CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Bijlagenbundel Water- en rioleringsprogramma 2024 - 2030 definitief

Gemeenteraad 26 september 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen van het Water- en rioleringsprogramma 2024-203031.229 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Kleine reparaties aan de riolering;

Het oplossen van storingen aan gemalen.

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

4

.

Type maatregel

Omschrijving 

De levensduur van diverse merken drukrioleringspompen (nieuwe pompen). Hebben alle merken drukrioleringspompen een gemiddeld kortere levensduur dan vroeger?

Het analyseren van de meetdata uit het meetnet riolering ten behoeve van:

Onderzoek

Beleidsmatige activiteiten

10 augustus 2023

Het in beeld brengen van het werkelijk functioneren;

Bepalen of de huidige beschikbare rioleringsmodellen het werkelijk functioneren goed weergeven, en daarmee het leveren van de juiste input voor het 3DI model;

Bepalen van optimalisatiemogelijkheden in het dagelijks functioneren van het rioleringssysteem;

Input voor het OAS-project, gezamenlijk meten en monitoren;

Het monitoren van het functioneren van de calamiteitensturing;

Het monitoren van uitgevoerde optimalisaties in de afvalwaterketen in samenwerking met de andere betrokken gemeenten en het hoogheemraadschap;

De beheergegevens op tijd, conform de wettelijke eisen van de WION, op orde brengen en houden;

Het opsporen van foutieve aansluitingen op de drukriolering;

Het regelmatig uitvoeren van klanttevredenheidsonderzoeken onder de burgers in de gemeente en het houden van bewonersoverleggen in samenspraak met andere afdelingen binnen de gemeente;

Het regelmatig analyseren van meldingen die binnenkomen bij het KCC en bezwaarschriften tegen de rioolheffing of verbeteringen in de dienstverlening mogelijk is;

Tijdens de planperiode wordt bepaald waar in de nieuwe BRP’s na 2020 antwoord op moeten geven (wat is de onderzoeksvraag?).

Het samen met de waterkwaliteitsbeheerder ontwikkelen van beleid voor het lozen van spoelwater van Warmte-koude opslaginstallaties;

Meer bewustzijn creëren over “juist rioolgebruik” en “water en riolering”, middels doelgerichte communicatie in samenwerking met de afdeling communicatie;

Het indien nodig doorvoeren van verbeteringen in de vraagstelling die door het KCC worden gesteld als er een klacht of melding over de riolering en/of het grondwater binnenkomt;

Het jaarlijks opstellen van operationele programma’s;

Indien daartoe aanleiding is het huidige incidentenplan actualiseren;

Het ontwikkelen van eigen en regionaal klimaatbeleid in samenwerking met de gemeenten in de regio, het hoogheemraadschap en andere stake holders (CoP);

Het waterbewustzijn binnen andere afdelingen van de gemeente vergroten, door ze te betrekken bij het klimaatbestendig inrichten van de openbare ruimte;

Het actief deelnemen aan voor de gemeente belangrijke (ambtelijke)werkgroepen in NAD- en OAS-verband;

Het handhavend optreden tegen niet toegestane lozingen op het rioleringssysteem;

Het inzetten van het beleid op een meer strategisch/tactisch niveau in plaats van te veel op het operationele vlak;

Het op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen in het vakgebied, door lidmaatschap van de Stichting RIONED, het bezoeken van beurzen en congressen en lidmaatschap van vakliteratuur.

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

5

.

3

Evaluatie planperiode

In dit hoofdstuk wordt de planperiode 2016 tot en met 2022 geëvalueerd. Dat wordt gedaan aan de hand van de doelen, ambities en maatregelen die in hoofdstuk 2 zijn beschreven. Beoordeeld wordt in hoeverre de gemeente de afspraken zoals die in het vigerende vGRP zijn vastgelegd heeft weten te realiseren.

3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat de evaluatie van het vGRP over de planperiode 2016 – 2022. Het vGRP had een looptijd van 5 jaar over de periode 2016 – 2020. In 2019 heeft de gemeente besloten om het vGRP te verlengen met 4 jaar tot en met 2024. Redenen voor de verlenging waren: 

In afwachting toentertijd van de inwerkingtreding van de Omgevingswet, waarin de verplichting tot het opstellen van een vGRP komt te vervallen, is besloten geen nieuw vGRP op te stellen. Het beleid ten aanzien van stedelijk water zou dan direct worden opgenomen in de verplicht op te stellen Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het Omgevingsprogramma;

Er was geen directe noodzaak om de doelen, ambities en maatregelen bij te stellen.

Echter de inwerkingtreding van de Omgevingswet is verschillende malen uitgesteld. De recent vastgestelde inwerkingtreding van de omgevingswet is 1 januari 2024. Naar aanleiding hiervan heeft de gemeente besloten om in plaats van een vGRP een Water- en rioleringsprogramma op te stellen. Allereerst wordt in paragraaf 3.2 ingegaan op het algemene beeld in hoeverre de gemeente aan zijn gemeentelijke watertaken en bijbehorende ambities heeft voldaan. In de paragrafen daarna wordt meer specifiek ingegaan op de afzonderlijke doelen, ambities en maatregelen die de gemeente zich had voorgenomen in het vGRP 2016-2020. Afgesloten wordt met een evaluatie van de financiën.

3.2

Algemene evaluatie

Op basis van de jaarlijkse evaluatie die wordt uitgevoerd, kan in het algemeen worden gesteld dat de gemeente in de afgelopen planperiode voldaan heeft aan haar gestelde doelen en ambities. Sinds 2020 hanteert de gemeente scorekaarten om dit visueel in een oogopslag inzichtelijk te maken. Voor de periode van 2016 tot en met 2019 is met terugwerkende kracht een score vastgesteld per functionele eis en maatstaf. De navolgende scorekaarten geven een vertaling van de score per functionele eis naar de vier vragen: 

Doen we de goede dingen?

Doen we de dingen goed?

Doet het systeem wat het kan?

Kan het systeem wat het moet?

In de bijlage is de scorekaart opgenomen, waarin de score per maatstaf is weergegeven.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

6

.

C G D

Er wordt aan voldaan Er zijn acties uitgezet om te gaan voldoen Er wordt niet aan voldaan / acties nog inzetten

Doen we de goede dingen? * voldoen aan de wet/beleidsafspraken * nakomen van afspraken * doelmatig * duurzaam 2016

2017

2018

2019

2020

Doen we de dingen goed? * veilig * kostenefficiënt * beheersbaar * prestatiegericht 2021

2022

C C C C C C C Doet het systeem wat het kan? * onder normale omstandigheden * onder extreme omstandigheden

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

C C C C C C G

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

C G C C C C C Kan het systeem wat het moet * aanbod op de RWZI * ondergrondse afvoercapaciteit * bovengrondse verwerkingscapaciteit * vuilemissie * ontwateringsniveau 2016 2017 2018 2019 2020

2021

2022

C C C C C C C

Ondanks dat de gemeente de gemeentelijke watertaken goed uitvoert, wordt er nog wel een knelpunt ervaren in de beschikbaarheid van mensen om de gewenste werkzaamheden uit te voeren. De focus ligt momenteel nog veel op het niveau van het operationele beheer en onderhoud, waardoor er onvoldoende aandacht kan worden besteed aan meer strategische/tactische niveau. In 2022 is gestart met het in beeld brengen van hoe de gemeente meer risico-gestuurd het stedelijk watersysteem kan gaan beheren. In dat kader is er o.a. gewerkt aan de opzet van een beoordelingskader voor risicogestuurd beheer. De verwachting is dat dit nog kennis, effectiviteit en/of (daaraan verbonden) besparingen kan opleveren.

