar dat mogelijk en doelmatig is, in nauwe afstemming met het Hoogheemraadschap, in het vergoten van de rioolcapaciteit om ervoor te zorgen dat de glastuinbouwbedrijven minder overstorten op oppervlaktewater veroorzaken. Ook deze kosten worden volledig gedragen door de sector.
4.2.2.3 Overige emissies buitengebied In het buitengebied dat bestaat uit grasland wordt het afvalwater ingezameld via een drukrioleringssysteem. Dit drukrioleringssysteem is niet geschikt voor het afvoeren van overtollig hemelwater of bedrijfsafvalwater. Daar waar dit toch gebeurt zal de gemeente handhavend optreden om overbelasting van het systeem te voorkomen. Daar waar een drukrioleringssysteem niet doelmatig is, wordt een IBA (Individuele Behandeling Afvalwater) toegepast om het afvalwater lokaal te zuiveren en vervolgens op het oppervlaktewater te lozen. Het beheer en onderhoud van de IBA’s vindt plaats door het Hoogheemraadschap van Delfland.
10 augustus 2023
WRP 2024 - 2030
BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002
16
4.2.3
Doel ‘Bijdragen aan een klimaatbestendige, waterrobuuste en duurzame gemeente
Door de klimaatverandering wordt in de toekomst vaker extreme neerslag verwacht, maar ook langere droge periodes. Door middel van klimaatadaptieve maatregelen, zal de gemeente de kans op wateroverlast zo veel als mogelijk voorkomen. Hierbij wordt tijdelijk water op straat geaccepteerd. Echter van de bewoners wordt verwacht dat zij ook hun steentje bijdragen door tuinen te vergroenen en/of eigen waterberging aan te leggen, waardoor er minder hemelwater naar de riolering stroomt en deze hierdoor minder snel overbelast raakt. Om verdroging zoveel mogelijk te voorkomen, zal de gemeente waar nodig maatregelen treffen om binnen haar wettelijke taken het grondwaterpeil zo lang als mogelijk op het gewenste niveau te houden. In natte perioden wordt het water zoveel als mogelijk vastgehouden in de bodem. Alleen het overtollige grondwater dat tot grondwateroverlast leidt, zal worden afgevoerd naar het oppervlaktewater. De gemeente wil in 2050 klimaatbestendig, waterrobuust en duurzaam zijn. Klimaatadaptieve maatregelen zullen dan ook zoveel als mogelijk gelijktijdig worden uitgevoerd met al geplande of toekomstige overige werkzaamheden in de openbare ruimte, zoals bij wegreconstructie en rioolvervanging. Indien nodig zullen er ook losse klimaatadaptieve projecten worden uitgevoerd. Bij nieuwbouw wordt de openbare ruimte direct klimaatbestendig ingericht.