CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

03. Woonzorgwelzijnsvisie - MG (v7)

Raadsvergadering 25 september 2025, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Woonzorgwelzijnsvisie Midden-Groningen “Voor iedereen een thuis”9.379 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Woonzorgwelzijnsvisie Midden-Groningen 2025-2030 Voor iedereen een thuis!

Inhoudsopgave

Woonzorgwelzijnsvisie Midden-Groningen 2025-2030 Voor iedereen een thuis!

1.

Inleiding

5

2.

De kaders van de visie

9

3.

De inwoner en het netwerk

15

4.

Het huis

19

5.

Het dorp en de wijk

29

6.

De organisaties

35

1.1 1.2 1.3 1.4

2.1 2.2

3.1 3.2 3.3

4.1 4.2 4.3 4.4

5.1 5.2 5.3

6.1 6.2

Waarom een woonzorgwelzijnsvisie? Onze ambitie op wonen, welzijn en zorg Naar een breed gedragen visie Leeswijzer

Wat doen we al in Midden-Groningen? Landelijke en regionale kaders

De juiste zorg en ondersteuning Samenredzaamheid Voorkomen is beter dan genezen

Een thuis voor onze ouderen Prettig wonen met een zorg- en ondersteuningsvraag Een goede plek voor mensen met urgentie Arbeidsmigranten en statushouders

Leefbare dorpen en wijken Leefomgeving en bereikbaarheid Een eerlijke verdeling van aandachtsgroepen

Effectieve en efficiënte samenwerking Personeelstekorten in de zorg en digitalisering als uitdagingen

5 5 6 6

9 10

15 16 17

20 23 24 26

30 31 32

35 36

6 juni 2025

2

3

1. Inleiding 1.1 Waarom een woonzorgwelzijnsvisie? We staan voor een grote verandering op het gebied van wonen en zorg. Het aantal ouderen en inwoners met een zorgvraag groeit. Van hen wordt een toenemende mate van zelfstandigheid verwacht. Mede daarom is er meer aandacht voor welzijn en preventie in plaats van (medische) zorg. We spreken om die reden niet over een woonzorgvisie, maar noemen het een woonzorgwelzijnsvisie. Met onze ‘woonvisie Midden-Groningen: 2024-2030, Met focus vooruit’ ligt er al een basis die leidend is in hoe wij omgaan met deze ontwikkelingen. We zien vier opgaven op het gebied van wonen, welzijn en zorg: 1. Een cultuuromslag 2. Passend wonen met zorg 3. Een passende woonomgeving 4. Innovatie, digitalisering en werkgeverschap Met deze woonzorgwelzijnsvisie geven we aan hoe we als gemeente omgaan met deze opgaven in de periode 2025 t/m 2030. Ook sorteren we voor op nieuw rijksbeleid, waarin wordt bepaald dat gemeenten moeten aangeven hoe zij omgaan met de woonzorgopgave voor ouderen en aandachtsgroepen. Deze visie is de basis voor afspraken over samenwerking met partners, vrijwilligers, mantelzorgers en inwoners. Aan deze visie wordt een uitvoeringsprogramma gekoppeld, waarin concrete (samenwerkings)afspraken en acties staan. Met elkaar zorgen we ervoor dat het niet alleen bij een visie blijft, maar dat deze visie ook werkelijkheid wordt.

1.2 Onze ambitie op wonen, welzijn en zorg Het werken aan de hierboven genoemde opgaven doen we vanuit onze eigen Midden-Groningse visie op mens en maatschappij. Dat wil zeggen dat we inwoners in staat willen stellen om regie te behouden over hun eigen leven, ook als zij een zorg- of ondersteuningsbehoefte hebben. We zijn een gemeente waar het prettig wonen is voor jong en oud en waar mensen naar elkaar omzien. Waar goed wordt samengewerkt tussen de gemeente, woningcorporaties en zorg- en welzijnsorganisaties. Want de woonzorgopgave zien we als een gezamenlijke taak, in het belang van én samen met de inwoner. Deze visie hebben we vertaald naar een duidelijke ambitie op wonen, welzijn en zorg, die betrekking heeft op vier verschillende thema’s. Deze thema’s zijn: 1. De inwoner en het netwerk: Inwoners kunnen bij elkaar en in hun directe woonomgeving terecht voor ontmoeting, opvang, ondersteuning en het vragen of bieden van hulp. We vragen

4

5

van inwoners met een zorg- of ondersteuningsbehoefte een hogere mate van zelfstandigheid en zelfredzaamheid. 2. Het huis: We bouwen toekomstbestendig. Ook passen we bestaande woningen aan zodat zij toekomstbestendig zijn. We zetten in op meer diversiteit aan passende en betaalbare woonvormen voor ouderen en aandachtsgroepen. Hierbij houden we rekening met de verschillende levensfases en woonzorgbehoeften. 3. Het dorp en de wijk; We stimuleren dat er voldoende voorzieningen zijn in dorpen en wijken. Ook is er aandacht voor een gezonde woonomgeving met voldoende mogelijkheden voor bewegen, ontmoeten en spelen. Bij het realiseren van woonzorgopgaven toetsen we de draagkracht en de draaglast in de wijk of het dorp. 4. De organisaties; Het belang van de inwoner is een gezamenlijk belang van de gemeente, de woningcorporaties, de zorg- en welzijnsorganisaties en de inwoners zelf. Samen werken we aan innovatieve slimme oplossingen om wonen, welzijn en zorg toekomstbestendig te organiseren. In deze visie werken we de vier thema’s verder uit. Daarbij hebben we in het achterhoofd gehouden dat ze niet los van elkaar staan. Wat betrekking heeft op de inwoner heeft ook betrekking op het huis, de woonomgeving en de organisaties.

Zo kijken we bijvoorbeeld bij het realiseren van ouderenhuisvesting voor onze senioren (de inwoner) niet alleen naar de bouwtechnische benodigdheden (het huis), maar ook of er voldoende zorgvoorzieningen zijn in de buurt (de wijk en het dorp). Dit vraagt om samenwerking tussen verschillende partijen (de organisaties).

1.3 Naar een breed gedragen visie Onze nadrukkelijke wens is dat de woonzorgwelzijnsvisie niet alleen ons eigen product is, maar breed wordt gedragen door onze samenwerkingspartners en de bewoners(organisaties). Om die reden zijn de woningcorporaties, welzijns- en zorgpartijen die actief zijn binnen de gemeente nauw betrokken bij het maken van deze visie. Ook is er input vergaard van verschillende bewonersorganisaties en is de gemeenteraad betrokken. Tenslotte baseren we ons op het Woonzorgonderzoek provincie Groningen (2024), uitgevoerd door onderzoeksbureau Stec.

1.4 Leeswijzer De woonzorgwelzijnsvisie Midden-Groningen begint in hoofdstuk 2 met een beschrijving van de context. Dit geeft inzicht in de bestaande landelijke, regionale en lokale kaders. Vervolgens gaan we dieper in op onze gezamenlijke ambities op het gebied van wonen, welzijn en zorg, en wat voor beleid we willen voeren. De visie is zo opgedeeld dat elk thema haar eigen hoofdstuk heeft: in hoofdstuk 3 komen de inwoner en het netwerk aan bod, in hoofdstuk 4 het huis, in hoofdstuk 5 de wijk en het dorp en tenslotte in hoofdstuk 6 de organisaties. In de thematische hoofdstukken benoemen we als eerste onze ambitie voor het thema. Vervolgens geven wij duidelijk aan wat onze inzet voor ieder thema is. Deze inzet wordt puntsgewijs samengevat en is opgenomen in een kader aan het begin van de hoofdstukken 3 tot en met 6.

6

7

2. De kaders van de visie 2.1 Wat doen we al in Midden-Groningen? In de gemeente Midden-Groningen hebben we de afgelopen jaren niet stilgezeten. Met deze visie sluiten we aan bij landelijke- en lokale ontwikkelingen. In dit hoofdstuk worden de lokale kaders beknopt toegelicht.

Strategische visie sociaal domein

Er ligt een grote sociale opgave in Midden-Groningen. Met onze strategische visie sociaal domein zetten we in op het vergroten van de sociale veerkracht van inwoners. Dit sluit aan bij de ambitie om inwoners met een zorg- en ondersteuningsbehoefte te helpen zelfstandiger en zelfredzamer te worden. Met deze woonzorgwelzijnsvisie sluiten we aan bij het beleid dat is geformuleerd in de strategische visie sociaal domein.