3.3

Evaluatie doelen en ambities stedelijk afvalwaterzorgplicht

Honderdzevenendertig percelen binnen het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt, zijn voorzien van een Individuele Behandeling Afvalwater (IBA). De overige percelen zijn aangesloten op een vrijverval rioolstelsel of drukrioleringssysteem. Jaarlijks voert de gemeente preventief onderhoud en inspecties uit. Waar nodig worden riolen vervangen, gerelined of plaatselijk gerepareerd en gemalen gerenoveerd. Door middel van de hoofdpost wordt het functioneren van de gemalen en de pompunits van de drukriolering gemonitord. In geval van een storing krijgt de dienstdoende medewerker van de gemeente een melding en neemt deze gericht actie om de storing op te lossen. Daarnaast is er een meldingenregistratiesysteem, waarin meldingen van afvoerproblemen worden geregistreerd. Zodra een melding binnenkomt wordt hierop actie ondernomen. Op deze wijze waarborgt de gemeente de inzameling en transport van stedelijk afvalwater.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

7

.

De doelen en ambities voor stedelijk afvalwater, zoals verwoord in paragraaf 2.1, zijn in het vGRP vertaald naar zeven functionele eisen en aan deze functionele eisen zijn maatstaven gekoppeld. Uit de evaluatie komen de volgende aandachtspunten naar voren: 

Uit het in 2022 opgestelde Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW), blijkt dat het stedelijk watersysteem tijdens neerslagsituaties niet op alle locaties voldoet. Er wordt bij de maatgevende toetsbui water-opstraat berekend. Dit was op voorhand niet verwacht, omdat naar aanleiding van de vorige hydraulische toets in 2010 van het rioleringssysteem maatregelen zijn genomen om wel te voldoen. Na analyse van de berekeningsresultaten uit 2010 en het vergelijken daarvan met de berekeningsresultaten uit 2022 bleek dit het gevolg te zijn van zetting van de bodem. Om weer te voldoen aan de eisen zijn maatregelen aan het rioleringssysteem noodzakelijk. Daarnaast dient nagedacht te worden over hoe om te gaan met toekomstige zettingen. De verwachting is dat na uitvoeren van de maatregelen om te voldoen aan de eisen, zonder rekening te houden met toekomstige zettingen, over 20 à 25 jaar weer de kans bestaat dat het rioleringssysteem hydraulisch niet voldoet. Er zijn inmiddels acties uitgezet om dit te verbeteren;

In 2019 was er een aandachtspunt met betrekking tot de vervuilingsgraad van de riolering. Op verschillende locaties werd als gevolg daarvan drie keer per jaar het riool gereinigd. Er zijn enkele locaties bij de gemeente in beeld waar, door beperkt verval, verzonken berging, ongunstige overgang van leidingdiameters of de grotere vuillast, zich meer vuil ophoopt dan in de rest van het rioleringssysteem. Hierop is actie ondernomen door de probleemlocaties in beeld te brengen en dit fenomeen planmatig aan te gaan pakken. Hierbij is ook bepaald welk deel van het riool echt noodzakelijk is om te reinigen en met welke frequentie dit preventief uitgevoerd kan worden. De preventieve reiniging wordt nu gecombineerd uitgevoerd met de reiniging van de gemalen. Waar nodig zijn aanvullende maatregelen getroffen. In de Rozemarijn en de Wilgenlaan in Schipluiden en Boterkamp in Maasland is een doorspoelsysteem aangebracht en in de Meester Postlaan in Maasland is de riolering gereconstrueerd. Daarnaast heeft de gemeente bij de bewoners onder de aandacht gebracht wat er wel en niet mag worden geloosd op het riool. Op alle locaties was er sprake van dat er veel doekjes door het toilet werden gespoeld;

De actualiteit, betrouwbaarheid, compleetheid en toegankelijkheid van de beheergegevens verdiende de afgelopen jaren aandacht. Van diverse persleidingen is onbekend wat de diameter is. Oorzaak daarvan zijn onvoldoende duidelijke revisiegegevens van de persleidingen. Momenteel wordt door middel van (veld)onderzoek de diameter van de persleiding vastgesteld en verwerkt in het rioolbeheersysteem. Naar verwachting is eind 2023 van alle persleidingen de diameter bekend. Gelijktijdig worden ook alle centrale voedingskasten en voedingsleidingen meegenomen;

De uniformiteit en uitwisselbaarheid van de beheergegevens verdiend nog de nodige aandacht. Hierbij zal de gemeente aansluiten bij het Gegevenswoordenboek Stedelijk Water (GWSW). Hierbij is de gemeente wel afhankelijk van derden die softwareapplicaties bouwen die GWSW-proof zijn. De gemeente volgt in dit geval het NAD, omdat er in NAD verband acties lopen ten aanzien van uniformiteit en uitwisselbaarheid;

Zoals in paragraaf 3.2 al verwoord, zijn er nog zorgen over de beschikbaarheid van de mensen die de gemeentelijke watertaken kunnen invullen. Momenteel is er in de binnendienst 1,6 fte beschikbaar en in de buitendienst is er 3,3 fte beschikbaar om de gemeentelijk watertaken te kunnen uitvoeren. Dit aantal fte’s wordt nu vooral ingezet op het operationele niveau. In overeenstemming met de inventarisatie van de gemeente in 2020, zou voor de binnendienst 1,9 fte benodigd zijn en voor de buitendienst 3,5 fte. Dit resulteert erin dat in de huidige praktijk de focus vooral ligt op het operationele niveau en dat er te weinig aandacht kan worden gegeven aan het strategisch/tactisch niveau. In het vGRP was de ambitie uitgesproken om juist meer aandacht te besteden aan het strategisch/tactisch niveau.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

8

.

3.4

Evaluatie doelen en ambities hemelwaterzorgplicht

De gemeente beschikt over hemelwatervoorzieningen om het overtollige hemelwater af te voeren naar het oppervlaktewater. In het verleden werd dit meestal in de vorm van hemelwaterriolering uitgevoerd. De laatste jaren wordt waar mogelijk ingezet op het vasthouden, bergen en pas daarna afvoeren van hemelwater. Voorbeelden van voorzieningen die nu in de gemeente zijn toegepast om het hemelwater vast te houden en te bergen zijn: 

Wadi’s;

Grasbetontegels;

Greppels;

Aquaflow (waterberging in het wegcunet).

Om het overtollige hemelwater in voornoemde voorzieningen te krijgen, wordt bekeken of dit zonder hemelwaterriolen kan, door bijvoorbeeld oppervlakkige afstroming van de rijbaan naar de voorziening toe of met lijngoten. Dit is duurzamer dan de aanleg van hemelwaterriolen. De doelen en ambities voor hemelwater, zoals verwoord in paragraaf 2.1, zijn in het vGRP vertaald naar zeven functionele eisen en aan deze functionele eisen zijn maatstaven gekoppeld. Uit de evaluatie komen de volgende aandachtspunten naar voren: 

Uit het in 2022 opgestelde Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW), blijkt dat het stedelijk watersysteem tijdens neerslagsituaties niet op alle locaties voldoet (er wordt bij de maatgevende toetsbui water-opstraat berekend). Dit was op voorhand niet verwacht, omdat naar aanleiding van de vorige hydraulische toets in 2010 van het rioleringssysteem maatregelen zijn genomen om wel te voldoen aan de eisen. Na analyse van de berekeningsresultaten uit 2010 en door die te vergelijken met de berekeningsresultaten uit 2022 bleek dit het gevolg te zijn van zetting van de bodem. Om weer te voldoen aan de eisen zijn maatregelen aan het rioleringssysteem noodzakelijk. Daarnaast dient nagedacht te worden over hoe om te gaan met toekomstige zettingen. De verwachting is dat na uitvoeren van de maatregelen om te voldoen aan de eisen er, zonder rekening te houden met toekomstige zettingen, over 20 à 25 jaar weer de kans bestaat dat het rioleringssysteem hydraulisch niet voldoet. Er zijn inmiddels acties uitgezet om dit te verbeteren;

Binnen de gemeente was niet bij alle afdelingen die hier belang bij hebben voldoende aandacht voor klimaatverandering en bodemdaling. De afgelopen planperiode is hier meer aandacht voor gekomen en heeft dit geresulteerd in de klimaatadaptatiestrategie voor de gemeente Midden-Delfland. Een vervolg geven aan deze klimaatadaptatiestrategie is nog wel een aandachtspunt en is nog niet vanzelfsprekend binnen de gemeentelijke organisatie.

