04. Bijlage 2. Regels bij het wijzigingsbesluit en motivering bij het wijzigingsbesluit Kerkstraat, Zuidbroek
Tekst van het document
Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat De raad van de gemeente Midden-Groningen publiceert hierbij het wijzigingsbesluit (Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat) op het omgevingsplan.
Artikel I "Omgevingsplan gemeente Midden-Groningen" opgenomen in Bijlage A wordt vastgesteld.
Artikel II De gemeenteraad van de Gemeente Midden-Groningen heeft het wijzigingsbesluit op het omgevingsplan ten behoeve van Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat vastgesteld. Het perceel betreft een voormalige schoollocatie. Het schoolgebouw van de voormalige school is gesloopt, omdat er een nieuw aardbevingsbestendig kindcentrum is gebouwd. Deze ruimte komt daarmee vrij voor woningbouw. Op de locatie worden maximaal 8 grondgebonden wooneenheden toegestaan, in de vorm van rijwoningen en tweekappers.
Artikel III [Gereserveerd] Aldus besloten door de gemeenteraad van de Gemeente Midden-Groningen op 27 november 2025. Gemeente Midden-Groningen
Dit document bevat verschilmarkering t.o.v. eerdere regelingtekst. Tekst en afbeeldingen die worden toegevoegd zijn onderstreept en groen gemarkeerd, of van een groen kader voorzien. Tekst en afbeeldingen die worden verwijderd zijn doorgestreept en rood gemarkeerd, of van een rood kader voorzien.
1
Bijlage A Bijlage bij artikel I A Artikel 1.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 1.1 Begripsbepalingen 1.
Begripsbepalingen die, op de dag van de inwerkingtreding van de Omgevingswet, zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet en in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op hoofdstuk 22 van dit omgevingsplan.
2.
Bijlage II bij dit omgevingsplan bevat begripsbepalingen voor de toepassing van hoofdstuk 22 van dit omgevingsplan.
3.
Bijlage VIII bij dit omgevingsplan bevat begripsbepalingen voor de toepassing van afdeling 21.11 van dit omgevingsplan.
3 4. Bijlage IIIX bij dit omgevingsplan bevat begripsbepalingen voor de toepassing van afdeling 21.1 van dit omgevingsplan. 4 5. Bijlage VXII bij dit omgevingsplan bevat begripsbepalingen voor de toepassing van afdeling 21.2 van dit omgevingsplan. B Artikel 21.10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.10 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik voor het hobbymatig houden van paarden overeenkomstig artikel 21.9 en het bouwen voor het hobbymatig houden van paarden overeenkomstig artikel 21.18 mag niet plaatsvinden zonder dat de landschappelijke inpassing, door het planten van de bomen en de beplanting zoals aangegeven in bijlage IVXI, is gerealiseerd binnen een termijn van een jaar na ingebruikname van de gronden en bouwwerken ten behoeve van het hobbymatig houden van paarden, en in stand wordt gehouden. C Artikel 21.37 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.37 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwwerken algemeen Voor het bouwen van bouwwerken dient, als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, naast de artikelen 21.38, 21.39, 21.40 en 21.41, tevens te worden voldaan aan de eisen voor gebouwen, erfinrichting, aanzichten, kleur, materiaal en duurzaamheid uit de kavelpaspoorten zoals opgenomen in bijlage VIXIII. D Na afdeling 21.2 worden negen afdelingen ingevoegd, luidende:
Afdeling 21.3 GERESERVEERD Slochteren - Hoofdweg 200 [Gereserveerd]
2
Afdeling 21.4 GERESERVEERD Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties [Gereserveerd]
Afdeling 21.5 GERESERVEERD Muntendam - Centrumgebied [Gereserveerd]
Afdeling 21.6 GERESERVEERD Hoogezand - Stadshart vlek 3 [Gereserveerd]
Afdeling 21.7 GERESERVEERD Rietzoom (Meerweg 60) [Gereserveerd]
Afdeling 21.8 GERESERVEERD Hoogezand - Zeeheldenbuurt West [Gereserveerd]
Afdeling 21.9 GERESERVEERD Slochteren - ORIZU [Gereserveerd]
Afdeling 21.10 GERESERVEERD Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Hoogezand, Aalbersestraat [Gereserveerd]
Afdeling 21.11 Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat Paragraaf 21.11.1 Algemeen Artikel 21.47 Toepassingsbereik Afdeling 21.11 gaat over activiteiten die plaatsvinden in het gebied H21 - Zuidbroek - Kerkstraat 15 .
Artikel 21.48 Voorrangsbepaling
3
1.
De volgende regels in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan hebben voorrang op de regels in deze afdeling: a. de regels van het Facetbestemmingsplan Parkeren, van de gemeente Midden-Groningen, vastgesteld op 28-11-2019, met identificatienummer NL.IMRO.1952.fbmigparkeren-va01; b. de regels van het Facetbestemmingsplan Paarden, van de gemeente Midden-Groningen, vastgesteld op 25-04-2024, met identificatienummer NL.IMRO.1952.fbmigpaarden-va01; c. de regels betreffende de algemene en overgangsregels in het bestemmingsplan Dorpen Menterwolde, van de voormalige gemeente Menterwolde, vastgesteld op 30-11-2017, met identificatienummer NL.IMRO.1987.BPDorpen2017-0401.
2.
De regels in deze afdeling gaan voor op de volgende regels in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan: a. de regels betreffende de enkelbestemmingen en de inleidende regels van het bestemmingsplan Dorpen Menterwolde, van de voormalige gemeente Menterwolde, vastgesteld op 30-11-2017, met identificatienummer NL.IMRO.1987.BPDorpen2017-0401.
Artikel 21.49 Aanvullende aanvraagvereisten uit bruidsschat van toepassing verklaren De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van deze afdeling 21.11.
Paragraaf 21.11.2 Gebruiksactiviteiten Subparagraaf 21.11.2.1 Wonen Artikel 21.50 Toepassingsbereik Deze paragraaf gaat over regels die van toepassing zijn op de functie Wonen in het gebied H21 Wonen - Zuidbroek - Kerkstraat 15 .
Artikel 21.51 Algemeen gebruiksverbod Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies.
Artikel 21.52 Functie Wonen Ter plaatse van de functie Wonen in het gebied Wonen Zuidbroek - Kerkstraat 15 is het toegestaan gronden te gebruiken voor de volgende functies: a. wonen, al dan niet in combinatie met een vrij beroep dat voldoet aan de voorwaarden zoals gesteld in de Beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven 2019 van de gemeente Midden-Groningen, en daaraan ondergeschikt: 1. groenvoorzieningen en water; 2. parkeervoorzieningen; 3. wegen; 4. openbare nutsvoorzieningen; 5. fiets- en voetpaden, speelvoorzieningen, sierbestrating en overige verhardingen; 6. tuinen, erven, terreinen.