Omgevingsvisie

De gemeente Midden-Groningen is qua leefomgeving een diverse gemeente. Voor hen die op zoek zijn naar rust en ruimte bieden de landelijk gelegen dorpen, elk met een uniek karakter, een mooie woonplek. Het stedelijk gebied Hoogezand-Sappemeer beschikt over goede dagelijkse en niet-dagelijkse voorzieningen, ook op het gebied van zorg en welzijn. Daarnaast zijn er in Midden-Groningen een aantal grotere voorzieningendorpen (Harkstede, Slochteren-Schildwolde, Siddeburen, Zuidbroek en Muntendam). De nabijgelegen stad Groningen is zowel met de auto, de fiets als met het openbaar vervoer goed bereikbaar. De omgevingsvisie vormt de basis voor alle ruimtelijke uitgangspunten van de gemeente MiddenGroningen en daarmee ook die voor wonen, welzijn en zorg. Met onze omgevingsvisie willen we de omgeving zo inrichten dat deze een bijdrage levert aan de brede welvaart. Brede welvaart omvat alles wat mensen van waarde achten. Naast financiële en materiële welvaart gaat het ook om zaken als veiligheid, milieu en leefomgeving, gezondheid en onderwijs. Speerpunt is een veilige en gezonde leefomgeving die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en spelen. Een omgeving waar ruimte is voor wonen, welzijn en zorg. De woonzorgwelzijnsvisie is de plek waar de werelden van het fysieke domein (waaronder wonen valt) en het sociale domein (waaronder welzijn en zorg vallen) elkaar versterken.

Deze woonzorgwelzijnsvisie vormt deels de basis voor die samenwerking.

Woonvisie

Ons woonbeleid is verder uitgewerkt in de woonvisie Midden-Groningen 2024-2030: ‘Met focus vooruit’. Uitgangspunt van deze woonvisie is dat de gemeente Midden-Groningen een gemeente is en blijft met een gevarieerd woonaanbod. Een gemeente waarin het stedelijk gebied van

8

9

Hoogezand en Sappemeer en de dorpen goed met elkaar zijn verbonden. De woonzorgvisie en woonvisie liggen in elkaars verlengde. De maatregelen die worden genoemd in de woonvisie sluiten dus aan bij deze woonzorgvisie.

Uitvoeringsagenda Ouderenbeleid

In 2024 hebben wij de uitvoeringsagenda ouderenbeleid opgesteld. In samenspraak met oudere inwoners van Midden-Groningen zijn we gekomen tot een agenda. In de agenda staan een aantal concrete acties die in 2024 zijn uitgevoerd. De acties richtten zich onder andere op het verbeteren van het mentaal welbevinden, de vitaliteit en de woonsituatie van ouderen. Op dit moment wordt een actualisatie van deze agenda voor 2025 geschreven waarvoor deze woonzorgwelzijnsvisie onder andere als basis dient.

2.2 Landelijke en regionale kaders Deze woonzorgwelzijnsvisie staat niet op zichzelf. Landelijk en regionaal zijn afspraken gemaakt over welzijn, wonen en zorg die gevolgen hebben voor onze gemeente. We noemen hier de belangrijkste.

Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting

De Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting vormt een belangrijke basis voor deze woonzorgwelzijnsvisie. Met de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting wil de Rijksoverheid weer grip krijgen op de volkshuisvesting. Dat is nodig: door het landelijke woningtekort ligt er een grote opgave. De wet brengt wijzigingen aan in bestaande wetgeving. Het gaat in hoofdlijnen om aanpassing aan de volgende wetten: Omgevingswet: gemeenten moeten een volkshuisvestingsprogramma opstellen. Hierin staat hoe de gemeenten de huisvestingsopgave oppakken. In dit programma wordt ook een woonzorgvisie opgenomen. Woningwet: bij de prestatieafspraken tussen de gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties worden ook zorgaanbieders betrokken. Huisvestingswet: de gemeente stelt een urgentieregeling voor aandachtsgroepen op. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo): gemeenten besteden in het Wmo beleid aandacht aan de randvoorwaarden voor goed wonen en zorg met ondersteuning en vertalen dit in inkoop van zorg en maatschappelijke ondersteuning.

‘Wonen en Zorg voor Ouderen’ en ‘Een thuis voor iedereen’

De bedoeling van het volkshuisvestingsprogramma is dat het Rijk, de provincies en de gemeenten ingaan op de vragen hoeveel, waar en voor welke specifieke doelgroepen woningen moeten worden gerealiseerd. Een van deze doelgroepen zijn ouderen. Om ouderen te faciliteren in het zo lang mogelijk zelfstandig wonen in de eigen woning is het landelijk programma ‘Wonen en Zorg voor Ouderen’ opgesteld. Hierin beschrijft het Rijk hoe zij voldoende ouderenhuisvesting wil realiseren.

10

Aansluitend op het programma Wonen en Zorg voor Ouderen’ (WOZO) is gestart met de voorbereiding van het hoofdlijnenakkoord ouderenzorg. Hierin worden afspraken gemaakt om de langdurige zorg voor ouderen toegankelijk en betaalbaar te houden. Daarbij gaat het met name om zorg die wordt verleend vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wmo). Naast ouderen zijn er ook andere aandachtsgroepen met een specifieke woonvraag. Zij komen onder andere aan bod in het programma ‘Een thuis voor iedereen’. Dit programma gaat om mensen met een beperking, mensen die in aanmerking komen voor een urgentieverklaring en mensen met een specifieke woonwens. Concreet zijn dit: Mensen met een verstandelijke, lichamelijke, zintuigelijke of psychische beperking Mensen met urgentie op een sociale huurwoning, waaronder: o Uitstromers Beschermd Wonen o Uitstromers Maatschappelijke opvang en jeugdhulp met verblijf o Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel o Uitstromers detentie o Mantelzorgers- en ontvangers o Uitstappende sekswerkers Statushouders Arbeidsmigranten Sociale urgenten (dreigend daklozen) Woonwagenbewoners Studenten In deze woonzorgwelzijnsvisie gaan we in op de vraag hoe we al deze groepen het beste kunnen huisvesten. Wel is het zo dat niet elke groep evenveel aandacht vraagt. Zo hebben wij geen woonwagenstandplaatsen en er is ook geen behoefte bekend.

Daarnaast is er in MiddenGroningen ook nauwelijks vraag naar specifieke studentenhuisvesting omdat er geen mbo, hbo- of wetenschappelijk onderwijsinstellingen zijn. In onze woonvisie hebben we de woonwensen van deze beide groepen al kort beschreven. We besteden om die reden in deze visie geen aandacht aan studenten en woonwagenbewoners.

Koploperregio Groningen

Vooruitlopend op het programma ‘Een thuis voor iedereen’ is een aantal regio’s alvast aan de slag gegaan met het verbeteren van het huisvesten van aandachtsgroepen. Een van deze zogenaamde ‘koploperregio’s’ is de provincie Groningen. Allereerst is er binnen deze regio onderzoek gedaan naar de behoefte. Dit heeft geresulteerd in het Woonzorgonderzoek provincie Groningen (Stec, 2024). Dit onderzoek vormt onder andere de basis voor het maken van regionale faire share afspraken. Hier werken de Groninger gemeenten op dit moment aan. Ook de corporaties en de provincie zijn daarbij betrokken. De fair share afspraken moeten leiden tot een eerlijke verdeling van aandachtsgroepen over de provincie. Uitgangspunt is dat iedere gemeente bijdraagt naar rato van het aantal inwoners. Ook werken de Groninger gemeenten aan een provinciaal/regionaal afgestemde urgentieverordening.

11

Regionale woondeal Groningen-Assen

De gemeente Midden-Groningen heeft samen met de provincies Drenthe en Groningen, de Drentse gemeenten (Assen, Tynaarlo en Noordenveld) en de Groningse gemeenten (Groningen, Het Hogeland en Westerkwartier) de Interprovinciale Woondeal Regio Groningen-Assen (RGA) getekend. In deze woondeal is opgenomen dat gemeenten bij het opstellen van hun woonzorgvisies expliciet aandacht besteden aan de woon-, de zorg- en de ondersteuningsbehoefte van ouderen. Daarbij wordt rekening gehouden met de inrichting van de leefomgeving. Vanuit het Rijk is geconstateerd dat er nationaal behoefte is aan 250.000 ouderenwoningen, waarvan 170.000 nultredenwoningen en 80.000 geclusterde woonvormen. Het Rijk heeft bepaald dat in de RGA 4.300 nultredenwoningen en 1.600 geclusterde woonvormen nodig zijn. Ook is er behoefte aan 1.060 verpleegzorgplekken in de regio Groningen-Assen. Hoe deze behoefte zich vertaalt naar Midden-Groningen werken we uit in hoofdstuk 3.