3.5

Evaluatie doelen en ambities grondwaterzorgplicht

De gemeente beschikt over een grondwatermeetnet om de grondwaterstanden te kunnen monitoren. Uit een analyse van de grondwaterstanden blijkt, dat er in Maasland bij vijf peilbuizen en in Schipluiden bij één peilbuis een gemiddeld hoogste grondwaterstand is gemeten van minder 0,5 m onder maaiveld. Hierdoor wordt de nagestreefde ontwateringsdiepte niet gehaald. Er zijn geen meldingen van grondwateroverlast bekend, waardoor de gemeente geen verder actie heeft ondernomen. De gemeente beheert zelf geen grondwatervoorzieningen, waardoor er geen beheer en onderhoud van dergelijke voorzieningen nodig is.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

9

.

3.6

Evaluatie maatregelen

In paragraaf 2.2 is een opsomming gegeven van de maatregelen die de gemeente zich had voorgenomen te nemen in de afgelopen planperiode. Deze maatregelen komen voort uit de doelen en ambitie die de gemeente zichzelf heeft gesteld. Ten aanzien van de investerings- en onderhoudsmaatregelen zijn deze al aan de orde gesteld in de voorgaande paragrafen. Als deze maatregelen niet uitgevoerd zouden zijn, dan zou het waarborgen van het functioneren van de afvalwater- en hemelwatervoorzieningen in het geding komen.

3.6.1

Onderzoeksmaatregelen

Ten aanzien van de onderzoeksmaatregelen volgt uit de evaluatie het volgende: 

De kortere levensduur van diverse drukrioleringspompen is in de planperiode onderzocht. De oorzaak van een kortere levensduur was een afwijkend lozingspatroon en/of samenstelling van het afvalwater. Voor deze situaties is een maatwerkoplossing toegepast. Dit hield in dat de waaier in de pomp is vervangen door een waaier van een andere materiaalsoort of dat er een ander merk drukrioleringspomp is toegepast die beter bestand is tegen dit afwijkende lozingspatroon en de werkelijke samenstelling van hetafvalwater. In de afgelopen planperiode is wel geconstateerd dat de levensduur van de printplaten in de elektronische installatie van de (mini)gemalen soms erg kort zijn ten opzichte van wat verwacht mag worden. Oorzaak zijn kortstondige stroompieken die kunnen optreden bij stroomstoringen. Het levert extra kosten op om deze printplaten te vervangen door nieuwe exemplaren;

De meetdata is in 2017 en in 2022 geanalyseerd en vergeleken met de berekeningsresultaten uit het rioleringsmodel. Hierbij is geconstateerd, dat het rekenmodel voor de kernen Maasland en Schipluiden de waterstanden overschat ten opzichte van wat in de praktijk wordt gemeten. In de kern Den Hoorn is dit wisselend. De ene keer overschat het model de waterstanden en de andere keer onderschat deze juist de waterstanden ten opzichte van wat in de praktijk wordt gemeten. Daarnaast is geconstateerd, dat er sprake is van een significant aandeel rioolvreemd water in het afvalwater tijdens droogweersituaties. In de kernen Maasland en Schipluiden is waarschijnlijk de bron instroom van grondwater. Voor de kern Den Hoorn was niet op basis van de meetdata met zekerheid een bron aan te wijzen. Op gemeentelijk niveau is het aandeel rioolvreemd water significant, maar als op zuiveringskringniveau wordt gekeken, dan is het aandeel rioolvreemd water in volume beperkt.Hier door zijn er niet direct maatregelennoodzakelijk. Intussen heeft de gemeente de belangrijkste bron van rioolvreemd water in de kern Den Hoorn opgespoord. Het bleek dat de overstortdrempel in de Molenwerf te laag was, waardoor bij een geringe peilstijging in het oppervlaktewater, oppervlaktewater via de overstort het rioolstelsel instroomde. Er is actie ondernomen om dit in de toekomst te voorkomen;

De Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netwerken (WION) is op 1 april 2018 vervangen door de Wet Informatie-uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten en Netwerken (WIBON). Deze nieuwe wet verandert niets aan het op tijd verwerken en op orde brengen en houden van de beheergegevens. De gemeente verwerkt de revisies van de uitgevoerde rioleringswerkzaamheden regelmatig om de beheergegevens actueel te houden. Verder is de gemeente momenteel bezig om de ontbrekende gegevens over de afmeting van de persleidingen in beeld te brengen en deze te verwerken in de beheergegevens. Het streven is om eind 2023 dit op orde te hebben;

Door middel van de hoofdpost gemalen wordt gemonitord of er oneigenlijke aansluitingen (lozing van regenwater) op de drukriolering aanwezig zijn. Als dit het geval is treedt de gemeente handhavend op;

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

10

.

Ieder jaar worden de klachten en meldingen met betrekking tot de afvalwater-, hemelwater- en grondwaterzorgplicht geanalyseerd. In 2020 zijn er in de categorieën ‘Gemaalstoring’ meer meldingen geweest. De stijging heeft te maken met meer doekjes en vuil in de pompen tijdens decoronapandemie in Nederland. Ondanks de landelijke stijging van grondwaterproblemen, is er binnen de gemeente geen stijging te zien van klachten of meldingen in deze categorie. In 2021 en 2022 zijn er meer meldingen in de categorie ‘Overig’. Dit zijn grotendeels meldingen geweest van verzakkingen in straatwerk bij kolken. Bij afhandeling bleek echter dat de kolken bijna altijd nog in orde waren. Lastigheid zit in de juiste formulering en categorisering van de meldingen. Hierin is wel een slag geslagen, maar 100% helder en uniform blijft lastig, omdat van de burger niet kan worden verwacht dat deze voldoende kennis heeft om goed te duiden of de melding betrekking heeft op riolering of op bijvoorbeeld bestrating. Het aantal meldingen over water-op-straat bij hevigere regenbuien is toegenomen. Door de klimaatverandering komt dit steeds vaker voor;

In 2022 is een nieuw Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW en voorheen BRP’s) opgesteld. Deze onderzoeksmaatregel is als extra inspanning uitgevoerd na verlenging van het vGRP.

3.6.2

Beleidsmatige activiteiten

Ten aanzien van de beleidsmatige activiteiten volgt uit de evaluatie het volgende: 

In 2021 heeft de gemeente een nieuwe aansluitverordening riolering vastgesteld. Hierin is opgenomen dat een aansluitvergunning kan worden geweigerd als er sprake is van spoelwater van Warmte-koude opslaginstallaties (WKO) of gelijkwaardige installatie die een hoge concentratie chloride of natrium bevatten;

Ieder jaar stelt de gemeente een Operationeel Programma (OP) riolering op, waarin staat vermeld wat er het afgelopen jaar is uitgevoerd en welke onderzoeken en maatregelen in het voorliggende jaar uitgevoerd gaan worden;

De gemeente heeft in de planperiode actief deelgenomen aan de Optimalisatie Afvalwatersysteem Studie (OAS) De Groote Lucht, Delft en Harnaschpolder;