Artikel 21.53 Algemene regels over wonen Het volgende gebruik is bij wonen verboden: a. het gebruiken van een vrijstaand bijgebouw ten behoeve van wonen; b. het gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van een horecabedrijf, detailhandel en/of seksinrichting; c. het gebruik van gronden en opstallen voor reclamedoeleinden anders dan voor het op de gronden gevestigde bedrijf; d. het gebruik van gronden voor de opslag van schroot, afbraak- en bouwmaterialen, anders dan voor de uitvoering van krachtens de functie toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden; e. het gebruik van gronden voor de stalling en opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken) voer-, vaar- of vliegtuigen; f. het gebruik van gronden voor het storten van puin en afvalstoffen; g. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen; h. het gebruik van gronden en bouwwerken voor kamerverhuur.
Artikel 21.54 Beoordelingsregels omgevingsvergunning overig aan huis verbonden bedrijf
4
1.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning gronden en gebouwen te gebruiken voor het uitoefenen van een overig aan-huis-verbonden bedrijf.
2.
Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de activiteit als bedoeld in het eerste lid, wordt de omgevingsvergunning alleen verleend als de woonfunctie in overwegende mate blijft behouden en er geen onevenredige hinder wordt toegebracht aan het woon- en leefmilieu en de gebruiksmogelijkheden van de omliggende gronden, waarbij moet worden voldaan aan hetgeen is gesteld in Beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven 2019.
3.
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit met betrekking tot de activiteit als bedoeld in het eerste lid, worden voor de toetsing aan dit omgevingsplan in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. het beoogde overig aan-huis-verbonden bedrijf wat ter plaatse zal worden uitgeoefend; b. een opgave van de arbeidskrachten van het overig aan-huis-verbonden bedrijf; c. het grondgebonden oppervlak van de woning; d. een opgave van het deel van het grondgebonden oppervlak van de woning wat voor het overig aan-huis-verbonden bedrijf zal worden gebruikt; e. in welke mate er detailhandel zal worden uitgeoefend; f. de inrichting van de parkeervoorzieningen op het eigen terrein.
Subparagraaf 21.11.2.2 Groen Artikel 21.55 Toepassingsbereik Deze paragraaf gaat over regels die van toepassing zijn op de functie Groen in het gebied H21 Groen - Zuidbroek - Kerkstraat 15 .
Artikel 21.56 Algemeen gebruiksverbod Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies.
Artikel 21.57 Functie Groen Ter plaatse van de functie Groen in het gebied Groen Zuidbroek - Kerkstraat 15 is het toegestaan gronden te gebruiken voor de volgende functies: a. groen- en speelvoorzieningen; b. water, watergangen en waterhuishoudkundige voorzieningen; c. openbare nutsvoorzieningen; d. fiets- en voetpaden; e. parkeervoorzieningen.
Paragraaf 21.11.3 Bouwactiviteiten Artikel 21.58 Toepassingsbereik Deze paragraaf gaat over regels die algemeen van toepassing zijn op bouwactiviteiten.
Artikel 21.59 Meetbepalingen Bij het toepassen van de regels in deze paragraaf wordt op de volgende wijze gemeten: a. de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; b. de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; c. de dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; d. de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; e. de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; f. afstand tot de (zijdelingse) grens van een bouwperceel: vanaf enig punt van een bouwwerk tot de (zijdelingse) grens van een bouwperceel; g. het peil: 1. voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg waar deze grenst aan de hoofdtoegang; 2.
voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw;
5
3.
indien in of op het water wordt gebouwd: het gemiddelde waterniveau gedurende een jaar ten opzichte van NAP; tevens de waterstand die zoveel mogelijk wordt gehandhaafd en die is vastgelegd in een peilbesluit.
Artikel 21.60 Gezamenlijk geluid op de gevel (artikel 4.103 Bbl) Het gezamenlijk geluid op de gevel van geluidgevoelige gebouwen zijn de waarden zoals opgenomen in Akoestisch onderzoek Kerkstraat 15 Zuidbroek - gezamenlijk geluid, tabel 2 voor de daarin benoemde woning(en).
Artikel 21.61 Beoordelingsregels omgevingsvergunning hoofdgebouwen Voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a de volgende regels: a. hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het H21 - bouwvlak - Zuidbroek - Kerkstraat 15 worden gebouwd; b. het aantal woningen bedraagt niet meer dan ter plaatse van de bouwaanduiding Maximum aantal wooneenheden is aangegeven; c. hoofdgebouwen worden gebouwd als vrijstaand, twee-aaneen of rijwoning; d. de voorgevel van het hoofdgebouw wordt in of achter de naar de weg gekeerde bouwgrens opgericht, met dien verstande dat ter plaatse van de bouwaanduiding gevellijn de voorgevel van het hoofdgebouw in of achter de gevellijn of het verlengde daarvan wordt gebouwd; e. de afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt niet minder dan 3 meter, met uitzondering van aangebouwde zijden van woningen; f. de goothoogte bedraagt niet meer dan ter plaatse de bouwaanduiding maximum goothoogte is aangegeven; g. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan ter plaatse de bouwaanduiding maximum bouwhoogte is aangegeven; h. de dakhelling bedraagt bedraagt niet minder respectievelijk meer dan ter plaatse de bouwaanduiding minimum dakhelling en maximum dakhelling is aangegeven; i.
de overbouwde oppervlakte van het hoofdgebouw mag ten hoogste 150 m² bedragen, met dien verstande dat het bebouwingspercentage van de bouwwerken zoals genoemd in artikel 21.61, 21.62 en 21.63 ten hoogste 50% mag bedragen; j. de afstand tussen de gebouwen en overkappingen zoals genoemd in artikel 21.61 en 21.62 op een bouwperceel bedraagt ten minste 1 meter, tenzij de gebouwen en/of overkappingen aaneen worden gebouwd.
Artikel 21.62 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a de volgende regels: a. bijgebouwen en overkappingen mogen uitsluitend binnen het H21 - bouwvlak - Zuidbroek Kerkstraat 15 worden gebouwd, mits: 1. bijgebouwen en overkappingen ten minste 1 meter achter de voorgevel worden gebouwd; 2. de gezamenlijke oppervlakte van vrijstaande bijgebouwen en vrijstaande overkappingen op minder dan 10 meter achter de voorgevel ten hoogste 30 m² bedraagt; 3. een bijbehorend bouwwerk uitsluitend wordt gebouwd binnen ; b. voor de voorgevel mogen erkers, entreeportalen en vergelijkbare bouwwerken worden gebouwd, mits: 1. de afstand van de voorgevel van de erker, entreeportaal of vergelijkbaar bouwwerk tot de voorgevel van het hoofdgebouw ten hoogste 1,50 meter bedraagt, mits de horizontale diepte van het bouwperceel dat na de uitbreiding onbebouwd blijft, niet minder dan 2 meter zal bedragen; 2. de breedte ten hoogste 50% van de breedte van het bijbehorende hoofdgebouw bedraagt; 3. de overbouwde oppervlakte van het gebouw moet passen binnen de overbouwde oppervlakte genoemd in artikel 21.61, sub g, en het maximale bebouwingspercentage genoemd in artikel 21.61, sub g; 4. de hoogte niet meer dan 3 meter bedraagt; c.
