09. Buitengebied Midden-Groningen regels bijlagen
Tekst van het document
9|
Beleidsnotitie Kleinschalige windturbines BUITENGEBIED
definitief
Gemeente Midden-Groningen
4. Maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.1 Procedure De beleidsnotitie heeft als onderdeel van het ontwerp bestemmingsplan Buitengebied zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn kon iedereen de notitie bekijken, vragen stellen en indien nodig een zienswijze indienen. Op de notitie is geen zienswijzen ontvangen. De notitie wordt dan ook ongewijzigd vastgesteld.
4.2 Inwerkingtreding Bekendmaking van de beleidsnotitie vindt plaats door kennisgeving in het Gemeenteblad. Deze beleidsregel is een dag na bekendmaking in werking getreden. Op grond van artikel 8:2 juncto 7:1 Awb is een beleidsregel niet vatbaar voor bezwaar en beroep.
4.3 Implementeren van de beleidsnotitie De beleidsnotitie kan worden gebruikt om individuele aanvragen te toetsen waarbij voor de motivering wordt verwezen naar voorliggende beleidsregels. Bestemmingsplan De beleidsnotitie kan worden gebruikt om nieuwe aanvragen van kleinschalige windturbines te toetsen of om te gebruiken in het handhavingstraject. In beide situaties kan voor de motivering worden verwezen naar de vastgestelde beleidsregels. Het alleen vaststellen van beleid als gemeentelijke beleidsregel is in de praktijk onvoldoende, een goede wettelijke basis is noodzakelijk. Bij de globale bestemmingsplannen geldt dit beleidskader, voor het overige gelden de huidige regels in de bestemmingsplannen. Bij actualisatie van bestemmingsplannen worden voorliggende beleidsregels geïmplementeerd. Het beleidskader inclusief beoordelingscriteria zoals opgenomen in hoofdstuk 3 wordt hierbij gebruikt.
4.4 Slotregel Citeertitel en inwerkingtreding Deze beleidsnotitie wordt aangehaald als: “Beleidsnotitie Kleinschalige windturbines MiddenGroningen” Zij treden in werking de dag na bekendmaking.
Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Groningen d.d. 2021
10| 2021 – 12 -01
Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)
Bijlage 10
89
Gebiedsvisie mestopslag
Gebiedsvisie Mestopslag
1. INLEIDING Aanleiding Huidige situatie Leeswijzer 2. VISIE MESTOPSLAG Benaderingswijze Vormen van mestopslag Algemene uitgangspunten 3. KAART Landschapstypen Uitsluitingsgebieden Bufferzones 4. KWALITATIEVE CRITERIA 5. MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID 5. HARDHEIDSCLAUSULE Bijlagen 1. Zoekgebied voor mestopslag = kaart voor toetsing verzoeken 2. Afbeeldingen en omschrijvingen diverse vormen van mestopslag
Pagina:
2 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
1. INLEIDING Aanleiding De gemeente Midden-Groningen wil naast de opslagmogelijkheden voor mest op of direct aansluitend aan bestaande agrarische bouwvlakken incidenteel ook ruimte bieden voor mestopslag op veldkavels. Concreet hebben we het dan over de aanleg van foliemestbassins en/of mestzakken, en ook over de bouw van mestsilo’s, mits aan de voorwaarden wordt voldaan. De provincie Groningen stemt hier alleen mee in als daaraan een gemeentelijke gebiedsvisie ten grondslag ligt. De voorliggende visie kan worden gezien als dergelijke visie, zoals omschreven in de Omgevingsverordening Provincie Groningen 2018. De gemeente Midden-Groningen stelt deze gebiedsvisie op, die als een toetsingskader gaat fungeren voor verzoeken om mestopslag op veldkavels. Hiervoor wordt een zogenaamd facetbestemmingsplan opgesteld. Deze visie wordt uiteindelijk opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied van die gemeente en later vertaald in het omgevingsplan voor het buitengebied van de gemeente Midden Groningen. De gemeente heeft kennisgenomen van de door Provinciale Staten op 6 februari 2019 aangenomen motie om ook mestsilo’s mogelijk te maken, onder de voorwaarde dat de landschappelijke inpasbaarheid vergelijkbaar moet zijn met een foliemestbassin. Deze motie is inmiddels vertaald in het provinciaal beleid, met de aanpassing van de Provinciale Omgevingsverordening (POV), d.d.
