CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Kadernota 2025-2028

Gemeenteraad 3 juli 2024, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen van Kaderbrief 2025-2028 (BESPREEKPUNT)12.763 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2025-2028

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Inhoudsopgave Voorwoord .............................................................................................................................................. 3 Externe ontwikkelingen .......................................................................................................................... 5 Algemeen financieel beeld...................................................................................................................... 7 Financieel uitgangspunt & kader begr. 2025 - 2028 ........................................................................... 8 Financieel perspectief ....................................................................................................................... 10 Algemene uitkering ........................................................................................................................... 12 Ontwikkelingen ................................................................................................................................. 14 Programma 1 Vitale dorpen in Midden-Delfland ......................................................................... 15 Programma 2 Bestuur en veiligheid ..............................................................................................

17 Programma 3 Beheer, verkeer en milieu ...................................................................................... 19 Programma 4 Onderwijs ............................................................................................................... 21 Programma 5 Sociaal domein en welzijn ...................................................................................... 23 Programma 6 Economische en sociale zaken ............................................................................... 25 Programma 7 RO, ontwikkeling en Wonen................................................................................... 27 Bedrijfsvoering .............................................................................................................................. 32 Investeringskredieten ........................................................................................................................... 38 Weerstandsvermogen........................................................................................................................... 39

2

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Voorwoord Hierbij ontvangt u de Kadernota 2025-2028. Deze Kadernota geeft u inzicht in de ontwikkelingen en de opgaven waar we voor staan. U krijgt hiermee ook voor het zomerreces het financiële meerjarenbeeld van dit moment. De Kadernota bevat bovendien de kaders en uitgangspunten voor het verder uitwerken van de Begroting 2025 en het Meerjarenperspectief (MJP) 2026-2028. Ontwikkelingen en opgaven in beeld In de Kadernota leest u per domein wat er speelt en waar we rekening mee moeten houden. De indeling is per programma, zodat de verbinding met de begroting duidelijk is. Zoals afgesproken, werken we met een 'kale begroting'. Dit betekent dat we in de Kadernota de financiële gevolgen hebben verwerkt van alles dat administratief kan worden verwerkt (de zogenaamde A-mutaties). Dit zijn zaken waarover u als raad al eerder heeft besloten en mutaties die bijvoorbeeld volgen uit indexering of andere verplichtingen. Mutaties waarover nog besloten moet worden, hebben we opgenomen in een overzicht bij de Kadernota. Deze B-mutaties (B = besluit nodig) variëren. Soms is iets nieuw beleid en is er nog ruimte voor keuzes, maar hierin zitten ook zaken die wel verplicht zijn en onafwendbaar. Hierover is nog besluitvorming nodig vanwege de impact, of er is (slechts) een keuze te maken in fasering of omvang.

Bij de overweging waar de aandacht naartoe moet gaan, zijn beide documenten dus belangrijk. Het financieel meerjarenbeeld is somber We moeten kiezen waar we onze aandacht op richten, dat betekent ook dat we moeten kiezen waar we minder of geen aandacht aan geven. Dit is nodig, want het financiële meerjarenbeeld is somber. Na een lange periode van onzekerheid heeft het rijk besloten de opschalingskorting af te schaffen. Dit voorkomt het veelgenoemde ravijnjaar 2026, maar dit en andere besluiten van het rijk hebben een prijs. In 2025 wordt het gemeentefonds eenmalig € 675 miljoen lager vastgesteld. Deze financiële gevolgen zijn al meegenomen in de Meicirculaire 2024 en zijn verwerkt in deze Kadernota. U leest hierover meer in het hoofdstuk 'Algemeen financieel beeld'. Door deze besluiten en de stijgende kosten hebben we nu in alle jaren een tekort. Waar we eerder een structureel somber beeld vanaf 2026 voorzagen, begint dit al in 2025 na de Voorjaarsnota 2024 van het Rijk. Voor 2025 is er een tekort van € 1,2 miljoen, voor de jaren 2026 en 2027 een tekort van € 3,2 miljoen. Het laatste jaar laat ook een tekort zien van € 2,3 miljoen. Dit financiële beeld bevat alleen de lopende begroting en de zogenaamde A-mutaties, dus exclusief de kosten in het overzicht van de overige mutaties dat bij de Kadernota zit. De gevolgen van de meicirculaire zijn hierin verwerkt.

Werk aan de winkel Het blijft ons doel om de Begroting 2025 sluitend te maken, maar dit wordt moeilijker en ingrijpender dan we dachten. We willen voorkomen dat er keuzes gemaakt worden die niet makkelijk te herstellen zijn en die een lange tijd negatief effect hebben. Als dit betekent dat we de Begroting 2025 niet sluitend kunnen maken, dan richten we ons op een financieel positief meerjarenperspectief, waarbij de begroting in elk geval in 2028 (reëel) sluitend is. Met de Kadernota stelt u de kaders vast. We nodigen u ook uit om op basis van deze nota met uw algemene beschouwing aan te geven welke extra kaders en richting u wilt voor de verdere uitwerking naar een concrete begroting.

Gemeente Midden-Delfland

3

Kadernota 2025-2028 Leeswijzer De Kadernota begint met een algemeen hoofdstuk over belangrijke externe ontwikkelingen. Daarna leest u over het financiële beeld. Hierin staan de kaders die we voorleggen ter goedkeuring en het financieel meerjarenbeeld met uitleg. Ook vindt u hier informatie over de algemene uitkering en de meicirculaire. Het laatste deel van het 'algemeen financieel beeld' bevat alle ontwikkelingen en taken die nu bekend en relevant zijn voor het meerjarenbeeld. U leest dit per programma en paragraaf. De Kadernota eindigt met een overzicht van de investeringskredieten en het weerstandsvermogen. Tot slot Vitale dorpen, een duurzaam landschap, een menselijke samenleving en een dienstverlenende gemeente; onze ambities uit het collegewerkprogramma blijven onverminderd van kracht. De financiële beperking daagt ons echter wel uit. Dit vereist scherpe keuzes, maar we zijn vastbesloten deze in lijn met onze ambities samen met u als gemeenteraad tot een goed einde te brengen. Tijdens de zomerperiode werken we aan een reëel sluitende begroting op basis van de kaders en uitgangspunten die u ons meegeeft. Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland

4

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Externe ontwikkelingen Macro-economische vooruitzichten In dit hoofdstuk bespreken we een aantal economische vooruitzichten voor Nederland. Deze ontwikkelingen zijn overgenomen uit het Centraal Economisch Plan 2024 van het CPB. Het geeft in grote lijnen de context weer voor onze gemeente maar is niet een-op-een te vertalen naar de economische vooruitzichten voor Midden-Delfland.

Economische ontwikkeling 2024-2025 De economie is enigszins afgekoeld, na oververhit uit de coronapandemie te zijn gekomen. De afgelopen jaren zijn voor de economie turbulent geweest. Corona heeft de economie uit het lood geslagen: tijdens de heropening kon het aanbod de inhaalvraag niet bijbenen met lange wachttijden, tekorten, arbeidsmarktkrapte en inflatie tot gevolg. Vervolgens leidde de oorlog van Rusland in Oekraïne tot een explosie van energieprijzen, waardoor de inflatie echt hoog werd. Deze inflatiegolf heeft de oververhitte economie weer wat doen afkoelen. Vooral de consumptie en de uitvoer namen af, omdat zowel Nederlandse als buitenlandse huishoudens minder te besteden hadden. In 2023 is de economie hierdoor drie kwartalen achter elkaar licht gekrompen. Toch kan gesproken worden van een zachte landing: de werkloosheid is laag, de krimpcijfers waren klein, en enige afkoeling in de oververhitte situatie was onvermijdelijk. Door herstel van inkomens trekt de groei in 2024 en 2025 weer aan. De inflatie neemt in 2024 verder af, terwijl de lonen nog met een inhaalslag bezig zijn. Dit, samen met koopkrachtmaatregelen van de overheid, maakt dat huishoudens meer te besteden krijgen in 2024. De hogere consumptie die hieruit volgt, wakkert de economische groei aan.