Regionaal Actieplan Dakloosheid Groningen

Met het Nationaal Actieplan Dakloosheid heeft de Rijksoverheid zichzelf tot doel gesteld ervoor te zorgen dat iedereen in 2030 een dak boven het hoofd heeft. Regionaal is dit actieplan vertaald naar het Regionaal Actieplan Dakloosheid Groningen (RADG). Hierin wordt ingezet op het principe ‘wonen eerst’ (ook wel ‘Housing First’ genoemd). In dat kader zetten we in op duurzaam herstel, door wonen en begeleiding te combineren. Vanuit deze basis kunnen mensen – met de juiste zorg- en ondersteuning – werken aan het op orde krijgen van andere zaken, zoals financiën of een zinvolle dagbesteding. In Midden-Groningen heeft dit al geleid tot meerdere succesvolle plaatsingen.

Sociale Agenda Nij Begun

Om tegemoet te komen aan de inwoners van Groningen en Noord-Drenthe na de parlementaire enquête aardgaswinning Groningen is door het Rijk in samenspraak met Groningers en NoordDrenten de sociale agenda Nij Begun opgesteld. Het doel van deze sociale agenda is om de brede welvaart in de regio binnen 30 jaar op het landelijk gemiddelde te brengen. Dit wordt geconcretiseerd in vier doelen: 1. Vergroten van de leefbaarheid; 2. Kansen voor kinderen, jongeren en de volgende generatie; 3. Deelnemen aan werk en verminderen van armoede; 4. Verbeteren van de (mentale) gezondheid van de inwoners; Om deze doelen te realiseren is vanuit het Rijk een budget beschikbaar gesteld voor onder andere ontmoetingsplekken, wijk- en dorpsondersteuners, welzijnscoaches en het vergroten van de mentale weerbaarheid van jongeren. Het geld gaat naar de organisaties en de inwoners. Wij zien onze rol als stimulerend en faciliterend: we wijzen de organisaties en de inwoners er graag op dat zij hiervan gebruik kunnen maken.

Het Integraal Zorgakkoord en het Gezond en Actief Leven Akkoord

Om de zorg in de toekomst goed, toegankelijk en betaalbaar te houden hebben het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de partijen in de zorg en ondersteuning afspraken gemaakt. Deze afspraken hebben landelijk vorm gekregen in het Integraal Zorgakkoord (IZA). Regionaal zijn deze afspraken uitgewerkt in de ‘Regiovisie Gezonde Groningers, Gezonde Zorg’. In deze visie worden vijf actielijnen genoemd: 1. Meer doen met beschikbare middelen. 2. Meer preventie, welzijn, samenleving en gezonde leefomgeving. 3. Beschikbaarheid van data en monitoring. 4. Professionals van de toekomst. 5. Mentale gezondheid. Naast het IZA hebben de genoemde partijen ook het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) afgesloten. Hierin staan afspraken die ervoor moeten zorgen dat in 2040 een gezonde generatie opgroeit in een gezonde leefomgeving met een sterk sociaal netwerk. Het GALA bestaat uit 15 verschillende onderdelen, waarvan Welzijn op Recept (zie hoofdstuk 3) er een is.

12

13

3. De inwoner en het netwerk Wat is onze ambitie?

Inwoners hebben regie over hun eigen leven en behouden dat zo lang mogelijk.

Vanzelfsprekend hebben de inwoners een centrale plaats in deze woonzorgwelzijnsvisie. We willen voor hen een goede en betrouwbare gemeente op het gebied van wonen, welzijn en zorg zijn. Veel inwoners richten hun leven zelf in. Ook wanneer er een zorg- of ondersteuningsvraag is, willen zij zelf de regie houden. De maatschappelijke ontwikkeling/het landelijk beleid is dat dit ook in toenemende mate van hen wordt gevraagd. Ook wij verwachten dat onze inwoners zich naar vermogen inspannen om zo zelfstandig mogelijk te wonen en leven. Samen met onze zorg- en welzijnspartners helpen wij inwoners die niet (meer) volledig zelfstandig kunnen wonen en leven.

Waar zetten we op in?

We vragen van inwoners met een zorg- of ondersteuningsbehoefte een hogere mate van zelfstandigheid en zelfredzaamheid. Voor inwoners die dat niet kunnen, bieden we ondersteuning. We streven naar samenredzaamheid. Inwoners kunnen bij elkaar en in hun directe omgeving terecht voor ontmoeting, ondersteuning en hulp. Inwoners staan centraal als dragende kracht in de wijk. Tegelijkertijd is niet iedere inwoner een drager, er zijn ook vragers. Ook zij kunnen en willen een bijdrage leveren. We zetten in op preventie, gezond gedrag en bewustwording. We investeren in het welbevinden van inwoners. Welzijn gaat voor zorg. We stimuleren inwonersinitiatieven die gericht zijn op samenredzaamheid voor wonen met zorg en ondersteuning.

3.1 De juiste zorg en ondersteuning We sluiten graag aan bij de behoefte aan meer zelfstandigheid van onze inwoners met een zorgvraag. Het aanbieden van de juiste zorg en ondersteuning is hiervoor een belangrijke randvoorwaarde. De tijd van het denken in onmogelijkheden is voorbij. Ook inwoners met een zorgvraag kunnen veel zelf. We vinden het onze taak om goede randvoorwaarden voor zelfstandigheid van onze inwoners te creëren. Waar nodig nemen wij obstakels weg zodat inwoners met een zorg- en ondersteuningsbehoefte meer zelf kunnen. Dit betekent onder andere dat het aanvragen van zorg en ondersteuning niet ingewikkeld moet zijn. We willen voorkomen dat inwoners verdwalen in de wereld van zorg en ondersteuning, omdat zij bij meerdere

14

15

loketten vanuit verschillende regelingen hun hulpvraag neer moeten leggen. Zo kunnen mensen tegelijkertijd in aanmerking komen voor zorg van uit de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Zorgverzekeringswet en de Wet langdurige zorg. Om dit efficiënter te laten verlopen zetten we in op domeinoverstijgende samenwerking en duidelijke afspraken tussen de gemeente, het zorgkantoor en de zorgaanbieders.

Een deel van onze inwoners heeft een zorgvraag die niet of slechts beperkt kan worden ondervangen door de directe omgeving. Ook voor hen willen we een prettige leefomgeving creëren. Dit hoeft niet direct te betekenen dat de professionele zorg wordt ingeschakeld. Ook mantelzorgers kunnen veel doen. Wel zien wij dat de druk op mantelzorgers steeds meer toeneemt en er uitval is. We vinden het cruciaal dat de mantelzorg overeind blijft. Daarom denken we graag met deze groep mee: op het gebied van wonen en/of ter ondersteuning bij hun werkzaamheden.

3.2 Samenredzaamheid

Samenredzaamheid kent grenzen. Op het moment dat zowel de directe omgeving als de mantelzorg iemands zorgvraag niet langer kunnen ondervangen, moet de professionele zorg en ondersteuning het overnemen. Samenredzaamheid mag immers nooit betekenen dat iemand er alleen voor komt te staan. Voor de meest kwetsbare inwoners blijven we de juiste ondersteuning bieden. Zo investeren we ongelijk om gelijke kansen te creëren.

Een tweede randvoorwaarde voor een hogere mate aan zelfstandigheid is een stevige sociale basis. We vinden het belangrijk dat inwoners zich verbonden voelen met elkaar en dat ze bij elkaar terecht kunnen. Voor een simpel kopje koffie en een praatje, maar ook als zij behoefte hebben aan hulp en ondersteuning. Vrijwilligers en professionals leren elkaar beter kennen om te bevorderen dat het aanbod aan informele en formele zorg en ondersteuning beter op elkaar aansluit. De inwoners vormen samen een netwerk. Dit netwerk staat centraal staat als dragende kracht in de wijk. Dit netwerk kan de druk op de zorg verlichten. We noemen dat samenredzaamheid: het idee dat je bij iemand in je directe omgeving terecht kan als dat nodig is. We willen deze verbondenheid stimuleren en daarmee eenzaamheid bestrijden. Wij vinden het daarom belangrijk dat er in Midden-Groningen voldoende plekken en momenten zijn waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten: in de openbare ruimte (denk aan parken en bankjes) en in wijkcentra, dorpshuizen of bijvoorbeeld in woonzorgcentra. We vinden het belangrijk dat er voldoende laagdrempelige plekken zijn voor ontmoetingen, activiteiten, informatie-uitwisseling en opvang. Onze gemeente heeft een aantal drukbezochte buurt- en dorpshuizen. Hier kunnen inwoners van jong tot oud terecht voor een drankje en een praatje. Ook kunnen zij daar meedoen aan activiteiten.