februari 2020. In deze gebiedsvisie is de aanpassing van die verordening meegenomen, waardoor de gemeente – onder voorwaarden- ook wil meewerken aan de bouw van mestsilo’s op veldkavels. Huidige situatie Binnen het grondgebied van de voormalige gemeente Slochteren zijn al mogelijkheden voor mestopslag op veldkavels in het bestemmingsplan Buitengebied. In 2014 heeft de gemeente Slochteren, op basis van het Provinciaal Omgevingsplan, hiervoor een “convenant” met de provincie Groningen afgesloten. De afspraken uit dit convenant zijn vervolgens opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied van de gemeente Slochteren. De gemeenten Menterwolde en Hoogezand-Sappemeer beschikken niet over beleid en hebben ook geen convenant met de provincie gesloten. Wel zijn beide gemeenten in 2017 gestart met het opstellen van een gezamenlijke visie voor mestopslag.
Pagina:
3 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Daartoe hebben zij Libau gevraagd om aan de hand van een analyse van het gebied die gebieden aan te wijzen waar mestopslag zou kunnen plaatsvinden. In de voorliggende gebiedsvisie is ook het grondgebied van Slochteren “meegenomen” op basis van de criteria die Libau heeft gehanteerd voor Menterwolde en Hoogezand-Sappemeer. De voorliggende visie is dan ook van toepassing op het gehele grondgebied van Midden-Groningen. Leeswijzer In het navolgende hoofdstuk 2 wordt allereerst de benaderingswijze beschreven die aan de visie ten grondslag ligt. Ook wordt in dit hoofdstuk expliciet gemaakt over welke vorm van mestopslag deze visie gaat en welke algemene uitgangspunten worden gehanteerd. In hoofdstuk 3 wordt vervolgens ingegaan op de relevante landschappelijke, natuurlijke, cultuurhistorische en recreatieve elementen en structuren zoals we die in het buitengebied aantreffen en aangegeven wat deze voor de geschiktheid van gebieden voor mestopslag betekenen. Ook worden in dit hoofdstuk de uitsluitingsgebieden en de bufferzones genoemd, die niet voor mestopslag in aanmerking komen. In hoofdstuk 4 worden de kwalitatieve criteria geformuleerd die bij de beoordeling van ieder initiatief aan de orde zijn. In hoofdstuk 5 wordt aandacht geschonken aan de maatschappelijke uitvoerbaarheid. In hoofdstuk 6 is een hardheidsclausule opgenomen.
De hardheidsclausule is een mogelijkheid van burgemeester en wethouders om van de visie af te wijken als toepassing van die visie leidt tot een onvoorzien en onredelijk benadelend gevolg. In de bijlagen is de totaalkaart met de voor mestopslag geschikte zoekgebieden opgenomen. Daarnaast zijn op bijlage 2 afbeeldingen en omschrijvingen van diverse vormen van mestopslag vermeld. Zowel de visie als de daarbij behorende kaart worden digitaal raadpleegbaar gesteld.
Pagina:
4 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
2. VISIE MESTOPSLAG Benaderingswijze De benadering die aan de visie ten grondslag ligt bestaat uit een tweeledige afweging. I.
In deze benadering zijn er de gebieden die vanuit het oogpunt van het behoud van landschappelijke, cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten in een kaart opgenomen. De bestemmingsplannen, provinciale landschaps- en cultuurhistorische waarden en het archeologisch beleid vormen daarbij een belangrijk vertrekpunt. Deze gebieden komen niet voor mestopslag in aanmerking.
