03. Jaarrekening 2021
Tekst van het document
Opgave 2: Het Scholenprogramma Door de uitvoering van het Scholenprogramma maken we een grote slag als het gaat om onderwijshuisvesting. Uit inspecties, uitgevoerd in 2015 naar aanleiding van de aardgaswinning, bleken bouwkundige maatregelen voor veel scholen noodzakelijk. Deze conclusie heeft geleid tot het opstarten van het Scholenprogramma in onze gemeente. In het scholenprogramma werken we samen met scholen, schoolbesturen en kinder- en peuteropvang voor een veilige en toekomstbestendige onderwijshuisvesting. We communiceren regelmatig met onze inwoners over de voortgang van de projecten. Het programma bestaat uit meer dan 20 projecten die in 2022 afgerond worden. Het Scholenprogramma biedt kansen om in een relatief korte tijd veilige aardbevingsbestendige gebouwen te creëren die ook duurzaam en toekomstbestendig zijn. Uw raad heeft het beleid vastgesteld en samen met de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en het Rijk middelen beschikbaar gesteld om de scholen veilig en duurzaam te maken. De afspraken zijn vastgelegd in de Samenwerkingsovereenkomst onderwijshuisvesting Midden-Groningen. Wat hebben we bereikt? •
We hebben aardbevingsbestendige, duurzame en flexibele onderwijsvoorzieningen gecreëerd, die minimaal de komende 40 jaar een toekomstbestendige onderwijsvoorziening garanderen.
Wat hebben we daarvoor gedaan? • We hebben uitvoering gegeven aan het scholenprogramma, eindigend in 2022.
Opgave 3: Integraal Huisvestingsplan (IHP) In een Integraal Huisvestingsplan (IHP) leggen gemeenten en scholen hun gedeelde visie op het scholenlandschap van de toekomst vast. Deze gedeelde langetermijnvisie helpt gemeenten en schoolbesturen om strategische keuzes te maken en te bepalen hoe ze met investeringen omgaan. Een IHP heeft een gemiddelde looptijd van vijf jaar, met een doorkijk naar de langere termijn. Onze gemeente heeft momenteel geen IHP, omdat de ontwikkelingen voor onderwijshuisvesting voornamelijk onder het Scholenprogramma vallen, dat is opgesteld in het kader van de aardbevingsaanpak. Een IHP heeft op dit moment nog geen juridische status, maar er wordt landelijk gewerkt aan wettelijke aanpassingen om dit te wijzigen. Gemeenten worden dan verplicht een integraal huisvestingsplan op te stellen. In verband met het eindigen van het Scholenprogramma in 2022 is het voor onze gemeente noodzakelijk om een IHP op te stellen. Wat hebben we bereikt? •
In 2021 zijn we, in overleg met alle betrokken partijen, gestart met de voorbereiding en inventarisatie van onderwijsontwikkelingen die van invloed zijn op het onderwijslandschap van de komende jaren. We hebben de werkwijze ten aanzien van onderwijshuisvesting voor de overgang van het Scholenprogramma naar IHP geharmoniseerd.
Wat hebben we daarvoor gedaan? • We hebben, in overleg met alle betrokken partijen, uw raad geïnformeerd over de globale planning van onze ambities met betrekking tot de kwaliteit, duurzaamheid en het financieel kader.
63
Opgave 4: Leerlingenprognoses De behoefte aan onderwijshuisvesting voor het primair en voortgezet onderwijs is gerelateerd aan leerlingenaantallen. Prognoserapportages met betrekking tot leerlingenaantallen worden door een erkend extern bureau opgesteld. De leerlingenstromen en voorspellende waarde van de theoretische modellen worden door veel factoren beïnvloed en hierdoor is er altijd sprake van een onzekerheidsmarge. De minimale ruimte per leerling wordt uitgedrukt in bruto vloeroppervlakte in vierkante meter (m2) per leerling. Hoeveel ruimte elke leerling heeft, verschilt per schoolsoort en leerjaar. De normen hiervoor zijn opgenomen in de gemeentelijke huisvestingsverordening. De vorige leerlingenprognoses van onze gemeente dateerden uit april 2019. De actuele cijfers laten zien dat de impact van de krimp minder is dan verwacht, een aantal locaties groeit sneller. Wat hebben we bereikt? We hebben actuele leerlingenprognoses. Zo kunnen we de ruimtebehoefte voor zowel onderwijs als bewegingsonderwijs vaststellen. Wat hebben we daarvoor gedaan? We hebben in 2021 geactualiseerde periodieke leerlingenprognoses door een erkend extern bureau laten opstellen. Een eerste verkorte versie is met de schoolbesturen gedeeld. De definitieve versie wordt in 2022 aan alle betrokken partijen verstrekt.
Opgave 5: Programma en Overzicht Schoolbesturen dienen jaarlijks aanvragen bij ons in voor het realiseren van voorzieningen in het kader van onderwijshuisvesting die niet onder het Scholenprogramma vallen. We beoordelen de ontvangen aanvragen en stellen, vóór 1 januari van het realisatiejaar, vast welke voorzieningen worden toegekend. Wat hebben we bereikt? We hebben het Programma en Overzicht onderwijshuisvesting 2022 op 26 oktober 2021 vastgesteld. De schoolbesturen hadden voor 2022 drie aanvragen ingediend, die na toetsing en overleg met alle betrokken partijen zijn toegekend. Wat hebben we daarvoor gedaan? We zijn in overleg gegaan met alle betrokken partijen, Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO), en uw raad is geïnformeerd. Alle schoolbesturen zijn geïnformeerd over het genomen besluit. Onderwijs Onderwijs stelt onze inwoners in staat om zich te ontwikkelen, om een plek te vinden in de maatschappij en om werk te vinden. Onderwijs speelt een belangrijke rol bij het bieden van betere kansen voor alle inwoners. Kansengelijkheid neemt toe als kinderen al op jonge leeftijd optimale mogelijkheden hebben om zich te ontwikkelen en daarbij passende ondersteuning krijgen. Het verzorgen van onderwijs is primair de verantwoordelijkheid van schoolbesturen. Als gemeente faciliteren we het onderwijs en hebben we een aantal wettelijke taken rondom het onderwijs: •
Zorgen voor huisvesting;
•
Leerlingenvervoer;
•
Toezien op naleving van de leerplichtwet en voorkomen van voortijdig schoolverlaten;
•
Toezicht en handhaving van de kwaliteit van kinderopvang en peuteropvang;
•
Toezicht op voldoend(e) openbaar basisonderwijs;
•
Voorkomen van onderwijsachterstanden door voor- en vroegschoolse educatie; 64
•
Zorgen voor een goede aansluiting en afstemming van (jeugd)hulp en onderwijs.
We willen iedereen binnen het onderwijs iedereen zoveel mogelijk gelijke kansen bieden en schooluitval voorkomen. Hierbij vinden we het belangrijk om kinderen en jongeren vooral aan te spreken op hun mogelijkheden en talenten. Belemmeringen in het volgen van onderwijs moeten snel en met een zo licht mogelijke inzet worden weggenomen. Ouders en omgeving zijn hierin onmisbaar.
2.2.7 Participatiewet Uitkeringen Wat hebben we bereikt? •
Meer mensen doen mee naar vermogen: vergeleken met 2020 hebben in 2021 meer mensen met een arbeidsbeperking een betaalde baan vergeleken met 2020;
•
Iedereen die recht heeft op een uitkering heeft deze op tijd ontvangen. De gemiddelde doorlooptijd van een uitkeringsaanvraag is verlaagd van 31 naar 29 dagen;
•
We hebben de dienstverlening verbeterd aan de hand van het kwalitatieve klanttevredenheidsonderzoek;
•
We verwachtten een forse toename van het aantal bijstandsaanvragen als gevolg van corona. Dit was niet het geval, omdat de economie zich snel heeft hersteld. De huidige arbeidsmarkt maakt zelfs dat het aantal bijstandsuitkering veel lager is dan in 2020.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Direct na de ontvangst van een aanvraag bekijken de werkcoaches en het werkgeversteam, samen met de aanvrager, of werk een optie is in plaats van een bijstandsuitkering. Daarnaast screent het aanvraagteam de rechtmatigheid van een aanvraag zorgvuldig. Mogelijk kan de aanvrager ook aanspraak maken op een andere voorziening dan de bijstand.
•
Twee keer per maand vindt het omgekeerde toets overleg plaatst met verschillende beleidsterreinen zoals Kredietbank, Wmo en Jeugd. Casussen worden opgelost vanuit de grondwaarden van de verschillende wetten. Het periodieke overleg helpt om domeinoverstijgend te denken, de verbinding tussen de domeinen te verbeteren en de klant te helpen vanuit de bedoeling van de verschillende wetten.