Inflatie en loonstijging De inflatie neemt af door verdere daling van de energieprijzen en afname van de kerninflatie. Ondanks het wegvallen van het prijsplafond zijn de energieprijzen die consumenten betalen in 2024 lager dan in 2023: de marktprijzen zijn dusdanig gedaald dat deze onder het prijsplafond liggen. Ook de kerninflatie neemt af nu bedrijven hogere energiekosten hebben doorberekend. Lonen hebben nog wel een opwaarts effect op met name de inflatie van diensten. In sommige bedrijfstakken is de cao-loongroei sinds de inflatieschok relatief beperkt geweest. Naar verwachting volgt in die bedrijfstakken een hoge loongroei in 2024, omdat werknemers alsnog een compensatie voor de hoge inflatie van de afgelopen jaren eisen. Huren liggen ook boven de gemiddelde inflatie, na een aantal jaren juist relatief weinig te zijn gestegen.

Koopkracht Het koopkrachtherstel is in 2024 sterker dan eerder verwacht, omdat de inflatie sneller daalt. De lagere inflatie van 2,9% in 2024, gecombineerd met lonen die met 6% doorstijgen, vormt de belangrijkste reden voor stevig koopkrachtherstel in 2024. De koopkracht herstelt hiermee bijna van de klap in 2022 en 2023. Hoewel in 2025 een beperktere stijging van de lonen wordt verwacht en de koopkracht niet verder stijgt, is deze in 2025 0,5% onder het 2021-niveau, vóór de inflatie hard begon op te lopen. Er zijn echter grote verschillen tussen inkomensgroepen te zien: lage inkomens zijn erop vooruitgegaan door een aantal structurele beleidsmaatregelen (o.a. een hoger minimumloon en hogere huurtoeslag).

Gemeente Midden-Delfland

5

Kadernota 2025-2028

Armoede In 2024 daalt het percentage personen in armoede van 4,8% in 2023 naar 4,7%. In 2021 was dit percentage nog 6,1%. De armoede loopt in 2025 en de jaren daarna weer wat op, omdat het inkomen op bijstandsniveau niet meestijgt met de welvaart. De armoede blijft op een permanent lager niveau, omdat het kabinet verschillende structurele maatregelen heeft genomen om de armoede te verlagen.

6

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Algemeen financieel beeld

Gemeente Midden-Delfland

7

Kadernota 2025-2028

Financieel uitgangspunt & kader begr. 2025 2028 Zoals genoemd in het Coalitieakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 voeren wij een duurzaam financieel beleid met een structureel financieel sluitende begroting. Structurele uitgaven dekken wij met structurele inkomsten. Hierbij hanteren wij het principe dat de gemeente het geld beheert namens de samenleving. Daarom ook streven we ook naar een beperkte ontwikkeling van de lastendruk voor onze inwoners, verenigingen en bedrijven. Middelen die het weerstandsvermogen en de budgetbehoefte overstijgen, kunnen ingezet worden voor de samenleving. We behouden daarbij het streven naar een weerstandsvermogen met een ratio die zich minimaal tussen de 1,0 en 1,4 (dit kwalificeert als ‘voldoende’) bevindt. Om in aanmerking te komen voor repressief toezicht door de provincie moet sprake zijn van een sluitende Begroting 2025 of anders een sluitend meerjarenperspectief 2026-2028. Wij streven in beginsel naar een structureel sluitende begroting voor alle jaren. Echter, op basis van de (voorlopige) begrotingsaldi in deze Kadernota 2025-2028 is het ‘vertrekpunt’ voor al van deze jaren negatief. Voor een groot deel is dit het gevolg van het (nog altijd) uitblijven van een volledige en structurele compensatie door het Rijk van gemeentelijke taken (zie verder onder ‘Financieel perspectief’).

Hoewel wij altijd streven naar een structureel sluitende meerjarenbegroting, ligt onze focus daarom vooral op een sluitende Begroting 2025. Mocht dit niet haalbaar blijken, zetten we in op een sluitend meerjarenperspectief 2026-2028, waarbij in elk geval 2028 structureel sluitend is. Voor de Begroting 2025-2028 hanteren wij de volgende kaders: a) De Begroting 2025 is materieel in evenwicht (ofwel: reëel sluitend); structurele lasten worden gedekt door structurele baten. b) Wanneer de Begroting 2025 niet sluitend kan worden, is in elk geval het begrotingsjaar 2028 materieel in evenwicht. c) Hoewel ons dit tijdelijk, vanuit het Bestuurlijk Overleg Financiële Verhoudingen (BOFv), is toegestaan zien we in principe af van het structureel inzetten van reserves voor een sluitende begroting. d) Incidentele lasten kunnen gedekt worden door incidentele baten (veelal door onttrekking aan de algemene reserve). e) Wij baseren ons in de Begroting 2025 en MJP 2026-2028 op de indices uit de meicirculaire *1. f) De Begroting 2025 en MJP 2026-2028 bevat geen taakstellingen of stelposten. g) De Begroting 2025 en MJP 2026-2028 bevat in beginsel voortzetting van bestaand beleid en projecten en werkzaamheden opgenomen in het collegewerkprogramma. h) Uitgangspunt voor de OZB is een structurele opbrengststijging van 3% per jaar.

i) Voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing stijgen de tarieven niet meer dan voor kostendekkendheid noodzakelijk*2 .

8

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028 j) Voor de toeristenbelasting stijgen de tarieven in 2025: - van € 0,85 naar € 1,00 per overnachting per persoon in een kampeermiddel. - van € 1,25 naar € 1,50 per overnachting per persoon voor een overnachting in een inrichting niet zijnde een kampeermiddel.

--------------------------------------*1 Voor de prijsontwikkeling hanteren wij, indien van toepassing, het Nationale consumentenprijsindex (cpi). Voor 2025 bedraagt de raming voor het CPI 2,8%. Voor de loonontwikkeling hanteren wij de Loonvoet sector overheid. Voor 2025 bedraagt de raming hiervoor in de Meicirculaire 2024 4,4%. Omdat de huidige CAO gemeenten loopt t/m Q1 van 2025 hebben wij voor 2025 een loonstijging voor 3 kwartalen toegepast (3/4 x 4,4% = 3,3%). *2 In de Begroting 2024 was het uitgangspunt voor de afvalstoffenheffing een stijging van 8%. Op basis van het nieuwe DVO van Avalex lijkt eenzelfde tariefstijging voor 2025 noodzakelijk. Voor de rioolheffing was de tariefstijging in 2024 7,5%. Op basis van het vGRP 2024 lijkt een tariefstijging in 2025 niet nodig. De tariefvoorstellen verwerken wij in de Begroting 2025.

Gemeente Midden-Delfland

9

Kadernota 2025-2028

Financieel perspectief De jaarschijven 2025-2027 uit de Begroting 2024 en MJP 2025-2027 (gecorrigeerd met tussentijdse begrotingswijzigingen) vormen de basis voor de Begroting 2025 en MJP 2026-2028 (I). De tussentijdse begrotingswijzigingen betreffen de afzonderlijke raadsvoorstellen voor het Begrotingsjaar 2024 en de periodieke begrotingswijzigingen. Ten opzichte van die stand zijn er besluiten met financiële consequenties die verwerkt moeten worden, alsmede te verwachten exogene (niet-beïnvloedbare) mutaties, bijvoorbeeld structurele doorwerkingen van mutaties uit de jaarrekening 2023 (II). Deze mutaties zijn in deze Kadernota verwerkt in de betreffende programma’s en tevens als bijlage A opgenomen. Daarnaast zijn de mutaties op de algemene uitkering vanuit de meicirculaire 2024 verwerkt (III). Dit leidt tot onderstaande saldi als vertrekpunt voor de Begroting 2025 en MJP 2026-2028.