De OAS De Groote Lucht is in 2022 afgerond. OAS De Groote Lucht heeft getoond dat er grote meerwaarde zit in de samenwerking doordat er vanaf het begin personele capaciteit en financiën beschikbaar zijn geweest, zowel vanuit de OAS als vanuit de deelnemende partijen. De samenwerking wordt dan ook voortgezet als waterketenteam (onderdeel van het nieuwe bestuursakkoord NAD), met als doel om projecten te blijven (co-)financieren die bijdragen aan het verbeteren van de regionale (afval)waterstructuur, waarbij de invloeden van het klimaat, waterkwaliteit, droogtebestrijding, zoetwatervoorziening, etc. worden meegenomen voor de verbetering van de leefomgeving binnen de zuiveringskring;

De OAS Delft heeft geleid tot het implementeren van een calamiteitensturing in 2016 om de vuilemissie vanuit de riolering naar het oppervlaktewater te verminderen. De gemeente blijft de werking en het functioneren van de calamiteitensturing volgen;

De OAS Harnaschpolder is in 2018 gestart. Hiermee wordt een vervolg gegeven aan de NADsamenwerkingsafspraken. In 2022 is de integrale modelstudie voor het rioleringssysteem afgerond. Met deze modelstudie is er praktisch inzicht in de werking van de riolering. Met deze modelstudie zijn vervolgens stresstesten uitgevoerd om kwetsbaarbare locaties voor wateroverlast beter in beeld te krijgen. Uit de modelstudie blijkt dat bij extreme neerslagsituatie de waterstanden in het oppervlaktewater zodanig kunnen stijgen, dat terug stuwing bij de overstorten kan optreden dat tot extra wateroverlast kan leiden;

Indien oneigenlijke aansluitingen op de riolering worden geconstateerd, wordt hier door de gemeente handhavend opgetreden. Hierbij ligt de focus vooral op het buitengebied;

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

11

.

Daar waar nodig heeft de gemeente doelgerichte communicatie toegepast om meer bewustzijn te creëren over ‘juist rioolgebruik’. In de praktijk mag dit nog wel meer en bewuster aandacht krijgen en is besproken met de afdeling communicatie (ze zijn er mee bezig). Arbeidsmigranten zijn gewend anders om te gaan met het gebruik van de riolering dan hier in Nederland gebruikelijk is. Als hier gericht actie op wordt ondernomen dan treedt er verbetering op. Dit is in de situatie met een drukrioleringssysteem, waarbij duidelijk is welke mensen je hierop aan moet spreken. Voor wijken met veel inwoners met een vrijverval rioolsysteem is het lastiger om de mensen hier één op één op aan te spreken;

Door risicogestuurd beheer liggen er kansen voor verdieping van kennis, verhoging van effectiviteit en daarmee verbonden besparingen/resultaten. Dit betreft ook resultaten die niet altijd in geld zijn uit te drukken. Tot op heden heeft de beheerorganisatie vooral invulling gegeven aan risicosturing op operationeel niveau en vaak gebaseerd op gevoel dat werd geleid door persoonlijke systeemkennis en praktijkervaring. Sinds 2022 werkt de gemeente stapsgewijs aan het structureren en objectiveren van risico-gestuurd beheer. Als eerste stap in het proces zijn er zichtlijnen aangebracht/gemarkeerd waarmee beleid en operationele plannen en werkzaamheden met elkaar in lijn kunnen worden gebracht. Daarna is er gewerkt aan een opzet voor een beoordelingskader waarin bestuurlijke keuzes stapsgewijs uitgewerkt worden in concrete en praktisch toepasbare keuzes. In 2023 zal hieraan verder worden gebouwd en is de doelstelling om een plan te creëren waarmee gebieden naar een eigen risicoprofiel kunnen worden beheerd, onderhouden of uitgebreid en verbetermaatregelen in een risicogestuurde prioriteit kunnen worden uitgevoerd;

3.7

Financiële evaluatie

Voor het bekostigen van de gemeentelijke watertaken mag de gemeente een rioolheffing innen. In het vGRP is een financiële onderbouwing (kostendekkingsplan) opgenomen en is beschreven wat de rioolheffing moet zijn om kostendekkend te zijn. In het afgelopen decennium heeft de gemeente kosten kunnen besparen op rioolvervanging, door het toepassen van een nieuwe (innovatieve) techniek (relinen) om de levensduur van de riolering te kunnen verlengen. Ook het voortschrijdend inzicht in de kwaliteit van de riolering, waardoor bleek dat sommige riolen nog niet vervangen hoefden te worden, heeft ertoe geleid dat gedurende de planperiode geen tariefstijging is doorgevoerd. Door wijzigingen in de wijze van toerekening renteomslag1 en daarmee samenhangende lagere rekenrente van 0% (was 3%) is besloten om vanaf 2022 het tarief te verlagen. In tabel 3-1 is de ontwikkeling van het tarief gedurende de planperiode weergegeven. Een andere wijziging die heeft geleid tot een lagere rioolheffing is de wijze van toerekening van de BTW. In het vGRP 2016-2020 is ervan uitgegaan dat de BTW werd toegerekend aan de kosten voor de gemeentelijke watertaken en werd daardoor meegenomen in de rioolheffing. Echter in de praktijk bleek dat dit niet zodanig werd toegepast en de BTW werd betaald uit de algemene middelen.

Dit betekende dat de gemeente meer geld inde via de rioolheffing dan benodigd is om kostendekkend te blijven.

1

Conform de nieuwe regels van de Commissie BBV (Besluit Begroting en Verantwoording)

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

12

.

Tabel 3-1: Rioolheffing Jaar

Tarief

2016

€ 274,20

2017

€ 227,64

2018

€ 227,64

2019

€ 227,64

2020

€ 227,64

2021

€ 227,64

2022

€ 209,40

2023

€ 209,40

De gemeente beschikt over een egalisatievoorziening riolering om grote toekomstige vervangingsinvesteringen (vervangingspiek) op te kunnen vangen. Door op voorhand te sparen voor deze investeringen, wordt voorkomen dat de rioolheffing in de betreffende jaren met grote investeringen ineens fors moet stijgen ten opzichte van het voorgaande jaar. Door middel van een kostendekkingsplan is geraamd hoe het verloop van het saldo van deze egalisatievoorziening naar verwachting zal zijn over een periode van 60 jaar. Deze 60 jaar is de gemiddelde technische levensduur van de riolering en bij het toepassen van een egalisatievoorziening dient dan over 60 jaar het saldo van de voorziening weer € 0 te zijn. In die situatie is er sprake van een kostendekkende rioolheffing op de langere termijn. Bij het opstellen van het vGRP 2016-2020 is een kostendekkingsplan opgesteld en in 2021 is het kostendekkingsplan geactualiseerd. Op basis van de begroting van 2023 is de verwachting dat het saldo van de egalisatievoorziening op 1 januari 2023 € 7.425.256,-- bedraagt. In het kostendekkingsplan uit 2021 was de stand voor de egalisatievoorziening geraamd op € 7.354.130,-- per 1 januari 2023. Dit betekent dat de kosten van de gemeentelijke watertaken hoger waren dan van tevoren ingeschat.

De oorzaak zijn de flinke prijsstijgingen in de afgelopen jaren in combinatie met lagere inkomsten door de tariefsverlaging. Voor het nieuwe vGRP 2024-2030 wordt aanbevolen om het kostendekkingsplan te actualiseren, waarbij rekening wordt gehouden met de inflatie van het afgelopen jaar en de stijging van de rente over leningen.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

13

.

4

Conclusie en aanbevelingen

In dit hoofdstuk wordt uitgaande van de evaluatie van de planperiode 2016-2022 en de in hoofdstuk 3 beschreven bevindingen beschreven welke restopgave er (nog) ligt en welke taken (op)nieuw een plaats moeten krijgen in het nieuwe vGRP. Dit betreft ook zaken die meer aandacht moeten krijgen.