Dankzij de grote inzet van vrijwilligers en medewerkers zijn er goed draaiende buurt- en dorpshuizen. Dat is niet vanzelfsprekend. We weten dat op sommige plekken de vrijwilligersinzet onder druk staat. Ook is het zo dat niet overal voldoende budget beschikbaar is. Dit kan er in de toekomst voor zorgen dat ontmoetingscentra hun deuren moeten sluiten. Om dit beter in beeld te brengen gaan wij onderzoek doen naar het bestaande aanbod aan ontmoetingscentra in onze gemeente en de activiteiten die daar worden georganiseerd. Aansluitend aan dit onderzoek kijken we samen met de beheerders en vrijwilligers hoe we als gemeente kunnen ondersteunen en helpen. We zetten ons in voor het behoud van de huidige buurt- en dorpshuizen. We willen dat zoveel mogelijk wijken en dorpen een eigen ontmoetingsplek hebben. Als gemeente vinden we het belangrijk dat het aanbod aan activiteiten in deze ontmoetingscentra aansluit bij de behoeften van de verschillende doelgroepen. Zo is het in Wijkcentrum Het Punt in Hoogezand bijvoorbeeld mogelijk om een gezamenlijke maaltijd te koken. Een ontmoetingsplek hoeft niet altijd een speciaal daarvoor bestemd buurt- of dorpshuis te zijn. Ook de (sport)kantine, de openbare ruimte en de gemeenschappelijke ruimten binnen woonzorgcentra vervullen deze functie. Hier hebben we ook oog voor.

Een divers aanbod aan ontmoetingsplekken binnen de gemeente legt de basis voor een samenredzame samenleving waarin professionele zorg kan worden uitgesteld.

16

3.3 Voorkomen is beter dan genezen In Midden-Groningen bevorderen we positieve gezondheid. Daarbij ligt de nadruk op mensen zelf; op hun veerkracht en op wat hun leven betekenisvol maakt. Dit in het besef dat dit door de jaren heen kan veranderen. Welzijn is minstens zo belangrijk als zorg. Voorkomen is immers beter dan genezen. Er valt winst te behalen waar het gaat over de gezondheid van onze inwoners. Zo ligt de ervaren mentale gezondheid in Midden-Groningen en in de regio significant lager dan het landelijk gemiddelde. Ook kampt een aanzienlijk deel van onze inwoners met gezondheidsproblemen. Deze gezondheidsproblemen zijn niet gelijk verdeeld. Mensen in armoede kampen namelijk vaker met gezondheidsklachten dan mensen die het breder hebben. We willen van Midden-Groningen een gezonde gemeente maken waar de zorgvraag een stuk lager ligt dan nu het geval is. Dit kunnen we niet alleen. Daarom zoeken we regionaal de samenwerking op met andere Groningse gemeenten. Met het ‘Regioplan Gezonde Groningers, Gezonde Zorg ligt hiervoor al een stevige basis. We gaan ook lokaal aan de slag met preventie. Hierin gebeurt al veel, zoals Welzijn op Recept (zie kader) en de rol van de sociale teams als eerste aanspreekpunt op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Als gemeente blijven we samen met de betrokken partijen kijken hoe we de gezondheid van mensen kunnen verbeteren.

Waar we kunnen ondersteunen we inwoners om zich fysiek en mentaal gezond te voelen. Zo gaan we bijvoorbeeld in overleg met bewoners en organisaties zoals scholen, sportverenigingen en de middenstand over rookvrije zones, uitnodigende en toegankelijke beweegmogelijkheden en gezonde voeding in de kantine.

Welzijn op Recept

Welzijn op Recept is voor mensen die met psychosociale klachten bij de huisarts komen. Klachten als vermoeidheid, pijn in de nek, maar ook stress, angst en somberheid hebben lang niet altijd

een medische oorzaak. Vaak spelen onderliggende sociaal maatschappelijke problemen een rol, zoals overlijden van een partner, verlies van werk, eenzaamheid etc. Welzijn op recept betekent dat mensen ondersteuning/coaching krijgen om hun leven weer op te pakken.

17

4. Het huis

Wat is onze ambitie?

We zijn een gemeente waar het voor alle inwoners prettig is om te wonen, ook voor mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben.

We vinden het belangrijk dat iedereen zich thuis kan voelen in Midden-Groningen. Dat begint met het huis. Het is belangrijk dat het woningaanbod in in onze gemeente aansluit op de wensen van de doelgroepen (ouderen en andere aandachtsgroepen). In dit hoofdstuk gaan we per doelgroep in op wat daarvoor nodig is. Het gaat om de volgende doelgroepen: Ouderen Mensen met een verstandelijke, lichamelijke, zintuigelijke of psychische beperking Dak- en thuislozen Mensen met urgentie op een sociale huurwoning, waaronder: o Uitstromers Beschermd Wonen o Uitstromers Maatschappelijke opvang en jeugdhulp met verblijf o Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel o Uitstromers detentie o Mantelzorgers- en ontvangers o Uitstappende sekswerkers Statushouders Arbeidsmigranten

Waar zetten we op in?

In overleg met partijen streven we naar voldoende passende en toekomstbestendige woningen en woonvormen voor ouderen, met zorg en ondersteuning dichtbij. We vergroten de bewustwording van ouderen, zodat zij op tijd gaan nadenken over hun woonsituatie op het moment dat zij minder mobiel zijn. Zo stimuleren we ook doorstroming. Mensen met een verstandelijke, lichamelijke of psychische beperking, hoeven niet hun gehele leven in een intramurale instelling te wonen. Wanneer de zorg- en ondersteuningsvraag het toelaat willen we dat deze inwoners zoveel mogelijk zelfstandig (met eventuele begeleiding) kunnen/gaan wonen. We streven naar zo min mogelijk dak- en thuislozen in 2030. We bieden een goede en passende plek binnen het sociale huursegment voor inwoners met urgentie.

18

19

4.1 Een thuis voor onze ouderen

Tabel 1: verschillende woontypen en de behoefte in Midden-Groningen

De vraag naar seniorenwoningen

Woontype

Het aantal ouderen in de gemeente Midden-Groningen neemt toe. Naar verwachting is in 2041 41% van de huishoudens 65 jaar of ouder. Een grote groep van deze ouderen staat nog vol in het leven. Deze ‘krasse knarren’ pakken de fiets naar de supermarkt in het dorp verderop, passen met volle energie op de kleinkinderen en zijn graag geziene vrijwilligers bij de (sport)vereniging. Helaas is niet elke oudere inwoner een krasse knar. Daar moeten en willen we onze ogen niet voor sluiten. Met name ouderen met een kleine beurs lopen eerder tegen gezondheidsproblemen aan. Ouderen zijn daarnaast steeds vaker alleenstaand en kunnen daardoor niet terugvallen op hun partner voor ondersteuning. Daar komt bij dat in Midden-Groningen niet alleen sprake is van vergrijzing, maar ook van ‘dubbele vergrijzing’. Dat wil zeggen dat het aantal ouderen niet alleen groeit, maar ook steeds ouder wordt. Dit is een uitdaging omdat met name oudere ouderen gebruik maken van (intensieve) zorg. We zetten ons in om oudere inwoners zoveel mogelijk zelfstandig te laten wonen, ook als zij een zorg- of ondersteuningsvraag hebben. Dat is ook nodig omdat ouderen alleen bij zware verpleegzorg kunnen verhuizen naar een verpleeghuis.