•
In 2021 is een kwalitatief klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd op advies van de Adviesraad Sociaal Domein. We hebben een aantal uitgebreide telefonische interviews afgenomen bij ongeveer vijftien klanten. De klantverhalen hebben we gebruikt voor het verbeteren van onze dienstverlening.
•
We hebben ingezet op goede voorlichting door folders te verstrekken bij aanvang van de uitkering. Daarnaast gebruiken we onze nieuwsbrief om rechten, plichten en regelingen onder de aandacht te brengen bij onze klanten. Dit draagt bij aan het rechtmatig verstrekken van uitkeringen.
•
We hebben ondernemers in onze gemeente voorzien van inkomensondersteuning in de vorm van de 'Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers' (311 toegekende aanvragen) en de 'Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten' (30 toegekende aanvragen). Deze regelingen liepen tot 1 oktober 2021.
65
Bijstandsvolume Jaartal
2018
2019
2020
2021
Aantal huishoudens met een bijstandsuitkering op 31 december
1855
1778
1797
1679
Re-integratie Wat hebben we bereikt? •
Inwoners met een bijstandsuitkering of een arbeidsbeperking kregen ondersteuning bij het vinden en behouden van betaald werk. Wanneer betaald werk (nog) niet mogelijk was dan boden we ondersteuning bij de maatschappelijke participatie van inwoners.
•
We constateren dat de arbeidsmarkt zich snel heeft hersteld van de coronacrisis en dat er sprake is van personeelstekorten. Helaas kunnen veel mensen met een bijstandsuitkering hier niet van profiteren. Dit komt omdat er bij deze doelgroep vaak sprake is van stevige sociale-, psychische- of medische problematiek, waardoor de toegang tot de arbeidsmarkt niet zo eenvoudig is. Daarnaast kan er sprake zijn van een mismatch tussen de gevraagde vaardigheden van de arbeidsmarkt en de vaardigheden die de mensen in de bijstand hebben. Deze mismatch kunnen we overbruggen met praktijkgerichte scholing.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben mensen met een bijstandsuitkering begeleid naar betaald werk. De uitstroom naar betaald werk is lager dan voor corona. De coronamaatregelen zorgden ervoor dat de ondersteuning minder optimaal was. Daarbij zien we dat veel mensen met een bijstandsuitkering al langere tijd uit het arbeidsproces zijn en er vaak sprake is van socialepsychische of medische problematiek. Dit vraagt om intensieve ondersteuning.
•
We hebben mensen met een arbeidsbeperking begeleid naar een afspraakbaan. Hierdoor konden mensen met een loonkostensubsidie aan de slag bij een reguliere werkgever. Mensen met een arbeidsbeperking die startten in een betaalde baan, kregen begeleiding op de werkvloer zodat de plaatsing ook duurzaam was.
•
We hebben mensen met een indicatie beschut werk een beschermde werkplek aangeboden bij het Werkbedrijf BWRI. We bieden meer mensen een beschutte werkplek dan dat wij op basis van de wettelijke taakstelling hoeven te doen.
•
We hebben praktijkgerichte scholing in de bouw en techniek aangeboden aan inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt om hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. De scholing organiseerden we in de arbeidsmarktregio Groningen Werk In Zicht met het NPGproject 'Kansrijk Opleiden'.
•
Door middel van het NPG-project 'Overschild' hielpen wij mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. De resultaten van dit NPG-project worden toegelicht bij Programma 5.
•
We namen financiële belemmeringen weg voor de overstap van uitkering naar betaald werk, door het financiële nadeel zoveel mogelijk te compenseren. Zo hebben we reiskostenvergoeding verstrekt, een laptop vergoed en een elektrische fiets aangeschaft.
•
Door het project 'Zelfstandigen in coronatijd' boden wij zelfstandig ondernemers ondersteuning bij de heroriëntatie over de toekomst van hun onderneming.
66
Aantal mensen met een afspraakbaan 2018
2019
2020
2021
53
81
96
114
Aantal mensen met een afspraakbaan op 31-12
Aantal mensen op beschutte werkplek 2018
2019
2020
2021
Aantal mensen met een beschutte werkplek 31-12
21
32
42
58
Taakstelling vanuit het rijk
20
26
32
37
Duurzame uitstroom naar betaald werk
Uitstroom
2018
2019
2020
2021
212
218
170
174
Zelfstandigen in coronatijd
Resultaat ondersteuning
2021
Ondersteuning of doorverwijzing bij het versterken eigen onderneming
8
Doorverwijzing bij schuldenproblematiek
17
Begeleiding naar (parttime-) werk
16
Wet sociale werkvoorziening (WSW) Wat hebben we bereikt? We hebben circa 300 mensen met een Wet sociale werkvoorziening (WSW)-indicatie betaald werk aangeboden. Hiermee konden mensen met een arbeidsbeperking via een aangepaste werkplek hun eigen inkomen verdienen en volop participeren. Wat hebben we daarvoor gedaan? BWRI •
Het werkbedrijf BWRI heeft aan 200 personen met een WSW-indicatie een aangepaste werkplek geboden. De meeste aangepaste werkplekken waren er binnen het werkbedrijf BWRI. Wanneer het mogelijk was, detacheerden we mensen bij een reguliere werkgever. In het jaar 2021 ging het in totaal om 61 medewerkers;
67
•
Corona heeft in 2021 binnen het werkbedrijf BWRI een stempel gedrukt op de uitvoering. Corona veroorzaakte spanning en onzekerheid bij de medewerkers. Een paar keer hebben we de werkzaamheden van afdelingen stil moeten leggen om de verdere verspreiding van het virus te stoppen. Aan de andere kant zorgde de gezamenlijke inspanning om alles goed te laten verlopen ook tot trots en saamhorigheid;
•
We zijn gestart met het NPG-project 'Ontwikkelbedrijf BWRI'. De voortgang wordt verantwoord binnen programma 5 'Gevolgen gas- en zoutwinning en NPG-projecten'.
Wedeka We nemen deel aan de gemeenschappelijke regeling Wedeka. Bij Wedeka werken ongeveer 100 medewerkers met een WSW-indicatie die in de voormalige gemeente Menterwolde wonen. Wedeka heeft te maken met een oplopend negatief bedrijfsresultaat. De kosten van dit negatieve bedrijfsresultaat worden door de gemeenten binnen de gemeenschappelijke regeling naar rato betaald. Samen met de andere deelnemende gemeenten van gemeenschappelijke regeling Wedeka hebben we in 2021 maatregelen vastgesteld die moeten leiden tot een financieel gezond en toekomstbestendig Wedeka. De maatregelen hebben tot gevolg dat een aantal locaties moet sluiten en de span of control van leidinggevenden wordt vergroot. Aantal mensen werkzaam in de WSW 2018
2019
2020
2021
Aantal mensen werkzaam in de WSW bij dé BWRI op 31 december
333
322
306
297
Aantal mensen werkzaam bij Wedeka op 31 december
108
106
106
98
Totaal
441
428
412
395
Minima- en armoedebeleid Kinderarmoede Wat hebben we bereikt? Kinderen die opgroeien in een gezin met een laag besteedbaar inkomen waren in staat om mee te doen aan allerlei voor de ontwikkeling belangrijke activiteiten zoals een verjaardag vieren, sporten, een muziekinstrument spelen of mee op schoolreis. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Kinderen die opgroeien in een gezin met een laag inkomen maakten aanspraak op het Meedoenfonds, het kindpakket en een vergoeding voor schoolkosten;
•
We hebben het maatwerkbudget voor kinderen ingezet voor bijzondere kosten. Het maatwerkbudget is ingezet voor schoolkosten, reiskosten en medische kosten. Ook hebben we vanuit het maatwerkbudget een aantal gezinnen financieel ondersteund die te maken kregen met fors hogere energielasten door de stijgende gasprijs;
•
Het onderzoek naar armoede van de Rijksuniversiteit heeft geleid tot verschillende handvaten om de overdracht van armoede van ouder op kind aan te pakken. Deze kennis hebben we gebruikt voor het indienen van de projectaanvragen bij het Nationaal Programma Groningen. Het gaat om de projecten: tijd voor toekomst, bevorderen van
68
sociale veerkracht, jongeren met toekomst en inzet ervaringsdeskundigen. De financiering voor de projecten is toegekend. De verantwoording van deze projecten vindt u onder het programma 5 'Gas- en Zoutwinning en NPG-projecten'. Het bereik van het aantal kinderen 2018
2019
2020
2021
Aantal kinderen ondersteund met het maatwerkbudget
33
32
38
16
Bereik webwinkel Meedoenfonds kinderen
-
90% 1413
94% 1423
93% 1412
Wat hebben we bereikt? We hebben ondersteuning geboden aan inwoners die geconfronteerd worden met een armoedesituatie. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Het Armoedepact is in 2021 met een nieuwe opzet van start gegaan. Het pact bestaat uit een aantal kernpartners namelijk de Voedselbank, Gemeentelijke Kredietbank, De Toverboom, Kledingbank Maxima en de Computerbank. In een brede bijeenkomst voor alle aangesloten organisaties van het Armoedepact is de pilot Voorzieningenwijzer MiddenGroningen gepresenteerd en hebben convenantpartners hun dienstverlening aan inwoners in armoedesituaties belicht;
•
We hebben financiële hulp geboden aan gezinnen met een laag inkomen via de individuele inkomenstoeslag, de webwinkel van het Meedoenfonds, bijzondere bijstand en de collectieve ziektekostenverzekering van Menzis;
•
Maatschappelijke organisaties die zich richten op de bestrijding van armoede kregen financiële ondersteuning van de gemeente. Hierdoor waren zij in staat om de armoedesituatie van gezinnen te verzachten;
•
We zijn gestart met projecten die erop gericht zijn om de spiraal van armoede en maatschappelijke kwetsbaarheid te doorbreken. Het gaat om de bevordering van sociale veerkracht; inzet ervaringsdeskundigen; Tijd voor Toekomst; Jongeren met Toekomst en De Ijsberg. Deze projecten worden gefinancierd met NPG-gelden en verantwoord binnen programma 5 'Gas- en zoutwinning en NPG-projecten';
•
We hebben besloten om af te zien van verdere deelname aan het rijksonderzoek naar een effectieve armoedeaanpak. De door dit rijksonderzoek gekozen interventies sloten namelijk niet aan bij onze lokale armoedeaanpak;
•
De Rekenkamercommissie heeft onderzoek gedaan naar ons armoedebeleid. De uitkomsten van het onderzoek bieden verschillende handreikingen om ons beleid te verbeteren, zoals de toegang tot minimavoorzieningen laagdrempeliger maken. We gaan in 2022 aan de slag met de aanbevelingen uit het onderzoek.
