CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

43 1 Bijlage 1 Vaststellingsbesluit-Gaswinning-Groningen-2022-2023

Raadsvergadering 10 november 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen/ Lange Termijn Agenda raad/ Toezeggingen34.087 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

een dergelijke voldoende rechtvaardiging. Voor de overige gasvelden en opslagen niet, daarvoor verschilt het schadebeeld dat wordt veroorzaakt dat wordt veroorzaakt door bodembeweging als gevolg van mijnbouw in de rest van het land te zeer van dat in Groningen.

PDGGO-DSGG / 22368536

Dit laat onverlet dat gedupeerden met schade door gas-, olie of zoutwinning ontzorgd moeten worden. Als gasvelden en -opslagen binnen het effectgebied van IMG liggen, is er overlap en daarom hebben IMG en CM van hun werkwijze elkaar afgestemd. Als blijkt dat de schade niet het gevolg is van het Groningenveld of UGS Norg, maar mogelijk wel van kleine velden, dan kan CM onderzoek doen naar de oorzaak en omvang van de schade. Mocht de schade het gevolg zijn van meerdere (mijnbouw)activiteiten, dan zal CM in haar advies duiden welk deel van de schade toe te rekenen is aan welk mijnbouwbedrijf. Een algemene garantstelling voor schade van de overheid, zoals de Mijnraad voorstelt, is om die reden niet nodig. IMG en CM hebben daarnaast afspraken gemaakt over het delen van kennis, gegevensuitwisseling en communicatie met bewoners. De Tweede Kamer heeft een motie aangenomen 58 die oproept een gesprek te organiseren tussen CM en IMG om de samenwerking te bespreken en de één-loketgedachte ook tussen de organisaties uit te werken. Hier wordt momenteel invulling aangegeven, de regio en ik zullen de Tweede Kamer over de voortgang informeren. 5.6.3

Sociale veiligheid, gezondheid en maatschappelijke onrust

5.6.3.1 Inleiding Zoals ook is beschreven in eerdere vaststellingsbesluiten, is onderzocht of de gaswinning in Groningen negatieve effecten kan hebben op de gezondheid van bewoners. Onderzoek vanuit onder meer de Rijksuniversiteit Groningen (Gronings Perspectief) geeft niet alleen een beeld van de symptomen en de mogelijke gevolgen, maar ook van de oorzaken en biedt daarmee een aanknopingspunt voor acties om dit specifieke negatieve effect te verminderen. Het onderzoek loopt al sinds 2016 en laat zien dat meer dan 10.000 inwoners door de gaswinning negatieve gevolgen voor gezondheid en welzijn ondervinden. Eind 2020 is besloten het onderzoek van het Gronings Perspectief te verlengen waardoor ook in de toekomst de situatie in het aardbevingsgebied kan worden gevolgd. Uit de meest recente studie over de sociale impact van gaswinning in Groningen van Gronings Perspectief (januari 2022) blijkt dat het vertrouwen in maatregelen en instanties lager is geworden ten opzichte van eerdere jaren. 59 De meest recente metingen laten – na een eerdere stijging- voor 2021 een sterke daling zien in gezondheid voor respondenten met enkel- en meervoudige schade. Deze dalingen vallen niet te wijten aan de aardbevingen rondom de metingen. De veiligheids- en risicopercepties vertonen deze daling niet.

Rondom de aardbeving nabij Garrelsweer op 16 oktober 2021 met een magnitude van 3,2 op de schaal van Richter is wel een daling in veiligheid en een stijging van risicopercepties zichtbaar. Het vertrouwen in de Rijksoverheid is bij alle groepen sterk gedaald ten opzichte van eerdere metingen. Vooral de groep met meervoudige schade scoort 58 59

Motie van het lid Segers Kamerstukken II 2020/21, 33529, nr. 1018. De psychosociale impact van schade en versterking, stand van zaken 2021, Gronings Perspectief, januari 2022. Pagina 64 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

aanzien lager op; gezondheid, veiligheid, vertrouwen in instanties en hoger op risicopercepties dan bewoners zonder schade.

PDGGO-DSGG / 22368536

Vertrouwen Het vertrouwen in de instanties in Groningen is volgens verschillende onderzoeken naar de sociale impact van de gaswinning in Groningen van de Rijksuniversiteit Groningen laag. Dit wantrouwen is het sterkst bij bewoners met meervoudige schade aan hun woning, door de onmacht die zij voelen en het gebrek aan toekomstperspectief. Concrete problemen, zoals de afhandeling van schade of de vertraging in de versterkingsopgave, worden in de ogen van veel bewoners niet aangepakt. Uit de metingen van april en oktober 2021 van Gronings Perspectief komt naar voren dat het vertrouwen in NCG en IMG in april 2021 licht is gestegen maar in oktober weer is gedaald, zowel voor mensen met enkel- en meervoudige schade. Het is opvallend dat mensen die slechts één keer schade hebben gemeld het hoogste vertrouwen in IMG hebben. In november 2021 heeft ook de Nationale Ombudsman in zijn advies “Verscheurd Vertrouwen” aan het nieuwe kabinet het herstel van vertrouwen voorop gezet. 60 In het coalitieakkoord onderkent het kabinet dit en stelt dat “een forse inspanning nodig is om het vertrouwen van de Groningers te herstellen. Daartoe wordt bewoners en ondernemers van het aardbevingsgebied in samenspraak met de regio spoedig perspectief geboden, uitgaande van wat uitvoeringstechnisch realistisch is.