Het is voor ons een uitdaging om in samenwerking met corporaties, zorgpartijen, welzijnsorganisaties, het zorgkantoor en de omgeving ervoor te zorgen dat ouderen langer zelfstandig kunnen wonen (eventueel met lichte verpleegzorg). Ons doel is ervoor te zorgen dat ouderen prettig kunnen wonen in Midden-Groningen. Daar is veel voor nodig, zoals een toegankelijke en dementievriendelijke leefomgeving. Hier komen we in hoofdstuk 5 op terug. Het begint bij het realiseren van meer woningen voor ouderen. We onderscheiden drie verschillende soorten seniorenwoningen: nultredenwoningen, geclusterde woonvormen en zorggeschikte woningen. In het kader van de koploperregio Groningen hebben we de eisen waaraan deze woningen moeten voldoen vastgelegd (zie tabel 1). Deze eisen sluiten aan bij de landelijk gehanteerde definities.

Kenmerken

Nultredenwoning

Woonkamer, keuken, badkamer, toilet en minstens één slaapkamer gelijkvloers

Behoefte + 1.430 woningen

Bereikbaarheid zonder traplopen van buitenaf Geclusterde woning

Kenmerken van nultredenwoning

+775 woonvormen

Gemeenschappelijke (ontmoetings)ruimte in of nabij het complex

Meerdere woningen in geclusterde setting

Geschikt voor ouderen met een lichtere zorgvraag met een WLZ-indicatie. Zorggeschikte woning

Kenmerken van geclusterde woning

+ 205 woonvormen

Geschikt voor ouderen met een zware zorgvraag, een WLZ-indicatie voor volledig pakket thuis (VPT)

Meerkosten door bouwtechnische vereisten voor toegankelijkheid zorgontvanger

Bron: Factsheet Zorggeschikt wonen voor senioren, Platform 31 (2025); Woonzorgonderzoek provincie Groningen, Stec Groep (2024)

Het woonzorgonderzoek van Stec geeft een betrouwbare indicatie van wat nodig is. Op basis van een prognose van de ontwikkeling van 65+ huishoudens in Midden-Groningen komt Stec uit op een totale extra vraag van ongeveer 2.410 woningen en woonvormen voor ouderen. Tabel 1 laat zien hoe die vraag ongeveer is verdeeld over de verschillende woontypen.

De nieuwbouwopgave

We doen ons best om aan de vraag te voldoen. Daarom nemen we in toekomstige plannen voldoende levensloopbestendige en zorggeschikte woningen op. We hebben al eerste stappen in de juiste richting gezet. Zo moeten op de vrijkomende schoollocatie aan de Mars in Hoogezand ook zorggeschikte woningen gebouwd worden. We zetten we ons allereerst in voor de realisatie van zogenoemde ‘alleskunners’. Dit zijn woningen die voldoen aan de eisen van een nultredenwoning. Ze zijn dus geschikt voor ouderen, maar hebben als bijkomend voordeel dat ze ook aantrekkelijk zijn voor jongere inwoners. We willen namelijk voorkomen dat we, op het moment dat het aantal ouderen weer afneemt, te maken krijgen met leegstaande woningen. Onze ambitie is dat ongeveer 1/3e van ons nieuwbouwprogramma bestaat uit deze alleskunners. Ook stimuleren we de bouw van gemengde woonvormen, waar ouderen en jongeren met elkaar wonen in één complex. We vinden het namelijk belangrijk dat naast ouderen ook jongeren zich thuis voelen in MiddenGroningen. Er is een grote vraag naar seniorenwoningen in het sociale segment. Daarom betrekken we de woningcorporaties intensief bij onze planvorming. Ook betrekken we de ouderen zelf bij de uitwerking van de plannen en onderhouden we contact met de ouderenorganisaties over hun

20

21

woonwensen. We werken graag mee aan particuliere initiatieven van en/of voor ouderen. We gaan hier wel voorwaarden stellen die wij nog uitwerken in een afwegingskader. Een deel van onze oudere inwoners is afhankelijk van mantelzorg. Het kan voor de mantelzorger en de mantelzorgontvanger fijn zijn om zelfstandig in elkaars nabijheid te wonen. Daarom verkennen we de mogelijkheden voor het delen van koopwoningen, zodat mantelzorg mogelijk wordt. De woning mag onder voorwaarden opgedeeld worden in twee aparte wooneenheden, maar deze eenheden krijgen geen eigen adressering. Wanneer mensen zich melden voor de realisatie van mantelzorgwoningen op hun eigen grond willen wij meewerken. Ook dan stellen wij voorwaarden. Dit zijn oplossingen die met name voor het landelijk gebied, waar professionele zorg minder snel en makkelijk geleverd kan worden, een uitkomst bieden. Wij werken de voorwaarden uit in het uitvoeringsprogramma. Aan de hand van de voorwaarden kunnen we per initiatief beoordelen of realisatie mogelijk is. Eén van de voorwaarden is dat na het beëindigen van de mantelzorgsituatie, de woning of het perceel in de oude staat moet worden teruggebracht. Dus de situatie moet weer worden zoals het was vóór er sprake was van mantelzorg. We willen ruimte bieden voor meer geclusterde woonvormen, bijvoorbeeld in een hofje of in een verbouwde boerderij.

Dit is een aantrekkelijke woonvorm voor mensen die het leuk vinden om elkaar af en toe te helpen en te ondersteunen. Bij dit soort woonvormen hoeft het niet uitsluitend te gaan om ouderen. Een mix van oudere en jongere huishoudens is ook mogelijk. Oud en jong kunnen dan iets voor elkaar betekenen. We willen ruimte bieden voor intergenerationeel wonen in onze gemeente. We staan open voor alternatieve wooninitiatieven vanuit de samenleving zelf. Of een initiatief daadwerkelijk kan worden gerealiseerd is mede afhankelijk van landelijke en regionale kaders. Specifieke inpassing blijft dus maatwerk.

Oplossingen in de bestaande voorraad

De vraag naar geschikte ouderenhuisvesting hoeft niet noodzakelijk te worden opgelost door nieuwbouw. Sterker nog, in het aanpassen van de bestaande voorraad kunnen we wellicht veel meer betekenen. Veel ouderen zitten namelijk prima op de plek waar ze zitten, en willen niet verhuizen naar een nieuwbouwwoning. De behoefte aan extra woningen die in tabel 1 staat moet dan ook nadrukkelijk niet worden gezien als een nieuwbouwopgave. We blijven het levensloopgeschikt maken van de bestaande woningvoorraad stimuleren. Uit onderzoek van Stec blijkt dat dit mogelijk is voor meer dan de helft van de bestaande woningvoorraad. We stimuleren inwoners (voor zover hun financiële situatie dat toelaat) hierin zelf stappen zetten. Dit doen we door samen met de woningcorporaties, huurderorganisaties en ouderenorganisaties te blijven werken aan bewustwording. We geven tips en wegwijzers voor kleine aanpassingen in en aan de woning. Ook ondersteunen we oudere woningbezitters met de verzilverlening, waarmee zij op basis van overwaarde van hun koopwoning een bedrag kunnen lenen. Zo kunnen ook ouderen zonder eigen middelen en leencapaciteit hun woning aanpassen. Grote aanpassingen in bestaande woningcomplexen en gebouwen vragen om maatwerk. Hierover maken we afspraken met eigenaren van de woningcomplexen.

We kijken samen naar de mogelijkheden, en zorgen we voor passende zorg en ondersteuning dichtbij. In hoeverre de

22

gemeente verantwoordelijk is voor de aanpassing is afhankelijk van de gestelde zorgindicatie. Mensen met een Wmo-indicatie kunnen in sommige gevallen een beroep doen op de gemeente voor een aanpassing van hun woning. Daarbij hanteren we het principe van slim investeren. We willen dat woningen die aangepast zijn via de Wmo ook later kunnen worden bewoond door andere ouderen met een Wmo-indicatie.

Doorstroming stimuleren

Een deel van de ouderen in Midden-Groningen woont in een huis dat niet aanpasbaar is. Zolang mensen gezond en mobiel zijn, is dat geen probleem. Er zijn ook situaties waarin dit niet wenselijk is. Ouderen die niet meer zelfstandig de trap op en af kunnen lopen, moeten niet blijven wonen in een niet aanpasbaar huis met slaap- en badkamer op de eerste verdieping. We willen dat ouderen fijn kunnen wonen. Daarnaast willen we dat er voldoende woningen zijn voor starters en (jonge) gezinnen. Daarom is het belangrijk dat we de doorstroming in gang zetten. We zien dat een aantal ouderen wel wil verhuizen, maar er niet in slaagt een passende nieuwe woning te vinden. Hogere woonlasten kunnen ook een reden zijn om niet te verhuizen. Dit kan voor een belangrijk deel worden verholpen door voldoende (betaalbaar) aanbod van nieuwe woningen. We zien ook dat ouderen pas gaan nadenken over verhuizen op het moment dat hun ondersteuningsbehoefte ze dwingt om te verhuizen. Dat is eigenlijk te laat. Dit vraagt om meer bewustwording bij ouderen. Het is belangrijk dat oudere inwoners op tijd gaan nadenken over hun woonsituatie en rekening houden met een mogelijk afnemende mobiliteit of gezondheidsproblemen in de toekomst. Ook willen we dat inwoners goed op de hoogte zijn van de mogelijkheden om te verhuizen.