69
Het bereik van het Meedoenfonds en collectieve aanvullende ziektekostenverzekering Menzis 2018
2019
2020
2021
-
30% van de doelgroep 2164
34% van de doelgroep 2206
35% van de doelgroep 2192
25% van de doelgroep 1630
27% van de doelgroep 1757
26% van de doelgroep 1702
26% van de doelgroep 1689
Bereik volwassenen Meedoenfonds
Bereik CAZ
De cijfers voor het bereik van mensen in armoede komen overeen met de landelijke cijfers. Aantal mensen door maatschappelijke organisaties ondersteund Organisatie
2018
2019
2020
2021
Kledingbank Maxima Veendam
166
185
210
265
Kledingbank Maxima Sappemeer
1308
1409
1015
1051
Stichting Urgente Noden
34
34
44
50
Voedselbank
1013
926
1064
1000
Stichting Leergeld
334
179
145
158
Jeugdfonds Sport en Cultuur
282
246
222
223
Jongerenaanpak 18-27 jaar Scholing Wat hebben we bereikt? We hebben voorkomen dat jongeren het onderwijs verlaten zonder een MBO2, HAVO of VWO diploma. Het aantal voortijdige schoolverlaters is licht gestegen ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit is een landelijke trend. We zien dat in vergelijking met voorgaande jaren veel jongeren uitvallen op MBO 3 of MBO 4 zonder diploma door psychische klachten of door hun sociale omstandigheden. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben de kwalificatieplicht gehandhaafd om schooluitval te voorkomen;
•
We hebben ondersteuning gegeven aan jongeren die niet of maar gedeeltelijk onderwijs kunnen volgen. Hierbij hebben we gekeken hoe terugkeer naar school mogelijk is en waar de jongere het beste onderwijs kan volgen. We werkten hierbij samen binnen het samenwerkingsverband Passend Onderwijs;
70
•
We hebben samen met Noorderpoort een MBO2 opleiding voor jongeren aangeboden op het Werkbedrijf BWRI. Hier kunnen jongeren die niet in staat zijn om op het reguliere onderwijs hun startkwalificatie te halen, onderwijs volgen;
•
We werkten samen in de RMC-regio met de gemeenten Groningen en Westerkwartier. We bepaalden samen de speerpunten van ons beleid en verdeelden de regionale RMC-gelden voor de inzet van maatregelen op en na school. De maatregelen varieerden van een talentenwerkplaats in de stad Groningen (Opleiding Binn'stad) waar jongeren kunnen ontdekken wat hun talenten zijn tot lichte ondersteuning van een casemanager jeugd op school om uitval te voorkomen (School als Wijk).
Aantal vroegtijdige schoolverlaters 2017/2018
2018/2019
2019/2020
2020/2021
99
104
100
106 (Voorlopig cijfer)
Percentage voortijdige schoolverlaters Midden-Groningen
1,94%
2,07%
2,05%
Nog niet bekend
Percentage voortijdige schoolverlaters landelijk
1,91%
2,02%
1,72%
Nog niet bekend
Aantal voortijdige schoolverlaters
Participatie Wat hebben we bereikt? We hebben zoveel mogelijk jongeren begeleid naar een passende plek in de samenleving. Als vervolgonderwijs niet mogelijk of wenselijk was, zijn jongeren begeleid richting de arbeidsmarkt, hulpverlening of dagbesteding. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben de 'Route arbeid' ingezet waarmee we jongeren begeleiden die de overstap maakten van het praktijkonderwijs of voortgezet speciaal onderwijs naar de arbeidsmarkt. Veel jongeren gingen aan de slag via een afspraakbaan bij een werkgever. We spreken van een afspraakbaan als een werkgever loonkostensubsidie ontvangt ter compensatie van de verminderde productiviteit van een werknemer door een arbeidsbeperking;
•
We monitorden de kwetsbare overgang van school naar een passende plek van alle jongeren die uitstroomden uit het voortgezet speciaal onderwijs, praktijkonderwijs of MBO1. Dit waren er ongeveer 170 in het jaar 2021. Waar de overgang naar een passende plek minder soepel ging, hebben we ondersteuning geboden;
•
Jongeren die een beroep deden op de Participatiewet zijn, waar wenselijk, teruggeleid naar school. Als dat niet mogelijk was zijn de jongeren begeleid naar betaald werk, beschut werk, hulpverlening of dagbesteding;
•
We hebben zes jongeren tussen de 18-23 jaar met een indicatie beschut werk rechtstreeks geplaatst op een beschutte werkplek bij het Werkbedrijf BWRI. Veelal stroomden zij vanuit het Voortgezet Speciaal Onderwijs of praktijkonderwijs door naar deze plek.
71
Aantal jongeren die we ondersteunen naar een passende plek in de samenleving Begeleid naar:
2019
2020
2021
Afspraakbaan
31
28
29
Beschut werk
9
9
6
Regulier werk
117
99
137
Hulpverlening
13
10
8
Dagbesteding
2
9
7
Op school of terug naar school
145
155
145
Participatie en integratie nieuwkomers Wat hebben we bereikt? We hebben de participatie en integratie van nieuwkomers bevorderd. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben ons voorbereid op de invoering van de nieuwe inburgeringswet die, na uitstel, in werking is getreden per 1 januari 2022. We hebben hiervoor de 'Nota uitvoering inburgering' vastgesteld. Onze dienstverlening ondersteunt inburgeraars om snel en op een zo hoog mogelijk taalniveau in te burgeren;
•
Nieuwkomers met een bijstandsuitkering kregen binnen het project ‘Meer doen met nieuwkomers’ intensieve begeleiding bij hun participatie. Hier begonnen we al mee in de periode dat zij een inburgeringscursus volgden. Alle inzet was er op gericht om de talenten en mogelijkheden van nieuwkomers zo goed mogelijk te benutten. De door ons geboden ondersteuning is divers, zoals taallessen, taalstage, begeleiding naar betaald werk, een werkervaringsplek of vrijwilligerswerk;
•
In 2021 hebben we vijf ELIP's intensief begeleid. ELIP's zijn inburgeraars die hun lening bij DUO (bijna) volledig hebben benut, terwijl ze nog geen inburgeringsdiploma hebben. De inzet heeft ertoe geleid dat vier inburgeraars hun inburgeringstraject alsnog succesvol hebben afgerond. De vijfde inburgeraar heeft, na inzet van hulpverlening, zijn inburgeringstraject weer opgepakt;
•
We hebben in het jaar 2021 asielstatushouders gehuisvest. Humanitas heeft maatschappelijke begeleiding geboden om de mensen wegwijs te maken in onze gemeente en te ondersteunen bij allerlei praktische zaken;
•
In 2021 hebben inburgeraars het programma 'Thuis in Midden-Groningen' gevolgd bij Humanitas. Inburgeraars kregen binnen dit programma in een aantal bijeenkomsten les over belangrijke Nederlandse waarden, gezondheidszorg, administratie bijhouden en woonvaardigheden. De cursus werd afgesloten met de ondertekening van de participatieverklaring.