Indien nodig wordt hiervoor extra geld beschikbaar gesteld” 61 Factoren die leiden tot gezondheidsproblemen Verschillende factoren kunnen gezondheidsproblemen tot gevolg hebben. De gevolgen van de gaswinning kunnen bijvoorbeeld leiden tot stress en veroorzaken volgens de onderzoekers van Gronings Perspectief een lagere ervaren gezondheid. Onderzoekers noemen als voornaamste oorzaken van de gezondheidsklachten: • schade (met name meervoudige schade), zowel de fysieke aanwezigheid van schade als de spanning die dit met zich meebrengt; • financiële zorgen over de waarde en verkoopbaarheid van het huis; • onzekerheid over de versterking; en • lange en stroperige schade- en versterkingsprocessen. In februari 2022 heeft de Tweede Kamer middels de motie Boulakjar het kabinet opgeroepen te komen met een plan van aanpak voor de mentale problemen van kinderen in het aardbevingsgebied. 62 Aandacht voor de mentale schade die ook kinderen direct en indirect ondervinden is er al langer. De Kinderombudsman heeft hiervoor in het 2017 verschenen rapport aandacht gevraagd en ook Gronings Perspectief heeft de situatie van kinderen in het aardbevingsgebied onderzocht. Uit deze rapporten komt naar voren dat de positie van kinderen en jongeren, vooral als er sprake is van meervoudige problematiek in een gezin, kwetsbaarder kan worden als zij te maken hebben met aardbevingen en schade.

Ook laat het rapport zien dat kinderen en jongeren zich weliswaar aanpassen aan de veranderende omstandigheden in het Groningse gaswinningsgebied, maar dat Verscheurd Vertrouwen, Nationale Ombudsman, 2021. Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst, coalitieakkoord, 2021-2025, VVD, D66, CDA en ChristenUnie. 62 Kamerstukken II 2021/22, 33520, nr. 971. 60 61

Pagina 65 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

er in sommige gevallen ook gedrags- en concentratieproblemen kunnen ontstaan, angst voor aardbevingen en onveiligheidsgevoel door spanningen in het gezin.

PDGGO-DSGG / 22368536

5.6.3.2 Maatregelen voor het beperken van de impact op sociale veiligheid, gezondheid en maatschappelijke onrust Perspectief De mensen in Groningen verdienen niet alleen dat de gevolgen van de gaswinning op worden opgelost, maar hebben ook recht op nieuw perspectief. Met dit doel is in 2018 het Nationaal Programma Groningen (hierna: NPG) van start gegaan. Het NPG loopt tot 2030 en is een samenwerkingsverband van het Rijk, de provincie en de aardbevingsgemeenten. De inzet is om de welvaart in de regio te vergroten. Het Rijk heeft hiervoor destijds 1,15 miljard euro beschikbaar gesteld. Dit programma is gericht op de leefbaarheid, de sociale samenhang en dorps- en wijkvernieuwing. Ook staat de energietransitie en het aanjagen en stimuleren van regionale economische ontwikkeling centraal. In januari 2022 is een nieuwe, onafhankelijke voorzitter, de heer Remkes, aangetreden. Een deel van de toegezegde projecten moet overigens nog tot uitvoering komen. Het Toukomstprogramma, waar in totaal 100 miljoen euro voor gereserveerd is, en dat is gebaseerd op ideeën van “gewone” Groningers, komt langzaam maar zeker van de grond. In aanvulling op het NPG, hebben het Rijk en de regio begin 2021 de Toekomstagenda Groningen ondertekend. 63 Hiermee zijn het Rijk en de regio een meerjarige samenwerking aangegaan op onderwerpen zoals woningbouw, energietransitie en regionale economie.

Het doel van deze samenwerking is om middelen, expertise en netwerken te bundelen. Daarbij kan worden gedacht aan de regiodeals, het volkshuisvestingsfonds, middelen voor gasvrije wijken of stimuleringsmiddelen voor de waterstofeconomie. Daarmee zijn de Toekomstagenda en het NPG complementair aan elkaar en kunnen elkaar versterken. Halfjaarlijks vindt voortgangsoverleg plaats tussen de regio en het kabinet om de Toekomstagenda te bestendigen en te actualiseren. Tot slot moet ook de aanwijzing van Groningen als NOVI-gebied (inmiddels NOVEX-gebied) bijdragen aan het verbeteren van het perspectief van de regio. Aanvullende maatregelen In het kader van sociale veiligheid, gezondheid en maatschappelijke ontwrichting worden aanvullende mitigerende maatregelen genomen. Deze maatregelen staan deels op zichzelf en komen deels tot uiting in het bieden van perspectief voor de toekomst. Een uitgebreide opsomming van wat zoal op dit terrein is gefinancierd, is opgesomd in het vaststellingsbesluit Groningen 2021-2022. Additioneel hieraan is onlangs extra budget beschikbaar gesteld aan Geestelijke Verzorging Aardbevingsgebied (hierna: GVA).

Dit stap is gezet, nadat uit een pilot in de gemeente Hogeland is gebleken dat het werk van GVA een nuttig aanvulling vormt op het werk van de aardbevingscoaches, maar dat gemeenten niet over voldoende middelen beschikken om het werk van GVA te subsidiëren. Het gaat in totaal om een bedrag van 2,4 miljoen euro voor de periode 2022-2026. 63

Kamerstukken II 2020/21, 33529, nr. 843. Pagina 66 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

Tijdens het commissiedebat van 30 juni 2022 heb ik bovendien aangekondigd te werken aan een actieplan geestelijke gezondheid, met specifieke aandacht voor kinderen.