de goothoogte van bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 3 meter; d. de bouwhoogte van bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 5 meter; e. het dak wordt afgedekt met kap, waarbij de dakhelling ten minste 45° en ten hoogste 55° bedraagt; f. in aanvulling op artikel 21.61, sub c, d en e geldt dat voorzover bebouwing met een bouwhoogte van meer dan 3 meter, op minder dan 3 meter van de zijdelingse perceelsgrens wordt gebouwd, de volgende voorwaarden gelden:
6
1.
g.
h.
de nokrichting mag niet meer dan 30° afwijken ten opzichte van de zijdelingse perceelsgrens, tenzij sprake is van bijgebouwen op twee aangrenzende bouwpercelen die met elkaar zijn verbonden of sprake is van een wolfseind dat gericht is op de zijdelingse perceelsgrens; en 2. indien het gebouw van 1 hellend dakvlak is voorzien, moet de lage gootlijn op de dichtstbijzijnde perceelsgrens zijn gericht; de gezamenlijke overbouwde oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 100 m2, met dien verstande dat het bebouwingspercentage van de bouwwerken zoals genoemd in artikel 21.61, 21.62 en 21.63 ten hoogste 50% mag bedragen; de afstand tussen de gebouwen en overkappingen zoals genoemd in artikel 21.61 en 21.62 op een bouwperceel bedraagt ten minste 1 meter, tenzij de gebouwen en/of overkappingen aaneen worden gebouwd.
Artikel 21.63 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwwerk, geen gebouw zijnde Voor het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a de volgende regels: a. binnen H21 - Wonen - Zuidbroek - Kerkstraat 15 mag de gezamenlijke oppervlakte per bouwperceel niet meer bedragen dan 100 m², met dien verstande dat het bebouwingspercentage van de bouwwerken zoals genoemd in artikel 21.61, 21.62 en 21.63 ten hoogste 50% mag bedragen; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevel mag niet meer bedragen dan 1 meter en achter de voorgevel niet meer dan 2 meter; c. de bouwhoogte van palen en masten, niet zijnde reclamemasten, mag niet meer bedragen dan 8 meter; d. de bouwhoogte van overige bouwwerk, geen gebouw zijnde, voor de voorgevel mag niet meer bedragen dan 1 meter en achter de voorgevel niet meer dan 5 meter.
Artikel 21.64 Aanvullende beoordelingsregels voor vergunningplichtige bouwactiviteiten De omgevingsvergunning in de zin van artikel 22.26 wordt in afwijking van artikelen 21.61 tot en met 21.63 ook in de volgende gevallen verleend, onder de voorwaarde dat er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld, verkeersveiligheid, natuur en milieu, de parkeersituatie, gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, sociale veiligheid, stedenbouwkundige karakteristieke gebouwen en landschappelijke waarde: a. het bouwen van een hoofdgebouw buiten het bouwvlak en/of op minder dan 3 meter uit de perceelgrens, voorzover het gaat om een uitbreiding van het hoofdgebouw binnen het gebied op minder dan 3 meter van de zijdelingse perceelsgrens, mits: 1. het betreffende gedeelte van het hoofdgebouw op ten minste 3 meter achter de voorgevel wordt gebouwd; 2. de maatvoering van de bebouwing, met uitzondering van de bouwhoogte, ter plaatse voldoet aan het bepaalde in artikel 21.62 sub c, d, e en f; 3. het hoofdgebouw uitsluitend wordt gebouwd binnen H21 - Wonen - Diverse locaties PVL.
Paragraaf 21.11.4 Overgangsrecht Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat Artikel 21.65 Toepassingsbereik Deze paragraaf gaat over het overgangsrecht voor gebruik en voor bouwen in het gebied H21 Zuidbroek - Kerkstraat 15 .
Artikel 21.66 Overgangsrecht gebruiksactiviteiten
7
1.
Het gebruik van gronden en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging van dit omgevingsplan door toevoeging van afdeling 21.11 Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
2.
Het is verboden het met de wijziging van dit omgevingsplan strijdig gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met de wijziging van dit omgevingsplan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
3.
Als het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging van dit omgevingsplan door toevoeging van afdeling 21.11 Diverse locaties Programma vrij-
komende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of laten hervatten. 4.
Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat al in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, onderdeel van het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan.
Artikel 21.67 Overgangsrecht bouwactiviteiten
8
1.
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging van dit omgevingsplan door toevoeging van afdeling 21.11 Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd op grond van een omgevingsvergunning voor omgevingsplanactiviteit bouwwerken en afwijkt van deze wijziging, mag, onder de voorwaarden dat de afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, onder de voorwaarden dat de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan.
2.
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning eenmalig afwijken van het eerste lid voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%.
3.
Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging van dit omgevingsplan door toevoeging van afdeling 21.11 Diverse locaties Programma vrijkomende (school)locaties - Zuidbroek, Kerkstraat, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd met het daarvoor geldende bestemmingsplan, onderdeel van het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan.