72
Indicatoren participatie en integratie nieuwkomers 2018
2019
2020
2021
Aantal mensen ondersteund met Project 'Meer doen met nieuwkomers'
143
148
155
175
Aantal gehuisveste statushouders
51
42
59
84
Volwasseneneducatie Wat hebben we bereikt? Zowel inwoners met als zonder bijstandsuitkering konden werken aan het verbeteren van taalreken- of digitale vaardigheden. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben een educatieplan met het Noorderpoort opgesteld. Hierin zijn afspraken gemaakt over de inzet van het educatiebudget in onze gemeente;
•
Tijdens de lockdowns heeft het Noorderpoort de lessen online gegeven. Er is geprobeerd om cursisten er zoveel mogelijk bij te houden. Dit lukte niet in alle gevallen. Sommigen namen geen deel meer omdat ze geen beschikking hadden over WiFi, kinderen thuis hadden of niet digitaal vaardig waren. De resultaten zijn hierdoor dit jaar minder goed dan in de jaren voor corona;
•
We hebben binnen de arbeidsmarktregio de aanbesteding voor volwasseneneducatie afgerond. Vanaf 2022 hebben we twee aanbieders voor volwasseneneducatie. Stichting Itom gaat de volwasseneneducatie verzorgen voor mensen die een andere moedertaal hebben dan het Nederlands. Noorderpoort gaat, als onderaannemer van het Alfacollege, de volwasseneneducatie verzorgen voor mensen die Nederlands als moedertaal hebben.
Aantal inwoners dat heeft deelgenomen aan volwasseneneducatie
Aantal deelnemers volwasseneneducatie op 31-12
2018
2019
2020
2021
253
283
156
118
Participatiewet De Participatiewet heeft als doel zoveel mogelijk mensen, met en zonder arbeidsbeperking, weer aan de arbeidsmarkt deel te laten nemen. Wij zijn verantwoordelijk voor het begeleiden en ondersteunen van mensen richting werk. Het hebben van werk is cruciaal voor sociaal, maatschappelijk en economisch welzijn. Het draagt bij aan een verhoging van het besteedbaar inkomen en daarmee aan de financiële weerbaarheid. Het Bedrijf voor Werk, Re-integratie en Inkomen (dé BWRI) is uitvoerder van de Participatiewet. BWRI is dé organisatie voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. BWRI ondersteunt inwoners om werk te vinden en te behouden. Als werk niet tot de mogelijkheden behoort, is participatie het doel. Aan inwoners, die niet in staat zijn om zelfstandig in hun inkomen te voorzien, bieden we (tijdelijk) inkomensondersteuning. BWRI staat voor een inclusieve samenleving en arbeidsmarkt. We laten niemand aan de kant staan en iedereen werkt naar vermogen. BWRI 73
werkt in 2021 volgens het re-integratiebeleid 2020-2023 en de daarin opgenomen indicatoren. In 2021 stonden we voor de uitdaging om de nieuwe inburgeringswet te implementeren. De 'Wet inburgering 2021' is ingegaan per 1 januari 2022.
2.2.8 Schuldhulpverlening Dienstverlening en kwaliteit Dienstverlening en kwaliteit De kredietbank is ‘open’, vindbaar en toegankelijk. Toch bleek dat een groot aantal inwoners met problematische schulden in onze gemeente geen gebruik maakte van onze dienstverlening. In 2021 hebben wij ons ingezet om hier verandering in aan te brengen. Hiervoor hebben wij een nieuw communicatieplan opgesteld. Wat hebben we bereikt? Iedere inwoner en hulpverlener is bekend met de dienstverlening van de kredietbank. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We werken laagdrempelig en zorgen in onze dagelijkse dienstverlening voor vindbaarheid en toegankelijkheid;
•
In 2021 heeft de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) de NVVK belofte gepresenteerd. Deze nieuwe basisnorm beoogt maatwerk en een integrale aanpak van schuldhulpverlening binnen alle Nederlandse gemeenten. De belofte geeft weer wat organisaties en inwoners van de financiële zorg van een NVVK-lid mogen verwachten. Wij hebben onze interne processen langs de lat van deze belofte gelegd. Daar waar wij ruimte voor verbetering zagen hebben wij dit aangepast. De NVVK belofte gaat uit van laagdrempelige dienstverlening waarbij niemand 'buiten de boot valt';
•
Wij zijn samen met deskundigen aan de slag gegaan met een nieuw communicatieplan. Hiermee vergroten we onze effectiviteit en bereikbaarheid;
•
Samen met een communicatiebureau hebben wij een nieuw merkhuis en communicatieplan ontwikkeld. Onze folders, website en brieven zijn aangepast naar B1-niveau en we zijn ook zichtbaar op sociale media.
Indicatoren •
Wij hebben 43 informatie- en adviesgesprekken gevoerd. In 2020 waren dit er 69. In 2021 hebben wij de werkwijze van de gesprekken aangepast. Het eerste gesprek is altijd een 'open' kennismakingsgesprek. Hierdoor geven de cijfers geen volledig beeld. Dit kan de daling in het aantal gesprekken verklaren. Van de 43 adviesgesprekken hebben vier inwoners een aanvraag schuldhulpverlening gedaan. Door de aangepaste werkwijze geven de cijfers geen volledig beeld van de werkelijkheid;
•
In 2021 werden er zes inwoners doorverwezen via een gemeentelijk medewerker. 43 inwoners zijn doorverwezen door Humanitas. 14 inwoners zijn doorverwezen via andere hulpverlenende instanties. 21 inwoners zijn aangemeld via het sociaal team;
•
In 2021 hebben 82% van de aanvragers binnen vier weken een intakegesprek gehad;
•
In 2021 zijn de schulden van 50 inwoners afgelost middels een saneringskrediet. 31 inwoners hebben succesvol een schuldbemiddelingstraject doorlopen;
•
Het aantal klanten in budgetbeheer is licht gestegen. Eind 2021 maakten 699 inwoners uit Midden-Groningen gebruik van budgetbeheer. Eind 2020 was dit aantal 676;
•
In 2021 zijn er 39 sociale leningen verstrekt. De gemiddelde sociale lening was € 2752,50;
74
•
In 2021 zijn er 30 nieuwe budgetcoachingstrajecten gestart;
•
In 2021 zijn 214 mensen uitgestroomd uit onze dienstverlening. Wanneer een inwoner uitstroomt bieden wij nazorg aan. In een telefonisch gesprek vragen wij hoe het met de inwoner gaat en of ondersteuning gewenst is;
•
In 2021 maakten 14 jongeren met schulden gebruik van onze reguliere dienstverlening. Soms dreigden jongeren met schulden, vanwege conflicterende wetgeving, tussen wal en schip te vallen. Daarom hebben drie jongeren via het budget van het project ‘Jongeren met schulden' een krediet ontvangen. In voorkomende gevallen worden er ook kredieten verstrekt voor bijzondere noodzakelijke kosten waarvoor geen voorliggende voorziening bestaat. Indien het verstrekken van het krediet een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de jongere kan dit krediet worden toegekend;
•
In 2021 hebben wij contact gehad met 16 ondernemers met financiële problemen. 11 ondernemers hebben gebruikt gemaakt van externe schuldhulpverlening. In 2021 is het 'loket zelfstandigen' gestart;
•
In 2021 hebben wij gewerkt aan een convenant met de vijf grootste beschermingsbewindvoerderskantoren. Samen met bewindvoerders zetten wij in op het vergroten van financiële redzaamheid. Indien mogelijk werken bewindvoerders naar uitstroom uit beschermingsbewind of ondersteuning in de vorm van een lichtere maatregel. Het convenant met beschermingsbewindvoerders is op 25 januari 2022 ondertekend.
