CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

GETEKEND Verordeningen Wmo en Jeugdhulp

Raadsvergadering 22 december 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Verordeningen Jeugd en Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) 202312.141 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat de client en/of zijn pgb-beheerder problemen zal hebben bij het omgaan met een pgb; b. er sprake is van vastgesteld oneigenlijk gebruik of misbruik van een pcb in het verleden; c. er naar het oordeel van het college andere, zwaarwegende bezwaren bestaan tegen de verstrekking. Artikel 14. Hoogte pgb 1. De hoogte van een pgb: a. wordt bepaald aan de hand van een door de jeugdige en/of ouders) opgesteld budgetplan, waarin in ieder geval uiteen is gezet: 1. welke jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort de jeugdige of zijn ouders van het budget willen betrekken; 2. de motivatie waarom het natura-aanbod van de gemeente niet passend is; 3. de voorgenomen uitvoerder van de individuele voorziening en de wijze waarop de jeugdhulp georganiseerd wordt; 4. op welke wijze de kwaliteit van de jeugdhulp is gewaarborgd; 5. de kosten van de uitvoering, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief; b. wordt berekend op basis van een tarief of prijs: 1. waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb de jeugdige of zijn ouders in staat stelt tijdig kwalitatief goede jeugdhulp van derden te betrekken; 2. waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de jeugdige of zijn ouders de jeugdhulp willen betrekken, en; 3.

waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in het zesde lid gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de jeugdige of zijn ouders de mogelijkheid heeft om de betreffende jeugdhulp te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk;

2.

3.

4.

5.

6.

7.

c. bedraat niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare individuele voorciening in natura. Als het op basis van het eerste lid vastgestelde pgb hoger is dan een zorg in natura voorziening, kan het college het pgb voor dat deel weigeren dat duurder is dan het door het college voorgestelde aanbod. Ouders kunnen in deze gevallen bijbetalen voor dat deel dat duurder is dan het door het college voorgestelde aanbod. Het college stelt afzonderlijke formele pgb-tarieven vast voor de volgende vormen van jeugdhulp: a. begeleiding individueel/gezin; b. specialistische begeleiding individueel/gezin; c. persoonlijke verzorging; d. groepsbegeleiding basis; e. groepsbegeleiding specialistisch; f. dagbesteding; g. logeren laag intensief; h. logeren hoog intensief; i. Verblijf licht; j. Verblijfstraject middelzwaar; k. Verblijf middel woonhoeve; 1. Verblijf middel gezinshuis; m. Verblijf middel gezinshuis-plus; n. Verblijf langdurig (beschermd) wonen; o. vervoer. Het tarief voor het pgb voor formele hulp bedraagt 70% van het rekenkundig gemiddelde van de zorg in natura tarieven waartegen jeugdhulpaanbieders zich voor 2021 hebben ingeschreven op de in het vierde lid genoemde vormen van jeugdhulp, met uitzondering van de hoogste en de laagste inschrijving.

Als het op basis van het eerste lid vastgestelde pgb in een individueel geval onvoldoende is om de aangewezen jeugdhulp te kunnen inkopen, wordt het tarief verhoogd tot en met het laagste bedrag waarvoor de aangewezen hulp wel bij een jeugdhulpaanbieder kan worden ingekocht. Een maandelijkse uitbetaling voor de voorzieningen als bedoeld in het vierde lid is niet mogelijk voor formele aanbieders, met uitzondering van de voorziening als bedoeld in het vierde lid, onderdeel ~ tot en met n. Het college stelt afzonderlijke informele pgb-tarieven vast voor de volende vormen van jeugdhulp: a. persoonlijke verzorging; b. ondersteuning/begeleiding individueel; c. begeleiding groep/dagbesteding; d. verblijf/logeren; e. vervoer. De hoogte van het pgb voor informele hulp is bij het bestaan van een dienstbetrekking gelijk aan het minimum uurloon, inclusief vakantiebijslag, zoals bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag voor een persoon van 22 jaar of ouder met een 36-urine werkweek. Een maandelijkse uitbetaling voor de voorzieningen als bedoeld in het zevende lid is niet mogelijk voor informele aanbieders, met uitzondering van de voorziening als bedoeld in het zevende lid, onderdeel d.