E Bijlage I wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Bijlage I Overzicht Informatieobjecten Breedte
/join/id/regdata/gm1952/2025/052da1c919154c00b5e138f68b41d396/nld@202501-09;13440477
Diepte
/join/id/regdata/gm1952/2025/a249b5ebb6fc43349fc3e590b3ef09b7/nld@202501-09;13440477
gevellijn
/join/id/regdata/gm1952/2025/04cdff6f46cd4d0da06a4c326a47b0f6/nld@202510-28;16120643
Groen Zuidbroek - Kerkstraat 15
/join/id/regdata/gm1952/2025/f582480c86a84bc59d70967e1de2a69e/nld@202510-28;16120643
H21 - aanlegactiviteiten - Kolham Hoofdweg 42-42a
/join/id/regdata/gm1952/2025/999d9d9ac5d845968baeeb94d6409b9d/nld@202501-09;13440477
H21 - Archeologisch waardevol gebied - /join/id/regdaNoordbroek - Noorderstraat 20 ta/gm1952/2024/a92bc0b2481147c1bff94c60ce2abda9/nld@2024-11-26;10054342 H21 - Bouwvlak - Kolham - Hoofdweg 42-42a
/join/id/regdata/gm1952/2025/8f8dd42da7094b3dbf8e126f48f99c64/nld@202501-09;13440477
H21 - bouwvlak - Noorderstraat 20
/join/id/regdata/gm1952/2024/32f033dd45914d3e9bb7ba1afbbaa530/nld@2024-11-26;10054342
H21 - bouwvlak - Zuidbroek - Kerkstraat /join/id/regda15 ta/gm1952/2025/4d219dd0c56b49dc9954180fc8580a88/nld@202510-28;16120643
9
H21 - Groen - Zuidbroek - Kerkstraat 15
/join/id/regdata/gm1952/2025/b29dd6a698154a4a9ef63a29e3c4c759/nld@202510-28;16120643
H21 - Hobbymatig paarden houden Noordbroek - Noorderstraat 20
/join/id/regdata/gm1952/2024/a9bf441b321546afa148b5dae67b3c91/nld@202411-26;10054342
H21 - Kolham - Hoofdweg 42-42a
/join/id/regdata/gm1952/2025/27b28b1efe1541f485e014b2acdfafea/nld@2025-01-09;13440477
H21 - Noordbroek - Noorderstraat 20
/join/id/regdata/gm1952/2024/b27ed265f6e6403f9d0ffa1a7ecdebe1/nld@2024-11-26;10054342
H21 - Wonen - Diverse locaties PVL
/join/id/regdata/gm1952/2025/f8030d52aa1647038f4c794e7587558d/nld@202510-28;16120643
H21 - Wonen - Kolham - Hoofdweg 42-42a
/join/id/regdata/gm1952/2025/81cdd77bcd0b483a8c3c4e6be32c04b4/nld@202501-09;13440477
H21 - Wonen - Noordbroek Noorderstraat 20
/join/id/regdata/gm1952/2024/a13a3f0ea8b9494dad189cb4e834383b/nld@202411-26;10054342
10
H21 - Zuidbroek - Kerkstraat 15
/join/id/regdata/gm1952/2025/5b89353e75664421b01957690be78864/nld@202510-28;16120643
Maximum aantal wooneenheden
/join/id/regdata/gm1952/2025/8f78691322664f4cbf0f069745d3d161/nld@202510-28;16120643
maximum bouwhoogte
/join/id/regdata/gm1952/2025/32cd873a93c6481fb2c24ff2a91694ba/nld@202510-28;16120643
maximum dakhelling
/join/id/regdata/gm1952/2025/c16053d6c50143ee98f7988144a047c0/nld@202510-28;16120643
maximum goothoogte
/join/id/regdata/gm1952/2025/02616197da2a47fe9427e274c9d8d425/nld@202510-28;16120643
minimum dakhelling
/join/id/regdata/gm1952/2025/75a73933af3d42c79b6b2ad24f3ce37e/nld@202510-28;16120643
nokrichting evenwijdig aan rooilijn
/join/id/regdata/gm1952/2025/97bc75a5b1274f00878759007016261b/nld@202501-09;13440477
Wonen Kolham - Hoofdweg 42-42a
/join/id/regdata/gm1952/2025/ba8797f93ff2472a9922f4902ba0a7a2/nld@202501-09;13440477
Wonen Noordbroek - Noorderstraat 20
/join/id/regdata/gm1952/2024/fc8a6d6e4f774b1ca014dffb4e42958d/nld@202411-26;10054342
Wonen Zuidbroek - Kerkstraat 15
/join/id/regdata/gm1952/2025/7839a4d08df04b0b8cbdef4f1e838397/nld@2025-10-28;16120643
F Na bijlage II worden zeven bijlagen ingevoegd, luidende:
Bijlage III GERESERVEERD Bij artikel 1.1, derde lid van dit omgevingsplan (begrippen) [Gereserveerd]
Bijlage IV GERESERVEERD Bij artikel 21.10 van dit omgevingsplan (voorwaardelijke verplichting) [Gereserveerd]
Bijlage V GERESERVEERD Bij artikel 1.1, vierde lid van dit omgevingsplan (begrippen) [Gereserveerd]
Bijlage VI GERESERVEERD Bij artikel 21.37 van dit omgevingsplan (kavelpaspoorten) [Gereserveerd]
Bijlage VII GERESERVEERD Bij artikel 1.1, vijfde lid van dit omgevingsplan (begrippen) [Gereserveerd]
Bijlage VIII Bij artikel 1.1, zesde lid van dit omgevingsplan (begrippen) Voor de toepassing van afdeling 21.11 wordt verstaan onder:
11
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouw zijnde;
bebouwingspercentage
het op de plankaart en/of in de planregels aangegeven percentage gemeten over dat deel van het bouwperceel, dat ten hoogste mag worden bebouwd;
bijgebouw
een al dan niet vrijstaand (onderdeel van een) gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het woongebouw c.q. hoofdgebouw, dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het woongebouw c.q. hoofdgebouw en dat behoort bij een op hetzelfde bouwperceel gelegen woongebouw c.q. hoofdgebouw;
bouwen
bouwen als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;
bouwvlak
een geometrisch informatieobject met een werkingsgebied waar ingevolge de regels van dit omgevingsplan bepaalde bouwwerken zijn toegestaan;
bouwwerk
bouwwerk als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
bouwwerk, geen gebouw zijnde
bouwwerk, geen gebouw zijnde als bedoeld in Bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving;
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw of een overkapping;
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik,
verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit en anders dan voor gebruik of verbruik van die goederen ter plaatse;
12
erf
het al dan niet bebouwde perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een gebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw;
erotisch getinte vermaaksfunctie
een vermaaksfunctie, die is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van porno-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal;
gebouw
gebouw als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
goot, druiplijn, boeiboord
de laagste snijlijn van gevel- naar dakvlak;
hoofdgebouw
hoofdgebouw als bedoeld in Bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving;
horecabedrijf
een bedrijf, waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt en/of waarin zaalruimte wordt verhuurd en ter plaatse beschikbaar wordt gesteld, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, met uitzondering van een seksinrichting;
huishouden
één persoon, een gezin of een hiermee gelijk te stellen groep van personen van beperkte omvang, die bij verblijf in een woning of een recreatiewoning de daar aanwezige essentiële woonvoorzieningen deelt;
kampeermiddel
onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, één en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief verblijf;
landschappelijke waarde
de aan een gebied toegekende waarde, in verband met de waarneembare verschijningsvorm van dat gebied;
lessenaarsdak
dak met één hellend, niet onderbroken, dakvlak;
meervoudige woning
een woning bestemd dan wel geschikt voor bewoning door meer dan één huishouden, vanwege het in meervoud aanwezig zijn van alle essentiële woonvoorzieningen, waarbij de essentiële woonvoorzieningen voor een huishouden niet behoeven te worden gedeeld met een ander huishouden, zich niet in één ruimte bevinden met essentiële woonvoorzieningen van een ander huishouden en vanuit de woning bereikbaar zijn zonder privé-vertrekken van een ander huishouden te moeten doorkruisen;
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen en apparatuur voor telecommunicatie;
overig aan-huis-verbonden bedrijf
het beroepsmatig uitoefenen van dienstverlenende bedrijvigheid gericht op consumentverzorging, dan wel ambachtelijke bedrijvigheid gericht op consumentverzorging, geheel of overwegend door middel van handwerk;
overkapping
elk bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een voor mensen toegankelijke oppervlakte overdekt en geheel of gedeeltelijk door ten hoogste één wand is omsloten;
platte afdekking
een horizontale afdekking of een afdekking onder een hoek van maximaal 5 graden met het horizontale vlak;
prostitutie
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
reclame-uiting
een op enige wijze met een bouwwerk verbonden zijnde, openbare aanprijzing om de afzet of het gebruik van goederen of diensten te bevorderen. Onder aanprijzing wordt mede begrepen de naam van de verkoper, dienstverlener et cetera;