PDGGO-DSGG / 22368536

Kinderen Er zijn in de regio al veel verschillende initiatieven ontplooid naar aanleiding van de rapporten van de Kinderombudsman en Gronings Perspectief. Zo zijn scholen met voorrang aardbevingsbestendig gemaakt, is door de Veiligheidsregio een lespakket voor scholen ontwikkeld, besteedt de GGD aandacht aan de aardbevingsproblematiek in de reguliere voortgangsgesprekken met ouders, hebben de aardbevingscoaches die in de gemeenten opereren speciale aandacht voor kinderen en jongeren in het gezin en is in een aantal gemeenten via het theaterproject “Mijn thuis, mijn verhaal” gewerkt aan het bespreekbaar maken van de problemen. Ik bezie momenteel welke verdere investeringen nog nodig en effectief zijn. Ik ga hiertoe eerst in gesprek met kinderen, hun ouders en jongeren zelf. 64 Maatschappelijke onrust Een week na mijn aantreden in januari namen duizenden mensen in Groningen deel aan een fakkeloptocht door de binnenstad. Zij gaven op indrukwekkende wijze blijk van hun boosheid en ook van hun veerkracht en onverzettelijkheid. Belangrijke aanleiding was zowel het beschikbare budget als de uitvoering van de populaire woningverbeteringssubsidie van 10.000 euro. Deze leidde tot grote onvrede onder inwoners van Groningen.

Het nieuwe kabinet heeft daarom direct 250 miljoen euro extra beschikbaar gesteld zodat alle inwoners van Groningen die in aanmerking komen voor de subsidie, deze kunnen aanvragen. Mensen die in het aardbevingsgebied wonen, hebben te lang het gevoel gehad niet gehoord te worden. Vervolgens hebben zij te lang in onzekerheid geleefd. En ondanks de goede bedoelingen en inzet van velen, leek de overheid te vaak niet naast, maar tegenover hen te staan. Dat moet anders. Bij de ambitie om het beter te doen, hoort daarom nadrukkelijk ook de opdracht aan de overheid zelf om het beleid en de uitvoering van het beleid te verbeteren. Bewoners hebben geen behoefte aan nieuwe regels of systemen, maar vooral aan een overheid die resultaten levert. Dat betekent: meer oog voor de menselijke maat, meer snelheid in de uitvoering en betere communicatie, ook over de keuzes die het kabinet maakt en de dilemma’s die daarbij spelen. Het is mijn overtuiging dat alleen een overheid die naast bewoners staat én concrete resultaten levert het vertrouwen van mensen kan terugwinnen. Daarvoor moet met de blik van uitlegbaarheid en ruimhartigheid naar de uitvoering van regels worden gekeken. Het omgaan met het spanningsveld tussen snelheid en maatwerk, en tussen juridische deugdelijkheid en menselijkheid en ruimhartigheid, is een uitdaging die continu balanceren vereist.

Het speelt zowel bij de schadeafhandeling als bij de versterking. Het van groot belang dat de uitkomsten van regelingen en procedures uitlegbaar, verdedigbaar en verklaarbaar zijn. Ik zal de Tweede Kamer daarom voor de zomer informeren welke mogelijkheden het kabinet ziet om onuitlegbare verschillen zoveel mogelijk te beperken. 64

Kamerstukken II 2021/22, 33529, nr. 1030. Pagina 67 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

5.6.3.3 Adviezen sociale veiligheid, gezondheid en maatschappelijke onrust Advies Veiligheidsregio Groningen 12 mei 2022 De Veiligheidsregio Groningen vraagt in de begeleidende brief bij haar advies aandacht voor de blijvende maatschappelijke impact van de aardbevingen, schadeafhandeling en versterkingsoperatie. Tevens benadrukt de Veiligheidsregio het belang van aandacht voor kwetsbare groepen en kinderen in het aardbevingsgebied.

PDGGO-DSGG / 22368536

Advies Mijnraad 10 juni 2022 De Mijnraad beveelt aan om voor het gezondheidsrisico normen en mitigerende maatregelen te definiëren. 5.6.3.4 Beoordeling In paragraaf 5.6.3.2 heb ik opgesomd welke maatregelen ik neem om de regio perspectief te bieden en het vertrouwen van de inwoners van Groningen in de overheid terug te winnen. Ook de situatie van kwetsbare personen en kinderen gaat mij aan het hart. Ik span me daarom in om ook hun situatie te verbeteren. Het voortzetten en verhogen van de subsidie voor GVA tot en met 2026 geeft hiervan blijk, net als mijn reactie op de motie Boulakjar. 65 Zoals toegelicht in paragraaf 5.6.3.1 worden gezondheidsrisico’s van de gaswinning sinds 2016 consequent gemonitord door onder meer de Rijksuniversiteit Groningen. De onderzoeken worden ook in de komende jaren voortgezet. De uitkomsten van de onderzoeken gebruik ik om beleid op te stellen om gezondheidsrisico’s te mitigeren. Dit heb ik beschreven in paragraaf 5.6.3.2. Hiermee worden de gezondheidsrisico’s op concrete wijze opgepakt en acht ik het niet nodig om normen te definiëren. 5.7

5.7.1

Maatschappelijke ontwrichting door afsluiting eindafnemers (criterium f) Inleiding

In paragraaf 5.3 heb ik beschreven welk niveau van winning nodig is om de leveringszekerheid van laagcalorische gasafnemers te borgen. In deze paragraaf geef ik het belang aan van het rekening houden met leveringszekerheid door het risico op maatschappelijke ontwrichting door afsluiting van eindafnemer van laagcalorisch gas te omschrijven. Dit risico wordt gedefinieerd als de kans dat eindafnemers van laagcalorisch gas moeten worden afgesloten als er minder laagcalorisch gas wordt gewonnen dan nodig is voor de leveringszekerheid en de maatschappelijke effecten daarvan. Eerst ga ik in op de algemene gevolgen van het afsluiten van eindafnemers van laagcalorisch gas. Daarna beschrijf ik de kans op en de specifieke gevolgen van de situatie dat de toegestane omvang van de winning uiteindelijk lager uitvalt dan benodigd voor de leveringszekerheid en vervolgens datzelfde voor de situatie er onvoldoende back-up capaciteit beschikbaar blijkt te zijn. 65