Het bereik van de website meten we door het aantal bezoeken te registreren. Een bezoek is een reeks pagina-aanvragen van dezelfde bezoeker. Over 2021 zien we het volgende beeld: •
Algemene pagina Kredietbank 3.810 bezoeken;
•
Advies bij geldzorgen 373 bezoeken;
•
Geldzorgen voorkomen 134 bezoeken;
•
Ik word 18, wat moet ik regelen? 77 bezoeken;
•
Ziek? Zo houd je grip op je geldzaken 39 bezoeken;
•
Geldzorgen na je scheiding? Zo regel je het! 36 bezoeken;
•
Hulp bij schulden 393 bezoeken;
•
Betalingsachterstanden 115 bezoeken;
•
Lening aanvragen 527 bezoeken;
•
MijnGKB 25.631 bezoeken.
Preventie en Vroegsignalering Thema 1: Vroegsignalering Vroegsignalering is per 1-1-2021 een taak binnen de Wet gemeentelijk schuldhulpverlening (Wgs) geworden. Wat hebben we bereikt? We hebben inwoners met beginnende schulden via relatief eenvoudige instrumenten weten te bereiken. Op deze manier hebben wij voorkomen dat beginnende schulden problematisch zouden worden. Medewerkers van het team vroegsignalering hebben inwoners een eenvoudige oplossing geboden op het moment dat de betalingsachterstand nog relatief laag was. Wat hebben we daarvoor gedaan? Wij hebben een gedegen werkwijze opgezet. Dit hebben wij gedaan samen met onze vroegsignaleringspartners. Dit zijn woningcorporaties, zorgverzekeraars, het waterbedrijf en
75
energiemaatschappijen. Indicatoren •
In 2021 had een klant gemiddeld 14 schuldeisers en was de omvang van de gemiddelde schuldenlast € 21.775,83. De omvang van de gemiddelde schuldenlast is in 2021 verbeterd ten opzichte van 2020. In 2020 had een klant gemiddeld 11 schuldeisers en was de omvang van de gemiddelde schuldenlast € 36.768,24;
•
In 2021 zijn er 1709 vroegsignalen ontvangen. Hiervan is er 399 keer hulp aanvaard. Dit komt neer om ruim 23%;
•
Van de 399 inwoners die hulp hebben aanvaard zijn er 114 geholpen met een 'quickfix'. Een quickfix is een directe oplossing, zoals het treffen van een betalingsregeling;
•
285 inwoners zijn doorverwezen. Hiervan zijn er 260 doorverwezen naar financiële hulp en 25 naar niet financiële hulp;
•
Van de 260 inwoners die zijn doorverwezen naar financiële hulp zijn er 48 doorverwezen naar de Kredietbank. De overige 212 inwoners zijn doorverwezen naar andere financiële hulp zoals Humanitas, Schuldhulpmaatje en de Voorzieningenwijzer;
•
Gemiddeld vonden er per inwoner twee contactpogingen plaats. Het grootste deel van de inwoners heeft een hulpaanbod ontvangen per brief. Contacten via de telefoon en huisbezoeken blijken in de praktijk het meest succesvol;
•
De gemiddelde hoogte van de openstaande schuld die via vroegsignalering wordt ontvangen is € 400,59. De meeste vroegsignalen worden ontvangen van zorgverzekeraars.
Thema 2: Preventie Wat hebben we bereikt? We hebben bijgedragen aan financiële bewustwording van onze inwoners, specifiek bij jeugdigen en hun ouders. Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Wij hadden preventieactiviteiten op basisscholen gepland en zouden de inzet van de ervaringsdeskundige op scholen verder ontwikkelen. Door corona konden deze activiteiten helaas geen doorgang vinden;
•
Tijdens de Week van het geld zijn er 350 “Dagobert Ducks” binnen onze gemeente verstrekt aan kinderen;
•
Wij hebben sociale media ingezet om financiële bewustwording bij onze inwoners te creëren;
•
Wij hebben gewerkt aan alternatieve manieren om inwoners te bereiken. Een concreet resultaat hiervan is dat we in 2022 het boek 'spaarvarken geeft leergeld' uitdelen. Ook ontwikkelen we een 'QR-game' om jongeren te bereiken.
Indicatoren De budgetcursussen van Stichting Knip zijn, ondanks corona wel doorgegaan. Er hebben zes inwoners de fysieke cursus gevolgd en vier deelnemers deden de online cursus. Ook is er zes keer een stukje geplaatst in het blad van de POSO, hiermee is de oudere doelgroep bereikt. Bereik aantal kinderen en jongeren in de Week van het geld 2021.
76
Thema 3: Netwerk De kredietbank werkt samen met de sociale teams, de sociale dienst en diverse vrijwilligersorganisaties in onze gemeente. Wat hebben we bereikt? De verwachte toestroom van inwoners in 2021 is uitgebleven. Het aantal klanten dat gebruik maakte van budgetbeheer in 2021 is met 23 klanten gestegen ten opzichte van 2020. Voor het uitblijven van de verwachte toestroom kunnen diverse oorzaken worden aangewezen. Ondernemers hebben gebruik kunnen maken van ondersteuningsmaatregelen van de rijksoverheid. Hierdoor is een verwacht 'domino-effect' uitgebleven. Ook waren instanties het afgelopen jaar eerder bereid tot het treffen van betalingsregelingen voor openstaande vorderingen. Hierdoor is de verwachte toestroom van inwoners met financiële problemen uitgebleven. Wat hebben we daarvoor gedaan? Wij hebben onze samenwerking met 'SchuldHulpMaatje' vormgegeven. SchuldHulpMaatje heeft een groep opgeleid die onze inwoners ondersteunt. Indicatoren •
SchuldHulpMaatje is op 1 maart 2021 gestart. 17 inwoners hebben zich hier gemeld. Schuldhulpmaatje heeft 12 actieve vrijwilligers;
•
876 inwoners hebben de website van Geldfit bezocht. 370 inwoners hebben een online test gedaan. 2 inwoners hebben een telefonisch gesprek met Geldfit gevoerd.
Hersteloperatie toeslagen Een groot aantal ouders in Nederland is benadeeld door de hardheid van het stelsel van de kinderopvangtoeslag. Door een compensatieregeling wil de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT) van de Belastingdienst het onrecht compenseren. Ook wil de Belastingdienst de gedupeerde ouders een schuldenvrije toekomst bieden. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), Rijksoverheid en Belastingdienst hebben afgesproken dat gemeenten gedupeerde ouders ondersteunen. Wat hebben we bereikt? •
Ouders die (mogelijk) gedupeerd zijn in de kinderopvangtoeslagaffaire kunnen een beroep doen op de gemeente voor brede ondersteuning. Deze ondersteuning kan bijvoorbeeld bestaan uit hulp bij schulden, gezondheid, dagbesteding of werk;
•
De gemeentelijke vorderingen van gedupeerde ouders zijn kwijtgescholden. De Belastingdienst verstrekt gegevens van gedupeerde ouders die voor deze kwijtschelding in aanmerking komen en compenseert de gemeente voor alle gemaakte kosten.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Alle (mogelijk) gedupeerde ouders in onze gemeente hebben het aanbod gehad om gebruik te maken van ondersteuning. Twaalf ouders hebben gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. Met deze ouders is een plan van aanpak opgesteld. Het meldpunt beantwoordt daarnaast regelmatig vragen van (mogelijk) gedupeerde ouders.
•
Het 'meldpunt toeslagen' is ingericht. Op deze manier kunnen ouders laagdrempelig in contact komen met onze gemeente. De meest recente cijfers (maart 2022) laten zien dat 157 ouders uit onze gemeente zich als gedupeerde bij de Belastingdienst hebben gemeld. Gedupeerde ouders kunnen zich nog tot en met 2023 bij de Belastingdienst melden. Het meldpunt toeslagen in Midden-Groningen blijft gedurende deze tijd bereikbaar.
77
•
De gemeentelijke vorderingen van gedupeerde ouders zijn kwijtgescholden. In 2021 hadden 121 ouders recht op kwijtschelding van hun vorderingen.
Schuldhulpverlening De kredietbank Midden-Groningen geeft uitvoering aan de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Het beleidsplan van de kredietbank ‘Samen komen we verder’, geeft praktische invulling aan deze wettelijke taak. Belangrijke thema’s voor 2021 waren vroegsignalering, de NVVK belofte en ons nieuwe communicatieplan. Wij hebben ons ingezet om inwoners, die kampen met financiële gevolgen van de coronapandemie passende ondersteuning te bieden. Hierin hebben wij speciale aandacht gehad voor ondernemers.