Daarom zetten we samen met woningcorporaties en andere samenwerkingspartners een bewustwordingscampagne op. We sluiten met deze bewustwordingscampagne ook aan bij bestaande initiatieven zoals ‘Krachtig ouder worden’ van de seniorencoalitie. Dergelijke initiatieven werken we verder uit in het uitvoeringsprogramma.

4.2 Prettig wonen met een zorg- en ondersteuningsvraag Niet alleen ouderen hebben behoefte aan zorg, ondersteuning en begeleiding. In deze paragraaf zetten we uiteen wat we voor andere inwoners met een zorg- en ondersteuningsvraag kunnen/ willen betekenen.

Wonen met een WLZ-indicatie

Landelijk is in het kader van de WOZO afgesproken dat het aantal intramurale WLZ-plekken niet mag toenemen, en dat van inwoners met een zorgvraag wordt verwacht dat zij zoveel mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. We richten ons daarom niet actief op een uitbreiding van het aantal intramurale zorgplekken. Wel kijken we serieus naar eventuele voorstellen van zorgorganisaties in relatie tot de toekomstige zorgvraag.

Beschermd wonen

Landelijk en in de regio Groningen wordt ingezet op de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. Dit betekent dat we ons samen met aanbieders van beschermd wonen inzetten

23

op begeleiding en ondersteuning in de eigen sociale omgeving van mensen. Dit betekent een verschuiving van de focus van instellingen naar de thuissituatie met een nadruk op zelfstandigheid en integratie in de wijk. Aangezien mensen binnen het Beschermd Wonen-traject veelal in aanmerking komen voor sociale huurwoningen zorgen we samen met de woningcorporaties voor voldoende aanbod. Ons uitgangspunt is dat al onze inwoners een fijne plek hebben om te wonen. Wij werken aan inclusieve dorpen en wijken waar draagkracht en draaglast in evenwicht zijn. In hoofdstuk 5 komen we hierop terug.

Overbruggingswoningen en Housing First

Om ruimte te creëren in de maatschappelijke opvang en instroom te voorkomen, dient het voormalige postkantoor in Sappemeer nu als ‘overbruggingswoning’. De doelgroepen zijn verschillend. Gedacht kan worden aan jongeren die in een lastige thuissituatie zitten. Jongeren die het zonder hulp en ondersteuning niet redden. Maar het kan ook gaan om mensen die (dreigend) dak- en thuisloos zijn. De selectie van kandidaten gebeurt door de sociale teams en Wender. Als gemeente willen we inzetten op meer van dit soort creatieve oplossingen. De toepassing hiervan is maatwerk en kan per locatie verschillen. Een ander voorbeeld dat voorziet in oplossingen voor (dreigende) dak- en thuisloosheid is Housing First. Via dit project krijgt deze groep inwoners een zelfstandige woonplek aangeboden, in combinatie met passende begeleiding. We vragen wel van deze inwoners dat zij voldoen aan drie voorwaarden, namelijk: 1. Je staat open voor begeleiding; 2. Je bent in staat om zelf je huur te betalen en je doet dit tijdig; 3. Je veroorzaakt geen overlast.

Dak- en thuislozen

Als gemeente streven we er in lijn met het ‘Regionaal Actieplan Dakloosheid’ naar dat iedereen in Midden-Groningen in 2030 een dak boven zijn of haar hoofd heeft. Een deel van de mensen in de maatschappelijke opvang zijn zelfredzaam. Voor deze groep geldt dat ze weliswaar een acute huisvestingsvraag hebben, maar niet altijd een nadrukkelijke zorgvraag. In dat kader zetten we ons specifiek in voor mensen met een urgente huisvestingsvraag, zoals bijvoorbeeld gebeurt in het voormalige postkantoor (zie kader).

Uitstromers uit intramurale instellingen

Op het moment dat mensen uitstromen uit beschermd wonen of de maatschappelijke opvang zijn zij urgent. Voor de uitstroom uit Beschermd Wonen/Maatschappelijke opvang is in juni 2018 een convenant ‘Uitstroom Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang’ afgesloten. In dit plan met bijbehorende uitvoeringsprogramma hebben we uitgewerkt welke verschillende woonstadia uitstromers moeten doorlopen. Dit is geen vast en gestroomlijnd proces. Elke inwoner is verschillend en dit vraagt om maatwerk. Hier is rekening mee gehouden in het convenant dat gesloten is tussen gemeente en woningbouwcorporaties. Naast uitstromers uit beschermd Wonen en de maatschappelijke Opvang zijn er ook mensen die uitstromen uit jeugdzorg met verblijf, de vrouwenopvang en penitentiaire inrichtingen. Deze doelgroepen concurreren in zekere zin met reguliere woningzoekenden voor een sociale huurwoning. We willen voorkomen dat urgent woningzoekenden de reguliere woningzoekenden van de sociale huurmarkt verdringen. Om dit te realiseren worden maatregelen vastgelegd in prestatieafspraken tussen de gemeente, woningcorporaties en de huurdersorganisaties.

Mantelzorgers en ontvangers

Voor een mantelzorger is het belangrijk dat deze persoon dicht bij de mantelzorgontvanger woont. Andersom geldt hetzelfde. We willen dit graag faciliteren vanwege de belangrijke rol die mantelzorgers spelen in onze samenleving. Daarbij plaatsen we wel de kanttekening dat niet iedereen die zo nu en dan voor iemand anders zorgt ook een mantelzorger is. In de urgentieregeling nemen we op aan wat voor specifieke eisen iemand moet voldoen om als mantelzorger voorrang te krijgen op een sociale huurwoning. Daarnaast is het zo dat niet alle mantelzorgers op zoek zijn naar een woning in het sociale huursegment. Daarom bieden we ook ruimte voor mantelzorgwoningen in het koopsegment. We houden ons daarbij aan wettelijke kaders.

Stoppende sekswerkers

De laatste groep die recht heeft op urgentie is de groep stoppende sekswerkers. Het aantal stoppende sekswerkers zorgt in Midden-Groningen naar alle waarschijnlijkheid niet voor een grote opgave, aangezien er landelijk gemiddeld 300 sekswerkers per jaar uitstappen. Wanneer mensen zich melden, kijken we samen met corporaties naar een passende oplossing. Een deel van de uitstappende sekswerkers heeft een zorgbehoefte bijvoorbeeld vanwege een misbruik- of verslavingsverleden. Dit vraagt naast huisvesting ook om goede begeleiding voor (duurzaam) herstel.

4.3 Een goede plek voor mensen met urgentie Sommige zoekers op de woningmarkt komen in aanmerking voor urgentie. Dit zijn mensen die in acute woningnood verkeren of een specifieke woonvraag hebben. In deze paragraaf geven we aan wat we voor de verschillende urgentiegroepen kunnen betekenen.

24

25

4.4 Arbeidsmigranten en statushouders Statushouders

Asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen noemen we statushouders (of vergunninghouders). Gemeenten hebben een taakstelling voor het huisvesten van statushouders. Wij hebben hierover goede afspraken gemaakt met onze corporaties. Statushouders behoren niet tot de verplichte urgentiecategorieën van het Rijk. Wij hebben de afgelopen jaren ruimschoots aan onze taakstelling kunnen voldoen. Het demissionaire kabinet is van plan om ook deze taakstelling af te schaffen. Dit zou betekenen dat wij niet langer verplicht zijn om statushouders te huisvesten. Zolang de taakstelling bestaat, zetten we ons in om hieraan te voldoen. Maar ook bij afschaffing van de taakstelling willen wij statushouders een woonplek bieden in Midden-Groningen. We willen voorkomen dat mensen op straat komen te staan. We onderzoeken dan de mogelijkheden van tijdelijke huisvesting voor deze kwetsbare doelgroep.