I)

II)

III)

IV)

Beginstand begroting 2025-2028 Mutaties Kadernota (lijst A) Mutaties algemene uitkering (meicirculaire 2024) Stand Kadernota 2025-2028 (T.b.v. Begroting 2025 en MJP 2026-2028)

2025 € 694.274

2026 € -1.297.329

2027 € -401.489

2028

€ -2.159.081

€ -2.747.858

€ -3.517.909

€ -4.176.366

€ 242.947

€ 801.896

€ 793.018

€ 1.899.808

€ -1.221.860

€ -3.243.291

€ -3.126.380

€ -2.276.558

Mutaties waartoe nog niet is besloten, zijn niet in bovenstaand overzicht opgenomen en tellen daarom ook niet mee in de totaalsaldi van IV) Stand Kadernota 2025-2028. Teneinde de gemeenteraad een volledig inzicht te geven, zijn deze mutaties wel als bijlage B bij de Kadernota 2025-2028 gevoegd. In juni 2022 stuurden we u de Prognosebrief Begroting 2022-2025 toe. Hierin gaven we aan dat de Begroting 2022-2025 langs drie scenario’s kon ontwikkelen: 1) De begroting is een voortzetting van de eerder vastgestelde (meerjaren)begroting met weinig financiële afwijking. Er is daarbij geen sprake van grote financiële tekorten en er is weinig financiële ruimte voor nieuw - of intensivering van beleid.

10

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028 2) We stevenen af op een fors (structureel) financieel tekort, waarbij aanvullende bezuinigingen noodzakelijk zijn. Dit scenario geeft aanleiding voor een raadsbespreking voorafgaand aan de begrotingsbehandeling. 3) De begroting laat een stevige ‘plus’ zien, met name in het laatste begrotingsjaar. Hierbij ontstaat ruimte voor nieuwe voorstellen. Hierbij kan de gemeenteraad tijdens de begrotingsbehandeling voorstellen doen voor inzet van deze ‘plus’. Aangezien elk van de jaren in deze kadernota een (fors) negatief saldo laat zien, is overduidelijk scenario 2 van toepassing voor de Begroting 2025 en MJP 2026-2028. Waar wij eerder al een structureel somber beeld vanaf 2026 voorzagen, dient dit zich na de Voorjaarsnota 2024 van het Rijk al in 2025 aan. In de ledenbrief van 15 april 2024 heeft de VNG de financiële gevolgen van de Voorjaarsnota 2024 voor gemeenten samengevat: • De oploop van de opschalingskorting van € 675 miljoen wordt structureel geschrapt. • Rechtvaardige risicoverdeling Wmo door heldere afspraken over objectieve indexering en • aparte fondsvorming • Indexering zorgkosten: € 75 miljoen in 2026 oplopend tot 300 miljoen in 2029. • Een opschoonactie voor specifieke uitkeringen. • Het kabinet vraagt hiervoor helaas wel een prijs: in 2025 wordt het gemeentefonds eenmalig € 675 miljoen lager vastgesteld.

Vanaf 2026 stijgt het structureel met € 750 miljoen oplopend tot ongeveer 1 miljard in 2029.

Deze financiële gevolgen hebben hun weerslag al gevonden in de Meicirculaire 2024. Onder ‘Algemene uitkering’ lichten wij dit nader toe. Conform het eerste begrotingsadvies van de VNG van 1 maart 2024 (een tweede advies volgt nog op basis van de Voorjaarsnota) lag onze focus begin dit jaar op het (reëel) sluitend maken van de Begroting 2025. Voor 2026 en verder gingen we aan de slag met de voorbereiding op bezuinigingen/ ombuigingen. De totaalsaldi van deze Kadernota 2025-2028 nopen ons echter tot directe maatregelen. Het reëel sluitend maken van de Begroting 2025 is daarbij onveranderd de doelstelling, maar dit zal veel moeilijker en ingrijpender worden dan eerder voorzien. Zoals we al herhaaldelijk hebben benoemd, willen we daarbij voorkomen dat keuzes gemaakt moeten worden die niet makkelijk te herstellen zijn en langdurig negatief effect hebben. Wanneer dit betekent dat een reëel sluitende Begroting 2025 hierdoor niet haalbaar is, wijzigen we de doelstelling in een (financieel) positief meerjarenperspectief, waarbij in elk geval 2028 (reëel) sluitend is.

Gemeente Midden-Delfland

11

Kadernota 2025-2028

Algemene uitkering Op dinsdag 28 mei is de meicirculaire 2024 van het gemeentefonds verschenen. Hierin zijn gemeenten geïnformeerd over de wijzigingen van het gemeentefonds naar aanleiding van de Voorjaarsnota 2024 van het rijk. Het gemeentefonds kent een algemene uitkering en decentralisatie-uitkeringen (waaronder ook integratie-uitkeringen). De algemene uitkering wordt jaarlijks geïndexeerd. Die indexatie bestaat uit het accres, waaronder ook aanvullende niet-taakgebonden kortingen en toevoegingen aan de algemene uitkering. Het accres exclusief deze kortingen en toevoegingen is te splitsen in een volume-accres en een prijs-accres die volgens een methodiek worden berekend. Door taakmutaties vinden wijzigingen van de algemene uitkering plaats. Gevolgen nieuw accres Gemeenten zijn gemiddeld voor 57% van hun inkomsten afhankelijk van het gemeentefonds, maar voor sommige gemeenten is dat zelfs meer dan 80%. Kabinet Rutte IV heeft bij de Voorjaarsnota 2023 eenzijdig een nieuwe financieringssystematiek aangekondigd: het rijk wil voortaan het accres koppelen aan de gemiddelde groei van het bbp over de afgelopen 8 jaar – een percentage van ongeveer 1,6% - 1,8%. Gemeenten ontvangen hierdoor minder uit het gemeentefonds, maar het rijk heeft in de Voorjaarsnota 2024 toegezegd dit verschil tussen 2026 en 2029 volledig te compenseren. Voor het jaar 2025 is dat echter niet het geval.

Een zuivere toepassing van de nieuwe systematiek zou leiden tot een afname van de rijksbijdrage met ruim 1,3 miljard. Het rijk brengt dit terug naar een afname van 675 miljoen. Die gaat dus af van het totale gemeentefonds van ongeveer 31,5 miljard. Een afname van ruim 2 procent. Vanaf 2026 stijgt het structureel met € 750 miljoen oplopend tot ongeveer 1 miljard in 2029. Deze korting gaat reële gevolgen hebben: investeringen worden uitgesteld of geannuleerd en er zal bezuinigd moeten worden op de uitvoering van vrijwel alle gemeentelijke taken als deze korting niet wordt hersteld. Afschaffen van de opschalingskorting In de Voorjaarsnota 2024 heeft het Rijk aangekondigd dat de oploop van de ‘opschalingskorting’ à € 675 miljoen met ingang van 2026 wordt geschrapt. Voor een gemiddelde gemeente van 40.000 inwoners betekent dit een structurele verlichting voor het meerjarenbeeld van € 1,3 miljoen. Daar staat in 2025 wel een eenmalige korting van hetzelfde bedrag tegenover. Dit effect is nu verwerkt in de meicirculaire. Afspraken over middelen Wmo Bij de voorjaarsbesluitvorming zijn ook afspraken over de middelen voor de uitvoering van de Wmotaken gemaakt. Naar de verwachting van de VNG stijgen de uitgaven aan de Wmo de komende jaren door de vergrijzing veel sneller dan het accres van de nieuwe bbp-systematiek.

Daarbij moet uit het volume-accres van de bbp-systematiek ook de reële loonstijging worden bekostigd. Ook deze reële loonstijging valt komende jaren positief uit. Het kabinet toonde zich enigszins gevoelig voor onze argumenten. Afgesproken is het grootste deel van de middelen voor de Wmo uit de algemene uitkering te halen en apart zetten. Daarbij wordt het bedrag van de uitname door een onafhankelijke partij vastgesteld. Doel is dat deze operatie begin 2026 zijn beslag krijgt. De middelen worden dan jaarlijks apart geïndexeerd. Daarmee moet het huidige financiële open einde karakter van deze taken eindigen. Vooruitlopend hierop heeft het ministerie van Financiën een structureel bedrag van € 75 miljoen per jaar vanaf 2026 als extra geld voor de Wmo gereserveerd op de Aanvullende Post van de rijksbegroting. Doordat het geld op de Aanvullende Post staat, zijn de extra middelen niet verwerkt in de meicirculaire. 12

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028 Extra korting op Jeugd vervalt Het kabinet Rutte IV heeft in aanvulling op de afspraken van de Hervormingsagenda Jeugd een extra korting van €511 miljoen ingeboekt. Hiervan zou in 2025 al een korting van € 500 miljoen op de algemene uitkering worden geeffectueerd. In de meicirculaire wordt deze korting van € 500 miljoen in 2025 ongedaan gemaakt. De reeks van € 511 miljoen vanaf 2026 is nog wel opgenomen in de gemeentefondsbegroting. Inmiddels is duidelijk dat het nieuwe kabinet ook deze korting van € 511 miljoen vanaf 2026 geheel schrapt. Indexatie Integratie-uitkeringen De integratie-uitkering Participatie is in 2024 met € 113 miljoen geïndexeerd voor de loon- en prijsontwikkeling. De integratie-uitkering Beschermd Wonen is in 2024 met € 89 miljoen geïndexeerd voor de loon- en prijsontwikkeling. Een bijstelling voor de volume-ontwikkeling van deze uitkering voor het jaar 2024 heeft nog steeds niet plaatsgevonden. Naar verwachting blijft een indexatie voor de volume-ontwikkeling in 2025 met de Miljoenennota 2025 ook uit.