seksinrichting
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie wordt verricht, dan wel een erotisch getinte vermaaksfunctie aanwezig is. Onder een seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een erotische massagesalon, sekstheater, bordeel of een parenclub, of een daarmee gelijk te stellen bedrijf, al dan niet in combinatie met elkaar;
stedenbouwkundige commissie
een onafhankelijke commissie met specifieke deskundigheid op het terrein van stedenbouw en architectuur, bestaande uit tenminste één persoon;
tijdelijke deel van dit omgevingsplan tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet voorerf
gedeelte van het erf voor de voorgevel van het woongebouw c.q. hoofdgebouw of het verlengde daarvan;
voorgevel
de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw, of indien een perceel met meerdere zijden aan een weg grenst, de gevel die door de ligging, de situatie ter plaatse en/of de indeling van het gebouw als voorgevel moet worden aangemerkt;
vrij beroep
de uitoefening van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, waaronder niet wordt begrepen de uitoefening van detailhandel of overige aan-huis-verbonden bedrijfsactiviteiten;
wonen
het verblijf houden of gehuisvest zijn in een woning;
woning
een complex van ruimten, blijkens zijn indeling geschikt en bestemd voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden (niet-meervoudige woning);
Bijlage IX Overzicht Documentenbijlagen Akoestisch onderzoek Kerkstraat 15 Zuidbroek - gezamenlijk geluid
/join/id/regdata/gm1952/2025/d146d2c05193415fb5680523ab2fc9a1/nld@202510-28;16120643
G Het opschrift van bijlage III wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Bijlage III X Bij artikel 1.1, derde lid van dit omgevingsplan (begrippen) H Het opschrift van bijlage IV wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Bijlage IV XI Bij artikel 21.10 van dit omgevingsplan (voorwaardelijke verplichting)
13
I Het opschrift van bijlage V wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Bijlage V XII Bij artikel 1.1, vierde lid van dit omgevingsplan (begrippen) J Het opschrift van bijlage VI wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Bijlage VI XIII Bij artikel 21.37 van dit omgevingsplan (kavelpaspoorten) K De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.10 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik voor en de bouwwerken ten behoeve van het hobbymatig houden van paarden moeten landschappelijk worden ingepast. Dit is door middel van deze voorwaardelijke verplichting geborgd. Hoe de landschappelijke inrichting eruit moet komen te zien, is weergeven in bijlage IVXI. L De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.15 Beoordelingsregels omgevingsvergunning hoofdgebouwen Een hoofdgebouw mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een hoofdgebouw. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een hoofdgebouw is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derdevierde lid. M De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.16 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bijbehorend bouwwerk Een bijbehorend bouwwerk mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een bijbehorend bouwwerk. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een bijbehorend bouwwerk is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derdevierde lid. N De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.17 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwwerk geen gebouw zijnde Een bouwwerk, geen gebouw zijnde mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de ver-
14
gunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een bouwwerk, geen gebouw zijnde is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derdevierde lid. O De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.38 Beoordelingsregels omgevingsvergunning hoofdgebouwen Een hoofdgebouw mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan deze algemene regels en de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een hoofdgebouw. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een hoofdgebouw is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, vierdevijfde lid. P De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.39 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bijbehorende bouwwerken Een bijbehorend bouwwerk mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een bijbehorend bouwwerk. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een bijbehorend bouwwerk is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, vierdevijfde lid. Q De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 21.40 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwwerk, geen gebouw zijnde Een bijbehorend bouwwerk mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een bijbehorend bouwwerk. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35.Wat een bouwwerk, geen gebouw zijnde is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, vierdevijfde lid. R Na sectie ' Overgangsrecht bouwactiviteiten' worden 21 secties ingevoegd, luidende:
Artikel 21.47 Toepassingsbereik Dit artikel geeft aan op welk gebied de afdeling van toepassing is. In dit hoofdstuk over ontwikkelingen in de transitiefase, zal dit gebied veelal bestaan uit het gebied dat zal worden ontwikkeld.
15
Artikel 21.48 Voorrangsbepaling Voorafgaand aan de wijziging van dit omgevingsplan waren er regels van toepassing op dit te ontwikkelen gebied. Die regels staan in onder andere ruimtelijke besluiten, bijvoorbeeld bestemmingsplannen, beheersverordeningen, wijzigingsplannen, uitwerkingsplannen en inpassingsplannen zoals we deze kennen onder de voormalige Wet ruimtelijke ordening. Deze ruimtelijke besluiten maken tijdens de transitiefase (de fase waarbinnen de gemeenten de tijd krijgen om hun oude ruimtelijke plannen om te zetten naar het definitieve omgevingsplan, loopt voor zover nu bekend tot 1-1-2032) deel uit van het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Dit volgt uit artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet en artikel 4.6, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet. De gemeente Midden-Groningen heeft de keuze gemaakt om in het geval van het mogelijk maken van een ontwikkeling door een wijziging van het omgevingsplan niet alle ruimtelijke regels te laten vervallen (de Pons), maar te werken met voorrangsregels. Deze voorrangsbepaling geeft aan wat de verhouding van deze afdeling is ten opzichte van de ruimtelijke besluiten in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. In het eerste lid is opgenomen welke regels uit ruimtelijke besluiten voorgaan op de regels in deze afdeling. Dit zijn de Facetbestemmingsplannen Parkeren en Paarden.
Deze regelingen waren en blijven van toepassing op de locatie en gaan voor op de regels uit deze afdeling. Dat wil zeggen dat de activiteiten binnen het gebied H21 – Zuidbroek – Kerkstraat 15 aan deze facetplannen moeten voldoen. Voor de (deel)locatie geldt een zgn. moederbestemmingsplan, te weten Dorpen Menterwolde. Ook een deel van dit zgn. moederbestemmingsplan gaat voor op de regels uit deze afdeling. Zo blijven de algemene regels uit het derde hoofdstuk van het moederbestemmingsplan gelden, net als het slot- en overgangsrecht uit het vierde hoofdstuk. Het tweede lid geeft aan welke regels uit ruimtelijke besluiten niet van toepassing zijn als deze afwijken van (in strijd zijn met) de regels in deze afdeling. Dat zijn de regels over de enkelbestemmingen, zoals Maatschappelijk, en de inleidende regels uit het bestemmingsplan Dorpen Menterwolde. Deze regels uit het zgn. moederbestemmingsplan vervallen en worden vervangen door de regels in deze afdeling. De enkelbestemmingen worden vervangen, zodat het initiatief qua gebruik en bouwen mogelijk wordt gemaakt.