2.2.9 Sociale teams Speerpunt 1: Harmonisatie In 2014-2015 is in de voormalige gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Slochteren en Menterwolde gekozen voor vijf sociale teams. Uit de evaluatie van de sociale teams bleek dat de werkbelasting in de verschillende gebieden niet in balans was. Dit was aanleiding voor het advies om de omvang en samenstelling van de teams te heroverwegen. In 2021 hebben we diverse grote veranderingen doorgevoerd om tot een goede en werkbare omvang en samenstelling van de teams te komen, die aansluit bij de ondersteuningsbehoefte van de inwoners in de verschillende gebieden van de gemeente. Wat hebben we bereikt? •
We hebben een nieuwe organisatiestructuur van de sociale teams ingevoerd. Er zijn nu vier sociale teams in onze gemeente die op een integrale manier hun toegangs- en ondersteuningstaken uitvoeren op alle levensdomeinen.
•
We hebben de lokale toegang voor Beschermd Wonen ingericht.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
Kwartier Zorg en Welzijn heeft een nieuwe organisatiestructuur voor de sociale teams ingevoerd. Vanaf 1 februari 2021 wordt in onze gemeente gewerkt met vier in plaats van vijf sociale teams. Met deze veranderingen hebben we ervoor gezorgd dat de indeling van ieder team beter aansluit bij de vragen en behoeften van onze inwoners;
•
We hebben in 2021 samen met Kwartier Zorg en Welzijn, de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) en het Bedrijf voor Werk, Re-integratie en Inkomen (BWRI) afspraken gemaakt om de toegang en de ondersteuning op de levensdomeinen ‘financiën’ en ‘meedoen’ te verbeteren . Met ingang van 1 januari 2022 is er een medewerker van de Kredietbank een halve dag per week in een sociaal team aanwezig. Op basis van gedeelde casuïstiek worden huisbezoeken inhoudelijk afgestemd en/of gezamenlijk gevoerd;
•
In juli 2021 is de toegang voor Beschermd Wonen lokaal ingericht in onze gemeente. Met deze lokale toegang leggen we een goede verbinding met de sociale teams en voorzien we onze inwoners van integrale hulp en ondersteuning op maat. Als voorbereiding hierop hebben twee casemanagers stagegelopen bij de centrale toegang van centrumgemeente Groningen. Een derde casemanager heeft een online scholing gevolgd en heeft meegelopen met de collega’s. Ook de medewerkers van de front- en backoffice zijn geschoold;
•
Samen met Kwartier Zorg en Welzijn zijn vier ontwikkelvelden ingericht die tot een boventeamse aanpak en werkprocessen moeten leiden. De ontwikkelvelden richten zich op complexe problematiek bij gezinnen, OGGz-Wvggz, onderwijs, en het verbeteren van de hulpverlening aan de voordeur van de inwoner.
78
Speerpunt 2: Verzakelijking Wat hebben we bereikt? •
We hebben stappen gezet om de sturing en monitoring binnen de sociale teams te verbeteren;
•
We hebben afspraken gemaakt en acties uitgevoerd om wachtlijsten voor de toegang tot zorg en ondersteuning in de toekomst te beperken.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
We hebben samen met de sociale teams de wachtlijsten gemonitord. De wachtlijst Jeugd is in 2021 vrijwel constant gebleven. Er is een wachtlijst Wmo ontstaan door een toename van de aanvragen Individuele Begeleiding (BG) en Dagbesteding (DB) en een toename in de aanvragen voor Huishoudelijke Hulp. Een oorzaak, naast corona, van de wachtlijst Wmo is dat de bezetting van één van de sociale teams onder druk heeft gestaan, omdat 2 casemanagers Wmo zich afgelopen jaar hebben gespecialiseerd in de lokale toegang voor Beschermd wonen. Vervanging van hun reguliere Wmo werkzaamheden is niet spoedig en volledig gelukt;
•
We hebben een aantal acties uitgevoerd om de wachtlijsten te beperken, zoals het tijdelijk verlengen van de termijn van onderzoek bij nieuwe aanmeldingen. In stabiele gezinssituaties hebben casemanagers tijdelijk minder regie gevoerd, zodat ze ruimte hadden om nieuwe meldingen op te pakken. Daarnaast hebben we tijdelijk extra casemanagers ingezet om de wachtlijsten op te lossen. We verwachten begin 2022 een significante daling in de wachtlijsten te zien als gevolg van deze investering;
•
Per 1 maart 2021 werken de sociale teams met het nieuwe regiesysteem 'Gidso'. Deze invoering van het nieuwe systeem heeft veel aandacht van de sociale teams gevraagd. Helaas bleek het systeem niet in alle behoeften te voorzien. In 2021 is door de sociale teams ingezet op het goed laten landen van het regiesysteem en waar mogelijk het systeem te verfijnen en gebruiksvriendelijker te maken.
Indicatoren •
Wachtlijsten (aantal en duur): December 2021
November 2021
Oktober 2021
September 2021
Juli 2021
Februari 2021
December 2020
Totaal
243
233
223
271
135
0
0
Langer dan 8 weken
95
55
14
0
0
0
0
Totaal
58
68
60
55
55
55
49
Langer dan 8 weken
36
26
23
Onbekend
Onbekend
Onbekend
Onbekend
Wmo
Jeugd
79
Speerpunt 3: Transformatie Wat hebben we bereikt? •
We hebben het eigenaarschap en de zeggenschap van inwoners bij veiligheidsmaatregelen (jeugdbescherming, verplichte GGZ) versterkt.
•
Het eigen netwerk van inwoners met een hulpvraag is verbreed en versterkt.
Wat hebben we daarvoor gedaan? •
De sociale teams hebben samen met inwoners en gezinnen plannen opgesteld om het eigenaarschap te bevorderen en verplichte maatregelen te voorkomen;
•
De sociale teams teams hebben Eigen Kracht conferenties ingezet als instrument om inwoners zeggenschap en regie te laten houden over hun eigen leven en verplichte maatregelen te voorkomen. Bij Eigen Kracht conferenties wordt het netwerk van een inwoner betrokken om mee te denken over een plan met oplossingen;
•
De sociale teams hebben beschermtafels georganiseerd om samen met de gezinsleden zorgen over het gezin en de ontwikkeling van betrokken kinderen te bespreken.
Sociale teams De sociale teams vervullen een spilfunctie in het sociaal domein. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor inwoners die een ondersteuningsvraag hebben. De teams verzorgen de toegang tot hulp en ondersteuning. Daarnaast leveren de teams zelf lichte ondersteuning. De teams (onderdeel van de eerste lijn) zijn daarmee een belangrijke schakel tussen de zogenoemde nulde lijn (voorliggend veld, informele netwerken, samenleving) en tweede lijn (maatwerkvoorzieningen, specialistische voorzieningen). In 2021 hebben we verder gewerkt aan het versterken van de werkwijze en organisatie van de sociale teams. Daarbij hebben we ingezet op de volgende speerpunten: 1. Harmonisatie: afstemmen van de werkwijze tussen de sociale teams onderling; 2. Verzakelijking: in het bijzonder in de uitwerking van opdrachtgeverschap en opdrachtnemersrol tussen de gemeente en Kwartier; 3. Transformatie: verschuiving van professionele hulpverlening naar het voorliggend veld en/of inwoners zelf. Deze speerpunten zijn gebaseerd op de belangrijkste verbeterpunten uit de evaluatie van de sociale teams in 2018. Deze verbeterpunten zijn uitgewerkt binnen het project ‘Doorontwikkeling sociale teams’ dat in 2021 is afgerond.
80
2.2.10 Beleidsindicatoren Verplichte beleidsindicatoren Sociaal Naam Indicator
Eenheid
Absoluut verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen
Relatief verzuim Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Banen
Jongeren met een delict voor de rechter
Kinderen in uitkeringsgezin
Netto arbeidsparticipatie
Werkloze jongeren
Personen met een bijstandsuitkering
Lopende re-integratievoorzieningen
Jongeren met jeugdhulp
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren met jeugdreclassering
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Demografische druk Toelichting: Het aantal personen van 0 tot 20 jaar én 65 jaar of ouder per honderd personen van 20 tot 65 jaar.
Aantal per 1.000 leerlingen % deelnemers aan het VO en MBO onderwijs
Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar
% 12 t/m 21 jarigen
% kinderen tot 18 jaar
% van de werkzame beroepsbev. t.o.v. van de beroepsbev.