10. Het college kan jaarlijks per 1 januari de in het kader van deze verordening vastgestelde tarieven verhogen of verlagen. Het college kan per tarief en voorziening bepalen welk indexcijfer hierbij wordt gehanteerd. 11. Als er geen gebruik wordt gemaakt van de in dit artikel genoemde tarieven voor de categorieën pgb worden de bedragen, doelgroepen en andere mogelijke nadere invullinden vastgesteld aan de hand van de criteria, zoals in de wet, het daarop gebaseerde besluit, de Verordening en de Nadere regels zijn gesteld. Artikel 15. Voorwaarden pgb door informele aanbieder De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het eigen sociale netwerk: a. er is sprake van een zware beperking en deze vorm van informele ondersteuning is noodzakelijk voor het kunnen wonen en functioneren van de jeugdige binnen het eigen gezin, en: er is sprake van ten minste één of enkele van de onderstaande situaties: 1. de hulp is niet goed vooraf in te plannen; 2. de hulp moet op ongebruikelijke tijden geleverd worden; 3. de hulp moet op veel korte momenten per dag geboden worden; 4. de hulp moet op verschillende locaties worden geleverd; 5. de hulp moet 24 uur per dag en op afroep beschikbaar zijn; 6.

de hulp moet vanwege de aard van de beperking geboden worden door een persoon waar de jeugdige geen hechtings- of contactprobleem mee heeft; c. het gaat niet om GGZ-behandeling; d. in afwijking van het eerste lid wordt geen pgb verstrekt als uit onderzoek blijkt dat de jeugdige en/of ouders de hulpvraag op eigen kracht kunnen oplossen. Artikel 16. Voorwaarden pgb-beheerder 1. Voor het beheren van een pgb wordt verwacht dat de beoogd budgetbeheerder in ieder geval aan de tien voorwaarden voor pgb-vaardigheid voldoet. Dat betekent dat de beoogd budgetbeheerder: a. de eiden situatie kan overzien, dan wel die van de hulpvrager en een duidelijk beeld heeft van de hulpvraag; b. op de hoogte is van de regels en verplichtingen die horen bij een pgb of weet waar deze informatie te vinden is bij de desbetreffende instanties; c. een overzichtelijke pgb-administratie bij kan houden, waardoor er inzicht is in de bestedingen van het pgb; d. in staat is om voldoende vaardig te communiceren met de gemeente, zorgverzekeraar of het zorgkantoor, de SVB en de hulpverleners; e. zelfstandig kan handelen en onafhankelijk voor een hulpverlener kan kiezen; f. in staat is om afspraken te maken en vast te leggen en om dit te verantwoorden aan verstrekkers van het pgb; g, kan beoordelen en beargumenteren of de geleverde hulp passend en kwalitatief goed is; h.

in staat is om de inzet van hulpverleners te coordineren, waardoor de hulp door kan gaan, ook bij verlof en ziekte; i. als werk- of opdrachtgever de hulpverleners aan kan sturen en aan kan spreken op hun functioneren.

voldoende juridische kennis over het werk- of opdrachtgeverschap heeft of deze kennis weet te vinden. 2. Het college acht een persoon niet in staat de aan een pgb verbonden taken verantwoord te kunnen uitvoeren indien er sprake is van één of meerdere van de volgende omstandigheden: a. problematische schuldenproblematiek; b. ernstige verslavingsproblematiek; c. aangetoonde fraude begaan in de vier jaar voorafgaand aan de aanvraag; d. een verstandelijke beperking; e. een ernstig psychiatrisch ziektebeeld; f. een vastgestelde, blijvende cognitieve stoornis; g. het onvoldoende machtig zijn van de Nederlandse taal in woord en geschrift; h. het niet voldoen aan de voorwaarden voor pgb-vaardigheid, zoals genoemd in lid 1. 3. Onverlet het bepaalde in de vorige twee leden wordt een pgb-beheerder alleen geacht de aan het pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te kunnen voeren, indien de p~bbeheerder: a. niet tevens uitvoerder is van de ondersteuning die met het pgb wordt ingekocht; b. er geen sprake is van een (financiële) relatie tussen de pcb-beheerder en de pgbaanbieder; c. in voldoende nabijheid is in de vorm van fysieke aanwezigheid en tijd. 4. Een cliënt kan maximaal twee keer een pgb-beheerder aandragen. Als dit niet leidt tot een geschikte pgb-beheerder, dan wordt het financieren van een individuele voorziening door middel van een pgb afgewezen. j.