Gemeente Midden-Delfland

13

Kadernota 2025-2028

Ontwikkelingen Hieronder leest u de ontwikkelingen waar wij nu en in de komende periode invulling aan willen geven. Soms zijn deze ontwikkelingen al financieel te vertalen, dan leest u dat onderaan in het betreffende programma in een financieel staatje. Bijlage I bij deze Kadernota 2025-2028 geeft het totaaloverzicht van andere ontwikkelingen die nog niet in de cijfers van deze kadernota zijn opgenomen. We gebruiken de indeling van de programmabegroting, zodat duidelijker de link te maken is met bijgevoegd financieel overzicht en met de meerjarenbegroting. Dat laat onverminderd dat veel van de genoemde ontwikkelingen programma overstijgend zijn.

14

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 1 Vitale dorpen in Midden-Delfland Hernieuwde focus en energie op dorpen en landschap Midden-Delfland is een groene gemeente met een unieke positie als groen gebied in een stedelijke omgeving. In de afgelopen twintig jaar is gekoesterd en ontwikkeld wat Midden-Delfland uniek maakt. Het landschap, de fijnschaligheid en de prettige manier van leven. De bevestiging van het belang van deze eigenschappen vinden wij in het Cittaslow-lidmaatschap en de toekenning van de status 'Bijzonder Provinciaal Landschap'. De kwaliteiten komen ook terug in de speerpunten van de gebiedsvisie Midden-Delfland 2025. Samen met onze inwoners, ondernemers en verenigingen zetten we ons met hernieuwde focus en energie in voor onze dorpen, en ook met onze regionale partners voor ons Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland.

Behouden en versterken van het landschap Het landschap van Midden-Delfland is belangrijk voor de leefomgeving van onze eigen inwoners en ook voor de regio. Midden-Delfland heeft recreatiegebieden aan de randen van steden, natuurgebieden in het zuidelijke deel en een agrarisch kerngebied. Het behoud en versterking van de kwaliteiten die hiermee samenhangen vereisen een gevarieerde aanpak waarbij de gemeente en partners van de Landschapstafel samenwerken. Er worden verschillende programma's, projecten en initiatieven ontwikkeld om de doelen te bereiken. Het Bijzonder Provinciaal Landschap MiddenDelfland blijft een levendig landschap waar mensen kunnen recreëren. Gebiedsmarketing wordt gebruikt om het landschap en de streekproducten bekend te maken en het voortbestaan van Midden-Delfland te bevorderen. Het duurzame economische verdienmodel voor de landbouw, voornamelijk melkveehouders, in het agrarisch kerngebied is erg belangrijk. Het programma Duurzaam Boer Blijven stimuleert kringlooplandbouw en betaalde landschapsdiensten om de landbouwsector duurzaam te maken en beter aan te laten sluiten bij de stedelijke omgeving. Financiële middelen en de groei van de productie en afzet van lokaal voedsel zijn essentieel om de boeren in staat te stellen goed voor het landschap te zorgen en er meerwaarde uit te halen.

Wij dragen samen met onze partners van de Landschapstafel actief bij aan het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Dit programma richt zich op waterbeheer, het versterken van de natuur en biodiversiteit, en het verminderen van broeikasgassen. Het toekomstperspectief van de landbouw speelt een belangrijke rol bij het realiseren van deze maatschappelijke uitdagingen. De gemeente heeft al veel bijdragen geleverd en zal dit ook in de komende jaren blijven doen.

Dorpsvisies Midden -Delfland heeft levendige dorpen waar men zich jong kan voelen en oud kan worden. Als Cittaslow streven we ernaar dat onze dorpen bloeiende, veilige en sociale dorpen blijven om in te leven, wonen en werken. Ons doel is om de leefbaarheid van de dorpen te stimuleren door te zorgen voor een goede balans in voorzieningen en woningen enerzijds en het behoud van het karakter van het dorp anderzijds. Dit vereist maatwerk. Den Hoorn, Maasland en Schipluiden hebben een eigen identiteit en de inwoners voelen zich verbonden met hun dorp. De uitdaging is om de identiteit en het karakter van de dorpen in het landschap te behouden voor toekomstige generaties. De visie hierop zal voor elk dorp opgesteld worden samen met inwoners, ondernemers en organisaties die een betrokkenheid hebben bij een dorp. De dorpsvisies vormen bouwstenen voor de Omgevingsvisie 2.0.

Gemeente Midden-Delfland

15

Kadernota 2025-2028 Een aantal randvoorwaarden is op voorhand al te noemen, mede dankzij het participatietraject van de Toekomstvisie 2050; •

• •

•

•

Wonen; behoud van jongeren door voldoende woonruimte voor jongeren, en bouwen van woningen voor ouderen zodat betere doorstroming komt en meer passende woonruimte beschikbaar komt voor jongeren en gezinnen. Er is behoefte aan meer appartementen, sociale huurwoningen, vrije sector huurwoningen en betaalbare koopwoningen, zoals ook blijkt uit de Woonvisie 2024-2030. Voorzieningen; behoud en versterken van voorzieningenniveau voor behoud van een goede woonomgeving; Dorpse sfeer; de identiteit en verbondenheid met het dorp wordt gekoesterd. Dit wordt bekrachtigd door het karakter van elk afzonderlijk dorp te behouden, realisatie van meer ontmoetingsplekken en bevordering van sociale cohesie. Daarbij krijgen de inwoners meer ruimte om bij te dragen aan hun eigen leefomgeving. Bereikbaarheid; behoud van het karakter van elk dorp en ons landschap betekent dat niet elke functie in de betreffende kern behouden of gerealiseerd kan worden. We zorgen hierom voor goede onderlinge verbindingen tussen de dorpen en met de omliggende steden. Hiertoe stimuleren wij betere wandel- en fietsverbindingen en openbaar vervoerverbindingen. Duurzaamheid; bij herstructurering van bestaande buurten en bij nieuwbouw zijn duurzame en klimaatadaptieve maatregelen vanzelfsprekend.

Omgevingsvisie 2.0 Met de opstelling van de Omgevingsvisie 2.0 wordt de ruimtelijke vertaling gemaakt van de landschappelijke kwaliteiten in een actuele regionale context en in verbinding met onze drie dorpen. We doen dit samen met betrokkenen. Dat zijn primair de inwoners maar ook ondernemers, verenigingen, organisaties, buurgemeenten en partners. We hechten immers veel waarde aan een goede relatie en communicatie met hen. De opbrengst van het proces van de Toekomstvisie 2050, de richtinggevende uitspraken ervan, en de dorpsvisies zijn belangrijke bouwstenen voor de visie. De Omgevingsvisie 2.0 zal na het participatietraject uiterlijk in 2026 worden vastgesteld.