Kamerstukken II 2021/22, 33529, nr. 1030. Pagina 68 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

5.7.2

Algemene gevolgen afsluiten eindafnemers

Zoals beschreven in hoofdstuk 2 dien ik bij de vaststelling van het veiligheidsbelang en het maatschappelijk belang dat is verbonden aan het kunnen voorzien van eindafnemers van laagcalorisch gas een onderscheid te maken tussen de volgende categorieën eindafnemers: a) huishoudens, b) volksgezondheid, c) openbare orde en veiligheid, d) kritische processen in industrie, nuts- en basisvoorzieningen, en e) overige industrie, openbare gebouwen, bedrijven.

PDGGO-DSGG / 22368536

In het geval van een tijdelijke ernstige verstoring van de gasvoorziening en dat er moet worden overgegaan tot het afsluiten van eindafnemers, dan gebeurt dat volgens de maatregelenladder die is opgenomen in het Bescherm- en Herstelplan Gas (hierna: BH-G). 66 Dit vastgestelde noodplan is opgesteld in het kader van de Verordening (EU) nr. 2017/1938 van het Europese Parlement en de Raad van 25 oktober 2017 betreffende maatregelen tot veiligstelling van de gasleveringszekerheid en houdende intrekking van Verordening (EU) nr. 994/2010. Deze verordening schrijft voor dat prioriteit moet worden gegeven aan de levering van gas aan zogenoemde beschermde afnemers, te weten huishoudens en essentiële sociale diensten, zoals zorginstellingen, en door hen als laatste af te schakelen. Daarbij moet ook rekening worden gehouden met de gasvraag van beschermde afnemers in lidstaten waarmee het Nederlandse gassysteem, al dan niet via een derde land, direct is verbonden. In lijn hiermee is het BH-G erop gericht om beschermde afnemers zo lang mogelijk van gas te voorzien en het functioneren van het gassysteem in zijn geheel zo goed en zo lang mogelijk te waarborgen. Bij inwerkingstelling van het BH-G zullen allereerst maatregelen worden geactiveerd waarmee de vraag naar gas kan worden beperkt, zoals het oproepen tot de vermindering van aardgasverbruik.

Indien dit niet voldoende is, zal het afsluiten van afnemers moeten plaatsvinden tot een niveau waarop de resterende vraag naar gas kleiner of gelijk is aan de nog beschikbare hoeveelheden gas. Daarbij geldt voor Nederland de navolgende prioriteitsvolgorde waarbij nummer 1 de hoogte prioriteit op gaslevering heeft: 1. huishoudens; 2. volksgezondheid; 3. openbare orde en veiligheid; 4. kritische processen in industrie, nuts- en basisvoorzieningen; 5. overige industrie, openbare gebouwen, bedrijven. Indien wordt besloten tot het voor langere tijd afschakelen van (delen van) het gasnet dan zijn er in algemene zin de volgende gevolgen te onderscheiden: • Faillissement en werkeloosheid: Veel bedrijven (industrie, gastuinbouw, etc.) zijn afhankelijk van levering van gas voor (delen van) hun productieproces. Het veilig terugschakelen kan enkele uren tot dagen duren. Indien zij langere tijd geen gas meer krijgen, dan zijn er maatschappelijke, keten en/of economische gevolgen. Zo kan het voortbestaan van bedrijven direct worden bedreigd. Dit heeft ook 66

Kamerstukken II 2019/20, 29023, nr. 252. Pagina 69 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

•

•

•

•

gevolgen voor de werkgelegenheid bij afgeschakelde bedrijven en de PDGGO-DSGG / 22368536 toeleveranciers en afnemers van deze bedrijven. Dit brengt grote onzekerheid met zich mee voor getroffen huishoudens. Het ontstaan van tekorten: Het afschakelen van bedrijven kan ervoor zorgen dat de voedingssector in Nederland volledig wordt stilgelegd met directe gevolgen voor veeteelt, land- en tuinbouw. Daarnaast valt de papier- en verpakkingsindustrie stil alsmede de toelevering van rubber- en kunststoffen, bouwmaterialen en basismetaal vanuit Nederland. De behoefte aan import en export (overschotten voedingssector) kan dan dusdanig sterk toenemen dat het de bestaande import- en export infrastructuur kan overstijgen. Naar verwachtingen ontstaan er dan tekorten, ook van goederen die in het buitenland te verkrijgen zijn. Veiligheidsrisico’s: Het gasnet wordt drukloos wanneer er geen gas door stroomt. Een drukloos net kan verschuiven waardoor barsten of scheuren in de buizen kunnen ontstaan. Ook kunnen er vervuilende stoffen door drukloze buizen naar binnen dringen. Dit tast de veiligheid van het gasnet aan. Om de veiligheid van het net op peil te kunnen houden bij het opnieuw op druk brengen moet door de netbeheerder een bijzonder arbeidsintensief en kostbaar proces worden doorlopen.