% 16 t/m 22 jarigen
Aantal per 10.000 inwoners
Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar
% van alle jongeren tot 18 jaar
% van alle jongeren tot 18 jaar
% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar
Aantal per 10.000 inwoners
%
Peiljaar M-G Nederland 2018
1,5
1,9
2019
2,1
2,4
2020
2,3
2,7
2018
31
23
2019
27
26
2018
1,9%
1,9%
2019
1,9%
2,0%
2020
2,0%
1,7%
2018
556,7
777,4
2019
577,9
793,9
2020
574,5
795,9
2018
1,0%
1,0%
2019
1,0%
1,0%
2020
1,0%
1,0%
2018
8,0%
7,0%
2019
8,0%
6,0%
2020
8,0%
6,0%
2018
64,1%
67,8%
2019
64,8%
68,8%
2020
63,9%
68,4%
2018
3,0%
2,0%
2019
3,0%
2,0%
2020
3,0%
2,0%
2018
486,6
401,1
2019
470,1
381,7
2020
547,1
459,7
2021*
486,9
431,2
2018
1009,6
305,2
2019
655,1
207,0
2020*
506,1
202,0
2018
15,3%
11,8%
2019
15,0%
12,3%
2020
14,7%
11,9%
2021*
13,0%
10,3%
2018
1,5%
1,2%
2019
1,7%
1,2%
2020
1,6%
1,2%
2021*
1,5%
1,1%
2018
0,4%
0,4%
2019
0,5%
0,4%
2020
0,4%
0,4%
2021*
0,3%
0,3%
2018
470
640
2019
820
680
2020
850
700
2021*
780
649
2018
74,4%
69,6%
2019 2020 2021
74,8% 75,3% 75,6%
69,8% 70,0% 70,1%
* Cijfers beschikbaar over het eerste halfjaar.
81
2.2.11 Financieel overzicht Exploitatie
Realisatie 2020
Begroting 2021
Begroting 2021 na wijzigingen
Realisatie 2021
Verschil 2021
Lasten Inkomensregelingen
40.024
43.248
38.624
35.614
3.010
(Werk)Participatie
17.946
18.148
18.696
17.957
739
Burgerparticipatie
2.541
2.303
3.069
2.984
85
WMO (oude taken)
7.423
7.184
7.917
8.005
-89
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
12.551
13.288
15.353
14.250
1.103
Accommodaties
1.358
1.481
1.105
1.329
-224
Jeugd
28.862
28.778
30.257
31.365
-1.109
Onderwijs
11.446
12.383
14.139
11.211
2.928
Totaal Lasten
122.151
126.813
129.159
122.715
6.444
Inkomensregelingen
34.535
36.270
32.892
31.914
978
(Werk)Participatie
2.626
2.350
2.823
2.805
18
Burgerparticipatie
15
113
112
175
-63
WMO (oude taken)
728
617
617
597
20
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
893
486
3.719
3.747
-28
Accommodaties
69
105
183
102
81
Jeugd
237
43
152
174
-21
Baten
Onderwijs
2.844
3.234
3.851
3.475
376
Totaal Baten
41.947
43.217
44.349
42.988
1.361
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
-80.205
-83.596
-84.810
-79.727
-5.083
0
0
360
360
0
Onderwijs
1.000
4.286
4.313
4.311
3
Totaal Stortingen
1.000
4.286
4.673
4.671
2
Inkomensregelingen
90
0
121
121
0
Burgerparticipatie
125
0
181
181
0
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
110
14
60
36
23
Stortingen (Werk)Participatie
Onttrekkingen
Accommodaties
0
0
133
133
0
460
0
191
0
191
Onderwijs
2.950
6.900
8.088
5.180
2.909
Totaal Onttrekkingen
3.736
6.915
8.774
5.651
3.123
Mutaties reserves
2.736
2.629
4.101
980
3.121
-77.468
-80.967
-80.709
-78.747
-1.962
Jeugd
Gerealiseerd resultaat
Bedragen x €1.000
Toelichting Inkomensregelingen Inkomensregelingen laat per saldo (lasten en baten) een voordelig resultaat zien van € 2.182.000. Dit wordt op hoofdlijn verklaard door vier componenten: Bijzondere bijstand In 2021 leverde de bezuinigingsmaatregel op bewindvoeringskosten fors meer op dan vooraf gedacht. Daarnaast waren de lasten voor bijzondere bijstand lager dan aanvankelijk verwacht. Tegen de verwachting in had corona beperkt resultaat op de arbeidsmarktsituatie. Hetgeen leidde tot een kleiner dan verwacht klantenbestand dat een beroep deed op bijzondere bijstand. Tezamen leverde dit een resultaat op van ruim € 530.000. Lagere personele kosten Tijdens de coronaperiode kon gedurende langere tijd geen fysiek klantencontact of huisbezoek plaatsvinden. Er is dan ook besloten om tijdens corona zowel de bestaande als ontstane (vertrek 82
medewerkers) vacatureruimte niet direct in te vullen. Het voordeel van ruim € 510.000 dat hiermee samenhangt, is daarmee grotendeels incidenteel van aard. Herijking systematiek vorderingen debiteuren Naar aanleiding van het opvolgen van het advies van onze accountant HZG is in 2021 de systematiek voor het bepalen van vorderingen van debiteuren gewijzigd. Door deze wijziging is er sprake van een eenmalig voordeel van afgerond € 460.000. Diverse overige ontwikkelingen Naast een klein voordeel op de BUIG (€30.000) en BBZ (€130.000), resteert er per saldo € 380.000 rondom de uitvoering van de ondersteuning van zowel ondernemers in het kader van de Tijdelijke Overbrugging Zelfstandig Ondernemers (TOZO) en de gedupeerden van de toeslagenproblematiek. Het bedrag dat we vanuit het Rijk ontvangen is gebaseerd op normbedragen en een potentieel aantal gerechtigden. De uitvoering van de benodigde werkzaamheden zijn binnen de bestaande organisatie uitgevoerd, waardoor de ontvangen vergoeding meer dan toereikend blijkt. Daarnaast zijn er mede door corona enkele onderschrijdingen op diverse budgetten binnen het product inkomensregelingen. In totaal tellen de afwijkingen op tot grofweg € 680.000. Een in het oog springend restant dat we voorstellen over te hevelen hangt samen met het onderdeel gemeentelijke kredietbank.
De gemeentelijke kredietbank heeft tijdelijke coronagelden ontvangen voor Schuldhulp voor ondernemers (SHVO). Doordat de werkzaamheden pas later in het jaar zijn opgestart en ook nog ten laste van 2022 komen, zijn de middelen nog niet volledig besteed. Het betreft een bedrag van € 125.000 waarmee we ondernemers in 2022 kunnen ondersteunen bij schulden ten gevolge van corona. We stellen dan ook voor dit resterende bedrag over te hevelen naar 2022. (Werk)participatie De totale lasten op werkparticipatie zijn € 740.000 lager dan begroot. Het resultaat op het onderdeel Wedeka is € 200.000 euro positiever uitgekomen. Grotendeels door de ontvangen coronacompensatie in 2021 is het resultaat van Wedeka € 2.500.000 minder negatief. Daarin bedraagt het aandeel van onze gemeente € 190.000. De totale lasten van het BWRI Werkbedrijf zijn in 2021 € 415.000 lager. Ondanks corona is het resultaat van het Werkbedrijf fors positiever, waardoor het tekort minder negatief is dan verwacht. Op het onderdeel Nieuw Beschut zijn de lasten € 230.000 hoger dan begroot, doordat er meer mensen een dienstverband hebben dan volgens taakstelling voorgeschreven. Dit wordt gecompenseerd door de in 2021 vanuit het UWV ontvangen compensatie voor uitbetaalde transitievergoedingen. De lagere lasten worden grotendeels veroorzaakt door lagere salarislasten SW.
De uitstroom (inclusief overlijdens) is de afgelopen twee jaar groter geweest dan in de begroting was opgenomen. Wmo Sociaal domein (nieuwe taken) Het product Wmo Sociaal domein (nieuwe taken) laat per saldo (lasten en baten) een voordelig saldo zien van € 1.131.000. Het product 'Begeleiding' heeft een positief resultaat van € 810.000. We zien in 2021 een afname van het aantal mensen dat gebruik maakt van de maatwerkvoorziening Begeleiding, zowel individueel- als groepsbegeleiding. Het is niet met zekerheid te stellen dat deze afname alleen veroorzaakt wordt door de naweeën van corona en het ontstaan van de wachtlijst bij het sociale team. De geëscaleerde zorg heeft een positief resultaat van € 242.000. Dit resultaat is veroorzaakt door een administratieve fout als gevolg van het vereenvoudigen van de interne verdeling van de basissubsidie Kwartier (minder interne budgethouders). Dit bedrag is onterecht bijgeraamd bij de voorjaarsnota 2021. Accommodaties Het product Accommodaties laat per saldo (lasten en baten) een nadelig resultaat zien van € 305.000. De totale lasten van het product accommodaties zijn € 224.000 hoger dan begroot. In verband met corona zijn er subsidies uitgegeven die € 68.000 hoger zijn dan begroot. Het gaat hier om compensatie voor coronaschade voor stichtingen, buurt- en belangenverenigingen.