Artikel 17. Opschorting betaling uit het pgb 1. Het college kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken als er ten aanzien van de persoon aan wie het pgb is verstrekt een ernstig vermoeden is gerezen dat sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid, onder a, d of e, van de wet. 2. Het college stelt de persoon aan wie het pgb is verstrekt schriftelijk op de hoogte van een verzoek als bedoeld in het eerste lid. Artikel 18. Zak- en kleedgeldregeling 1. Het college stelt ten behoeve van de jeugdige op wie een kinderbeschermingsmaatregel van toepassing is, waarbij het voor de voogd waar de jeugdige onder toezicht staat, blijkt dat het duurzaam onmogelijk is om zelf van de onderhoudsplichtige ouders een bijdrage voor zak- en kleedgeld te ontvangen, een vervangende bijdrage ter beschikking gelijk aan maximaal de fieldende wettelijke kinderbijslag volgens de Algemene kinderbijslagwet. De bijdrage wordt uitbetaald aan de voogd van de jeugdige of de instelling waar de jeugdige verblijft mits de jeugdhulpinstelling aantoont dat zij zelf voldoende heeft getracht de ouders aan te spreken op hun onderhoudsplicht. 2.

Ter onderbouwing van de aanspraak uit het eerste lid overlegt de gecertificeerde instelling een dossier waaruit blijkt dat tenminste één schriftelijke aanschrijving is gedaan, waarop door de ouders geen bijdragen zijn voldaan en de ouders van de jeugdige zijn vertrokken onbekend waarheen, of dat het voor de opvang en hulpverlening aan de jeugdige van wezenlijk belang is

om het contact over de zak- en kleed~eldbijdrage met de ouders te vermijden, of dat de ouders op korte termijn niet kunnen voldoen aan de onderhoudsplicht en dit blijkt uit verkregen gegevens omtrent hun inkomens- en vermogenssituatie.

Hoofdstuk 4- Herziening, intrekking, terugvordering en controle Artikel 19. Voorkoming en bestrijding ten onrechte ontvangen individuele voorzieningen en pgb's en misbruik of oneigenlijk gebruik van de Jeugdwet 1. Het college informeert de jeugdige en ouders) in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangyen van een individuele voorziening of pgb zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. Onverminderd artikel 8.1.2 van de wet doen de jeugdige of ouders) op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening of pgb. 3. Onverminderd artikel 8.1.4 van de wet kan het college een beslissing aangaande een individuele voorziening of pcb herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: a. de jeugdige en/of zijn ouders) onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben beleid; b. de jeugdige en/of zijn ouders) niet langer op de individuele voorziening of het daarmee samenhangende pgb zijn aangewezen; c. de individuele voorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten; d.

de jeugdige en/of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden die zijn verbonden aan de individuele voorziening of het pgb; e. de jeugdige en/of zijn ouders de individuele voorziening of het pgb niet gebruiken of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is bestemd. Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen drie maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 5. Als het college een beslissing op grond van het derde lid, onder a, heeft ingetrokken, kan het college bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk ten onrechte genoten pgb invorderen. Artikel 20. Onderzoek naar recht- en doelmatigheid individuele voorzieningen en pgb's Het college onderzoekt periodiek, al dan niet steekproefsgewijs, het gebruik van individuele voorzieningen en pgb's met het oog op de beoordeling van de recht- en doelmatigheid daarvan. Artikel 21. Toezicht 1. Het college informeert jeugdigen en ouders in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een jeugdhulpvoorziening of pgb zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruiken oneigenlijk gebruik van de wet. 2.

Het college wijst een toezichthouder aan die belast is met het houden van toezicht op de naleving van de wet, waaronder de bestrijding van misbruik, oneigenlijk gebruik en (onterecht) niet-gebruik van deze wet.

3. Het college kan nadere regels vaststellen over de bevoegdheden van de toezichthouder.

Hoofdstuk 5- Verhouding prijs en kwaliteit Artikel 22. Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering Het college houdt in het belang van een goede prijs-kwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door derden te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, rekening met: a. de aard en omvang van de te verrichten taken; b. de voor de sector toepasselijke CAO-schalen in relatie tot de zwaarte van de functie; c. een redelijke toestag voor overheadkosten; d. een voor de sector reële mate van non-productiviteit van het personeel als gevolg van verlof, ziekte, scholing en werkoverleg, en; e. kosten voor bijscholing van het personeel.