Gezondheidsrisico’s: Het merendeel van de huishoudens, maar ook instellingen als ziekenhuizen en verpleeghuizen, zijn afhankelijk van de gasvoorziening voor klimaat en comfort. Mocht de gaswinning zodanig (moeten) worden verlaagd dat ook zij geen gas meer krijgen, dan betekent dat zij zonder verwarming komen te zitten en niet meer kunnen koken. Dat brengt risico’s met zich mee voor de (volks)gezondheid en kan er toe leiden dat gebieden mogelijk onleefbaar worden of door de inzet van alternatieve warmte- of kookbronnen er risico’s op brand en koolmonoxide ontstaan waardoor de veiligheid in die gebieden niet meer is te garanderen. Energiearmoede: Zoals nu met de geopolitieke spanningen door de oorlog in Oekraïne en de daardoor stijgende gasprijzen blijkt, kan de dreiging van een onderbreking van gas reeds ontwrichtend werken voor alle categorieën eindafnemers. Door de gestegen gasprijzen is de toegang tot gas niet meer gelijk, omdat eindafnemers een variërende koopkracht hebben. Sommige bedrijven kiezen ervoor hun productie te verlagen. Dit heeft economische gevolgen, maar kan ook leiden tot maatschappelijke gevolgen doordat bedrijven zich gedwongen zien personeel te ontslaan. Sommige huishoudens reageren op de hoge gasprijzen door minder gas te verbruiken, wat nadelige gevolgen heeft voor hun comfort en mogelijk gezondheid.

Ondanks dat voor deze kwetsbare huishoudens aanvullend beleid is, is dit niet voldoende om alle gevolgen te ondervangen.

Deze algemene gevolgen gelden niet alleen voor Nederland maar ook voor de ons omringende landen die voor hun gaslevering (mede) afhankelijk zijn van Nederland.

Pagina 70 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

5.7.3

Gevolgen winningsniveau lager dan benodigd volume voor leveringszekerheid

PDGGO-DSGG / 22368536

Indien ik de hoogte van de gaswinning volumematig lager vaststel dan nodig voor de leveringszekerheid, dan ontstaat er per definitie een fysiek tekort aan laagcalorisch gas. Volgens de raming van GTS is er 1,7 miljard Nm3 gaswinning uit het Groningenveld nodig om afnemers van laagcalorisch gas te kunnen voorzien. Dit is gelijk aan ruim 4% van de totale laagcalorische gas markt, die in een qua temperatuur gemiddeld jaar circa 39 miljard Nm3 bedraagt. Afgaande op de in paragraaf 5.7.2 beschreven prioritering van eindafnemers heeft het lager vaststellen van het winningsniveau dan benodigd voor de leveringszekerheid in eerste instantie met name een directe impact op een deel van afnemers in de categorie overige industrie, openbare gebouwen en bedrijven. Voor de overige categorieën worden geen directe gevolgen verwacht. 5.7.4

Gevolgen onvoldoende back-up capaciteit beschikbaar

Indien ik ertoe besluit om minder productiecapaciteit beschikbaar te houden dan geraamd, dan kunnen er momenten met een acuut fysiek tekort aan laagcalorisch gas ontstaan. Volgens de raming van GTS moet het Groningenveld beschikbaar zijn als back-up met een capaciteit van minstens 2,7 miljoen m3 per uur om te kunnen voldoen aan Europese normering voor leveringszekerheid. De leveringszekerheid kan dan gegarandeerd worden bij extreme kou en gelijktijdige uitval van de grootste bron voor laagcalorisch gas. Om deze capaciteit te kunnen garanderen moeten er in de periode oktober 2022 tot en met maart 2023 zeven productielocaties op de waakvlam staan. Door minder of geen productielocaties operationeel te houden kan er niet worden gegarandeerd dat indien er een (aanvullend) beroep op het Groningenveld wordt gedaan het gevraagde gas kan worden geproduceerd en dat het geproduceerde gas de juiste kwaliteit heeft. Dit zou leiden tot een acuut fysiek tekort aan laagcalorisch gas met gevolgen voor circa een zevende 67 van de eindafnemers die in paragraaf 5.7.2 omschreven zijn. In de zomerperiode is het minder waarschijnlijk dat er capaciteitstekorten optreden. Indien het toch voorkomt, kan dit tekort tijdelijk worden ondervangen door de injectie van laagcalorisch gas in de beringen te stoppen waardoor laagcalorisch gas beschikbaar komt.

Deze maatregel zou slechts kortstondig kunnen worden toegepast, omdat de gasopslagen anders onvoldoende worden gevuld om de leveringszekerheid in het opvolgende gasjaar te kunnen borgen. In de winterperiode worden gasopslagen per definitie niet gevuld en zou dus direct over moeten worden gegaan op de maatregelen uit het BH-G met de gevolgen voor de maatschappij zoals hiervoor beschreven in paragraaf 5.7.2. Naast het feit dat er voldoende productiecapaciteit beschikbaar gehouden wordt om alle afnemers op het juiste moment van de dag te kunnen voorzien in gas van de juiste kwaliteit bij extreme kou en uitval van bronnen, spelen er in het gasjaar 2022-2023 aanvullende risico’s mee. Ten eerste bestaat er een risico dat de nieuwe stikstofinstallatie in Zuidbroek onvoldoende functioneert. Er kunnen zich in de periode van het eerste gebruik 67

Uitgaande van een totale capaciteitsvraag van 18 miljoen Nm3 per uur bij extreme kou. Pagina 71 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

storingen voordoen. In haar brief van 16 september 2022 heeft GTS aangegeven dat tegenslagen niet uitgesloten zijn. Alhoewel de kans dat zich tegelijkertijd storingen voordoen terwijl er sprake is van extreme kou weliswaar klein is, kan een fysiek tekort in een dergelijke situatie gevolgen hebben voor tot wel een kwart 68 van de eindafnemers die in paragraaf 5.7.2 omschreven zijn.