II.
Omdat de specifieke condities van de plek uiteindelijk altijd bepalend zijn voor een goede landschappelijke inpasbaarheid, is in aanvulling op de kaart, een reeks kwalitatieve criteria geformuleerd waaraan mestopslag in deze gebieden moet voldoen.
Maatwerkgesprek Voordat een vergunning kan worden verleend is er altijd een ‘maatwerkgesprek’ nodig met de initiatiefnemer. De beoordeling van het plan volgt dan uit het gesprek tussen gemeente en initiatiefnemer. De instrumenten die bij het maatwerkgesprek worden betrokken zijn de visie met kaart en bijbehorende kwalitatieve criteria. Vervolgens worden indien nodig voorwaarden meegegeven voor bijvoorbeeld de landschappelijke inpassing van de mestopslag. Deze werkwijze staat ook bekend als ‘maatwerkmethode’. Vormen van mestopslag Mestopslag kan op verschillende manieren plaats vinden. Foliemestbassin: een bassin uitgevoerd als een met een afdichtingsfolie beklede grondput voor de opslag van vloeibare mest. Het aanzicht bestaat uit een opgeworpen grondlichaam met daar omheen een hekwerk. De hoogte van het grondlichaam is afhankelijk van de inhoud van het bassin. De grondwal is aan de binnenkant bekleed met folie of een mat, aan de buitenzijde soms met gras. Soms zal bij het bassin een installatie geplaatst zijn die de mest verpompt. Deze installatie is al dan niet in een licht bouwwerk geplaatst. Ook zal bij het foliemestbassin een verharding zijn aangelegd waar de mestvervoerder een wagen kan stallen. De vormgeving en uitstraling van een mestfoliebassin maakt dit een in beginsel inpasbaar element in het agrarische landschap.
Pagina:
5 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Een mestzak is ook een vorm van een opslag van dierlijke mest en geheel of groten deels gelegen op het maaiveld. Groot verschil met een foliebassin is dat de kunststoffolie zo is opgebouwd, dat de bodemafdichting en de afdekking één geheel vormen. Dit geldt niet voor zogenaamde mestsilo’s. De vorm, omvang en de materialisering (vaak uitgevoerd in beton of staal) van deze bouwwerken maakt dat deze niet goed in het landschap kunnen opgaan en tot een onwenselijke verstening van het buitengebied leiden. Deze bouwwerken vragen om ruimtelijke dekking van andere gebouwen en bouwwerken zoals die op agrarische bouwblokken aanwezig zijn. Traditioneel geplaatste mestsilo’s vallen daarmee ook buiten het bereik van deze visie, tenzij ze voldoen aan de uitgangspunten van de in februari 2021 aangepaste versie van de POV en verdiept worden aangelegd. Deze visie is van toepassing op de aanleg van foliemestbassins , mestzakken en - (verdiept aangelegde) mestsilo’s. In bijlage 2 laten wij een aantal afbeeldingen zien met daarbij een omschrijving van resp. een mestzak, een foliebassin en een ‘normale’ mestsilo. ALGEMENE CRITERIA VOOR MESTOPSLAG OP VELDKAVELS.
Er kan worden meegewerkt aan mestopslag, in de vorm van foliebassins en mestzakken op veldkavels, als:
wordt aangetoond dat de mestopslag op grond van milieuhygiënische belemmeringen binnen het bouwperceel of daarop aansluitend niet mogelijk is, en de voorzieningen noodzakelijk zijn om aantoonbare structurele verkeersoverlast door transportbewegingen in kernen te voorkomen of te beperken als reële alternatieve ontsluitingsroutes ontbreken, en andere ruimtelijke belangen niet onevenredig worden geschaad; en over de landschappelijke aanvaardbaarheid van de locaties en de wijze van inpassing advies wordt ingewonnen bij een onafhankelijke- of bij een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur; en de nakoming van eventueel te stellen voorwaarden aan de landschappelijke inpassing van mestopslag op de veldkavel wordt geborgd in de vorm van een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan of voorwaarde bij een de omgevingsvergunning.