Arbeidsmigranten

Er wonen relatief veel arbeidsmigranten in onze gemeente. Met name laaggeschoolde arbeidsmigranten vormen een kwetsbare groep. Nu is het zo dat in veel gevallen de werkgever zorgt voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Op het moment dat zij hun baan kwijtraken, verliezen ze ook vaak hun onderkomen, waardoor ze op straat of in de maatschappelijke opvang belanden. Dit willen we voorkomen. Huisvesting van arbeidsmigranten heeft onze aandacht. We willen voorkomen dat arbeidsmigranten en andere kwetsbare doelgroepen in slecht onderhouden of te kleine woonvormen terecht komen. Daarom zijn we bezig met regels voor kamerverhuur en onderzoeken we de invoering van de algemene verhuurvergunning, met als doel om de woonomstandigheden te verbeteren. We zetten in op regelmatige handhaving van deze regels. Ten slotte overleggen we samen met onze buurgemeenten over goede huisvesting voor arbeidsmigranten in de regio.

26

27

5. Het dorp en de wijk Wat is onze ambitie?

De gemeente Midden-Groningen beschikt over leefbare dorpen en wijken met voldoende voorzieningen.

Een samenredzame samenleving hangt sterk samen met een veilige en leefbare woonomgeving. Zo’n woonomgeving nodigt uit tot ontmoeting. Wanneer mensen elkaar kennen, zijn zij ook sneller bereid om elkaar te helpen. We vinden het belangrijk dat onze wijken en dorpen veilig zijn, dat er een passend voorzieningenniveau is en dat er genoeg plekken zijn waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Met een veilige en aangepaste inrichting van de openbare ruimte ondersteunen we zelfredzaamheid van ouderen en inwoners met een beperking. In de omgevingsvisie, woonvisie en elders in deze woonzorgwelzijnsvisie, staat hoe we dat willen realiseren. Een veilige en gezonde leefomgeving wordt steeds belangrijker. We willen immers allemaal zo veilig en gezond mogelijk opgroeien en leven. Gezondheid van onze inwoners is ook belangrijk omdat er grenzen zijn aan de zorg die we als samenleving kunnen bieden. Bij de inrichting van onze omgeving is veilig en gezond dan ook het uitgangspunt. Dit hebben wij ook in de omgevingsvisie vastgelegd. We willen ervoor zorgen dat onze straten en ontmoetingsplekken goed begaanbaar zijn voor inwoners die slecht ter been zijn of in een rolstoel zitten. In dit hoofdstuk geven wij aan hoe de inrichting van onze wijken en dorpen kan bijdragen aan het welzijn van inwoners. Ook is er aandacht voor gebiedsgericht wonen met zorg.

Na het lezen van dit hoofdstuk is duidelijk dat deze en andere ambities niet overal en in alle omstandigheden haalbaar zijn. Dit vraagt om aanpassingsvermogen, creatieve oplossingen en acceptatie. Niet alles is maakbaar.

Waar zetten we op in?

In het stedelijk gebied en de dorpen met veel voorzieningen is er in de toekomst op het gebied van wonen en zorg meer mogelijk. Mensen met een zwaardere zorgvraag zullen zoveel mogelijk hier worden gehuisvest. Samen met de zorgpartijen onderzoeken we welke zorg en ondersteuning kan worden geleverd in het landelijk gebied en de kleinste dorpen. We werken aan een goed netwerk van fiets- en wandelpaden, mogelijkheden tot (water) recreatie, voldoende groen en plekken om te bewegen, ontmoeten en te spelen.

28

29

We zetten ons in voor laagdrempelige plekken voor ontmoetingen en activiteiten. Zo willen we eenzaamheid bestrijden en mensen hun netwerk verbreden. We ondersteunen het behoud en de bereikbaarheid van voorzieningen zoals een huisarts in een (nabijgelegen) dorp. We sturen op wijken met een afwisselend aanbod aan woningen, waar verschillende doelgroepen een plek vinden om te wonen. Dit doen we zowel bij nieuwbouw van woongebieden als bij het verbeteren van bestaande wijken. Bij het realiseren van woonzorgopgaven voor aandachtsgroepen toetsen we de draagkracht en de draaglast in het dorp/wijk. We werken toe naar inclusieve wijken.

5.1 Leefbare dorpen en wijken We kennen in onze gemeente drie verschillende gebiedstypen: de stedelijke kern HoogezandSappemeer, de grotere voorzieningendorpen (zoals Muntendam, Zuidbroek, Siddeburen en Harkstede) en de kleinere dorpen in het landelijk gebied. We streven ernaar dat iedereen zo lang mogelijk kan blijven wonen in eigen dorp of wijk. We kunnen niet garanderen dat dit altijd een optie is. Niet alle zorg en ondersteuning kan overal worden geboden. Dit geldt met name voor de kleine dorpen en het landelijk gebied. Het is hier prachtig wonen, maar het gebrek aan en/ of de bereikbaarheid van voorzieningen maakt dat het niet voor elke doelgroep een geschikte woonplek is. Zorgaanbieders kunnen hier vaak geen 24-uurs zorg en begeleiding leveren. Het is niet realistisch om te verwachten dat dit in de toekomst wel mogelijk is. We willen dat dit duidelijk is voor inwoners. We gaan bij het oppakken van de woonzorgopgaven gebiedsgericht te werk. We verwachten dat in de toekomst niet overal alle zorg geleverd kan worden. In het stedelijk gebied (Hoogezand en Sappemeer) zijn meer voorzieningen voor mensen met een zorg- en begeleidingsvraag. Ook in onze voorzieningendorpen is zorg en ondersteuning goed te organiseren. Voor de kleinste dorpen en het landelijk gebied zoeken wij naar oplossingen op maat.

Wij vinden het belangrijk dat er plekken zijn waar dorpsgenoten elkaar kunnen ontmoeten (zie ook hoofdstuk 3). Dit kunnen dorpshuizen zijn, maar ook andere plekken zijn denkbaar. We willen initiatieven uit de (dorps)samenleving voor ontmoetingsplekken ondersteunen. In veel dorpen is er een sterke gemeenschapszin en bieden inwoners elkaar hulp. De samenleving is hier al behoorlijk samenredzaam. Hier geldt dat we ongelijk investeren om een gelijk resultaat te bereiken. Waar meer nodig is zetten we ons meer in. Tegelijkertijd willen we levendige dorpen blijven ondersteunen, zodat ze in de toekomst ook levendig blijven. Hierin zoeken we de juiste balans. In iedere wijk en ieder dorp is een gebiedsregisseur van de gemeente actief. De gebiedsregisseur draagt zorg voor de samenwerking in de wijk of in het dorp op het gebied van leefbaarheid. De gebiedsregisseur weet wat er speelt en werkt intensief samen met de wijk- en dorpsorganisaties.

30

5.2 Leefomgeving en bereikbaarheid Ontmoeting realiseer je niet alleen in daarvoor bestemde ontmoetingsruimten. Ook de openbare ruimte is van belang. Die moet toegankelijk zijn voor mensen die minder goed ter been zijn. Dat betekent dat we aandacht hebben voor drempels, oneffen stoepen en andere belemmeringen voor rollator- en rolstoelgebruikers. Ook willen wij bij de inrichting van onze openbare ruimte aandacht besteden aan een dementievriendelijke leefomgeving. Dit kan bijvoorbeeld door meer (kleur) contrast aan te brengen op straat, zodat ouderen met dementie belangrijke informatie niet missen. Een goed ingerichte leefomgeving kan aanzetten tot gezond gedrag en draagt bij aan een hogere levensverwachting. Een aantal gemeenten zijn hier al mee aan de slag gegaan (zie kader). De inrichting van de openbare ruimte is niet voor alle inwoners belangrijk, niet alleen voor mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag. We willen graag dat de openbare ruimte uitnodigt tot bewegen. Daarom werken we aan een goed netwerk van wandel- en fietspaden. Belangrijke ontmoetingsplekken zoals openbare parken en groenvoorzieningen willen we behouden en goed onderhouden. Deze plekken moeten aantrekkelijk en uitnodigend zijn ingericht, zodat ze geschikt zijn voor recreatief gebruik.