Hoofdstuk 6- Vertrouwenspersoon, klachten en medezeggenschap Artikel 23. Vertrouwenspersoon Het college wijst jeugdigen en ouders erop, dat zij zich desgewenst kunnen laten bijstaan door een onafhankelijke vertrouwenspersoon. Artikel 24. Klachtregeling Het college stelt een regeling vast voor de afhandeling van klachten van jeugdigen en ouders die betrekking hebben op de wijze van afhandeling van meldingen, verzoeken en aanvragen als bedoeld in deze verordening. Artikel 25, Betrekken van ingezetenen bij het beleid 1. Het college stelt ingezetenen, waaronder in ieder geval inwoners of hun vertegenwoordigers, in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. 2. Het college zorgt ervoor dat ingezetenen, waaronder in ieder geval inwoners of hun vertegenwoordigers, kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning. 3. Het college kan nadere regels vaststellen ter uitvoering van het eerste en tweede lid.

Hoofdstuk 7- Slotbepalingen Artikel 26. Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen een bepaling of bepalingen bij of krachtens deze verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken, indien toepassing voor de jeugdige en/of zijn ouders leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Artikel 27. Nadere regels Voor zover noodzakelijk voor de uitvoering van deze Verordening kan het college nadere regels stellen. Artikel 28. Intrekking oude verordeningen en overgangsrecht 1. De Verordening Jeugdhulp gemeente Midden-Groningen 2022, vastgesteld op 23 december 2021, wordt ingetrokken per 1 januari 2023. 2. Een cliënt houdt recht op een lopende voorziening verstrekt op grond van de in het eerste lid genoemde verordening tot de dag waarop het college een nieuw besluit neemt. Het besluit waarmee de lopende voorziening is verstrekt, wordt ingetrokken met ingang van de dag waarop het college een nieuw besluit neemt. 3. Indien het nieuwe besluit een lager tarief voor een persoonsgebonden budget behelst, houdt cliënt in afwijking van het tweede lid recht op de lopende voorziening tot de dag, waarop vier kalendermaanden verstreken zijn na de datum van dat nieuwe besluit, met die dag als inwerkin~tredingsdatum van het nieuwe besluit en als intrekkingsdatum van het oude besluit. 4.

Aanvragen die zijn ingediend onder de in het eerste lid genoemde verordening en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening. Artikel 29. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2023. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Jeugdhulp gemeente Midden -Groningen 2023. Artikel 30. Bijlage Bijlage I PGB-tarieven maakt integraal deel uit van deze verordening. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 22 december 2022.

De Voorzitter

De Griffier.

rt

~

Bijlage I Tabel pgb-tarieven Tabel behorend bij artikel 14 van de Verordening. Formeel Pgb-tarieven

Eenheid

Tarief formele ondersteuning

Begeleiding individueel/ gezin

Uur

€44,72

Specialistische begeleiding individueel/ gezin

Uur

€ 56,36

Persoonlijke verzorging

Uur

€ 40,71

Groepsbegeleiding basis

Dagdeel

€ 46,03

Groepsbegeleiding specialistisch

Dagdeel

€ 57,75

Dagbesteding

Dagdeel

€ 42,00

Logeren laai intensief

Etmaal

€ 132,82

Logeren hoog intensief

Etmaal

€ 209,80

Verblijf licht

Etmaal

€ 90,96

Verblijfstraject middelzwaar

Etmaal

€ 220,99

Verblijf middel woonhoeve

Etmaal

€ 66,53

Verblijf middel gezinshuis

Etmaal

€ 75,02

Verblijf middel gezinshuis-plus

Etmaal

€ 104,54

Verblijf langdurig (beschermd) wonen

Etmaal

€ 129,99

Vervoer

Retour

€ 6,82

Ondersteuning

Eenheid

Tarief

Persoonlijke verzorging

uur

€ 16,66

Informeel

Ondersteuning/begeleiding individueel

uur

€ 16,66

Begeleiding groep/dagbesteding

Dagdeel

€ 16,66

Verblijf/ logeren

Etmaal

€ 24,92

Vervoer

retour

€ 2,88

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12834279/1