Pagina:
6 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Er kan worden meegewerkt aan mestopslag, in de vorm van een mestsilo, op veldkavels, als:
wordt aangetoond dat de mestopslag op grond van milieuhygiënische belemmeringen binnen het bouwperceel of daarop aansluitend niet mogelijk is, en de mestsilo’s noodzakelijk zijn om aantoonbare structurele verkeersoverlast door transportbewegingen in de kernen te voorkomen of te beperken als reële alternatieve ontsluitingsroutes ontbreken, en de bouwhoogte van mestsilo's niet meer zal bedragen dan 2,5 meter; en andere ruimtelijke belangen niet onevenredig worden geschaad, en over (de landschappelijke aanvaardbaarheid van de locaties en de wijze van inpassing) de maatwerkmethode wordt toegepast onder begeleiding van een onafhankelijke- of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur, en de nakoming van eventueel te stellen voorwaarden aan de landschappelijke inpassing van mestopslag op de veldkavel wordt geborgd in de vorm van een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan of voorwaarde bij een de omgevingsvergunning.
Daarnaast gelden voor mestopslag in het algemeen nog de volgende uitgangspunten: de mestopslag wordt uitsluitend gebruikt ten behoeve van het eigen agrarische bedrijf; een substantieel deel van de bedrijfsgronden ligt in de directe nabijheid van de voorgestelde locatie, en de inhoud van het mestbassin bedraagt niet meer dan 3.000 m3, en de oppervlakte van het foliemestbassin mag niet meer bedragen dan 750 m2, en bij alle vormen van mestopslag geldt dat de aan te leggen grondwal niet hoger mag zijn dan 2 meter, en de milieuregelgeving verzet zich niet tegen de aanleg van de mestopslag; Als een aanvraag voldoet aan deze algemene uitgangspunten kan aan de hand van de kaart in bijlage 1 (Zoekgebied voor mestopslag) worden gezocht naar een geschikte locatie. De kaart heeft betrekking op het gehele buitengebied van de gemeente. NB: De kaart heeft een indicatief karakter; de feitelijke situatie ter plaatse wordt altijd in de beoordeling betrokken. Is bijvoorbeeld in het zoekgebied rondom een bestaande woning in het buitengebied geen bufferzone opgenomen, dan gelden nog steeds de in deze visie opgenomen normen.
Pagina:
7 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
3. KAART Landschapstypen Binnen het grondgebied van de gemeente Midden-Groningen komen verschillende deelgebieden en landschapstypen samen (zie figuur 3). De verschillende karakteristieken van deze landschapstypen vormen een belangrijke basis voor de beoordeling waar mestopslag inpasbaar kunnen zijn.
Pagina:
8 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Gorecht De westrand van het plangebied ligt binnen het deelgebied Gorecht. Dit bestaat uit de noordelijkste punt van de Hondsrug, met aan de westzijde het beekdal van de Drentsche Aa en aan de oostzijde het beekdal van de Hunze met een laaggelegen veengebied bij Engelbert, Middelbert en Westerbroek. Van de 13e tot de 20e eeuw is het veengebied ten oosten van de Hunze geëxploiteerd door kloosters en rijke burgers voor de winning van turf, die via de Hunze (binnen het plangebied nu Drentsche Diep genaamd) werd afgevoerd naar de stad Groningen. Het Drentsche Diep en de aangrenzende natte hooilanden, die de laaggelegen beekdalen en veengebieden een heel open karakter geven, zijn bepalend voor het karakter van het landschap en bevatten bijzondere landschaps-, natuur- en recreatieve waarden. Centrale Woldgebied en Duurswold Het Centrale Woldgebied en Duurswold zijn gebieden met weidse, lege landschappen. Het gebied ten zuiden van het Eemskanaal vormt het Duurswold en bestaat in hoofdzaak uit een drassig middengebied waar ruimte is voor grootschalige natuur. In het meest zuidelijke deel van dit gebied wordt de landschappelijke openheid onderbroken door een lang snoer van dorpen dat zich van Harkstede in het westen tot aan Siddeburen in het oosten uitstrekt. Deze dorpen liggen op een glaciale zandrug en vallen van verre op door hun zware beplanting.