PDGGO-DSGG / 22368536

Ten tweede bestaat door de geopolitieke spanningen door de oorlog in Oekraïne een risico op onderbrekingen in de aanvoer van hoogcalorisch gas. In eerste instantie wordt een dergelijke onderbreking opgevangen door het BH-G in te schakelen. Echter, omdat hoogcalorisch gas in stikstofinstallaties wordt omgezet naar laagcalorisch gas, leidt een tekort aan hoogcalorisch gas tot een lagere beschikbaarheid van geconverteerd gas. Daardoor kan het als ultimum remedium noodzakelijk zijn om extra Groningengas te produceren om beschermde eindafnemers van laagcalorisch gas te kunnen voorzien van gas. Als hiervoor onvoldoende capaciteit beschikbaar is, wordt het noodzakelijk om eindafnemers af te sluiten met grote gevolgen voor alle categorieën eindafnemers. In dit licht heeft GTS mij geadviseerd 69 om de nu beschikbare capaciteit van het Groningenveld in stand te houden en geen productiecapaciteit uit bedrijf te nemen. In het aanvullende advies van 16 september 2022 onderstreept GTS dit belang nogmaals. 5.7.5

Conclusie

Eindafnemers van laagcalorische gas worden in steeds grotere mate beleverd met laagcalorisch gas dat is gemaakt door stikstof aan hoogcalorisch gas toe te voegen. Hierdoor zijn laagcalorische gasafnemers zijn steeds minder afhankelijk van het Groningenveld. Ook is de vraag naar laagcalorisch gas de afgelopen jaren sterk afgebouwd. Dit alles tezamen heeft als gevolg dat de maatschappij ontwrichtende werking van het niet inzetten van het Groningenveld voor laagcalorische gasafnemers kleiner is geworden ten opzichte van voorgaande gasjaren. Voor het gasjaar 2022-2023 is er 1,7 miljard Nm3 gas uit het Groningenveld nodig en is het Groningenveld een belangrijk reservemiddel. Het niet toestaan van deze inzet kan leiden tot het afsluiten van een deel van de laagcalorische gasafnemers en (indirect) een omvangrijk verlies aan productie en werkgelegenheid veroorzaken. Ook zijn er risico’s voor de veiligheid en gezondheid van alle inwoners van Nederland. Dit vind ik onacceptabel. Ook brengen de ingebruikname van de stikstofinstallatie in Zuidbroek en de oorlog in Oekraïne onzekerheden met zich mee. De tekorten die hierdoor kunnen ontstaan zijn omvangrijk. Ik concludeer daarom dat het risico op maatschappelijke ontwrichting als gevolg van het afsluiten van eindgebruikers te groot is indien wordt afgezien van de in dit besluit vastgestelde productie uit het Groningenveld.

68 69

Uitgaande van een totale capaciteitsvraag van 18 miljoen Nm3 per uur bij extreme kou. Aanvullend advies leveringszekerheid gasjaar 2021/2022, GTS, 14 maart 2022. Pagina 72 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

6

Afweging

In dit hoofdstuk wordt, met inachtneming van alle hiervoor besproken belangen, adviezen, zienswijzen, onderwerpen en relevante ontwikkelingen, op totaalniveau een afweging gemaakt die ten grondslag ligt aan de definitieve operationele strategie en het toegestane winningsniveau voor het gasjaar 2022-2023, zoals vastgelegd in hoofdstuk 7.

PDGGO-DSGG / 22368536

Vanwege de grote maatschappelijke gevolgen heeft het kabinet in 2018 besloten dat de gaswinning uit het Groningenveld zo snel mogelijk wordt beëindigd. Dat is volgens het kabinet de beste manier om de veiligheid in Groningen op korte termijn te verbeteren en op langere termijn te garanderen. Tegelijkertijd is het Groningenveld de enige substantiële natuurlijke bron van laagcalorisch gas waarmee huishoudens en bedrijven in Nederland en in delen van Duitsland, België en Frankrijk worden beleverd. Deze eindafnemers zijn afhankelijk van laagcalorisch gas. Het kabinet heeft zich in de afgelopen jaren door het nemen van diverse maatregelen maximaal ingespannen om de vraag naar laagcalorisch gas te verminderen en het aanbod van laagcalorisch gas uit middelen anders dan het Groningenveld te vergroten. Daarbij gaat het vooral om de productie van laagcalorisch gas door stikstof toe te voegen aan hoogcalorisch gas, dat wordt gewonnen uit kleine velden in Nederland en uit het buitenland wordt geïmporteerd. Op deze manier heeft het kabinet de winning uit het Groningenveld begrensd tot het strikt noodzakelijke. De hierboven genoemde maatregelen hebben ertoe geleid dat de winning sterk is afgebouwd en in het gasjaar 2022-2023, waar dit besluit op ziet, komt de winning in een nieuwe fase.

Er zal nog maar beperkte winning zijn, namelijk alleen nog de winning die nodig is om productielocaties operationeel te houden. In uitzonderlijke situaties mag een beperkt aanvullend beroep op het Groningenveld worden gedaan. Winning uit het Groningenveld is dus in steeds mindere mate noodzakelijk om aan de vraag naar laagcalorisch gas te voldoen. Daar staat tegenover dat door de oorlog in Oekraïne de aanvoer van hoogcalorisch gas naar Europa, en ook naar Nederland, onzeker is geworden. De afbouw van de winning heeft ertoe geleid dat de veiligheid in Groningen is verbeterd. Zoals bevestigd door het KNMI, is het aantal aardbevingen in frequentie en magnitude afgenomen, waardoor in toenemende mate aan de veiligheidsnorm wordt voldaan en lichtere versterkingsmaatregelen volstaan om adressen op norm te brengen. De operatie in Groningen om de meest kwetsbare gebouwen in het effectgebied te versterken verloopt echter niet snel genoeg. Daardoor zijn er nog altijd veiligheidsrisico’s in Groningen. Daar komt bij dat een groot aantal inwoners lijdt onder stress, wat in sommige gevallen tot gezondheidsschade leidt en heeft geleid. De klachten van deze inwoners komen vooral voort uit onzekerheid over de versterkingsopgave, de wachttijden voor schadeafhandeling en lange bureaucratische procedures in het algemeen.