4.1

Inleiding

De voorliggende rapportage beschrijft de in maart 2023 uitgevoerde eindevaluatie op het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Midden-Delfland 2016-2020, inclusief de verlenging hiervan tot 2024. In dit rapport zijn de doelen, ambities en maatregelen die de gemeente zichzelf heeft gesteld getoetst aan hoe de gemeente hier invulling aan heeft gegeven tijdens de planperiode van 2016 tot en met 2022. Uit deze evaluatie zijn aandachtspunten gedestilleerd die een plaats moeten krijgen in het nieuwe vGRP 2024-2030. Als belangrijkste conclusie uit de evaluatie geldt dat de gemeente aan het grootste deel van de doelen, ambities en maatregelen die in het vGRP 2016-2022 zijn beschreven een goede invulling heeft gegeven. De gemeentelijke watertaken zijn op een beheerste, transparante en zorgvuldige wijze uitgevoerd en hebben geleid tot een doelmatig functioneren van het stedelijke watersysteem en weinig overlast situaties.

4.2

Aandachtspunten naar aanleiding evaluatie

Uit de eindevaluatie volgen de volgende aandachtspunten: 

Uit het Systeemoverzicht Stedelijk Water komen nog knelpunten naar voren in het functioneren van het stedelijk watersysteem. Het hydraulisch functioneren van het stedelijk watersysteem voldoet niet aan de functionele eisen die de gemeente daaraan stelt. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de toekomstige zetting van de bodem;

Uit de modelstudie OAS Harnaschpolder komt naar voren, dat bij de overstorten terug stuwing kan optreden bij extreme neerslagsituaties als gevolg van peilstijgingen in het oppervlaktewater. Dit kan leiden tot extra wateroverlast in bebouw gebied;

In de afgelopen planperiode is er binnen de gehele gemeentelijke organisatie meer aandacht gekomen voor klimaatverandering. Dit heeft geleid tot een “Klimaatadaptatiestrategie”. Een vervolg geven aan deze klimaatadaptatiestrategie is nog geen vanzelfsprekendheid, maar is wel noodzakelijk om adequaat voorbereidingen te treffen richting een ‘toekomstbestendige’ situatie;

Voldoende beschikbaarheid van mensen met de benodigde kennis (voldoende fte’s). Hierdoor ligt de focus binnen de gemeentelijke organisatie voor wat betreft de gemeentelijke watertaken vooral op het operationele niveau en nog onvoldoende op het strategische/tactische niveau;

De communicatie verdient meer en bewuster aandacht dan nu het geval is. De focus ligt nu vooral op het buitengebied (drukrioleringssysteem);

De kostendekkendheid van het tarief van de rioolheffing op de langere termijn blijft aandacht verdienen, zeker door de onzekere tijden en de hoge inflatie in combinatie met lagere inkomsten door verlaging van het tarief van de rioolheffing.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

14

.

4.3

Aanbevelingen op basis van evaluatie

Aanbevolen wordt om in het nieuwe vGRP de volgende punten een plaats te geven: 

Hoe om te gaan met toekomstige zettingen in relatie tot de hydraulische afvoercapaciteit van het stedelijk watersysteem. Door ongelijkmatige zettingen neemt in de loop van de tijd de afvoercapaciteit af op diverse locaties, omdat er minder opstuwing in het systeem mogelijk is. Het risico is hierdoor dat op deze locaties eerder of opnieuw water-op-straat kan komen te staan. Als dit binnen de technische levensduur van de riolering plaatsvindt, kan dit betekenen dat de riolering eerder vervangen moet worden dan gepland. Ook bestaat het risico dat levensduurverlenging door relinen dan minder vaak mogelijk is dan nu het geval is. Kortom dit brengt een extra risico van kostenverhogingen met zich mee;

Het gesignaleerde extra risico op wateroverlast als gevolg van terug stuwing bij de overstorten door te hoge waterstanden in het oppervlaktewater is gebaseerd op een modelstudie. De vraag is in hoeverre dit risico zich zal manifesteren in de praktijk. Het meten en monitoren van de overstorten, waarbij ook het oppervlaktewaterpeil wordt meegenomen, zal beter grip gaan geven op dit risico;

Een vervolg geven aan de klimaatadaptatiestrategie is nog geen vanzelfsprekendheid. Onlangs is wel een nieuwe medewerker gestart binnen de gemeentelijke organisatie die hiermee aan de slag zal gaan. Belangrijk blijft om vanuit het taakveld stedelijk water binnen de organisatie aandacht hiervoor te blijven vragen om klimaatadaptie structureel ingebed te krijgen in de gemeentelijke organisatie en de initiatieven die (daarin) worden ontplooid;

De gevolgen van de klimaatverandering (meer kans op wateroverlast, hitte en droogte) zal tot aanpassingen leiden, die gerealiseerd moeten worden. Ook de energietransitie zal leiden tot de nodige aanpassingen. Een deel daarvan zal plaatsvinden in de openbare ruimte. Dit zorgt voor complexere projecten, maar biedt ook zeker kansen om mee te liften op deze projecten om werk met werk te kunnen maken. Dit vergt een goede afstemming vanaf een vroeg stadium om alle kansen te kunnen benutten. Dit betekent dat er meer formatie benodigd is op strategisch/tactisch niveau. Aanbevolen wordt om hiermee rekening te houden bij het vaststellen en invullen van de benodigde formatie voor de gemeentelijke watertaken. De nieuwe “Formatiescan” van Stichting RIONED kan hierbij een hulpmiddel zijn;

Door de geopolitieke ontwikkelingen in 2022 en 2023 is er momenteel sprake van meer inflatie dan in het afgelopen decennium. Ook de rente stijgt hierdoor weer sinds jaren. Dit heeft gevolgen voor de kostendekkendheid van het tarief van de rioolheffing. Aanbevolen wordt om het kostendekkingsplan op basis van de nieuwe ontwikkelingen maar ook met voldoende perspectief te actualiseren, zodat een goed onderbouwde keuze kan worden gemaakt over het tarief van de rioolheffing voor de komende planperiode;

Communicatie over de plichten van de burgers ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater verdient meer en bewuster aandacht. In samenspraak met de afdeling communicatie dient bepaald te worden hoe hier beter en effectiever gecommuniceerd kan worden.

4.4

Overige aanbevelingen

Op 14 maart 2023 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de Omgevingswet. Deze zal per 1 januari 2024 in werking treden. Hierbij komt de verplichting voor het opstellen van een verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan te vervallen. Het blijft wel belangrijk om het beleid ten aanzien van de gemeentelijke watertaken vast te leggen in de verplicht op te stellen Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het Omgevingsprogramma. Als onderliggend document op deze Omgevingsvisie, -plan en -programma wordt aanbevolen om het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan om te dopen tot een “Water- en rioleringsprogramma” (Wrp). Dit Wrp gaat dan dieper in op de beleidskeuzes en de dienstverlening die aan de burgers wordt geboden dan in de Omgevingsvisie zelf.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

15

.

Met het bijbehorende toetsingskader van doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden, de te nemen maatregelen en de benodigde middelen is het Wrp in feite een assetmanagementplan conform de ISO 55000. Naast deze aandachtspunten en aanbevelingen wordt gesteld dat de gemeentelijke beheerorganisatie de watertaken goed uit kan voeren. Als gevolg daarvan geldt dat het grootste deel van de gemeentelijke watertaken op dezelfde wijze kan worden voortgezet zoals deze in de afgelopen jaren zijn uitgevoerd.

10 augustus 2023

EVALUATIE VGRP

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

16

Appendix Scorekaart functionele eisen en maatstaven

.