Financiële mutaties Onderwerp Lasten:

2025

2026

2027

2028

Baten:

16

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 2 Bestuur en veiligheid Ondermijning De georganiseerde ondermijnende criminaliteit in Nederland neemt toe. Het gaat dan bijvoorbeeld om drugshandel, hennepteelt en drugslaboratoria, mensenhandel, malafide (horeca)bedrijven, vastgoedfraude of het witwassen van geld. Het onderwerp ondermijning had tot nu toe een bescheiden plaats in onze gemeentelijke veiligheidsplannen. Van begin augustus 2023 tot 1 maart 2024 hebben we samen met een medewerker van het RIEC ingezet op onder andere het beleidsmatig op orde brengen van de organisatie in de aanpak van ondermijning. In dat kader is er ook een nieuw "plan van aanpak ondermijning Midden-Delfland 2024-2026" opgesteld. In dit plan zetten we met name in op het vergroten van de bewustwording, het versterken van de informatiepositie, het op orde stellen van het beleid en het verbeteren van de integrale samenwerking en aanpak. Dit plan willen we nu daadwerkelijk uitvoeren zodat ons beeld concreter wordt op het gebied van ondermijning in Midden-Delfland. Om de inzet van dit plan mogelijk te maken is voor 2026 een budget van € 50.000,- nodig. U heeft reeds ingestemd met een budget van € 50.000,- voor 2024 en 2025. In de loop van 2026 kunnen we de afweging maken in welke mate inzet op dit nu onderbelichte aspect structureel nodig is.

Bibob De Wet Bibob geeft de gemeente de mogelijkheid de achtergrond van een aanvrager van bijvoorbeeld een vergunning, subsidie of vastgoedtransactie met de gemeente te onderzoeken. Als gevaar dreigt dat een vergunning of subsidie wordt misbruikt voor criminele activiteiten of dat crimineel vermogen wordt geïnvesteerd, kan de gemeente de aanvraag weigeren, een afgegeven vergunning of subsidie intrekken of overheidsopdrachten of overeenkomsten ontbinden. Door toepassing van deze wet kan de gemeente voorkomen dat ze criminele activiteiten faciliteert door bijvoorbeeld het verlenen van een vergunning. Op dit moment wordt de Wet Bibob binnen de gemeente Midden-Delfland alleen actief toegepast op horecavergunningen. Omliggende gemeenten passen Bibob breder toe dan alleen horeca. Wanneer wij hierin achterblijven, kan er sprake zijn van een zogenaamd waterbed-effect. Op dit moment is het Bibob-beleid uit 2012 van kracht. Wij willen het Bibob-beleid herzien. Daarnaast willen we een Bibob-coördinator aanwijzen die verantwoordelijk is voor de coördinatie en uitvoering van de Bibob-toetsen zodat dit organisatiebreed opgepakt kan worden. Dit is een volledig nieuwe rol die veel Bibob kennis en ervaring vraagt. Wij kunnen deze rol niet intern invullen en onderzoeken daarom wat de mogelijkheden zijn om het extern uit te besteden. Hier is momenteel nog geen concreet bedrag voor te noemen.

In de komende weken werken we dit uit. De verwachting is dat we in de volgende kadernota hier beter zicht op kunnen geven.

Beleid Openbare Orde en Veiligheid Vorig jaar lieten we u al weten dat veel vastgestelde beleid op het taakveld Openbare Orde en Veiligheid deels is verouderd. Een deel van het beleid is opgepakt maar onder andere het ligplaatsenbeleid nog niet. Wij wegen af met welke urgentie en welke inzet de actualisatie kan plaatsvinden. Wij doen in deze kadernota geen budgetaanvraag.

Herstructurering van de crisisorganisatie Per 1 juli 2024 wordt een andere aanpak binnen de crisisorganisatie doorgevoerd. Aanleiding voor deze actualisatie waren de ervaringen die zijn opgedaan tijdens de pandemie COVID-19, de opvang van vluchtelingen uit de Oekraïne en nieuwe inzichten in het vakgebied, mede ingegeven door de

Gemeente Midden-Delfland

17

Kadernota 2025-2028 evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s. De essentie van de aanpassing is dat een gemeente zo dicht mogelijk bij de reguliere werkwijze blijft in tijden van een crisis, ook is erkend dat een gemeente soms met een crisis (0f een deel van een crisis) te maken heeft waar de hulpdiensten niet bij worden ingezet (cybercrime, sluiting winkels). Om deze reden is het Gemeentelijke Team Incidenten ingesteld. Het Gemeentelijke Team Incidenten is zoveel mogelijk gelijk aan de reguliere gemeentelijke organisatie. Dat geldt voor de uitvoering, de aansturing en de verantwoording. Wat afwijkend is van het reguliere werk is dat werkzaamheden worden uitgevoerd onder bijzondere omstandigheden (bv. grotere spoed, buiten reguliere werktijden) en dat er coördinatie binnen de gemeente nodig is en/of dat de burgemeester/voorzitter veiligheidsregio bevoegdheden uitoefent op basis van de Wet Veiligheidsregio’s. Deze aanpassing is budgetneutraal.

Financiële mutaties Onderwerp Lasten: Vernieuwing digitale middelen gemeenteraad

2025

2026

2027

2028

€ 19.000

Baten:

18

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 3 Beheer, verkeer en milieu Beheerplannen In de beheerplannen wordt vastgelegd op welk niveau we de openbare ruimte willen beheren en onderhouden. Ook maken de plannen inzichtelijk welke financiële middelen nodig zijn en het is ook van belang in het kader van financieel toezicht van de provincie. In 2023 is het geactualiseerde beheerplan voor riolering vastgesteld. Een nieuw beheerplan baggeren, een nieuw beheerplan gebouwen, een nieuw beheerplan bebording, wegmeubilair en markering en een geactualiseerd beheerplan bruggen zijn in voorbereiding. De financiële vertaling van deze beheerplannen is niet verwerkt in de kadernota. Voor het beheer van de bebording, wegmeubilair en markering is het begrote budget toereikend. Na de zomer ontvangt de raad het geactualiseerde beheerplan wegen. De actualisatie volgt na de inspectie 2024 die in mei is uitgevoerd. De financiële vertaling is daarom nog niet in deze kadernota opgenomen.

Voorzieningen kapitaalgoederen Voor het groot onderhoud van kapitaalgoederen kan een voorziening worden ingesteld. Deze voorziening is gebaseerd op een actueel beheerplan met een overzicht van de kosten voor een periode van tien jaar. Op dit moment heeft onze gemeente nog geen voorzieningen en worden de kosten voor zowel klein als groot onderhoud betaald uit de exploitatie. Met het actualiseren en nieuw opstellen van de beheerplannen volgt mogelijk voor enkele kapitaalgoederen een voorstel om een voorziening in te stellen. Een voorziening wordt gevoed door een jaarlijkse vaste dotatie vanuit de exploitatie en biedt flexibiliteit in de jaarlijkse uitgaven aan groot onderhoud. De kosten voor klein onderhoud blijven in de exploitatie. Indien een aanpassing leidt tot significante kwaliteitsverbetering is er sprake van een investering en wordt er een krediet toegekend.

Duurzaamheid Duurzaamheid is een belangrijk aspect in onze gemeente. In de aanleg en het beheer en onderhoud van de openbare ruimte en de gemeentelijke gebouwen kijken wij continu wat wij hier als gemeente zelf voor bijdrage aan kunnen leveren. Voor de gemeentelijke gebouwen is er een routekaart voor verduurzaming per gebouw opgesteld die is verwerkt in het beheerplan. Bij vervanging van voertuigen willen we zoveel mogelijk overstappen van diesel naar elektrisch. Openbare verlichting wordt vervangen door LED verlichting. En bij (her)inrichting van de openbare ruimte worden klimaatadaptieve maatregelen toegepast.