Artikel 21.49 Aanvullende aanvraagvereisten uit bruidsschat van toepassing verklaren In paragraaf 22.5.2 van de bruidsschat zijn aanvullende aanvraagvereisten opgenomen voor vergunningaanvragen die betrekking hebben op het tijdelijk deel van het omgevingsplan (o.a. binnenplanse afwijkingen uit voormalige bestemmingsplannen). Deze aanvullende aanvraagvereisten zijn niet automatisch van toepassing op de in deze afdeling 21.11 opgenomen vergunningplichten voor omgevingsplanactiviteiten. De aanvraagvereisten uit paragraaf 22.5.2 van de bruidsschat worden van overeenkomstige toepassing verklaard op deze afdeling.
Artikel 21.50 Toepassingsbereik In dit artikel is het toepassingsbereik van deze paragraaf neergelegd. De paragraaf ziet in dit geval op de functie Wonen in het gebied H21 – Wonen – Zuidbroek – Kerkstraat 15. Dit artikel heeft met name een technisch doel, omdat elk werkingsgebied eenmaal in de tekst van een regel moet worden genoemd en zo landt in bijlage I Overzicht informatieobjecten wat van belang is voor de publicatie op de landelijke voorziening.
Artikel 21.51 Algemeen gebruiksverbod Met dit algemene gebruiksverbod is duidelijk gemaakt dat de gronden en bouwwerken in het gebied H21 – Zuidbroek – Kerkstraat 15 alleen voor de functies mogen worden gebruikt die eraan zijn toegewezen.
Artikel 21.52 Functie Wonen Welke activiteiten mogen plaatsvinden ter plaatse van de functie Wonen is aangegeven in dit artikel.
16
Wonen mag worden gecombineerd met het uitoefenen van een vrij beroep. De voorwaarden die gelden voor het uitoefenen voor een vrij beroep zijn opgenomen in de vastgestelde Beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven 2019 van de gemeente Midden-Groningen.
Artikel 21.53 Algemene regels over wonen Voor het gebruiken van gronden voor wonen gelden algemene regels. Een aantal activiteiten is niet toegestaan. Deze activiteiten hebben een negatieve invloed op het woon- en leefklimaat.
Artikel 21.54 Beoordelingsregels omgevingsvergunning overig aan huis verbonden bedrijf Een overig aan-huis-verbonden bedrijf mag alleen aan huis worden uitgeoefend wanneer er aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan en op basis daarvan een vergunning kan worden verleend. Deze voorwaarden zijn gesteld met het oog op het in overwegende mate behouden van de woonfunctie en het voorkomen van onevenredige hinder aan het woon- en leefmilieu en de gebruiksmogelijkheden van de omliggende gronden. De voorwaarden staan in de Beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven 2019. Zo moet in ieder geval één van de bewoners van de woning het bedrijf uitoefenen. Het is bedoeling dat de functie als woning niet wordt overheerst door het bedrijf. De functie als woning staat voorop. Naar aanleiding daarvan zijn ook regels gesteld om het gebruik van de woning voor het bedrijf te beperken. Detailhandel is uitgesloten, aangezien dat veel verkeersbewegingen aantrekt. Ook zijn er regels gesteld om te voorkomen dat het milieu onevenredig wordt belast. Om verrommeling te voorkomen mag er buiten niets worden opgeslagen. Om verkeersoverlast te voorkomen bijvoorbeeld door het parkeren langs de weg, mag er alleen op het erf worden geparkeerd. Daarnaast is opgesomd welke bedrijven onder een overig aan-huisverbonden bedrijf vallen. Dit is geen uitputtende opsomming.
In het derde lid zijn de aanvraagvereisten opgenomen.
Artikel 21.55 Toepassingsbereik In dit artikel is het toepassingsbereik van deze paragraaf neergelegd. De paragraaf ziet in dit geval op de functie Groen in het gebied H21 – Groen – Zuidbroek – Kerkstraat 15. Dit artikel heeft met name een technisch doel, omdat elk werkingsgebied eenmaal in de tekst van een regel moet worden genoemd en zo landt in bijlage I Overzicht informatieobjecten wat van belang is voor de publicatie op de landelijke voorziening.
Artikel 21.56 Algemeen gebruiksverbod Met dit algemene gebruiksverbod is duidelijk gemaakt dat de gronden en bouwwerken in het gebied H21 – Zuidbroek – Kerkstraat 15 alleen voor de functies mogen worden gebruikt die eraan zijn toegewezen.
Artikel 21.57 Functie Groen Welke activiteiten mogen plaatsvinden ter plaatse van de functie Groen is aangegeven in dit artikel.
Artikel 21.58 Toepassingsbereik Voor het verrichten van bouwactiviteiten gelden regels. Deze bouwactiviteiten zijn niet gelijk aan de technische bouwactiviteit. De regels over een technische bouwactiviteit staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving. De regels over de binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwen staan in dit omgevingsplan. Op die bouwactiviteit wordt in deze paragraaf gedoeld.
Artikel 21.59 Meetbepalingen In deze paragraaf staan regels over maatvoering en situering van bouwwerken. Hoe de maatvoering en situering moet worden gemeten is geregeld in dit artikel.
17
Artikel 21.60 Gezamenlijk geluid op de gevel (artikel 4.103 Bbl) Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat niet voor alle woningen wordt voldaan aan de standaardwaarden uit artikel 5.78t Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Op grond van artikel 5.78u Bkl kan het omgevingsplan dat een nieuw geluidgevoelig gebouw toelaat, erin voorzien dat het geluid op dat gebouw hoger is dan de standaardwaarde, bedoeld in 5.78t. Artikel 5.78ad Bkl bepaalt vervolgens dat bij het toepassing van artikel 5.78u het gezamenlijke geluid op de gevel van geluidgevoelige gebouwen in het omgevingsplan wordt vastgelegd. Dit artikel voorziet in het vastleggen van dit gezamenlijk geluid. Het artikel verwijst naar het opgestelde akoestische rapport. Dit rapport is opgenomen als bijlage bij het wijzigingsbesluit. In de genoemde tabel uit het akoestisch rapport is weergegeven voor welke woningen een hogere waarde dan de standaardwaarde is berekend. Dit artikel geldt enkel voor deze woning(en). Deze woning(en) moeten voldoen aan de waarden zoals opgenomen in het akoestisch rapport. De overige woning(en) die wél aan de standaardwaarde voldoen, moeten aan de standaardwaarde voldoen.
Artikel 4.103 Besluit bouwwerken leefomgeving bepaalt dat de karakteristieke geluidwering van een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied niet kleiner is dan het verschil tussen het in het omgevingsplan toegestane geluid door activiteiten, bedoeld in paragraaf 5.1.4.2.2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, en 35 dB(A). Op basis van dit verschil kan de geluidwering worden berekend.
Artikel 21.61 Beoordelingsregels omgevingsvergunning hoofdgebouwen Een hoofdgebouw mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan deze algemene regels en de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een hoofdgebouw. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een hoofdgebouw is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derde lid.
Artikel 21.62 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bijbehorende bouwwerken Een bijbehorend bouwwerk mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan deze algemene regels en de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een bijbehorend bouwwerk is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derde lid.