Blue Zones

Er zijn een aantal plekken op aarde waar mensen opvallend vaak in goede gezondheid oud worden. Demografen noemen deze gebieden “blue zones”. Gezondheidsproblemen zoals overgewicht, hart- en vaatziekten, diabetes en kanker komen hier bijna niet voor. Dit is terug te zien in de levensverwachting: nergens op de wereld wonen zoveel honderdjarigen als in deze blue zones. Een belangrijke succesfactor van deze blue zones is dat mensen die hier wonen minder stress ervaren, meer bewegen, gezonder eten en behoren tot een echte gemeenschap. We kunnen inwoners niet dwingen om gezonder te gaan leven. Wel kunnen we de blue zones-principes toepassen. Bij het inrichten van wijken hebben we aandacht voor initiatieven gericht op ontmoeting, leefstijl en beweging. Daarnaast stimuleren we gezonde keuzes op scholen en andere plekken waar inwoners samen komen. We laten ons inspireren door soortgelijke projecten in de wijk Cartesius in Utrecht en het Friese dorp Bakkeveen.

Daarnaast weten we dat bereikbaarheid aandacht vraagt. Als gemeente gaan we niet over het openbaar vervoer, maar we blijven wel in gesprek met de aanbieders en de provincie over de mogelijkheden. We maken ons hard voor de beschikbaarheid van een of andere vorm van OV voor alle kernen.

31

5.3 Een eerlijke verdeling van aandachtsgroepen In paragraaf 5.1 hebben we al aangegeven dat sommige dorpen niet of minder geschikt zijn voor wonen met (zwaardere) zorg. Dit betekent wel dat er meer druk komt te liggen op de plekken die wel geschikt zijn. Dit geldt met name voor Hoogezand en Sappemeer. Beide plaatsen beschikken over een ruim aanbod aan (zorg)voorzieningen en sociale huurwoningen. Hier wonen dan ook relatief veel inwoners die zorg en/of ondersteuning nodig hebben bij het zelfstandig wonen. We streven naar diverse en inclusieve wijken en dorpen. Daarom kijken wij bij het oppakken van de woonzorgopgaven naar een goede spreiding van aandachtsgroepen over de gemeente. Bij het huisvesten van aandachtsgroepen (zie hoofdstuk 4) hebben wij oog voor de draagkracht en draaglast van de directe omgeving. Zo stimuleren wij samenredzaamheid. We gaan het gesprek aan met buurtbewoners. Het is belangrijk dat zij goed worden gehoord en meegenomen bij nieuwe ontwikkelingen en initiatieven voor aandachtsgroepen. Zo vergroten we het wederzijds begrip en creëren we een fijne leefomgeving voor iedereen. We werken niet alleen binnen de gemeentegrenzen aan een eerlijke verdeling van aandachtsgroepen. Dit doen we ook regionaal. We maken samen met andere Groningse gemeenten duidelijke fair share-afspraken over hoeveel en welke aandachtsgroepen iedere gemeente huisvest.

Zo zorgen we ervoor dat elke gemeente naar rato haar steentje bijdraagt.

32

33

6. De organisaties Wat is onze ambitie?

Een fijne woonplek voor de inwoner met een zorg- en/of ondersteuningsvraag is ook een gezamenlijk belang van de gemeente, de woningcorporaties en de zorg- en welzijnsorganisaties. We tonen een gezamenlijk commitment om de zorg in de toekomst betaalbaar, toegankelijk en van goede kwaliteit te houden.

Wij staan voor een grote verandering op het gebied van wonen, welzijn en zorg. De opgaven die daarbij horen, kunnen alleen succesvol oppakken door goed samen te werken met de organisaties die actief zijn in Midden-Groningen. Zij geven concreet invulling aan de woonzorgopgave. In dit hoofdstuk gaan we in op hoe we deze samenwerking vormgeven, waar we kunnen verbeteren en welke uitdagingen we daarbij zien.

Waar zetten we op in?

We werken vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid aan de woonzorgopgaven van de toekomst. We zetten in op efficiënte en domeinoverstijgende samenwerking. We zetten in op innovatie en digitalisering in de zorg, en nemen inwoners voor wie deze ontwikkelingen te snel gaan mee. We stimuleren nieuwe vormen van inwonersinitiatieven, zoals nieuwe samenwerkingsvormen, zorgcorporaties en DOS-initiatieven. We zetten in op een verschuiving van geïndiceerde zorg naar algemene voorzieningen en inloopvoorzieningen.

6.1 Effectieve en efficiënte samenwerking We werken prettig samen met onze ketenpartners, bewonersorganisaties, vrijwilligers, welzijnsorganisaties, zorgpartijen, woningcorporaties en het zorgkantoor. Deze woonzorgwelzijnsvisie met breed gedragen ambities en uitgangspunten is daar het bewijs van. We zien het leveren van goede zorg en ondersteuning in combinatie met wonen als een gedeelde verantwoordelijkheid. Iedereen heeft hierbij een eigen rol.

34

35

Toch is in de samenwerking nog winst te halen door die effectiever te organiseren. We faciliteren daarom domeinoverstijgende (DOS) samenwerking in de vorm van overlegtafels waar verschillende partijen samenkomen. Dit wordt verder uitgewerkt in ons uitvoeringsprogramma. Ook kijken we nadrukkelijk naar de mogelijkheden om DOS-initiatieven in Noordbroek en Kolham te versterken en waar mogelijk uit te breiden. Dit levert een bijdrage aan het langer zelfstandig wonen met hulp van het formele en informele netwerk. Dergelijke initiatieven staan niet los van professionele zorg. Beide kunnen elkaar aanvullen en waar mogelijk versterken. Het is algemeen bekend dat door de dubbele vergrijzing de vraag naar zorg stijgt terwijl de beschikbare personele capaciteit beperkt is. Als gemeente kunnen we een faciliterende rol spelen, samenwerking bevorderen en innovatie stimuleren. Zorgorganisaties nemen zelf ook initiatieven die hiermee verband houden. Zo zijn de thuiszorgpartijen bijvoorbeeld gestart met de pilot ’Digitaal coördinatieplatform’. Inwoners die gebruik maken van verpleging aan huis hoeven zich niet langer aan te melden bij de verschillende wijkverplegingsorganisaties, maar doen dit bij een speciaal daarvoor bedoeld online aanmeldpunt. Vervolgens worden door de instanties afspraken gemaakt wie welke wijk oppakt.

Ook op andere zorggebieden (zoals de nachtzorg en beschermd wonen) stimuleren we (betere) samenwerking met als doel centralisatie van de zorg. Het leveren van goede zorg en ondersteuning zien we als een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

Samenwerking tussen organisaties en inwoners

Zoals aangegeven staan we open voor initiatieven vanuit de gemeenschap. Dit gaat om (collectieve) particuliere initiatieven zoals hofjeswoningen, maar ook om mobiliteitsinitiatieven door dorpsbewoners en mantelzorginitiatieven. We willen als gemeente hierin samen met professionele woon-, zorg- en welzijnsorganisaties een faciliterende rol vervullen. We willen zorgen voor een goede samenwerking tussen inwoners en organisaties. Het is niet voldoende om te zeggen dat we openstaan voor initiatieven van inwoners. Inwoners moeten ook echt ervaren dat ze hiervoor bij de gemeente terechtkunnen. Dit betekent ook dat we investeren in integrale dienstverlening en ambtelijke samenwerking over domeinen intensiveren.

We zien dat zorgorganisaties in toenemende mate inzetten op innovatie en digitalisering. Zorgtechnologie krijgt naar verwachting de komende jaren een grotere rol. Lichte zorg op het scherm vanuit de thuissituatie en het gebruik van AI wordt normaal. Ook op dit gebied geldt dat een flexibele opstelling nodig is. We bieden graag ruimte aan vernieuwing binnen de zorg. Voor sommige (oudere) bewoners gaat de digitalisering echter te snel. Daarom is het belangrijk dat zij goed worden meegenomen. Samen met de zorg- en welzijnsorganisaties kijken we naar het opzetten van een scholingstraject digitalisering voor inwoners die dat nodig hebben. Voor een deel van de mensen zal dat niet genoeg zijn. Het is belangrijk dat we hen goede persoonlijke zorg blijven bieden. Hier maken we ons samen hard voor. Een aandachtspunt is dat de internetverbinding niet overal in Midden-Groningen even goed is. Dit speelt vooral in het landelijk gebied en bemoeilijkt het gebruik van digitale hulpmiddelen daar. Als gemeente vinden we het belangrijk dat ook in het landelijk gebied de digitale bereikbaarheid goed is. Hierover zijn wij in gesprek met de provincie. Samen met de zorg- en welzijnsorganisaties zorgen we ervoor dat ondanks alle uitdagingen de zorg in de toekomst toegankelijk, betaalbaar en van goede kwaliteit blijft. Samen willen wij het verschil maken voor alle inwoners van Midden-Groningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15866669/1