Ook deze gezondheidsrisico’s zijn onderdeel van de veiligheidsrisico’s in Groningen. De conclusie, die SodM ook bevestigt, is dat nog altijd de veiligheid in Groningen onvoldoende is geborgd.

Pagina 73 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

Ik blijft daarom inzetten op de zo spoedig mogelijke definitieve beëindiging van de gaswinning uit het Groningenveld. Dit jaar kan het Groningenveld nog niet worden gesloten, omdat de gaswinning die met het operationeel houden van productielocaties gepaard gaat volgens GTS nog nodig is voor de leveringszekerheid. De stikstofinstallatie in Zuidbroek moet nog worden opgeleverd, volgens de huidige planning van GTS zal dit pas zijn in de loop van het gasjaar, naar verwachting per 1 december 2022. Na oplevering is uitval door opstartproblemen niet ondenkbaar. Ten slotte zorgt de onzekere geopolitieke situatie ervoor dat als laatste redmiddel aanvullende inzet van het Groningenveld nodig kan blijken, als alle andere maatregelen die het kabinet treft onvoldoende zouden zijn of in zichzelf tot veiligheidsrisico’s leiden. Daar komt bij dat zelfs de onmiddellijke beëindiging van de gaswinning de kans op aardbevingen wel kleiner maakt, maar op korte termijn niet uitsluit. Het huidige seismische risico wordt namelijk voornamelijk bepaald door de gaswinning in het verleden.

PDGGO-DSGG / 22368536

Concreet zie ik mij genoodzaakt om NAM vooralsnog niet toe te staan dat bij de aanvang van gasjaar 2022-2023 productielocaties uit gebruik worden genomen. Ik wil de huidige productiecapaciteit van het Groningenveld behouden zolang de volledige werking van de nog in gebruik te nemen stikstofinstallatie in Zuidbroek nog niet is bewezen. Ook vanwege de oorlog in Oekraïne en de gevolgen voor de gasmarkt en leveringszekerheid in Europa en Nederland vind ik het onverantwoord om nu tot een dergelijk besluit over te gaan. Daarvoor zijn de risico’s voor de veiligheid en gezondheid van burgers te groot. Gaswinning beneden het niveau van leveringszekerheid vind ik maatschappelijk onverantwoord en disproportioneel ten opzichte van de veiligheidswinst. GTS heeft dit beeld met haar aanvullende advies van 16 september 2022 bevestigd. In dat advies geeft GTS aan dat bij een gereduceerde vraag in zowel binnenland als buitenland, een Groningenproductie van 2,8 miljard Nm3 voldoende is om de leveringszekerheid in het gasjaar 20222023 te borgen. Vooralsnog ga ik er vanuit dat per 1 april 2023 zes productielocaties gesloten kunnen worden, maar gelet op de hiervoor beschreven onzekerheden maak ik mijn keuze definitief voor 1 april 2023.

Als ik ervoor kies om deze zes productielocaties niet te sluiten, dan heeft dit gevolgen voor dit besluit, omdat de winning hoger zal zijn (circa 0,4 miljard Nm3) als alle productielocaties ook in de zomer operationeel moeten blijven. Ook ga ik er vooralsnog vanuit dat dit winningsniveau voldoende is om de gasopslagen voor laagcalorisch gas gedurende het gasjaar 2022-2023 voldoende te kunnen vullen om de leveringszekerheid in het gasjaar 2023-2024 te kunnen borgen. GTS constateert in haar advies van 16 september 2022 dat dit mogelijk is tenzij de gasopslagen aan het einde van de winter van 2022-2023 (bijna) leeg zijn. Ik blijf de actuele vulgraad van de gasopslagen volgen. De minister voor Klimaat en Energie en ik bekijken daarnaast welke afspraken er nodig zijn om de gasopslagen ook komende zomer voldoende te kunnen vullen. Ik blijf onverminderd inzetten op (verbetering en versnelling van) de schadeafhandeling en versterking, zoals in dit besluit uitgebreid is toegelicht. Voor de volledigheid wijs ik daarbij ook op het geïntegreerde pakket van maatregelen vanuit het Rijk gericht op de toekomst van Groningen, en meer specifiek op de

Pagina 74 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

leefbaarheid, sociale samenhang, energietransitie en regionale economische ontwikkeling.

PDGGO-DSGG / 22368536

Ten slotte geldt dat de onderhavige belangenafweging raakt aan de grondrechten van burgers, kinderen in het bijzonder, op grond van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM), het Eerste Protocol van het EVRM (EP EVRM) en het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK). De door deze grondrechten beschermde belangen van de inwoners van Groningen zijn door mij in mijn afweging betrokken doordat ik de veiligheidsrisico’s aan de hand van een concrete norm op aanvaardbaarheid heb beoordeeld en daarnaast door mijn beslissing om op zo kort mogelijke termijn tot een volledige beëindiging van de gaswinning in Groningen te komen, in combinatie met (voorzorgs)maatregelen om de omstandigheden en toekomst van bewoners op alle mogelijke manieren te verbeteren. De belangen van overige burgers, inclusief kinderen, in Nederland zijn betrokken doordat het winningsniveau niet wordt verlaagd onder het niveau van de leveringszekerheid. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft aangegeven dat hoge eisen gesteld worden aan de motivering, zeker voor wat betreft het winningsniveau, omdat er mensenrechten in het geding kunnen zijn. Uit de uitspraken van 3 juli 2019 70, 15 juli 2020 71, 21 juli 2021 72 en 24 augustus 2022 73 volgt dat ik in de voorgaande besluiten over het winningsniveau aan deze motiveringseisen heb voldaan.