Artikel 21.63 Beoordelingsregels omgevingsvergunning bouwwerk, geen gebouw zijnde Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, mag alleen worden gebouwd als er wordt voldaan aan de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Dit artikel geeft invulling aan artikel 22.29, eerste lid voor zover het gaat om het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35. Wat een bouwwerk, geen gebouw zijnde is, is opgenomen in de begripsbepalingen in artikel 1.1, derde lid.
Artikel 21.64 Aanvullende beoordelingsregels voor vergunningplichtige bouwactiviteiten Als er geen onevenredige aantasting plaatsvindthet straat- en bebouwingsbeeld, verkeersveiligheid, natuur en milieu, de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, sociale veiligheid, stedenbouwkundige karakteristieke gebouwen, landschap, mag een hoofdgebouw, een bijbehorend bouwwerk of een bouwwerk, geen gebouw zijnde ook worden gebouwd als wordt voldaan aan de regels in dit artikel. Ook deze regels maken onderdeel uit van de beoordelingsregels in artikel 22.29. Voor het verrichten van een bouwactiviteit geldt namelijk de vergunningplicht in artikel 22.26. Bij het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten de gegevens en bescheiden worden overlegd die zijn opgenomen in artikel 22.35.
18
Het verschil ten opzichte van de algemene regels over bouwactiviteiten in artikelen 21.61 tot en met 21.63 is dus dat het bevoegd gezag bij de toetsing aan de regels in dit artikel ook een afweging moet maken of er voldaan wordt aan de open normen (geen onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden etc.).
Artikel 21.65 Toepassingsbereik In deze paragraaf is het overgangsrecht voor het gebruik en voor het bouwen opgenomen.
Artikel 21.66 Overgangsrecht gebruiksactiviteiten Het gebruik dat al bestond voordat de wijziging van dit omgevingsplan door toevoeging van afdeling 21.11 inwerking is getreden, mag worden voortgezet, tenzij het gebruik al niet legaal was onder het voorheen geldende bestemmingsplan.
Artikel 21.67 Overgangsrecht bouwactiviteiten De bouwwerken die al aanwezig of in uitvoering zijn voordat de wijziging van dit omgevingsplan door toevoegen van afdeling 21.11 inwerking is getreden, mogen gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd dan wel geheel worden vernieuwd of veranderd na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit bijvoorbeeld bij brand. Dit geldt niet voor illegale bouwwerken.
19
Motivering Gemeente Midden-Groningen
1 Inleiding 1.1 Aanleiding In het kader van het Scholenprogramma zijn veel basisscholen verhuisd naar nieuw gebouwde kindcentra. Veel oude schoolgebouwen zijn daardoor leeg komen te staan. In het kader van het Programma vrijkomende (school)locaties worden deze gebouwen veelal gesloopt en wordt aan deze percelen een nieuwe functie toegekend. Gelet op de grote woningbouwopgave die de gemeente Midden-Groningen heeft voor de komende jaren, zal aan deze percelen veelal een woonfunctie worden toegekend. Zo ook aan de volgende locaties: • Kerkstraat 15 te Zuidbroek; • Middenstraat 27a te Sappemeer; • Multatulistraat 26-28 te Hoogezand; • Aalbersestraat 2 te Hoogezand; • Oudeweg 74 te Westerbroek.
Op deze percelen worden woningen mogelijk gemaakt. Voor de vijf locaties tezamen maximaal 95 wooneenheden. Op twee locaties worden per binnenplanse omgevingsvergunning 2 respectievelijk 4 extra woningen toegestaan, dat het aantal op 101 wooneenheden laat uitkomen. Tijdens de ontwerpfase van deze locatie bestond het plangebied van het wijzigingsbesluit uit een vijftal woningbouwlocaties, waaronder de locatie Kerkstraat 15 te Zuidbroek. Dit betrof het wijzigingsbesluit met identificatie- en versienummer: /akn/nl/act/gm1952/2020/omgevingsplan/nld@2025-06-23;14133363. Dit wijzigingsbesluit heeft van 3-07-2025 tot en met 13-08-2025 ter inzage gelegen. Tijdens de terinzagelegging van dit wijzigingsbesluit zijn voor een aantal (deel)locaties zienswijzen binnengekomen. Om vertraging te voorkomen bij locaties waar geen discussie speelt, heeft de gemeente besloten de woningbouwlocaties op te knippen. De locaties worden afzonderlijk ter vaststelling aangeboden. Dit houdt in dat het wijzigingsbesluit van ontwerp naar vaststelling in vijf losse wijzigingsbesluiten wordt geknipt. Met voorliggend wijzigingsbesluit wordt het tijdelijk deel van het omgevingsplan Midden-Groningen gewijzigd voor de locatie Kerkstraat 15 te Zuidbroek. De wijziging heeft betrekking op het wijzigen van de huidige maatschappelijke functie naar een nieuwe woonfunctie.
Deze motivering gaat in op de achtergronden van dit wijzigingsbesluit en de relatie met het wettelijk kader. Naast de motivering is er een toelichting op het omgevingsplan. Deze gaat in op de technische kenmerken van het plan en bevat ook de juridische plantoelichting. Die toelichting is in het wijzigingsbesluit te vinden.
1.2 Het wijzigingsbesluit Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. De Omgevingswet zorgt voor veranderingen in de wet- en regelgeving rondom ruimtelijke ordening, bouwen, milieu en andere thema’s die samenhangen met de fysieke leefomgeving. Een gevolg van de Omgevingswet is dat het instrument ‘bestemmingsplan’ komt te vervallen. Hiervoor in de plaats is het gemeentebrede omgevingsplan gekomen. Het gemeentelijke omgevingsplan bevat, net als het bestemmingsplan, regels over ruimtelijke ordening, bouwen, aanleggen en slopen. Maar de reikwijdte van het omgevingsplan is breder: ook regels uit gemeentelijke verordeningen, die gaan over de fysieke leefomgeving, komen terecht in het omgevingsplan. Daarnaast bevat het omgevingsplan regels over milieu. Het gaat daarbij vaak om regels die voorheen vanuit de Rijksoverheid werden gesteld, zoals waarden voor geluid. Zulke oude rijksregels worden aangeduid als de ‘bruidsschat’. Het planvoornemen wordt in hoofdstuk 4 getoetst aan deze bruidsschatregels. Het omzetten van het oude naar het nieuwe stelsel kost tijd. Het omgevingsplan komt stapsgewijs tot stand. De voorheen geldende bestemmingsplannen zijn van rechtswege omgezet naar een tijdelijk omgevingsplan. Gemeenten hebben tot 2032 de tijd dit om te zetten naar een gemeentedekkend omgevingsplan waarin alle rijksregels zijn verwerkt.