10 augustus 2023

APPENDIX SCOREKAART FUNCTIONELE EISEN EN MAATSTAVEN

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0001

A1

Appendix 5 Visie Netwerk Waterketen Delfland

Open

1

Visie Netwerk Waterketen Delfland

1.1

Kwaliteit: klimaatadaptatie en duurzaam omgaan met water

Als NAD-gemeenten en Hoogheemraadschap van Delfland zijn een aantal thema’s gekozen waaraan gezamenlijk en individueel op de korte- en lange termijn kan worden samengewerkt en waarbij onze inspanningen elkaar zullen versterken. Per thema zijn speerpunten benoemd die in hoofdstuk 6 (strategie) nader worden uitgewerkt. Onder het thema kwaliteit “klimaatadaptatie en duurzaam omgaan met water” wordt ons water en onze watersystemen in het middelpunt gesteld. Samenwerken aan water. Speerpunten daarin zijn: Waterveiligheid Onze visie: Waterveiligheid is een eis bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming. Waterveiligheid resulterend in meerlaagsveiligheid is een primaire voorwaarde voor een goede en veilige leefomgeving en maakt het benutten van economische kansen mogelijk. Waterveiligheid wordt preventief geregeld door sterke dijken en kaden. Onze strategie: 

Er wordt gezocht naar robuuste (ruimtelijke) oplossingen voor de waterkeringen in o.a. de cultuurhistorische binnensteden;

Schade beperken door overstromingen door water robuust te bouwen met oog op meerlaagse veiligheid op lange termijn;

Innovatieve manieren van dijk en kadeversterking dragen bij aan de haalbaarheid van een hoger veiligheidsniveau;

Veiligheid van veendijken krijgt speciale aandacht;

Schade beperken door overstromingen in geval doorbreken van primaire of regionale waterkeringen door water robuust te bouwen met oog op meerlaagse veiligheid op lange termijn;

De na te streven veiligheidsniveau ’s van regionale keringen worden heroverwogen in relatie tot de veranderde bestemming van het achterland;

In de droogmakerijen zal de grondwaterdruk en de verzilting toenemen.

Zoetwatervoorziening in relatie tot droogte Onze visie Er is voldoende zoet water nodig om verdroging tegen te gaan en om de maatschappelijke, economische en ecologische functies te waarborgen. Door klimaatontwikkeling worden droge perioden steeds langer en komen vaker voor. Daarom wordt zuiniger met ons zoete water omgegaan. Door meer zoet water in ons gebied vast te houden in plaats van het snel af te voeren naar zee. Onze strategie In de ruimtelijke planvorming dragen ontwikkelingen positief bij aan de hoeveelheid zoet water in het gebied. Droogte wordt bestreden door het vasthouden van water: 

Het benutten van hemelwater dat in een gebied valt voor periodes van droogte, door dit waar mogelijk (ondergronds) te bergen en her te gebruiken. Het vergroten-benutten waar dat mogelijk is van de sponswerking van de stad. Op specifieke locaties wordt het grondwater aangevuld uit het oppervlaktewater om daardoor te lage grondwaterstanden tegen te gaan.

10 augustus 2023

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002

A23

Open

Hiermee wordt geborgd dat er voldoende water is voor groen, beperken we hittestress en worden houten paalfunderingen beschermd; 

Zoetwater zo lang mogelijk vasthouden, door het in het gebied te circuleren;

Het beter laten aansluiten van de vraag naar zoetwater bij het aanbod van zoetwater, door hergebruik, zelfvoorzienendheid en besparing te stimuleren;

Het hergebruiken van het gezuiverde water uit de AWZI’s in de zoetwaterkringloop.

Extreme neerslag Onze visie Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming worden wateroverlast risico’s als gevolg van extreme neerslag gesignaleerd, geadresseerd en onder voorwaarden (gerelateerd aan de risicodialoog) geaccepteerd. Het streven is om wateroverlast door extreme neerslag in gebouwen en woningen te beperken tot een frequentie van eens in je leven. In aansluiting op de Europese Richtlijn Overstromingsrisico’s wordt hiervoor een herhalingstijd van 1x per 100 jaar gehanteerd in bestaand gebied. Bij stadsuitbreidingen ligt de ambitie hoger op eens per 1.000 jaar. Onze strategie Bij ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming voor bestaand stedelijk gebied blijven wateroverlast-risico’s minimaal gelijk en nemen bij voorkeur af. In dit kader en verwijzend naar meer groen in de stad, ruimte voor (infiltrerend) water, gezondheid, hittestress en minder materiaal gebruik (circulariteit) zal de ‘onthardingsopgave’ extra kracht bij worden gezet. 

Het stedelijke gebied en de openbare ruimte worden zodanig ingericht dat dit leidt tot meer ruimte voor water en infiltratie;

Het benutten en/of vergroten waar dat mogelijk is van de sponswerking van het bestaande bebouwde gebied door het vergroenen van daken, tuinen en openbare ruimte;

Het uitbreiden van de capaciteit van het boezemstelsel voor een betere berging en afvoer van overtollig water;

Het anticiperen op wateroverlast door ruimte te geven voor wateropvang en waterrobuust bouwen;

Het verlagen van de druk op het boezemstelsel tijdens extreme neerslag, door water in het boezemland te bufferen en overlast in het veenweidegebied onder voorwaarden te accepteren;

Door de bestaande bergingscapaciteit in de rioolstelsels zo optimaal mogelijk te benutten door slim te sturen.

Waterkwaliteit Onze visie Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen en planvorming wordt rekening gehouden met de ecologische- en fysische waterkwaliteit, zodat deze minimaal gelijk blijft en bij voorkeur kan verbeteren. Gestreefd wordt naar een goede waternatuur in daarvoor aangewezen wateren en een goede waterbeleving in de stad en het rondom aangewezen zwemwater. Onze strategie 

De lozingen vanuit de riolering op het oppervlaktewater zo ver mogelijk terugdringen. Hiermee wordt een toename van overstortingsvolumes door heftigere buien gecompenseerd en ruimte op de RWZI’s vrijgemaakt voor de woningbouwopgave. Dit wordt gedaan door af te koppelen waar dat technisch haalbaar en uitvoerbaar is. Zuurstofrijk regenwater ververst het oppervlaktewater en draagt zo bij aan een betere waterkwaliteit;

10 augustus 2023

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002

A24

Open

Het afstemmen van de gebruiksfuncties op de hoogst haalbare waterkwaliteit;

Het stimuleren van de aanleg van natuurvriendelijke oevers en het beperken van het aantal duikers, waardoor de zichtbaarheid van water wordt geoptimaliseerd.

Schoon en gezond water Vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) zijn ecologische en chemische doelen gesteld voor grotere wateren, de aangewezen ‘KRW-lichamen’. De kwaliteit van deze KRW-wateren is ook afhankelijk van de kwaliteit van de kleinere wateren, ‘overige wateren’ genoemd. In het netwerk ‘Schoon en gezond water’ werken Delfland met gemeenten en andere gebiedspartners samen aan de waterkwaliteit. Hitte Onze visie Het voorkomen van hittestress is niet onze primaire taak. Vanuit water en riolering wordt wel een bijdrage geleverd aan het beperken van hittestress waar dat doelmatig is. Onze strategie Het beperken van de risico’s veroorzaakt door klimaatverandering en ruimtelijke ontwikkelingen: 

Het veranderen van de omstandigheden in de stad door o.a. ontharden en planten van bomen in de openbare ruimte, het vergroenen van gebouwen en/of het stellen van eisen aan schaduwwerking om het hitte-eiland effect te beperken;

Het inzetten op meer oppervlaktewater en de aanplant van meer schaduwrijke bomen. Dit levert ook tijdens warme dagen een fijne leefomgeving op.