Ook in dit besluit heb ik dezelfde manier de keuze voor een operationele strategie en de vaststelling van het winningsniveau zorgvuldig en uitgebreid gemotiveerd. Ik stel daarom voor het gasjaar 2022-2023 een gasproductie vast van 2,8 miljard Nm3 uitgaande van 40 vorstdagen. Ik draag NAM op dit volume te winnen conform de operationele strategie als vastgelegd in hoofdstuk 7.

ECLI:NL:RvS:2019:2217. ECLI:NL:RvS:2020:1665. 72 ECLI:NL:RvS:2021:1609. 73 ECLI:NL:RVS:2022:2455. 70 71

Pagina 75 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

7

Besluit

Gelet op de raming van Gasunie Transport Services B.V. van 31 januari 2022, het voorstel voor een operationele strategie voor het gasjaar 2022-2023 van NAM van 6 april 2022, de hierover ontvangen adviezen en rapporten en gelet op artikel 52d van de Mijnbouwwet en de op basis daarvan door mij gemaakte afweging, neem ik het volgende besluit.

PDGGO-DSGG / 22368536

Besluit: Artikel 1 (vaststelling) 1. NAM, als houder van de winningsvergunning Groningenveld, voert de winning van het Groningenveld voor het gasjaar 2022-2023 uit overeenkomstig de operationele strategie met inachtneming van het bepaalde in paragraaf 4.2 en paragraaf 4.5 en houdt zich daarbij aan de hiernavolgende regels. 2. De operationele strategie, zoals opgenomen in het voorstel van NAM van 6 april 2022, maakt deel uit van dit besluit. Artikel 2 (totale gasproductie) NAM wint een hoeveelheid gas uit het Groningenveld die nodig is voor de leveringszekerheid. Dit betekent voor het gasjaar 2022-2023 een gasproductie van 2,8 miljard Nm3 uitgaande van in totaal 40 vorstdagen. Artikel 3 (productielocaties) 1. De volgende productielocaties binnen de clusters, zoals genoemd in artikel 1.3a.1 van de Mijnbouwregeling en zoals beschreven in paragraaf 4.2 en 4.5 maken vanaf 1 oktober 2022 tot en met 31 maart 2023 deel uit van de operationele strategie: a. cluster Centraal-Oost: Amsweer, Schaapbulten en Oudeweg; b. cluster Zuidwest: Kooipolder, Slochteren inclusief Froombosch, Spitsbergen, Tusschenklappen inclusief Sappemeer en Zuiderveen; c. cluster Zuidoost: De Eeker, Scheemderzwaag en Zuiderpolder. 2.

De volgende productielocaties binnen de clusters, zoals genoemd in artikel 1.3a.1 van de Mijnbouwregeling en zoals beschreven in paragraaf 4.2 en 4.5 maken vanaf 1 april 2023 deel uit van de operationele strategie: a. cluster Zuidwest: Slochteren inclusief Froombosch en Spitsbergen; b. cluster Zuidoost: De Eeker, Scheemderszwaag en Zuiderpolder. Artikel 4 (incidentele verhoging GTS) 1. De gasproductie, bedoeld in artikel 2, kan worden verhoogd met ten hoogste 1,5 miljard Nm3, indien: a. Gasunie Transport Services B.V. een verzoek doet of een aanwijzing of een instructie aan GasTerra B.V. geeft als bedoeld in artikel 4.4.5, 4.4.6, respectievelijk 4.1.4.4, van de Transportcode LNB, omdat ten minste één van de volgende omstandigheden zich voordoet: 1°. transportbeperkingen; 2°. technische mankementen aan de installaties van Gasunie Transport Services B.V.; 3°. onvoorziene ontwikkelingen in de samenstelling van het hoogcalorisch gas; 4°. feitelijke onbeschikbaarheid van de UGS Norg, UGS Grijpskerk of PGI Alkmaar; Pagina 76 van 77

Programma DG Groningen en Ondergrond Directie Schadeherstel en Gaswinning Groningen

5°. een noodsituatie als bedoeld in artikel 4.1.4.1 van de Transportcode LNB, ten gevolge waarvan Gasunie Transport Services B.V. een instructie geeft betreffende entrypunten of exitpunten van het landelijk gastransportnet, voor zover het nodig is om een daardoor ontstane onbalans gedurende zeer korte tijd op te vangen; b. dit noodzakelijk is voor een goede uitvoering van de taak van Gasunie Transport Services B.V., bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit leveringszekerheid Gaswet. 2. NAM administreert de van Gasunie Transport Services B.V. elektronisch ontvangen bevestiging van het verzoek of de aanwijzing of instructie dan wel de bevestiging dat zich een situatie voordoet als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, waaruit de omvang en het tijdstip van de extra gasproductie blijkt en administreert tevens de reden van de extra gasproductie en de wijze waarop hieraan gevolg is gegeven. 3. Indien het eerste lid wordt toegepast, meldt NAM binnen een maand na afloop van het gasjaar 2022-2023 de reden en omvang van de verhoging van de gasproductie.

PDGGO-DSGG / 22368536

Hoogachtend,

Hans Vijlbrief Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA, Den Haag. Anderen dan belanghebbenden kunnen beroep instellen als zij een zienswijze hebben ingediend over het ontwerp van dit besluit dan wel hen redelijkerwijze niet kan worden verweten dat zij dit niet hebben gedaan. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken en vangt aan met ingang van de dag na die waarop het besluit ter inzage is gelegd.

Pagina 77 van 77

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12743778/1