In paragraaf 2.3 wordt nader ingegaan welke regels dit specifiek zijn. De komende jaren zal het tijdelijke deel van het omgevingsplan van Midden-Groningen stapsgewijs worden vervangen door nieuwe regels in het omgevingsplan. Dat gebeurt met wijzigingsbesluiten. Ook
20
met dit wijzigingsplan worden regels in het tijdelijk deel van het omgevingsplan vervangen door nieuwe regels die nodig zijn om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken.
1.3 Grens wijzigingsbesluit In deze paragraaf is de begrenzing van de locatie aangegeven, met een korte beschrijving van de ligging van het plangebied. Onderaan deze paragraaf is een kaart met de globale begrenzing van het plangebied van het wijzigingsbesluit opgenomen. De exacte begrenzing van het wijzigingsbesluit blijkt uit de werkingsgebieden van deze wijziging van het omgevingsplan.
Kerkstraat 15 te Zuidbroek Deze locatie is gelegen in het centrum van Zuidbroek, achter Kerkstraat 17. Onderdeel van het plangebied zijn de kadastrale percelen 1288, 2019 en (deels) 1526. De Kerkstraat mondt aan de zuidzijde uit op het Winschoterdiep en aan de noordzijde op de A7. De A7 ligt op circa 500 meter van het plangebied. Eveneens loopt op circa 500 meter ten zuiden van het plangebied het treinspoor Hoogezand-Sappemeer. De nabijgelegen functies zijn Centrum, Bedrijf, Kantoor, Woongebied en Gemengd. Iets ten westen van het plangebied begint het bedrijventerrein Zuidbroek. Figuur 1.1.
Luchtfoto Kerkstraat 15 te Zuidbroek bron: Google Maps
1.4 Leeswijzer Hoofdstuk 2 gaat in op de huidige situatie van het plangebied, de voorgenomen ontwikkeling en het hoofdstuk toetst de strijdigheid met het huidige ruimtelijke kader. Hoofdstuk 3 toetst het planvoornemen aan relevante wetgeving en beleid op rijksniveau en provinciaal en gemeentelijk niveau. Daarna worden in hoofdstuk 4 de relevante aspecten van de fysieke leefomgeving en het milieu behandeld. Hoofdstuk 5 sluit af met een conclusie over de evenwichtige toedeling van de (nieuwe) functies aan de locaties. Hoofdstuk 6 en hoofdstuk 7 gaan respectievelijk in op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.
2 Planbeschrijving
21
2.1 Huidige situatie Het plangebied bestaat uit een locatie gelegen in Zuidbroek. De locatie is gelegen in het centrum. Het betreft een (voormalige) schoollocatie. In paragraaf 1.3 is een luchtfoto van de locatie opgenomen.
2.2 Toekomstige situatie Hierna is beschreven wat de toekomstige invulling van het plangebied is. In de volgende bijlage is het kavelpaspoort opgenomen: Kavelpaspoort Kerkstraat 15 te Zuidbroek.
Kerkstraat 15 te Zuidbroek Op de locatie worden maximaal 8 grondgebonden wooneenheden toegestaan, in de vorm van rijwoningen en tweekappers. De bouwhoogte bedraagt maximaal 8 meter, de goothoogte maximaal 3 meter. De woningen zullen bestaan uit één laag met kap. De dakhelling ligt tussen de 35 en 50 graden. Op de planlocatie worden bestaande bomen met hoge kwaliteit behouden. Er wordt groen aangelegd met bomen, voetpaden en parkeren. Het bestaande trafostation blijft behouden. De locatie is ontsloten op de Boslaan en het Winschoterdiep.
2.3 Beschrijving strijdigheid Omgevingsplan Het gemeentelijk omgevingsplan van Midden-Groningen bestaat vooralsnog uit het omgevingsplan van rechtswege. Voor deze locatie is dit het geldende bestemmingsplan en de bruidsschat. Navolgend is beschreven welk bestemmingsplan geldt en welke bestemmingen en aanduidingen de locatie heeft. Daarna komen de geldende facetplannen aan bod. Vervolgens wordt beschreven waarom het nieuwe initiatief strijdig is met het huidige ruimtelijke kader.
Kerkstraat 15 te Zuidbroek De locatie heeft op grond van het bestemmingsplan ‘Dorpen Menterwolde’ de bestemming ‘Maatschappelijk' met een bouwvlak. Daarnaast gelden de bestemmingen ‘Centrum’, ‘Groen’ en ‘Verkeer’.
Van toepassing zijnde facetbestemmingsplannen Voor de locatie gelden, naast het hiervoor genoemde bestemmingsplan, ook drie andere gemeentelijke facetplannen. Te weten: • facetbestemmingsplan karakteristieke objecten (vastgesteld 20 december 2018); • facetbestemmingsplan Parkeren (vastgesteld 28 november 2019); • facetbestemmingsplan Paarden (vastgesteld 25 mei 2024).
De facetplannen voor parkeren en voor paarden worden in de van toepassing verklaring in de planregels overeenkomstig van toepassing verklaard. Het plan moet hieraan voldoen. Het facetplan karakteristieke objecten wordt niet meegenomen in de van toepassing verklaring in de planregels. Het plangebied heeft namelijk geen cultuurhistorische dubbelbestemming.
Strijdigheid De geplande woningbouw past niet binnen het huidig ruimtelijke kader, dat nu op een maatschappelijke functie is gericht. Hiervoor moet het planologisch regime worden gewijzigd, dan wel hierop worden afgeweken. Er is gekozen voor realisatie via een wijziging van het omgevingsplan.
22
Figuur 2.1
Kerkstraat 15 te Zuidbroek
3 Toetsing aan beleid en regelgeving 3.1 Inleiding Bij het wijzigen van het omgevingsplan gelden de beoordelingsregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna: Bkl). Een omgevingsplan kan alleen worden gewijzigd als sprake is van een 'evenwichtige toedeling van functies aan locaties'. De volgende beoordelingsregels uit het Bkl gelden: • de instructieregels uit hoofdstuk 5 van het Bkl; • de instructieregels van de provincie (Provinciale Omgevingsverordening Groningen); • eventuele instructiebesluiten van Rijk en provincie; • de regels die gelden voor het stellen van maatwerkregels, als het gaat om een omgevingsvergunning die betrekking heeft op een maatwerkregel.
Een nadere uiteenzetting van de instructieregels volgt hierna. Verder wordt in de paragrafen een toets gedaan aan het relevante beleid van het Rijk, de provincie, regio, waterschap en gemeente.
3.2 Rijk 3.2.1 Instructieregels In het Bkl is een groot aantal instructieregels opgenomen waarvan het merendeel niet relevant is voor dit planvoornemen. De meest relevante instructieregels betreffen de regels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit betreft onder meer het waarborgen van de veiligheid, het beschermen van de waterbelangen, het beschermen van de gezondheid en van het milieu, het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed, het behoud van ruimte voor toekomstige functies, het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten en het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen. In onderstaande tabel wordt aangegeven welke thema's uit het Bkl relevant zijn voor deze ontwikkeling en wordt verwezen naar de corresponderende paragraaf in hoofdstuk 4. Tabel 3.1. Instructieregels Bkl