Binnen dit gebied ligt het natuurgebied Roegwold. Oldambt Oorspronkelijk lag er een metersdik veenpakket in de voormalige Dollardboezem dat vanaf de 10e eeuw systematisch vanaf de oeverwallen van de Eems en later vanaf de oevers van veenriviertjes zoals de Munter Ae is ontgonnen. Door ontginning van het veen daalde het landoppervlak, waardoor bewoners hun woonplaatsen en akkers telkens naar hogere gronden verplaatsten, totdat zij op de stevige pleistocene ruggen terecht kwamen. Het langgerekte bebouwingslint met de dorpen Zuidbroek en Noordbroek markeert de westelijke rand van de voormalige Dollardboezem. Kenmerkend voor het landschap van het Oldambt is het grote contrast tussen deze groene bebouwingslinten op de hoger gelegen zandruggen en de grootschalige open Dollardpolders. Veenkoloniën Centraal in het gebied ligt een omvangrijk veenontginningslandschap. Met name ten zuiden van Hoogezand is de veenkoloniale ontginningsgeschiedenis in het grootschalig open en rationeel verkavelde landschap duidelijk afleesbaar.
Pagina:
9 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Kenmerkend zijn de langgerekte bebouwingslinten KielWindeweer, Borgercompagnie en Tripscompagnie en de strikte ordening en samenhang van de bebouwing met het ontginningssysteem van kanalen en wijken. De kanalen zijn lang en recht en vinden hun oorsprong in een planmatige opzet. Ze zijn ontstaan door de vervening vanaf de stad Groningen richting Stadskanaal en verder. Langs de kanalen staan boerderijen op regelmatige afstand van elkaar met daartussen op sommige plaatsen niet agrarische bebouwing of sluizen. Het kanaaldorp Kiel Windeweer is aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Uitsluitingsgebieden De onderscheidende kwaliteiten van de verschillende deelgebieden en landschapstypen biedt een eerste duidelijk houvast bij het maken van een indeling in de geschiktheid van het gebied voor mestopslaglocaties. I.
Gorecht Het deel van het Gorecht zoals gevormd door de open Kropswolderbuitenpolder en de Westerbroekstermadepolder gelegen tussen het Zuidlaardermeer/Drentsche Diep, de N386 (Woldweg) met het lint van Kropswolde en de spoorlijn Groningen- Bad Nieuweschans bevat bijzondere natuurwaarden en is grotendeels bestemd als (nood)waterbergingsgebied. Dit gebied vertegenwoordigt ook als uitloopgebied grote recreatieve gebruikswaarden. Het Natuur Netwerk Nederland verbindt ter hoogte van Waterhuizen het Zuidlaardermeergebied met het ten noorden van de A7 gelegen natuurgebied Midden Groningen. De westelijke gemeentegrens door het Zuidlaardermeer, de N386 (Woldweg) en de A7 vormen ruimtelijke logische grenzen van dit uitsluitingsgebied.
Figuur 1 De polders
Figuur 2 Het Zuidlaardermeer
Pagina:
10 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
II.
Roegwold Ten oosten van de stad Groningen ligt Roegwold, een gebied met oude natuur én nieuwe natuur. Het gebied is totaal 6300 hectare groot, inclusief 1710 ha bestaande natuur. Nieuwe natuur is in 2016 afgerond. Het gebied ligt tussen het Eemskanaal in het noorden, Siddeburen in het oosten, Kolham in het zuiden en Woudbloem in het westen. Landbouwgronden met een eentonige grasmat zijn hier tussen de al bestaande natuurgebieden omgevormd naar een gevarieerd natuurgebied. Door in dit gebied een ‘derde’ laag toe te voegen; een robuuste ‘natuur-as’, is een tegenhanger ontstaan van de cultuuras met de slingertuinen en achterliggend open agrarisch gebied. De nieuwe natuur geeft een nieuwe kwaliteit.