Financiële mutaties Onderwerp Lasten: Openbare verlichting Stijging energiekosten Wegbermen Indexatie en areaal-

2025

2026

2027

2028

€ 135.000

€ 135.000

€ 135.000

€ 135.000

€ 60.000

€ 60.000

€ 60.000

€ 60.000

Gemeente Midden-Delfland

19

Kadernota 2025-2028 Onderwerp uitbreiding

2025

2026

2027

2028

Wegen Indexaties aannemers

€ 20.000

€ 20.000

€ 20.000

€ 20.000

Milieubeheer Toename bijdrage ODH

€ 38.087

€ 38.087

€ 38.087

€ 38.087

€ -12.800

€ -13.300

€ -13.800

€ -13.800

Baten: Wegen Werkelijk schadeverhaal

20

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 4 Onderwijs Ontwikkelingen in het Onderwijs Het onderwijs is een veld met veel ontwikkelingen en grote uitdagingen. Verschillende van de aanstaande veranderingen in de regelgeving, kunnen op enig moment impact hebben op de meerjarige gemeentebegroting. Een voorbeeld hiervan betreft de regelgeving voor het nieuwkomersonderwijs. Deze regelgeving wijzigt in de loop van 2024, met als doel scholen beter in staat te stellen nieuwkomersonderwijs vorm te geven (kamerbrief 9 april 2024). Een mogelijk neveneffect van deze regelgeving is echter dat bij kleine scholen – wanneer zij extra nieuwkomersklas(sen) starten – de tijdelijke stijging van het aantal leerlingen gevolgen heeft voor de bestaande aanvullende financiering voor kleine scholen. In de regelgeving wordt rekening gehouden met vervangende financiering vanuit het Rijk, maar op dit moment zijn de consequenties nog niet in beeld. Een tweede ontwikkeling betreft de intensivering van de aanpak van vroegtijdig schoolverlaten. De adviesaanvraag voor het wetsvoorstel van school naar duurzaam werk ligt bij de Raad van State. De huidige regeling Vroegtijdig schoolverlaters verloopt via regionale specifieke financiering. Voor het nieuwe wetsvoorstel is de financieringsvorm nog niet bekend. De verwachting is dat de implementatie van de nieuwe wet tot extra taken voor de gemeente zullen leiden.

In hoeverre de rijks financiering daarin voorziet is nog niet bekend. Het raadsbesluit om de komende jaren opvang te realiseren voor vluchtelingen en daarmee verantwoordelijkheid te nemen in de oplossing voor het landelijke opvang-probleem, zal in 2025 ook gevolgen hebben voor het begrotingsprogramma onderwijs: afhankelijk van het aantal kinderen dat in Midden-Delfland opgevangen zal worden, zal de gemeente voorzien in de benodigde onderwijshuisvesting. Voor de bekostiging hiervan kan de gemeente aanspraak maken op een specifieke rijksregeling hiervoor.

Ontwikkelingen onderwijshuisvesting De gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor voorzieningen onderwijshuisvesting. Ons algemene kader hiervoor is de gemeentelijke Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs. Het is voor gemeenten gebruikelijk om een IHP te hebben, aanvullend op deze verordening. In een IHP wordt de gemeentelijke situatie rond onderwijshuisvesting nader beschreven en uitgewerkt, ook naar de toekomst toe. Zaken zoals bijvoorbeeld ruimtelijke capaciteit en ruimtebehoefte, de staat van de panden, benodigd onderhoud en duurzaamheid worden beschreven. Ook wordt een financiële vertaalslag gemaakt. Niet alle kosten vallen onder de zorgplicht van de gemeente. In het IHP wordt duidelijk welke investeringen de komende jaren verwacht worden qua onderwijshuisvesting en wat de financiële consequenties hiervan zijn voor de verschillende betrokken partijen. Met het IHP beogen wij ons gemeentelijk beleid ten aanzien van de huisvesting van scholen meer programmatisch vorm te geven. Hiermee maken we het mogelijk om voor een langere termijn de noodzakelijke en/of wenselijke gemeentelijke investeringen in onderwijshuisvesting te ramen in de cyclus van de gemeentebegroting. Gezien de noodzakelijke doorlooptijd van het IHP-proces, komt de kadernota te vroeg om consequenties voortvloeiend uit het IHP al volledig een plek te geven.

Op basis van de voorlopige analyses en onderbouwingen kunnen we nu achter al constateren dat gedurende de komende vier jaar zeker op één schoollocatie een grote ontwikkeling noodzakelijk wordt en op één andere locatie tijdelijke extra lokalen nodig zijn. Om die reden ramen wij in deze kadernota vooruitlopend op de raadsbehandeling van het IHP een investeringsbijdrage van 5 miljoen in 2024 en 6,5 miljoen in 2026. Deze ramingen zijn indicatief.

Gemeente Midden-Delfland

21

Kadernota 2025-2028

Schoolwoningen De ambitie uit de vorige raadsperiode om de huur van de schoolwoningen in Schipluiden af te bouwen is op korte termijn nog steeds niet haalbaar. De school heeft naar verwachting de komende jaren nog een leerlingenaantal waarbij de huidige ruimte nodig blijft. Met het oog op de ontwikkelingen op het gebied van onderwijshuisvesting, verwachten wij de huur voor 2025 incidenteel te moeten verlengen. Voor de jaren daarna wordt er op basis van het IHP (integraal huisvestingsplan) meer duidelijkheid verwacht. Daarnaast werd er voor de huur van de schoolwoningen in Maasland nog niet eerder indexering toegepast in de begroting.

Leerlingenvervoer Zowel de stijging van het aantal kilometers als de stijging van de tarieven binnen het leerlingenvervoer leiden tot een prijsverhoging.

Capaciteit leerplicht en leerlingenvervoer Uit formatieonderzoek is gebleken dat voor de uitvoering van deze wettelijke taken per onderwerp 16 uur formatie-uitbreiding noodzakelijk is.

Financiële mutaties Onderwerp Lasten: Onderwijsbeleid en leerlingenzaken Huisvesting onderwijs

2025 € 60.000

2026 € 60.000

2027 € 60.000

2028 € 60.000

€ 109.398

Baten:

22

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 5 Sociaal domein en welzijn Ontwikkelingen Jeugd en Wmo Een belangrijk thema in het sociaal domein betreft de kostenontwikkeling in de jeugdzorg. Na een daling van de uitgaven in 2022 en de eerste helft van 2023 hebben we de kosten naar het einde van 2023 weer zien oplopen. Dit past in de stijgende trend die we in de hele regio zien. Per saldo zijn wij in de jaarrekening 2023 nog altijd binnen de begroting gebleven. Desalniettemin is het zaak waakzaam te zijn op kostenstijging en te sturen op kostenbeheersing. De urgentie hiertoe wordt versterkt vanwege de bezuinigingen die het Rijk doorvoert als gevolg van de landelijke hervormingsagenda. Tot en met 2025 heeft het Rijk die bezuinigingen verzacht door gemeenten tijdelijk extra middelen te verlenen. In de jaren daarna lopen de middelen voor gemeenten fors terug (besparingsopgave voor regio Haaglanden circa 60 miljoen per 2027). De stijgende kosten in combinatie met de financiële besparingsopgaven uit de Hervormingsagenda maken dat het onvermijdelijk is om met verschillende actielijnen te sturen op zowel kostenbeheersing als kostenreductie. Besparen op kosten vergt zowel regionale als lokale inspanningen. Regionale inspanningen zoals het terugbrengen van jeugdhulp met verblijf, aanpassingen in de inkoop, en het toewerken naar collectivering van zorg, pakken wij samen met H9 gemeenten op.

Lokale inspanningen, zoals goed werkende preventie, en een sterk lokaal team, werken we uit in het beleidskader jeugd, dat binnenkort aan de raad zal worden voorgelegd. Kosten voor de uitvoering van de acties in het beleidskader worden indicatief geraamd op 105.000 per jaar. Onderdelen die in het beleidskader jeugd een plek zullen krijgen zijn sterke preventie in de eerste 1000 dagen van een kind (Kansrijke start), voorkomen van gezondheidsachterstanden, combineren van voorschoolse educatie voor risicokinderen met vormen van zorg en de doorontwikkeling van het lokale team. Bij dat laatste zal de nadruk liggen op het versterken van de kwaliteitsfunctie, teneinde nog beter te kunnen sturen op de juiste zorg voor kind en gezin (niet minder, maar ook niet meer). Op het gebied van de Wmo hebben we in H5 verband de ambitie om de komende periode sterker in te zetten op toezicht, handhaving en versterking van de administratieve processen. De hiervoor al genoemde beoogde versterking van de kwaliteitsfunctie binnen het maatschappelijk team is hierin van belang.