Bodemdaling Onze visie Door de verandering in denken van “het peil volgt de functie” naar “het functioneren aanpassen aan het peil “(in de binnensteden is aanpassen aan de nieuwe omstandigheden vaak het hoogst haalbare) worden zettingen/bodemdaling afgeremd. Vanuit water en riolering wordt bijgedragen waar dat doelmatig is aan het beperken van bodemdaling. Onze strategie Het signaleren van risico’s en het nemen van maatregelen om maatschappelijke schade door zetting/bodemdaling te voorkomen: 

Er wordt gestreefd naar een stabiel oppervlaktewaterpeil in de historische binnenstad en/of historische kernen om zettingen, verzakkingen, funderingsschade, en andere gevolgen van water onderlast en wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen;

Er wordt gestreefd naar gebied gerichte grondwaterpeilen om grondwater onderlast en overlast zoveel mogelijk te voorkomen;

Bij stedelijke vernieuwingen worden wijken geherstructureerd gevoelig zijn voor bodemdaling om schade aan woningen te beperken;

Het voorkomen, voor zover dat in onze gebieden mogelijk is, van de bouw van nieuwe wijken op plaatsen met een slappe bodem. Wanneer wordt gebouwd op een slappe bodem wordt dat gedaan op een bodemdaling bestendige manier.

10 augustus 2023

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002

A25

Open

1.2

Verminderen kwetsbaarheid van de organisatie

Onze visie Onder het thema verminderen van de kwetsbaarheid van de organisatie stellen de samenwerkende organisaties zich dienstbaar op ten aanzien van water, de burger en naar elkaar. Het NAD is een netwerkorganisatie die steeds inniger gaat samenwerken als ware het één organisatie. De verstrengeling met gemeenten en hoogheemraadschap is en blijft voorlopig zodanig noodzakelijk om de visie te realiseren dat het NAD een hybride organisatie blijft die is opgebouwd vanuit de gemeentelijke, hoogheemraadschaps- en drinkwaterbedrijfsorganisaties. Onze strategie De strategie geeft aan hoe de kwetsbaarheid van de afzonderlijke organisaties willen verminderen. Speerpunten daarin zijn: 

Het zorgen voor draagvlak binnen de organisaties, voldoende kennis, personele capaciteit en competenties om dit aan te pakken;

Partijen geven ruimte om te komen tot de maatschappelijk meest gewenste oplossingen; organisatiegrenzen staan die oplossingen niet in de weg;

Het steeds inniger samenwerken in waterketenteams per zuiveringsregio;

Het zorgen via gestandaardiseerd gegevensbeheer, uniforme uitwisseling van data, en metingen aan onze systemen voor een betrouwbare dataset op basis waarvan data gestuurde beslissingen mogelijk zijn;

Het gezamenlijke NAD-gemalenbeheer professionaliseert verder en wordt op een geschikt moment uitgebreid naar meer gemeenten.

1.3

Kosten; minder-meerkosten

Onze visie Onder het thema kosten “minder-meerkosten” wordt ervoor gezorgd dat de investeringen die worden gedaan in verhouding zijn tot de maatschappelijke meerwaarde (waterwinst) die ze creëren. Onze strategie 

Het erkennen dat waterwinst niet altijd in geld is uit te drukken en dat de gerealiseerde winst niet altijd terugvloeit naar onze eigen organisaties. Een tevreden burger en een aantrekkelijke stad en verzilverde meekoppelkansen zijn ook winst;

Er is ruimte voor een lichte stijging van de riool- en waterzorgheffing om klimaatadaptatie mogelijk te maken;

Toe werken naar een uniformere wijze van administreren en onderbouwen van gemaakte kosten, zodat die gemakkelijker met elkaar te vergelijken zijn en van elkaar kunnen leren.

10 augustus 2023

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002

A26

Appendix 6 Tabel waarschuwings- en ingrijpmaatstaven

Open

Tabel waarschuwings- en ingrijpmaatstaven NEN 3398 Hoofdcode

Toestandsaspect

BAA BAB BAC BAD BAE BAF BAG BAH BAI A BAI Z BAJ A BAJ B BAJ C BAK BAL BAM BAN BAO BAP BBA BBB BBC BBD BBE BBF BBG BBH BDD

10 augustus 2023

1

2

3

4

5

Deformatie Scheur * Breuk/instorting Defectieve bakstenen of defectief metselwerk Ontbrekende metselspecie Oppervlakteschade ** / *** Instekende inlaat Defectieve aansluiting Indringend afdichtingsmateriaal: afdichtingsring * Indringend afdichtingsmateriaal: andere afdichting * Verplaatste verbinding - axiaal * Verplaatste verbinding - radiaal * Verplaatste verbinding - hoekverdraaiing * Defectieve lining Defectieve reparatie Lasfouten Poreuze buis Grond zichtbaar dóór defect Holle ruimte zichtbaar dóór defect Wortels Aangehechte afzettingen Bezonken afzettingen Binnendringen van grond * Andere obstakels Infiltratie Exfiltratie Ongedierte

a

a a

a a a

Waterpeil

a

a a

**** ****

****

a a a a a

a

a

a

BJ1203-RHD-XX-ZZ-RP-Z-0002

A28

Appendix 7 Incidentenplan

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland Uitwerking van het gemeentelijke plan om adequaat om te gaan met incidenten in de riolering

Status:

Definitief

Versie:

3.1

Datum:

9 mei 2023

Inhoud 1

Inleiding ............................................................................................................................. 3 1.1 Aanleiding en doel ...............................................................................................................3 1.2 Positie van dit plan...............................................................................................................3 1.3 Totstandkoming ...................................................................................................................3 1.4 Leeswijzer ............................................................................................................................3

2

Definities ............................................................................................................................ 4

3

Opbouw gemeentelijk stelsel .............................................................................................. 6 3.1 Gemeente Midden-Delfland ................................................................................................6 3.2 Kerngegevens riolering ........................................................................................................8 3.3 Gemeentelijk rioolstelsel .....................................................................................................8

4

Huidige situatie..................................................................................................................10 4.1 Incidentenmeldingsprocedure.......................................................................................... 10 4.2 Typen faalmechanismen ................................................................................................... 11 Algemeen .......................................................................................................................... 11 4.3 Stoffen in riool .................................................................................................................. 12 4.4 Vrij-vervalleidingen ........................................................................................................... 14 4.5 Persleiding......................................................................................................................... 15 4.6 Minigemalen ..................................................................................................................... 16 4.7 Rioolgemalen .................................................................................................................... 17 4.8 Afvalwaterzuiveringsinstallaties (AWZI) ........................................................................... 18

5

Conclusies .........................................................................................................................19

Bijlagen .......................................................................................................................................20 Bijlage I Overzicht structuur riolering Midden-Delfland (situatie 2012) ........................ 21 Bijlage II Signalering ......................................................................................................... 24 Bijlage III Alarmeringslijst.................................................................................................. 25 Bijlage IV Lijst met aannemers .......................................................................................... 27 Bijlage V Contactlijst gemeentelijke organisatie .............................................................. 28

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

2

1 Inleiding Voor u ligt het Incidentenplan Riolering van de gemeente Midden-Delfland. In dit plan wordt beschreven hoe de gemeente invulling geeft aan de beheersing van incidenten die betrekking hebben op de riolering, direct of indirect.

1.1 Aanleiding en doel De Gemeente Midden-Delfland heeft in het verbrede Gemeentelijke RioleringsPlan 2011-2015 de wens geuit te willen beschikken over een incidentenplan voor de riolering. Het eerste incidentenplan is in 2012 door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld. In 2019 heeft er een update plaatsgevonden (versie 2.2). Dit incidentenplan is een update van het plan uit 2019. Het is dus gebaseerd op de huidige gang van zaken bij incidenten in het rioolstelsel van de Gemeente Midden-Delfland. Dit plan is bedoeld om de procedure en kritieke punten te onderkennen en vast te leggen. Het plan is erop gericht, het optreden van incidenten zoveel mogelijk te voorkomen en indien deze optreden, de effecten zoveel mogelijk te beperken. Het incidentenplan beperkt zich in principe tot het optreden van incidenten in de riolering en de maatregelen aan deze riolering.