Figuur 3
III.
Gebiedsvisie Mestopslag
Ligging van het Roegwold
Het beschermd dorpsgezicht Kiel Windeweer Vanuit de as van het zeer langgerekte Kielsterdiep met veenkoloniale lintbebouwing strekt het beschermde dorpsgezicht zich aan weerszijden zo’n 625 meter uit. Deze maat is vanuit praktische overwegingen als maximum voor het aangewezen gebied aangehouden, hoewel het open landschap ook op grotere afstand van belang is voor de karakteristiek van de nederzetting. Een van de redenen tot aanwijzing betreft de hechte relatie tussen ruimtelijke structuur, bebouwingsbeeld en omringende landschap.
Pagina:
11 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
Gebiedsvisie Mestopslag
Alle ruimtelijke elementen –wijken, zwetsloten en kavels- hebben daardoor dezelfde afmetingen, zodat een strak rationaal landschappelijk patroon is ontstaan. De oostelijke begrenzing wordt gevormd door de structuurbepalende Kielsterachterweg (de provinciale weg N385) met in zuidelijke richting tot aan de afslag met de N963 (Veendammerweg) een parallelweg ter ontsluiting van de kavels aan de zuidkant. Langs de parallel weg ligt naast een aardgaslocatie en een enkele veldschuur één mestbassin (zie figuur 5). Gezien deze in het aanwijzingsbesluit beschreven waarden en het huidige beeld wordt het beschermde dorpsgezicht uitgesloten voor mestopslag. Uitzondering hierop vormt een zone van 50 meter over het traject waar de parallelweg aan de westkant van de Kielsterachterweg aanwezig is. De 50 meter wordt gemeten vanuit de parallelweg. Gezien het sterk rationele karakter gelden voor deze zone een aantal aanvullende kwalitatieve randvoorwaarden (zie hiervoor hoofdstuk 4). Ofschoon de strook formeel nog binnen de zone van het beschermd dorpsgezicht ligt wordt aanleiding gezien om hier mestopslag –onder voorwaarden- toe te staan. In de eerste plaats omdat de impact op het lint Kiel-Windeweer beperkt is doch in de tweede plaatse tevens omdat mestopslag in deze zone het aantal verkeersbewegingen in het lint ontlast.
Pagina:
12 van 18
Datum:
Februari 2021
Zaak: Onderwerp:
IV.
Gebiedsvisie Mestopslag
Het beschermd dorpsgezicht Fraeylemaborg te Slochteren Kenmerkend voor het Groninger landschap zijn de statige borgen. Hiervan is de Fraeylemaborg een prachtig en goed bewaard voorbeeld. De basis van wat zou uitgroeien tot de Fraeylemaborg dateert al van voor 1300. Het landgoed van de Fraeylemaborg is ruim 23 hectare groot. De borg werd in de middeleeuwen als steenhuis gesticht en groeide uit tot een imponerend gebouw met invloedrijke bewoners. In het bijbehorende landgoedbos zijn verschillende tijdslagen nog goed terug te lezen. Het park is aangelegd in Engelse landsschapsstijl. Ter bescherming van de borg en het bijbehorende landgoedbos is een buffer opgenomen van 100 meter.
Figuur 6 De Fraeylemaborg
V.
Alle bekende archeologische terreinen (monumenten), de zogeheten AMK terreinen, worden eveneens uitgesloten. De Archeologische MonumentenKaart (AMK) is een gedigitaliseerd bestand van alle bekende behoudenswaardige archeologische terreinen in Nederland.