Tijdelijke regelingen: Sportakkoord en Gezond en Actief Leven Akkoord In september 2023 is het integrale plan van aanpak GALA 2024-2026 vastgesteld door het college en ingediend .bij het Rijk. Met de hiermee verkregen GALA-middelen kunnen we gezamenlijk voortbouwen aan een gerichte lokale en regionale aanpak op het gebied van preventie, gezondheid en sociale basis. Integraal en over de verschillende (beleids)domeinen heen, met als doel een gezonde generatie in 2024. Een generatie met weerbare, gezonde mensen die kunnen opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. De boekhoudkundige verwerking van de specifieke financiering van GALA en het Sportakkoord wordt budgettair verwerkt in de begroting.

Uitvoering Jeugdwet, inzet Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden Op basis van bestuursbesluiten is een aanpassing nodig van de geraamde kosten voor de regionale uitvoering van de Jeugdwet. Daarnaast heeft de uittreding van één van de deelnemende gemeenten

Gemeente Midden-Delfland

23

Kadernota 2025-2028 (Voorschoten) gevolgen voor de gemeentelijke bijdrage. De besluitvorming over de begroting 2025 en meerjarige begroting 2026-2029 wordt onder invloed van de nieuwe Wet Gemeenschappelijke regelingen in september 2024 verwacht.

Jeugdgezondheidszorg Voor de voornamelijk wettelijke taken die uitgevoerd worden binnen de jeugdgezondheidszorg heeft regionaal bestuurlijke besluitvorming plaatsgevonden over de financiering. De meerjarige uitwerking hiervan is verwerkt in de kadernota.

Ontwikkelplein Het implementatieplan Ontwikkelplein is voor de jaren 2024 en 2025 vastgesteld. Vanaf 2026 is het plan budgettair neutraal uitgewerkt. De ontwikkelpleinen voorzien in een laagdrempelige plek in de nabijheid, waar mensen terecht kunnen voor informatie en advies, praktische hulp en zelf leren. Een ontwikkelplein draagt door het versterken van preventief aanbod bij aan zelfredzaamheid, veerkracht en ontmoeting.

Financiële mutaties Onderwerp Lasten: Jeugd H10 servicebureau

2025

2026

2027

2028

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

€ 15.000

Jeugd € 30.000 Jeugdgezondheidszorg

€ 30.000

€ 30.000

€ 30.000

WMO Ontwikkelpleinen

€ 78.000

€ 78.000

€ 78.000

€ 18.000

€ 18.000

€ 18.000

Baten: WMO Ontwikkelpleinen

24

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 6 Economische en sociale zaken Toezichthouder en handhaving De inzet voor toezichthouding en handhaving is nu vergelijkbaar met 2018. De lasten die dat met zich meebrengt, zijn door indexaties toegenomen. Graag brengen wij het budget op voldoende niveau.

Ontwikkelingen sociale zaken Momenteel wordt uitwerking gegeven aan het beleids- en uitvoeringsprogramma geldzorgen, armoede en schulden, dat de gemeenteraad op 23 januari 2024 heeft vastgesteld. Ook landelijk heeft dit thema veel aandacht. In het kader van de uniformering van schuldhulpverlening door gemeenten stellen het kabinet, de VNG, NVVK en Divosa een gezamenlijk plan van aanpak op. Binnen onze gemeente willen wij anticiperend op dit plan van aanpak, voorbereidingen treffen om vanaf 2025 te starten met saneringskredieten inclusief het bieden van begeleiding en nazorg. Mogelijk dat in de meicirculaire inzicht volgt over het aandeel in de rijksmiddelen wat onze gemeente hiervoor ontvangt. Met de raad zijn dit voorjaar de uitgangspunten besproken voor het nieuwe beleidskader voor reintegratie en participatie van werkzoekenden. Aanleiding tot het ontwikkelen van dit beleidskader is tweeledig. Enerzijds beogen wij door extra inspanningen op (parttime) uitstroom naar werk, te besparen op uitkeringslasten. Anderzijds vinden wij het maatschappelijk van meerwaarde dat iedereen naar vermogen participeert in en aan de samenleving, ook wanneer betaald werk vooralsnog niet tot de mogelijkheden behoort. Het beleidskader en de bijbehorende begroting worden nog aan de raad ter bespreking en vaststelling voorgelegd.

De kosten voor het plan bedragen 60.000 en 50.000 in respectievelijk 2025 en 202. Tevens zal - bij vaststelling van het plan in de raad - in 2024 een bedrag van 14.000 worden bijgeraamd. Met het realiseren van de opvang op de locatie Euterpe heeft de gemeente vooralsnog voldaan aan de ons eerder opgelegde taakstelling opvang ontheemden uit Oekraïne. Ontwikkelingen die de komende periode inzet van de gemeente kunnen vergen betreffen enerzijds ontwikkelingen in de taakstelling: indien de taakstelling wordt verhoogd moeten wij op zoek gaan naar extra opvangcapaciteit. Daarnaast speelt mee dat er landelijk wijzigingen plaatsvinden in de regelingen en bedragen voor gemeentelijke opvang. Van belang is dat de beschikbare middelen afdoende financiering bieden voor de meerjarig gemaakt financiële afspraken, bijvoorbeeld met de stichting Wonen Midden Delfland.

Economische versterking door samenwerking De beschikbare ruimte is beperkt en de algemene welvaart in Zuid-Holland blijft achter ten opzichte van andere provincies. Daarom zal de ondersteuning van economische initiatieven in de toekomst selectiever zijn. Dit in tegenstelling tot het huidige provinciale beleid, waarbij in principe alle vraag naar bedrijfsruimte wordt ondersteund (tot een bepaald maximum). Het areaal aan ruimte voor bedrijfsmatige activiteiten zal in de provincie niet mogen verminderen. Echter bedrijfsinitiatieven moeten wel passen bij het lokale en regionale economische profiel, bijdragen aan brede welvaart en aan een duurzame economie in 2050. Om voor Midden-Delfland te bepalen welk economisch profiel wij voorstaan en welk profiel toekomstbestendig is binnen de regionale context, is het wenselijk om een economisch beleid vast te stellen. Op basis van dit beleid kan vervolgens een strategie uitgevoerd worden die op een duurzame wijze bijdraagt aan de beleidsdoelstellingen van Midden-Delfland. Belangrijk voor een

Gemeente Midden-Delfland

25

Kadernota 2025-2028 toekomstbestendige economie is om te kunnen meebewegen met (inter)nationale ontwikkelingen, de technische mogelijkheden en de kansen die al dan niet latent aanwezig zijn in Midden-Delfland. Een positieve grondhouding ten opzichte van innovatie, met behoud van de identiteit van onze dorpen en kwaliteit van het landschap, is een belangrijke voorwaarde. Om als gemeente kansen te benutten en goede condities voor vitale dorpen en een gunstig ondernemersklimaat te creëren is samenwerking tussen overheden, onderwijs, organisaties en ondernemers van groot belang. We willen hiertoe extra investeren in externe relaties en samenwerkingsvormen, waarbij diverse domeinen, zoals het ruimtelijke en sociale, met elkaar in verbinding worden gebracht. Bezien wordt of hiertoe extra investering in de ambtelijke organisatie nodig is.

Gebiedsmarketing De naamsbekendheid van Midden-Delfland is een belangrijke pijler onder het bestaansrecht van het landschap, en versterkt de agrarische - en recreatieve activiteiten die ontplooid worden. Dit kan bijdragen aan onder meer de vrijetijdseconomie. In 2024 is een evaluatie over de uitvoering van gebiedsmarketing in Midden-Delfland afgerond. Op basis van deze resultaten wordt vorm gegeven aan een strategie voor de uitvoering van gebiedsmarketing na 2025. We streven ernaar de effectiviteit van gebiedsmarketing nadrukkelijker af te stemmen op de doelen die zijn verwoord in de gebiedsvisie Midden-Delfland 2025. Deze worden verwerkt in de Omgevingsvisie 2.0. Hierin worden actuele doelstellingen op het gebied van recreatie en toerisme opgenomen, die kunnen bijdragen aan de vrijetijdseconomie.

Bedrijvenschap Harnaschpolder We overleggen met gemeente Den Haag en Bedrijvenschap HarnaschPolder over het beëindigen van de Gemeenschappelijke regeling HarnaschPolder, die op basis van de huidige inzichten eind 2024 of begin 2025 geformaliseerd zal worden. De financiële gevolgen hiervan zijn nog onbekend, maar de voorziening voor een bijdrage aan het negatieve exploitatietekort zal geactiveerd worden bij de liquidatie. De liquidatie kan ook leiden tot kosten en opbrengsten bij de overname en afronding van resterende werkzaamheden, zoals eigendommen, civieltechnische werkzaamheden, administratieve werkzaamheden en juridische procedures.