Dankzij deze uitkeringen kan het voortbestaan van deze organisaties worden gegarandeerd. In 2021 is er een beleidsadviseur gebiedsgericht werken aangetrokken. Zijn inzet was niet geraamd en zorgt voor een overschrijding van € 62.000. Tevens zijn de kosten voor energie in 2021 sterk toegenomen door een stijging van de energieprijzen. De overschrijding hierop is € 35.000. Daarnaast zijn er extra
83
huurlasten gemaakt in verband met de tijdelijke huur van het dorpshuis Froombosch Ruitenvelder ten hoogte van € 24.000. Tot slot zijn er afwijkingen op diverse kleinere zaken van € 35.000. De totale baten van het product accommodaties zijn € 81.000 lager dan begroot. In verband met corona is voor de dorpscentra de huur kwijtgescholden. Dit heeft een nadelig effect van € 71.000. Jeugd Het product Jeugd laat per saldo (lasten en baten) een nadelig resultaat zien van € 1.088.000. De totale lasten van het product Jeugd zijn € 1.109.000 hoger dan begroot. De kosten van jeugdhulp zijn de voorgaande jaren redelijk stabiel geweest. We zien dat er in 2021 sprake is van een trendbreuk. Deze trend is in 2020 al gestart, maar mede door corona zijn de totale kosten voor jeugdhulp vorig jaar lager uitgevallen dan in 2021. Naar alle waarschijnlijkheid heeft corona (en de uitgestelde hulp) effecten. In de decembercirculaire hebben wij een bedrag van € 116.000 ontvangen voor de continuïteit van de jeugdzorg in verband met corona. Deze middelen zijn budgettair niet meer bij de kosten van jeugd verwerkt, maar dempen het tekort. De kosten voor Zorg in Natura (ZIN), de Solidaire kosten en de Persoons Gebonden Budgetten (PGB) zijn communicerende vaten. Ten opzichte van de actuele begroting stijgen deze kosten met ongeveer € 1.205.000.
De kostenstijging is mede veroorzaakt door indexering van de tarieven. Daarnaast worden de kosten beïnvloed door: •
meer zware zorg (dus problematiek);
•
De kosten lijken het hardst te stijgen bij cliënten van sociale teams;
•
De kosten stijgen vooral in de ambulante productgroep;
•
Dalend aantal cliënten en kosten PGB;
•
Correctie kosten boekjaar 2016/2017.
Ook de kosten voor maatwerk pakken dit jaar hoger uit. Dit komt voornamelijk door de subsidie voor een tweejarige pilot van de Toverboom om de sociale veerkracht van de lokale samenleving te bevorderen en een toename van de kosten van gezinsondersteuning. Ten opzichte van de begroting zijn de kosten voor inspecties van de kinderopvang € 55.000 hoger geweest. Ten eerste heeft de GGD vanwege coronamaatregelen beperkt geïnspecteerd in 2020. In 2021 heeft de GGD een inhaalslag gemaakt. Daarnaast zijn de tarieven voor de inspecties gestegen. Er heeft een overheveling plaats gevonden van middelen voor de inzet van de sociaal en emotionele ondersteuning aardbevingen ter hoogte van € 191.000, welke met de VJN2021 is verwerkt in de begroting 2021. De middelen zullen worden overgeheveld naar 2022 en worden ingezet als dekking voor de inzet van de jeugdondersteuners. Onderwijs Het product Onderwijs laat per saldo (lasten en baten) een voordelig resultaat zien van € 2.563.000. Scholenprogramma Onder het product Onderwijs worden de eenmalige lasten van het Scholenprogramma verantwoord. Doordat de sloop en het afboeken van de restantboekwaarden bij een aantal projecten net niet meer in 2021 werd gerealiseerd, maar in 2022 zal worden gerealiseerd, zijn de lasten € 2.861.000 lager. Deze lasten worden volledig gedekt vanuit bijdragen en onttrekkingen aan de reserve Scholenprogramma.
Doordat de dekking vanuit bijdrage € 45.000 hoger is en vanuit onttrekkingen € 2.906.000 lager, heeft dit per saldo geen effect op het resultaat. Onderwijsachterstandenbeleid Er is € 401.000 minder uitgegeven aan Onderwijsachterstandenbeleid dan begroot, hier staat voor hetzelfde bedrag aan minder inkomsten tegenover. Dit betreft gelabelde middelen vanuit het Rijk, die aan onderwijsachterstanden besteed dienen te worden en ook als zodanig verantwoord. Het niet gebruikte deel van 2021 wordt ingezet in 2022 en daarna ingezet op het versterken van het onderwijskansenbeleid en de inzet van jeugdondersteuners. Er is sprake van een aanzienlijke groei van het budget door het toepassen van een nieuwe verdeelsleutel. Hierin wordt meer rekening gehouden met sociaal maatschappelijke problematiek. Tegelijkertijd kon ook in 2021 door de coronamaatregelen niet aan alle activiteiten uitvoering gegeven worden. Ook was er sprake van een lichte daling in deelname aan de voorschoolse educatie. Om de (extra/resterende) middelen ook effectief in te zetten hebben we Oberon 84
gevraagd de huidige situatie rond onderwijskansen in Midden-Groningen in beeld te brengen en samen met onderwijs en kinderopvang de huidige aanpak te evalueren en te bepalen wat aanvullend op de huidige aanpak nog passende en zinvolle interventies zijn voor kinderen in MiddenGroningen. De extra middelen worden hiervoor benut. Daarnaast hebben we met het onderwijs een plan van aanpak jeugdondersteuners opgesteld. Dit gaan we vanaf 2022 uitvoeren. Een deel van de kosten van de jeugdondersteuners zal met het overschot in de onderwijskansenmiddelen worden bekostigd. Vastgoed Er is € 300.000 meer uitgegeven aan vastgoedkosten onderwijs dan begroot. Er is € 100.000 meer uitgegeven aan energielasten. De kosten voor energie zijn in 2021 sterk toegenomen. Dit had onder andere te maken met de toenemende vraag naar energie en het gastekort door beperkt aanbod wereldwijd tijdens de coronacrisis. Het verbruik binnen de gebouwen is hier amper debet aan. Ook is er € 100.000 meer uitgegeven aan schoonmaakkosten. Hierbij gaat het voornamelijk om 4 gebouwen met een grote afwijking. Mars 1 Hoogezand met € 13.000, Pluvierstraat 11 Foxhol met € 10.000, Boomgaard 31-37 Sappemeer met € 36.000 en Schoolstraat 2 Noordbroek met € 28.000. Dit is vanuit facilitair en gebouwenbeheer niet juist begroot. Tot slot is er € 100.000 meer uitgegeven aan onderhoudskosten dan begroot.
Dit is voornamelijk op installaties. We kunnen niet precies aangeven waar dit aan ligt. Op bijna alle gebouwen is een relatief kleine overschrijding die optellen tot een hoog bedrag. Mutatie reserves Onttrekkingen Onderwijs: € 2.909.000 N voor het scholenprogramma. Dit nadeel ontstaat doordat er minder eenmalige lasten in het scholenprogramma waren in 2021 om te dekken. Dit nadeel bij de reservemutaties valt weg tegen het voordeel van de € 2.861.000 lagere lasten bij het product onderwijs. Samen met de hogere bijdrage derden van € 45.000 heeft dat per saldo geen effect op het resultaat.
85
2.3 Programma Economie Algemeen Binnen het programma Economie wordt uitvoering gegeven aan het Coalitieakkoord en het Kompas van Midden-Groningen ‘Samen Kom je verder’. Dit programma biedt inzicht in de ruimtelijkeconomische ontwikkelingen van 2021. Het is opgedeeld in de volgende vijf thema’s: •
Omgevingswet;
•
Ruimtelijke Ontwikkeling;
•
Economie;
•
Verkeer;
•
Duurzaamheid.
2.3.1 Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet is uitgesteld naar 1 januari 2023. Hierdoor hebben we een jaar extra de tijd voor de voorbereiding. Bij de invoering voldoen we aan de wettelijke minimum vereisten. Wat hebben we bereikt? •