1.2 Positie van dit plan Na goedkeuring maakt het incidentenplan riool onderdeel uit van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Ook zal dit incidentenplan aanvullend zijn aan het Regionaal Crisisplan, voor zover dat betrekking heeft op onze gemeente. Dit plan is zoveel mogelijk uitgevoerd conform “Incidenten en calamiteiten” van de Kennisbank. In deze Kennisbank, verzorgd door de stichting Rioned, zijn alle richtlijnen met betrekking tot riolering opgenomen.

1.3 Totstandkoming Het opstellen van een incidentenplan is geen doel op zichzelf, maar een belangrijk beheersinstrument in het gemeentelijk milieu- en infrastructuurbeleid. Een ander doel van het incidentenplan is het bieden van waarborgen voor de afstemming van het gemeentelijk rioleringsbeheer met mogelijk optredende incidenten.

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de definities behandeld, zodat duidelijk is waarvoor dit plan is bedoeld. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de gemeente Midden-Delfland. Naast de belangrijkste infrastructuur bovengrond, wordt hierbij ook ingegaan op het gemeentelijk rioolstelsel. Het eigenlijke incidentenplan is opgenomen in hoofdstuk 4. In paragraaf 4.1 is de Incidentenmeldingsprocedure in algemene termen beschreven. In paragraaf 4.2 komen de Typen faalmechanismen aan bod. Deze worden in de daaropvolgende paragrafen nader uitgewerkt. In hoofdstuk 5 zijn de conclusies opgenomen. In de bijlage is een overzicht opgenomen van de gehele signalering en procedures bij calamiteiten in het rioolstelsel. Hierin is tevens de alarmeringslijst opgenomen. Daarnaast zijn de adresgegevens van aannemers en de gemeentelijke organisatie opgenomen.

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

3

2 Definities (Milieu-)klachten

Op gemeentelijk niveau bestaan procedures voor de afhandeling van (milieu-) klachten. Kenmerkend voor een (milieu-)klacht is het gegeven dat één organisatie, meestal de gemeente, in staat is een klacht af te handelen. De gemeente beschikt over een alarmnummer waar klachten gemeld kunnen worden en beschikt over personeel om de klachten af te handelen. Een (milieu-)klacht kan worden gedefinieerd als een gebeurtenis waarvan de melder dan wel anderen hinder ondervinden, nagenoeg geen schade (aan het milieu) wordt toegebracht en waarbij geen direct gevaar voor de volksgezondheid bestaat.

(Milieu-)incidenten

Bij incidenten kunnen stoffen schade aanrichten aan de riolering, de afvalwaterzuiveringsinrichting, het oppervlaktewater of de bodem. Dergelijke incidenten kunnen ingrijpende gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid hebben. Zij vragen de gecoördineerde inzet van diensten en organisaties met verschillende disciplines. Wanneer een klacht een gecoördineerde inzet van diensten en organisaties van verschillende disciplines vereist, is er sprake van een incident. Voor de afhandeling van dergelijke incidenten dient dit plan. Een incident kan worden omschreven als een gebeurtenis waarbij schade (aan het milieu) wordt toegebracht, of waarbij de veiligheid van personen mogelijk in gevaar komt indien niet tijdig wordt ingegrepen en coördinatie tussen de ingezette diensten nodig is.

(Milieu-)ramp

Een (milieu-)incident kan uitlopen in een (milieu)ramp. In de Wet op de Veiligheidsregio’s wordt een ramp omschreven als een zwaar ongeval of een andere gebeurtenis waarbij het leven en de gezondheid van veel personen, het milieu of grote materiële belangen in ernstige mate zijn geschaad of worden bedreigd en waarbij een gecoördineerde inzet van diensten of organisaties van verschillende disciplines is vereist om de dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken; (Art. 1) Onder rampenbestrijding wordt volgens hetzelfde artikel verstaan: het geheel van maatregelen en voorzieningen, met inbegrip van de voorbereiding daarop, dat het gemeentebestuur of het bestuur van een veiligheidsregio treft met het oog op een ramp, het voorkomen van een ramp en het beperken van de gevolgen van een ramp; De coördinatie van diensten die ingezet worden in geval van een milieuramp is geregeld in een regionaal crisisplan.

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

4

Voor de duidelijkheid wordt opgemerkt dat dit incidentenplan opgesteld is voor het tweede niveau: (milieu-)incidenten. Het afhandelen van (milieu-)klachten valt in eerste instantie buiten de werkingssfeer van het (milieu-)incidentenplan. Evenmin zal een incidentenplan de plaats van een regionaal crisisplan innemen. Dit plan sluit aan op het crisisplan, zodat tijdens opschaling de overstap naar het crisisplan gemaakt kan worden. (zie voor samenhang Figuur 2.1). Indien de opschaling plaatsvindt overeenkomstig het regionaal crisisplan en daarbij de Officier van Dienst Bevolkingszorg is gealarmeerd neemt deze de coördinatie van het incident op zich voor wat betreft alle gemeentelijke processen. Hierbij wordt echter opgemerkt dat het niet altijd direct duidelijk is wat de ernst is van de situatie. Er zal dan ook altijd een deskundige (opzichter en beheerder riolering) uitspraak dienen te doen over de ernst.

Figuur 2.1: Samenhang incidentenplan(nen) en rampenplan

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

5

3 Opbouw gemeentelijk stelsel 3.1 Gemeente Midden-Delfland Onze gemeente is in januari 2004 ontstaan uit een fusie van de gemeenten Maasland en Schipluiden. Midden-Delfland ligt in het spanningsgebied van meerdere stedelijke concentraties, te weten Delft, Westland, Vlaardingen/Schiedam en Maassluis. De glastuinbouw uit het Westland ligt grotendeels ten westen van de gemeente.

Figuur 3.1: Ligging gemeente Midden-Delfland

De gemeente bestaat uit de kernen Den Hoorn, Maasland en Schipluiden. Daarnaast bevinden zich in het open weidegebied ook de buurtschappen ’t Woudt, Negenhuizen, Abtswoude en de Zweth. In het open weidegebied rond de dorpskernen Schipluiden en Maasland zijn vooral (melk)veehouderijen te vinden. Bij Den Hoorn bevinden zich diverse tuinbouwbedrijven. Rondom de Herenwerf bij Maasland bevindt zich een van de modernste glastuinbouwcomplexen van Europa. Het schilderachtige dorpje ‘t Woudt ligt weer midden in het weidegebied.

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

6

Op 1 januari 2023 woonden er 19.471 mensen in Midden-Delfland, waarvan 8.487 in en om de kern Den Hoorn, 6.602 in en om de kern Maasland en 4.382 in en om de kern Schipluiden. De totale oppervlakte van de gemeente is ongeveer 5.000 ha.

Naar AWZI Harnaschpolder

Naar AWZI De Groote Lucht

Legenda Midden-Delfland scheiding tussen AWZI Harnascholder en Groote Lucht

Figuur 3.2: Gemeentegrenzen Midden-Delfland

Incidentenplan Riolering Midden-Delfland

7

3.2

Kerngegevens riolering

In Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. zijn de voorzieningen opgenomen die wij momenteel beheren: Areaal riolering gemeente Midden-Delfland (per 1 januari 2023) • Lengte Vrij verval riolering − waarvan gemengd riool 35,2 km − waarvan vuilwater riool 29,5 km − waarvan hemelwater riool 36,6 km − waarvan transportriool/duiker 1,9 km − waarvan infiltratieriool 2,0 km • Lengte drainage • Lengte mechanisch riool (persleiding) • Aantal minigemalen • Aantal hoofdgemalen/opvoergemalen/tunnelgemalen • Aantal inspectieputten • Aantal kolken − waarvan achterpad kolken 1249 st • Aantal IBA’s (niet in beheer bij gemeente)

105,2 km

1,4 km 72,2 km 464 st 48 st 3096 st 6827 st 136

st

Binnen de gemeentegrenzen zijn enkele beheerders te onderkennen, die te maken kunnen krijgen met incidenten die de riolering aangaan: •

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=e4874638-6150-473a-947d-e7794e7a4771