Financiële mutaties Onderwerp 2025 Lasten: Bijstand € 20.000 Uren toezicht/handhaving

2026 € 20.000

2027 € 20.000

2028 € 20.000

Baten:

26

Gemeente Midden-Delfland

Kadernota 2025-2028

Programma 7 RO, ontwikkeling en Wonen Impact Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht geworden, en eveneens de Wet kwaliteitsborging. Het nieuwe stelsel vraagt van medewerkers nog steeds relatief meer tijd naast hun reguliere werkzaamheden. Gemeenten optimaliseren de nieuwe werkwijze al doende, zo ook Midden-Delfland. Kennis, vaardigheden en expertise groeien in de praktijk, en (digitale) inrichting van processen vordert gestaag. De verwachting is dat eind 2024 voldoende ervaring opgedaan is om aan te geven wat de structurele implicaties van de Omgevingswet zijn op de organisatie en personele formatie. Tevens kan besluitvorming over het geactualiseerde beleid voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) in 2024 invloed hebben op de vereiste personele formatie. Na inwerkingtreding van de Omgevingswet kan een omgevingsvergunning niet meer van rechtswege van kracht worden. De gemeente kan wel in gebreke gesteld worden als niet binnen de daarvoor gestelde termijn de vergunningaanvraag afgehandeld wordt. de aanvrager kan vervolgens een dwangsom eisen van de gemeente. Deze eventuele kosten zijn niet te verhalen en hebben momenteel geen specifieke dekking in de begroting. De Omgevingswet zal tevens leiden tot een verschuiving van vergunningverlening naar toezicht en handhaving.

Dit kan negatieve financiële gevolgen voor gemeenten hebben, omdat toezichts- en handhavingstaken niet bekostigd worden vanuit de leges. Dat brengt de bekostiging van het benodigde achteraf-toezicht in gevaar. Met de Omgevingswet komen bodemsaneringstaken van provincie naar gemeenten. Na de overdracht zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle omgevingswetzaken voor bodem, zoals het graven in en saneren van verontreinigde grond of het toepassen van verontreinigde grond en bagger. In de praktijk zal Midden-Delfland deze taken beleggen bij Omgevingsdienst Haaglanden. Vanaf 2024 heeft dit een kostenverhogend effect. Er is voor Midden-Delfland onderzoek gaande naar kostendekkendheid van leges, rekening houdende met de activiteiten onder de Omgevingswet. Dit onderzoek dient in 2024 afgerond te zijn. De resultaten hiervan kunnen leiden tot andere bedragen in de tarieventabel. Ook binnen de VNG is kostendekkendheid van VTH-taken onderwerp van gesprek, dat samen met diverse belangenpartijen en op interbestuurlijk niveau gevoerd wordt onder meer ten aanzien van mogelijke compensatie voor gemeenten vanuit het Rijk voor de nadelige effecten van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging. Monitoring blijft belangrijk voor eventuele verdere compensatie. Daarom roept de VNG alle gemeenten op om deel te nemen aan de Financiële Monitor Omgevingswet. MiddenDelfland heeft zich aangemeld.

De Omgevingswet wordt namens het Rijk de komende vijf jaar periodiek geëvalueerd. De evaluatie moet duidelijk maken hoe de Omgevingswet in de praktijk uitpakt en of de wet zijn doel bereikt. Indien besluitvorming of ontwikkelingen op Rijksniveau daartoe aanleiding geven, zal de financiële consequentie hiervan opgenomen worden in de meerjarenbegroting 2025-2028.

Omgevingsvisie en omgevingsplan Gemeenten zijn verplicht om onder de Omgevingswet een Omgevingsvisie en een Omgevingsplan op te stellen. De Omgevingsvisie 2.0 bouwt voort op de huidige Omgevingsvisie 1.0, waartoe met de raad het participatietraject zal worden bepaald. De Toekomstvisie 2050 is een basis voor de Omgevingsvisie Gemeente Midden-Delfland

27

Kadernota 2025-2028 2.0, met een integrale verbreding op alle maatschappelijke opgaven. De Omgevingsvisie dient volgens de invoeringswet uiterlijk 1 januari 2027 vastgesteld te zijn. Omdat de Toekomstvisie 2050 richtinggevende uitspraken bevat, wordt met opstelling van de Omgevingsvisie gestart na besluitvorming over de Toekomstvisie. De Omgevingsvisie 2.0 zal na het participatietraject uiterlijk in 2026 worden vastgesteld. Het Omgevingsplan dient uiterlijk 1 januari 2032 vastgesteld te zijn. Opstelling ervan zal starten na vaststelling van de Omgevingsvisie 2.0. Al eerder zal de raad een besluit nemen over de beslisruimte die zij aan zich wil houden of juist wil vrijgeven aan de inwoners en ondernemers.

Woningbouw Om vitale dorpen te behouden zijn na 2030 nieuwe woningbouwlocaties nodig. Hierbij zal eerst bezien worden of dat in de bestaande kernen kan. Indien dat niet kan zullen andere locaties gezocht moeten worden, echter met behoud van de landschappelijke kwaliteiten die Midden-Delfland voor de regio bijzonder maken. De potentiële locaties zullen onderwerp zijn bij de op te stellen dorpsvisies, die vervolgens bouwstenen zijn voor de Omgevingsvisie 2.0. Zodoende is er ruimte voor een integrale politiek-bestuurlijke afweging omtrent potentiële woningbouwlocaties voor na 2030. De woningmarkt staat nog steeds onder druk als gevolg van (macro-)economische ontwikkelingen. Het woningtekort, stijgende rente, toenemende bouwkosten en onzekerheid over het beleid van het Rijk en de internationale situatie spelen hierbij een rol. Deze ontwikkelingen hebben effect op de ruimtelijke ontwikkeling en woningbouwactiviteiten in het bijzonder. Rijk en provincie bieden diverse subsidiemogelijkheden aan voor stimulans van de woningbouwprogrammering. Het gaat om bijdragen die een impuls moeten geven aan het versnellen van woningbouw of oplossen van knelpunten bij de realisering ervan. Wij zetten ons in om deze externe financiering te ontvangen en hebben aanvragen ingediend.

De uitkomsten van onze aanvragen worden verwerkt in de begroting en leiden wellicht tot minder meerkosten en versnelling van de woningbouw waardoor we eerder resultaten kunnen halen voor de samenleving.

Water en bodem Water en bodem zijn de komende jaren een belangrijk thema. Het landschap van Midden-Delfland levert een waardevolle bijdrage voor onze gemeente en de regio aan het vasthouden van water in relatie tot bodemdaling, en het voorkomen van wateroverlast in bebouwd gebied. De gemeente Midden-Delfland heeft een belangrijke rol om dit thema samen met regionale partners gestalte te geven in het zogenaamde Verstedelijkingsgebied Zuidelijke Randstad binnen het nationale omgevingsbeleid, en de aanstaande Omgevingsvisie van de provincie. ‘Water en Bodem Sturend’ is door het Rijk en de provincie omarmd als ordeningsprincipe in de ruimtelijke ordening. De kwaliteiten van bodem en ondergrond worden nog onvoldoende meegenomen bij het oplossen van maatschappelijk opgaven.Aspecten die aandacht zullen moeten krijgen in onze Omgevingsvisie 2.0 zijn onder meer: tegengaan wateroverlast (inclusief waterberging), verhogen grondwaterpeil in veenweidegebieden en tegengaan oxidatie van veen door het scheuren van grasland, mogelijke bescherming nieuwe drinkwaterbronnen, en klimaatbestendigheid van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Door de stijging van de zeewaterspiegel verschuift ook de verziltingsgrens landinwaarts, met consequenties voor MiddenDelfland. De opgaven met betrekking tot water en bodem vragen samenwerking met alle gebiedspartijen, met name het Hoogheemraadschap.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=db289d9f-5aa2-4a40-85bd-d7e4ba9ec1a9